CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

4. Handelingen 3 juli 2025

Raadsvergadering 17 juli 2025, gemeente DelftBij agendapunt: Handelingen van de gemeenteraadsvergadering van 3 juli 202544.261 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Actualisatie van de sportvisie biedt mogelijkheden om vanuit de huidige stand van zaken een toekomstvisie te bieden voor de komende vijf tot tien jaar. De huidige sportvisie richt zich vooral op georganiseerde sporten via verenigingen en sportaccommodaties. Dat is niet voor iedereen betaalbaar en heeft bovendien ruimtelijke en personele beperkingen. STIP zou daarom graag zien dat naast sporten bij complexen ook sporten in de openbare ruimte gestimuleerd wordt. Het nieuwe sportveld bij Wijkcentrum BuitenGewoon is daar een mooi voorbeeld van. Zo'n duurzaam modulair sportveld zou op meer plekken in de stad een uitkomst bieden voor de toenemende vraag naar sport. Eerder onderzoek op initiatief van STIP liet al zien dat de vraag naar sporten zoals freerunning, calisthenics, panna- en freestylevoetbal groot blijft, terwijl ruimte ontbreekt. Rotterdam stelde onlangs de Urban Sports Agenda op, een inspirerend voorbeeld voor de herziening van onze eigen sportvisie. Sport is een bezigheid van alle leeftijden en een verbindende factor tussen verschillende groepen. Door sporten in de openbare ruimte te stimuleren helpen we gezonde inwoners, kunnen nieuwe ontmoetingen worden aangegaan en nieuwe vriendschappen worden gesloten. Dat is waar STIP voor staat: een gezonde en verbonden stad. De heer TREFFERS (Volt): De sportvisie loopt bijna af.

Ik had eigenlijk verwacht dat die zou worden geactualiseerd, ook een beetje binnen deze kaders, die we volgens mij al best wel vaak gezamenlijk hebben uitgesproken. Wat voegt deze motie toe? De heer GOMMERS (STIP): Ik snap uw redenering heel goed. De wethouder heeft vorige week nog aangegeven dat dat niet het geval is en dat het aan een volgend college is om te overwegen om de sportvisie eventueel te actualiseren. Daarom komen wij met deze motie om juist het volgende college en eigenlijk ook al het huidige college nu al die opdracht te geven. 26

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

De heer TREFFERS (Volt): Wat een goed idee! Door de fracties van STIP, de ChristenUnie, het CDA, Onafhankelijk Delft en GroenLinks wordt motie 6.2.12 (Bied toekomstperspectief aan sport in Delft) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 3 juli 2025 ter bespreking van het agendapunt 6.2 Voorstel van het college aan de raad inzake Kadernota 2026. We stellen vast dat: -

de Visie Sport en Bewegen en het bijbehorende uitvoeringsplan dit jaar aflopen; de Omgevingsvisie en de Woonvisie voorzien dat de stad in de periode 20182040 groeit met 15.000 woningen; de afstand tot sportvoorzieningen in Delft stijgt; Delft momenteel geen voorzieningen heeft voor urban sports, maar hier wel grote behoefte aan is;

We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -

bij een groeiende stad het van belang is dat er voldoende ruimte is en blijft voor (georganiseerde) sportactiviteiten; sport nauw verweven is met andere domeinen zoals zorg, onderwijs, gezondheid, armoede, leefomgeving, preventie en eenzaamheid voorkomt; (denk)sport ook beoefend kan worden in de openbare ruimte zoals door Urban Sports Outdoor Fitness (openbare fitnessapparaten), bij openbare schaakborden en met hardloop- en wielrenroutes; het (gezamenlijk) beoefenen van sport inwoners met elkaar verbindt.

We geven het college opdracht om: -

de visie op sport in Delft te actualiseren; hierbij ook (denk)sporten in de openbare ruimte te betrekken, zoals urban sports, outdoor fitness en georganiseerde sportroutes; de raad hierover te informeren,

en gaat over tot de orde van de dag." Mevrouw VOOGT (VVD): Voorzitter. Zoals ik in de commissiebespreking al heb aangegeven, is de VVD blij met de sobere en sluitende Kadernota en met het uitvoeren van onze moties Verantwoord begroten en Red de REV. Tegelijkertijd zijn investeringen doorgeschoven, loopt vanaf 2029 de schuldenlast op en ligt er een investeringslijst op basis van wensen van dit college. De VVD mist harde keuzes op korte termijn: wat gaan we wel doen en wat gaan we niet doen? Wat we wél gaan doen, is wat de VVD betreft werk maken van een toekomstbestendige economie. Daarom dienen we de motie Delftse economie van de toekomst in. Delft heeft 27

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

namelijk enorm veel kennis, talent en innovatieve bedrijven in huis; denk aan de TU Delft, start-ups, hightechbedrijven en de Biotech Campus. Maar al die kracht wordt nu nog niet optimaal benut. Dat kan minder banen, minder economische groei en minder invloed voor onze stad betekenen. Delft heeft nu de kans om zich sterker te profiteren als de plek voor technologie en innovatie in Nederland en in Europa. De huidige economische visie, ook wel de REV genoemd, is verouderd en sluit niet meer aan bij de nieuwe realiteiten, zoals geopolitieke spanningen, netcongestie, ruimtegebrek en strategische afhankelijkheid. Er is een nieuwe visie nodig richting 2025, die niet alleen door de gemeente wordt bedacht maar samen met bedrijven en kennis- en onderwijsinstellingen wordt vormgegeven. Delft moet slimmer samenwerken in de regio en actief meedoen aan nationale en Europese investeringsprogramma's. Met deze visie in de hand kan Delft in de regio en bij hogere overheden, zoals de provincie, stevig aan tafel zitten om investeringen en kansen binnen te halen. Met deze motie wil de VVD dat Delft een voorloper wordt in technologie en innovatie door een slimme en toekomstgerichte RuimtelijkEconomische Visie op te stellen.

Hiermee zorgen we dat Delft ruimte maakt voor bedrijven én maakbedrijven, zodat deze kunnen doorgroeien, er meer ruimte komt voor innovatie en we beter gaan samenwerken in de regio. U denkt natuurlijk: wat levert dat ons op? De motie is vrij abstract en hoogover, maar dit is natuurlijk heel belangrijk voor Delftenaren, want er komen meer kansen op werk in en rondom Delft, van technisch talent tot praktisch opgeleide. Als Delft aantrekkelijker wordt voor investeerders en bedrijven, profiteren lokale ondernemers, winkels en bewoners daarvan mee onder de term "brede welvaart". Door nu slimme keuzes te maken blijft Delft een toekomstbestendige stad met een perspectief voor jong en oud. Kortom: deze motie helpt om het enorme potentieel van Delft echt te benutten, zodat de Delftenaar daar morgen en over twintig jaar de vruchten van kan plukken. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Dank voor de toelichting, ook op de motie. Het actualiseren van de REV kost natuurlijk geld. Ik ken de VVD als een financieel degelijke partij, maar ik zie in de motie nog niet helemaal of u een idee heeft van waar u dit vandaan wilt halen. Mevrouw VOOGT (VVD): Daar hebben we natuurlijk uitgebreid onderzoek naar gedaan. We hebben de motie ambtelijk laten checken.

