15 en 16 -06-2021 Gemeente De Ronde Venen Politieke commissie RZ PW 2305
Tekst van het document
Hopelijk heeft men dan geen discussie meer bij het vaststellen van het definitieve IRP. De voorzitter stelt vast dat het voorstel naar de meningvormende raad gaat. Dan nu de heer Stam die een punt van orde heeft. De heer Stam brengt naar voren dat er voor het volgende agendapunt zich zeven inspreker hebben gemeld. Dat is al 35 minuten inspreektijd. Spreker denkt dat de Twistvlietschool niet meer behandeld gaat worden gezien de tijd. De voorzitter weet dat er sprake in van zeven insprekers. De mogelijkheid is om de Twistvlietschool op de agenda voor morgen te plaatsen. 20
De heer Stam is het daar mee eens, maar dan kan men beter nu het besluit nemen. De voorzitter constateert dat de commissieleden het er mee eens zijn. Wethouder Kroon ziet het als mogelijkheid dat, wanneer er over de Twistvlietschool geen vragen zijn, het betreffende voorstel te zien als een hamerstuk. De voorzitter vindt dit wat snel door de bocht. Het voorstel van de heer Stam wordt ingebracht. Er zijn gen bezwaren, agendapunt 6c gaat naar morgen. De voorzitter sluit de discussie over agendapunt 6a.
b.
Stedenbouwkundig kader herontwikkeling Herenweg 116-118 Wilnis, de Voorbijlocatie, raadsvoorstel 29/21 De voorzitter meldt dat er zeven inspreker zijn voor dit onderwerp. Schriftelijke inbreng is bij de stukken gevoegd. De voorzitter legt de inspraakprocedure uit en geeft vervolgens de eerste inspreker het woord. De heer Nisters spreekt namens de in de toekomst te realiseren combibaan. Men verwacht dat de huidige ijsbaan bij het Voorbijterrein in de toekomst niet meer kan functioneren zoals die nu functioneert. Het belang van de baan in combinatie met een loopbaan wordt in de toekomst nog groter. De combibaan is een initiatief van de ijsclub Nooitgedacht en de loopvereniging de Veenlanders. Het is in brede zin belangrijk voor het sportieve leven in De Ronde Venen. Wanneer er gebouwd gaat worden op het Voorbijterrein dan is het gebruik van de locatie zoals die tot nu toe gebruikt is niet meer mogelijk. Dat wik de heer Nisters onder de aandacht brengen. De heer Schreurs wilde voorafgaand aan het agendapunt een ordevoorstel doen. Voordat de zeven insprekers aan de beurt geweest zijn, is het 23.00 uur. Dan moet men nog aan het onderwerp beginnen. Hoe gaat men het de rest van de avond doen? Kan de inhoudelijke behandeling van het agendapunt aan de agenda van morgen toegevoegd worden? De voorzitter wil de insprekers hun inspreektijd gunnen.
De heer Schreurs wil de insprekers de gelegenheid wel geven vanavond. De voorzitter treedt in kort overleg met de griffie. Er zijn door de agendacommissie twee avonden ingepland. Agendapunt 6c gaat al naar morgen. Het voorstel is om te kijken hoe ver men komt met de behandeling van het voorliggende voorstel. De heer Schreurs denkt dat men het wel kan overwegen. Op de agenda voor morgen staat geen informatie-uitwisseling en dergelijke. De voorzitter meldt dat daarmee al rekening gehouden was in de agendacommissie. Men gaat gewoon door met het agendapunt en men kijkt wel hoever men komt. 21
Mevrouw Freeve is benieuwd of de heer Nisters ook namens de ijsclub spreekt of alleen namens het nieuwe initiatief. De heer Nisters heeft ingesproken namens het nieuwe initiatief. Niet namens de ijsclub. Het gaat om de combinatie van de loopclub en de ijsclub. Die willen graag een combibaan. Mevrouw Freeve wil graag weten welke overweging de heer Nisters de raad wil meegeven. De heer Nisters wilde onder de aandacht brengen dat de huidige ijsbaan in de toekomst moeilijker te gebruiken is. Dat kan mede een reden zijn voor de gemeente om het initiatief van de combibaan te ondersteunen. Kijken of men gezamenlijk op kan trekken om de baan te realiseren. Mevrouw Van ’t Schip woont op Herenweg 136. In mei is er een aangepast ontwerp gepresenteerd door de ontwikkelaar. Ten opzichte van het vorige ontwerp zijn de appartementen verplaatst. Die appartementen komen nu vlak bij de woning van de inspreekster. De appartementen nemen de zon in de tuin weg en ze hebben vol zicht op de tuin. Dat tast de privacy van de inspreekster aan. Herenweg 122 heeft hetzelfde argument betreffende de avondzon. Na een gesprek met de ontwikkelaar is kennelijk besloten de appartementen te verplaatsen. Daardoor is het probleem verplaatst naar de inspreekster. Niet iedereen heeft evenveel woongenot na de aanpassing van het ontwerp. Bezwaar maken bij de initiatiefnemer heeft niet geholpen.
Wanneer de appartement wat naar achteren gaan, is de situatie wel acceptabel. De heer Lem merkt op dat men vijf minuten maag inspreken over een onderwerp dat minstens vijftig jaar het gezicht gaat bepalen van het lint door Wilnis. In recente gesprekken met diverse commissieleden heeft men gemerkt dat de belangen van omwonenden ondergesneeuwd bleek door een ander stem. Een stem die tegen het vigerende beleid is, een stem die tegen het maatschappelijke draagvlak is en een stem die tegen transparantie en zorgvuldigheid is. Dat is de houding van de initiatiefnemer. Enkele jaren geleden werd een groot project door de initiatiefnemer ingediend. Dat is door de gemeente afgewezen. In maart dit jaar werden nieuwe plannen gepresenteerd aan de omwonenden. Het digitale overleg leende zich niet goed voor een uitgebreide afstemming en interactie. Begin maart heeft de inspreker per brief uitgebreid gereageerd. De commissie heeft die brief ook ontvangen. In de brief is uitgebreid ingegaan op de punten waarom het plan niet deugde. Op de brief is lange tijd geen antwoord ontvangen. Na tweeënhalve maand kwam er een uitnodiging voor een informatieavond op 20 mei. Gevraagd naar de zin van de bijeenkomst wanneer men toch niet luisterde naar omwonenden resulteerde in een korte schriftelijke reactie op de eerdere brief.
Men gaf aan dat men meende ruimhartig tegemoet gekomen zijn aan de belang van diverse buurtbewoners en het gemeentebelang. Een verbijsterend bericht, zonder enige uitleg. Op de informatieavond bleek dat de plannen al een week daarvoor bij de gemeente waren ingediend. Geen mogelijkheid tot inspraak. Weer een soort cosmetisch aanpassing. Het plan dat er nu ligt, lijkt op papier groen, maar dat is het niet. Het wordt gewoon allemaal steen. Omwonenden hebben oog voor de woningbehoefte in de gemeente. Men is niet tegen bebouwing. Dat blijkt uit de alternatieven voorstellen. Die hoeven voor de initiatiefnemer niet veel minder op te leveren. In gezamenlijk overleg moet men eruit kunnen komen. Men vraagt 22
de commissie om de huidige plannen opnieuw af te wijzen. Daar is iedereen bij gebaat. Men moet voorkomen dat men in allerlei beroepsprocedures terecht komt. Dat kan jaren kosten. De heer Kok wil aan de hand van enkele voorbeelden reageren op de brief van Buurtparticipatie Voorbij van 4 juni 2021 en de gang van zaken betreffende de bebouwing van het Voorbijterrein. De brief suggereert dat de initiatiefnemer de omwonenden onvoldoende informeert en betrekt bij de besluitvorming. Spreker herkent zich niet in dat beeld. Spreker vindt eerder het tegenover gestelde. Plannen en veranderingen daarvan zijn uitgelegd en er is gevraagd of men daarmee akkoord kon gaan. In de brief staat dat het wenselijk is dat het maatschappelijk nut een drijfveer van het bouwproject. Gezien het tekort is woningbouw bijzonder nuttig voor de gemeente. Wat is het maatschappelijk nut van het eindeloos tegenwerken van de bouwplannen? In de brief wordt geschetst dat men naast prachtige groene legakkers wonen. Met een heel mooi uitzicht. Dat zou door het bouwproject ernstig teniet worden gedaan. Enkele andere willen de plannen tegenwerken om andere esthetische redenen. De werkelijkheid is dat het Voorbijterrein een bedrijventerrein was. Omgeven door slecht onderhouden hoge bosschages en oude materialen. Het is een en al lelijkheid. Om de plannen tegen te werken om esthetische redenen snijdt geen hout.
