04l. Archeologisch rapport juni 2016.pdf
Tekst van het document
Louwe Kooijmans (red.): Van contract tot wetenschap. Tien jaar archeologisch onderzoek door Archol BV 1997-2007. Leiden. Mark, R. van der (red.), 2006: Oldenzaal Ganzenmarkt. Archeologisch onderzoek.'s-Hertogenbosch (BAAC-project 05.235). Mekking, A.J.J., & D.J. de Vries, 2007: Huizen (1100-1500 Middeleeuwen). In: K. Bosma, A. Mekking, K. Ottenheym & A. van der Woud (red.), Bouwen in Nederland. 600-2000. Amsterdam/Zwolle, 222-229 Melkert, M.J.A., 2010: Natuursteen. In: N. Huisman, Een villaterrein op het Kloosterraderplein te Kerkrade. Amersfoort (ADC Rapport 2223), 25 - 29. Melkert, M.J.A., 2011: Natuursteen van een ontginningsgebied: gebruik van lokale steensoorten. In: D.A. Gerrets & E. Jacobs (red), Boeren in de marge. Een middeleeuwse onginningsenclave op het zand bij Grubbenvorst. Amersfoort (ADC Rapport 2108), 137-154. Melkert, M.J.A., 2012: Natuursteen. In: W. Roessingh en E. Blom (red.), Graven op De Contreie, Bewoningsgeschiedenis van de Houtse Akkers te Oosterhout, van de Bronstijd tot en met de Slag om het Markkanaal. Amersfoort (ADC Monografie 14), 141-143; 176-182; 227-228. Melkert, M.J.A., 2015: Natuursteen. In: E. Blom & H.M. van der Velde (red.), De archeologie van Boxmeer-Sterckwijck: 4500 jaar wonen, werken en begraven langs de Maas. Amersfoort (ADC Monografie 18). Mittendorff, E., 2007: Huizen van heren.
Archeologisch onderzoek naar het proces van verstedelijking en de vorming van een stedelijke elite in het Polstraatkwartier van Deventer, ca. 800 – 1250, Deventer (Rapportages Archeologie Deventer 20). Moore, P.D., J.A. Webb & M.E. Collinson, 1991: Pollen Analysis. Oxford. Mulder, E.F.J. de, M.C. Geluk, I. Ritsema, W.E. Westerhoff & T.E. Wong, 2003: De ondergrond van Nederland, Geologie van Nederland, deel 7, Nederlands Instituut voor Toegepaste Geowetenschappen TNO, Groningen/Houten. Normalisatie-Instituut, Nederlands, 1989: Geotechniek, classificatie van onverharde grondmonsters NEN 5104. Delft. Olst, E.L. van, 1999: De boerderij uit Vessem in breder verband bekeken. Hypothesen en onderzoeksvragen. In: J. Bieleman, G.W.J. Rooijakkers, A.G. Schulte & E.L. van Olst, De Noord-Brabantse Kempen. Landschap en landbouw; een laatmiddeleeuwse boerderij te Vessem; hypothesen en onderzoeksvragen. Arnhem (Historisch boerderij-onderzoek 1999). Pals, J.P., B. van Geel & A. Delfos, 1980: Paleoecological studies in the Klokkeweel bog near Hoogkarspel (prov. of Noord Holland). Review of palaeobotany and palynology 30, 371–418. Parlevliet, M., & J.P. Flamman, 2003: Aan de rand van Berga. Archeologisch onderzoek op het voormalige volkstuinencomplex ten noorden van zorgcentrum St. Joseph, gemeente Bergeijk. Amsterdam (AAC 13). Punt, W. et al., 1976-2003: The Northwest European Pollen Flora.
vol I (1976); vol II (1980); vol III (1981); vol IV (1984); vol V (1988); vol VI (1991); vol VII (1995); vol VIII (2003). Amsterdam.
