CConstaterende datCuijk (tot 2022)
Koppel je AI →
Document · PDF

07 Bijlagen toelichting_Bijlage 20 Inspraaknota

Cuijk - commissie Ruimte 29 november 2021, gemeente Cuijk (tot 2022)Bij agendapunt: (ter bespreking) Voorstel inzake Ontwerpbestemmingsplan Grotestraat Zuid Bestemmingsplan Cuijk Centrum, locatie Merlet12.649 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

documentnr.: D/21/283206 - zaaknr.: Z/19/241155

Nota van inspraak, wettelijk vooroverleg en ambtshalve wijzigingen voorontwerpbestemmingsplan ‘Grotestraat Zuid, Cuijk’. 1. Algemeen 1.1

Planbeschrijving

1.2

Ligging plangebied

2. Wettelijk vooroverleg ex. art. 3.1.1 Bro 2.1

Betrokken instanties

2.2

Reacties van instanties (bijlage 1)

3. Inspraakverordening 3.1

Algemeen

3.2

Informatieavond

3.3

Bekendmaking en terinzagelegging

3.4

Inspraakreacties (bijlage 2)

3.5

Overweging inspraakreacties

3.6

Verwerking in ontwerpbestemmingsplan

4. Ambtshalve wijzigingen 4.1

Ambtshalve wijzigingen

5. Bijlagen

1. Algemeen 1.1

Planbeschrijving De gemeenteraad van Cuijk heeft in 2018 het uitgangspuntenkader voor de ontwikkeling van een aantal percelen rond de Grotestraat te Cuijk vastgesteld. Directe aanleiding hiervoor was enerzijds de verplaatsing van Nutricia naar bedrijventerrein Laarakker en anderzijds de verhuizing van het Merletcollege van de Grotestraat naar de Groenendijkse Kampen. Door deze ontwikkeling is een unieke kans ontstaan om het gebied te herontwikkelen, waarmee realisatie van onze centrumvisie nog meer gestalte kan gaan krijgen. Omdat de nieuwe ontwikkelingen niet passen binnen het vigerende bestemmingsplan 'Cuijk Centrum' wordt een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Het doel van dit bestemmingsplan is het bieden van een actueel bestemmingsplan voor de herontwikkeling van het gebied 'Grotestraat Zuid' op basis van de Wet ruimtelijke ordening. Het plan biedt de ruimte voor de ontwikkelingen in de komende tien jaar. Binnen het bestemmingsplan zijn drie deelgebieden opgenomen, waarvan er twee liggen binnen de gronden van Nutricia en één binnen de gronden van het voormalige Merletcollege. Omdat de bedrijfsactiviteiten van Nutricia nog tot en met 31 december 2022 doorlopen kan er tot dan geen bouwactiviteiten op deze gronden plaatsvinden. De gronden van het voormalige Merletcollege zijn wel beschikbaar.

1

Om de ontwikkeling van de woningen in de geplande Merlet-buurt op korte termijn mogelijk te maken is het noodzakelijk de gewenste omzetting van de bedrijfslocatie Nutricia naar een woongebied vast te leggen in dit bestemmingsplan, omdat anders (nieuwe) bedrijfsactiviteiten het gebruik van de woningen zou kunnen belemmeren. Op dit moment zijn de gronden van Nutricia echter nog niet beschikbaar voor verschillende grondgebonden onderzoeken zoals bodem en archeologie. Deze onderzoeken zouden gevolgen kunnen hebben voor de definitieve inrichting van deze gronden. Omdat er nog geen definitieve invulling van de Nutricia gronden kan worden vastgelegd is er voor gekozen om deze gronden later uit te werken en daarom de bestemming "Woongebied Uit te werken' te geven. Hiermee wordt de omzetting van een bedrijfsbestemming naar een woonbestemming geregeld, zodat de bedrijfsactiviteiten beëindigd moeten worden. In deze uit te werken bestemming worden wel de randvoorwaarden voor ontwikkeling vastgelegd, zoals het aantal woningen en maximale goot- en bouwhoogtes maar nog niet de definitieve ligging van de woningen. Tevens zal het uitvoeren van de noodzakelijke onderzoeken en het definitief vastleggen van een stedenbouwkundig plan middels voorwaardelijke verplichtingen worden geborgd. 1.2

Ligging plangebied Het plangebied ligt ten zuiden van het centrum van Cuijk en wordt begrensd door de Maasboulevard, Het Zand, de Hapsebaan, de woningen aan de Kouwenberg en het kerkhof aan het Kerkhofpad. Onderstaande afbeeldingen geven het plangebied en de stedenbouwkundige visie weer zoals opgenomen in het voorontwerpbestemmingsplan.

Plangebied voorontwerpbestemmingsplan

Stedenbouwkundige visie voorontwerp

2

2. Wettelijk vooroverleg ex. art. 3.1.1 Bro 2.1

Betrokken instanties In het kader van het overleg ex artikel 3.1.1 Bro is het voorontwerpbestemmingsplan voorgelegd aan de onderstaande instanties: 1.

Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant, middels het digitale formulier ‘Ruimtelijke plannen aanmelden’ (ontvangstbevestiging C2277990) en het digitale formulier ‘Inventarisatie ruimtelijke aspecten’, beide verzonden op 15 maart 2021;

2.

Waterschap Aa en Maas, middels een e-mail verzonden op 15 maart 2021;

3.

N.V. Nederlandse Gasunie, middels een e-mail verzonden op 15 maart 2021;

4.

GGD Gezondheid, Milieu & Veiligheid Brabant, middels een e-mail verzonden op 15 maart 2021.

2.2

Reacties van instanties De ontvangen reacties zijn samengevat op hoofdlijnen weergegeven. De volledige reacties zijn opgenomen in Bijlage 1 van deze Nota.

2.2.1

Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant (hierna: de provincie) heeft een inhoudelijke reactie verzonden op 1 april 2021. Inhoud reactie: In de reactie van de provincie wordt gevraagd om een goede fasering van de gemeentelijke bouwplannen. Op basis van de nu bekende informatie stelt de provincie zich samengevat op het standpunt dat het plan op korte termijn (< 5 jaar) teveel woningen toevoegt. En dat dientengevolge er een mogelijke strijdigheid kan optreden met de Interim Omgevingsverordening van de provincie. Overweging: Het plangebied is opgebouwd uit drie delen waarvan de verwachte volgorde van uitvoering/realisatie als volgt in de tijd is geplaatst: -

2022 plandeel voormalig Merletcollege

-

2024 plandeel voormalig Nutriciaterrein - landzijde

-

2025 plandeel voormalig Nutriciaterrein - waterzijde

Het project-/plangebied wordt daarmee dan ook niet in keer op de markt gezet, maar de realisatie vindt verspreid plaats over een periode 8 jaar (2022-2029), waarbij de navolgende aantallen woningen in productie worden genomen: 2022

14

2026

24

2023

10

2027

24

2024

24

2028

24

2025

24

2029

21

Er is dus sprake van een duidelijke geleidelijke toevoeging van de woningen over een langere periode. Gelet op de noodzakelijke bouwtijd wordt volledigheidshalve opgemerkt dat oplevering van de laatste woningen zal plaatsvinden in 2030 en 2031. Het aantal woningen dat in tot en met 2026 (‘eerste vijf jaar’) gerealiseerd wordt is naar verwachting gelijk aan de aantallen die tot en met 2025 (72) in productie worden genomen.

3

Voor de periode daarna ligt dat aantal naar verwachting op 93. Daarmee wordt dus een behoedzame koers gevaren waarbij de woningen niet in een keer op de markt gebracht worden, al zou dat –gelet op de grote investeringen die gepleegd zijn om de verplaatsing van met name Nutricia mogelijk te maken- planeconomisch wel wenselijk zijn. Verkleining van het plangebied, vermindering van het aantal woningen dan wel een verdere temporisering is dan ook geen optie. Zeker gelet op de huidige krapte op de woningmarkt is er geen enkele aanleiding te veronderstellen dat uitvoering van dit plan volgens de hiervoor aangegeven fasering zal leiden tot een verstoring van de lokale of (sub)regionale woningmarkt. Ten aanzien van het laatste punt heeft bovendien afstemming plaatsgevonden met de overige gemeenten van het Land van Cuijk met wie de gemeente Cuijk tezamen de gelijknamige (sub)regionale woningmarkt vormt. De voorgenomen ontwikkeling zoals vervat in het (voorontwerp) bestemmingsplan past dan ook binnen de regionale afspraken; er is sprake van een gevarieerd aanbod van woningen voor diverse doelgroepen; er is sprake van een fasering over een langere periode waarbij de laatste woningen in 2030 en 2031 opgeleverd worden; gezien de reeds bestaande lokale vraagdruk concurreert het plan niet met (vergelijkbare) plannen van de gemeenten binnen de (sub)regionale woningmarkt Land van Cuijk.