Daaruit kwam naar voren dat het binnen de huidige bestaande middelen kan, maar wellicht kan de wethouder haar licht nog hierover laten schijnen en dit bevestigen, zodat mevrouw Van der Vlist over de streep getrokken kan worden om de motie van de VVD te steunen. De heer VAN DER SLUIS (SP): Ik zou het hier graag een keer willen hebben, maar daar hebben we vandaag natuurlijk helemaal geen tijd voor. Aangezien uzelf zegt dat het binnen de huidige kaders past, waarom hebben we het hier vandaag dan over bij de Kadernota? Mevrouw VOOGT (VVD): Omdat dit een kans is om nu keuzes te maken en om onze economie te versterken. Je kunt over een jaar beginnen. Het is goed om daar op tijd mee te beginnen. Zoals ik al zei, kun je hier niet vroeg genoeg voor aan de lat staan. Dat lijkt me juist alleen maar mooi. Hoe later we starten, hoe later het op gang komt. 28

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

De heer VAN DER SLUIS (SP): Als je dit echt graag wil als partij, kan je het vandaag inbrengen. Dan weet je dat er drie minuten over wordt gesproken; meer tijd hebben we niet. Of je doet breder onderzoek en je stelt vragen om te proberen om het op de agenda te krijgen. Waarom kiest de VVD voor deze route, die eigenlijk bij voorbaat kansloos is, en niet voor een uitgebreider traject? Mevrouw VOOGT (VVD): Ik denk zeker dat dit een zeer kansrijke route is. Ik begrijp dus niet waar de heer Van der Sluis het over heeft. Tegelijkertijd dienen wij deze motie nu in. Wij denken dat dit het momentum is: pak kansen die je nu moet pakken en je moet nu beginnen met nadenken over de toekomst. Dat is de reden waarom wij deze motie nu indienen. Dan het sociaal domein. Tijdens de commissiebespreking hebben we gesproken over het Integraal Huisvestingsplan Onderwijs. We hebben toen gezegd dat we de toezegging daarover beschouwden als niet-afgedaan. Wij staan nog steeds voor goede, toekomstige onderwijshuisvesting, maar daarbij hanteren we als gemeente het uitgangspunt van de BENG, de wettelijke duurzaamheidsnorm. Die eisen bieden in onze ogen een stevige basis voor energiezuinige en comfortabele gebouwen.

Als bij nieuwbouw en herbouw wordt gekozen voor extra duurzaamheidseisen bovenop de BENG, bijvoorbeeld vanuit de aanvullende ambities ten aanzien van innovatieve technieken, dan is de VVD van mening dat het essentieel is dat de gemeenteraad hierover geïnformeerd wordt, want wij vinden dat we als raad in control moeten zijn over de keuzes die worden gemaakt en de kosten die daarmee gepaard gaan. Ik ben dus heel benieuwd - daar hebben we het al eerder over gehad - of de wethouder kan toezeggen dat in de periodieke rapportages expliciet wordt vermeld wanneer, waarom en met welke financiële, maatschappelijke of technische onderbouwing sprake is van het opplussen ten opzichte van de BENG-norm en de wettelijke kaders bij projecten die over onderwijshuisvesting gaan. Graag een reactie van de wethouder in de eerste termijn. Ik zou graag op wat moties reageren, maar de meeste zijn nog niet aan bod geweest. Ik bewaar dat totdat de fracties in hun termijn de toelichting op de moties hebben gegeven. Dan ga ik daar in de tweede termijn verder op reageren. Door de fracties van de VVD, GroenLinks, het CDA, Volt, STIP en Hart voor Delft wordt motie 6.2.13 (Delftse economie van de toekomst) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 3 juli 2025, ter bespreking van de Kadernota 2026 (2520252), constaterende dat: •

de regio Zuid-Holland unieke kansen biedt voor economische versterking via samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven, onderwijsinstellingen en kennisinstellingen (zoals TNO, Deltares, etc.) - een aanpak die bekend staat als de triple helix; 29

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

•

•

•

•

•

•

•

•

•

Zuid-Holland beschikt over een uitgebreid en actief netwerk van publieke en semipublieke organisaties die innovatie aanjagen, waaronder de provincie Zuid-Holland, InnovationQuarter, de Economic Board Zuid-Holland (EBZ), de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) en verschillende gemeenten, die samen met kennisinstellingen en bedrijven vormgeven aan regionale economische ontwikkeling; het Europese Draghi-rapport oproept tot stevige investeringen in technologie, innovatie en economische weerbaarheid om als Europa minder afhankelijk te zijn van andere werelddelen (strategische autonomie), en dat dit vraagt om scherpe keuzes en langjarige samenwerking binnen lidstaten en regio's; dit rapport daarnaast het belang van brede welvaart benadrukt: economische vooruitgang moet hand in hand gaan met duurzame werkgelegenheid, kwaliteit van leven, veiligheid en maatschappelijke weerbaarheid en dit waarborgen binnen een fragmenterende wereldorde; de door TNO opgestelde Nederlandse analyse van het Draghi-rapport signaleert dat: o het economisch concurrentievermogen van Nederland onder druk staat door een groeiende innovatiekloof en stagnerende arbeidsproductiviteitsgroei; o de noodzaak van samenwerking tussen overheid, onderwijsinstellingen, kennisinstellingen en het bedrijfsleven, bijvoorbeeld in het kader van de 10 sleuteltechnologieën, defensieinnovatie en opschaling van start-ups,

cruciaal is om de nationale en Europese opgaven te vertalen naar effectief overheidsbeleid; de focus van de REV 2030 sterk leunt op het uitgangspunt van internationale openheid en globalisering, terwijl nieuwe geopolitieke ontwikkelingen zoals toegenomen afhankelijkheid van niet-Europese toeleveranciers en verslechterde handelsverhoudingen vragen om een versterkte regionale en Europese economische weerbaarheid; Delft de afgelopen jaren steeds meer ruimtelijke schaarste, netcongestie en gebrek aan passende vestigingslocaties ervaart, zowel lokaal als regionaal, wat haaks staat op de ambities van Delft om ook economisch duurzaam te blijven bijdragen aan brede welvaart van huidige en toekomstige generaties; Delft een sterke internationale positie heeft in sectoren als quantumtechnologie, maakindustrie en defensie-innovatie, maar een heldere, ruimtelijk verankerde economische koers mist zoals andere kennisregio's (Eindhoven, Wageningen, Leiden) die wel hebben, waardoor kansen op strategische samenwerking, investeringen en invloed op nationale en Europese agenda's onvoldoende worden benut; de economie van zowel Zuid-Holland als Delft achterblijft ten opzichte van andere regio's, referentiesteden en omliggende gemeenten, ondanks de aanwezigheid van sterke kennisclusters, logistieke knooppunten, havens en universiteiten; er extra inzet nodig is op het gebied van werkgelegenheid en

ruimtelijke ontwikkeling om de economische ambities voor 2030 te realiseren en het beschikbare talent beter te benutten; 30

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

•

nieuwe technologieën zoals defensiegerelateerde innovatie, satellieten, drones, cybersoftware en kernenergie kansen bieden op het gebied van veiligheid, energie, duurzaamheid en economische zelfstandigheid;

overwegende dat: •

• •

• • • •

• • • •

innovatieve regio's als Eindhoven, Wageningen en Leiden laten zien dat een scherpe economische visie, gekoppeld aan ruimtelijke keuzes en publiekprivate samenwerking, leidt tot meer invloed, investeringen en aansluiting bij nationale en Europese agenda's en innovatieprogramma's (zoals Horizon Europe, Digital Europe en het European Innovation Council Programme); het potentieel van Delft onvoldoende wordt benut zolang een duidelijke, economische visie en ruimtelijk verankerde economische koers ontbreekt die inspeelt op de maatschappelijke en geopolitieke uitdagingen van deze tijd; extra inzet, zowel op het gebied van werkgelegenheid als ruimte, nodig is om de ambities voor 2030 te realiseren, de economie te versterken, kansen te verzilveren en meer impact te maken met het talent (van mbo tot wo) dat in Delft beschikbaar is; regionale economische kracht wordt opgebouwd vanuit gedeelde strategische keuzes op het gebied van innovatie, ruimtelijke ordening, infrastructuur en arbeidsmarkt; het huidige economische beleid van Delft zoals vastgesteld in de RuimtelijkEconomische Visie 2030 (REV) onvoldoende richting geeft in het prioriteren en ruimtelijk faciliteren van sleuteltechnologieën; nieuwe geopolitieke ontwikkelingen zoals toegenomen afhankelijkheid van niet-Europese toeleveranciers en verslechterde handelsverhoudingen vragen om een versterkte regionale en Europese economische

weerbaarheid; Delft als kennisstad een cruciale rol speelt in de vorming van een strategische regionale economie en alleen via samenwerking met steden als Rotterdam, Den Haag, Leiden en de regio's rond het Groene Hart tot volle economische en strategisch autonome wasdom kan komen; Delft zich nu regionaal, nationaal en internationaal sterker moet positioneren als centrum voor hightech innovatie, toegepast onderzoek en hoogwaardige werkgelegenheid; de economie van Delft nu voorbereid moet worden op 2045, dit vraagt om een visie op onze economie en keuzes op het gebied van ruimtelijke ontwikkeling, onderwijs, bedrijvigheid en investeringen; het daarom van belang is een ruimtelijk-economische visie te hebben die hierbij aansluit en up-to-date is; het essentieel is dat deze visie niet alleen ambtelijk of politiek wordt ontwikkeld, maar gedragen wordt door ondernemers, kennisinstellingen, studenten, investeerders en maatschappelijke partners;

verzoekt het college:

