CConstaterende datCuijk (tot 2022)
Koppel je AI →
Document · PDF

2018-29a bijlage 1.Gebiedsplan Raam.pdf

Grave - commissie Ruimte 16 maart 2021, gemeente Cuijk (tot 2022)Bij agendapunt: Presentatie Graafse Raam21.000 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Natuur Netwerk Brabant

Ontwerprichting Onderbouwing

Elke EVZ heeft binnen het Natuur Netwerk Brabant een eigen doelstelling. Het kan gaan om een droge verbinding (voor met name dagvlinders, reptielen en kleine zoogdieren) of om een natte verbinding (voor amfibieën en libellen, waarbij kleine zoogdieren en dagvlinders mee profiteren). Via de EVZ’s kunnen de genoemde soortgroepen tussen de grotere natuurgebieden migreren. Hierdoor worden populaties met elkaar verbonden en daarmee sterker.

Vervolg

Per EVZ-traject dient afhankelijk van de doelstelling een ontwerp opgesteld te worden.

Proces naar uitvoering Trekkende partijen

• •

Waterschap Aa en Maas voor de natte EVZ’s. Gemeenten Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert voor de droge EVZ’s.

Te betrekken partijen

• • • • • •

Provincie Noord-Brabant Natuurorganisaties (BL, SBB, NM) (afhankelijk van ligging traject) ZLTO Land van Cuijk en Landerd Agrarische Natuurvereniging Omwonenden, eigenaren en pachters Milieuvereniging Land van Cuijk

Primaire acties

•

Ontwerp opstellen voor de resterende EVZ-opgaven. Waar van meerwaarde integraal door aanpalende opgaven als KRW of recreatie mee te nemen. Zie integrale factsheets Hooge Raam/Halsche beek, Graafsche Raam/Lage Raam en Laarakkersche waterleiding. (Voortzetting) Kavelruil en/of grondaankoop. Integraal Projectplan Waterwet met het ontwerp ter inzage leggen ter voorbereiding op de uitvoering.

• •

89

Factsheet

Uitwerken thematiek Beerse Overlaat en Zuiderwaterlinie

Doelen en kansen Locatie en schets huidige situatie

De Beerse Overlaat maakt samen met vestingstad Grave deel uit van de Zuiderwaterlinie. De linie was de langste aaneenschakeling van forten, vestingsteden en inundatiegebieden die Nederland ooit heeft gekend, en diende de Noordelijke Nederlanden te beschermen tegen Spaanse, en later Franse, aanvallen. Grote delen van de linie waren gebaseerd op inundatie (‘onderwaterzetting’: het opzettelijk onder water zetten van een gebied), vandaar de naamgeving. De Beerse Overlaat maakte onderdeel uit van de linie, evenals de stad Grave die samen met de andere vesting Ravenstein een stelling vormde. De werking van de Beerse Overlaat heeft veel sporen nagelaten in het gebied en bepaalt daarmee de identiteit van het gebied. Niet alle elementen en relicten zijn meer evengoed herkenbaar en beleefbaar. De ontwikkelingen gericht op realisatie van de Vestingsvisie door de gemeente Grave, en de ontwikkelingen in de Raamvallei kunnen elkaar versterken bij het beleefbaar maken van de Zuiderwaterlinie.

(Beleids)opgaven

De Zuiderwaterlinie is onderdeel van de Cultuuragenda van de provincie Noord-Brabant. Vanuit de gebiedsontwikkeling kan hieraan een bijdrage geleverd worden door met name aan het onderwerp Beerse Overlaat gestalte te geven en beleefbaar te maken.

Ontwerprichting Onderbouwing

De Raamvallei heeft nog veel tastbare bewijzen van de Zuiderwaterlinie en Beerse Overlaat. Zoals kronkelende kades, ronde wielen en historische hoeven op terpen. Maar zichtbaar of beleefbaar zijn ze nauwelijks. De gebiedsontwikkeling kan hierin verbetering brengen. Van de andere kant geeft de ontwikkeling hiervan het gebied eigenheid en herkenbaarheid en daarmee kan het gebied zich onderscheiden van andere groenblauwe gebiedsontwikkelingen. De Zuiderwaterlinie / Beerse Overlaat kan gestalte krijgen door uitvoeringsmaatregelen te koppelen aan landschapsinrichting ten behoeve van de natuur- en waterdoelstellingen en door ondernemers die evenementen en activiteiten realiseren. Daarnaast kunnen afzonderlijke maatregelen worden getroffen die in samenhang het thema Zuiderwaterlinie/ Beerse Overlaat kunnen belichamen.