Spreker hoopt dat er zo snel mogelijk gebouwd gaat worden. Buurtparticipatie Voorbij ondertekent de brief namens alle bewoners. De brief is mede namens de inspreker ondertekent, terwijl deze het totaal oneens is met de inhoud. Spreker weet niet eens wie of wat Buurtparticipatie Voorbij is. Er is nooit contact geweest met iemand om over de brief te praten. Door te ondertekenen namens alle bewoners rond het terrein, schetst Buurtparticipatie Voorbij bewust een verkeerd beeld. Alsof alle directe buurtgenoten het eens zijn met de brief. Dat klopt dus niet. Tegen Buurtparticipatie Voorbij wil spreker zeggen dat deze gang van zaken ongehoord en ongelooflijk is. Kan de opsteller van de brief contact opnemen met de inspreker o het een en ander te verklaren? Buurtbewoners u heeft het recht en misschien de plicht om voor uw woongenot en belangen op te komen. Een ieder heeft zijn eigen belangen. Bij elke verandering van het bouwplan is er wel weer iemand ontevreden. Gebruik eerlijke en legitieme redenen wanneer u voor uw belang opkomt. Maar, wees constructief. Dan kan men snel beginnen met een mooi bouwproject. De heer Rouwenhorst constateert dat de heer Kok direct naast de locatie woont. De inspreker heeft het gehad met omwonenden die zakelijk belangen hebben. Hoe moet men dat zien? De heer Kok heeft begrepen dat er mensen zijn die zelf willen bouwen.
Die frustreren de plannen om een deal te kunnen sluiten met de initiatiefnemer betreffende overpad. Spreker is daar ook van geschrokken. De heer Evers vraagt wat de inspreker gemist heeft in de ogenschijnlijke controverse bij de voor- en tegenstanders van het project. Wat is er gemist in het bijeenbrengen van visies? De heer Kok merkt op dat er een Buurtparticipatie Voorbij schijnt te zijn. Die ondertekent namens alle omwonenden. Spreker heeft nog nooit iemand van die club ontmoet. 23
De heer Evers denkt dat men misschien had verwacht dat het een rol had kunnen spelen bij het bijeen brengen van de partijen. De heer Kok denkt dat dit een taak voor de gemeente is. Wanneer men namens alle omwonenden ondertekent, dan moet men ook met die omwonenden praten. Dan moet men ook toestemming hebben van de omwonenden. De heer Hofstra spreekt namens de ijsclub Nooitgedacht. Er waren eerder plannen met een mogelijk vertrek als gevolg. Nu ligt er een fundamenteel plan, waartegen men bezwaar moet maken, omdat men op korte termijn niet kan schaatsen op de ijsbaan. Elk plan wordt door de ijsbaan getoetst op veiligheid, bruikbaarheid en perspectief. Op die punten scoort het huidige plan negatief. Het idee is dat men weggedrukt wordt. Er zijn wel constructieve gesprekken, maar uiteindelijk zijn de opmerkingen niet in het plan verwerkt. Er is bijvoorbeeld riet gepland aan de westkant. Riet is funest voor ijs. Natuurlijk riet wordt elk jaar door de club uit het water gehaald. Ook zijn er destijds afspraken gemaakt over het gebruik van de oostelijke oever. Van belang voor de veiligheid en het gebruik van de ijsbaan. In de zuidwesthoek staat een container voor opslag. Een plek daarvoor is niet ingetekend in het plan. Dat geldt ook voor het clubgebouw. Men wil een aantal zaken met omwonenden graag vooraf regelen. Vooraf is altijd makkelijker dan achteraf.
De rietkraag verplicht de mensen die een insteekhaven krijgen om over de ijsbaan naar de insteekhaven te gaan. De ijsbaan is echter ondiep water, het is geen vaarwater en er geldt een toegangsverbod. Er bestaan twee afspraken met betrekking tot overpad. Dat wordt lastiger gemaakt. Op de zuidoever staan waterwoningen gepland en een steiger. Dat is op een stuk grond waarop de ijsclub nog vijftig jaar het erfrecht heeft. Dat is notarieel overeengekomen met Voorbij. Afgesproken is dat daar niet gebouwd gaat worden. Dat is bij de initiatiefnemer bekend. Het is dus niet acceptabel dat het plan doorgang vindt. Men wil meedenken in oplossingen, maar met concrete plannen die men aan de leden kan voorleggen. Men wil daar blijven schaatsen totdat men misschien naar een andere plek moet/gaat. Voor een vertrek moet er een goed alternatief voorhanden zijn. Een locatie, een vergunning en middelen. O dit moment is daar geen sprake van. De heer Rouwenhorst heeft de inspreker horen zeggen dat er overleg geweest is met de eigenaar van de grond. Ook al in het verleden. Toen is er al eens onderhandeld met de ijsclub. Toen zijn er afspraken gemaakt. Heeft de inspreker de brief die naar de commissie is gestuurd ook naar de heer Van Schie gestuurd? De heer Hofstra brengt naar voren dat al de genoemde punten al maanden bij de heer Van Schie bekend zijn. Men spreekt er al langere tijd over.
Echter, men heeft nog nooit een schriftelijke concrete reactie ontvangen. Men kan alleen op dit moment bezwaar maken tegen het plan, omdat dit het bestaansrecht van de club aantast. De heer Van der Greft heeft een aantal stevige punten van kritiek gehoord. Heeft de inspreker nog wel vertrouwen in een goede afloop? De heer Hofstra vindt van wel. Men is niet voor niets bezig om te kijken naar oplossingen. Op de plek van de geplande rietkraag was een goede oplossing voor de ijsclub gepland. Er zijn 24
dus best goede afspraken te maken. Volgens de initiatiefnemer maag de gepland rietkraag niet vervallen omdat die ervoor zorgt dat er een zichtafscheiding komt tussen de arken en de woningen. Wanneer de initiatiefnemer de club middelen ter beschikking stelt om te vertrekken, kan men wellicht nog een paar jaar gebruik maken van de baan, maar dat men daarbij afziet van het bestaande erfrecht. Men heeft ook nog andere suggesties gedaan. Men zou, onder voorwaarden van goede afspraken en goed alternatieven, ook nog bereid zijn om de ijsbaan te verkopen. Een plek elders maakt de mogelijkheid vrij voor een combibaan. De heer Mulder meldt niet tegen woningbouw op het Voorbijterrein te zijn. Men behoort niet tot de groep Buurtparticipatie Voorbij. Het is goed dat de wethouder de Omgevingswet als leidraad wil hanteren. Alleen, jammer dat dit niet gebeurd in Wilnis. Men wordt constant verrast met plannen. Daar mag men wat over zeggen en vervolgens constateren dat er niets mee gedaan wordt. Men wil actief meedenken. Men heeft ok een alternatief plan ingediend. Men is met de gemeente in overleg geweest over verkeersonderzoek. Het onderzoek ging met name over de verkeersveiligheid op de Herenweg en parkeren. Dat onderzoek is er toch niet gekomen. Uiteindelijk heeft men het onderzoek zelf laten doen. Nu een aantal concrete vragen.