Overigens wordt nog opgemerkt dat in het plangebied ook nadrukkelijk ruimte wordt gegeven aan toevoeging van woningen behorend tot de zogeheten derde bouwstroom via het instrument van collectief particulier opdrachtgeverschap voor met name ouderen. Daarvoor is met name in de eerste fase van het totale plan ruimte vrijgemaakt. Verwerking in ontwerpbestemmingsplan: 

Aanpassing van de toelichting door in paragraaf 4.3.3 Woningbouwbeleid een nadere toelichting te geven op de fasering gedurende de planologische planperiode van 10 jaar.

2.2.2

Waterschap Aa en Maas Het Waterschap Aa en Maas (hierna: waterschap) heeft een inhoudelijke reactie verzonden op 8 april 2021. Inhoud reactie: Het bestemmingsplan heeft als voornaamste doel om de ontwikkeling van deelgebied 3 ‘Merlet-buurt’ mogelijk te maken. Desalniettemin wordt er in het bestemmingsplan vooruitgelopen op de ontwikkeling van deelgebieden 1 en 2. Deelgebied 2 ‘Maasboulevard’ valt binnen het invloedsgebied van de kering, de primaire kering zelf en eigendom van het waterschap. Dit waterbelang is onvoldoende meegenomen in het bestemmingsplan. Daarnaast is de waterparagraaf erg summier. Als laatste lijken de planregels niet overeen te komen met het Barro: ‘Waterstaat – Waterkering’ en ‘vrijwaringszone – waterstaatswerk’.

4

Overweging: In het voorontwerpbestemmingsplan is uitgegaan van een plangebied dat volledig samenviel met de opgestelde stedenbouwkundige visie. Een deel van deze visie, primair de dijkwoningen, ligt deels op gronden van het waterschap (privaatrechtelijk belang) en binnen de beschermingszones van de waterkering (bestuursrechtelijk belang). Ook al was er al sprake van overleg met het waterschap, er was, en is, nog geen overeenkomst gesloten. De teksten in het voorontwerpbestemmingsplan geven de gewenste eindtoestand van het bestemmingsplan weer, er van uitgaande dat een overeenkomst met het waterschap zal worden gesloten. Het was, en is, altijd de intentie van de gemeente geweest om in goed overleg te komen tot een uitvoering van de stedenbouwkundige visie, waarbij de belangen van het waterschap in acht worden genomen. In samenspraak met het waterschap is, in afwachting van een definitieve overeenkomst, in het ontwerpbestemmingsplan de plangrens bij de waterkering verschoven van het midden van de waterkering (de Maasboulevard) naar de binnenteen van de waterkering. Er geldt één uitzondering, namelijk een smalle strook met de bestemming ‘Bedrijventerrein’ die binnen de zone van de waterkering zelf ligt. Daar wordt de plangrens op de grens van de bestemming ‘Bedrijventerrein’ gelegd en worden de bestemming ‘Groen’ en de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Waterkering’ opgenomen.

Op deze wijze vervalt alsnog de gehele bestemming ‘Bedrijventerrein’ en wordt gewaarborgd dat op de waterkering gebouwd kan worden. De nieuwe plangrens ligt grofweg tussen de vorige plangrens en de eigendomsgrenzen in. De waterparagraaf opgenomen in paragraaf 5.11 van de toelichting is onvoldoende gemotiveerd. In het ontwerpbestemmingsplan wordt dieper ingegaan op: 1.

de relatie tussen de waterkering, de beschermingszone, het grondeigendom en de gewenste stedenbouwkundige visie;

2.

de acht uitgangspunten van de watertoets van het waterschap ten aanzien van het duurzaam omgaan met water;

3.

de globale waterhuishoudingssituatie ter plaatse van het nog in gebruik zijnde Nutricia-terrein;

4.

de concrete waterhuishoudingssituatie ter plaatse van het reeds braakliggende Merlet-terrein;

5.

de relatie tussen het rioleringssysteem in de woonbuurt Kouwenberg en het plangebied, specifiek de geplande Merlet-buurt.

De paragraaf 5.11.3 Watersysteem en het waterhuishoudkundige plan (bijlage 15) komen te vervallen en worden direct verwerkt in de waterparagraaf. In lijn met de Barro worden de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Waterkering’ en de gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – waterstaatswerk’ opgenomen. In de regels is duidelijk opgenomen dat een advies van het waterschap nodig is en betrokken moet worden in de besluitvorming bij aanvragen om een omgevingsvergunning.

5

Nieuwe plangrens in ontwerpbestemmingsplan ‘Cuijk Centrum, Grotestraat Zuid’. Verwerking in ontwerpbestemmingsplan: 

Aanpassing van de verbeelding door de verlegging van de plangrens aan de oostzijde, waarbij de plangrens gelegd wordt op de binnenteen van de waterkering zoals opgenomen in de Legger van het waterschap, met uitzondering van een smalle strook met de bestemming ‘Bedrijventerrein’ die binnen de zone van de waterkering zelf ligt. Daar wordt de plangrens op de grens van de bestemming ‘Bedrijventerrein’ gelegd en worden de bestemming ‘Groen’ en de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Waterkering’ opgenomen.

Aanpassing van de toelichting door een aanvulling op paragraaf 5.11 Waterparagraaf waarin onder andere het beleid van het waterschap is opgenomen.

Aanpassing van de verbeelding en de regels door het opnemen van de dubbelbestemming ‘Waterstaat – Waterkering’ en het opnemen van de gebiedsaanduiding ‘vrijwaringszone – waterstaatswerk’.

6

2.2.3

N.V. Nederlandse Gasunie De N.V. Nederlandsche Gasunie (hierna: Gasunie) heeft een inhoudelijke reactie verzonden op 24 maart 2021. Inhoud reactie: Aan artikel 7 Leiding-Gas zou de Gasunie graag een paar zaken toegevoegd zien. In het stadium van het vooroverleg wordt meestal geadviseerd om het standaard artikel Leiding-Gas van de Gasunie integraal over te nemen De gemeente hoeft dan alleen nog onderdeel 7.5 Wijzigingsbevoegdheid toe te voegen, met de extra toevoeging dat de dubbelbestemming niet eerder vervalt dan dat er schriftelijk advies is ingewonnen bij de leidingbeheerder. Overweging: Artikel 7 Leiding-Gas is opgenomen vanwege de hogedrukgasleiding die rechtstreeks naar Nutricia gaat. In het productieproces wordt het melkpoeder gemaakt met behulp van warmte uit het verbranden van aardgas. Aangezien Nutricia nog een korte tijd blijft produceren na de inwerkingtreding van het nieuwe bestemmingsplan, moet de hogedrukgasleiding planologisch worden beschermd. Na beëindiging van het productieproces heeft de hogedrukgasleiding geen functie meer en zal permanent worden afgesloten c.q. onbruikbaar worden gemaakt. In de regels van het bestemmingsplan is rekening gehouden met de situatie vóór en ná de beëindiging van het productieproces.

Het standaard artikel Leiding-Gas van de Gasunie heeft geen gevolgen voor de uitvoerbaarheid van het plan en kan zoals voorgesteld overgenomen worden. Verwerking in ontwerpbestemmingsplan: 

Aanpassing van de regels door het opnemen van het standaard artikel Leiding-Gas van de Gasunie.

2.2.4

GGD De GGD heeft een inhoudelijke reactie verzonden 8 april 2021. Inhoud reactie: De GGD geeft in haar reactie advies over de volgende onderwerpen die gerelateerd worden aan een gezonde leefomgeving: 1.

Effect natuurlijk groene omgeving. Een natuurlijke, groene omgeving kan op verschillende manieren bijdragen aan de gezondheid van de mens, van kinderen tot ouderen. Naast groen kan hierbij ook gedacht worden aan het plaatsen van speeltoestellen of informele zitgelegenheden en goede loopen fietsroutes. Groen kan ook een indirecte positieve invloed hebben op de gezondheid. Belangrijk is het rekening houden met de keuze van beplanting om overlast door eikenprocessierups, teken en allergieën te verminderen en het bieden van veiligheid door gepaste verlichting.

2.

Participatie (toekomstige) bewoners. De inrichting van de woonomgeving heeft invloed op de beleving en bruikbaarheid door de toekomstige bewoners van de woonwijk. Hoe beter inrichting en woonwensen op elkaar aansluiten, hoe groter het gevoel van welbeleving zal zijn.

