4. Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 12 mei 2026
Tekst van het document
Ik hoop ook dat we daar niet komen. Dat is de hoofdlijn van de vragen daarover. Over de motie heb ik geen extra vragen gekregen vanuit de raad. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): De wethouder geeft aan dat zij het risicodossier inderdaad kan opleveren. Kan ik dat noteren als een toezegging? Wethouder SCHREDERHOF: Zeker. 50
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
Mevrouw ELSINGA (Volt): Ik had ook gevraagd of het college kan aangeven op welke termijn de betrokken turnverenigingen weer actief worden meegenomen, zodat hun continuïteit ook gewaarborgd kan blijven. Wethouder SCHREDERHOF: Volgens mij zei ik net dat er recent een afspraak met ze is gemaakt; daarbij keek ik u ook even aan. Die afspraak is recent met hen gemaakt, maar die twee processen hoeven niet per se gelijk te lopen. Wel financieel, want daar zit een verschuiving in, maar dit betekent niet dat Ring Pass en de turnverenigingen in hun processen keihard aan elkaar zitten. Dat is niet zo. Het is een apart traject. Mevrouw ZINKWEG (PvdD): Wethouder, bent u van mening dat de hockeyclub een functie en verantwoordelijkheid heeft in de samenleving, maar misschien ook een verantwoordelijkheid en een functie in de omgeving heeft? Wethouder SCHREDERHOF: Ik weet niet of ik uw vraag goed interpreteer, maar de hockeyvereniging is vooral in het leven geroepen om goed hockeyles te geven en een hockeylocatie te realiseren. Daarvoor heeft zij heel veel vrijwilligers nodig; dat geldt trouwens voor elke vereniging, in iedere sport. Die maatschappelijke rol vervullen ze al. We kijken naar de sportsector ook als naar een maatschappelijke functie. Die vullen ze in, maar er zijn grenzen aan wat ze aankunnen. De VOORZITTER: Dit lijkt me voor de eerste termijn voldoende.
Of was de wethouder niet duidelijk? Anders zou ik zeggen: doe het in de tweede termijn. Meneer Paas heeft toch nog een vraag. De heer PAAS (PRO): Ja, over de motie van de Partij voor de Dieren. In beginsel zijn wij pro een natuurinclusieve ruimtelijke omgeving. Er is net wel iets uitgewisseld over het risico van het opnieuw moeten aanvragen van een omgevingsvergunning. Ziet de wethouder dat risico ook indien de motie van de Partij voor de Dieren zou worden uitgevoerd? Wethouder SCHREDERHOF: Nee, ik denk dat de motie niet leidt tot herziening van de omgevingsvergunning, omdat die echt heel erg in de openbare ruimte ontwikkeld wordt. Ik denk dus dat ze los van elkaar kunnen worden gezien. Daar zie ik gewoon het risico dat er € 35.000 op een andere manier bespaard lijkt te worden, terwijl je tegelijkertijd meer menskracht en meer onderhoud nodig hebt. Daar zit het vraagstuk. Dat gaat niet direct over die € 35.000, maar over wat wij nog een keer van de vereniging gaan vragen. De VOORZITTER: Nee, dit is niet het moment om vragen te blijven stellen, mevrouw Zinkweg. We gaan nu gewoon schorsen. Er is ruimte nodig om in ieder geval na te denken over het bijstellen van zaken. Het is nu, afgerond, 21.55 uur. Ik schors tot ten minste 22.05 uur, zodat u een goede tien minuten heeft voor overleg. De vergadering wordt enige tijd geschorst. 51
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
De VOORZITTER: Voordat we beginnen aan de tweede termijn: door het tempo dat ik er vandaag in had, hebben wij niet geroffeld bij mevrouw Pico-Rikers. (Geroffel op de tafels) Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Wij hebben ook niet geroffeld voor mevrouw Legtenberg. De VOORZITTER: Allemaal een roffeltje! (Geroffel op de tafels) De VOORZITTER: Zijn er nog anderen die zich tekortgedaan voelen? Nee, dat is niet het geval. We hebben inmiddels een bijgesteld amendement 7.3.A1 (Investeer in de sport zelf) van mevrouw Pico-Rikers. Dat is rondgedeeld en staat ook online. Daar kunt u dus kennis van nemen. Dat was ook het resultaat van de schorsing. We gaan nu naar de tweede termijn. Mevrouw GROBBEN (PVV): Voorzitter. De kosten lopen flink op en dat lijkt al bijna normaal te worden. Wat de PVV betreft is elke euro extra er één te veel; tenminste, als het niet echt nodig is. Dank aan Hart voor Delft voor de aanpassing van het amendement. Wij zullen dat steunen, want het amendement is nu voor ons logisch: eerst de sport op orde en pas daarna de luxe extra's. De motie van de Partij voor de Dieren kunnen wij niet steunen, want wij vinden dat we een financieel gat niet moeten oplossen met groene hobby's. Mevrouw ZINKWEG (PvdD): Voorzitter. We hebben zojuist een gesprekje gehad met de wethouder.
Gezien de onduidelijkheid over de mogelijkheid in de tijd van het proces van uitvoering wil de wethouder gaan uitzoeken of het nog mogelijk is om überhaupt een wijziging aan te brengen en natuurvriendelijke oevers aan te leggen. Ik vraag de wethouder of zij wil toezeggen dat zij dit gaat uitzoeken, dat zij ook gaat uitzoeken hoe Ring Pass hierin staat en dat zij dit gesprek samen met Natuurlijk Delfland bij Ring Pass gaat voeren. De VOORZITTER: We gaan straks van de wethouder horen of zij daartoe bereid is. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Voorzitter. We zijn natuurlijk ontzettend blij dat Hart voor Delft het amendement heeft aangepast. Zoals in de eerste termijn aangekondigd zullen wij het amendement in deze vorm steunen. De heer VISSER (CDA): Voorzitter. Dat geldt ook voor onze fractie. De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Dan ben ik heel benieuwd wat die aanpassing is.
52
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
De VOORZITTER: Misschien kan de wethouder straks duidelijkheid geven over het geheel. Mevrouw PICO-RIKERS (Hart voor Delft): Voorzitter. Ik zal de aanpassing toelichten. Het voorstel in het amendement bestond uit de onderdelen a, b, c en d. De aanpassing is dat er nu een besparing zal zijn van € 175.000. Dat gaat alleen over de fietsbrug en niet over het afzwakken van de klimaatadaptieve eisen. Het gewijzigde amendement 7.3.A1 (Investeer in de sport zelf) van Hart voor Delft luidt: "De gemeenteraad van Delft, bijeen op de vergadering van 12 mei 2026, bespreekt het agendapunt Herallocatie investeringskrediet ten behoeve van hockeyvereniging Ring Pass (2613168): Besluit: Beslispunt 1 van het voorliggende raadsbesluit als volgt te wijzigen: Was: 1. Het investeringskrediet ten behoeve van 'Velden Ringpass' te verhogen met € 2,5 miljoen; Wordt: 1. Het investeringskrediet ten behoeve van 'Velden Ringpass' te verhogen met € 2,325 miljoen; En de bij het raadsbesluit bijgevoegde 7e begrotingswijziging op de programmabegroting 2026-2029 conform aan te passen. Toelichting Met dit amendement wordt voorgesteld de verhoging van het investeringskrediet ten behoeve van 'Velden Ringpass' te verlagen van € 2,5 miljoen naar € 2,325 miljoen.
