4. Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 6 en 10 november 2025
Tekst van het document
Diverse onderzoeken laten zien dat de openbare ruimte hier in positieve zin aan bijdraagt. Een deel van de Delftenaren ervaart bovendien weleens een gevoel van onveiligheid op specifieke plekken in de openbare ruimte, met name 's avonds en 's nachts. De gemeente moet hier in de inrichting van de openbare ruimte op inspelen, met maatregelen die het gevoel van veiligheid kunnen vergroten. Zoals nadrukkelijk zichtbaar werd tijdens de coronapandemie is de waardering voor de verschillende functies van groene buitenruimte toegenomen. De gemeente moet hierop inspelen in de inrichting van openbare ruimte met de aanleg van een rustgevende groene omgeving die aanzet tot sociaal contact. Dit stimuleert ontmoetingen en draagt bij aan de kwaliteit van leven van inwoners. Door inwoners en gebruikers nadrukkelijk uit te nodigen en uit te dagen om gebruik te maken van de buitenruimte bevorderen we fysieke en mentale weerbaarheid." Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Voorzitter. Ik luister een beetje met emotie naar het verhaal over de slachtofferrol en dergelijke. De veiligheid op straat van vijftig jaar terug zit nog in mijn hart. Als ik bang ben, ga ik dus niet naar buiten. Als ik me sterk voel, ga ik wel naar buiten. Het ligt er soms ook aan waar ik naartoe ga. Dan ben ik blij met de steegjes in Delft, waar ik af en toe naartoe kan vluchten.
Dat klinkt misschien gek, maar die veiligheid is voor mij heel erg belangrijk. Licht op de juiste plaatsen en de mogelijkheid om te kunnen ontsnappen helpen daarbij. Ik wil dat benadrukken bij de moties waar wij voor gaan stemmen. Dan het amendement over de missing link. Het initiatiefvoorstel over de groene linten langs de Schie is door de raad aangenomen. Hart voor Delft, GroenLinks en de ChristenUnie vinden dat dit niet in de visie kan ontbreken. Tot onze teleurstelling ontbrak dit aangenomen initiatiefvoorstel in de visie. We willen graag middels dit 27
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
amendement de groene linten langs de Schie erbij nemen en zorgen dat zij in de visie komen te staan, omdat de andere beleidskaders er wel in staan. Als we dit niet laten opnemen, kan heel makkelijk vergeten worden dat dit initiatiefvoorstel er ligt. Vandaar het voorstel om die ene zin toe te voegen aan die hele visie om aandacht te vragen voor de groene linten. Mevrouw FUNG FEN CHUNG (STIP): Hart voor Delft noemt de beleidskaders waar de Visie Openbare Ruimte aan refereert, maar de groene linten langs de Schie zijn geen beleidskader. Mevrouw DE KONING (Hart voor Delft): Dat klopt; daar heeft u gelijk in. Vandaar dat het niet bij de beleidskaders opgenomen is. Daarom is deze zin zo opgenomen. Door de fracties van Hart voor Delft, GroenLinks en de ChristenUnie wordt amendement 6.2.B (De missing link in een uitnodigende en uitdagende Visie Openbare Ruimte) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 6 november 2025 ter bespreking van het agendapunt Raadsvoorstel Visie Openbare Ruimte (2528395), Besluit: De Visie Openbare Ruimte 'Het visitekaartje van onze stad: uitnodigend en uitdagend' vast te stellen, met de volgende wijziging: Was: (kopje Ruimtelijke kwaliteit en identiteit, pagina 27) Eén onderdeel van ruimtelijke identiteit is cultuurhistorie.
Openbare ruimte kan cultuurhistorische waarde hebben, bijvoorbeeld in de vorm van een beschermd stadsgezicht, een oude structuur zoals de Buitenwatersloot of een monument. Het (historische) verhaal van een plek kan richtinggevend zijn voor hoe we daar om willen gaan met de openbare ruimte. Historische waardevolle routes door de stad in de Welstandsnota zijn aangemerkt als routes met een bijzonder welstandsniveau. De Binnenstad, het Agnetapark, de Nieuwe Plantage en het noordelijk deel van de TU-wijk zijn aangewezen als beschermd stadsgezicht omdat gebouwen en openbare ruimte in samenhang een cultuurhistorisch waardevol beeld vormen. Wordt: Eén onderdeel van ruimtelijke identiteit is cultuurhistorie. Openbare ruimte kan cultuurhistorische waarde hebben, bijvoorbeeld in de vorm van een beschermd stadsgezicht, een monument of historisch landschappelijke lijnen zoals de Buitenwatersloot en de groene linten langs de Schie. Het (historische) verhaal van een plek kan richtinggevend zijn voor hoe we daar om willen gaan met de openbare ruimte. Historische waardevolle routes door de stad in de Welstandsnota zijn aangemerkt als routes met een bijzonder welstandsniveau. De Binnenstad, het 28
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Agnetapark, de Nieuwe Plantage en het noordelijk deel van de TU-wijk zijn aangewezen als beschermd stadsgezicht omdat gebouwen en openbare ruimte in samenhang een cultuurhistorisch waardevol beeld vormen." De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik wil graag beginnen met het uitspreken van een woord van dank aan ons commissielid David Sarkisian, die al het werk gedaan heeft. Dat was voor dit amendement en deze motie ontzettend veel werk, want het is een hele zoektocht geweest om het zo te formuleren dat het begrijpelijk, toepasbaar en werkbaar voor het college is. Met de nodige hulp van ambtenaren, waarvoor trouwens dank, is dat gelukt en komen we met een amendement dat het raadsvoorstel maar vooral ook de binnenstad versterkt. Met de voorgestelde wijzigingen geven we meer erkenning aan de verschillende buurten die de binnenstad kent. Er zijn buurten waar gewoond wordt, er zijn buurten waar vooral gerecreëerd wordt of waar boodschappen gedaan worden en er zijn buurten waar veel groen is. In het huidige voorstel wordt alleen gesproken over de binnenstad als geheel, met één set van prioriteiten. Dit amendement maakt het mogelijk om prioriteiten per functiegebied te definiëren. We hebben het bewust niet al te ingewikkeld gemaakt door precies per hoofdfunctie te beschrijven om welke gebieden het gaat en wat er precies moet gebeuren.
Het amendement laat de details van de uitvoering over aan het college, maar zegt dus wel dat in een gebied waarin hoofdzakelijk gewinkeld wordt, andere prioriteiten en een andere volgorde van prioriteiten kunnen gelden dan in een gebied een paar honderd meter verderop waar vooral gewoond wordt. We vragen de wethouder om hier rekening mee te houden. We hebben een amendement en een motie. De motie is overbodig als het amendement wordt aangenomen. Dan trekken we de motie dus in, maar dat kunnen we pas doen als de stemming over het amendement heeft plaatsgevonden. Vandaar dat we ook de motie alvast gepubliceerd hebben. Ik reageer op één ander amendement, namelijk het amendement van GroenLinks en de PvdA over de Basiskwaliteit Natuur. De principes van de Basiskwaliteit Natuur zijn heel waardevol als richting, maar Delft moet ze vertalen naar de stedelijke schaal: groen waar het kan en niet waar het moet. Het CDA kiest voor haalbare vergroening. We moeten ervoor waken dat we met het amendement een norm opleggen die verdere woningbouw op slot zet, want de BKN, de Basiskwaliteit Natuur, is een landelijke normering. Delft wijkt af van het landelijke gemiddelde. Het college had al hele ambitieuze plannen voor woningbouw die nauwelijks gerealiseerd worden.
