Bijlage 2 Raamwerk De Ronde Venen 2040
Tekst van het document
► INLEIDING
Europese cultuurlandschappen, dat in De Ronde Venen nauwelijks is aangepast en nog goed afleesbaar is.7
en inzet voor het verkleinen van de ecologische voetafdruk en aandacht voor onder andere lokale werkgelegenheid.44
→
KANSEN EN OPGAVEN
De Stelling van Amsterdam, onderdeel van de Hollandse Waterlinies, is een militair verdedigingswerk bestaande uit 42 forten, 4 batterijen en een ingenieus waterbouwkundig systeem van inundatievelden, dijken en sluizen. Sinds 1996 het UNESCO Werelderfgoed. Op het gebied van zichtbaarheid en beleefbaarheid van het verdedigingsnetwerk in De Ronde Venen is veel te behalen: de forten en batterijen zijn lastig te vinden en/of ontoegankelijk en het bijbehorend landschap van polders en inundatievelden is moeilijk afleesbaar.37 →
De grote ruimtelijke opgaven waar Nederland voor staat hebben invloed op het erfgoed. Zo is het erfgoed in De Ronde Venen gevoelig voor klimaatschade. Bodemdaling en paalrot bij droogte leiden tot verzakkingen en scheuren in monumenten met hoge kosten. Ook oefent het veranderende klimaat druk uit op de verschijningsvorm van de cultuurlandschappen.7 →
Het waterrijke landschap en de Vinkeveense Plassen zijn een bron voor recreatieve buitenactiviteiten. Daarbij valt op dat het buitengebied niet overal even goed dooraderd is voor wandelen en fietsen. Vooral de dijken en linten zijn in trek, maar verder is het landschap grofmazig beleefbaar voor wandelaars en fietsers.
→
Het beschikken over UNESCO Werelderfgoed in de gemeente brengt ook verplichtingen met zich mee: de universele waarde moet behouden en beschermd worden. Gemeente De Ronde Venen ziet echter ook een kans om – net als het NoordHollandse deel – de Stelling te ontwikkelen tot een aantrekkelijk recreatief netwerk. Dit sluit aan bij de regionale ambitie om in te zetten op de Blauwe Krans: het ontwikkelen van de landschappelijke zone rond de Stelling van Amsterdam tot een regionale groenblauwe verbinding in de vorm van een landschapspark.37, 45 → Een duurzame en toekomstbestendige omgang met erfgoed vraagt keuzes naar de toekomst: het is van belang om erfgoed levend te houden door het te ontwikkelen wanneer dit nodig is. Ook draagt het vroegtijdig integreren van erfgoed in ruimtelijke ontwikkelingen bij aan een kwalitatief, levend en toekomstbestendig landschap.7
→
→ Ook de inzet op meer duurzame recreatie is een opgave in De Ronde Venen. Dit vraagt aandacht
Er ligt een opgave om de routenetwerken voor fietsers en wandelaars te optimaliseren. Zo ligt er specifiek een opgave voor de bereikbaarheid van de zuidkant van de Vinkeveense Plassen. Daarnaast liggen er kansen voor het aanleggen van routes in nieuwe natuurgebieden als de Wilnisse Bovenlanden, de polder Groot Wilnis-Vinkeveen en de polders Groot Mijdrecht Noord en Zuid. Ook op het water zijn er
► SAMENVATTING
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
kansen voor de optimalisatie van routenetwerken voor kleine toervaart. Denk aan de verbinding tussen de Vinkeveense Plassen en de Amstel, de Loosdrechtse Plassen en een verbeterde doorvaart bij het lint van Vinkeveen. →
Er liggen kansen om de OV-verbindingen in te zetten als groene poorten in de regio. Bezoekers kunnen dan vanaf treinstation Abcoude en de tramhalte Amstelhoek op de fiets het landschap van de gemeente verkennen.6 → Er liggen kansen om de recreatiedruk beter verspreiden over alle seizoenen, wat piekbelasting op de natuur en het verkeersnet zal verlichten. Daarnaast kan de regionale recreatiebehoefte ook slimmer worden ingezet als verdienmodel benut worden om te investeren in de (belevings)kwaliteit van het landschap. Hierbij liggen ook koppelkansen om te investeren in de recreatieve behoefte van de eigen inwoner, zoals lokale ommetjes en speelvoorzieningen.
Figuur 10. Populaire fiets- en wandelroutes en populaire gebieden voor watergebonden activiteiten. Rode lijnen geven vaakgebruikte routes aan, de blauwtinten zijn indicatoren voor minder drukke plekken. Linksboven: fietsen Linksonder: wandelen en hardlopen Rechtsboven: watergebonden activiteiten Bron: Strava Heatmap, 2023.
34
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
Als onderdeel van de Omgevingseffectenrapportage is voor de relevante milieu- en omgevingsthema’s een beoordeling gemaakt van de kwaliteit ervan. Hiervoor zijn de belangrijkste indicatoren in beeld gebracht. Voor iedere indicator is een kwalitatieve beoordeling gemaakt van de kwaliteit: goed, redelijk of slecht. Hierbij is per onderwerp gekeken naar de huidige situatie en naar de autonome ontwikkeling. De autonome ontwikkeling is de verwachte toekomstige situatie in het geval er geen omgevingsvisie zou komen. Ontwikkelingen of projecten die redelijk zeker lijken behoren tot de autonome ontwikkeling. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen waarvoor al een vastgesteld bestemmingsplan of een omgevingsvergunning verleend is. Ook trends als klimaatverandering zijn een autonome ontwikkeling. Hieronder zijn de conclusies van de beoordeling van de thema recreatie weergegeven. Voor meer informatie over deze beoordeling, de achtergronden en de totstandkoming ervan, verwijzen we naar het achtergrondrapport. HUIDIGE SITUATIE (HS) Het thema recreatie is beoordeeld in de HSAO met de thema’s beweegvriendelijkheid, landschappelijke, cultuurhistorische en aardkundige waarden. Binnen De Ronde Venen zijn er diverse mogelijkheden om buiten te recreëren. Er lopen landelijke en regionale fietsroutes door de gemeente, die tonen dat de gemeente relatief goed verbonden is met het regionale fietsnetwerk.
Ook is er een groot aantal regionale wandelroutes die door diverse landelijke gebieden liggen. Deze criteria zijn beoordeeld als redelijk in de huidige situatie.
35
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
De landschappelijke waarde in de gemeente hebben een belangrijke recreatieve functie. De gemeente zet daarom ook uitgebreid in op het behoud van deze waarden, onder andere via de structuurvisie en de landschapsnota. De Ronde Venen heeft verschillende cultuurhistorische elementen die ook samenhangen met de landschappelijke waarden: het pre-ontginningslandschap, de ontginning, de Hollandse Waterlinies, diverse infrastructuur en bebouwing, en kenmerken waaraan de uitbreiding van de gemeente zichtbaar is. De cultuurhistorische indelingen zijn een belangrijk onderdeel van de recreatieve waarde van De Ronde Venen. Via diverse thema’s en onderzoeken wordt ingezet op het behoud en verbeteren van cultuurhistorische waarden. Hierom wordt de huidige situatie voor deze thema’s beoordeeld als goed. Gemeente De Ronde Venen kent 3 categorieën aardkundige waarden. Zo zijn er gebieden met de petgaten en legakkers – de Vinkeveense plassen en de Botshol zijn hier voorbeelden van. Daarnaast kent het landschap van De Waver de aardkundige waarden “oeverwallen en of oude rivierbedding”. Ook liggen er kreekruggen in het westen van de gemeente. Op dit moment worden deze aardkundige waarden niet aangetast en spelen ze geen grote rol bij ontwikkelingen, omdat ze weinig zichtbaar zijn voor bijvoorbeeld bezoekers en inwoners De huidige situatie voor aardkundige waarde wordt daarom beoordeeld als redelijk.