82
Roessingh, W. & E. Blom (red.), 2012: Graven op De Contreie. Bewoningsgeschiedenis van de Houtse Akkers te Oosterhout, van de Bronstijd tot en met de Slag om het Markkanaal. Amersfoort (ADC Monografie 14). Ruhe, H.A.M., 1962: Oude boerderijen in Hilvarenbeek en omgeving, Brabants Heem 14, 98-122. Sam, L.A., M. Parlevliet, M. d’Hollosy & J.P. Flamman, 2005: Graven op de markt. Een middeleeuwse nederzetting en begraafplaats op de Markt in Oosterhout. Amsterdam (AAC 32). Sarfatij, H., 2007: Archeologie van een deltastad: opgravingen in de binnenstad van Dordrecht. Utrecht. Schols, P.A., 1958: Het vakwerkhuis in Limburg, Bulletin van de Historische Kunstkring Het Land van Herle 8, 27-56. Schutte, A.H., 2009: Archeologisch onderzoek ’t Kavelt, gemeente Mill en St. Hubert. Bureauonderzoek plangebied ’t Kavelt, gemeente Mill en St. Hubert, Roermond (GAR 789). Slinger, A., H. Janse en G. Berends, 1980: Natuursteen in monumenten. Zeist. Stoepker, H., 2007: Evaluatie en synthese van het sinds 1995 in Limburg uitgevoerde archeologische onderzoek met betrekking tot de Middeleeuwen en Nieuwe Tijd. (Archeologie Limburg KEC_CE_Middeleeuwen.pdf). Straaten, J.H.M. van der, & H.J.E. van der Weem, 1986: 'Van ouds genaemt Den Schettert', Brabants Heem 38, 106-117. Theuws, F., 1989: Middeleeuwse parochiecentra in de Kempen 1000-1350. In: A. Verhoeven & F. Theuws, Het Kempenproject 3.
De Middeleeuwen centraal. Waalre, 97-216. Theuws, F., A. Verhoeven & H.H. van Regteren Altena, 1988: Medieval settlement at Dommelen. 1 Introduction, environment and history. 2 The stream-valley settlement, Berichten van de Rijksdienst voor het Oudheidkundig Bodemonderzoek 38, 229-430. Trefois, C.V., 1950: Ontwikkelingsgeschiedenis van onze landelijke architectuur. Antwerpen. Ufkes, A., 2010: ‘De Hof’. Een bezit van klooster Echternach. Een archeologische opgraving van sporen uit de IJzertijd en de Volle Middeleeuwen op het plangebied ‘Neerakker’ te Bakel, gemeente Gemert-Bakel (N.-Br.). Groningen (ARC-Publicaties 204). Vermunt, M., & A. van der Kallen, 2012: Opgravingen in Bergen op Zoom. Utrecht. Verspay, J.P.W., 2007: Onzichtbare erven. Het Brabantse platteland in de Late Middeleeuwen. Diemen. Voskuil, J.J., 1979: Van vlechtwerk tot baksteen – Geschiedenis van de wanden van het boerenhuis in Nederland, Arnhem. Vermunt, M., & A. van der Kallen, 2012: Opgravingen in Bergen op Zoom. Utrecht. Waterbolk, H.T., 2009: Getimmerd verleden. Sporen van voor- en vroeghistorische houtbouw op de zand- en kleigronden tussen Eems en IJssel, Groningen. Weeda, E.J., R. Westra, Ch. Westra & T. Westra, 1985: Nederlandse oecologische flora. Wilde planten en hun relaties. Deventer 1). Weeda, E.J., R. Westra, Ch. Westra & T. Westra, 1988: Nederlandse oecologische flora.