Daar kan het college ook niet alles aan doen, maar als we dan nog een norm gaan opleggen die in een amendement bindend wordt vastgelegd, ben ik bang dat we alleen maar meer blokkades gaan oprichten voor woningbouw. Ik had dus liever een motie gezien dan een amendement, omdat een amendement te bindend is. Ik geef de indieners dus in overweging om hier een motie van te maken. De heer ANALIKWU (D66): Ik vermoed dat de heer Herrema dezelfde vraag gaat stellen, maar ik was iets eerder. Is het CDA zich ervan bewust dat de Visie Groen en Biodiversiteit dit uitgangspunt al noemt en dat er wat dat betreft dus geen nieuw beleid wordt voorgesteld, maar echt een koppeling wordt gemaakt met de inrichting van de openbare ruimte? In die zin is het al bindend. 29
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De heer HERREMA (GroenLinks): Ik sluit me van harte bij die opmerking aan. Bovendien is het een basiskwaliteit. Van daaruit kun je in Delft natuurlijk nog specifieke basisvereisten formuleren. Volgens mij is dat ook een van de acties die genoemd worden in het uitvoeringsplan Groen en Biodiversiteit. Nog een ander punt over het amendement van het CDA: is het niet zo dat er in het centrum eigenlijk al heel veel aandacht is voor iedereen, dat de mensen daar, ook de ondernemers, heel mondig zijn en dat die prioritering door hen vanzelfsprekend wordt gecorrigeerd, zodat er geen amendement nodig is voor deze visie? Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Aansluitend op de laatste opmerking van de heer Herrema: wij vonden het juist heel prettig dat, wellicht afgezien van de titel van het amendement, het amendement best algemeen is geformuleerd. Het gaat dus niet alleen over de binnenstad, waar de heer Herrema misschien een terecht punt over maakte, maar geeft ook aan dat andere buurten en andere delen complex zijn. De titel is wellicht misleidend.
Kan de heer Valk aangeven of dit alleen voor de binnenstad geldt of dat het idee is dat dit uiteindelijk aansluit op alle buurten en wijken in Delft? De heer VAN DER STEEG (PvdA): Mijn eerste vraag is eigenlijk precies dezelfde als de vraag van mevrouw Van der Vlist: waarom is er echt een focus op de binnenstad en vindt u niet dat ook de andere buurten mogelijk op mindere schaal maar even goed complex zijn? Ik heb nog een tweede vraag. U wilt het opdelen en in uw reactie op het amendement over de Basiskwaliteit Natuur geeft u aan dat dat barrières kan opwerpen. Bent u niet bang dat u weer discussie gaat krijgen door het helemaal in stukken te snijden en dat het daardoor ook weer heel lang gaat duren, dus dat de versnippering van buurten et cetera discussie gaat oproepen? De VOORZITTER: Vier vragen aan u, meneer Valk. De heer VALK (CDA): Ik telde er zelfs vijf, maar ik ga proberen ze allemaal te beantwoorden. De eerste vraag is de vraag van GroenLinks: is het niet overbodig omdat de Basiskwaliteit Natuur al in het stuk genoemd wordt? Ik heb gezien dat het daarin genoemd wordt, maar blijkbaar vinden de indieners van het amendement het nodig om het nog een keer expliciet als uitgangspunt te benoemen in de zin van: we werken volgens die principes. Dat geeft een bindend kader aan en dat maakt het een stuk zwaarder dan zoals het nu in het stuk staat.
Als de heer Analikwu gelijk zou hebben, zou dit hele amendement overbodig zijn, maar het feit dat het amendement wordt ingediend, geeft aan dat dit blijkbaar toch wat verzwaard moet worden; zo lees ik het tenminste. Dan de vragen over mijn eigen amendement. GroenLinks zegt dat de ondernemers mondig zat zijn en voor zichzelf kunnen zorgen. Dat geloof ik ook, maar dat is natuurlijk geen reden om dit ook niet als apart gebied mee te nemen. Dit amendement doet recht aan het feit dat bijvoorbeeld in de binnenstad winkelgebieden heel anders zijn dan bewonersgebieden en dat daar dus andere sets van prioriteiten kunnen gelden. Aansluitend op de vragen van de ChristenUnie en de 30
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Partij van de Arbeid: we laten aan het college over wat dat dan precies betekent. De eerste versie van het amendement was heel bindend en voorschrijvend. Dat hebben we wel geprobeerd, maar dat werd technisch gewoon heel lastig. Dat was eigenlijk ook niet wat wij wilden. We wilden eigenlijk zeggen "erken nou dat die buurten anders zijn en doe daar zelf het beste mee" in plaats van als raad zeggen dat we straat X een winkelstraat vinden en dat we straat Y er vlak naast een woonstraat vinden. Naar onze mening roepen we met dit amendement dus juist geen barrières op, juist door het algemeen te houden. Wat die algemeenheid betreft: mevrouw Van der Vlist heeft er helemaal gelijk in dat dit oorspronkelijk een binnenstadsamendement was waarin we de straten ook helemaal noemden. De titel is zo gebleven, maar als je het amendement uitvoert, zou je inderdaad ook naar andere buurten kunnen kijken. Dat sluit het amendement helemaal niet uit. We zijn dus vertrokken vanuit de binnenstad, maar als het amendement wordt aangenomen, kan het absoluut ook meegenomen worden voor andere buurten. Daar ben ik zeker niet tegen.
Door de fractie van het CDA wordt amendement 6.2.C (Borg de buurten binnen de binnenstad) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 6 november 2025 ter bespreking van het agendapunt Raadsvoorstel - Visie Openbare Ruimte (2528395), BESLUIT Het voorliggende raadsbesluit als volgt te wijzigen; Beslispunt 1: De Visie Openbare Ruimte 'Het visitekaartje van onze stad: uitnodigend en uitdagend' vast te stellen; Wordt gewijzigd in: De Visie Openbare Ruimte 'Het visitekaartje van onze stad: uitnodigend en uitdagend' vast te stellen, met de volgende wijzigingen:
WAS (pagina 11, onder kopje Positie van de Visie Openbare Ruimte) De Visie Openbare Ruimte volgt de koers van de Omgevingsvisie Delft 2040 en wordt gevoed door de sectorale ambities zoals die zijn vastgelegd in diverse beleidsstukken (Figuur 2). Vanwege de veelheid aan ambities, het feit dat niet alles past en ambities zelfs tegenstrijdig kunnen zijn, weegt deze visie deze sectorale ambities af en maakt het mogelijk om keuzes te maken. Daarmee slaat dit stuk de brug naar de stukken op tactisch- en operationeel niveau (Figuur 3). Zodra de Omgevingsvisie wordt aangepast of nieuw sectoraal beleid met impact op de openbare ruimte wordt opgesteld, vertalen we door in deze visie op de openbare ruimte en de stukken op tactisch en operationeel niveau. Dit gebeurt elke 4 jaar. 31
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
WORDT De Visie Openbare Ruimte volgt de koers van de Omgevingsvisie Delft 2040 en wordt gevoed door de sectorale ambities zoals die zijn vastgelegd in diverse beleidsstukken (Figuur 2). Vanwege de veelheid aan ambities, het feit dat niet alles past en ambities zelfs tegenstrijdig kunnen zijn, weegt deze visie deze sectorale ambities af en maakt het mogelijk om keuzes te maken. Daarmee slaat dit stuk de brug naar de stukken op tactisch- en operationeel niveau (Figuur 3). Zodra de Omgevingsvisie wordt aangepast of nieuw sectoraal beleid met impact op de openbare ruimte wordt opgesteld, vertalen we door in deze visie op de openbare ruimte en de stukken op tactisch en operationeel niveau. Dit gebeurt elke 4 jaar. Aangezien de openbare ruimte complex is, is het niet altijd mogelijk om de stad perfect op te delen in (soorten) buurten, zoals bijvoorbeeld de binnenstad waar zowel gewoond, gewerkt als gewinkeld wordt en ook groengebieden zijn. Daarom wordt bij ruimtelijke afwegingen in zulke complexe buurten zoveel mogelijk aangesloten bij de uitgangspunten van de sfeergebieden van de gebiedsbeelden. Op deze manier borgen we het karakter van buurten in de praktische uitwerking van deze visie.
