06-49 Jaarrekening 2020 Cuijk - Definitieve versie.pdf
Tekst van het document
In 2020 leggen we de basis voor een nieuwe gezondheidsnota Land van Cuijk voor de periode 2021-2024 Wat wilden we doen Wat hebben we gedaan Het opstellen van een nieuwe nota is een wettelijke verplichting.
Hoewel er een start is gemaakt met het schetsen van een nieuwe gezondheidsnota, is door de portefeuillehouders van de vijf gemeenten in het Land van Cuijk besloten om deze nota later op te stellen vanwege de coronacrisis. Corona herijkt het gezondheidsdossier tot op zekere hoogte en vraagt om andere speerpunten en accenten in beleid en financiën. Het is daarmee zinvol om de nota later te formuleren, zodat er beleid kan worden vastgesteld dat inspeelt op de nieuwe werkelijkheid. Wettelijk gezien is hiervoor voldoende tijd. Uw raad is hierover in 2020 per raadsinformatiebrief geïnformeerd.
5.4 Inkomensvoorziening Ondanks dat het economisch klimaat verbetert, is de verwachting dat het aantal ondersteuningen (bijstandsgerechtigden en loonkostensubsidies) blijft stijgen. Dit is verklaarbaar door de groei van gesubsidieerde banen zoals het kabinet voorstaat. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daar voor gedaan? Het verstrekken van uitkeringen en begeleiden van inwoners die niet in staat zijn om zelfstandig (voldoende) inkomen te verwerven. Eigen verantwoordelijkheid en regie staan hierbij centraal.
5.5 Werk en activering De aantrekkende arbeidsmarkt vermindert slechts zeer beperkt het aantal bijstandsgerechtigden. Dit komt omdat deze doelgroep moeilijker een baan vindt dan andere werkzoekenden. Dit geldt zeker voor de ouderen en statushouders in de bijstand. Zij lopen het meeste risico om langdurig van de bijstand afhankelijk te blijven. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daar voor gedaan? Inwoners ondersteunen bij het vinden van betaald werk. Indien directe begeleiding naar de arbeidsmarkt nog niet mogelijk is, worden diverse instrumenten ingezet om de mogelijkheden op de arbeidsmarkt te vergroten, zoals scholing en opleidingen en vrijwilligerswerk.
64
Speerpunten Een inclusieve, activerende arbeidsmarkt Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Ondanks de aantrekkende economie daalt het aantal uitkeringsgerechtigden slechts beperkt. Het is zaak om extra te blijven inzetten om mensen te begeleiden naar betaald werk of te activeren. Vanuit de gedachte dat iedereen mee moet kunnen doen, wordt ingezet op een inclusieve, activerende arbeidsmarkt. Dit is vastgelegd in het uitvoeringsprogramma re-integratie 2020, waarin o.a. als speerpunten zijn opgenomen: Verbetering van de signalering, verwijzing, scholing en begeleiding van laaggeletterden Focusproject eigen regie Focusproject statushouders Focusproject kwetsbare jongeren Regelluwe bijstand
In 2020 is via de reguliere werkwijzen uitvoering gegeven aan het uitvoeringsprogramma reintegratie 2020. Daarnaast is in 2020, ondanks de coronapandemie en tegen de landelijke trend in, het aantal uitkeringsgerechtigden binnen de gemeente Cuijk niet opgelopen.
Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Het succes van de werkwijze als gebruikt in de pilot “Eigen Regie” zal in 2020 worden opgenomen in onze basisdienstverlening. Hierover zal middels het uitvoeringsprogramma worden gerapporteerd. Onderzoek partnerschip IBN
De werkwijze van Eigen Regie is in 2020 geïntegreerd in de basisdienstverlening.
Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
De uitvoeringsovereenkomst tussen gemeenten NOB en IBN loopt eind 2020 af. In 2020 zal daarom een toekomstverkenning worden gedaan van het partnerschip tussen gemeenten NOB en IBN vanaf 2021.
Vanwege de coronacrisis is het partnership met IBN in 2020 verlengd tot 01-07-2021. Er is inmiddels tussen de gemeenten en IBN akkoord bereikt over de verlenging van het partnership. Een raadsvoorstel voor de verlenging van het partnership wordt in mei 2021 aan de raad voorgelegd.
5.6 Minimabeleid Cuijk kent een goede systematiek van diverse zorg- en minimaregelingen waarop een beroep gedaan kan worden. Heldere en goede communicatie is hierbij van groot belang. Via het gemeentelijk minimabeleid de mogelijkheden voor maatschappelijke participatie van inwoners bevorderen. Hierbij gaat speciale aandacht uit naar het bereiken van jongeren en het bestrijden van armoede onder kinderen. In dit kader is in 2019 het beleidsplan ‘Allen armoede aanpakken’ vastgesteld.
65
Wat hebben we bereikt en wat hebben we daar voor gedaan? Het gemeentelijke minimabeleid bevordert economische en sociale zelfredzaamheid door ondersteuning te bieden bij financiële tegenslagen en bijzondere kosten zodat iedereen mee kan doen in de maatschappij. Armoedebestrijding, en dan met name de preventieve en structurele aanpak hiervan, neemt hier een centrale rol in en verdient onze extra aandacht. Speerpunten Voorkomen van maatschappelijk isolement Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
In 2020 zijn voorbereidingen getroffen en is gestart met zowel het vroeger signaleren van schulden als ook een pilot waarin Cuijk samen met bewindvoerders tracht een meer passende dienstverlening aan te bieden. Beide projecten kennen een pilotperiode t/m december 2021. Naast deze twee projecten is in 2020 ondersteuning geboden aan het netwerk Samen Sterker middels een aantal digitale bijeenkomsten.
66
Het beter in positie brengen van de nulde lijn en ketenpartners ten behoeve van informatievoorziening omtrent schuldenproblematiek, bijvoorbeeld door de ketensamenwerking Samen Sterker. Preventief inzetten op het bevorderen van financiële zelfredzaamheid. We gaan dit doen middels een tool die in een vroeger stadium schulden signaleert zodat we daar preventief op kunnen acteren. Om optimaal gebruik te kunnen maken van deze tool worden er convenanten gesloten met zorgverzekeraars, nutsbedrijven en de woningcorporatie, zodat vroegtijdig schulden kunnen worden opgespoord. Het bieden van budgetbeheer en schuldhulpverlening, welke bijdraagt aan de zelfredzaamheid van de burger. In dit kader zal ook worden gestart met een pilot met als doel het terugdringen van bewindvoering. Actief starten met een structuur om te komen tot een vermindering van het aantal mensen in de bijstand dat onder bewindvoering staat.
Wegnemen van financiële barrières Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
De extra door het Rijk beschikbaar gestelde middelen (“Klijnsma middelen”), ten behoeve van de bestrijding van armoede onder kinderen, zijn ingezet. In 2020 is hier invulling aan gegeven middels subsidies aan stichting Leergeld en Doejemee. Het restant van de middelen is ingezet voor de bestaande gemeentelijke minimavoorzieningen.
Het actualiseren van onze reeds bestaande minimavoorzieningen, denkende aan de bijzondere bijstand en reductieregeling. Het inzetten van de extra door het rijk beschikbaar gestelde middelen (“Klijnsma-middelen”) ten behoeve van de bestrijding van armoede onder kinderen.
5.7 Maatschappelijke ondersteuning Maatschappelijke ondersteuning Op het gebied van de Wmo wordt regionaal samengewerkt op de schaal van Brabant Noordoost-oost. De gemeente Oss is hierbij de centrumgemeente en verantwoordelijk voor de inkoop en verantwoording van de individuele ondersteuning, gespecialiseerde dagbesteding, kortdurend verblijf en beschermd wonen. Afwijkend hierop wordt de huishoudelijke hulp ingekocht op de schaal van de gemeenten Cuijk, Grave en Mill en Sint Hubert. Daarnaast bestaat er binnen de gemeente Cuijk een breed aanbod van welzijnsvoorzieningen. Jeugdhulp Op het gebied van jeugdhulp wordt regionaal samengewerkt op de schaal van Brabant Noordoost-oost. De gemeente Den Bosch is hierbij de centrumgemeente en verantwoordelijk voor de inkoop van specialistische jeugdhulp, jeugdbescherming, jeugdreclassering en Veilig Thuis. Ook op Land van Cuijk niveau is er sprake van samenwerking in de uitvoering van jeugdhulp. Cuijk heeft hierbij de rol van centrumgemeente en draagt zorg voor het Basisteam Jeugd en Gezin, ons lokale laagdrempelige eerstelijns loket voor jeugdhulp. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daar voor gedaan? Maatschappelijke ondersteuning De gemeente Cuijk wil dat alle inwoners (kunnen) meedoen in de samenleving. Ook als iemand ouder wordt, een beperking of chronische ziekte heeft, of nieuw is in onze samenleving.
