CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

3 Woonvisie 2023-2028 inspraak

Raadsvergadering 7 december 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake Goed Wonen in Delft, Woonvisie 2023-2028 (nr. 2341552).31.552 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

2. Sociale huurwoningen uit de stadsvernieuwing nu snel isoleren Het casco van het grootste deel van de stadsvernieuwingsnieuwbouw is niet geïsoleerd. In 1982 keken gemeente en buurt terug op 10 jaar stadsvernieuwing. In die terugblik werden de successen benoemd. Maar, oak werd gewezen op de ontbrekende isolatie: "Toch blijft de betaalbaarheid een probfeem. Denk moor aan de stijgende gasprijzen. Doordat bij het ontwerpen van deze nieuwbouw niet geiet is op het beperken van de stookkosten, kamt dot in de buurt hard aan." {Biz. 27). Via de gemeente hebben de particuliere eigenaren van woningen in onze buurt nu reeds verschillende keren een aanbod gekregen tot het aanbrengen van energiebeperkende maatregelen. Het laten isoleren van bouwmuren en van de begane grondvloer; het aanbrengen van zonnepanelen. En de huurders van Vestia? Die hebben niets gehoord; niets gekregen. Die zitten - nog steeds - met niet geïsoleerde bouwmuren; een niet geïsoleerde bega ne grondvloer; een niet geïsoleerd dak. Dat leidt tot hoge stookkosten. De gemeente constateerde dat al in 1982. En nu, 40 jaar later, zijn wel de huren extreem verhoogd; zijn de energiekosten extreem gestegen, maar is aan de isolatie van het casco nag steeds niets gedaan ... Het is goed dat de gemeente eigenaar-bewoners stimuleert om hun woning te isoleren.

Maar, wij vragen de gemeente om óók Vestia/Stedelink te stimuleren om nu een eerste slag te maken met het isoleren van de huurwoningen in de buurt: door het isoleren van bouwmuren; beganegrondvloer en dak. Dat is dan weliswaar nog niet het beoogde eindbeeld, maar hier geldt zeker: de eerste klap is een daalder waard.

Met vriendelijke groeten, Werkgroep (in oprichting): "Voor een zorgvuldig en sociaal woningbeheer" Stichting Buurt- en Speeltuinwerk Geerweg Secretariaat: Kleine Boogerd 12, 2611WC Delft namens de Stichting, de voorzitter:

namens de Werkgroep i.o.

namens de Werkgroep i.o.

¿__ f1 Angelique Hendriks

Dennis Knetemann

Herman de Groot

Bijlagen:

- "de Geerweg e.o., tien jaar stadsvernieuwing", december 1982 {in druk); - Kopie van onze brief van heden aan Vestia. fen kopie van deze brief wordt gezonden aan Vestia; aan de Commissie Sociaal Domein en Wanen van de gemeente Delft en aan de Huurdersraad Vestía. 4

Samenleving Advies

--· +

Gemeente Delft

Stationsplein 1

2611 8V elf Behandeld door B van Rosmalen Telefoon 06-52739201 bvrosmalen@delft.nl

Retouradres Samenleving. Postbus 78. 2600 ME Delf

Telefoon 14015 Internet www .delft nt

Aan de werkgroep Geerwegbuurt pia Kleine Boogerd 12 2611 WC DELFT

Datum

Onderwer

21-12-2022

sociale woningvoorraad Geerwegbuurt

Ons kenmerk

Uw brief van

23-11-2022 Uwkenmerk 8ijage

Geachte werkgroepleden, lk ontving van u een brief waarin u vragen stelt en opmerkingen maakt over de toekomst van de bij Vestía in bezit zijnde en door u bewoonde woningen in het Geerweggebied. Hartelijk dank voor uw brief. Aan de gemeente vraagt u de sociale voorraad te beschermen in uw buurt en de huisvesting in de binnenstad niet over te laten aan 'de markt'. Daarnaast vraagt u ons om Vestía, de verhuurder en eigenaar van uw woningen, te stimuleren om de woningen te isoleren. Momenteel zijn wij bezig met de actualisatie van het woonbeleid. We gaan daar ook uitspraken doen over het gewenste aantal sociale woningen. In het coalitieakkoord is al opgenomen dat per wijk zal worden gestuurd op een goede balans tussen de sociale huur en vrije sectorwoningen. In 2040 willen we in Delft dat de woningvoorraad tenminste uit één derde deel sociale huurwoningen bestaat (excl. studenteneenheden). Komend jaar bekijken we met de corporaties als uitwerking van de actualisatie van het gemeentelijk woonbeleid op welke manier we de benodigde ontwikkeling kunnen bereiken. Vestía heeft net als elke andere woningcorporatie haar woningen conform de Woningwet en BTIV 2015 onderverdeeld in een 'sociaal' deel en een dee! dat in de toekomst in het vrije sector segment verhuurd kan worden.

Vrijkomende sociale huurwoningen worden op basis van de verdeling die destijds gemaakt is voor een deel als vrije sector huurwoning verhuurd. Uw wooncomplex behoort tot de wooncomplexen waar dat het geval is.

Datum

21-12-2022

Over het isoleren van corporatiewoningen is op landelijk niveau een versnelling afgesproken waarbij woningen met siechte energielabels versneld verbeterd worden. In de kern heeft elke corporatie ervoor te zorgen dater in 2028 geen woningen met E, F,G labels meer zijn. Elke huurwoning dient in 2028 ten minste energielabel D te hebben. Oat heeft ook in de lokale prestatieafspraken een plek gekregen. Verder hanteren we het landelijke tijdpad om tot CO2-reductie, verbetering energieprestatie en energietransitie te komen. Het is primair aan Vestía / Stedelink om binnen hun schaarse middelen afwegingen te maken over te kiezen strategieën en maatregelen op complexniveau lk verwacht dan ook dat u met Vestía/ Stedelink overleg over dit soort zaken voert. lk heb inmiddels van Vestía begrepen dat zij met uw werkgroep om tafel gaat lk ga ervan uit uw vragen hiermee voldoende te hebben beantwoord.

Met vriendelijke groet,

Geo

Karin Schrederhof Wethouder Wonen, Zorg, Onderwijs en Sport

212

Stedelink Postbus 845 2700 AV Zoetermeer Delft, 13 aprii 2023 Beho ud Geerweg 60 als grate sociale huurwoning

Geachte dame, heer De aankondiging van de start van Stedelink ging gepaard met nieuw elan. Daarop aansluitend stuurden wij 23 november Vestia/Stedelink een brief met een aantal voorstellen. Het overkoepelende thema was: bescherm de sociale woningvoorraad uit de stadsvernieuwings-periode in de Geerwegbuurt! Op 14 februari jl spraken wij over onze voorstellen met vertegenwoordigers van Stedelink. In die bijeenkomst was vaneen nieuw elan - nog - weinig te merken. Onze voorstellen bleken te zijn afgewezen. Helaas. Voor twee van die voorstellen spraken we af dat wij Stedelink een verzoek tot heroverweging konden sturen. Dat betrof het naisoleren van de stadsvernieuwingsnieuwbouw en het - in ieder geval voorlopig- stoppen met het overhevelen van leegkomende sociale huurwoningen naar de vrije sector. Die verzoeken zijn nog bij u in behandeling. In de rondvraag van de bijeenkomst op 14 februari kwam terloops ter sprake dat besloten was dat ook de huur van leegkomende woning Geerweg 60 (fors) zou worden opgetrokken. Geerweg 60 is een grote sociale huurwoning (met 7 ka mers); tijdens de stadsvernieuwing op maat gemaakt voor een groot gezin; met een- nu nog- betaalbare huur. Op 15 februari stuurden wij Stedelink het verzoek om de huur van Geerweg 60 niet op te trekken. Wij verwezen hierbij naar de grote behoefte aan betaalbare grote woningen.

Ook concludeerden we dat het liberaliseren van grote woningen in strijd lijkt met de van toepassing zijnde prestatieafspraken. Op 5 aprii hoorden we vaneen medewerker van Stedelink dat Stedelink had besloten ons verzoek afte wijzen. Gevraagd naar de overwegingen antwoordde zij dat die woning veel woningwaarderingspunten heeft. Zij kon ons niet verteilen in hoeverre de eventuele strijdigheid met de prestatieafspraken intern bij de besluitvorming aan de orde was geweest. Graag willen wij het belang van het behoud van sociale huurwoningen, en zeker van grate sociale woningen, nogmaals onder uw aandacht brengen. Volge ns ons is de belangrijkste bestaansreden van corporaties de zorg voor goede huisvesting van mensen die daarin niet zelf kunnen voorzien. Het realiseren van nieuwe sociale huurwoningen kost veel geld en moeite en blijkt onvoldoende mogelijk. Reden te meer om het reeds bestaande sociale bezit te koesteren. Nu is sinds het Vestía-debacle zo'n 10 jaar geleden géén van de met moeite gerealiseerde sociale huurwoningen in onze buurt verhuurd als huurwoning. Eerst verkocht Vestía alle leegkomende sociale huurwoning tegen marktprijzen. De laatste jaren worden alle leegkomende sociale huurwoningen overgeheveld naar de vrije sector en verhuurd voor maximaal opgetrokken prijzen.