Tijdens de vorige commissievergadering is er geconstateerd dat er parkeerverboden zijn op de Herenweg, die nergens eindigen. Een antwoord op de vraag wat daarvan de reden is, moet nog steeds komen. Is er een mogelijkheid om de verkeersdruk op de Herenweg te verlagen door het verplaatsen van de sociale huurwoningen? In het plan is geen rekening gehouden met parkeren in verband met de ijsbaan. Is voor het plan een bestemmingsplanwijziging noodzakelijk? Het doel van de Omgevingswet is om bewoners voortijdig te laten participeren. De bewoners willen wel, maar de initiatiefnemer is daarin wat terughoudender. Mevrouw Elfferich vindt dat de initiatiefnemer een soort eigen woningbeleid voert. Allemaal dure woningen terwijl er behoefte is aan betaalbare woningen. Straks gaan al die mooie woningen naar mensen van buiten, zodat straks de doorstroming in de gemeente niet op gang komt. De heer Evers merkt op dat de heer Mulder blijkbaar goed is ingelicht over wat de Omgevingswet vraagt op het gebied van participatie. Wat heeft de inspreker gemist betreffende de participatie zoals die in de Omgevingswet omschreven is? Mevrouw Ellferich antwoordt dat, wanneer iemand een initiatief ontwikkelt, men van tevoren met de buurt gaat praten. Kijk met elkaar wat de initiatiefnemer wil en hoe dat het beste past in de omgeving. Niet eerst een compleet plan neerleggen.
Wanneer men de juiste volgorde volgt, dan is er minder kans op bezwaren wanneer men het initiatief indient. De heer Van Sligtenhorst begrijpt de zorgen over de verkeerssituatie. Het plan zal extra verkeersbewegingen met zich meebrengen. Hoe kijkt men aan tegen de vroegere verkeerssituatie? Toen werd er met vrachtwagens en busjes naar de Voorbijlocatie gereden. Dat moet nu toch beter zijn geworden? De vraag op de parkeerverboden op de Herenweg staat nog open.
25
De heer Mulder merkt op dat Voorbij al twintig jaar dicht is. Er komen dus al twintig jaar geen vrachtwagens meer. De verkeersdichtheid is door de bewoning en het autobezit toegenomen. De Herenweg is smaller geworden. De situatie is er eerder slechter dan beter op geworden. Zoals gezegd, is men niet tegen woningbouw, maar dan mag de verkeersveiligheid niet verslechteren. Mevrouw Freeve heeft opgemerkt dat de heer Van Sligtenhost het een goede zaak vindt dat de bewoners onderzoek laten uitvoeren naar de verkeers- en parkeersituatie. Wat was de reden dat de inwoners dit onderzoek nodig vonden? Er lag al een onderzoek. De heer Mulder was verrast dat er een nieuw verkeersonderzoek was. Over een eerder verkeersonderzoek is een gesprek geweest op het gemeentehuis. Toen is aangegeven dat men opeen aantal onderdelen aanvullend onderzoek wilde, met name over veiligheid en parkeren. De gemeente heeft daarop niet gereageerd. Daarom heeft men die punten zelf laten onderzoeken. Mevrouw Freeve vraagt of de inspreker ook niet geïnformeerd was over het punt dat het onderzoek zou plaatsvinden. De heer Mulder antwoordt ontkennend. Men heeft alleen het verkeersonderzoek ontvangen zonder enig commentaar of wat dan ook. Daarom is het eigen onderzoek gedaan. De heer Rouwenhorst heeft de opmerking over de sociale woningbouw die op de locatie moet plaatsvinden niet goed begrepen.
Kan men dat toelichten? De heer Mulder antwoordt dat vijftien sociale woningen een behoorlijke verkeersstroom met zich meebrengen. Die stroom moet eigenlijk naar beneden. Bestaat er de mogelijkheid o die woningen ergens anders te plaatsen? Daarbij komt in het seizoen ook nog het verkeer van de ijsbaan. Dat alles brengt de verkeersveiligheid behoorlijk in gevaar. Op dat punt moet iets gebeuren. De heer Rouwenhorst meldt dat er op het huidige terrein een bedrijvenbestemming rust. Het zou dus maar zo kunnen dat er een industriële vestiging gaat plaatsvinden. Dan komen de vrachtwagens ook weer. De heer Mulder is van mening dat, wanneer de initiatiefnemer niet wil overleggen, men daar de gevolgen van moet dragen. Wanneer de initiatiefnemer wat wil, kan die zo de acht woningen die er staan terugzetten. Daar zal niemand bezwaar tegen maken. De heer Rouwenhorst vraagt of men doelt op de woningen die er i het verleden gestaan hebben. De heer Mulder bevestigt dit. Dat waren ook sociale woningen. Daar is geen bezwaar tegen. De heer Rouwenhorst stelt dat de functie van het terrein nog steeds bestaat. Dat is een angstvisioen voor het terrein. 26
Mevrouw Ellferich denkt dat er voor uitvoering van het plan nog steeds een bestemmingsplanwijziging nodig is. De heer Evers is tegen het idee van stikken of slikken. Men kan niet zeggen dat omwonenden de woningbouw moeten accepteren, omdat er anders weer industriële bedrijvigheid terugkomt. Spreker maakt bezwaar tegen de voorgelegde keuze. De heer Rouwenhorst maakt ernstig bezwaar tegen wat de heer Evers naar voren brengt. De heer Evers hoeft niet voor spreker te denken. Wel iets beter luisteren. Mevrouw Van Schie spreekt in namens de projectontwikkelaar. De inspreekster richt zich op de periode van december tot nu. De commissie heeft de initiatiefnemer in december huiswerk meegegeven. Daarmee is men aan de slag gegaan. In de afgelopen periode is er verschillende malen contact geweest met de omwonenden. In december is men direct gestart met een verder buurtparticipatie. Alle bewoners zijn telefonisch benaderd met dezelfde vragen. De uitkomst van de telefonische enquête ligt bij de commissie. De helft van de ondervraagden is overwegend positief en de andere helft overwegend negatief. Een grote groep omwonenden gaat wel akkoord met de ontwikkeling. Het liefst zou men morgen willen starten. De plannen zijn herhaaldelijk aangepast om ook tegemoet te komen aan de wensen van degenen die negatief waren. De gemaakte aanpassingen liggen ook bij de raad.
Men heeft te maken met omwonenden aan drie zijden van het project. Hierdoor ontstaan soms tegenstrijdige belangen. De inspreekster illustreert dit met een paar voorbeelden. Men probeert zoveel mogelijk aan de wensen van de omwonenden en van de gemeente te voldoen. Echter, elke aanpassing leidt weer tot andere tegenstanders. Maar, soms moet maatschappelijk belang prevaleren boven individueel belang. De raad moet ervoor zorgen dat het maatschappelijk belang voorrang moet krijgen. Anders komen jongeren en ouderen nooit aan een woning. Bij elk plan voldoet men aan de gemeentelijke kaders. Het doel is een mooie invulling aan het voormalige bedrijventerrein te geven. Dat is goed voor de directe omgeving. De bouwintensiteit wordt fors lager dan wat mogelijk zou zijn volgens het Economisch Instituut voor de Bouw. Men heeft echt over het plan, de indeling van de percelen nagedacht. Men gaat meer parkeerplaatsen realiseren, dan dat wat de norm eist. Tijdens de vorige vergadering is gemeld dat er twintig personen geïnteresseerd zijn in de koop van een kavel. Na december zijn er al elf gegadigden bijgekomen. Er zitten ook starters bij. Bijna alle gegadigden komen uit Wilnis. Het plan is goed voor de bewoners van de Herenweg en voor de bewoners van Wilnis. De heer Van Sligtenhorst heeft kennis genomen van alle aanpassingen. Het is lastig om het iedereen naar de zin te maken.
Wat gemist wordt zijn de afspraken met de ijsclub. Die heeft een aantal stevige bezwaren. Hoe kijkt men daar tegenaan en hoe probeert men die op te lossen? Mevrouw Van Schie meldt dat men de laatste anderhalf jaar in goede harmonie met elkaar spreekt. Om die reden is men verrast door de inspraak van de heer Hofstra. Drie weken geleden is er nog overleg geweest en zijn er afspraken gemaakt. Aangegeven is dat men die afspraken gaat doorvoeren. Het klopt dat het nu niet in de tekening staat, maar die was al op 20 mei ingediend. Daarom kon men de tekening niet aanpassen. 27
Mevrouw Groen is benieuwd of de initiatiefnemer voor de omdraaiing van het appartementencomplex of men voor die omdraaiing contact heeft gehad met alle betrokkenen om te kijken naar de beste manier om het probleem op te lossen. Mevrouw Van Schie meldt dat er aan de overkant van de Herenweg bezwaren waren. Daar is men mee in gesprek gegaan en men heeft verschillende opties voorgelegd. Dat gaf voor anderen weer nadelen. Na aanpassing is men weer bij omwonenden langs geweest. Aangegeven waarom men heeft aangepast en op welke manier. De heer Van der Greft denkt dat men in de commissievergadering van december de boodschap heeft meegegeven dat het plan iets bescheidener mag zijn. De punten van kritiek waren misschien niet concreet genoeg. Was het lastig om het gevoel av de commissievergadering te vertalen in een nieuw voorstel? Dan het maatschappelijk belang. Het verhaal over de sociale huur kan spreker in deze helemaal volgen. Als het gaat over de andere woningen in relatie tot starters wordt het lastiger. Zijn de vrije kavels ook maatschappelijk belang? Heeft men ook de 3D-sets gezien met de titel alternatieve buurtparticipatie? Wat vindt men daarvan? Mevrouw Van Schie heeft heel serieus genomen wat de commissie heeft meegegeven. Daar is gehoor aan gegeven. Dan het maatschappelijk belang mrt betrekking tot de vrijstaande woningen. Er wordt op meer plekken in Wilnis gebouwd.