We gaan uit van de mogelijkheden van mensen en de wens om zo lang mogelijk in de eigen vertrouwde omgeving te wonen en een daginvulling te hebben. Inwoners kunnen naar vermogen zo lang mogelijk zelfstandig thuis wonen en deelnemen aan het maatschappelijk leven. Jeugdhulp Jeugdhulp is erop gericht om dicht bij huis ondersteuning te bieden bij vragen over opgroeien en opvoeden en waar nodig de toegang tot de (gespecialiseerde) jeugdzorg te garanderen en te organiseren. Uitgangspunt hierbij is dat ouders, als eerste verantwoordelijk zijn voor het gezond en veilig opgroeien van hun kinderen en voor de ontwikkeling van de talenten van hun kinderen op weg naar een zelfstandig leven.
67
Speerpunten Maatschappelijke ondersteuning Doorontwikkeling van de dagbesteding Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Met diverse ketenpartners doorlopen we een proces waarbij we voor deelnemers met en zonder indicatie een zinvolle daginvulling op maat van de deelnemer willen organiseren. Samen met scholen, zorg coöperaties, verenigingen etc. worden er verbindingen gelegd. Tevens willen we een verschuiving bewerkstelligen van formele geïndiceerde dagbesteding naar laagdrempelige dagbesteding dicht bij huis. Actualisatie van het ouderenbeleid
De doorontwikkeling van de dagbesteding heeft op verschillende manieren vorm gekregen. Met Wereldtuin Verdeliet is een pilot opgezet, om te voorkomen dat inwoners een indicatie dagbesteding moeten aanvragen. Ook met Sociom lopen gesprekken voor de ontwikkeling van een huiskamer+, waar mensen zonder indicatie terecht kunnen. Tot slot is er regionaal een transformatiebudget Wmo beschikbaar waar aanbieders voor innovatieve projecten op o.a. het gebied van dagbesteding middelen kunnen aanvragen.
Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Met de input van diverse partijen en onderzoeken uit de afgelopen jaren, zoals de pilot WZW, wordt de nota ouderenbeleid Cuijk 2013 geactualiseerd.
Vanwege de coronacrisis is het in 2020 niet mogelijk gebleken om in overleg met de relevante partners nieuw ouderenbeleid op te zetten. Vanwege deze vertraging en met het oog op de herindeling is besloten, in overleg met partners zoals het KBO en Stichting Welzijn Ouderen Cuijk, om geen nieuwe ouderennota meer te realiseren.
Plan van Aanpak Eenzaamheid Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Door diverse ontwikkelingen binnen de samenleving, zoals toenemende vergrijzing, individualisering en mensen die langer zelfstandig thuis blijven wonen, ligt vereenzaming op de loer. Doordat eenzaamheid sterk invloed heeft op de gezondheid, kwaliteit van leven en de mate waarin een inwoner kan participeren in de samenleving, is in 2019 een plan van aanpak eenzaamheid opgesteld. In 2020 wordt gestart met de uitvoering hiervan.
In 2020 is uitvoering gegeven aan het plan van aanpak door in te zetten op deskundigheidsbevordering, bewustwording en voorlichting. Daarin hebben we de samenwerking opgezocht met partnerorganisaties om initiatieven rondom dit thema in kaart te brengen en onder de aandacht van onze inwoners te brengen. Vanwege corona vraagt dat 'online oplossingen'. In dat kader is door de wethouder een videoboodschap voor inwoners opgenomen. Daarnaast heeft gemeente Cuijk zich aangesloten bij het landelijke programma 'Eén tegen eenzaamheid' waarin wordt samen gewerkt met het ministerie van VWS.
68
Actieplan Lokale Inclusie Agenda Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Het is een wettelijke verplichting om een Lokale Inclusie Agenda op te stellen waarin wordt aangegeven hoe de gemeente werkt aan de geleidelijke verwezenlijking van de algemene toegankelijkheid voor personen met een handicap of chronische ziekte. Herziening welzijnsopdracht
In 2020 is voor iedere individuele gemeente een interne inventarisatie uitgevoerd op de thema’s onderwijs & ontwikkeling, thuis, werk & inkomen, vrije tijd, vervoer, en welzijn, gezondheid & ondersteuning. In 2021 zal deze inventarisatie verder uitgewerkt worden met betrokken partners tot een Lokale Inclusie Agenda.
Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Er zijn diverse organisaties actief op het De herziening heeft vertraging opgelopen vanwege gebied van welzijn. De opdracht van de corona pandemie. De bijgestelde planning is om deze organisaties is vooral het medio 2021 een eerste plan te hebben t.a.v. de signaleren van (potentieel) kwetsbare herziening en in de resterende maanden van 2021 burgers en het bieden van verder toe te werken naar de implementatie ondersteuning om zelf (met zijn/haar hiervan. netwerk) problemen op te lossen. Om hier meer inzicht in te krijgen en beter te kunnen sturen op maatschappelijke effecten wordt er een nieuw kader ontwikkeld voor de subsidies aan deze welzijnsinstellingen. Uitvoering Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Per 1 januari 2020 treedt de nieuwe wet Wvggz in werking. Deze vervangt de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet BOPZ). Jeugdhulp
De gemeente heeft per 2020 uitvoering gegeven aan de Wvggz. Via het Verdihuis is het meldpunt Wvggz voor meldingen t.b.v. de zorgmachtiging georganiseerd. Het proces voor afgifte van de crisismaatregel verloopt via de burgemeester.
Uitbreiden en verstevigen van preventief aanbod op basis van een Preventieplan Jeugdbeleid Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
De uitvoering van het preventief jeugdbeleidsplan krijgt vorm in 2020 aan de hand van de vier opgestelde pijlers/werkgroepen: ‘het gezin als thuisbasis’, ‘kinderopvang en school’, ‘buiten’ en ‘samenwerking en communicatie’. Preventief aanbod en samenwerking tussen ketenpartners worden uitgebreid en verstevigd om vroegtijdig te signaleren en snel interventies te kunnen plegen om instroom in specialistische jeugdzorg (deels) te voorkomen.
Op alle vier de pijlers loopt de nadere vormgeving en implementatie van de in het Preventief jeugdbeleidsplan opgenomen actiepunten volgens planning.
69
Inzet van depressie preventieprogramma op middelbare scholen Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
De GGZ heeft, in samenwerking met de In 2019 is gestart met de interventie STORM voor GGD, een programma ontwikkeld een pilotperiode van 3 jaar. In 2020 liep het (STORM) voor vroeg signalering en programma door en is het project verder uitgebreid vroegtijdig inzetten van waarbij het sluiten van de keten grote aandacht ondersteuning/hulp bij depressie onder krijgt. Wegens corona hebben een aantal jongeren. In Land van Cuijk wordt dit informatiebijeenkomsten geen doorgang kunnen inmiddels uitgerold in nauwe vinden. Dit heeft echter geen effect gehad op de samenwerking met onze BJG’s. inzet van de interventie. Praktijkondersteuner Huisarts op gebied van jeugd GGZ (POH-GGZ jeugd) Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
We zijn in het Land van Cuijk gestart met een pilot POH GGZ jeugd. Doel is laagdrempelig en preventief inzetten van passende ondersteuning bij psychische problematiek. Daarnaast treedt de POH GGZ op als verbindingsofficier tussen BJG en huisartsen. Om de samenwerking op het gebied van jeugdhulp verder te verstevigen. In Cuijk wordt nog gewerkt aan de juiste manier van aanhaken bij deze pilot. Momenteel is nog geen deelnemende Cuijkse huisarts gevonden.
In 2020 is de pilot POH GGZ Jeugd geëvalueerd en is besloten de pilot te verlengen t/m december 2021 binnen het Land van Cuijk. Er wordt verbinding gezocht met diverse huisartsenpraktijken om deze pilot in meerdere praktijken in te zetten. In de gemeente Cuijk loopt een aparte pilot met de huisartsen van Cuijk, waarbij alle niet-medische problematiek bij jeugdigen door de huisartsen wordt doorverwezen naar het Centrum voor Jeugd en Gezin.