Vervolg

De volgende activiteiten geven eigenstandig invulling aan onderhavig thema. • • • • • • •

Ontwikkeling thematische routes langs elementen en relicten van de Beerse Overlaat. Uitgangspunt is het bestaande knooppuntennetwerk. Tevens zijn uitgangspunt de in het HAS rapport aangereikte routes. Onderzoek of de aangereikte routes kunnen worden geoptimaliseerd qua toegankelijkheid, extra verbindingen, bezienswaardigheden, eventueel startlocatie/info centrum) en herstel relicten. Gekeken wordt waar werk met werk kan worden gemaakt ivm de landinrichting tbv water en natuur en zo ja in welke deelgebieden. Het verzamelen van historische informatie (ontwerpen, foto’s, verhalen, anekdotes) van elementen die aan de route liggen. Plan voor wijze informatievoorziening (bebording, ontwikkeling app, info centrum) Recreatieve aankleding route (straat meubilair) Ontwikkeling land art om belangrijke elementen te benadrukken en het landschap beter te lezen. Uitwerking en realisatie van eerder voorgestelde maatregelen voor herstel en behoud van landschapselementen zoals terpen, dijkjes en wielen.

De gemeente bewaakt samen met de diverse belangenpartijen op het gebied van recreatie en cultuurhistorie dat het thema zo goed als mogelijk bij de uitvoering wordt betrokken.

GEBIEDSPLAN RAAMVALLEI - MEI 2018

90

Factsheet

Uitwerken thematiek Beerse Overlaat en Zuiderwaterlinie

Proces naar uitvoering Trekkende partijen

Gemeenten Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert.

Te betrekken partijen

• • • • • • • • •

Provincie Noord-Brabant RBT Land van Cuijk Brabants Landschap Dommelsvoort Graeft Voort Myllesweerd Esters Heem Gassels Heem Velps Heem

Primaire acties

• • •

Bepalen projectleider en projectteam Startbijeenkomst doel, scope, beoogd eindresultaat, planning. Opstellen projectplan.

91

Factsheet

Landschappelijke versterking

Doelen en kansen Locatie en schets huidige situatie

(Beleids)opgaven

De Raamvallei barst van de vele interessante verhalen die herkenbaar zijn het landschap; dat is de kwaliteit van de Raamvallei. De landschappelijke onderlegger ligt hieraan ten grondslag. Er is een duidelijke samenhang tussen de hoge Peelhorst en de lage Raamvallei met afwisselend open en kleinschalig karakter. Een zeer in het oog springende terrasrand scheidt niet, maar verbindt juist beide gebieden. Landschappelijke versterking met karakteristieke elementen levert een betere leesbaarheid, een grotere recreatieve aantrekkingskracht en de toename van natuurwaarden van het agrarisch cultuurlandschap • •

Structuurvisie gemeenten Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert Landschapsontwikkelingsplan gemeente Cuijk

Ontwerprichting Onderbouwing

Elk deelgebied heeft zijn eigen kenmerken en kwaliteiten. Op punten staan die in meer of mindere mate onder druk: • • • •

Vervolg

Beerse Overlaat: voormalig open moerasgebied met vooral hooiland. Door het vervallen van de Overlaatfunctie, wordt het gebied anders gebruikt. Er zijn landschapselementen aan toegevoegd, waaronder ook bossen en bosschages die de openheid van de Overlaat beperken. Landgoederenzone: relatief goed bewaard gebleven coulisselandschap. Afwisseling van bospercelen, houtwallen en agrarische percelen. Met name houtwallen zijn door opschaling komen te vervallen. Hooge Raam en Halsche Beek: dit beekdal heeft een korte roerige geschiedenis. Van moeras- en heidegebied in 150 jaar tijd naar agrarisch gebruik. Hollander Broek: unieke strokenverkaveling tussen de Achterdijk en de Roijendijk - Krommedijk - Voordijk. Openheid wordt beperkt door toename bospercelen. Strokenverkaveling verdwijnt door agrarische opschaling.