Dus: in ons buurtje hebben huishoudens die aangewezen zijn op de sociale sector geen enkele kans gehad op een voor hen betaalbare woning. Terwijl er in 1

onze buurt en óók in de binnenstad als geheel grate behoefte is aan sociale huurwoningen. Geerweg 60 is gerenoveerd ju ist voor een groat huishouden. In deze categorie is de nood het grootst. Dus nogmaals ons verzoek: handhaaf deze woning in de sociale sector. Wij zijn niet de enigen die het behoud van grate huurwoningen in de sociale sector belangrijk vinden. Wij zien dit ook uitgedrukt in de- door Vestia/Stedelink- gemaakte Prestatie-afspraken. Wij verwezen hier al naar in ons verzoek van 15 februari. Wij citeren: - In de Meerjarenafspraken 2018-2023 tussen Vestia, de gemeente Delft en de Landelijke Huurdersraad Vestia staat in hoofdstuk 2"Betaalbaarheid, beschikbaarheid en bereikbaarheid" (onder aan bladzijde 4) onder het hoofdje "Meerjarenafspraak" (dus lopend t/m 2023): "Voorde nieuwe verkoopprogramma's geldt dat er geen grote eengezinswoningen worden verkocht, geliberaliseerd en gesplitst. Er geldt een "nee, tenzij" uitgangspunt. Definitie vaneen grate woning is: 65 m2 woonoppervlakte en 4 of meer kamers." - In de Prestatieafspraken 2022 kamen grate woningen ter sprake op bladzijde 5 onder punt 17: "Vestia verhuurt de grote sociale huurwoningen zoveel mogelijk aan grote gezinnen".

In de Prestatieafspraken 2023 staat op bladzijde 18, onder punt 6.2: "Vestia/Stedelink verhuurt de vrijkomende grote sociale huurwoningen aan grote gezinnen." Geerweg 60 is een grate eengezinswoning met een sociale huur. De boven weergegeven afspraken impliceren dat zo'n huurwoning niet wordt "geliberaliseerd" (per definitíe een begrip betrekking hebbend op de huursector) en dat "de" (= alle) vrijkomende sociale huurwoningen worden verhuurd aan een groat gezin. Bij deze afspraken wordt geen enkele uitzonderingsgrond aangegeven. Naar onze mening strookt het door Stedelink gevoerde be leid dus noch met de tekst, noch met de geest van de gemaakte Prestatieafspraken. Wij vragen u-nogmaals - om de leegkomende woning Geerweg 60 niet aan de sociale voorraad te onttrekken. En mocht u- onverhoopt- toch van mening blijven dat ook deze woning te gelde gemaakt moet worden, dan willen wij u vragen om ons te laten weten hoe dat besluit naar uw mening past bij zowel uw ambities als sociale volkshuisvester als bij de tekst en de geest van de gemaakte Prestatieafspraken. Met vriendelijke groeten, Werkgroep (in oprichting): "Voor een zorgvuldig en sociaal woningbeheer" Stichting Buurt- en Speeltuinwerk Geerweg Secretariaat: Kleine Boogerd 12, 2611WC Delft

Namens de Stichting,

.» - fttb ..--" >

-f

I

se

Namens de Werkgroep i.o.

(~

e

Angeli elique Hendriks

{/1

Herman de Groot

Een kopie von deze brief wordt- per mail - gezonden aan Stedelink (t.a. v. mevrouw S. de Graaf); de gemeente Delft (t.a.v. heer B. van Rosmalen) en aan de Huurdersraad Stedelink (t.a.v. mevr. P. van der Burg).

2

College van burgemeester en wethouders Samenleving Advies, t.a.v. N. de Leeuw Postbus 78, 2600 ME Delft

Van: Jurrian Arnold, Michie! Brouwer, lneke Hulshof Betreft: Zienswijze op Woonvisie Delft 2023-2028 Datum: 17 augustus 2023

Geacht College van B&W, Graag ma ken we gebruik van de mogelijkheid onze zienswijze in te brengen op de Woonvisie Delft. Wij richten onze zienswijze hierbij specifiek op de mogelijkheden voor en ondersteuning van Wooncollectieven. Naar ons idee is dat onvoldoende uitgewerkt in de Woonvisie, geeft de visi e te weinig richting om collectieven een plek te geven in de bouwopgave en blijft de visie onduidelijk in de manier waarop de gemeente collectieven kan en wil ondersteunen. Collectief wonen staat voor meer zeggenschap van bewoners over hun manier van wonen, het beheer ervan en de ontwikkeling ervan. Meer ruimte voor collectief wonen betekent meer diversiteit, meer sociale kwaliteit en meer veerkrachtigen gemeenschappen. Wij moedigen het college aan om meer de nadruk te leggen op de positieve kansen die collectieve woonvormen kunnen bieden en een actievere houding aan te nemen in het realiseren van diversiteit van het woonaanbod.

Wooncollectieven in de Woonvisie 2023

Collectief wonen, of wonen met collectieve ruimten wordt een aantal keren genoemd in de Woonvisie. • In hoofdstuk 3 (p.S) en herhaald in hoofdstuk 4 (p.14) wordt wonen met collectieve voorzieningen genoemd als kansrijk om te variëren in woninggrootte, met name kansrijk om woningen kleiner en betaalbaarder te maken.- Maar verder dan die constatering kamt het niet in de visie. • In hoofdstuk 3 wordt op pag. 9 ender de kop 'uitbreiding studentenhuisvesting' genoemd dat met DUWO wordt gesproken over het bouwen van groepswoningen. - Deze vallen oak in de categorie collectieve woonvormen die verder in dit overzicht van mogelijkheden niet genoemd worden. • In hoofdstuk 4 (p.16) wordt aangegeven dat mogelijkheden voor woningdelen zullen worden onderzocht. - Ook hier mist een verdere uitwerking, of een link met collectieve of collaboratieve woonvormen. • In hoofdstuk 5(p.18) staat een aparte paragraaf over Collectieve woonvormen . Dit is echt de verkeerde plek. Hoofdstuk 5 gaat over het huisvesten van kwetsbare doelgroepen. Wooncollectieven kúnnen daarvoor een oplossing zijn, maar in de overgrote meerderheid van de wooncollectieven in Delft gaat het níet om het huisvesten van kwetsbare groepen. Daarbij worden collectieven niet gesta rt door kwetsbare doelgroepen, maar kunnen initiatiefnemers ervoor kiezen om kwetsbare doelgroepen een plek te geven.

Het past beter om er een apart hoofdstuk of een paragraaf in hoofdstuk 3aan te wijden. • hoofdstuk 5(p.18): . eerste bullet geeft aan dat de gemeente open staat voor de vorm. .. tweede bullet stelt dat extra aandacht niet (altijd) nodig is ... derde bullet geeft aan dat snelheid van de bouw belangrijker is dan deze woonvorm. Eventuele medewerking van de gemeente

Deze bullets voegen niets toe aan de woonvisie, behalve het gevoel dater eigenlijk geen plaats is voor collectieve woonvormen. Er wordt (impliciet) gewezen op de verwachte nadelen: op de mogelijke vertraging van het bouwproces, op de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemers en de mogelijkheden collectief wonen te realiseren binnen de bestaande invulling van de bouwopgave. Op deze plek en in deze formulering doet de tekst over collectief wonen meer kwaad dan goed. Daar waar wel genoemd wordt dat de Gemeente wél interesse is, wordt op geen enkele manier duidelijk gemaakt welke rol de Gemeente Delft daarbij wil speien of welke ambitie de Gemeente daarin heeft. Naar onze mening is de redenering niet kloppend en de ambitie en inspanning die de Gemeente Delft wil doen voor het diversifiëren van het woningaanbod niet toereikend.