De besparing van € 175.000 kan worden gerealiseerd door het uitvoeren van de in de bijlage 1 bij het raadsvoorstel genoemde besparingsmogelijkheid onderdeel d. Hart voor Delft onderschrijft het belang van goede sportfaciliteiten, maar legt de prioriteit bij de sportvoorziening zelf en stelt voor om af te zien van extra's zoals de langere fietsbrug. Door het uitvoeren van de in de bijlage 1 bij het raadsvoorstel genoemde besparingsmogelijkheid d kan een besparing van meer dan € 175.000 worden gerealiseerd, die mogelijk weer ten goede kan komen aan andere (sport)voorzieningen voor Delftenaren." Wethouder SCHREDERHOF: Voorzitter. Ik start met de afspraak waar we het zojuist over hadden. De Partij voor de Dieren wil graag dat we met Ring Pass in gesprek gaan en dan kijken of je met ondersteuning van de andere partij het mogelijk kan 53
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
maken om een groenere oever te maken en het beheer beter te regelen. Dat kan alleen als de aanbesteding nog niet loopt op dit traject; daar hadden we het zojuist over. Die aanbesteding loopt wel. Ik heb zojuist een ambtelijke reactie gekregen: dit maakt het onmogelijk om dit er nu uit te halen. Wel is het goed dat we hiervan heel erg hebben geleerd dat het goed is om aan de voorkant, misschien met deze beide partijen, toch een keer een gesprek te voeren, wellicht niet om het hier in te voeren maar wel om met elkaar te kijken of dit voor de toekomst niet toch een oplossing is die we veel breder zouden kunnen inzetten. Maar het zit al in de aanbesteding. Dat maakt het lastiger, maar ik wil u best de toezegging doen dat we toch kijken - niet op deze locatie - hoe zo'n soort samenwerking veel meer vorm kan krijgen. Wat het aangepaste amendement betreft: ook bij het weglaten of verplaatsen van de brug lopen wij het risico dat we opnieuw een omgevingsvergunning moeten aanvragen. En we hebben dan ook nog iets te regelen met het hoogheemraadschap. Wat dat betreft is er voor mij dus niet zo vreselijk veel gewijzigd, want ook hier zit een risico in, ook een risico van veel later starten of het niet verkrijgen van de omgevingsvergunning.
Ik blijf er dus bij dat dit amendement, hoe duidelijk het ook geformuleerd is, wat mij betreft niet ten uitvoer gebracht zou moeten worden, want dan leggen we het werk stil. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Om het te begrijpen: op basis van welke afwegingen, misschien juridische afwegingen, denkt de wethouder dat met het inkorten van die fietsbrug een volledig nieuwe omgevingsvergunning nodig is? Wethouder SCHREDERHOF: Dat is natuurlijk altijd afwachten, want je hebt andere partijen nodig die daar met je naar kijken. Het vraagt dus tijd én het is een risico. Dat risico is altijd aanwezig, zeker ook omdat we daarover ook afspraken hebben met het hoogheemraadschap. Dat vraagt dus echt gewoon om nieuw overleg. Mevrouw VAN DEN BERG (VVD): Vanuit de antwoorden op mijn technische vragen heb ik begrepen dat de fietsbrug pas veel later in het traject van de herontwikkeling van dit gebied zit. Klopt het dus dat we voor die fietsbrug juist tijd hebben? Wethouder SCHREDERHOF: Ja, tegelijkertijd heb je nog steeds een omgevingsvergunning nodig. Het risico dat je die niet of niet op tijd krijgt, is er dus nog steeds. We zouden moeten kijken hoe die dingen in het proces achter elkaar liggen, maar die zitten natuurlijk dicht op elkaar. Als je iets wijzigt en het proces, ook intern, met organisaties opnieuw langs moet lopen, zit daar altijd een risico.
Mevrouw ZINKWEG (PvdD): Wethouder, vanaf wanneer loopt de aanbesteding? Wethouder SCHREDERHOF: Dat weet ik niet in detail, maar zij loopt op dit moment al. Ik heb dit ambtelijk gevraagd, omdat men wist dat dit een mogelijke vraag was die we ook van u zouden krijgen. Dit loopt al in de aanbesteding. Dat betekent dat je moet afwachten wat er uit die aanbesteding komt.
54
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
De VOORZITTER: Volgens mij kunnen we overgaan tot de stemmingen over het amendement, de motie en het raadsvoorstel. Nee, er is toch nog een vraag. De heer PAAS (PRO): Er is net een toezegging gedaan aan de Partij voor de Dieren. Moeten wij nu nog stemmen over die motie? Wethouder SCHREDERHOF: Ja, ik heb een toezegging gedaan. Ik heb aangegeven dat dit in de aanbesteding zit. Laat ik het heel helder formuleren: ik geef dus aan dat we het niet kunnen wijzigen, omdat in de aanbesteding nog de traditionele vorm van beschoeiing zit. Ik hoor dat het belangrijk is om er op termijn voor te zorgen dat we ook die andere optie veel meer handen en voeten geven en daar ook andere partijen bij betrekken. Los van de vraag of het uitgevoerd kan worden, denk ik dat we Ring Pass kunnen vragen: stel dat we langsgekomen waren, hoe zouden jullie dan gereageerd hebben, hoe ga je om met een partij die daar hulp bij kan bieden en hoe ziet dat er dan uit? Dat gesprek zou ik best willen organiseren, niet per se voor deze locatie, maar wel voor het vervolg. Dat mag u als een toezegging zien. De VOORZITTER: De wethouder zegt dus toe al het mogelijke te doen om tegemoet te komen aan de gedachte van de motie, maar procedureel loopt nu al het een en ander wat de wethouder en het college zou kunnen binden. Maar er is de toezegging om daartoe een uiterste poging te doen.
Als dit voldoende is voor mevrouw Zinkweg, zou de motie overbodig kunnen zijn met deze toezegging, die zij heeft losgepeuterd. Mevrouw ZINKWEG (PvdD): Ik vind het een heel mooie toezegging. Ik denk dat er afgesproken moet worden dat bij elk project dat in de omgeving opgebouwd wordt dit soort onderdelen standaard meegenomen moeten worden. Wat mijn motie betreft: ik ben niet gewend om bij een nee meteen te stoppen. Bij aanbestedingen kan er volgens mij ook nog steeds doorgepraat worden, want er kan altijd iets veranderen. Ik twijfel nu dus heel erg. Ik ben op zich benieuwd wat de rest van de raad hiervan vindt. Als ik daarnaast die toezegging mag houden, laat ik de motie graag staan. De VOORZITTER: Dat kan ook. Dan doen we het zo dat u al een toezegging heeft en dat u toch een uitspraak van de raad uitlokt. Dat kan een extra motivatie voor de wethouder betekenen of het kan betekenen dat u geen meerderheid heeft, maar de wethouder heeft toch al de toezegging gedaan om hier in de toekomst serieus naar te kijken. Mag ik het zo samenvatten? Wethouder SCHREDERHOF: Als de motie wordt aangenomen en het een verplichting is om dit uit te voeren, terwijl we midden in de aanbesteding zitten, hebben we juridisch een heel groot probleem, want ik kan niet zomaar aan die aanbesteding komen. Ik kan de motie dan dus niet uitvoeren.
De VOORZITTER: Dat zou er dus toe moeten leiden dat de wethouder de motie ontraadt. Het is nu aan mevrouw Zinkweg of ze de motie toch in stemming wil laten brengen. Ik snap dat dit best ingewikkeld is voor een eerste afweging, maar ik zou zeggen: de toezegging is binnen en niet alleen voor dit geval, maar ook voor de toekomst. Ik denk dat dat toch klinkt als iets behoorlijks, maar het is aan u. 55
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
Mevrouw ZINKWEG (PvdD): De situatie die geschetst wordt, kan inderdaad ontstaan. Dat is de negatieve kant. Het kan ook een positieve kant op rollen, zodat dit wél mogelijk is met alle hierbij betrokken partijen, inclusief de aannemers. Voor de natuur maak ik dus toch een sprongetje en ga ik waar dat niet kan. Ik denk niet dat ik veel te verliezen heb door de motie wel in stemming te laten brengen. De VOORZITTER: Het staat u vrij om de motie in stemming te laten brengen, maar voor alle helderheid: de wethouder heeft heel duidelijk aangegeven dat, als de motie aangenomen wordt, het kan zijn dat de wethouder de motie niet kán uitvoeren. Dat is in dit geval dus niet een kwestie van willen maar van kunnen. Als u zich daar allemaal bewust van bent, sluit ik de beraadslaging en gaan we nu over tot de stemmingen. Volgens mij hebben we de stemverklaringen al min of meer gehad. Ik zie dat er toch nog behoefte is om stemverklaringen af te leggen. Mevrouw LEGTENBERG (STIP): Voorzitter. Wij zullen tegen de motie van de Partij voor de Dieren stemmen omdat we de motie overbodig vinden in combinatie met de toezegging van de wethouder, hoewel we het idee sympathiek vinden. Mevrouw ELSINGA (Volt): Voorzitter. Wij sluiten ons aan bij de observatie van STIP. De heer PAAS (PRO): Voorzitter.