WAS (pagina 67, onder paragraaf 3.4 Evaluatie en actualisatie) Structuren, opgaven en inzichten veranderen door de tijd heen. Deze veranderingen volgen elkaar steeds sneller op. Het is daarom noodzakelijk om deze visie periodiek te evalueren en waar nodig te actualiseren. Ook veranderingen in wet- en regelgeving kunnen aanleiding zijn tot aanpassing. Dit gebeurt in principe eenmaal per vier jaar. Bij iedere actualisering passen we onderliggende documenten aan en communiceren we over de wijzigingen. zo blijft het een actueel en bruikbaar instrument. WORDT Structuren, opgaven en inzichten veranderen door de tijd heen. Deze veranderingen volgen elkaar steeds sneller op. Het is daarom noodzakelijk om deze visie periodiek te evalueren en waar nodig te actualiseren. Daarnaast kan de uitwerking van de specifieke ruimtelijke projecten aanleiding geven om de visie aan te passen, zodat deze beter aansluit op de uitvoerbaarheid. Hier wordt dan ook expliciet op geëvalueerd. Bovendien zijn de gebiedsbeelden één van de leidraden voor de evaluatie en participatieaanpak. Ook veranderingen in wet- en regelgeving kunnen aanleiding zijn tot aanpassing. Dit gebeurt in principe eenmaal per vier jaar. Bij iedere actualisering passen we onderliggende documenten aan en communiceren we over de wijzigingen. Zo blijft het een actueel en bruikbaar instrument.
Toelichting: 32
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De binnenstad wordt in deze visie als één uniform gebied genomen onder de stedelijke functie, terwijl de binnenstad juist wordt gekenmerkt door verschillende buurten waar meer gewoond, gewerkt of gewinkeld wordt. Ondanks dat het complex is om deze verschillende buurten, waar functies ook door elkaar kunnen lopen, strak af te kaderen is het wel belangrijk dat er voldoende oog is voor de verschillen bij het afwegen van verschillende prioriteiten die de openbare ruimte raken. De sfeergebieden in de gebiedsbeelden bieden een betere en minder rigide onderverdeling van de verschillende soorten buurten in de binnenstad. Door hier expliciet op aan te haken borgen we dat het unieke karakter van de gebieden leidend is bij het afwegen van de prioriteiten in deze visie. Bovendien laten we zien dat - ondanks dat de binnenstad als één gebied wordt gezien in deze visie - we het belangrijk vinden dat de genoemde prioriteiten moeten passen bij de specifieke buurt ongeacht de nummering van de prioriteiten.
Tot slot geven we met de tweede wijziging mee dat er ook wordt geëvalueerd of de huidige onderverdeling van de openbare ruimte in deze visie frictie geeft in de praktijk wanneer prioriteiten worden afgewogen." Door de fractie van het CDA wordt motie 6.2.3 (Borg de buurten in de binnenstad) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van donderdag 6 november 2025 ter bespreking van het agendapunt over het raadsvoorstel Visie Openbare Ruimte. Als gemeenteraad van Delft stellen we vast dat:
in de Visie Openbare Ruimte de binnenstad als één gebied wordt beschouwd, waar in beginsel dezelfde prioriteiten gelden; de binnenstad onder de stedelijke functie wordt geschaard samen met netwerken en gebiedsverdelende lijnen zoals de (vervoers)netwerken, de groene structuren (routes met bomenrijen en bermen), de blauwe structuren (watergangen) en de cultuurhistorische lijnen.
We hebben daarbij nagedacht over en houden rekening met het volgende:
de binnenstad is geen 'netwerk' of 'lijn' die de stad in buurten en wijken verdeelt zoals de structuren met een stedelijke functie gekarakteriseerd zijn in de visie; ondanks dat de binnenstad veel bezoekers trekt, is de binnenstad zelf ook een woonwijk met bijna 14.000 inwoners; de binnenstad heeft verschillende buurten die van elkaar verschillen zoals - in hoofdlijnen - de winkelgebieden, groene plekken en de woongebieden; het prioriteringskader is weliswaar bedoeld als leidraad, maar in de praktijk wordt eerst gekeken naar de genoemde prioriteiten; de cultuurhistorische waarde van de binnenstad is ook met andere prioriteiten al geborgd, omdat het een rijksbeschermd stadsgezicht is. 33
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
We vragen het college om op grond van het bovenstaande:
in de voorgestelde evaluatie en participatieaanpak de voorgestelde prioritering van opgaven in de binnenstad en de praktische uitwerking daarvan mee te nemen in gesprekken met bewonersverenigingen en ondernemers in de binnenstad; het bovenstaande expliciet te benoemen in de eerstvolgende evaluatie,
en gaan over tot de orde van de dag." De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. Ik begin met mijn eigen amendement, het amendement Toegankelijke openbare ruimte. Daarmee geven we gevolg aan de discussie in de commissie. Voor D66 is toegankelijkheid niet een mooi streven, maar een randvoorwaarde voor de inrichting van de openbare ruimte. Iedereen in Delft verdient het om mee te kunnen doen. In de openbare ruimte moet iedereen dus veilig en makkelijk van A naar B kunnen. Gelukkig zien we deze bedoeling ook terug in de visie, waarin toegankelijkheid wordt genoemd als randvoorwaarde, zeker na de ondertiteling die de wethouder in het commissiedebat gaf. Maar wat D66 betreft wekt het apart noemen van toegankelijkheid als prioritaire opgave toch te veel de indruk dat toegankelijkheid als randvoorwaarde onvoldoende inzet met zich meebrengt. Dit blijkt gelukkig niet de bedoeling van de wethouder te zijn geweest. Met dit amendement geven we toegankelijkheid als randvoorwaarde inhoudelijk lading mee: iedereen moet veilig en zelfstandig van A naar B kunnen komen. Ook verduidelijken we wat toegankelijkheid als prioritaire opgave vraagt. Dan de verschillende moties en amendementen, ten eerste het amendement over het expliciet benoemen van veiligheid.
D66 kan het idee hierachter steunen, want ook wij hebben in het debat aangegeven dat veiligheid net als toegankelijkheid onvoldoende lading heet meegekregen in dit stuk. Toch vinden we de locatie wat ongelukkig. Ik vraag wat dat betreft eigenlijk om een korte reflectie van de wethouder. Het wordt nu namelijk in hetzelfde rijtje gezet als mentale gezondheid en een nieuwe gedachtegang over de waardering van groen. Daarom wachten we de reactie van het college hierop nog even af. Wij kunnen ons goed vinden in het amendement over de missing link. Dat steunen wij dus. Vanuit het CDA zijn er de motie en het amendement Borg de buurten. Wat D66 betreft is het goed om de binnenstad niet te benaderen als een uniform gebied. We hoorden eerder ook al de discussie over: welk gebied moet je verder preciseren en welk abstractieniveau wil je kiezen? We zien dat daar goed over is nagedacht, maar de binnenstad leent zich toch niet helemaal voor deze uniforme benadering. In principe steunen we dit amendement, maar we wachten de reactie van het college hierop af. De motie lijkt ons ook prima. Wel vragen we het college om bij de evaluatie de voorgestelde prioritering niet alleen in de binnenstad maar juist in de hele stad mee te nemen. 34
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Dan nog de Basiskwaliteit Natuur. Wat ons betreft is ook dat een goede toevoeging. De heer Valk heeft wel een schijnbare tegenstelling bedacht: het amendement is namelijk óf overbodig óf te bindend. Daar zit echter een denkfout in, want de Basiskwaliteit Natuur volgt inderdaad al uit de Visie Groen en Biodiversiteit. Daarmee vraagt het amendement niet om nieuw beleid, maar doet het amendement exact wat de titel zegt: het borgt wat er in ander beleid staat. In de vele ambtelijke presentaties die we hebben gekregen over dit stuk, is dat exact wat er met dit stuk wordt gedaan: we borgen in de totale visie niet nieuw beleid, maar al bestaand sectoraal beleid. Wat dat betreft is dit een uitstekende, passende toevoeging. De motie Safe Streets dienen we graag mede in, omdat D66 al in 2022 vergelijkbare vragen stelde. We hebben wat het veiligheidsgevoel op straat betreft recente ontwikkelingen gezien. Daarom is het goed om dit opnieuw op de agenda te zetten. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Onafhankelijk Delft zou graag opheldering willen over het amendement Toegankelijke openbare ruimte. In de tweede zin staat namelijk: "waar de kortste route geen prettige niet mogelijk is, bieden we een volwaardig toegankelijk alternatief". Onafhankelijk Delft dacht: deze zin klopt gewoon niet. Dat kan, maar er staat ook: "bieden we een volwaardig toegankelijk alternatief".