Deventer (Wilde planten en hun relaties, 3). Weerden, J.F. van der, 2003: Goirle, Boschkens-Bakertand. Aanvullend archeologische onderzoek.'e-Hertogenbosch (BAAC rapport 03.043). Westing, H. van, 1993: De middeleeuwse spieker van Zuidbarge, Nieuwe Drentse Volksalmanak 110, 106-133. Weterings, P.G.H., & F. Miedema, 2011: Mill Plangebied 't Kavelt. Inventariserend veldonderzoek door middel van proefsleuven. 's-Hertogenbosch (BAAC rapport A-10.0329). Zimmerman, W.H., 2006: De levensduur van gebouwen met aardvaste stijlen. In: O. Brinkkemper, J. Deeben, J. van Doesburg, D.P. Hallewas, E.M. Theunissen & A.D. Verlinde (red), Vakken in Vlakken. Archeologische kennis in lagen. Amersfoort (Nederlandse Archeologische Rapporten 32), 393-306.
83
Lijst van afbeeldingen Afb. 1.1. Locatie van het onderzoeksgebied. Afb. 1.2. Aangelegde proefsleuven met ligging van de op te graven plandelen (paars) op de GBKN. Afb. 1.3. Detail van de middeleeuwse vindplaats in het oostelijke deel van het plangebied. Afb. 2.1. Locatie van de opgravingsputten geprojecteerd op de topografische ondergrond. Afb. 2.2. Aangelegde werkputten met putnummer. Afb. 2.3. Inmeten van het sporenvlak met de robotic Total Station. Afb. 3.1. Locatie van het plangebied op het AHN. Afb. 3.2. Bodemopbouw binnen het plangebied: een hoge zwarte enkeerdgrond boven een haarpodzol. Afb. 4.1. Allesporenkaart geprojecteerd op het hoogtemodel van de natuurlijke ondergrond. Afb. 4.2. Allesporenkaart van het onderzoeksgebied. Afb. 4.3. Allesporenkaart van het westelijke opgravingsblok: werkput 7 t/m 23. Afb. 4.4. Allesporenkaart van het oostelijke opgravingsblok: werkput 1 t/m 6. Afb. 4.5. Thematisch overzicht van de aangetroffen sporen en structuren. Afb. 4.6. Overzicht van gebouwplattegrond 1 tot en met 4. Afb. 4.7. Gebouwplattegrond 1. Afb. 4.8. Gebouwplattegrond 2 Afb. 4.9. Gebouwplattegrond 3. Afb. 4.10. Gebouwplattegrond 3 in het vlak. Afb. 4.11. Gebouwplattegrond 4. Afb. 4.12. Gebouwplattegrond 5. Afb. 4.13. Gebouwplattegrond 6. Afb. 4.14. Overzicht van spieker 1 tot en met 3. Afb. 4.15. Overzicht van spieker 4 en 5. Afb. 4.16.
Overzicht van spieker 1 tot en met 5 met dieptes van de paalkuilen. Afb. 4.17. Palenrij in werkput 2. Afb. 4.18. Paalkuilparen in werkput 4. Afb. 4.19. Overzicht van alle mogelijke mestkuilen met humeuze plaggenvulling. Afb. 4.20. Doorsnede van mestkuil S16.11. Afb. 4.21. Coupes van enkele mestkuilen met plaggenvulling. Boven: S10.11; linksonder S9.3 en rechtsonder S1.6. Afb. 4.22. Overzicht van alle aangetroffen greppels. Afb. 4.23. Fasering van het greppelsysteem in het noordwesten van de vindplaats. Afb. 4.24. Buitenste greppel in het noordwesten van het plangebied. Afb. 4.25. Dezelfde greppel na verdiepen. Aan de oostzijde komen meerdere palenrijen van een mogelijke palissade tevoorschijn. Afb. 4.26. Overzicht van de greppels met palissaden in werkput 17. Afb. 4.27. Doorsnede van de greppels en palenrijen in werkput 17. Afb. 4.28. Allesporenkaart gecombineerd met nabijgelegen proefsleuven. Afb. 4.29. Overzicht van de waterput en waterkuilen in het plangebied. Afb. 4.30. Plaggenput S4.23. Afb. 4.31. Waterput S4.23 met plaggenwanden. Afb. 4.32. Coupe van waterkuil S4.3. Afb. 4.33. Coupe van waterkuil S5.1. Afb. 4.34. Foto van de coupe van waterkuil S5.1. Afb. 4.35. Coupe van waterkuil S9.20. Afb. 4.36. Waterkuil S9.20 op het kruispunt van twee greppels. Afb. 4.37. Plot van de ASK op de kadastrale minuut van ca. 1832. Afb. 5.1.
