CConstaterende datCuijk (tot 2022)
Koppel je AI →
Document · PDF

21-43 Jaarrekening 2020 CGM_3.pdf

Cuijk - raadsvergadering 21 juni 2021, gemeente Cuijk (tot 2022)Bij agendapunt: (C-stuk) Voorstel 2021-43 inzake Zienswijze Jaarstukken werkorganisatie CGM 202010.688 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarstukken 2020

Maart 2021

1

Inhoudsopgave Algemeen ................................................................................................................................................................ 3 Voorwoord .......................................................................................................................................................... 4 Resultaat van baten en lasten ............................................................................................................................ 5 Indeling jaarstukken ........................................................................................................................................... 6 Jaarverslag............................................................................................................................................................... 7 Programmaverantwoording ............................................................................................................................... 8 Dienstverlening .............................................................................................................................................. 8 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien ...............................................................................................

11 Paragrafen ........................................................................................................................................................ 12 1. Lokale heffingen ....................................................................................................................................... 12 2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................................................. 12 3. Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................................................. 15 4. Financiering .............................................................................................................................................. 15 5. Bedrijfsvoering ......................................................................................................................................... 18 6. Verbonden partijen .................................................................................................................................. 21 7. Grondbeleid ..............................................................................................................................................

21 Jaarrekening .......................................................................................................................................................... 22 Overzicht van baten en lasten .......................................................................................................................... 23 Toelichting op de voornaamste verschillen.................................................................................................. 23 Gemeentelijke bijdragen .............................................................................................................................. 26 Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves ........................................................................... 27 Incidentele baten en lasten .......................................................................................................................... 27 Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid ..................................................................... 27 Wet Normering Topinkomens (WNT) .......................................................................................................... 28 Balans................................................................................................................................................................

30 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling .................................................................................... 32 Toelichting activa ......................................................................................................................................... 34 Toelichting passiva ....................................................................................................................................... 37 Corona .......................................................................................................................................................... 40 Taakvelden ........................................................................................................................................................ 41

2

Algemeen

3

Voorwoord Het jaar 2020 was een zeer bijzonder jaar. De corona pandemie zette de wereld op z’n kop en de vertrouwde wijze van werken werd met de lockdown van de ene op de andere dag aan de kant geschoven. Het thuiswerken werd de nieuwe werkelijkheid en de dienstverlening van de werkorganisatie CGM werd overwegend vanuit daar georganiseerd en vorm gegeven. Na de bekendmaking van de eerste besmetting is onze aandacht volledig gericht geweest op enerzijds het zo goed als mogelijk voortzetten van onze reguliere werkzaamheden en anderzijds het oppakken van de werkzaamheden die voor de gemeente voortvloeiden uit de maatregelen van de Rijksoverheid. Vanaf de start van de corona maatregelen is het managementteam meerdere keren per week bijeen gekomen om de laatste stand van zaken binnen de gemeenten, beleidsvelden, veiligheidsregio, maatschappelijke organisaties, ketenpartners te vertalen naar de organisatie. Binnen de werkorganisatie was thuiswerken nog geen standaardbeleid. Er is ingezet op optimaal adviseren en faciliteren van medewerkers en teamleiders. Er is veelvuldig informatie gedeeld ten aanzien van het inrichten van de thuiswerkplek, veiligheid en gezondheid en er was aandacht voor de mentale belasting van de medewerker. Daarnaast liep het traject van de bestuurlijke toekomst in het Land van Cuijk en de inrichting van de organisatie van de nieuwe Land van Cuijk i.o..

Het resultaat over het jaar 2020 is ongeveer € 1,5 miljoen. Dit is voor begrippen van CGM een bijzonder positief saldo, maar wel een zeer verklaarbaar resultaat. Dit positieve resultaat wordt vooral veroorzaakt door de gevolgen van de corona pandemie en doordat verdere investeringen in de organisatie in aanloop naar de nieuwe gemeente Land van Cuijk zijn stilgevallen. Wij stellen voor het positieve resultaat voor wat betreft Grave conform de verdeelsleutel binnen CGM uit te keren. En het positieve resultaat voor wat betreft Cuijk en Mill te bestemmen voor de inzet Land van Cuijk i.o. in het jaar 2021 en het bedrag te plaatsen in een reserve “inzet Land van Cuijk i.o.”. In haar laatste jaar zal de werkorganisatie onverkort met alle energie werken aan de continuïteit van de dienstverlening aan haar drie deelnemende gemeenten. Net zo goed als ze zal bijdragen aan de opbouw van de nieuwe organisatie. We hebben er vertrouwen dat CGM ook in haar laatste jaar als volwaardig partner mag optreden voor haar bestuur en haar burgers.

4

Resultaat van baten en lasten De jaarrekening 2020 sluit met een voordelig saldo van afgerond € 1.469.000. Na verwerking van alle begrotingswijzigingen 2020 werd een resultaat geraamd van € 0.

Het structurele saldo is als volgt opgebouwd. (bedragen x € 1.000)

Resultaat Waarvan incidentele baten en lasten Structureel saldo

Primitieve begroting 0

Gewijzigde begroting 0

0

0

Rekening 1.469 62 1.531

De voornaamste verschillen zijn: Omschrijving (bedragen x € 1.000)

Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel Bedrijfsvoeringskosten Jeugd / storting risicoreserve jeugdzorg Uitvoering Sociaal Domein Loonsom Opbrengsten extra inzet personeel/vacaturebeheersing Vergoeding gemeenten i.v.m. meerkosten corona Accountantskosten Vrijval voorziening voormalig personeel Rente Informatie en communicatietechnologie kosten Lagere lasten en baten GR Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel Kwaliteitsimpuls/bedrijfsvoering CGM Opleidingskosten Verkoop kiepwagen en veegmachine Facilitair Personeels-/organisatie en rechtspositie Diverse verschillen Totaal

Voordelen

Nadelen

419 308 135 81 290

135

269 245 69 41 38 440 87 214 52 18 32 96 23 2.274

5

87

805

Indeling jaarstukken De indeling van dit boekwerk correspondeert met de in het ‘Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten’ (BBV) voorgeschreven opzet van de jaarstukken. De jaarstukken vormen het finale verantwoordingsdocument voor het jaar 2020. In dit document treft u de complete financiële stand van zaken aan, gekoppeld aan de binnen de diverse programma’s bereikte resultaten. De Jaarstukken bestaan uit: Jaarverslag Het jaarverslag volgt de indeling van de programmabegroting. In de programmaverantwoording zijn de drie ‘wvragen’ beantwoord:  wat wilden we bereiken?  wat hebben we daarvoor gedaan?  wat heeft het gekost? Voor de goede orde wordt opgemerkt dat de in het programma opgenomen beleidsdoelstellingen en subdoelstellingen één op één afkomstig zijn uit de programmabegroting 2020. De voorgeschreven zeven paragrafen, met elk een specifiek aandachtsveld, vormen een dwarsdoorsnede van de jaarrekening. Jaarrekening In het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening wordt een overzicht gegeven van de gerealiseerde baten en lasten per programma evenals een overzicht van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen. Verder wordt inzicht gegeven in het gerealiseerde totaal saldo van baten en lasten, de werkelijke toevoegingen en onttrekkingen aan reserves en het gerealiseerde resultaat.

