8 1 Eindconcept Bedrijventerreinenstrategie MRDH 2022-2030
Tekst van het document
Ruimtewinst (ha)
Investeringsbehoefte (€)
Investering
Hmc-bedrijven
7 ha
€ 18.000.000
€270,-
Watergebonden
2 ha
€ 5.000.000
€295,-
Overige werkmilieus
16 tot 31 ha
€ 34.000.000 tot € 62.000.000
€215,-
Totaal
25 tot 38 ha
€ 57.000.000 tot € 85.000.000
€225,-
behoeve van
(€) per m²
bedrijvigheid
49
49
Watergebonden loopt dwars door de vijf werkmilieus. Zie voor specificering paragraaf Watergebonden bedrijventerreinen
1002986
41
Linker Maasoever Balans op basis van programmering I. Balans o.b.v. ruimtevraag (links) en beschikbaar aanbod en harde plannen (rechts).
Uit dit overzicht blijkt er ook op de LMO een duidelijk tekort aan geschikte ruimte in het gemengd stedelijk werkmilieu. Maar ook de andere werkmilieus komen op de korte termijn ruimte tekort, omdat het beschikbare aanbod en concrete plannen ontoereikend zijn. Alleen voor grootschalige distributie is er kwantitatief directe voldoende ruimte beschikbaar, maar een belangrijk deel van het aanbod is geoormerkt voor agrologistiek en bovendien voor een groot gedeelte niet-direct beschikbaar (zie de volgende paragraaf). Zonder de vervangingsvraag door transformaties, is er ook voldoende ruimte in het reguliere werkmilieu.
II. Balans o.b.v. ruimtevraag (links) en beschikbaar aanbod en harde plannen en daarbij de potentiële ruimtewinst voor beter benutten (rechts).
1002986
42
De toevoeging van de potentiële ruimtewinst op bestaande terreinen aan de grafiek (A2. Beter benutten) op de LMO, laat zien dat beter benutten (op termijn) niet voor alle werkmilieus de benodigde ruimte kan bieden om aan de marktvraag te voldoen. Tot 2030 is (buiten de grootschalige distributie) er geen marktevenwicht mogelijk met alleen toevoeging van de beter benutten maatregelen.
III. Totaalbalans indien alle mogelijkheden voor beter benutten en zachte plannen worden ontwikkeld.
Het totaaloverzicht laat zien dat er op de LMO op de middellange termijn (tot 2030) geen marktevenwicht kan worden bereikt voor het gemengd stedelijk werkmilieu. Inclusief de zachte plannen, is het voor het reguliere werkmilieu wel mogelijk om de balans net te bereiken. Voor de grootschalige distributie en de grootschalige productie is het beoogde aanbod voldoende. Hiervoor moeten wel de zachte plannen worden gerealiseerd. Let op: in tegenstelling tot wat opgenomen is in de Behoefteraming Provincie Zuid-Holland 20212030, wordt niet verwacht dat de zachte plannen/ zoekgebieden Seggelant III (Brielle) en Geervliet Oost voor 2030 ontwikkeld worden.
Inschatting kosten voor beter benutten Linker Maasoever In totaal zien we een potentiële ruimtewinst van 14 hectare door beter benutten. In onderstaande tabel is een inschatting van de investeringsbehoefte weergegeven. Daarbij is onderscheid naar beter benutten van hmc-locaties, watergebonden locaties en overige werkmilieus (gemengd stedelijk, regulier en grootschalige distributie). Begin 2022 heeft Ecorys in opdracht van Provincie Zuid-Holland onderzocht wat de kosten en potentiële baten zijn van het toekomstbestendig maken van de bedrijventerreinen in Zuid-Holland50. Dit resultaten van dat onderzoek zijn toegepast op de opgave beter benutten om op de Linker Maasoever te komen tot balans van vraag en aanbod. Daaruit volgt een indicatie van de investering die nodig is om de beter benutten opgave uit te voeren.
50
Investeringsplan toekomstbestendige bedrijventerreinen Provincie Zuid-Holland Ecorys, mei 2022
1002986
43
De inschatting van de investeringsbehoefte is indicatief en informatief met als doel zowel gemeenten als Provincie Zuid-Holland bewust te maken van de investering die nodig is om (een deel van) de ruimtebehoefte te faciliteren door beter benutten. Een deel daarvan komt voor rekening van de gemeente, maar daar hoort ook bij dat de samenwerking met andere stakeholders (ontwikkelaars en investeerders, ondernemers met een uitbreidings- of verplaatsingswens en hogere overheden) wordt gezocht. Beter benutten Vraagt dus niet alleen om financiële middelen, maar ook om capaciteit. Regionaal optrekken levert gezamenlijk meer trekkracht op. De exacte kosten zijn situatieafhankelijk en moeten per initiatief onderzocht worden. In onderstaande tabel is de indicatieve investeringsbehoefte weergegeven. De tabel gaat uit van de maximaal te behalen ruimtewinst door beter benutten. Om balans te bereiken is het voor alle werkmilieus de volledige potentie voor beter benutten nodig. De indicatieve investering bedraagt daarmee €29 miljoen. Per m² is dit ca. €215,- tot €270,-. Dat laat zich vertalen naar €2,2 miljoen tot €2,7 miljoen per hectare. Beter benutten is bij uitstek een opgave die een stapsgewijze aanpak vereist, waarbij een bedrijventerrein op basis van een lange termijnvisie en dito planning stap-voorstap en in samenwerking met betrokken partijen aangepakt wordt.
Daar hoort ook het uitnodigen en stimuleren van initiatiefnemers -zoals groeiende ondernemers en ontwikkelaars - bij, zodat de kosten niet enkel voor rekening van de gemeente komen. Boven kunnen de MRDH-gemeenten met een gezamenlijk plan externe financiering aantrekken. Dit wordt uitgewerkt in een uitvoeringsagenda (zie paragraaf 2.5 Vervolgstappen). Beter benutten ten
Ruimtewinst (ha)
Kosten (€)
Hmc-bedrijven
3,2 ha
€ 8.000.000
€270,-
Watergebonden
2 ha
€ 5.000.000
€295,-
Overige werkmilieus
9 ha
€ 19.000.000
€215,-
Totaal
14 ha
€ 32.000.000
€230,-
behoeve van
Investering (€) per m²
bedrijvigheid
51
51
Watergebonden loopt dwars door de vijf werkmilieus. Zie voor specificering paragraaf Watergebonden bedrijventerreinen
1002986
44
Rechter Maasoever Balans op basis van programmering I. Balans o.b.v. ruimtevraag (links) en beschikbaar aanbod en harde plannen (rechts).
Uit dit overzicht blijkt er ook op de RMO een duidelijk tekort aan geschikte ruimte in het gemengd stedelijk werkmilieu. Maar ook de andere werkmilieus komen op de korte termijn ruimte tekort, omdat het beschikbare aanbod en concrete plannen ontoereikend zijn. Alleen voor de categorie overig is er met het aanbod op Rotterdam Airport Business Park kwantitatief directe voldoende ruimte beschikbaar. Zonder de vervangingsvraag door transformaties, is er ook voldoende ruimte in het reguliere werkmilieu.
II. Balans o.b.v. ruimtevraag (links) en beschikbaar aanbod en harde plannen en daarbij de potentiële ruimtewinst voor beter benutten (rechts).
1002986
45
De toevoeging van de potentiële ruimtewinst op bestaande terreinen aan de grafiek (A2. Beter benutten) op de RMO, laat zien dat beter benutten (op termijn) niet voor alle werkmilieus de benodigde ruimte kan bieden om aan de marktvraag te voldoen. Tot 2030 is er wel marktevenwicht mogelijk met alleen toevoeging van de beter benutten maatregelen voor het reguliere werkmilieu en de grootschalige productie. Vooral voor de grootschalige distributie ontstaat er een tekort.
III. Totaalbalans indien alle mogelijkheden voor beter benutten en zachte plannen worden ontwikkeld.
Het totaaloverzicht laat zien dat er op de RMO op de middellange termijn (tot 2030) geen marktevenwicht kan worden bereikt voor het gemengd stedelijk werkmilieu. Inclusief beter benutten en de zachte plannen, is het voor het reguliere werkmilieu en de grootschalige productie goed mogelijk om de balans te bereiken. Voor deze beide werkmilieus kan zelfs te veel aanbod worden gecreëerd. Voor de grootschalige distributie is het beoogde aanbod onvoldoende. Let op: ten opzichte van de Behoefteraming Provincie Zuid-Holland 2021-2030 is besloten dat ontwikkeling van zacht plan/ zoekgebied Schieveen (Rotterdam) voor 2030 niet plaatsvindt. Inschatting kosten voor beter benutten Rechter Maasoever In totaal zien we een potentiële ruimtewinst van 61 hectare door beter benutten. In onderstaande tabel is een inschatting van de kosten weergegeven. Daarbij is onderscheid naar beter benutten van hmc-locaties, watergebonden locaties en overige werkmilieus (gemengd stedelijk, regulier en grootschalige distributie). Begin 2022 heeft Ecorys in opdracht van Provincie Zuid-Holland onderzocht wat de kosten en potentiële baten zijn van het toekomstbestendig maken van de bedrijventerreinen in Zuid-Holland52. Dit resultaten van dat onderzoek zijn toegepast op de opgave beter benutten om op de Rechter Maasoever te komen tot balans van vraag en aanbod.