Vrijwel complete wijde kom van blauwgrijs aardewerk, Elmpt-type. Afb. 5.2. Groot fragment van een grote kogelpot van blauwgrijs aardewerk, Elmpt-type. Afb. 5.3. Compleet profiel van een kan van proto-steengoed. Afb. 5.4. Raerense baardmankruik uit Alkmaar (linksboven), uit de collectie van het Victoria and Albert Museum in Londen (rechtsboven) en het fragment uit Mill (onder). Afb. 5.5. Papkom met (pseudo)tekst uit de collectie van Museum Boijmans Van Beuningen (boven) en het exemplaar uit Mill (onder). Afb. 5.6. Vakwerk met leemvullingen (Jans 1972, 69).
84
Afb. 5.7. Voorraad grote stenen voor het verwarmen van het badwater (badhuis te Riga uit de negentiende eeuw). Afb. 5.8. Draagstijlen en schoorstukken; fundering op stenen (Trefois 1950, 45). Afb. 5.9. Vakwerkskelet met baksteenvullingen; fundering op veldstenen (Jans 1972, 107). Afb. 5.10. De stenen uit kuil S14.13. Afb. 5.11. De bemonsterde pollenbak (vnr. 8) in de mestkuil met daarin met een ster aangegeven de geanalyseerde pollenmonsters. Afb. 5.12. In de omgeving van Mill ‘t Kavelt kwamen uitgestrekte heidevelden voor. Afb. 5.13. Pollendiagram uit een mestkuil (vnr. 8). Afb. 7.1. Proefsleuven en opgravingsputten geplot op de huidige topografie met in paars omkaderd te beschermen/toekomstig te onderzoeken gebied.
Lijst van tabellen Tabel 1.1. Overzicht van de verschillende (pre)historische perioden. Tabel 5.1. Overzicht van het totaal aantal verzamelde vondsten per vondstcategorie. Tabel 5.2. Overzicht van het aantal aardewerkfragmenten per baksel. Tabel 5.3. Begindateringen van de aardewerkbaksels.
85
Bijlage 1 Coupes van humeuze kuilen met plaggenvulling
86
87
Bijlage 2 Allesporenkaart Los achterin bijgevoegd
88
Enkele aardewerkvondsten uit het onderzoek in Mill S. Ostkamp
Opbouw van de catalogusblokjes 1a vondstnummer 1b vondstcontext (complexdatering) 2 code van het type 3 objectdatering 4a 4b 5a 5b 5c 5d 6a 6b 6c 7 8 9
cat. 1 (schaal 1:4) 1a MILT-12 – 36.1 1b put 14, vlak 1, spoor 13, vulling 2 2 3 4a 4b 5a 5b 5c 5d 6a 6b 6c 7 8 9
(kuil onderin een greppel) s5-kan-3 1225-1250 -/bolle kan met vrijwel cilindrische hals en kraagrand, standring proto-steengoed ijzerengobe radstempel geknepen standring bandoor fragment, compleet profiel kan Rijnland (Siegburg?)