Betekent dit dat iedereen die van A naar B loopt, altijd de mogelijkheid moet hebben om een andere weg te nemen? Moeten die wegen worden aangelegd? Hoe wordt dit omschreven? De heer ANALIKWU (D66): Het is goed dat mevrouw Timmermans deze fout heeft opgemerkt. Ik had dat nog niet gezien en ik had het nog niet van anderen gehoord. Daar gaan we straks dus even naar kijken. Het bieden van een volwaardige toegankelijke route is precies het idee van toegankelijkheid zoals we dat als randvoorwaarde in de openbare ruimte willen meegeven. Een toegankelijke openbare ruimte betekent dat iedereen van A naar B kan komen. Dat is niet in alle gevallen per se de kortste route. In de binnenstad heb je bijvoorbeeld een aantal bruggetjes met traptreden erop. Dat is ingewikkeld; daar gaan we bijvoorbeeld geen hellingbaan op maken. Er moet dus altijd een volwaardig toegankelijk alternatief zijn. Dat is waar deze zin vandaan komt. De heer TREFFERS (Volt): We staan in principe helemaal achter dit amendement, maar u vraagt om waar mogelijk in te zetten op extra kwaliteit en middelen. Verwacht u van het college dat het in de toekomst extra middelen gaat reserveren omdat we dit amendement hebben aangenomen? Kunt u dit iets meer inkleuren? De heer ANALIKWU (D66): Volgens mij is het vooral een inkleuring van de prioritaire opgave zoals die door het college al in het debat is geschetst.
Wat dat betreft is dit meer een verduidelijking van wat er werd bedoeld. We vragen hiervoor niet per se om heel veel meer beleid en heel veel additionele middelen. Als het goed is, zijn die er al gekomen met deze visie. We vragen in ieder geval niet aanvullend om meer middelen of meer beleid. Het is meer een verduidelijking van wat er bedoeld werd.
35
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Door de fracties van D66, de PvdA, de ChristenUnie en de VVD wordt amendement 6.2.D (Toegankelijke openbare ruimte) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op donderdag 6 november 2024 ter bespreking van het agendapunt Visie Openbare Ruimte (nr. 2528395), BESLUIT: De Visie Openbare Ruimte 'Het visitekaartje van onze stad: uitnodigend en uitdagend' vast te stellen, met de volgende toevoeging (onder het kopje 'De openbare ruimte wordt ingericht op toekomstig gebruik', pagina 17): 'Toegankelijkheid als basisvereiste betekent dat iedereen veilig en zelfstandig van A naar B kan komen. Waar de kortste route geen prettige niet mogelijk is, bieden we een volwaardig toegankelijk alternatief. Bijvoorbeeld: in cultuurhistorisch waardevolle contexten koesteren we authentieke elementen en zorgen we voor een goed alternatief. Wat betreft veiligheid geldt ook: parken zijn in principe ’s nachts donker, maar we borgen een verlichte, logische alternatieve route. Tegelijk is ‘Inclusief en toegankelijk’ in deze visie ook een prioritaire opgave: in interactiegebieden (zoals winkelcentra en stations) zetten we waar mogelijk extra kwaliteit en middelen in, bijvoorbeeld op obstakelvrije loopruimte, eenduidige kruisingen en routegeleiding voor wie dat nodig heeft.
In lijn met de Delftse Inclusie Agenda werken ambtenaren onder het motto 'Niets over ons, zonder ons' samen met ervaringsdeskundigen en (belangen)organisaties uit de stad, zodat maatregelen, zo veel als mogelijk, aansluiten op behoeften vanuit de stad.' Toelichting: Dit amendement verduidelijkt hoe de basisvereisten toegankelijkheid en veiligheid worden toegepast en waar extra kwaliteit wordt gevraagd. Het maakt expliciet dat toegankelijkheid altijd geborgd wordt (basis), terwijl we in interactiegebieden extra investeren in een obstakelvrije, geleide en sociale ruimte. In parken respecteren we de nachtelijke donkerte, maar garanderen we een verlichte, logische alternatieve route voor wie ’s avonds veilig wil doorstappen. In de historische binnenstad koesteren we het erfgoed en verzekeren we een gelijkwaardig toegankelijk alternatief waar aanpassingen niet passen. Zo bouwen we aan een stad waar iedereen mee kan doen." De heer HERREMA (GroenLinks): Voorzitter. Ik heb het amendement Basiskwaliteit Natuur. GroenLinks heeft in de commissie geconstateerd dat het dier er in de Visie Openbare Ruimte bekaaid af kwam. Daar moesten we iets mee, want Delft wil een leefbare stad zijn voor mens, plant en dier. De landelijke richtlijn Basiskwaliteit Natuur is voor dat uitgangspunt een basisprincipe dat we in de Visie Openbare Ruimte nog missen. Daarom de toevoeging met het amendement.
GroenLinks vindt dat er los van de prioritering op thema een kwalitatieve ondergrens moet zijn voor biodiversiteit en bodemleven en ook voor onbeschermde diersoorten en hun leefgebied. Vanuit die basiskwaliteit kunnen we dan werken aan herstel en verbetering van de leefgebieden voor verschillende plant- en diersoorten. Dat is 36
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
trouwens ook een van de acties in het uitvoeringsplan Groen en Biodiversiteit. Die koppeling is dus wel degelijk belangrijk. Mevrouw FUNG FEN CHUNG (STIP): Meneer Herrema eindigde met een perfecte zin, want zoals GroenLinks stelt, staat dit in de uitvoeringsagenda Groen en Biodiversiteit. Wat voegt dit nou concreet toe als er al een koppeling met de Visie Groen en Biodiversiteit in de Visie Openbare Ruimte ligt? De heer HERREMA (GroenLinks): De koppeling zit erin dat we echt zoeken naar een kwalitatieve ondergrens. Die ondergrens moet losstaan van de prioritering op thema's zoals die wordt beschreven in de Visie Openbare Ruimte. Daar heb je al die prioriteringen, maar los daarvan zijn we echt op zoek naar een ondergrens voor biodiversiteit en bodemleven. De motie Safe Streets dient GroenLinks samen met de Partij van de Arbeid, Onafhankelijk Delft en D66 in. Dat doen we bij dit agendapunt, omdat het probleem van onveiligheid van vrouwen en meisjes zich voor een groot deel in de fysieke ruimte afspeelt. Dat verdient aandacht. We hebben het over "slachtoffergroepen": wij wilden het beestje gewoon bij de naam noemen, want mensen die last hebben van geweld en intimidatie, zijn daar gewoon slachtoffer van. Ik heb van de wethouder begrepen dat we in Delft al best veel doen in de openbare ruimte, maar dat kan natuurlijk altijd meer zijn en het kan ook altijd beter.
Het project Safe Streets van UN Women biedt allerlei handvatten om als gemeente het verschil te maken. Van de rijksoverheid is op dit issue voorlopig nog niet heel veel te verwachten, behalve dan dat seksuele straatintimidatie - een moeilijke term voor een dyslect - strafbaar is gesteld; dat is ook alweer een tijdje geleden. Maar daarmee zijn de problemen van onveiligheid niet zomaar verdwenen. Dit vraagt ook zeker nog een inspanning van onze burgemeester; u bent een D66'er, dus positief. Dan gaat het volgens mij helemaal goedkomen. De VOORZITTER: Ik zit hier boven de partijen, maar ik heb u gehoord. De heer VALK (CDA): Ik zit nog even te kauwen op wat de heer Herrema zei na de interruptie van STIP, want hij zei eigenlijk: we zijn met dit amendement toch op zoek naar een extra norm. Dat betekent dus toch een extra blokkade, die er nu blijkbaar niet is. Uit de interrupties begreep ik: nee, dat doen we al en dat is bestaand beleid. Dat maakt het amendement overbodig. Nu zegt u dat het amendement niet overbodig is, want u zoekt een extra norm voor bouw. Kunt u uitleggen wat het amendement nou precies doet? De heer HERREMA (GroenLinks): Wij vinden het belangrijk dat in de Visie Openbare Ruimte de Basiskwaliteit Natuur heel stellig een plek krijgt. Daarmee is zij, zoals ik al zei, een kwalitatieve ondergrens voor de kwaliteit van biodiversiteit, bodemleven et cetera.