Van de voornaamste afwijkingen tussen de begroting na wijziging en de gerealiseerde baten en lasten is per programma een analyse met toelichting opgenomen. De jaarrekening bestaat verder uit de balans met toelichting. De balans geeft de stand van zaken weer voor wat betreft de omvang en samenstelling van het vermogen. Afronding bedragen In alle financiële tabellen zijn afgeronde bedragen gepresenteerd, hierdoor kan het gepresenteerde saldo afwijken van de opgetelde (afgeronde) bedragen.

6

Jaarverslag

7

Programmaverantwoording CGM is een gemeenschappelijke regeling waarin het ambtelijke apparaat van de gemeenten Cuijk, Grave en Mill en St Hubert is ondergebracht. De gemeenten Cuijk en Mill en St Hubert hebben besloten om per 1 januari 2022 uit te treden uit de werkorganisatie en samen met de gemeenten Boxmeer en Sint Anthonis de nieuwe gemeente Land van Cuijk te vormen. Conform artikel 21 van de gemeenschappelijke regeling betekent dit dat de werkorganisatie wordt opgeheven. In dat kader is een liquidatieplan opgesteld. In het liquidatieplan, dat begin maart is voorgelegd aan het bestuur van de werkorganisatie en de colleges van Cuijk, Grave en Mill en St Hubert, is opgenomen dat het voltallige personeel en alle bedrijfsmiddelen en verplichtingen overgenomen worden door de nieuwe gemeente Land van Cuijk.

Dienstverlening De begroting van CGM kent één programma, namelijk de dienstverlening naar de drie deelnemende gemeenten.

Dienstverlening Wij ondersteunen onze gemeentebesturen in hun streven naar een vitale en zelfredzame samenleving. Een samenleving die vanuit eigen kracht en initiatief maatschappelijke doelen realiseert. Daarbij is het denken van de burger, in zijn verschillende rollen ten opzichte van de gemeente, een belangrijk uitgangspunt voor de werkorganisatie. Naast deze burgergerichtheid zijn we in onze houding en gedrag zakelijk en open naar bestuur en burger.

Wat willen we bereiken en wat gaan we daar voor doen? Beleidsdoelstellingen Beleidsdoelstelling:

Dienstverlening aan burgers, verenigingen en bedrijfsleven heeft plaatsgevonden tegen de vooraf overeengekomen kwaliteitscriteria

Subdoelstelling:

Burgers zijn tevreden over de dienstverlening van hun gemeenten (CGM)

Wat wilden we doen 

Wat hebben we gedaan

Wij gaan servicewaarden ontwikkelen voor onze organisatie. Hierbij betrekken we medewerkers, inwoners en bestuur Deelname aan ‘Waar staat je gemeente’ (klanttevredenheid) door middel van tweejaarlijkse meting

Subdoelstelling:

Bestuurders ervaren meerwaarde CGM

Wat wilden we doen  

Wat hebben we gedaan

Periodieke ontmoeting B&W en MT Periodieke monitoring

8

Beleidsdoelstelling:

CGM bied continuïteit en werkt volgens planning

Subdoelstelling:

Continue bezetting op alle kanalen zijn gegarandeerd

Wat wilden we doen  

Wat hebben we gedaan

Volledig op afspraak werken Uitbreiding digitale dienstverlening(meer digitale producten) daar waar mogelijk en tevens inwoners meer bewust maken van de digitale mogelijkheden. Werkafspraken maken om kwetsbaarheid in geval van calamiteiten te verkleinen

Indicatoren Streefwaarde 2020

Indicator

Realisatie 2020

Dienstverlening aan burgers, verenigingen en bedrijfsleven heeft plaatsgevonden tegen de vooraf overeengekomen kwaliteitscriteria Mate waarin beroepszaken ongegrond blijken 75%

n.n.b.

Mate waarin bezwaar ongegrond blijken

95%

91%

Oordeel van andere overheden en audits: de waarderingskamer

Goed

Goed

Oordeel van andere overheden en audits: Accountant

Verklaring

N.n.b.

Oordeel van andere overheden en audits: Sisa

Akkoord

N.n.b.

Mate waarin CGM de servicenormen realiseert: telefonie wachttijden

30 sec.

21 sec.

Mate waarin CGM de servicenormen realiseert: telefonie direct geholpen

55%

54%

Mate waarin CGM de servicenormen realiseert: Digitaal loket

44%

>46%

Percentage ziekteverzuim (exclusief zwangerschap) is maximaal

5%

5,5%

CGM bied continuïteit en werkt volgens planning

Ziekteverzuim Het ziekteverzuim cijfer van 5,5% over 2020 is gedaald ten opzicht van het jaar 2019 waarin het ziekteverzuim nog 6,4% besloeg. Net als 2019 is er sprake zogenaamd lang verzuim. Nadere analyse leert dat hierbij sprake is van niet werk gerelateerde ziektegevallen. Verzuim derhalve dat niet of nauwelijks beïnvloedbaar is vanuit werkgeverszijde. Daarnaast heeft een vergrijzende organisatie het risico in zich van frequenter en langdurige uitval. Belangrijk is om aandacht te blijven houden voor het terugdringen van het verzuim en te blijven inzetten op duurzame inzetbaarheid om preventief (vroeg-signalering, tijdige aandacht, training verzuimbegeleiding management) het ziekteverzuim te beïnvloeden.

9

Verplichte BBV-indicatoren Verplichte indicatoren BBV

Huidige waarde

Jaartal huidige waarde

Bron

Formatie in FTE per 1.000 inwoners

7,44

2020

Eigen cijfers

Bezetting in FTE per 1.000 inwoners*

7,9

2020

Eigen cijfers

Apparaatskosten per inwoner

635

2020

Eigen cijfers

Inhuur als % van totale loonsom + inhuur

15

2020

Eigen cijfers

Overheadskosten als % van totale lasten1

38

2020

Eigen cijfers

*Dit is inclusief inhuur op formatie 1 Op basis van het BBV is een gemeente en een gemeenschappelijke regeling verplicht de berekening volgens deze methodiek te presenteren. CGM is een bedrijfsvoeringsorganisatie waardoor het percentage voor overhead per definitie hoog is t.o.v. de totale lasten omdat er geen programmamiddelen zijn opgenomen in deze gemeenschappelijke regeling.

Beleidskaders Dienstverlening    

Dienstverleningsvisie Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert (november 2012) Uitvoeringsplan dienstverlening (juli 2013) Concept servicenormen Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert Bedrijfsplan CGM 2013

Wat heeft het gekost?

Lasten

Primitief Gewijzigd Rekening 2020 2020 2020 -19.108 -22.626 -21.652

1.1 Dienstverlening

-19.108

-22.626

-21.652

974

Baten

19.163

23.661

22.969

-691

1.1 Dienstverlening

19.163

23.661

22.969

-691

Saldo van baten en lasten

55

1.035

1.318

283

Stortingen in reserves

0

0

-135

-135

Onttrekkingen aan reserves

0

25

25

0

Resultaat

55

1.060

1.208

148

(bedragen x € 1.000)

Onderstaande tabel geeft het saldo per beleidsproduct weer dat daaronder wordt toegelicht. Primitief Gewijzigd Rekening 2020 2020 2020 (bedragen x € 1.000) 1.1 Dienstverlening 55 1.060 1.208 Saldo van baten en lasten

55

10

1.060

1.208

Saldo 974

Saldo 148 148

Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Algemene dekkingsmiddelen Algemene dekkingsmiddelen bestaan uit alle baten en lasten die niet specifiek aan een programma zijn toe te rekenen. Algemene dekkingsmiddelen bestaan uit niet-gebonden lokale heffingen, algemene uitkeringen, dividend, saldo van de financieringsfunctie en overige algemene dekkingsmiddelen. Voor CGM is alleen het saldo van de financieringsfunctie en overige algemene dekkingsmiddelen van toepassing. Overhead Het BBV schrijft voor om de kosten voor overhead afzonderlijk te verantwoorden in het programmaplan. De definitie van overhead is ‘alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces’. Onvoorzien Er is geen budget voor onvoorzien opgenomen. Vennootschapsbelasting De ‘Wet modernisering Vennootschapsbelastingplicht Overheidsondernemingen’ is van kracht vanaf 1 januari 2016. Gevolg van deze wet is dat activiteiten binnen de overheden getoetst dienen te worden aan het ondernemingscriterium. Voor de werkorganisatie CGM is geen sprake van aangifteplicht. De werkorganisatie CGM zal derhalve niet uitgenodigd worden tot het doen van aangifte vennootschapsbelasting.

