03. Preventief Jeugdbeleid gemeente Mill en Sint Hubert.docx
Tekst van het document
Structuurvisie Sociaal Domein In december 2018 is in de gemeente Mill en Sint Hubert de Structuurvisie Sociaal Domein vastgesteld. Deze structuurvisie dient als kapstok van waaruit diverse beleidsplannen geschreven worden. De ambitie die is uitgesproken in dit visiedocument is het streven naar een vitale gemeenschap, waarin iedereen mee kan doen. Hierbij wordt er van uitgegaan dat inwoners zelfredzaam zijn en zorgen voor elkaar. Er is een goede sociale basisinfrastructuur. Als het niet lukt om op eigen kracht en met behulp van het sociale netwerkoplossingen, dan is de rol van de gemeente aanvullend op wat de inwoners zelf kunnen. Daarbinnen hebben we voor onszelf twee belangrijke opdrachten geformuleerd: -
Het versterken van de sociale basisinfrastructuur; Het organiseren van ondersteuning op een effectieve en efficiënte manier.
Het preventief jeugdbeleid valt grotendeels binnen deze eerste opdracht. Als we er samen voor kunnen zorgen dat er een goed opvoedklimaat heerst in onze kernen, zorgen we ervoor dat de meeste van onze kinderen en jeugdigen gezond en veilig kunnen opvoeden. Zij gaan naar de kinderopvang of school om te leren en zitten bij diverse (sport)verenigingen om zich te ontwikkelen. Ze zijn in staat om zelf vriendschappen aan te gaan en hebben genoeg steun als het even minder gaat. Deze basisinfrastructuur staat al voor een heel groot deel. Met het preventief jeugdbeleid proberen we de gaten die er in deze structuur zitten, te vullen en datgene wat werkt verder te versterken.
Proeftuin Begin 2019 zijn we binnen de gemeente Mill en Sint Hubert gestart met de Proeftuin. Dit is inmiddels omgedoopt naar Blikveld 360. Blikveld360 is de uitwerking van de kanteling in het sociaal domein. Waar we als professionals voorheen richting konden en moesten bepalen, is het doel nu om de richting van de inwoner te volgen. Middels de vragen ‘wat wil ik?’ wat kan ik?’ en ‘wat heb ik nodig?’ wordt er samen met inwoners gewerkt aan oplossingen. Gemeente Cuijk, gemeente Grave en gemeente Mill en Sint Hubert, zijn samen met GGD Hart voor Brabant, GGZ Oost Brabant, MEE, Mooiland, Sociom, Syntein, Pantein en UniK een samenwerkingsverband aangegaan om deze samenwerkwijze mogelijk te maken. Soms is een vraag van een inwoner verdeeld over meerdere wetten, organisaties en zorgverleners. Dit vraagt om samenwerken, ideeën bij elkaar brengen en samen handelen om de vraag beter te kunnen bekijken en aan te pakken. We proberen hierbij zoveel mogelijk aan te sluiten bij de oplossingen en mogelijkheden die inwoners zelf zien en laten ons daarbij niet meer leiden door de systemen en structuren die ons belemmeren. Als het nodig is buigen we ook bestaande regelingen of richtlijnen zo om, dat we kunnen doen wat er nodig is. Waar nodig en mogelijk willen we deze zelfde methodiek ook toepassen bij jeugdigen en hun gezinnen. Het Centrum voor Jeugd en Gezin is al aangehaakt bij de methodiek.
Maar ook scholen raken steeds meer geïnteresseerd in deze beweging. Zij hebben een belangrijke signalerende functie, ook waar het gaat om het integraal bekijken van eventuele problematiek binnen een gezin.
