41895 Jaarrekening 2021 compleet
Tekst van het document
Verantwoording werkdrukmiddelen Stichting Wolderwijs In het proces voor de totstandkoming van een effectieve aanpak van werkdruk op schoolniveau zijn er door de directeuren gesprekken gevoerd met hun teams en de personeelsgeleding van de medezeggenschapsraden (P-MR). Het doel hiervan was tot een eenduidige besteding te komen van de beschikbare werkdrukmiddelen, met als resultaat dat alle P-MR’en de bestedingsplannen van de scholen hebben goedgekeurd. Daarnaast zijn er op de scholen ook niet-financiële maatregelen getroffen voor de vermindering van werkdruk. Er wordt doorlopend stilgestaan bij de bewustwording van werkdruk en de verlaging hiervan. Werkprocessen worden opnieuw beschouwd en bespreekbaar gemaakt. Dit komt onder andere samen in de jaarlijkse werkverdelingsplannen van de scholen. In 2021 heeft Stichting Wolderwijs € 319.767 bekostiging voor werkdrukvermindering ontvangen, wat als volgt is ingezet: Besteed Bestedingscategorie
bedrag
Eventuele toelichting
Personeel
304.739
Inzet onderwijsassistenten, facilitair medewerkers en groepshoppers (vrijroostering personeel) én formatie voor extra en/of kleinere klassen.
Extern personeel
15.028
Inhuur vakleerkrachten muziek.
Materieel
0
-
Professionalisering
0
-
Overig
0
-
319.767
18
2.8 Nationaal Programma Onderwijs Op de locaties van Wolderwijs is de invloed van de coronapandemie in zowel 2020 als 2021 groot geweest, met name op organisatorisch en onderwijskundig vlak. Het jaar 2021 begon voor de scholen in de Nederland weer in lockdown. Maandag 8 februari 2021 gingen de deuren weer open voor zowel onderwijs als opvang. De buitenschoolse opvang bleef gesloten en verzorgde vooralsnog alleen noodopvang, maar ook de buitenschoolse opvang kon kort daarna weer op de gebruikelijke wijze plaatsvinden. Ondanks het fysieke lesgeven hadden de coronamaatregelen voor het primair onderwijs een direct effect op het (onderwijskundig) beleid in 2021. Denk aan afstandsregels, hygiënemaatregelen, geen ouders en externen in de school en niet naar het museum, op kamp of op schoolreis. Het bouwen aan educatief partnerschap met ouders en het betrekken van ouders bij de school is door de coronamaatregelen lastig gebleken. Bij de start van schooljaar 2020/2021 is veel aandacht besteed aan het sociaal welbevinden van de kinderen en het zicht krijgen op hun totale ontwikkeling.
Door wat we van deze ontwikkeling van de kinderen weten en hebben gezien is met de aanvullende financiële middelen, onder andere subsidie inhaal- en ondersteuningsprogramma onderwijs en NPOgelden, gerichte ondersteuning ingezet daar waar kinderen dit nodig hebben en er mogelijk sprake was van onderwijsachterstanden. Met het oog op het wegwerken van onderwijskundige achterstanden heeft het Ministerie van OCW in 2021 verschillende subsidieregelingen beschikbaar gesteld, waarvan Wolderwijs zo optimaal mogelijk gebruik heeft gemaakt. Denk aan de regelingen inhaal- en ondersteuningsprogramma’s (IOP) en extra hulp voor de klas (EHvdK). Naast deze subsidies wordt er met ingang van schooljaar 2021/2022 bekostiging ontvangen vanuit het Nationaal Programma Onderwijs (NPO). Deze aanvullende gelden worden ingezet ten behoeve van het wegwerken van onderwijsachterstanden die opgelopen zijn gedurende de coronapandemie. De NPObekostiging wordt ontvangen in de schooljaren 2021/2022 en 2022/2023, maar mag uitgegeven worden tot en met schooljaar 2024/2025. Voor de totstandkoming van de NPO-schoolprogramma’s is in 2021 het volgende gebeurd:
Er is een schoolscan uitgevoerd op alle locaties, met behulp van de module ‘schoolrapportage’ in ParnasSys. In de teamoverleggen zijn de soorten interventies gekozen, die vervolgens zijn opgenomen in de module ‘schoolprogramma’ van ParnasSys. Ouders zijn op de hoogte gebracht middels nieuwsbrieven. Wolderwijs heeft een NPO-formulier ontwikkeld dat per locatie is voorgelegd aan de betreffende MR. Alle MR’en hebben ingestemd met de interventies en de formulieren zijn ondertekend. Er is voor gekozen om 20% van de ontvangen middelen voorlopig nog niet in te zetten, in verband met eventuele toekomstige kosten van transitievergoedingen en WW-uitkeringen. Dit is gebeurd met instemming van de GMR. De niet bestede bekostiging NPO is ultimo 2021 toegevoegd aan een nieuw gevormde bestemmingsreserve NPO. De komende jaren zal de bestemmingsreserve NPO het instrument zijn voor het monitoren van de hoogte van nog niet uitgegeven totale NPO-bekostiging.
Ten tijde van het opstellen van het jaarverslag 2021 zijn er nog geen (eerste) resultaten beschreven. Eind schooljaar 2021/2022 worden de schoolrapportages en schoolprogramma’s geëvalueerd en wordt er beschouwd of de huidige interventies nog passend zijn of indien nodig aangepast moeten worden voor het komende schooljaar. De NPO-bekostiging is in 2021 niet ingezet voor personeel niet in loondienst (PNIL). Voor de inzet van de NPO-bekostiging heeft het Ministerie van OCW een menukaart beschikbaar gesteld met daarbij de keuze tussen verschillende interventies: A: Meer onderwijs om bij groepen leerlingen kennis en vaardigheden bij de spijkeren. B: Effectievere inzet van onderwijs om kennis en vaardigheden bij te spijkeren. C: Sociaal-emotionele en fysieke ontwikkeling van leerlingen. D: Ontwikkeling van de executieve functies van leerlingen. E: (Extra) inzet van personeel en ondersteuning. F: Ouderbetrokkenheid en digitale technologie. G: deze extra rubriek is uitsluitend bedoeld voor (bestemmings)reserves voor werkloosheidskosten en dotatie aan de voorziening transitievergoeding.
19
Voorafgaand aan schooljaar 2021/2022 hebben de locaties van Wolderwijs gekozen voor de nodige interventies. Deze zijn hieronder schematisch weergegeven. Tevens is aangegeven wat het bestede bedrag per locatie is geweest in 2021 (periode augustus tot en met december). Besteding in 2021 (€)
BRIN
Naam locatie
Interventies
09HG
‘t Echtenest
B, E en F
7.630
10RY
De Klimtoren
B, D en F
10.858
10UN
’t Oelebröd
A, B, C en F
37.264
11GK
De Bosrand
B
8.172
12CO
Het Veldboeket
B, D en E
20.401
12TS
Het Groene Hart
B, C, E en F
52.046
18IJ
De Wezeboom
B, C en F
3.000
18KF
De Dissel
E
3.806
18KU
De Rozebottel
B, D, E en F
22.727
18NN
De Horst
B, C en E
39.341
Totaal besteed
205.245
Totaal ontvangen
370.069
Saldo, toegevoegd aan bestemmingsreserve NPO
164.824
2.9 AVG In 2021 heeft de functionaris gegevensbescherming (FG’er) de locaties kunnen bezoeken, wat in de periode daarvoor niet mogelijk was door de coronamaatregelen. De FG’er heeft de controles uit kunnen voeren en geholpen met de basis AVG-status van de locaties. De conclusie is dat er op alle locaties een realistisch beeld is van wat AVG inhoudt en is men er serieus mee bezig. Er is gestart met en gewerkt aan de implementatie van de basis AVG-documentatie in de organisatie. Procedures voor bijvoorbeeld inzageverzoeken en het melden van veiligheidsincidenten, privacyreglementen voor medewerkers en leerlingen en een reglement voor het gebruik van sociale media door medewerkers en leerlingen. Alle verwerkersovereenkomsten zijn overgezet naar de nieuwe verwerkingsregisters binnen het systeem YourSafetyNet, waardoor deze makkelijker bij te houden en in te zien zijn. In overleg met de FG’er is besloten om de nieuwe voorwaarden te accepteren van de Google Workspace for Education omgeving. Deze zijn tot stand gekomen in een samenwerking van SIVON, Kennisnet en Surf naar aanleiding van eerder geconstateerde privacyrisco’s bij Google Workspace for Education. Ook heeft Heutink ICT naar aanleiding hiervan een aantal aanpassingen gedaan in de betreffende beheeromgeving waardoor het gebruik ervan weer AVG-correct is.
Ondanks dat de leerlingen van Wolderwijs werken met Microsoft kunnen zij hier zijdelings wel mee te maken krijgen als zij werken op chromebooks.