Transformatie Jeugdhulp: Optimalisering zorglandschap Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Afgelopen jaren zijn diverse maatregelen getroffen om de contractering jeugdhulp in overeenstemming te brengen met de daadwerkelijke vraag naar hulp. Vanuit de transformatieopgaven is besloten (tijdelijk extra) te investeren in ombouw en afbouw van zware, intensieve hulpvormen t.b.v. opbouw van lichtere vormen van hulp dichter bij huis. In de tweede helft van 2019 worden de eerste hulptrajecten binnen deze nieuwe manier van werken opgepakt. De uitrol zal doorlopen in 2020 ev. Zoals in de raadsinformatiebrief van september 2019 is aangegeven, wordt er vanaf 2021 gewerkt aan een nieuwe businesscase voor de transformatie passend bij de nieuwe inkoopsystematiek.
Eind 2020 heeft een evaluatie plaatsgevonden van de transformatieopgaven Jeugd. Hieruit is gebleken dat er een verschuiving in het zorglandschap is gerealiseerd en daarmee beter passende hulp is geboden aan jeugdigen. Door meer inzet van ambulante hulpverlening en gezinsgericht verblijf is regionaal bij 67 jeugdigen residentiële of klinische plaatsing voorkomen. Ook de kosten per jeugdige zijn hiermee gedaald. Op basis van deze evaluatie is besloten om de transformatieopgaven te continueren.
70
Contractering en samenwerking regio NOB Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
In 2019 is een nieuwe centrumregeling vastgesteld door de 16 gemeenten in de regio NOB. Hiermee is opnieuw gekozen voor samenwerking op het gebied van inkoop specialistische jeugdzorg in zorg in natura. Gemeente Den Bosch zal van 2020-2023 opnieuw fungeren als centrumgemeente. Gedurende 2019 en 2020 worden de benodigde voorbereidingen getroffen voor nieuwe inkoopsystematiek en contractering per 01-01-2021. Het jaar 2020 zal in het teken staan van implementatie en voorbereiding van het basisteam jeugd en gezin en backoffice op de nieuwe maner van inkopen.
Vanwege de uitbraak van het coronavirus heeft het inkoopproces en de daarbij behorende aanbesteding vertraging opgelopen. Uiteindelijk heeft dit ertoe geleid dat 2021 gebruikt wordt als overgangsjaar van de oude naar de nieuwe inkoopsystematiek. De contractering 2021 is inmiddels op orde en de aanbesteding voor contracten vanaf 01-01-2022 zal in de eerste helft van 2021 afgerond worden. In de tweede helft van 2020 heeft implementatie en voorbereiding van het basisteam jeugd en gezin en backoffice deels plaatsgevonden, passend bij overgangsjaar 2021. Gedurende het jaar 2021 zal verdere implementatie en voorbereiding plaatsvinden, passend bij de inkoopsystematiek vanaf 2022.
5.8 Verbonden partijen Regionale ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord Beleidsvoornemens Niet van toepassing. Ontwikkelingen
Het jaar 2020 heeft in grote mate in het teken gestaan van de corona crisis. De extra taken die de RAV heeft uitgevoerd, zoals het rijden van meer ritten en intensievere dienstverlening rondom die ritten, heeft een behoorlijke impact gehad op de organisatie.
Er blijft in algemene zin een fors personeelstekort in de acute zorg, het is bijna onmogelijk om voldoende geschikt personeel te werven. Meer specifiek is er een (landelijk) tekort aan ambulanceverpleegkundigen. De RAV Brabant Midden-West-Noord heeft het ‘personeelstekort’ de komende jaren als hoofdthema aangewezen. GGD Hart voor Brabant Beleidsvoornemens De GGD bewaakt, beschermt en bevordert de gezondheid van iedereen, met speciale aandacht voor risicogroepen. Dit doen ze door risico’s voor de gezondheid te voorkomen en de gezondheid van alle inwoners te bevorderen, in het kader van de Wet publieke gezondheid (Wpg) en de Jeugdgezondheidszorg (0-4 jarigen). De GGD benadrukt de verschuiving van het accent in samenleving van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag. Ook wel Positieve Gezondheid genoemd. Daardoor krijgt preventie meer aandacht: voorkomen is beter dan genezen. De gemeente heeft hier een belangrijke rol: zij kan zorg en preventie met elkaar verbinden. De GGD helpt en adviseert de gemeente bij de uitvoering hiervan.
71
Ontwikkelingen
Het jaar 2020 heeft vooral in het teken gestaan van de coronacrisis. De extra taken die de GGD heeft uitgevoerd in opdracht van de minister van VWS, op het gebied van met name testen, bron- en contactonderzoek en vaccineren, heeft een grote impact gehad op de organisatie en de reguliere zorg- en dienstverlening. Inmiddels heeft de GGD de beheersing en bestrijding van het coronavirus georganiseerd in een zelfstandig programma. De GGD kan directe en indirecte gevolgkosten van de coronacrisis declareren bij het ministerie van VWS. Kleinschalig collectief vervoer Brabant-Noordoost (Regiotaxi) Beleidsvoornemens Met als uitgangspunt de klant centraal wordt gewerkt aan een toekomst vast doelgroepenvervoer. Dit vervoer wordt zo efficiënt mogelijk ingezet met zo min mogelijk impact op de leefomgeving. Ontwikkelingen Op basis van een Europese aanbestedingsprocedure is per 1 januari 2019 een contract afgesloten met een nieuwe vervoerder. Het betreft de Munckhof groep. Werkvoorzieningsschap Noordoost-Brabant Beleidsvoornemens In het najaar 2016 is een partnershipcontract gesloten met de IBN voor de periode 2017-2020. In 2020 wordt gewerkt aan het hernieuwen van dit contract. De Gemeenschappelijke Regeling Werkvoorzieningsschap kent geen einddatum. Ontwikkelingen Structurele samenwerking met gemeenten, UWV en bedrijfsleven staan de komende jaren op de voorgrond.
Bezuinigingen van het Rijk op de Wsw zullen de exploitatie onder druk zetten. Veilig Thuis Brabant-Noordoost Beleidsvoornemens Veilig Thuis is er voor advies, hulp en ondersteuning rond huiselijk geweld en kindermishandeling. In 2020 is uitvoering gegeven aan de aangescherpte meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld. Met de verbeterde werkwijze draagt Veilig Thuis bij aan het effectiever stoppen van geweld en aan het doorbreken van intergenerationele overdracht van geweld in gezinnen en huishoudens. Veilig Thuis doet dit in nauwe samenwerking met ketenpartners en met gezinnen of huishoudens. Partnerschap staat hierin centraal. Ontwikkelingen In 2020 is uitvoering gegeven aan de nieuwe vastgestelde regionale samenwerkingsafspraken. De nieuwe samenwerkingsafspraken vormen een belangrijk instrument in de kwaliteitsverbetering en worden in 2021 nauwgezet gemonitord en indien nodig bijgesteld.
72
5.9 Wat heeft het gekost In onderstaande tabel zijn de baten en lasten per beleidsproduct weergegeven. bedragen x € 1.000
Primitief Gewijzigd Rekening 2020 2020 2020
Saldo
5.1 Leefbaarheid
-1.952
-2.033
-2.036
-3
5.2 Welzijn en gezondheidszorg
-1.075
-1.024
-1.014
10
5.3 Inkomensvoorziening
-6.860
-8.919
-8.778
141
5.4 Werk en activering
-5.807
-5.817
-6.112
-295
5.5 Minimabeleid
-1.517
-1.517
-1.427
90
5.6 Maatschappelijke ondersteuning
-13.915
-15.020
-14.914
106
Lasten
-31.126
-34.330
-34.281
49
5.1 Leefbaarheid
84
84
97
13
5.2 Welzijn en gezondheidszorg
99
109
111
2
6.313
8.682
8.680
-2
5.4 Werk en activering
1
1
9
8
5.5 Minimabeleid
50
51
61
10
5.6 Maatschappelijke ondersteuning
205
189
127
-62
6.752
9.116
9.085
-31
Saldo van baten en lasten
-24.374
-25.214
-25.196
19
Dekking Algemene reserve
0
407
407
0
Dekking Reserve uitvoering IDOP`s
0
5
4
0
Onttrekkingen aan reserves
0
411
411
0
Saldo mutaties reserves
0
411
411
0
-24.374
-24.803
-24.784
18
5.3 Inkomensvoorziening
Baten
Resultaat
Exploitatie In onderstaande tabellen wordt een toelichting gegeven op de verschillen tussen de gewijzigde begroting en de realisatie, onderverdeeld in de lasten en de baten. De verschillen zijn incidenteel, tenzij in de toelichting anders is aangegeven. Beleids Toelichting lasten product 5.3 Wet BUIG: Bij de 2e bestuursrapportage zijn de restant uitgaven van het 4e kwartaal 2020 ingeschat op basis van (landelijk) verwachte stijging van aantallen. Daarom heeft het Rijk ook landelijk het macrobudget verhoogd. De stijging is echter uitgebleven en veroorzaakt het extra voordeel van € 99K. Daarnaast is er sprake van € 42K lagere uitgaven i.v.m. ziekte verrekening van de loonkostensubsidies met IBN.