Er is weinig aanbod van huizen van zes ton en meer. Met dit project kan men aan die vraag voldoen. Daarbij draagt men bij aan de doorstroming. Over de gestelde vraag in samenhang met de ingezonden brief kan men alleen maar vaststellen dat er een verkeer beeld wordt gegeven. Het gegeven beeld verschilt totaal van de eigen beelden. Het gegeven beeld is negatief gemanipuleerd. Op basis van de daadwerkelijke tekening kan men zien dat het om een breed plan gaat met veel groen. Mevrouw Freeve is aan de slag gegaan met de participatie en het huiswerk van de initiatiefnemer. Kan die zich voorstellen dat raadsleden daar een ander beeld bij krijgen? Zeker door de verschrikkelijke beelden die nu getoond worden? Wat had men anders kunnen doen om dit soort zaken te voorkomen? Op basis van inspraak is aangegeven dat men best minder woningen wil bouwen. Waarom doet men dat dan niet? Graag een toelichting? De inspreker, de heer Lem, had het over het punt dat hij geen reactie had ontvangen op zijn brief met bezwaren. Klopt dat en wat is de reden? Mevrouw Van Schie kan zich best voorstellen dat de raadsleden een ander beeld hebben van het verloop van de participatie. Men vergeet soms wat er allemaal is gedaan. In december is er met iedereen telefonisch contact geweest. In maart is er een Teams-overleg geweest. Daarna is er met drie verschillende groepen gesproken.
Het verbaast dat men in goede harmonie met mensen uiteen gaat en dat er vervolgens zulke stevige brieven worden geschreven. Dat is moeilijk te rijmen. Er zijn twee Teams-overleggen geweest, in maart en in mei. Men hoort alle mensen aan en daarna gaat men ermee aan de slag. Om te kijken hoe men de aanpassing moet uitvoeren. Men kan niet letterlijk alle wensen die naar voren komen uitvoeren. Dan komt men nooit tot een compromis. Men komt nooit tot een plan waar iedereen zich in kan vinden. Op het bezwaar van de heer Lem is heel laat gereageerd. Daarvoor is geen excuus. 28
Er is met de gemeente over het bouwen van minder woningen gesproken. Wanneer men minder woningen bouwt, dan vervallen de sociale huurwoningen. Dat vindt de gemeente niet wenselijk. Sociale huur geldt vanaf een bepaald aantal woningen. De heer Rouwenhorst denkt dat men net zoveel sociale huurwoningen mag bouwen als men zelf wil. Zeker op eigen grond. Spreker denkt dat de verhouding met de ijsclub heel essentieel is. Gezien de reactie van de heer Hofstra is het van belang dat er op zeer korte termijn overleg moet zijn om tot overeenstemming te komen. Als laatste het punt wat er gaat gebeuren wanneer het raadsvoorstel het niet haalt. Mevrouw Van Schie merkt op dat de locatie nog steeds de functie van bedrijventerrein heeft. Uit respect heeft men het bedrijventerrein de laatste jaren niet gebruikt. Dan zou er te veel vrachtverkeer zijn. Wanneer het plan niet doorgaat en men kan het land niet verkopen, dan neemt men het opnieuw in gebruik als bedrijventerrein. Echter, dat is niet wat men wil. De heer Rouwenhorst benadrukt dat het contact met de ijsclub heel belangrijk is. Mevrouw Van Schie beaamt dit. Men neemt snel contact op. Er is al wel aan een oplossing gedacht. Onder andere door de rietkraag aan de landtong te laten vervallen voor een plek elders. Over de container en het clubhuis is al wel gesproken. Ze staan alleen niet ingetekend, omdat het plan al op 20 mei is ingediend.
Voordat de gesprekken hebben plaatsgevonden. De heer Rouwenhorst denkt dat de ijsbaan weg wil. Mevrouw Van Schie heeft daarbij al geholpen. Er zijn tekeningen geleverd voor een 400 meterbaan. Men heeft vijf opties gegeven voor plek voor een nieuwe baan. Men wil helpen bij een nieuwe baan. De heer Rouwenhorst denkt dat dit goed is. De raad moet een besluit gaan nemen en het zou mooi zijn wanneer iedereen zich daarin zou kunnen vinden. De heer Luijben stelt dat dat participatie voor zijn partij uiterst belangrijk is. Het viel op dat de initiatiefnemer telefonisch drie vragen heeft gesteld aan alle betrokkenen. Zou mevrouw Van Schie die drie vragen willen opsturen? Mevrouw Van Schie meldt dat het om tien vragen ging, maar dat ze er drie als voorbeeld heeft genoemd. De heer Van Sligtenhorst is benieuwd of er van het overleg met de ijsclub een soort gespreksverslag is. Zo ja, kan dat gedeeld worden met de raad? Mevrouw Van Schie zegt dat dit mogelijk is.
29
De heer Schreurs begint over de gemanipuleerde beelden. Bij die beelden zat een plan waarbij aan de buitenkant van de landtongen woonschepen zijn geprojecteerd. Is dat iets wat men heeft overwogen? Past het in de plannen? Mevrouw Van Schie merkt op dat men al ruim drie jaar bezig is met de gemeente en stedenbouwkundigen om het plan in te tekenen. Daarbij is de keuze gemaakt om geen arken in te tekenen. De heer Schreurs vraagt of men, nadat het plan was ingediend, heeft overwogen om het alsnog te doen. Men kan een stedenbouwkundig plan aanpassen met het intekenen van arken. Mevrouw Van Schie denkt dat men de vraag dan ook bij de ijsclub moet neerleggen. Of zij het daarmee eens zijn. Op dit moment overweegt men niet om arken in te tekenen. Men kiest voor de gekozen uitstraling. De heer Schreurs heeft gehoord dat men op dit moment uit respect geen gebruik maakt van de bedrijvenfunctie van het terrein. Wanneer het plan niet doorgaat, laat men het respect varen. Dan gaat men het terrein wel gebruiken als bedrijventerrein. Mevrouw Van Schie geeft aan dat in dat geval het terrein gebruikt zal worden voor opslag. De heer Schreurs kan zich voorstellen dat aanpassing van het plan zoals dat is besproken, dat dit wat minder opbrengsten oplevert met arken aan de zijkant. Echter, dat zak niet minder zijn dan dat men het terrein gebruikt als opslagruimte.
Mevrouw Van Schie denkt niet dat met de arken het probleem is opgelost. Men heeft met de stedenbouwkundige de keuze gemaakt om voor een bepaald type woningen te gaan. Als initiatiefnemer moet men een standpunt innemen om voor een plan te gaan om dat te presenteren. Mevrouw Freeve heeft gehoord dat, wanneer het plan er niet doorheen komt, men het terrein gaat gebruiken voor de bestemming die er op rust. Bij veel omwonenden hoort men de behoefte om er absoluut wel woningen te bouwen. Waar kan men een gemeenschappelijk belang vinden? Wanneer dit plan wordt afgekeurd, kan men dan toch tot een nieuw plan komen met meer draagvlak? Mevrouw Van Schie wil graag woningen bouwen om de Herenweg mooier te maken. Veel mensen zullen er blij mee zijn. De heer Rouwenhorst suggereert of het verstandig is om een mediator in te schakelen om te voorkomen dat het plan wordt afgewezen. De voorzitter beëindigt hiermee de inspraak. Dank aan alle insprekers. Nog even terug naar de heer Schreurs.