Wat heeft het gekost? Primitief Gewijzigd Rekening 2020 2020 2020 -12.458 -14.468 -13.162

(bedragen x € 1.000)

Lasten 6.5 Saldo van de financieringsfunctie

Saldo 1.307

-123

-15

8

23

6.6 Overhead

-12.335

-14.453

-13.170

1.283

Baten

12.293

13.349

13.368

18

6.6 Overhead

12.293

13.349

13.368

18

-165

-1.119

206

1.325

0

0

-26

-26

Onttrekkingen aan reserves

110

59

81

22

Resultaat

-55

-1.060

261

1.321

Saldo van baten en lasten Stortingen in reserves

Onderstaande tabel geeft het saldo per beleidsproduct weer dat daaronder wordt toegelicht. Primitief Gewijzigd Rekening 2020 2020 2020 (bedragen x € 1.000) 6.5 Saldo van de financieringsfunctie -13 -15 8

Saldo 23

6.6 Overhead

-42

-1.045

253

1.298

Saldo van baten en lasten

-55

-1.060

261

1.321

11

Paragrafen 1. Lokale heffingen Het opleggen van de lokale heffingen van de drie gemeenten is aan CGM gemandateerd. Verantwoording en verwerking van deze baten vinden rechtstreeks plaats in de administratie van de betreffende gemeenten.

2. Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen is het vermogen van de Gemeenschappelijke Regeling om onvoorziene niet structurele financiële tegenvallers op te kunnen vangen ten einde haar taken te kunnen voortzetten. Bij de start van de gemeenschappelijke regeling werkorganisatie CGM is door de gemeenteraden van de drie deelnemende gemeenten besloten om bij aanvang van deze gemeenschappelijke regeling geen algemene reserve te vormen. Lopende het begrotingsjaar worden de ontwikkelingen met betrekking tot de kosten van de werkorganisatie periodiek en nauwgezet gemonitord om tijdig te kunnen bijsturen. Indien er desondanks sprake is van nacalculatie dan zal er een beroep moeten worden gedaan op de weerstandscapaciteit van de deelnemende gemeenten.

Risico's Onderwerp Transitievergoeding

Maximaal risico Is niet in te schatten

Risicobeschrijving Door de inwerkingtreding van de WNRA moeten ook gemeenten/werkorganisatie CGM vanaf 2020 een transitievergoeding gaan betalen wanneer een werknemer wordt ontslagen of als het contract niet wordt verlengd. De hoogte van de te betalen transitievergoeding is moeilijk in te schatten. Dit is namelijk afhankelijk van het aantal mensen dat eventueel wordt ontslagen en de duur van hun dienstverband voorafgaand aan het ontslag. De transitievergoeding is gemaximeerd op € 81.000 bruto. Kans Waarschijnlijk (60 – 80%)

Er zijn geen verdere financiële risico’s te melden. De risico’s voor een gemeente bestaan uit financiële tegenvallers en risico’s in de bedrijfsvoering of incidenten die van buitenaf de organisatie beïnvloeden. (Denk hierbij aan stormschade, de kosten voor het optreden bij een noodsituatie.) Bij een gemeenschappelijke regeling (GR) als de werkorganisatie CGM liggen risico’s op deze vlakken bij de aangesloten gemeenten en niet bij de werkorganisatie CGM.

Weerstandscapaciteit Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. Beschikbare weerstandscapaciteit Ratio weerstandsvermogen = --------------------------------------------Benodigde weerstandscapaciteit Voor de werkorganisatie CGM betekent dit een ratio van 0/onbekend = 0.

12

Om de ratio voor het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen maken wij gebruik van onderstaande waarderingstabel die in samenwerking tussen de Universiteit van Twente en het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement is opgesteld. Waardering Ratio Betekenis A > 2,0 Uitstekend B 1,4 – 2,0 Ruim voldoende C 1,0 – 1,4 Voldoende D 0,8 – 1,0 Matig E 0,6 – 0,8 Onvoldoende F < 0,6 Ruim onvoldoende Gegeven de ratio van 0 betekent dit voor de werkorganisatie CGM dat het weerstandsvermogen ruim onvoldoende is. Maar, zoals in de inleiding van deze paragraaf is weergegeven is door de drie deelnemende gemeenten voor gekozen om geen algemene reserve te vormen. Indien het risico zich voordoet dan kan er een beroep worden gedaan op de weerstandscapaciteit van de deelnemende gemeenten.

Kengetallen financiële positie Door het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is voorgeschreven dat gemeenschappelijke regelingen een basis set van vijf financiële kengetallen opnemen. Voor de werkorganisatie CGM zijn echter twee van de vijf kengetallen niet van toepassing, omdat deze activiteiten zijn belegd bij de gemeenten. De kengetallen zijn afgeleiden van bestaande informatie en genereren geen ‘nieuwe’ informatie. Aan de hand van een drietal kengetallen en de beoordeling daarvan willen wij op eenvoudige wijze inzicht geven over de financiële positie van de werkorganisatie CGM. In onderstaand overzicht worden de kengetallen gepresenteerd. Realisatie 2019

Begroting 2020

Realisatie 2020

Netto schuldquote

2,81%

7,78%

-0,85%

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

2,81%

7,78%

-0,85%

Solvabiliteitsratio

15,66%

9,34%

34,42%

Structurele exploitatieruimte

2,62%

0%

4,21%

Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Belastingcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Kengetal

Hieronder wordt per kengetal weergeven welke verhouding wordt uitgedrukt. 1. Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de werkorganisatie ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Een hoge netto schuldquote hoeft op zichzelf geen probleem te zijn. Of dat het geval is valt niet direct af te leiden uit de netto schuldquote zelf, maar hangt af van meerdere factoren. Zo kan een hoge schuld worden veroorzaakt doordat er leningen zijn afgesloten en die gelden vervolgens worden doorgeleend aan bijvoorbeeld woningbouwcorporaties die op hun beurt weer jaarlijks aflossen. Om inzicht te verkrijgen in hoeverre er sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven (netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen). Werkorganisatie CGM heeft geen gelden doorgeleend. Hierdoor is de gecorrigeerde netto schuldquote gelijk aan de netto schuldquote. 13

2. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de werkorganisatie in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Indien er sprake is van een forse schuld én veel eigen vermogen (het totaal van de algemene en de bestemmingsreserves), hoeft een hoge schuld geen probleem te zijn voor de financiële positie. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de werkorganisatie. De mate van weerbaarheid geeft in combinatie met de andere kengetallen een indicatie over de financiële positie van de werkorganisatie. De solvabiliteitsratio drukt immers het eigen vermogen uit als percentage van het totale vermogen en geeft daarmee inzicht in de mate waarin de werkorganisatie CGM in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. 3. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn bijvoorbeeld de bijdragen van de gemeenten. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken.