20
3.
Klanten (ouders en leerlingen)
3.1 Algemeen Onder het klantenperspectief vallen de ouders en leerlingen en het marktsegment waarin Stichting Wolderwijs deelneemt aan het maatschappelijk en economisch verkeer. Dit perspectief omvat succesbepalende factoren als de mate van voldoen aan behoeften van afnemers (ouders en leerlingen), klantenbinding, werving van nieuwe leerlingen, omvang van de markt en het marktaandeel. Het is van belang in te spelen op de wensen van ouders en leerlingen en de veranderingen daarin. Het doel van Stichting Wolderwijs is dat leerlingen hun capaciteiten zo goed mogelijk benutten.
3.2 Succesbepalende factoren Het volgende doel is gesteld in 2021: Succesbepalende factor
Periode
Onderdeel
De Wolderwijskrachten hebben vertrouwen in de organisatie en zijn met plezier en bevlogenheid aan het werk.
2019 t/m 2023
3.3
3.3 Tevredenheidsonderzoek Stichting Wolderwijs onderzoekt om het jaar de tevredenheid van ouders, leerlingen en medewerkers. De tevredenheidspeilingen vormen tezamen een instrument dat een waardevolle bijdrage levert aan het kwaliteitsbeleid op de scholen. Het onderzoek levert een bijdrage aan:
Kwaliteitsbeleid en schoolorganisatie; Betrokkenheid ouders, personeel en leerlingen; Op zijn minst stabiliseren van de marktpositie.
In maart 2020 zijn voor de laatste keer tevredenheidspeilingen afgenomen. Dit zal opnieuw gebeuren in 2022. Hieronder zijn schematisch de uitkomsten van de tevredenheidspeilingen van maart 2020 weergegeven. De bevindingen naar aanleiding van de uitkomsten zijn beschreven in het jaarverslag van 2020.
21
3.4 Marktaandeel Naast het hebben van inzicht in het aantal leerlingen in de gemeente De Wolden is het van belang jaarlijks het marktaandeel in beeld te brengen. Hieronder volgt een overzicht van de marktaandelen binnen het primair onderwijs, per 1 oktober 2021, in de gemeente De Wolden (waarbij geen rekening is gehouden met leerlingen uit de gemeente De Wolden die in een andere gemeente onderwijs volgen): Marktpartijen
Aantal
Percentage
Openbare basisscholen
1.246
70,3%
(2020: 71,8%)
Bijzondere basisscholen
526
29,7%
(2020: 28,2%)
Totaal aantal basisschoolleerlingen De Wolden
1.772
In de dorpskernen waar ook bijzondere basisscholen gevestigd zijn stijgt het marktaandeel; in Koekange met 0,4% en Ruinerwold met 0,2%. Daarentegen daalt in Zuidwolde het marktaandeel met 1,1% en in Kerkenveld met 0,3%. De overige kernen hebben een enigszins stabiele stijging of daling tussen de 0,4% of -0,4%. Stichting Wolderwijs streeft naar een minimale handhaving van het huidige marktaandeel. Met name het verbeteren van de kwaliteit van het onderwijs en de kinderopvang (en als combinatie IKC) spelen een belangrijke rol in de tevredenheid van ouders, leerlingen en medewerkers en kunnen daarmee een positieve invloed hebben op het marktaandeel.
3.5 Klachtenregeling Stichting Wolderwijs heeft een eigen klachtenregeling en is aangesloten bij de landelijke klachtencommissie van Stichting Onderwijsgeschillen. In het kader van de klachtenregeling zijn een extern vertrouwenspersoon, een contactpersoon voor het schoolbestuur en een contactpersoon (veiligheidscoördinator) per school aangesteld. Klachten, die niet naar tevredenheid intern afgehandeld kunnen worden, worden ingediend bij de landelijke klachtencommissie. Het klachtrecht heeft een belangrijke signaalfunctie met betrekking tot de kwaliteit van het onderwijs. Door de klachtenregeling ontvangen het schoolbestuur en de individuele scholen op eenvoudige wijze signalen die hen kunnen ondersteunen bij het verbeteren van het onderwijs en de goede gang van zaken op school. Veruit de meeste klachten over de dagelijkse gang van zaken in de school worden in onderling overleg tussen ouders, leerlingen, personeel en schoolleiding op een correcte wijze afgehandeld. Indien dat echter, gelet op de aard van de klacht, niet mogelijk is of indien de afhandeling niet naar tevredenheid heeft plaatsgevonden, kan men een beroep doen op de klachtenregeling. Een klacht kan gaan over een beslissing van de bestuurder, de directeur of een leerkracht, maar ook over het gedrag van een leerkracht of andere personen of organen die bij de school betrokken zijn.
De klachten kunnen bijvoorbeeld betrekking hebben op: -
Onderwijskundige zaken Schoolorganisatie Communicatie Sancties tegen leerlingen
-
Veiligheid Ongewenste intimiteiten Vormen van discriminatie
In 2021 zijn er geen klachten ingediend bij de landelijke klachtencommissie op grond van de klachtenregeling.
22
4. Ontwikkeling en groei 4.1 Algemeen Het ontwikkelings- en groeiperspectief benadrukt het belang van de inrichting van de organisatie. Stichting Wolderwijs besteedt aandacht aan en hanteert kwaliteitszorgsystemen. Daarnaast is er sprake zijn van een lerende organisatie waarbij de kwaliteit van het onderwijs een concurrentievoordeel moet opleveren. Medewerkers worden gestimuleerd zelf hun uitdagingen aan te gaan en problemen op te lossen en te bedenken hoe de kwaliteit van het onderwijs voor ouders en leerlingen verhoogd kan worden.
4.2 Succesbepalende factoren De volgende doelen zijn gesteld in 2021: Succesbepalende factor
Periode
Onderdeel
Alle directeuren hebben goed zicht op de kwaliteit van het onderwijs op school, zijn goed op de hoogte van het nieuwe toezichtskader en geven goed onderwijskundig leiding.
2019 t/m 2023
4.3
Alle locaties van Wolderwijs laten middels een audit zien goed zicht te hebben op de kwaliteit van het onderwijs en waar nog ontwikkelpunten zijn.
2020 t/m 2023
4.3
Alle scholen hebben voor de eindtoets 2020/2021 scores boven de signaleringswaarde behaald.
2021
4.3
Alle locaties beschikken over een taal-, reken-, en meer en hoogbegaafdheidscoördinator of delen deze met een ‘collega’-school. Voor hen is een duidelijke en actuele taakomschrijving ontwikkeld.
2020 t/m 2022
4.5.1
De scholen maken een plan voor het aantrekkelijker maken van de pleinen (buitenruimtes).
2019 t/m 2022
4.2.1
Alle locaties hebben een aantrekkelijke website waarop belangrijke informatie te vinden is voor ouders en andere belangstellenden.
2020 t/m 2021
4.6
4.2.1
De scholen maken een plan voor het aantrekkelijker maken van de pleinen (buitenruimtes).
Het doel om de pleinen/buitenruimtes van de locaties aantrekkelijker te maken, kan niet gerealiseerd worden zonder de betrokkenheid van onder andere speeltuinverenigingen, ouders en participanten die gebruik maken van het plein. Wolderwijs ondersteunt initiatieven en doet een financiële bijdrage in de totale kosten van de plannen die er zijn. Naast deze ‘subsidie’ zijn er andere subsidieverstrekkers, zodat de uitvoering van de plannen kostendekkend plaats kan vinden. In 2020 hebben de locaties in Ruinerwold en De Wijk de buitenruimtes reeds grotendeels aantrekkelijker gemaakt. In navolging daarvan heeft de locatie in Zuidwolde in 2021 haar plan afgerond voor het aantrekkelijker maken van de buitenruimtes. Door de coronapandemie is dit plan nog niet tot uitvoering gebracht in 2021. De verwachting is dat dit in 2022 wel het geval zal zijn. De locatie in Ruinen heeft (overkoepelende) plannen voor het verbeteren van zowel de binnen- als de buitenruimtes, met daarbij de IKC-visie centraal. De hierbij horende herindeling van de binnenruimtes zal op haar beurt gevolgen hebben voor de herindeling van de buitenruimtes. Om dit masterplan (financieel) van de grond te krijgen is er voortdurend contact met Gemeente De Wolden als economisch eigenaar van de MFA én de bibliotheek als participant binnen de MFA.
De verwachting is dat er in 2022 eerste stappen genomen kunnen worden in dit proces. Daarbij spelen de hoogtes van de kosten van de nodige verbouwingen een grote grol. In 2021 heeft de locatie in Echten de parkeergelegenheid op de locatie verbeterd. Hierdoor is het plein voor kinderen en ouders beter bereikbaar en is de buitenruimte weer overzichtelijk. In 2022 heeft de locatie in Veeningen een plan om de buitenruimtes te verbeteren.