31

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

1. een geactualiseerde ruimtelijk-economische visie (REV) op te stellen met een doorkijk naar 2045, waarin Delft zich onder andere strategisch positioneert als cruciaal technologisch en innovatief knooppunt binnen zowel de ZuidHollandse regio als de Europese innovatieagenda en hierbij in ieder geval aandacht te geven aan: a. de uitgangspunten uit het Draghi-rapport (zoals technologische soevereiniteit, investeren in kennis en strategische autonomie) en de analyse van TNO (zoals brede welvaart, samenwerking in de triple helix en ondersteuning van opschaling); b. de doorgroei van Delftse startups en scale-ups stimuleren en daarbij actief een koppeling te maken met regionale programma’s van onder andere de Provincie Zuid-Holland, EBZ, InnovationQuarter en de MRDH; c. de innovatieprogramma's, fondsen en internationale netwerken waar Delft samen met de regio toegang tot kan hebben; d. het betrekken van vertegenwoordigers van de onderwijsinstellingen (zoals het mbo, hbo en TU Delft), de Delftse maakindustrie, DSMcampus, innovatieve (Delftse) bedrijven, het mkb, Defensie, start-ups, studenten, kennisinstellingen, investeerders en andere maatschappelijke partners; 2.

de geactualiseerde REV te benutten om in het regionaal bestuurlijk overleg, waaronder met de provincie Zuid-Holland, de ambities van Delft als cruciale kenniskern explicieter uit te dragen en zo gezamenlijk te bouwen aan een economisch weerbaar, autonoom, duurzaam en innovatief Zuid-Holland, en gaat over tot de orde van de dag." De heer MARUF (D66): Voorzitter. Allereerst willen wij als fractie van D66 onze waardering uitspreken voor het hele werk dat is verzet door het college, de ambtelijke organisatie en de vele partners in de stad die hebben bijgedragen aan de totstandkoming van deze Kadernota. De Kadernota benoemt expliciet dat we keuzes maken in de investeringsagenda en dat bepaalde ambities, zoals rondom cultuur en maatschappelijke voorzieningen, pas kunnen worden waargemaakt als we daar financiële ruimte voor creëren. Tegelijkertijd zien we dat Delft over aanzienlijke bestemmingsreserves beschikt waarvan het nut, de actualiteit en de inzetbaarheid niet altijd even helder zijn. Neem bijvoorbeeld Theater de Veste: in deze Kadernota worden wel middelen gereserveerd voor tijdelijke instandhouding, maar een structurele oplossing voor de culturele infrastructuur ontbreekt.

Daarom vragen wij het college via onze motie om die reserves integraal te analyseren, zodat we weten welke middelen vastzitten en welke middelen we wellicht anders kunnen inzetten, bijvoorbeeld door noodzakelijke investeringen in onze cultuurvoorzieningen. Hiermee willen we voorkomen dat ambities stranden op onduidelijkheden over middelen. Mevrouw VOOGT (VVD): Ik zat een beetje te kauwen op de motie over de investeringsreserves. Ik krijg daar nu wat meer achtergrondinformatie bij. Voor de VVD is het heel belangrijk dat er inzicht in de reserves komt, maar tegelijkertijd vinden we het niet aan deze raad om daar nu al labels en oormerken aan te hangen. 32

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

Ik ben dus benieuwd of D66 openstaat voor een alternatief waarbij het geld pas door de nieuwe raad of na 2026 zou worden bestemd. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Mijn vraag ligt in dezelfde lijn als de vraag van mevrouw Voogt. Nu vraagt uw motie nog om een voorstel te doen voor de bestemming. Wilt u al voor de verkiezingen iets met dat voorstel doen of ziet u dat als een advies aan het nieuwe college? De heer MARUF (D66): Dank aan mevrouw Van Velzen, die hier heel hard aan heeft gewerkt met collega's in de raad. De vraag was of je het zo expliciet moet benoemen in de zin van Theater de Veste of een andere organisatie. Nee, wij zeggen: college, doe een voorstel aan ons en analyseer welke bestemmingsreserves op dit moment bestaan en of ze nog nut hebben, zodat een volgende raad bij de begroting inzicht heeft in de vraag welke bestemmingsreserves zouden kunnen vrijvallen om investeringen te kunnen doen. We labelen op dit moment dus helemaal niets. We vragen alleen: breng ons op de hoogte van de actualiteit en het nut van de bestemmingsreserves die we op dit moment hebben. Mevrouw VOOGT (VVD): Ik hoorde de heer Maruf zojuist wel de koppeling maken: hij ging van Theater de Veste echt direct naar deze reservering. Die koppeling werd impliciet dus wel gemaakt. Ik ben benieuwd hoe de heer Maruf daartegen aankijkt.

In de motie wordt natuurlijk wel genoemd dat het aan de investeringsagenda gekoppeld wordt. Die agenda is door het huidige college en de collegepartijen opgesteld. Ook daarvan zou ik dus zeggen dat dat instrument al best wel geoormerkt is. Ik ben benieuwd hoe de heer Maruf daartegen aankijkt. De heer MARUF (D66): We hebben ons best gedaan om deze motie zo neutraal mogelijk te verwoorden. Ik noem dit voorbeeld ook omdat de kijkers thuis dan misschien een concreet voorbeeld hebben van hoe het ongeveer zou kunnen lopen, maar dat is geen indicatie van hoe het geoormerkt of besteed zou moeten worden. Nee, het gaat om een analyse, vrij neutraal: maak nut en noodzaak inzichtelijk van de bestemmingsreserves die we hebben, zodat de volgende raad daar inzicht in heeft en op basis daarvan onderbouwde keuzes kan maken. We kunnen het niet neutraler verwoorden dan zoals het er nu in staat. Mevrouw VOOGT (VVD): Fijn om van de heer Maruf te horen dat er ruimte in zit en dat het niet direct geoormerkt wordt, maar ik lees in de motie toch nog steeds dat de middelen in lijn worden gebracht met de Strategische Investeringsagenda. Ik wil de heer Maruf vragen of hij bereid is om dat uit de motie te schrappen, zodat de motie echt open is en we echt alleen kijken en een analyse hebben van de reserves. Graag een reactie van de heer Maruf.

Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Als ik het antwoord van de heer Maruf goed heb begrepen - daar wil ik graag een bevestiging van - wil hij graag inzicht maar wil hij het niet per se ook al direct in de begroting labelen. Dus wel inzicht, maar nog niet labelen; is dat wat de motie vraagt? 33

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

De heer MARUF (D66): De tweede vraag kan ik bevestigend beantwoorden: ja, dat klopt. Wat de eerste vraag betreft: misschien ligt het aan de boodschapper. Graag geef ik via u, voorzitter, dus het woord aan mevrouw Van Velzen, die hier misschien twee woorden aan kan wijden. Zij heeft hier natuurlijk ook met andere collega's in de raad over gesproken. Misschien kan mevrouw Van Velzen het wel duidelijk maken. De VOORZITTER: Mevrouw Van Velzen, kunt u dit probleem oplossen? Mevrouw VAN VELZEN (D66): We gaan het zien. Ik snap de vraag van mevrouw Voogt goed, maar de reden waarom dat verzoek aan het college is opgenomen … Kijk, het is een voorstel aan ons. Daar kan je gewoon nee tegen zeggen, zoals tegen ieder voorstel dat hier ligt. Het leek ons goed om het college hierover na te laten denken: stel dat je straks al die miljoenen hebt gevonden; wat zouden jullie daar dan mee willen doen? Dat betekent natuurlijk niet dat wij daarin mee moeten gaan, maar dat leek ons wel een mooie opdracht om toe te voegen. Mevrouw VOOGT (VVD): Het probleem zit voor ons inderdaad in dat derde dictum van de motie. Wij zouden het zonde vinden als er nu al een voorstel wordt gedaan voor het bestemmen van deze middelen.