Daarnaast zijn er meer za ken die, in het licht van collectief wonen, ons zijn opvallen en die nuancering behoeven: •

In Hoofdstuk 3, pag. 6 staat: "De uitgangspositie is dat Delftfors meer huishoudens kent dan bewoonde woningen. Per 1 januari 2021 zijn er circa 59.200 huishoudens versus circa 49.000 bewoonde woningen. Ruim 10.000 huishoudens wonen 'onzelfstandig'." Hierop trekt de visie de conclusie in het volgende bullet: "Het feit dat vele duizenden inwoners in Delft onze/fstandig wonen kan gezien worden als verborgen woningnood." En daarop baseert de visie het beleid om "...een extra inspanning [te] doen - meer woningen bouwen dan strikt noodzakelijk om de vraag zoals opgenomen in de demografische prognose bij te benen. Deze conclusie vinden wij te voorbarig en eenzijdig. Het houdt geen rekening met degenen die er bewust voor kiezen onzelfstandig te wonen; dan wel in HAT-eenheden, dan wel in collectieven. Onze expositie over al in Delft bestaande wooncollectieven laat zien dat dit oak een aanzienlijk aantal huishoudens betreft. Er zijn meer dan 30 collectieven in Delft. Oak heeft Delft een aantal zogenaamde HAT eenheden waarbij voorzieningen worden gedeeld. Er is dus aleen groep huishoudens die bewust kiezen voor een 'onzelfstandige' woonvorm, en die zal er ook blijven. Nader onderzoek is nodig om deze constatering in de visie te nuanceren, zowel in de analyse als in gewenst bouwprogramma voor de toekomt.

•

In Hoofdstuk 3, op biz. 11 staat: "Uit oogpunt van de benodigde versnelling kiezen we er niet voor om omwille van de betaalbaarheid bestaande overeenkomsten/ harde plannen open te breken." Gezien de nu optredende vertraging in de bouwplannen vanwege o.a. de stijgende rente, die gedurende de hele looptijd van deze woonvisie zal optreden, is wellicht het wel openbreken van bestaande overeenkomsten/harde plan nen een betere keuze om passender en sneller te kunnen bouwen.

Wooncollectieven in Delft - juist nu veel interesse

En dat terwijl wonen in een collectief is ju ist nu weer heel actueel is, voor zowel ouderenhuisvesting als starters op de woonmarkt. Die interesse merkten wij oak de afgelopen 2 jaar, toen wij va nuit de ontwerpersvereniging DelftDesign en TOP veel aandacht besteden aan collectief wonen in Delft. Wat ans daarbij opviel is ju ist de grate interesse die er bij professionals, bestuurders, ontwikkelaars en vooral bewoners is voor deze gezamenlijke manier van wonen. Oak binnen de Gemeente - zowel bestuurders, ambtenaren als raadsleden- bemerkten we deze aandacht. En dat is oak niet vreemd: het wonen in een collectief vergroot de betrokkenheid van de bewoners met de plek en met elkaar enorm. Zij voelen zieh, ju ist door de vorm van bewust delen met een ander, verantwoordelijk voor de directe woonomgeving, zowel fysiek als sociaal. - En dat wordt door de Gemeente juist zo aangemoedigd in de Visie.

Wat kan de gemeente doen?

De gemeente kan, binnen de kaders van de huidige woonvisie, de grate bouwopgave en gewenste snelheid van de nieuwbouw, wel degelijk ambitieuzer én concreter zijn in het ondersteunen van collectieve woonvormen. Voor het aanscherpen van de ambitie biedt de Visie aanknopingspunten bij een aantal doelen: - het doel om een divers woningaanbod te realiseren - het doel om het nieuwbouwprogramma te innoveren "We omarmen vernieuwing en innovatie. ..) We denken niet in regels maar in mogelijkheden en kansen (...)" zegt de Woonvisie zelf op pagina 10. - het doel om de betrokkenheid en verantwoordelijkheid van bewoners te vergroten. •

Gebruik wooncollectieven actief in het verbeteren van de woonkwaliteit van de woning en de omgeving.

Liesbeth Janson benoemde haar ervaringen met collectief bouwen in Delft als volgt: "de verhouding tussen kosten en bouwkwaliteit is aantoonbaar gunstiger. En dat is oak logisch. De groep wil zoveel mogelijk kwaliteit krijgen voor hun eigen budget. Het doe/ is niet de verdiencapaciteit, maar de kwaliteit van de eigen plek." •

Kleiner wonen in ruil voor meer zeggenschap

Werk het idee verder uit om kleinere eenheden te mogen bouwen, bij het realiseren van collectieve voorzieningen.- Nu staat dat alleen nog als 'kans' benoemd (p.5) collectiviteit biedt hier enkel kansen als het gepaard gaat met meer bewonerszeggenschap z0als: coöptatie, beheer van collectieve ruimte en bewonersbetrokkenheid in bepaling van de verdeling tussen privé en collectief. Zorg dat deze zeggenschap geborgd wordt door voorwaarden te stellen aan het bouwen van kleinere eenheden. Dat betekent dat initiatiefnemende bewoners reeds betrokken moeten zijn in het ontwerpproces. •

Sluit aan bij het Centrum voor groepswonen Den Haag

Sluit je als Gemeente Delft aan bij het centrum voor Groepswonen in Den-Haag. Dit initiatief van de Gemeente Den-Haag adviseert en bemiddelt bij het tot stand kamen van collectieve woonvormen. Het helpt zowel particulieren, groepen en gemeenten. Zij breiden hun werkzaamheden op het ogenblik al uit buiten de stad Den-Haag. Delft zou daarbij kunnen aansluiten en gebruik kunnen ma ken van die faciliteiten. •

Zet in op beheercoöperaties

Een kansrijk model voor collectief wonen is de beheer coöperatie. Hierbij is de woningbouwcorporatie initiatiefnemer in de ontwikkeling van woningen die uiteindelijk in grate mate beheerd worden door de bewoners zelf. Dit maakt heel andere woonconcepten mogelijk die tevens passen binnen de exploitatie van sociale woningen. In Amsterdam wordt hier inmiddels veel ervaring mee opgedaan en Platform 31 heeft hiervoor

onderzoek gedaan. Link: https://www.platform31.nl/arti kelen/aan-de-slag-met-eenbeheercooperatie/ •

Stimuleer wooncollectieven in verschillende categorieën en verschillende doelgroepen

Collectieve woonvormen kunnen specifiek voor bepaalde doelgroepen worden gebouwd, in verschillende prijscategorieën. Oak in de categorie sociale woningbouw en in de vrije sector zowel in huur als koopformules. Bekend is dat van de huurders van sociale huurwoningen wel 20 % een vorm van collectiviteit wenst. Transformatie en verduurzamen van de bestaande voorraad biedt kansen voor uitbreiding van de woningvoorraad en daarbij het realiseren van collectieve voorzieningen. •

Gebruik de goede ervaringen uit Nieuw Delft.

Juist bij een teruglopende markt bleek collectief particulier opdrachtgeverschap sneller dan de markt. - Gezien de nu optredende vertraging in de bouwplannen vanwege o.a. de stijgende rente, die gedurende de hele looptijd van deze woonvisie zal voortduren, is wellicht het openbreken van bestaande overeenkomsten/harde plan nen een goede keuze om passender en sneller te kunnen bouwen. •

Experimenteer met andere woonvormen

Sams is het niet direct duidelijk wat het nieuwe beleid moet zijn, en lijkt vernieuwing vertragend. De redenering 'snelheid gaat voor vernieuwing' klinkt redelijk, maar voorkomt verandering. Beter is het daarom binnen de versnelling te zoeken naar experimenteerruimte. De gemeente zou bijvoorbeeld kunnen vaststellen voor 0,5 of 1% van de totale nieuwbouwopgave experimentele of andere woonvormen te ondersteunen.

Voorbeelden

In 2000 heeft de gemeente Rotterdam de lastigste opgave in de vinexwijk Nieuw Terbregge, ontwikkeling in handen van destijds Proper-Stak (nu Heymans) bestemd voor collectieve ontwikkeling. In 2 jaar zijn zo 41 woningen en gezamenlijke ruimten ontwikkeld en uitgevoerd met een kopersgroep die ontstond door de grate belangstelling voor relatief goedkope woningen. De prijs kan laag blijven door het complex collectief te ontwikkelen terwijl elke deelnemer zijn/haar eigen woning grotendeels kan indelen en in richten naar behoefte. Er ontstond een grate diversiteit in plattegronden door gebruik te maken van een soort bouwdoos in opties, oak in volume opties. In Amsterdam worden door Rochdale, een woningcorporatie, nieuwe woningen ontwikkeld waarbij het beheer uiteindelijk aan de bewoners wordt overgedragen in een beheercoöperatie. Toekomstige bewoners bepalen hier mede welke voorzieningen worden gedeeld en hoe nieuwe bewoners worden geselecteerd. Link: https ://www. nu 120. nl/beheercooperatie-yoor-hu u rwon ingen-van-rochdale-amsterdam-zui doost In Den Haag, Vroondaal, is door architecten en sociale ontwikkelaars in samenwerking met het Centrum Groepswonen Den Haag een complex "De Vroon" met collectieve voorzieningen gebouwd met een grate diversiteit aan huurwoningen. Het project is in 2023 opgeleverd en erg geliefd zowel door de bewoners als door de omgeving.

