CConstaterende datDelft
Koppel je AI →
Document · PDF

3 Woonvisie 2023-2028 inspraak

Raadsvergadering 7 december 2023, gemeente DelftBij agendapunt: Voorstel van het college aan de raad inzake Goed Wonen in Delft, Woonvisie 2023-2028 (nr. 2341552).31.552 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

3.34.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: de wespentaille in de bevolkingsopbouw is in Delft een gegeven. De woonvisie lijkt toch nog op twee gedachten te hinken. Er wordt toch ruimte geboden voor gezinnen, ondanks dat de ruimte zeer schaars is. Wij pleiten ervoor om een heldere keuze te maken. Doe echt minder voor reguliere gezinnen die op zoek zijn naar een suburbaan woonmilieu. De omrinqende qemeenten kunnen dit veel beter invullen. 3.34.2 Zienswijze college: onderschreven kan worden dat de 'wespentaille' in de bevolkingsopbouw een gegeven is. Eén en ander neemt niet weg dat ook gezinnen een plek moeten kunnen vinden op de Delftse woningmarkt. Dit kan een bestaande gezinswoning die als gevolg van doorstroming vrij is gekomen of een nieuwbouw gezinswoning binnen een stedeliike settinq.

3.35.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: de gemeente wil studentenhuisvesting en sociale huur samen teilen om de in de RRA (regionale realisatieagenda) opgedragen opgave voor betaalbare woningen huur in te vullen. Afgelopen jaren is hier juist helder onderscheid gemaakt, omdat studentenhuisvesting in een heel andere vraag voorziet en betekenis heeft voor de stad, dan reguliere sociale woningen. Vermenging zorgt voor troebele discussies en ambities. Het is de vraag wat een gezonde balans is in de stad. De TU-Delft zet in op een multi- campus strategie. De gemeente doet er ons inziens daarbij goed aan hiertoe niet alleen een ambitie, maar ook een helder kader aan te geven voor de omvang van de TU en van studentenhuisvesting in Delft zeit. Verken of het mogelijk is om afspraken te maken met de TU, die erop neerkomen dat de TU niet meer buitenlandse studenten aanneemt, dan waarvoor huisvesting gegarandeerd kan worden. 3.35.2 Zienswijze college: de regio en het rijk tellen studentenhuisvesting mee bij sociale woningbouw (iedereen een thuis). Zoals in de woonvisie aangegeven is de ambitie van Delft een sociale voorraad van minimaal 1/3 van de totale woningvoorraad exclusief studentenhuisvesting. We willen in de monitoring het onderscheid tussen reguliere woningen en studentenwoningen kunnen blijven zien.

Om de _g_roei van de TU te faciliteren zullen tot 2030 3.500 studentenwoningen 23/29

4

worden toegevoegd; op en rond de campus en in kleine aantallen elders in de stad. Met de TU worden afspraken gemaakt over het in goede banen leiden van de stroom internationale studenten.

.,ilfìa!I~'"™

;iii",--:;;;_~·· ""™"'li'.~ .Lg[J e e !~sii"-=·•=----=-·-·---------

3.36.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: een visie op hoe de gemeente wil omgaan met het groeiende aantal vluchtelingen en uitstroom instellingen wordt gemist. Geopolitieke ontwikkelingen en klimaatverandering geven alle aanleiding om voor de komende jaren en misschien wel decennia een forse vluchtelingendruk te verwachten. Dit legt een te groot beslag op vrijkomencle corporatiewoningen en sociale cohesie in complexen. Oat vraagt om visie hoe we dit in de stad op een verantwoorde wijze kunnen accommoderen en doortastende oplossingen. Als corporaties houden we aan dat 70% van het aanbod naar reguliere doelgroepen blijft gaan, ook in deelsegmenten. Zo houden zij enige slaagkans op een woning én maken we de druk op complexen en buurten niet nog veel groter dan die nu al is. 3.36.2 Zienswijze college: het college staat open om binnen de prestatieafspraken vast te leggen wat het aanbod voor reguliere huurders zou moeten zijn, maar dit wel van jaar tot jaar te bezien. Voor wat betreft de toestroom van vluchtelingen en de uitstroom van instellingen zijn wij afhankelijk van rijksbeleid en de taakstellingen in het verlengde hiervan. De snel stijgende opgave is voor gemeenten niet te behappen. In VNGverband hebben we een resolutie aangenomen over hetgeen wij van het Riik verwachten.

3.37.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: de gemeente wil de verkoop van sociale huurwoningen beperken tot dat wat gecompenseerd kan worden. Een gezonde sociale voorraad in de stad vraagt om doelmatig voorraadbeleid. Daar past bij dat woningen verkocht worden die niet goed passen in de sociale huisvestingsopgave en bijbouwen van woningen waar nu tekort aan is. Ga niet verkopen als zodanig belemmeren, maar geef richting aan de ontwikkeling van de sociale woningvoorraad, zowel voor de stad als geheel, als per wijk en buurt als onderdeel van een verder uitgewerkte ontwikkelingsrichting per wijk. Dat lijkt ons noodzakelijk als basis voor stedelijk programmeren. We waarderen de eerste aanzet daartoe in de woonvisie, en zien graag een verdere uitwerkina. 3.37.2 Zienswijze college: het standpunt met betrekking tot woningverkopen wordt onderschreven. Afspraken zullen worden gemaakt over de streefvoorraad en hoe deze te realiseren (nieuwbouw, sloop, verkoop, liberalisatie). •3~-e~ ~,_ \d_è_;_ reaG _ ···_-,._ tie_ •.•,;z _ ,. a _l_-~ _ · -_ -ïij _-~ _,_ •c'_·_;·._ ' :·_ ~--_ -ijplïiè _ -...,..... _:··

24/29

3.38.1 Reactie (gezamenlijk} van Vidomes, Woonbron, Stedelink: Als een deel van de sociale woningvoorraad niet gericht ingezet kan worden voor lastiger huisvestingsopgaven, vergroot dat de druk op de corporatiewoningen die hier wel voor inzetbaar zijn. Wat ons betreft rekent de gemeente niet met de particuliere voorraad voor de te realiseren sociale voorraad, maar zet zij tegelijkertijd wel in om wat moaelijk is te behouden voor de huisvestina van laqere inkomens. 3.38.2 Zienswijze college: indien de nog uit te vaardigen richtlijnen van het rijk ruimte laten om ook woningen van particuliere verhuurders toe te rekenen aan de sociale voorraad en er ook bindende afspraken te maken zijn met de eigenaren over ondermeer exploitatietermijnen en doelgroepen, dan zal hierover in gesprek worden gegaan met de articuliere verhuurders.

3.39.1 Reactie (gezamenlijk} van Vidomes, Woonbron, Stedelink: de passage (pagina 6, 3e bullet) lijkt nu te zeggen dat onzelfstandig wonen per definitie een probleem is. Elders is te lezen dat de gemeente onzelfstandige woonruimte voor studenten, jongeren en bijvoorbeeld alleenstaande statushouders wel een oplossing vindt voor een periode van bijvoorbeeld 5 jaar, mits die huisvesting op verantwoorde wijze in ingevuld. De tekst kan hier nog consistenter worden verwoord. Gemist wordt een analyse of schatting welk deel van de geschatte 10.000 onzelfstandig wonenden problematisch zou zijn en welk deel juist een goede oplossing biedt voor de behoefte hierin, verhuurd door bonafide verhuurders. 3.39.2 Zienswijze college: het gaat hierbij niet om de gereguleerde onzelfstandige woonruimte in bezit van de corporaties, maar wel om het voorkomen van vormen van kamerbewoning/onzelfstandige huisvesting vsg andes tegeggy?ggg "g„"„Sara

se

3.40.1 Reactie (gezamenlijk} van Vidomes, Woonbron, Stedelink: voor het segment midden hu ur wordt gepleit voor een heldere visie met betrekking tot de groepen waarvoor middenhuur is bedoeld en wanneer middenhuur wel en niet de samenstelling van buurten kan versterken, als basis voor het stedelijk programmeren. We denken graag mee om daarin te voorzien. Middenhuur is soms een noodgedwongen oplossing voor betreffende bewoners. De meeste huishoudens met middeninkomens willen liever kopen. Stuur als gemeente daarom ook op het realiseren van duurzame sociale koop, waarmee de werkelijke vraag vanuit middengroepen beter kan worden voorzien. Overigens stelt de woonvisie dat corporaties 5/6 sociaal bouwen en 1/6 middenhuur. Dit stuurt te sterk op de concrete bouwprogramma's. Het gaat om de voorraadontwikkeling, niet om de individuele bouwprogramma's. De aantallen middenhuur kunnen de corporaties immers ook in de bestaande voorraad realiseren door liberalisaties. Dit kan beter passen in wat in een buurt wenselijk is of wat financieel mogelijk is. Laat derhalve ruimte voor de corporaties om de 25/29

aantallen op de best passende manier te behalen, niet door eenduidig vast te leaaen dat het via nieuwbouw moet. 3.40.2 Zienswijze college: middels een doelgroepenverordening zal ook worden gestuurd op de doelgroepen waarvoor middenhuur bedoeld is. Daar waar mogelijk zullen met ontwikkelaars ook afspraken worden gemaakt over goedkope koop. In de prestatieafspraken zullen ook afspraken worden gemaakt over de wijze waarop door corporaties een bijdrage geleverd kan worden aan de opgave voor middenhuur en goedkope koop. Dit kan door nieuwbouw, maar ook vanuit de bestaande voorraad. Deze bijdraae van de corporaties wordt gewaardeerd. dM· .• .·.,·· ... ·····.·.·-.,_.·'·~~1[e.kst··rt Q.;•. • • • · ~ . . · •• r "!". ~ ---, T •· :¡•!•-··· -~,.-, . ... -,• •••• ~- pan. , ... ,um1 27i elde con 3.4 'I-ma 2ldeconcept-, pe