De fractie van PRO heeft een soortgelijke argumentatie en zal ook tegen het nieuwe amendement van Hart voor Delft stemmen. In stemming komt het gewijzigde amendement 7.3.A1 (Investeer in de sport zelf) van Hart voor Delft. Het gewijzigde amendement wordt met een digitale stemming verworpen met 12 tegen 23 stemmen, waarbij de fracties van het CDA, FVD, Hart voor Delft, de PVV en de VVD ervoor hebben gestemd. In stemming komt motie 7.3.1 (Win-win door een natuurvriendelijke oever) van de PvdD. De motie wordt met een digitale stemming verworpen met 2 tegen 33 stemmen, waarbij de fracties van de PvdD en de SP ervoor hebben gestemd. In stemming komt het voorstel. Het voorstel wordt met een digitale stemming aangenomen met algemene stemmen. (Geroffel op de tafels.) De VOORZITTER: Het is een roffelavondje.
56
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
79. Collegebrief Voortgangsrapportage Ruimte in de Binnenstad, autoluw-plus, nul emissie en logistiek (2602006, 2602022, 2607092, 2612154, 2613162, 2613165, 2617248). De VOORZITTER: Er zijn zeven moties aangekondigd: motie 7.5.1 (Intrekken uitbreiding en herstel parkeercapaciteit autoluw-plusgebied) door de heer Van Rij van Forum, motie 7.5.2 (Eerst meten wat werkt alvorens verdere uitbreiding autoluwplusgebied) door de heer Krishnasing van de VVD, motie 7.5.3 (Autoluw is niet autovrij) door mevrouw De Jongh Swemer van Hart voor Delft, motie 7.5.4 (Laat mantelzorgers mantelzorgen) door de heer Sarkisian van het CDA, mede namens Hart voor Delft, de VVD en de PVV, motie 7.5.5 (Inclusieve autoluwe binnenstad) door mevrouw Elsinga namens Volt, maar ook namens de ChristenUnie, het CDA, Hart voor Delft en PRO, motie 7.5.6 (Geleidelijke overgang scooterverbod voor bewoners binnenstad) door mevrouw De Jongh Swemer van Hart voor Delft en motie 7.5.7 (Voorwaarden bij aanschaf en/of het gebruik van planten met betrekking tot uitbreidingsgebied van het autoluw-plusgebied en de Gasthuisplaats) door mevrouw Zinkweg van de Partij voor de Dieren. We beginnen met de maidenspeech van de heer Van Rij van Forum voor Democratie. Dit neemt niet weg dat u na afloop vragen kunt stellen. De heer VAN RIJ (FVD): Voorzitter.
Traditiegetrouw is een maidenspeech het moment waarop een nieuw raadslid zichzelf voorstelt. Niemand mag interrumperen. U hoort wie ik ben, waar ik vandaan kom en wat mij naar deze zaal heeft gebracht, maar wat heeft de Delftenaar daaraan? Helemaal niets. Dus gaat deze Delvenaar het vanavond anders doen. Ik sta hier namelijk niet voor mijzelf. Ik sta hier namens al onze kiezers die ons een mandaat hebben gegeven. Dat mandaat is helder: opkomen voor de Delftenaar en voor de stad die wij koesteren, want Delft is niet zomaar een gemeente. Het is de stad van Johannes Vermeer, van de Nieuwe Kerk, waar Willem van Oranje begraven ligt, van het wereldberoemde vakmanschap van Royal Delft en van een technische universiteit die tot de beste ter wereld behoort. In deze stad ligt onze identiteit, opgebouwd door onze voorvaderen, generatie op generatie, maar dit college laat hen in de steek, want we zien dat er keer op keer beslissingen worden genomen die niet worden gedragen door onze inwoners. Denk aan het azc op Sportpark Brasserskade: meer dan 2.300 handtekeningen en acht sportverenigingen in protest. Desondanks wil het college het besluit niet heroverwegen. Denk aan de nieuwe emissiezone, die ondernemers financieel knelt. Denk aan de woningmarkt, waar dit college niet durft op te staan voor de Delftenaar en zelfs meer woningen aan statushouders wil geven dan de wettelijke taakstelling.
En denk aan het autoluw-plusgebied, het onderwerp van vanavond, waarvoor bewoners massaal aan de bel trekken. Dit is geen overdrijving; dit is de realiteit. De Delftenaar wordt niet vertegenwoordigd in zijn eigen stad. Dat gevoel krijgt vanavond een gezicht. Het college schrijft in de voortgangsrapportage van november 2025 letterlijk: "Alleen als er voldoende parkeerruimte beschikbaar is, kunnen we verantwoord verdergaan met de uitbreiding". Dit zijn hun eigen woorden en dus hun eigen voorwaarden. Daartegenover zien we dat meer dan 100 bewoners uit de Zusterlaan, de Torenstraat en het Gashouderpad een petitie ondertekenen, dat ouderen schrijven dat hun mantelzorgers hen niet meer kunnen bereiken en dat de 57
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
Belangenvereniging Binnenstad Noord en de Belangenvereniging Zuidpoort signaleren dat de parkeerdruk doorschuift naar omliggende straten. Maar toch is de uitbreiding op 1 februari gewoon doorgegaan, terwijl wij zien dat de auto voor veel Delftenaren geen luxe maar een noodzaak is. Dit beleid treft de gewone Delftenaar altijd het hardst. Dat zijn juist de mensen voor wie wij hier moeten staan. Woorden alleen zijn niet genoeg. Zelfs andere partijen dienen vanavond moties in die erkennen dat Delftenaren worden geraakt door dit beleid, maar zij kiezen voor evalueren. Wij kiezen voor handelen. Daarom dien ik vanavond in mijn eerste raadsvergadering een motie in die vraagt om intrekking van de uitbreiding van het autoluw-plusgebied van 1 februari 2026 en om herstel van de parkeercapaciteit, omdat er niet wordt voldaan aan de eigen voorwaarden van dit college, omdat de signalen van inwoners zijn genegeerd en omdat de gemeenteraad als volksvertegenwoordiging de plicht heeft de inwoners van Delft te vertegenwoordigen. Iedereen in deze zaal krijgt straks de kans om te laten zien aan welke kant zij werkelijk staan. Forum voor Democratie Delft zal altijd kritisch zijn op het beleid dat dit college voert en zal kritisch volgen of de weg die het college heeft ingeslagen, de juiste is of dat die doodloopt.