Jeugdbeleidsplan NOB In de regio Brabant Noord-Oost is in 2019 een nieuw regionaal beleidsplan Jeugdhulp 2020 – 2023 vastgesteld. In dit beleidsplan is het uitgangspunt dat iedere jeugdige de kans moet krijgen om gezond en veilig op te groeien en talenten te ontwikkelen op weg naar een zelfstandig leven. Hierbinnen zijn ouders als eerste verantwoordelijk voor het opgroeien en alles wat daarbij komt kijken. Hierbij kunnen ze natuurlijk hulp
Preventief Jeugdbeleid gemeente Mill en Sint Hubert
25
inschakelen van het eigen netwerk of, indien dit noodzakelijk is, kunnen professionals ondersteunen. Bij een ondersteuningsvraag wordt de eigen kracht van jeugdigen, ouders en hun sociale netwerk in beeld gebracht en zoveel als mogelijk benut. We gaan er hierbij vanuit dat er eerst een beroep wordt gedaan op algemene voorzieningen, preventieve activiteiten en lichte opvoedondersteuning. Mocht het noodzakelijk zijn dat er gespecialiseerde jeugdhulp nodig is, moet dit zo licht of zwaar en zo kort of lang als nodig is. Deze uitgangspunten liggen ook ten grondslag aan dit preventief jeugdbeleid. Om dit te kunnen bereiken is het van belang dat elke gemeente een duidelijke en herkenbare toegang heeft. Hier kunnen ouders en jeugdigen terecht bij vragen en knelpunten op het gebied van opvoeden en opgroeien. In het Land van Cuijk hebben we hiervoor het Centrum voor Jeugd en Gezin opgezet. Dit is dé plek voor alle vragen, tips, ondersteuning, jeugdhulp en –zorg voor kinderen en jongeren (0 tot 23 jaar) en hun opvoeders. Binnen het CJG werken jeugdprofessionals uit verschillende moederorganisaties (gemeente, Sociom, MEE en GGD) samen om deze vragen zo goed mogelijk zelf op te pakken, of door te verwijzen indien noodzakelijk.
Naast een goede en herkenbare toegang, is een van de speerpunten uit het beleidsplan dat er voldoende, passende, kwalitatief goede en beschikbare voorzieningen beschikbaar zijn, dicht bij huis, waar jeugdigen en hun opvoeders geholpen worden bij vragen en knelpunten op het gebied van opvoeding en opgroeien. Hierbinnen dient ook aandacht te zijn voor de overgang naar volwassenheid (18-/18+). Aangezien dit ook een speerpunt is uit het regionale Wmo-beleidsplan, zal dit grotendeels regionaal worden opgepakt. Tot slot zijn ook passend onderwijs en veiligheid belangrijke thema’s in het beleidsplan. Met samenwerkingsverbanden passend onderwijs worden afspraken gemaakt over de afstemming tussen onderwijs, ondersteuning en jeugdhulp. Aangezien we merken dat dit een lokaal probleem is, zijn wij van mening dat dit ook lokaal aangepakt dient te worden. Vandaar dat deze afstemming ook nadrukkelijke aandacht krijg binnen dit preventief jeugdbeleid. Project STORM Als invulling van de lokale paragraaf in van het regionale beleidsplan Jeugdhulp 2020-2023 zijn we in de regio Land van Cuijk in 2019 gestart met het uitrollen van het Project STORM. STORM staat voor “Strong Teens and Resilient Minds”. Dit betreft een preventieprogramma voor leerlingen van het middelbaar onderwijs of ROC die in verhoogde mate stemmingsklachten ervaren.
Dit wordt gesignaleerd door middel van een screening, uitgevoerd door de GGD. Leerlingen met een verhoogd risico op zelfdoding worden hierbij opgespoord en binnen 48 uur gezien en zo nodig doorverwezen naar verdere hulpverlening. Stemmingsklachten onder jongeren is een veelvoorkomend probleem dat nog te weinig aandacht krijgt. Geschat wordt dat ongeveer een derde van de jongeren last heeft van depressieve symptomen. Depressies bij jongeren worden vaak niet herkend doordat de stemmingsklachten worden toegeschreven aan de pubertijd of gemaskeerd worden door andere problemen zoals angst, spijbelgedrag, eetproblemen of lichamelijke klachten. Door middel van dit project wordt ingezet op deze signalering, maar wordt ook ingezet op preventie. Preventie is belangrijk omdat depressieve klachten een negatieve invloed hebben op verschillende gezondheidsgebieden waaronder middelenmisbruik, obesitas, zelfbeschadiging, sociale problemen en problemen op school. Daarnaast is depressie de grootste risicofactor als het gaat om zelfdoding. Sinds 2010 is zelfdoding de belangrijkste doodsoorzaak onder jongeren. Gezien de grote impact van een zelfdoding op de omgeving is aandacht voor preventie extra belangrijk.