Daaruit volgt een indicatie van de investering die nodig is om de beter benutten opgave uit te voeren. De inschatting van de investeringsbehoefte is indicatief en informatief met als doel zowel gemeenten als Provincie Zuid-Holland bewust te maken van de investering die nodig is om (een deel van) de ruimtebehoefte te faciliteren door beter benutten. Een deel daarvan komt voor 52
Investeringsplan toekomstbestendige bedrijventerreinen Provincie Zuid-Holland Ecorys, mei 2022
1002986
46
rekening van de gemeente, maar daar hoort ook bij dat de samenwerking met andere stakeholders (ontwikkelaars en investeerders, ondernemers met een uitbreidings- of verplaatsingswens en hogere overheden) wordt gezocht. Beter benutten Vraagt dus niet alleen om financiële middelen, maar ook om capaciteit. Regionaal optrekken levert gezamenlijk meer trekkracht op. De exacte kosten zijn situatieafhankelijk en moeten per initiatief onderzocht worden. In onderstaande tabel is de indicatieve investeringsbehoefte weergegeven. Bovenstaande grafieken gaan uit van de maximaal te behalen ruimtewinst door beter benutten. Om balans te bereiken is een minder grote inspanning noodzakelijk: •
Zonder rekening te houden met overloop vanuit de Haagse regio en Linker Maasoever is 15 hectare beter benutten van watergebonden bedrijventerreinen voldoende om de ruimtebehoefte in scenario Laag te accommoderen
•
Voor hmc-bedrijvigheid is het onder dezelfde voorwaarden voldoende om 8 hectare beter te benutten voor balans op de Rechter Maasoever.
•
Rekening houden met de ruimtewinst ten behoeve van hmc en watergebonden bedrijventerreinen (zie bijlage III), is de volledige potentie voor beter benutten in de overige werkmilieus nodig om tot een balans te komen. Daarbij blijft het tekort in het gemengd stedelijk werkmilieu bestaan.
Dit resulteert in een indicatieve bandbreedte van €112 miljoen tot €158 miljoen. Per m² is dit ca. €215,- tot €270,-. Dat laat zich vertalen naar €2,2 miljoen tot €2,7 miljoen per hectare. Beter benutten is bij uitstek een opgave die een stapsgewijze aanpak vereist, waarbij een bedrijventerrein op basis van een lange termijnvisie en dito planning stap-voor-stap en in samenwerking met betrokken partijen aangepakt wordt. Daar hoort ook het uitnodigen en stimuleren van initiatiefnemers -zoals groeiende ondernemers en ontwikkelaars - bij, zodat de kosten niet enkel voor rekening van de gemeente komen. Boven kunnen de MRDH-gemeenten met een gezamenlijk plan externe financiering aantrekken. Dit wordt uitgewerkt in een uitvoeringsagenda (zie 2,5 Vervolgstappen).
Beter benutten ten behoeve
Ruimtewinst
van
(ha)
Hmc-bedrijven
Investering (€) per m²
8 tot 13 ha
€ 21.000.000 tot € 35.000.000
€270,-
Watergebonden bedrijvigheid
15 tot 26 ha
€ 44.000.000 tot € 76.000.000
€295,-
Overige werkmilieus
22 ha
€ 47.000.000
€215,-
Totaal
45 tot 61 ha
€ 112.000.000 tot €158.000.000
€255,-
53
53
Kosten (€)
Watergebonden loopt dwars door de vijf werkmilieus. Zie voor specificering paragraaf Watergebonden bedrijventerreinen
1002986
47
Watergebonden bedrijventerreinen Haagse regio
Linker Maasoever
Rechter Maasoever
Marktvraag scenario Laag
2 hectare
4 hectare
10 hectare
Vervangingsvraag
4,5 hectare
+
Ruimtevraag
+
13,5 hectare
+
6 hectare
6,5 hectare
17,5 hectare
16 hectare
-
-
1 hectare
2 hectare
2 hectare
21 hectare
-
-
-
- 4,5 hectare
- 15,5 hectare
+ 6 hectare
+-0 hectare
-2 hectare
+ 12 hectare
+
Programmering, waarvan Bestaand aanbod & harde plannen Ruimtewinst door beter benutten Ontwikkelen zachte plannen
Resultaat (balans met vervangingsvraag) Resultaat (balans zonder vervangingsvraag)
Op basis van de tabel concluderen we dat in geen van de deelregio’s op dit moment voldoende ruimte beschikbaar is op bedrijventerreinen om aan de ruimtevraag tot en met 2030 te voldoen. Voor de ruimtevraag op watergebonden bedrijventerreinen gaan we daarbij uit van de uitbreidingsvraag in scenario Laag en de vervangingsvraag. Zonder transformatie van Binckhorst en bijbehorende vervangingsvraag is in de Haagse regio sprake van balans. Op de Linker Maasoever is het tekort zonder vervangingsvraag als gevolg van transformatie van meerdere watergebonden bedrijventerreinen in Rotterdam Zuid slechts 2 hectare in plaats van 15 hectare. Op de Rechter Maasoever wordt de balans zonder vervangingsvraag positiever, maar moet wel flink geïnvesteerd worden in beter benutten. Per deelregio betekent dat het volgende voor de programmering: •
Haagse regio -
De marktvraag bedienen door beter benutten van Schieoevers Zuid (Delft). Dit vraagt om een forse investering (zie inschatting kosten voor beter benutten Haagse regio).
-
Transformatie van Binckhorst en bijbehorende vervangingsvraag wordt bilateraal afgestemd tussen gemeente Den Haag en Provincie Zuid-Holland.
-
Indien compensatie en/of watergebonden ruimtevraag niet geaccommodeerd kan worden op reguliere watergebonden bedrijventerreinen, dan vindt afstemming plaats met het Havenbedrijf Rotterdam over de mogelijkheden in de zeehavens.
•
Linker Maasoever -
Een deel van de marktvraag bedienen door beter benutten van Oostdijk (Rotterdam) en Donkersloot-Noord (Ridderkerk). Hiermee is een investering gemoeid (zie inschatting kosten voor beter benutten Linker Maasoever). Voor het overige deel van de marktvraag komen de zeehavens, de Rechter Maasoever of een watergebonden locatie in Zuid-Holland Zuid (Hoeksche Waard en/of Drechtsteden) in beeld. Hierover dient op het juiste schaalniveau en met de juiste partijen afstemming plaats te vinden.
-
Transformatie van watergebonden bedrijventerreinen kan enkel plaatsvinden indien gemeente Rotterdam en Provincie Zuid-Holland daarover onderling overeenstemming bereiken.
•
Rechter Maasoever -
Bestaand aanbod op Spaanse Polder invullen met watergebonden bedrijvigheid.
1002986
48
-
Investeren in beter benutten van potentiële watergebonden locaties in Capelle aan den IJssel, Vlaardingen, Schiedam en Rotterdam (zie inschatting kosten voor beter benutten Rechter Maasoever).
-
Voor compensatie en/of watergebonden ruimtevraag die niet op een van deze terreinen kan landen, komen de zeehavens in beeld. Hierover dient afstemming plaats te vinden met Havenbedrijf Rotterdam.
1002986
49
Grootschalige distributie: Onderscheid agro- en reguliere logistiek Buck Consultants International heeft een behoefteraming opgesteld voor agrologistiek in de Greenport West-Holland54. Bij die prognose wordt gebruik gemaakt van een andere regionale indeling, waarbij in Oostland overlap is tussen de Haagse regio en de Rechter Maasoever. Om het onderscheid te kunnen maken tussen logistiek en agrologistiek zijn beide deelregio’s hier samengevoegd55. Deelregio’s
Haagse regio
Regio’s agrologistiek
Rechter Maasoever
Westland & Oostland
Linker Maasoever
Dutch Fresh Port
Ruimtevraag Totale uitbreidingsvraag
58 hectare + 42 hectare = 100
31 hectare
grootschalige distributie (Stec)
hectare
Waarvan uitbreidingsvraag
52 hectare
17 hectare
48 hectare
14 hectare
Agrologistiek
19 hectare
55 hectare
Reguliere logistiek
8 hectare
51 hectare
Agrologistiek
32 hectare
-
Reguliere logistiek
-
-
Agrologistiek
- 1 hectare
+ 38 hectare
Reguliere logistiek
- 40 hectare
+ 37 hectare
agrologistiek (BCI) Waarvan uitbreidingsvraag reguliere logistiek Beschikbaar aanbod & harde plannen
Zachte plannen
Resultaat (balans)
Op basis van bovenstaande tabel concluderen we dat er op de Linker Maasoever voor zowel agrologistiek als reguliere logistiek voldoende aanbod is. Daarbij moet echter wel worden aangetekend dat het aanbod voor reguliere logistiek volledig op Kickersbloem 3 ligt. Voor logistieke bedrijven die zich in de directe nabijheid van Rotterdam willen vestigen is geen ruimte. In de Haagse regio moeten zachte plannen ontwikkeld worden om te komen tot een balans voor agrologistiek. Door het onderscheid te maken tussen agrologistiek en reguliere logistiek wordt zichtbaar dat voor regulier logistiek in zowel de Haagse regio als de Recht Maasoever een tekort ontstaat. Gezamenlijk bedraagt dit tekort 40 hectare. Hiervoor is binnen beide marktgebieden niet direct een oplossing in zicht.