Wij zouden het juist heel mooi vinden dat het onderzoek, die analyse, wordt gedaan - daar zijn we ook heel erg voor - maar dat dat derde dictum geschrapt wordt, zodat er vanuit dit college geen voorstel komt voor de bestemming van de middelen, maar zodat dit aan een volgend college wordt gelaten. Dat is hoe de VVD het graag zou zien. Ik ben benieuwd of de heer Maruf en mevrouw Van Velzen bereid zijn om dit over te nemen. Mevrouw VAN VELZEN (D66): Dat ben ik eigenlijk niet, want de begroting is ook één groot voorstel. Ook daarmee hoeft u niet in te stemmen en ook dat kunt u amenderen. Als herbestemming of vrijval mogelijk is - misschien vindt het college helemaal geen geld; dan komt er ook geen voorstel - dan vragen we het college om daar een voorstel voor te doen. Dan gaan we het daar met elkaar over hebben. Dan hebben we een startpunt voor het gesprek en dan gaan we daarna kijken of we daarmee kunnen instemmen. Volgens mij geeft dit dus ook een beetje kader en richting voor de analyse waar we om vragen. De VOORZITTER: Ik wil tot een afronding komen, want we zijn nu wel heel lang bezig met dit kleine punt. Gaat het nog steeds om hetzelfde punt, mevrouw Timmermans en mevrouw Van der Vlist? Laten we u beiden dan nog de gelegenheid geven, maar dan ronden we het af en dan vervolgt D66 het betoog.

Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Onafhankelijk Delft vraagt zich af: waarom nu? Waarom wordt dit een beetje richting het eind van de periode door een collegepartij als D66 nu pas aangedragen? Daar ben ik benieuwd naar. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): Als ChristenUnie zien wij het risico dat het straks één grote jackpot wordt, ook richting de verkiezingen: "kijk eens wat we met deze miljoenen kunnen doen". Hoe kijkt D66 daarnaar? 34

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

Mevrouw VAN VELZEN (D66): Om te beginnen met de tweede interruptie: dat is eigenlijk precies de reden waarom het erin staat, namelijk om te voorkomen dat we als een soort Poolse landdag hier met elkaar in gesprek gaan over miljoenen. Hiermee hebben we iets van een kader om dat gesprek te voeren. Dat is juist de reden waarom we het er wél in hebben gezet: dan hebben we iets van richting. Nogmaals, daar hoeft u niet mee in te stemmen. "Waarom komt u er nu pas mee?" Ik kan natuurlijk een heel lang verhaal vertellen over hoelang ik hier al over nadenk, maar dat is niet zo relevant. Waarom nu? Misschien juist nu, want er wordt in heel veel gemeenten op dit moment kritisch naar de reserves gekeken, omdat er ook allerlei nieuwe regels zijn over structurele besteding van eventuele reserves. Dat is dus een reden. We dachten ook dat het richting de volgende raad en het volgende college juist een uitstekend moment zou zijn om al die miljoenen te vinden. De VOORZITTER: Ik stel voor dat D66 nu het betoog vervolgt. De heer MARUF (D66): Met deze uitstekende antwoorden kan niemand hiertegen stemmen. Dank, mevrouw Van Velzen. De VOORZITTER: Mevrouw De Jongh Swemer, gaat het over hetzelfde thema? Dan ga ik even door, want anders blijven we bezig. D66 vervolgt nu het betoog, want anders blijven we erg lang op dat ene puntje hangen en het is wel mooi om te horen wat D66 verder te vertellen heeft.

De heer MARUF (D66): In dit blokje ga ik graag in op onze motie over de Retailvisie. Delft zet in op levendige gemengde wijken met ruimte voor ondernemerschap, maar ons retailbeleid is verouderd en sluit niet aan op de realiteit van vandaag, de woningbouwopgave, de mobiliteitstransitie en de veranderingen in winkelgedrag. Wij willen dat winkelgebieden ook in de wijken bijdragen aan sociale samenhang en leefbaarheid. Daarom vragen wij het college om een actuele Retailvisie, opgesteld met lokale ondernemers, die onze buurten versterkt en toekomstbestendiger maakt. Hiervoor dank aan de heer Analikwu, die dit vanuit ons heeft uitgewerkt. Mevrouw WATTEL (GroenLinks): Ik heb even op het RIS gekeken. Er zijn in het verleden al toezeggingen gedaan over een Retailvisie. Op 14 november vorig jaar is zelfs aangekondigd dat die in het eerste kwartaal van 2025 onze kant op zou komen. Wat voegt deze motie dus toe? De heer VALK (CDA): Ik had deels dezelfde vraag als GroenLinks: waarom deze motie? Maar ik heb ook een vraag over het tweede en het derde dictum: waar zit de angst bij D66 dat de wethouder niet met ondernemers gaat praten, een hele wijk zal overslaan of zo? Dat kan ik me bijna niet voorstellen.

Dus waarom deze motie? Wat voegt die toe? De heer ANALIKWU (D66): Om met de eerste vraag te beginnen: het eerste kwartaal van 2025 is al voorbij en ook de wethouder heeft aangegeven dat dit een 35

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

goede oproep is vanuit de raad om het college hier opdracht toe te geven. Vandaar juist deze motie: als de wethouder had gezegd "dat gaan we al doen", hadden we de motie natuurlijk niet ingediend. Wat de vraag van het CDA betreft: het lijkt mij goed om te vragen om juist lokale ondernemers erbij te betrekken, maar juist ook om aandacht te vragen voor andere wijken en winkelgebieden dan de binnenstad, Leeuw&stein en In de Hoven. Dat hebben we er juist in gezet omdat er in het retailonderzoek, uit mijn hoofd uit 2022, vooral aandacht was voor die drie specifieke winkelgebieden. Het is juist ook voor buurten en wijken in Delft buiten die centrale gebieden belangrijk om daarvoor een goed retailbeleid te hebben, zodat juist die buurten daar worden versterkt. Mevrouw WATTEL (GroenLinks): Ik ben benieuwd naar de status van de Retailvisie, omdat die zo expliciet is aangekondigd voor het eerste kwartaal. Het kan dus niet zo zijn dat er daarvoor nog niks ligt. Dus toch graag een reflectie hierop van D66. De heer TREFFERS (Volt): Volgens mij hoorde ik de heer Analikwu zeggen dat hij verwacht dat die visie er niet aan komt, maar dat is toch precies wat de wethouder wél heeft toegezegd? Vertrouwt hij dan de toezegging van de wethouder niet? De heer ANALIKWU (D66): Het cynisme is voor mij in dit geval een beetje hoog, want volgens mij hebben we juist heel veel vertrouwen in deze wethouder.

De wethouder heeft aangegeven dat dit een goede opdracht is vanuit de raad aan het college. Dat is een week geleden in deze zaal gezegd. Volgens mij is het daarom juist een goede opdracht om dit weer prioriteit te geven, want er zijn ook een hoop andere stukken, bijvoorbeeld de REV. Het is juist goed om die prioritering hier aan te geven als een opdracht voor de komende jaren voor het college. Mevrouw WATTEL (GroenLinks): Een laatste vraag: ziet D66 dit dan ook als een onderdeel van de REV? Hoe kijkt D66 hiertegen aan? De heer TREFFERS (Volt): Waarom roept de motie dan niet op om de visie eerder te prioriteren in plaats van om haar op te stellen? Dat gaan we nu immers wél doen. Als u oproept om de visie vóór de REV op te stellen, wil ik die afweging graag maken. De heer ANALIKWU (D66): Volgens mij is het juist heel logisch om, als we een nieuwe versie van de REV gaan opstellen, dat te doen voordat er een Retailvisie wordt gemaakt. Het zijn ook echt twee verschillende dingen. Ik denk dat het juist heel logisch is om het college de vrijheid te geven om daarin een logische prioritering te maken. Maar wat uit deze motie zou volgen, als zij en ook de motie over de REV worden aangenomen, is dat deze twee economische stukken met urgentie gemaakt moeten worden. De heer MARUF (D66): Ook deze antwoorden waren uitstekend.