De Lokaal en Regionaal Educatieve Agenda (LEA en REA) De Lokaal Educatieve Agenda Mill en Sint Hubert is in november 2020 overgegaan in een Regionaal Educatieve Agenda Land van Cuijk. Doel is gezamenlijk en resultaatgericht aan jeugd- en opvoedvraagstukken te werken. Het REA richt zich op sterke pedagogische basisvoorzieningen voor alle kinderen en gezinnen in de regio Land van Cuijk. Scholen/schoolbesturen, samenwerkingsverbanden (passend onderwijs), kinderopvang, de bibliotheek, de GGD, het Centrum voor Jeugd en Gezin en de gemeente zitten samen aan tafel. Het REA bestaat een bestuurlijk overleg met in ieder geval een viertal centrale thema’s/ werkgroepen. Het thema ‘onderwijsachterstanden’ bestaat uit twee werkgroepen . De werkgroep Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) zorgt voor afstemming, uitwisseling van kennis en ontwikkelingen en meedenken over de inzet op VVE/het bredere voorschoolse beleid. De werkgroep achterstanden richt zich op laaggeletterdheid, NT2 (Nederlands als 2e taal) en dyslexie. Het thema ‘doorgaande lijnen’ richt zich op de warme overdracht tussen de verschillende onderwijs- en opvangvoorzieningen. Het thema ‘verbinding onderwijs-zorg’ richt zich op de
Preventief Jeugdbeleid gemeente Mill en Sint Hubert
26
ontwikkeling beschreven in pijler 2 van dit preventief jeugdbeleid. Het thema ‘pedagogische civil society’ richt zich op het tweede actiepunt beschreven in pijler 3 van dit beleid.
VVE-beleid Op 12 december 2019 heeft de gemeenteraad van Mill en Sint Hubert het beleidsplan “Voor alle peuters!” vastgesteld. In dit beleidsplan wordt ingegaan op het peuteraanbod en voor- en vroegschoolse educatie (VVE). Op dit moment zien we een groeiende groep kinderen ontstaan die met een gebrek aan (taal)ontwikkeling en schoolse vaardigheden instromen in het basisonderwijs. Vanuit ons streven naar een samenleving waarin iedereen mee kan doen, is het van belang dat kinderen een goede basis meekrijgen voor de basisschool en hun verdere schoolloopbaan. We streven er dan ook naar dat kinderen zonder taalachterstand aan het basisonderwijs beginnen. Omdat dit niet voor iedereen zondermeer mogelijk is, bieden we aan kinderen met een achterstand passende ondersteuning op de peuteropvang en basisschool. Tevens wordt met het beleid ingezet op een warme overdracht van peuteropvang naar de basisschool. De primaire focus binnen deze ondersteuning ligt op kinderen in de leeftijd van 2,5 tot 4 jaar. Hierbinnen heeft de gemeente de taak om achterstanden onder jonge kinderen te signaleren en te bestrijden. De vroege kinderjaren (0-6 jaar) zijn zeer belangrijk voor de ontwikkeling en daarmee van grote invloed op het verdere leven. In deze jaren vindt de snelste ontwikkeling plaats op taal, motorisch, cognitief en sociaal emotioneel gebied.
Als kinderen nog jong zijn, vallen de problemen vaak nog mee en zijn ze daarmee gemakkelijk op te lossen. Vandaar dat binnen het Preventief jeugdbeleid ook nadrukkelijke aandacht is voor deze jonge doelgroep. Binnen het VVE-beleid hebben we op dit moment al diverse effectieve, mooie en zinvolle projecten gerealiseerd, zoals VVE plaatsen binnen de peuteropvang, de schakelklassen in groep 1 en 2 van het basisonderwijs en het project Boekstart met de bibliotheek. Binnen het preventief jeugdbeleid wordt aangehaakt op het bestaande VVE-beleid en wordt deze, waar nodig, versterkt door betere samenwerking en afstemming.
Beleidsplan armoedebestrijding en schuldpreventie In 2019 is in de gemeente Mill en Sint Hubert het Beleidsplan armoedebestrijding en schuldpreventie vastgesteld. Een belangrijk onderdeel in dit plan is armoede onder kinderen. In 2018 groeiden er circa 100 kinderen, in de leeftijd tot 18 jaar, in de gemeente Mill en Sint Hubert in armoede op. Zij hebben daarmee, zonder dat zij hier zelf iets aan kunnen doen, een achterstand in hun ontwikkelingsmogelijkheden. Immers, kinderen uit een laag-inkomensgezin gaan minder vaak uit dan kinderen waarvan ouders voldoende te besteden hebben. Ze sporten minder, volgen minder muziekles en gaan minder vaak een dagje uit. Een laag inkomen heeft ook invloed op schoolactiviteiten waarvoor een eigen bijdrage nodig is, zoals een schoolreisje. In het beleidsplan wordt aangegeven dat gezinnen met kinderen prioriteit krijgen. Alle kinderen verdienen immers dezelfde kansen en hebben het recht om zo zorgeloos mogelijk op te groeien. In het beleidsplan zijn daarom diverse acties ook speciaal gericht op deze doelgroep, onder andere ook in samenwerking met Stichting Leergeld en Stichting Doejemee. In het preventief jeugdbeleid wordt deze doelgroep zeker niet vergeten.
