06 Raamweg Cuijk_toelichting_vastgesteld_01 - Toelichting BP Raamweg Cuijk VA.pdf
Tekst van het document
Pagina | 2
BESTEMMINGSPLAN RAAMWEG CUIJK
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 3
VERANTWOORDING EN STATUS Titel:
bestemmingsplan ‘Raamweg Cuijk’
Opdrachtgever: Contactpersonen:
JP Real Estate I BV, Bonkelaar 14 te 6595 CC Ottersum de heren L.J.P. Arts en A.R.J. Graat
Aantal pagina’s:
50
e
1 concept: e 2 concept: e 3 concept: e 4 concept: e 5 concept: e 6 concept: e 7 concept: Ontwerp: Definitief:
03-06-2019 10-06-2019 18-09-2019 25-09-2019 06-04-2020 08-04-2020 27-08-2020 22-10-2020 21-06-2021
Opsteller:
mr. A.W.C.M. Jansen
paraaf:
Controleur:
mr. J.C.M.G. Beusmans
paraaf:
COLOFON BEUSMANS & JANSEN Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening Post- en kantooradres: Steeg 12 5975 CE Sevenum T/F: 077-3745817 M: 06-30202996 E: I:
beusmans-jansen@kpnplanet.nl www.beusmans-jansen.nl
© 2021 Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem gebruikt worden voor het doel waarvoor het is vervaardigd en met inachtneming van de rechten die voortvloeien uit de wetgeving op het gebied van het intellectuele eigendom. De auteursrechten van dit document blijven berusten bij Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening. Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of enig andere manier, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening. Beusmans & Jansen, Onderzoek & Advies in Ruimtelijke Ordening geeft in ieder geval geen toestemming aan de opdrachtgever om dit document te gebruiken of te laten gebruiken indien facturen niet of niet volledig voldaan zijn. Alle rechten voorbehouden.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 4
PLANTOELICHTING
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 5
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING 1.1 Aanleiding en doel van het bestemmingsplan 1.2 Ligging plangebied 1.3 Voorgaande plannen 1.4 Leeswijzer
7 7 7 8 9
HOOFDSTUK 2 ANALYSE VAN HET PLANGEBIED EN PLANBESCHRIJVING 2.1 Analyse van het plangebied e.o. 2.2 Ruimtelijke ontwikkeling
10 10 11
HOOFDSTUK 3 BELEIDSKADER 3.1 Rijksbeleid 3.2 Provinciaal beleid 3.3 Gemeentelijk beleid
15 15 18 22
HOOFDSTUK 4 MILIEU-PLANOLOGISCHE ASPECTEN EN ONDERZOEKEN 4.1 Geluidhinder 4.2 Bodem 4.3 Luchtkwaliteit 4.4 Geur 4.5 Bedrijven en milieuzonering 4.6 Externe veiligheid 4.7 Niet Gesprongen Explosieven (NGE) 4.8 Ecologie 4.9 Cultuurhistorie en archeologie 4.10 Verkeer en parkeren 4.11 Waterhuishouding
24 24 24 25 27 27 28 31 31 34 35 37
HOOFDSTUK 5 JURIDISCHE VORMGEVING 5.1 Algemeen 5.2 Planmethodiek 5.3 Toelichting op de verbeelding 5.4 Toelichting op de regels
41 41 41 41 42
HOOFDSTUK 6 UITVOERBAARHEID 6.1 Economische uitvoerbaarheid: kostenverhaal en planschade 6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid: omgevingsdialoog
44 44 44
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 6
HOOFDSTUK 7 HANDHAVING 7.1 Algemeen 7.2 Visie handhaving plangebied 7.3 Middelen
45 45 45 45
HOOFDSTUK 8 PROCEDURE 8.1 Overleg ex artikel 3.1.1 Bro 8.2 Inspraak voorontwerpbestemmingsplan 8.3 Procedure ontwerpbestemmingsplan
46 46 46 46
BIJLAGEN BIJ TOELICHTING
47
Bijlage 1: Behoefteonderzoek en LDV Bijlage 2: Situatietekening Bijlage 3: Verkennend bodemonderzoek Bijlage 4: Verkennend asbestonderzoek Bijlage 5: Nader asbestonderzoek Bijlage 6: Onderzoek luchtkwaliteit Bijlage 7: Quickscan externe veiligheid en beperkte groepsrisicoverantwoording Bijlage 8: Stikstofonderzoek Bijlage 9: Quickscan flora en fauna Bijlage 10: Wateronderzoek/watertoets Bijlage 11: Omgevingsdialoog Bijlage 12: Nota van Zienswijzen
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 7
HOOFDSTUK 1 1.1
INLEIDING
Aanleiding en doel van het bestemmingsplan
KFC (volledige naam: Kentucky Fried Chicken) is een Amerikaanse fastfoodketen die kipproducten verkoopt. Momenteel telt KFC ca. 63 vestigingen in Nederland (alle restaurants zijn franchiserestaurants) en behoort hiermee tot de belangrijkste vertegenwoordigers van de fastfoodrestaurants in Nederland. Er bestaan twee verschillende vestigingsmilieus voor KFC-vestigingen: centrumstedelijke locaties of perifere locaties. Vooral op perifere locaties (bijvoorbeeld langs snelwegen, op stations en luchthavens) neemt het aantal KFC-vestigingen nog steeds toe. Als onderdeel van deze bedrijfsontwikkeling heeft KFC Nederland nu ook het voornemen om op de locatie aan de Raamweg (langs de A73) te Cuijk een nieuw (fastfood)restaurant te realiseren en exploiteren. Deze nieuwe KFC-locatie moet gaan bestaan uit een restaurant met een terras, een zogenaamde ‘drive thru lane’ met 2 wachtplekken en 45 parkeerplaatsen (op eigen terrein) en een reclamezuil van maximaal 8 meter hoog (eveneens op eigen terrein). Ter plaatse geldt het bestemmingsplan ‘Cuijk, Heeswijkse Kampen 2014’ met de bestemming ‘Groen’. De bouw- en gebruiksregels van deze bestemming staan geen horecafuncties toe.
Ook bevat het bestemmingsplan zelf geen bevoegdheid om de bestemming ‘Groen’ te wijzigen in ‘Horeca’, zodat een reguliere bestemmingsplanprocedure dient te worden gevolgd om de locatie aan de Raamweg een passende bestemming te geven. Het voorliggende bestemmingsplan 'Raamweg Cuijk' voorziet in een adequate planologisch-juridische regeling ten behoeve van de realisatie van het nieuwe KFC-(fastfood)restaurant. Het bestemmingsplan 'KFC Raamweg Cuijk' bestaat uit een digitale en analoge verbeelding met de daarbij behorende regels waaraan een toelichting is toegevoegd. Naast de digitale versie is er tevens een versie op papier van het bestemmingsplan beschikbaar.
1.2
Ligging plangebied
Het plangebied van het onderhavige bestemmingsplan is gelegen binnen de bebouwde kom van Cuijk op circa 1 kilometer ten westen van het centrum van Cuijk. Het plangebied is kadastraal bekend als gemeente Cuijk, sectie M, nummers 821 (ged.) en 677 (ged.) en plaatselijk bekend als Raamweg (ong.) te Cuijk. Het 2 plangebied heeft een omvang van 3970 m .
topografische ligging plangebied
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 8
Op onderstaande afbeelding wordt de begrenzing van het plangebied weergegeven.
plangebied
1.3
Voorgaande plannen
Voor het plangebied vigeert het volgende bestemmingsplan:
Naam bestemmingsplan
Bestemmingen en aanduidingen
Vaststelling Raad
- Cuijk, Heeswijkse Kampen 2014
- Groen - vrijwaringszone-radar - overige zone-funnel
- 16 juni 2014
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 9
uitsnede verbeelding vigerend bestemmingsplan
De bouw- en gebruiksregels van het bestemmingsplan staan ter plaatse geen restaurants of andere horecavoorzieningen toe. Uitsluitende openbare voorzieningen zoals openbaar groen, speelplaatsen, hondenuitlaatplaatsen, kunstwerken, verkeersvoorzieningen voor langzaam verkeer en parkeerplaatsen zijn toegestaan. Ook mogen gronden gebruikt worden voor extensief recreatief medegebruik. Gebouwen mogen niet gebouwd worden. Verder leggen de aanduidingsregels ‘vrijwaringszone-radar’ en ‘overige zone-funnel’ beperkingen op aan de bouwhoogten van bouwwerken in verband met de bescherming van het militaire vliegverkeer. Ter plaatse mag in ieder geval niet hoger gebouwd worden dan 65 meter boven NAP. Het beoogde KFC-restaurant kan dus niet gebouwd en geëxploiteerd worden binnen de huidige bestemmingsregels. Een herziening van dit bestemmingsplan ten behoeve van de beoogde bebouwing en het gebruik is derhalve noodzakelijk.