3.

Luchtkwaliteit. Het plan voldoet aan de bekende gezondheidskundige advieswaarden voor luchtkwaliteit,

7

met uitzondering van fijnstof (PM2,5). Dit laatste geldt overigens voor veel plekken in Nederland. 4.

Geluid. De GGD gaat uit van gezondheidskundige advieswaarden voor geluidniveaus, zijnde maximaal 50 dB Lden en maximaal 40 dB Lnight. Hierbij wordt geen rekening gehouden met juridisch gecorrigeerde geluidniveaus (aftrek) toe. Rekening houdend met cumulatie van geluid afkomstig van verkeer, geldt dat op meerdere woningen de gezondheidskundige advieswaarden worden overschreden. Het cumulatieve geluidsniveau ten gevolge van wegverkeer bedraagt maximaal 61 dB. Om gezondheidseffecten van deze geluidbelasting te beperken verdient het treffen van maatregelen aan de bron de voorkeur (wegverkeer, geluidsbronnen in de woning), gevolgd door maatregelen in de overdracht (gevelisolatie, geluidschermen). Het richten op bronmaatregelen heeft tevens een positief effect op de private buitenruimte: balkon en tuin. Het informeren van de toekomstige bewoners over het geluidklimaat in de woonwijk helpt om een weloverwogen keuze te maken.

5.

Beoordeling veehouderijen. Het plan voldoet aan de bekende gezondheidscriteria voor de aspecten afstand, endotoxine en geur ten opzichte van veehouderijen.

6.

Bodem. Er is alleen een bodemonderzoek uitgevoerd voor de Merlet-buurt. Aandacht wordt gevraagd voor een gezondheidskundig voldoende bodemkwaliteit (< 1 IQ puntverlies) bij wonen met een tuin (kleine moestuin) indien het loodgehalte lager is dan 90 mg/kg ds. Voor een plaats waar kinderen spelen wordt een waarde gehanteerd van lager dan 100 mg/kg ds. In de Merlet-buurt worden deze waarden niet overschreden.

7.

Hoogspanningslijnen. De GGD adviseert im, daar waar redelijkerwijs mogelijk, langdurige blootstelling van kinderen aan magneetvelden sterker dan 0,4 microtesla te voorkomen, zowel bij hoogspanningslijnen als bij andere onderdelen van het elektriciteitsnetwerk zoals transformatorhuisjes en ondergrondse kabels. Het advies is om het magneetveld van dergelijke objecten in beeld te brengen en vervolgens een passende afstand in acht te nemen.

Overweging: 1.

In de stedenbouwkundige visie zijn reeds centrale groenruimten opgenomen. In de planologische regels zijn in alle bestemmingen groenvoorzieningen toegestaan.

2.

Het betrekken van (toekomstige) bewoners bij de inrichting van de openbare (groene) ruimte is het standaard uitgangspunt in de gemeente Cuijk. Voor het Nutriciaterrein kan dat nu echter niet aan de orde zijn. Het gebied wordt pas over enkele jaren concreet ontwikkeld. Op dat moment kan gezocht worden naar een goede manier om toekomstige bewoners te betrekken. Voor de Merlet-buurt is bekend dat het CPO Wonen voor Gevorderden deel gaat uitmaken van de buurt. Voor de overige (vrije) woonkavels geldt hetzelfde als bij Nutriciaterrein, maar is op kortere termijn bekend wie de nieuwe bewoners worden. Het is echter nu nog te vroeg om deze vorm van participatie te kunnen verwerken in het bestemmingsplan.

3.

Geen overweging nodig.

4.

Het advies om de toekomstige bewoners te informeren over het geluidklimaat in de woonwijk helpt wordt overgenomen.

8

5.

Geen overweging nodig.

6.

Het is momenteel niet mogelijk om een bodemonderzoek uit te voeren op het Nutriciaterrein. Ten tijde van de ontwikkeling van dit deelgebied wordt het bodemonderzoek uitgevoerd en zal aandacht worden besteed aan het loodgehalte in de bodem.

7.

Er zijn geen hoogspanningslijnen in of nabij het plangebied. Aan Het Zand 3a staat een transformatorhuisje van Enexis Netbeheer B.V. tegen de plangrens aan. In de stedenbouwkundige visie is daar een woonperceel en een klein parkeerterrein met groenvoorziening ingetekend. De planologische regeling laat woonpercelen toe direct grenzend aan het transformatorhuisje. De sterkte van een magnetisch veld hangt af van 1) de hoeveelheid stroom die door de draden binnen het huisje gaat; 2) De zijde waar de elektriciteit met de lage spanning van 230 volt het transformatorhuisje verlaat; 3) De afstand tussen jou en het transformatorhuisje. De afstand waarop het magneetveld zwakker is dan 0,4 microtesla (gemiddeld over een heel jaar) bedraagt anderhalf tot vier meter. De afstand van het huisje tot de perceelgrens is en blijft 1,8 meter. In de stedenbouwkundige visie volgt dan een groenstrook van ongeveer 2 meter en dan begint het nieuwe woonperceel met de achtertuin. Rekening houdend met bovenstaande wordt een zone van 4 meter, gemeten vanaf het transformatorhuisje/bouwvlak, uitgesloten van woondoeleinden, inclusief achtertuinen. De zone van 4 meter leidt tot een zeer ondergeschikte aanpassing (verschuiving achtertuin 0-0,2 meter) van de stedenbouwkundige visie.

Verwerking in ontwerpbestemmingsplan: 

Aanpassing op de verbeelding van de bestemming ‘Woongebied – uit te werken’ door een zone van 4 meter uit te sluiten van ‘wonen’, gemeten vanaf het huidige transformatorhuisje/bouwvlak aan Het Zand 3a.

9

3. Inspraakverordening 3.1

Algemeen De inspraakprocedure is opgenomen in de Inspraakverordening Cuijk 2005 en behelst een terinzagelegging volgens afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, met als afwijking een termijn van terinzagelegging van vier in plaats van zes weken (raadsbesluit 18 april 2011).

3.2

Informatieavond 2019 In de voorbereidingsfase is de stedenbouwkundige visie gepresenteerd tijdens een algemene informatieavond op 4 november 2019. De reacties waren overwegend positief en de stedenbouwkundige visie is vervolgens als basis gebruikt voor het opstellen van het voorontwerpbestemmingsplan.

3.3

Bekendmaking en terinzagelegging De inspraakprocedure is bekendgemaakt in het Gemeenteblad en op de gemeentepagina van de Maas Driehoek op 16 maart 2021. Het voorontwerpbestemmingsplan en de bijbehorende stukken hebben ter inzage gelegen van woensdag 17 maart 2021 tot en met dinsdag 13 april 2021 en waren in te zien in het gemeentehuis te Cuijk tijdens openingstijden en op www.ruimtelijkeplannen.nl onder de plannaam ‘Grotestraat Zuid, Cuijk’.

3.4

Informatieavond 2021 Omdat in coronatijd het organiseren van een informatieavond niet goed mogelijk was, is op de website van Cuijk een speciale projectpagina aangemaakt waarop onder andere het voorontwerpbestemmingsplan werd ontsloten (https://www.cuijk.nl/herontwikkeling-grotestraatzuid). Tevens is op 24 en 25 maart 2021 in de avond gelegenheid geboden om digitaal in contact te treden met de projectleider om één op één vragen te stellen of om opmerkingen te maken. Er hebben zeven mensen gebruik gemaakt van de aangepaste informatieavond. Vanwege het informele karakter van de informatieavond is er geen verslag van gemaakt. Iedereen is gewezen op de mogelijkheid om contact op te nemen met de projectleider en/of een inspraakreactie in te dienen.

3.5

Inspraakreacties Naar aanleiding van de bekendmaking van de inspraakprocedure zijn vijf inspraakreacties binnen de gestelde termijn ingekomen: 1.

XXX, verzonden op 31 maart 2021, hierna: reactie 1;

2.

XXX, verzonden op 10 april 2021, hierna: reactie 2;

3.

XXX, verzonden op 4 april 2021, hierna: reactie 3;

4.

XXX, verzonden op 11 april 2021, hierna: reactie 4;

5.

XXX, verzonden op 17 april 2021, hierna: reactie 5;

De onderstaande twee inspraakreacties zijn buiten de gestelde termijn ingekomen, maar zijn wel betrokken in de overwegingen: 6.

XXX, verzonden op 19 april 2021, hierna reactie 6;

7.

XXX, verzonden op 21 april 2021, hierna reactie 7.