Aansluitend hierop is er de verwachting dat de omvang van het openbaar toegankelijk natuur- en recreatiegebied gelijk blijft of beperkt toeneemt. Ook verwachten we dat met een toenemend inwoneraantal in gemeente De Ronde Venen, ook het aantal mensen dat aan binnensporten wil doen zal toenemen. Met name het aanbod voor binnensporten zal naar verwachting niet volledig kunnen voldoen aan de toenemende vraag. De autonome ontwikkeling wordt daarom beoordeeld als redelijk. Beoogde ruimtelijke ontwikkelingen kunnen in potentie leiden tot aantasting van landschappelijke- en cultuurhistorische waarden. Ook landbouwactiviteiten en recreatieactiviteiten veranderen het landschap en drukken er een stempel op. Als gevolg van diverse ruimteclaims groeit de druk op het landschap. Wanneer er vanuit de gemeente te weinig aandacht voor is voor het in stand houden of verbeteren van cultuurhistorische waarden, gaan de waarden vrijwel zeker achteruit. Echter zijn er op provinciaal en gemeentelijk niveau tal van initiatieven om cultuurhistorische en landschappelijke waarden te borgen. De autonome ontwikkeling wordt daarom per voor beide thema’s beoordeeld als redelijk.
De behoefte aan een breed aanbod van recreatievoorzieningen groeit, zowel binnen als buiten.
Vanwege verdere verstedelijking, de energietransitie en groeiende mobiliteit zullen er nieuwe activiteiten in de bodem en ondergrond plaatsvinden. Hierdoor is de verwachting dat de aardkundige waarden in de ondergrond onder druk komen te staan. Omdat dergelijke gebieden wel zijn aangemerkt als van belang is de verwachting dat de aardkundige waarden in de autonome ontwikkeling behouden blijven. De aardkundige waarden in de autonome ontwikkeling worden beoordeeld als redelijk.
► SAMENVATTING
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
AUTONOME ONTWIKKELING (AO)
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
RUIMTEVOLK
4.4 WERKEN
36
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
WAT ZIEN WE GEBEUREN? →
De Ronde Venen heeft een diverse economie, die steunt op sterke bedrijventerreinen, commerciële en niet-commerciële voorzieningen in de kernen, het buitengebied en sterke groei aan thuiswerkers. Sectoren zoals de (maak)industrie, vervoer, bouw en groothandel zijn belangrijke pijlers voor de lokale economie.33
→
Met een groei in dienstverlening, lijkt de arbeidsmarkt ‘stedelijker te worden’ en verkleuren de bedrijventerreinen. Zo zijn ook in De Ronde Venen de dienstverlenende sectoren voornamelijk gegroeid (zie Figuur 12). Hierdoor verkleuren de randen van bedrijventerreinen. Om verdere groei van hoogwaardige dienstverlening mogelijk te maken, moet onder andere de OV-bereikbaarheid verbeterd worden.34, 38
→
Desondanks zijn bedrijventerreinen nog altijd belangrijke economische dragers voor De Ronde Venen en voorzien de terreinen in 36% van de lokale werkgelegenheid. De bedrijven op deze terreinen zijn goed aangehaakt op de kernen en hebben daarmee een stevige sociaaleconomische waarde. De sectoren (maak)industrie, vervoer, opslag en groothandel zijn sterk vertegenwoordigd, met het Bedrijventerrein Mijdrecht als visitekaartje. De terreinen huisvesten een belangrijk deel van het lokale MKB, maar ook grote internationale spelers.33, 34
Bedrijventerrein Mijdrecht, waar in kan worden gezet op intensivering en concentratie van bedrijvigheid. De provincie Utrecht heeft deze uitbreiding in 2 fases toegezegd: 4 hectare voor 2030, 4 hectare na 2030. Deze uitbreiding richt zich op het bieden van ruimte voor lokale bedrijvigheid.6, 33, 38
waarbij de groeiende vraag naar recreatiemogelijkheden in de gemeente kansen biedt. De bereikbaarheid van recreatieve hotspots in de gemeente zoals de Vinkeveense Plassen vormt echter wel een opgave om gehoor te geven aan deze (regionale) recreatieve vraag.
→ In de kernen Abcoude, Mijdrecht, Vinkeveen en Wilnis wordt ingezet op aantrekkelijke en geconcentreerde centrumgebieden om voor te sorteren op de trend van een afnemend aanbod aan winkels voor de niet-dagelijkse boodschappen. Een meer geconcentreerd centrumgebied heeft een positieve invloed op het functioneren van winkels en horeca.35
→ Met de toenemende digitalisering van werk – en door de versnelling in de populariteit van thuiswerken sinds de corona pandemie – kan De Ronde Venen een uitvalsbasis zijn voor hoogwaardige werkgelegenheid in de dienstensector, denk aan flexwerkers en zelfstandigen.33, 53
KANSEN EN OPGAVEN → In De Ronde Venen liggen kansen om, naast de uitbreiding van Bedrijventerrein Mijdrecht, de bestaande bedrijventerreinen op verschillende plekken samen met ondernemers te herstructureren en revitaliseren en daarmee een kwaliteitsimpuls te geven. Hiermee wordt bestaande ruimte optimaal gebruikt, en kunnen tegelijkertijd opgaven op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie worden aangepakt. Op sommige locaties liggen ook kansen in functiemenging en transformatie, mits er voldoende ruimte blijft voor lokale bedrijvigheid elders in de gemeente.34
→ De vergrijzing vraagt om een veranderend zorgaanbod. Hierin liggen kansen voor De Ronde Venen om te investeren in nieuwe initiatieven in zorg of zakelijke dienstverlening.33
→
De bereikbaarheid van het Bedrijventerrein Mijdrecht speelt een belangrijk aandachtspunt voor de groei (lokaal of regionaal) van het terrein. Een eerste stap wordt gezet door de nieuwe routing van de N201 rondom het bedrijventerrein.
→
Bovenop de beperkte ruimte voor uitbreidingen van bedrijventerreinen vraagt het inspelen op de circulaire economie ook ruimte op de bedrijventerreinen.
→
→
De markt voor nieuwe bedrijfsruimtes in de gemeente is vrij krap. De Ronde Venen speelt in op deze vraag door een uitbreiding van het
37
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
Economisch liggen er kansen om het landschap van De Ronde Venen in te zetten ten behoeve van werkgelegenheid in recreatie en horeca. Het buitengebied van De Ronde Venen is ontwikkeling,
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
0 RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
85481NED_TypedDataSet_28102023_140311
0,4
Gemeenten 85481NED_TypedDataSet_21112023_122050_BanenVanWerknemers_1 0
0,5 1
0,1 0,2
1,1
0,3 0,4
1,2
0,5 1
1,5
1,1 1,2
4,8
1,5
7,1
4,8 7,1
Figuur 11. De figuur toont het aantal mensen uit de gemeente Ronde Venen dat werkt in een bepaalde gemeente (x 1,000). Te zien is dat de meeste mensen werken in De Ronde Venen zelf, daarna volgen Amsterdam en Utrecht.
Figuur 12. De figuur toont het aantal banen in de Ronde Venen per sector. Net zoals de landelijke trend laat De Ronde Venen vooral een groei zien in de dienstverlenende sectoren Bron: Werkegelengeidsregister LISA, 2023
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
0,2 0,3
85481NED_TypedDataSet_21112023_122050
38
0,1
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
Als onderdeel van de Omgevingseffectenrapportage is voor de relevante milieu- en omgevingsthema’s een beoordeling gemaakt van de kwaliteit ervan. Hiervoor zijn de belangrijkste indicatoren in beeld gebracht. Voor iedere indicator is een kwalitatieve beoordeling gemaakt van de kwaliteit: goed, redelijk of slecht. Hierbij is per onderwerp gekeken naar de huidige situatie en naar de autonome ontwikkeling. De autonome ontwikkeling is de verwachte toekomstige situatie in het geval er geen omgevingsvisie zou komen. Ontwikkelingen of projecten die redelijk zeker lijken behoren tot de autonome ontwikkeling. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen waarvoor al een vastgesteld bestemmingsplan of een omgevingsvergunning verleend is. Ook trends als klimaatverandering zijn een autonome ontwikkeling. Hieronder zijn de conclusies van de beoordeling van de thema werken weergegeven. Voor meer informatie over deze beoordeling, de achtergronden en de totstandkoming ervan, verwijzen we naar het achtergrondrapport. HUIDIGE SITUATIE (HS) In de HSAO is het thema werken beoordeeld met de verhouding tussen vraag en aanbod van werklocaties. Gemeente De Ronde Venen kent meerdere bedrijventerreinen die zijn verdeeld in de verschillende dorpskernen van de gemeente. De gemeente De Ronde Venen heeft in 2019 door Stec Groep onderzoek laten uitvoeren naar de huidige stand van bedrijventerreinen.