1.4
Leeswijzer
De plantoelichting bestaat uit de volgende delen. Na deze inleiding volgt hoofdstuk 2 met een analyse van het plangebied en een beschrijving van de beoogde ruimtelijke ontwikkeling (het plan). In hoofdstuk 3 wordt het plan getoetst aan het relevante rijks-, provinciale - en gemeentelijke beleid. Hoofdstuk 4 bevat een expliciete toetsing van het plan aan alle relevante milieu-planologische aspecten. De gevolgen voor de waterhuishouding (waterparagraaf) zijn beschreven in hoofdstuk 5. De juridische vormgeving van het bestemmingsplan wordt behandeld in hoofdstuk 6. Hoofdstuk 7 behandelt de economische uitvoerbaarheid van dit plan, de handhavingsaspecten en beschrijft de gevolgde procedure.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 10
HOOFDSTUK 2 ANALYSE VAN HET PLANGEBIED EN PLANBESCHRIJVING 2.1
Analyse van het plangebied e.o.
2.1.1 Korte historische schets Uit historisch kaartmateriaal uit omstreeks 1935 blijkt het plangebied e.o. nog volledig bebost was (figuur 1). Omstreeks 1970 bestond het plangebied uit weiland (figuur 2). Rond 2010 zijn rondom het plangebied meerdere wegen aanwezig, echter bestaat het plangebied tot op heden nog uit grasland (figuur 3). Het plangebied is derhalve voor zover bekend altijd onbebouwd en onverhard geweest.
historische kaarten (bron: www.topotijdreis.nl)
2.1.2 Ruimtelijke structuren en functies In het Structuurplan Cuijk en St. Agatha (1977) was de Heeswijkse Kampen aangewezen als het belangrijkste stedelijke uitbreidingsgebied. in vervolg hierop is in de jaren tachtig direct ten noorden van de Beersebaan het woongebied Heeswijkse Kampen zuid ontwikkeld. Voor de verdere ontwikkeling van het gebied is de Structuurvisie Heeswijkse kampen (1991) opgesteld. Het gebied bestaat in feite uit drie onderdelen: de woonwijken De Nielt en de Heeswijkse Kampen, de Heeswijkse Plas en het 'gemengde' gebied langs de Beersebaan en de snelweg A73. De ruimtelijke structuur van de woonwijken is opgebouwd uit de Heeswijkse Kampen noord en -zuid, De Nielt en de Eilanden. De Heeswijkse Plas is een ontgrondingenplas die deel uitmaakt van het veel grotere ontgrondingengebied Kraaijenbergse Plassen. De Heeswijkse Plas staat via Plas 1 en industrieterrein Haven Cuijk in verbinding met de Maas. Een andere structuurbepalende aanpassing was de aanleg van de snelweg A73. Vanwege de oversteek met de Maas en de kruising met regionale verbindingsweg N321 (Beersebaan) is een groot deel van de snelweg verhoogd aangelegd. Langs de Beersebaan en de snelweg A73 ligt een gebied dat als 'gemengd' beschreven kan worden. In het gebied zijn landbouwgronden, bedrijven, horeca en woningen aanwezig.
Deze gemengde functies zullen de komende tien jaar grotendeels blijven bestaan
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 11
2.1.3 Feitelijke staat van het plangebied e.o. Het plangebied zelf is volledig onbebouwd en onverhard. Het plangebied bestaat uit grasland. Aan de noorden oostzijde bevindt zich de Raamweg met aan de overzijde grasland en een kleine groenstrook. Aan de westzijde bevindt zich een onbemand tankstation (Tango) met daarnaast een ander fastfoodrestaurant (Mc Donald’s). Ten westen van het plangebied liggen de op- en afrit van de autosnelweg A73. Aan de zuidzijde bevindt zich een sloot, de Beersebaan en aan de overzijde grasland.
luchtfoto
2.2
Ruimtelijke ontwikkeling
2.2.1 Kentucky Fried Chicken KFC (volledige naam: Kentucky Fried Chicken) is een Amerikaanse fastfoodketen die kipproducten verkoopt. Momenteel telt KFC 63 vestigingen in Nederland (alle restaurants zijn franchiserestaurants) en behoort hiermee tot de belangrijkste vertegenwoordigers van de fastfoodrestaurants, naast McDonald’s (250 vestigingen), Burger King (60 vestigingen), Febo (70 vestigingen), Subway (181 vestigingen) en Domino’s Pizza (250 vestigingen (BeNeLux)). KFC is een zeer eigentijdse mengvorm tussen een fastservicezaak en een restaurant, gericht op één specifiek basisproduct namelijk kip. De formule heeft een bijzondere aantrekkingskracht op automobilisten in algemene zin en op jongere leeftijdsgroepen in het bijzonder, die een voorkeur hebben voor laagdrempelige, prijsvriendelijke en landelijk bekende horecaformules (‘merken’). De opvallende expansie van KFC is een direct gevolg van deze populariteit. Te meer omdat deze formule qua locatie, inrichting en menukeuze goed gefaciliteerd is voor jongere leeftijdscategorieën en gezinnen met kinderen. Er bestaan twee verschillende vestigingsmilieus voor KFC-vestigingen: centrumstedelijke locaties of perifere locaties. Vooral op perifere locaties neemt het aantal KFC-vestigingen flink toe.
Deze ontwikkeling speelt in op de toenemende behoefte van consumenten om op zichtbare ‘traffic-locaties’ (op stations, vliegvelden, langs snelwegen, etc.,) doelgericht, voordelig en ‘efficiënt’ (snel) iets te eten en te drinken. Gemak en (auto)bereikbaarheid zijn hier belangrijker dan bijvoorbeeld sfeer of verblijfskwaliteit. Op dit soort locaties is het daarnaast meestal ook mogelijk om een drive thru lane (voor bestellingen vanuit de auto) te realiseren. De verblijfsduur op dit soort locaties is meestal kort.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 12
De afgelopen jaren is de omzet in maaltijdverstrekkende sectoren (restaurants en fastservice) landelijk sterk gegroeid ten opzichte van andere sectoren. Dit duidt erop dat het goed gaat met deze sectoren. Het aantal fastfood-restaurants groeit sterk in Nederland, inspelend op de consumentenbehoefte aan herkenbare, laagdrempelige, voordelige en goed bereikbare horecaformules. Het bezoekgedrag op ‘traffic-locaties’ als de onderhavige onderscheidt zich nadrukkelijk van horecabezoek in de hoofdcentra in de regio, die veel meer zijn gericht op sfeer en verblijfskwaliteit. Toevoeging van een fastserviceformule kan dus rekenen op draagvlak. Het voornemen van KFC om zich te vestigen aan de Raamweg te Cuijk past goed binnen dit streven.
2.2.2 Fastfoodrestaurant BRO te Boxtel heeft specifiek onderzoek verricht naar de behoefte aan en effecten van een nieuwe vestiging van KFC aan de Raamweg te Cuijk. Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar de rapportage van BRO die als bijlage 1 integraal deel uitmaakt van deze plantoelichting. Er is in Cuijk in kwalitatieve zin behoefte aan nieuwe restauratieve horeca, zoals Kentucky Fried Chicken. Er is voldoende marktruimte in de fastservicesector in het primaire verzorgingsgebied (de regio) voor de onderhavige ontwikkeling. Bovendien zal naar verwachting een wezenlijk deel van de omzet van buiten de regio komen, door de combinatie productformule en ligging aan de A73. De uitstekende bereikbaarheid van de ontwikkellocatie aan de Raamweg per auto, fiets en openbaar vervoer (bushalte Beersebaan Cuijk op ca. 450 meter afstand), in een regio met verhoudingsgewijs een beneden-gemiddeld aanbod van fastservicezaken en op McDonald’s, Subway en Domino’s Pizza na geen verdere landelijk bekende fastfoodrestaurant, zijn belangrijke kernkwaliteiten van de locatie. Samen met de naastgelegen McDonald’s is dit horecacluster nadrukkelijk complementair aan de centra in de regio, waaronder dat van Cuijk. Bovendien kan op deze locatie optimaal een drive thru lane (voor bestellingen vanuit de auto) in het plan worden geïntegreerd, evenals een verkeersveilige ontsluitingsroute.