54 55
Agrologistieke bedrijventerreinen Greenport West-Holland BCI 2021. De verhouding tussen vraag naar logistiek en de vraag naar agrologistiek komt overeen met de verhouding in de vraag naar beide werkmilieus in de MRDH Bedrijventerreinenstrategie 2019-2030.
1002986
50
2.4
Eindconclusie: stap-voor-stap van urgentie naar programmering MRDH De gecombineerde bedrijventerreinenvisie en -programmering MRDH 2023-2030 is stap-voor-stap opgebouwd om de meerwaarde van bedrijventerreinen en de urgentie van de behoefte aan nieuwe en toekomstbestendige (bedrijfs)ruimte in een diversiteit aan werkmilieus te benadrukken. De maatschappelijke en economische meerwaarde van bedrijventerreinen reikt ver. Bedrijventerreinen bieden werkgelegenheid aan een brede beroepsbevolking, bieden ondernemers en bedrijven de ruimte om te produceren, innoveren en slimme oplossingen te bedenken en spelen (in potentie) een sleutelrol in grote transities, zoals de energietransitie, circulaire transitie en klimaatadaptatie en digitalisering. Een divers aanbod van voldoende ruimte op toekomstbestendige bedrijventerreinen zorgt daarmee voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat en een robuuste regionale economie, die in staat is conjunctuurgolven te doorstaan en daarmee ook over 10 jaar en verder substantieel bijdraagt aan het verdien- en innovatievermogen van de MRDH. In ruimtelijke zin is de urgentie groot. Zoals blijkt uit onderstaande tabellen is er voor meerdere type werkmilieus dringend behoefte aan meer ruimte om te werken en ondernemen. Die ruimte kan niet langer volledig gecreëerd worden door nieuwe bedrijventerreinen aan te leggen.
Het is daarom zaak hetgeen we hebben, de bestaande voorraad, te versterken en zo optimaal mogelijk in te vullen. Daarbij staat het streven naar efficiënt ruimtegebruik en het juiste bedrijf op de juiste plek centraal. Daarnaast is er ook aandacht nodig voor de kwaliteit van openbare ruimte en panden, zoals het uitvoeren van klimaatadaptiemaatregelen. Dit alles betekent dat er keuzes gemaakt moeten worden: voor een sterk, aantrekkelijk en toekomstbestendig vestigingsklimaat met voldoende ruimte is het nodig om keuzes te maken op welk type bedrijvigheid en welk type banen de MRDH-gemeenten inzetten en moet, op basis van welke ambities de regio en gemeenten het meest belangrijk vinden, een prioritering gemaakt worden in locaties, doelgroepen en te ondernemen acties. De kwalitatieve afspraken met betrekking tot beter benutten, de aanpak van de kwaliteit van bedrijventerreinen en selectief uitgifte beleid zijn in paragraaf 2.2 beschreven. In paragraaf 2.3 volgt een overzicht per marktgebied van de mogelijkheden om de uitbreidingsvraag en vervangingsvraag in de periode tot en met 2030 (al dan niet) volledig te faciliteren. In dit concluderende hoofdstuk geven we stap-voor-stap, zoals hierboven beschreven van urgentie tot mogelijke oplossing, een cijfermatig totaaloverzicht van de programmering in de MRDH tot en met 2030. Daarbij tekenen we aan dat: •
De gepresenteerde oplossingen niet allemaal op korte termijn uitgevoerd kunnen worden. Er moeten diverse juridische, procesmatige en pragmatische stappen gezet worden, voordat een (deel van een) bedrijventerrein beter benut wordt of voordat een zacht plan ontwikkeld wordt. Doordat er bovendien nauwelijks leegstand is, omdat lichtere functies zich op deze relatief goedkope plekken vestigen, zien gemeenten op korte termijn geen ruimte voor gezonde marktdynamiek en zijn er dus te weinig mogelijkheden om lokale en regionale bedrijven van ruimte te voorzien.
•
Beter benutten en een kwaliteitsimpuls van bestaande bedrijventerreinen vergt een investering. Die investering bestaat enerzijds uit financiële middelen, die deels voor rekening komt van de gemeente, maar waarvoor ook samenwerking gezocht moet worden met ondernemers, ontwikkelaars en (andere) private investeerders en andere overheden. Anderzijds vraagt de aanpak van bestaande bedrijventerreinen ook om voldoende capaciteit, zoals bij het maken van plannen, opstellen van bestemmings-/omgevingsplannen en bij de uitvoering.
•
Het is niettemin noodzakelijk nu stappen te zetten. De verwachte ruimtebehoefte bestrijkt de gehele periode tot en met 2030 en komt dus niet ineens op ons af. Veel kleine stapjes,
1002986
51
bijvoorbeeld door bedrijventerreinen in delen aan te pakken en dat in meerdere gemeenten tegelijkertijd te doen, maken over een langere periode samen een grote stap. Het is daarom belangrijk regionaal gezamenlijk op te trekken om financiële middelen en capaciteit aan te trekken en samenwerkingsverbanden aan te gaan. •
Bovendien laat een doorkijk ons zien dat ook in de periode na 2030 nog een ruimtevraag is. Het is zaak dat de bestaande bedrijventerreinen tegen die tijd toekomstbestendig zijn, want ook dan is dus nog ruimte nodig op bedrijventerreinen. De circulaire transitie, en de ruimtevraag die daaruit voortkomt, speelt daarin een nog belangrijkere rol.
Onderstaand totaaloverzicht geeft stap-voor-stap in cijfers de urgentie van de ruimtebehoefte en de mogelijke oplossing weer. De tabellen zijn het resultaat van de confrontatie van vraag en aanbod en zijn gebaseerd op de volgende informatie: 1. Ruimtevraag tot en met 2030: a. De uitbreidingsvraag in de bandbreedte van scenario Laag en Hoog56. b. De vervangingsvraag als gevolg van transformatie naar een andere functie, zoals wonen. 2. Beschikbaar aanbod en harde plannen: bedrijventerreinen waarvoor het bestemmingsplan onherroepelijk is vastgesteld. Daarbinnen maken we onderscheid tussen direct beschikbaar en niet-direct beschikbaar aanbod: c. Direct beschikbaar aanbod betreft gronden die op dit moment beschikbaar zijn voor de markt. d. Niet-direct beschikbaar aanbod betreft gronden dat op dit moment niet beschikbaar zijn voor de markt. Daarvoor zijn verschillende redenen: •
Markttechnisch: Opties en reserveringen – de kavel(s) zijn (tijdelijk) gereserveerd door een ondernemers of ontwikkelaar.
•
Planologisch: Bijvoorbeeld een wijzigingsbevoegdheid die nog ingezet moet worden.
•
Civieltechnisch: gronden zijn nog niet bouwrijp gemaakt.
3. Beter benutten: ruimtewinst door optimalisering van het ruimtegebruik en intensivering van bestaande bedrijventerreinen; planologische optimalisatie door handhaving op oneigenlijke functies; en uitfaseren van gebiedsvreemde vestigingen. 4. Zachte plannen: locaties waarvoor nog geen bestemmingsplan is vastgesteld, maar die wel een bepaalde status hebben. Dit kan variëren van ontwerpbestemmingsplan tot aanwijzing als zoeklocatie in een structuur- of omgevingsvisie. Stap 1 Ruimtevraag t.o.v. direct beschikbaar aanbod Haagse regio Gemengd stedelijk Regulier Grootschalige distributie Grootschalige Productie Overig (campus)
Totaal deelregio
56
LMO
RMO
Totaal werkmilieu
-12 ha tot -4 ha
-17 ha tot -13 ha
-16 ha tot -8
-45 ha tot -24 ha
-22 ha tot -3 ha
-19 ha tot -9 ha
-11 ha tot +6 ha
-52 ha tot -6 ha
-42 ha tot -17 ha
-16 ha tot 0 ha
-42 ha tot -20 ha
-100 ha tot -37 ha
-12 ha tot -6 ha
-12 ha tot -8 ha
-17 ha tot -8 ha
-40 ha tot -22 ha
+22 ha tot +24 ha
-
+10 ha
+32 ha tot +34 ha
-66 ha tot -5 ha
-63 ha tot -29 ha
-76 ha tot -20 ha
-205 ha tot -55 ha
De MRDH-gemeenten streven – voor zover ruimtelijk mogelijk en passend bij de economische ambities – naar het faciliteren van scenario Hoog.