73
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel 141
Nadeel
Beleids Toelichting lasten product 5.4 WSW: Vanuit het Rijk is € 379K extra beschikbaar gesteld voor compensatie vanuit het coronasteunpakket. Dit is onderdeel van de coronastelpost. Doordat dit bedrag is doorbetaald aan IBN ontstaat op dit budget een nadeel. Dit nadeel wordt dan ook gedekt vanuit de coronastelpost (zie Jaarrekening hoofdstuk 2.6).
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel
Nadeel 379
5.4
Uitgaven re-integratie: Er zijn lagere uitgaven op de loonkostensubsidies en ingezette trajecten vanwege de coronacrisis en er is sprake van BTW-suppletie op reintegratie-activiteiten.
84
5.5
Lagere uitgaven schuldhulpverlening door afname van het aantal casussen.
45
5.5
Lagere uitgaven minimabeleid: Er vond eerder altijd een overboeking plaats vanuit het minimabudget naar het Wmo budget i.v.m. de compensatie van de eigen bijdrage Wmo voor inwoners met een inkomen onder de 115%. Gezien zowel het Wmo budget als het minimabudget binnen programma 5 vallen, is er dit jaar voor gekozen om deze overboeking niet te laten plaatsvinden. Zie ook de tabel "Toelichting baten".
45
5.6
Vreemdelingen: Er zijn lagere uitgaven i.v.m. het feit dat middelen voor de maatschappelijke begeleiding van statushouders gebaseerd zijn op de aantallen van het voorafgaand jaar. Hierdoor zal er elk jaar sprake zijn van enige afwijkingen, positief of negatief.
11
5.6
Jeugd meerkosten: Er is sprake van meerkosten jeugd als gevolg van corona. Voor deze meerkosten zijn middelen ontvangen vanuit het coronasteunpakket. Deze meerkosten maken onderdeel uit van de coronastelpost (zie Jaarrekening hoofdstuk 2.6).
36
5.6
Hogere bijdrage aan de regionale begroting jeugdzorg Land van Cuijk i.v.m. de herverdeling op basis van financiële solidariteit en i.v.m. de stijging van de uitgaven op Jeugdzorg.
21
5.6
WMO materieel: Er is sprake van hogere uitgaven rolstoelvoorzieningen, mede door een incidentele pgbverstrekking en hogere uitgaven voor grote woningaanpassingen.
101
5.6
WMO immaterieel: De uitgaven Huishoudelijke Hulp en individuele ondersteuning zijn hoger uitgevallen door stijgende aantallen. Deze autonome ontwikkeling zal i.v.m. het structurele effect ook bij de 1e bestuursrapportage 2021 worden verwerkt.
116
74
Beleids Toelichting lasten product 5.6 WMO immaterieel: Er is sprake van meerkosten binnen de WMO als gevolg van corona. Voor deze meerkosten zijn middelen ontvangen vanuit het coronasteunpakket. Deze meerkosten maken onderdeel uit van de coronastelpost (zie Jaarrekening hoofdstuk 2.6).
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel
5.6
WMO algemene voorziening: Het gereserveerde budget voor de buurtmarkt Beers is niet uitgegeven, waardoor een voordeel van € 48K is ontstaan op dit overgehevelde budget.
48
5.6
WMO algemene voorziening: Vanwege de doorbetaalde omzetgarantie van 80% (vanwege corona) aan vervoersbedrijf Munckhof is een voordeel op dit budget ontstaan.
24
5.6
Eerstelijnsloket WMO: lagere uitgaven dan geraamd
20
5.6
Het restant van de niet bestede transformatiemiddelen jeugd Noord Oost Brabant wordt overgeheveld naar 2021 i.v.m. regionale invulling medio 2021.
270
5.6
De niet bestede middelen dak- en thuisloosheid worden overgeheveld naar 2021.
18
Diverse kleine afwijkingen
32
Totaal
738
Saldo
49
Beleids Toelichting baten product 5.1 Gemeenschapsaccommodaties: Er zijn meer huurinkomsten ontvangen dan begroot.
Nadeel 36
689
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel 13
Nadeel
5.5
Minimabeleid: er is sprake van hogere baten dan geraamd
5.6
Eigen bijdrage WMO: Er is compensatie ontvangen vanuit het Rijk voor het landelijke besluit om geen eigen bijdrage WMO te innen in de maanden april en mei 2020. Dit vormt op dit budget een te verklaren nadeel. Dit nadeel wordt gedekt vanuit de coronastelpost (zie Jaarrekening hoofdstuk 2.6).
14
5.6
Eigen bijdrage WMO: Er vond eerder altijd een overboeking plaats vanuit het minimabudget naar het Wmo budget i.v.m. de compensatie van de eigen bijdrage Wmo voor inwoners met een inkomen onder de 115%. Gezien zowel het Wmo budget als het minimabudget binnen programma 5 vallen, is er dit jaar voor gekozen om deze overboeking niet te laten plaatsvinden. Zie ook de tabel "Toelichting lasten".
45
75
10
Beleids Toelichting baten product Diverse kleine afwijkingen
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel 5
Nadeel
Totaal
28
59
Saldo
-31
Saldo van baten en lasten
19 Voordeel
Reserves In onderstaande tabellen wordt een toelichting gegeven op de verschillen tussen de gewijzigde begroting en de realisatie, onderverdeeld in de onttrekkingen en stortingen. Beleids Stortingen in reserves product
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel
Nadeel
Totaal
0
0
Saldo
0
Beleids Onttrekkingen aan reserves product
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel
Nadeel
Totaal
0
0
Saldo
0
Saldo mutaties reserves
0
5.10 Beleidskaders Leefbaarheid Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) Wet gemeentelijke anti-discriminatievoorzieningen (WGA) Algemene subsidieverordening gemeente Cuijk 2010, inclusief bijbehorende beleidsregels Strategische visie voor het Land van Cuijk inclusief uitvoeringsprogramma 2015 Nota accommodatiebeleid Cuijk 2011 Convenant wijk- en dorpsraden 2005 Welzijn en gezondheidszorg Wet maatschappelijke ondersteuning Wmo 2015 Gezondheidsbeleid Land van Cuijk 2017-2020 Nota ouderenbeleid gemeente Cuijk 2013 Wet publieke gezondheid (Wpg)
76
Inkomensvoorzieningen Participatiewet en de daarbij behorende beleidsregels Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ 2017 Handhavingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015 Verordening bestuurlijke boete bij recidive 2015 Wet Kinderopvang en bijbehorende beleidsregels GR Werkvoorzieningsschap Noordoost-Brabant Werk en activering Participatiewet en de daarbij behorende beleidsregels WWB, IOAW, IOAZ, WSW en BBZ overgangsregelingen en de daarbij behorende beleidsregels Re-integratieverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ 2017 en de daarbij behorende beleidsregels Verordening Tegenprestatie 2015 GR werkvoorzieningsschap Noordoost-Brabant Kadernotitie social return 3.0 en de daarbij behorende beleidsregels Minimabeleid Participatiewet Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) Verordening Individuele Inkomenstoeslag 2018 Verordening Individuele Studietoeslag 2015 Beleidsplan integrale gemeentelijke schuldhulpverlening 2016-2019 Maatschappelijke ondersteuning Verordening en beleidsregels Wmo 2015 Regionale visie op welzijn Brabant Noordoost-oost Beleidsplan Transformatie van AWBZ naar Wmo deel I & II Brabant Noordoost-oost Regionaal Mantelzorgbeleid Land van Cuijk 2013 Beleidsplan Beschermd Wonen Brabant Noordoost-oost Jeugdhulp Wet op de Jeugdzorg Verordening Jeugdhulp gemeente Cuijk 2015 en de daarbij horende
(nadere) beleidsregels Regionaal Beleidsplan Jeugdhulp 2020-2023 Noordoost Brabant Inkoopopdracht specialistische Jeugdhulp regio Noordoost Brabant 2021 Dienstverleningsovereenkomst jeugdwet Jeugdpreventieplan Cuijk 2019
77
5.11 Verplichte BBV indicatoren Indicator Eenheid Aantal personen met een Per 10.000 inwoners bijstandsuitkering Percentage kinderen tot 18 jaar % in een uitkeringsgezin Werkloze jongeren als % percentage van 16 t/m 22 jarigen Aantal inwoners met een baan in Per 1.000 inwoners de leeftijd van 15 tot 64 jaar Percentage van de werkzame % beroepsbevolking ten opzichte van de beroepsbevolking (netto arbeidsparticipatie) Lopende reper 10.000 inwoners van 15integratievoorzieningen 64 jaar Jongeren met jeugdbescherming % als percentage van alle jongeren tot 18 jaar Jongeren met jeugdreclassering % als percentage van alle jongeren van 12 tot 23 jaar Jongeren met een delict voor de % rechter in percentage van jongeren tussen 12 t/m 21 jaar Jongeren met jeugdhulp als % percentage van alle jongeren tot 18 jaar Aantal cliënten met een Per 10.000 inwoners maatwerkarrangement Wmo Bron: www.waarstaatjegemeente.nl Referentiegroep is Nederland
78
Cuijk 340,6
Referentiegroep 459,7
5,0
6,0
2,0
2,0
713,6
794,1
70,1
68,8
280,5
202,0
1,4
1,2
0,5
0,4
1,0
1,0
11,8
12,3
580
640
6 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien ‘Algemene middelen en onvoorzien’ is formeel gezien geen programma. Algemene middelen en onvoorzien heeft betrekking op een overzicht van alle baten en lasten die niet specifiek aan een programma toegerekend kunnen worden. Dit betreft bijvoorbeeld de algemene uitkering en nietgebonden belastingen, zoals de onroerende-zaakbelastingen (OZB).