De ontwikkeling speelt in op de toenemende behoefte van consumenten om op ‘traffic-locaties’ (op stations, vliegvelden, langs snelwegen, etc.,) doelgericht, voordelig en ‘efficiënt’ (snel) iets te eten en te drinken. Gemak, bereikbaarheid en een gematigd prijsniveau zijn hier belangrijker dan bijvoorbeeld sfeer of verblijfskwaliteit. Men verblijft veelal kort op deze locaties. Hiermee onderscheidt de locatie zich nadrukkelijk van bijvoorbeeld de hoofdwinkelcentra in de regio, waar sfeer en verblijfskwaliteit veel belangrijker zijn en mensen doorgaans aanmerkelijk langer verblijven. Deze nieuwe KFC-locatie moet gaan bestaan uit een restaurant met maximaal 400 m² bebouwd oppervlak, uitgevoerd met een platte afdekking met een goot-en bouwhoogte van max. 6,5 meter. Het restaurant wordt voorzien van een terras, een zogenaamde ‘drive thru lane’ met 2 wachtplekken, 45 parkeerplaatsen (op eigen terrein) en een reclamezuil van maximaal 8 meter hoog. Op onderstaande afbeelding is de beoogde inrichting van het terrein weergegeven. De terrein- en situatieschets is tevens als bijlage 2 bij deze plantoelichting gevoegd.
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
nrichting KFC-restaurant en terrein
gevelaanzichten restaurant
Pagina | 15
HOOFDSTUK 3 3.1
BELEIDSKADER
Rijksbeleid
3.1.1 Structuurvisie infrastructuur en ruimte Op 13 maart 2012 is de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) vastgesteld. De SVIR is het kader dat de (nieuwe) ruimtelijke en mobiliteitsopgaven voor Nederland richting 2040 benoemt. Een van de kernbegrippen in de Structuurvisie is decentralisatie. Dit kabinet wil beslissingen over ruimtelijke ontwikkelingen dichter bij burgers en bedrijven brengen en provincies en gemeenten letterlijk de ruimte geven om maatwerk te leveren voor regionale opgaven. Overheden, burgers en bedrijven krijgen de ruimte om oplossingen te creëren. Het Rijk gaat zo min mogelijk op de stoel van provincies en gemeenten zitten en richt zich op het versterken van de internationale positie van Nederland en het behartigen van de belangen voor Nederland als geheel, zoals de hoofdnetwerken voor personen- en goederenvervoer (waaronder buisleidingen), energie en natuur, alsook ondergrond en ruimte voor militaire activiteiten. Ook waterveiligheid en milieukwaliteit (lucht, geluid, bodem, water en externe veiligheid) horen daarbij, evenals de bescherming van ons werelderfgoed (zoals de Waddenzee en de Nieuwe Hollandse Waterlinie). Verstedelijkings-, landschaps- en bedrijventerreinenbeleid laat het Rijk over aan de provincies en gemeenten.
Rooilijnen langs rijkswegen In verband met de verkeersbelangen langs – onder meer – rijkswegen, hanteert Rijkswaterstaat een zogenoemd rooilijnenbeleid. Hiertoe dient een strook aan weerszijden van een autosnelweg vrij gehouden te worden van bebouwing, vanwege: mogelijke toekomstige reconstructies; de mogelijke aanleg van elektronische begeleiding van het wegverkeer; de aanwezigheid of de reservering van ruimte ten behoeve van een leidingstrook; het voorkomen van voor de weggebruiker afleidende effecten; het beperken van milieuhinder voor omwonenden. Deze overwegingen hebben geleid tot het vaststellen van een rooilijnenbeleid door Rijkswaterstaat, vastgelegd in de nota “Rooilijnen langs rijkswegen”. Dit beleid houdt in dat in een zone van 50 meter uit de as van de dichtstbij gelegen rijbaan van een autosnelweg een bouwverbod geldt (de ‘bebouwingsvrije zone’). Tot de rijbanen worden ook gerekend toe- en afritten naar/van andere wegen. Voor een zone van 50 meter tot 100 meter uit de as van de dichtstbij gelegen rijbaan van een rijksweg geldt een bouwverbod met een ontheffingsbevoegdheid van Burgemeester en Wethouders, na overleg met de wegbeheerder Rijkswaterstaat (de ‘overlegzone’). Planspecifiek Het plan wordt gerealiseerd ruim buiten de overlegzone (> 100 meter van de dichtstbij gelegen op- en afrit van de A73). Verkeersbelangen langs rijkswegen worden niet geschaad.
Verder zijn er geen andere nationale belangen gemoeid met het plan.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 16
3.1.2 Ladder voor Duurzame Verstedelijking De 'ladder voor duurzame verstedelijking' is in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) geïntroduceerd. Vanaf 1 juli 2017 moeten ruimtelijke plannen die een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maken worden getoetst aan de nieuwe Ladder Duurzame Verstedelijking. De grondslag voor de nieuwe Ladder-toets is het nieuwe artikel 3.1.6 lid 2 Bro. De toelichting bij een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling, en, indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. De Laddertoets moet worden uitgevoerd wanneer er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. In artikel 1.1.1 onder i van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip stedelijke ontwikkeling vastgelegd. Als stedelijke ontwikkeling wordt genoemd: 'ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.' In het Bro is geen ondergrens voor de minimale omvang vastgelegd. Of er sprake is van een stedelijke ontwikkeling wordt bepaald door de aard en omvang van de ontwikkeling in relatie tot de omgeving.
Voor 'andere stedelijke voorzieningen' wordt in een overzichtsuitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (ABRvS 28 juni 2017:ECLI:NL:RVS:2017:1724) gesteld, dat voor deze stedelijke functies als bedoeld in artikel 1.1.1 lid 1 onder i van het Bro in de vorm van een terrein 'in beginsel' geen sprake is van een 2 nieuwe stedelijke ontwikkeling als het ruimtebeslag minder dan 500 m bedraagt. Bestaat de andere stedelijke voorziening uit de toevoeging van een gebouw, dan ligt de ondergrens 'in beginsel' bij een 2 bruto-vloeroppervlakte (bvo) van minder dan 500 m . In artikel 1.1.1 onder h van het Bro is ook een nadere omschrijving van het begrip 'bestaand stedelijk gebied' vastgelegd. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. Uit de definitie volgt dat er sprake moet zijn van een stedenbouwkundig samenstel van bebouwing. In de Nota van Toelichting wordt opgemerkt dat de kwalificatie bestaand stedelijk gebied afhangt van de omstandigheden van het geval, de specifieke ligging, de feitelijke situatie, het bestemmingsplan en de aard van de omgeving.
Planspecifiek De ontwikkeling van de beoogde KFC-vestiging aan de Raamweg betreft de realisatie van een restaurant van 2 weliswaar slechts maximaal 400 m bvo, maar in combinatie met het mede te ontwikkelen buitenterrein (terras, ‘drive thru-lane’ met 2 wachtplekken, 45 parkeerplaatsen en een reclamezuil), leidt deze ontwikkeling 2 tot een ruimtebeslag van ca. 2200 m . De nieuwe ontwikkeling leidt- naast het fysieke ruimteslag door nieuwe bebouwing en extra verharding – tot een intensieve gebruik door de verkeersaantrekkende werking van het KFC en de aanwezig van gasten en personeel. Dit afgezet tegen het feit dat het bestaande bestemmingsplan vanwege de bestemming ‘Groen’ weinig tot geen nieuwe bebouwing alsmede geen horecafuncties toelaat, moet geconcludeerd worden dat de beoogde vestiging van de KFC-vestiging gezien moet worden als een ‘nieuwe (andere) stedelijke voorziening’. Het plangebied is gelegen binnen de verkeerskundige alsmede binnen de stedenbouwkundige bebouwde kom. BRO te Boxtel heeft het plan derhalve getoetst aan de relevante aspecten uit de ladder voor duurzame verstedelijking: behoefte, effecten en inpassing. Voor de volledige Laddertoetsing wordt verwezen naar de rapportage die als bijlage 1 integraal deel uitmaakt van deze plantoelichting.