Want wij zijn hier om de Delftenaar te vertegenwoordigen, scherp, standvastig en zonder omwegen. De oudere die haar mantelzorger niet meer kan ontvangen, de ondernemer wiens binnenstad onbereikbaar wordt gemaakt, de inspreker die komt inspreken en merkt dat zijn mening er niet toe doet; wij zijn hun stem en die stem gaan wij hier de komende vier jaar laten horen. Door de fractie van FVD wordt motie 7.5.1 (Intrekken uitbreiding en herstel parkeercapaciteit autoluw-plusgebied) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 12 mei 2026, bij de behandeling van agendapunt 7.5: Collegebrief Voortgangsrapportage Ruimte in de Binnenstad, autoluw-plus, nul emissie en logistiek; constaterende dat:
per 1 juli 2025 parkeerplaatsen in het uitbreidingsgebied zijn opgeheven aan de Brabantse Turfmarkt, Gasthuislaan, Gasthuisplaats, Gasthuissteeg, Koornmarkt, Molslaan, Pieterstraat en Vrouwjuttenland; meer dan honderd bewoners uit de Zusterlaan, de Torenstraat en het Gashouderpad een petitie hebben ondertekend omdat hun straten de parkeeroverloop van de binnenstad zijn geworden; de Belangenvereniging Binnenstad Noord en de Belangenvereniging Zuidpoort een waterbedeffect signaleren in de omliggende straten van het autoluw-plusgebied; het college in de Voortgangsrapportage Ruimte in de Binnenstad van november 2025 letterlijk stelt: 'Alleen als er voldoende parkeerruimte beschikbaar is, kunnen we verantwoord verdergaan met de uitbreiding';
overwegende dat: 58
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
de auto voor veel inwoners en ondernemers geen luxe maar een noodzaak is; dit beleid aantoonbaar ten koste gaat van inwoners die afhankelijk zijn van de auto, zoals ouderen, mantelzorgers en mensen die slecht ter been zijn; brieven en petities van bewoners al vóór de uitbreiding van 1 februari 2026 op tafel lagen, maar niet hebben geleid tot aanpassing van het beleid; de uitbreiding van het autoluw-plusgebied per 1 februari 2026 is doorgegaan, terwijl niet wordt voldaan aan de eigen voorwaarde van het college voor verantwoorde verdere uitbreiding; de gemeenteraad als volksvertegenwoordiging de taak heeft de inwoners van Delft te vertegenwoordigen;
verzoekt het college:
het verkeersbesluit voor de uitbreiding van het autoluw-plusgebied van 1 februari 2026 in te trekken en de bijbehorende toegangsbeperkingen op te heffen; het verkeersbesluit van 1 juli 2025 waarbij parkeerplaatsen in het uitbreidingsgebied zijn opgeheven te herzien, en de parkeercapaciteit in het gebied in voldoende mate te herstellen zodat inwoners en ondernemers hun dagelijkse behoeften kunnen vervullen,
en gaat over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Dank u wel, meneer Van Rij. Uw maidenspeech was bevlogen, met een duidelijk historisch geweten, dat u motiveert. Ik hoorde alles rond wegen en auto's. Het lijkt alsof alle beeldspraak daaromheen gevonden is. Dat is u goed gelukt. Ook u wensen we de komende vier jaar heel veel succes. (Geroffel op de tafels.) De heer KRISHNASING (VVD): De heer Van Rij zei dat dit de stem van de Delftenaar is, maar in de afgelopen commissiedebatten werd door de bewoners en de ondernemers juist gezegd dat zij ook aanpassingen nodig hebben. De Delftse VVD begrijpt waar de heer Van Rij vandaan komt, maar de oproep vanuit de inwoners en de ondernemers is om voor een aanpassing te zorgen en niet voor een totale terugkeer, omdat die leidt tot een onbetrouwbare overheid. Hoe ziet Forum voor Democratie dit? De heer VAN RIJ (FVD): Zou de VVD kunnen toelichten aan wat voor aanpassingen zij denkt? De heer KRISHNASING (VVD): Dat gaat me met 6 minuten en 22 seconden niet lukken, maar de hele ondernemersvereniging, de BOB in de binnenstad, maar ook de bewoners hebben bij het inspreken heel helder gemaakt welke aanpassingen ze nodig hebben. Daarom vragen zij juist niet om een terugtrekking. Mijn vraag is dus 59
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
wie hiermee wordt geholpen, omdat de bewoners en de ondernemers aangeven dat aanpassing nodig is en niet terugtrekking. De heer VAN RIJ (FVD): Wij horen vanuit de belangenverenigingen juist dat ze wél willen dat het teruggedraaid wordt. De aanpassingen waar u het over heeft, komen volgens mij vooral doordat ze denken dat we het niet meer terug kúnnen draaien, maar we zitten hier nu na de verkiezingen met een nieuwe raad. We kunnen er als raad zeker voor kiezen om een andere koers te gaan varen, niet rijden. Ik denk dus dat het vooral is wat ze denken dat mogelijk is, maar ik denk juist dat we grote stappen kunnen maken. De heer GOMMERS (STIP): De heer Van Rij kwam met het verhaal dat Forum voor Democratie voor alle Delftenaren zou staan. Ik ben benieuwd hoe Forum voor Democratie dan de Delftenaren wil vertegenwoordigen die juist wél heel erg blij zijn met dit plan en die juist liever niet zouden willen zien dat dit teruggedraaid wordt. De heer VAN RIJ (FVD): Ik denk dat voor het overgrote deel van de mensen de auto een noodzaak is. Natuurlijk ga ik het nooit met iedereen 100% eens zijn. Dat is natuurlijk logisch, maar ik denk wel dat we op moeten staan voor de mensen die lijden onder dit beleid en dat we ook vooral moeten kijken naar het overgrote deel.
Op basis van de signalen die mijn partij krijgt, is het zeker dat het overgrote deel hier niet blij mee is en dit ingetrokken wil zien. De heer GOMMERS (STIP): U stelde net dat de stemming zou laten zien aan welke zijde van de geschiedenis we zouden staan. Ik denk dat dat een gevaarlijke uitspraak is, want uiteindelijk hebben we hier echt te maken met een democratisch proces dat we ingegaan zijn. Ook wij krijgen signalen van Delftenaren. De vraag is uiteindelijk vooral of we niet juist oplossingen zouden moeten bieden voor de paar mensen die geraakt worden, die staan tegenover de vele mensen die wél positief zijn gestemd over wat er is ingevoerd. De VOORZITTER: De laatste keer, meneer Van Rij. De heer VAN RIJ (FVD): Ik ben het er niet mee eens dat het een paar mensen zijn. Natuurlijk hebben we ouderen genoemd, maar het gaat ook om mensen die slecht ter been zijn. Het zijn er echt heel wat. Ik noem bijvoorbeeld ook gezinnen die een grote auto nodig hebben. Dit kan je dus echt niet onder zoiets kleins neerzetten. Ik ben het daar dus niet mee eens. De heer SARKISIAN (CDA): De heer Van Rij zei dat FVD wil handelen met deze motie, maar ik schat zo in dat deze motie geen meerderheid gaat halen en dus ook niks gaat doen voor de Delftenaar waar de heer Van Rij het over heeft.
Zou de heer Van Rij dan niet beter echt kunnen handelen door een motie in te dienen die daadwerkelijk concreet iets zou veranderen voor die Delftenaar?
60
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
De heer VAN RIJ (FVD): Dit ís een motie die concreet iets zou veranderen voor de Delftenaar. Alleen kiest deze raad ervoor om dat niet te steunen; tenminste, dat denkt u. Dat is aan de raad. De heer KRISHNASING (VVD): Voorzitter. De Delftse VVD wil natuurlijk ook dat de binnenstad een prachtige plek is om te wonen, winkelen en verblijven. Voor een deel ervaren ondernemers en bewoners dit, maar zij ervaren vooral ook de negatieve gevolgen van het beleid: te weinig aandacht voor kwetsbare groepen, ouderen en ondernemers. We horen veel verhalen van ouderen die afhankelijk zijn van mantelzorgers, maar ook van bewoners die nergens kunnen parkeren. Ondernemers verliezen hun klanten en parkeergarages zitten vol. In de commissievergadering is heel lang en uitgebreid gesproken over maatwerk. Dat niet alleen; vragen van de raad en vanuit de binnenstad blijven onbeantwoord. De wethouder zegt aan de slag te gaan met die vragen en de kwetsbare groepen, maar het feit dat bij die toezegging monitoring en duidelijke cijfers nog ontbreken, baart ons zorgen. Het kan ook anders. Zorg voor goede oplossingen voor bewoners en ondernemers met alternatieven, zoals een P&R-locatie en extra alternatieven voor parkeercapaciteit, voordat je het beleid nog verder uitbreidt.
Is de wethouder dit met de Delftse VVD eens? Draagvlak ontstaat immers niet door regels, maar door beleid dat in de praktijk werkt, want de binnenstad is geen experiment, zoals we al vaker hebben gezegd. Het is een plek waar mensen wonen, werken en leven. Met onze motie vragen we iets heel redelijks. De evaluatie van fase 1A loopt momenteel, terwijl het besluit over een eventuele verdere uitrol van het autoluwplusgebied niet aan de raad is. Het is een collegebevoegdheid. Daarmee dreigt de raad straks buitenspel gezet te worden. Juist daarom vinden we het belangrijk dat de raad expliciet een moment krijgt om een kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie en daarmee een verdere uitrol te bespreken. Dat is niet om de ontwikkeling tegen te houden, maar om zorgvuldig bestuur te bespreken in deze zaal. De motie vraagt dus heel simpel om eerst te evalueren, te bespreken en te verbeteren en om pas daarna verder uit te breiden. Volgens de Delftse VVD is dit in het belang van de bewoners, de ondernemers en een zorgvuldige bestuurscultuur, zodat we als raad onze taak kunnen uitvoeren. We hopen dat ook de andere partijen de democratische waarden kunnen ondersteunen.