6.1 Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien In de Kadernota zijn de kaders vastgesteld voor het opstellen van de (meerjaren)begroting. Gelet op de financiële situatie geschetst in de Kadernota is er terughoudend omgegaan met het opvoeren van nieuw beleid. Wat hebben we bereikt en wat hebben we daar voor gedaan? In de Kadernota 2020-2023 zijn de kaders vastgesteld voor het opstellen van de begroting 2020 en volgende jaren. Gelet op de financiële situatie geschetst in de Kadernota 2020-2023 is er terughoudend omgegaan met het opvoeren van nieuw beleid. Na vaststelling van de Kadernota 2020 is een proces gestart om te komen tot een meerjarig structureel sluitende begroting. In een voorstel bij deze begroting worden hiervoor dekkingsvoorstellen opgenomen. Voor de financiële vertaling van keuzes is begrotings- en budgetdiscipline noodzakelijk. De uitgangspunten hiervoor zijn: Het meerjarenperspectief moet sluitend zijn. Risico’s moeten in beeld zijn en er moeten voldoende middelen gereserveerd zijn om deze te kunnen dekken mochten deze zich voordoen. De algemene reserve moet voldoende van omvang zijn om veerkrachtig zaken op te kunnen vangen die op dit moment nog niet te voorzien zijn. Voor onvoorziene situaties zorgen we voor een solide reservepositie en een buffer voor onvoorziene lasten (€ 36.000 per jaar). Speerpunten Een sluitende meerjarenbegroting Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
Het college zal voorstellen doen om vanuit de Kadernota 2020 te komen tot een sluitende meerjarenbegroting. Voldoende weerstandsvermogen
De werkzaamheden zijn conform doelstelling uitgevoerd.
Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
De verhouding tussen de hoogte van de algemene reserve en de financiële risico’s. Solvabiliteit
De werkzaamheden zijn conform doelstelling uitgevoerd.
Wat wilden we doen
Wat hebben we gedaan
De gemeente zet in op een verbetering van de solvabiliteitsratio. De solvabiliteitsratio drukt het eigen vermogen uit als percentage van het totale vermogen. Verdere toelichting wordt gegeven in de paragraaf ‘Weerstandsvermogen’.
De solvabiliteit is ten opzichte van 2021 verbeterd.
79
6.2 Vennootschapsbelasting Met ingang van 2016 zijn gemeenten Vennootschapsbelastingplichtig geworden. Vennootschapsbelasting (Vpb) is verschuldigd over fiscale winsten van ondernemersactiviteiten. Omdat de resultaten op fiscaal belaste activiteiten onderling worden verrekend en aangifte wordt gedaan over het totale (gesaldeerde) resultaat, moet de Vpb-heffing worden begroot en verantwoord als een centrale post in de begroting en in de jaarrekening. Het te betalen bedrag VPB betreft het jaar 2018. Het jaar 2018 is een piekjaar, waarin veel grondverkopen hebben plaatsgevonden. Er is voornamelijk sprake van verschuiving in de tijd. De VPB-last over de totale looptijd blijft ongeveer gelijk, mits er sprake is van gelijkblijvende omstandigheden.
6.3 Verbonden partijen Brabant water Beleidsvoornemens Het leveren van drinkwater van onberispelijke kwaliteit tegen een betaalbare prijs. En maatschappelijke waarde toevoegen voor huidige en toekomstige generaties. Ontwikkelingen Bescherming bron en natuur De Brabantse natuur is de beste bescherming van ons drinkwater. Daarom staat de bescherming van onze bronnen, het grondwater, voorop. Maar Brabant Water doet bewust meer om een positieve bijdrage te leveren aan de balans tussen flora, fauna en de natuurlijke drinkwaterbronnen: het bevorderen van biodiversiteit. Duurzaam watergebruik Dit thema krijgt steeds meer aandacht, omdat onze nationale zoetwatervoorraad kwetsbaar is. Door langdurige droogte, klimaatverandering en vervuiling is slimmer omgaan met water hard nodig. Op alle fronten. Daarom ligt de focus op verlaging van het watergebruik. Zowel van onszelf als van anderen. Midden in de (Brabantse) samenleving Brabant Water is een actief maatschappelijk partner voor de Brabantse samenleving en zoekt bewust verbinding. Steeds meer mensen kiezen bewust voor kraanwater, wat Brabant Water op verschillende manieren stimuleert. Duurzaamheid Brabant Water leent het drinkwater rechtstreeks uit de natuur. Daarom behandelt zij de natuur met respect. Sinds 2013 onderneemt Brabant Water volledig klimaatneutraal, maar het kan altijd beter.
Daarom kijken ze bij alles wat ze doen naar energiebesparing, verkleining van onze CO₂ voetafdruk, hoe ze zelf meer duurzame energie kunnen opwekken en zijn ze hard op weg een zero waste bedrijf te worden. Bank Nederlandse Gemeenten Beleidsvoornemens In de periode tot 2023 versterkt BNG haar klantrelaties door haar focus te vergroten, door betere klantpartnerschappen op te bouwen en door haar interne processen te optimaliseren. Deze bewuste keuzes zal de BNG in staat stellen om haar ambities te verwezenlijken: de promotionele geldschieter zijn die sociale impact levert en die door haar klanten en andere belanghebbenden wordt beschouwd als hun natuurlijke partner voor het aanpakken van de maatschappelijke uitdagingen waarmee ze te maken hebben.
80
Ontwikkelingen
BNG Bank verwacht in 2021 voor € 11,5 miljard aan nieuwe langlopende leningen te verstrekken aan haar publieke klanten. Klanten ondervinden ook in 2021 de gevolgen van de coronapandemie. BNG Bank zal blijven doen wat mogelijk is om haar klanten waar nodig te ondersteunen. Het financieringsbeleid van BNG Bank blijft onveranderd gericht op permanente toegang tot de geld- en kapitaalmarkt voor de gewenste looptijden en volumes tegen zo laag mogelijke kosten. De volatiliteit op de financiële markten zal dit jaar naar verwachting groot blijven.
Enexis Holding N.V. Beleidsvoornemens Met het oog op de nieuwe reguleringsperiode (ACM) met ingang van 2022, bereidt de Raad van Bestuur een nieuw strategisch plan voor dat wordt vastgesteld in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders. De voorbereiding gebeurt o.a. in dialoog met de stakeholders, waaronder de aandeelhouderscommissie (AHC). Ontwikkelingen De rol van Enexis is bepalend voor tijdige realisatie van de Brabantse energietransitie. Zoals toegelicht in de Energieagenda 2019-2030 van de provincie Noord-Brabant is de energietransitie een systeemtransitie die de hele maatschappij aangaat. Om deze transitie te realiseren moeten we over van een centraal gestuurd, fossiel energiesysteem naar een meer decentraal, duurzaam energiesysteem en op duurzame energiebronnen. Dit vraagt forse aanpassingen in energienetwerk en -dienstverlening. Bovengenoemde doelstellingen en strategieën van Enexis zijn hierop gericht. Aangezien de capaciteit van het elektriciteitsnet op meerdere plekken in Brabant (zeer) beperkt is, vraagt dit investeringen in de uitbreiding van het netwerk (zowel op de korte als lange termijn). Schaarste van netcapaciteit vraagt naast uitbreiding ook om het optimaal benutten van de beschikbare ruimte.