De relevantie van dit kengetal voor de beoordeling van de financiële positie schuilt erin dat het van belang is om te weten welke structurele ruimte de gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. 4. Grondexploitatie Werkorganisatie CGM heeft geen grondexploitaties en daarmee is dit kengetal niet van toepassing. 5. Belastingcapaciteit Werkorganisatie CGM heeft geen belastinginkomsten en daarmee is dit kengetal niet van toepassing. Beoordeling van de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie Een afzonderlijk kengetal zegt nog weinig over de financiële positie kan worden beoordeeld. Zo hoeft een hoge schuld geen nadelig effect te hebben op de financiële positie, maar is dat afhankelijk of en wat er aan eigen vermogen en baten tegenover die schuld staat en hoe groot de kans is dat de schuld weer wordt afgelost. Het is dus, met andere woorden, niet mogelijk om een individueel kengetal te gebruiken voor de beoordeling van de financiële positie. De kengetallen zullen altijd in samenhang moeten worden bezien, omdat ze alleen gezamenlijk en in hun onderlinge verhouding een goed beeld kunnen geven van de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling. 1.

Netto schuldquote: De netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) bedraagt ongeveer -0,85%. Dat wil zeggen dat het bedrag van de leningen dat we voor de werkorganisatie zelf hebben opgenomen ongeveer -0,85% is van het bedrag dat we in het totaal aan baten ontvangen. Aangezien werkorganisatie CGM geen algemene reserve, geen belastinginkomsten of inkomsten uit grondexploitaties heeft, is het belangrijk om de schuldquote laag te houden. 2. Solvabiliteitsratio: het solvabiliteitsratio is ongeveer 34,42%. Het solvabiliteitsratio is gestegen doordat het resultaat voor bestemming in het eigen vermogen is meegenomen. Na bestemming is deze een stuk lager omdat de werkorganisatie CGM bijna geen reserves heeft. 3. Structurele exploitatieruimte: De structurele exploitatieruimte bedraagt 4,21%. We besteden (bijna) alle structurele baten ook aan structurele lasten. De berekende structurele exploitatieruimte wordt veroorzaakt door incidentele meevallers en kan daarom niet als structurele ruimte worden aangewend. 4. Grondexploitatie: Binnen de werkorganisatie CGM zijn geen grondexploitaties en hebben daarmee geen invloed op de financiële positie.

14

5.

Belastingcapaciteit: De werkorganisatie CGM ontvangt geen belastinginkomsten en kunnen daarmee bijvoorbeeld niet worden ingezet om financiële tegenvallers op te vangen.

3. Onderhoud kapitaalgoederen De paragraaf kapitaalgoederen bevat op grond van het BBV in ieder geval de volgende kapitaalgoederen: wegen, riolering, water, groen en gebouwen. CGM heeft geen kapitaalgoederen zoals hier bedoeld.

4. Financiering De paragraaf financiering gaat over de manier waarop de GR CGM wordt gefinancierd en de risico's die daarbij aanwezig zijn. Beleid hiervoor is vastgelegd in de financiële verordening (art. 212 GW)

Financiering De financiering van CGM vindt plaats op basis van de bijdragen van de drie deelnemende gemeenten. Maandelijks wordt daarvoor een factuur gestuurd voor het voorschot. Voor de normale uitoefening van de door de gemeente overgedragen taken beschikt CGM dan over voldoende liquide middelen.

Rekening courant Met de huisbankier Bank Nederlandse Gemeenten te Den Haag is in december 2018 een nieuwe financieringsovereenkomst gesloten. In deze overeenkomst is een kredietarrangement opgenomen waarin onder andere de kredietlimiet in rekening courant is vastgesteld op € 0,00 met een intradaglimiet van € 1 miljoen. Tevens zijn basisafspraken vastgelegd over de te ontvangen respectievelijk te betalen rente en de daarbij behorende tarieven. Bij een (tijdelijk) overschot aan liquide middelen wordt dit in rekening courant aangehouden ten behoeve van het dagelijkse betalingsverkeer en boven het vastgestelde drempelbedrag worden overtollige middelen bij het Rijk gestald (zie onder ‘schatkistbankieren’). Er hebben in 2020 geen uitzettingen van overtollige middelen plaatsgevonden.

Kasgeldlimiet Onzekerheid over de toekomstige te betalen rente op de korte termijn brengt een risico met zich mee. In de wet fido is een kasgeldlimiet vastgelegd om het renterisico bij decentrale overheden te beheersen door een grens te stellen aan de financiering op korte termijn. Dit betekent dat de korte schuld voor gemeenschappelijke regelingen maximaal 8,2% van het begrotingstotaal mag bedragen. De korte schuld bestaat uit de opgenomen gelden met een oorspronkelijke rente-typische looptijd korter dan één jaar en de schuld in rekening-courant die bedoeld zijn voor het financieren van lopende uitgaven.

15

Kasgeldlimiet 2020

(bedragen x € 1.000)

Begrotingstotaal (totaal lasten)

31.566

Percentage regeling

8,20%

Kasgeldlimiet

2.588 Kwartaal

1

2

3

4

Vlottende schuld

3.000

2.500

1.000

2.667

Vlottende middelen

1.039

749

1.610

3.086

Saldo

-1.961

-1.751

610

419

Toegestane kasgeldlimiet

2.588

2.588

2.588

2.588

627

837

3.198

3.008

Ruimte (+) / overschrijding (-)

Conclusie: in 2020 werd de kasgeldlimiet niet overschreden. Er is het gehele jaar gekozen voor financiering met korte middelen in verband de ‘onnatuurlijk’ gunstige negatieve renttarieven voor kasgeldleningen in relatie tot de redelijk constant blijvende rentestanden voor vaste geldleningen. Ingeval er tekenen zijn dat de lange rente op termijn belangrijk zou kunnen stijgen dan zal daar adequaat op worden ingespeeld door middel van tijdige consolidatie. De hoogste negatieve aan de GR CGM toekomende rente voor 1-maands kasgeldleningen was in 2020: -/- 0,48%. In totaal werd in 2020 voor € 8.089 aan rente op de opgenomen kasgeldleningen ontvangen. Door de keuze om in 2020 uitsluitend met kort geld te financieren werd in de liquide geldstroom in verband met het niet aantrekken van lang geld volgens behoudende berekening voor tenminste € 8.250 op rentelasten bespaard.

Renterisiconorm Voor de lange termijn wordt de renteonzekerheid uitgedrukt in het renterisico. In de wet fido is een renterisiconorm voor decentrale overheden vastgelegd. Het uitgangspunt van de renterisiconorm is het beheersen van de renterisico’s op langlopende schulden (leningen met een looptijd langer dan één jaar). Dit gebeurt door het aanbrengen van spreiding in de looptijden van de leningen. Hiermee wordt voorkomen, dat een groot deel van de leningen tegelijk opnieuw moeten worden afgesloten, met het risico van snel oplopende rentelasten. De renterisiconorm is voor gemeenschappelijke regelingen bepaald op 20% van het begrotingstotaal. Dat wil zeggen dat de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen niet meer mogen bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. Hierbij is een minimumbedrag bepaald van € 2,5 miljoen. Renterisiconorm

(bedragen x € 1.000) Begroot 2020

Realisatie 2020

1

Renteherzieningen

0

0

2

Aflossingen

0

0

3

Renterisico (1 + 2)

0

0

4a

begrotingstotaal

31.566

31.566

4b

Percentage regeling

20%

20%

4

Renterisiconorm (4a x 4b)

6.313

6.313

5a

Ruimte onder renterisiconorm (4 > 3)

6.313

6.313

5b

Overschrijding renterisiconorm (3 > 4)

n.v.t.

n.v.t.