) edijven linchieoevers Gemeente Delft t.a.v. College van B&W Postbus 78 2600 ME DELFT Delft, 17 augustus 2023

Betreft: Reactie BKS op Woonvisie 2023-2028 (inspraakversie) Geacht College, Op 27 juni ji. heeft het College van B&W de eerste versie (inspraakversie) van de nieuwe Woonvisie vastgesteld. Op 7 juli werd de visie tevens openbaar gemaakt en opengesteld voor inspraak. Op 9 juli volgde hiervan een bericht in de Stadskrant met daarbij tevens vermelding van de reactietermijn. Belanghebbenden werd verzocht om voor 18 augustus 2023 op de woonvisie te reageren. De reactietermijn viel daarmee volledig in de vakantieperiode. Voor inhoudelijk op de woonvisie in te gaan, willen wij ans ongenoegen over deze reactietermijn uitspreken. Door de reactietermijn volledig in de vakantieperiode te laten vallen, wordt inspraak bemoeilijkt en het participatieproces gefrustreerd. Wij zijn ervan overtuigd dat een zorgvuldig participatieproces leidt tot betere plannen, snellere besluitvorming en minder bezwaar- en beroepsprocedures achteraf. Wij hadden daarom graag gezien dater een ruimere reactietermijn (buiten de zomervakantie) zou zijn gehanteerd. Dit had oak de mogelijkheden om intern over reacties te overleggen vergroot.

i. Wij verzoeken u om in de toekomst rekening te houden met vakantieperiodes en

- -

burgers en bedrijven beter in de gelegenheid te stellen om op plannen te reageren. Dit laatste verzoeken wij oak vanwege het belang van een goede woonvisie voor de ontwikkeling van Delft. Daarbij refereren wij graag oak aan het Manifest van Ondernemend Delft waarin het ontwikkelen van een aantrekkelijke stad voor bezoekers, bewoners en werknemers één van de drie hoofdpijlers vormt.' Een aantrekkelijk woonaanbod is immers voor de bedrijven in Delft van groat belang, zeker oak voor de bedrijven op Schieoevers waar relatiefveel praktisch geschoolden werken. Juist deze doelgroep zoekt immers vaak een woning in de directe omgeving van het werk. In die zin onderschrijven wij oak de ambi tie om het woonaanbod in Delft te vergroten. Passend bij de groei van de stad is de behoefte aan woonruimte groat. Het is belangrijk om in zo veel als mogelijk behoeften te voorzien. Tegelijkertijd willen wij waken voor een goede balans. Zoals wij al eerder in onze zienswijzen op o.a. het Mobiliteitsprogramma Delft 2040 en de Omgevingsvisie Delft 2040 hebben verwoord, maken wij onszelfhierover zorgen.2 Met de nu voorliggende woonvisie worden deze zorgen vergroot. De Woonvisie 2023-2028 gaat immers niet uit van de al hoge ambitie voor toevoeging van 15.000 woningen in de periode 2018-2040 maar van de toevoeging van 17.000 woningen.

De druk op de ruimte in Delft wordt daarmee nag eens significant vergroot. Daarbij willen wij tevens opmerken dat deze hoge(re) ambitie maar zeer summier wordt onderbouwd. De woonvisie geeft zelfs aan dat behoefteramingen deze ambitie niet legitimeren.3 De vraag is dan oak waarom voor een verder toenemende druk op de (schaarse) ruimte 1 Ondernemend Delft (2021), Manifest Delft - Alle ingrediënten voor economisch succes.

Zie Reactie BKS en SGDTP op Mobiliteitsprogramma Delft 2040 d.d. 14 september 2020 en Zienswijze BKS op ontwerp Omgevingsvisie Delft 2040 en bijbehorend ontwerp OER d.d. 1 februari 2021 3 Zie Woonvisie Delft 2023-2028 (inspraakversie), pagina 6.

www.bksonline.nl I Schieweg 68 I 2627 AN DELFT I info@bksonline.nl

in Delft wordt gekozen. Te meer omdat een verdere groei van de woningvoorraad bijvoorbeeld oak extra behoefte aan (ruimte voor) voorzieningen creëert en zorgt voor extra mobiliteit. De extra ambi tie kan daarmee oak de ambities op het vlak van werken (extra) onder druk zetten. Wij stellen deze vraag oak vanuit het licht van de 'Impactanalyse Verstedelijkingsopgave Delft' (2018) waaraan op pagina 24 van de woonvisie wordt gerefereerd. Deze impactanalyse pleitte voor (scherpe) keuzes, een gebiedsgerichte aanpak en een integrale benadering.4 De omgevingsvisie had hierin logischerwijs moeten voorzien, maar heeft met de omschrijving van 'dilemma's en meekoppelkansen's veel keuzes vooruit geschoven. De Woonvisie 2023-2028 maakt deze dilemma's nag grater door niet integraal te kijken naar de opgaven die met de geformuleerde ambities worden gecreëerd. Onduidelijk is bijvoorbeeld wat de hoge(re) ambities betekenen voor groen in de openbare ruimte (dilemma 1), andere functies in de stad (dilemma 3), leefbaarheid, historische stadsgezichten en identiteit (dilemma 4), het woon- en leefklimaat (dilemma 5) en duurzame mobiliteit (dilemma 6).

2. Wij verzoeken u om bij de verdere uitwerking van de woonvisie inzichtelijk te maken welke consequenties de inzet op 17.000 woningen heeft voor de omschreven dilemma's in de omgevingsvisie en daarbij steeds te waken voor een goede balans. 3. Wij verzoeken u bovendien om deze analyse op gebiedsniveau uit te voeren, zodat in elk deel van de stad een goede balans kan worden gerealiseerd. Met bet voorgaande verzoeken vragen wij u in feite om de bestaande woonvisie vanuit een integrale benadering te actualiseren en niet uitsluitend vanuit bet perspectief van de woningmarkt. Uitsluitend gekeken vanuit het perspectief van de woningmarkt wordt in de nieuwe woonvisie meermaals gewezen op de bestaande woningnood. Daarbij wordt geconstateerd dat deze nood zieh voordoet in alle segmenten. De vraag is dan oak welke doelgroepen prioriteit krijgen en in welke behoeften bij voorkeur wordt voorzien. De Woonvisie 2023-2028 kiest daarbij voor het verleggen van de aandacht naar het toevoegen van woningen voor lokale starters/jongeren en kwetsbare groepen en ouderen op de woningmarkt.6 Hoewel wij met name de extra aandacht voor lokale starters/jongeren toejuichen, is deze focus slechts ten dele terug te zien in de planvoorraad per segment.

Daaruit blijkt immers dat vooral wordt ingezet op de toevoeging van sociale huur- en studentenwoningen.7 Daarbij wordt niet vermeid dat deze segmenten reeds sterk zijn oververtegenwoordigd in Delft en dat voor een betere balans -juist oak op de woningmarkt - de toevoeging van (middel)dure huur- en (betaalbare) koopwoningen gewenst zou zijn. Overigens vinden wij het we! zeer posi tief dat u voor wat betreft 'betaalbaar wonen' streeft naar meer evenwicht in de regio.

4. In lijn hiermee verzoeken wij u om bij de verdere uitwerking van de woonvisie duidelijk te maken waarom in de planvoorraad wordt gekozen voor bet versterken van de huidige disbalans in de Delftse woningvoorraad. 5. Daarnaast willen wij u verzoeken om de ontwikkeling van de Delftse woningvoorraad in de woonvisie nadrukkelijk in regionaal perspectief te plaatsen. Wat betekenen (nieuwe) segmenteringskeuzes voor de positie van Delft in de regio? Dit ook in relatie tot de bedrijvigheid die Delft graag aan zieh bindt - nu en in de toekomst. Wij zien daarbij graag meer diversiteit in bet woningaanbod.

Zie Delft 2040 'Ruimte voor keuzes' - Impactanalyse verstedelijkingsopgave Delft. Zie Omgevingsvisie Delft 2040, pagina 56. 6 Zie Woonvisie Delft 2023-2028 (inspraakversie), pagina 8. 7 Zie Woonvisie Delft 2023-2028 (inspraakversie), pagina 7 en Bijlage l.

