CConstaterende datCuijk (tot 2022)
Koppel je AI →
Document · PDF

03. Kerkenvisie Mill en Sint Hubert 16 september 2021.pdf

Mill - raadsvergadering 21 oktober 2021, gemeente Cuijk (tot 2022)Bij agendapunt: Kerkenvisie Mill en Sint Hubert16.353 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Advies aan de gemeente: Behandel de parochie vanuit het perspectief van een projectontwikkelaar en denk mee.

Het bisdom pleit ervoor, dat de parochie en de gemeente met elkaar in gesprek blijven over de toekomst van de, veelal monumentale, kerkgebouwen, die niet meer in stand gehouden kunnen worden met alleen de huidige religieuze functie.

33

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Visie gemeente Mill en Sint Hubert

stakeholders heeft de gemeente besloten een kerkenvisie op te stellen. De kerkenvisie is een visie op de ontwikkeling van kerkgebouwen, waarbij onderscheid

Door de eeuwen heen speelde religie een grote rol. Het verbond mensen, zorgde voor onderwijs en armenzorg en diende als vangnet en anker. Hiervan getuigen de Brabantse kerkdorpen, waarbij een kerk het centrum van het dorp is.

gemaakt wordt tussen kerkgebouwen die in eigendom van een geloofsgemeenschap zijn en die gebouwen die in eigendom zijn van de gemeente of particuliere organisaties. Hier ligt de nadruk op de gebouwen die in eigendom zijn van een geloofsgemeenschap.

Na de tweede wereldoorlog kwam door maatschappelijke en sociale ontwikkelingen een einde aan de verzuiling. Vooral jongeren in de jaren 60 namen afscheid van de oude waarden en normen, waarin veel ontzag was voor het instituut kerk. De maatschappij werd individualistischer en de persoonlijke keuzevrijheid werd de nieuwe norm. Deze secularisatie heeft uiteindelijk geleid tot ontkerkelijking en leegstaande kerkgebouwen.

Een kerkenvisie geeft inzicht in wat de komende jaren rond de kerkgebouwen kan gaan spelen. De gemeente wil in samenspraak met de parochie anticiperen op toekomstige ontwikkelingen vanuit gedeelde waarden en belangen. Het beleid is gericht op het behoud van waardevolle gebouwen. Daarbij valt te denken aan herbestemming, verandering van eigenaar en bouwkundige aanpassingen.

Afgezien van wat deze ontwikkeling voor gevolg heeft voor de (kerk)gemeenschap, ook op gebied van ruimtelijke ordening en leefbaarheid heeft deze trend verregaande consequenties. En met name voor deze twee beleidsvelden draagt de gemeente verantwoordelijkheid. Hoe zal het aangezicht van kerkdorpen er uitzien als de kerken verdwenen zijn: de majestueuze H. Willibrorduskerk van Mill, die nu de skyline bepaalt… en zijn onze kerkdorpen nog wel hetzelfde als dat erfgoed verdwijnt? En wat zijn daarvan de gevolgen voor de leefbaarheid, het stratenplan en wat kan daar dan in de plaats komen?

Binnen de gemeente Mill en Sint Hubert wordt de ruimtelijke kwaliteit gekoesterd. •

•

De rol van de kerk is voor ieder individu anders. Voor de een staat de term kerk voor religie en verbinding, voor een ander is een kerk een gebouw of, weer anders, een plek van bezinning. Vanwege deze verschillende aspecten en belangen van ook nog verschillende

•

Ruimtelijke kwaliteit is een belangrijke bouwsteen van de identiteit en de dorpse en landschappelijke ontwikkeling van onze gemeente, waarbij een hoge ambitie bestaat om de leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit van de kernen en het buitengebied te versterken. Uitgangspunt voor de gemeente is dat de monumentale kerkgebouwen behouden blijven. Vanuit cultuurhistorisch oogpunt is herbestemming van levensbelang voor het behoud van erfgoed. Bij herbestemming wordt het gebouw geschikt gemaakt voor een nieuwe functie met behoud van de karakteristieke details waardoor uiteindelijke sloop van monumenten wordt voorkomen. Het is van belang om bij alle (religieuze) erfgoedtransformaties de ontwikkelingsgeschiedenis van het

34

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

•

•

gebied te onderzoeken en kansen aan te grijpen om oude structuren zichtbaar te maken om daarmee de karakteristiek van de plek te vergroten. Bij sloop en nieuwbouw wordt het verhaal van de plek met het waswater weggegooid en begint de beleefbare historie weer bij nul. In het algemene belang van de gemeenschap met name op het gebied van leefbaarheid van de kernen, is een goede start van een procedure tot herbestemming essentieel. Om deze reden is het voor de gemeente belangrijk om vroegtijdig door de eigenaar op de hoogte te worden gebracht van het voornemen tot sluiting van de kerk. Zodoende kan de gemeente vanuit een gezamenlijke verantwoordelijkheid en in samenspraak met de eigenaar: 1. mogelijkheden van herbestemming verkennen; 2. in het kader van participatie de inwoners en belanghebbenden actief betrekken; 3. als verbindende schakel fungeren en potentiële partners met elkaar in contact brengen. Vanuit een thema- en gebiedsgerichte benadering zullen de opgavemanager Leefbaarheid en de gebiedsmakelaars worden meegenomen in het proces.

NB de gemeente is niet verantwoordelijk voor sluiting van kerken.

Advies vanuit de Vereniging voor Kleine Kernen

De Vereniging Kleine Kernen NoordBrabant (VKKNB) vertrekt vanuit de eigen kracht van de gemeenschap waarbij de wens om samen te werken met anderen richtinggevend is. De opgave bij het herbestemmen van een kerk is om recht te doen aan de specifieke cultuurhistorische en religieuze betekenis van het gebouw in zijn nieuwe functie. Een nieuwe bestemming geven aan een parochiekerk is een taai, moeizaam en langdurig traject. Met het inzichtelijk maken voor alle betrokkenen, met projectmatig werken en met heldere en open communicatie wordt de kans van slagen vele malen groter. Belangrijk is dat het parochiebestuur als eigenaar niet de eerste oriënterende gesprekken tot (mogelijke) herbestemming van een kerkgebouw alleen gaat voeren met het gemeentebestuur, maar ook in een zo vroeg mogelijk stadium het contact met dorpsbewoners, dorpsraden en bewoners-initiatieven opzoekt. •

•

•

Stel je daarbij de vraag, welke ideeën er leven bij een mogelijk onttrekken van het kerkgebouw aan de eredienst ? Inventariseer hoe groot de behoefte is aan een plek om elkaar te ontmoeten, maar peil ook de gemeenschapskracht om het kerkgebouw, als een beeldbepalend gebouw, te willen behouden. Maak het morele ‘eigenaarschap’ breder en werk aan een zo breed mogelijk draagvlak voor een uiteindelijk te nemen besluit.