4.3 Kwaliteit onderwijs Kwaliteitsgesprekken Twee keer per jaar houdt de beleidsmedewerker onderwijs en kwaliteit per locatie een kwaliteitsgesprek met de directeur en eventueel de intern begeleider aan de hand van een format, waarop vaste gespreksonderwerpen staan (o.a. opbrengsten, personeel, beleidsdocumenten, ambities). Deze worden aangevuld met onderwerpen vanuit de school. Dit jaar stonden de gesprekken grotendeels in het teken van het nationaal programma onderwijs; hoe zetten we de nieuwe bekostiging zo goed mogelijk in. Aan de hand van de schoolscan (schoolrapportage), de menukaart en het schoolprogramma NPO werden er per school keuzes gemaakt en voorgelegd aan de MR.
23
Eindtoets Met ingang van het schooljaar 2020/2021 beoordeelt de Onderwijsinspectie de resultaten van de scholen op een andere manier. De Onderwijsinspectie kijkt naar de scores van de basisvaardigheden rekenen, lezen en taalverzorging van de afgelopen drie jaren. Daarbij wordt gekeken naar het percentage 1F-niveau en 1S/1F-niveau, waarbij rekening wordt gehouden met de leerlingpopulatie van de school (schoolweging). Jaarlijks stellen de directeur en intern begeleider hun eigen schoolnorm op voor dat schooljaar. Ze kijken daarbij naar hun eigen gemiddelde schoolscore en de signaleringsscore passend bij de schoolweging. In schooljaar 2020/2021 hebben alle scholen binnen Wolderwijs scores boven de signaleringswaarde gescoord.
Audits In 2021 hebben de directeuren het eerste jaar van de auditopleiding zicht op ontwikkeling van Bureau Meesterschap afgerond. Tijdens deze opleiding is er op vijf scholen een audit afgenomen. In 2022 starten vijf directeuren en de beleidsmedewerker onderwijs en kwaliteit met het tweede jaar van de auditopleiding. Voor iedere audit moet de directeur een zelfevaluatie schrijven. Hierin beschrijft de directeur hoe hij/zij de kwaliteit van zijn/haar eigen school inschat op grond van de indicatoren van het toezichtskader van de Onderwijsinspectie. Deze zelfevaluatie en de actiepunten vanuit de audit zijn eveneens onderdeel van het kwaliteitsgesprek.
Coördinatoren Op iedere school of cluster van scholen is er een coördinator ICT, taal, rekenen en mhb (meer- en hoogbegaafdheid) die op zijn/haar school/scholen het beleid ontwikkelt, vorm geeft en bewaakt. Bovenschoolse overleggen van deze coördinatoren vinden meerdere keren per jaar plaats onder leiding van een directeur. Ook wordt dan nascholing gevolgd op hun vakgebied.
Wolderwijsacademie In 2021 is de Wolderwijsacademie nagenoeg volledig via e-learning aangeboden. Het aanbod via de Wolderwijsacademie is zeer divers; van klassenmanagement, tot dyslexie, tot aan oudergesprekken. Iedere medewerker kan via een eigen account meerdere online cursussen volgen en één ervan met een certificaat afronden. In het voorjaar van 2022 wordt deze werkwijze geëvalueerd en zal er een nieuw aanbod worden ingekocht voor schooljaar 2022/2023.
Wolderwijsdag In verband met alle coronamaatregelen heeft er in 2021 geen Wolderwijsdag plaatsgevonden. Deze is doorgeschoven naar 23 maart 2022. Deze Wolderwijsdag staat in het teken van digitale geletterdheid.
4.4 Koersplan Ultimo 2019 is het nieuwe strategisch beleidsplan, het koersplan Wolderwijs 2019-2023, geïntroduceerd. Hierin zijn in hoofdlijnen de ontwikkelingsdoelen voor de komende vier schooljaren opgenomen. De koers van de totale Wolderwijsorganisatie is gebaseerd op de inbreng van alle betrokkenen bij de organisatie en sluit aan bij de wensen en ambities die de organisatie zelf heeft. In hoofdstuk 1 Maatschappelijk opdracht is reeds ingegaan op de nieuwe kernwaarden, missie en visie van Wolderwijs. Het motto van Wolderwijs is: “Wolderwijs ontwikkelt”. Vanuit de kernwaarden, in combinatie met dit motto, geeft Wolderwijs richting en inhoud aan de missie en visie. De kernvragen bij het opstellen van het koersplan en de daaruit volgende organisatiedoelen waren: -
Wat gaat goed en willen we behouden? Wat willen we versterken en vernieuwen? Hoe willen we voorgaande realiseren?
Met betrekking tot deze laatste vraag zijn er drie hoofdthema’s: 1) 2) 3)
De Wolderwijs leergemeenschap: Wolderwijs zien vanuit de driehoek kind-ouder-Wolderwijskracht en van daaruit samenwerken aan de ontwikkeling van de kinderen. Ontwikkelingsgericht denken: Aan de basis staat het zien en inzetten van de talenten van de kinderen, het inzetten op hun ‘ik-kracht’. Verrijkte leeromgeving: Uitgangspunt is dat leren niet alleen in de school plaatsvindt, maar ook buiten de school. De school is slechts onderdeel van het totale leerproces van de kinderen.
24
De strategische doelen van Wolderwijs zijn onderverdeeld naar een aantal hoofdonderwerpen:
Kindcentra algemeen Onderwijs- en opvangbeleid Kwaliteitsbeleid Personeelsbeleid Financiën en bedrijfsvoering Duurzaamheid Communicatie
Op basis van het voorgaande geeft het koersplan in hoofdlijnen de richtingen aan. De scholen van Stichting Wolderwijs krijgen in hun (vierjaarlijkse) schoolplannen de ruimte voor een schoolspecifieke vertaling van de organisatiedoelen. Als afgeleide van het koersplan Wolderwijs 2019-2023 wordt er jaarlijks een (bestuurlijk) jaarplan opgesteld. Naast de jaarlijks terugkerende onderwerpen vindt de verantwoording van de realisatie van de belangrijkste jaarlijkse doelen vanuit het jaarplan plaats in dit jaarverslag.
4.5 Overig personeelsbeleid 4.5.1
Functiehuis
In 2021 heeft de werkgroep integraal personeelsbeleid (IPB) tot doel gesteld om de taken van de coördinatoren binnen de locaties te omschrijven. De basis hiervoor is de bepaling welke coördinatoren op de locaties aanwezig zijn en welke wenselijk zijn. Door de coronapandemie heeft dit proces vertraging opgelopen. Niet alle bijeenkomsten van de werkgroep konden doorgaan vanwege ziekte van werkgroepleden. In 2022 zal verder gewerkt worden aan het vaststellen welke coördinatoren gewenst zijn per locatie. Daarnaast worden de taken van deze coördinatoren omschreven in een taakomschrijving. Het beschrijven van deze taken zal niet leiden tot nieuwe functies in het functiehuis.
4.5.2
Mobiliteit
Het formatieproces en de vacaturerondes hebben geleid tot mobilisatie van vijf medewerkers per 1 augustus 2021. Deze vijf medewerkers zijn vrijwillig gemobiliseerd. De medewerkers hebben vooraf een gesprek met directeuren van de betreffende locatie gehad, zoals beschreven in het mobiliteitsbeleidsplan. De gesprekken zijn naar wederzijdse tevredenheid geweest.
4.5.3
Werkverdelingsplan
Alle schoolteams hebben een werkverdelingsplan gemaakt. Vanuit P&O is een model ontwikkeld dat bijdraagt aan het verkrijgen van inzicht in de werkverdeling. Zo wordt gezorgd voor een evenwichtige verdeling van de taken per locatie. Vanuit de bevindingen van de teams kan het model verder ontwikkeld worden.
4.5.4
Gesprekkencyclus
De digitale gesprekkencyclus is in 2021 geïmplementeerd en de gesprekken zijn conform de nieuwe werkwijze gevoerd. In de digitale gesprekkencyclus worden de gemaakte afspraken rondom persoonlijke ontwikkeling vastgesteld. Dit heeft tot doel om de doelstelling die de werknemer samen met de directeur gesteld heeft te helpen behalen. In 2022 zal de werkwijze worden geëvalueerd.
4.5.5
Beleid instroom personeel
In dit jaar is er op verschillende manieren gewerkt aan de instroom van personeel en het beleid hierop. Het beleid op dit terrein wordt ontwikkeld door onder andere te participeren in het project Regionale Aanpak Personeelstekort (RAP). Dit project werkt zeven programmalijnen uit:
Samenwerken in de regio Strategisch HR en arbeidsmarkt Loketfunctie Samen werven Toegerust in de klas en op school Onderwijs van de toekomst Onderzoek
Wolderwijs participeert in vier van deze programmalijnen. Deze participatie moet meer inzichten geven in de mogelijkheden om personeel aan te trekken en te behouden en moet tevens de samenwerking is de regio bevorderen. Dit laatste heeft ook als doel om de regio als aantrekkelijke arbeidsmarktregio neer te zetten.