30
De heer Schreurs concludeert dat eigenlijk iedereen wil dat op de locatie gebouwd wordt. Het is op dit moment onduidelijk of het plan wel of niet aangepast kan worden. De voorzitter had op het moment van orde nog geen zicht op de tijden en de agenda. Nu heeft men het zicht wel. Men moet het onderwerp niet willen afraffelen. Men gaat morgen verder met de eerste termijn van dit onderwerp. Vervolgens komt het laatste agendapunt van vandaag en dan de onderwerpen die op de planning staan voor morgen. De commissieleden kunnen zich daarin vinden. Vervolgens schorst de voorzitter de vergadering tot 16 juni om 19.30. De vergadering wordt nu beëindigd om 23.40 uur. 16 juni 2021 De voorzitter heropent de vergadering RZ&PW en heet de aanwezigen welkom. Voor de volledigheid worden de vergaderregels die samenhangen met het digitaal vergaderen nog even onder de aandacht gebracht. Hierna vervolgt de voorzitter de agenda met het agendapunt dat gisteren nog niet is afgemaakt. Na de insprekers gisteren volgt nu de behandeling in de commissie.
b.
Stedenbouwkundig kader herontwikkeling Herenweg 116-118 Wilnis, de Voorbijlocatie, raadsvoorstel 29/21 (vervolg van de behandeling op 15 juni) De heer Van der Greft constateert dat na de kritische behandeling van het plan vorig jaar de initiatief nemer het plan heeft aangepast, minder hoog en minder woningen. Men heeft op alle punten iets met de kritiek gedaan. Is dit wat voorligt in de kern een goed plan? Is deze ontwikkeling passend op de locatie? In het raadsvoorstel staat dat de initiatiefnemer de intentie heeft om de sociale huurwoningen te laten afnemen door GroenWest. Hoe verlopen de onderhandelingen daarover? Voor spreker is de overname van de sociale huurwoningen door GroenWest een voorwaarde. Dan de vrije kavels, hoe gaat dat eruit zien? In principe moet men op een vrije kavel kunnen bouwen wat men wil of kan. Hier is die keuze beperkt. Als laatste het punt parkeren op eigen terrein. Is de verplichting om op eigen terrein te parkeren goed geregeld? Graag een toelichting? De heer Van Sligtenhorst kan zich voor een deel vinden in de inbreng van de vorige spreker. Nog wel een vraag in aansluiting op de discussie gisteren met de ijsclub. Naast het initiatief voor een combibaan, hoort men tussen de regels door dat de ijsclub wel weg wil van de locatie. Het wring met de geplande woningbouw.
Hoe denkt het college over het vertrek van de ijsbaan? Is men in gesprek hierover? Met een goede oplossing wordt de uitkomst van het plan vereenvoudigd. Graag een reactie? Dan het parkeren. Niet zozeer het parkeren op eigen terrein, maar het parkeren door omwonenden. Die parkeren nu voor een deel op het Voorbijterrein. Die auto’s moeten straks weer langs de Herenweg staan. Hoe denkt het college daarover? Is er daarvoor een oplossing? Spreker herhaalt vervolgens een vraag die in een eerdere behandeling al is gesteld. Op verschillende plekken op de Herenweg staan borden met een parkeerverbod. Nergens vindt 31
men borden met de opheffing van de parkeerverboden. Is het zo dat overal op de Herenweg een parkeerverbod geldt? Het college moet hier toch nog even naar kijken. Als laatste het verkeersonderzoek. De gemeente heeft een verkeersonderzoek uitgevoerd en de omwonenden hebben een verkeersonderzoek uitgevoerd. Er zit een verschil tussen beide onderzoeken. Hoe kijkt het college aan tegen het verschil? Welke uitkomst is de waarheid? Mevrouw Freeve is positief over bouwen op deze locatie. Men wil samen met omwonenden mooie huizen en een mooie plek om te wonen. Er zijn eigenlijk nog twee onderdelen van het plan die problematisch zijn. Wanneer men kijkt naar de structuurvisie van Wilnis-noord, dan staat daarin dat men de ruimtelijke structuur van het dorp wil behouden. Het zichtbaar maken van de historische structuur. Geen groot aantal nieuwe vrijstaande woningen, enzovoort. Aangegeven wordt dat het plan past binnen de structuurvisie. Echter, in het plan wordt hoger gebouwd dan omringende huizen en er komen teveel villa’s. Waar zit dan de goede inpassing in de structuurvisie? Past het plan echt binnen de dorpsvisie Wilnis? Terugkijkend naar december. Toen is aangegeven dat het plan wel groot en massaal was. Is wat nu voorligt minder groot en massaal? Is er gehoor gegeven aan de oproep van de raad in december? Vervolgens het participatieaspect. Dat is belangrijk.
De vraag is welke vorm van participatie men eigenlijk verwacht. Bij deze ontwikkeling heeft de participatie niet geleid tot een gezamenlijk optrekken. Hoe kijkt de wethouder aan tegen het participatietraject? Is er sprake geweest van voldoende participatie? De heer Rouwenhorst is benieuwd in hoeverre de wethouder het proces na vanavond kan schetsen wanneer er groen licht wordt gegeven, van de stedenbouwkundige kaders tot het definitieve plan. Het is nooit de werkelijkheid wanneer het gaat om plannen. Wat voorligt is in elk geval acceptabel. Spreker vindt het erg belangrijk, daarom een extra oproep aan de initiatiefnemer, dat men contact opneemt met de ijsclub om het probleem tot een goed einde te brengen. Gezien het verleden, moet men dicht bij een akkoord zijn. Dat geldt ook voor mevrouw Van ’t Schip, die onaangenaam getroffen was door de veranderingen. De verkeersonderzoeken leiden tot verschillende conclusies. Hoe zit dat? Heien in een keer wenst spreker ook. Over de massaliteit van het plan wordt aangegeven dat dit normaal is. Klopt dat inderdaad? Hoe zit het met het aantal huizen per hectare? De kaartjes geven allebei hun eigen werkelijkheid. Daar wil men ook wat duidelijkheid over hebben. De heer Evers heeft vragen over participatie en het juridisch aspect. Spreker heeft veel begrip voor de initiatiefnemer. Eindelijk bouwen en verfraaien van het gebied.
Er zijn zes verschillende contactpersonen geweest bij de gemeente. Dat is niet bevorderlijk voor de duidelijkheid. Dan wordt men nu weer verrast met een plan. Dat moet het worden. Misschien met een paar bijstellingen links en rechts. Toch is er onvoldoende draagvlak. Heeft de gemeente het proces wel voldoende begeleid? Hoe ziet de wethouder de participatie? Past die in de geest van de Omgevingswet? Bij het plan Twistvliet is de participatie heel erg goed verlopen. Het verslag over de participatie is blijkbaar opgesteld door de initiatiefnemer. Toch zijn er volgens spreker nog hele fundamentele bezwaren geweest.
32
Wanneer het plan zoals het nu voorligt, wordt aangenomen, hoe groot acht de wethouder dan de kans dat het plan zou kunnen stranden bij de rechter? Wanneer die kans aannemelijk is, wat gaat de wethouder doen om dat te voorkomen? De heer Luijben heeft bij een eerdere behandeling de wethouder gesteund, maar met het verzoek nog eens met de mensen om de tafel te gaan zitten om te kijken of men zoveel mogelijk bezwaren kon wegnemen. Dat is maar gedeeltelijk gelukt. Niet iedereen is tevreden met de resultaten. Hoe reageert de wethouder op de brief van de ijsclub? Wat denkt de wethouder over de bezwaren van de heer Lubbe. Die zit met het probleem van een niet onderheid huis? Ook twee anderen hebben dat probleem. Hoe denkt de wethouder over de punten die door de heer Mulder ingediend zijn? De heer Schreurs heeft begrepen dat er al gevraagd is naar de borging van de bouw van de sociale woningen door GroenWest. Een andere vraag is hoe het geregeld is met de bouwfases. Er is gesteld dat er in een keer geheid wordt voor alle woningen. Wat gebeurt er wanneer er om wat voor reden dan ook een vertraging komt bij de bouw, waardoor de spreiding van de activiteiten groter wordt? Hoe kan het college borgen dat de dan voorziene overlast niet optreedt? Over de ijsclub heeft men gisteren tegenstrijdige zaken gehoord. Volgens de initiatiefnemer is het niet zo’n probleem.