Redenerend vanuit de eigenheid van het gebied en de waargenomen bedreigingen kan op de volgende wijze aan landschappelijk herstel gewerkt worden: • • • •

Beerse Overlaat: terughoudend omgaan met nieuwe boseenheden. Op beperkte schaal versterken weg- en kavelstructuren door lijnelementen: laanbeplanting, hagen en houtwallen. Landgoederenzone: versterken wegen en kavelgrenzen door middel van lijnelementen: laanbeplanting en houtwallen. Hooge Raam en Halsche Beek: de nadruk ligt hier op een landschapsecologische opwaardering door kleinschalige elementen zoals bosschages, houtwallen en beekbegeleidende beplanting. Hollander Broek: terughoudend omgaan met nieuwe boseenheden. Benadrukken strokenverkaveling door lijnbeplanting op de lengterichting van de perceelsgrenzen.

Daarnaast kan gebiedsbreed gewerkt worden aan het herstel van ecologisch waardevolle landschapselementen zoals vijvers, poelen en fruitboomgaarden. Proces naar uitvoering Trekkende partijen

Gemeenten Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert

GEBIEDSPLAN RAAMVALLEI - MEI 2018

92

Factsheet

Landschappelijke versterking

Te betrekken partijen

• • • • • •

Agrarische Natuurvereniging (ANV) Veldcoördinator STIKA Coördinator STIKA Grondeigenaren Milieuvereniging Land van Cuijk Landgoederen

Primaire acties

•

Stap 1 is de bestaande visiedocumenten (LOP-Cuijk, Structuurvisie gemeente Cuijk, Structuurvisie gemeente Mill en Sint Hubert, Structuurvisie gemeente Grave) te gebruiken als basisinformatie bij uitwerking van planonderdelen in de deelgebieden, zoals bij beekdalontwikkeling of NNBrealisatie. Stap 2 is aan de hand van de visiedocumenten actief de gebieden in te gaan om -in gesprek met grondeigenaren- het landschap te verbeteren.

•

93

Factsheet

Recreatieve bereikbaarheid

Doelen en kansen Locatie en schets huidige situatie

De Raamvallei is reeds een aantrekkelijk gebied. De inspanningen zijn erop gericht om via de realisatie van alle doelen en ambities het gebied nog aantrekkelijker te maken. We willen niet alleen dat het woon- en leefklimaat verbeterd maar ook dat mensen van het mooie landschap kunnen genieten. De inzet is er dus ook op gericht om meer bezoekers naar het gebied te krijgen. Dit vraagt om een goede bereikbaarheid voor de recreant, een duidelijke routing en locaties waar de recreanten ontvangen kunnen worden. Ook verkeersveiligheid is een aandachtspunt. In het gebiedsproces zijn enkele verkeersonveilige situaties ingebracht. Deze zijn niet meegenomen in het Gebiedsplan, maar worden ingebracht bij de betreffende infrastructurele afdelingen van de gemeenten.

(Beleids)opgaven

Het betreft het invullen van de gezamenlijke ambities van de gebiedspartijen. Er wordt geen invulling gegeven aan of uitvoering gegeven aan specifieke beleidsopgaven.

Ontwerprichting Onderbouwing

De Verborgen Raamvallei kan vanuit recreatief oogpunt gezien beter ontsloten worden. De intentie is om het gebied beter bereikbaar te maken om verborgen, onontdekte en nieuw ingerichte plekken beter te ontsluiten. Dit mag niet ten koste gaan van de grootste waarden van de Raamvallei: rust, ruimte, natuur en landschap.

Vervolg

De volgende acties dragen bij aan de optimalisatie van de bereikbaarheid: • • • • • •

Het HAS rapport ‘Recreatieve bereikbaarheid’ wordt getoetst en er wordt een keuze gemaakt of en zo ja welke voorgestelde verbindingen voor realisatie in aanmerking komen. Daarbij wordt tevens beoordeeld in hoeverre de verbindingen al dan niet kunnen worden gerealiseerd in samenhang met andere doelen in een integrale gebiedsontwikkeling. De in de schetssessies voorgestelde verbindingen worden nog eens getoetst en er wordt een keuze gemaakt of en zo ja welke voorgestelde verbindingen voor realisatie in aanmerking komen. Daarbij wordt tevens beoordeeld in hoeverre de verbindingen al dan niet kunnen worden gerealiseerd in samenhang met andere doelen in een integrale gebiedsontwikkeling. Het concept ‘ontvangstlocatie’ wordt verder uitgewerkt en er worden gesprekken aangegaan met de in het HAS rapport ‘Recreatieve bereikbaarheid’ voorgestelde locaties in hoeverre zij invulling kunnen en willen geven aan het concept. In overleg met natuurorganisaties en landgoed eigenaren wordt gesproken over een adequate zonering, zodat de natuurwaarden, het stiltegebied en de privacy van eigenaren voldoende geborgd wordt; Op basis van de voorgaande gegevens wordt nagegaan of het geheel coherent, evenwichtig en doeltreffend is. Op basis hiervan worden eventueel enkele verbindingen aangepast of toegevoegd. Tevens wordt bezien of het wandelknooppuntensysteem aanpassing behoeft.