25
4.5.6
Wachtgelden PO
Schoolbesturen zijn conform de regelgeving in de Wet op het Primair Onderwijs (WPO) verplicht om hun vacatures met voorrang aan te bieden aan (ex-)werknemers die zijn aangemerkt als eigen wachtgelders. Een eigen wachtgelder is een (ex)werknemer die vanuit de afloop van een dienstverband bij Stichting Wolderwijs een uitkering ontvangt. Op dit moment zijn er geen eigen wachtgelders die bij voorrang een vacature moet worden aangeboden.
4.6 ICT-beleidsplan Medio 2021 is het beleidsplan ICT 2018-2021 afgerond en geëvalueerd. Er is gewerkt aan een aantal voorwaardelijke factoren die samen bijdragen aan een optimale ICT-omgeving om digitaal te kunnen werken:
Glasvezel internet op alle locaties (250/250 Mbit).
Vervanging van alle routers om de nieuwe internetsnelheden aan te kunnen en voorbereid op toekomstige hogere snelheden.
Uitfasering van alle locatieservers en gebruik van cloudbased software, zowel op de locaties als op het bestuursbureau.
Gebruik van een zakelijk device voor directeuren, leerkrachten, IB’ers en medewerkers van het bestuursbureau.
Vervanging van fat clients door chromebooks en tablets.
Continuering van het wifi-netwerk.
Training en ondersteuning in het werken met O365.
Ombouw naar nieuwe sharepoint-omgeving en de introductie van het Wolderwijs-startportaal in sharepoint.
Met het afsluiten van het beleidsplan is de basis gelegd om ook meer inhoudelijk vorm te kunnen gaan geven aan ICT-vaardigheden. De functie van beleidsmedewerker ICT is nu structureel opgenomen in het functiehuis van Wolderwijs. Voor de periode 2021 tot en met 2025 wordt ingestoken op de implementatie van digitale geletterdheid. Hiermee wordt ingezet op het totaalpakket aan digitale vaardigheden voor zowel medewerkers als leerlingen en kinderen. Vanuit het nieuwe plan is er gestart met de opleiding van i-coaches op de locaties, met uitzondering van locaties ’t Echtenest, De Klimtoren en Het Veldboeket waar nog geen geschikte kandidaat aanwezig was. Hier wordt op een later tijdstip iemand opgeleid. Ook is er in 2022 een budget begroot, vanuit het eigen vermogen van de stichting, voor de aanschaf van leermiddelen en een leergang digitale geletterdheid.
Cloudmigratie en Office365 De migratie van gegevens naar de cloud is een feit. Om de veiligheid in de cloud te kunnen garanderen wordt deze omgeving (de Wolderwijs tenant van Microsoft) structureel gemonitord en bijgesteld. Enerzijds om nieuwe functionaliteiten te gaan gebruiken, anderzijds om de tenant aan te passen aan de behoeften van de organisatie. Hiervoor wordt externe expertise ingehuurd en is in dit geval contact gezocht met een Office365-specialist om in co-beheer de tenant up-to-date te houden en bij te blijven met de laatste technologische ontwikkelingen. Omwille van de veiligheid van de documentatie, die ondanks alle ingestelde maatregelen altijd kwetsbaar blijft voor kwaadaardige software (malware), is voor alle directieleden, IB’ers en bestuursbureaumedewerkers een online back-up ingesteld voor de exchangeen onedrive/sharepoint-omgeving. Hierin worden alle gekoppelde postvakken, groepen en documentbibliotheken meegenomen. Deze dienst wordt afgenomen bij Heutink ICT en is makkelijk schaalbaar. Bij een uitbraak van malware is daarmee de documentatie van de organisatie veilig gesteld door back-ups die langere tijd terug gaan.
Websites en communicatieapps In 2021 is voor locatie Het Groene Hart een nieuwe website gemaakt die gekoppeld is aan de bestuurswebsite. Locatie ’t Echtenest heeft ook aangegeven om voor het einde van schooljaar 2021/2022 over te willen stappen. Er is gestart met een initiatief om te onderzoeken of De Horst in schooljaar 2022/2023 kan starten met de oudercommunicatie-app ‘klasbord ouderapp’, binnen de visie van Wolderwijs om te kunnen communiceren als één organisatie. Hiervoor is een werkgroep opgezet.
Wifi-netwerk In december is Wolderwijs via onderwijscoöperatie SIVON met de firma Wentzo Wireless een nieuw vijfjarig WAAS-contract aangegaan (wifi as a service). Daarmee is de draadloze internetdekking op de scholen vergroot. Door de komst van nieuwe acces points is tevens de beschikbare internetsnelheid verhoogd, omdat er nu gebruik gemaakt wordt van de nieuwste wifi-standaarden. Ook de switches zijn nu opgenomen in de WAAS-constructie.
26
5. Financiën 5.1 Algemeen Financiële prestatiemaatstaven zijn van belang voor het samenvatten van meetbare bedrijfseconomische consequenties van ondernomen acties. Ontwikkelingen in de andere perspectieven komen uiteindelijk tot uitdrukking in financiële (deel)resultaten. Financiële metingen zijn grotendeels gericht op de korte termijn en geven aan hoe de organisatie presteert ten aanzien van haar eigen (financiële) beleid. In dit jaarverslag zijn de financiële (deel)resultaten van 2021 inzichtelijk gemaakt. Daarnaast is het te allen tijde van belang financieel inzicht te hebben voor de langere termijn. De meest actuele verwachte (financiële) consequenties van de bedrijfsvoering van Stichting Wolderwijs in de komende jaren zijn beschreven in de begroting 2022 en meerjarenbegroting 2022 tot en met 2025. Dit rapport vormt de basis voor de continuïteitsparagraaf in dit jaarverslag (zie onderdeel 6 Continuïteitsparagraaf).
5.2 Succesbepalende factoren De volgende doelen zijn gesteld in 2021: Succesbepalende factor
Periode
Onderdeel
Verantwoord inzetten van een deel van het eigen vermogen ter verbetering van de kwaliteit van onderwijs.
2021 en latere jaren
5.3.5
Optimaal rendement behalen uit de stichtingsgelden door het analyseren en actualiseren van de huidige baten- en lastenstructuur.
2021 en latere jaren
5.2.1
5.2.1
Optimaal rendement behalen uit de stichtingsgelden door het analyseren en actualiseren van de huidige baten- en lastenstructuur
Door de coronapandemie en de daaruit voortkomende (financiële) uitdagingen is de aandacht in 2021 grotendeels verschoven naar de ontvangen aanvullende NPO-bekostiging én ontvangen aanvullende subsidies inhaal- en ondersteuningsprogramma’s onderwijs (IOP) en extra hulp voor de klas (EHvdK). Niet alleen de baten nemen door deze regelingen enorm toe, ook de daaruit voortvloeiende kosten moet voortdurend in kaart gebracht worden en getoetst worden aan de vooraf opgestelde plannen. Desondanks is er in 2021 een begin gemaakt met het gedeeltelijk analyseren van de baten- en lastenstructuur van Wolderwijs. Het doel is daarbij geweest om kosten te besparen, waardoor er ruimte wordt gecreëerd voor nieuwe kostensoorten naar aanleiding van nieuwe ontwikkelingen in 2022. Onder andere de kosten van bovenschoolse licenties en ICT-beheerkosten zijn verlaagd met € 5.000. Daarnaast is er een kostenverlaging van reproductie gerealiseerd van ruim € 20.000.
5.3 Financiën verslagjaar In dit onderdeel wordt verslag gedaan van de financiële gevolgen en resultaten van de bedrijfsvoering in 2021.
5.3.1
Financieel beleid
Bedrijfseconomische principes zijn belangrijk voor het te voeren financiële beleid, zoals een gezonde ontwikkeling van de baten en lasten, een verantwoorde liquiditeitspositie en verantwoorde kengetallen. Het gaat voornamelijk om het beheren van de financiële positie van de stichting, het op een verantwoorde manier verdelen van de baten over de organisatie en het monitoren van de liquide middelen voor nu en in de toekomst. Essentieel hierbij is de aanwezigheid van een betrouwbare administratieve organisatie en interne controle. Het financiële beleid dat gevoerd wordt door Stichting Wolderwijs is een belangrijke randvoorwaarde voor het behalen van de ambities, doelstellingen en beoogde resultaten.