5

www.bksonline.nl I Schieweg 68 I 2627 AN DELFT I info@bksonline.nl

2

Na voorgaande opmerkingen op stedelijk niveau willen wij uiteraard oak stilstaan bij de delen van de Woonvisie 2023-2028 die op Schieoevers zijn gericht. Daarbij willen wij overigens wel opmerken dat voorgaande verzoeken uiteraard oak vanu it het perspectief van Schieoevers zijn gesteld. Desondanks hadden de delen van de Woonvisie 2023-2028 die specifiek op Schieoevers waren gericht uiteraard onze speciale aandacht. In onze reactie hierop maken wij - in lijn met het voorgaande - een onderscheid tussen de voorgestelde kwantiteit en kwaliteit van woningen. Voor wat betreft de kwantiteit van de woningen merken wij in de eerste plaats op dat de Woonvisie 2023-2028 koerst op de toevoeging van 8.500 woningen op Schieoevers in de periode tot 2040. Wij hebben hierop meerdere bezwaren. Ten eerste ligt het voorgestelde aantal boven het voorkeursscenario zoals dit in het MER Schieoevers-Noord is omschreven en waarvan de effecten in het MER (actualisatie 2022) zijn onderzocht. Dit voorkeursscenario gaat uit van het maximaliseren van wonen en werken en koerst op 5.500 arbeidsplaatsen en 7.700 woningen op Schieoevers-Noord.

De Woonvisie 2023-2028 blijkt met de toevoeging van 8.500 woningen uit te gaan van het in het MER omschreven scenario 'Maximaliseren wonen' dat inhoudt dat er op Schieoevers-Noord nag maar ruimte is voor 3.500 arbeidsplaatsen - een zeer bescheiden groei ten opzichte van de situatie nu. Dit betekent eveneens dat de Woonvisie 2023-2028 (impliciet) kiest voor een minder ambitieuze menging op Schieoevers Noord dan bijvoorbeeld het Ontwikkelplan Schieoevers Noord (2019) en de Omgevingsvisie Delft (2021). Oak de werkambities van de stad zouden bij dit voorstel dus moeten worden bijgesteld. Dit geldt te meer door een andere afwijking ten opzichte van het Ontwikkelplan SchieoeversNoord, namelijk de definiëring van het koersbeeld. In de Woonvisie 2023-2028 wordt hierbij nadrukkelijk gesproken over het jaar 2040. De woonvisie gaat zelfs uit van de realisatie van circa 4.000 woningen in de periode 2031-2040. Om deze ambitie te realiseren, zal na 2030 za snel als mogelijk moeten worden overgegaan tot transformatie van de overige delen van het Schieoevers Noord.

Dit staat op gespannen voet met het uitgangspunt dat bestaande bedrijven worden gekoesterd, zoals antler meer verwoord in het Ontwikkelplan Schieoevers Noord, de Ruimtelijk-economische visie Delft 2030, de door de gemeenteraad aangenomen moties 'Ruim baan voor maakindustrie aan Schieoevers' en 'Koesteren van maakindustrie in het DOP Schieoevers' en het convenant tussen de gemeente Delft en BKS.

6. Met betrekking tot het voorgestelde woningbouwprogramma op Schieoevers Noord verzoeken wij u daarom aan te sluiten op het reeds vastgestelde MER en Ontwikkelplan Schieoevers Noord - zowel qua aantallen als qua fasering. Dit er overigens wel van uitgaand dat bet MER standhoudt in de huidige procedure bij de Raad van State. Op bet moment dat de uitspraak van de Raad van State aanleiding geeft tot wijzigingen in het voorkeursscenario en het daarin gehanteerde programma voor wonen en werken, verzoeken wij u daarmee ook in de Woonvisie 2023-2028 rekening tehouden. Tenslotte willen wij ingaan op de kwaliteit van de voorgestelde woningen op Schieoevers. Wij zien daarbij een sterk accent op studenten en starters. Dit is enerzijds logisch gezien de hoge dichtheid van woningen die op Schieoevers wordt geambieerd. Desondanks willen wij oak op dit punt pleiten voor balans en aansluiting op het Ontwikkelplan Schieoevers Noord. Dit plan gaat uit van realisatie van 50% dure huur en (betaalbare) koop om daarmee oak in de behoeften van doorstromers, ouderen en kenniswerkers te voorzien.9 Doelgroepen die oak vanuit de bedrijven op Schieoevers graag (in Delft) worden bediend. Maar nag los daarvan is deze segmentering oak nadrukkelijk aangebracht om bij te dragen aan de realisatie vaneen sociaal inclusief en cultureel divers Schieoevers Noord.

De Woonvisie 2023-2028 lijkt dit voor wat betreft Schieoevers dus minder na te streven. Wij vragen onszelf af of dit een bewuste keuze is. 8 8

Antea (2022), Milieueffectrapport Schieoevers Noord te Delft- lnclusief actualisatie 2022. Zie Ontwikkelplan Schieoevers Noord, pagina 49.

www.bksonline.nl I Schieweg 68 I 2627 AN DELFT I info@bksonline.nl

3

n

7. Wij verzoeken u in ieder geval om ook voor wat betreft de segmentering van bet woningbouwprogramma op Schieoevers-Noord aan te sluiten bij bet Ontwikkelplan Schieoevers-Noord. Dit overigens met dezelfde kanttekening dat dit programma wel standhoudt in de huidige Raad van State procedure. Tenslotte

Wij willen tenslotte nogmaals stilstaan bij de zeer karte en ongelukkig gekozen periode om een reacties op de Woonvisie 2023-2028 (inspraakversie) te verzamelen. Dit maakt ook dat wij de visie slechts op hoofdlijnen hebben bestudeerd en niet met onze achterban hebben besproken. Wij behouden daarom graag het recht voor om later met aanvullende reacties te komen. Mogelijk is aanvullend overleg tussen vertegenwoordigers van BKS en bij de woonvisie betrokken ambtenaren in dit kader ook waardevol. In ieder geval zijn wij graag bereid om de inhoud van onze zienswijze nader toe te lichten. Daarnaast worden wij graag betrokken bij de verdere planvorming omtrent de Woonvisie 20232028, zeker ook vanwege de mogelijk grate impact van deze visie op de ontwikkeling van ons gebied.

8. Wij verzoeken u daarom ons actiefte infonneren over de verdere procedure en de momenten waarop nog inspraak wordt georganiseerd. Met vriendelijke groet,

Nils Eekhout Voorzitter Bedrijven Kring Schieoevers

www.bksonline.nl I Schieweg 68 I 2627 AN DELFT I info@bksonline.nl

4

Schriftelijke reactie Huurdersraad Vidames op 'Goed wonen in Delft, Woonvisie Delft 2023-2028, Versie voor inspraak'. D.d. 5 juli 2023 17 augustus 2023 Verzonden aan: ndeleeuw@delft.nl en samenleving@delft.nl e.e. huurdersorganisaties Delft, Vidames

Beste college, De Huurdersraad Vidames vindt de voorleggende versie een praktische, pragmatische en doelgerichte Woonvisie. Het is een Woonvisie zonder al te ambtelijke uitstelstrategieën in de vorm van 'we gaan onderzoeken ...', 'we gaan met partijen overleggen...' etc., maar een document met concrete oplossingsuitspraken over woningnood, passendheid van het wonen, betaalbaarheid etc. De inhoud sluit aan bij wat burgers in het algemeen beleven en verwachten in Delft. Onze complimenten over het zorgvuldige participatieproces en de manier waarop u belevingen en verwachtingen van burgers in deze Woonvisie hebt geïntegreerd. lets minder enthousiast zijn wij over de betrokkenheid van de huurdersorganisaties in uw stad. Ondanks onze oproep om oak gebruik te maken van onze expertise op het gebied van het leveren van het huurdersperspectief is daar door uw onderzoeksbureau slechts één keer gebruik van gemaakt. Dat kan een volgende keer beter. Het is jammer dat wij, lees: huurders van sociale huurwoningen, nu onvoldoende het gevoel hebben dat we gehoord en gezien zijn. We juichen uw ambitieniveau toe. Er zijn veel actuele omstandigheden die belemmerend werken op de uitvoering van de ambities. In uw inspraakversie houdt u vast aan een visie waarvan u denkt dat deze bij Delft hoort.