Gezien de relatie met de ijsclub komt het allemaal goed. Door de ijsclub is een aantal zaken naar voren gebracht, die bij een niet goede oplossing wel degelijk voor een probleem zorgen. Dat gaat met name over een specifieke kavel. Dat gaat over een feitelijkheid. Van belang is de rol die het college voor zichzelf ziet in het hele proces. Men weet dat er mensen voor en tegen een plan zijn. Dat is niet nieuw. De initiatiefnemer geeft aan dat er op een gegeven moment een plan ingediend wordt waar men voor moet gaan. Anderzijds is ook aangegeven dat er misschien nog wel aanpassingen mogelijk zijn. In december is de initiatiefnemer teruggestuurd met de opmerking dat het plan wel iets minder zou mogen. Daarbij is niet aangegeven ‘wat iets minder’ inhoudt. Had de commissie toen niet een grens moeten bepalen? Dat is nu een probleem, maar het maakt de situatie niet anders dan dat die nu is. In hoeverre denkt het college nog een rol te kunnen spelen bij de controverses die er nog zijn? Uiteindelijk zal men een conclusie getrokken moeten worden. Is het plan wel of niet rijp om voor besluitvorming voor te dragen. Hoe denkt het college hierover in het licht van de discussie gisteren en vandaag? Mevrouw Groen haalt de situatie van mevrouw Van ’t Schip aan. Bij de aanpassing van het plan zijn de appartementen verplaatst. Volgens mevrouw Van ’t Schip met negatieve gevolgen voor haar.
Op een bezwaar wordt niet gereageerd. Mevrouw voelt zich dus niet gehoord. Gaat de wethouder nog kijken en overleggen met beide partijen over het probleem? Wethouder Kroon geeft aan dat het om een ingewikkeld dossier gaat. In december heeft men aangegeven dat het iets minder mag. De vraag is wanneer er sprake is van iets minder. Men is met de initiatiefnemer in gesprek gegaan. Daarbij is aangegeven dat er twee groepen zijn, bewoners van de Herenweg en ark bewoners. Die zijn het niet met elkaar eens. De gemeente heeft veelvuldig overleg gevoerd met alle partijen. Het plan is aangepast. De 33
nokhoogte is duidelijk omlaag gebracht. Er is meer variatie in het plan aangebracht. Er zijn woningen gedraaid om inkijk te voorkomen. De heer Evers vindt het goed dat de gemeente in gesprek is geweest. Men heeft er niets van teruggezien in het verslag van de participatie. Het verslag komt van de initiatiefnemer. De gemeente heeft daar kennelijk geen bijdrage aan geleverd. De heer Van der Greft ziet wat minder twee-onder-een-kappers in het plan dan de wethouder heeft aangegeven. Wethouder Kroon geeft aan dat het om acht twee-onder-een-kap woningen gaat. De gespreksverslagen lagen ter inzage bij de griffie. Dan gaat het om gespreksverslagen van de gesprekken die de gemeente met de bezwaarmakers heeft gevoerd. Die de gemeente heeft gemaakt en waarmee teruggekoppeld wordt naar de initiatiefnemer. De verslagen dienen ook om de voortgang in het project te houden. Het is een locatie binnen de rode contour. De gemeente wil graag woningen bouwen. De locatie is drie keer zo groot als Twistvliet en er komen hier negenenveertig woningen. Hoe minder woningen men er bouwt, hoe minder sociale woningen er komen. Het gaat om 30% van het aantal woningen. Hoe minder dit aantal wordt, hoe kleiner de kans dat GroenWest de woningen afneemt. Dan wordt het niet meer rendabel. Daarnaast gaan als eerste de goedkopere/midden huurwoningen sneuvelen. Dan komen er groter woningen op grotere kavels.
Dat is anders dan dat de gemeente wil. Die wil juist goedkopere woningen voor starters en jonge gezinnen. De overname van de sociale huurwoningen door GroenWest wordt geregeld via een anterieure overeenkomst. Dat is dus geborgd. De heer Van der Greft ziet graag dat het raadsvoorstel wordt aangepast. Duidelijk aangeven dat de sociale huurwoningen door GroenWest worden overgenomen. Niet dat daar gesprekken over lopen of dat men ertoe neigt dit te doen. Wethouder Kroon vindt dat op dit moment wat lastig. De onderhandelingen lopen nog. Waar het bij dit raadsvoorstel eigenlijk om gaat, is de vaststelling van het stedenbouwkundig kader. Men wil hetzelfde als de heer Van der Greft en men komt erop terug bij de vaststelling van het bestemmingsplan. De heer Van der Greft is van mening dat men in de kaders mee kan nemen dat GroenWest de woningen overneemt. Wanneer dat niet geregeld is, kan men op een later moment niet voor het hernieuwde bestemmingsplan stemmen. Wethouder Kroon wil graag woningen bouwen. RVB wil dat ook. In het belang van de inwoner moet men elkaar ook een beetje vertrouwen en wat gunnen. De wethouder zegt toe het punt in het bestemmingsplan op te nemen. Alleen kan men geen dingen opnemen die nog niet geregeld zijn. De heer Van der Greft wil weten of het raadsvoorstel wordt aangepast. Zoals het er nu staat is het te vrijblijvend.
34
Wethouder Kroon wil in het raadsvoorstel wel aangeven dat de sociale woningen over worden genomen door GroenWest en dat dit in het bestemmingsplan wordt bekrachtigd. De heer Van der Greft is benieuwd dat op het moment dat de overname niet geregeld is, is dat voor de wethouder een reden om het bestemmingsplan niet voor te leggen. Wethouder Kroon denkt dat men met elkaar heel veel woningen wil. Wanneer men aan dit stedenbouwkundigkader vasthouden, negenenveertig woningen, wil GroenWest de sociale woningen hebben. Hoe meer men gaat sleutelen aan het aantal woningen, hoe ingewikkelder het gaat worden. Parkeren moet op eigen terrein. Dat is geen punt van discussie. Er komen elf parkeerplekken bij. Er zijn weer gesprekken gaande met de ijsclub. Men kijkt naar geschikte locaties. Dat is niet makkelijk. Het wordt ook besproken met de initiatiefnemer. De vraag over het parkeerverbod is in griffiebrief 21 beantwoord. Het parkeerverbod eindigt ook bij een tussentijdse uitrit. Het rapport over de verkeersbewegingen heeft de wethouder gisteren ook ontvangen. Daar heeft men nog geen reactie op kunnen geven. Men heeft geen reden om aan het toegevoegde onafhankelijke rapport te twijfelen. De wethouder is van mening dat het plan het plan goed past binnen de dorpsvisie van Wilnis. Wat voorligt is een gevarieerde woningbouw. Er zit een goede mix in het plan.
Alleen villa’s is niet goed, niet goed voor de omgeving en niet goed voor de inwoners. De heer Van der Greft brengt naar voren dat er wel 24 villa’s verrijzen. Wethouder Kroon geeft aan dat er minder villa’s kunnen komen, maar dat de prijs van de kavels dan wel sterk stijgt. In het huidige plan zitten er 24. Mevrouw Freeve merkt op dat er 24 vrije kavels komen. Men verwacht dat er daar wel dure woningen gaan komen. Dat het geen doorstroomwoningen gaan worden. Wethouder Kroon ziet dat ook zo. Grond is schaars. Er worden bijna nooit vrije kavels aangeboden. Er wordt met een zekere regelmaat naar gevraagd. Er zijn echter wel mensen die vast zitten in een woning, die naar een groter perceel willen. Die laten ergens anders in de gemeente weer een woning, een tweekapper achter. De heer Rouwenhorst denkt dat de doorstroming een theoretisch verhaal is. Spreker kan zich nauwelijks voorstellen dat die villa’s naar mensen gaan uit De Ronde Venen. De huurwoningen zullen wel gaan naar mensen met een regiobinding. Spreker zet een vraagteken bij de doorstroming. Wethouder Kroon deelt die mening niet. Van de geïnteresseerden voor de kavels komt 95% uit De Ronde Venen. Gelukkig zijn er inwoners die zich dat kunnen permitteren en die in de gemeente willen blijven wonen. Die zijn juist geïnteresseerd in deze kavels.