5.3.2
Begroting en resultaat
Begroting De begroting van 2021 geeft een weergave van de verwachte baten en lasten voor aanvang van het jaar 2021. De begroting is grotendeels opgesteld op basis van de realisatie (werkelijke cijfers) van 2020, waar nodig bijgesteld conform de wijzigingen en verwachtingen voor 2021. Het beleid dat ten grondslag ligt aan de begroting is dat de begroting jaarlijks regulier sluitend is (regulier begrotingsresultaat nihil). Naast de reguliere bedrijfsvoering zet Stichting Wolderwijs jaarlijks een deel van haar eigen vermogen in voor aanvullende kwaliteitsinvesteringen, waarvan de kosten ten laste komen van de reserves (het eigen vermogen) van Stichting Wolderwijs. Dat verklaart waarom het totale begrote resultaat negatief is (zie 5.3.5). Deze kwaliteitsinvesteringen hebben te allen tijde een tijdelijk karakter.
27
Resultaat inclusief resultaatanalyse in hoofdlijnen Het begrote resultaat van 2021 bedraagt € 218.220 negatief. Het gerealiseerde resultaat van 2021 bedraagt € 98.728 positief. Dit resultaat wijkt € 316.948 positief af van het begrote resultaat. Van deze afwijking is € 164.824 veroorzaakt door niet bestede NPObekostiging en € 90.999 door niet bestede subsidie extra hulp voor de klas (EHvdK), waarvoor ultimo 2021 respectievelijk een bestemmingsreserve NPO en een bestemmingsreserve overig EHvdK is gevormd (middels resultaatbestemming). Zonder deze bijzondere resultaten zou het (geschoonde) gerealiseerde resultaat € 157.095 negatief zijn geweest. Dit resultaat wijkt € 61.125 positief af van het begrote resultaat. Voorgaande resultaatanalyse is hieronder schematisch weergegeven.
Schematische weergave resultaatanalyse 2021 op hoofdlijnen Resultaat gerealiseerd Niet bestede NPO-bekostiging t.g.v. bestemmingsreserve NPO Niet bestede subsidie extra hulp voor de klas t.g.v. bestemmingsreserve overig EHvdK Resultaat geschoond Resultaat begroot Verschil resultaat gerealiseerd en resultaat begroot
98.728 -164.824 -90.999 -157.095 -218.220 61.125
Naast bovenstaande meest opvallende resultaatafwijkingen zijn er uiteraard meer (reguliere) deelresultaten geweest in 2021. Deze worden op de volgende pagina's in detail behandeld.
Resultaatbestemming Het totale gerealiseerde resultaat van 2021 is als volgt verwerkt in de reserves/het eigen vermogen:
Algemene reserve NPO reserve Overige reserves Bestemmingsreserve
Eigen vermogen 31-12-2020 Resultaatbestemming 1.728.951 14.875
Eigen vermogen 31-12-2021 1.743.826
0 223.637 223.637
164.824 -80.971 83.853
164.824 142.666 307.490
1.952.588
98.728
2.051.316
Voor een gedetailleerd verloop van de reserves wordt tevens verwezen naar de jaarrekening 2021, als onderdeel van dit jaarverslag. Specifiek voor de realisatie van de voor 2021 begrote kwaliteitsinvesteringen ten laste van de reserves/het eigen vermogen wordt er verwezen naar onderdeel 5.3.5 Realisatie kwaliteitsinvesteringen. Specifiek voor het verloop van het eigen vermogen in toekomstige jaren wordt er verwezen naar onderdeel 6 Continuïteitsparagraaf. Op de volgende pagina is de exploitatierekening van 2021 weergegeven, inclusief de vergelijkende cijfers van de begroting 2021 en exploitatierekening 2020. Op de pagina’s erna wordt er in hoofdlijnen, per hoofdcategorie, toelichting gegeven op de verschillende deelresultaten van 2021.
28
Exploitatierekening 2021 inclusief afwijkingen t.o.v. begroting en voorgaand jaar Baten 3.1 Rijksbijdrage OCW Rijksbijdrage Overige subsidies Samenwerkingsverband Totaal rijksbijdrage OCW
Realisatie 2021
Begroot 2021
Verschil t.o.v. t.o.v. begroot
Realisatie 2020
Verschil 2021 t.o.v. 2020
8.917.910 449.027 240.430 9.607.367
8.214.255 367.192 275.000 8.856.447
703.655 81.835 -34.570 750.920
8.475.578 293.453 288.353 9.057.384
442.332 155.574 -47.923 549.983
3.2 Overige overheidsbijdragen Overig Totaal overige overheidsbijdragen
199.181 199.181
12.800 12.800
186.381 186.381
31.807 31.807
167.374 167.374
3.5 Overige baten Overig Totaal overige baten
276.431 276.431
188.193 188.193
88.238 88.238
194.993 194.993
81.438 81.438
10.082.979
9.057.440
1.025.539
9.284.184
798.795
Totaal baten Lasten
Realisatie 2021
Begroot 2021
Verschil t.o.v. t.o.v. begroot
Realisatie 2020
Verschil 2021 t.o.v. 2020
4.1 Personeelslasten Lonen en salarissen Uitkeringen (-/-) Overige personele lasten Totaal personeelslasten
8.250.181 -439.542 315.442 8.126.081
7.792.570 -495.988 377.720 7.674.302
457.611 56.446 -62.278 451.779
8.365.151 -572.109 468.512 8.261.554
-114.970 132.567 -153.070 -135.473
4.2 Afschrijvingen Inventaris en apparatuur Leermiddelen Totaal afschrijvingen
174.279 49.400 223.679
190.310 54.120 244.430
-16.031 -4.720 -20.751
199.126 54.055 253.181
-24.847 -4.655 -29.502
4.3 Huisvestingslasten Huur Onderhoud Water en energie Schoonmaakkosten Heffingen Overig Totaal huisvestingslasten
33.742 286.862 199.860 227.307 12.045 2.473 762.289
34.000 275.500 165.210 207.280 10.610 4.450 697.050
-258 11.362 34.650 20.027 1.435 -1.977 65.239
34.488 291.916 166.444 233.822 11.391 5.035 743.096
-746 -5.054 33.416 -6.515 654 -2.562 19.193
4.4 Overige lasten Administratie- en beheerslasten Inventaris, apparatuur en leermiddelen Overig Totaal overige lasten
346.155 219.812 296.651 862.618
308.035 218.229 133.814 660.078
38.120 1.583 162.837 202.540
310.916 196.710 294.517 802.143
35.239 23.102 2.134 60.475
9.974.667
9.275.860
698.807
10.059.974
-85.307
Saldo baten en lasten
108.312
-218.420
326.732
-775.790
884.102
5 Financiële baten en lasten
-9.584
200
-9.784
986
-10.570
98.728
-218.220
316.948
-774.804
873.532
164.824
0
164.824
90.999
0
90.999
255.823
0
255.823
-285.704 -285.704
541.527
-157.095
-218.220
61.125
-489.100
332.005
Totaal lasten
Resultaat Bijzondere baten en lasten: - Niet bestede NPO-bekostiging 2021; via bestemmingsreserve NPO) - Niet bestede subsidie EHvdK 2021; via bestemmingsreserve overig) - Incidentele salariskosten in 2020; via bestemmingsreserve personeel) Totaal bijzondere baten en lasten Resultaat excl. bijzond. baten/lasten
29
Toelichting realisatie ten opzichte van begroting 2021 op hoofdlijnen BATEN: 3.1 Rijksbijdrage OCW: De rijksbijdrage is ongeveer € 704.000 hoger dan begroot. Daarvan heeft € 144.000 betrekking op een nagekomen indexering van de bekostiging 2020/2021, € 92.000 op een bekostigingsverhoging P&A én € 50.000 op nieuw ontvangen bekostiging professionalisering en begeleiding (waar tegenover staat dat de prestatiebox is verdwenen m.i.v. schooljaar 2021/2022; zie hieronder), € 47.000 op ontvangen groeibekostiging en € 370.000 op nieuw ontvangen NPO-bekostiging. Het niet bestede deel van de NPO-bekostiging is ultimo 2021 toegevoegd aan een bestemmingsreserve NPO voor een bedrag van € 164.824 (t.b.v. 2022 en latere jaren). De overige subsidies zijn ongeveer € 82.000 hoger dan begroot. Er is € 134.000 meer IOP-subsidie ontvangen (i.v.m. onderwijsachterstanden door de gevolgen van de coronapandemie). Daarnaast is er € 8.000 studieverlofsubsidie ontvangen en € 34.000 bekostiging nieuwkomers. Daarentegen is er € 94.000 minder prestatieboxbekostiging ontvangen (wijziging bekostiging). Vanuit het samenwerkingsverband passend onderwijs is er ongeveer € 34.500 minder ontvangen dan begroot. Dit is het gevolg van hogere doorverwijzingen vanuit het samenwerkingsverband richting het speciaal onderwijs.