1002986
52
Watergebonden (Laag)
-6,5 ha
-17,5 ha
-15 ha
-39 ha
Op basis van stap 1 concluderen we dat er met het huidig direct beschikbaar aanbod in ieder werkmilieu een tekort is of ontstaat in de periode tot 2030. Hieruit wordt de urgentie van de opgave duidelijk. Zonder ingrepen om voldoende ruimte op bedrijventerreinen te realiseren is het onmogelijk voldoende ruimte te bieden aan werkgelegenheid voor praktisch geschoolde tot technische en hoogopgeleide werknemers en regionale ruimtelijke, economische en duurzaamheidsambities te behalen. Stap 2 Ruimtevraag t.o.v. totaal aanbod (direct en niet-direct beschikbaar) Een deel van het aanbod is niet-direct beschikbaar. Dat betekent dat het aanbod ofwel gereserveerd of in optie is en waarschijnlijk op korte termijn wordt verkocht ofwel dat het aanbod nog beschikbaar moet komen. In het eerste geval betekent het dat andere ruimtevragers er gedurende de looptijd van de optie/reservering geen aanspraak op kunnen maken. In het tweede geval komt de ruimte pas op termijn beschikbaar voor de markt. Voor sommige werkmilieus maakt dit een groot verschil met de getoonde balans in stap 1. Voor andere werkmilieus maakt het onderscheid tussen direct beschikbaar en niet-direct beschikbaar aanbod nauwelijks verschil. Haagse regio Gemengd stedelijk Regulier Grootschalige distributie Grootschalige Productie Overig (campus)
Totaal deelregio
Watergebonden (Laag)
LMO
RMO
Totaal werkmilieu
-11 ha tot -3 ha
-17 ha tot -13 ha
-16 ha tot -8
-44 ha tot -23 ha
-6 ha tot +13 ha
-17 ha tot -7 ha
-8 ha tot +8 ha
-29 ha tot +17 ha
-31 ha tot -6 ha
+37 ha tot +53 ha
-42 ha tot -20 ha
-1 ha tot -62 ha
-12 ha tot -6 ha
-12 ha tot -8 ha
-9ha tot 0 ha
-25 ha tot -6 ha
+52 ha tot +55 ha
-
+20 ha
+72 ha tot +75 ha
-7 ha tot +53 ha
-8 tot +26 ha
-55 ha tot +1 ha
-71 ha tot +80 ha
-6,5 ha
-17,5 ha
-15 ha
-39 ha
Stap 1 en 2 beschrijven de situatie waarmee gemeenten en ruimtevragers op dit moment te maken hebben. Er is of ontstaat voor de meeste werkmilieus een tekort in de periode tot en met 2030. Voor een aantal werkmilieus is het totale aanbod voldoende om de uitbreidingsvraag in scenario Laag te faciliteren, maar onvoldoende voor de extra vraag in scenario Hoog en/of de vervangingsvraag. Dit laatste kan consequenties hebben voor het doorgaan van transformatieplannen. Dat kan immers alleen wanneer er voldoende compensatieruimte is om gevestigde bedrijven van een vervangende te kunnen voorzien. In stap 3 bekijken we in hoeverre de ruimtebehoefte in potentie kan worden door beter benutten van bestaande bedrijventerreinen. Stap 4 laat vervolgens zien in hoeverre het noodzakelijk is om zachte plannen te ontwikkelen.
1002986
53
Stap 3 Ruimtevraag t.o.v. totaal aanbod + beter benutten Haagse regio Gemengd stedelijk Regulier Grootschalige distributie Grootschalige Productie Overig (campus)
Totaal deelregio
Watergebonden (Scenario Laag)
RMO
Totaal werkmilieu
+9 tot +13 ha
LMO -4 ha tot -2 ha
+5 ha tot +10 ha
+10 ha tot +20 ha
+15 ha tot +34 ha
-7 ha tot +3 ha
+15 ha tot +32 ha
+23 ha tot +69 ha
-30 ha tot -4 ha
+37 ha tot +53 ha
-39 ha tot -17 ha
-32 ha tot +31 ha
-8 ha tot -3 ha
-12 ha tot -8 ha
+12 ha tot +21 ha
-8 ha tot +11 ha
+52 ha tot +55 ha
-
+20 ha
+72 ha tot +75 ha
+38 ha tot +95 ha
+14 ha tot +46 ha
+14 ha tot +65 ha
+66 tot +206 ha
-5 ha
-16 ha
+11 ha
-9 ha
Stap 3 toont de balans inclusief de potentiële ruimtewinst door beter benutten. Voor het gemengd stedelijk werkmilieu is daarbij de gezamenlijke afspraak om 50% van de ruimtevraag in bestaand stedelijk gebied op te vangen verwerkt. Dit betekent dat gemeenten afspreken zich in te zetten om de helft van de optelsom van de uitbreidings- en vervangingsvraag voor het gemengd stedelijk werkmilieu door middel van functiemenging (dus buiten bedrijventerreinen) te faciliteren.
De toevoeging van de ruimtewinst op bestaande terreinen, laat zien dat beter benutten (op termijn) voor een aantal werkmilieus een oplossing biedt, maar niet voor alle werkmilieus de benodigde ruimte kan bieden om aan de marktvraag te voldoen. Tot 2030 is er wel marktevenwicht mogelijk met alleen toevoeging van de beter benutten maatregelen voor het reguliere werkmilieu. Vooral voor de grootschalige distributie en productie blijft er tot 2030 een tekort ontstaan in de meeste marktgebieden. Beter benutten vraagt een forse investering. Die constatering en het feit dat er na 2030 ook nog ruimtevraag verwacht mag worden, betekent dat het nodig is om ook zachte plannen te ontwikkelen. Stap 4 Ruimtevraag t.o.v. totaal aanbod + beter benutten + zachte plannen Stap 4 start met dezelfde basis als stap 3. Daaraan wordt de ruimte die met de ontwikkeling van zachte plannen gerealiseerd kan worden toegevoegd. Uit deze stap blijkt in hoeverre ontwikkeling van zachte plannen noodzakelijk is en in hoeverre er mogelijkheden zijn (delen van) zachte plannen in te zetten voor een ander werkmilieu. Houd daarbij in het oog dat er ook in de periode na 2030 nog aanvullende behoefte is aan (nieuwe) ruimte op bedrijventerreinen.
Bovendien vraagt actief nastreven van het juiste bedrijf op de juiste plek en optimalisatie van het ruimtegebruik op bedrijventerreinen om uitfaseren (en soms uitplaatsen) van gebiedsvreemde functies. Dit vraagt om schuifruimte. Daarvoor zijn de groene vlakken in onderstaande tabel nodig. Haagse regio Gemengd stedelijk Regulier
LMO
RMO
Totaal werkmilieu
+25 tot +29 ha
-4 ha tot -2 ha
+5 ha tot +10 ha
+10 ha tot +20 ha
+48 ha tot +67 ha
-3 ha tot +7 ha
+20 ha tot +37 ha
+81 ha tot +127 ha
1002986
54
Grootschalige distributie Grootschalige Productie Overig (campus)
Totaal deelregio
Watergebonden (Scenario Laag)
+2 ha tot +28 ha
+37 ha tot +53 ha
-39 ha tot -17 ha
0 ha tot +63 ha
-8 ha tot -3 ha
+2 ha tot +6 ha
+16 ha tot +25 ha
+9 ha tot +28 ha
+52 ha tot +55 ha
-
+20 ha
+72 ha tot +75 ha
+119 tot +176 ha
+31 ha tot +63 ha
+23 ha tot +74 ha
+173 tot +313 ha
-5 ha
-16 ha
+11 ha
-9 ha
Het totaaloverzicht laat zien dat er op de middellange termijn (tot 2030) marktevenwicht kan worden bereikt voor het gemengd stedelijk werkmilieu. Alleen voor de LMO ontstaat er een klein tekort. Op de korte termijn is er echter wel een tekort in alle marktgebieden. Inclusief beter benutten en de zachte plannen, is het voor het reguliere werkmilieu goed mogelijk om de balans te bereiken. Voor de grootschalige distributie blijft er alleen een tekort op de RMO, en dreigt een overschot tot 203 op de LMO. Voor de grootschalige distributie is het beoogde aanbod voldoende, behalve in de Haagse regio. Overkoepelende conclusie programmering Door naast het bestaande aanbod en harde plannen in te zetten op beter benutten en ontwikkelen van zachte plannen, wordt in de drie marktgebieden voor meerdere (maar niet alle) werkmilieus balans in vraag en aanbod bereikt. Er blijft met name voor grootschalige distributie, hmc en watergebonden bedrijventerreinen echter sprake van een mismatch. Het aanbod dat er is ligt niet altijd op de juiste plek, zoals het aanbod voor grootschalige distributie op de Linker Maasoever. Daarnaast maakt de uitsplitsing van grootschalige distributie in agro- en reguliere logistiek duidelijk dat voor die tweede categorie en tekort ontstaat in zowel de Haagse regio als de Rechter Maasoever.