36

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

De Kadernota benoemt terecht de forse woningbouwopgave en de spanning die zij geeft, zeker in een compacte stad als Delft. Een aantal van jullie hebben dat al benoemd in jullie bijdragen. Ook in de commissievergadering is daar ontzettend veel aandacht voor geweest. Ik hoorde ontzettend veel positieve geluiden over het volgende wat wij gaan inbrengen. Bij participatieprocessen horen we vaak vooral de luide stem van bestaande bewoners, terwijl juist woningzoekenden, jongeren, starters en nieuwe Delftenaren zelden gehoord worden. Met onze motie pleiten we voor een Delftse Woonraad, die structureel de belangen van woningzoekenden inbrengt bij belangrijke plannen. Zo maken we participatie eerlijker en bouwen we echt aan een Delft waarin iedereen kan meedoen. Dat is ontzettend belangrijk. Ook landelijk is hier ontzettend veel aandacht voor. In steden waar dit al gebeurt, wordt er heel positief gereageerd op de deelname van woningzoekenden aan het debat. Mevrouw VOOGT (VVD): Het is mooi dat D66 een punt maakt van de Woonraad en het woningtekort. Dat vinden wij ook heel belangrijk, maar ik vraag me af hoe deze motie volgens D66 uitgevoerd moet worden en hoe D66 komt tot een afspiegeling van alle woningzoekenden, inclusief het betrekken van die stem van buiten.

Gebeurt dat op basis van urgentie of loting? Ik ben ook benieuwd wat het volgens D66 moet gaan kosten als dit vanuit de gemeente georganiseerd gaat worden. Mevrouw VAN DER VLIST (ChristenUnie): De heer Maruf zei zelf al dat in andere gemeentes hierover wordt gesproken en hiermee wordt begonnen en dat men enthousiast is. Uw motie vraagt om een onderzoek en om een terugkoppeling over dat onderzoek. Is het niet verstandig om eerst te kijken naar de best practices bij andere gemeentes voordat we dit in Delft al direct gaan toepassen en daar geld en tijd in gaan steken? De heer TREFFERS (Volt): Participatie, wonen en best practices: ik kan er helemaal van genieten, maar tegelijkertijd denk ik dat, als je een woningzoekende vraagt of hij in een Woonraad wil, hij dan in je gezicht terug schreeuwt dat hij een betaalbare woning wil en geen Woonraad. Denkt u nou echt dat mensen in een Woonraad gaan zitten, niet wetende of ze daadwerkelijk mogen gaan wonen op de plek waar ze dan input over gaan geven? Is het niet véél beter om lokaal op het moment dat je ergens gaat bouwen voor mensen, daar mensen bij te zoeken die daar daadwerkelijk kunnen gaan wonen? Dat is namelijk ook mogelijk. Mijn tweede vraag is: wat heeft dit met de begroting te maken? De VOORZITTER: Heel goed, meneer Treffers; hou die hygiëne erin en zet aan het denken.

De heer ANALIKWU (D66): Laat ik vooral met dat laatste beginnen, want ik weet eigenlijk niet wat ik hoor. Zegt Volt nou dat participatie voor de bühne is en geen zin heeft en dat mensen er niet van overtuigd raken dat het laten horen van je stem juist heel belangrijk is? Volgens mij is dat alles waar Volt voor zou moeten staan. Ik geef op die manier dus alvast een klein stemadvies mee.

37

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

De heer TREFFERS (Volt): Heel kort: ja, wij zijn voor participatie, maar wel voor participatie die zin heeft. Op het moment dat je een weg naast een bewonersflat gaat bouwen, wil je met die bewoners praten. Op het moment dat je huizen gaat bouwen, moet je niet de gemiddelde woningzoeker om raad vragen; daar hebben we namelijk onderzoek voor. Wat je moet doen, is praten met de mensen die daar vervolgens gaan wonen. Daar roept uw motie precies niet toe op. Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): Onafhankelijk Delft heeft nog een vraag. Krijg je met zo'n Woonraad niet wat heel veel inwoners eigenlijk al ervaren, namelijk dat er wel aangehoord wordt maar niet geluisterd? De heer ANALIKWU (D66): Ik probeer ook de eerdere interrupties nog te behandelen; ik probeer dus het lijstje af te gaan. Om te beginnen met het punt van Volt: het idee is juist dat je toekomstige bewoners betrekt, maar het probleem is dat je, als die woningen er nog niet staan, ook niet weet met wie je in gesprek moet gaan. Maar de opmerking was helemaal terecht: uiteindelijk probeer je in zo'n Woonraad toch een soort gemiddelde woningzoekende te krijgen.

Maar het idee is ook juist dat je een ander soort gesprek krijgt over een ander soort woonkwaliteiten, zodat de participatie niet alleen gaat over "dit gebouw is te hoog en dit zorgt voor overlast", maar ook over "het moet misschien juist hoog, want dat lost het probleem op". Er moet nu naar de kwaliteit van de inrichting worden gekeken. Dat gesprek hebben we eigenlijk nooit in deze raad: het gaat vooral over overlast, maar ik denk dat het ook heel belangrijk is om op die kwaliteit het perspectief van woningzoekenden te krijgen. Volgens mij is dat dus heel waardevol. Dan de vraag over de afspiegeling, kosten en best practices. Die vraag kan ik op één manier beantwoorden. Het lijkt mij juist iets moois om onderdeel te laten zijn van het onderzoek. We vragen om een onderzoek. We zeggen niet: richt nu sowieso een Woonraad in, die er zo, zo en zo uit moet zien. We vragen juist om te komen met dat onderzoek. Kijken naar de best practices die al in de vier grote gemeenten toegepast worden, kan juist een onderdeel daarvan zijn. Dat lijkt me dus juist een hele mooie. De vraag van Onafhankelijk Delft heb ik niet goed begrepen.

De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Is de heer Analikwu ervan op de hoogte dat alle corporaties bewonerscommissies en een huurdersraad hebben? Waarom wil D66 nog een entiteit oprichten? Mevrouw TIMMERMANS (Onafhankelijk Delft): De vraag van Onafhankelijk Delft is of we nu niet weer een orgaan creëren waarin straks wel wordt aangehoord maar waarin eigenlijk niet echt geluisterd kan worden, zodat we straks weer mensen teleur moeten stellen. Dat is mijn vraag. Mevrouw VOOGT (VVD): Ik proef toch ook een reflex. Ik weet niet zo goed welk knelpunt nu met deze Woonraad zou moeten worden opgelost. Ik krijg toch de indruk dat we voor elk knelpunt dat zich voordoet, een nieuw clubje, een nieuwe raad en een nieuwe overlegstructuur aan het inrichten zijn. Waarom deze Woonraad? 38

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

De heer ANALIKWU (D66): Ik probeer het kort te houden, gezien de tijd. Het idee is juist om inderdaad toch een nieuwe entiteit op te richten, omdat het gesprek bij participatie over nieuwe woningen op dit moment heel eenzijdig is. Het gaat vooral om de belangen van degenen die er al wonen. Wij proberen als raad een inschatting te maken van de belangen van de mensen die er nog niet wonen. Het idee is om een soort expertgroep of ervaringsdeskundigen neer te zetten die op zoek zijn naar een woning om daar het andere belang tegenover te zetten, zodat wij hier een gebalanceerde afweging kunnen maken. Het is dus juist een verrijking van de participatie en niet nog een clubje waar we niet naar luisteren, want dat is een heel cynische benadering. Kort nog op de vraag van de heer Koelewijn: de huurdersverenigingen, de belangenclubs van huurders, zijn juist die gevestigde geluiden die we al horen. Dit gaat echt over iets wat we nog niet hebben in onze participatie. De heer TREFFERS (Volt): Nog een hele korte vervolgvraag: is dit nou niet juist zo'n motie die eigenlijk beter tot haar recht komt op het moment dat we schriftelijke vragen stellen? Want ik ben het ermee eens dat we iets moeten met de stem van de woningzoekenden. Volgens mij voel ik dat bij heel veel mensen in deze raad, maar we hebben heel veel twijfels over dit instrument.