35

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert Visie vanuit Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed

Bij het wijzigen van een van rijkswege beschermd kerkgebouw is een eigenaar of gebruiker gebonden aan de Monumentenwet. Voor het wijzigen van een gebouwd rijksmonument, bijvoorbeeld door herstel of herbestemming, is een omgevingsvergunning vereist. In het algemeen is het raadzaam om voorafgaand aan de vergunningaanvraag contact te zoeken met de vergunningverlener: het bevoegd gezag, in vrijwel alle gevallen de gemeente. Dit gebeurt het beste nog voordat het definitieve plan is opgesteld. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed kan op verzoek van het bevoegd gezag bij het vooroverleg aanschuiven. Een goed platform hiervoor is het planoverleg (provinciaal steunpunt monumentenzorg). Het secretariaat is ondergebracht bij het Monumentenhuis Noord-Brabant.

Aanvullend merkt de Rijksdienst op dat er een regeling voor Herbestemmingssubsidie beschikbaar is. De herbestemmingssubsidie kunt u gebruiken om de mogelijkheden van herbestemming zo breed mogelijk te verkennen met een haalbaarheidsonderzoek of interactief of procesgericht onderzoek. Om het verduurzamen van het monument verder te stimuleren wordt het uitvoeren van een verduurzamingsonderzoek subsidiabel gesteld in aanvulling op een haalbaarheidsonderzoek. Daarnaast kunt u de subsidie inzetten voor het toepassen van noodmaatregelen om een gebouw te beschermen tegen weersinvloeden, verzakking of instorting. Meer informatie is te vinden op www.cultureelerfgoed.nl

Hoe vroeger men de gemeente en RCE betrekt bij de planvorming, des te succesvoller is de feitelijke procedure. In zekere zin is de vergunning het formele moment om de gemaakte afspraken, noden en wensen bouwkundig te bekrachtigen. In de reflectie op de kerkgebouwen in Grave, zie Bijlage 4, beschrijft de RCE kort welke monumentale waarden belangrijk zijn en welke kansen en uitdagingen men tegenkomst bij een herbestemming van de kerkgebouwen. Herbestemmingssubsidie:

36

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert 3.3 Visie op verduurzaming: Een van de allergrootste maatschappelijke problemen op dit moment is de klimaatproblematiek. Typerend voor het energieverbruik van een monumentale kerk zijn de hoge kosten, die nodig zijn om de kerk in de winterperiode op een enigszins acceptabele temperatuur te krijgen. Een dag van te voren de verwarming aanzetten voor de eucharistieviering van een uur op de zondag is nog nauwelijks te verantwoorden. Nu het steeds moeilijker wordt om de onderhoudsbegroting van de monumentale kerkgebouwen sluitend te krijgen, is het extra zaak om ook te onderzoeken in hoeverre op energiekosten bespaard kan worden en men een ‘groene’ kerk kan worden. Parochie De Goede Herder is goed op de hoogte van de bouwkundige staat en energieverbruik van de kerkgebouwen. Ze is benieuwd welke kansen er verkend kunnen worden, waar ze zelf nog onvoldoende kennis van heeft. Dat betekent in de regel maatwerk, deskundigheid en natuurlijke momenten waarop maatregelen onderzocht en toegepast worden.

•

gemeentelijke opgave van de energietransitie-opgave en de zich aandienende mogelijkheden bij deze maatschappelijk relevante en centraal gelegen gebouwen. Met het Platform Vrijkomende Kerkgebouwen en andere deskundigen wordt vanaf najaar 2021 verkend op welke wijze kerkeigenaren geholpen kunnen worden bij het verder verduurzamen van kerkgebouwen. Gedacht wordt aan expert-meetings over verschillende onderwerpen, samen met andere kerkeigenaren.

Of kan er nu al gedacht worden aan het plaatsen van zonnepanelen of slimmer verwarmen? En kan het gebouw op een andere dienende functie hebben rondom energievoorziening voor omwonenden? Het lijkt toekomstmuziek, maar stap voor stap komen we in Nederland met deze onderwerpen verder. Er zijn al voorbeelden, waar het plaatsen van zonnepanelen op een kerkgebouw is toegestaan. De RCE geeft aan dat er meer mogelijk is dan vaak wordt gedacht.

•

Concrete, eerste stappen: Het zou goed zijn als de gemeente met de parochie in gesprek blijft over verduurzaming. Ook vanwege de grote

37

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Hoofdstuk 4. Kerkenvisie: de implementatie De kerngroep heeft uit de vele gesprekken, bijeenkomsten, onderzoeken en overleggen informatie verzameld vanuit vele en uiteenlopende invalshoeken. We hebben in de vorm van verhalen, feiten, emotionele uitingen, wettelijke kaders, toekomstperspectieven en kansen deze informatie in een aantal hoofdstukken weergegeven. De belangen, uitgangspunten en meningen zijn uiteenlopend, maar ze hebben één grote overeenkomst: kerkgebouwen doen er toe!

•

•

een gebouw met bijzondere interieuronderdelen van religieuze, historische en / of emotionele waarde; een maatschappelijk relevant gebouw.

Kerkgebouwen zijn vaak gelijktijdig vanuit meer dan één van deze invalshoeken interessant. Het is van belang om tijdig elkaar te informeren en betrekken, de juiste invalshoeken te kiezen, gesprekken te voeren en samen te werken op basis van een gedeeld beoogd perspectief.

Hier zetten we de belangrijkste conclusies op een rij. Daarna formuleren we onze voorstellen en aanbevelingen aan de direct belanghebbenden zodat samen aan een toekomst voor de monumentale kerkgebouwen gewerkt kan worden. De opgave Het is te verwachten dat in de komende tien jaar één of meer van de kerkgebouwen van Parochie De Goede Herder de religieuze functie kwijtraakt en herbestemd moet worden. Voor het behoud van de monumentale kerkgebouwen lijkt een groot draagvlak aanwezig. De belangrijkste opdracht is voor het kerkgebouw een nieuwe functie en ‘business case’ te zoeken en vinden; de belangrijkste actoren bij deze opgave zijn de parochie, de gemeente en de inwoners.