16

Schatkistbankieren Verslagjaar 2020

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1.000) (1)

Drempelbedrag

250 1e kw

(2)

Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks

2e kw

3e kw

4e kw

147

149

148

150

103

101

102

100

0

0

0

0

schatkist aangehouden middelen (3a) = (1) > (2)

Ruimte onder het drempelbedrag

(3b) = (2) > (1)

Overschrijding van het drempelbedrag

Conclusie: het drempelbedrag werd in 2020 niet overschreden

Renteschema De Commissie BBV adviseert om onderstaand renteschema in de paragraaf Financiering van de begroting op te nemen. Het overzicht geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente wordt toegerekend en de financieringsbehoefte.

a. b.

Schema rentetoerekening 2020 (bedragen x € 1.000) De externe rentelasten over de korte en lange financiering

-8

De externe rentebaten

0

Totaal door te rekenen externe rente

c.

Realisatie

A

De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend Toe te rekenen externe rente

Saldo door te rekenen externe rente

-8

0 0

B

0

A-B

-8

d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde)

0 0

De aan taakvelden (programma’s inclusief overzicht Overhead) toe te rekenen rente

C

-8

e.

De werkelijk aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

D

0

f.

Renteresultaat op het taakveld treasury

C-D

-8

17

EMU-saldo Omschrijving (bedragen x € 1.000)

1.

Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)

1.608

2.

Mutatie (im)materiële vaste activa

142

3.

Mutatie voorzieningen

-166

4.

Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)

0

5.

Verwachte boekwinst bij verkoop effecten en verwachte boekwinst bij verkoop (im)materiële vaste activa

0

Berekend EMU-saldo

1.584

Het exploitatiesaldo van gemeenten is gebaseerd op het stelsel van baten en lasten. Daarin is het moment van gebruik bepalend voor het moment waarop en de mate waarin de exploitatierekening wordt belast. Dit wijkt af van het stelsel op transactiebasis dat de basis vormt voor de berekening van het EMU-saldo. In dit stelsel worden de inkomsten en uitgaven verantwoord op het moment van de feitelijke transactie, ongeacht of deze in de exploitatie of op de balans plaatsvindt. Om het EMU-saldo vanuit het exploitatiesaldo van gemeenten te berekenen moeten correcties worden doorgevoerd. Enerzijds moet het exploitatiesaldo worden gecorrigeerd voor lasten en baten die geen transacties met derden betreffen, zoals afschrijvingen en dotaties aan de voorzieningen. Dit zijn immers lasten die niet tot daadwerkelijke uitgaven leiden. Deze worden dus verwijderd. Anderzijds moet het exploitatiesaldo worden gecorrigeerd voor transacties met derden die niet in de exploitatie zijn opgenomen, zoals investeringen in de (im)materiële vaste activa die direct op de balans worden geactiveerd en/of mutaties in de voorzieningen voor zover deze transacties met derden betreffen. Deze worden toegevoegd.

5. Bedrijfsvoering De paragraaf bedrijfsvoering moet inzicht bieden in de beleidsvoornemens inzake bedrijfsvoering. Bedrijfsvoering bestaat uit de onderdelen personeel, informatisering, automatisering, communicatie, organisatie, financieel beheer en beleid (waaronder de administratieve organisatie, treasury, planning en control en de interne controle) en facilitaire dienstverlening. De kwaliteit van onze bedrijfsvoering bepaalt mede het welslagen van onze dienstverlening. De paragraaf bedrijfsvoering is conform de thema’s van het overheidsontwikkelmodel (OOM) opgesteld.

Beleid en strategie De werkorganisatie CGM ziet het als haar verantwoordelijkheid tegenover burgers en bestuur om de beschikbaar gestelde middelen zo effectief mogelijk in te zetten. De werkorganisatie levert diensten aan drie gemeenten en wordt beoordeeld op haar prestaties voor de burgers en de besturen van deze drie gemeenten. Hiervoor wordt deelgenomen aan waarderings- en benchmarkonderzoeken, gebruik gemaakt van burgerpanels, interne audits en managementinformatie. We zetten in op een verdere professionalisering als het om houding en gedrag gaat. Burgers en bestuurders moeten op professionaliteit van CGM-medewerkers kunnen rekenen.

18

Management Het management richt zich op het continueren van de optimale dienstverlening aan de besturen, burgers en ondernemers. In 2020 heeft het management, geconfronteerd met de gevolgen van de corona pandemie, hard ingezet op het faciliteren van het thuiswerken voor alle medewerkers van CGM zodat de effecten voor de dienstverlening beperkt zouden blijven. Verder ging de aandacht uit naar het vertalen van de gevolgen van de corona maatregelen naar de organisatie. Daar waar het grootste deel van de medewerkers langere tijd thuis werkten heeft het management ingezet op het behouden van contact met de medewerkers. Binnen de beperkingen van de corona maatregelen is aandacht besteed aan de ontwikkeling van medewerkers van de CGM organisatie en het begeleiden van de CGM organisatie in het traject van de nieuwe gemeente Land van Cuijk.

Medewerkers In 2020 hebben we ons verder gericht op de verdere ontwikkeling van medewerkers. Dat is nodig want de wereld om ons heen staat niet stil. Denk bijvoorbeeld aan de ontwikkelingen in het Land van Cuijk, informatiesamenleving, Omgevingswet en de veranderende rechtspositie van de ambtenaar. In 2020 is veel aandacht geweest voor het houden van ontwikkelgesprekken met elke individuele medewerker om samen met de leidinggevende in gesprek te gaan over persoonlijke ontwikkeling en daar afspraken over te maken. Persoonlijke ontwikkeling, eigenaarschap en vitaliteit zijn daarin belangrijke gespreksonderwerpen. We vragen steeds meer flexibiliteit van onze medewerkers. Door de corona crisis zijn de medewerkers verplicht thuis aan het werk. Dit doet een beroep op het aanpassingsvermogen van de medewerkers en vraagt van leidinggevenden extra sturing op zorgen voor voldoende veerkracht en hoe medewerkers effectief kunnen blijven presteren.

Financiën De Planning & Control-cyclus is een belangrijk bestuurlijk proces. Een proces wat een blijvende ontwikkeling laat zien. Hiermee kan worden ingespeeld op de bestuurlijke behoeften rond dit thema. Met de drie colleges van B&W stemmen we bij elk P&C document vooraf af welke elementen specifiek de aandacht behoeven. Hiermee nemen we onze klanten mee in het proces en bevorderen we de eenduidigheid en efficiency in de uitvoering van het proces. In 2020 zijn we gestart met het digitaliseren van onze P&C-cyclus middels Lias. Alle P&C boekwerken worden nu via Lias samengesteld. Dit zorgt voor een efficiënter proces voor de alle betrokkenen. De laatste stap is het online publiceren van de boekwerken en deze ook op deze wijze behandelen in het bestuurlijk besluitvormingstraject. Door de coronamaatregelen is het lastig om het college en de raad hierin op een goede manier op voor te bereiden. In verband met herindeling van Cuijk en Mill & Sint Hubert naar de Gemeente land van Cuijk staan beide gemeente onder preventief toezicht op grond van de wet arhi. In 2020 is er gestart met de voorbereidingen om de financiële processen in te richten voor de nieuwe gemeente land van Cuijk. Zo zijn er keuzes gemaakt voor het financieel systeem en is er een concept financiële verordening opgesteld.