De ontvangen inspraakreacties zijn samengevat op hoofdlijnen weergegeven. De volledige reacties zijn opgenomen in Bijlage 2 van deze Nota. Van de zeven insprekers hebben enkelen ook gebruik gemaakt van de informatieavond.

10

3.5.1

Reactie 1 In het voorontwerpbestemmingsplan is XXX een weg ingetekend ter ontsluiting van de geplande woningen. Ter plaatse ligt een onverhard pad dat sporadisch gebruikt wordt door de aanwonenden (achterom) om een aanhanger of caravan te halen. Verzocht wordt om geen drukke straat naast de woning te maken. De dijkwoningen komen bijna achter in de tuin van Grotestraat 85 en worden ongeveer 11 meter hoog: is dat vanaf de dijk of het maaiveld? Het huis is nu rustig gelegen met veel privacy, aangezien de activiteiten van Nutricia zich een stuk verder bevinden. Verzocht wordt om de plannen te wijzigen zodat rust en privacy behouden blijven.

Stedenbouwkundige visie voorontwerp

Voorontwerpbestemmingsplan (uitsnede)

Overweging reactie 1: Pad en ontsluitingsweg Het onverharde pad is in het vigerende bestemmingsplan ‘Cuijk Centrum’ bestemd als ‘Groen’, met onder andere de mogelijkheid van ‘de ontsluiting van aanliggende percelen’. In de stedenbouwkundige visie is ter plaatse van het pad een doodlopende ontsluitingsweg met openbaar parkeren opgenomen voor de geplande woningen aan de Grotestraat en de Maasboulevard (dijkwoningen). In zoverre zal het geen drukke, doorgaande straat worden, echter het aantal verkeersbewegingen naast de woning van inspreker zal wel toenemen ten opzichte van de huidige situatie.

11

Het pad zelf is echter niet opgenomen in het plangebied van het voorontwerpbestemmingsplan, omdat alleen het huidige fabrieksterrein van Nutricia is overgenomen. De huidige bestemming ‘Groen’ laat wel de ‘ontsluiting van aanliggende percelen’ en ‘parkeren en parkeervoorzieningen’ toe, echter geen volwaardige ontsluitingsweg. Het pad zal óf bij het plangebied moeten worden gevoegd met de mogelijkheid voor een volwaardige ontsluitingsweg, óf de ontsluitingsweg moet in de concept stedenbouwkundige visie verplaatst worden naar het plangebied. Bij laatstgenoemde blijft het pad dezelfde functie behouden als nu. Het is planologisch mogelijk om binnen de geplande bestemming ‘Woongebied – Uit te werken’ te schuiven met de hoofdfuncties wonen, verkeer en groen. Het stedenbouwkundig advies is om het pad met de huidige functie als ‘achterom’ voor de bestaande woningen en de doorsteek voor wandelaars te handhaven en de ontsluitingsweg te verplaatsen. Naast het pad komt de hoofdfunctie wonen of groen. In bijgevoegde afbeelding is een alternatief geschetst waarbij de toegang tot het parkeren meer naar het zuiden schuift. Alternatieve invulling locatie naast Grotestraat 85 Dijkwoningen en privacy Op basis van overleg met de inspreker d.d. 29-06-2021 en d.d.

09-08-2021: Omdat de stedenbouwkundige visie nog aan verandering onderhevig kan zijn in de komende jaren, is het stedenbouwkundige en planologische advies om direct naast het pad een zone op te nemen waarin de bouwhoogte van hoofdgebouwen wordt beperkt tot 13 meter. De bouwhoogte wordt bepaald door het peil ten opzichte van de Grotestraat, dan wel het toekomstig opgehoogde maaiveld in verband met dijkverzwaring, plusminus 0,70 meter hoger. Verwerking in ontwerpbestemmingsplan: 

Aanpassing van de toelichting door in Hoofdstuk 3 Planbeschrijving een aangepaste stedenbouwkundige visie op te nemen.

Aanpassing op de verbeelding en in de regels door naast het onverharde pad een aanduiding op te nemen waardoor de hoofdfunctie ‘verkeer’ ter plaatse niet is toegestaan.

Aanpassing op de verbeelding en in de regels door naast het onverharde pad een aanduiding op te nemen waardoor de bouwhoogte van hoofdgebouwen is beperkt tot 13 meter.

3.5.2

Insprekers 2 t/m 7 De inspraakreacties twee tot en met zeven zijn inhoudelijk vergelijkbaar en worden als één inspraakreactie behandeld. Als leidraad is de inspraakreactie van inspreker 3 gebruikt, aangevuld met extra opmerkingen van de andere insprekers. De inspraakreacties omvatten per deelonderwerp duidelijk weergegeven bezwaren en vragen.

12

1.

Integraal plan – ontbrekende locatie

Bezwaar 1. Op grond van het bovenstaande maak ik bezwaar tegen het nu al vaststellen van het deel van het Plan Zuid betreffende de locaties Nutricia/Danone en de Merlet-buurt. Bezwaar 2. Ik maak bezwaar tegen het ontbreken van een plan m.b.t. het riool en waterbergingsstelsel zoals voorzien bij dit plan. Dit temeer daar er in de afgelopen jaren op de Kouwenberg veel problemen met dit stelsel zijn geweest. Vraag 1. Bestaat er op dit moment al een nadere invulling, die nog niet openbaar is, van de locaties S, P en K.? Vraag 2. Acht de raad het wenselijk besluiten te nemen t.a.v. het bestemmingsplan zonder (publiekelijk) kennis te nemen van deze bovengenoemde nadere invullingen en ze in relatie tot elkaar af te wegen? Vraag 3. Wat is de motivering van dit standpunt? 2.

De uitgangspunten van het Plan Zuid

Vraag 5. Is de raad voornemens op dit punt een groter contingent grote kavels in het plan op te nemen? Vraag 6. Op basis van welke argumentatie? Bezwaar 4. Ik maak bezwaar tegen in het plan voorgestelde verkaveling op grond van te weinig beschikbaarheid van grotere percelen in het Plan Zuid. 3.

Cuijk naar de Maas?

Vraag 6. Is de raad bereid alternatieven voor de locatie Nutricia aan de Maaszijde te laten onderzoeken en te overwegen, die meer in overeenstemming zijn met het beleid Cuijk naar de Maas te brengen? Vraag 7. Indien niet, wat is de motivatie daarvan? Bezwaar 5. Ik maak bezwaar tegen de herinrichting van de locatie Nutricia aan de Maaszijde zoals die nu in het Plan Zuid is voorgesteld om bovenstaande redenen en in extenso aangevoerde argumentatie in de voornoemde brieven en bijlagen.

Suggestie voor een alternatieve benadering (inspreker 2).

13

4.

Grondreservering CPO-bouw

Vraag 4. Wat is de inhoudelijke en juridische status van de inspraakronde in deze fase? Bezwaar 3. Ik maak bezwaar tegen het sluiten van deze overeenkomst, niet omdat de gemeente daar niet het recht toe zou hebben, maar omdat zij de invulling van het bestemmingsplan, nog tijdens de inspraakfase, al deels vastlegt, dan wel dwingend richting geeft aan het inrichtingsproces . Het politieke proces, de inspraakfase, wordt hiermee naar mijn mening gedesavoueerd. 5.

De Merlet-buurt

Vraag 8. Is de raad voornemens deze indeling op grond van bovenstaande argumenten te heroverwegen? Vraag 9. Wat is de argumentatie daarvoor? Vraag 10. Kan de raad verzekeren dat de geplande doorgang tussen de Kouwenberg en de Merlet-buurt uitsluitend een voetpad zal zijn, verboden voor gemotoriseerd verkeer? Bezwaar 6. Ik maak bezwaar tegen een verharde verbinding (in het plan voorzien) tussen de Merlet-buurt en de Kouwenberg buurt zoals bovenstaand gemotiveerd.

Alternatief plan Merlet-buurt (inspreker 2). Overweging insprekers 2 t/m 7: 1.