Er zijn geen plannen voor beter benutten of zachte plannen die hier een volledige oplossing voor bieden. Bovendien vraagt het bereiken van balans in het gemengd stedelijk en regulier werkmilieu om een forse inspanning van gemeenten en is een omvangrijke investering nodig. Ditzelfde geldt voor het geschikt maken van kansrijke watergebonden bedrijventerreinen.
2.5
Vervolgstappen De regionale visie spreekt van een grote ambitie en de programmering toont aan dat hier om een flinke inspanning van de diverse partijen wordt gevraagd. De strategie is dan ook voor de middellange termijn met een doorblik na 2030. Niet alle vraagstukken zijn op korte termijn opgelost. Daarnaast zijn mogelijke oplossingen voor de ruimte schaarste nieuw voor de regio, zelfs voor Nederland, zoals functiemenging van woningbouw op bedrijventerreinen. Bovendien zijn sommige oplossingen technisch mogelijk, maar is daar nog niet veel praktijkervaring mee opgebouwd, zoals voorzienbaarheid bij bestemmingsplanwijzingen. Er zijn enkele verschillende instrumenten denkbaar om in te zetten op de oplossingen, zie bijlage IX. Specifiek voor beter benutten van bedrijventerreinen (met name hmc en watergebonden) wordt een uitvoeringsagenda uitgewerkt, welke op locatieniveau duidelijk maakt hoe aan de ambities voor
1002986
55
beter benutten tot 2030 invulling wordt gegeven. Daarnaast wordt een handreiking ontwikkeld, gericht op kennisdeling, financiering en projectondersteuning. Doel daarvan is de aanpak van bedrijventerreinen te versnellen. Daarnaast zal het programma Next Economy Bedrijventerreinen doorlopen, waarin de gemeenten inzetten op de aandachtsgebieden die van belang zijn voor de kwaliteit van bedrijventerreinen: mobiliteit/CO2-reductie, energie, circulariteit, informatie, personeel en financieringsvraagstukken. Daarnaast wordt door de gemeenten en de MRDH verkend hoe vorm gegeven kan worden aan selectief vestigingsbeleid, qua inhoud, vorm, schaalniveau (lokaal/(sub)regionaal), zodat het juiste bedrijf op de juiste plek in de regio kan vestigen. De gemeenten zijn primair verantwoordelijk voor de ruimtelijke ontwikkeling, maar de MRDH kan daarbij ondersteunen. De rollen van MRDH bij de uitvoering van deze strategie zijn als volgt: •
Regionale afstemming over passende ruimte voor werklocaties via regionale advisering en programmering en monitoring
•
Kennisontwikkeling- en deling, zoals het beter benutten van bedrijventerreinen en hoe functiemenging in de praktijk mogelijk kan worden gemaakt.
•
Projectondersteuning bij het uitwerken en realiseren van gebiedsvisies
•
Financiële bijdrage via de MRDH-bijdrageregeling.
•
Monitoring van de regionale opgaven en afspraken.
•
Netwerkfunctie voor de EZ-medewerkers, via werkgroep werklocaties kunnen praktijkervaringen gedeeld worden.
•
Netwerkfunctie naar andere domeinen, zoals de - bestuurlijke tafels Wonen om bij te dragen aan verstedelijkingsopgave door ruimte voor werken in woningbouwplannen: We bepleiten ruimte voor werken te reserveren in woningbouwplannen. - bestuurlijke netwerk energie om bij te dragen aan de energietransitie: we bepleiten verduurzaming van bedrijventerreinen en bedrijventerreinen kunnen bijdragen aan de energieopslag en -opwekking.
•
Lobbyfunctie, met samenwerkingspartners aandacht vragen voor de opgave en investeringsbehoefte en het vinden van fondsen.
1002986
56
Bijlage I – Kwesties en afspraken Bedrijventerreinenstrategie MRDH 2019-2030
Status van de afspraken per kwestie 1. Marktevenwicht op de lange termijn 1. De regiogemeenten ontwikkelen hun bedrijventerreinen volgens de afgesproken werkmilieus richting het regionaal marktevenwicht. Zij melden relevante wijzigingen en herprofileringen bij de MRDH, waar nodig gericht op regionale afstemming. 2. De regiogemeenten pakken de mogelijke mismatch binnen enkele werkmilieus aan. Het aanbodtekort aan klassiek kleinschalige werkmilieus in de Haagse regio (en met name Den Haag) en logistieke werkmilieus op de Linker Maasoever. Kickerbloem 3 (Hellevoetsluis) en Nieuw Reijerwaard (Ridderkerk) zijn als separate kwesties uitgewerkt. Lansingerland verruimt een deel van (Oudeland) naar industrieel werkmilieu. 3. De gemeente Rotterdam zet zich in voor het aanbieden van meer gemengd stedelijk interactiemilieu. Van Nelle is daarvoor een kansrijke locatie en de binnenstad van Rotterdam geldt daarbij als voorbeeld. 4. De MRDH monitort de ontwikkeling van bedrijventerreinen en de match van vraag en aanbod. Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie
1.
In uitvoering
Ongewijzigd overgenomen
2.
Deels uitgevoerd
Gewijzigd overnemen (werkmilieus zijn aangepast)
3.
In uitvoering
Gewijzigd overnemen (er zijn meerdere gemeenten met
2022-2030
gemengd stedelijk interactiemilieu) 4.
Uitgevoerd
Gewijzigd overnemen (uitvoering afspraken monitoren)
De uitgifte in de periode 1 januari 2019 t/m 1 juli 2022 heeft de prognose 2021-2030 overtroffen. De uitgifte bedroeg in totaal ruim 100 hectare, terwijl in scenario Hoog een ruimtevraag van circa 65 hectare verwacht werd. Dit is een aandachtspunt voor deze programmering. Belangrijk aandachtspunt daarbij is dat de uitgifte op bedrijventerreinen zich, net als de economie, beweegt in conjunctuurgolven. Het ene jaar, of serie van jaren, is de uitgifte hoger dan het andere. Feit blijft dat de uitgifte in 2021 en de eerste helft van 2022 ruim bovengemiddeld was. 2. Kwalitatieve versterking van verouderde bedrijventerreinen 1. De regiogemeenten committeren zich aan de strategische opgaven van 100 terreinen, variërend van facelift, revitalisering, herprofilering tot transformatie (zie het bijlagenboek van de bedrijventerreinenstrategie MRDH 2019-2030). 2. De regiogemeenten geven daarbij prioriteit aan 28 terreinen, omdat deze van invloed zijn op het regionale marktevenwicht. De aanpak vereist een goede organisatiegraad, een duidelijke publieke invetseringsagenda en intensieve publiek-private samenwerking. 3. De MRDH volgt in 2019 en 2020 nauwkeurig de realisatie van de beoogde investeringen op de aangemerkte terreinen.
1002986
57
Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie 2022-2030
1.
In uitvoering
Gewijzigd overgenomen (opgaven zijn geactualiseerd, zie bijlage IV)
2.
Deels uitgevoerd
3.
Niet uitgevoerd
Gewijzigd overnemen (prioritering is uit te werken na vaststelling van de strategie) Gewijzigd overgenomen (onderdeel van de monitoringsrol van de MRDH)
3. Zorgvuldige afweging transformatievragen 1. De regiogemeenten leveren bij een adviesaanvraag een zorgvuldige argumentatie van opgaven en oplossingen, waar nodig inclusief compensatie van HMC en watergebonden terreinen. 2. De MRDH faciliteert regionale afstemming langs het afwegingskader, waarbij de economische waarde van de locatie zwaar weegt. Dat gaat over de lokale én regionale functie, en het marktevenwicht in het betreffende marktgebied. Dit is ook onderdeel van het afwegingskader transformatie werklocaties. 3. De MRDH ondersteunt pilots gericht op behoud van arbeidsplaatsen het stimuleren van functiemenging en bovenlokale compensatie. De bijdrage aan de gebiedsvisie Zichtenburglaan is daar een voorbeeld van. 4. De MRDH verkent - op aandringen van de provincie Zuid-Holland - in 2019 de mogelijkheden om tot een nadere regionale selectie van de potentiële transformatielocaties te komen. Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie
1.