En dat is wat een visi e moet doen: door roeien en ruiten vasthouden aan het streven naar de ideale leefwereld van burgers in de stad. Fijn om te constateren dat u zieh niet belemmerd door actuele dilemma's opstelt. Hieronder vindt u thematisch onze meer specifieke reacties op inhoudelijke onderdelen van de inspraakversie van de Woonvisie: Woning Delen In deze woonvisie kijkt Delft naar inbreidingoplossingen voor het bestrijden van de woningnood. Binnen de bestaande ruimte wordt gestreefd naar het creëren van zoveel mogelijk binnenstedelijk aanbod. Naar onze mening een goed streven. Over het delen van woningen is de Huurdersraad niet zonder meer positief. Zo valt in de Delftse prestatieafspraken voor 2022 een afwijzing van 'maatjeswoning' te lezen'. De Huurdersraad vertegenwoordigt niet alleen belangen van huurders van woningen van Vidames, maar oak die van woningzoekenden. De woningnood groeit inmiddels tot zulke buitensporige proporties, dat de visie op woning delen zieh daaraan (tijdelijk) aanpast.

We constateren dat bij 'woning delen' voldoende aandacht is voor de woonkwaliteit. Zo is er aandacht voor grootte van de woonruimten (pagina 14), betaalbaarheid (pagina 13) en de voordeurdelersregeling1. Het delen van woningen is, gezien de woningnood, een noodzaak. Ons uitgangspunt is echter dat het slechtst een oplossing is voor huishoudens die dat zelf wensen en het delen van woningen niet ervaren als ongewenste 'wachtkamer'. Een wachtkamer die ervaren wordt als een pauze in het realiseren van levenskeuzes als samenwonen en kinderen krijgen. Met andere woorden: wij zien 'woning delen' uitsluitend als een woonkeuze voor woningzoekenden die deze vorm van wonen kiezen, niet voor de huishoudens die zelfstandig willen wonen. Keuze Delft studentenstad U typeert 'Delft als een middelgrote stad met dorpsachtige kenmerken, waar we trots op zijn en die we koesteren2.' Daar staan wij achter. Dit zorgt mede voor de levendigheid en het culturele klimaat van de stad. U kiest voor adequate huisvesting voor studenten en daardoor oak voor uitbreiding van woningen voor hen. Oak geeft u aan dat u bij nabije gemeenten gaat lobbyen voor aanbod voor studenten in hun gemeenten3. Beide juichen wij toe. Wanen en Zorq De ambitie voor het invulling geven aan (zorg)vriendelijke wijken met het oog op de vergrijzing mag grater. U stimuleert geclusterd wonen en nieuwbouw van comfortabele appartementen.

Oak geeft u aan dat de nieuwbouw wordt gerealiseerd met 'soms met ontmoetingsruimte en mogelijkheid van zorg dichtbij' 4. Daarnaast schenkt u aandacht aan de koppeling met voorzieningen en zorg- en welzijnaanbod5. Wij pleiten voor veel meer ontmoetingsruimten (binnen en buiten), en niet alleen voor ouderen. Eenzaamheid en behoefte aan contact onder andere leeftijdsgroepen is immers oak aanwezig. Uw idee van het inzetten van collectieve ruimte voor stads-tuinieren6 past bij een inrichting van openbare ruimte gericht op ontmoeten. Gekoppeld aan de uitdagingen van het behouden of versterken van een leefbare stad7 behouden verwachten wij meer initiatieven op dit gebied

1

pagina 9: Onzelfstandige kamers bevorderen het welzijn van studenten. Oat vraagt van het Rijk

aanpassingen in het Woningwaarderingsstelsel en/ of om een brede inzet van de huurtoeslag of voor een objectsubsidie voor studentenwoningen. Pagina 3 Pagina 9 4 Pagina 15 5 Pagina 15 6 Pagina 14 7 Denk aan: Fysiek: groen tegen hittestress in de zomer, warme ontmoetingsplekken in de stad bij extreme kau. Ontmoeting en educatie koppelen voor tegengaan van kans-ongelijkheid etc. lnitiatieven die er op dit gebied zijn, in stand houden en uitbreiden. 3

Onzelfstandiq wonen Onzelfstandig wonen wordt in uw document negatief beoordeeld. Onder meer door het vermeende negatief effect op leefbaarheid8. Wij manen u daar voorzichtig mee te zijn, dit is niet altijd het geval. Wei mag je constateren dat de woonperiode over het algemeen kort(er) is, sociale cohesie wordt daardoor verstoord. Bewoners van onzelfstandige woonruimte kunnen mensen zijn die -omdat ze niet anders kunnen- in een situatie zitten waarin ze liever niet willen zitten. In dat geval hebben zij juist positieve sociale aandacht nodig. Daarom vindt u hier onzerzijds een pleidooi voor het creëren van ontmoetingsruimten bij clusters van onzelfstandig wonenden. De groep studenten is in de regel niet de bewoners die we hier bedoelen. Gerommel met definities vermijden Op pagina 5 geeft u aan dat u gaat sturen op een woningvoorraad die voor een derde deel gereguleerd is. Vanaf 1 januari is de woningvoorraad tot (ongeveer) 1.100 euro oak gereguleerd. Is dan het een derde deel inclusief deze voorraad? We gaan er van uit dat het niet za is. Op pagina 13 wordt de boedelde voorraad beschreven als de voorraad ender de liberalisatiegrens, exclusief studentenhuisvesting. Ergens anders weer 'inclusief studentenhuisvesting' gemeld. Dit is verwarrend. Graag zien wij een eenduidige definitie in uw Woonvisie.

Particuliere verhuurders betrekken Het is fijn om te lezen dat de gemeente gaat inzetten op gesprekken met particuliere verhuurders over het behouden van de sociale voorraad9. En dat de gemeente de mogelijkheid open houden tot sturing en bevordering middenhuur door vergunningverlening verplicht te stellen'O. Wij ondersteunen deze inzet. Daaraan gekoppeld zouden wij, als huurdersorganisatie, meer betrokken willen worden aan de voorkant van herijking van de huisvestingsverordening. De manier waarop toegang tot de sociale woningmarkt in de huisvestingsverordening wordt afgesproken heeft grate impact op woningzoekenden die wij ook vertegenwoordigen. Gemixte qevoelens bij flexwoningen Flexwoningen11 zijn door hun tijdelijkheid geen oplossing, maar een wachtkamer. Ongewenst voor huishoudens die in een fase van hun leven zitten waarin woonzekerheid belangrijk is (denk aan statushouders). Flexwoningen moeten eigenlijk niet meegeteld worden als woningproductie door hun tijdelijkheid. Daarom is het fijn dat tijdelijke huurcontracten gekoppeld worden aan de randvoorwaarde dat na afloop van het huurcontract een gerede kans moet zijn op een andere woning. Betaalbaarheid

8

Pagina 6 Pagina 8 10 Pagina 15 11 Pagina 10

9

We onderschrijven uw constatering dat betaalbaar wonen gaat over woonlasten (niet alleen over huurlasten)12. Speculeren Wij staan achter uw inzet op opkoopbescherming en zelfbewoningplicht13. Discriminatie U geeft aan dat u zieh inzet voor bestrijding van discriminatie in de woningtoewijzing14. Voorde Huurdersraad is dat oak een zeer belangrijk punt. Wijkontwikkeling In deze woonvisie wordt voor elke wijk een wenselijke ontwikkelingsvisie gegeven15. De beschrijvingen zijn voor ans een bewijs van hoe u de burgers heeft betrokken bij de opstelling van uw Woonvisie. Tot slot Wij hopen dat u onze kritische punten meeneemt in de eindversie van de Woonvisie. Daarmee wordt -naar onze mening- de visie een beetje meer 'van ans allemaal' van. Met vriendelijke groet, Namens Huurdersraad Vidames Riet Middelhoek, Voorzitter «ns

•

(

huurdersraad Van 't Hoffplein 1 2725 EA Zoetermeer E r.middelhoek@huurdersraadvidomes.ni

T 079-3318975 W www.huurdersraadvidomes.nl

'Pagina 5: 14 Gemeente en corporaties*) Vidames en gemeente ronden de verkenning naar maatjeswoningen af, Vidames en Vestía starten bij een positieve conclusie in 2022 een pilot. Er wordt in 2021 een verkenning gedaan ten behoeve van het beter benutten van de woningvoorraad door hagere bezetting (maatjeshuizen): ten minste 2 woningzoekenden in een grate 3 kamer woning. Na afronding van de verkenning is er voor de corporaties nag een go/nog moment. Ter evaluatie van de pilot bevragen we de ervaringen van betreffende huurders. De Vereniging bewonersorganisatie Delft en Huurdersraad Vidames wijzen maatjeswoningen af, omdat ze verminderde woonkwaliteit bieden.

