Agendabundel
Tekst van het document
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
Jaar 2020
33.227 8,50% 2.824
33.227 8,50% 2.824
33.227 8,50% 2.824
33.227 8,50% 2.824
33.227 8,50% 2.824
0 9.625 0
0 15.465 0
0 21.405 0
0 31.114 0
0 19.402 0
2
Vlottende korte schuld Opgenomen gelden < 1 jaar Schuld in rekening courant Gestorte gelden door derden < 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld Totaal vlottende korte schuld
___ 0 9.625
____ 0 15.465
_____0 21.405
____ 0 31.114
____ 0 19.402
3
Vlottende middelen Contante gelden in kas Tegoeden in rekening courant Overige uitstaande gelden < 1 jaar Totaal vlottende middelen
0 31.658 ____ 0 31.658
0 38.072 ____ 0 38.072
0 44.668 _____ 0 44.668
0 52.453 ____ 0 52.453
0 41.713 _____0 41.713
4
Totaal netto vlottende schuld (2-3)
-22.033
-22.607
-23.263
-21.339
-22.311
Toegestane kasgeldlimiet
2.824
2 824
2.824
2.824
2 824
ruimte (+) I overschrijding (-)
24.857
25.431
26.087
24.163
25.135
Schatkistbankieren Door de wet over schatkistbankieren zijn de decentrale overheden verplicht het grootste deel van hun liquide middelen aan te houden in de schatkist. De EMU-schuld en de financieringsbehoefte van het Rijk vermindert hierdoor. Decentrale overheden kunnen in het kader van de uitoefening van de publieke taak nog steeds geld uitlenen aan een andere decentrale overheid. De verantwoording van schatkistbankieren gebeurt in de jaarrekening.
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren Alleen de liquide middelen die boven het drempelbedrag uitgaan dienen in de schatkist te worden aangehouden. In 2020 heeft wel overschrijding plaatsgevonden van het drempelbedrag, als gevolg van verslapte aandacht als gevolg van wisseling van functies gedurende 1 kwartaal.
08-04-2021
Begroting 2022 GR Rd4. enkelvoudig
Pagina 11
o rc cn
03 03
In onderstaande tabel is te zien wat de benutting van het drempelbedrag schatkistbankieren gedurende de vier kwartalen van 2020 is geweest: Bedragen x € 1.000
(1) Drempelbedrag
250.000 Verslagjaar 2020 Kwartaal 1 Kwartaal 2
(2) Kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (3a) Ruimte onder het drempelbedrag (3b) Overschrijving van het drempelbedrag
Kwartaal 4
Kwartaal 3
204
384
175
175
46
0
109
75
0
134
0
0
33.227
33.227
33.227
(1) Berekening drempelbedrag (4a) Begrotingstotaal verslagjaar (4b) Het deel van het begrotings totaal <= 500 miljoen (4c) Het deel van het begrotings totaal > 500 miljoen
Verslagjaar 2020 33.227
33.227
0
(1)=(4b)’0,0075+(4c)*0,002 met een minimum van 250.000. (2) Berekening kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Verslagjaar 2020 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (5a) Som van de per dag buiten s Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) 18.609 34.931 12.991 16.063 (5b) Dagen In het kwartaal 91 91 92 92 (2)= Kwartaalcijfer op dagbasis buiten s' Rijks schatkist aangehouden middelen 204 384 141 175
Renterisiconorm De renterisiconorm stelt een grens aan het te lopen renterisico op de vaste schuld, De risiconorm houdt in dat de jaarlijkse verplichte aflossingen en renteherzieningen niet hoger mogen zijn dan 20% van het begrotingstotaal.
2020 Jaar T: 0 15.000
2021 JaarT+1: 0 4.000
2022 Jaar T+2: 0 1.000
2023 JaarT+3: 0 1.000
-3 Renterisico (1+2)
15.000
4.000
1.000
1.000
-4 Renterisiconorm
7.093
7.476
8.030
8.271
(5a) Ruimte onder renterisiconorm (5b) Overschrijding renterisiconorm
0 -7.907
3.476 0
7.030 0
7.271 0
Ber Renterisiconorm (4a) Begrotingstotaal jaar T (4b) Percentage Regeling
35.463 20%
37.379 20%
40.149 20%
41.353 20%
0
0
0
0
7.093
7.476
8.030
8.271
Berekening (bedragen x € 1.000) Star Variabelen Renterisico(norm) -1 Renteherzieningen -2 Aflossingen
Renterisiconorm (van alleen jaar T)
(4) = (4a X 4b/100)
In de looptijd van de meerjarenbegroting blijft het renterisico onder het normbedrag en Is daarmee afgedekt.