Echter, de acties die hier specifiek op uitgezet worden staan zo specifiek en duidelijk omschreven dat het geen noodzaak heeft om binnen dit preventieplan hier expliciet aandacht voor te vragen.
Sport- en beweegnota Sport en bewegen vormen een belangrijk onderdeel van de Millse samenleving. Sport kan daarmee ook een preventieve werking hebben; het draagt bij aan de gezondheid van onze inwoners, vergroot de leefbaarheid en vormt een krachtig verbindend element in de samenleving. De gemeente Mill en Sint Hubert wil sport niet alleen als doel op zich benaderen, maar ook inzetten als middel om diverse doelen in het Sociaal Domein te behalen. Immers, sportieve activiteiten dragen bij aan een gezondere leefstijl, verbetert school- en werkprestaties en bevordert onderling respect en samenwerkingsvermogen. De gemeente Mill en Sint Hubert wil daarom (structurele) sport- en beweegdeelname onder alle lagen van de inwoners stimuleren, en dus ook onder jeugd en jongeren.
Preventief Jeugdbeleid gemeente Mill en Sint Hubert
27
Onderdeel van de sportnota zal ook de inzet van de combinatiefunctionarissen sport zijn. Waar zij op dit moment vooral veel op de (basis)scholen actief zijn, gaan zij in de nieuwe sportnota meer naar buiten toe bewegen. Zij gaan meer inzetten op activiteiten in de wijk.
Gezondheidsbeleid en jeugdgezondheidszorg In het Land van Cuijk is een gezamenlijke gezondheidsnota opgesteld voor 2017 tot 2021. Belangrijk uitgangspunt in het gezondheidsbeleid is ‘positieve gezondheid’. Gezondheid is niet de af- of aanwezigheid van ziekte, maar het vermogen van inwoners om met fysieke, emotionele en sociale levensuitdagingen om te gaan en eigen regie te voeren. In deze visie is gezondheid niet langer meer strikt het domein van de zorgprofessionals, maar van ons allemaal. Het gaat immers om het vermogen om met veranderende omstandigheden om te kunnen gaan. Binnen positieve gezondheid wordt gekeken naar zes leefgebieden: lichaamsfuncties (fitheid, slapen, eten, bewegen), mentaal welbevinden (je gemoedstoestand), zingeving (levenslust, vertrouwen hebben, idealen willen bereiken), kwaliteit van leven (gelukkig zijn, genieten), meedoen (sociale contacten, erbij horen) en dagelijks functioneren (zorgen voor jezelf). Daarnaast wordt in het gezondheidsbeleid aandacht besteed aan vijf thema’s: - Alcohol en drugs - Overgewicht, diabetes en bewegen - Eenzaamheid en depressie - Sociaaleconomische gezondheidsverschillen - Vluchtelingen Er zitten dus logischerwijs veel overlap tussen het gezondheidsbeleid en het jeugdpreventieplan.
Daarnaast is wettelijk bepaald dat gemeenten verantwoordelijk zijn voor onder andere infectieziekten bestrijding, technische hygiënezorg, ouderengezondheidszorg, maar ook jeugdgezondheidszorg. De GGD Hart voor Brabant voert een groot deel van deze wettelijke taken voor ons uit, zo ook de jeugdgezondheidszorg. Voor dit laatste is de GGD bezig met het opzetten van het programma “Jeugdgezondheid 2020: werk maken van preventie”. Dit vanuit het uitgangspunt dat, investeren in preventie bijdraagt aan het verminderen van de ondersteuningsvragen bij jeugdigen. In dit programma wil de GGD ouders en jeugdigen positief ondersteunen in het gezond en veilig opvoeden en opgroeien. Dit met als doel een afname van de gezondheidsrisico’s bij jongeren te realiseren.