Uitgevoerd
Ongewijzigd overgenomen
2.
Uitgevoerd
Niet overgenomen (compensatiewijzer vervult deze rol)
3.
Uitgevoerd
Ongewijzigd overgenomen
4.
Uitgevoerd
Niet overgenomen (compensatiewijzer vervult deze rol)
2022-2030
4. Tekort aan klassiek kleinschalige in de Haagse regio 1. De gemeenten in de Haagse regio hebben de intentie om hierin samen te werken en in 2019 tot nadere subregionale afspraken te komen. Het BPH kan daarbij behulpzaam zijn. 2. De MRDH volgt dat proces en ondersteunt waar nodig. Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie 2022-2030
1.
In uitvoering
Gewijzigd overgenomen (geldt ook voor LMO en RMO)
2.
In uitvoering
Ongewijzigd overgenomen
5. Balans in bedrijventerreinen met hoge milieucategorieën (hmc) 1. De regiogemeenten geven bij de ontwikkeling van nieuwe bedrijventerreinen met een hoge milieucategorie, en de revitalisering of herprofilering van bestaande bedrijventerreinen met een hoge milieucategorie, aan welk deel bestemd is voor bedrijven die hogere hindercirkels nodig hebben. 2. De gemeenten Delft en Den Haag erkennen dat een goede hmc-compensatie voorwaardelijk is voor de transformatie van de Binckhorst en Schieoevers. De uitkomsten
1002986
58
van de stedenbouwkundige verkenning A4/Vlietzone waarin de mogelijkheden voor een nieuw circulair regionaal bedrijventerrein zijn onderzocht, worden daarbij ingebracht. De MRDH ondersteunt de uitwerking hiervan door Den Haag, Rijswijk en Delft.’ Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie 2022-2030
1.
Niet uitgevoerd
Gewijzigd overnemen (specifieker maken met minimale milieucategorie, uit te werken na vaststelling strategie)
2.
In uitvoering
Ongewijzigd overgenomen
6. Balans in waterge-/verbonden bedrijventerreinen 1. De regiogemeenten zien erop toe dat werkelijk door watergebonden activiteiten benutte ruimte behouden blijft, dan wel afdoende wordt gecompenseerd (dit is ook conform de Verordening Ruimte van de provincie Zuid-Holland en opgenomen in het afwegingskader). 2. De regiogemeenten houden in de huidige bestuursperiode bij het opstellen van gebiedsvisies en ontwikkelplannen rekening met 30 tot 60 netto hectares voor het versterken en uitbreiden van nieuwe watergebonden bedrijvigheid. Deze ruimte is verdeeld over een aantal specifieke terreinen (zie het bijlagenboek van de bedrijventerreinenstrategie MRDH 2019-2030). De eerder berekende uitbreidingsvraag van 90 hectare tot 2030 wordt daarmee losgelaten. 3. De gemeenten Den Haag, Delft en Rotterdam onderzoeken in 2019 de kansen voor nieuwe watergebonden economie voor de Binckhorst/A4Vlietzone, Schieoevers-Zuid en Spaanse Polder. Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie 2022-2030
1.
In uitvoering
Ongewijzigd overgenomen
2.
Uitgevoerd
Gewijzigd overgenomen (zie programmering)
3.
Uitgevoerd
Niet overgenomen (focus op herontwikkeling aangewezen locaties, zie programmering)
7. Balans in grootschalige logistiek en agrologistiek 1. De regiogemeenten erkennen dat Nieuw Reijerwaard het label agrologistiek heeft, maar in de praktijk (en formeel) ‘agro- en food gerelateerde bedrijven’ bedient. Hierdoor wordt het geconstateerde tekort in ‘logistieke bedrijventerreinen’ gecompenseerd. 2. De regiogemeenten die een logistiek terrein aanleggen dat past in het PPB-A12, kunnen dit voor de kavels groter dan 3 hectare motiveren op basis van PPB-A12. Voor de kleinere kavels (<3 hectare) is de motivering mogelijk op basis van deze regionale strategie bedrijventerreinen. Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie 2022-2030
1.
Uitgevoerd
Niet overgenomen (niet nodig)
2.
Deels uitgevoerd
Gewijzigd overgenomen (zie afspraken grote ruimtevragers)
8. Verduurzaming van bedrijventerreinen 1. De regiogemeenten nemen verduurzaming op in de gebiedsontwikkeling van bedrijventerreinen.
1002986
59
2. De MRDH zet in op gezamenlijke kennisontwikkeling, in samenwerking met provincie ZuidHolland, omgevingsdiensten en mogelijke andere partners. De MRDH faciliteert regiogemeenten bij het verbeteren van de organisatiegraad en biedt financiële ondersteuning. Afspraak
Status
Wijze van opnemen in de Bedrijventerreinenstrategie
1.
In uitvoering
Gewijzigd overgenomen (zie bijlage IV)
2.
In uitvoering
Ongewijzigd overgenomen (onderdeel van rol MRDH)
2022-2030
1002986
60
Bijlage II – Toelichting werkmilieus
Bijlage C uit Behoefteraming PZH 2021-2030 toevoegen. Vergelijking werkmilieus Onderstaande tabel geeft aan hoe de werkmilieus in deze MRDH-strategie bedrijventerreinen (2022-2030) zich verhouden tot de werkmilieus die gehanteerd zijn in voorgaande strategie (2019). Uit het overzicht blijkt dat de werkmilieus gedeeltelijk overeenkomen, maar ook gedeeltelijk overlappen. De reden voor de overlap zit vooral in het onderscheid op basis van terreinkenmerken dat wordt gehanteerd in de werkmilieus in de strategie 2022-2030, waar in de werkmilieus 2019 het type bedrijvigheid als uitgangspunt genomen werd. Werkmilieus 2019
Werkmilieus strategie 2022-2030
Logistiek
Grootschalige distributie
Agrologistiek
Grootschalige distributie
Maritiem
Grootschalige productie/ Regulier
Industrieel werkmilieu
Grootschalige productie/ Regulier
Klassiek, kleinschalig
Regulier/ Stedelijk gemengd
Stedelijk interactiemilieu
Stedelijk gemengd
Campus
Campus
1002986
61
Bijlage III – Details programmering
De cijfers die in dit hoofdstuk getoond worden hebben als peildatum 1 juli 2022.