Behoefte Er is in Cuijk in kwalitatieve zin behoefte aan nieuwe restauratieve horeca, zoals Kentucky Fried Chicken. Er is voldoende marktruimte in de fastservicesector in het primaire verzorgingsgebied (de regio) voor de onderhavige ontwikkeling. Bovendien zal naar verwachting een wezenlijk deel van de omzet van buiten de regio komen, door de combinatie productformule en ligging aan de A73.
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 17
De afgelopen jaren is de omzet in maaltijdverstrekkende sectoren (restaurants en fastservice) landelijk sterk gegroeid ten opzichte van andere sectoren. Dit duidt erop dat het goed gaat met deze sectoren. Het aantal fastfood-restaurants groeit sterk in Nederland, inspelend op de consumentenbehoefte aan herkenbare, laagdrempelige, voordelige en goed bereikbare horecaformules. Het bezoekgedrag op ‘traffic-locaties’ als de onderhavige onderscheidt zich nadrukkelijk van horecabezoek in de hoofdcentra in de regio, die veel meer zijn gericht op sfeer en verblijfskwaliteit. Toevoeging van een fastserviceformule kan dus rekenen op draagvlak. Het voornemen van KFC om zich te vestigen aan de Raamweg te Cuijk past goed binnen dit streven. Daarnaast blijkt uit cijfers van het CBS dat er sprake is van een opvallende schaalvergroting in de fastservicesector. Om aan zowel de hedendaagse consumentenwensen (ruimte, bereikbaarheid, keuze) als rendementseisen (omzetgroei) te voldoen hebben fastfoodrestaurants meer ruimte nodig. Met dit initiatief 2 voor een KFC-vestiging van maximaal 400 m wordt daaraan invulling gegeven. In het verzorgingsgebied van de gemeente Cuijk zijn momenteel drie McDonald’s-restaurants gevestigd, één op de ontwikkellocatie, één in Malden en één in Beugen.
Verder is er bij een tankstation tussen Haps en Boxmeer (langs de A73) weliswaar ook fastfood verkrijgbaar, maar dit is geen volwaardig fastfoodrestaurant maar eerder een klein deel van het assortiment van de tankshop. Er zijn relatief weinig fastfoodzaken en restaurants in het verzorgingsgebied die qua locatie, inrichting en menukeuze goed gefaciliteerd zijn voor jongere leeftijdscategorieën, gezinnen met (jonge) kinderen en zakelijk autoverkeer. Bereikbaarheid per auto en parkeergelegenheid in de directe omgeving is voor consumenten en zeker voor families een steeds belangrijker keuzemotief bij horecabezoek. De beoogde KFC speelt nadrukkelijk in op deze behoeften. Daarnaast voldoet de beoogde horecaformule, als verzorgingspunt, aan de behoefte van passerend autoverkeer over de A73. Aanvaardbaarheid effecten Er is in de afgebakende regio voldoende marktruimte voor de vestiging van de beoogde horecaformule. Bovendien zal KFC door de aantrekkingskracht op autoverkeer over de A73 naar verwachting relatief veel omzet genereren van buiten de regio. Dit betekent dat de omzeteffecten op het bestaande, relevante horeca-aanbod in de regio naar onze inschatting zeer beperkt zullen zijn. De ontwikkeling zal dus naar alle waarschijnlijkheid ook niet leiden tot extra leegstand in deze sector.
De effecten van de ontwikkeling op de bestaande aanbodstructuur in de regio worden derhalve beoordeeld als aanvaardbaar. Inpassing De beoogde ontwikkeling van een KFC-restaurant heeft een relatief grote ruimtebehoefte, namelijk circa 2200 m² grondoppervlak (inclusief parkeren, drive thru, etc.) en behoeft een verkeersveilige ontsluiting. Daarnaast is de formule in hoge mate afhankelijk van een goede bereikbaarheid per auto vanuit de regio en heeft het een belangrijke verzorgingsfunctie voor autoverkeer op de A73. De ligging van de ontwikkellocatie aan de belangrijkste ontsluitingsweg naar Cuijk, nabij de open afritten van de A73 en de realisatie van een eigen verkeersontsluiting, sluiten naadloos aan op deze behoefte. De dichtstbijzijnde bushalte ligt op ca. 450 meter loopafstand. Inclusief de naastgelegen vestiging van McDonald’s en tankstation Tango speelt de ontwikkeling in op de toenemende behoefte van consumenten om op ‘traffic-locaties’ doelgericht, prijsvriendelijk en ‘efficiënt’ (snel) iets te eten en te drinken. Gemak en bereikbaarheid zijn daarbij belangrijker dan bijvoorbeeld sfeer of verblijfskwaliteit, waar de hoofdwinkelcentra in de regio juist sterk in zijn. Men verblijft veelal kort op locaties als de onderhavige.
Binnen het bestaand stedelijk gebied van Cuijk, waaronder het centrum, is geen locatie beschikbaar die voldoet aan het beschreven profiel dan wel hiervoor binnen afzienbare tijd als zodanig kan worden ingericht. Hiermee kan de onderhavige locatie worden beoordeeld als meest geschikte optie en de ruimtelijke inpassing als goed.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 18
3.1.3 Besluit algemene regels ruimtelijke ordening In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening ((Barro) voorheen ook genoemd: AMvB Ruimte) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het besluit is op 30 december 2011 in werking getreden en op 1 oktober 2012 zijn enkele wijzigingen in werking getreden. Het Barro bevat alle ruimtelijke rijksbelangen uit de eerder uitgebrachte planologische kernbeslissingen (PKB's) en geeft middels regels en plankaarten (juridisch) de mogelijkheid om de rijksbelangen veel directer door te laten werken in de ruimtelijke plannen van andere overheden. De onderwerpen in het Barro betreffen: Rijksvaarwegen, Project Mainportontwikkeling Rotterdam, Kustfundament, Grote Rivieren, Waddenzee en waddengebied, defensie, Ecologische Hoofdstructuur (EHS), nationale landschappen, erfgoederen van uitzonderlijke universele waarde, hoofdwegen en hoofdspoorwegen, elektriciteitsvoorziening, buisleidingen van nationaal belang voor vervoer van gevaarlijke stoffen, primaire waterkeringen buiten het kustfundament en het IJsselmeergebied. Planspecifiek Delen van het grondgebied van de gemeente Cuijk liggen binnen het radarverstoringsgebied en de funnel van de militaire vliegbasis Volkel.
Voor het veilig afwikkelen van vliegverkeer gelden in een bepaald gebied rond een luchtvaartterrein maximaal toelaatbare hoogtes voor objecten, zoals woon- en kantoorgebouwen, antennemasten, windmolens en bomen. Hiermee wordt voorkomen dat radarsignalen worden verstoord en vliegtuigen met objecten in botsing kunnen komen. De maximaal toelaatbare hoogtes en de ligging en omvang van het gebied worden bepaald door de ligging van de start- en landingsbanen en berusten op internationale vastgelegde afspraken. Het plangebied valt in het obstakelgebied/ aanvlieggebied (funnel) van de vliegbasis en in het radarverstoringsgebied. In de regels en op de verbeelding worden de gebiedsaanduidingen 'overige zone - funnel' en 'vrijwaringszone - radar' opgenomen voor de funnel, respectievelijk het radar- verstoringsgebied. Bouwwerken hoger dan 170 meter + NAP vormen een belemmering voor de funnel. Bouwwerken hoger dan 65 meter + NAP vormen een belemmering voor het radarverstoringsgebied. Het peil in het plangebied is gemiddeld 10,5 meter + NAP. In het bestemmingsplan is een maximale bouwhoogte van 8 meter + peil toegestaan voor de beoogde reclamezuil. Hierdoor wordt de maximale hoogte van 65 meter + NAP niet overschreden. Het plan vormt derhalve geen enkele belemmering voor het functioneren van de vliegbasis Volkel.