De dalende ontvangsten die hiermee gepaard gaan worden deels gecompenseerd door een aanvullende reserveuitkering. 3.2 Overige overheidsbijdragen: De overige overheidsbijdragen zijn ongeveer € 186.000 hoger dan begroot, hoofdzakelijk door de ontvangst van niet begrote subsidies EHvdK. Tegenover deze ontvangsten staan even hoge kosten (zie 4.4). In dit specifieke geval is er ultimo 2021 een bestemmingsreserve overig EHvdK gevormd voor het deel van de subsidie dat niet uitgegeven is in 2021; € 90.999, t.b.v. 2022. 3.5 Overige baten: De overige baten zijn ongeveer € 88.000 hoger dan begroot. De doorbelasting aan Stichting Kindcentra Wolderwijs is € 53.500 hoger dan begroot. De detacheringsopbrengsten zijn € 26.000 hoger dan begroot. Daarnaast zijn er enkele subsidies op schoolniveau ontvangen die niet waren begroot. LASTEN: 4.1 Personeelslasten: De totale salariskosten zijn, rekening houdend met de ontvangen uitkeringen van het Vervangingsfonds en het UWV, ongeveer € 514.000 hoger dan begroot. Deze meerkosten worden volledig gedekt door meeropbrengsten van hoofdzakelijk subsidies IOP en EHvdK én bekostiging NPO (zie 3.1 en 3.2 hierboven). De salariskosten zijn hoofdzakelijk hoger uitgevallen door meer reguliere personeelsinzet gebaseerd op actuele en nieuwe bekostigings- en subsidieontvangsten. De overige personele lasten zijn ongeveer € 62.000 lager dan begroot.
Daarvan heeft € 13.000 betrekking op personeel niet in loondienst, € 31.000 op een positieve afwijking ten opzichte van de berekende Vervangingsfondsmalus van 2020, € 12.000 op lagere uitkeringsverrekeningen (WW en WIA) en €11.000 op lagere scholingskosten. 4.2 Afschrijvingen: De afschrijvingen zijn ongeveer € 21.000 lager dan begroot. Er is minder geïnvesteerd dan begroot. Enerzijds zijn geplande investeringen uitgesteld door de invloed van de coronapandemie. Anderzijds zijn de geplande vervangingsinvesteringen van mobile devices grotendeels niet nodig geweest (langere levensduur). 4.3 Huisvestingslasten: De totale huisvestingslasten zijn ongeveer € 65.000 hoger dan begroot, wat drie hoofdoorzaken heeft. De kosten van klein onderhoud zijn € 11.000 hoger. De energiekosten zijn € 35.000 hoger, hoofdzakelijk veroorzaakt door nagekomen afrekeningen over 2020 (ontvangen eind 2021) van in totaal € 26.000. De schoonmaakkosten zijn € 20.000 hoger in verband met de actualisatie van de schoonmaakovereenkomst na vaststelling van de begroting van 2021. 4.4 Overige lasten: De totale overige lasten zijn ongeveer € 202.500 hoger dan begroot. De administratie- en beheerskosten zijn € 38.000 hoger in verband met € 23.000 hogere ICT- en reproductiekosten (indirect gevolg coronapandemie) en € 15.000 hogere advies- en juridische kosten.
Daarnaast zijn de overige kosten € 163.000 hoger dan begroot, veroorzaakt door € 15.000 coronakosten én € 136.000 subsidiabele kosten NPO, IOP en EHvdK, waar ontvangsten tegenover staan (zie 3.2). Tevens zijn de kosten van ICT-leermiddelen ruim € 10.000 hoger dan begroot (indirect gevolg coronapandemie). 5 Financiële baten en lasten: Er is in 2021 een negatieve rente van 0,5% op spaar- en betaalrekeningtegoeden, voor het deel boven € 100.000 per rekening. In de begroting is rekening gehouden met een minimale renteontvangst, waardoor de rentelasten ongeveer € 10.000 hoger uitvallen dan begroot.
30
5.3.3
Financiële positie per balansdatum
Hieronder worden, ter vergelijking in jaren, de balansen in hoofdlijnen weergegeven van de jaren 2019 tot en met 2021.
BALANS
31-12-2021
31-12-2020
31-12-2019
Activa Vaste activa Materiële vaste activa
887.342
932.610
1.025.881
Vlottende activa Vorderingen Liquide middelen
577.759 2.393.726
572.009 2.117.455
615.905 2.593.392
Totaal activa
3.858.827
3.622.074
4.235.178
Eigen vermogen Eigen vermogen
2.051.316
1.952.588
2.727.392
Vreemd vermogen Voorzieningen Kortlopende schulden
476.644 1.330.867
475.660 1.193.826
531.730 976.056
Totaal passiva
3.858.827
3.622.074
4.235.178
Passiva
Het eigen vermogen is per saldo licht gestegen, gelijk aan de hoogte van het positieve resultaat in 2021 (zie onderdeel 5.3.2; resultaatbestemming). Aan de besteding van de bestemmingsreserve liggen concrete (meerjaren)plannen ten grondslag. Voor de toekomstige besteding van de algemene reserve worden er jaarlijks vooraf budgetten en/of plannen goedgekeurd door de raad van toezicht en vastgesteld door de bestuurder. De in de nabije toekomst geplande bestedingen vanuit de reserves zijn beschreven in de begroting 2022 en meerjarenbegroting 2022 tot en met 2025 van Stichting Wolderwijs. De reserves worden in de toekomst deels ingezet, rekening houdend met het in stand houden van een financieel gezonde organisatie.
5.3.4
Kengetallen en signaleringswaarden
Hieronder worden, ter vergelijking, de kengetallen weergegeven van de jaren 2019 tot en met 2021. 2021
2020
66%
67%
20%
21%
2,23
2,25
Personeelslasten/totale lasten Personeelslasten/ 81% totale lasten
82%
Solvabiliteit 2 (eigen vermogen + voorzieningen)/ totale passiva Weerstandsvermogen eigen vermogen/ totale baten Liquiditeit vlottende activa/ kortlopende schulden
2019
Toelichting De solvabiliteit laat zien in hoeverre Stichting Wolderwijs op lange termijn aan haar 77% verplichtingen kan voldoen. Dit blijkt uit de verhouding tussen het eigen vermogen en het totaal vermogen. Signaleringsondergrens Onderwijsinspectie: 30%. Het weerstandsvermogen geeft een indicatie in hoeverre Stichting Wolderwijs zich 29% een tekort kan permitteren in relatie tot de opgebouwde reserves. Signaleringsondergrens Onderwijsinspectie: 5%. De liquiditeit laat zien in hoeverre Stichting Wolderwijs op korte termijn aan haar 3,29 verplichtingen kan voldoen. Dit blijkt uit de verhouding tussen de vlottende activa en de kortlopende schulden. Signaleringsondergrens Onderwijsinspectie: 0,75. NB: De liquiditeit is in 2019 positief beïnvloed door de vrijval van langlopende spaartegoeden die voorheen onder de financiële vaste activa waren verwerkt. De personeelslasten betreffen de grootste kostenpost van Stichting Wolderwijs. De 82% personeelslasten afgezet tegen de totale lasten geeft als kengetal een goede indicatie van het verloop in de tijd. Stichting Wolderwijs houdt 80% aan als ondergrens.
Signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen: De Inspectie van het Onderwijs heeft in maart 2020 de ‘signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen van onderwijsinstellingen’ geïntroduceerd. Deze signaleringswaarde is, als kengetal, geen vaste norm maar een startpunt voor communicatie met de Inspectie van het Onderwijs en/of het Ministerie van OCW. Op basis van de jaarrekening 2021 is de signaleringswaarde voor Stichting Wolderwijs: € 1.454.790. In feite is dit de bovengrens van het normatieve eigen vermogen, waar Stichting Wolderwijs qua hoogte van het eigen vermogen boven zit. In de continuïteitsparagraaf (onderdeel 6) is de verwachte toekomstige ontwikkeling van de signaleringswaarde weergegeven.
31
5.3.5
Realisatie kwaliteitsinvesteringen
Naast de regulier sluitende begroting vinden er jaarlijks kwaliteitsinvesteringen plaats, waarvan de kosten ten laste komen van de reserves van Stichting Wolderwijs. Alle kwaliteitsinvesteringen zijn van tijdelijke duur. In 2021 zijn er zowel kwaliteitsinvesteringen ten laste van de algemene reserve als kwaliteitsinvesteringen ten laste van de bestemmingsreserve geweest. De begrote kwaliteitsinvesteringen ten laste van de algemene reserve zijn als volgt gerealiseerd: Kwaliteitsinvesteringen ten laste van de algemene reserve Kwaliteitsinvestering Beleid instroom personeel
Begroting / budget 15.000
Realisatie 5.002
Verschil Resultaat/opbrengst 9.998 Gerealiseerd budget (%):
Doel: Actief beleid m.b.t. het werven van (jonge) leerkrachten. Anticiperen op het landelijk tekort aan leerkrachten door het bieden van aantrekkelijk werkgeverschap, zodat er goede medewerkers kunnen worden aangetrokken. Innovatie en ontwikkeling
33%
Het instroombeleid is in schooljaar 2020/2021 meer vormgegeven. Er is contact/samenwerking gezocht met twee PABO's uit de omgeving; KPZ en Windesheim. Dit heeft geresulteerd in het in dienst nemen van twee LIO'ers met ingang van schooljaar 2021/2022.