Het gaat om die kwalitatieve ondergrens, los van die prioriteringsthema's. Door de fracties van GroenLinks en de PvdA wordt amendement 6.2.E (Basiskwaliteit Natuur) ingediend: 37
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
"De gemeenteraad van Delft, in vergadering samengekomen op 6 november 2025, bespreekt dit amendement bij agendapunt 6.2 Raadsvoorstel Visie Openbare Ruimte (nr. 2528395). Besluit: De Visie Openbare Ruimte 'Het visitekaartje van onze stad: uitnodigend en uitdagend' gewijzigd vast te stellen met de volgende toevoeging op pagina 26 onder het kopje 'Groen en Biodiversiteit': Was: Met de visie Groen en Biodiversiteit - De stad als ecosysteem in 2040 werkt de gemeente Delft toe naar een gezonde, natuurrijke en klimaatbestendige stad, waarin mens en natuur in balans samenleven. Delft werkt toe naar een robuuste groenblauwe hoofdstructuur die parken en groenblauwe plekken verbindt. De structuur met stedelijke functie functioneert in samenhang met het fijnmaziger groenblauwe netwerk op buurt- en wijkniveau. Met behulp van dit gehele raamwerk willen we elke inwoner van Delft binnen driehonderd meter van de woning toegang geven tot groen en water. Zo wordt iedereen uitgenodigd tot wandelen in de buurt, de stad en de buitengebieden. De inrichting en samenhang van groenblauwe structuren is van groot belang voor het functioneren ervan als leefgebieden voor planten en dieren. De gemeente wil het bestaande groen met bijbehorende leefgebieden daarom behouden en waar Visie Openbare Ruimte 27 mogelijk uitbreiden.
Zeker in versteende buurten en gebieden leidt het vervangen van verharding door groen ook tot een klimaatbestendigere stad. Wordt: Met de visie Groen en Biodiversiteit – De stad als ecosysteem in 2040 werkt de gemeente Delft toe naar een gezonde, natuurrijke en klimaatbestendige stad, waarin mens en natuur in balans samenleven. We werken volgens de principes van de landelijke richtlijn Basiskwaliteit Natuur (BKN). Delft werkt toe naar een robuuste groenblauwe hoofdstructuur die parken en groenblauwe plekken verbindt. De structuur met stedelijke functie functioneert in samenhang met het fijnmaziger groenblauwe netwerk op buurt- en wijkniveau. Met behulp van dit gehele raamwerk willen we elke inwoner van Delft binnen driehonderd meter van de woning toegang geven tot groen en water. Zo wordt iedereen uitgenodigd tot wandelen in de buurt, de stad en de buitengebieden. De inrichting en samenhang van groenblauwe structuren is van groot belang voor het functioneren ervan als leefgebieden voor planten en dieren. De gemeente wil het bestaande groen met bijbehorende leefgebieden daarom behouden en waar Visie Openbare Ruimte 27 mogelijk uitbreiden.
Zeker in versteende buurten en gebieden leidt het vervangen van verharding door groen ook tot een klimaatbestendigere stad." Door de fracties van GroenLinks, STIP, de PvdA, Onafhankelijk Delft en D66 wordt motie 6.2.1 (Safe Streets in openbare ruimte) ingediend: 38
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
"De gemeenteraad van Delft, in vergadering samengekomen op 6 november 2025, bespreekt deze motie bij agendapunt 6.2 Raadsvoorstel Visie Openbare Ruimte (nr. 2528395). We stellen vast dat:
UN Women met de campagne Safe Streets de onveiligheid van vrouwen en meisjes in de openbare ruimte wil terugdringen; de campagne Safe Streets oplossingen aanreikt voor het bestrijden van die onveiligheid; het vorige college van Burgemeester en Wethouders in een collegebrief ervoor heeft gekozen om het project Safe Streets, en de te maken keuzes, over te laten aan een nieuw college; van het huidige college tot nu toe geen voorstel is ontvangen en in de Visie Openbare Ruimte ook met geen woord wordt gesproken over het project Safe Streets.
We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat:
straatintimidatie een blijvend probleem is waartegen de gemeente kan en moet optreden; iedereen in Delft veilig over straat moet kunnen en dat in het bijzonder de problemen rondom de veiligheid van vrouwen en meisjes in de openbare ruimte aandacht verdienen; ook de onveiligheid van lhbti+'ers en anderen niet mag worden onderschat.
We geven het college opdracht om:
aan te sluiten bij de campagne van UN Women door van Delft een Safe Streets-gemeente te maken en zich daarmee te committeren aan een aanpak die leidt tot veilige, toegankelijke en inclusieve openbare ruimtes; hier samen met vrouwen, meisjes, lhbti+'ers en andere relevante slachtoffergroepen invulling aan te geven en te werken aan bewustwording in de stad; bij de inrichtingsplannen op basis van de Visie Openbare Ruimte de aandachtspunten en suggesties uit het project Safe Streets mee te nemen,
en we gaan verder met de onderwerpen van de vergadering." Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Goedenavond, voorzitter. De gemeente presenteerde de Visie Openbare Ruimte. Wij hebben er met mensen in de stad over gesproken in diverse wijken. Zij zeggen: die visies die jullie allemaal bedenken, zijn allemaal wel leuk, maar de praktijk is weerbarstiger; wij vinden eigenlijk dat wij helemaal niet gehoord worden en dat het papieren tijgers zijn waar wij helemaal niks aan hebben. Wij hebben dus bedacht: meten is weten. Vandaar dat wij met deze motie komen. U heeft als voorzitter zelf kunnen zien hoeveel mensen er afkwamen 39
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
op "Wij eisen de nacht op", dat Onafhankelijk Delft samen met STIP organiseerde om te praten over onveiligheid. De moord op Lisa was natuurlijk een vreselijke aanleiding, maar maakte zoveel los bij de mensen in onze stad dat wij deze motie indienen. Wij vinden immers dat een stad die zijn best doet, ook gehoord mag worden. Als die inwoners van onze stad vinden dat zij onveiligheid ervaren, vind ik dat wij daarnaar moeten luisteren en dat wij dat moeten inventariseren. De heer TREFFERS (Volt): Wij hebben begrepen dat er toch heel veel wordt gedaan, juist aan monitoring op dit onderwerp. Ik ben benieuwd welke extra stappen Onafhankelijk Delft door de motie nog verwacht op dit onderwerp. Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Sorry, ik kon het niet goed verstaan. De heer TREFFERS (Volt): Dan zal ik het nog wat luider zeggen. Volgens mij gebeurt er al best wel veel, bijvoorbeeld door de Omnibusenquête. Ik ben benieuwd wat de vraag is van Onafhankelijk Delft: wat moet er nog extra gebeuren om dit belangrijke onderwerp aan te kaarten? Mevrouw GAAL (Onafhankelijk Delft): Inventariseren, gewoon langsgaan bij mensen in de wijken als ambtenaar of als wijkagent; dat maakt me niet uit, maar ga daar inventariseren wat wij hier bespreken of wat van de ambtenaren vandaan komt. Ga naar die mensen in de stad; daar gaat het om.