Begroting 2022 GR Rd4. enkelvoudig
Pagina 12
08-04-2021
Us*. I O
rc
CT' 03 03
1.2.4 Bedrijfsvoering
Govemance Rd4 is een verzelfstandigde organisatie, waarin we de opgedragen taken zo bedrijfsmatig mogelijk uitvoeren, dit in lijn met de opdracht uit het aandeelhoudersconvenant van 14 januari 199S (artikel 1, punt 4: de gemeenten zullen bevorderen en bewerkstelligen dat binnen het kader van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen de GR zoveel mogelijk zelfstandig ten opzichte van de gemeenten zal functioneren). Ook de in dit convenant opgenomen overweging dat “een optimalisering van de interne bedrijfsmatigheid en efficiency gewenst is, waarbij de reinigingsdienst op afstand komt te staan van de politiek", ligt nog steeds ten grondslag aan deze taakopvatting binnen onze organisatie. Rd4 draagt dan ook de verantwoordelijkheid voor de concrete uitoefening van de opgedragen taken. In het licht van de bepalingen van de Commissie Tabaksblatt wordt gewerkt volgens het principe van “pas toe of leg uit” (apply or explain). Het in de Algemeen Bestuursvergadering jaarlijks vastgestelde normenkader geldt hierbij als belangrijk richtsnoer bij de interne, dagelijkse bedrijfsvoering. In ons gecertificeerd KAM systeem (kwaliteit, arbeidsomstandigheden en milieu) is de visie en missie van onze organisatie vastgelegd Deze luidt:
Missie Rd4 Rd4 is een publieke reinigingsorganisatie die in opdracht van de aangesloten gemeenten de wettelijke afvalzorg plicht volledig voor haar rekening neemt door een zo optimaal mogelijke exploitatie en beheer (maatschappelijk, financieel, milieu) van de gehele afvalketen. Visie Rd4 § Klantgerichtheid We spannen ons steeds in om onze klanten te begrijpen, hun oplossingen aan te bieden die uitvoerbaar zijn, gebaseerd op onze kennis van de afval- en milieumarkt. We zoeken steeds naar betrouwbare en op maat gesneden oplossingen voor hun problemen. We kijken steeds vanuit het perspectief van onze opdrachtgevers naar ons eigen handelen, om zo daadwerkelijk meenrvaarde te kunnen (blijven) leveren. § Bedrijfsmatig presteren Rd4 is een betrouwbare en financieel stabiele organisatie. Rd4 en zijn werknemers zijn prestatiegericht. We stellen doelen en zorgen ervoor dat we deze realiseren Iedereen levert daaraan een actieve bijdrage. We zijn professioneel en nemen verantwoordelijkheid voor onze persoonlijke prestaties, alles binnen onze eigen mogelijkheden. § Lokale aanwezigheid In een markt die steeds meer wordt gedomineerd door (een beperkt aantal) internationaal opererende marktpartijen, voelen wij ons erg thuis in de eigen regio. Door onze lokale aanwezigheid en resultaatgerichte aanpak zijn we bij uitstek in staat diensten te verlenen met een hoge klantgerichtheid.
In combinatie met ons breed pakket aan diensten, zijn we in staat onze klanten unieke totaaloplossingen te bieden. Mede door onze sterke focus op de behoefte van onze klanten, zijn we in staat geweest om een sterke regionale marktpositie te verwerven. We kennen onze klanten, hun plannen, ambities en hun problemen. Deze lokale aanwezigheid en sterke klantenbinding, zullen we blijven koesteren als een van de belangrijke concurrentievoordelen waarover we beschikken. 5 Gemotiveerde medewerkers Onze medewerkers zijn de sleutel voor ons succes. Hun kennis, betrokkenheid, inzet en ervaring zijn de basis voor onze dagelijkse dienstverlening aan bedrijven en gemeenten. In ons bedrijfsbeleid vinden we het dan ook erg belangrijk te investeren in professionele werving en selectie, opleiding, training en persoonlijke ontwikkeling; waarbij we uitgaan van gelijke carrièrekansen, ongeacht persoonlijke achtergrond. Het zijn onze medewerkers die waarde toevoegen aan onze diensten. Als werkgever onderkennen we het belang van marktconforme arbeidsvoorwaarden. Een actief retentiebeleid (binden en boeien van medewerkers) maakt hier deel vanuit. Dit zorgt voor continuïteit en dat is in het belang van iedereen die betrokken is bij onze organisatie.