35.000
33.377
1.623 Gerealiseerd budget (%):
95%
- Strategisch budget:
15.000
22.516
-7.516 Er is geïnvesteerd in het online systeem 'digitale gesprekscyclus', t.b.v. POP-, functionerings- en beoordelingsgesprekken met medewerkers. Daarnaast is er geïnvesteerd in een nieuwe SharePoint-omgeving en zijn er aanpassingen gedaan aan enkele buitenruimtes op de locaties.
- Communicatiebudget:
10.000
10.862
-862 In schooljaar 2020/2021 heeft een werkgroep van Wolderwijs gesprekken gehad met Heutink i.c.m. ParnasSys (onderwijs) en KidsAdmin (opvang) voor een gewenste koppeling tussen de administratie-/communicatiesystemen. Dit is tot op heden moeilijk te realiseren. Intern is er een oplossing gevonden in de 'klasbord ouderapp', waarbij er een koppeling wordt gemaakt tussen onderwijs en opvang. Klasbord is gericht op oudercommunicatie; leidend bij groeps- en locatiecommunicatie en een stuk interne communicatie, daar waar het gaat om informatie over leerlingen/kinderen. Daarnaast zijn de laatste websites van de locaties geactualiseerd.
- Professionaliseringsbudget:
10.000
0
10.000 Tot op heden is de 'vacatureruimte' voor VVE-coördinator niet ingevuld, in afwachting van de conclusies n.a.v. de gesprekken die er zijn met Gemeente De Wolden en andere partners omtrent het VVEbeleid en het daarbij horende coördinatorschap. In 2022 wordt dit verderop opgepakt.
Subtotaal
50.000
38.379
Doel: Het bewerkstelligen van de strategische doelen van Wolderwijs, door het beschikbaar stellen van aanvullende budgetten waar nodig.
11.621
32
De begrote kwaliteitsinvesteringen ten laste van de bestemmingsreserve zijn als volgt gerealiseerd: Kwaliteitsinvesteringen ten laste van de bestemmingsreserve Kwaliteitsinvestering ICT-beleidsplan
Begroting / budget 48.750
Realisatie 57.272
Verschil Resultaat/opbrengst -8.522 Gerealiseerd budget (%):
Doel: De ICT-ontwikkelingen van Wolderwijs moeten dusdanig actueel zijn dat deze ten goede komen van de kwaliteit van het onderwijs, wat ten goede komt van de ontwikkeling van de leerlingen. Onderwijsondersteuning
In maart 2018 is het bovenschools ICT-beleidsplan vastgesteld met een looptijd t/m 31 juli 2021. De hierbij aangestelde ICTbeleidsmedewerker is verantwoordelijk voor de realisatie van dit plan. De resultaten naar aanleiding van het beleidsplan zijn beschreven in onderdeel 4.6 ICT-beleidsplan.
35.000
20.317
14.683 Gerealiseerd budget (%):
Doel: Per direct een voldoende niveau qua inzet onderwijsondersteunend personeel, wat niet afhangt van toekomstige (toegezegde) bekostigingsverhogingen, met het oog op werkdrukvermindering. Personele inzet overbrugging afloop samenvoegingsbekostiging
117%
58%
Met het ter beschikking stellen van dit aanvullend budget, als aanvulling op de bekostiging werkdrukvermindering, is er al een aantal jaren lang een voldoende inzet aan algemeen ondersteunend personeel gerealiseerd (o.a. facilitair en administratief). Dit helpt bij de verlaging van de werkdruk op de locaties.
84.470
84.470
0 Gerealiseerd budget (%):
Doel: Gedeeltelijk overbruggen/ opvangen van de forse terugval aan personeelsinzet in schooljaar 2020/2021 n.a.v. het niet meer ontvangen van samenvoegingsbekostiging.
100%
De incidentele aanvullende inzet van 2 fte aan personeelsformatie in schooljaar 2020/2021. Dit is gebeurd naar tevredenheid van alle geledingen van Wolderwijs.
Subtotaal
168.220
162.059
6.161
Totaal
218.220
200.439
17.781 Gerealiseerd budget (%):
92%
De kwaliteitsinvesteringen ten laste van de algemene reserve en bestemmingsreserve verlagen het eigen vermogen van de stichting. In de continuïteitsparagraaf (onderdeel 6) is beschreven wat Stichting Wolderwijs als ondergrens aanhoudt van het eigen vermogen én wat de Inspectie van het Onderwijs aanhoudt als signaleringswaarde (bovengrens) van het eigen vermogen.
5.4 Treasuryverslag Stichting Wolderwijs heeft een treasurystatuut op basis waarvan liquide middelen belegd worden. Het treasurystatuut is een uitwerking van de regeling beleggen, lenen en derivaten OCW 2016, waarin de voorwaarden genoemd zijn ten aanzien van het beleggen van gelden. Stichting Wolderwijs conformeert zich aan de bepalingen in het treasurystatuut. In 2021 zijn de overtollige liquide middelen, voor een totaalbedrag van ongeveer € 2.000.000, volledig ondergebracht bij de Rabobank. Daarbij heeft Stichting Wolderwijs, naast een rekening-courant, gekozen voor direct opeisbare spaartegoeden. De rente op (spaar)tegoeden boven € 100.000 is 0,5% negatief in 2021. Dit betekent ook dat het langdurig beleggen van liquide middelen momenteel totaal niet interessant is. Jaarlijks wordt dit opnieuw beschouwd.
33
5.5 Allocatie van middelen Algemeen In de meerjarenbegroting is aangegeven op welke wijze de middelen zijn toebedeeld aan de organisatieonderdelen; schoolniveau, bovenschools niveau en bestuursniveau. Deze begroting geeft een financiële weergave van gemaakte en te maken strategische keuzes op de verschillende beleidsterreinen. Aangezien de baten en lasten met betrekking tot personeel ruim 80% van de begroting uitmaken, is het bestuursformatieplan één van de meest bepalende beleidsdocumenten, als uitwerking van de (meerjaren)begroting. De reguliere personeelsbekostiging en de aanvullende NPO-bekostiging (met ingang van schooljaar 2021/2022 worden volledig aan de scholen toebedeeld. Hetzelfde geldt voor de materiële bekostiging. Bekostiging in het kader van personeels- en arbeidsmarktbeleid, prestatiebox (tot en met schooljaar 2020/2021) én professionalisering en begeleiding starters en schoolleiders (met ingang van schooljaar 2021/2022) worden voor een groot deel aan bovenschools niveau en bestuursniveau toebedeeld. Deze bekostiging wordt ingezet ter dekking van kosten op bovenschools niveau (o.a. vakspecialisme, professionalisering, scholing, begeleiding, vervanging bij verlof, arbozorg) en bestuursniveau (o.a. bestuurder en beleidsmedewerkers).
De bekostiging voor onderwijsachterstandenbeleid komt in beginsel terecht bij de scholen, afhankelijk van de jaarlijks geplande inzet ervan. Bij de verdeling van middelen over de scholen wordt te allen tijde rekening gehouden met de (strategische) keuzes op schoolniveau en kunnen bijzondere omstandigheden leiden tot de toewijzing van extra middelen. Elke school heeft een eigen begroting en een eigen schoolformatieplan, waarin rekening is gehouden met de keuzes die de school zelf maakt. De plannen zijn daarbij leidend, binnen de mogelijkheden van de beschikbare budgetten. De individuele schoolbegrotingen en schoolformatieplannen worden besproken met de beleidsmedewerker financiën & beheer en de beleidsmedewerker personeel & organisatie van het bestuursbureau. Indien nodig worden overige medewerkers van het bestuursbureau betrokken in dit proces. Zowel de geconsolideerde (meerjaren)begroting als het geconsolideerde bestuursformatieplan worden jaarlijks besproken met het directieberaad, de GMR, het bestuur en de RvT. Naar aanleiding daarvan worden deze beleidsstukken vastgesteld. Hiermee wordt bereikt dat er brede consensus bestaat over de opgestelde begroting en de verdeling van de middelen.