Na het vaststellen van het stedenbouwkundig kader begint men met het bestemmingsplan. Daarna volgt weer een participatieronde. In dit plan zit men tussen de 23 en 25 woningen per hectare.
35
De heer Evers denkt dat de eerste participatieronde niet goed verlopen is. Spreker denkt dat een vraag daarover niet beantwoord gaat worden. Wethouder Kroon heeft de vraag van de heer Evers niet duidelijk voor de geest. De heer Evers wil weten in geval men het plan aanneemt zoals het er nu ligt, hoe groot men de kans acht dat het plan strandt bij de rechter. Ziet de wethouder voor zichzelf een rol weggelegd om dit soort dingen te voorkomen? Wethouder Kroon meldt dat de gespreksverslagen van de gemeente nog bij de griffie liggen. Men wil de participatie zeker niet bagatelliseren, anders had men nooit een gesprek gevoerd met twee groepen omwonenden. Men begrijpt het belang van draagvlak in de omgeving. De wethouder is niet bang dat het plan strandt. De vraag is of dat wel/niet te voorkomen is. Zelfs het bestemmingsplan Buitengebied west wat iedereen goed vond, ligt op dit moment nog steeds bij de Raad van State. Er is altijd wel een persoon die hiervoor gaat. Na het vaststellen van het stedenbouwkundig kader komt er nog een participatieronde. Dan kan men bezwaren, voor zover aanwezig, zoveel mogelijk wegnemen. Naast eerder genoemde aanpassingen, heeft men voor de ark bewoners lagere woningen opgenomen dan voorheen met extra groenstroken. De heer Evers stelt dat het plan wat er nu ligt met wat kleine aanpassingen hier en daar het kennelijk toch gaat worden.
Kunnen er dan nog ideeën van omwonenden in het plan ingebracht worden? Of, in geval die ideeën zoveel afwijken, de initiatiefnemer kan zeggen er niets mee te kunnen? Hoe ziet de wethouder dit? Wethouder Kroon stelt dat men met het voorstel een aantal zaken vaststelt. Bij dit type woningen ligt de beslissing bij de initiatiefnemer. Zeker is er nog aandacht voor een aantal punten uit andere plannen. Die plannen zijn al in het eerste participatietraject meegenomen en aangepast. De vraag is wanneer iets goed is. Men moet kijken hoe men verder kan en dat moet men goed regelen. In de directe omgeving zijn woningen die niet onderheid zijn. Er moet dus een 0-meting gedaan worden door een onafhankelijk bureau naar de bouwkundige status van die woningen voordat men met werkzaamheden start. Men moet ook kijken hoe men zo min mogelijk trillingen teweeg brengt. Dat wordt geregeld zoals het hoort. Het heien gaat in twee delen. Het eerste deel betreft de sociale woningbouw en de andere vastliggende gebouwen. Het tweede deel betreft de vrije kavels. Men start met heien op het moment dat de verkoop is afgerond, zowel bij het eerste als het tweede deel. Daarmee voorkomt men veel overlast. Niemand zit op die overlast te wachten. Minder woningen kan niet altijd, omdat men dan een aantal elementen kwijt raakt waarvan de gemeente zegt dat men dat zonde zou vinden.
Zoals het aantal sociale woningen en de betaalbare koopwoningen en de midden huurwoningen. De differentiatie in het plan. Een mix van woningen is juist goed. De heer Schreurs hoorde dat minder altijd kan, maar dat dit betekent geen sociale woningen en geen midden huur. Men kan ook het hele plan volbouwen met sociale woningen. Het is maar net wat men als ontwikkelaar wil.
36
Wethouder Kroon antwoordt dat, wanneer de raad akkoord gaat met een plan om op het terrein 150 tot 200 sociale huurwoningen te bouwen en men de bezwaren van de buurt terzijde wil schuiven, de wethouder het idee best terugkoppelen naar de initiatiefnemer. Maar, gezien de ontwikkelingen, twijfelt de wethouder op een succes van die suggestie. De heer Evers begrijpt best dat de sociale woningbouw een belangrijk onderdeel van het plan is. Is het een suggestie om het hele plan voor te leggen aan een planeconoom ter toetsing. Kan het plan, zijn de verwachtingen redelijk, kloppen de aantallen van de verschillende bouwvormen. Is de wethouder bereid het plan te laten toetsen als een soort second opinion? Mevrouw Freeve geeft niet aan dat men allemaal sociale huurwoningen wil. De vraag is echter of men bereid is om het met minder huizen te doen in een hele mooie mix. Of gaan minder huizen altijd ten koste van de mix? Wethouder Kroon meldt dat wat de heer Evers voorstelt wettelijk niet is toegestaan. In bepaalde landen mag het. Hier kan het niet. Dan de mix. Verwacht mevrouw Freeve echt een serieus antwoord. De wethouder heeft oprecht gekeken naar de mogelijkheden. Als het anders moet, als er te veel villa’s komen of juist niet, wat zou er dan aan sociale woningbouw kunnen? De initiatiefnemer wil een bepaald rendement. Dat is zijn goed recht.
Daarbinnen is een aantal kaders die men in acht moet nemen. Men zit op 25 woningen per hectare. Dat is een keurig aantal. Alles wat men minder wil bouwen, gaat ten koste van de sociale woningen. De heer Van der Greft geeft aan dat, als het de wethouder lukt om die vijftien sociale woningen ook werkelijk sociaal te houden en bij GroenWest te krijgen, dit heel mooi zou zijn. Maar, dat betekent niet dat men kan spreken van een hele diverse wijk wanneer er straks geen woning te koop is onder de 600.000 euro. Daar heeft men het over. Wethouder Kroon kent de verkoopbedragen niet. Er is voor een aantal woningen een prijs gemaximaliseerd op 285.000 euro. In het gebied zijn dus woningen te koop voor minder dan 300.000 euro. De heer Van der Greft heeft het over de vrije kavels en de twee-onder-een-kapwoningen. Wethouder Kroon stelt dat het plan een groter gebied omvat. Men kan de delen van het plan niet los van elkaar zien. De wethouder ziet de komende week GroenWest nog en zal kijken of men een toezegging kan krijgen over de betreffende sociale huurwoningen. De wethouder zal ervoor zorgen dat er een gesprek plaats zal vinden tussen mevrouw Van ’t Schip en de initiatiefnemer. Binnen het stedenbouwkundigkader zijn de woningen nog niet vast gesitueerd. Omdat men het kader vaststelt, zijn er nog wat mogelijkheden. Kijken hoe men het leefbaar kan maken voor iedereen.
De heer Rouwenhorst had de wethouder willen vragen van wat deze aan het eind noemde. Een poging ondernemen om een dialoog mogelijk te maken. Het klopt wat er gezegd is over het aantal sociale huurwoningen. Men moet die minimale hoeveelheid echt borgen.
37
Over de niet al te dure woningen kan men nog meedelen dat de meeste woningen op de Herenweg al boven de 400.000 euro uitkomen. Het plan kan wat spreker betreft doorgang vinden. Zeker wanneer mevrouw Van ’t Schip tegemoet gekomen kan worden. Mevrouw Freeve heeft de heer Rouwenhorst horen zeggen dat het plan doorgang kan vinden. Tegelijkertijd geeft men aan te vinden dat bewoners niet heel goed gehoord zijn. Vindt men niet dat, wanneer men de kaders vaststelt, er niet veel aanleiding meer is om verder te gaan met goede participatie? De heer Rouwenhorst deelt de zorg van mevrouw Freeve. Echter, het vaststellen van het voorstel is nog geen eindstation. Er moet ook nog een bestemmingsplan komen. Ook is er op dit moment nog geen bouwplan. Men denkt dat mevrouw Van Schie intelligent genoeg is om iets te doen met de opmerkingen die gisteren gemaakt zijn. Mevrouw Freeve denkt dat men met het vaststellen van het raadsvoorstel ook het aantal te bouwen woningen vaststelt. Klopt dat? De heer Rouwenhorst denkt dat dit afhangt van de initiatiefnemer. Daarom is de wethouder gevraagd, wanneer men het in breed perspectief bekijkt, hoeveel woningen per hectare er komen. De wethouder heeft daarop geantwoord dat het om 25 woningen per hectare gaat. Dat is alleszins acceptabel. Tweede termijn De heer Van der Greft stelt vast dat iedereen voor bouwen is op deze locatie.