Dit onderzoek is verricht om beeld te krijgen van de huidige stand van zaken in relatie tot de vraag en het aanbod van de bedrijventerreinen. Hieruit bleek dat de groei en afname van vraag de
39
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
afgelopen jaren stabiel is. Op dit moment wordt 2.5% van de voorraad aangeboden op platforms zoals Funda. Er is geen aanbod op kleinere bedrijventerreinen (Baambrugge Noord, Bovenkamp en Spoorlaan), maar op grotere terreinen is dit aanbod er wel. Toch staan de bedrijventerreinen volgens het onderzoek onder druk, omdat er zeer beperkt aanbod is en de kans op leegstand gemiddeld onder het frictieniveau ligt. Er ligt een netto vraag van 12 hectare aan bedrijventerrein. Hierom wordt de huidige situatie voor de verhouding tussen vraag een aanbod beoordeeld als slecht. AUTONOME ONTWIKKELING (AO) Diverse toekomstige ontwikkelingen zijn van invloed op de vraag en het aanbod van bedrijventerreinen. Hiervoor is de ontwikkeling van werkgelegenheid en de prognose hiervan een belangrijke factor. Op basis van de WLO-scenario prognoses is een indicatie gemaakt van de uitbreidingsvraag, die naar verwachting 10 hectare zal zijn. Daarnaast wordt er extra vraag naar ruimte verwacht vanuit de MRA. De overloop van de MRA naar buiten de regio wordt geschat op 20%, een deel waarvan ook naar gemeente De Ronde Venen zal komen. De autonome ontwikkeling zorgt ervoor dat de vraag naar bedrijventerreinen het aanbod zal overstijgen. Hierom wordt de autonome ontwikkeling voor de verhouding tussen vraag en aanbod beoordeeld als slecht.
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
4.5 MOBILITEIT
40
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
WAT ZIEN WE GEBEUREN? → Er lopen twee provinciale wegen door de gemeente: de N212 en de N201. De N201 heeft een hoge verkeersintensiteit met veel doorgaand verkeer, doordat de weg een belangrijke ontsluitingsweg van de gemeente is. Daarnaast loopt snelweg de A2 door de gemeente.
→
De verkeersdruk op het wegennet van De Ronde Venen is hoog. Zo passeren op de N201 ongeveer 20.000 tot 25.000 voertuigen per dag, met name regionaal (vracht)verkeer. Tevens is de N201 één van de grootste doorstromingsknelpunten in de provincie Utrecht, ondanks diverse maatregelen in het verleden. Geplande aanpassingen – zoals het doortrekken van de bocht ter hoogte van Mijdrecht – zullen de doorstroom bevorderen. Tegelijkertijd bestaan er zorgen over de mogelijke aanzuigende werking voor regionaal verkeer door de aanpassingen. Zonder verregaande maatregelen zijn er in 2030 extra knelpunten op de Industrieweg, Mijdrechtse Dwarsweg en de Hofland.6, 11, 48
→
De Ronde Venen heeft een strategische ligging tussen de metropoolregio’s van Amsterdam en Utrecht. In beide metropoolregio’s vindt de komende jaren een verdere groei plaats, waardoor de druk op het mobiliteitssysteem naar de toekomst toe verder oploopt. Beide regio’s zetten daarom in op een mobiliteitstransitie: van minder auto naar duurzamere en gezondere alternatieven, zoals openbaar vervoer en fiets. Dit is ook een ambitie in het Integraal Ruimtelijk Perspectief van de U10.12, 45
41
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
→
De Ronde Venen is een autoafhankelijke gemeente. Bij verplaatsingen van meer dan 15 kilometer is de auto bij de inwoners van De Ronde Venen verreweg het belangrijkste vervoermiddel. Ook voor korte ritten – van minder dan 7,5 kilometer – wordt de auto veel gebruikt in vergelijking met soortgelijke gemeenten (zie Figuur 13). De verwachting is dat de auto de komende jaren nog steeds een belangrijke plaats in het mobiliteitssysteem blijft innemen. Het aantal deelauto’s in De Ronde Venen is nog beperkt. Het is onzeker hoe de ontwikkeling hiervan in de gemeente gaat verlopen. De landelijke groei hiervan wordt vooral getrokken door de grotere steden.11, 12, 49
→
Hoewel De Ronde Venen een degelijk fietsnetwerk kent, waarmee vanuit bijna alle dorpen de belangrijkste winkel- en werkgebieden binnen 15 minuten te bereiken zijn, blijft het fietsgebruik achter, ook op korte afstanden.11
→
Binnen de gemeentegrenzen heeft Abcoude een treinstation. Vanaf hier rijden treinen naar belangrijke bestemmingen als Amsterdam, Utrecht en Rotterdam. Daarnaast rijden er verschillende (streek) bussen: lijn 120 tussen Utrecht en Amsterdam, lijn 121 tussen Mijdrecht en Hilversum, lijn 123 tussen Mijdrecht en Woerden, lijn 126 tussen Mijdrecht en Amsterdam en lijn 130 van Uithoorn via Mijdrecht naar treinstation Breukelen. Dit busnetwerk vormt de basis van het openbaar vervoer in de gemeente. Ter aanvulling is er vraaggestuurd vervoer beschikbaar. Toch is de OV-bereikbaarheid in De Ronde Venen momenteel niet goed, zeker in vergelijking met de omliggende regio’s. Vanuit verschillende dorpen zijn
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
de reistijden substantieel langer dan met de auto, waardoor het openbaar vervoer vaak geen passend alternatief biedt. In het Strategisch OV-plan zet gemeente De Ronde Venen op een aantal maatregelen, zoals de invoer van gestrekte OV-lijnen, wat winst oplevert voor de gemiddelde reistijd.14, 49 KANSEN EN OPGAVEN →
Een goede bereikbaarheid van de gemeente is in de toekomst niet vanzelfsprekend. Ambities zoals het bijbouwen van woningen of het uitbreiden van het Bedrijventerrein Mijdrecht leiden zonder maatregelen tot verdere knelpunten in de autobereikbaarheid, maar zetten ook de leefbaarheid en verkeersveiligheid onder druk. Het is voor De Ronde Venen daarom van belang om te werken aan multimodale bereikbaarheid, waarbij fietsen en OV volwaardige alternatieven voor de auto zijn. Dit is een belangrijk uitgangspunt voor het Mobiliteits- en Verkeersveiligheidsplan van de gemeente.49 → In relatie tot de woningbouwopgave ligt er een opgave om ontwikkellocaties slim te kiezen – bijvoorbeeld in de buurt van OV-lijnen – om het overbelaste wegennet niet verder te belasten. Extra woningen mag idealiter niet leiden tot extra knelpunten. Daarnaast liggen er kansen om in te zetten op actieve en duurzame mobiliteit, maar ook in het faciliteren van deelmobiliteit.13
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
→
Er ligt een grote opgave om de bereikbaarheid per openbaar vervoer in de toekomst op peil te krijgen. Het inzetten op snelle en frequente verbindingen met de OV-knooppunten Breukelen, Bijlmer Arena en Uithoorn – met een onderliggend, flexibel netwerk – biedt potentie voor de toekomst. Hierbij is het van belang dat de OV-haltes zelf ook aantrekkelijk en goed bereikbaar zijn. Er liggen kansen om Mijdrecht-Centrum te laten uitgroeien tot een mobiliteitsknooppunt in de gemeente, waar meerdere vervoersstromen samenkomen.49
Het realiseren van een fijnmazig fietsnetwerk – door ontbrekende schakels aan te leggen – is van belang om het fietsgebruik in De Ronde Venen te stimuleren. Daarbij kan de aantrekkelijkheid worden vergroot door verkeersveilige routes en goede stallingsvoorzieningen bij centra en OV-haltes. Zo is er een noodzaak om een snel en veilig hoofdfietsnetwerk te realiseren, tussen Uithoorn via Mijdrecht, Wilnis en Vinkeveen naar de Dom tot Dam route, inclusief een aftakking van Wilnis naar Breukelen. Op bestemmingen tot en met 15 kilometer biedt de opkomst van de elektrische fiets kansen in de duurzame bereikbaarheid van de gemeente.11, 49
→
Figuur 13. De figuur toont de verdeling over de verschillende vervoersmogelijkheden voor verplaatsingen in De Ronde Venen, de zogenaamde ‘modal split’. Opvallend is het aantal verplaatsingen met de auto voor korte afstanden tot 7,5 kilometer. Bron: ODiN, 2019, bewerking RUIMTEVOLK.