Integraal plan – ontbrekende locatie

Ontbrekende locaties (Bezwaar 1). Er wordt bezwaar gemaakt tegen het vaststellen van het bestemmingsplan, omdat de aangrenzende locaties Van Schaijik, het parkeerterrein van Van Schaijik en de begraafplaats Kouwenberg niet zijn betrokken in het plangebied. Voor deze laatste twee locaties geldt dat er geen concrete plannen zijn om deze deelgebieden in ontwikkeling te brengen, om deze reden worden deze deelgebieden niet meegenomen in het voorliggende bestemmingsplan. Voor de

14

locatie van Van Schaijik geldt dat er weliswaar plannen zijn voor een herontwikkeling van dit gebied, maar dat deze plannen onvoldoende concreet zijn om mee te nemen in het voorliggende bestemmingsplan. Het wachten tot deze plannen wel voldoende concreet zijn zou leiden tot ongewenste vertraging voor de deelprojecten in het voorliggende bestemmingsplan. Een integrale blik op alle deelgebieden samen hoeft ook niet in dit bestemmingsplan plaats te vinden, omdat een visie op het gehele gebied al is neergelegd in het ‘Uitgangspuntenkader herontwikkeling Grotestraat zuid’, vastgesteld door de gemeenteraad op 26 februari 2018. Riool- en waterbergingsstelsel (Bezwaar 2). Er wordt bezwaar gemaakt tegen het ontbreken van een plan m.b.t. het riool- en waterbergingsstelsel. In het voorontwerpbestemmingsplan is een waterparagraaf opgenomen met een verwijzing naar een waterhuishoudkundig plan (Bijlage 15). Ook het Waterschap Aa en Maas heeft in het wettelijk vooroverleg laten weten dat de waterparagraaf onvoldoende inhoudelijk is. In het ontwerpbestemmingsplan is een uitgebreide waterparagraaf opgenomen, waarin onder meer aandacht is besteed het riool- en waterbergingsstelsel en de relatie met de Kouwenberg. Er wordt voor de Merlet-buurt in het ontwerpbestemmingsplan geen apart waterhuishoudkundig rapport opgenomen, wel wordt het uitgevoerde infiltratierapport toegevoegd in de bijlagen.

In het plangebied zal het regenwater en het rioolwater worden gescheiden. Voor het afvalwater geldt dat alle woningen worden aangesloten op het gemeentelijke vuilwaterriool. Voor wat betreft het regenwater wordt in het plan voldoende capaciteit opgenomen om dit op te vangen in het gebied d.m.v. infiltratie. De omvang van de bergingscapaciteit is afhankelijk van het percentage verharde oppervlakte. Overigens zal het verharde oppervlakte in het plangebied een stuk lager zijn dan vanuit de situatie dat het Merletcollege en Nutricia in gebruik zijn/waren. De kans dat als gevolg van woningbouw in het projectgebied wateroverlast zich voordoet op de Kouwenberg is daarom dan ook veel lager. Kortgezegd is de belasting op het riool door vuilwater vanuit de geplande woningen in het plangebied vergelijkbaar met het voormalige Merlet College. Het Nutriciaterrein heeft een eigen afvalwaterzuivering en is niet aangesloten op het rioolstelsel. De totale hoeveelheid verharding zal minder worden ten opzichte van de huidige situatie en de infiltratie van hemelwater zal in het plangebied zelf opgelost worden. Het woningbouwplan heeft dan ook geen negatieve gevolgen voor het riool- en waterbergingsstelsel van de Kouwenberg. . Ontwikkeling locatie Van Schaijik (Vraag 1). De locatie Van Schaijik is geen onderdeel van besluitvorming, dit is een locatie met een separaat ontwikkeltraject.

Integratie van dit deelgebied zal vertragend werken voor de ontwikkeling van de overige genoemde deelgebieden, daarom is deze hier niet aan gekoppeld. Voor de gemeentelijke begraafplaats bestaan geen openbare of niet-openbare plannen voor het wijzigen van het gebruik. Status en rol inspraak (Vraag 2 en 3). De inspraaknota wordt opgesteld door het college van B&W vanuit haar voorbereidende rol in de bestemmingsplanprocedure. De inspraaknota wordt samen met een ontwerpbestemmingsplan voor advisering voorgelegd aan de commissie Ruimte, een adviesorgaan van de gemeenteraad. De commissie kan het college adviseren om meer

15

locaties te verwerken in het ontwerpbestemmingsplan. Gezien de eerdere overwegingen over deze locaties is het college van mening dat het plangebied de gewenste locaties omvat: de begraafplaats is niet aan de orde en met Van Schaijik zijn gesprekken gaande. Verkeer, geluid- en parkeeroverlast (Flapper en Platvoet) Ingebracht wordt dat al voor de lockdown (corona-maatregel) de verkeersintensiteit van de Hapsebaan merkbaar toenam en daarmee het ervaren verkeerslawaai in de Kouwenberg. Deze toename en het geluidsoverlast zou na realisering van het plan verergeren. Uit de berekeningen van de verkeersaantrekkende werking van het nieuwe woongebied blijkt dat zelfs in het worstcasescenario met woningen met het hoogst aantal verkeersbewegingen, dit aantal lager ligt dan de verkeersbewegingen van het voormalige Merletcollege en de Nutriciafabriek. Tevens weegt mee dat het aantal zware transportbewegingen van en naar de Nutriciafabriek wegvalt. 2.

De uitgangspunten van het Plan Zuid

Uitgangspunten Plan Zuid (Vraag 5, Vraag 6 en Bezwaar 4). De inspraakreactie heeft betrekking op de verkaveling van de Merlet-buurt. Het college wil gehoor geven aan de wens om grotere kavels te maken in het gebied en tevens om het initiatief van de groep Wonen voor gevorderden een plek te geven. Het woningbouwprogramma in het plangebied is gesteld op 165 woningen. Daarvan worden in ieder geval 14 woningen in de Merlet-buurt gebouwd door de CPO Wonen voor gevorderden. De overige 151 woningen worden zowel in de Merlet-buurt als op het voormalige Nutriciaterrein gerealiseerd. Planologisch gezien wordt in het ontwerpbestemmingsplan voldoende flexibiliteit opgenomen om binnen het plangebied – onder voorwaarden - te kunnen ‘schuiven’ met woningaantallen en woningtypes. Het stedenbouwkundig advies is om in de Merlet-buurt meer aansluiting te zoeken met de kenmerken van de Kouwenberg en specifiek de woningen grenzend aan de Hapsebaan: vrijstaande woningen op grote percelen. De Nutricia-buurt zal meer gericht zijn op de kenmerken van de Grotestraat en de Maasboulevard. De bestemming ‘Woongebied – Uit te werken’ biedt voldoende mogelijkheden om een gewenste mix van grotere en kleinere woonpercelen te realiseren. Echter, het uitvoeren van het woningbouwprogramma in aantallen blijft een doel op zich en vormt een voorwaarde voor de uiteindelijke stedenbouwkundige invulling.

Zodra het Nutriaterrein vrij komt en de laatste onderzoeken aldaar kunnen worden uitgevoerd, zal ook de stedenbouwkundige visie worden geactualiseerd en een beeldkwaliteitsplan worden opgesteld. Daarbij zal participatie van belangstellenden en belanghebbenden een plaats krijgen. Voor de Merlet-buurt betekent dit dat in het ontwerpbestemmingsplan in de nieuwe bestemming ‘Woongebied’ alleen nog vrijstaande woningen worden toegestaan en gestapelde woningen (twee bouwlagen) voor het CPO Wonen voor Gevorderden. De grootte van de percelen en het aantal vrijstaande woningen wordt niet vastgelegd: beide volgen uit de bouwregels (afstand zijdelingse perceelgrens, minimale breedte van de woning). De percelen zullen niet dezelfde grootte krijgen als in de Kouwenberg, omdat het standpunt blijft dat een dergelijke grootte niet passend is bij de huidige woningbouwvraag. De huidige vraag in Cuijk richt zich vooral op meer bouwmogelijkheden op kleinere percelen.

16

3.

Cuijk naar de Maas?

Verbinding Kouwenberg met Maas (Vraag 6, vraag 7, bezwaar 5). In de stedenbouwkundige visie wordt het nieuwe woongebied verbonden met de Maas door meerdere paden en wegen vanaf de Grotestraat naar de Maasboulevard aan te leggen. Hierdoor ontstaan tevens diverse looproutes, ‘ommetjes‘ door de woonbuurt. Het zicht zal altijd eindigen bij de waterkering; de Maas en het achterliggende landschap is niet zichtbaar. Vanuit de geplande appartementen en dijkwoningen zal zicht ontstaan óver de waterkering op de Maas en het omliggende landschap. Tegenover de bestaande woning aan de Grotestraat 132 wordt een grotere, onbebouwde ruimte ingericht met parkeer- en groenvoorzieningen.

Zichtlijn bij Maasveld

Zichtlijn bij pad noordzijde Nutricia-terrein

Zicht vanaf de Maasboulevard richting Kouwenberg, rechts de karakteristieke villa Ulperhof, op de achtergrond de bomen langs de Grotestraat, bij het parkeerterrein van Van Schaijik en de achtertuinen van de Kouwenberg.