Door de fracties van Onafhankelijk Delft en Hart voor Delft wordt motie 6.2.2 (Veilige straten voor iedereen) ingediend: "De raad van de gemeente Delft, in vergadering bijeen op 6 november 2025 ter bespreking van de Visie Openbare Ruimte, constaterende dat:
in diverse wijken sprake is van onveiligheidsgevoelens o.a. door verkeer, straatintimidatie en overlast; verlichting, onderhoud en toezicht niet overal op orde zijn; bewoners zich regelmatig niet gehoord voelen bij meldingen;
overwegende dat:
veiligheid de basis is van een leefbare stad; de gemeente de verantwoordelijkheid heeft om publieke ruimte schoon, veilig en overzichtelijk te houden; kleine ingrepen, zoals betere verlichting, zichtlijnen en extra handhaving, groot effect hebben;
verzoekt het college:
40
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
-
per wijk te inventariseren hoe het zit met het veiligheidsgevoel van de bewoners; samen met politie, handhaving en bewoners concrete maatregelen te treffen, in onder andere de openbare ruimte (verlichting, toezicht, ontwerpaanpassingen); de raad hierover in 2026 te informeren met een uitvoeringsplan Veilige Straten Delft,
en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Voorzitter. Een korte reactie op de voorliggende amendementen en moties. Wij hebben twee amendementen mee ingediend. Tijdens de commissiebespreking van de Visie Openbare Ruimte werd duidelijk dat veiligheid en toegankelijkheid volgens een deel van de raad meer naar voren hadden kunnen komen in de Visie Openbare Ruimte. Wij zijn het daarmee eens, met de nuance dat dit altijd in synergie moet worden opgepakt met de in de visie aangegeven prioriteiten. Daar moet een balans in gevonden worden. Het amendement dat we met D66 en de PvdA hebben ingediend, geeft hier een goede invulling aan. Met het amendement Missing link borgen we het initiatiefvoorstel Groene linten langs de Schie expliciet in de Visie Openbare Ruimte. Wat het amendement en de motie van het CDA betreft, geeft de uitleg van de heer Valk vertrouwen dat dit breed opgepakt kan worden door het college. Dit geeft de visie ook de nuance die wij graag zoeken. Wij steunen dus het amendement. Wij steunen het amendement van de heer Herrema van GroenLinks. Het is goed om voor de openbare ruimte ook biodiversiteit en bodemleven mee te nemen als kader. Wat het amendement van de VVD, het amendement Expliciet benoemen van veiligheid, en de motie over veilige straten betreft: ik gaf in mijn interruptie al aan dat het gevoel van veiligheid subjectief is.
Aan de andere kant herkennen wij zeer goed de vraag vanuit de samenleving om voor een veilige omgeving te zorgen waarin men veilig kan zijn. Wij vragen de portefeuillehouder dus hoe er wordt omgegaan met de invulling van het subjectieve veiligheidsgevoel en hoe de portefeuillehouder omgaat met het amendement en de motie die door de VVD en door OD zijn ingediend. De heer VAN DER STEEG (PvdA): Voorzitter. In het debat hebben we het uitvoerig gehad over de Visie Openbare Ruimte. Daarbij kwamen inderdaad een aantal zaken naar voren die misschien meer uitgelicht kunnen worden of die vragen opriepen. Wij denken dat alle amendementen, waarvan wij er twee mede hebben ingediend, iets toevoegen door dingen die misschien niet zo duidelijk waren, expliciet te maken. Ook op grond van de uitleg van bijvoorbeeld de heer Valk over de buurten, denken wij dat er echt sprake is van toegevoegde waarde. Ook de door de VVD benoemde veiligheid heeft volgens ons meerwaarde. Wij snappen de vraag van D66 of dit de meest logische plek is. Het amendement van Hart voor Delft, GroenLinks en de ChristenUnie over de missing link is ook gewoon een logisch amendement. 41
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Bij de motie van Onafhankelijk Delft en Hart voor Delft over een veilige straat voor iedereen snappen wij heel goed waar Onafhankelijk Delft vandaan komt. Wij vinden die veiligheid ook heel belangrijk. De optocht door Delft in het kader van "Wij eisen de nacht op" was inderdaad een heel mooie samenkomst, maar wij denken ook een klein beetje dat deze motie overbodig is. We zijn dus benieuwd naar de reactie van het college op deze motie. Wij denken dat de motie Borg de buurten in de binnenstad overbodig zal zijn, want het amendement wordt aangenomen. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Er zijn heel veel moties en amendementen ingediend. Ik had een motie over de participatie aangekondigd, want we hebben een beeldvormende avond gehad. Ik vat mijn bijdrage in de commissievergadering heel kort samen: er waren zeker niet alleen maar negatieve verhalen over participatie, maar er waren ook zeker niet alleen maar positieve verhalen over participatie en de ruimtelijke ordening in onze stad. Daar zijn wij de afgelopen jaren ontzettend hard mee bezig; dat weet u van ons. Ook op dit punt zagen wij weer dat dit belangrijk is. Tegelijkertijd komt er een evaluatie van het participatiebeleid aan. We hebben besloten daar even op te wachten, zodat we daar hopelijk nog voor de verkiezingen als raad iets mee kunnen doen.
Ik heb goed nieuws voor alle indieners van amendementen en moties, want wij overwegen voor alles te stemmen. Als we toch tegenstemmen, heeft het college ons er dus van overtuigd dat het een slecht plan is. Mevrouw FUNG FEN CHUNG (STIP): Voorzitter. De Visie Openbare Ruimte geeft ons een vernieuwd handvat om de stad de toekomst in te helpen. Over het algemeen zijn we heel erg blij met de inhoud. STIP had in de commissie aangekondigd met een motie te komen op het gebied van tijdelijke invulling, maar de wethouder heeft aangegeven dat de prioritering daarop in principe hetzelfde blijft en dat we dit per locatie gaan bekijken. Daarom dienen we daar geen motie over in. Zoals in de commissievergadering is besproken en zoals ook vanavond in het debat veel naar voren is gekomen, zijn de principes van veiligheid voor veel mensen in onze stad nog een beetje onderbelicht in de Visie Openbare Ruimte. Ook de actie die wij samen met Onafhankelijk Delft hebben opgezet, liet zien hoe actueel dit is. Die lange sliert van fietsen door de stad was een heel duidelijk signaal, maar we willen ook dat dit ergens toe leidt. Daarom hebben we de motie van GroenLinks mede ingediend. Wat de motie van Onafhankelijk Delft en Hart voor Delft betreft: ook al staan wij heel erg achter dit signaal, wij zijn ook heel benieuwd in hoeverre deze inventarisatie niet al wordt gedaan.
Daarvoor wachten we de antwoorden van de wethouder dus af. Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. Van de SP geen moties of amendementen, maar wel wat aandachtspunten om over na te denken. De SP vraagt de wethouders om aandacht te geven aan het gebrek aan bankjes op vele plekken in de stad. In het 42
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
verleden zijn de bankjes weggehaald omdat hangjongeren overlast zouden geven, maar hierdoor missen oudere inwoners van de stad net dat bankje om uit te rusten als ze een boodschapje doen of een bakje koffie halen bij een bekende. We stellen de voetganger op 1, we willen dat de ouderen langer thuis wonen en dat mensen meer bewegen en gezond blijven. Dan moeten we geen bankjes weghalen maar extra bankjes toevoegen, niet alleen in de binnenstad maar in alle wijken van Delft en niet alleen in de openbare buitenruimte maar ook in de openbare binnenruimte. Dat is nog een observatie: het valt op dat het in alle stukken over openbare ruimte eigenlijk over openbare buitenruimte gaat en nooit over openbare binnenruimte. Dat is ook goed zichtbaar in de moties over veiligheid: die gaan allemaal over buiten. De SP denkt dat het belangrijk is om ook aandacht te hebben voor de openbare binnenruimtes. We horen heel graag wat de wethouders daarvan vinden. Op de moties en amendementen wacht de SP de reacties van de wethouders af. Wethouder VAN VLIET: Voorzitter. Ik neem u mee in de blik van het college, eerst op alle amendementen.