42
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
Als onderdeel van de Omgevingseffectenrapportage is voor de relevante milieu- en omgevingsthema’s een beoordeling gemaakt van de kwaliteit ervan. Hiervoor zijn de belangrijkste indicatoren in beeld gebracht. Voor iedere indicator is een kwalitatieve beoordeling gemaakt van de kwaliteit: goed, redelijk of slecht. Hierbij is per onderwerp gekeken naar de huidige situatie en naar de autonome ontwikkeling. De autonome ontwikkeling is de verwachte toekomstige situatie in het geval er geen omgevingsvisie zou komen. Ontwikkelingen of projecten die redelijk zeker lijken behoren tot de autonome ontwikkeling. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen waarvoor al een vastgesteld bestemmingsplan of een omgevingsvergunning verleend is. Ook trends als klimaatverandering zijn een autonome ontwikkeling. Hieronder zijn de conclusies van de beoordeling van de thema mobiliteit weergegeven. Voor meer informatie over deze beoordeling, de achtergronden en de totstandkoming ervan, verwijzen we naar het achtergrondrapport.
Pr. Margrietlaan en de rotonde N212 – Mijdrechtse dwarsweg. Omdat de gemeente een redelijk aantal knelpunten ervaart met autovervoer, wordt de huidige situatie voor de bereikbaarheid voor auto’s beoordeeld als redelijk.
HUIDIGE SITUATIE (HS)
Bereikbaarheid OV
Bereikbaarheid auto
Inwoners van gemeente De Ronde Venen wonen gemiddeld 500 meter van een bushalte af en ruim 9 kilometer van een treinstation. Toch is de regionale OV-capaciteit momenteel onvoldoende. Dit komt bijvoorbeeld doordat de reisafstanden met het OV langer zijn dan met de auto en dat de frequentie van het OV niet voldoende is. Ten opzichte van vergelijkbare gemeenten is het OV-gebruik in de gemeente De Ronde Venen lager. Omdat er voor het gebruik van OV knelpunten worden ervaren is de huidige situatie beoordeeld als redelijk.
De N201 heeft een hoge verkeersintensiteit doordat de N201 als doorgaande route gebruikt en een belangrijke ontsluitingsweg van de gemeente is. Daarnaast loopt de snelweg de A2 door de gemeente. De verkeersknelpunten liggen voornamelijk op de A2 en waar de N201 de gemeente binnen komt. De knelpunten die aandacht vragen zijn Achterbos, Herenweg, Baambrugse Zuwe, Hofland – N201, Rotonde Dukaton – Rondweg, Stationsweg, Kruispunt
43
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
Bereikbaarheid Fiets Het Mobiliteits- en Verkeersveiligheidsplan (MVP) noemt dat het fietsnetwerk in De Ronde Venen bestaat uit een aantal fietspaden en wegen die zijn aangesloten op het landelijke knooppuntennetwerk. Langs deze relatief drukke wegen liggen vrijliggende fietspaden. Over het algemeen zijn de afstanden tussen de dorpskernen van de gemeente tamelijk lang, waardoor de fiets weinig wordt gebruikt. Dit komt vooral door de reistijden die ook met een e-bike langer zijn dan 30 minuten. De relatief lange afstanden zorgen voor een knelpunt voor fietsgebruik, hierom wordt de huidige situatie beoordeeld als redelijk.
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
AUTONOME ONTWIKKELING (AO) Uit onderzoek blijkt dat de toenemende woningbouw zorgt voor een toename van verkeersdrukte gedurende de ochtend- en avondspits. De toenemende drukte zal ook doorwerken op de knelpunten voor fietsverkeer en voor het openbaar vervoer. In het MVP worden beleidsuitgangspunten uitgewerkt om de bereikbaarheid van de gemeente te verbeteren, ook in relatie tot de woonopgave. Voor Mijdrecht, Wilnis en Abcoude zijn plannen van aanpak opgesteld waarin enkele doelstellingen zijn opgenomen gerelateerd aan fietsgebruik. Bijvoorbeeld het verbeteren van de stallingsmogelijkheden en maatregelen voor het verbeteren van de parkeerdruk. Aan deze acties is de status “nog niet gestart” toegekend, hierom is het onzeker wat de effecten zijn van de maatregelen. Een andere interessante ontwikkeling is de opkomst van deelmobiliteit. Hierbij worden auto’s, fietsen of andere vervoersmiddelen via een systeem door verschillende gebruikers benut, waardoor er sprake kan zijn van efficiënter gebruik van het vervoersmiddel en de openbare ruimte. De gemeente erkent dat deelmobiliteit een belangrijke ontwikkeling is, echter wordt ook uitgesproken dat de gemeente hier een afwachtende rol in speelt en zelf geen deelmobiliteit zal realiseren. Het effect hiervan is echter nog onduidelijk.
Dit samen met de voorspelling dat de capaciteit rondom de knelpunten zal worden overschreden, zorgt ervoor dat de autonome ontwikkeling voor de indicator bereikbaarheid wordt beoordeeld als redelijk
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
4.6 ENERGIE
44
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
WAT ZIEN WE GEBEUREN? → Gemeente De Ronde Venen heeft de ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Een groot deel van deze ambitie valt of staat bij de omslag van fossiele energie naar duurzame energie. In de toekomst zal de vraag naar elektriciteit vanwege elektrificering verder toenemen. In het Spoorboekje naar een klimaatneutrale gemeente wordt uitgegaan van een energievraag van 2662 TJ in 2040 (inmiddels 2050). Hiervan moet 1412 TJ uit duurzame warmte bestaan, en 1251 TJ (0,347 TWh) uit duurzame elektriciteit.16, 17
Netcongestie is een significant probleem in De Ronde Venen. Dit heeft impact op de huidige energievraag, maar vooral op het slagen van de energietransitie richting de toekomst. Momenteel is er op het lokale elektriciteitsnet geen ruimte meer voor nieuwe aansluitingen voor het transport van opgewekte energie. Daarnaast is de verwachting dat er tussen 2028 en 2033 geen nieuwe woningen kunnen worden aangesloten op het energienet.
→
→ Vanwege de netcongestie zet de gemeente in op het faciliteren van netverzwaring, met als belangrijkste maatregelen de zoektocht naar locaties voor 160 nieuwe transformatorhuisjes in de wijken en 2 grote onderstations van Stedin. Deze netverzwaring opgave betreft een grote ruimtevraag, zowel boven- als ondergronds. Om de tijd te overbruggen wordt vooral voor grootverbruikaansluitingen ingezet op energiehubs (vraag- en aanbod van energie op verschillende tijdstippen goed afstemmen en eventueel aanvullen met accuopslag).
45
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
→
De aanpak van De Ronde Venen op het gebied van de warmtetransitie focust met name op het verlagen van energieverbruik van woningen via isolatie. In de overstap naar duurzame warmtevoorzieningen wordt er ingezet op individuele oplossingen: (hybride) warmtepompen en “een mix van verschillende bronnen en technieken”. Met betrekking tot warmtenetten wordt er onderzoek gedaan naar de mogelijkheden op het Bedrijventerrein Mijdrecht en voor Zuiderwaard-Westerheul. Daarnaast loopt er een initiatief in Achter de Kerken in Abcoude.