17 Pagina 13 13

Pagina 15 en 16

1+ Pagina 16 15

Pagina 26 tot en met 31

College van burgemeester en wethouders Samenleving Advies, t.a.v. N. de Leeuw Postbus 78 2600 ME Delft via de mail: samenleving.@delft.nl met afschrift aan de raad

Delft, 17 augustus 2023

Geacht college, Op 7 juli heeft u de Woonvisie 2023- 2028 voor inspraak vrijgegeven. Sinds november 2022 hebben Delftse bewonersbelangenorganisaties structureel onderling overleg over za ken rond wo nen, het Delfts Overleg Bewoners Belangenorganisaties. Aanleiding voor dit overleg was het proces op weg naar de Woonvisie. Op 21 december hebben we u een brief gestuurd met verzoek om betrokkenheid. N.a.v. daarvan heeft een gesprek plaatsgevonden en zijn in jun i twee bewonersavonden georganiseerd, waar inwoners van de stad input konden leveren voor de Woonvisie. In de tussentijd publiceerde u de Beleidslijnen voor de Woonvisie. Va nuit DOBB hebben we daar op 9 mei 2023 op gereageerd. We constateren wel veel tijdsdruk in het totstandkomingsproces, en dat is ons inziens jammer omdat lang niet alle waardevolle input zo een plek heeft kunnen krijgen. Ook de terinzagelegging in de zomer is een ongelukkige keuze. Toch hebben we met veel interesse de inspraak versie van de Woonvisie gelezen. Wij onderschrijven de ambitie gebiedsgericht te gaan werken, met meer gemeentelijke regie, de- in absolute zinbeoogde toename van de goedkopere woningvoorraad, en de realisatie van een fors aantal studentenwoningen als inhaalslag primair op de campus zodat de druk op de bestaande voorraad kan afnemen. Wei zijn er voor ans zorgpunten. In het onderstaande geven we deze op hoofdlijnen weer.

Proces Voordat we op de inhoud ingaan, een karte opmerking over het proces, wat im mers oak de aanleiding is voor onze samenwerking als bewonersbelangenorganisaties binnen DOBB. We waarderen uw inspanning en die van uw ambtenaren om n.a.v. onze oproep in december bewoners beter te betrekken. We zijn blij met de aangekondigde betere betrokkenheid in de uitvoeringsfase, bij een wijkgericht woonbeleid en de oprichting vaneen Delfts Woon platform (p 32). We zijn blij met de conclusie "De bijeenkomsten die we organiseerden als onderdeel van het totstandkomingsproces van deze woonvisie smaken naar meer" (p 3). Dat vinden wij oak. We hopen wel dat de gemeente bij de besluitvorming de belangen goed afweegt. Deze passage verrast ans: "De gemeente vertegenwoordigt de belangen van alle inwoners van Delft, maar in het bijzonder het belang van de toekomstige inwoners van de stad en groepen woningzoekenden die niet of minder georganiseerd zijn of een stem hebben" (p 32). Vanzelfsprekend is dat een belang dat meegewogen moet worden, maar het kan niet zijn dat dit 'in het bijzonder' door de gemeente wordt

1

vertegenwoordigd. Ook bewonersorganisaties kamen op voor de belangen van bewoners in het algemeen, dus ook minder georganiseerde of toekomstige bewoners. Wijkgericht woonbeleid kan en mag geen top-down beleid zijn. Dit vraagt om aanpassing van de Woonvisie: "De gemeente vertegenwoordigt de belangen van alle inwoners van Delft op gelijkwaardige wijze, ook het belang van de toekomstige inwoners van de stad en groepen woningzoekenden die niet of minder georganiseerd zijn of geen stem hebben". Uitsplitsing bouwprogramma: voor welke doelgroep wordt gebouwd en welk woonconcept hoort daarbij We pleiten er ook voor om in de Woonvisie kwantitatief aan te geven voor welke doelgroepen het beoogde bouwprogramma bedoeld is en waarom. Nu is wel een uitsplitsing opgenomen naar prijssegment en naar woningtype, maar niet naar doelgroep (behalve de doelgroep studenten). Daarmee geeft de ontwerp Woonvisie nu bijvoorbeeld geen richting aan de vraag hoeveel seniorenwoningen er de komende jaren binnen het bouwprogramma gerealiseerd moeten worden, iets wat in het Coalitieakkoord Samen werken aan Delft (p 13) nadrukkelijk werd aangekondigd, "Voor ouderen zorgen we voor doorstroming, door goede begeleiding en het toevoegen van gevarieerd aanbod in de stad. In de Woonvisie leggen we afspraken vast over de aantallen".

De ontwerp woonvisie geeft ook geen richting aan de vraag naar welke woonconcepten er binnen de betreffende doelgroepen vraag is. Deze uitsplitsing is ook van belang om in de uitvoering de juiste prioriteiten te stellen voor welke doelgroepen er gebouwd gaat worden en aan welke woonconcepten behoefte is. Juist nu de gemeente aangeeft dater sprake is van woningnood onder alle doelgroepen én meer regie te willen nemen, is een heldere taakstelling ook buiten het sociale segment belangrijk. Oat vraagt om aanpassing van de Woonvisie, door per doelgroep een indicatie van het bouwprogramma (incl. woonconcept) op te nemen. Ook bouwen voor gezinnen Onder het kopje 'Wespentaille blijft' stelt de ontwerp Woonvisie: "De bevolkingsopbouw van Delft laat zieh op dit moment karakteriseren als een 'wespentaille' (minder gezinnen dan jongere en oudere mensen), gezinnen vinden vaak een geschikte woonplek in de regio. Hoewel we dit graag anders zouden zien, zetten we minder dan in de eerdere jaren in op het realiseren van relatief grotere, duurdere (grondgebonden) woningen (in huur of koop), om meer gezinnen te trekken en te binden. De aandacht verleggen we naar het toevoegen van woningen voor lokale starters/ jongeren en kwetsbare groe pen en ouderen op de woningmarkt" (p 8). Verderop sta at dan weer: "We vergeten de woningbehoefte van de 'gevorderde' gezinnen en de (toekomstige) ouderen niet.

Deze huishoudens wonen al in Delft en zullen waarschijnlijk niet meer vertrekken. We hebben de ambitie om een aanzienlijk gedeelte van onze bouwproductie voor deze (doel)groepen te realiseren" (p 9). Deze uitspraken lijken tegenstrijdig: voor wie wilde Woonvisie nu gaan bouwen? Risica is dat de wespentaille niet alleen zal blijven bestaan, maar nog smaller zal worden. Dit is siecht voor de stad. Gezinnen wonen veelal langer in de stad, veel zullen uiteindelijk overgaan in de groep ouderen; zij zorgen voor de continuïteit en sociale cohesie. De aandacht veri eggen naar het toevoegen van woningen voor jongeren, kwetsbare groepen en ouderen lijkt (op karte termijn gezien) wel heel soci aal, maar is dit in het perspectief vaneen gezonde toekomst voor de stad echter niet. Dit vraagt om eenduidig maken van de Woonvisie, en aangeven dot gezinnen nadrukkelijk een doelgroep blijven binnen het bouwprogramma, gegeven de bevolkingsopbouw van Delft.

2

Het is opvallend dat het woord 'kinderen' maar een keer voorkomt in de ontwerp woonvisie; bij de uitwerking per wijk in Voordijkshoorn. We pleiten er voor om - binnen de beperkingen die er zijn qua ruimte - te blijven mikken op woonconcepten waardoor we deze doelgroep wel aan de stad kunnen blijven binden en aan woonmilieus die aantrekkelijk zijn voor deze doelgroep. Stadswoningen in stedelijke dichtheden aantrekkelijk maken voor gezinnen met kinderen, is prima mogelijk, maar vraagt een toegespitst woonmilieu. Dit vraagt om aanpassing van de Woonvisie door meer aandacht aan kinderen en voor kinderen geschikte woonmilieus te geven; dat geldt overigens oak voor de bestaande bouw. Kwantitatieve onderbouwing Woonvisie: betrek de wijk We missen een analyse van het woningtekort onder de verschillende doelgroepen: hoe lang zijn de wachtlijsten voor sociale woningen/betaalbare huur en koopsegmenten, hoeveel ouderen willen verhuizen naar een levensloopbestendige woning, hoeveel gezinnen zoeken een geschikte woning, etc.