maten in centimeters (grootste diameter / hoogte) beschrijving van het type baksel kleur / glazuur beschrijving van de decoratie diversen bodem oor / steel compleetheid functie productiecentrum literatuur
cat. 2 (schaal 1:4) 1a MILT-12 – 25.1 1b put 2, vlak 1, spoor 14, vulling 1 2 3 4a 4b 5a 5b 5c 5d 6a 6b 6c 7 8 9
(waterkuil) s2-kan1550-1600 -/steengoed met oppervlakte behandeling ijzerengobe en zoutglazuur appliques: baardmanmasker
cat. 3 (schaal 1:4) 1a MILT-12 – 14.1 1b put 5, vlak 2, spoor 1, vulling 3 2 3 4a 4b
5a 5b 5c
(waterkuil) r-kop-36 1525-1575 15/bolle kop met een vaak teruggebogen, hoge manchetrand, standring roodbakkend aardewerk loodglazuur, inwendig met koperoxide sgrafittoversiering op buitenzijde van de rand, onleesbare of psuedo tekst
bandoor (ontbreekt) fragment
5d 6a
standring (ontbreekt)
kan Raeren
6b
twee worstoren (één ontbreekt)
6c 7 8 9
fragment, gereconstrueerd profiel kop, papkom Brabant of Zeeland
89
cat. 4 (schaal 1:4) 1a MILT-12 – 33.1 1b put 14, vlak 1, spoor 13, vulling 2, 2 3 4a 4b 5a 5c 5d 6a 6b
(kuil onderin een greppel) bg-kog-3 1200-1250 -/kogelpot met aan bovenzijde afgeplatte rand met groef blauwgrijs aardewerk, Elmpt-type
6c 7
fragment, gereconstrueerd profiel kogelpot
8 9
Elmpt
cat. 5 (schaal 1:4) 1a MILT-12 – 33.2 1b put 14, vlak 1, spoor 13, vulling 2, 2 3 4a 4b
5a 5c 5d 6a 6b 6c 7 8 9
(kuil onderin een greppel) bg-kom-2 1200-1300 -/wijde kom met naar binnen gebogen afgeplatte rand met groef bovenop, standring blauwgrijs aardewerk, Elmpt-type
vrijwel compleet kom Elmpt
90
Verklarende woordenlijst Antropogene sporen Alle immobiele sporen van menselijke oorsprong, variërend van paalgaten of fosfaatvlekken tot muurresten. AMK Archeologische Monumentenkaart geeft een overzicht van gewaardeerde archeologische terreinen in vier categorieën: 1). Archeologische waarde, 2) Hoge archeologische waarde, 3) Zeer hoge archeologische waarde en 4) Zeer hoge archeologische waarde beschermd. De AMK is de gezamenlijke verantwoordelijkheid van de RCE en de provincies en wordt beheerd door de RCE. Archeologische indicatoren Indicatief archeologisch materiaal dat bij (boor)onderzoek een aanwijzing kan zijn voor de aanwezigheid, ter plaatse of in de nabijheid, van een archeologische vindplaats. Archis Archeologisch Informatie Systeem. Dit door de RCE beheerde systeem bevat informatie over o.a. onderzoeksmeldingen, vondstmeldingen, waarnemingen, complexen en monumenten. 14
C Koolstof (radioactieve isotoop), gebruikt voor datering.
CIS Het landelijke registratienummer ten behoeve van archeologisch onderzoek, uitgegeven door het Centraal Informatiesysteem. CMA Centraal Monumenten Archief. Ex situ Niet ter plaatse. Aanduiding die wordt gebruikt om aan te geven of grondsporen en / of artefacten zich niet meer op de oorspronkelijke plaats in de bodem bevinden. Behoud ex situ is het bewaren van de archeologische informatie door definitief onderzoek (opgraven, documenteren en registreren). IKAW Indicatieve kaart van archeologische waarden, een door de RCE geproduceerde kaart op landelijk niveau met de verwachte relatieve of absolute dichtheid van (bepaalde) archeologische verschijnselen in de bodem. IVO Inventariserend Veld Onderzoek. Het verwerven van (extra) informatie over bekende of verwachte archeologische waarden binnen een onderzoeksgebied, als aanvulling op en toetsing van de archeologische verwachting, gebaseerd op het bureauonderzoek middels waarnemingen in het veld. In situ Achtergebleven op exact de plaats waar de laatste gebruiker het heeft gedeponeerd, weggegooid of verloren. Behoud in situ is het behouden van archeologische waarden in de bodem. KNA Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie. PVA Plan van Aanpak. Een door de opdrachtnemer op te stellen plan voor de uit te voeren werken waarmee beoogd wordt aan de vereisten zoals geformuleerd in het Programma van Eisen en/of het ontwerp te voldoen.