Uit vooroverleg met het ministerie van Defensie blijkt dat zij geen belemmeringen zien vanwege de realisatie van dit plan.
3.2
Provinciaal beleid
3.2.1 Structuurvisie ruimtelijke ordening 2014 De Wet ruimtelijke ordening vraagt van overheden om in een Structuurvisie hun belangen helder te definiëren en aan te geven hoe zij deze willen realiseren. In de Structuurvisie Ruimtelijke Ordening geeft de provincie aan hoe zij omgaat met de ruimtelijke opgave voor de periode tot 2025, met een doorkijk naar 2040. De Structuurvisie Ruimtelijke Ordening is op 1 januari 2011 in werking getreden. De partiële herziening is in maart 2014 vastgesteld. De Structuurvisie benoemt en beschrijft ambities voor vier ruimtelijke structuren: infrastructuur, landelijk gebied, groenblauwe mantel en stedelijke structuur. Op het gebied van infrastructuur is een belangrijke ambitie het bevorderen van de bereikbaarheid (ook internationaal) en het beter verknopen van infrastructuur en ruimtelijke ontwikkelingen en het inpassen van nieuwe infrastructuur in het landschap. Investeren in bereikbaarheid wordt gekoppeld aan verbeteringen in het omliggende (landelijke) gebied. Beter benutten van bestaande infrastructuur staat voorop, daarna wordt gekeken waar uitbouw van infrastructuur noodzakelijk is.
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 19
Het plangebied maakt deel uit van een stedelijk concentratiegebied. Cuijk en Boxmeer zijn als stedelijk concentratiegebied opgenomen op de kaart 'Ontwikkelingsvisie Infrastructuur en Ruimtelijke economie' vanwege de ligging en de aanwezige spoor- en rijkswegverbinding met het Knooppunt Arnhem-Nijmegen. Cuijk en Boxmeer vervullen daarmee binnen de provincie een aparte rol. De provincie Noord-Brabant wil haar positie in het hoogontwikkelde afzet- en productiegebied van de Eurodelta versterken door de (inter)nationale bereikbaarheid via weg, water, spoor, lucht en buis uit te bouwen. De ontwikkeling van een goed functionerend infrastructuurnetwerk is een belangrijke voorwaarde voor de ontwikkeling van Noord-Brabant en in het bijzonder het stedelijk netwerk BrabantStad. De A73 ligt dichtbij het plangebied. Deze rijksweg ligt aan de oostrand van de provincie en verbindt Nijmegen met steden als Venlo, Roermond en Maastricht. Deze as is van minder belang voor de ontwikkeling van BrabantStad. Er is wel een belang voor Cuijk en Boxmeer in relatie tot het Knooppunt Arnhem-Nijmegen en de ontwikkelingen van Greenport in Venlo. De infrastructuur is ook van belangrijk voor de beleving van de openbare ruimte van Noord-Brabant. De provincie vindt het daarom belangrijk dat ontwikkelingen langs het hoofdwegennet bijdragen aan de identiteit en de kwaliteit van Noord-Brabant.
De grote steden van Noord-Brabant ontwikkelen hoogstedelijke zones langs de internationale verbindingen. Dat kan aan beide zijden van de hoofdwegen of er over heen. Langs de overige hoofdinfrastructuurverbindingen in het stedelijk concentratiegebied wil de provincie dat verstedelijking zich niet aan beide zijden van de hoofdwegen presenteert. Hierdoor worden de contrasten binnen stedelijke concentratiegebieden versterkt. In het landelijk gebied wil de provincie geen verdere groei van verstedelijking langs hoofdwegen. Daar is het doel juist de identiteit van het landschap dat de (hoofd)weg doorsnijdt optimaal beleefbaar te maken. Het gaat daarbij zowel om de inrichting van de (hoofd)weg zelf als het landschap dat aan de (hoofd)weg grenst.
3.2.2 Interim Omgevingsverordening Noord-Brabant De Interim Omgevingsverordening bevat de provinciale regels en randvoorwaarden met een bindende werking over de fysieke leefomgeving. Deze vloeien voort uit de in de Omgevingsvisie genoemde doelen. De Interim Omgevingsverordening is opgesteld naar de gedachtegang van de nieuwe Omgevingswet die naar verwachting op 1 januari 2021 in werking zal treden. De Interim omgevingsverordening (IOV) heeft een opbouw naar de verschillende doelgroepen. Voor onderhavig plan zijn in beginsel uitsluitend de in hoofdstuk 3 opgenomen "Instructieregels aan gemeenten" aan de orde. De afdelingen in dat hoofdstuk zijn als volgt te onderscheiden (waarbij de volgorde is omgekeerd ten behoeve van vergroting van de toepasbaarheid): afdelingen 3.5 tot en met 3.7: de toedeling van functies; afdelingen 3.2 tot en met 3.4: de bescherming van gebiedskenmerken; afdeling 3.1: de basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies. toedeling van functies Het plangebied is onderdeel van het gebied stedelijke ontwikkeling en erfgoed.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 20
uitsnede kaart IOV
In beginsel zijn daar conform artikel 3.42 IOV (horeca)voorzieningen toegestaan, mits voldaan wordt aan de genoemde voorwaarden. Hieronder is dit artikel overgenomen en wordt aan de voorwaarden getoetst. Artikel 3.42 - duurzame stedelijke ontwikkeling Lid 1 Een ontwikkeling die voorziet in de ontwikkeling van een locatie voor wonen, werken of voorzieningen ligt binnen stedelijk gebied en bevat een onderbouwing dat: a. de ontwikkeling past binnen de regionale afspraken, bedoeld in afdeling 5.4 Regionaal samenwerken; Onderhavig planvoornemen heeft betrekking op een fastfoodrestaurant van een beperkte omvang (max. 400 2 m BVO), waardoor het niet is opgenomen binnen de regionale afspraken. b. het een duurzame stedelijke ontwikkeling is. Onderhavig planvoornemen zorgt voor een horeca (fastfood)-ontwikkeling op een geschikte locatie binnen het stedelijk gebied van Cuijk, nabij de snelweg A73. Deze ontwikkeling moet minstens aan de in het Bouwbesluit en het gemeentelijke duurzaamheidsbeleid opgenomen energieprestatie-eisen voldoen. Lid 2 Een duurzame stedelijke ontwikkeling voor wonen, werken of voorzieningen: a. bevordert een goede omgevingskwaliteit met een veilige en gezonde leefomgeving; Onderhavig planvoornemen voldoet aan alle uitvoeringsaspecten. Deze worden nader toegelicht in hoofdstuk 4 van deze plantoelichting . b.
bevordert zorgvuldig ruimtegebruik, waaronder de transformatie van verouderde stedelijke gebieden; Onderhavig planvoornemen voorziet in de realisatie van een fastfoodrestaurant op gronden die zijn ingericht als openbaar groen. Deze locatie sluit wel direct aan bij gronden die al bedrijfsmatig gebruikt worden voor een fastfoodrestaurant alsmede voor een tankstation. De voorgenomen ontwikkeling vormt zowel ruimtelijk als functioneel een logische afronding van het bedrijfsterrein. Hiermee draagt dit planvoornemen bij aan een zorgvuldig ruimtegebruik. c. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor productie en gebruik van duurzame energie; Dit wordt verder uitgewerkt in het bouwplan behorende bij dit planvoornemen. d. houdt rekening met klimaatverandering, waaronder het tegengaan van hittestress en voldoende ruimte voor de opvang van water;
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 21
Onderhavig planvoornemen voldoet aan de in hoofdstuk 4 (paragraaf 4.11) benoemde eisen voor de berging en infiltratie van hemelwater. Hiermee wordt voldaan aan dit sublid. Toename van hitte zal ter plaatse aan de orde zijn. Immers men gaat van een onverharde groene inrichting naar een volledige verharde inrichting (bebouwing, parkeerplaatsen, ontsluitingsweg). Echter tot onaanvaardbare hittestress voor mensen zal dit niet leiden. Het plangebied betreft hier namelijk niet een gebied waarbinnen mensen langdurig verblijven (zoals een woonwijk, kernwinkelgebied, scholen e.d. Het plangebied kent een horecafunctie waar een steeds wisselende groep personen slechts een korte periode aanwezig zal zijn. e. geeft optimaal invulling aan de mogelijkheden voor duurzame mobiliteit; Er komt 1 oplaadpunt voor elektrische auto’s. f. draagt bij aan een duurzame, concurrerende economie. Uit een uitgevoerd behoefte-onderzoek van BRO te Boxtel (als bijlage 1 bij deze plantoelichting gevoegd) blijkt dat er in Cuijk in kwalitatieve zin behoefte is aan nieuwe restauratieve horeca, zoals een KFC-vestiging. Er is voldoende marktruimte in de fastservicesector in het primaire verzorgingsgebied (de regio) voor de onderhavige ontwikkeling. Bovendien zal KFC door de aantrekkingskracht op autoverkeer over de A73 naar verwachting relatief veel omzet genereren van buiten de regio.