KANSEN EN OPGAVEN →
De Ronde Venen committeert zich conform de RES 1.0 aan een opwek van 0,35 TWh duurzame energie in 2040. Dit RES-bod moet volledig door grote en kleinschalige zonnevelden en zon op dak worden ingevuld; de optie van windenergie is door het huidige college uitgesloten.15, 16
→
→ In 2020 was bij 3,5% van de huishoudens in De Ronde Venen sprake van energiearmoede, blijkt uit onderzoek van TNO. Door de verhoogde energieprijzen en de inflatie is dit percentage in 2022 gestegen tot 4,3%. Toch is het aantal kwetsbare huishoudens in gemeente De Ronde Venen lager dan het landelijk gemiddelde. Energiearme huishoudens hebben een laag inkomen in combinatie met een hoge energierekening (en vaak een slecht geïsoleerde woning). Uit gemeentelijk onderzoek blijkt dat Proostdijland, Zuiderwaard-Westerheul en Hofland de meest kwetsbare wijken voor energiearmoede zijn.30
Tot 2030 ligt er een opgave om circa 95 hectare zon op land te realiseren. In het Beleidsplan Grootschalige Zonnevelden specificeert de gemeente hoe, en waar, de opgave het beste kan worden ingepast in het landschap, rekening houdend met de Voorkeursvolgorde Zon van de provincie Utrecht. Zo zijn er stevige beperkingen in (a) kernen en kernrandzones, (b) weidevogelgebieden, (c) de Stelling van Amsterdam en (d) NNN en Natura-2000 gebieden. In principe moet er genoeg ruimte zijn in de gemeente om de opgave in te vullen, en dit beleidsplan geeft duidelijke ruimtelijke kaders en randvoorwaarden mee voor initiatiefnemers. Er liggen koppelkansen om – via slim meervoudig ruimtegebruik – dit in samenhang op te pakken met andere opgaven zoals veenoxidatie en waterberging.16, 32
→
In gemeente De Ronde Venen heeft ongeveer 60% van de woningen een geregistreerd energielabel. Van deze woningen heeft 80% het label C of hoger (zie Figuur 14). Hiermee doet De Ronde Venen het beter dan het landelijk gemiddelde (73% label C of hoger). Opvallend in de gemeente is het relatief hoge aandeel C-labels. Deze woningen hebben over het algemeen een hoge potentie omgezet te worden naar A-labels.31
→
► SAMENVATTING
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
19
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
Uit de RES 1.0 blijkt dat zonne-energie op daken een grote kans is voor gemeente De Ronde Venen. Uit de RES-analyse blijkt dat De Ronde Venen van de 16 Utrechtse gemeenten de grootste onbenutte potentie van zon-op-dak heeft. Slechts 5% van de daken heeft een PV-installatie (> 15kWP). Specifiek op het Bedrijventerrein Mijdrecht is slechts 3% van het dakoppervlak benut. De gemeente zet in op het stimuleren van zon op dak; netcongestie is hierin een beperkende factor.15
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
→
De warmtetransitie in de gebouwde omgeving is een grote opgave. De focus ligt de komende jaren op individuele oplossingen – met name isolatie, maar ook hybride warmtepompen – omdat er slechts beperkte kansen liggen in warmtenetten. Deze opgave vraagt ruimte in de ondergrond, maar ook om tijdige regie en sturing van de gemeente. Het overkoepelende doel van een klimaatneutrale gemeente hangt voor een groot deel ook af van het slagen van de warmtetransitie. De visie op deze opgave vraagt om aanscherping en het toevoegen van een uitvoeringsperspectief.
Figuur 14. Energielabels woningen in De Ronde Venen. Bron: Regionale Klimaatmonitor, 2023, bewerking RUIMTEVOLK.
Figuur 15. Kansenkaart voor zonne-energie op land. Op de kaart staan de aangewezen gebieden (ja-mits) voor zonnevelden (vastgesteld door de gemeenteraad in 2021), samen met de uitgesloten gebieden en de aandachtsgebieden. Bron: gemeente De Ronde Venen, 2023.
46
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
Als onderdeel van de Omgevingseffectenrapportage is voor de relevante milieu- en omgevingsthema’s een beoordeling gemaakt van de kwaliteit ervan. Hiervoor zijn de belangrijkste indicatoren in beeld gebracht. Voor iedere indicator is een kwalitatieve beoordeling gemaakt van de kwaliteit: goed, redelijk of slecht. Hierbij is per onderwerp gekeken naar de huidige situatie en naar de autonome ontwikkeling. De autonome ontwikkeling is de verwachte toekomstige situatie in het geval er geen omgevingsvisie zou komen. Ontwikkelingen of projecten die redelijk zeker lijken behoren tot de autonome ontwikkeling. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen waarvoor al een vastgesteld bestemmingsplan of een omgevingsvergunning verleend is. Ook trends als klimaatverandering zijn een autonome ontwikkeling. Hieronder zijn de conclusies van de beoordeling van de thema energie weergegeven. Voor meer informatie over deze beoordeling, de achtergronden en de totstandkoming ervan, verwijzen we naar het achtergrondrapport.
47
Hierom wordt de huidige situatie voor energiebesparing beoordeeld als redelijk. Aandeel duurzame energie
HUIDIGE SITUATIE (HS)
Sinds 2008 wordt er in De Ronde Venen duurzame energie opgewekt en gebruikt. De gemeente heeft de doelstelling om in 2050 klimaatneutraal te zijn. In het Spoorboekje staat dat de resterende energievraag die overblijft na het optimaliseren van de energiebesparing duurzaam moet worden opgewekt. Momenteel komt 16% van de gebruikte elektriciteit uit hernieuwbare bronnen. Dit percentage ligt voor de andere energiethema’s echter lager, namelijk tussen de 4% en 8%. De gemeente zit effectief op de helft van de te behalen doelstelling van 32% hernieuwbare energie in 2030. Om de doelstellingen in 2030 te behalen moet het aandeel duurzame energie nog toenemen met 16%. Hoewel er veel stappen moeten worden gezet, als de gemeente eenzelfde tempo als in de periode tussen 2015 en 2020 aanhoudt dan kunnen de doelen worden behaald. Hierom wordt de huidige situatie beoordeeld als redelijk.
Energiebesparing
AUTONOME ONTWIKKELING (AO)
Gemeente de Ronde Venen wil een afname van 35% van de totale energievraag volgens het “Spoorboekje naar een Klimaatneutrale Gemeente”. Tot nu toe is er een beperkte afname zichtbaar, met name vanwege de afname van voertuigbrandstoffen. De afname van energieverbruik voor warmte en voor elektriciteit nam naar verhouding minder af. In totaal verbruikt de gemeente de Ronde Venen 3.679 TJ aan energie
Energiebesparing
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
De gemeente heeft divers beleid om het energieverbruik verder te verminderen. Een van deze documenten is de Transitievisie Warmte, waarmee wordt ingezet op het verlagen van het energieverbruik van warmtevoorzieningen in woningen. Specifiek voor het terugdringen van warmtegebruik zal de gemeente passende maatregelen per woningtype helder maken
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
en bestaande subsidieregelelingen goed toelichten. Verder onderzoekt de gemeente mogelijkheden voor warmtenetten. Het is aannemelijk dat de trends uit de huidige situatie zich ook voortzetten in de autonome ontwikkeling. Het is echter onduidelijk hoeveel besparing dit uiteindelijk zal opleveren. De autonome ontwikkeling wordt daarom beoordeeld als redelijk. Aandeel duurzame energie Er zijn diverse factoren die van invloed zijn op het aandeel duurzame energie. Zo is de verwachting dat de vraag naar energie de komende jaren verder groeit. Een klein deel van de RES-opgave is momenteel gerealiseerd in De Ronde Venen, maar een aanzienlijk deel heeft een concrete borging in plannen. Een complexe opgave die hieraan is gerelateerd, is netcongestie. Dit betreft hoofdzakelijk congestie bij het terugleveren van grote hoeveelheden duurzaam opgewekte energie. De gemeente heeft een beleidsplan voor groot- en kleinschalige zonnevelden. Of er daadwerkelijk op de zoekgebieden in de plannen zonnevelden worden gerealiseerd is echter onduidelijk. Daarnaast heeft de gemeente een Transitievisie Warmte opgesteld. De verwachting is dat het aandeel duurzame energie binnen de gemeente De Ronde Venen zal stijgen, maar het is erg onzeker of het voldoende zal zijn om de doelstelling te behalen. De autonome ontwikkeling wordt daarom als redelijk beoordeeld.