Kunnen we het er dan niet beter een keer over hebben als we meer tijd hebben en geen 50 moties? De heer KOELEWIJN (Hart voor Delft): Ik wil de heer Analikwu best wel een lijstje toesturen welke huurdersvertegenwoordiging we in ieder geval in Delft al hebben, maar ik heb nog een vraag: wat bedoelt D66 met "toekomstige Delftenaren"? Mevrouw WESSELS (GroenLinks): Ik sluit me bij de woorden van de heer Treffers aan. Is het, ook gelet op deze hele discussie, niet wijzer om de motie mee te nemen naar een ander moment, waarop we de discussie inhoudelijk echt goed met elkaar kunnen voeren? Dat helpt ons volgens mij allemaal verder om beter te begrijpen welk middel u voorstelt. Dit vraagt gewoon meer tijd. Wij denken hier graag in mee. Mevrouw FUNG FEN CHUNG (STIP): Ook namens D66: onlangs hebben wij met de ChristenUnie schriftelijke vragen gesteld over woningdelen en het geven van een stem aan woningzoekenden. Het lijkt me mooi als dit onderzoek daarin kan worden meegenomen. Dit kan een voorzet zijn voor het gesprek dat we daar kunnen voeren. De heer ANALIKWU (D66): Dat heeft mevrouw Fung Fen Chung heel mooi gezegd. Verder gaat het om een onderzoek; dat is waar de motie om vraagt. Voor het overige laat ik het hierbij, want volgens mij is de motie vrij duidelijk. De heer MARUF (D66): Ik ging richting afsluiting.

Delft is de stad van kennis, vooruitgang en kansen, maar die kansen zijn niet vanzelfsprekend. Daar moeten we hard voor werken met verstandig financieel beleid, sterke buurten en eerlijke participatie. Deze drie voorstellen - inzicht in reserves, een nieuwe Retailvisie en een Woonraad voor woningzoekenden - zijn geen vrijblijvende extra's. Ze zijn nodig om 39

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

de ambities uit de Kadernota waar te kunnen maken zonder de financiële gezondheid van Delft uit het oog te verliezen. D66 staat voor een Delft dat groeit met oog voor de toekomst, voor cultuur, voor ondernemers en voor iedereen die hier wil wonen en die hier wil blijven. De heer TREFFERS (Volt): Sorry, ik kan het niet laten. Meneer Maruf zegt dat het niet gaat om extra's. Twee van de drie moties van D66 vragen niet om geld, maar om een Woonraad voor een probleem waarvoor de oplossing duidelijk het vrijmaken van geld is en om een visie die al wordt geschreven. Dat zijn dan toch juist extra's? De heer MARUF (D66): We zullen bij de stemming zien in hoeverre deze voorstellen van D66 worden gedragen. We hebben hier het debat met elkaar gevoerd. We hebben geprobeerd u zo goed mogelijk van antwoorden te voorzien. Het is nu aan u hoe u daarmee omgaat. Ik hou graag ook tijd vrij om anderen te interpreteren en te vragen naar hun ideeën. Vandaar dit antwoord. Door de fracties van D66, STIP en GroenLinks wordt motie 6.2.14 (Onderzoek naar reserves) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 3 juli 2026, gelezen de Kadernota 2026; constaterende dat: • • •

de gemeente Delft beschikt over diverse bestemmingsreserves en algemene reserves; een deel van deze reserves mogelijk voor lange tijd ongebruikt blijft of beperkt wordt ingezet; er onduidelijkheid bestaat over de actualiteit, noodzaak en doelmatigheid van sommige reserves;

overwegende dat: • • •

een doelmatig gebruik van publieke middelen van groot belang is voor een financieel gezonde gemeente; inzicht in de bestemming en (on)benutte omvang van reserves eraan bijdraagt dat de raad strategische afwegingen kan maken bij de begroting 2026; het wenselijk is om te onderzoeken of er middelen vrijgespeeld kunnen worden ten behoeve van actuele opgaven en investeringen, gezien de grote uitdagingen en ambities waar de stad voor staat;

verzoekt het college: •

om in aanloop naar de Programmabegroting 2026 een analyse op te stellen van alle gemeentelijke (bestemmings)reserves;

40

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

• • •

bij deze analyse in ieder geval in te gaan op de verwachte onttrekkingen voor de komende jaren en de ruimte voor herbestemming van de middelen; wanneer er ruimte voor herbestemming of vrijval blijkt, een voorstel te doen voor de bestemming van deze middelen in lijn met de Strategische Investeringsagenda; de resultaten van deze analyse te delen met de raad voorafgaand aan de behandeling van de Programmabegroting 2026,

en gaat over tot de orde van de dag." Door de fracties van D66, STIP en Hart voor Delft wordt motie 6.2.15 (Retailvisie voor sterke buurten) ingediend: "Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft in de vergadering van donderdag 3 juli 2025 bij de bespreking van agendapunt Kadernota 2026. We stellen vast dat: -

het huidige detailhandelsbeleid (retailbeleid) verouderd is en niet meer volledig aansluit bij de actuele ontwikkelingen en uitdagingen waar Delft mee te maken heeft; het beleid daarmee onvoldoende aansluit op de huidige uitdagingen, waaronder de grote woningbouwopgave, gebiedsontwikkelingen en mobiliteitstransitie.

We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -

bruisende winkelgebieden en levendige straten bijdragen aan een prettige woonomgeving en sociale cohesie tussen bewoners; een integrale en actuele retailvisie als input gebruikt kan worden voor stedelijk programmeren; een actuele retailvisie tevens duidelijkheid en perspectief biedt aan bestaande en toekomstige ondernemers.

We geven het college de opdracht om: -

een actuele retailvisie op te stellen; bij het opstellen van deze visie actief lokale ondernemers te betrekken; hierbij aandacht te besteden aan zowel de binnenstad, Leeuw&stein en In De Hoven, als aan winkelgebieden op wijkniveau,

en gaan over tot de orde van de dag." Door de fracties van D66 en STIP wordt motie 6.2.16 (Luister naar de zachte stem van woningzoekenden) ingediend:

41

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

"Deze motie wordt besproken door de gemeenteraad van Delft in de vergadering van donderdag 3 juli 2025 bij de bespreking van agendapunt Kadernota 2026. We stellen vast dat: -

het woningtekort in Delft groot is; bij de participatie voor woonplannen vooral bewoners die al een woning hebben in de omgeving hun stem laten horen; de zachte stem van toekomstige bewoners vooralsnog geen plek heeft in het participatieproces.

We hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -

voor een goede belangenafweging ook de belangen van woningzoekenden moeten worden meegewogen; aspecten zoals omgevingskwaliteit, goede bereikbaarheid en wooncomfort een grotere rol zullen spelen als de toekomstige bewoners een rol krijgen in de participatie.

We geven het college de opdracht om: -

het oprichten van een Delftse Woonraad die de belangen van woningzoekenden behartigt te onderzoeken; hierbij te kijken naar toekomstige Delftenaren én Delftenaren die binnen de stad willen verhuizen; de Woonraad een weerspiegeling van de stad te laten zijn door bewoners van en zoekend in verschillende wijken, van verschillende leeftijden en voor alle beoogde typen woningen te betrekken; de Woonraad in ieder geval te betrekken bij inspraak voor woningbouwplannen zoals Omgevingsplanwijzigingen, verzwaard advies en gebiedsvisies; over de resultaten van het onderzoek terug te koppelen naar de raad,

en gaan over tot de orde van de dag." Mevrouw KOK (SP): Voorzitter. Ik wil graag de moties bespreken die de SP indient. Daarna wil ik u vragen om het woord te geven aan de heer Van der Sluis voor de rest. Allereerst de motie over het raadsweekend. Hoewel de burgemeester in de commissie aangaf dat zij dit weekend heel waardevol vindt, is de SP van mening dat dit weekend echt veel te duur is. Ik wil de commissievergadering niet overdoen, maar het kan niet vaak genoeg gezegd worden: in onze ogen is dit weekend pure luxe en het zou de raad sieren om onze inwoners te laten zien dat wij ook als raad kunnen bezuinigen. Tenslotte hebben veel van onze inwoners al sterk moeten bezuinigen op hun eigen levensbehoefte. Van luxe kunnen sommigen alleen maar dromen. Van het geld dat we hiermee kunnen bezuinigen, kunnen we echt heel veel andere nuttige dingen bekostigen. We hadden de wildopvang open kunnen houden van dit bedrag. We zouden Westerpop een handje kunnen helpen. We zouden een 42