Dit betekent dat de omzeteffecten op het bestaande, relevante horeca-aanbod in de regio naar onze inschatting zeer beperkt zullen zijn. De ontwikkeling zal dus naar alle waarschijnlijkheid ook niet leiden tot extra leegstand in deze sector. De effecten van de ontwikkeling op de bestaande aanbodstructuur in de regio worden derhalve beoordeeld als aanvaardbaar. bescherming van gebiedskenmerken Ter plaatse van het plangebied geldt het gebiedskenmerk 'Stalderingsgebied'. Het artikel 3.52 IOV stelt regels aangaande de ontwikkeling van veehouderijen. Onderhavig plan omvat echter geen veehouderijen. Er hoeft derhalve geen nadere toetsing plaats te vinden. basisprincipes voor een evenwichtige toedeling van functies Om te komen tot een goede omgevingskwaliteit moet rekening gehouden worden met zorgvuldig ruimtegebruik, de waarden in het gebied (toepassing lagenbenadering) en meerwaardecreatie. In deze plantoelichting is aangetoond dat het plan: geen negatieve gevolgen heeft voor aanwezige gebiedswaarden en milieu-planologische aspecten. Verwezen wordt hier naar de toetsing zoals opgenomen in hoofdstuk 4 van deze plantoelichting; een bijdrage levert aan zuinig ruimtegebruik.
De ruimtelijke kwaliteit van het betrokken gebied en de naaste omgeving, inclusief de inpassing van het plangebied in een goede groen- en waterstructuur, wordt verbeterd; zorgvuldig is getoetst aan de Ladder voor duurzame verstedelijking; voorziet in een behoefte in kwalitatieve zin aan nieuwe restauratieve horecaconcepten, zoals een KFC-vestiging. Er blijkt ook voldoende marktruimte in de fastservicesector in het primaire verzorgingsgebied (de regio) voor de onderhavige ontwikkeling, zonder daarmee het bestaande, relevante horeca-aanbod in Cuijk negatief te beïnvloeden. Het plan voorziet daarmee ook in een economische waardecreatie in het algemeen belang.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 22
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1 Strategische visie Cuijk 2030 De raad van de gemeente Cuijk heeft op 16 juni 2012 de Strategische Visie Cuijk 2030 vastgesteld. De Strategische Visie is opgesteld vanuit het besef dat er om ons heen ontwikkelingen plaatsvinden die niet alleen grote consequenties voor de gemeente kunnen hebben, maar ook om een andere houding en rol vragen bij de inrichting en het gebruik van de ruimte. Denk daarbij bijvoorbeeld aan de vergrijzing en ontgroening, competitiever worden van nationale en internationale economieën, de druk op (maatschappelijke) voorzieningen en de toenemende mobiliteit (zowel fysiek als virtueel) van burgers. De strategische visie 2030 geeft aan hoe de gemeente Cuijk met de hierboven genoemde tendensen om kan gaan en op deze wijze sturing geeft aan haar toekomst. Per thema worden er ontwikkelingsdoelen beschreven. De navolgende thema’s komen aan de orde: regionale samenwerking, economie, onderwijs, wonen & leefbaarheid , zorg & welzijn & maatschappelijk deelname, diversiteit & integratie, cultuur & sport.
3.3.2 Structuurvisie Cuijk: De koers van Cuijk De Structuurvisie geeft de hoofdlijnen aan van de ruimtelijke ontwikkeling en inrichting van de gemeente Cuijk tot 2030. Deze structuurvisie vormt de ruimtelijke doorvertaling van de analyses en ambities uit de Strategische Visie Cuijk 2030. De Structuurvisie geeft ambitie, richting en koers aan de mogelijke ruimtelijke inrichting van de gemeente voor de nabije toekomst. Deze ambities, richtingen en koers zijn gebaseerd op demografische, sociale en economische trends en ontwikkelingen. De Structuurvisie benoemt tevens de wijze waarop de gemeente invulling denkt te geven aan de verwezenlijking van de ambitie en beleidskoers. In die context wordt aan de Structuurvisie een uitvoeringsprogramma gekoppeld van projecten die gedurende de looptijd gerealiseerd kunnen worden. Concreet heeft de Structuurvisie de navolgende doelen: 1. Voldoen aan de Wet ruimtelijke ordening; 2. Toetsingskader ten behoeve van ruimtelijke ontwikkelingen welke niet passen binnen de geldende bestemmingsplannen; 3. Uitwerken van de thema’s van de Strategische Visie Cuijk 2030; 4. Een wettelijke verplichting is dat de Structuurvisie wordt voorzien van een uitvoeringsparagraaf De uitvoeringsparagraaf wordt gebruikt als wettelijke basis voor het kostenverhaal.
Op grond van de Structuurvisie kunnen financiële bijdragen worden gevraagd ten behoeve van kwaliteitsverbeterende ruimtelijke maatregelen (voorzieningen zoals wegen, fietspaden, waterberging en de aanleg van groen). Daarbij kan het zowel gaan om bovenwijkse voorzieningen als bijdragen aan ruimtelijke ontwikkelingen. De structuurvisie bevat zowel gebiedsgerichte als themagerichte beleidsuitspraken. Gebiedsgerichte ambities en beleid Cuijk wordt in de Structuurvisie in tweeën gedeeld. Er is het gebied ‘Dynamisch Cuijk’ en ‘Vitaal landelijk Cuijk’. Dynamisch Cuijk ziet vooral op de stedelijke gebieden, bedrijventerreinen en recreatiegebieden. 'Vitaal landelijk Cuijk' is de contramal van ‘Dynamisch Cuijk’. Hierin ligt vooral het agrarisch gebied, de natuurgebieden en de kernen Haps, Vianen en Sint Agatha.
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 23
Gebiedsindeling
De altijd al aanwezige dynamiek in ‘Dynamisch Cuijk’ dient behouden en versterkt te worden. Belangrijk is dat dit gebied zich blijft ontwikkelen, zowel in landschappelijk als in economisch opzicht, om haar nieuwe identiteit en kwaliteit inhoud en vorm te kunnen geven. Ten opzichte van Vitaal landelijk Cuijk biedt Dynamisch Cuijk meer mogelijkheden voor ‘stedelijke’ ontwikkelingen en/of grootschaligere c.q. bezoekersintensievere ontwikkelingen die bijdragen aan de gewenste ambitie om een aangename en veelzijdige leef- en werkomgeving te creëren met goede basisvoorzieningen en oog voor kwaliteit en duurzaamheid. Horeca gemeente Cuijk De gemeente Cuijk heeft geen integraal horecabeleid dan wel ontwikkelingsgericht vestigingsbeleid sec voor deze sector. Wel bestaat er beleidsmatig een voorkeur voor clustering van detailhandel, horeca (voor zover ruimtelijk en functioneel passend) en verwante functies in het centrum van Cuijk. Dit wordt gecommuniceerd in de Centrumvisie 'Hart van Ontmoetingen' (2015). De Structuurvisie Cuijk 2030 stelt dat het plangebied Ewinkel (waarbinnen de ontwikkellocatie ligt) nu verschillende functies kent. Het oorspronkelijke agrarische karakter met (voormalige) boerderijen is nog herkenbaar en ook de horecagelegenheden bevinden zich al langere tijd in dit gebied. In dat opzicht is de onderhavige ontwikkeling dus als ‘passend’ te omschrijven.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 24
HOOFDSTUK 4 MILIEU-PLANOLOGISCHE ASPECTEN EN ONDERZOEKEN
4.1
Geluidhinder
De Wet geluidhinder (Wgh) is van toepassing op woningen, andere geluidsgevoelige gebouwen (onder meer onderwijsgebouwen, ziekenhuizen, verpleeghuizen en andere gezondheidszorggebouwen) en geluidsgevoelige terreinen (onder meer woonwagenstandplaatsen). Uit art. 74 Wgh vloeit voort dat in principe alle wegen voorzien zijn van een geluidzone, met uitzondering van wegen die zijn gelegen binnen een als woonerf aangeduid gebied of wegen waarvoor een maximum snelheid van 30 km/uur geldt. De zonebreedte is afhankelijk van het gebied (stedelijk of buitenstedelijk) en het aantal rijstroken. Binnen de zones moet een akoestisch onderzoek worden verricht. De voorkeursgrenswaarde voor woningen en andere geluidsgevoelige gebouwen en terreinen bedraagt in die zone op de buitengevel 48 dB (art. 82 lid 1 Wgh). Er geldt verder een maximale ontheffingswaarde binnen buitenstedelijk gebied van 53 dB (artikel 83 lid 1 Wgh). Het plan ziet echter niet op de bouw van een woning of een andere geluidgevoelig object of terrein. De Wgh is niet van toepassing en legt geen beperkingen op aan de realisatie van dit plan.