17

Het realiseren van zichtlijnen vanaf de Maas, feitelijk de Maasboulevard tot aan de groene ommanteling van de Kouwenberg, heeft een beperkte belevingswaarde. De Kouwenberg kenmerkt zich onder andere door de grotendeels naar binnen gekeerde structuur met beperkte zichtbaarheid in het straatbeeld van de Hapsebaan, Jan van Cuijkstraat, Het Zand en de Grotestraat. Vanaf de straat Kouwenberg zijn er geen directe zichtlijnen aanwezig naar het plangebied: het is een afgesloten rand van groenvoorzieningen en achtertuinen. Bij de definitieve stedenbouwkundige invulling van de Nutricia-buurt kunnen de zichtlijnen mogelijk anders ingetekend worden: het voorontwerpbestemmingsplan biedt daar nu ook al de mogelijkheid voor. In de huidige stedenbouwkundige visie is, naast de zichtlijnen vanaf de doorgaande Grotestraat naar de Maasboulevard, ook een zichtlijn opgenomen gericht op het karakteristieke deel van de gevel van de Nutriciafabriek. De villa Ulperhof en een deel van de gevel van de Nutricia zijn door het college in 2011 vastgesteld als karakteristiek objecten en daarmee als potentieel monumenten. Het gaat specifiek om twee gevels uit circa 1880 en 1930, de vroege groeiperiode van de melkfabriek. Het college kiest er voor om de gevels te gebruiken om de cultuurhistorische ontwikkeling van Cuijk fysiek in stand te houden en als markant punt binnen de nieuwe woonbuurt.

De stedenbouwkundige visie laat zien dat de gevels in te passen zijn. Het aanpassen of (gedeeltelijk) slopen van de villa en gevels kan alleen onder strenge voorwaarden overwogen worden. De villa en de gevels worden planologisch beschermd door een aanlegvergunningstelsel voor sloopwerkzaamheden.

Karakteristieke gevels melkfabriek

Karakteristieke villa Ulperhof

Planologisch worden tussen de Grotestraat en de Maasboulevard appartementengebouwen toegestaan met een maximum bouwhoogte van 18 meter, wat neerkomt op 5 á 6 bouwlagen. In de stedenbouwkundige visie is een appartementengebouw opgenomen gekoppeld aan de karakteristieke gevels van de Nutriciafabriek. In het realiseren van appartementengebouwen met massa’s en hoogtes vergelijkbaar met de Cuijkse Cantheelen of het Maasveld is niet voorzien. Tussen Grotestraat en Maasboulevard is stedenbouwkundig ingezet op het bieden van een niet eerder gerealiseerd woonmilieu langs de Maas: een buurt waarin de woningen

18

echt aan de dijk zijn gesitueerd wat een unieke woonbeleving oplevert. De dijkbebouwing bestaat voor een groot deel uit grondgebonden rijwoningen met een bouwhoogte van 3 en 4 lagen op de dijk. Ter plaatse van de te handhaven gevel is een bijzonder woongebouw gedacht. Dit gebouw zorgt aan de dijk voor herkenning door zijn hoogte en uiterlijk. In dit gebouw komen appartementen. 4.

Grondreservering CPO-bouw

Status van inspraakprocedure (Vraag 4). De inspraakprocedure is opgenomen in de Inspraakverordening Cuijk 2005 en behelst een terinzagelegging volgens afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, met als afwijking een termijn van terinzagelegging van vier in plaats van zes weken (raadsbesluit 18 april 2011). De inspraakreacties worden gebundeld en van overwegingen voorzien, inclusief de voorgestelde verwerking in het ontwerpbestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan wordt vervolgens besproken door het college en voor advies voorgelegd aan de Commissie Ruimte. De commissie heeft aandacht voor de overweging en de verwerking van de inspraakreacties door het college. Het advies van de commissie is een politiek signaal of de maatschappelijke voorbereiding van het ontwerpbestemmingsplan naar behoren is uitgevoerd. Het gaat bij deze vorm van inspraak om het beiden van gelegenheid om te reageren op een globaal of gedetailleerd ruimtelijk initiatief. In veel gevallen betreft het een voorontwerpbestemmingsplan dat beschouwd kan worden als een concept ontwerpbestemmingsplan. De wettelijk voorgeschreven bestemmingsplanprocedure is dan nog niet gestart, zo dat er ruimte is om aanpassingen te maken waar nodig of gewenst. Daarbij wordt gezocht naar een balans tussen het belang van de initiatiefnemer en de belangen van de omgeving. Grondreservering in Merlet-buurt (Bezwaar 3).

In de voorbereidingen van het voorontwerpbestemmingsplan is een verzoek binnengekomen van het CPO Wonen voor gevorderden om veertien appartementen en een vrijstaande woning te mogen realiseren in de Merlet-buurt. De gemeente stimuleert particuliere woningbouwinitiatieven, zoals recent de CPO initiatieven in Beers, Haps en bij de Cuijkse Cantheelen. Het is wenselijk om in een nieuwe woonwijk ruimte te maken – te reserveren voor één of meerdere CPO initiatieven, naast het uitgeven van kavels aan particulieren. De gevraagde woningen (appartementen en één vrijstaande woning) worden passend geacht in de visie en voorziene structuur van de Merlet-buurt. Om het CPO de gelegenheid te bieden concreet verder te gaan met ontwikkeling van hun initiatief is reeds een grondreserveringsovereenkomst gesloten. Stedenbouwkundig gezien wordt één van de drie zijden niet langer ingevuld door grondgebonden woningen, maar door een rij gekoppelde appartementen. Het gaat in deze meer om het wisselen van woningtype, dan het aanpassen van structuur en bouwmassa’s. Het gaat om een totaal van veertien woningen op een totaal van honderdvijfenzestig. Planologisch wordt het initiatief mogelijk gemaakt in het ontwerpbestemmingsplan, terwijl ter plaatse ook de mogelijkheid van vrijstaande woningen wordt opgenomen.

Mocht het CPO initiatief onverhoopt geen doorgang vinden, dan kunnen alsnog vrijstaande woningen worden gerealiseerd. Het concept beeldkwaliteitsplan voor de Merlet-buurt en het ontwerpbestemmingsplan worden aangepast om het CPO initiatief mogelijk te maken.

19

Concept beeldkwaliteitsplan Merlet-buurt

Voorstel in principeverzoek CPO Wonen voor

(Bijlage 2 VOBP)

gevorderden

3D beeld van voorstel in principeverzoek CPO Wonen voor gevorderden 5.

De Merlet-buurt

Opzet Merlet-buurt (Vraag 8, Vraag 9). De opzet van de Merlet-buurt wordt aangepast, zoals uiteengezet in de overweging bij vraag 5. Er worden alleen nog vrijstaande woningen toegestaan op ruime percelen. Ook het woonperceel bij de rotonde is opnieuw planologisch en stedenbouwkundig overwogen. Door minder woningen te realiseren op ruimere percelen ontstaat de mogelijkheid om een beter passende hoekoplossing te vinden. Het concept beeldkwaliteitsplan Merlet-buurt wordt aangepast op bovenstaande onderdelen. Gelijktijdig met het ontwerpbestemmingsplan wordt het ontwerp-beeldkwaliteitsplan Merlet-buurt ter inzage gelegd als gewenste toevoeging op de Welstandsnota. Verder zijn in de Merlet-buurt twee aanpassingen opgenomen die leiden tot het behoud en de ontwikkeling van bestaand groen. Vanaf de Hapsebaan wordt de bestaande groeninrichting naast de woning Kouwenberg 24b behouden en krijgt de bestemming ‘Groen’. Voor het informele ‘bospad’ tussen het kerkhof en het voormalige schoolterrein geldt hetzelfde. Het bosplantsoen ten noorden van het Kerkhofpad behoud de bestemming ‘Groen’, maar het huidige grasveld – het toekomstige openbare parkeerterrein voor de Merlet-buurt – krijgt de bestemming ‘Woongebied’. Echter, in laatstgenoemde bestemming blijven groenvoorzieningen toegestaan. De definitieve inrichting zal bestaan uit een van parkeerterrein ‘in het groen’.