. ·;'·,: tor 4 - "

t- w· " - a -

·o

+

»

c

te so'

•

3.41.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: voor de doorstroming vanuit de corporatievoorraad is het zeer wenselijk dat er voldoende aanbod is van voldoende betaalbare koopwoningen. De dynamiek van de woningmarkt is gebaat bij zoveel mogelijk aansluiting van, en doorstroming tussen de verschillende segmenten koop en huur. Gepleit wordt om hieraan in de woonvisie meer aandacht te qeven. 3.41.2 Zienswijze college: het standpunt aangaande betaalbare koopwoningen wordt onderschreven. In de uitvoeringsagenda bij de woonvisie is een verkenning naar de mogelijkheden deze woningen daadwerkeliik te realiseren o

3.42.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: zet de Blijverslening gericht in bij die woningen, waar niet op doorstroming emikt wordt. 3.42.2 Zienswijze college: vooralsnog wordt alleen gestuurd op leeftijd. De praktijk leert dat alleen bij hoge uitzondering gebruik wordt gemaakt van de blijverslening. Ingezet zal vooral worden op de realisering van voldoende aantrekkelijke woningen voor ouderen. · · · ·· · · ··· ·· · ~cue ··· " · ·=-

3.43.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: er is sprake vaneen zeer groot aantal lege woningen geven de cijfers aan. Daar wordt weinig aandacht aan besteed. Het lijkt logisch om hier onderzoek naar te doen en zo nodig met behulp van de leegstandswet te zoraen dat deze woonruimte benut wordt. 3.43.2 Zienswijze college: in de uitvoeringsagenda bij de woonvisie is onderzoek naar onrechtmatige bewoning opgenomen. Onderzoek naar leegstand zal hieraan worden toegevoegd.

nclusie:de rea

oonwste

"

"

26/29

3.44.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: Aanvullende opmerkingen: - sinds de wettelijke aanpassingen betreffende tijdelijke verhuur kunnen tijdelijke contracten alleen nag door de woningcorporaties worden gedaan voor doelgroepen; - pagina 19: Housing First is een beschermde naam, dit gaat, waarschijnlijk meer algemeen over het voorkomen van dakloosheid, benoem dit als 'ledereen onder dak'; - pagina 19: convenant bemoeizorg is getekend door alle deelnemers die nu bekend zijn, nieuwe partijen kunnen altijd toegevoegd worden, dat de gemeente niet averai aangehaakt is, lijkt niet echt een tekst voor een woonvisie; 3.44.2 Zienswijze college: opmerkingen kunnen worden onderschreven en teksten in woonvisie zullen worden aanaescherpt.

3.45.1 Reactie (gezamenlijk) van Vidomes, Woonbron, Stedelink: op pagina 20 wordt iedereen gevraagd om bij te dragen aan een natuurlijk duurzame stad. Onduidelijk blijft wat hier gevraagd wordt. Een verduideliikina of uitwerkina is hier wenseliik. 3.45.2 Advies reactie college: de term natuurlijk duurzaam is aam' ..:

:

a

=

Tom@eeks van de t 6 3.46.1 Reactie van de TU Delft: kan 'grootschalig gemengde woningbouw' als voorkeur voor op het terrein van de campus worden toeaelicht? Wat verstaat de gemeente hier precies onder? 3.46.2 Zienswijze college: bedoeld wordt hier vooral wonen binnen stedelijke dichtheden voor verscheidene doelgroepen in combinatie met voorzieningen en oak levendigheid buiten collegetijden. Bij stedelijke dichtheden moet vooral edacht worden aan middel hao bouw. 3 dereeaetiegalio@reden.m ·nenbij de uitvoerin

•46. Conclusie:

a ndewoonvisie

r'

3.47.1 Reactie van de TU Delft: uit de matrix op pagina 31 blijkt dat de gemeente een focus op de doelgroep intramuraal wonen voor ouderen op de campus voor zieh ziet. Waar kamt dit vandaan? De TU kan zieh hierin niet vinden. 3.47.2 Zienswijze college: de matrix 'focus per wijk' is een eerste gedachte en is vooral bedoeld als basis voor de gesprekken die nag met inwoners en partners in het verlengde van de woonvisie op wijkniveau gevoerd gaan worden. De gesprekken gaan over de invulling van het woonbeleid in de wijken. Leidend voor de bouw zijn uiteindelijk de gebieds- en wijkvisies. We zullen dit nag aanscherpen in de tekst van de woonvisie. De kansen voor intramuraal wonen voor ouderen zijn (erg) hoog ingeschat. Dit zal worden aangepast. Er is overigens geen sprake van een concreet initiatief.

27/29

3.48.1 Reactie van de TU Delft: er zit een groot verschil tussen de ambitie voor het toevoegen van 3500 eenheden tot aan 2030 en de planvoorraad (hard en zacht) van 2300 tot aan 2031. Hoe realistisch is dit en hoe wil de gemeente omgaan met het monitoren van deze ambitie en het tiidia biisturen. 3.48.2 Zienswijze college: de 3.500 is een uitvloeisel van het coalitieakkoord. De gemeente zal in samenspraak met de TU en DUWO bezien hoe en waar dit ingevuld kan worden en hoe dit te monitoren. Leidend is dat grootschalige studentenhuisvesting voaral in en om de campus gerealiseerd moet worden en in kleine aantallen elders in de stad. In de uitvoeringsagenda bij de woonvisie zal dit als actiepunt worden o

3.49.1 Reactie van de TU Delft: het toevoegen van grootschalige bouwvolumes op het terrein van de campus brengt een aanzienlijke opgave met bijbehorende kosten rondom infrastructuur met zieh mee (boven- en ondergronds). Hoe kijkt de gemeente aan tegen deze bijbehorende opgave en de financiêle middelen die hiervoor benodigd ziin? 3.49.2 Zienswijze college: één en ander zal op projectniveau worden besproken en worden uitaewerkt.

e

3.50.1 Reactie van GGD Haaglanden: we worden graag betrokken bij de verdere uitwerking als het gaat om gezondheids- gerelateerde zaken: binnenmilieu: lood in drinkwater, koolmonoxide, vocht en schimmel; leefomgeving buiten: inrichting van de buitenruimte die uitnodigt tot bewegen (wandelen, fietsen, speien), elkaar ontmoeten, ontspannen, een goede milieukwaliteit (lucht, geluid), klimaatbestendigheid (zoals meer groen voor tegengaan hitte- en wateroverlast) en een qoede toeaana tot voorzieninaen. 3.50.2 Zienswijze college: in de woonvisie is opgenomen dat gezond en veilig wonen in goed onderhouden woongebouwen en woonomgeving het uitgangspunt is. De GGD beschikt over veel kennis en kunde op het vlak vaneen gezonde en veilige woonomgeving. We werken op dit vlak met hen samen. ~- ••·-.:y~-.~·-· •••

""","?""",2ge laoaemeasesoneoae.oreen desasne

28/29

3.51.1 Reactie van Stichting Perspektief: Stichting Perspektief heeft kennis genomen van de inspraakversie van de woonvisie. Perspektief is enthousiast over de route die wordt ingeslagen en heeft voor de keuzes die qemaakt moeten worden. Niet alles kan tenslotte teelijkertijd. 3.51.2 Zienswijze college: het college neemt kennis van de reactie van de Stichtina Perspektief.

al

enomen bij deuitvoeri ng

29/29

Zienswijze op de Woonvisie 2023-2028 van de Bewonersvereniging Heel Tanthof Delft (BHTD) Delft, 15 augustus 2023

Geacht College, De Bewonersvereniging Heel Tanthof Delft (BHTD) heeft kennisgenomen van de door u voorgelegde 'Woonvisie 2023-2028' en wil daar graag op reageren door middel van deze zienswijze.