4.2
Bodem
In het kader van het onderhavige plan worden binnen het plangebied nieuwe bodemgevoelige functies toegelaten in de vorm van een restaurant. Voordat door middel van dit bestemmingsplan deze nieuwe functie mogelijk wordt gemaakt zal er inzicht moeten zijn of de bodem- en grondwaterkwaliteit een dergelijke bebouwing en gebruik ook mogelijk maken. Verkennend bodemonderzoek Econsultancy BV heeft een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. Een verkennend bodemonderzoek (NEN 5740) heeft tot doel met een relatief geringe onderzoeksinspanning vast te stellen of op de onderzoekslocatie een grond- en/of grondwaterverontreiniging aanwezig is, teneinde te bepalen of er milieuhygiënische belemmeringen zijn voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging alsmede nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Het vooronderzoek is verricht conform de NEN 5725:2009 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek". Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de NEN 5740+A1:2016 "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond". Op basis van het vooronderzoek is geconcludeerd dat de onderzoekslocatie onderzocht dient te worden volgens de strategie "onverdacht" (ONV).
Echter is tijdens het veldwerk in verband met het aantreffen van zintuiglijke bijmengingen de strategie opgeschaald naar “verdacht, heterogeen verdeeld, niet-lijnvormig” (VED-HE). Verkennend asbestonderzoek Econsultancy BV heeft daarna een verkennend onderzoek asbest in bodem uitgevoerd. Aanleiding voor het onderzoek zijn de bovengenoemde bijmengingen met bodemvreemd materiaal (baksteen en beton) die tijdens het verkennend bodemonderzoek (NEN 5740, Econsultancy, rapport 8787.001, d.d. 6 maart 2019) zijn aangetroffen.
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 25
Zintuiglijk is alleen ter plaatse van asbestgat 06 asbestverdacht materiaal waargenomen. In de grond (fractie < 20 mm) is analytisch geen asbest aangetoond. Het aanwezige asbest ter plaatse van asbestgat 06 betreft plaatmateriaal en bevat 10-15% hechtgebonden chrysotiel en 2-5% hechtgebonden crocidoliet. De totaal gewogen asbestconcentratie ter plaatse van asbestgat 06 bedraagt 345,7 mg/kg d.s. Omdat er sprake is van een verkennend onderzoek asbest in bodem betreft het een indicatief gehalte. Omdat ter plaatse van asbestgat 06 het aangetoonde gehalte groter is dan de interventiewaarde wordt geadviseerd om een nader onderzoek asbest in bodem conform NEN 5707 ter plaatse van asbestgat 06 uit te voeren. Bij een nader onderzoek asbest in bodem wordt het formele gehalte aan asbest en de omvang van de asbestverontreiniging vastgesteld. Nader asbestonderzoek Econsultancy BV heeft tenslotte een nader onderzoek asbest in bodem uitgevoerd. Tijdens de visuele inspectie van het maaiveld zijn op het maaiveld van de onderzoekslocatie geen asbestverdachte (plaat)-materialen (fractie > 20 mm) waargenomen. Zintuiglijk is ter plaatse van sleuf 104 in het traject 0,00 - 0,40 m -mv asbestverdacht materiaal aangetroffen. In de grond (fractie < 20 mm) is analytisch geen asbest aangetoond. Het aanwezige asbest betreft plaatmateriaal (golfplaat) en bevat 10 - 15% hechtgebonden chrysotiel.
De totaal gewogen asbestgehalte in de grond ter plaatse van sleuf 104 bedraagt 2,5 mg/kg d.s. In de overige sleuven is zowel zintuiglijk als analytisch geen asbest aangetoond. Aangezien de interventiewaarde voor asbest (100 mg/kg d.s.) niet wordt overschreden is er geen sprake van een verontreiniging met asbest. De onderzoeksresultaten leveren geen beperkingen op ten aanzien van het huidige en toekomstige gebruik van de locatie en vormen naar mening van Econsultancy geen belemmeringen voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging en nieuwbouw op de onderzoekslocatie. Voor de volledige onderzoeken wordt verwezen naar het verkennend bodemonderzoek, het verkennend – en nader asbestonderzoek die als bijlagen 3, 4 en 5 integraal onderdeel uitmaken van deze plantoelichting.
4.3
Luchtkwaliteit
Titel 5.2 van de Wet milieubeheer (Wm) heeft tot doel het beschermen van mensen tegen de negatieve gevolgen van luchtverontreiniging op de gezondheid. Hierbij is het van belang een onderscheid te maken tussen het: 1. 2.
realiseren van een bron (bijvoorbeeld inrichting of weg); realiseren van een nieuwe gevoelige functie.
Bij het realiseren van een nieuwe bron moet in beeld gebracht worden of deze ontwikkeling leidt tot een verslechtering van de luchtkwaliteit, tenzij de ontwikkeling NIBM (Niet In Betekende Mate) is of onder het NSL valt. Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) Dit is een Regeling van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer van 31 oktober 2007, nr. DJZ2007004707, houdende regels omtrent de aanwijzing van categorieën van gevallen die in ieder geval niet in betekenende mate bijdragen als bedoeld in artikel 5.16, eerste lid, onder c, van de Wet milieubeheer (Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen)). In het Besluit ‘Niet in betekenende mate bijdragen’ staat vermeld dat een plan niet in betekenende mate bijdraagt bij een toename van maximaal 3% van de jaargemiddelde grenswaarde (zijnde 1,2 μg/m³) voor NO 2 en PM10. Wanneer een project niet in betekenende mate bijdraagt, vormt de luchtkwaliteit in beginsel geen belemmering voor de doorgang van dat project. In de ministeriële Regeling ‘Niet in betekenende mate bijdragen’ zijn categorieën aangewezen die in elk geval niet in betekenende mate bijdragen aan de concentraties verontreinigende stoffen in de buitenlucht. De voorgenomen ontwikkeling behoort niet tot een in de Regeling genoemde categorie. Er dient een toetsing aan het besluit plaats te vinden.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 26
Toetsing fijn stof en stikstofdioxide afkomstig van verkeersbewegingen De verkeersgeneratie van de exploitatie van de KFC zal circa 337 personenauto’s per dag bedragen. Ten behoeve van de bevoorrading zullen er per week 5 vrachtwagens aan en af rijden. Uitgaande van deze gegevens genereert het plan in totaal ca. 675 verkeersbewegingen per weekdag, waarvan 0,21% vrachtverkeer. Voor het beoordelen van de verkeersaantrekkende werking in relatie tot het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen), is de zogenaamde NIBM-tool ontwikkeld. Met deze tool wordt bepaald wat de maximaal mogelijke consequenties zijn voor de luchtkwaliteit als gevolg van de verkeersaantrekkende werking van het plan. In onderstaande tabel zijn de invoergegevens en resultaten van de NIBM-tool opgenomen.