20

Herinrichting Kerkhofpad Een deel van het Kerkhofpad ligt in het plangebied van het voorontwerpbestemmingsplan en de stedenbouwkundige visie (vraag 8, inspreker 3). Een eventuele herinrichting van het Kerkhofpad blijft in de huidige plannen beperkt tot het deel gelegen in het plangebied. Herinrichting Grotestraat In de stedenbouwkundige visie zit wel een herinrichting van de Grotestraat, waarbij het huidige tracé van de Grotestraat wordt gevolgd, met een smallere rijbaan. Het bochtiger maken van de Grotestraat om de verkeersveiligheid te vergroten en beter aan te sluiten bij het wijkbeeld is niet opgenomen in de stedenbouwkundige visie en het voorontwerpbestemmingsplan. Naam Kouwenberg-buurt Om verwarring te voorkomen wordt de naam Kouwenberg-buurt niet langer gebruikt in het ontwerpbestemmingsplan en de concept stedenbouwkundige visie. Het betrof een werknaam om de drie deelgebieden makkelijker te onderscheiden: Merlet-buurt, Kouwenberg-buurt en Maasboulevard. In het ontwerpbestemmingsplan, de concept stedenbouwkundige visie en het ontwerpbeeldkwaliteitsplan wordt voortaan gesproken van de Merlet-buurt, de Nutricia-buurt en Maasboulevard. Verbinding Kouwenberg met Merlet-buurt (Vraag 10, Bezwaar 6). De in de concept stedenbouwkundige visie ingetekende langzaamverkeersverbinding (voetpad) tussen de Kouwenberg en de Merlet-buurt bij de woning Kouwenberg 24b komt te vervallen.

In het aangepast ontwerp voor de Merlet-buurt blijft de huidige situatie in stand: -

de bestaande groenvoorziening tussen Kouwenberg 24b en het voormalige schoolterrein

-

in aansluiting op de groenvoorziening komt een woonperceel dat, net als alle andere

blijft behouden en krijgt in het ontwerpbestemmingsplan de bestemming ‘Groen’; woningen in de Merlet-buurt, ontsloten zal worden via het Kerkhofpad op de Grotestraat. -

het informele bospad van de Kouwenberg naar het Kerkhofpad, gelegen tussen het kerkhof en het voormalige schoolterrein blijft behouden en krijgt in het ontwerpbestemmingsplan de bestemming ‘Groen’.

-

Het Kerkhofpad blijft verbinding houden met de Kouwenberg en is net als het informele bospad gericht op langzaam verkeer (voetgangers, fietsers). Indien nodig wordt een verkeersbesluit genomen.

Verwerking in ontwerpbestemmingsplan: 1.

Aanpassing van de toelichting door een aanvulling op paragraaf 5.11 Waterparagraaf waarin onder andere het riool- en waterbergingsstelsel en de relatie met de Kouwenberg is opgenomen. (Bezwaar 2)

2.

Aanpassing van de verbeelding en de regels om alleen vrijstaande woningen mogelijk te maken in de Merlet-buurt, met uitzondering van gestapelde woningen voor het CPO Wonen voor Gevorderden. (Vraag 3)

3.

Aanpassing van de verbeelding en regels om het CPO initiatief in te passen (Vraag 4, Bezwaar 3)

4.

Aanpassing van de regels om de woningaantallen en woningtypen flexibeler in te kunnen zetten in het gehele plangebied. (Vraag 3)

5.

Aanpassing van de verbeelding en regels om de bestemming ‘Groen’ toe te kennen aan de huidige groenvoorziening naast Kouwenberg 24b en het informele bospad (Vraag 10).

21

6.

Aanpassing op de verbeelding van de bestemming ‘Groen’ door deze te verkleinen ten noorden van het Kerkhofpad. In de nieuwe bestemming ‘Woongebied’ blijven groenvoorzieningen mogelijk (medebestemming) (Vraag 10)

4.

Ambtshalve wijzigingen

4.1

Ambtshalve wijzigingen 1.

De naam van het bestemmingsplan is veranderd naar ‘Cuijk Centrum, Grotestraat Zuid’, waardoor de plannaam aansluit op de plannaamsystematiek die sinds 2009 gebruikt wordt.

2.

De aanduiding ‘gestapeld’ tussen de Grotestraat en de Maasboulevard is verkleind en ligt in het ontwerpbestemmingsplan tussen de nieuw ingetekende weg (alternatief pag. 12) en de grens met de aanduiding ‘overige zone – voorwaardelijke verplichting vleermuizen’.

3.

Het archeologisch onderzoek van het Merlet-terrein is afgerond. Er is een selectiebesluit genomen waarin is vastgelegd dat de verwachtingswaarde (zeer) laag is op een klein gedeelte van het terrein na. Alleen voor dat gedeelte is nog een planologische regeling opgenomen ter bescherming van de hoge verwachtingswaarde (dubbelbestemming Archeologie – Merlet). Het gaat om de locatie van één woning.

4.

Er is opdracht gegeven voor een boomeffectanalyse van de aanwezige monumentale bomen en zijn in afwachting van de resultaten. Indien mogelijk (en nodig) worden de resultaten nog verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan, anders bij de vaststelling van het bestemmingsplan.

5.

Er is opdracht gegeven voor het opstellen van een notitie Stikstofdepositie en zijn in afwachting van de resultaten. Indien mogelijk (en nodig) worden de resultaten nog verwerkt in het ontwerpbestemmingsplan, anders bij de vaststelling van het bestemmingsplan. De voorlopige conclusie is dat op basis van de Aeriusberekening geen vergunningplicht bestaat voor de gebruiksfase (depositie op natura-2000 is 0,00 mol N/ha/jaar) en derhalve kan op basis van de partiële vrijstelling voor bouwactiviteiten (opgenomen in artikel 2.9a Wnb) deze bouwfase worden vrijgesteld van beoordeling.

22

Inventarisatie ruimtelijke aspecten T.b.v. aanmelden ruimtelijk plan bij provincie Noord-Brabant Doel van het formulier De gemeente kan met behulp van dit formulier de kennisgeving van een plan of besluit in het kader van de Wro en Wabo elektronisch toezenden aan de Provincie Noord-Brabant. Met dit formulier is beoogd de procedure rond het wettelijk vooroverleg te verkorten. Op basis van de ingevulde ruimtelijke aspecten kan in veel gevallen worden volstaan met het invullen van het formulier. In die gevallen ontvangt u via de e-mail een afschrift van de inventarisatie van de ruimtelijke aspecten in pdf-formaat en is daarmee het wettelijk vooroverleg direct afgerond. Het is daarom van belang dat u het formulier zo volledig mogelijk invult. Wij vragen u het ingevulde formulier (pdf) eveneens toe te voegen wanneer u het ontwerpbestemmingsplan aanbiedt. In sommige gevallen geven de ruimtelijke aspecten ons aanleiding om het voorontwerp nader te beoordelen. In dat geval wordt u doorgeleid in het formulier en wordt u gevraagd nadere plangegevens in te vullen. Na ontvangst van het plan door de provincie Noord-Brabant ontvangt u een ontvangstbevestiging en wordt het plan verder in procedure gebracht. Binnen 6 weken na ontvangst van het voorontwerp ontvangt u een reactie van het Cluster Ruimte van de provincie Noord-Brabant.

Toelichting bij dit formulier - Vragen voorzien van een *-teken zijn verplicht om in te vullen. - Vragen voorzien van een hebben een toelichting die verschijnt door met uw muis op de te staan.

Proclaimer Het invullen van het formulier maakt onderdeel uit van een wettelijke procedure. U vult het formulier in namens het college van burgemeester en wethouders. Het is daarom van belang dat u het formulier volledig en juist invult. Aan het invullen van het formulier kunnen geen rechten worden ontleend.

Vervolg Het aanmelden van het ontwerp en vastgestelde bestemmingsplan blijft verplicht ook wanneer het vooroverleg naar aanleiding van het ingevulde formulier geen aanleiding gaf tot een inhoudelijke reactie. Bij de aanmelding van het ontwerpplan vragen wij u daarom het pdfbestand van het eerder ingevulde formulier bij te voegen. Mocht het ontwerpplan ten opzichte van het voorontwerp zodanig zijn veranderd, vragen wij u de inventarisatie van ruimtelijke aspecten opnieuw in te vullen en mee te zenden met het ontwerp.

Voor het volledig invullen van dit formulier heeft u in ieder geval nodig: - Gegevens van het ruimtelijk plan - de Verordening ruimte Noord-Brabant, voor zover een toelichting op de ruimtelijke aspecten gewenst is.

Vragen of contact Heeft u nog vragen bij het invullen van het formulier of zijn er andere vragen dan kunt u contact opnemen met de provincie Noord-Brabant via e-mail naar PlanbegeleidingRO@brabant.nl of via het telefoonnummer 06 52794292. Verder >>

Kennisgeving van het plan Wilt u een voorontwerp van een onderstaand type melden? bestemmingsplan wijzigingsplan

Ja

uitwerkingsplan omgevingsvergunning

Wij vragen u om een actuele inventarisatie van relevante ruimtelijke aspecten. Ga door met het invullen van de inventarisatie.