De gemeente bewaakt samen met het Regionaal Bureau voor Toerisme dat het thema zo goed als mogelijk bij de uitvoering wordt betrokken.

Proces naar uitvoering Trekkende partijen Te betrekken partijen

Gemeenten Cuijk, Grave, Mill en Sint Hubert •

RBT Land van Cuijk

GEBIEDSPLAN RAAMVALLEI - MEI 2018

94

Factsheet

Primaire acties

Recreatieve bereikbaarheid • • • •

Landgoederen Brabants Landschap Stichting Myllesheem Waterschap Aa en Maas

• • •

Bepalen projectleider en projectteam Startbijeenkomst plannen voor: doel, scope, beoogd eindresultaat, planning. Opstellen projectplan.

95

Factsheet

Waterkwaliteit

Doelen en kansen Locatie en schets huidige situatie

De waterkwaliteit heeft betrekking op alle grotere beken in en rond de Raamvallei. In alle beken wordt de norm voor stikstof overschreden. Verder geldt voor de meeste beken dat nog één of enkele stoffen niet aan de KRW-normen voldoet. Veelal betreft het fosfaat, zuurstof, temperatuur en/of nikkel.

(Beleids)opgaven

Kaderrichtlijn Water

Ontwerprichting Onderbouwing Vervolg

De waterkwaliteit van de beken voldoet niet. Elke overschrijding vergt doorgaans een andere aanpak. Soms betreft het een lozing die met een brongerichte maatregel opgeheven kan worden. Dikwijls zijn het echter meer diffuse (verspreide) bronnen, waardoor een andere aanpak nodig is. • • • •

Brongerichte aanpak: • Diffuse bronnen: landbouw, wegen, depositie. • Puntbronnen: RWZI, lozingen, riooloverstorten. Inrichting t.b.v. ecologische waterkwaliteit (KRW). Zoals omleiding landbouwwater bij de NNB-gebieden Zevenhutten, Halsche beek en Tongelaar. (Landelijke) Regelgeving: t.a.v. bemesting, bestrijdingsmiddelen, etc. Communicatie en samenwerking: o.a. vanuit Lumbricus samenwerken met agrarische sector aan (kennis over) bodemprocessen met verbetering van water- en bodemkwaliteit als streven.

Proces naar uitvoering Trekkende partijen Te betrekken partijen

Primaire acties

Waterschap Aa en Maas • • • •

Gemeenten Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert ZLTO Land van Cuijk Noord en Landerd Individuele agrariërs Milieuvereniging Land van Cuijk

Kennis en ervaring opdoen met gericht bodembeheer (programma onderdeel Bewuste Bodem vanuit Lumbricus)

GEBIEDSPLAN RAAMVALLEI - MEI 2018

96

Factsheet

Bodemverbetering Lumbricus

Doelen en kansen Locatie en schets huidige situatie

Het gebied van de Raam is één van de vier gebieden in Nederland waar het Lumbricus programma uitgewerkt wordt. Dit programma zet in op een klimaatrobuuste inrichting van het bodem- en watersysteem op de hoge zandgronden. De aanleiding hiervoor is dat de hoge zandgronden een aantal lastige problemen kennen als het gaat om de samenhang tussen de bodem en de waterhuishouding. Deze problemen zijn alleen succesvol aan te pakken door een geïntegreerde aanpak op stroomgebiedsniveau. In het Gebiedsplan Raam werken wetenschap en praktijk samen om nieuwe (praktijk)kennis op te doen en zo grip te krijgen om bovengenoemde thema’s middels praktijkervaring.

(Beleids)opgaven

Het onderzoeksprogramma Lumbricus is te beschouwen als een instrument dat een bijdrage kan leveren aan het realiseren van de opgaven met betrekking tot bodem- en waterkwaliteit en het ontwikkelen van robuuste watersystemen

Ontwerprichting Onderbouwing

Binnen proeftuin Zuid (Raam) is initiatief genomen binnen twee thema’s van het programma. Dit betreft ‘Bodem’ en ‘Participatieve monitoring’. Kennis over andere onderdelen van het programma wordt ontwikkeld in andere proeftuinen in Limburg en oost Nederland. Op het gebied van bodem wordt onderzoek gedaan naar effecten van (aangepast) bodembeheer. Binnen ‘Participatieve monitoring’ wordt samen met belanghebbenden bekeken wat gemonitord moet worden en wie daar bij betrokken wordt.