A. Waardering voor de procesgang De BHTD is verheugd dat de woonvisie mede tot stand is gekomen door tijdens de twee samen met de Delftse organisaties voor bewoners belangen (DOBB) georganiseerde stadsgesprekken naar de inbreng van Delftenaren te luisteren. De BHTD waardeert de luisterende houding van het College richting de bewoners en ziet uit naar de wijktafel in Tanthof om de plannen uit de woonvisie voor de wijk samen met het College en de wijkbewoners voor te bereiden en daarna in de uitvoeringsfase met elkaar op te trekken in het Woonplatform.

B. De woonvisie kan scherper en daarmee krachtiger worden geformuleerd! In deze zienswijze wil de BHTD u een aantal overdenkingen, verwachtingen, vragen en wensen meegeven bij de in de woonvisie beschreven (forse) nieuwbouwopgave in Tanthof en daarnaast het vraagstuk van de verdeling naar woningtypes, de kwaliteit van de woningen en de woningbehoefte. De BHTD is van mening dat de woonvisie op onderdelen scherper en daarmee krachtiger kan worden geformuleerd om op termijn onaangename verrassingen tijdens de realisatie van de plannen te voorkomen.

C. De omvang van de plannen voor nieuwbouw in Tanthof-Oost Volgens de tekening op bladzijde 12 van de woonvisie zal nieuwbouw vooral in Tanthof-Oost plaatsvinden. De BHTD is reeds eerder geïnformeerd over de plannen om ongeveer 750 woningen in het kader van het ontwikkelingsplan Schieoevers-Noord (Campus) te realiseren tussen de Tanthofdreef en de Motorenweg, een forse woningbouwopgave op een kleine oppervlakte gelegen aan een drukke verbindingsweg tussen de A4 en de A13. Op de tekening staat dat het om 950 woningen zou gaan. (1.) Betreff dit ook woningen, die niet in Tanthof, maar in het aangrenzende gebied in Voorhof of over het spoor gerealiseerd gaan worden?

D. Kanttekeningen bij de plannen voor hoogbouw tussen de Kruithuisweg en de Tanthofdreef De Nederlandse commandant Jan van Speijk ( 1802-1831) verkreeg in 1831 een heldenstatus doordat hij ervoor koos zijn schip inclusief bemanning te laten ontploffen om te voorkomen dat het in vijandelijke handen kwam, waarbij hij volgens de overlevering de woorden 'Dan liever de lucht in' heeft uitgesproken. Tegenwoordig worden er vraagtekens bij de daad van Van Speijk geplaatst en wordt deze ook wel beschouwd als een omstreden zelfmoordaanslag of terroristische daad. Om ongeveer 750 woningen nabij de Motorenweg te realiseren, wordt het College gedwongen de lucht in te gaan. En dat zal impact hebben op de directe omgeving van dit stukje Tanthof en zeker ook voor de toekomstige bewoners. (2.) De BHTD hoopt dat het College er bij een toekomstige historische terugblik beter vanaf komt dan Van Speijk en vraagt daarom om nu reeds aan te geven voor welke doelgroepen deze ongeveer 750 woningen bestemd zullen zijn en per woningtype duidelijke eisen te

stellen aan de woninggrootte en woonkwaliteit om te voorkomen dater poppenhuizen voor paleisprijzen verhuurd of verkocht gaan worden en het recht op wonen ondergeschikt wordt gemaakt aan het verdienmodel voor projectontwikkelaars. (3.) De BHTD verwacht van het College dater op korte termijn wordt onderzocht of wonen op korte afstand naast en boven een drukke verbindingsweg qua gezondheid op verantwoorde wijze mogelijk is. Wellicht is het vanwege het woongenot een betere oplossing om de verkeersader van Tanthof-Oost (Tanthofdreef) terug te brengen naar één rijstrook in beide richtingen en in samenspraak met de bewoners ruimtelijke oplossingen te bedenken, waardoor er meer afstand tussen de te bouwen woningen en de Kruithuisweg ontstaat. (4.) De BHTD wijst het College er daarnaast op dat er bij bebouwing nabij de Motorenweg rekening gehouden dient te worden met de bestaande ecologische zone tussen de Kruithuisweg en de Motorenweg en vraagt aan het College op welke wiijze ze hieraan invulling denkt te geven. Als bij de realisatie van woningen en bedrijven in dit gebied een kans tot kwaliteitsverbetering van de groene ruimte ontstaat, zou de BHTD dit toejuichen. Het realiseren van 950 woningen zal ook gepaard moeten gaan met een veilige infrastructurele inpassing en het aanpassen van het voorzieningenaanbod in de wijk op de flinke toename van het aantal bewoners.

(5.) De BHTD vraagt het College op korte termijn haar visie op een veilige infrastructurele inpassing en een op de behoefte aangepast voorzieningenniveau met de bewoners van Tanthof te delen. (6.) De BHTD vraagt het College het huidige voorzieningenaanbod (zoals het wijkwinkelcentrum 'De Dashof) te versterken.

E. Kanttekeningen bij het bouwen van seniorenwoningen op de plek van het huidige scholencomplex_in Tanthof-Qost Voorts worden er volgens de tekening op bladzijde 12 van de woonvisie ongeveer 200 woningen gerealiseerd op de huidige plek van de basisscholen in Tanthof-Oost. De BHTD onderschrijft de eerder gecorrespondeerde boodschap van het College, dat deze woningen voor senioren zullen zijn. Op dit moment zijn de senioren van 65 jaar en ouder en de aankomencle senioren tussen 45 en 65 jaar in Tanthof oververtegenwoordigd met respectievelijk 21,4 % en 28,6 % (voor heel Delft respectievelijk 16,4 % en 21,6 %). Dit beeld geeft een helder signaal. Veel (oudere) bewoners van Tanthof wonen er naar tevredenheid. Echter, de eengezinswoningen zijn na het uitvliegen van hun kinderen voor veel senioren soms te ruim geworden en er ontstaat behoefte aan gelijkvloerse woningen als dejaren gaan teilen en de stramheid toeslaat. Het realiseren van seniorenwoningen met gedeelde voorzieningen (moestuin, ontmoetingsruimte, logeerruimte, hobby- en/of beweegruimte) lijkt te passen bij het heersende beeld in Tanthof, dat senioren er zouden willen blijven wonen, als er voldoende voorzieningen zijn die passen bij de levensfase.

(7.) De BHTD heeft ongeveer een jaar terug bij een vergadering van de commissie Sociaal Domein gepleit voor een culturele ontmoetingsruimte met bibliotheekfiliaal (past binnen de toekomstvisie van DOK), waar senioren en de basisschoolleerlingen van de school, die ook op deze plek gerealiseerd zal worden, gebruik van kunnen maken. De IBHTD wil graag van het College vernemen of zij dit pleidooi van de BHTD ondersteunt. De BHTD gebruikt in bovenstaande zin bewust de woorden 'lijkt te passen', want zeker weten doen we dat niet. (8.) De BHTD vraagt het College om die reden dan ook onderzoek te doen naar de woonwensen tussen nu en tien jaar van de 3000 bewoners van 65 jaar en ouder in Tanthof, zodat daar bij de uitwerking van de woonvisie op geanticipeerd kan worden. (9.) De BHTD verzoekt het College aan te geven op welke wijze zij senioren wil verleiden hun te grote eengezinswoningen te verruilen voor een woning, die meer passend is en hierbij de uitvoerbaarheid van dit beleid mee te nemen (senioren boven de 70 jaar kunnen nauwelijks nog een hypotheek krijgen, mocht dit nodig en wenselijk zijn bij het verkrijgen van een passende woning). (10.) De BHTD verzoekt het College senioren van 80 jaar en ouder desgewenst bij het verhuizen te ontzorgen in het geval zij een verhuiswens hebben, waarbij ze een eengezinswoning achterlaten.

De achterliggende idee is dat deze doelgroep veelal niet de energie heeft om een verhuizing zelf te organiseren. Vanzelfsprekend is het aan de 80+ 'ers zelf om aan te geven, of zij ontzorgd willen worden.