Het is goed om te zien dat de amendementen eigenlijk laten zien dat u zich als raad goed kunt vinden in de visie die er ligt en dat u tegelijkertijd met de verschillende amendementen graag extra nadruk wil leggen op specifieke aspecten waarvan u zegt dat zij het verdienen om meer aandacht te krijgen bij de inrichting van onze openbare ruimte. In die zin geldt voor alle amendementen dat het college er geen bezwaar tegen heeft en dat het vooral aan het oordeel van de raad is of u vindt dat sommige zaken extra aandacht verdienen. Ik neem u daarin mee. Wat veiligheid betreft liet het begin van het betoog van mevrouw De Koning zien hoe belangrijk het is dat de openbare ruimte echt een goede inrichting heeft waarin iedereen zich veilig kan voelen. In die zin kan ik mij goed voorstellen dat u dat extra wil benadrukken in deze visie. De heer Analikwu vroeg hoe wij kijken naar de plek waar dit staat. In eerste instantie dacht ik: het staat prima waar het staat. Maar u zou ook kunnen overwegen - dat laat ik aan de indieners - om dit op te nemen op pagina 18. Dat is net iets naar beneden, waar het gaat om de basisvereisten. Daar heeft het college het onderdeel veiligheid opgenomen. U zou de toelichting ook daar kunnen plaatsen, dus als basisvereiste in plaats van als trend. Ik geef dat u ter overweging.
Amendement 6.2.B gaat over het initiatiefvoorstel voor de groene linten langs de Schie. Ik kan mij goed voorstellen dat u dat echt een initiatief vindt dat gaat over de openbare ruimte en dat het natuurlijk heel mooi is om dat een plek te geven bij de genoemde voorbeelden van plekken in de stad in de openbare ruimte met een cultuurhistorische waarde. Het college kan zich goed voorstellen dat u dit op deze plek een plek geeft, daar waar langs delen van de Schie en langs het Schiekanaal juist bomen in dat historisch perspectief passen. Dat brengt mij bij amendement 6.2.C, Borg de buurten binnen de binnenstad. Waarom hebben wij de binnenstad als één gebied gekwalificeerd? Dat heeft ermee te maken dat wij zeggen dat voor de hele binnenstad geldt dat wij ruimtelijke kwaliteit en identiteit heel belangrijk vinden. Dat geldt niet alleen voor het winkelgebied maar echt voor de hele binnenstad. Dat geldt ook voor gastvrijheid. We zien dat bezoekers 43
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
van de binnenstad lekker door de stad zwerven door winkelgebieden én woongebieden. Wij vinden dat wij in de hele binnenstad gastvrij moeten zijn. Daarom hebben wij het gekwalificeerd als één gebied. Dat neemt niet weg dat het bestemmingsplan natuurlijk spreekt over sfeergebieden. Als wij de openbare ruimte gaan inrichten, moeten we natuurlijk ook rekening houden met die sfeergebieden. In dit amendement schrijft u nog eens keurig netjes uit dat daar verschil in zit. Ik kan mij voorstellen dat insprekers hier zeggen: let op, mensen uit de binnenstad weten de weg naar het stadhuis heel goed te vinden om te zeggen dat in hun buurt met heel veel aandacht moet worden gekeken naar het verschil tussen het ene stukje van de wijk en het andere stukje. Wij moeten dat uiteraard in de hele stad doen. Als daar aanleiding toe is, moeten wij onderscheid maken tussen de verschillende delen van een wijk. Wij zullen ons dus niet beperken tot de binnenstad en wij zullen ons ook in de evaluatie niet beperken tot de binnenstad. Dat brengt mij bij amendement 6.2.B over de toegankelijke openbare ruimte. De heer Analikwu heeft mij in de commissie gevraagd om een toelichting: leg nou eens uit hoe dat verschil in elkaar zit tussen de basiskwaliteit en wat wij bij de specifieke gebieden vragen. Het mooie is dat ik de uitleg duidelijk herken in het amendement.
De heer Analikwu zegt: laten we die uitleg er maar bij schrijven, want dan begrijpen we het beter. Ik kan me daar goed in vinden. Het is aan u. Dat brengt mij ten slotte bij amendement 6.2.E over de Basiskwaliteit Natuur. Het klopt dat wij de term "Basiskwaliteit Natuur" hebben geborgd in de Visie Groen en Biodiversiteit. Dat gaat er straks toe leiden dat wij voor de verschillende wijken in de stad echt gaan kijken wat voor elke wijk de basiskwaliteiten en de soorten zijn waaraan we specifiek aandacht gaan besteden. Ik kan me goed voorstellen dat GroenLinks zegt: het is één ding dat we dat daar met elkaar uitzoeken en dat we dat vanuit dat uitvoeringsplan gaan doen voor de verschillende wijken, maar wij willen hier teruglezen dat je daar echt expliciet rekening mee houdt als je naar inrichting gaat. Kortom: het voegt niet speciaal een nieuwe eis toe, maar u zegt wel: let erop, het verdient onze volle aandacht. Dat brengt mij bij de moties, allereerst de motie Safe Streets in openbare ruimte. Voor het eerste dictum laat ik het woord straks graag over aan onze burgemeester, want dat gaat meer over Safe Streets als principe voor de hele stad. Ik kan wel antwoorden voor het stuk over de buitenruimte. Mocht u dit op basis van wat de burgemeester straks gaat zeggen een goed idee vinden voor de hele stad, dan is het stuk openbare ruimte goed in te vullen.
Wij kunnen dat dus goed uitvoeren. Dat neemt niet weg dat wij nu ook expliciet aandacht hebben voor hotspots in de openbare ruimte; dat geldt eigenlijk ook voor andere moties en amendementen over veiligheid. We hebben een aantal jaren achter elkaar heel expliciet aandacht besteed aan hotspots. Dat leidde er in het begin toe dat er veel meldingen waren, die we ook hebben aangepakt. Hoewel wij dezelfde aandacht bleven geven aan het vragen om hotspots, nam het aantal meldingen wel af, waaruit wij voorzichtig constateerden dat de stad daarmee echt veiliger is geworden. Ook in de toekomst kunnen wij die aandacht weer blijven geven. 44
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
Dan motie 6.2.2, Veilige straten voor iedereen. Volt zou speciaal opletten als ik iets zou ontraden; ik ga deze motie ontraden. Veiligheid is uiteraard hartstikke belangrijk, zoals we zojuist ook aangaven op het punt van de inrichting, maar dit vraagt veel meer. We hebben al heel veel aandacht voor veiligheid in de wijken, en hotspots die worden gemeld, pakken we al aan. Echt per wijk hier een hele inventarisatie van maken en een heel uitvoeringsplan maken zouden iets vragen wat heel veel overlap heeft met de zaken die wij nu doen. Daarom ontraden wij deze motie. Ten slotte de motie Borg de buurten binnen de binnenstad. Ik denk dat ik daar zojuist genoeg over heb gezegd. Deze motie dient ook alleen als reserve als het amendement niet wordt aangenomen. Wethouder HUIJSMANS: Voorzitter. Ik ga met name in op de opmerkingen van de SP over de voetganger op 1. Dat beleid is onlangs hier in de raad vastgesteld. Dat is ook gewoon een van de uitgangspunten die straks gelden als in de openbare ruimte zaken worden heringericht of als punten op een andere manier aan de orde komen. Daarbij is er zeker ook aandacht voor plekken om onderweg even uit te kunnen rusten als je moe bent van het lopen, maar dat staat soms op gespannen voet met hoe bewoners ertegen aankijken als er een bankje voor hun deur staat. Maar we horen uw verhaal en we geven aan dat we daar zeker aandacht voor hebben.