De heer GOMMERS (STIP): Als ik de wethouder goed heb gehoord in de eerdere debatten, heeft hij duidelijk aangegeven dat eerst de evaluatie zal komen, zodat we die met de raad kunnen bespreken en daarna als raad een beslissing kunnen nemen ofwel kunnen bijsturen. Wellicht kan de wethouder daar straks op reflecteren, maar in de motie van de VVD lees ik vooral dat er een extra wensen- en bedenkingenprocedure wordt toegevoegd, juist om de processen alleen maar te vertragen. Zit de VVD er echt op te wachten dat processen worden vertraagd? De heer KRISHNASING (VVD): Het mooie scenario dat de heer Gommers schetst, hebben we ook besproken in de commissie. Het antwoord dat we toen van de wethouder kregen, was: nee, we gaan de evaluatie wel bespreken, maar de raad 61
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
heeft niet de mogelijkheid om bij te sturen. Als de wethouder straks aangeeft dat dat wél kan en als hij dat kan toezeggen, is onze motie overbodig en gaan we daarmee aan de slag. Ik hoop dus heel erg dat de wethouder de raad in de gelegenheid stelt om daadwerkelijk te kunnen bijsturen. Door de fracties van de VVD en Hart voor Delft wordt motie 7.5.2 (Eerst meten wat werkt alvorens verdere uitbreiding autoluw-plusgebied) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van dinsdag 12 mei 2026 ter bespreking van het agendapunt inzake 'Collegebrief Voortgangsrapportage Ruimte in de Binnenstad, autoluw-plus, nulemissie en logistiek', constaterende dat:
de uitbreiding van het autoluw-plusgebied (fase 1A) is afgerond en gevolgen heeft voor bewoners, ondernemers en bezoekers van de binnenstad; de wethouder in toezegging T241017.7.1.2 heeft aangegeven de uitkomsten van de evaluatie van fase 1A ook met bewoners en ondernemers te bespreken; de raad eerder heeft gevraagd om monitoring, evaluatie en inzicht in de bezetting van parkeergarages en parkeerdruk in omliggende gebieden; de wethouder in toezegging T251110.6.9.1 heeft toegezegd te onderzoeken hoe historische data over de bezetting van parkeervoorzieningen van ParkerenDelft structureel openbaar gepubliceerd kunnen worden;
overwegende dat:
draagvlak onder bewoners en ondernemers alleen behouden blijft als beleid ook aantoonbaar werkt in de praktijk; zorgvuldige besluitvorming vraagt om zowel een kwalitatieve als kwantitatieve evaluatie van de effecten van fase 1A; bewoners, ondernemers en belangenorganisaties actief betrokken moeten worden bij deze evaluatie; momenteel een evaluatie van fase 1A wordt uitgevoerd, terwijl de verdere uitrol van het autoluw-plusgebied doorgaat; de raad voldoende gelegenheid moet krijgen om op basis van de evaluatie bij te sturen waar nodig; verdere uitbreiding van het autoluw-plusgebied (fase 1B en fase 2) pas verantwoord is als de effecten van (fase 1A) inzichtelijk zijn en eventuele knelpunten adequaat worden aangepakt;
verzoekt het college: 1. de volledige resultaten van de kwalitatieve en kwantitatieve evaluatie van fase 1A (inclusief bijlagen, uitgewerkte maatregelen en gemotiveerde afweging 62
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
waarom aanvullende maatregelen volgens het college niet nodig zijn) actief met de raad te delen; 2. de raad expliciet in de gelegenheid te stellen om op basis van deze evaluatie wensen en bedenkingen mee te geven en waar nodig bij te sturen vóór verdere besluitvorming over fase 1B en fase 2; 3. geen verdere uitbreiding of aanscherping van het autoluw-plusgebied (fase 1B en fase 2) door te voeren alvorens de evaluatie van fase 1A met de raad is besproken, en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): Voorzitter. We hebben het over Ruimte in de Binnenstad. Wij vinden het beleid zoals dat nu wordt gevoerd niet goed. We hebben het autoluw-plusbeleid en het nulemissie-eisenbeleid geagendeerd omdat Hart voor Delft niet doof is voor de terechte zorgen van bewoners en ondernemers. De bewoners en de ondernemers voelen zich als een proeftuin voor de plannen met de binnenstad. Het lijkt alsof het college toekijkt vanuit een ivoren toren en geamuseerd ziet hoe bewoners en ondernemers struggelen om het hoofd boven water te houden.
Dit college heeft oogkleppen op en kijkt maar één kant op, namelijk de "ons kent ons"-kant met "ons soort mensen", want hoeveel bewoners moeten hier nog inspreken, hoeveel brieven en petities moeten er nog komen en hoe vaak moeten ondernemers nog zeggen dat dit parkeerbeleid niet werkt? Hoeveel boetes gaat u nog uitdelen aan onze bewoners en ondernemers als ze ergens parkeren waar plek is maar waar dat nu niet meer mag of als ze met een benzine- of dieselauto hun bedrijf willen bevoorraden? Slaapt u nog goed? Want dit is wat er gebeurt. Mensen kunnen hun huis niet meer normaal bereiken. Ze kunnen hun auto nergens kwijt. Bezoek blijft weg. Eenzaamheid ligt op de loer. Klanten blijven weg. Leegstand in de binnenstad. De mantelzorg loopt vast. We dienen de moties die hier iets aan willen doen mee in. Bewoners in de binnenstad met een auto? Foei, foei; die worden naar de randen van de stad verbannen, naar plekken waar het al vol stond en waar weer nieuwe bewoners stress mogen ervaren door uw beleid. Dit college biedt geen oplossingen, maar creëert een parkeerprobleem. Eindelijk iets wat u wél voor elkaar krijgt. Dit college noemt dit "autoluw in de binnenstad", maar er wordt eigenlijk een autovrij beleid gevoerd.
Hart voor Delft wil dat u in uw autoluwbeleid ten minste recht doet aan het benutten van plekken die niet in het oog springen en die nu al meteen een verlichting van de parkeerdruk betekenen voor bewoners en ondernemers. Delft is geen openluchtlaboratorium voor experimenten met bewoners en ondernemers. Iedere plek telt voor onze mensen. Op de parkeerplek aan de Yperstraat, op de Achtersack, bij de Pieterstraat of andere plekken: er zijn allerlei plekken die op dit moment benut zouden kunnen worden, maar die door ideologie niet gebruikt mogen worden. We hopen dat u straks niet weer mooie woorden gaat gebruiken om de mensen te wijzen op milieu en klimaat, om de problemen die zij ervaren te bagatelliseren en weg te praten en om de oplossing van de oppositie te negeren, want het is duidelijk wie hier de macht heeft. Ondertussen kunnen bewoners in het openluchtlaboratorium binnenstad Delft geen vergunning voor een gewone scooter 63
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
aanvragen en mogen mantelzorgers niet met een benzinescooter op de bezoekersparkeervergunning. Die scooter moet elektrisch zijn. Zo gaat u steeds meer bepalen welke keuzes mensen hebben en dan kijken of ze zich toch redden. Daarom onze motie voor gewone scootervergunningen. Hart voor Delft staat voor mensen die dagelijks in de knel komen door besluiten van dit college, voor bewoners die hun eigen straat niet meer in kunnen en elke keer een euro moeten betalen om de straat uit te rijden, zoals we hoorden, voor ondernemers die hun klanten zien verdwijnen en voor mensen die gewoon even snel de stad in willen voor een boodschap, een cadeautje, een bloemetje. Kort parkeren, zoals we dat altijd kenden in Delft, mag niet meer. De snelle klant komt niet meer. Dat merken ondernemers. Dit beleid slaat door. Geen maatwerk, geen realiteitszin. Regels gaan gewoon voor de menselijke maat. Daarom zeggen wij: autoluw is niet autovrij. Benut de plekken die er zijn, zoals de Achtersack en de Pieterstraat, en inventariseer met bewoners wat wél mogelijk is. Maak de plekken op de Yperstraat weer bruikbaar en maak kort parkeren alstublieft weer mogelijk. Herstel in gebied A de mogelijkheid van bezoekersvergunningsparkeren en bied volwaardige alternatieven voor auto's van bewoners van gebied A en gebied B. Negeer onze bewoners en ondernemers niet langer. Luister naar ons.