Vervolg

Bodembeheer • • •

Inmiddels is op een 15–tal locaties proefkuilen gegraven om een beeld te krijgen van de bodemsamenstelling. Dit is vertaald in een rapportage richting eigenaren met aanbevelingen. Vervolgens worden nu op een aantal proeflocaties verder ingezoomd op mogelijke maatregelen en kennisverbreding ter verbetering van het bodembeheer. Provincie en ZLTO hebben in het verlengde initiatief genomen om mogelijke maatregelen te stimuleren (kennis wordt uitgewerkt door wetenschap) Daarvoor is de subsidieregeling vastgesteld onder de naam ‘Wel goed water geven’. Gezamenlijk wordt bekeken hoe maatregelen en onderzoeksdoelstelling elkaar kunnen verstreken.

Participatieve monitoring Binnen het project is reeds aandacht voor monitoring, ook vanuit de andere Lumbricus thema's. Ook is monitoring een onderwerp binnen dit Gebiedsplan. De wens is echter om extra in te zetten op paticipatieve monitoring; meten samen met de omgeving. Onderwerpen die zich mogelijk lenen voor participatieve monitoring liggen in het verlengde van de effecten van hydrologische en landbouwkundige maatregelen, maar ook op de omgeving/ maatschappij. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om: • Maai-BOS: beslissingen op basis van een beslissings-ondersteunend-systeem (BOS), maar zijn de ingrepen dan wel juist? • Waterpeilen: wat is het effect van maatregelen op het waterpeil (grondwater, maar wellicht ook oppervlaktewater?) • Waterkwaliteit: denk aan afspoeling en maatregelen die ecrop gericht zijn om dit te beperken.

97

Factsheet

Bodemverbetering Lumbricus

Proces naar uitvoering Trekkende partijen

Waterschap Aa en Maas

Te betrekken partijen

• • • • • •

ZLTO projecten ZLTO Land van Cuijk Noord, Uden/Odiliapeel, Boxmeer Particuliere agrariërs Provincie Noord Brabant Radboud universiteit Deltares

Primaire acties

• • •

Op gebied van bodem het verder ontwikkelen van tools om grondeigenaren te kunnen adviseren over beter bodembeheer. In kaart brengen hoe maatregelen gefinancierd worden, al dan niet gesubsidieerd. Binnen participatieve monitoring vaststellen wat gemonitord wordt, wie te betrekken en hoe dit te organiseren.

GEBIEDSPLAN RAAMVALLEI - MEI 2018

98

Factsheet

Waterberging hoogwaterbescherming Grave

Doelen en kansen Locatie en schets huidige situatie

Bij de combinatie van hoogwater op de Maas en hoge neerslag in het achterland van de Raamvallei, heeft Grave nu een te hoog risico op wateroverlast. Om dit risico te beperken zijn al verschillende maatregelen getroffen in Grave zoals plaatsen van afsluiters en het renoveren/optimaliseren van gemaal Van Sasse. Daarnaast is nog een waterbergingsgebied nodig. In de MER hoogwaterproblematiek Grave is beoordeeld dat een kade ter hoogte van de Egweg het beste werkt.

(Beleids)opgaven

Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW)

Ontwerprichting Onderbouwing

De MGA-groep heeft besloten tot een voorlopig voorkeursalternatief (VKA): alternatief 1, waarbij in de Raam ter hoogte van de Egweg-Rotscheweg een stuw komt en haaks daarop aan weerszijden een kade. Dit alternatief scoort relatief het beste op alle beoordelingscriteria van de beoordeelde alternatieven. De enige effecten die optreden bij het VKA zijn tijdelijke effecten ten aanzien van beschermde soorten en financiële effecten. Deze effecten treden echter ook op bij alternatief 2 en 3.

Vervolg

Wanneer de MER is vastgesteld en planologisch is verankerd in het Bestemmingsplan, kan de waterberging gerealiseerd worden. Hiervoor is primair een technisch ontwerp nodig van de kade en stuw. Ook de mitigerende maatregelen dienen ontworpen te worden. De gronden waar de kade komt te liggen dienen door het waterschap aangekocht te worden. Het ontwerp en de effecten dienen omschreven te worden in het projectplan waterwet. Wanneer deze is vastgesteld, kan de berging gerealiseerd worden.