4.1 Invalshoeken voor behoud De invalshoek voor het behoud van een kerkgebouw kan echter verschillen: • een plek voor uitoefening van religie; • een gebouw van architectonische en cultuurhistorische waarde; • een baken in het landschap, centraal gelegen in de dorpskern, van oudsher het dorpshart; • een plek van samenkomen bij belangrijke gebeurtenissen; • een plek vol geschiedenis en verhalen; • het is een rijksmonument;

38

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

4.1 Rolverdeling per stakeholder Parochie De Goede Herder Functie primair de missionaire taak: bediening sacramenten en pastoraat; daarnaast eigenaar van kerkgebouwen c.a. Rol ‘uitvoeren’ gebouwenplan, in gesprek met de geloofsgemeenschap en inwoners; in gesprek met de gemeente aankaarten (on)houdbaarheid instandhouding van een kerkgebouw en op zoek gaan naar neven- op nieuwe bestemmingen. Kernboodschap de katholieke kerkgebouwen zijn sterk vervlochten met de identiteit van de kernen; rol van de dorpsraden is daardoor erg belangrijk; geloofsgemeenschap per kerkgebouw/kern intact houden is insteek; onderdelen die bij kerkgebouw horen, zoals pastorie, kerkhof meenemen in gebouwenplan voor eventuele herbestemmingsgedachte. Gemeente Functie uitvoerder rijks- en gemeentelijk beleid, waaronder cultureel erfgoed, leefbaarheid en ruimtelijke ordening. Rol vakspecialisten denken mee en adviseren vanuit hun vakdiscipline over een maatschappelijke of commerciële herbestemming van een kerkgebouw. Kernboodschap vanaf 1 januari 2022 gaat de Gemeente Mill en Sint Hubert op in de nieuwe Gemeente Land van Cuijk: Houdt dit onderwerp op de agenda komende jaren voor de kernen waar dit kan gaan spelen. Het is van belang dat er contactpersonen, zowel bestuurlijk als ambtelijk zijn zodat de benodigde communicatie en samen-werking rond

de uitvoering van de kerkenvisie kan worden gewaarborgd. Dorps- en wijkraden Functie betrekken van wijk- of dorpsgenoten bij initiatieven en plannen ter verbetering van de lokale leefbaarheid. Rol activeren van dorpsgenoten; opkomen voor lokale belangen; verbinden van mensen en organisaties. Kernboodschap de leden van deze raden zijn vrijwilligers: houd rekening met hun beschikbare tijd en beschikbaarheid; de rol van de dorps- en wijkraden is cruciaal bij het plannen van een her- of nevenbestemming. Inwoners Functie kerklid, vrijwilliger, liefhebber van erfgoed en / of geschiedenis en toerist. Rol inwoners van kerkdorpen zijn vaak onderdeel van een hechte gemeenschap; binnen heemkundekringen is veel kennis van de lokale geschiedenis aanwezig die kan helpen bij het blijven vertellen van verhalen. Kernboodschap uit de opgehaalde informatie is duidelijk geworden dat voor de meeste inwoners het kerkgebouw er toe doet, om verschillende redenen.; weliswaar is de inwoner geen formele eigenaar van het kerkgebouw, vaak vindt hij of zij wel dat het kerkgebouw van het dorp is; de transformatie open bespreken en samen tot oplossingen komen, maakt de ontwikkeling voorstelbaar en behapbaar. de kennis bij de Heemkundekringen kan een grote rol spelen bij verdere inventarisaties.

39

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert Bisdom Functie bevoegd gezag bij herbestemmingen en verkoop van kerkgebouwen. Rol biedt hulp aan parochies; zorgt voor kennisuitwisseling; stelt belang van behoud van de geloofsgemeenschap per dorp of wijk centraal. Aandachtspunt de uitgangspunten voor de parochie voor de her-, nevenbestemming en verkoop van kerkgebouwen liggen vast in het kerkrecht. Provincie Noord-Brabant Functie verankering van erfgoed in de ruimtelijke ordening. Rol stuurt met ruimtelijke instrumenten; ondersteunt met subsidiabele projecten; faciliteert de Vereniging Kleine Kernen NB (VVKK-NB) en het Brabants Informatiepunt Vrijkomende Kerkgebouwen, die wijk- en dorpsraden adviseert en ondersteunt.

Rijk ( + Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed) Functie bevoegd gezag bij bescherming van rijksmonumenten. Rol met het omvangrijke project Kerkenvisies geeft de RCE een positieve impuls aan de discussies die bij vele kerkgebouwen gevoerd moeten gaan worden; kennis aanwezig bij RCE van monumentale kerken en diens omgevingswaarden; heeft subsidieregelingen en laagrentende leningen voor monumenteigenaren bij restauratie, herbestemming en verduurzaming. Kernboodschap kennisdeling over kerkenvisies elders zorgt voor inspiratie en inzichten; geen financiële ondersteuning voor herbestemmingen, daar is de ontwikkeling te massaal voor.

Kernboodschap de provinciale beleidslijn Religieus Erfgoed biedt de gemeente een interessant aanknopingspunt om bij aan te sluiten; provincie ondersteunt met platform, VVKK-NB en bijeenkomsten.

40

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert 4.3 Voorstellen en aanbevelingen Op grond van de opgedane inzichten heeft de kerngroep voor de kernpartners voorstellen en aanbevelingen opgesteld. Parochie De Goede Herder • Ga door met de gesprekken met parochianen en koester daarbij de vrijwilligers. De pijn van een kerksluiting is niet te voorkomen. Zie de realiteit onder ogen, maak op tijd de problematiek en achtergronden duidelijk. • Werk samen met de gemeente en stel een kerkenvisie-overleg in, zodat de gemeente vroegtijdig geïnformeerd wordt over mogelijke continuïteitsproblemen en er tijdig samengewerkt kan gaan worden aan het realiseren van een toekomstperspectief van het kerkgebouw. Houdt het initiatief bij de Parochie. • Werk samen met dorps- en wijkraden bij het verkennen van toekomstperspectieven van hun kerkgebouw. • Ga per kern in gesprek met omwonenden en alle belangstellenden over de toekomst van ‘hun’ kerkgebouw. • Haak in op de deskundigheid bij het BIVK en de VKKNB; het Platform voor Vrijkomende Kerkgebouwen is er voor kerkeigenaren, dorps- en wijkraden en gemeenten. Dorps- en wijkraden • Zorg dat de inwoners betrokken worden bij het zoeken naar een nieuwe bestemming van een kerkgebouw in hun dorp of wijk. • Gebruik het kernen-CV als koppelkans bij het zoeken naar een toekomstige bestemming voor een kerkgebouw.