Mederaadsleden, steunt alstublieft onze moties. De heer GOMMERS (STIP): In de motie wordt voorgesteld om van de Achtersack weer een parkeerterrein te maken. Het is nu een enorm versteend gebied. De gemeenteraad heeft al een motie aangenomen om de Achtersack te vergroenen door toevoeging van bomen en mooie planten. Volgens mij heeft ook Hart voor Delft daarvoor gestemd. Met deze moties stelt Hart voor Delft precies het omgekeerde voor. Is Hart voor Delft tegen het toevoegen van bomen en planten in de stad? Mevrouw DE JONGH SWEMER (Hart voor Delft): We vinden dat daar net zo goed auto's kunnen staan en dat daar niet per se bomen bij moeten. Er is daar een klein speeltuintje. Dat kan echt opgeknapt worden, want dat ziet er een beetje troosteloos uit, maar er moeten ook auto's kunnen parkeren op die plekken daar. We gaan investeren in de Gasthuisplaats, maar niet in de Achtersack. Daar kunnen gewoon auto's staan, achter de HEMA. Dat is geen probleem. Door de fractie van Hart voor Delft wordt motie 7.5.3 (Autoluw is niet autovrij) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 12 mei 2026, met betrekking tot ruimte in de binnenstad, constaterende dat:
bewoners en ondernemers van de binnenstad aangeven dat de parkeerdruk in en rond het autoluw-plusgebied te groot is geworden; bewoners zeggen dat hun woning moeilijk bereikbaar is voor zichzelf en hun bezoek;
64
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
ondernemers aangeven klanten te verliezen doordat (kort) parkeren en snelle bereikbaarheid vrijwel verdwenen zijn. Er wordt al gesproken over 25% omzetverlies; in parkeergebied A geen bezoekersvergunningen kunnen worden aangevraagd; zelfs de parkeerplaatsen aan de Achtersack en de Pieterstraat zijn opgeheven; Yperstraat parkeerplekken niet bruikbaar zijn door materialen opslag en boomwortelopdruk;
overwegende dat:
autoluw niet hetzelfde is als autovrij, al lijkt het nu wel op; iedere parkeerplek telt voor verlichting van de parkeerdruk; ook bezoekers die snel een boodschap willen doen welkom zijn in onze binnenstad; de binnenstad een gebied is waar gewoond, gewerkt en ondernomen wordt; onze leefbare binnenstad vraagt om realistische en werkbare oplossingen; maatwerk en het benutten van bestaande ruimte voor parkeren bijdragen aan draagvlak voor het beleid ondanks ongemak in de binnenstad;
verzoekt het college:
bij de aangekondigde evaluatie van autoluw-plus nadrukkelijk de gevolgen van dit beleid voor bewoners, ondernemers en bezoekers mee te nemen; op korte termijn onze bewoners en ondernemers tegemoet te komen door de volgende aanpassingen door te voeren: 1. de opgeheven parkeerplaatsen aan de Achtersack en de Pieterstraat beschikbaar stellen voor gebruik door bewoners en ondernemers uit de binnenstad; 2. de parkeerplaatsen aan de Yperstraat weer volledig bruikbaar te maken; 3. samen met bewoners en ondernemers plekken aan te wijzen waar geparkeerd kan worden in het autoluw-plusgebied omdat iedere plek telt; 4. mogelijkheden voor kort parkeren in de binnenstad in te voeren ten behoeve van bezoekers en snelle boodschappen; 5. te onderzoeken hoe bezoekers in gebied A weer beter gefaciliteerd kunnen worden; de raad hierover vóór besluitvorming over vervolgfases van autoluw plus te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag." Door de fractie van Hart voor Delft wordt motie 7.5.6 (Geleidelijke overgang scooterverbod voor bewoners binnenstad) ingediend: "De gemeenteraad van Delft bijeen op 12 mei 2026, ter bespreking van de Voortgangsrapportage Ruimte in de Binnenstad; 65
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
constaterende dat:
per 1 september 2023 is ParkerenDelft actief op de gestelde eisen bij het aanvragen en vervangen van een ontheffing voor het autoluw-plusgebied in Delft; voor een auto die op fossiele brandstof rijd ontheffing kan worden aangevraagd voor het autoluw-plusgebied; als bewoners een scooter hebben die op fossiele brandstof rijdt daar in tegenstelling tot de auto geen ontheffing voor kan worden aangevraagd omdat daarbij de eis is dat deze elektrisch moet zijn; dit verwarring schept omdat deze mensen dachten goed te doen om met de scooter in plaats met de auto de binnenstad van Delft naar huis te kunnen gaan; een auto meer vervuilt dan een scooter; dit in 2018 in de beleidsregels toen in het autoluw-plusgebied opgenomen was dat uitsluitend elektrische brom en snorfietsen een ontheffing konden krijgen;
overwegende dat:
het pretendenten schept dat je als inwoner van de binnenstad wel voor je benzine auto ontheffing krijgt maar voor je scooter niet; er geen reden is opgegeven waarom je voor een auto op fossiele brandstof wel ontheffing kan krijgen en voor de scooter niet; de bewoners van de binnenstad toch al door vele regels getroffen worden in de binnenstad dat wij hun gebruik van de scooter niet mogen ontzeggen; we als gemeente Delft de mensen die een scooter op fossiele brandstof hebben nu niet op kosten te jagen;
draagt het college op:
voor de bewoners van de binnenstad die in het bezit zijn van een scooter op fossiele brandstof een uitsterfbeleid in te voeren voor de duur van vijf jaar; als gemeente duidelijk te maken dat als hun scooter binnen nu en vijf jaar op is of kapot gaat ze dan een elektrische scooter moeten aanschaffen,
en gaat over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: We krijgen nu weer een maidenspeech, nu van de heer Sarkisian van het CDA. De heer SARKISIAN (CDA): Voorzitter. Iets meer dan vier jaar geleden begon mijn politieke avontuur, wat ik mij vierenhalf jaar geleden nog niet eens had kunnen voorstellen. Mijn interesse in de politiek kwam, als ik het zo hoor, relatief laat, toen ik ging studeren als kind van twee ouders die begin jaren negentig zijn gevlucht uit de destijds net gevallen Sovjet-Unie en die vooral bezig waren met het vinden van hun 66
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
weg in een nieuwe maatschappij. Thuis aan tafel ging het eigenlijk niet zo heel veel over politiek, maar ik hoorde van kleins af aan wel vaak hoeveel geluk ik had om in een land als Nederland op te groeien. Hier was je immers vrij om te zeggen wat je vindt en om te stemmen op wie je wil stemmen. Als je goed je best deed op school, ging je een zorgeloze toekomst tegemoet, al denk ik dat dat laatste vooral tactisch werd gezegd door mijn ouders om mij braaf aan mijn huiswerk te krijgen. Opgroeien met ouders die hun weg proberen te vinden in een nieuwe maatschappij en die komen uit een ander soort maatschappij waar de overheid en de politiek iets waren waarmee je vooral niet in aanraking moest komen, leert je ook een aantal dingen, zoals hoe belangrijk het is dat de overheid en vooral de gemeente haar burgers vanuit vertrouwen moet benaderen en hoe ontzettend belangrijk het is dat beleid wordt uitgevoerd met de menselijke maat. Dat heeft voor een groot deel ook mijn politieke motivatie beïnvloed: politiek die dicht bij de mensen staat, die hen dient en die vanuit vertrouwen haar hand uitreikt naar bewoners.
Wat dat betreft is het een mooie toevalligheid dat mijn allereerste motie als commissielid en nu ook mijn eerste motie als raadslid gaat over de positie van mantelzorgers, een groep mensen die mij door mijn politieke motivatie maar ook door andere persoonlijke ervaringen na aan het hart staat. Zij zijn immers de zachte krachten van de samenleving. Nu ik het toch over die motie heb, is het wellicht goed om gelijk de politieke inhoud in te gaan. Vandaag dienen wij samen met Hart voor Delft, de VVD en de PVV de motie Laat mantelzorgers mantelzorgen in. We zien dat er een groep bezoekers is die in brede zin wel mantelzorg biedt maar dat het daarbij met name gaat om kleinere, informele ondersteuning of zorg. Dit zijn naasten die niet typische mantelzorgers zijn die in beeld zijn bij de gemeente en waar maatwerk voor is. Deze motie vraagt het college om deze groep bezoekers expliciet mee te nemen in de evaluatie, daarbij mee te nemen of het huidige maatwerk voor deze groep in de praktijk goed werkt en afhankelijk van de resultaten maatregelen in beeld te brengen. Het is goed om nog extra mee te geven dat deze motie dus nadrukkelijk vraagt om deze groep beleidsmatig strak te definiëren en om met integrale maatregelen te komen voor bezoekers in het algemeen.