Haagse regio Gemengd stedelijk Uitgeefbaar aanbod Gemeente Rijswijk
Bedrijventerrein Plaspoelpolder
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
1,5
0
1,5
Beter benutten t.b.v. gemengd stedelijk werkmilieu Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Delft
Tanthof Oost
0,3
Den Haag
Binckhorst
8,0
Den Haag
Fruitweg
1,0
Rijswijk
Plaspoelpolder
3,2
Zoetermeer
Dutch Innovation Park
1,0
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Lansingerland
Bleizo West
16
Regulier Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Den Haag
Forepark
Den Haag
Hoornwijck (Haagse
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
3,3
0
3,3
1,6
0
1,6
deel) Den Haag
Middenweg
3,5
3,5
0
Midden-
Hooipolder
8
0
8
Delfland
(Woudseweg)
Pijnacker-
Bedrijvenpark Heron
1,6
1,6
0
Boezem oost
5,1
5,1
0
Rijswijk
Hoornwijck (Rijswijk)
0,3
0,3
0
Rijswijk
't Haantje
5
2
3
Nootdorp PijnackerNootdorp
1002986
62
Gemeente
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
Haak-Kulkweg
0,9
0,9
0
Westland
De Planeten
0,1
0,1
0
Westland
De Woerd
0,5
0,5
0
Zoetermeer
Lansinghage
2
2
0
Zoetermeer
Oosterhage
7,7
7,7
0
Zoetermeer
Zoeterhage
2,1
2,1
0
Rotterdam
Bedrijventerrein
(HvH)
Beter benutten t.b.v. regulier werkmilieu Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Delft
Rotterdamseweg Zuid
0,4
Delft
Schieoevers Zuid
3,8 (waarvan 1,8 hmc: innovatieve maakindustrie en 2,0 watergebonden)
Delft
TU Delft Campus
1,5 (hmc: innovatieve maakindustrie)
Den Haag
Bedrijvenpark Ypenburg deelplan 21
1,0
Fokker Den Haag
Forepark
1,0
Den Haag
Uitenhagestraat
0,2
Den Haag
ZKD
2,8
Midden-Delfland
Hooipolder (Woudseweg)
0,0 (interne verplaatsing)
Pijnacker-
Boezem West
1,3
Rijswijk
Vervoerscentrum Vrijenban
1,0
Wassenaar
Maaldrift
0,2
Zoetermeer
Hoornerhage
2,7
Zoetermeer
Lansinghage
3,0
Zoetermeer
Rokkehage
0,7
Zoetermeer
Zoeterhage
1,6
Nootdorp
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Den Haag
GAVI-kavel
8
Den Haag
Westvlietweg uitbreiding
12
Lansingerland
Bleizo West
8
Westland
Bovendijk, uitbreiding
5
Grootschalige distributie Uitgeefbaar aanbod
1002986
63
Gemeente
Bedrijventerrein
Lansingerland
Bleizo (Bedrijventerrein
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
-
-
-
Hoefweg-Zuid) Lansingerland
Veiling Bleiswijk
8
8
0
Midden-
Harnaschpolder
8
8
0
Trade Park Westland Mars
11
0
11
Delfland Westland
Beter benutten t.b.v. grootschalige distributie Gemeente
Bedrijventerrein
Westland
Handelscentrum Westerlee
Ruimtewinst door beter benutten (ha) 1,5
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Rotterdam (HvH)
Haak-Kulkweg, uitbreiding
20
Westland
Abc Westland, uitbreiding
12
Grootschalige productie Uitgeefbaar aanbod Gemeente Zoetermeer
Bedrijventerrein Dwarstocht
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
1
1
0
Beter benutten t.b.v. grootschalige productie Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Delft
Schieoevers Noord
3,4
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
Campus/ overig Uitgeefbaar aanbod Gemeente Delft
Bedrijventerrein TU Delft Campus
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
57,2
26,8
30,4
1002986
64
Beter benutten t.b.v. grootschalige campus/ overig Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Nvt
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
Watergebonden bedrijventerreinen Uitgeefbaar aanbod Gemeente Nvt
Bedrijventerrein -
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
-
-
-
Beter benutten t.b.v. watergebonden bedrijvigheid Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Delft
Schieoevers Zuid
3,8
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
1002986
65
Linker Maasoever Gemengd stedelijk Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
Nvt
Beter benutten t.b.v. gemengd stedelijk werkmilieu Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Barendrecht
Barendrecht-Oost
3,9
Ridderkerk
Oost
0,3
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
Regulier Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
Barendrecht
Vaanpark
0,8
0,8
0
Barendrecht
Spoorzone
2
1,1
0,9
Barendrecht
Achterzeedijk
0,2
0,2
0
Brielle
Seggelant
2
2
0
Nissewaard
Bedrijventerrein
1,4
0
1,4
Zuidland Rotterdam
Charloisse poort I
0,4
0,4
0
Rotterdam
Hordijk oost
2
2
0
Rotterdam
Hordijk west
2,9
2,9
0
Beter benutten t.b.v. regulier werkmilieu Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten
Nissewaard
Halfweg II
1,2
Nissewaard
Halfweg I
0,7
Ridderkerk
Donkersloot-Zuid
1,1
Ridderkerk
Donkersloot-Noord
3,5 (waarvan 2,7 hmc: innovatieve
Rotterdam
Hordijk oost
0,9
Rotterdam
Hordijk west
0,4
(ha)
maakindustrie & 0,8 watergebonden)
1002986
66
Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Rotterdam
Oostdijk
1,2 (watergebonden)
Rotterdam
Pothof
0,4
Rotterdam
Waalhaven-zuid
0,5 (hmc: innovatieve maakindustrie)
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nissewaard
Halfweg-Molenwatering uitbreiding
4 ha
Grootschalige distributie Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Barendrecht
Barendrecht-Oost
Hellevoetsluis
Kickersbloem 3 fase
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
0,6
0,3
0,3
51,4
23,7
27,7
1-2-3 Ridderkerk
Nieuw-Reijerwaard
54,2
4,6
49,6
Ridderkerk
Veren Ambacht
0,2
0,2
0
Beter benutten t.b.v. grootschalige distributie Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Nvt
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
Grootschalige productie Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
Nvt
Beter benutten t.b.v. grootschalige productie Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Nvt
1002986
67
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Hellevoetsluis
Kickersbloem 3 4e kwadrant
13
Campus/ overig Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
Nvt
Beter benutten t.b.v. campus/ overig Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Nvt
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
Watergebonden bedrijventerreinen Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Nvt
-
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
-
-
-
Beter benutten t.b.v. watergebonden bedrijvigheid Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Ridderkerk
Donkersloot Noord
0,8
Rotterdam
Oostdijk
1,2
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
1002986
68
Rechter Maasoever Gemengd stedelijk Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
Nvt
Beter benutten t.b.v. gemengd stedelijk werkmilieu Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Capelle aan den IJssel
Fascinatio
0,0 (reeds uitgevoerd)
Capelle aan den IJssel
Rivium
2,0
Rotterdam
M4H
8,3
Rotterdam
Meijersplein (vh Frobenstraat - Melanchtonweg)
0,0
Schiedam
Nieuw-Mathenesse (noordelijk deel)
3,0
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
Regulier Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar
uitgeefbaar
uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
Capelle aan den IJssel
Capelle Trade Centre
1,0
1,0
0,0
Capelle aan den IJssel
Hoofdweg-noord
0,6
0,6
0,0
Lansingerland
Leeuwenhoekweg
1,5
1,5
0,0
Rotterdam
Hoog Zestienhoven
1,7
1,7
0,0
Rotterdam
Nesselande
4,2
4,2
0,0
Rotterdam
Schiebroek
0,2
0,0
0,2
Rotterdam
Spaanse Polder
3,4
3,4
0,0
Schiedam
Nieuw Mathenesse 0,4
0,4
0,0
3,9
1,6
2,3
(Schiedamse deel)
0,1
0,1
0,0
Vijfsluizen
0,8
0,8
0,0
(zuidelijk deel) Schiedam
's-Gravelandse Polder Zuid
Schiedam Schiedam
Spaanse Polder
1002986
69
Beter benutten t.b.v. regulier werkmilieu Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Capelle aan den IJssel
Hoofdweg-noord
2,0
Lansingerland
Rodenrijs
0,9
Lansingerland
Weg en Land
1,0
Maassluis
De Dijk
1,0
Rotterdam
M4H
4,4 (hmc)
Rotterdam
M4H
5,0 (watergebonden)
Schiedam
’s Gravelandsepolder
1,5 (hmc: innovatieve maakindustrie)
Zuid Schiedam
Nieuw-Mathenesse
3,5
(zuidelijk deel) Vlaardingen
De Vergulde Hand
1,1(hmc: innovatieve maakindustrie)
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Schiedam
’s Gravelandsepolder Noord
5,0
Grootschalige distributie Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
Nvt
Beter benutten t.b.v. grootschalige distributie Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Rotterdam
Spaanse polder
3,0 (watergebonden)
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
Grootschalige productie Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Bedrijventerrein
Capelle aan den
IJsseldijk
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
Zie beter benutten
0
5 beter benutten
IJssel
1002986
70
Gemeente
Bedrijventerrein
Krimpen aan den
Stormpolder
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
uitgeefbaar (ha)
5,5
0
5,5
IJssel Maassluis
LelyterreinWeverskade
2,5
0,0
2,5
Schiedam
Wilhelminahaven
Zie beter benutten
0
2,7 beter benutten
Vlaardingen
Zevenmanshaven
Zie beter benutten
0
3,2 beter benutten
Beter benutten t.b.v. grootschalige productie Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Krimpen aan den IJssel
Stormpolder
3,3 hmc
Capelle aan den IJssel
IJsseldijk
5,0 (watergebonden)
(Albatrosterrein) Schiedam
Wilhelminahaven
2,5 (maritieme maakindustrie)
Schiedam
Wilhelminahaven
7,0 (watergebonden maritieme maakindustrie)
Vlaardingen
Deltaweg
3,0 (watergebonden)
Vlaardingen
Zevenmanshaven
3,3 (watergebonden)
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Vlaardingen
Vergulde Hand West
4,0
Campus/ overig Uitgeefbaar aanbod Gemeente
Rotterdam
Bedrijventerrein
Rotterdam Airport Business Park
Totaal
Direct
Niet-direct
uitgeefbaar
uitgeefbaar
uitgeefbaar (ha)
(ha)
(ha)
19,8
9,5
10,3
(luchthavengerelateerd)
Beter benutten t.b.v. campus/ overig Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Nvt
Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
1002986
71
Watergebonden bedrijventerreinen Uitgeefbaar aanbod Gemeente Rotterdam
Bedrijventerrein Spaanse Polder
Totaal uitgeefbaar
Direct uitgeefbaar
Niet-direct uitgeefbaar
(ha)
(ha)
(ha)
1,1
1,1
0
Beter benutten t.b.v. watergebonden bedrijvigheid Gemeente
Bedrijventerrein
Ruimtewinst door beter benutten (ha)
Capelle aan den
IJsseldijk
5
Rotterdam
Spaanse polder
3
Rotterdam
Schaardijk
0
Rotterdam
M4H
5
Schiedam
Wilhelminahaven
7
Vlaardingen
Zevenmanshaven
3,3
Vlaardingen
Deltaweg
3
IJssel
Stormpolder in Krimpen aan den IJssel is niet opgenomen in het overzicht beter benutten t.b.v. watergebonden bedrijvigheid vanwege de uitkomsten van eerder haalbaarheidsonderzoek. Mogelijk geven de inzichten uit deze bedrijventerreinenstrategie met betrekking tot de schaarste aan ruimte op watergebonden bedrijventerreinen aanleiding om dat besluit in overleg met Provincie ZuidHolland en Rijkswaterstaat te herzien. Zachte plannen Gemeente
Bedrijventerrein
Netto oppervlakte (ha)
Nvt
1002986
72
Bijlage IV – Overzicht kwaliteitsimpuls Haagse regio Gemeente
Bedrijventerrein
Opgave kwaliteitsimpuls
Delft
Rotterdamseweg Zuid
Beter benutten
Delft
Schieoevers Zuid
Beter benutten
Delft
Tanthof Oost
Beter benutten
Den Haag
Bedrijvenpark Ypenburg
Beter benutten
deelplan 21 Fokker Den Haag
Fruitweg
Revitaliseren, beter benutten en verdichten
Den Haag
Uitenhagestraat
Revitaliseren, beter benutten en verdichten
Den Haag
Westvlietweg II
Revitaliseren, beter benutten en verdichten
Den Haag
Westvlietweg III
Revitaliseren, beter benutten en verdichten
Den Haag
Westvlietweg IV
Revitaliseren, beter benutten en verdichten
Den Haag
ZKD
Revitaliseren, beter benutten en verdichten
Lansingerland
Prisma
Verduurzaming
Lansingerland
Veiling Bleiswijk (Klappolder)
Revitaliseren
Leidschendam-Voorburg
Essesteyn
Schoon, heel en veilig
Leidschendam-Voorburg
Klaverblad
Schoon, heel en veilig
Leidschendam-Voorburg
Star
Schoon, heel en veilig
Leidschendam-Voorburg
Veenpolderweg (voorheen:
Schoon, heel en veilig
Huysitterweg) Pijnacker-Nootdorp
Boezem West
Verduurzamen en Beter benutten
Rijswijk
TNO-locatie/Heulweg
Beter benutten
Rijswijk
Plaspoelpolder
Beter benutten
Rijswijk
Vervoerscentrum Vrijenban (incl.