§ Kernwaarden \Ne handelen Rd4 breed vanuit onze kernwaarden (zo gaan we met elkaar om binnen onze organisatie). Deze zijn beschreven in ons handboek KOMPAS en worden met regelmaat met onze medewerkers doorgesproken. Enkele elementen hieruit zijn gezonde en veilige werkomstandigheden, open en eerlijke communicatie, geen discriminatie of intimidatie, respectvolle omgang met (de spullen van) elkaar en de bedrijfsmiddelen, waarbij we zeggen wat we doen, doen wat we zeggen en we ons hierop laten aanspreken.
Begroting 2022 GR Rd4, enkelvoudig
Pagina 13
08-04-2021
o rc en 03
Oï
§ Maatschappelijk verantwoord ondernemen Als milieuorganisatie vinden we een op duurzaamheid gebaseerde bedrijfsvoering belangrijk. In de praktijk komt dit tot uitdrukking in een veelvoud van praktische maatregelen, zoals de strenge emissienormen die we hanteren bij de aanschaf van door motoren aangedreven voertuigen. Maar ook allerlei andere zaken pakken we aan, zoals het gescheiden houden van papier, PMD (Plastic, Metaal/ blik en Drankenkartons), GFT en restafval op de kantoren, het verbeteren van onze energiehuishouding (o.a. LED verlichting, sedumdaken, zonnepanelen, etc.) en duurzaam inkopen. In de periodieke risico-inventarisatie & -evaluatie inventariseren we diverse risico's die betrekking hebben op de veiligheid en gezondheid van medewerkers en klanten. Planmatig pakken we knelpunten aan en lossen ze zoveel mogelijk op Het concept van duurzaamheid heeft wat ons betreft ook betrekking op ons sociaal beleid. Een fors aantal medewerkers met een zwakke positie op de arbeidsmarkt zijn soms vele jaren binnen onze organisatie te werk gesteld en krijgen zo kansen om zich te ontwikkelen. Dit is een groot voordeel voor de bij de organisatie betrokken gemeenten, immers het zijn oven/i/egend hun inwoners die niet meer aangewezen zijn op een uitkering van de gemeentelijke sociale dienst.
Daarnaast zijn we ISO 9001 gecertificeerd (kwaliteit managementsysteem/ KAM), ISO 14001 (milieumanagement) en VCA* (veiligheid). Het KAM-beleid zoals beschreven in de procedure PD-HD-02-Vxx ligt hieraan ten grondslag. 1.2.5 Verbonden partijen
Deelnemers: 10 Gemeenten * / AB
[
Dagelijks Bestuur
]
Reinigingsdiensten Rd4 Gemeenschappelijke Regeling (GR)
Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. (BVF)
Rd4 Kringloop Bedrijf B.V. (BV KLB)/(TSC)
N.V. Reinigingsdiensten Rd4 (NV) * Sinds 2019 zijn de gemeenten Nuth, Onderbanken en Schinnen (RWM) gefuseerd in de gemeente Beekdaelen.
BVF Eigen vermogen 1/1/20 Eigen vermogen 31/12/20 Vreemd vermogen 1/1/20 Vreemd vermogen 31/12/20 Resultaat 2020
18.151 18.151 22.774.972 24.347.586 0
TSC -954.534 -978.421 1.858.808 1.972.570 -23.888
NV 812.006 884.199 4.020.493 5.843.305
241.704
De werkorganisatie van Rd4 bestaat uit de Gr Rd4, het Rd4 Facilitair Bedrijf B.V. en het Rd4 Kringloop bedrijf B.V. welke gezamenlijk een fiscale eenheid vormen. In het Facilitair Bedrijf B.V. zijn bijna alle productiemiddelen ondergebracht, evenals de medewerkers die geen ambtelijke status hebben. Zij volgen derhalve ook een andere cao: vanaf september 2000 geldt de cao voor Afval en Milieu, GEO (Grondstoffen, Energie en omgeving). Alle (loon)kosten van de BVF worden volledig doorberekend aan de Gemeenschappelijke Regeling. Het exploitatieresultaat is dus nihil. De activiteiten van het Rd4 Kringloop Bedrijf B V. vinden sinds 2005 in de Gemeenschappelijke Regeling plaats. Vanaf 2014 zijn hier de activiteiten van het Textiel sorteercentrum in ondergebracht. Voor deze bedrijven gezamenlijk wordt een geconsolideerde jaarrekening samengesteld.