De motie is bedoeld om helder te krijgen of er concrete belemmeringen zijn voor de groep bezoekers die bij wijze van spreken af en toe boodschappen komen brengen of andere vormen van ondersteuning bieden. Wij zijn niet blind voor de kritiek dat iedereen zich dan als mantelzorger kan voordoen, maar het CDA gelooft dat het van belang is dat we bewoners niet vanuit wantrouwen maar vanuit vertrouwen benaderen. Bovendien vraagt de motie dus niet om meteen met maatregelen te komen, maar vooral om helder te krijgen of er concrete belemmeringen zijn en, zo ja, in beeld te brengen welke maatregelen mogelijk zijn, zodat we bij de evaluatie, ook als raad, meer grip hebben op deze groep bezoekers. Daarnaast dienen wij met Volt, de ChristenUnie, Hart voor Delft en PRO de motie Inclusieve autoluwe binnenstad in. De toelichting van deze motie laat ik vooral aan Volt als eerste indiener, maar het is goed om hierbij helder te hebben dat, hoewel het dictum van deze motie en het dictum van onze motie heel erg op elkaar lijken, onze motie echt is toegespitst op de zojuist genoemde groep bezoekers en dat het daaruit volgende debat ook in een andere hoek zit. 67
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
(Geroffel op de tafels.) Door de fracties van het CDA, Hart voor Delft, de VVD en de PVV wordt motie 7.5.4 (Laat mantelzorgers mantelzorgen) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft op de vergadering van dinsdag 12 mei 2026 ter bespreking van het agendapunt inzake de Collegebrief Voortgangsrapportage Ruimte in de Binnenstad, autoluw-plus, nulemissie en logistiek”. Als gemeenteraad van Delft stellen we vast dat:
nu fase 1A van de uitbreiding van het autoluw-plusgebied per 1 februari 2026 is afgerond bewoners in parkeergebied A (gebied van fase 1B en fase 2) geen bezoekersvergunningen meer krijgen; de randen van het nieuwe autoluw-plusgebied hiermee nog verder zijn komen te liggen van bewoners en bezoekers in dit deel van de binnenstad.
We hebben daarbij nagedacht over en houden rekening met het volgende:
mantelzorgers vervullen een essentiële taak in onze samenleving en zijn vaak niet woonachtig in de buurt van de zorgbehoevende, of om een andere reden niet in staat om wandelend, fietsend of met het OV naar de zorgbehoevende te komen; mantelzorgers kunnen een uitzonderingspositie krijgen op het parkeren in parkeergebied A, maar er is ook een groep bezoekers die informele ondersteuning en zorg geeft zonder altijd binnen bestaande maatwerkmogelijkheden te vallen; in het bijzonder zijn er naar aanleiding van de eerste uitbreiding van het autoluw-plusgebied bewoners die aangeven dat deze groep bezoekers en mantelzorgers worden belemmerd bij hun mantelzorgtaken, omdat zij hun naasten niet meer op een bezoekersvergunning kunnen bereiken met de auto.
We vragen het college om op grond van het bovenstaande:
bij de evaluatie van fase 1A expliciet aandacht te besteden aan de ervaringen van bezoekers die regelmatig informele ondersteuning of zorgtaken verrichten voor bewoners in parkeergebied A, en te onderzoeken in hoeverre het huidige maatwerk voor deze groep in de praktijk voldoende werkbaar is; afhankelijk van de resultaten uit de evaluatie maatregelen in beeld te brengen; de raad hierover bij de evaluatie over fase 1A te informeren,
en gaat over tot de orde van de dag." 68
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
De VOORZITTER: Dank u wel, meneer Sarkisian. U bent relatief een politieke laatbloeier - dat heeft u goed gehoord bij de anderen - maar ik denk dat uw ouders niet alleen trots kunnen zijn op de positie die u nu als volksvertegenwoordiger in een vrije democratie kan vervullen, maar ook op het feit dat u, naar ik heb begrepen, in de tussentijd ook nog uw huiswerk heeft kunnen maken. Ik denk dat de maidenspeech bij een voor het CDA heel passend onderwerp als mantelzorg ook heel goed gekozen is. We wensen u heel veel succes. De heer GOMMERS (STIP): Ik snap helemaal dat mantelzorgers moeten kunnen mantelzorgen, maar ik vraag me toch af of het voor die mantelzorger noodzakelijk is om specifiek in dit gebied te parkeren, zeker omdat het meestal een persoon is die goed ter been is. De heer SARKISIAN (CDA): Het punt is dat we dat nu ook niet met 100% zekerheid kunnen zeggen. Daarom denk ik dat het goed is om dit mee te nemen bij de evaluatie, bij de kwalitatieve uitvraag, zodat we juist bij de evaluatie het hierover kunnen hebben en precies weten waar we het over hebben. De heer GROENEVELD (D66): Ik heet de heer Sarkisian welkom in deze raad als raadslid. We hebben elkaar regelmatig gezien als commissieleden, maar ik ben blij hem nu ook hier te verwelkomen.
Mijn vraag gaat over het dilemma dat de heer Sarkisian al schetste, namelijk het schuivende vlak: waar leg je de grens van wie mantelzorger is en wie daar misschien toch een beetje misbruik van probeert te maken. Heeft de heer Sarkisian daar zelf enigszins een kadertje of beeld bij? De heer SARKISIAN (CDA): We hoorden van insprekers dat dit blijkt te spelen. Ik heb ook een mevrouw genoemd die in de binnenstad woont en die in het verlengde hiervan problemen ervaart. Juist daarom is het goed als het college toch probeert om die groep op een bepaalde manier te betrekken bij die uitvraag, zodat we weten hoe groot het probleem is. Zolang we dat niet weten, is het een hypothetische aanname dat er helemaal niks speelt, terwijl we hier en daar toch signalen horen. De heer GROENEVELD (D66): Dank aan de heer Sarkisian voor het antwoord. Er wordt hier geschoven met wie je nog wil toelaten en wie niet. In hoeverre is de bezoekersvergunning in de optiek van de heer Sarkisian niet toereikend genoeg? De heer SARKISIAN (CDA): De motie vraagt vrij nadrukkelijk niet om deze groep in brede beleidsmatige zin te definiëren en vervolgens een situatie te creëren waarin iemand daar wel of niet bij hoort.
De motie vraagt juist om te evalueren, te schetsen wat er is geprobeerd om mensen uit die groep te bereiken en wat vervolgens de concrete belemmeringen zijn die daaruit voortvloeien en dan te kijken of maatregelen mogelijk zijn om dat te verzachten. De motie vraagt dus juist niet om in het algemeen die grens te verleggen. De VOORZITTER: Ook voor mevrouw Elsinga van Volt is dit de maidenspeech.
69
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
Mevrouw ELSINGA (Volt): Voorzitter. Ruim 25 jaar woon ik nu in Delft, met een onderbreking van enkele jaren waarin ik met mijn gezin in Delhi woonde, in India. Daar zijn de sociaal-maatschappelijke problemen ontzettend zichtbaar. Armoede, vervuiling van de lucht, een dikke laag smog die elke dag zichtbaar en voelbaar is. Ook de problemen in de ruimtelijke omgeving zijn zichtbaar: grote hopen afval op straat. In Delft, in Nederland en in Europa spelen deze problemen ook, maar ze zijn veel minder zichtbaar. Ze zijn er wel. De periode in India heeft mij hier veel bewuster van gemaakt en heeft mij ook gemotiveerd om politiek actief te worden. De afgelopen jaren ervaar ik steeds meer zorgen over de kant die het met onze samenleving opgaat en voel ik steeds sterker de behoefte om die zorgen om te zetten in positieve actie. Daarom ben ik vijf jaar geleden lid geworden van Volt, een radicaal-positieve, toekomstgerichte en innovatieve partij die actief is in heel Europa. Tweeënhalf jaar geleden ben ik in het onderwijs gaan werken. Ik combineer mijn werk in het onderwijs nu dus met mijn rol in de lokale politiek. Ik wil graag bijdragen aan het versterken van het sociale weefsel van de stad Delft, aan het herstel van vertrouwen van mensen in elkaar, in de gemeenschap en in de democratie.