• Ga in gesprek met de VKK-NB over wat deze vereniging voor jullie kan betekenen; er is daar veel deskundigheid aanwezig over de toekomstperspectieven voor kerken en de rol / kansen voor dorps- en wijkraden.

•

•

•

•

•

•

•

•

Gemeente Land van Cuijk Er liggen vele kansen om het religieus erfgoed te bewaren en te blijven gebruiken; koester dit. Geef in het beleid en de ruimtelijke planvorming meer aandacht aan de betekenis van het rijke religieuze erfgoed. Ga een regelmatig overleg aan met de kerkeigenaren, het ‘kerkenvisie-overleg’ en stel zowel een bestuurlijk als ambtelijk aanspreekpunt in. Zet in op een ‘herbestemmings-loket’, een aanspreekpunt voor eigenaren van kerkgebouwen en ander kansrijk erfgoed. Stel een team samen dat per het her te bestemmen (kerk)gebouw aan de voorkant van het traject het gesprek aangaat, meedenkt en kansen verkent. Denk daarbij aan de vakdisciplines erfgoed, ruimtelijke ontwikkeling, sociaal domein, toerisme en recreatie, bedrijvencontact e.d. Ga bij het verkennen van alternatieve functies voor een kerkgebouw of het financieren van een herbestemming op zoek naar koppelkansen; bijvoorbeeld met de doelstellingen in de structuurvisie, met het (nieuwe) erfgoedbeleid, de kernendemocratie, het woonbeleid, toerisme en recreatiebeleid, provinciale thema’s, de invoering van de nieuwe omgevingsvisie en het omgevingsplan, landelijke projecten (RCE / duurzame thema's), euregioprojecten etc. Verspreid in de nieuwe gemeente zijn er naast de monumentale kerkgebouwen nog meer religieuze objecten te vinden, zoals kloosters, kapellen, kruisbeelden, kruisen, Mariakapellen e.d.

Zet als verbindend thema in op religieus erfgoed als onderdeel van het erfgoedbeleid. Organiseer in 2022 een startbijeenkomst over het onderwerp religieus erfgoed en de kerkenvisie. Nodig parochies, bewoners, dorps- en wijkraden, erfgoedorganisaties en heemkundeverenigingen uit. Gebruik de werkwijze en uitkomsten van de kerkenvisie als bouwsteen voor de ontwikkeling van de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Religieus erfgoed is

41

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

•

beeldbepalend, van architectonische en esthetische waarde en identiteitsbepalend voor dorpsgemeenschappen. Ga met de parochie over verduurzaming in gesprek. Niet alleen omdat verduurzaming voor eigenaren van rijksmonumentale kerkgebouwen lastig is. Gezien de grote gemeentelijke opgave voor energietransitie bieden de maatschappelijk relevante en centraal gelegen kerkgebouwen mogelijk interessante aanknopingspunten.

Provincie Noord-Brabant: • Ga met de gemeente in gesprek over het thema religieus erfgoed, dat door haar kwaliteit voor veel verhalen, aandacht en toeristische trekpleisters kan zorgen.

42

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert 4.4 Hoe verder? We hebben 3 maatregelen voorgesteld om de samenwerking tussen de gemeente en de parochie te borgen, te weten: • Een kerkenvisie-overleg tussen de gemeente en de kerkeigenaren in te stellen, binnen de ambtelijke organisatie een herbestemmings-loket op te zetten. • Wanneer het kerkgebouw niet als religieuze voorziening kan worden voortgezet, een multidisciplinair team samen te stellen om een nieuwe maatschappelijke of commerciële bestemming te vinden om het monumentale erfgoed te kunnen behouden. • Hanteer de kerkenvisie als basis voor het overlegstructuur. • •

Scenario’s voor de toekomst van kerkgebouwen. Als toekomstige bestemming van een kerkgebouw kan men een zestal scenario’s onderscheiden:

•

1. Behoud van de volledige religieuze functie

•

Wanneer men in het kerkgebouw verschillende religieuze functies of denominaties combineert of het kerkgebouw overdraagt aan een andere denominatie, dan blijft de bestemming van het kerkgebouw behouden.

•

2. Religieuze functie behouden in een gedeelte van de kerk

•

Voor een gedeelte van de kerk blijft de religieuze functie behouden, het overige gedeelte van de kerk wordt niet meer gebruikt voor een religieuze functie.

•

3. Religieuze functie combineren met nevenbestemming(en)

•

Het kerkgebouw behoudt de religieuze functie maar wordt buiten de vieringen om gebruikt voor andere, niet religieuze, activiteiten.

• •

4. Herbestemming In dit scenario zijn er geen religieuze vieringen meer in het kerkgebouw. De variëteit in mogelijke bestemmingen is groot. Zo zijn er voorbeelden van

kerkgebouwen die nu gebruikt worden als woonhuis, kantoor, museum, theater, café of bibliotheek. Uit de talrijke voorbeelden is echter op te maken dat elke kerk, dorp en stad uniek is en er daarom gezocht moet worden naar een passende nieuwe functie, die liefst ook zo goed mogelijk rekening houdt met de historische, religieuze, architectonische en emotionele waarde van de kerk. • •

5. ‘Laten rusten’

• •

6. Sloop

Zolang er nog geen andere bestemming voor het kerkgebouw is gevonden en het religieus gebruik van het kerkgebouw is beëindigd, kan men het gebouw enige tijd leeg laten staan. In de tussentijd is het wel verstandig om het gebouw te onderhouden zodat het niet in verval raakt. Nadat het kerkgebouw aan de eredienst is onttrokken, kan besloten worden om het kerkgebouw te slopen. Gemeentelijk- of rijksmonumenten worden in principe niet gesloopt.