Ook wordt hierin een voorstel gedaan voor de werkwijze waarmee de in het Programma van Eisen en/of ontwerp geformuleerde resultaatsverwachtingen bereikt kunnen worden. PVE Programma van Eisen. Het PvE is een door een bevoegde overheid opgesteld of bekrachtigd document dat de probleem- en doelstelling van de te verrichten werkzaamheden van de vindplaats geeft en de daaruit af te leiden eisen formuleert met betrekking tot het uit te voeren werk. RCE Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. RTS Robotic Total Station. Hiermee worden vlakken direct digitaal ingemeten. Selectieadvies Archeologisch inhoudelijk advies over de behoudenswaardigheid van een vindplaats. Dit wordt opgesteld aan de hand van de waarderingscriteria.
91
Afkortingen in de database
REFERENTIELIJSTEN
Versie 1.6
AARD SPOOR Aard van het spoor Code AKR AWC BA BES BG BKS BOC BPA BPL BPT BRL BU BUN BV CR DIG DK DLT DP DR EG ES FU GA GE GHE GR GRK GT HA HAK HG HKC HI HO HU IN KEL KGO KGR KGV KL KS LAK LAT LG LO LS MI MR MSK MST MU NV NVD NVP OV PA PAK PG PGK PK PL PLW PO POE POT PS PSE PSK REC
Omschrijving (oude) akkerlaag aardewerkconcentratie balk beschoeiing boorgat bekisting botconcentratie beschoeiing, palen beschoeiing, planken beerput/beerkelder brandlaag bustum visbun bouwvoor crematiegraf dierbegraving drenkkuil doorlaat (door een muur) depressie drain erfgreppel esdek fuik gracht geul grafheuvel greppel grafkuil goot haard haardkuil huisgreppel houtskoolconcentratie hoefindruk hout hutkom inhumatiegraf kelder ovale kringgreppel ronde kringgreppel vierkante kringgreppel kuil karrenspoor laklaag latrine laag ophogingslaag stortlaag muurinsteek muur mestkuil muursteen muuruitbraak natuurlijke verstoring dierlijke verstoring plantaardige verstoring oven houten paal paal met paalkuil paalgat paalgat met paalkuil paalkuil plank plaggenwand poel poer potstal ploegspoor ploegspoor, eergetouw ploegspoor, keerploeg recent
RPA RPG RPK RPL SG SI SL SPB SPG SS ST STC VL VR VSC VW WA WG WK WL WOO XXX
palenrij rij paalgaten rij paalkuilen rij planken standgreppel silo sloot spaarboog spitsgracht spitspoor steen steenconcentratie vlek vloer vuursteenconcentratie vlechtwerk waterput weg waterkuil wal woonlaag onbekend
COUPEVORM Vorm van de onderkant van het spoor in de coupe Code Omschrijving ONR onregelmatig PNT punt RND rond VLK vlak KOM komvormig REV revolvertas VRK vierkant RHK rechthoekig NG niet gecoupeerd
VLAKVORM Vorm van het spoor op het horizontale vlak Omschrijving Code LIN lineair ONR onregelmatig OVL ovaal RHK rechthoekig RND rond SIK sikkelvormig VRK vierkant
KLEUR Duiding van de kleur Code BE BL BR GL GN GR OR PA RO RZ WI ZW
Referentie beige blauw bruin geel groen grijs oranje paars rood roze wit zwart
Daarnaast: D donker L licht SCH schoon VL vuil ZR zeer DBRGR = donkerbruingrijs (hoofdkleur is dan grijs)