De eerste motie van de nieuwe fractie van Volt Delft komt voort uit het inspreken van de heer Stikkelman tijdens de vergadering van de commissie Ruimte en Verkeer op 14 april. Daarbij vroeg hij nadrukkelijk aandacht voor de gevolgen van de autoluwe binnenstad voor ouderen en andere kwetsbare groepen. Die oproep neemt Volt serieus. Laat ik vooropstellen dat Volt de ambitie voor een autoluwe binnenstad steunt; daar zijn we voor. Het draagt bij aan leefbaarheid, duurzaamheid en veiligheid. Tegelijk moeten we ons blijven realiseren dat niet iedereen gelijk geraakt wordt. Voor veruit de meeste Delftenaren is de overstap naar een autoluwe binnenstad prima te doen. Wandelen, fietsen en openbaar vervoer zijn gezonde en duurzame alternatieven. Voor anderen, met name ouderen en mindervaliden, ligt dit anders. Hun mobiliteit is vaak afhankelijk van de auto, zowel voor henzelf als wellicht voor hun bezoek. Als parkeerplekken verdwijnen of bezoekers minder makkelijk kunnen komen, kan dat gevolgen hebben voor hun zelfstandigheid en hun sociale contacten. Daar zit onze zorg. Eenzaamheid onder ouderen is al een probleem. Als beleid onbedoeld bijdraagt aan minder bezoek of meer drempels om de deur uit te gaan, moeten we dat serieus nemen.
Met onze motie vragen we het college om in de geplande evaluatie expliciet te onderzoeken wat de effecten zijn op kwetsbare groepen en om die effecten ook duidelijk te benoemen in de rapportage. Als blijkt dat er knelpunten zijn, vragen we om die serieus te nemen en om handelingsopties in beeld te brengen. Dat gaat verder dan het monitoren van de invloed van herinrichting op mobiliteit van ouderen en mindervaliden in consultatie met vertegenwoordigers van het Toegankelijkheidsnetwerk en ouderen, zoals benoemd wordt in het raadsvoorstel Ruimte in de Binnenstad. De motie is wat ons betreft in lijn met de Delftse Inclusie Agenda: beleid maken dat niet alleen goed is in algemene zin, maar dat werkt voor iedereen. Wellicht ten overvloede benadrukt Volt hierbij dat het ons gaat om ouderen en andere kwetsbare mensen en dus niet om de mantelzorgers. Die kunnen in onze optiek ook prima een eindje verderop parkeren. Een autoluwe binnenstad kan alleen echt succesvol zijn als die ook inclusief is. Deze motie helpt dat te realiseren. 70
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
Door de fracties van Volt, de ChristenUnie, het CDA, Hart voor Delft en PRO wordt motie 7.5.5 (Inclusieve autoluwe binnenstad) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 12 mei 2026 ter bespreking van 'Raadsinformatie voortgangsrapportage RIDB, autoluw-plus, nul emissie en logistiek (nr. 2602006)', constaterende dat:
de invoering en uitbreiding van de autoluwe binnenstad een aanpassing in levensstijl vereist van de bewoners; de afhankelijkheid van autogebruik en het aanpassingsvermogen tussen mensen verschilt; er een evaluatie gepland staat van de uitbreiding van de autoluwe binnenstad na afronding van deze fase; door een inspreker in de commissievergadering Ruimte en Verkeer op 14 april is opgeroepen de effecten van de uitbreiding op ouderen te onderzoeken; de wethouder heeft aangegeven dat er momenteel in de evaluatie van het beleid geen intentie is om specifieke aandacht te geven aan kwetsbare groepen;
overwegende dat:
eenzaamheid onder ouderen landelijk en in Delft een actueel probleem is; het verwijderen van parkeerplekken en invalideplaatsen nabij bestemmingen de onafhankelijke mobiliteit van deze bevolkingsgroepen kan doen afnemen; kwetsbare mensen bij twijfel over de uitwerking van het autoluwe beleid, uit angst voor boetes, en het beperken van bezoekersparkeren, verder geïsoleerd kunnen raken; in andere steden, die hun binnenstad autoluw maken - zoals Amersfoort ouderen en mindervaliden ook zijn gesignaleerd als aandachtsgroep; het om deze redenen te verwachten is dat ouderen en mindervaliden in Delft meer hinder zullen ondervinden van dit beleid dan anderen; door oog te hebben voor benadeelden van beleid en die voldoende maatwerk bieden, het draagvlak voor het autoluw maken van de binnenstad groter kan worden; Delft een visie heeft op inclusie, zoals weergegeven in de Delftse Inclusie Agenda, waar zowel fysieke als sociale toegankelijkheid wordt onderscheiden;
draagt het college op om:
in de evaluatie van de autoluwe binnenstad expliciet aandacht te besteden aan de effecten op kwetsbare groepen zoals ouderen en mindervaliden; deze effecten in de rapportage inzichtelijk te maken inclusief eventuele negatieve gevolgen en belemmeringen; 71
HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2026
daarbij mogelijke verzachtende maatregelen te verkennen en te beschrijven, dan wel toe te lichten waarom hier geen aanleiding toe wordt gezien,
en gaat over tot de orde van de dag." De VOORZITTER: Dank u wel, mevrouw Elsinga, voor uw maidenspeech, waarin het internationale in vergelijking met het Delftse werd gebracht. Dat mochten we gezien uw politieke achtergrond ook bijna verwachten. Wij mogen trots zijn op hoe goed wij het hier nog hebben, maar u bent zeer gemotiveerd om het de komende jaren nog beter te gaan maken, waarvoor dank. (Geroffel op de tafels.) De VOORZITTER: De heer Gommers heeft bij de maidenspeeches standaard een vraag. De heer GOMMERS (STIP): Ik hoorde Volt aan het einde van het betoog verwijzen naar het vorige raadsbesluit, waarin in het vervolg inderdaad expliciet aangegeven wordt dat mindervaliden en ouderen expliciet meegenomen worden in de evaluatie. Maar in het betoog kwam nog niet heel helder naar voren wat deze motie precies anders maakt dan wat al in de oplegger staat. Zou Volt dit verder kunnen toelichten? Mevrouw ELSINGA (Volt): Dank u wel voor de vraag. Ja, dat kan ik. In de oplegger staat niet dat de ouderen en mindervaliden expliciet worden meegenomen in de evaluatie. Daar staat dat er via vertegenwoordigers van de verschillende doelgroepen gemonitord gaat worden hoe het beleid voor deze mensen uitpakt.
Dat zien wij echt als iets fundamenteel anders dan dat ze expliciet in de evaluatie worden meegenomen en dat ze ook in de rapportage expliciet apart worden benoemd, want dan pas kan je goed zien wat het echte effect op deze groepen is. Wij zien dat dus echt als verschillende dingen. Het college geeft inderdaad aan te willen monitoren en daarover in gesprek te willen gaan, maar wij gaan met deze motie toch een stap verder. De heer VAN RIJ (FVD): Ik hoorde mevrouw Elsinga aan het eind van haar betoog zeggen dat mantelzorgers prima zelf te voet of met de fiets naar de ouderen kunnen gaan. Mantelzorgers moeten de desbetreffende ouderen vaak ook naar doktersafspraken, ziekenhuizen, dagopvang en noem maar op brengen. Erkent en benadrukt Volt dat een parkeerplek in de buurt hiervoor juist van groot belang is? Mevrouw ELSINGA (Volt): Mijn indruk is dat het ophalen van mensen om ze naar een andere plek te vervoeren geen parkeren vergt. Dat vergt hooguit dat je even komt voorrijden, iemand oppikt en weer doorrijdt. Ik denk dus niet dat parkeren nodig is als je iemand ophaalt. De VOORZITTER: Voor mevrouw Zinkweg is dit niet de maidenspeech. Zij heeft al zóveel het woord gevoerd en heeft ook al toezeggingen binnengesleept. 72