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
4.7 LANDBOUW
48
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
WAT ZIEN WE GEBEUREN?
melkveehouders levert een nattere ondergrond slechtere condities om te boeren.2
gebruiken, waardoor per melkveehouder meer grond nodig is voor een gezonde bedrijfsvoering.
→ Vanuit het Utrechts Programma Landelijk Gebied wordt ingezet op overgangszones rond Natura 2000-gebieden. Hier zijn de reductiedoelen strikter dan daarbuiten, met als doel om robuustheid te creëren voor de aanwezige habitattypen en doelsoorten in het Natura 2000-gebied. De exacte omvang van deze overgangsgebieden is nog niet duidelijk, maar de indicatie is dat dit een straal van circa 1 kilometer beslaat.2 In De Ronde Venen ligt een aantal veehouderijen binnen de beoogde overgangszone rondom Natura 2000-gebied Botshol, dat een flinke stikstofoverbelasting kent. Mogelijk landt een deel van de overgangszone rond de Nieuwkoopse Plassen & De Haeck ook in De Ronde Venen. Het toekomstperspectief en verdienmodel van de daar aanwezige boeren zal een andere richting krijgen dan boeren die verder buiten de overgangszone hun bedrijf voeren. Maar ook buiten de overgangszones is een transitie van de landbouw onvermijdelijk, vanwege de impact van de sector op bodem (verzuring, verdroging), water (uitspoeling stoffen) en gezondheid (fijnstof, geuroverlast).
→
→
De Ronde Venen kent een uitgestrekt landelijk gebied: 70% van de gemeentelijke grond is in gebruik door boeren, waarvan 98% melkveebedrijven. Zij vormen, kleuren en beheren het landschap. Tegelijkertijd is de landelijke trend dat steeds meer gebruikers het landelijk gebied betreden: er wordt niet alleen geboerd, maar ook gewoond, gewerkt, gerecreëerd en natuur ontwikkeld. Dit vraagt om een evenwichtige balans in het ruimtegebruik.6
→ Naast de melkveehouderijen huisvest de gemeente ook een glastuinbouwconcentratiegebied in de Polder De Derde Bedijking.6
→
Landbouwbedrijven in de Utrechtse veenweidegebieden – waartoe De Ronde Venen behoort – zijn gemiddeld kleiner dan het landelijk gemiddelde als we kijken naar oppervlakte, de omvang van de veestapel en de intensiteit (productie per hectare).1 → De landbouw staat voor een omslag als gevolg van verschillende ontwikkelingen: een beperkte verdiencapaciteit onder agrariërs, een gebrek aan bedrijfsopvolgers (vóór 2030 is circa 40% van de huidige Rondeveense boeren gestopt), maatregelen tegen bodemdaling en emissiereductiedoelen rondom CO2, stikstof en methaan om overbelasting van de natuur tegen te gaan. Specifiek voor melkveehouders in een veenweidegebied als De Ronde Venen staat het toekomstperspectief onder druk. Er wordt ingezet op een hoger grondwaterpeil om veenoxidatie en bodemdaling tegen te gaan. Maar voor
49
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
→
Ook is er een beweging in gang gezet naar een volledig grondgebonden melkveehouderij, vanuit de nationale Nitraatrichtlijn. De invulling hiervan - de hoeveelheid dieren per hectare - is nog niet duidelijk.
Vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) is een grote opgave in het landelijk gebied van De Ronde Venen. De verwachting is dat dit de komende jaren op grote schaal gaat spelen, zowel in aantal stoppende agrariërs als in landoppervlakte. In sommige gevallen kan er een nieuwe bestemming komen in dit vastgoed, maar niet overal zal een nieuwe invulling gevonden worden. Dit kan mogelijk leegstand en verloedering tot gevolg hebben. Om die reden gaat de gemeente in 2024 een visie Vrijkomende Agrarische Bebouwing opstellen. KANSEN EN OPGAVEN
→ Het veenweidegebied, in al zijn facetten, is een belangrijke drager van de identiteit in de gemeente. Voor inwoners is het buitengebied een waardevolle plek die bijdraagt aan de kwaliteit van hun leefomgeving. Agrariërs zijn hier belangrijke landschapsbeheerders. De omslag die in de agrarische sector in beweging is, heeft duidelijke invloed op de agrariërs, maar ook op de verschijningsvorm van het buitengebied en de wijze waarop het buitengebied ook door inwoners en bezoekers gebruikt kan worden. Daarmee is het een belangrijke opgave om scherp te stellen wat voor buitengebied De Ronde Venen naar de toekomst voor zich ziet en welke keuzes daarbij horen.
→
Bovengenoemde ontwikkelingen hebben niet alleen effect op de bedrijfsvoering van boeren maar kennen ook een ruimtelijke impact. Boerenbedrijven zullen hun grond anders – vooral extensiever – gaan
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
→
De transitie naar een duurzamere landbouw dient meerdere doelen: de natuur kan zich herstellen en verder ontwikkelen, water wordt beter
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
vastgehouden en geborgen in het gebied en de biodiversiteit neemt toe. Ook past dit in het provinciale Utrechtse profiel van een gezonde leefomgeving. →
De benodigde vernatting om bodemdaling tegen te gaan, dwingt agrariërs te zoeken naar andere of aanvullende verdienmodellen. Binnen gemeente De Ronde Venen en breder binnen het veenweidegebied wordt hiermee al volop geëxperimenteerd. Hier liggen tegelijkertijd ook kansen. Als dit opschaalbaar blijkt, is er voor een grote groep melkveehouders een interessant toekomstperspectief te realiseren en kunnen zij zich hiermee profileren als ‘veenweideboeren van de toekomst’.
Figuur 16. De figuur toont de leeftijdsopbouw onder agrariërs in gemeente De Ronde Venen in 2018. Het grootste deel van de agrariërs bevindt zich in de leeftijd tussen de 55 en 65 jaar. Binnen nu en 10 jaar valt hierdoor een ‘golf’ aan stoppende boeren te verwachten. Bron: CBS landbouwtelling, 2018.
Figuur 18. De figuur toont een hittekaart van de verwachte VAB-opgave tot 2030. Met name aan de westkant van De Ronde Venen is de verwachte opgave het grootst. Bron: WUR en Kadaster, 2017
→
Relatief veel boeren – vooral melkveehouders – in Utrecht-West hebben al een verbrede bedrijfsvoering, wat een aanvullende inkomstenbron oplevert. Deze uitgangspositie biedt kansen om verder uit te breiden en aan te vullen, zoals met bijvoorbeeld nieuwe (collectieve) woonzorgconcepten. Daarmee wordt ook direct een koppeling gelegd met de woon-zorgopgave.
Figuur 17. Voor de melkveesector is te zien dat voor zeer grote bedrijven vaker een opvolger in beeld is dan voor kleinere bedrijven. De Ronde Venen kent relatief veel kleinere melkveehouderijen ten opzichte van het landelijk gemiddelde. Bron: Agrimatie, 2020.
→
Het is van belang om voldoende richting te geven aan de mogelijkheden voor vrijkomende agrarische bebouwing (VAB) in De Ronde Venen. Mogelijke nieuwe functies moeten in samenhang worden bezien met de bereikbaarheid van voorzieningen en belastbaarheid van de aanwezige infrastructuur.