Enexis neemt deel aan het gesprek dat is gericht op het maken van afspraken over de planning van opwek en vraagsturing in relatie tot de netcapaciteit, en in relatie tot andere opgaven als woningbouw, bedrijventerreinen, laadpalen, etc. Een belangrijke schakel in de uitvoering van het Klimaatakkoord en in het behalen van de Brabantse doelstellingen, zijn de Regionale Energiestrategieën (RES’en). De vier RES’en in Brabant zijn en worden met betrokkenheid vanuit netbeheerder Enexis ontwikkeld en uitgevoerd. Naast het RES-proces zal de transitie van de industrie een groot effect hebben op de energie-infrastructuur en vice versa. Zowel RES’en als industrie zijn daarom onderwerp van de 1e fase systeemstudie die de provincie NoordBrabant uitvoert en waarbij de provincie Enexis betrekt. Ook is groene mobiliteit één van de thema’s waarvoor de rol van Enexis van grote meerwaarde is (aangezien dit om grootschalige uitrol van laadinfra vraagt). Net als de samenwerking met Enpuls, de organisatie binnen Enexis Group ingericht op conceptontwikkeling voor het versnellen van de energietransitie, op het gebied van sociale innovatie en sociale inclusie in de energietransitie. Vordering op Enexis B.V. Beleidsvoornemens Naar aanleiding van het besluit in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 9 april 2020 is de vennootschap opgeheven en uitgeschreven uit het handelsregister.
Ontwikkelingen Niet van toepassing.
81
Verkoop Vennootschap B.V. Beleidsvoornemens Naar aanleiding van het besluit in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 9 april 2020 is de vennootschap opgeheven en uitgeschreven uit het handelsregister. Ontwikkelingen Niet van toepassing. Publiek Belang Elektriciteitsproductie B.V. Beleidsvoornemens Ondanks dat het General Escrow fonds in juni 2016 is geliquideerd, dient de vennootschap als gevolg van contractuele verplichtingen nog in stand gehouden te worden. Het bestuur van de vennootschap is in overleg met de andere contractuele partijen om na te gaan wanneer de contractuele verplichtingen voortijdig kunnen worden beëindigd, de vennootschap kan worden ontbonden en de resterende liquide middelen kunnen worden uitgekeerd aan de aandeelhouders naar rato van het aandelenbelang. Ontwikkelingen Niet van toepassing. CSV Amsterdam B.V. Beleidsvoornemens De vennootschap zal voorlopig nog voortbestaan om op eigen kosten en risico namens Deponie Zuid B.V. (vennootschap onder Attero Holding B.V.), in overleg met de aandeelhouderscommissie, het bezwaar en/of beroep te voeren tegen de Belastingdienst ten aanzien van de naheffingsaanslag afvalstoffenbelasting. Op het moment is de vennootschap in afwachting van de reactie van de belastingdienst op het bezwaar.
Afhankelijk van de reactie van de belastingdienst en de kans van slagen van een gerechtelijke procedure zal in overleg met de aandeelhouderscommissie de procedure al dan niet worden voortgezet. Na afwikkeling van deze bezwaar- en/of beroepsprocedure of eventuele voortijdige beëindiging van deze procedure zal de vennootschap kunnen worden opgeheven en de resterende liquide middelen kunnen worden uitgekeerd aan de aandeelhouders naar rato van het aandelenbelang. Ontwikkelingen Gebeurtenissen na balansdatum: Begin maart 2021 is er berichtgeving in de media ontstaan over geconstateerde fraude door voormalig bestuursvoorzitter Frank Oranje van advocatenkantoor Pels Rijcken bij – onder andere – de afwikkeling van de verkoop van Attero. CSV Amsterdam BV is op 3 maart 2021 telefonisch door zijn adviseur Simmons & Simmons geïnformeerd dat uit controles van derde partijen die de zaak bij Pels Rijcken onderzoeken, zou zijn gebleken dat CSV Amsterdam BV een mogelijk rente nadeel van ongeveer € 55.000 zou hebben gehad als gevolg van de tijdelijke verduistering van de gelden van deze Escrow Account. Tot op heden (5 maart 2021) is het bestuur van CSV Amsterdam BV alleen nog mondeling door haar adviseur geïnformeerd en heeft verder kennisgenomen van diverse krantenartikelen.
Volgens telefonische mededeling van Pels Rijcken aan de adviseur van Simmons & Simmons zal Pels Rijcken op korte termijn CSV Amsterdam BV schriftelijk verder op de hoogte brengen. CBL Vennootschap B.V. Beleidsvoornemens Naar aanleiding van het besluit in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van 9 april 2020 is de vennootschap opgeheven en uitgeschreven uit het handelsregister. Ontwikkelingen Niet van toepassing.
82
6.4 Wat heeft het gekost In onderstaande tabel zijn de baten en lasten per beleidsproduct weergegeven. bedragen x € 1.000
Primitief Gewijzigd Rekening 2020 2020 2020
Saldo
6.1 Lokale heffingen, waarvan besteding niet gebonden is
-425
-429
-428
1
6.2 Overige algemene dekkingsmiddelen
900
18
844
827
6.3 Algemene uitkering
-7
-7
-7
-1
6.5 Saldo van de financieringsfunctie
-31
280
68
-212
-6.850
-6.985
-6.915
69
6.7 Vennootschapsbelasting
-220
-245
-1.060
-815
6.8 Onvoorzien
-61
-36
0
36
Lasten
-6.695
-7.404
-7.498
-94
6.1 Lokale heffingen, waarvan besteding niet gebonden is
7.417
7.685
7.728
43
0
0
141
141
40.573
42.640
42.786
146
6.4 Dividend
60
41
41
0
6.5 Saldo van de financieringsfunctie
357
190
186
-4
0
0
0
0
Baten
48.407
50.557
50.883
326
Saldo van baten en lasten
41.712
43.153
43.385
232
Aanwending reserves
4.639
0
0
0
Dekking Reserve egalisatie BTW ivm Compensatiefnds
0
32
32
0
Dekking Reserve gebouwenbeheer
0
25
25
0
Dekking Reserve kapitaallasten gemeentehuis/werf
0
328
328
0
Dekking Reserve winstuitkering HNG
0
48
48
0
Onttrekkingen aan reserves
4.639
433
433
0
Storting in Algemene reserve
0
-14
-14
0
Storting in reserves
-3.389
0
0
0
Stortingen in reserves
-3.389
-14
-14
0
Saldo mutaties reserves
1.250
419
419
0
Resultaat
42.962
43.572
43.804
232
6.6 Overhead
6.2 Overige algemene dekkingsmiddelen 6.3 Algemene uitkering
6.6 Overhead
83
Exploitatie In onderstaande tabellen wordt een toelichting gegeven op de verschillen tussen de gewijzigde begroting en de realisatie, onderverdeeld in de lasten en de baten. De verschillen zijn incidenteel, tenzij in de toelichting anders is aangegeven. Beleids Toelichting lasten product 6.2 In de septembercirculaire is een bedrag van € 961k ontvangen voor compensatie coronamaatregelen. In programma 6 is hiervoor een stelpost corona opgenomen. De uitgaven i.v.m. corona worden vooral op de programma's 1 t/m 5 verantwoord. Daardoor ontstaat hier een voordeel en op de andere programma's een nadeel. In hoofdstuk 2.6 van de Jaarrekening is een totaaloverzicht opgenomen van de verschillende uitgaven als gevolg van corona in relatie tot de ontvangen extra middelen van het Rijk.
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel 961
Nadeel
6.2
In overleg met de accountant is in 2020 gekozen voor een andere wijze van verantwoording van de post dubieuze debiteuren. Hierdoor is er een realistischer beeld van de voorziening.
6.2
Er heeft een BTW-correctie plaatsgevonden.
142
6.2
Binnen de bijdrage CGM heeft een verschuiving plaatsgevonden tussen overhead en bijdrage op basis van uren (zie ook beleidsproduct 6.6). Per saldo verloopt dit budgettair neutraal.
107
6.5
Er is een rentevoordeel ontstaan. De aangetrokken kortlopende geldleningen zijn door een gunstige rentestand bij leningen voordeliger.