Voor de dienstverlening aan bedrijven is er een separaat bedrijf opgezet zijnde de NV Reinigingsdiensten Rd4. Dit bedrijf heeft geen eigen personeel of activa en huurt deze merendeels in bij de GRrd4 of het Facilitair Bedrijf B V. welke voor deze dienstverlening de variabele kostprijs plus overheadtoeslag plus winstopslag doorberekent. Volledigheidshalve willen wij opmerken dat de NV geen verbonden partij is conform de definitie van de BBV. De aandelen van de NV Reinigingsdiensten Rd4 zijn in handen van de gemeenten en niet van Rd4.
Begroting 2022 GR Rd4, enkelvoudig
Pagina 14
08-04-2021
o rc er 03 03
2. FINANCIËLE BEGROTING
2.1 Overzicht van baten en lasten en de toelichting
Programma: Reinigingsdiensten GR Rd4 Totaal programma's
2022 Baten Lasten Saldo 36.912.831 36.770.402 142.429 36.912.831 34.964.916 1.947.915
Algemene dekkingsmiddelen: Kosten van de overhead: Heffing voor de Vpb: Bedrag voor onvoorzien:
Totaal saldo van baten en lasten Mutaties reserves Geraamde resultaat
Programma: Reinigingsdiensten GR Rd4 Totaal programma's
36.912.831 36.912.831
Programma: Reinigingsdiensten GR Rd4 Totaal programma's
37.055.260 37.055.260
Programma: Reinigingsdiensten GR Rd4 Totaal programma’s
37.197.689 37.197.689
142.429 -142.429 0
1.841.595
-1.841.595
36.770.403 284.857 37.055.260
284.857 -284.857
1.878.427
-1.878.427
36.770.403 427.286 37.197.689
427.286 -427.286
2025 Baten______ Lasten Saldo 37.340.117 36 770403 569.714 2.485.710 37.340.117 34.854.407
Algemene dekkingsmiddelen: Kosten van de overhead: Heffing voor de Vpb: Bedrag voor onvoorzien:
Totaal saldo van baten en lasten Mutaties reserves Geraamde resultaat
36.770.402 142.429 36.912.831
2024 Baten______ Lasten_____ Saldo______ 37.197.689 36.770.403 427.286 37.197.689 34.891.976 2.305.713
Algemene dekkingsmiddelen: Kosten van de overhead: Heffing voor de Vpb: Bedrag voor onvoorzien: Totaal saldo van baten en lasten Mutaties reserves Geraamde resultaat
-1.805.486
2023 Baten______ Lasten Saldo______ 37.055.260 36.770.403 284.857 2.126.452 37.055.260 34.928.808
Algemene dekkingsmiddelen: Kosten van de overhead: Heffing voor de Vpb: Bedrag voor onvoorzien:
Totaal saldo van baten en lasten Mutaties reserves Geraamde resultaat
1.805.486
37.340.117 37.340.117
1.915.996
-1.915.996
36.770.403 569.714 37.340.117
569.714 -569.714
08-04-2021
Begroting 2022 GR Rd4. enkelvoudig
Pagina 15
o rc CT' 03 03
De gronden waarop de raminoen zijn gebaseerd De totale begroting komt uit het geconsolideerde begrotingsboek, deze is geen onderdeel van onderhavige begroting omdat de diverse overige bedrijven niet vallen onder de regelgeving van de BBV. In het geconsolideerde begrotingsboek zijn de diverse bedrijven zijnde de GR Rd4, het Facilitair Bedrijf BVF alsmede het Kringloop Bedrijf geconsolideerd. In onderhavige enkelvoudige begroting zijn de salariskosten opgenomen van de medewerkers welke vallen onder de CAO Car Uwo zijnde de medewerkers van Rd4 met een ambtelijke aanstelling welke echter maar een zeer klein gedeelte van de totale populatie vormen. In onderhavig enkelvoudige begroting zijn de posten opgenomen zoals deze rechtstreeks aan de GR Rd4 worden gefactureerd. Hierbij is de enkelvoudige jaarrekening van de GR Rd4 richtinggevend in combinatie met de verwachtte beleidswijzigingen. De kosten gemaakt bij de andere bedrijven worden in de enkelvoudige begroting GR Rd4 volledig als inhuur opgenomen. Meerjarenverwachting afvalhoeveelheden tot en met 2025 In het algemeen kan gesteld worden dat de ontwikkelingen van afvalhoeveeiheden en hieraan gerelateerde kosten afhankelijk zijn van: 1. Beïnvloedbare ontwikkelingen zoals: a. Beleidsmaatregelen - Lokaal - Landelijk 2. Niet beïnvloedbare ontwikkelingen zoals: a. Economische ontwikkelingen b.