Inventarisatie belangen door gemeente Betreft het plan een Geen van bovenstaande Welke onderdelen m.b.t. ligging zijn van toepassing Bestaand stedelijk gebied en stedelijke ontwikkelingen Verder >>

Vragen Stedelijke Ontwikkeling De wet schijft voor dat iedere stedelijke ontwikkeling gepaard moet gaan met een verantwoording omtrent de zogenaamde ‘Ladder van duurzame verstedelijking’ zoals is opgenomen in artikel 3.1.6, lid 2 van het Besluit ruimtelijke ordening. Deze ladder vraagt een zorgvuldige afweging over ruimtegebruik. Is er behoefte aan een nieuwe stedelijke ontwikkeling? kan die behoefte dan binnen bestaand stedelijk gebied worden gerealiseerd? Als dat niet kan, is de nieuwe locatie dan passend ontsloten? Uitspraken van de Raad van State laten zien dat de toepassing van de Ladder extra aandacht verdient. Een aantal elementen uit de Ladder hebben een plaats in de Verordening ruimte 2014. Daarnaast vragen wij uw specifieke aandacht voor de toepassing voor de overige elementen van de ‘Ladder’. Wij verwijzen u daarom naar de handreiking ‘Ladder van duurzame verstedelijking’ van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu. Welke onderdelen m.b.t. stedelijke ontwikkeling zijn van toepassing Bestaand stedelijke gebied Verder >>

Vragen Stedelijke Ontwikkeling in Bestaand stedelijk gebied Bestaand stedelijk gebied Woningen Woningen Nieuwbouw van woningen Passen deze woningen binnen de in het RRO gemaakte afspraken? Ja Verder >>

Vragen Aanduidingen Naast de ligging binnen een structuur kan er ter plaatse van de ontwikkeling sprake zijn van een aanduiding. Indien de ontwikkeling is gelegen binnen een aanduiding gelden aanvullende bepalingen. Voor de betreffende bepalingen verwijzen wij u naar de betreffende artikelen die in dat geval aan de orde zijn. Veelal gaat het om een verantwoording op welke wijze rekening is gehouden met de specifieke waarde of functie binnen dat gebied. In andere gevallen kan het stellen van nadere regels aan de orde zijn. Welke aanduidingen zijn van toepassing Geen aanduiding van toepassing

Kwaliteitsverbetering Heeft uw gemeente in het kader van het RRO afspraken gemaakt over de kwaliteitsverbeteringen van het landschap Kwaliteitsverbetering van het landschap is niet van toepassing Verder >>

Plangegevens Plannaam

Bestemmingsplan Grotestraat Zuid, Cuijk

Plan_IDN (conform IMRO2008)

NL.IMRO.1684.BPCuGrotestrZ-VO01

Gegevens gemeente Deze gegevens worden gebruikt om de inventarisatie na afronding te kunnen toesturen. Daarnaast wordt een afschrift door de provincie bewaard voor monitoringsdoeleinden.

Gemeente Gemeente

Cuijk

Correspondentieadres De laatst bekende adresgegevens worden getoond zoals bekend uit aanmelding ruimtelijke plannen. Corrigeer of vul aan wanneer dit niet correct is of ontbreekt. door postcode en postbus/huisnr in te voeren. Gebruik geen punten. Postcode

5360 AA

Huis- of postbusnummer* 7 Straatnaam

Postbus

Plaats

Grave

Contactpersoon voor dit plan Aanspreektitel

Dhr.

Voorletter(s)

M.

Achternaam

Brugman

E-mailadres

mattijs.brugman@cgm.nl

Controle E-mailadres

mattijs.brugman@cgm.nl

Verder >>

Samenvatting van het formulier U heeft aangegeven dat onderstaande aspecten van toepassing zijn op het plan:

Stedelijke Ontwikkeling - Bestaand stedelijk gebied - Woningen - Nieuwbouw van woningen - Passen deze woningen binnen de in het RRO gemaakte afspraken Ja Aanduidingen Naast de ligging binnen een structuur kan er ter plaatse van de ontwikkeling sprake zijn van een aanduiding. Indien de ontwikkeling is gelegen binnen een aanduiding gelden aanvullende bepalingen. Voor de betreffende bepalingen verwijzen wij u naar de betreffende artikelen die in dat geval aan de orde zijn. Veelal gaat het om een verantwoording op welke wijze rekening is gehouden met de specifieke waarde of functie binnen dat gebied. In andere gevallen kan het stellen van nadere regels aan de orde zijn.

- Geen aanduiding van toepassing Kwaliteitsverbetering - Kwaliteitsverbetering van het landschap is niet van toepassing. Wettelijk vooroverleg afgerond Provinciale Staten hebben de hoofdlijnen van het provinciaal ruimtelijk beleid vastgelegd in de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening en de te beschermen provinciaal ruimtelijke belangen in de Verordening ruimte Noord-Brabant. In het kader van het wettelijk vooroverleg heeft u het e-formulier ingevuld. Wij hebben ons beperkt tot de vraag hoe het bestemmingsplan zich verhoudt tot de provinciale belangen die op basis van het provinciaal ruimtelijk beleid relevant zijn. Het door u ingevulde formulier over de in het voorontwerp betrokken ruimtelijke aspecten geeft ons geen aanleiding tot het maken van opmerkingen. U kunt het wettelijk vooroverleg dan ook als afgerond beschouwen. Wij benadrukken hierbij dat de bepalingen in de Verordening ruimte Noord-Brabant onverkort van kracht blijven. Zo zal elke ontwikkeling binnen de groenblauwe mantel een positieve bijdrage moeten leveren aan bescherming en ontwikkeling van aanwezige waarden en zal elke ruimtelijke ontwikkeling in het buitengebied gepaard moeten gaan met kwaliteitsverbetering van het landschap.

Voor stedelijke ontwikkelingen, ook in bestaand stedelijk gebied zal in het plan een verantwoording moeten worden opgenomen over het toepassen van de ‘ladder van duurzame verstedelijking’. Een aantal elementen uit de Ladder hebben een plaats in de Verordening ruimte Noord-Brabant. Daarnaast vragen wij uw specifieke aandacht voor de toepassing voor de overige elementen van de ‘Ladder’. Wij verwijzen u daarom naar de handreiking ‘Ladder van duurzame verstedelijking’ van het ministerie van Infra structuur en Milieu. Veelal zijn over de kwaliteitsverbetering en de toepassing van de ladder van duurzame verstedelijking afspraken gemaakt in het kader van het Regionaal Ruimtelijk Overleg (RRO). Bovendien kan het zijn dat op basis van een aanduiding zoals deze zijn opgenomen in de Verordening ruimte Noord-Brabant een nadere verantwoording vraagt. Wij verzoeken u nadrukkelijk daar rekening mee te houden. In het kader van het ontwerpplan zullen wij, in die gevallen waar dat nodig is, gelet op provinciale belangen een zienswijze indienen. Hoewel het vooroverleg voor dit plan is afgerond, verzoeken wij u dit ingevulde formulier bij de aanmelding van het ontwerpplan mee te sturen of het e-formulier opnieuw in te vullen wanneer wijzigingen in het ontwerpplan daartoe aanleiding geven.

Invuldatum inventarisatie Ik verklaar dat het formulier naar waarheid en volledig is ingevuld.

Dit formulier is verstuurd op 15-03-2021

15-03-2021

Kennisgeving van het plan en plangegevens Welk type plan wilt u aanmelden

Bestemmingsplan

Status plan Waarvan wilt u ons in kennis stellen? Voorontwerp plan

Plannaam

Bestemmingsplan Grotestraat Zuid, Cuijk

Plan-IDN (conform IMRO2012) NL.IMRO.1684.BPCuGrotestrZ-VO01

Ambtelijk contact Heeft er buiten de normale procesgang (aanmelding voorontwerp en/of ontwerp) over dit project ambtelijk contact plaatsgevonden tussen gemeente en provincie? Nee

Aard van het plan Ligt de ontwikkeling in het buitengebied? Nee U ontvangt binnen 6 weken onze reactie.

Gegevens gemeente Gemeente

Cuijk

Correspondentieadres Postcode

5360 AA Huis- of postbusnummer* 7

Straatnaam

Postbus

Plaats

GRAVE

Huisnummertoevoeging

Contactpersoon voor dit plan Aanspreektitel

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=CuijkGraveMill&id=527012a5-aad2-4bb3-9064-70bef526c064