6.5
Omdat het nacalculatorische rentetarief lager is dan begroot kan er minder rente worden doorbelast aan de kapitaallasten. Per saldo verloopt dit budgettair neutraal binnen de jaarrekening, omdat er ook minder rente wordt toegerekend aan de programma’s.
157
6.5
Door de lagere betaalde rente op leningen kan er minder rente worden toegerekend aan de grondexploitaties.
93
6.6
Eind 2020 zijn er zaken geweest waarvoor externe expertise nodig was. Verder waren de vergoedingen proceskosten hoger.
18
6.6
In 2020 zijn extra communicatiemiddelen ingezet die gericht zijn op informatieverstrekking aan inwoners en bedrijven over de coronacrisis, waaronder inkoop van extra pagina's in de gemeenterubriek van het lokale huis-aanhuisblad. Deze meerkosten maken onderdeel uit van de coronastelpost (zie Jaarrekening hoofdstuk 2.6).
12
84
105
38
Beleids Toelichting lasten product 6.6 Binnen de bijdrage CGM heeft een verschuiving plaatsgevonden tussen overhead en bijdrage op basis van uren (zie ook beleidsproduct 6.1). Per saldo verloopt dit budgettair neutraal.
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel 107
6.7
Voor de Vennootschapsbelasting (VPB) is een voorlopige aanslag over 2018 ontvangen.
6.8
Restant saldo onvoorzien
36
Diverse kleine verschillen
3
815
Totaal
1.250
Saldo
-94
Beleids Toelichting baten product 6.1 Hogere baten buitenreclame i.v.m. vergoedingen over de jaren 2018 en 2019.
Nadeel
1.344
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel 18
6.1
De meeropbrengst OZB van € 73K (€ 22K gebruikersheffing en € 51K eigenarenheffing) is een combinatie van drie belangrijke oorzaken: een iets hogere waardeontwikkeling dan waarmee bij de tariefberekeningen rekening is gehouden, meer groei dan gemiddeld geraamd en minder derving door gehonoreerde waarde-bezwaren.
6.1
Door de corona zijn de opbrengsten toeristenbelasting lager dan begroot. Dit nadeel wordt gedekt vanuit de coronastelpost (zie Jaarrekening hoofdstuk 2.6).
6.2
Vanwege een uitspraak van de Hoge raad inzake reintegratie is bij de belastingdienst een suppletie ingediend voor het BTW Compensatiefonds (BCF) over de jaren 2015 t/m 2019.
141
6.3
Het begrote bedrag voor de algemene uitkering is gebaseerd op de septembercirculaire. Het verschil wordt vooral veroorzaakt door de mutaties in decentrale uitkeringen in de decembercirculaire 2019. Hierover bent u middels een raadsinformatiebrief geïnformeerd.
146
Nadeel
73
42
Diverse kleine verschillen
10
Totaal
378
Saldo
326
Saldo van baten en lasten
232 Voordeel
85
52
Reserves In onderstaande tabellen wordt een toelichting gegeven op de verschillen tussen de gewijzigde begroting en de realisatie, onderverdeeld in de onttrekkingen en stortingen. Beleids Stortingen in reserves product
(Bedragen x € 1.000)
Voordeel
Nadeel
Totaal
0
0
Saldo
0
Beleids Onttrekkingen aan reserves
(Bedragen x € 1.000)
product
Voordeel
Nadeel
Totaal
0
0
Saldo
0
Saldo mutaties reserves
0
6.5 Beleidskaders Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Financiële verordening Cuijk 2017 Controleverordening gemeente Cuijk 2014 Verordening onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid van de gemeente Cuijk 2014 Beleidsnota reserves en voorzieningen 2015 Het beleid op het gebied van de lokale lasten is opgenomen in de navolgende stukken: Coalitieakkoord gemeente Cuijk, bestuursperiode 2018-2012 Wettelijk kader en jurisprudentie Uitgangspunten begroting 2020 Herziening betaalmogelijkheden gemeentelijke belastingaanslagen (raadsbesluit 1 november 1993) Verordening baatbelasting (druk)riolering buitengebied Cuijk 2000 Verordening baatbelasting (druk)riolering buitengebied Cuijk 2003 Verordening baatbelasting (druk)riolering c.a. buitengebied Cuijk 2005 Verordening onroerendezaakbelastingen Cuijk 2020 Verordening kwijtschelding gemeentelijke heffingen Cuijk 2018 Leidraad invordering gemeentelijke belastingen en incassoreglement Cuijk 2017 Leidraad heffing gemeentelijke belastingen Cuijk 2017
86
6.6 Verplichte BBV indicatoren Indicator Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden Gemiddelde WOZ Functiemenging Bron: www.waarstaatjegemeente.nl Referentiegroep is Nederland
87
Eenheid €
Cuijk 700
Referentiegroep 772
€
690
700
x € 1.000 in %
235 50,6
270 53,2
Paragrafen
88
1 Lokale heffingen In het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn de eisen opgenomen waaraan deze paragraaf moet voldoen. Doel van de laatste vernieuwing van het BBV was meer transparantie van het besluitvormingsproces en daarmee een grotere betrokkenheid van alle belanghebbenden bij dit proces. Ander doel was onder meer een betere vergelijkbaarheid van kosten en beleidsresultaten met andere gemeenten. Ook kan hiermee een versterkt inzicht in de financiële positie van de gemeenten worden bereikt.
1.1 Geraamde opbrengsten In onderstaand overzicht zijn de geraamde en gerealiseerde opbrengsten 2020 van alle lokale heffingen weergegeven. (bedragen x € 1.000)
Onroerende zaakbelasting
Begroot Verschil in na Realisatie Verschil % wijziging 7.136 7.374 7.447 73 1,0%
Rioolheffing
2.021
2.021
2.100
79
3,9%
Afvalstoffenheffing/reinigingsrecht
1.869
1.841
1.870
29
1,6%
Leges omgevingsvergunningen
1.243
1.243
1.197
-46
-3,7%
Leges rijbewijzen/reisdocumenten
120
120
121
1
0,6%
Overige secretarieleges
106
171
194
24
14,0%
Toeristenbelasting
169
199
157
-42
-21,1%
Graf- en begrafenisrechten
99
109
111
2
2,1%
Reclamebelasting
70
70
62
-8
-10,7%
Scheepvaartrechten/liggelden
29
39
72
33
83,3%
Baatbelastingen
15
15
11
-4
-23,7%
Marktgelden
11
11
8
-3
-25,2%
Parkeerbelastingen
18
18
25
7
38,3%
af: Kwijtscheldingen
-75
-95
-100
-4
4,5%
12.830
13.135
13.277
142
1,1%
Soort heffing
Totaal
Primitieve begroting
Hierna volgt een analyse van de verschillen tussen geraamde en de uiteindelijk verantwoorde belastingopbrengsten in 2020. Zie de tabel hiervoor. Alleen bij afwijkingen van meer dan 10% of meer dan € 25.000, is een toelichting gegeven. Onroerendezaakbelastingen De meeropbrengst met € 73.000 (+1%) kent diverse oorzaken. De belangrijkste is dat het accres (groei door verbouw en nieuwbouw) hoger is uitgevallen dan waarmee op basis van het meerjarig (gemiddeld) accres rekening was gehouden.
89
Rioolheffing De meeropbrengst is van € 79.000 (+3,9%) wordt vooral veroorzaakt door meer gereedgekomen woningen en bedrijven dan was ingeschat. Het voordeel wordt afgewikkeld via de voorziening riool en heeft geen invloed op het rekeningresultaat. Reinigingsheffingen De meeropbrengst met € 29.000 (+ 1,6%) is een resultaat van minder leegstand en meer nieuwbouwpanden dan ingeschat. Leges omgevingsvergunningen De werkelijke opbrengsten leges omgevingsvergunningen zijn € 46.000 lager uitgevallen dan geraamd. Enerzijds door minder legesopbrengsten uit de transitie van de veehouderij (-/- € 207.000) en anderzijds door meer leges voor bouwactiviteiten van grote objecten (+ € 146.000). Tegenover lagere legesbaten uit de transitie veehouderij staan ook lagere lasten. Het is helaas op voorhand niet altijd goed in te schatten wanneer bouwplannen daadwerkelijk worden opgepakt en in welk dienstjaar deze legesbaten vervolgens kunnen worden verantwoord. Leges (overige secretarieleges) Deze meeropbrengst (+ € 24.000) is veroorzaakt door diverse plussen en minnen. De belangrijkste zijn: APV-leges -/- € 18.000, kabels en leidingen + € 25.000 en GBA-leges + € 6.000. Toeristenbelasting Het effect van de coronapandemie heeft invloed op deze opbrengst. Die zijn in 2020 volledig door het Rijk gecompenseerd.