NIBM-tool
Uit de berekeningen blijkt dat extra verkeersgeneratie niet in betekenende mate bijdraagt aan de 3 concentraties in de buitenlucht. De maximale bijdrages van 0,46 en 0,10 μg/m voor respectievelijk NO2 en 3 PM10 voldoen ruim aan de NIBM grenswaarde van 1.2 μg/m . Een nader luchtkwaliteitsonderzoek voor het plan is niet noodzakelijk. Achtergrondconcentraties In het kader van een goede ruimtelijke ordening is met behulp van de NSL-monitoringstool beoordeeld of er ter hoogte van het plan sprake is van een (dreigende) overschrijding van luchtverontreinigende stoffen. In onderstaande tabel zijn voor de jaren 2020 en 2030 voor de relevante stoffen de concentraties weergegeven.
Uit de resultaten blijkt dat er ter plaatse van het plangebied geen sprake is van een (dreigende) normoverschrijding. Op basis van de resultaten wordt geconcludeerd dat de luchtkwaliteit geen belemmering vormt voor de realisatie van het plan.
| bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 27
Voor het volledige onderzoek wordt verwezen naar het rapport dat als bijlage 6 integraal onderdeel uitmaakt van deze plantoelichting.
4.4
Geur
Vanaf 1 januari 2007 vormt de Wet geurhinder en veehouderij (hierna: Wgv) het toetsingskader als het gaat om geurhinder afkomstig van dierenverblijven van veehouderijen. De geuremissie is afhankelijk van het aantal en soort dieren dat binnen de inrichting aanwezig is. In de aan de Wgv gekoppelde Regeling geurhinder en veehouderij (Rgv) is per diercategorie een geuremissiefactor vastgesteld, uitgedrukt in Europese odour units per tijdseenheid per dier (ouE/s/dier). De totale geuremissie van een veehouderij is de som van alle geuremissies van de verschillende diercategorieën die binnen de inrichting aanwezig zijn. Voor diercategorieën waarvoor geen geuremissiefactor is vastgesteld, gelden minimaal aan te houden afstanden. Daarnaast zijn minimale afstanden opgenomen vanaf een veehouderij tot een geurgevoelig object behorende bij een (voormalige) veehouderij en vanaf de buitenzijde van een dierenverblijf tot de buitenzijde van een geurgevoelig object. Volgens artikel 1 van de Wgv is een geurgevoelig object een gebouw, bestemd voor en blijkens aard, indeling en inrichting geschikt om te worden gebruikt voor menselijk wonen of menselijk verblijf en die daarvoor permanent of een daarmee vergelijkbare wijze van gebruik, wordt gebruikt.
Voor zover in het kader van dit plan van belang, blijkt uit standaardjurisprudentie van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de Afdeling de lijn hanteert dat uit de wetsgeschiedenis - en met name uit het aannemen van het amendement van Van der Vlies c.s, waarmee is besloten de term ‘regelmatig' uit de begripsomschrijving van het begrip geurgevoelig object weg te laten - volgt dat de Wgv gelet op de begripsomschrijving van een geurgevoelig object - alleen bescherming biedt aan personen tegen langdurige blootstelling aan geurhinder in gebouwen. Bij een (fastfood) restaurant zal er niet langdurig in het gebouw worden verbleven door gasten en personeel, zodat de beoogde KFC-vestiging niet gezien kan worden als een geurgevoelig object in de zin van de Wgv. De Wgv is derhalve niet van toepassing en legt geen beperkingen op aan de realisatie van dit plan.
4.5
Bedrijven en milieuzonering
Om te komen tot een ruimtelijk relevante toetsing op milieuhygiënische aspecten wordt milieuzonering gehanteerd. Hieronder wordt verstaan voldoende ruimtelijke scheiding tussen enerzijds milieubelastende bedrijven of inrichtingen en anderzijds milieugevoelige functies of gebieden. Om deze milieuzonering hanteerbaar te maken wordt gebruik gemaakt van de Staat van bedrijfsactiviteiten zoals die is opgenomen in de VNG Handreiking 'Bedrijven en milieuzonering', van maart 2009. Vooruitlopend op de komst van de nieuwe Omgevingswet in 2021 heeft de VNG echter ook een nieuwe publicatie opgesteld (‘Rapport Milieuzonering nieuwe stijl’ (mei 2019)). De nieuwe Omgevingswet zorgt voor een samenhangende benadering van de fysieke leefomgeving. Het maatschappelijk doel hierbij is ‘ruimte voor ontwikkeling en waarborgen voor kwaliteit’. Gelet op dit doel is het logisch dat in de Omgevingswet het ruimtelijk spoor en het milieuspoor verder worden geïntegreerd. Het gemeentelijke omgevingsplan is straks hét instrument waarin deze integratie op lokaal niveau plaatsvindt. Een belangrijke vraag bij de integratie van ruimte en milieu is hoe om kan worden gegaan met bedrijvigheid. Binnen het programma ‘Aan de slag met de Omgevingswet’ is hiervoor door de VNG de staalkaart ‘bedrijfsmatige activiteiten’ voor het omgevingsplan opgesteld.
De opgestelde staalkaart is bedoeld als uitnodiging en startpunt richting gemeenten om na te denken over de wijze waarop zij bedrijfsmatige activiteiten binnen hun grondgebied willen reguleren. De staalkaart bevat een aantal mogelijkheden (niet uitputtend) voor de wijze van regulering van bedrijfsmatige activiteiten. De VNG ziet goede kansen om onderdelen van de staalkaart nu al toe te passen. Dit heeft geleid tot een nieuwe publicatie: het met een ‘milieuzonering nieuwe stijl’ reguleren van bedrijven in omgevingsplannen en – vooruitlopend daarop – nu al in bestemmingsplan verbrede reikwijdte in het kader van de Crisis-en herstelwet.
|bestemmingsplan Raamweg Cuijk | status: vastgesteld |
Pagina | 28
Voor de reguliere bestemmingsplannen en buitenplanse omgevingsvergunningen blijft de bestaande VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ bruikbaar. De nieuwe VNG-publicatie is dan ook een alternatief naast de bestaande VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’. In het kader van het onderhavige plan wordt gekozen om de afwegingen rondom milieuzonering te doen plaatsvinden met behulp van de toepassing van de bestaande VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ (2009). De VNG Handreiking is ingedeeld in een zestal categorieën met toenemende potentiële milieuemissies. Per bedrijfsactiviteit is voor elk ruimtelijk relevante milieucomponent (geur, stof, geluid en gevaar) een richtafstand aangegeven die in beginsel moet worden aangehouden tussen een bedrijf en milieugevoelige objecten (woningen) om hinder en schade aan mensen binnen aanvaardbare normen te houden. Bij het bepalen van deze richtafstanden zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: het betreft 'gemiddelde' moderne bedrijfsactiviteiten met gebruikelijke productieprocessen en voorzieningen; de richtafstanden hebben betrekking op de omgevingstype 'rustige woonwijk' , 'rustig buitengebied' of vergelijkbare omgevingstypen; de richtafstanden bieden in beginsel ruimte voor normale groei van de bedrijfsactiviteiten.
Indien de aard van de omgeving dit rechtvaardigt, kunnen gemotiveerd kortere richtafstanden worden aangehouden bij het omgevingstype 'gemengd gebied', dat gezien de aanwezige functiemenging of ligging nabij drukke wegen al een hogere milieubelasting kent. In zo'n geval is het ruimtelijk aanvaardbaar dat de richtafstanden met één afstandsstap worden verlaagd. Invloed milieuhinder Het plangebied aan de Raamweg maakt deel uit van het stedelijk gebied van Cuijk met daarin aanwezige en beoogde diversiteiten aan functies, gelegen in elkaars onmiddellijke nabijheid om het plangebied (bedrijven(terrein), tankstation, wonen, horeca (fastfoodrestaurant), verkeer (A73-Beersebaan (N 321)) betekent dat het plangebied e.o. gekwalificeerd moet worden als een omgevingstype 'gemengd gebied'. De beoogde nieuwe (horeca)functie valt onder: SBI-code (2008): 561 gecorrigeerd)).