Hieronder werken we de drie eerdere voorstellen nog wat verder uit. Het kerkenvisie-overleg Het kerkenvisie-overleg zorgt voor de borging van de kerkenvisie. Eén a tweemaal per jaar initiëren de kerkeigenaren het kerkenvisie-overleg om samen met de gemeente het toekomstperspectief van de kerkgebouwen te monitoren. Als zij problemen bij de financiering of leegstand van een kerkgebouw zien aankomen, informeren de kerkeigenaren tijdig de gemeente hierover. Daarnaast worden de voortgang en ontwikkelingen rond het gemeentelijk erfgoedbeleid door de gemeente belicht. Tevens worden nieuwe ontwikkelingen op het gebied van religieus erfgoed in de dorpen, die mogelijk van invloed zijn op de daar aanwezige kerkgebouwen,

43

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert geagendeerd. De gemeente is op bestuurlijk niveau vertegenwoordigd door de portefeuillehouder Erfgoedbeleid; ambtelijk is er in ieder geval een vakspecialist Erfgoed en vakspecialist Kernen aanwezig. Het “herbestemmingsloket” Het is voor de kerkeigenaren wenselijk om binnen de gemeentelijke organisatie een vast aanspreekpunt binnen het cluster Erfgoed te hebben. Deze contactpersoon fungeert als coördinator naar de rest van de organisatie en ondersteunt de herbestemming door de juiste personen binnen de organisatie bij het initiatief te betrekken. Ook zorgt deze ervoor dat de verschillende programma’s en regelingen van het rijk, provincie en gemeente, die van toepassing zijn, goed op elkaar worden afgestemd. Ook fungeert de contactpersoon als wegwijzer naar mogelijke financieringsbronnen en adviseert of biedt ondersteuning bij procedures, vergunningen en afstemming hierover. Het multidisciplinair team Wanneer een kerkgebouw aan de eredienst zal worden onttrokken, zal door de kerkeigenaar en de gemeente een multidisciplinair team worden samengesteld om de maatschappelijke en commerciële toekomstperspectieven van het kerkgebouw te onderzoeken en eventuele belangstellenden op te sporen. Tevens worden afspraken gemaakt over de organisatie en budgettering van het team.

Het team beziet allereerst, welke andere partijen in dit geval in het team het best uitgenodigd kunnen worden, zoals bijvoorbeeld de dorpsraad en de VVK-NB. Het grote probleem van de opstart van een dergelijke transformatie van een kerkgebouw is, dat de huidige kerkeigenaar met grote waarschijnlijkheid niet de nieuwe eigenaar van het kerkgebouw is. Daarbij komt dat in andere delen van het land er commercieel meer belangstelling is voor de leegkomende kerkgebouwen dan in deze contreien.

Mede gegeven de vele belanghebbenden bij het handhaven van de monumentale kerkgebouwen is het van belang vanaf het begin met grote transparantie te werk te gaan. Op weg naar betrokkenheid en draagvlak wordt begonnen met een brede verkenning naar ideeën, suggesties en wensen van kerkbezoekers, dorpsgenoten en alle andere, mogelijke belangstellenden in het kerkgebouw (interviews, enquête, krantenartikelen, sociale media, presentaties en hoorzittingen, brainstormbijeenkomsten e.d.). Op grond van deze verkenning wordt een selectie gemaakt van de meest kansrijke varianten, welke worden voorgelegd aan de stad- of dorpsgenoten en alle andere belangstellenden. Vervolgens wordt de meest gedragen variant als eerste onderzocht; mocht deze variant niet levensvatbaar zijn, dan wordt de volgende variant onderzocht, net zolang tot er een oplossing gevonden is voor de herbestemming van het kerkgebouw. Het kerkenvisie-overleg in een notendop: Elk kerkgebouw vraagt om een maatwerkaanpak en -oplossing. Het vinden van een nieuwe functie voor een kerkgebouw en een nieuwe eigenaar, die mogelijkheden ziet om hieraan een alternatieve bestemming aan te geven, is geen wetenschap, maar vaak gebaseerd op de juiste stappen, toevalligheden en een beetje geluk.

Met de Kerkenvisie en het schema op de volgende 2 pagina’s, hoopt de kerngroep een bruikbare kapstok te hebben opgezet, voor een toekomst voor kerkgebouwen.

44

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Gewenste uitgangspunten Kerkenvisie-overleg:

Kerkeigenaar initieert 1 a 2 x per jaar. Gemeente faciliteert het overleg.

Kerkenvisie-overleg. Op de agenda:

Hoe staan de kerkgebouwen ervoor? Tendenzen / ideeën / duurzaamheid?

Thema Religieus Erfgoed Een agenda wordt van te voren goed voorbereid tussen gemeente en kerkeigenaren. Ontwikkeling dorpen Beleidsadviseuren -Erfgoed -Leefbaarheid -Duurzaamheid (evt. op afroep) zijn aanwezig

Als er sprake is van een aanstaande kerksluiting, gaat kerkeigenaar tijdig in gesprek met de contactpersoon voor herbestemming (Herbestemmingsloket)

45

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Herbestemmingsloket In gesprek met de contactpersoon voor herbestemming bij de gemeente

Is men op zoek naar een geheel nieuwe bestemming of een nevenbestemming? Wat zijn de (on)mogelijkheden?

Waardering en omschrijving van het gebouw en (monumentale) onderdelen in de basis meenemen. Denk aan orgel, kerkbanken, preekstoel, beelden, schilderijen, begraafplaats etc.

Uitgangspunt bij een herof nevenbestemming is een maatschappelijk relevante invulling.

Multidisciplinair team wordt samengesteld.

Multidisciplinair team De opgave bepaalt de samenstelling

Samen uitgangspunten, agenda en randvoorwaarden (o.a. voor monument) bepalen.

Inwoners en dorpsraad worden betrokken. Gezamenlijke verkenning naar de mogelijkheden.

Let op inzet van goede communicatiekanalen.

Nieuwe maatschappelijk relevante invulling niet mogelijk? Privaat gebruik, tijdelijk gebruik of leegstand worden besproken en onderzocht.

De opgave bepaalt de samenstelling. Bijvoorbeeld: -vertegenwoordigers kerkeigenaar -vakspecialisten Gemeente -adviseur Rijksdienst voor Cultureel erfgoed -vertegenwoordiging dorps-/wijkraad

46

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Bronnen en verantwoording De kerkenvisie is de verzameling van informatie die we uit gesprekken, onderzoeken, beleidsstukken en websites hebben opgehaald. We hebben deze informatie zo goed mogelijk geprobeerd te interpreteren, met de intentie om tot een realistische kerkenvisie te komen. Ook heeft er afstemming plaatsgevonden met de belangrijkste stakeholders in het traject.