Informatievoorziening De informatiesamenleving is niet meer weg te denken. Het is zaak als CGM hier de regie op te nemen. Het informatiebeleid speelt daarop in met de volgende thema’s: de digitale overheid (dienstverlening), de digitale manager (managementinformatie), de digitale ambtenaar (manier van werken) en het digitale gemeentehuis (bedrijfsvoering). In 2020 is het strategisch informatiebeleid herijkt en is de focus gelegd op een drietal punten:

19

1.

2.

3.

Digitale dienstverlening Afgelopen jaar zijn een tweetal e-diensten opgeleverd (verhuizing en vermissing reisdocumenten). Hiermee kunnen deze diensten nu volledig digitaal afgehandeld worden. Tijd- en plaatsonafhankelijk werken Dit punt werd versterkt door de coronacrisis. Inmiddels is hierin een beleid vastgesteld waarbij onze medewerkers worden voorzien van de juiste middelen om tijd- en plaatsonafhankelijk te werken. Datagedreven werken

We hebben het datawarehouse gerealiseerd en daarnaast zijn een aantal producten opgeleverd die in de praktijk gebruikt worden: dashboard meldingen openbare ruimte, dashboard Sociaal domein en de Kwaliteitsmonitor dienstverlening. Verder zijn de werkzaamheden gestart richting de herindeling Land van Cuijk per 1 januari 2022 en zijn daar de eerste keuzes in de informatievoorziening gemaakt.

Facilitaire zaken Het jaar 2020 werd op Facilitair gebied een ander jaar dan verwacht. Door de coronacrisis en de bijbehorende richtlijnen werd een groot beroep gedaan op facilitaire zaken om de juiste middelen beschikbaar te stellen (ook voor het thuiswerken) en door de kantoren op de juiste manier in te richten. Verder zijn we gestart met de aanloop naar de herindeling Land van Cuijk met deelname in de werkgroep Huisvesting en Facilitaire zaken. In 2020 gebruiken leggen we de nadruk op de verankering van Gastheerschap in ons handelen. We hebben de SLA in gebruik en sturen op de klanttevredenheid. Er wordt gestuurd op en gewerkt naar de missie. We zijn zichtbaar als de gastheer en huismeester van onze gemeente en ons gemeente- of stadhuis en we leveren dienstverlening met een glimlach.

Corona Inleiding Door de commissie BBV is aangegeven dat er in de jaarstukken van de gemeenten en gemeenschappelijke regelingen apart aandacht moet zijn voor de effecten van corona. Algemeen Zoals in deze paragraaf aangegeven, zijn door corona diverse maatregelen genomen om het thuiswerken bij de medewerkers te faciliteren en de gemeente-/stadshuizen coronaproof te maken. Effecten in 2020 In 2020 heeft het management, geconfronteerd met de gevolgen van de corona pandemie, hard ingezet op het faciliteren van het thuiswerken voor alle medewerkers van CGM zodat de effecten voor de dienstverlening beperkt zouden blijven. Verder ging de aandacht uit naar het vertalen van de gevolgen van de corona maatregelen naar de organisatie. Daar waar het grootste deel van de medewerkers langere tijd thuis werkten heeft het management ingezet op het behouden van contact met de medewerkers. Het verplicht thuiswerken doet een beroep op het aanpassingsvermogen van de medewerkers en vraagt van leidinggevenden extra sturing op zorgen voor voldoende veerkracht en hoe medewerkers effectief kunnen blijven presteren. Door de coronacrisis en de bijbehorende richtlijnen werd een groot beroep gedaan op facilitaire zaken om de juiste middelen beschikbaar te stellen (ook voor het thuiswerken) en door de kantoren op de juiste manier in te richten.

20

Verwachtingen voor 2021 Naast de al beschikbare faciliteiten verwacht de werkorganisatie in 2021 geen uitbreiding van andere of nieuwe maatregelen. Wel zal er aandacht blijven voor het ondersteunen van de medewerkers, zowel door het beschikbaar stellen van de juiste faciliteiten als door de contacten door het management met de medewerkers. Vanaf 2022 worden eventuele noodzakelijke coronamaatregelen door de gemeente Land van Cuijk i.o. uitgevoerd. Totaal van de financiële effecten In de jaarrekening is een overzicht opgenomen met alle corona gerelateerde kosten. Totaal van de risico’s Voor de werkorganisatie worden er in 2021 geen risico’s verwacht, nu alle faciliteiten beschikbaar zijn.

6. Verbonden partijen Een verbonden partij is een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin CGM én een bestuurlijke én een financieel belang heeft. CGM heeft geen partijen waar mee zij zich verbonden heeft.

7. Grondbeleid CGM voert geen eigen grondbeleid omdat zij geen grondposities heeft.

21

Jaarrekening

22

Overzicht van baten en lasten (bedragen x € 1.000)

Primitief Gewijzigd Rekening 2020 2020 2020

Lasten

-31.556

-37.094

-34.813

2.281

Dienstverlening, veiligheid en bestuur

-19.108

-22.626

-21.652

974

-123

-15

8

23

Overhead

-12.335

-14.453

-13.170

1.283

Baten

31.456

37.010

36.337

-673

Dienstverlening, veiligheid en bestuur

19.163

23.661

22.969

-691

Overhead

12.293

13.349

13.368

18

-110

-84

1.524

1.608

0

0

-161

-161

110

84

106

22

0

0

1.469

1.469

Voordelen

Nadelen

419 308 135 81 290

135

Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

Saldo van baten en lasten Stortingen in reserves Onttrekkingen aan reserves Resultaat

Saldo

Toelichting op de voornaamste verschillen Omschrijving (bedragen x € 1.000)

Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel Bedrijfsvoeringskosten Jeugd / storting risicoreserve jeugdzorg Uitvoering Sociaal Domein Loonsom Opbrengsten extra inzet personeel/vacaturebeheersing Vergoeding gemeenten i.v.m. meerkosten corona Accountantskosten Vrijval voorziening voormalig personeel Rente Informatie en communicatietechnologie kosten Lagere lasten en baten GR Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel Kwaliteitsimpuls/bedrijfsvoering CGM Opleidingskosten Verkoop kiepwagen en veegmachine Facilitair Personeels-/organisatie en rechtspositie Diverse verschillen Totaal

269 245 69 41 38 440 87 214 52 18 32 96 23 2.274

23

87

805

Toelichting op de voornaamste verschillen Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) Er zijn voor de uitvoering van de Tozo ook uitvoeringsbudgetten verstrekt door het Rijk. Deze zijn slechts beperkt ingezet in 2020 omdat door de snelheid waarmee deze regeling uitgevoerd moest worden ervoor gekozen is om mensen vrij te maken die al in dienst waren en snel aanvragen konden gaan afhandelen. De Tozo wordt in ieder geval voortgezet tot en met juni 2021. Ook in 2021 moeten hiervoor veel werkzaamheden verricht worden. Dit betreft zowel achterstallige werkzaamheden omdat medewerkers in 2020 op de Tozo zijn ingezet en extra werkzaamheden die de Tozo met name ook in 2021 en verder met zich meebrengt. Wij stellen voor om dit budget over te hevelen naar 2021 zodat de werkzaamheden in 2021 uitgevoerd kunnen worden. Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel Per 1 april 2020 is de GR afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel toegevoegd aan de werkorganisatie CGM. Voor de inpassing van de afvalinzameling binnen de werkorganisatie CGM zijn eenmalige voorbereidingskosten beschikbaar gesteld welke niet volledig zijn benut. Door de corona kon er, zoals gepland, geen beroep worden gedaan op inhuur om de voorbereiding uit te voren en is er voor gekozen om met eigen inzet de invoering van de afvalinzameling uit te voeren.