F. Ga aan de slag met de resultaten van gehouden onderzoeken in Tanthof! De BHTD constateert ten aanzien van de in aprii 2022 gehouden 'infomarkt wonen voor senioren in Tanthof', dater geen vervolg is gekomen in de vorm van zichtbare acties of correspondentie met de doelgroep. Voorafgaand aan de infomarkt is er onderzoek gedaan naar de woonwensen van senioren vanuit de TU, waarna op de infomarkt een presentatie van het onderzoeksresultaat heeft plaatsgevonden in de vorm van plattegronden van een seniorenwooncomplex compleet met faciliteiten, waarop senioren konden reageren. Het is de BHTD opgevallen, dater de afgelopen jaren meerdere interessante onderzoeken met betrekking tot wonen en voorzieningen in Tanthof hebben plaatsgevonden, waarbij de gemeente Delft de Technische Universiteit of een hogeschool heeft ingeschakeld zonder dat de onderzoeksresultaten tot zichtbare acties hebben geleid. (11.) De BHTD verzoekt het College om de onderzoeksresultaten van onderzoeken in Tanthof gedurende de afgelopen vijf jaar te betrekken bij de wijkversterking. De BHTD doelt daarbij ook nadrukkelijk op de opbrengsten van de zes wijkbijeenkomsten in 2019, waarin honderden betrokken wijkbewoners werden bevraagd op hun wensen voor de wijk.

G. Succes gewenst! Tot zover de zienswijze van de BHTD op de Woonvisie 2023-2028 met betrekking tot de wijk Tanthof. Voorde zienswijze van de BHTD op de Woonvisie 2023-2028 voor Delft wijzen wij u op de zienswijze van de Delftse organisaties voor bewoners belangen (DOBB), die door de BHTD mede is ondertekend. De BHTD wenst het College succes bij het aanscherpen van de 'Woonvisie 2023-2028' op basis van de inbreng vanuit de stad en bij de uitwerking van de woonvisie in concrete plannen in gesprek met de bewoners van de verschillende wijken van Delft aan de 'woontafels'. Met aanmoedigende groet namens het bestuur van de BHTD, William van Treuren

College van burgemeester en wethouders Samenleving Advies, t.a.v. N. de Leeuw Postbus 78, 2600 ME Delft, 17 augustus 2023

De Woonvisie 2023-2028 en de betaalbaarheid: Speciale aandacht nodig voor "niet-DAEB"

Geacht College In het voorwoord van de (concept-)Woonvisie 2023-2028 staat dat een van de belangrijkste beleidswijzigingen in de vernieuwde visie is het "Inzetten en bijsturen op betaa/bare woningen". Geweldig: de noodzaak daartoe onderschrijven wij volledig! De Woonvisie bevat op dit punt ook echt goede voornemens. Eén, in de praktijk zeer belangrijk, aspect wordt echter niet inhoudelijk aan de orde gesteld. En dat betreft het desastreuze effect van de doorgaande liberalisering van leegkomende sociale huurwoningen op de betaalbare voorraad. Ons buurtje kan daarvoor als voorbeeld dienen. Leegkomende sociale huurwoningen worden hier nu al zo'n 10 jaar voor 100% overgeheveld naar de vrije sector. In het voormalig Stadsvernieuwingsgebied Geerweg zijn in de 70-er jaren 100 "goede en betaalbare woningen" gerealiseerd. Met name door vervangende nieuwbouw in de Anna Boogerd en aan de Geerweg. In die jaren zette gemeente en buurt alles op alles om de huren van die woningen betaalbaar te houden. En met succes: de huur van de eengezinswoningen in de eerste nieuwbouwfase Anna Boogerd werd vastgesteld op f 210,-(€ 95,29). Tegelijkertijd werd bedangen dat de later nag te realiseren woningen datzelfde huurniveau zouden krijgen. Die afspraak is oak nagekomen. Deze "goede en betaalbare woningen" werden ondergebracht bij Centraal Woningbeheer, het toenmalige gemeentelijke woningbedrijf.

Die 100 goede en betaalbare woningen zijn uiteindelijk in beheer gekomen van Vestía en - sinds 1 ja nua ri jl. - van Stedelink. Vesti a trok al snel de huren op door het opleggen van boventrendmatige huurverhogingen en- bij een mutatie- een harmonisatie-verhoging. Het derivatenschandaal uit 2012 luidde vervolgens een verscherpte aanslag in op de betaalbaarheid van deze woningen. In de eerste jaren werden de 8 nieuwbouwwoningen die leeg kwamen allemaal verkocht. Tegen vrije marktprijzen; deze woningen zijn definitief verloren als betaalbare huurwoning. Daarna zijn tot vorig jaar 6 nieuwbouwwoningen leeggekomen; die zijn allemaal geliberaliseerd en verhuurd tegen maximumprijzen: voor huren van dik € 1.100 p.m. tot boven de € 1.200 p.m. Dit jaar zijn er tot heden 4 woningen leeggekomen (inclusief één renovatiewoning), die oak weer worden geliberaliseerd. Daarmee is in onze buurt in de laatste 10 jaar letterlijk geen betaalbare nieuwbouwwoning meer beschikbaar gekomen voor mensen met een beperkt inkomen. Oat terwijl er bij de realisatie van die woningen voor is geknokt om die woningen juist voor hen bereikbaar te maken. En let wel: die woningen zijn aan Vestia overgedragen met een exploitatie die sluitend was. Sluitend: op basis van die oorspronkelijke, betaalbare huur!

-1-

Wij willen dat de ontmanteling van de sociale huurwoningvoorraad in onze buurt stopt. Vorig jaar stelden wij dat al aan de orde in brieven aan Vestia en aan de gemeente. (Zie bijlage 1 en 2). De brief aan Vestia hebben we met Stedelink besproken. Al onze voorstellen over de huren werden afgewezen. Stedelink geeft aan, te werken aan een portefeuillestrategie "waarbij de woningen in het Boogerd-gebied door ju/lie inzet extra onder de aandacht zijn gebracht". Mooi gezegd. Maar, ondertussen worden alle leegkomende betaalbare woningen nog steeds voor extreem opgetrokken huren verhuurd. Zo kwam onlangs een echt grote, betaalbare huurwoning leeg. Een woning die indertijd op maat is gerenoveerd voor een groot gezin (met een laag inkomen). Nu is in de Prestatieafspraken vastgelegd dat vrijkomende grote sociale huurwoningen niet worden geliberaliseerd en zullen worden verhuurd aan grote gezinnen (zie bijlage 4). Gezien de grote behoefte aan deze woningen vroegen we Stedelink om in ieder geval deze woning "sociaal" te blijven verhuren. Maar, Stedelink was van mening dat ook deze grote woning geliberaliseerd moet worden. Juist omdat deze woning zoveel woningwaarderingspunten heeft (en dus een nog hogere huur kan opleveren).

Vandaag (letterlijk nu, bij het ondertekenen van onze brief) staat deze woning (Geerweg 60) bij Stedelink in de etalage: "te huur; € 1.400,- per maand; plus € 6,-servicekosten".Zo wordt een grote sociale huurwoning ("5 kamers, 80 m2") te gelde gemaakt. Kennelijk is het belangrijker om de eigen inkomsten te maximaliseren dan om zo'n woning beschikbaar te hou den voor de primaire doelgroep waarvoor deze woning oorspronkelijk, en kostendekkend, is gerealiseerd. Wanneer wij Stedelink aangeven dat de afbraak van de sociale woningvoorraad in onze buurt moet stoppen, wordt ons tegengeworpen dat al die woningen volgens de geldende regelsen met instemming van de gemeente - zijn gekwalificeerd als "niet-DAEB". (Niet-DAEB betreft de activiteiten van een corporatie die niet vallen onder in de Woningwet omschreven Diensten van Algemeen Economisch Belang). Ook de wethouder verwijst in haar antwoordbrief van 21-12-2023 naar de gemaakte verdeling tussen DAEB en niet-DAEB: "Vrijkomende sociale huurwoningen worden op basis van de verdeling die destijds is gemaakt voor een dee/ als vrije sector woning verhuurd". En ook: "Het is primair aan Vestia/Stedelink om binnen hun schaarse middelen afwegingen te maken". (Zie bijlage 3). Stedelink verwijst naar de gemeente. De gemeente verwijst naar Stedelink. Stedelink gaat door met liberaliseren van Niet-DAEB.