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

bijdrage kunnen doen om een kinderboerderij te helpen. De mogelijkheden zijn eindeloos. Daarnaast vraagt de SP zich af of zo'n weekend echt nodig is. Binnen deze raad bedrijven we politiek en hoeven we geen vriendenclub te worden. De informatie die in het weekend wordt gedeeld, kunnen we ook op andere manieren tot ons nemen. En als raadsleden dit weekend echt heel nodig vinden, zullen ze het niet erg vinden om bij te dragen vanuit de riante vergoeding die we voor dit werk krijgen. De heer TREFFERS (Volt): Eigenlijk heb ik weer dezelfde vraag. We hebben dit al besproken in het fractievoorzittersoverleg en volgens mij was elke partij het ermee eens dat dit eigenlijk niet de bedoeling is. Toen hebben we daar afspraken over gemaakt. Ik vraag me af of de bedoeling van deze motie dan niet is om de rest te laten zien "wij vinden dit veel te duur", want volgens mij is iedereen dat met u eens. Mevrouw VOOGT (VVD): Dit is natuurlijk een zeer terecht punt. Ook de VVD vindt het natuurlijk belangrijk dat we op het geld letten en kritisch zijn op wat we uitgeven, maar het raadsweekend is niet een feestje, zoals mevrouw Kok het hier nu voorstelt, maar een essentieel onderdeel van ons als raad voor reflectie, teambuilding en ook inhoudelijke verdieping. Het is gewoon een serieuze bijeenkomst. We hebben het hier ook eerder over gehad.

Wat de VVD betreft zouden we dit ook prima in het fractievoorzittersoverleg kunnen bespreken. Hoe kijkt mevrouw Kok daartegen aan? Zou dat een oplossing zijn? Ik denk immers dat dit wel een terecht punt is, maar daar zouden we het graag willen oplossen. Mevrouw KOK (SP): Het is misschien in het fractievoorzittersoverleg besproken, maar op de een of andere manier komt het daar niet door. Het blijft gewoon op de agenda staan. Als je ziet wat de kosten zijn … We hebben maar ongeveer een derde echt nodig voor sprekers en informatie. We hoeven niet met z'n allen ergens te gaan slapen en met z'n allen ergens te gaan eten. Het kan binnen de stad. De Delftse ondernemers hebben er helemaal niks aan. Als we nou ergens met z'n allen op de fiets gaan zitten, zou dat voor onze groene agenda ook een heel stuk beter zijn. Het mag echt wel een tandje minder. Mevrouw VOOGT (VVD): Mevrouw Kok suggereert dat het niet doorkomt, maar volgens mij hebben we deze conclusie recentelijk juist wél getrokken in het fractievoorzittersoverleg; we zijn heel recentelijk op raadsweekend geweest. Dat betekent dat we wel de kans moeten hebben om hier nog een keer met elkaar over te spreken en vervolgens voor de volgende keer kaders en een opdracht mee te geven aan de griffie, die dit uitvoert. Dat lijkt mij een prima oplossing.

Kan mevrouw Kok zich vinden in deze oplossingssuggestie? Mevrouw KOK (SP): Ik vind wat mevrouw Voogt vraagt lastig. Dan gaan we weer praten en overleggen. We hebben het nu over de Kadernota. We hebben het over geld en waar we geld tekortkomen voor allerlei kleinere dingen. Ik denk dat dit nu het juiste moment is om het er nog een keer over te hebben. Ik zou iedereen graag een beetje wakker willen schudden over waar we ons geld wel of niet aan uitgeven.

43

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

De heer TREFFERS (Volt): U verzoekt het fractievoorzittersoverleg om dit te doen. We moeten het er dus in het fractievoorzittersoverleg over hebben. Had u dit niet gewoon kunnen agenderen in het fractievoorzittersoverleg? Mevrouw KOK (SP): Ja, dat kan, maar misschien moeten we nu wat meer met de billen bloot. Zoals we zeggen: dan maar hier. Dan de volgende motie. Zoals vorige week aangegeven heeft de SP gezocht naar mogelijkheden om geld vrij te spelen voor dingen waar in onze stad veel behoefte aan is. Er is bijvoorbeeld veel behoefte aan praktisch opgeleide mensen, zoals politie, leraren, loodgieters, mensen in de zorg en ga zo maar door. Er is dus extra geld nodig om te zorgen voor leer-werktrajecten, stageplaatsen, trainingsmateriaal en noem maar op. Het is dus tijd om het geld weg te halen bij de eliteprojecten van onze stad. De eerste mogelijkheid lijkt Planet B.io. Op dit moment krijgt die stichting jaarlijks € 150.000. Dat betekent dat ze in 2027 in totaliteit € 1,8 miljoen hebben ontvangen van onze stad. Dat is niet meer incidenteel; dat is structureel. Het wordt tijd dat Planet B.io op eigen benen gaat staan. De huidige periode loopt nog tot en met 2027. We zijn dus ruim op tijd om Planet B.io te waarschuwen dat de bijdrage gaat ophouden. Vanaf 2028 kunnen we € 150.000 per jaar inzetten voor zaken waar grote behoefte aan is in de stad.

Daar kunnen we nu al over gaan nadenken en dat kunnen we nu al in gang zetten. Mevrouw WENTINK (STIP): De motie van de SP stelt dat Planet B.io geen directe impact heeft op de inwoners van Delft en dat er in Delft behoefte is aan banen voor praktisch geschoolden, maar de Biotech Campus en de biotechsector zorgen juist voor meer banen voor de Delftse inwoners en voor praktisch geschoolden, bijvoorbeeld voor het verpakken en voor laboratoriummedewerkers. Is de SP het niet met ons eens dat Planet B.io juist betekenisvol is voor onze Delftse inwoners? Mevrouw KOK (SP): Als je goed kijkt wie daar nu allemaal werkt, zie je dat dat allemaal heel hoogopgeleide academici zijn die uit de hele wereld komen; ze komen ook vaak uit Wageningen, want daar zit de universiteit voor voedingsmiddelen. Dit betekent dat we daar niet zo heel erg veel praktisch geschoolde mensen hebben. Het zijn allemaal hoogopgeleide mensen. Dat betekent ook dat heel veel mensen niet uit Delft komen. Dat is op zich niet erg, maar daar hoeven wij als Delftse belastingbetalers niet aan bij te dragen. Planet B.io bestaat straks zeven jaar en heeft tijd genoeg gehad om op eigen benen te staan. Dan wordt het gewoon tijd om het geld ergens anders naartoe te brengen.

Mevrouw WENTINK (STIP): Ik ben het niet eens met wat mevrouw Kok hier stelt, want juist wat er bij de Biotech Campus allemaal gebeurt, zorgt echt voor banen voor praktisch geschoolden in Delft, dus inderdaad die laboratoriummedewerkers. Daarnaast duurt het met dit soort economische ecosystemen even voordat ze volledig zelfstandig zijn. Wij vinden het dus jammer dat de SP dit niet wil. De heer HOMBERGEN (PvdA): Ik denk dat de SP hier een heel eenzijdig beeld schetst van wat daar op de campus gebeurt bij DSM. Daar vinden ook echt heel veel 44

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

praktisch geschoolden werk en emplooi. Het klopt dat er veel mensen uit Wageningen en internationale mensen zijn, maar ook zeer veel Delftenaren vinden daar een mooi emplooi en een mooie werkomgeving. Dat heeft nog even een klein beetje een boost nodig. Graag uw reactie. Mevrouw KOK (SP): Ik denk dat wij als SP toch een ander soort banen zoeken. Ik kijk ook naar wat de stichting wil: communiceren, verbinden en allemaal andere hele mooie buzzwoorden. Er staat nergens iets over het creëren van banen. Daarnaast hebben we best wel problemen in de zorg, bij de politie, bij de loodgieters en bij de timmermannen. Ik denk dat Planet B.io genoeg geld heeft gehad; € 1,8 miljoen in zeven jaar is gewoon een hele berg geld. Het wordt gewoon tijd dat dat geld nu ergens anders heen gaat, zoals de Stichting Stunt, leer-werktrajecten en weet ik wat voor scholen er allemaal zijn. Ik zeg ook niet dat dat geld daar nu niet goed besteed is; ik vind er wat van, maar dat is een ander verhaal. Ik denk wel dat het geld nu beter ingezet kan worden. De heer HOMBERGEN (PvdA): Ik denk dat we helder voor de geest moeten houden dat het niet om Planet B.io zelf gaat, maar om de spin-off van Planet B.io. Mevrouw KOK (SP): Het is Planet B.io dat de geldbedragen krijgt. En wat die spin-off betreft: er gebeurt daar heel veel, maar er gebeurt ook heel veel niet. De VOORZITTER: Dat is een waarheid als een koe.