Ook is er minder uitgegeven aan kosten voor ICT dan verwacht, doordat de koppeling tussen de systemen eenvoudiger bleek te zijn dan verwacht. Wij stellen voor deze middelen bij de resultaatbestemming eenmalig terug uit te keren aan de GR Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel. Bedrijfsvoeringskosten Jeugd / storting risicoreserve jeugdzorg In de dienstverleningsovereenkomst Jeugdzorg land van Cuijk is opgenomen dat het financiële risico (zowel positief als negatief) voor rekening van CGM is. Voor alle bedrijfsvoering risico’s, waaronder vervanging bij ziekte is een budget opgenomen. Van dit budget voor bedrijfsvoering risico’s resteert nog een bedrag van € 135.000. Door het bestuur van CGM is op 17 september 2018 besloten om de positieve resultaten op de post risico wegens werkgeverschap op rekeningbasis te storten in de risicoreserve bedrijfsvoering jeugdzorg (zie algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien). Uitvoering Sociaal Domein Voor de uitvoering van de het Sociaal Domein is er goedkoper ingekocht. Daarnaast zijn er lagere lasten voor drukwerk en publicatie geweest i.v.m. verdere digitalisering. Loonsom Er is sprake van een onderschrijding op de totale loonsom die is ontstaan doordat in de 1e fase van de corona er voor gekozen om vacatures nog niet in te vullen. Anderzijds zijn door de vacaturebeheersing vacatures langer open blijven staan.

Bovendien hebben we te maken met een moeilijke inhuurmarkt waardoor het niet altijd even eenvoudig was meteen tot inhuur over te gaan. Opbrengsten extra inzet personeel/vacaturebeheersing In de 2e bestuursrapportage is opgenomen om de inhuur t.b.v. Land van Cuijk i.o. en meerkosten Land van Cuijk i.v.m. vacaturebeheersing in rekening te brengen bij Land van Cuijk i.o. en gemeenten Cuijk en gemeente Mill en Sint Hubert. Er is voor gekozen om deze niet in rekening te brengen, maar te verrekenen met het rekeningresultaat t.b.v. gemeente Cuijk en gemeente Mill en Sint Hubert. Vergoeding gemeenten i.v.m. meerkosten corona In de 2e bestuuursrapportage is opgenomen dat de organisatorische meerkosten CGM t.g.v. corona in rekening zullen worden gebracht bij de deelnemende gemeenten. Bij het afronden van de jaarrekening is gebleken dat o.a. door corona er een positief effect is in de jaarrekening. De organisatorische meerkosten CGM zijn daarom niet in rekening gebracht. 24

Accountantskosten De controlewerkzaamheden van de accountant rond het sociaal domein, de tozo regeling zijn complexer en uitgebreider en hebben geleid tot meerwerk van de accountant. Vrijval voorziening voormalig personeel De voorziening verplichtingen voormalig personeel is voldoende toereikend per balansdatum. Door het vinden van een baan door een voormalig medewerker is er geen recht meer op WW en kan vrijval plaatsvinden uit de voorziening voormalig personeel. Rente Omdat CGM geen langlopende financiering heeft aangetrokken is een rente voordeel ontstaan. De aangetrokken kortlopende geldleningen zijn door een gunstige rentestand op leningen voordeliger. Informatie en communicatietechnologie kosten Informatie en communicatietechnologie kosten Onderhoud software In aanloop naar de nieuwe gemeente is er voor gekozen om het nieuwe werkplekconcept nog niet uit te rollen. Hierdoor zijn de Microsoftlicenties zijn in 2020 nog niet afgenomen. Verder is door het uitstel van de Omgevingswet nog geen gebruik gemaakt van onderhoudskosten voor omgevingswetsoftware, waren de kosten voor Topdesk (interne meldingensysteem) i.v.m.

korting het 1e jaar lager, is de verdere uitrol van Ibabs als vergadertool nog niet uitgevoerd (waardoor we nu nog minder licenties gebruiken dan begroot) en waren tot slot onderhoudskosten voor het gegevensmagazijn en Lias (P&C-cyclussoftware) voor het gehele jaar begroot. Deze zijn echter later opgeleverd waardoor de kosten voor een gedeelte van dit jaar gemaakt zijn. Onderhoud hardware Dit heeft te maken met serveronderhoud/-vervanging die dit jaar niet plaats hoeft te vinden, in relatie tot de herindeling en dienstverleningsovereenkomst. De omgeving wordt bij samenvoeging vernieuwd. Continuïteitskosten Dit is bedoeld voor informatie veiligheid en privacy i.v.m. corona en in afwachting van de nieuwe Land van Cuijk zijn dit jaar deze kosten niet gemaakt. Kapitaallasten Tijd en plaatsonafhankelijk werken Er is een stelpost opgenomen voor kapitaallasten voor tijd- en plaatsonafhankelijk werken. Omdat de investering gestart is in 2020 zijn er voor 2020 nog geen kapitaallasten in 2020. Afschrijvingen Het belangrijkste deel van het verschil is te wijten aan twee projecten die in het jaar van uitvoering in één jaar afgeschreven zouden worden. Het gaat om twee digitaliseringsprojecten waarbij papieren documenten gescand gaan worden om ze digitaal beschikbaar te maken: de personeelsdossiers en een deel van de omgevingsvergunningen.

Deze projecten zijn in 2020 gestart, maar worden in 2021 afgerond, waardoor de kosten ook pas in 2021 komen. Wij stellen derhalve om een bedrag van € 100.000 hiervoor over te hevelen naar 2021. Lagere lasten en baten GR Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel Vanaf april 2020 zijn de medewerkers van de GR Afvalinzameling Land van Cuijk en Boekel in dienst gekomen van de werkorganisatie CGM en verricht CGM ook ondersteunende diensten aan deze GR. De werkelijke lasten voor de ondersteuning waren € 87.000 lager dan begroot en daardoor ook de opbrengsten.

25

Kwaliteitsimpuls/bedrijfsvoering CGM De doorontwikkeling van de werkorganisatie CGM is in 2020 stilgevallen. De aandacht is verlegt naar de inrichting van de nieuwe organisatie voor de nieuwe gemeente Land van Cuijk. Daarnaast zijn door de inkoop van extra uren door de deelnemende gemeenten volgens de vastgestelde sleutel extra gelden voor bedrijfsvoering ontvangen. Deze zijn in 2020 niet volledig nodig geweest. Opleidingskosten Ten gevolge van de corona pandemie zijn veel opleidingen niet doorgegaan. Hierdoor is er minder uitgegeven op het budget opleidingskosten Verkoop kiepwagen en veegmachine In 2020 zijn er een kiepwagen en een veegmachine verkocht. Dit zorgt voor een incidentele opbrengst in de jaarrekening 2020. Facilitair Ten gevolge van de corona pandemie zijn de kantines gesloten en zijn de reguliere kosten niet gemaakt. Personeels-/organisatie en rechtspositie Reis en verblijfskosten Ten gevolge van de corona pandemie is er minder beroep gedaan op hert budget van reis en verblijfkosten. Werving en selectie Ten gevolge van de ingestelde vacaturebeheersing in aanloop naar de nieuwe gemeente Land van Cuijk zijn er minder wervingsprocedures doorlopen. Arbo Ten gevolge van de corona pandemie zijn de geplande opleidingen in het kader van de BHV niet doorgegaan.