50
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
Figuur 20. Het kaartbeeld geeft per gemeente aan wat het percentage agrariërs ouder dan 60 jaar is. De logische verwachting is dat deze agrariërs binnen een aantal jaren het bedrijf overdragen aan een opvolger of Figuur 19. In lijn met de landelijke trend neemt het aantal landbouwbedrijven in De Ronde Venen stelselmatig af. De piek wordt verklaard doordat de
stoppen. Gemeente De Ronde Venen kent een relatief hoog vergrijsde
gemeente Abcoude in 2011 bij de gemeente De Ronde Venen is gevoegd;
populatie agrariërs, namelijk 47%. Bron: VABviewer Provincie Utrecht, obv.
desondanks zet de dalende trend voort. Bron: CBS Landbouwtelling, 2023.
BAB-gegevens uit 2021.
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
Als onderdeel van de Omgevingseffectenrapportage is voor de relevante milieu- en omgevingsthema’s een beoordeling gemaakt van de kwaliteit ervan. Hiervoor zijn de belangrijkste indicatoren in beeld gebracht. Voor iedere indicator is een kwalitatieve beoordeling gemaakt van de kwaliteit: goed, redelijk of slecht. Hierbij is per onderwerp gekeken naar de huidige situatie en naar de autonome ontwikkeling. De autonome ontwikkeling is de verwachte toekomstige situatie in het geval er geen omgevingsvisie zou komen. Ontwikkelingen of projecten die redelijk zeker lijken behoren tot de autonome ontwikkeling. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen waarvoor al een vastgesteld bestemmingsplan of een omgevingsvergunning verleend is. Ook trends als klimaatverandering zijn een autonome ontwikkeling. Hieronder zijn de conclusies van de beoordeling van de thema landbouw weergegeven. Voor meer informatie over deze beoordeling, de achtergronden en de totstandkoming ervan, verwijzen we naar het achtergrondrapport. HUIDIGE SITUATIE (HS)
gefluctueerd en in 2020 zelfs toegenomen t.o.v. het jaar ervoor. Hierom wordt het criterium verduurzaming landbouw beoordeeld als slecht. Nevenactiviteiten Een van de manieren waarop landbouwbedrijven verduurzamen is door nevenactiviteiten op te stellen, bijvoorbeeld agrarisch natuurbeheer. Het aantal bedrijven dat in de provincie Utrecht verbredingsactiviteiten hebben die voor minder dan 10% van het totale inkopen zorgen neemt af. Ditzelfde geldt voor het aantal bedrijven waarvan de opbrengst van de nevenactiviteiten tussen 10% en 50% van de opbrengst is. Van 2016 tot 2020 is het aantal bedrijven waarvan de opbrengst van nevenactiviteiten meer dan 50% is toegenomen met 10%. Per saldo neemt het totaal aantal landbouwbedrijven ook af, in 2008 waren dit 3.000 bedrijven, in 2023 nog maar 2.269. Toch is het totale niveau van nevenactiviteiten fors toegenomen sinds 2012, met maar liefst 264%. Aannemend dat de provinciale trend ook geldt voor gemeente De Ronde Venen, wordt de verbreding van landbouw daarom beoordeeld als goed.
Verduurzaming landbouw AUTONOME ONTWIKKELING (AO) Boeren zijn in de gemeente De Ronde Venen de primaire beheerders van de landschappen van de gemeente. Ook kent de gemeente een glastuinbouwconcentratiegebied. Om de clustering van glastuinbouw te behouden, heeft de provincie Utrecht 2 glastuinbouwconcentratiegebieden aangewezen. Hiervan de Polder De Derde Bedijking er één van. De mate van CO2-uitstoot is sinds 2010 afgenomen, echter in de laatste jaren weer
51
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
Landbouw in gemeente de Ronde Venen komt in toenemende mate onder druk te staan. De stikstofproblematiek speelt een grote rol en zorgt ervoor dat de noodzaak voor duurzame landbouw sterk toeneemt. Daarnaast zorgen extremere weersomstandigheden voor de agrarische sector een andere uitdaging. Een derde aandachtspunt is dat er in de gemeente sprake is van bodemdaling, dat
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
ontstaat vanwege het ontrekken van water uit de bodem voor landbouwdoeleinden. Dit zorgt vervolgens voor een toenemende mate van verzilting waardoor de bovenliggende landbouwgrond onvruchtbaarder wordt. Een van de maatregelen die kan worden getroffen is om het peilniveau vast te zetten. Hierdoor kan het grondwaterpeil niet verder daalt. Echter, hierdoor wordt de bovenliggende grond drassiger, ten nadele van vee en landbouwvoertuigen die baat hebben bij een drogere grond. Of deze maatregel wordt toegepast is nog onzeker. In het Utrechts Programma Landelijk Gebied (UPLG) wordt het doel uitgewerkt om tot een circulaire, natuur inclusieve en klimaatneutrale landbouw. Er wordt onder andere ingezet op innovaties voor het verminderen van emissies, natuurinclusieve bedrijfsvoering door een grotere inzet op ecosysteemdiensten en het benutten van landelijke regelingen (zoals de LBV+ en LBV regeling). Daarnaast kan grondinstrumentarium worden ingezet in gebiedsprocessen bij stoppende bedrijven. Daarnaast noemt het UPLG dat er een landbouwmenukaart wordt ontwikkeld, waarmee agrariërs worden ondersteund bij het aanpassen van hun bedrijfsvoering. Landbouw is een complex thema en krijgt hierom veel aandacht vanuit de provincie. Het is echter nog onduidelijk of de ingenomen maatregelen effectief zullen zijn voor het verduurzamen van de landbouw.
Hierom wordt de autonome ontwikkeling beoordeeld als redelijk.
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
4.8 KLIMAAT
52
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
WAT ZIEN WE GEBEUREN? →
Het klimaat verandert: we krijgen te maken met hetere zomers en extremere piekbuien. Dit heeft effect op tal van ruimtelijke functies zoals natuur, landbouw, wonen, industrie en het watersysteem.