Belangrijkste bronnen: Foto’s en informatie over het religieus erfgoed zijn afkomstig van kerkeigenaren, de heemkundeverenigingen en het BHIC www.bisdomdenbosch.nl www.cultureelerfgoed.nl www.toekomstreligieuserfgoed.nl www.grave.nl www.brabant.nl Beleidsplan Samenbouwen in vertrouwen, Mgr. De Korte, 2016 Heilige huisjes? Verkenning naar de herbestemming van kerkgebouwen in Brabant’ Telos, 2013 Bouwstenen voor een kerkenvisie, Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, 2019 Enquête over toekomst kerkgebouwen in de gemeente Mill en Sint Hubert, AdVinci, 1 juni – 15 juli 2021 ‘Handboek Behoud en Beheer 2. Nieuw gebruik van kerkgebouwen.’ Een uitgave van de Vereniging van Beheerders van Monumentale Kerkgebouwen, 2019. ‘Kerkgebouwen. 88 inspirerende voorbeelden van nieuw gebruik – van appartement tot zorgcomplex.’, Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, 2020.

47

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Bijlage 1 Juridisch kader en beleidsuitgangspunten Op zoek naar een nieuwe toekomst van een kerkgebouw krijgt men te maken met wetgeving van het Europees, Nederlands en kerkelijk recht.

1 Wet- en regelgeving Europees recht Het verdrag van Granada (1985) stelt dat de bescherming van het architectonisch erfgoed een essentieel doel is van de ruimtelijke ordening. In artikel 11 is opgenomen: ‘Rekening houdend met de archeologische en historische aard van het erfgoed, verplicht iedere lidstaat zich tot het bevorderen van het gebruik van de beschermde goederen, rekening houdend met de behoefte van het hedendaagse leven; en het zodanig aanpassen van oude gebouwen dat die voor nieuwe doeleinden kunnen worden gebruikt’.

plicht voor rijksmonumenten is vanuit de oude monumentenwet overgenomen in de Erfgoedwet, die 1 juli 2016 is ingegaan. In de nieuwe Omgevingswet, die naar alle waarschijnlijkheid per 1 juli 2022 in gaat, is deze instandhoudingsplicht ook weer opgenomen. De gemeente is verplicht advies in te winnen bij de Rijksdienst Cultureel Erfgoed (RCE) bij de volgende ingrepen: • Sloop van het monument of een deel daarvan, voor zover van ingrijpende aard. • Ingrijpende wijziging van het monument of een belangrijk deel daarvan, voor zover de gevolgen voor de monumentale waarde vergelijkbaar zijn met die van gedeeltelijke sloop van ingrijpende aard. • Reconstructie van het rijksmonument of een belangrijk deel daarvan waarbij het monument wordt teruggebracht in een (veronderstelde) eerdere staat. • Wijziging van het monument of een belangrijk deel daarvan als gevolg van een functiewijziging. Bij kerkelijke monumenten neemt de gemeente geen beslissing op de vergunningaanvraag voordat er overleg is gevoerd met de eigenaar (art. 3.2a Wabo). Kerkelijke monumenten vormen een afzonderlijke categorie ten gevolge van de in art. 6 van de Nederlandse Grondwet vastgelegde vrijheid van godsdienst. In 2013 is het Energieakkoord ondertekend. Landelijk, provinciaal en gemeentelijkbeleid volgden in de jaren erna.

Op dit moment staat de Energietransitie bij alle overheden op de agenda: de weg naar een energielandschap zo goed als vrij van fossiele grondstoffen.

Nederlands recht Omgevingsrecht recht: Met behulp van Omgevingsrecht kunnen we in Nederland de ruimtelijke ontwikkelingen plannen en controleren. De eigenaar van een monument moet er voor zorgen dat zijn of haar rijksmonument zodanig onderhouden wordt dat behoud gewaarborgd is. Deze instandhoudings-

48

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert Kerkrecht In Nederland is het kerkrecht is ondergeschikt aan het Nederlands recht. Als het gaat om vastgoed dat eigendom is van een rooms-katholieke kerkelijke instelling, zijn uit het kerkelijk wetboek de volgende regels van toepassing:

Canon 1291

Voor alle daden die het gewone beheer te buiten gaan is de schriftelijke machtiging van de bisschop is vereist.

Canon 1296, § 1

Bij vervreemding van bedragen tussen de € 200.000 en € 2.500.000 is toestemming nodig van de bisschoppelijke Raad voor Economische Aangelegenheden; voor bedragen die de € 2,5 miljoen te boven gaan is de toestemming van een speciale commissie in het Vaticaan vereist.

Canon 1294, § 1

‘Een zaak mag gewoonlijk niet vervreemd worden tegen een prijs die lager is dan in de schatting aangegeven wordt.’ Dit is de basis voor de stelregel vanuit het Bisdom ‘s-Hertogenbosch dat alle te verkopen zaken niet onder de getaxeerde waarde mogen worden vervreemd. Hiermee is de taxatiewaarde een ondergrens voor een eventuele transactie. Het bisdom vraagt in principe steeds om een onafhankelijke taxatie van een makelaar die werkt in opdracht van het bisdom.

de Structuurvisie ruimtelijke ordening, Verordening Ruimte en de adviesbevoegdheid voor rijksmonumenten in het buitengebied. Met de provinciale omgevingsvisie ‘De Kwaliteit van Brabant. Visie op de Brabantse Leefomgeving’, uit 2018, kijkt de provincie vooruit naar 2050. Noord-Brabant heeft dan de energietransitie ondergaan en hecht nog altijd veel waarde aan erfgoed:

‘Anno 2050 is Brabant nog steeds een contrastrijke en in zijn verscheidenheid ook verbonden provincie. De eigen identiteit van de gebieden is versterkt. Zichtbaar aanwezig gebleven historische waarden, erfgoed en landschappelijke verscheidenheid hechten ons aan ons verleden. De Omgevingswet gaat gemeenten en inwoners vernieuwende instrumenten aanreiken om samen Nederland steeds mooier te maken. In hun actuele erfgoedprogramma kunnen gemeenten aansluiting zoeken bij één van de 4 provinciale beleidslijnen: Bestuurlijk Brabant, Bevochten Brabant, Innovatief Brabant en Religieus Brabant. Via dit beleid wordt met name gewerkt aan het uitbreiden van de verhalen over Brabant via erfgoed, toeristische routes etc

Canon 1210:

In een gewijde plaats mag alleen worden toegelaten wat dienstig is voor de uitoefening of de bevordering van de eredienst, de vroomheid en de godsdienst en is verboden wat niet in overeenstemming is met de heiligheid van de plaats. Wel kan de Ordinaris in afzonderlijke gevallen een ander gebruik toestaan dat niet strijdig is met de heiligheid van de plaats. Deze canon is dus van belang bij het toekennen van een nevenbestemming.