Gemeentelijke bijdragen Op 27 januari 2021 is de gemeentelijke bijdrage als volgt vastgesteld Cuijk

Grave

begroot

begroot

werkelijk

Basisdienstverlening

7.607.480

7.607.480 4.315.559 4.315.559 3.739.116 3.739.116 15.662.155 15.662.155

Bestuurlijke ambities

816.125

1.003.221

284.044

234.564

414.083

406.043

1.514.252

1.643.829

nacalculatie

0

-79.080

0

-18.490

0

-32.007

0

-129.577

Totaal uren

8.423.605

8.531.621 4.599.603 4.531.634 4.153.199 4.113.153 17.176.407 17.176.407

Overhead

6.325.192

6.325.192 3.417.083 3.417.083 2.958.574 2.958.574 12.700.849 12.700.849

Totaal Nacalculatie ivm 1%regeling Totaal bijdrage CGM 2020

543.401

543.401

werkelijk

Totaal

begroot

Directe lasten

begroot

Mill en Sint Hubert

294.477

294.477

werkelijk

251.924

251.924

werkelijk

1.089.802

1.089.802

15.292.198 15.400.214 8.311.163 8.243.194 7.363.697 7.323.651 30.967.058 30.967.058 -108.016

67.970

40.046

15.292.198 15.292.198 8.311.163 8.311.163 7.363.697 7.363.697 30.967.058 30.967.058

26

Structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves Er zijn geen structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves.

Incidentele baten en lasten Op grond van artikel 28, lid c van het BBV dient in de toelichting een overzicht van de incidentele baten en lasten opgenomen te worden. Baten en lasten voortkomende uit éénmalige activiteiten en projecten, afwikkelingsverschillen, onvoorziene inkomsten en uitgaven alsmede (eenmalige) onttrekkingen aan de algemene reserve worden als incidentele baten en lasten beschouwd. Als definitie van het begrip 'incidenteel' is uitgegaan van lasten en baten die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. De belangrijkste incidentele baten en lasten (groter dan € 10.000) treft u in het volgende overzicht per programma aan: Programma

Omschrijving

(bedragen x € 1.000)

Begroting 2020

Rekening 2020

Incidentele lasten: Dienstverlening

Storting risico reserve bedrijfsvoering jeugdzorg

135

Alg.dekkingsmid.

Storting egalisatie reserve ICT

22

26

Totaal incidentele lasten

22

161

Incidentele baten: Dienstverlening

Verkoop kiepwagen en veegmachine

0

18

Alg.dekkingsmid.

Onttrekking reserve mobiliteit

81

81

Totaal incidentele baten

81

99

Analyse begrotingsafwijkingen en begrotingsrechtmatigheid De toe te passen normen voor het begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moet het bestuur nader invullen en concretiseren. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan het bestuur van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat de organisatie inbreuk maakt op het budgetrecht van het bestuur. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota Rechtmatigheid 2018 van de Commissie BBV. Een overschrijding van de begroting is altijd onrechtmatig, maar hoeft de accountant niet in alle gevallen mee te wegen in zijn oordeel. In totaal heeft de werkorganisatie CGM € 37,1 miljoen aan lasten begroot (na wijziging). De werkelijke lasten komen uit op € 34,8 miljoen. In totaal is er geen sprake van een overschrijding. Er wordt dus voldaan aan de begrotingsrechtmatigheid.

27

Wet Normering Topinkomens (WNT) De WNT is van toepassing op CGM. Het voor CGM toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2020 € 201.000. 1. Bezoldiging topfunctionarissen 1a. Leidinggevende topfunctionarissen met dienstbetrekking en leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking vanaf de 13e maand van de functievervulling inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt Gegevens 2020 J. Postma

(bedragen x € 1)

Functiegegevens

Directeur

Aanvang en einde functievervulling in 2020

01/01 - 30/04

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1

Dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 39.141,54

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 6.776,16

Subtotaal

€ 45.917,70

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€ 66.450,82

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging

N.v.t. € 45.917,70

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

N.v.t.

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

N.v.t.

Gegevens 2019 (bedragen x € 1)

J. Postma

Functiegegevens

Directeur

Aanvang en einde functievervulling in 2019

01/01 – 31/12

Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)

1

Dienstbetrekking?

ja

Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen

€ 109.949,14

Beloningen betaalbaar op termijn

€ 19.534,56

Subtotaal

€ 129.483,70

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum

€ 194.000,00

Bezoldiging

€ 129.483,70

28

1b. Leidinggevende topfunctionarissen zonder dienstbetrekking in de periode kalendermaand 1 t/m 12 C. Van den Berg

(bedragen x € 1)

Functiegegevens

Directeur a.i.

Kalenderjaar

2020

Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang – einde)

11/05 – 31/12

Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar

8 maanden

Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar

708 uur

Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar

€ 193

Maxima op basis van de normbedragen per maand

€ 201.400

Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand 1 t/m 12

€ 136.644

Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Werkelijk uurtarief lager dan het maximum uurtarief?

Ja

Bezoldiging in de betreffende periode

€ 105.580

Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12

€ 105.580

-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag

N.v.t.

Bezoldiging

€ 105.580

Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan

N.v.t.

Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling

N.v.t.

1d. Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 1.700 of minder, inclusief degenen die op grond van hun voormalige functie nog 4 jaar als topfunctionaris worden aangemerkt Gegevens 2020 NAAM TOPFUNCTIONARIS

FUNCTIE

W.A.G. Hillenaar

Lid Bestuur en Voorzitter

A.M.H. Roolvink

Lid Bestuur

A.A.M.J. Walraven

Lid Bestuur

29

Balans ACTIVA

(bedragen x € 1)

31-12-2020

31-12-2019

Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut

2.562.630

2.420.417

Totaal materiële vaste activa

2.562.630

2.420.417

Totaal vaste activa

2.562.630

2.420.417

1.633.461 3.646.850

1.950.236 3.593.109

69.762

65.720

5.350.073

5.609.065

Banksaldi

149.920

149.789

Totaal liquide middelen

149.920

149.789

Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen en vooruitbetaalde bedragen tlv volgende begrotingsjaren

154.178

148.525

Totaal overlopende activa

154.178

148.525

Totaal vlottende activa

5.654.171

5.907.379

TOTAAL ACTIVA

8.216.801

8.327.796

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in ’s Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Overige vorderingen Totaal uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar Liquide middelen

30

PASSIVA

(bedragen x € 1)

31-12-2020

31-12-2019

Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserves Gerealiseerde resultaat

0 1.358.745 1.469.142

0 1.278.799 25.391

Totaal eigen vermogen

2.827.887

1.304.190

Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's

43.590

209.986

Totaal voorzieningen

43.590

209.986

Totaal vaste passiva

2.871.476

1.514.177

Netto vlottende schulden met rentetypische looptijd <1 jaar Overige kasgeldleningen Overige schulden

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=CuijkGraveMill&id=a9394307-47a2-4940-a133-acb2bdfdb4e9