Beter benutten
Broekmolenweg) Wassenaar
Maaldrift
Beter benutten
Westland
Handelscentrum Westerlee
Revitaliseren
Westland
Lierweg
Revitaliseren
Westland
Maasambacht
Revitaliseren
Westland
Teylingen
Revitaliseren
Westland
Vlotlaan
Revitaliseren
Zoetermeer
Dutch Innovation Park
Beter benutten
Zoetermeer
Hoornerhage
Beter benutten, verbeteren organisatiegraad en schoon, heel en veilig
Zoetermeer
Rokkehage
Zoetermeer
Zoeterhage
Beter benutten, verbeteren organisatiegraad en schoon, heel en veilig Beter benutten, verbeteren organisatiegraad en schoon, heel en veilig
1002986
73
Linker Maasoever Gemeente
Bedrijventerrein
Opgave kwaliteitsimpuls
Albrandswaard
Overhoeken
Revitaliseren
Barendrecht
Barendrecht-Oost
Beter benutten
Brielle
Seggelant
Revitaliseren
Hellevoetsluis
Kickersbloem 1 en 2
Verduurzamen
Nissewaard
Halfweg I
Verduurzamen en Beter benutten
Nissewaard
Halfweg II
Verduurzamen en Beter benutten
Nissewaard
Halfweg III
Verduurzamen en Beter benutten
Nissewaard
Halfweg IV
Verduurzamen en Beter benutten
Ridderkerk
Oost
Beter benutten
Ridderkerk
Donkersloot -Noord
Beter benutten
Ridderkerk
Donkersloot-Zuid
Beter benutten
Rotterdam
Gadering (Hoogvliet)
Verduurzamen
Rotterdam
Pothof
Revitaliseren en Beter benutten
Rotterdam
Waalhaven-zuid
Verduurzamen en Beter benutten
Gemeente
Bedrijventerrein
Opgave kwaliteitsimpuls
Capelle aan den IJssel
Capelle-west
Revitaliseren
Capelle aan den IJssel
Hoofdweg-noord
Vergroenen
Capelle aan den IJssel
Hoofdweg-zuid
Vergroenen
Capelle aan den IJssel
IJsseldijk
Beter benutten
Krimpen aan den IJssel
Stormpolder
Beter benutten
Lansingerland
Leeuwenhoekweg
Revitaliseren
Lansingerland
Oudeland
Verduurzamen
Lansingerland
Rodenrijs
Revitaliseren
Lansingerland
Weg en Land
Revitaliseren
Rotterdam
M4H
Beter benutten
Rotterdam
Meijersplein (vh Frobenstraat -
Beter benutten
Rechter Maasoever
Melanchtonweg) Rotterdam
Ommoord
Revitaliseren en Beter benutten
Rotterdam
Rotterdam Noordwest
Revitaliseren en Beter benutten
Rotterdam
Schiebroek
Verduurzamen
Rotterdam
Spaanse Polder
Revitaliseren, beter benutten en
Schiedam
's-Gravelandse Polder Zuid
Revitaliseren en Beter benutten
Schiedam
Nieuw-Mathenesse
Revitaliseren en Beter benutten
Schiedam
Wilhelminahaven
Revitaliseren en Beter benutten
Vlaardingen
Benelux Workpark
Revitaliseren
Vlaardingen
De Vergulde Hand
Revitaliseren
verduurzamen
1002986
74
Bijlage V – Overzicht transformatielocaties Haagse regio Gemeente
Bedrijventerrein
Opgave
Delft
Schieoevers Noord
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied o.b.v. anders
Delft
Rotterdamseweg
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied o.b.v. anders
Noord
compenseren (WWA Haaglanden)
Binckhorst
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied. Gedeeltelijke
compenseren (WWA Haaglanden)
Den Haag
compensatieplicht (o.a. HMS-service & HAC) Den Haag
Laakhavens
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied, niet in WWA Haaglanden
Rijswijk
Plaspoelpolder
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied o.b.v. anders compenseren (WWA Haaglanden)
Zoetermeer
Zilverstraat
Braakliggend, transformatie naar leisure. Mogelijk compensatie d.m.v. beter benutten baggerdepots.
Zoetermeer
Zoeterhage
Kwadrant A: betreft een onderdeel van BT Zoeterhage dat is
(Kwadrant A)
aangewezen als versnellingslocatie voor woningbouw. Er volgt in 2023 een gebiedsvisie waarin dit gebied betrokken wordt en er een uitspraak volgt over de uiteindelijke functie op die plek.
Linker Maasoever Gemeente
Bedrijventerrein
Opgave
Barendrecht
Barendrecht Oost
Gedeeltelijke transformatie naar gemengd woon-werkgebied
(Stationstuinen)
o.b.v. anders compenseren
Spoorzone
Gedeeltelijke transformatie naar gemengd woon-werkgebied
(Stationstuinen)
o.b.v. anders compenseren
Brielle
Zwartewaal
Transformatie, geen vervangingsvraag
Nissewaard
Haven-Noord
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied, compensatie-
Barendrecht
plicht in onderzoek. Ridderkerk
Donkersloot -Noord
Transformatie naar wonen (0,8 ha), geen compensatieplicht
Ridderkerk
Donkersloot-Zuid
Gedeeltelijke transformatie naar gemengd woon-werkgebied i.c.m. beter benutten
Ridderkerk
Bolnes Buitendijks
Transformatie naar wonen, 0,5 ha feitelijke compensatie
Ridderkerk
Bolnes Binnendijks
Op termijn transformatie naar gemengd woon-werkgebied. 3
Ridderkerk
Bolnes Schiepo
Transformatie naar wonen via bestemmingsplanwijziging
Ridderkerk
Oost
Transformatie naar wonen, 2,4 ha compensatie mc 3.2
Rotterdam
Maaszicht
Transformatie naar wonen, met WWA
ha compensatie vanaf mc 3.1
(Veranda/Korte Stadionweg) Rotterdam
Feijenoord
Transformatie naar wonen, met WWA
(Olympiaweg) Rotterdam
Motorstraat-Zuidplan
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied, geen compensatieplicht
1002986
75
Gemeente
Bedrijventerrein
Opgave
Rotterdam
Piekstraak-
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied o.b.v. anders
Persoonshaven
compenseren
Unilever-
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied o.b.v. anders
Nassaukade
compenseren
Rijnhaven-Zuidzijde
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied o.b.v. anders
Rotterdam Rotterdam
compenseren Rotterdam
Maashaven-
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied na 2030 o.b.v.
Zuidzijde
anders compenseren
Rechter Maasoever Gemeente
Bedrijventerrein
Opgave
Capelle aan
Rivium
Transformatie naar gemengd woon-werkgebied, 2,5 ha