Provinciaal beleid Met als doel een verdere verankering van erfgoed in de ruimtelijke ontwikkeling zet de provincie verschillende vormen van beleid in: cultuurhistorische waardenkaart,

49

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert 2 Gemeentelijke uitgangspunten Structuurvisie ‘In duurzaam perspectief, de structuurvisie voor Mill en Sint Hubert’ geeft de gemeente richting aan de gewenste ruimtelijke inrichting. Wanneer een burger of instelling een bepaald plan heeft, kan men uit het structuurplan opmaken in hoeverre het initiatief daarbinnen past. De structuurvisie uit 2011 concentreert zich op de volgende thema’s: verduurzaming, sociale én economische vitaliteit van de dorpskernen, hoogwaardige omgevingskwaliteit en gastvrijheid. Beschreven wordt welke sterke en minder sterke kanten verder ontwikkeld kunnen worden. Bij het zoeken naar alternatieve functies voor kerkgebouwen kan men in de structuurvisie wellicht interessante aanknopingspunten vinden. Monumentenvergunning De monumentenvergunning, die noodzakelijk is bij wijzigingen aan een kerkgebouw, is per 2012 opgegaan in de omgevingsvergunning. De aanvrager kan hiervoor online terecht bij één loket, het omgevingsloket; groot onderhoud, sloopwerkzaamheden en een wijziging van de functie vallen onder deze wetgeving. Erfgoedverordening Plaatselijk hanteert de gemeente een erfgoedverordening voor de bescherming van gemeentelijke monumenten. Hierin staan voorschriften en regels met betrekking tot cultureel erfgoed, zowel voor monumenten, archeologie als het cultuurlandschap.

De regels uit de erfgoed- of monumentenverordening die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, moeten in 2029 in het Omgevingsplan opgenomen zijn. Bestemmingsplannen In de bestemmingsplannen van de gemeente zijn regels opgenomen betreffende het gebruik van de grond en

Erfgoedbeleid Mill en Sint Hubert heeft geen Erfgoedbeleid: Vanwege de toekomstige potentie van erfgoed in de ruimtelijke ordening met de nieuwe instrumenten zoals de Omgevingswet, ligt hier een mooie kans: Het is ten zeerste aan te bevelen om door Gemeente Land van Cuijk een nieuw en eigen erfgoedbeleid te laten opstellen. Religieus Erfgoed verdient daar in een eigen thema, waarmee kerkgebouwen en ander religieus erfgoed op duurzame wijze hun waarde in de toekomst behouden

van de gebouwen welke op het perceel staan. Voor de kerken in de gemeente gelden de regels welke zijn vastgesteld voor de bestemming “maatschappelijk”. Dit houdt in dat er beperkingen zijn, men kan een kerkgebouw niet zomaar verkopen en er andere activiteiten in onderbrengen. Om een bestemming te wijzigingen moet er bij de gemeente een omgevings-vergunning worden aangevraagd. Bij gebouwen met een monumentenstatus zijn hieraan uitgebreide procedures verbonden, zoals een voortraject met onderzoeken, heldere communicatie, afstemming en het verzorgen van draagvlak. Op weg naar de Omgevingswet Het rijk heeft het voorbereidings- en besluitvormingstraject voor de nieuwe Omgevingswet in de Tweede en Eerste Kamer afgerond. De implementatie start officieel medio 2022, maar veel gemeenten bereiden zich al voor. Het is de bedoeling dat in 2028 de invoering geheel is afgerond. Het doel is dat iedereen makkelijker, sneller en goedkoper nieuwe plannen kan maken en realiseren. Alle huidige wetgeving en regels op het gebied van ruimte, wonen, infrastructuur, milieu, natuur en water zijn gebundeld in een wet en alle uitvoering wordt bij de gemeenten neergelegd. Het is daarmee de grootste verandering op het gebied van de wetgeving ooit.

50

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert Het gemeentelijke structuurplan en de bestemmingsplannen komen te vervallen; daarvoor in de plaats komen de omgevingsvisie en het omgevingsplan. Alle regelgeving wordt in een geautomatiseerd systeem opgeslagen, zodat men in een overzicht kan zien welke beperkingen en mogelijkheden er op een bepaalde plek liggen. Voorwaarde is wel dat de indiener van een plan de inspraak zelf ter hand neemt. Hierbij is dus ook inbegrepen de wetgeving op het gebied van het cultureel erfgoed voor de gehele gemeente. van kerkgebouwen. Wellicht kan het gebouw op een of andere manier een dienende functie hebben voor de energievoorziening voor omwonenden?

Vanwege de toekomstige potentie van erfgoed in de ruimtelijke ordening met de nieuwe instrumenten zoals de Omgevingswet, ligt hier een mooie kans: Het is ten zeerste aan te bevelen om door Gemeente Land van Cuijk een nieuw en eigen erfgoedbeleid te laten opstellen. Religieus Erfgoed verdient daarin een eigen thema, waarmee kerkgebouwen en ander religieus erfgoed op duurzame wijze hun waarde in de toekomst behouden

51

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Bijlage 2 Achtergrondinformatie over Brabantse kerken Van de ruim 600 kerkgebouwen (kloosters en kapellen niet meegerekend) binnen het project ‘Kerken Tellen!’ is weliswaar een aanzienlijk deel gebouwd in de tweede helft van de negentiende en de vroeg twintigste eeuw, de periode waarin Rooms-katholieke kerken overwegend in de neogotische architectuurstijl werden ontworpen, maar er zijn ook de nodige gebouwen uit andere tijden.