Scheepvaartrechten/liggelden De meeropbrengst van € 33.000 komt vooral door de vestiging van een nieuw bedrijf die goederen via de keersluis invoert naar de brekerij. De opbrengst doorvaartrechten is daardoor fors toegenomen. Marktgelden De lagere baten zijn vooral veroorzaakt door de coronamaatregelen. Parkeerbelastingen De meeropbrengst van € 7.000 (+38,3%) wordt vooral veroorzaakt door de toename van het aantal verstrekte parkeerontheffingen.
1.2 Beleid ten aanzien van de lokale heffingen Met betrekking tot het tarievenbeleid zijn voor 2020 de volgende maatregelen (beleidsvoornemens) daadwerkelijk doorgevoerd: Verhoging van de tarieven graf- en begrafenisrechten, leges, liggelden woonschepen, marktgelden, parkeerbelastingen, reclamebelasting en scheepvaartrechten met 2%; Verhoging van het legestarief voor behandelen van aanvragen in procedures in het kader van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) tot kostendekkend niveau;
90
Verhoging van het vaste jaartarief van de reinigingsheffingen (afvalstoffenheffing en reinigingsrecht) met 8% in plaats van 9,5%; Verhoging van de tarieven rioolheffing met 6,7% op grond van het doorgerekende rioleringsplan (VGRP 2019-2023); Vaststelling van de tarieven onroerendezaakbelastingen (OZB) 2020 rekening houdend met de herwaardering en de verhoging van de OZB-opbrengsten met 3%.
1.3 Overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen Hierin moet ook in de jaarrekening waar mogelijk en waar relevant inzichtelijk worden gemaakt hoe de verhouding is tussen de werkelijke lasten en de werkelijke baten. In onderdeel a. hiervoor staan de heffingen die in onze gemeenten worden geheven. Deze zijn gebaseerd op de Gemeentewet en verder uitgewerkt in belastingverordeningen en daarbij behorende tarieventabellen. In dit onderdeel wordt ingegaan op de rioolheffing, de reinigingsheffingen, de graf- en begrafenisrechten en de leges. Methodiek Bij het inzichtelijk maken van de kostendekkendheid van riolering, afval en grafrechten is een berekening gemaakt op basis van de volgens BBV toe te rekenen overhead. Het hierbij gehanteerde tarief is voor 2020 berekend op € 39,46. Omschrijving Overhead CGM Overhead Cuijk Totaal
Opslag € 6.117.975 € 1.004.264 € 7.122.239
Aantal fte * productieve uren
180.512
Extracomptabel tarief riool/afval/grafrechten
€ 39,46
Per onderwerp wordt toegelicht vanuit welk taakveld er uren zijn toegerekend en wat voor een effect dit heeft op de totale lasten voor 2020. Rioolheffing De beleidsuitgangspunten (artikel 10, onderdeel c van het BBV): De rioolheffing is een bestemmingsheffing. Met de rioolheffing kan de gemeente, naast de zorg voor het riool, tevens voorzieningen bekostigen die het mogelijk maken in te spelen op de zorg voor het hemelwater en grondwater. Deze zorgtaken zijn opgenomen in het verbreed gemeentelijk rioleringsplan (VGRP 2019-2023). Via storting en aanwending van de gevormde voorziening kunnen de tarieven gelijkmatig worden ingezet. Het VGRP 2019-2023 is verwerkt in de taakvelden in de jaarrekening 2020. De BTW en de rente zijn extracomptabel toegerekend.
91
Berekening toe te rekenen overhead Taakveld 7.2 Riolering 2.1 Verkeer en vervoer (straatreiniging) 6.3 Inkomensregelingen 0.64 Belastingen overig
Aantal uren Toerekenen aan taakveld riolering 2.345 100% 2.034 50% 509 2.660
Tarief overhead
Totaal
€ 39,46 € 39,46
92.534 40.131
€ 39,46 € 39,46
6.695 34.988
33% 33%
Totaal Effect boekjaar 2020 Omschrijving Totaal uitgaven* Totaal inkomsten Onttrekking voorziening ** Kostendekkendheid
174.347
Lasten 2.115.282
Baten 2.112.545
Saldo 2.115.282 2.112.545 2.737 100%
*Inclusief toe te rekenen overhead. **Onderdeel van totaal inkomsten en na aanwending voorziening is de kostendekkendheid 100%.
Reinigingsheffingen De beleidsuitgangspunten (artikel 10, onderdeel c van het BBV): Afvalstoffenheffing wordt geheven voor het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen; Reinigingsrecht voor het ophalen van klein bedrijfsafval. Beoordeeld is welke kosten van activiteiten toerekenbaar zijn en daarmee zijn verhaald via de afvalstoffenheffing en het reinigingsrecht. Berekening toe te rekenen overhead Taakveld 7.3 Afval
Aantal uren Toerekenen aan taakveld afval 678 100%
Tarief overhead
Totaal
€ 39,46
26.754
6.3 Inkomensregelingen 0.64 Belastingen overig
509 2.660
50% 50%
€ 39,46 € 39,46
10.043 52.482
2.1 Verkeer en vervoer (straatreiniging) Totaal
2.034
33%
€ 39,46
26.754 116.032
92
Effect boekjaar 2020 Omschrijving Totaal uitgaven*
Lasten 2.178.592
Totaal inkomsten Storting voorziening**
Baten
Saldo 2.178.592
2.237.868
2.237.868 59.276
Kostendekkendheid
103%
*Inclusief toe te rekenen overhead **Onderdeel van totale kosten en na storting voorziening is de kostendekkendheid 100%
Graf- en begrafenisrechten De beleidsuitgangspunten (artikel 10, onderdeel c van het BBV): De rechten worden geheven voor diensten die verband houden met het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen. De maatschappelijke tendens is dat het aantal begravingen afneemt ten opzichte van het aantal crematies. Extra verhoging van de tarieven kan leiden tot nog minder begravingen. Beoordeeld is welke kosten van activiteiten toerekenbaar zijn en daarmee zijn verhaald via de graf- en begrafenisrechten. De BTW is, waar van toepassing, extracomptabel toegerekend. Berekening toe te rekenen overhead
Taakveld
7.5 Begraafplaatsen
Aantal uren Toerekenen aan taakveld begraafplaatsen 1.103 100%
Tarief overhead
Totaal
€ 39,46
43.524
Totaal Effect boekjaar 2020 Omschrijving Totaal uitgaven* Totaal inkomsten Kostendekkendheid *Inclusief toe te rekenen overhead
93
43.524
Lasten
Baten
Saldo
111.064
161.394 111.064
161.394
69%
Leges Voor de leges zijn aanvullende eisen in het BBV opgenomen (artikel 10, onderdeel c van het BBV). Dat blijkt met name uit de toelichting. Volgens de toelichting op het BBV moet per hoofdstuk van de legestarieventabel de mate van kostendekking worden vermeld. Dat moet volgens de Commissie BBV ook in de jaarrekening. Dat hebben wij daarom ook uitgewerkt in de tabellen hierna. Uitgangspunten die hierbij zijn gehanteerd zijn: Voor wat betreft de berekening van de overhead zijn dezelfde uitgangspunten gehanteerd zoals die bij de rioolheffing en reinigingsheffingen. Vaak gaat het in een aantal hoofdstukken om heel geringe aantallen. Sommige diensten worden soms maar enkele keren per jaar aangevraagd. Een gemiddelde tijdsbesteding is dan niet te meten. Door de Rijksoverheid zijn wettelijke legestarieven voorgeschreven, zoals die voor akten burgerlijke stand, eigen verklaring rijbewijs, verstrekkingen aan BRP-afnemers, naturalisatie, persoonslijsten, verklaring omtrent personen (VOG) en speelautomaten. Die zijn daarom qua tariefstelling niet beïnvloedbaar door eigen gemeentelijke kostenberekeningen, maar maken wel deel uit van de lasten en baten. De Rijksoverheid heeft voor rijbewijzen en reisdocumenten wettelijke maximumtarieven vastgesteld. De werkelijke opbrengsten leges omgevingsvergunningen zijn op voorhand niet altijd goed in te schatten.
In deze paragraaf moet zoals opgemerkt een overzicht van baten en lasten (2020) worden opgenomen per hoofdstuk van de tarieventabel. De hoofdstukken waarop geen legesopbrengsten zijn verantwoord, zijn niet in de tabel hierna opgenomen. Hoofdstuk legestarieventabel