Het is echter nog steeds zo dat er nog veel haken en ogen aan het plan zitten. Dat maakt het ingewikkeld. De meeste omwonenden aan de Herenweg zijn niet enthousiast. Dat de ijsclub niet enthousiast is. De wethouder maakt de raad ook nog niet enthousiast. Er ligt nu een toezegging dat GroenWest de sociale huurwoningen gaat overnemen. Wanneer dat niet in het bestemmingsplan geregeld is, kan men niet voor het voorstel zijn. Dit is een voorwaarde. Zou er niet minder weerstand zijn bij een andersoortige woningbouw. Meer passend in de omgeving. De vrije kavels lijken mooi. Het is bekend dat op zo’n kavel iedereen vergunning vrij tot het maximale kan uitbouwen. Dat is niet een ontwikkeling die de meeste raadsleden voor ogen staat. Wanneer het voorstel naar de meningvormende raad gaat, denkt spreker niet dat RVB voor kan zijn. Men schat is dat, wanneer het plan wel wordt aangenomen, de bouw nog wel een paar jaar langer gaat duren vanwege de weerstand in de omgeving. Is het niet een beter idee om even af te wachten tot na de zomer. Ondertussen kunnen betrokkenen er dan met elkaar uitkomen. Dat er kaders komen waar iedereen unaniem achter kan staan. Dat is beter dan dat het bestemmingsplan nog weer lange tijd wordt opgehouden door verontruste omwonenden. Spreker wil een duurzame ontwikkeling, maar is bang dat het op de nu lopende manier niet gaat lukken.
De heer Van Sligtenhorst heeft van de vorige spreker gehoord dat wellicht iedereen veel blijer zou worden wanneer men de duurdere vrije kavels achterwege laat en meer goedkopere woningen gaat bouwen. Spreker heeft hierover zijn twijfels. Veel bezwaren zijn gerelateerd aan de verkeersbewegingen. Meer woningen geven meer verkeersbewegingen. 38
De heer Van der Greft vraagt zich af of die redenering correct is. De heer Rouwenhorst denkt dat er voordat er een definitief plan ligt, waarin de woningen zijn vastgelegd, nog serieus overleg zal plaatsvinden tussen de initiatiefnemer en de omwonenden. Het resultaat daarvan moet de raad te horen krijgen. Tot nu toe gaat het alleen om een stedenbouwkundig kader. Dat zou men kunnen vaststellen. Later kan men he definitieve plan vaststellen. Uitzicht is natuurlijk geen argument om bezwaar te maken en dat gelijk gehonoreerd wordt. Spreker wil het punt niet bagatelliseren, dus een gesprek erover is wenselijk. De heer Van Sligtenhorst is benieuwd wat er met de ijsbaan gaat gebeuren. Blijven of verhuizen naar elders met een transformatie naar een combibaan? Volgens de wethouder is verhuizen niet makkelijk. Echter, men moet er wel goed over nadenken. De initiatiefnemer heeft toegezegd om daar deels aan bij te dragen. Hoe, dat moet verder besproken worden. Dat moet wel nu gebeuren en niet over vijf jaar als het plan is gerealiseerd. Spreker heeft nog geen antwoord gehoord op zijn vraag over het parkeren langs de Herenweg. Die is vrij vol geparkeerd. Dan staan er ook nog auto’s van bewoners van de Herenweg geparkeerd op de Voorbijlocatie. Op termijn zullen die daar weg moeten. Als laatste de verkeersonderzoeken, een van de gemeente en een van de bewoners.
Wat is het verschil tussen beide onderzoeken? De heer Evers brengt naar voren dat de fractie er nog niet uit is. Enerzijds doen omwonenden niet volledig recht aan het plan wat er nu ligt. Wat betreft het aantal woningen per hectare, het moet volgens spreker mogelijk zijn met minder woningen uit te komen zonder dat het rendement op het initiatief vermindert. Men wil ook een verharding van de standpunten voorkomen. Men wil niet dat het heel lang gaat duren en dat er allerhand procedures aanhangig gemaakt gaan worden. Men gaat nog wat zaken onderzoeken en zich vervolgens beraden. De heer Schreurs denkt dat de Maximalaan het gevolg is van een soortgelijke discussie. Toen is er ook aangegeven of het wat minder zou kunnen. Wat er nu staat is minder dan het was, maar kennelijk is niet iedereen er happy mee. Men moet voorkomen dat het hier dezelfde kant opgaat. Spreker sluit zich aan bij wat RVB naar voren heeft gebracht. Is er niet iets te bedenken dat voor de initiatiefnemer nog interessant blijft en dat bij de omwonenden tot meer draagvlak leidt. Ook om lange procedures te voorkomen. Uiteindelijk wil iedereen dat op de locatie woningbouw plaatsvindt. Met name ook sociale woningen en middenklasse woningen. De heer Van Sligtenhorst wil ook geen Maximalaan-situatie. Dat men wat minder wil is ook begrijpelijk.
Echter, de omwonenden met problemen hoort men niet zozeer over de grootte van de woningen. De meeste pijn zit bij het draaien van het appartementencomplex en dat soort zaken. Hoe ziet de heer Schreurs dat?
39
De heer Schreurs heeft informatie dat ook de grootte van de woningen en de ruimte een rol spelen. De nu geplande doorzichten zijn door begroeiing en een schutting over enige tijd gewoon weg. Overigens zit daar veel subjectiviteit in. Waar wel sprake van is dat er in zijn algemeenheid onvrede is over wat nu voorligt. Het zou goed zijn wanneer men daar energie in steekt om te komen tot een plan dat zowel voor omwonenden acceptabel is als voor de initiatiefnemer voldoende interessant is om te investeren. Volgens spreker moet die mix te vinden zijn. Die mix leidt weer tot de vraag aan de wethouder hoe deze een en ander ziet wanneer men het voorstel in deze vorm naar de raad brengt. Denkt de wethouder dat het tot iets gaat leiden? Dat die kaders meekrijgt? Men moet met elkaar draagvlak creëren. Samen met initiatiefnemer en omwonenden nog eens energie steken in een mogelijk plan, waarvan het merendeel van de belanghebbenden aangeeft dat het een mooi plan is. Mevrouw Freeve is van mening dat het de hele tijd draait om het begrip ‘mag het iets minder’. Kan men dat kwantificeren? Aangegeven is dat 25 huizen per hectare normaal is. Is de oppervlakte van de huizen waar men het over heeft ook normaal? Kan men daar een beter beeld van krijgen? Dan kan men anticiperen op de angst voor de massaliteit. Het is lastig om de kaders vast te stellen opdat men verder kan.
Dat zou kunnen wanneer de partijen echt met elkaar in gesprek zijn om tot een goed plan te komen. De heer Rouwenhorst denkt het niet echt oneens te zijn met mevrouw Freeve. Spreker heeft al diverse keren het belang van dialoog op basis van gelijkwaardigheid aangegeven. Met als doel om er samen uit te komen. Spreker heeft het gevoel dat men eigenlijk denkt te kunnen beslissen over het particulier eigendom en eigendomswensen van anderen. Het gaat om hoofdlijnen, om kaders. Wanneer er een definitief plan ter goedkeuring ligt, kan men op basis van de kaders besluiten. Men moet echter wel doorgaan. De heer Van der Greft is van mening dat de raad wel gaat over wat de ontwikkelaar bouwt. De gemeente geeft kaders. De wethouder is er voor de inwoners en niet voor de ontwikkelaar. De heer Evers is bang dat men nu al een stapje verder gaat. Dat er dan nog wat mogelijkheden zijn om dingen bij te stellen. Dan eindigt men met een strijd die uitmondt in dan helemaal niet. Dan begint men weer helemaal van voor af aan. Dat moet men niet willen. Buiten villa’s bouwen zijn er nog andere mogelijkheden. Mogelijkheden, waar ook de initiatiefnemer niet minder van wordt. Men moet verder en men moet die stap samen met de omwonenden maken. De heer Rouwenhorst probeert oplossingen te zoeken.