De heer VAN DER SLUIS (SP): Voorzitter. Ik ga het niet hebben over de voorstellen waar ik een groot voorstander van ben, op eentje na, namelijk de Wippolder. Ik heb er al iets over gezegd: het is jammer om dat nu te zien als afgedaan als we straks hierover gestemd hebben. Ik denk dat we daarmee geen recht doen aan de mensen die daar wonen en wat daar allemaal speelt. Ik denk dus dat iedereen het met mij eens is dat we het hier in de toekomst nog een keer over moeten hebben en moeten uitzoeken wat daar speelt: wat is er aan de hand, waarom wil Woonbron weer zijn flats slopen, wat zijn daar de gevolgen van en hoe gaan we dat tegenhouden? Verder valt op dat er veel voorstellen zijn voor de binnenstad, vooral van Hart voor Delft. Dat is altijd zo bij Hart voor Delft: ze hebben alleen zicht voor het hart van Delft; de rest van de stad interesseert ze niet zo. Dat blijkt weer: iets op de Markt, de paardentram; dat zijn allemaal voorstellen waar wij vandaag niet voor gaan zijn. We hebben het al gehad over een ander voorstel van Hart voor Delft, namelijk over de vermeende problemen met asielzoekers. Volgens mij hebben we in deze stad een goede plek gevonden voor de asielopvang. Dat is echt mazzel, want er zijn een hoop plaatsen in Nederland waar dat niet zo makkelijk gaat. Laten we die mensen dus inderdaad hier opvang bieden, ook om overlast in de rest van het land te voorkomen.

Zolang het hier meevalt en het terrein er is, is dat volgens mij prima. Daar gaan we dus ook niet voor zijn.

45

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

Dan de zinloze symbolische dingen, zoals het uithangen van een vlag en de rookvrije generatie. Dat zijn volgens mij niet de hoofdpunten als we het over de Kadernota hebben. Daar gaan we dus ook niet voor stemmen. Volgens mij was er nog eentje, maar die ben ik kwijt. Ik hoor mevrouw De Koning zeggen: "Niet veel zaaks dus". Dat is misschien de conclusie: er zit dit jaar niet zoveel zaaks tussen. Iedere partij heeft haar eigen kleine puntje ingediend. Kijkend daarnaar denk ik niet dat er heel erg spannende dingen gaan gebeuren. Ik hoef er verder dus ook niet meer heel veel tijd aan te besteden. De VOORZITTER: Dat roept desondanks toch interrupties op; heel bijzonder. Mevrouw GROBBEN (Hart voor Delft): Ik hoor de heer Van der Sluis zeggen "om overlast in de rest van het land te voorkomen". Ik vond dat hij dat ietwat cynisch zei. Ik wachtte dus even met respect af tot hij uitgesproken was. Wat bedoelde u daarmee, meneer Van der Sluis? De heer VAN DER STEEG (PvdA): Ik hoorde meneer Van der Sluis zeggen dat het vooral symboolpolitiek is. Volgens mij bespreken wij nu de Kadernota. In het voorstel staat een stukje over geld.

Straks zal ik het inhoudelijke deel bespreken, maar bent u het niet met mij eens dat als wij iets willen voorstellen wat geld kost, wij dat bij de Kadernota moeten doen? De heer TREFFERS (Volt): Ik ben het over het algemeen over heel veel moties met de heer Van der Sluis eens, maar ik ben benieuwd of hij niet ontzettend enthousiast is over onze motie die heel veel geld voor wonen beschikbaar gaat maken. De heer VAN DER SLUIS (SP): Als ik het er niet over gehad heb, ben ik ervoor. Dat was vandaag een beetje mijn strategie, zoals ik zei: ik ga het niet hebben over dingen waar ik voor ben, want dat past gewoon niet. Over het geld: volgens mij gaat het met die vlag om € 7.000. Als we het bij de Kadernota over dat soort bedragen gaan hebben, is dat prima, maar ik heb wat grotere bedragen in mijn hoofd waarover we het hier moeten hebben, want anders moeten we het hele jaar in één vergadering gaan doen, wat sommige mensen ook lijken te proberen. Over "de rest van het land": er zijn in Nederland gemeenschappen - ik weet de precieze cijfers en verhoudingen niet - waar 400 mensen wonen en waar 500 studenten komen. Nee, geen studenten, maar asielzoekers; daar red ik me niet uit, uit die verspreking. Er zijn plaatsen in het land waar we heel veel mensen opvangen; dan heb ik het niet over studenten, maar over asielzoekers.

Daar komen de gemeenschappen echt onder druk te staan omdat het er veel te veel zijn. Daar heb je echt enorme overlast en problemen. Aan die problemen probeer ik iets te doen. Dat klinkt heel stom, want dat is in de rest van het land, maar ik probeer er iets aan te doen door de mensen hier in Delft, voor zover we dat kunnen, wel een opvangplek te bieden. Volgens mij hebben we daar een goede locatie voor. Ik ben blij dat we die inzetten en dat daar asielzoekers gehuisvest kunnen worden, zodat we inderdaad in de rest van het land minder overlast hebben. 46

HANDELINGEN GEMEENTERAAD 2025

Door de fractie van de SP wordt motie 6.2.17 (Maak van incidentele subsidie geen structurele bijdrage) ingediend: "De gemeenteraad van Delft, in vergadering bijeen op 3 juli 2025 ter bespreking van de Kadernota 2026. Wij stellen vast dat: -

Stichting Planet B.io sinds haar oprichting in 2020 subsidies van de gemeente Delft heeft ontvangen; deze subsidies uit verschillende potjes en op verschillende gronden zijn toegekend; in het begrotingsprogramma 2025-2028 vermeld staat dat Planet B.io jaarlijks € 150.000 uitgekeerd krijgt tot en met 2027; op dit moment de subsidies steeds voor 4 jaar worden toegekend; er ondertussen subsidies gedurende 7 jaar zijn toegekend en dit niet meer als incidenteel gezien kan worden.

Wij hebben nagedacht over en houden er rekening mee dat: -

Stichting Planet B.io in 2027 ondertussen 7 jaar bestaat; de stichting tijd genoeg heeft gehad om op eigen benen te staan; Delft steeds meer behoefte heeft aan praktisch geschoolde mensen in plaats van theoretisch geschoolde techneuten; de doelstellingen van Planet B.io hierdoor geen direct voordeel leveren voor Delftse inwoners die wel de belasting betalen om deze subsidies te kunnen verstrekken; Delftse inwoners steeds hogere kosten en belastingtarieven om hun oren krijgen; in Delft menig ander onderwerp geld nodig heeft; met € 150.000 per jaar belangrijkere dingen gefinancierd kunnen worden, bijvoorbeeld ondersteuning voor leerwerkbedrijven, kinderboerderijen, Wildopvang Delft, Westerpop, duurzaamheidscentrum De Papaver et cetera.

Wij verzoeken het college om -

na 2027 geen subsidie meer te verstrekken aan Stichting Planet B.io; deze stichting op tijd op de hoogte te stellen van dit voornemen zodat zij niet voor een verrassing komt te staan; vanaf 2028 € 150.000 per jaar te reserveren voor meerdere kleine projecten waar Delftse inwoners zich direct betrokken bij voelen,

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15795647/3