Proces naar uitvoering Trekkende partijen

Waterschap

Te betrekken partijen

• • • • •

Omwonenden, eigenaren en pachters Gemeenten Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert Brabants Landschap ZLTO Land van Cuijk Noord Milieuvereniging Land van Cuijk

Primaire acties

• •

Technisch ontwerp (primaire en mitigerende) maatregelen; Ontwerp vastleggen in projectplan waterwet

Belangrijkste kentallen

1 stuw en 700 m kade t.b.v. 600.000 m3 waterberging.

99

Factsheet

GGOR optimale peil voor landbouw en natuur

Doelen en kansen Locatie en schets huidige situatie (Beleids)opgaven

De GGOR heeft betrekking op het gehele watersysteem: van de flanken bij Cuijk, Odiliapeel, Zeeland en Schaijk tot in de Raamvallei. • • •

Invulling geven aan peilbeheer conform de Nota Peilbeheer Functiekaart provinciale Ontwikkelingsvisie Natuur Netwerk Brabant

Ontwerprichting Onderbouwing

De GGOR heeft als doel te komen tot een gewenst grond- en oppervlaktewaterregime afgestemd op de geldende functies ter plaatse, zoals landbouw, natuur en bebouwing. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de Provinciale functiekaart waarop landbouw en de NNB-doelen staan weergegeven. De natuur is grotendeels verdroogd en de landbouw heeft in gebieden te maken met wateroverschot en/of droogtegevoeligheid. Soms speelt ook de waterkwaliteit een rol.

Vervolg

Als vervolgstap worden de oplossingsrichtingen voor de complexere gebieden afgewogen op basis van criteria zoals de effectiviteit van maatregelen en de kosten ervan. De meest in het oog springende deelgebieden zijn hieronder verwoord. Zie voor een compleet overzicht de factsheets in de GGOR-Visie (Raaijmakers, 2018). •

•

•

Tochtsloot: bij hoogwater op de Maas kan het gebied zijn water niet kwijt. Hiervoor is een verbinding naar de Raam aangelegd. Ongewenst neveneffect is dat voedselrijk landbouwwater in het natuurgebied rondom Tongelaar uitstroomt. Voor de NNB-doelen is daar ook peilverhoging gewenst die door de koppeling nu niet mogelijk is. De koppeling heeft meerdere varianten: • Aanleg van een gemaal aan de Maasdijk dat de Tochtsloot kan bemalen. • Verlengen van de huidige koppeling in noordwestelijke richting rond stuw Meisevoort. • Vergroten van de huidige koppeling eventueel in combinatie met één van bovenstaande maatregelen, om de vernatting bij stremming nog verder te beperken. Laarakkersche Waterleiding bovenstrooms: Het gebied is bovenstrooms droogtegevoelig. Zowel landbouw als natuur hebben behoefte aan water. Daarom wordt in tijde van droogte een gedeelte van het effluent van de RWZI Cuijk op de Laarakkersche Waterleiding ingelaten. Het effluent voldoet aan de normen, maar gestreefd wordt naar een verdere kwaliteitsverbetering t.b.v. de natuurdoelen benedenstrooms. Onderzocht zal worden of het omleiden van dit bovenstrooms deel richting de Tochtsloot mogelijk is. Laarakkersche Waterleiding benedenstrooms: In het westelijk gedeelte van de landgoederenzone ligt Tongelaar in een groot deel in het Natuur Netwerk Brabant. Om de verdroogde natuur te vernatten is peilopzet gewenst van o.a.

stuw Meisevoort . Ook in het middelste gedeelte bij landgoed Barendonk en de oostelijk gelegen landgoederen is voor de inliggende NNB het grondwaterniveau te laag. Gezocht wordt naar mogelijkheden ook in deze omgeving meer water vast te houden met hogere stuwpeilen in het voorjaar via de stuwen bij de Raam (Beerseweg/Broekkant) en Barendonk (Ossenbroek, Hiersenhof en De Dennen). Maar dit leidt ook tot vernatting van landbouwkundige gronden zoals bijBroekkant - Lochtjesweg en Grote Dorshees. Daarom dienen met de betrokkenen gesprekken gevoerd te worden. Daarbij worden mogelijkheden en middelen aangereikt.

GEBIEDSPLAN RAAMVALLEI - MEI 2018

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=CuijkGraveMill&id=008eda76-70a4-4c81-a72c-cbd784a06064