Zoals in Hilvarenbeek, Helvoirt of Oirschot waar de kerken en hun torens duidelijk ouder zijn en verwijzen naar een bouwpiek in de vijftiende eeuw. In plaatsen die gedurende deze Brabantse Gouden Eeuw tot bloei kwamen door de lakennijverheid zie je relatief grote kerken. Net als in de meer landelijke gebieden, zoals in Kempen, waar tijdens de Middeleeuwen uitgestrekte parochies met een lage parochiedichtheid zich verzamelden in grotere kerken. Rond 1900 ontwikkelden diverse oude buurtschappen en nieuw gestichte dorpen in de Peel zich veelal als 'heiparochie', zoals rond Deurne, Gemert, Hilvarenbeek, Veghel, Oirschot. De schaalvergroting van de dorpskerken in deze periode toonde zich meestal in de neogotische bouwstijl. Bij de aanleg van nieuwe wijken in steden en fabrieksdorpen in de wederopbouwperiode ontstaan ook grote kerken. Vanuit de kerk en politiek werd aangedrongen op deconcentratie van de verstedelijking via het parochiemodel. Het middelpunt daarin is het parochiecentrum met kerk, begraafplaats, pastorie, klooster en school. Deze naoorlogse wederopbouwkerken kenmerken zich door de traditionalistische en moderne stijl. Al met al is driekwart van het rijksmonumentale kerkenbestand

(middel)groot van omvang en gedurende alle tijdvakken gebouwd, zowel in steden als het landelijke gebied. Meestal gaat het om varianten van het driebeukige type. Deze eenbeukige zaalkerken dateren voornamelijk van vóór 1900 en liggen langs de rivieren. Dit komt overeen met de gebieden met veel parochies in de Middeleeuwen zoals in het Maasland, ook wel Maaskant genoemd. Een apart fenomeen zijn de zogenaamde Napoleon of Lodewijkskerken in NoordBrabant. Deze groep van een kleine twintig zaalkerkjes dankt hun naam aan koning Lodewijk Napoleon (1806- 1810). Ze werden nieuw gebouwd in of kort na zijn bestuursperiode en zijn protestants omdat de protestanten de in 1648 genaaste oude gebouwen gedurende deze periode teruggaven aan de katholieken. De kerkjes van de kleine protestantse gemeenten hebben vaak een neoclassicistisch karakter. De grootte van een kerk, de bouwstijl en de locatie blijken in het algemeen geen belemmering te zijn voor herbestemming. Voor zo’n 100 kerken in Brabant is er al een nieuwe functie gevonden. Ze liggen verspreid door de provincie, in stad en dorp en betreffen zowel kleine, middelgrote als grote kerken. De helft heeft een commerciële functie gekregen, een derde cultureel maatschappelijk. Voorbeelden zijn Oostelbeers, Heerle (dorpshuis en huisartsenpraktijk), Hooge Zwaluwe (restaurant) en Eindhoven (kantoor jeugdzorg).

Ook Helmond telt veel kerken met een nieuwe bestemming, zo zijn er onder andere een theater, gezondheidscentrum, kantoor en een supermarkt te vinden. Van de 600 Brabantse kerken is ruim twee derde nog als kerk in gebruik. Opmerkelijk daarnaast is het grote aandeel leegstaande of buiten gebruik zijnde kerken. www.toekomstreligieuserfgoed.nl

52

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Bijlage 3 Gebouwenvisie De Goede Herder

53

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

54

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

55

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

56

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

57

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

58

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

59

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Bijlage 4 Visie en reflectie vanuit de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed

60

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

61

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

62

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

63

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

64

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Bijlage 5: Waardestelling Catharijneconvent kerkinterieurs

65

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

66

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert

Bijlage 6 Stappenplan voor kerkbeheerders Een stappenplan volgen kan helpen bij een succesvolle weg naar een herbestemming of het realiseren van een nevenbestemming. Dit voorbeeld is afkomstig uit ‘Handboek Behoud en Beheer 2. Nieuw gebruik van kerkgebouwen.’ Een uitgave van de Vereniging van Beheerders van Monumentale Kerkgebouwen, 2019.

Deze Vereniging zet zich in voor een goed beheer en gebruik van monumentale kerkgebouwen in Nederland. Ook proberen ze de samenleving zoveel mogelijk bekend te maken met de multifunctionele gebruiksmogelijkheden van deze gebouwen. Onderstaand stappenplan is één van vele uitgewerkte aanpakken. Kies zelf voor de aanpak die het beste bij de situatie past, bijvoorbeeld via de website www.toekomstreligieuserfgoed.nl

‘Voor kerkbeheerders/eigenaren op zoek naar nieuwe gebruiksmogelijkheden voor behoud bij dreigende sluiting.’

1. Zoektocht naar nieuwe gebruiksmogelijkheden voor behoud Formuleer en het probleem. Is uw kerkgebouw nog functioneel? Is er sprake van een fusie waardoor het gebruik van uw kerkgebouw zal wijzigen? Benoem de urgentie van het behoud. Maak een analyse: wat zijn wel en niet haalbare oplossingen. Weeg vraag en aanbod tegen elkaar af. Zoek actoren en partners. multifunctioneel gebruik neven- of herbestemming, behoud kerkgebouw al of niet met nieuwe functies. Welke functies zijn mogelijk? het gemeentelijk beleid en instrumentarium 2. Nieuwe eigendomsvormen Bij alle scenario’s geldt wie is en blijft of wie wordt de eigenaar? een lokale stichting de SOHK organisatie van Stadsherstel een woningbouwcorporatie burgerlijke gemeente (tijdelijk) overheid of woningbouwcorporatie wordt deelgenoot, gaat commitment aan 3. Draagvlak Probeer al in het beginstadium een breed draagvlak te creëren maatschappelijk draagvlak omwonenden (publieke bewustwording) gemeente (politieke bewustwording,ambtelijke bewustwording) monumentale organisaties (RCE, SKKN)

4. Planontwikkeling

67

Kerkenvisie Mill en Sint Hubert Deze fase is cruciaal. Formuleer doelstellingen op basis van een analyse en visie. Betrek daarin relevante actoren en belanghebbenden opstellen plan van eisen doelgroepen • • • • • •

ruimtelijke uitwerking bestemmingsplan vergunningen investeringsplan financieringsplan exploitatieplan 5 Restauratie en aanpassingen

5. Is er sprake van een restauratie of aanpassingen om nieuw gebruik mogelijk te maken? Wie is verantwoordelijk en wie begeleidt het proces? Welke financiële middelen zijn er te vinden? • architectenkeuze • opstellen restauratie/verbouwingsplan • bij aanpassingen overleggen met RCE en SKKN • subsidieaanvragen indienen • financiering (lenen bijvoorbeeld NRF, sponsoren, fondsenwerving) 6. Komen tot een structurele exploitatie Maak afspraken over het beheer en de samenwerking met partners en actoren. Vraag ondersteuning aan deskundigen en bouw een aanlooptijd in. Zorg voor een evaluatie op basis van monitoring • multifunctioneel gebruik • culturele en commerciële programmering • zoeken naar vaste huurder • (gedeeltelijke)herbestemming • opstellen en uitvoeren bedrijfsplan • opstellen en uitvoeren pr plan

68

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=CuijkGraveMill&id=4694c043-2328-4376-8b73-f490b7cbf6b3