De gemeente benoemt in (deze versie van) de Woonvisie de liberalisatie van Niet-DAEB niet als probleem. Maar, gelukkig biedt deze versie al wel de overwegingen die erkenning van dat probleem tot een logische vervolgstap maken: 1. Betaalbare NIET-DAEB-woningen zijn ook gewoon "sociale huurwoningen"I In de Woonvisie wordt op bladzijde 13 geconstateerd dater (nu nog) verschillende definities zijn vaneen sociale huurwoning. Voorde Woonvisie is het helder: "Sociale huurwoningen zijn vooralsnog alle gereguleerde huurwoningen met een prijs onder de liberalisatiegrens".Geen mitsen en maren; geen uitzondering voor als "niet-DAEB" gekwalificeerde woningen. Wees dan ook consequent. Ook de niet-DAEB-woningen met een huur onder liberalisatiegrens zijn "sociale huurwoningen". Deze woningen vallen dan ook gewoon onder de Prestatieafspraken en toets daar dan ook op. Ga de discussie met de betreffende corporatie niet al bij voorbaat uit de weg! 2. "Elke liberalisatie van sociale huurwoning compenseren". Wat ook kan: niet doorvoeren! Het effect van liberalisatie wordt gelukkig wel aangestipt. Op bladzijde 8 is te lezen: "Daarnaast zijn we extra zuinig op de bestaande woningvoorraad van de corporaties. (. ..).

Eventuele verdere onttrekkingen (sloop, verkoop, liberalisatie) dienen door corporaties - een op een - te worden gecompenseerd." Dus let wel: e/ke geliberaliseerde woning dient door de/een corporatie te worden gecompenseerd. Een duidelijke stellingname! -2-

Nu is compensatie van een te liberaliseren sociale woning inderdaad één van de mogelijk zinvolle handelwijzen. Oat kan bijvoorbeeld zijn in een wijk waar de sociale voorraad erg groat is en differentiatie richting duurder is gewenst. Maar, als die sociale huurwoning staat in een wijk waar aleen duidelijk tekort is aan sociale huurwoningen, dan moet je die woning überhaupt niet willen liberaliseren. Wanneer liberalisatie vaneen woning overwogen wordt, maak de afweging tussen beide opties dan afhankelijk van de situatie en neem in de Woonvisie daarvoor een toetsbare sociale richtlijn op! 3. "Betaalbare woningbouw in binnenstad moet betaalbaar blijven" Ons buurtje ligt in de binnenstad. In de "oude" Woonvisie 2016-2023 werden "partijen van harte uitgenodigd (in de binnenstad) de vele kansen te pakken die deze wijk biedt. Het is voor corporaties moge/ijk om zieh qua goedkoopste voorraad terug te trekken en de markt zijn werk te laten doen" (blz. 77). Oat was de tijd van het heilig geloof in de markt! Helaas oak net de tijd waarin de afspraken over DAEB en Niet-DAEB zijn gemaakt. In de nieuwe Woonvisie klinkt gelukkig een ander geluid. Onderkend wordt, dat de sociale huurwoningen in de binnenstad al ondervertegenwoordigd zijn.

Onderkend wordt oak, dat oak de binnenstad gedifferentieerd moet blijven: "Het wonen in de binnenstad mag niet alleen zijn weggelegd voor bewoners met een ruime beurs. Betaalbare woningbouw moet betaa/baar blijven." (biz. 27). De spijker op zijn kop! Stel dat dan oak zeker! Oat is goed voor ans buurtje; goed voor de binnenstad en goed voor Delft als geheel. 4. Herijk de oude afspraken over de splitsing DAEB-Niet DAEB Bovenstaande leidt logischerwijze tot de conclusie dat de oude afspraken over de nietDAEB-woningen met Stedelink en de andere corporaties herijkt moeten worden. De tijden zijn echt veranderd. Ten tijde van het maken van de splitsing DAEB en Niet-DAEB was niet alleen de tijd van het heilig geloof in de marktwerking; het was oak de tijd waarin de financiële problemen van Vestía op het hoogtepunt, of beter gezegd dieptepunt, waren. Stedelink staat nu weer op - iets- stevigere benen. De behoefte aan betaalbare huurwoningen is nu nag grater dan die toen al was. En zal blijven stijgen: de doelstelling om in 2040 een sociale voorraad te hebben van 1/3° van de totale voorraad maakt de Woonvisie a Ileen nog haalbaar door het verlies van de particuliere sociale voorraad buiten het sommetje te laten. "Papier is geduldig!". Maar wil je de werkelijk beschikbare sociale huurwoningvoorraad niet onder die 1/3° laten zakken, dan moet méér uit de kast gehaald worden.

Dan kamt herijking van het Niet-DAEB-bestand in beeld. Die stap wordt in de Woonvisie niet gezet. Wei staat er al: "We zijn zuiniger op de sociale voorraad (. ..) omdat het aandee/ sociale huurwoningen afneemt terwijl er vee/ behoefte aan is" (blz. 13). Trek dan óók de vervolgconclusie: herijk de verdeling DAEB en Niet-DAEB! Drie voorstellen voor aanscherping van ambities in de Woonvisie voor de betaalbaarheid:

1. Bescherm de nu nog betaalbare "goede en betaalbare" stadsvernieuwingswoningen Eerst maar even terug naar ans eigen buurtje. Resultaat van bevlogen bouwen met en voor mensen die het niet breed hadden. Resulta at, oak van actief volkshuisvestingsbeleid van de gemeente zelf. De term "Dienst van Algemeen en Economisch Belang" is wat bizar, maar het begrip DAEB is wel bij uitstek van toepassing op deze woningen. Het is wrang dat juist deze woningen worden onttrokken aan de primaire doelgroep van de corporaties. Oat besef zal oak binnen Stedelink leven. Wij zullen Stedelink (o.a.) hierop weer aanspreken. De voortgaande liberalisering raakt de kern van het woonbeleid. In de 70-er jaren voerde de gemeente hier zelf een actief volkshuisvestingsbeleid. Spreek uit dat u zieh nu oak zal inzetten voor het behoud van deze betaalbare voorraad. Ga het gesprek aan met Stedelink. De tijd is rijp: Stedelink is sinds de start bezig met de portefeuillestrategie en schenkt daarbij nu al "extra aandacht" aan ans buurtje. En, betrek ans bij het overleg! -3-

2. Herijk de verdeling DAEB - Niet-DA EB en ga het overleg daarover aan! En meer in het algemeen: erken het desastreuze effect van de doorgaande liberalisering van niet-DAEB woningen. Geef in de Woonvisie aan hoe groat het Niet-DAEB bestand in Delft is en hoeveel hiervan nu een huur onder de liberalisatiegrens heeft en dus kan wegvallen uit de sociale voorraad. Geef aan waar liberalisatie gewenst is. En ook: waar niet. Start met de corporaties het overleg hoe onwenselijke liberalisaties binnen Niet-DAEB voorkomen kunnen worden. Betrek oak de betreffende huurders- en bewonersorganisaties hierbij. Wellicht een lastig traject, met nag veel onbekenden. Maar: dat is geen reden om dit traject niet op te pakken ! Start bijvoorbeeld het overleg over ons buurtje en gebruik dat als Pilot! 3. Ontwikkel huurbeleid voor geliberaliseerde en nag te liberaliseren sociale huurwoningen In de nieuwe conceptvisie is geen invulling gegeven aan het huurbeleid van (toch) te liberaliseren woningen. Oat gold oak voor de oude Woonvisie. "Niet-DAEB" bleek daarbij een vrijbrief voor extreme huursprongen. In onze buurt tot zo'n € 1.200 en nu zelfs tot €1.400,-. Die woningen worden dan nag wel verhuurd, maar a Ileen aan woningzoekenden die geen alternatief hebben. Die huurprijs is te hoog voor de kwaliteit van de woningen en die woningen worden daarmee bestemd voor "nood-huurders".

De kans is groat, dat deze mensen weer uit de buurt verhuizen zodra er een andere woning (huur of koop) voor hen beschikbaar kamt. Stedelink speelt hier in de advertentie voor de € 1.400-woning nota bene op in: "Korte opzegtermijn: U kunt binnen een maand de huur weer opzeggen!" Daarmee worden die woningen doorgangshuizen en dat gaat ten koste van de samenhang in de buurt. Woningzoekenden moeten een geschikte woning kunnen kiezen in een buurt waar ze echt willen wonen en willen blijven wonen! Oat is oak voorwaarde voor het ontwikkelen vaneen gevoel van betrokkenheid bij en verantwoordelijkheid voor de buurt. Wij hebben Stedelink dan oak het voorstel gedaan om de hoog opgetrokken huren alsnog te matigen. Oat is goed voor die huurders. En goed voor de buurt! Van de gemeente vragen we om in de Woonvisie meer aandacht te geven aan het differentiëren van, en sturen op, huren haven de sociale huurgrens. Zowel voor nieuwe toevoegingen, als voor al geliberaliseerde en (toch nag) te liberaliseren sociale huurwoningen. Maak huurders niet vogelvrij; stuur op middenhuur en binnen de middenhuur met name oak op de lage middenhuur. Met vriendelijke groeten, Werkgroep (in oprichting): "Voor een zorgvuldig en sociaal woningbeheer" Stichting Buurt- en Speeltuinwerk Geerweg Secretariaat: Kleine Boogerd 12, 2611WC Delft

namens de Stichting, de voorzitter:

namens de Werkgroep i.o.