→ Dit vormde eind 2022 aanleiding voor het kabinet om het bodem- en watersysteem sturend te laten zijn bij alle toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen. In een landschap van droogmakerijen met zogenaamde moerige gronden, zoals in het westelijke deel van de gemeente, levert dat zeer specifieke wateropgaven op. De inzet op een hoger grondwaterpeil om veenoxidatie tegen te gaan is een belangrijke maatregel, evenals het zoeken naar waterbergingsmogelijkheden in de diepste delen van de polders. In het kader van het Utrechts Programma Landelijk Gebied is het belangrijk om rekening te houden met de doelstellingen rondom waterberging in lage delen van de provincie tijdens piekbuien. Dit is juist in het veenweidegebied ingewikkeld, omdat de vernatting en verhoging van de grondwaterstanden ten behoeve van de bodemdalingsopgave het risico op wateroverlast vergroten.5, 9
→
Het nat houden van het veenweidegebied is een belangrijke maatregel om veenoxidatie – en daarmee bodemdaling – tegen te gaan. Veengebieden en waterkeringen zitten voor in de verdringingsreeks. Dit is een reeks die aangeeft hoe het beschikbare water verdeeld wordt in tijden van schaarste. Dit maakt dat De Ronde Venen in de basis in een gunstige positie verkeert om natte condities te creëren of te behouden, om bodemdaling tegen te gaan. Desalniettemin is de beschikbaarheid van zoet water in de toekomst niet vanzelfsprekend. Daarmee wordt het nathouden van de veengebieden steeds moeilijker in langere perioden van droogte. → De Ronde Venen kent van alle gemeenten in het Utrechtse veenweidegebied het grootste oppervlakte aan puur veen. Dit kan tot wel 8 meter dik zijn en is nauwelijks vermengd met klei. Daaromheen is ook kleiig veen te vinden, waar de klei als het ware is bijgemengd in de bovenste laag veen. De klei dient daarmee als een soort beschermingslaag tegen oxidatie. Al met al zorgt deze bodemsamenstelling ervoor dat in De Ronde Venen – in vergelijking met de andere Utrechtse gemeenten – door verdroging de hoogste jaarlijkse bruto broeikasgasuitstoot wordt gemeten.1
→
Bodemdaling is in De Ronde Venen een urgent probleem. Veenoxidatie, waarbij CO2 vrijkomt, is hiervan de voornaamste structurele oorzaak. Ook spelen seizoenseffecten een rol: het ‘zetten’ en ‘klinken’ door gewichtstoename op veen en klei en ‘krimp’ en ‘zwel’ door vernatting in de winter. In de droogmakerij valt de bodemdaling mee, in de gebieden daarbuiten treedt de bodemdaling harder op.1
53
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
→
Het Utrechts Programma Landelijk Gebied voorziet om bepaalde delen van het veenlandschap, met name de dikke veenlagen, op termijn in te richten als moeras en natuurlijke klimaatbuffer. Op die manier wordt er weer CO2 vastgehouden in het veen, in plaats van uitgestoten.2 →
Een andere opgave is verzilting. Doordat de bodem laag ligt en slap is, dringt brak water door tot
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
op polderniveau. Dit heeft gevolgen voor de kwaliteit van het water: steeds meer gronden raken ongeschikt voor landbouw. Vooral in het oostelijk deel van Polder Groot-Mijdrecht speelt dit, wat reden is om hier vooral in te zetten op natuurherstel en -ontwikkeling. In het zuidoostelijke deel van de polder wordt natuurgebied Marickenland gerealiseerd, waar tegelijkertijd ruimte voor waterberging komt.6 →
Hoewel het tegenstrijdig klinkt in een nat landschap, is droogte en de uitdaging om voldoende water vast te houden in het gebied ook voor De Ronde Venen een stevige opgave. Droogte heeft diverse gevolgen: een slechtere waterkwaliteit, verzakking van gebouwen (funderingsproblematiek), beperktere opbrengsten van grasland en achteruitgang van natuurkwaliteit. Ook ‘te nat’ vormt een probleem. In perioden van overmatige regen moet er rondom de dichtstbevolkte woongebieden ruimte zijn om overtollig regenwater op te vangen. →
Tot slot zijn er ook in de gebouwde omgeving ingrepen nodig om om te gaan met wateroverlast en hitte. In bebouwd gebied treedt het hitte-eiland effect op; dit veroorzaakt gezondheidsrisico’s bij kwetsbare ouderen. Een belangrijke ingreep tegen hitteoverlast is het toevoegen van groen: hiermee wordt enerzijds meer water toegelaten tot de bodem, anderzijds zorgt het voor koelte op hete dagen. Daarnaast zet gemeente De Ronde Venen in bebouwd gebied in op een duurzame omgang met hemelwater volgens de trits vasthouden-bergen-afvoeren. Het apart afvoeren van het hemelwater in de openbare ruimte – dus niet afvoeren op het riool – en ruimte voor waterberging bij nieuwe ontwikkeling zijn belangrijke uitgangspunten.
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
KANSEN EN OPGAVEN →
Het aanpakken van de bodemdalingsopgave waarbij vernatting een structurele ingreep vormt, is een grote opgave. Tegelijkertijd liggen hier koppelkansen met andere opgaven, zoals de transitie van de landbouw (een omslag naar extensievere vormen van landbouw en eventueel nattere teelten met nieuwe verdienmodellen), recreatie en wonen (aantrekkelijke en bijzondere woonmilieus, zoals drijvend bouwen, op palen en terpen). Het landschap biedt daarbij een bruikbare onderlegger die tot variatie in het landgebruik leidt, rekening houdend met de behoefte aan zoet water. →
Water is misschien wel één van de meest urgente transitieopgaven, maar levert tegelijkertijd kansen op voor verschillende ambities van de gemeente. Denk aan het uitbreiden van waterrijke natuur met bijbehorende soorten en daarmee het versterken van de biodiversiteit, het verder uitbreiden van het recreatieve profiel – als regionale trekpleister op het gebied van waterrecreatie – en de koppeling met de historische inundatiegebieden van de Stelling van Amsterdam.
→
Niet alleen in het buitengebied, maar ook in de bebouwde omgeving van De Ronde Venen ligt een opgave om deze klimaatbestendig te maken. Dit gaat enerzijds over de openbare ruimte – bijvoorbeeld het toevoegen van (schaduwrijk) groen of het verminderen van verharding – maar ook over het stimuleren van inwoners om hun tuinen te vergroenen en het regenwater af te koppelen.
54
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
Figuur 21. Dit kaartbeeld is opgesteld door de Utrechtse waterpartners. Het toont de geschiktheid van de bodem voor woon- en werklocaties, gezien vanuit het perspectief van bodem, water en klimaatverandering. Het grondgebied van De Ronde Venen vraagt ofwel om een substantiële inspanning bij ontwikkelingen (ja-mits), ofwel om terughoudendheid vanwege een grote claim op de toekomst (nee-tenzij). Bron: Defacto Stedenbouw, 2023.
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
Figuur 22. Rechtsboven. Het kaartbeeld toont de grondwatertrappen van De Ronde Venen. Een grondwatertrap geeft een indicatie van de absolute grondwaterstand en de fluctuatie hiervan. De trappen zijn gedefinieerd op basis van de gemiddeld hoogste grondwaterstand (GHG) en gemiddeld laagste grondwaterstand (GLG), zie legenda. Het bovenstaande kaartbeeld geeft een inzicht in de historische bodemstructuur van De Ronde Venen, die nog steeds invloed heeft op het huidige watersysteem. Deze dataset van de provincie Utrecht toont enkel de veenweidegebieden. Bron: Provincie Utrecht, 2023.
Figuur 23. Linksboven. Dit kaartbeeld toont de maximale waterdiepte bij een overstroming. Het gaat om een overstroming met een kleine kans. Bron: Klimaateffectatlas, 2023.
Figuur 24. Linksonder. Dit kaartbeeld toont de gemiddelde gevoelstemperatuur tijdens een hete zomermiddag: in het bebouwd gebied van De Ronde Venen lopen deze gevoelstemperaturen op tot ruim boven de 40 graden, uitgaande van het klimaatscenario ‘Hoog 2040’. Bron: Klimaateffectatlas, 2023.
55
TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► INLEIDING
► SAMENVATTING
► HET DNA VAN DE RONDE VENEN
► TRENDS EN ONTWIKKELINGEN
► BELEIDSINVENTARISATIE
RUIMTEVOLK
RAAMWERK DE RONDE VENEN 2040
Als onderdeel van de Omgevingseffectenrapportage is voor de relevante milieu- en omgevingsthema’s een beoordeling gemaakt van de kwaliteit ervan. Hiervoor zijn de belangrijkste indicatoren in beeld gebracht. Voor iedere indicator is een kwalitatieve beoordeling gemaakt van de kwaliteit: goed, redelijk of slecht. Hierbij is per onderwerp gekeken naar de huidige situatie en naar de autonome ontwikkeling. De autonome ontwikkeling is de verwachte toekomstige situatie in het geval er geen omgevingsvisie zou komen. Ontwikkelingen of projecten die redelijk zeker lijken behoren tot de autonome ontwikkeling. Dit zijn bijvoorbeeld ontwikkelingen waarvoor al een vastgesteld bestemmingsplan of een omgevingsvergunning verleend is. Ook trends als klimaatverandering zijn een autonome ontwikkeling. Hieronder zijn de conclusies van de beoordeling van de thema klimaat weergegeven. Voor meer informatie over deze beoordeling, de achtergronden en de totstandkoming ervan, verwijzen we naar het achtergrondrapport. HUIDIGE SITUATIE (HS) Overstroming Gemeente De Ronde Venen ligt in een veengebied. Hierdoor neemt het overstromingsrisico van de gemeente toe. In de gemeente geldt een maximale waterdiepte bij een dijkdoorbraak van >5 meter. Rondom Mijdrecht in Hofland, Proostdijland en Molenland geldt een hogere maximale diepte dan in Mijdrecht zelf.
Ten zuiden van Wilnis, onder de Burgemeester Padmosweg, geldt een maximale waterdiepte 1,8 meter. Daarnaast geldt voor het