Onderwijsachterstanden Bij het bepalen van de omvang van de bekostiging onderwijsachterstandenbeleid hanteert het Ministerie van OCW de daartoe opgestelde score van het CBS. Voor Stichting Wolderwijs geldt dat er voor ’t Oelebröd € 11.085 bekostiging wordt ontvangen in schooljaar 2020/2021 en voor De Dissel € 2.452 in schooljaar 2021/2022. Voor de inzet van de achterstandsmiddelen geldt dat deze in beginsel op de school worden ingezet waar de bekostiging aan gerelateerd is. In 2021 vond deze inzet plaats in de vorm van aanvullende formatie, om op deze manier het onderwijsleerproces op de school te versterken.
34
6. Continuïteitsparagraaf 6.1
Algemeen
Stichting Wolderwijs stelt jaarlijks, vóór 1 december, de begroting van het komende jaar vast, waarbij als onderdeel van deze begroting een meerjarenbegroting inclusief risicoparagraaf is opgenomen. De laatst vastgestelde meerjarenbegroting 2022 tot en met 2025 geeft inzicht in de toekomstige ontwikkelingen op financieel vlak en laat zien waar zich de komende jaren financiële risico’s voordoen, zodat hier tijdig op kan worden geanticipeerd.
6.2
Financiële rapportage
6.2.1
Kengetallen
Leerlingaantallen Bestaande uit: - Onderbouw - Bovenbouw Personele bezetting in fte incl. verlof Bestaande uit: - Bestuur en directie - Onderwijzend personeel - Onderwijsondersteunend personeel
2021 1.246
2022 1.225
2023 1.229
2024 1.225
2025 1.207
612 634 103,98
600 625 107,62
595 634 104,50
575 650 99,80
592 615 99,00
7,36 80,87 15,75
7,36 80,87 19,39
7,36 81,75 15,39
7,36 81,05 11,39
7,36 80,25 11,39
Toelichting belangrijke ontwikkelingen - In de schooljaren 2021/2022 en 2022/2023 wordt er NPO-bekostiging ontvangen. Niet bestede NPO-bekostiging mag ingezet worden tot en met schooljaar 2024/2025. In bovenstaand overzicht is vooralsnog rekening gehouden met een zo optimaal mogelijke inzet van de NPO-bekostiging in de eerste twee schooljaren. De dalende personeelsinzet op NPO-bekostiging heeft voor de komende jaren een invloed van ongeveer 8 fte. - Het leerlingaantal zal de komende vier jaren naar verwachting ongeveer 3% dalen. In bovenstaande prognose is zowel rekening gehouden met inschattingen op schoolniveau als met toekomstige effecten van de bevolkingsontwikkeling. De verwachting is dat het leerlingaantal in de toekomst min of meer zal gaan stabiliseren en niet onder 1.200 uit zal komen. - De personele bezetting in fte loopt de komende jaren af, met vertraging (T-1 systematiek), afhankelijk van het verloop in het leerlingaantal én de afbouw in personeelsinzet vanuit NPO-gelden (inzet mogelijk t/m schooljaar 2024/2025). De opbouw in en verhoudingen van het personeelsbestand (qua functieniveaus) zal de komende jaren tevens afhankelijk zijn van onvoorziene ontwikkelingen. Hierbij worden te allen tijde logische verhoudingen nagestreefd.
6.2.2
Balans 2021
2022
2023
2024
2025
887.342 887.342
1.133.733 1.133.733
1.200.150 1.200.150
1.174.949 1.174.949
1.082.646 1.082.646
VLOTTENDE ACTIVA Vorderingen Liquide middelen TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
577.759 2.393.726 2.971.485
587.759 2.067.945 2.655.704
597.759 2.007.244 2.605.003
585.259 1.662.728 2.247.987
572.759 1.814.278 2.387.037
TOTAAL ACTIVA
3.858.827
3.789.437
3.805.153
3.422.936
3.469.683
2.051.316 1.743.826 307.490
1.921.316 1.633.826 287.490
1.873.816 1.606.326 267.490
1.852.149 1.596.326 255.823
1.842.149 1.586.326 255.823
476.644
527.254
580.470
232.420
301.667
KORTLOPENDE SCHULDEN
1.330.867
1.340.867
1.350.867
1.338.367
1.325.867
TOTAAL PASSIVA
3.858.827
3.789.437
3.805.153
3.422.936
3.469.683
ACTIVA VASTE ACTIVA Materiële vaste activa TOTAAL VASTE ACTIVA
PASSIVA EIGEN VERMOGEN Algemene reserve Bestemmingsreserve VOORZIENINGEN
35
Toelichting belangrijke ontwikkelingen - Het bekostigingsstelsel gaat wijzigen met ingang van 1 januari 2023. Door deze stelselwijziging en bijbehorende financieringswijziging is de kans groot dat de balansvordering op OCW per 31 december 2022 afgeboekt moet worden voor een bedrag van ruim € 400.000, wat een daling van het eigen vermogen zal betekenen. De balansvordering op OCW loopt via de exploitatierekening. Dat betekent dat het begrote resultaat voor het boekjaar 2022 ook bijgesteld moet worden. In het geval OCW geen enkele compensatie biedt voor het wegvallen van de vordering zal het begrote resultaat 2022 uitkomen op: -/- € 530.000,-. Dit resultaat maakt nogmaals duidelijk dat de opstelling van OCW op geen enkele manier in het belang is van de sector primair onderwijs. In onderstaande cijfers van deze continuïteitsparagraaf is deze ontwikkeling niet meegenomen. - Stichting Wolderwijs heeft voldoende liquide middelen om toekomstige kwaliteitsinvesteringen en eventuele toekomstige tegenslagen op te kunnen vangen. - De mutaties van de reserves en voorzieningen volgen in de toekomst de toe- en afname van de bedrijfsactiviteiten van Stichting Wolderwijs, inclusief aanvullende kwaliteitsinvesteringen ten laste van het eigen vermogen.
De daadwerkelijke hoogte van de toekomstige kwaliteitsinvesteringen wordt jaarlijks opnieuw bepaald, ten tijde van het vaststellen van de begroting. - Vooralsnog is er sprake van een verantwoord eigen vermogen indien dit niet lager is dan € 680.000, op basis van de ondergrenzen van de solvabiliteit (30%) en het weerstandsvermogen van (5%), gebaseerd op de cijfers ultimo 2021. - Het huisvestingsbeleid hangt de komende jaren af van een aantal factoren: de hoogte van de bekostiging voor binnen- en buitenonderhoud en de juistheid van de onderhoudsvoorziening. Deze laatste zal naar verwachting uiterlijk per 1 januari 2024 worden geactualiseerd op basis van toekomstige herziene wet- en regelgeving. De hiermee gepaard gaande verschuivingen in het vermogen zijn niet meegenomen in de cijfers.
6.2.3
Staat van baten en lasten 2021
2022
2023
2024
2025
BATEN Rijksbijdrage Overige overheidsbijdragen Overige baten
9.607.367 199.181 276.431
9.670.274 70.800 309.823
9.136.087 12.925 295.950
8.763.901 12.900 296.743
8.789.349 12.825 297.485
TOTAAL BATEN
10.082.979
10.050.897
9.444.962
9.073.544
9.099.659
LASTEN Personeelslasten Afschrijvingen Huisvestingslasten Overige lasten
8.126.081 223.679 762.289 862.618
8.428.017 231.666 744.136 767.078
7.813.272 231.351 744.136 693.703
7.411.873 236.190 744.136 693.012
7.416.750 246.449 744.136 692.324
TOTAAL LASTEN
9.974.667
10.170.897
9.482.462
9.085.211
9.099.659
SALDO BATEN EN LASTEN
108.312
-120.000
-37.500
-11.667
0
Financiële baten en lasten
-9.584
-10.000
-10.000
-10.000
-10.000
NETTO RESULTAAT
98.728
-130.000
-47.500
-21.667
-10.000
Uitgangspunten toekomstige begrotingen - De reguliere begrotingsresultaten zijn jaarlijks structureel € 0. Naast de activiteiten binnen de reguliere begrotingsbudgetten vinden er aanvullende (tijdelijke) kwaliteitsinvesteringen plaats waarvan de kosten ten laste komen van het eigen vermogen. Hierdoor zijn de jaarlijkse begrotingsresultaten negatief. - De ontwikkeling van het leerlingaantal en de personele formatie vormen de basis voor bovenstaande cijfers. Hierbij wordt tot en met 31 december 2022 de T-1 systematiek gehanteerd (het leerlingaantal op 1 oktober heeft voor het eerst invloed op het volgende schooljaar). Met ingang van 1 januari 2023 wordt er een nieuw bekostigingsstelsel geïntroduceerd. In de cijfers van deze continuïteitsparagraaf zijn de gevolgen van deze ontwikkeling niet meegenomen. Signaleringswaarde voor mogelijk bovenmatig publiek eigen vermogen: Normatief