Angelique Hendriks

Herman de Groot

Bijlagen -4-

Bijlagen bij zienswijze op Woonvisie 2023-2028, d.d. 17 augustus, van Stichting Buurt- en Speeltuinwerk Geerweg: l. Brief van onze Stichting aan Vestia/Stedelink, d.d. 23 november 2022 2. Brief aan wethouder mevrouw Schrederhof, 23 november 2022 3. Antwoord van wethouder Schrederhof aan onze Stichting d.d. 21 december 2022 4. Brief van onze Stichting aan Stedelink van 13 aprii 2023

-5-

Bijlagen bij zienswijze op Woonvisie 2023-2028, d.d. 17 augustus, van Stichting Buurt- en Speeltuinwerk Geerweg: l. Brief van onze Stichting aan Vestia/Stedelink, d.d. 23 november 2022 2. Brief aan wethouder mevrouw Schrederhof, 23 november 2022 3. Antwoord van wethouder Schrederhof aan onze Stichting d.d. 21 december 2022 4. Brief van onze Stichting aan Stedelink van 13 aprii 2023

Vestia, Ter attentie van: - Regiomanager de heer P. Tanink en - Stedelink in oprichting Postbus 29013 3001GA Rotterdam Delft, 23 november 2022 Sociale woningvoorraad Geerwegbuurt in Delft

Geachte dames en heren Zo'n 45 jaar geleden zijn in onze buurt 100 "goede en betaalbare woningen" gerealiseerd. Op de ontstaansgeschiedenis hiervan komen we zo terug. Door samenvoegingen van corporaties kwamen deze goede en betaalbare woningen uiteindelijk terecht bij Vestía. Het derivatenschandaal dat Vestia zieh op de hais haalde heeft deze woningen in onze buurt een zware slag toegebracht. Met negatieve gevolgen, voor individuele bewoners en voor de buurt als geheel. Recent hebben andere corporaties Vestía financieel een helpende hand toegestoken. Oat biedt nieuwe mogelijkheden. Per 1 januari wordt het bezit van Vestía verdeeld over drie nieuwe corporaties. De Geerwegbuurt gaat vallen onder de nieuwe corporatie Stedelink. Op de website spreekt Vestía over deze ontwikkeling met nieuw elan: zo "kamen we nog dichter bij de huurders. Daardoor weten we nog beter wot er gebeurt in uw buurt en kunnen we meer voor u doen. (. ....) En bestaande woningen duurzamer te maken, bijvoorbeeld door isolatie. We kijken daar enorm naar uit. Niet alles kan in één keer. We doen het stap voor stap". Wij zien hierin een uitgestoken hand; die hand nemen we graag aan. Met een aantal bewoners zijn we bij elkaar gekomen om te bespreken water nu in onze buurt gebeurt en water- naar onze mening- gedaan zou moeten worden. En vooral: wat Stedelink kan doen voor onze buurt.

We doen hiervoor voorstellen en wij kijken er naar uit om die met u te bespreken! Nu eerst een schets van de situatie in onze buurt. "Goede en betaalbare woningen" als resultaat van de Stadsvernieuwing

In de 70-er jaren werd het buurtje dat wordt begrensd door Geerweg, Anna Boogerd en het Koningsplein aangewezen als het eerste stadsvernieuwingsgebied in Delft. Er ging wel wat strijd aan vooraf, maar uiteindelijk werkten gemeente en bewoners/buurtcomité intensief

1

sa men in de Projectgroep Stadsvernieuwing Geerweg. "Goede en betaalbare woningen" was de eis van de buurt en ook de gemeente zette zieh daarvoor in. Verkrotte woningen werden aangekocht, gesloopt en vervangen door nieuwbouw. 63 Eengezinswoningen en 21 zogeheten "bejaardenwoningen"/"van Dameenheden" (voor 1- en 2-persoonshuishoudens) werden nieuw gebouwd. Voorde eengezinswoningen van de eerste bouwfase werd een huur bedongen van f 210. Oat waren de laagste nieuwbouwhuren in Nederland. In euro's is dat €95. Ook zijn er 16 woningen/wooneenheden ingrijpend gerenoveerd. De opleverhuur van alle nieuwe en gerenoveerde woningen is via vergelijking afgestemd op de huur van f 210 van de eengezinswoningen uit de eerste fase. Samen zijn dat 100 "goede en betaalbare woningen". Een prachtig resultaat! In 1982 schreef de Projectgroep Stadsvernieuwing een terugblik op "Tien jaar Stadsvernieuwing" in de Geerwegbuurt. Voor een goed begrip van de buurt is deze terugblik nog steeds relevant. Dit boekje voegen we als bijlage toe aan deze brief. Aanslag op sociale huurwoningbestand in de buurt

De 100 gerealiseerde "goede en betaalbare woningen" werden ondergebracht bij Centraal Woningbeheer, het gemeentelijk woningbedrijf. Oat leek een goede keuze. Door samenvoegingen en overnames kwamen deze woningen uiteindelijk in beheer bij Vestía. Vestía zadelde zieh met het derivatenschandaal op met een gigantische schuld. Die leidde ertoe dat in het beheer kosten werden geminimaliseerd en opbrengsten gemaximaliseerd. Dit had grate consequenties voor de zwaar bevochten sociale huurwoningen in onze buurt: 1. Van de 63 nieuw gebouwde betaalbare eengezinswoningen zijn er nu 8 verkocht Tussen 2014 en 2017 zijn in de Anna Boogerd 5 woningen verkocht (tegen prijzen van € 1,5 a€2,25 ton). Sinds 2017 wordt uit de Anna Boogerd niet meer verkocht. Aan de Geerweg zijn 3 woningen verkocht; de laatste afgelopen augustus, voor € 372.500. Hiermee zijn 8 woningen definitief onttrokken aan de betaalbare huurwoningvoorraad 2. Het huurniveau is door Vestía in de afgelopen jaren sterk opgetrokken De consequenties van het gevoerde huurbeleid illustreren we aan de hand van de eengezinswoningen in de Anna Boogerd. Het CBS heeft een ta bel die over een lange reeks van jaren aangeeft wat de gemiddelde huurstijging per jaar was (als gevolg van de effecten van zowel de jaarlijkse huurverhoging als de huurharmonisatie ineens; exclusief een huurverhoging na verbetering).

De huur van f 210(€95) uit 1976 voor de eengezinswoningen zou volgens die ontwikkeling nu gestegen zijn naar € 515. Een stuk hoger dan € 95, wel nog steeds onder de huidige grens van sociale verhuur. Maar, wat zijn de werkelijke huren? l. Allereerst de huur van de woningen die ook nu nog bewoond worden door de eerste bewoners. De huur van deze woningen is door Vestía sterker verhoogd, dan de landelijke stijging van trend en huurharmonisatie samen: namelijk tot minimaal zo'n € 550,-(n0g afgezien van de eventuele inkomensafhankelijke huurverhogingen). 2. Jaren geleden is Vestía woningen die leegkwamen gaan aanbieden voor een verhoogde huur. Oat leidt nu tot een brede range aan huren. Huurders die zo'n 10 a 20 jaar in de buurt wonen beta len zo'n € 650 tot € 800. Let wel: in deze categorie komen dus ook woningen voor met een huur boven € 763,47; dus boven de sociale huurgrens! 3. Nog grater is de huursprong die Vestía de laatste jaren doorvoert. Na leegkomst worden de woningen - na wat (kleine) aanpassingen - verhuurd voor huren van € 1.145 tot € 1.230. Alleen al in de Anna Boogerd zijn inmiddels 6 woningen opgetrokken tot dit huurniveau.

2

De sociale huurwoningvoorraad in onze buurt beschermen en versterken!