De ontwerp woonvisie stelt "De (kwalitatieve) invulling van de nieuwbouwopgave en eventuele tussendoelen bepalen we opgavegericht op basis van de gesloten regionale woningmarktafspraken, bestaand lokaal beleid en periodiek woningbehoefteonderzoek." (p 5) Hoofdstuk 8 van de Woonvisie zal ans inziens mede in gesprek met de wijken verder uitgewerkt moeten worden, en is nu te top-down opgeschreven. De ta bel opp 31 is onduidelijk en lijkt te suggereren dat in alle wijken voor alle doelgroepen extra woningen moeten worden gerealiseerd, al is dat dan soms 'beneden gemiddeld aantrekkelijk'. Voor wie dat dan aantrekkelijk is, is niet duidelijk. Bijvoorbeeld: de Wippolder is 'beneden gemiddeld aantrekkelijk' voor de doelgroep studenten. Deze doelgroep zelf denkt daar geheel anders over, gegeven de groei van verkamerde panden en eenkamerappartementen in Wippolder de afgelopen vijftien jaar- een groei die nag steeds deels illegaal doorgaat. Kortom: wiens perspectief is gekozen in deze tabel? Oat vraagt om verduidelijking in de Woonvisie. We pleiten er dan oak voor de opgave niet alleen top-down te bepalen, maar bij de uitwerking op wijkniveau meer aandacht te geven aan de woonbehoeften in de wijk zelf, door potentiële doelgroepen actief te betrekken en zo ook echt wijkgericht woonbeleid te krijgen. Twee voorbeelden: •

om doorstroming op gang te krijgen naar seniorenwoningen, is het van belang de senioren uit de wijk te betrekken bij de nieuw te bouwen seniorenwoningen en woonconcepten om de kans op doorstroming te vergroten;

•

het doel "Meer inwoners zelfstandig te huisvesten" - hierbij noemt de ontwerp visie als bijkomend voordeel dat de impact die onzelfstandig wonenden soms hebben op de leefbaarheid - terug te kunnen brengen zal ons inziens oak op wijkniveau bekeken moeten worden. In de reguliere woonwijken zijn wehet hier mee eens, en zien we graag afname van het aantal onzelfstandige woningen. Maar er is wel vraag naar, met name onder studenten. Ons inziens ligt het daarom op de TU campus wel voor de hand juist oak onzelfstandige woonruimte te realiseren. Dat kan ook helpen te voorkomen dat de vraag hiernaar toch in de bestaande voorraad in de rest van de stad wordt opgevangen.

Oat vraagt om een toelichting in de Woonvisie over het te volgen proces om op wijkniveau nadrukkelijk oak doelgroepen te betrekken.

3

Snel_bouwen,_maar ook zorgvuldig De ontwerp woonvisie stelt: "Het is vooral zaak dat de nieuwbouw van de grond komt en zeker niet stilvalt in de huidige complexe tijden met stikstofruimte tekorten, prijsstijgingen, toenemende immigrati e, beperkte uitvoeringscapaciteit, et cetera). Kort samengevat is het doel om zoveel als mogelijk plan nen -vooral die in de tijd nabij liggen - van een zachte planstatus naar een harde planstatus te brengen. Dit in onderlinge samenwerking (lokale bouwtafels, met intensieve monitoring)" (p 10) Bij de voorgestane spoed is het van groot belang dat de plan nen ook goed afgestemd worden met omwonenden. Oat is veel meer dan a Ileen kijken in de Omgevingsvisie, zoals deze zin lijkt te suggereren: "We maken steeds een bewuste afwegingen en beslissingen over de kwaliteit van het wonen en de leefomgeving. Het hanteren van de Omgevingsvisie, waarborgt deze wens" (p 24). De Omgevingsvisie is immers een 'hoog-over' document, met weinig waarborgen. We vinden dat omwonenden zelf moeten kunnen participeren. De randvoorwaarden t.a.v. de leefbaarheid die door bewoners op wijk- en projectniveau worden geformuleerd, dienen belangrijke input te zijn voor het maken van planuitvoeringskaders. Dat houdt niet a Ileen wijken leefbaar, maar voorkomt ook procedurele vertraging omdat omwonenden in bezwaar/beroep gaan.

Oat vraagt om aanpassing en verduide/ijking in de Woonvisie, gericht op het actief aan de voorkant betrekken van bewoners op wijk- en projectniveau. Hierbij heeft de gemeente een regiero/ die niet overgelaten kan worden aan de ontwikke/aar. Betaalbaarheid hoog op de agenda "Een hogere productiesnelheid gaat boven de realisatie van sociale huur" (p 11) en daarom geeft de ontwerp Woonvisie aan er niet voor te kiezen om bestaande plan nen/ harde overeenkomsten open te breken. In algemene zin vinden we dit een te rigide uitgangspunt, en we pleiten er voor dit per plan te bekijken - om te voorkomen dat de realisatie van nieuwe sociale huurwoningen de komende jaren niet of onvoldoende zal plaatsvinden. Anders wordt het uitgangspunt "Inzetten en bijsturen op betaalbare woningen" (p 3) de eerste jaren onvoldoende ingevuld. We missen in dit verband in de bijlage de combinatietabel van de eerste en derde ta bel: planvoorraad naar prijssegment en planstatus. Oat vraagt om aanpassing van de Woonvisie, door deze tabe/ toe te voegen zodat duide/ijk is welk prijssegment al in harde p/annen zit en welk nog niet. We onderschrijven het beleid om "extra zuinig (te zijn) op de bestaande woningvoorraad van de woningcorporaties" (p8), en bij eventuele verdere onttrekking een-op-een te compenseren.

Allereerst vinden we dat alleen heel sterke argumenten grand kunnen zijn voor verdere liberalisatie, al helemaal bij relatief grate sociale huurwoningen (omdat deze schaars zijn en niet snel meer nieuw en betaalbaar kunnen worden gerealiseerd in het sociale segment). We willen hier verder aan toevoegen dat die compensati e niet overa I in de stad plaats moet kunnen vinden, maar - in wijken waar de sociale voorraad relatief klein is- de compensatie ook in de betreffende wijk zelf plaatsvindt. Ook mag het voorgenomen nieuwbouwprogramma van 1050 sociale huurwoningen niet gebruikt worden voor compensatie. Oat vraagt om detaillering in de Woonvisie, gericht op meer waarborgen rond behoud van de bestaande voorraad. Hoewel de ontwerp Woonvisie inzet op een toename van het aantal sociale huurwoningen, zien we in relatieve zin het aandeel in de voorraad afnemen, zoals in ta bel 1 is weergegeven:

4

2022

2032

sociale voorraad

16450

17500

totale voorraad

45900

50900

% sociaal

35,8%

34,4%

Tabet 1: Ontwikkeling van de voorraad, exclusief studentenwoningen (bran p 7 ontwerp Woonvisie)

Zorgwekkend is de verwachte afname van de particuliere sociale voorraad van 1300 woningen in de periode tot 2030 (zie p 8). Als deze afname daadwerkelijk plaatsvindt is er niet meer sprake vaneen netto toename van sociale huurwoningen met 1050 woningen, en komt het aandeel in de voorraad onder het beoogde 1/3 deel, zie tabe! 2. 2022

2032

sociale voorraad

16450

16200

totale voorraad

45900

50900

% sociaal

35,8%

31,8%

Tabe/ 2: Ontwikkeling van de voorraad, exclusief studentenwoningen uitgaande van de verwachte afname van de particuliere sociale voorraad (bran p 7 en p 8 ontwerp Woonvisie)

We missen een kwantitatieve analyse van deze particuliere sociale voorraad in Delft in de Woonvisie; en een onderbouwing van de verwachte afname. Zitten de niet-DAEB woningen die nog sociaal worden verhuurd hierbij? Of tel len die nu nog mee met de sociale voorraad van corporaties? Is veel in handen van enkele eigenaren? Als deze voorraad inderdaad met 1300 woningen afneemt, is het gevolg ons inziens niet accepta bel, omdat ju ist een toename van het aantal sociale huurwoningen in Delft noodzakelijk is- zie ook de wachtlijsten. Een van de doelen uit het Coalitieakkoord 'Samen werken aan Delft' wordt daarmee niet behaald: "In 2040 is een derde van de hele woningvoorraad in Delft sociale huur. We willen niet onder dit percentage komen." (p 13) In de Woonvisie staat dat de gemeente in gesprek gaat met grote particuliere verhuurders voor behoud en eventuele uitbreiding van de bestaande sociale particuliere huurvoorraad. Dit juichen we dan oak toe. Maar de Woonvisie geeft oak aan "We houden er rekening mee dat al deze woningen verdwijnen in de periode t/m 2030" (p 8). Onduidelijk is welke actie om het beoogde doel te berei ken het college voornemens is te ondernemen, indien het gesprek met de particuliere verhuurders niet leidt minimaal het behoud van de bestaande voorraad.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13323172/1