92
INSLUITSEL Aard van een insluitsel van een vulling
INHOUD Aard van het materiaal van een vondst
Code AS AW BOT BS BW FE FF GL HK HL HT KI LR MET MN NS OKR SCH SL VKL VST
Code Referentie AW aardewerk vaatwerk AWG gedraaid aardewerk AWH handgevormd Aardewerk BAKSTN baksteen DAKPAN dakpan OXB bot (geen schelp) OMB bot menselijk ODB bot dierlijk CREM crematieresten BOUWMAT bouwaardewerk (keramisch, geen steen) COP coproliet GLS glas (geen slak) HK houtskool HT hout (geen houtskool, geen plantaardige resten) KER keramische objecten (weefgewichten e.d.) ODL leer MXX metaal (geen slak) MCU koper/brons MFE ijzer MPB lood MIX gemengd SXX natuursteen (geen vuursteen) PIJP pijpenkoppen en -stelen SCH schelp SLAK slakken TEGEL tegel OTE textiel, touw HUTTELM verbrande klei (geen lemen gewichten) SVU vuursteen XXX overig
Referentie as aardewerk vaatwerk bot (geen schelp) baksteen bouwaardewerk (baksteen, dakpan, tegel) ijzeroer fosfaat glas houtskool huttenleem hout kiezel leer metaal mangaan natuursteen oker schelp slak verbrande klei vuursteen
TEXTUUR Textuur van een vulling met NEN-classificatie Code K ZK MK LK Z-K
NEN K Ks1 Ks2 Ks3
Referentie klei zware klei matig zware klei lichte klei zandige klei
Zl ZZl MZl LZl
Kz1 Kz2 Kz3
zavel zware zavel matig lichte zavel lichte zavel
L SL Z-L
L Lz1 Lz3
leem siltige leem zandige leem
V V1 V2 V3 Z-V
V Vk3 Vk1 VKM Vz1
veen venige klei kleiig veen mineraalarm veen zandig veen
Z FZ MZ GZ ILZ LZ IGHZ MGHZ SGHZ V-Z
Z Zs1 Zs1 Zs1 Zs2 Zs3 g1 g2 g3 Vz3
zand fijn zand middelgrof zand grof zand iets lemig zand lemig zand iets grindhoudend zand matig grindhoudend zand sterk grindhoudend zand venig zand
G FG GG IZHG MZHG SZHG
G
grind fijn grind grof grind iets zandhoudend grind matig zandhoudend grind sterk zandhoudend grind
Gz1 Gz2 Gz3
ST
steen
HT
hout
H0 H1 H2
h1 h2 h3
humushoudend matig humeus humusrijk
MONSTER Aard van een monster Code MA MAR MBOT MC14 MCH MCR MD MDIA MDNA MFF MHK MHT MP MSC MSL MZ
Referentie monster algemeen monster artropoden monster bot monster voor 14C-datering chemisch monster crematiemonster monster voor dendrochronologisch onderzoek diatomeeënmonster DNA-monster fosfaatmonster houtskoolmonster houtmonster pollenmonster schelpenmonster monster slijpplaat zadenmonster voor botanisch onderzoek
VERZAMELWIJZE Manier waarop een vondst of monster is verzameld. Code AAC AANV BIGB COUP DETC LICH MAA MAF MSCH PUNT SCHA SPIT TROF
Referentie aanleg coupe (handmatig schaven) aanleg vlak of profiel (handmatig) bigbag couperen (handmatig) detectorvondst lichten (vondst met omringende grond integraal verwijderd) machinale aanleg machinale afwerking (of machinaal couperen) machinaal schaven puntvondst (ingemeten) uitschaven (handmatig) uitspitten (handmatig) troffelen