De nieuwbouw en renovatie in onze buurt is het resultaat van gezamenlijke actie van buurt en gemeente voor goede en betaalbare woningen. De problemen bij Vestía dreigden dit resultaat teniet te doen. Hopelijk biedt de oprichting van Stedelink nieuwe kansen om goed en- ook voor lagere inkomens - betaalbaar wonen in onze buurt mogelijk te {blijven) ma ken. Zoals eerder vermeid zijn we blij met de hand die Vestía op de website uitsteekt. We gaan graag op die uitnodiging in en willen met u delen water in onze buurt leeft: Samengevat: in de binnenstad is het voor lagere inkomens nu vrijwel onmogelijk om een goede en betaalbare huurwoning te vinden. Dat moet mogelijk blijven. De met grote inspanningen gerealiseerde sociale huurwoningvoorraad in onze buurt moet dan ook worden beschermd en worden versterkt! Dat vertalen we in de volgende voorstellen: l. Geen verdere uitverkoop van huurwoningen uit de stadsvernieuwing

Geen verdere verkoop van in de stadsvernieuwingsperiode gerealiseerde woningen. Niet in de Anna Boogerd en niet- zoals onlangs nog gebeurde - op de Geerweg. Wilt u vastleggen dat geen woningen meer worden verkocht in de Geerwegbuurt? Ook niet "incidenteel ter optimalisatie van de woningvoorraad". Elke sociale huurwoning telt! 2. Geen huurverhoging, zolang stadsvernieuwingsnieuwbouw niet is geïsoleerd

In 1982 keken gemeente en buurtcomité samen terug op de toen net afgeronde vernieuwing van de buurt. Genoemd werden de successen. Maar, gewezen werd ook op een groot min punt: "Toch blijft de betaalbaarheid een probleem. Denk moor aan de steeds stijgende gasprijzen. Doordat bij het ontwerpen van deze nieuwbouw niet geiet is op het beperken van de stookkosten, komt dot in de buurt hard aan." (uit: Tien jaar stadsvernieuwing, bladzijde

27). Let wel: dit werd geschreven in 1982! En hoe is de stand nu, 40 jaar later? De huurprijzen zijn extreem gestegen; ook de gas- en elektraprijs stijgt extreem. En wat is er gedaan aan de niet geïsoleerde bouwmuren; het niet geïsoleerde dak; de niet geïsoleerde begane grondvloer? Helemaal niets! Wij zeggen dan oak: zolang deze woningen niet geïsoleerd zijn: géén jaarlijkse huurverhoging! 3. Huurverlaging voor woningen met huur boven de €1.000

De huurders die een woning betrokken met een huur van €1.100 a € 1.200 hadden geen keus. Zij huurden deze woning uit nood. Deze woningen zijn indertijd gerealiseerd voor een huur van € 95 per maand en met een financieel sluitende exploitatie overgedragen aan de corporatie. Het is wrang om te zien dat deze woningen door Vestía voor een maximale prijs op "de markt" worden gezet; als de eerste de beste huisjesmelker. Dat is voor de betreffende huurders hard. Maar ook voor de buurt. Met deze huren zijn deze woningen potentiële "doorgangshuizen". De prijs/kwaliteitsverhouding is scheef. Deze dient te worden aangepast. In belang van de huurders, maar ook voor de leefbaarheid van de buurt op langere termijn! 4. Leegkomende stadsvernieuwingswoningen (weer) verhuren voor huur onder sociale huurgrens

Wij vinden dat de in de stadsvernieuwing gerealiseerde betaalbare huurwoningen beschermd moeten worden. Dus de huur van leegkomende woningen niet optrekken ! En wanneer woningen met een al hoog opgetrokken huur leegkomen, die huur terugbrengen tot onder de sociale huurgrens. 5. Beter onderhoud, beter beheer

Vele huurders in de buurt hebben siechte ervaringen met de afhandeling van onderhoudsklachten door Vestía en met de communicatie met Vestía. Verbetering is nodig. En, ook mogelijk (bijvoorbeeld door het introduceren van een coördinator bij reparaties waarbij meerdere disciplines betrokken zijn). 3

6. Terugdringen energieverbruik door te isoleren

Tot slot sluiten we aan bij het plan dat u op de site aankondigt: "bestaande woningen duurzamer maken, bijvoorbee/d door isolatie". Dit is ans uit het hart gegrepen. Wij wezen er onder punt 2 op dat al in 1982 werd geconstateerd dat de isolatie van de woningen onvoldoende was. We zijn nu 40 jaar verder. De allerhoogste tijd om dit probleem aan te pakken. Wat ans betreft gaan we- samen met u- aan de slag. En snel ! Graag maken we met Stedelink (i.o.) een afspraak om onze voorstellen te bespreken. Met vriendelijke groeten,

Werkgroep (in oprichting): "Voor een zorgvuldig en sociaal woningbeheer" Stichting Buurt- en Speeltuinwerk Geerweg Secretariaat: Kleine Boogerd 12, 2611WC Delft

Namens de Stichting,

Namens de Werkgroep i.o.

Namens de Werkgroep i.o.

de voorzitter:

•-a Angelique Hendriks

Bijlagen:

Dennis Knetemann

Herman de Groot

-

Het boekje "de Geerweg e.o., tien jaar stadsvernieuwing", december 1982; (een scan van deze brief en van dit boekje za/ u per mail worden nagezonden); - Kopie van onze brief van heden aan wethouder Wonen, Zorg, Onderwijs en Sport, mevrouw K. Schrederhof van de gemeente Delft Een kopie van deze brief wordt gezonden aan Wethouder mevrouw K. Schrederhof en de Commissie Sociaal Domein en Wanen van de gemeente Delft en aan de Huurdersraad Vestia.

4

Wethouder Wonen, Zorg, Onderwijs en Sport, Mevrouw K. Schrederhof, Gemeente Delft Postbus 78 2600 ME Delft

Delft, 23 november 2022 Sociale woningvoorraad Geerwegbuurt in Delft

Geachte mevrouw Schrederhof In onze buurt, Geerweg en omgeving, worden de sociale huurwoningen beheerd door Vestia. Over het in de afgelopen jaren door Vestía gevoerde beleid is veel te zeggen. Dat gebeurt ook vaak, in onze buurt en binnen onze Stichting Buurt- en Speeltuinwerk Geerweg. Afgelopen periode heeft dater toe geleid dat een aantal bewoners zieh hebben verenigd in een Werkgroep. Naarn van die werkgroep: "Voor een zorgvuldig en sociaal woningbeheer". Er zijn twee aanleidingen voor het vormen van deze Werkgroep: - De gemeente actualiseert de geldende Woonvisie 2016-2023. Op 14 september ji. organiseerde de gemeente hierover een breed gesprek met als vraag: "Hoe kan de gemeente

de woningbehoefte van huidige en toekomstige Delftenaren invullen? De gemeente hoopt op deze vraag vooral van Delftenaren ze/f antwoord te krijgen." Een duidelijke uitnodiging om onze mening te geven. Dat doen we graag! - Wij zijn doordrongen van het besef dat Vestía zieh met het derivatenschandaal een gigantische schuld op de nek heeft gehaald. Vestía kon- met hulp van derden - het hoofd maar net boven water houden. Per 1 januari wordt Vestía opgesplitst en wordt Stedelink onze nieuwe huisbaas. Op de website spreekt Vestía over deze ontwikkeling met nieuw elan. Zo

"kamen we nag dichter bij de huurders. Daardoor weten we nog beter water gebeurt in uw buurt en kunnen we meer voor u doen" Wij zien hierin een uitgestoken hand. Die nemen we graag aan! Naar aanleiding van deze twee uitnodigingen hebben wij als Werkgroep op een rijtje gezet wat wij vinden dater zou moeten gebeuren. Vandaag versturen we Vestía (/Stedelink i.o.) een brief met onze voorstellen voor een zorgvuldig en sociaal woningbeheer. En met het verzoek tot overleg hierover. Deze brief voegen we als bijlage toe. U bent bezig met het opstellen van de Woonvisie 2023-2027. En jaarlijks maakt u ook prestatieafspraken met de corporaties. U hoopt van Delftenaren zelf antwoord te krijgen hoe de woningbehoefte moet worden ingevuld. Ons antwoord geven we graag. We komen met twee concrete voorstellen. Maar, eerst geven we een schets van onze buurt. "Goede en betaalbare woningen" als resultaat van de Stadsvernieuwing In de 70-er jaren werd het buurtje dat wordt begrensd door Geerweg, Anna Boogerd en het Koningsplein aangewezen als het eerste stadsvernieuwingsgebied in Delft. Er ging wel wat strijd aan vooraf, maar uiteindelijk werkten gemeente en bewoners/buurtcomité intensief