Wat de openbare binnenruimte betreft: dat maakt met name dat het bij bepaalde maatschappelijke functies en bij waar je scholen plaatst, heel belangrijk is om hierover na te denken, omdat daarbinnen natuurlijk ook zaken georganiseerd kunnen worden, ook door bewoners van de stad. We zien ook vanuit allerlei maatschappelijke voorzieningen dat we steeds meer oog krijgen voor hoe we dat moeten meenemen, bijvoorbeeld in stedelijk programmeren. Juist het feit dat je daar openbare plekken kunt maken, is een belangrijk uitgangspunt. Daar hebben we dus zeker oog voor. Dat staat niet in deze visie, maar dat is wel zeker meegenomen. De VOORZITTER: Wethouder Van Vliet verwees al even naar het eerste dictum over de campagne van UN Women om van Delft een Safe Streets-gemeente te maken. Ik heb daar met de indiener even over gesproken. Namens het college maar ook vanuit mijn bevoegdheid kan ik toezeggen dat ik met die organisatie in overleg zal treden over de vorm waarin en hoe we dat gaan doen. Ik heb even wat meer tijd nodig om daarnaar te kijken, maar als deze motie wordt aangenomen, is heel duidelijk waar de raad mij toe oproept. We hebben de eerste termijn van de raad en van het college gehad. Er is behoefte aan een tweede termijn. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Voorzitter.
Ik neem het stokje van mijn collega even over, omdat ik op een avond ben geweest die hier in het stadhuis werd georganiseerd en waarbij de politie is langsgekomen en diverse commissie- en raadsleden heeft toegesproken. Ik heb toen gevraagd: erkent u dat er een andere belevingswereld bestaat op het punt van het veiligheidsgevoel, los van de cijfers uit de Omnibusenquête? Daarop zei de politie ten overstaan van iedereen, ook 45
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
voormalig burgemeester Marja van Bijsterveldt, heel duidelijk: ja, dat erkennen wij; die is er. Wij hebben cijfers en daar maken we beleid op, maar dat strookt niet met die andere belevingswereld. Deze motie roept ertoe op om dat gevoel van die inwoners eindelijk te erkennen. Dat zouden we moeten doen. Dat zou niet ontraden moeten worden; daar zouden we juist werk van moeten maken. De politie zegt het, alle mensen in Delft zeggen het en die Omnibusenquête is maar een momentopname. Voor Volt: wij hebben met Volt een motie ingediend om werk te maken van die andere belevingswereld. Ik zou dus nog even goed naar Volt willen kijken en terug willen roepen: bedenk dat deze motie ook van jullie kant kwam. De heer KRISHNASING (VVD): Voorzitter. Mocht er onduidelijkheid zijn geweest over mijn bijdrage aan het begin: iedere vorm van intimidatie tegen welke groep dan ook is echt absoluut een no-go. We vielen zojuist over een term, maar dat mensen belaagd worden op straat - iedereen kent wel iemand die daar last van heeft en ik heb er zelf ook weleens last van - is echt uit den boze. Mocht u mij verkeerd hebben begrepen, mevrouw De Koning, weet dan dus dat het om een andere definitie ging.
Wat het amendement Expliciet benoemen veiligheid in de Visie Openbare Ruimte betreft: gehoord de wethouder en de reactie daarop en na navraag van mijn collega mevrouw Van den Berg bij de mede-indieners - ja, er gaat intussen een heel cirkeltje rond - is er geen bezwaar tegen om het zo te laten. Het gaat namelijk om de oproep om het te borgen in het visiedocument. Mochten andere partijen echt fundamentele bezwaren hebben, laat dat dan vooral weten. Dan kunnen we altijd met elkaar in gesprek gaan. De heer TREFFERS (Volt): Voorzitter. Onafhankelijk Delft heeft helemaal gelijk: wij hebben eerder juist gevraagd om die kwalitatieve gegevens, naast bijvoorbeeld de Omnibusenquête. De motie is ietwat stellig. Ik kan me voorstellen dat de wethouder dit misschien te groot vindt, maar wij gaan wel voorstemmen, juist omdat wij het heel belangrijk vinden dat wij ook als raad zicht hebben op die kwalitatieve gegevens over hoe mensen zich voelen en op welke punten in de wijk dat aan de orde is. Wij zullen dus voorstemmen. We vinden het oké als de wethouder dit misschien iets anders uitvoert dan hoe Onafhankelijk Delft het voor ogen heeft. Dat maakt dat we vanavond bij dit onderwerp voor alles gaan stemmen; dat is heel vrolijk. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Voorzitter. Heel kort over veiligheid.
Ook gelet op de beantwoording door de wethouder steunen wij het amendement van de VVD, maar zullen wij tegen de motie van Onafhankelijk Delft stemmen. De heer VALK (CDA): Voorzitter. Ik heb een vraag aan de wethouder over het amendement Basiskwaliteit Natuur. Ik begreep uit de beantwoording dat het eigenlijk een bevestiging is van wat we toch al deden, maar dat het goed is om dit hier nog even neer te zetten. Ik wil de expliciete zekerheid dat dit amendement, als het aangenomen wordt, niet leidt tot een grotere kans dat projecten in de toekomst stilgezet worden omdat er toch een extra norm binnengeslopen is. Als de wethouder dat kan garanderen, zullen we voorstemmen en anders tegen. 46
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025
De heer ANALIKWU (D66): Voorzitter. Na de reactie van het college op de motie Borg de buurten, waarin werd aangegeven dat de aanpak wordt gehanteerd over de hele stad, kunnen we deze motie steunen, want dat is precies hoe wij het graag willen zien. Wethouder VAN VLIET: Voorzitter. Ik geef antwoord op de vraag van de heer Valk: dat klopt; er worden geen nieuwe randvoorwaarden, eisen of doelstellingen toegevoegd. Het zijn puur de eisen die er al zijn vanuit de Visie Groen en Biodiversiteit die hier nog eens worden benadrukt. Er is nogmaals gesproken over de veilige straten voor iedereen. Nogmaals en uitdrukkelijk: daar waar het gaat om de inrichting van de openbare ruimte, zien wij geen aanleiding om hier een dergelijke grote inventarisatie te doen. Bij de inrichting van de straten heeft veiligheid onze volle aandacht. Het wordt ook expliciet genoemd als basisvereiste bij de inrichting van de openbare ruimte én wij kennen de aanpak dat als mensen hotspots melden, wij daarmee aan de slag gaan. Ik denk dat de portefeuillehouder Veiligheid, de burgemeester, straks nog iets hierover kan zeggen. De heer KRISHNASING (VVD): Om helemaal bij de woorden van mevrouw Van den Berg te blijven: ik heb nog even gekauwd op het amendement Basiskwaliteit Natuur.
STIP refereerde er al aan: als de wethouder zegt dat dit al beleid is, wat voegt dit amendement dan echt toe? Wat gaan we anders doen? Wat verandert er? Wethouder VAN VLIET: Wat de Basiskwaliteit Natuur teweegbrengt: daar wordt in het uitvoeringsprogramma uitvoering aan gegeven door voor de wijken te kijken wat in de wijk de specifieke aandachtsgebieden zijn voor biodiversiteit. Wat hier staat, is: als u de openbare ruimte inricht, let er dan op dat u daar ook rekening mee houdt. Dat wordt hierdoor benadrukt. De VOORZITTER: Mevrouw Timmermans verwees nog even naar mijn verantwoordelijkheid en zij citeerde de politie. Laat ik het heel duidelijk zeggen; volgens mij is dat nu ook de aard van dit debat. Ik snap uw gevoelens en uw aandacht voor dit onderwerp echt, maar om in alle wijken een heel onderzoek te laten doen naar het gevoel van veiligheid … Ik denk echt dat u met de uitkomst heel weinig kan. Als ik de komende tijd ergens inzet voor wil doen, is dat blauw op straat en niet blauw in onderzoek. Ik hoop echt dat u ons daar ook de ruimte voor geeft.
Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Het zou toch niet zo mogen zijn dat we eigenlijk alleen op basis van de cijfers van de Omnibusenquête beleid maken? Daar komt best een hoog cijfer uit; iedereen voelt zich dus superveilig in Delft, behalve als we iets organiseren, waar u zelf bij bent geweest, en behalve als we in de wijken gaan praten. Er zijn genoeg mensen die geen idee hebben dat er een wijkagent is. Volgens mij doen we helemaal niet genoeg. Wat is daarop uw reactie? Hoe gaat het beleid ingericht worden - waar wij als raad straks dan weer iets over mogen zeggen - als die andere beleving van veiligheid niet wordt meegenomen?