Eenzaamheid Uit onderzoek blijkt dat meer dan een miljoen Nederlanders zich sterk eenzaam voelen. Eenzaamheid is daarmee een groot en groeiend probleem, waar iedereen mee te maken kan krijgen in het leven. Het kan mensen belemmeren om mee te doen in de samenleving. Eenzaamheid heeft bovendien invloed op de gezondheid en kwaliteit van leven. De zelfredzaamheid van mensen die vereenzamen neemt daardoor af en het beroep dat zij doen op voorzieningen en zorg neemt toe. In de gemeente Mill en Sint Hubert wordt momenteel gewerkt aan een aansluiting bij het beleidsplan eenzaamheid gemeente Cuijk. In grote lijnen zal de aanpak voor Mill hetzelfde zijn als in Cuijk, maar er zit klein verschil in de lokale aanpak. We streven naar een vitale gemeenschap waarin eigen kracht, verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid wordt gestimuleerd, waardoor inwoners actief en zo zelfstandig mogelijk kunnen deelnemen aan de samenleving. Participeren in de maatschappij bevordert namelijk het welbevinden van mensen, vergroot het zelfvertrouwen en de samenwerking tussen inwoners, waardoor de kwetsbaarheid van mensen wordt verminderd. Maar, participeren is helaas niet voor iedereen vanzelfsprekend. Door toenemende vergrijzing, een sterk geïndividualiseerde samenleving en door het wegvallen van voorzieningen ligt vereenzaming op de loer.
Desondanks zijn er vele activiteiten rondom eenzaamheid, maar niet iedereen weet deze altijd te vinden. Deze gaan we proberen samen met ketenpartners meer onder de aandacht te brengen bij onze inwoners. Daarnaast zetten we in op een betere signalering en bewustwording rondom dit thema. Niet alleen ouderen zijn eenzaam, ook jongeren kunnen zich eenzaam voelen. We werken veel samen met onze ketenpartners om op deze doelgroep in te kunnen spelen. Ook binnen het beleidsplan eenzaamheid zal daarom specifiek aandacht uitgaan naar deze doelgroep. Tevens zal gemeente Mill en Sint Hubert zich gaan aansluiten bij de landelijke campagne één tegen Eenzaamheid. Vanuit het ministerie zullen we daarmee
Preventief Jeugdbeleid gemeente Mill en Sint Hubert
28
ondersteuning ontvangen om een sterke lokale aanpak op te zetten tegen eenzaamheid bij jongeren, volwassenen en ouderen.
Wmo-beleidsplan In 2019 is er een nieuw beleidskader Wmo vastgesteld voor de komende vier jaar. De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) geeft gemeenten de opdracht om hun inwoners te helpen, zodat zij zo lang mogelijk zelfstandig thuis kunnen blijven wonen en deel kunnen nemen aan de maatschappij. Dit geld voor ouderen, mensen met een lichamelijke en/of verstandelijke beperking, mensen met psychische problemen, vanaf 18 jaar. Het blijft een aandachtspunt om voor jongeren van 18 tot 23 jaar (met name die uitstromen uit jeugdzorg) met problemen op verschillende leefgebieden passende hulp en ondersteuning te bieden. Verlengde jeugdhulp is niet altijd mogelijk. Vandaar dat in het beleidsplan Wmo hier extra aandacht aan is besteed. Gemeenten moeten er voor zorgen dat de inkoop van jeugd en Wmo zo goed mogelijk op elkaar worden afgestemd, zodat er een sluitende overgang mogelijk is van 18- naar 18+. Tevens moet er aandacht zijn voor het overdragen van de casus bij de professionals. Op dit moment wordt onderzocht hoe we de aansluiting vanuit de verschillende wettelijke gemeentelijke taken (Jeugdhulp, Wmo en Participatiewet) kunnen verbeteren zodat we betere doorlopende ondersteuning voor jongeren kunnen geven.
Preventief Jeugdbeleid gemeente Mill en Sint Hubert
29
Bijlage 5: Betrokken ketenpartners Onderstaande organisaties hebben meegedacht en input geleverd in de totstandkoming van dit preventief jeugdbeleid. Organisatie Rebis Sociom Adviesraad Sociaal Domein Basisschool de Kameleon Mill Merlet College Samenwerkingsverband VO Spring Kinderopvang Indigo GGD Hart voor Brabant CJG Land van Cuijk Verloskundigenpraktijk Cuijk-Mill
Naam Herman Gommers Marielle Rooijakkers Timothy van Oss Harm Verbiesen Anco Bloemendaal Trudy Geurtsen Lia van den Hoven Jolanda Oonk Menno van Halem Mandy Arens Annemartien Berkelaar Maria Naus Caren van Donzel Ingrid Haerkens Monique Elbers Helga van Dijk
Functie
Preventief Jeugdbeleid gemeente Mill en Sint Hubert
30