1

samen in de Projectgroep Stadsvernieuwing Geerweg. "Goede en betaalbare woningen" was de eis van de buurt en ook de gemeente zette zieh daarvoor in. Verkrotte wonìngen werden aangekocht, gesloopt en vervangen door nieuwbouw. 63 Eengezinswoningen en 21 zogeheten "bejaardenwoningen"/"van Da meenheden" (voor 1- en 2-persoonshuishoudens) werden nieuw gebouwd. Voorde eengezinswoningen van de eerste bouwfase werd een huur bedongen van f 210. Dat waren de laagste nieuwbouwhuren in Nederland. In euro's is dat €95. Ook zijn er 16 woningen/wooneenheden ingrijpend gerenoveerd. De opleverhuur van alle nieuwe en gerenoveerde woningen is via vergelijking afgestemd op de huur van f 210 van de eengezinswoningen uit de eerste fase. Samen zijn dat 100 "goede en betaalbare woningen". Een prachtig resultaat! In 1982 schreef de Projectgroep Stadsvernieuwing een terugblik op "Tien jaar Stadsvernieuwing" in de Geerwegbuurt. Voor een goed begrip van de buurt is deze terugblik nog steeds relevant. Dit boekje voegen we als bijlage toe aan deze brief. Aanslag op het sociale huurwoningbestand in de buurt

De 100 gerealiseerde "goede en betaalbare woningen" werden ondergebracht bij Centraal Woningbeheer, het gemeentelijk woningbedrijf. Dat leek een goede keuze. Door samenvoegingen en overnames kwamen deze woningen uiteindelijk in beheer bij Vestia. Vestia zadelde zieh met het derivatenschandaal op met een gigantische schuld. Die leidde ertoe dat in het beheer kosten werden geminimaliseerd en opbrengsten gemaximaliseerd. Dit had grote consequentìes voor de zwaar bevochten sociale huurwoningen in onze buurt: l. Van de 63 nieuw gebouwde betaalbare eengezinswoningen zijn er nu 8 verkocht

Tussen 2014 en 2017 zijn in de Anna Boogerd 5 woningen verkocht (tegen prijzen van€ 1,5 a€2,25 ton). Sinds 2017 wordt uit de Anna Boogerd niet meer verkocht. Aan de Geerweg zijn 3 woningen verkocht; de laatste afgelopen augustus, voor € 372.500. Hiermee zijn 8 woningen definitief onttrokken aan de betaalbare huurwoningvoorraad. 2. Het huurniveau is door Vestía in de afgelopen jaren sterk opgetrokken De consequenties van het gevoerde huurbeleid illustreren we aan de hand van de eengezinswoningen in de Anna Boogerd. Het CBS heeft een tabel die over een lange reeks van jaren aangeeft wat de gemiddelde huurstijging per jaar was (als gevolg van de effecten van zowel de jaarlijkse huurverhoging als de huurharmonisatie ineens, exclusief een huurverhoging na verbetering). De huur van f 210(€95) uit 1976 voor de eengezinswoningen zou volge ns die ontwikkeling nu gestegen zijn naar €515. Een stuk hoger dan € 95, wel nog steeds onder de huidige grens van sociale verhuur. Maar, wat zijn de werkelijke huren? l. Allereerst de huur van de woningen die ook nu nog bewoond worden door de eerste bewoners. De huur van deze woningen is door Vestia sterker verhoogd, dan de landelijke stijging van trend en huurharmonisatie samen: namelijk tot minimaal zo'n € 550,- (nog afgezien van de eventuele inkomensafhankelijke huurverhogingen). 2.

Al jaren geleden is Vestia woningen die leegkwamen gaan aanbieden voor een verhoogde huur. Dat leidt nu tot een brede range aan huren. Huurders die zo'n 10 a 20 jaar in de buurt wo nen beta len zo'n € 650 tot € 800. Let wel: in deze categorie kamen dus ook woningen voor met een huur boven € 763,47; dus boven de sociale huurwoninggrens! 3. Nog grater is de huursprong die Vestia de laatste jaren doorvoert. Na leegkomst worden de woningen - na wat kleine aanpassingen - verhuurd voor huren van € 1.145 tot € 1.230. Alleen al in de Anna Boogerd zijn inmiddels 6 woningen opgetrokken tot dit huurniveau. Vestia/Stedelink doen we voorstel/en voor een zorgvuldig en sociaa/ woningbeheer

De nieuwbouw en renovatie in onze buurt is het resultaat van gezamenlijke actie van buurt en gemeente voor goede en betaalbare woningen. De problemen bij Vestia dreigden dit resultaat teniet te doen. Hopelijk biedt de oprichting van Stedelink nieuwe kansen om goed en - ook 2

voor lagere inkomens - betaalbaar wonen in onze buurt mogelijk te (blijven) maken. In de brief aan Vestia/Stedelink doen we 6 voorstellen. Die zijn samen te vatten tot een oproep om de huurwoningen in de buurt binnen de sociale voorraad te houden en goed te beheren. Oat is immers de bestaansreden van corporaties. Zeker ook van Vestia/Stedelink. De gemeente vragen we de sociale huurwoningvoorraad in onze buurt beschermen

De gemeente heeft een verantwoordelijkheid voor het volkshuisvestingsbeleid en stelt daartoe de Woonvisie op en maakt Prestatieafspraken. Op twee punten vragen wij uw aandacht. 1. De huisvesting in de bínnenstad NIET overlaten aan "de markt" In de Woonvisie 2016-2023 wordt de bínnenstad (op biz. 77) getypeerd als een sterke wijk, "oak al doordat er géén eenzijdigheid in bevo/king noch woníngtype noch eigendomsvorm is." Als "opgave" wordt geformuleerd: "Het is voor corporaties mogelíjk om zieh qua goedkoopste voorraad terug te trekken en de markt zijn werk te laten doen." Schokkend, om dat zote lezen ! Staat hier nu met zoveel woorden dater in de binnenstad op termijn geen plaats meer is voor mensen met de laagste inkomens? De binnenstad als enclave voor hagere inkomens? Oat terwijl in de zin ervoor de kracht van de binnenstad mede wordt verklaard uit de constatering dat de bevolking ju ist niet eenzijdig is. Nu bezitten corporaties slechts 23% van de 6.416 woningen in de binnenstad (bran: allecijfers.nl). In de Meerjarenafspraken 2018-2023 wordt (op biz. 5) 33% per wijk genoemd als "richtlijn" voor een evenwichtige spreiding van sociale woningbouw. Geldt dat percentage dan niet voor de Binnenstad? Is differentiatie a Ileen een beleidsdoel als het gaat om het verlagen van het aandeel mensen met lagere inkomens? Tijden veranderen.

In de stadsvernieuwingsperiode heeft de gemeente zich - met de buurt - sterk gemaakt voor betaalbare huren. In 1982 schreef de gemeente in de terugblik op 10 jaar stadsvernieuwing: "Gemeente en buurt zullen sornen moeten blijven streven naar het betaalbaar houden van de woningen" (blz 27). Dus: "gemeente en buurt sa men"! Jaren later groeide het geloof in "de heilzame werking van de markt". Op het gebíed van de energievoorziening; van het openbaar vervoer; en ook in de volkshuisvesting. Oat geloof is ook zichtbaar in de oude Woonvisie. Gelukkig is inmiddels wel duidelijk geworden dat het niet verstandig is om publieke voorzieningen geheel over te laten aan "de markt". Zeker niet in de (volks-)huisvesting. Wij pleiten ervoor om in de komende Woonvisie het belang te onderstrepen van het handhaven van een gedifferentieerde bevolking, ook in de binnenstad. Gezien de ondervertegenwoordiging van de sociale huurwoningen dient de huidige sociale voorraad in de Binnenstad dan ook beschermd te worden. Oat past bij de prijs/kwaliteitverhouding; dat past bij de historische exploitatieopzet; dat is goed voor de stad: Zo'n buurtje als de Geerwegbuurt heeft een volstrekt eigen karakter. Hier heerst nog een gevoel van saamhorigheid. Een ons-kent-ons-sfeer. Daardoor is deze buurt bijvoorbeeld ook in staat om- nu al meer dan 100 jaar(!) - zelf een speeltuin te runnen.

Zo'n buurtje verrijkt de binnenstad. Erken dat. En bescherm dat ook! Wij vragen u dan ook om in de komende Woonvisie en de komende Prestatieafspraken voor - in ieder geval - de tijdens de stadsvernieuwing met hoge inzet van gemeente en buurt gerealiseerde betaalbare huurwoningen de volgende maatregelen op te nemen: 1. Geen verkoop van huurwoningen; ook niet "incidenteel ter optimalisering van de woningvoorraad". Elke sociale huurwoning telt. 2. Geen liberalisatie van leegkomende huurwoningen; de huur van deze woningen wordt niet uitgetild boven de sociale huurgrens. 3. De huur van woningen die door Vestía al opgetrokken was tot boven de sociale huurgrens wordt na leegkomst van die woning verlaagd tot onder de sociale huurgrens. 3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13323172/1