Bevolkingsontwikkelingen - Krimp - Vergrijzing - Ontgroening c. Ontwikkeling aantal aansluitingen
1. Beïnvloedbare ontwikkelingen: a. Beleidsmaatregelen Lokaal Per 2050 is Nederland volledig circulair. Op eigen kracht kunnen Rd4 en de gemeenten de VANG-doelstellingen van 30 kg/inwoner niet realiseren. Focus van rd4 ligt op het voorbereiden en bewegen/ ondersteunen van de gewenste verandering. Uitgaande van een regionale aanpak Is het volgende doel bereikbaar: 80% afvalscheiding per 2026. Het scheidingspercentage is gebaseerd op de landelijke definitie afvalscheiding: fijn en grof restafval (inclusief leegstand). Verder ligt de focus op een intensievere communicatie met de burger en het verder optimaliseren van het inzamelsysteem en wordt onderzocht of bijv, door het toepassen van sorteeractiviteiten waarde kan worden toegevoegd aan de ingezamelde afvalstromen. Dit uit het oogpunt om hiermee de hoeveelheid restafval verdere reduceren en kansen te genereren voor werkgelegenheid in de regio, met name als het gaat om werkleerbedrijf of voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
Landelijk Het overheidsbeleid is erop gericht het verbranden van restafval te ontmoedigen door het invoeren van een verbrandingsbelasting. Was deze in 2018 nog € 13,21 per ton restafval, vanaf 1 januari 2021 is deze verhoogd naar € 33,15 per ton. In de meerjarenbegroting wordt ervan uit gegaan dat deze belasting zal indexeren. Verder is de verwachting dat de producentverantwoordelijkheid verder doorzet. In december 2019 is de Ketenovereenkomst Verpakkingen 2020-2029 gesloten door het ministerie van Infrastructuur en Milieu, het verpakkende bedrijfsleven en de VNG. Binnen deze overeenkomst zijn meerdere modellen mogelijk Vanaf 2022 gaan we werken conform het bronscheidingsmodel. Omdat ons dat meer grip geeft dan het tot dan gehanteerde model van de ketenregie. Vanaf 2025 verwachten we de invloed van de C02-heffing op de verwerkingskosten te gaan zien
2. Niet beïnvloedbare ontwikkelingen zoals: Economische ontwikkelingen Uitgangspunt in de meerjaren prognose is een economische groei van 1,5%. Ook de verwerkingskosten zijn deels afhankelijk van economische ontwikkeling. Een economische groei resulteert in meer afval maar ook neemt vraag naar grondstoffen waardoor de opbrengsten voor oud papier, metaal en textiel normaal stijgen. Door een overspannen Europese markt als het gaat om de verwerking en hergebruik van afvalstromen staat de vermarkting van afvalstromen onder druk wat resulteert in hogere verwerkingstarieven dan wel lagere opbrengsten. De verwachting dat deze stagnatie van de verwerk! ngsmarkt tot 2025 zal aanhouden.
08-04-2021 Begroting 2022 GR Rd4, enkelvoudig
Pagina 16
o rc CT' 03 03
Bevolkingsontwikkelingen Krimp Uitgangspunt bij het prognosticeren van de hoeveelheden is een bevolkingskrimp van jaarlijks met 1%.
Vergrijzing De prognose van de leeftijdsopbouw van de bevolking en met name de ontwikkeling van inwoners van 65 jaar en ouder in 2025. Het aantal 65-plussers betreft dan 26% van het totaal aantal inwoners. Ontgroening Met de afname van het geboortecijfer is in de meerjaren begroting geen rekening gehouden. Dit effect is meegenomen in de bevolkingskrimp.
Ontwikkeling aantal aansluitingen Vanaf 2014 is de gemeenten Eijsden - Margraten toegetreden tot de Gemeenschappelijk regeling waardoor het aantal aansluiting in de gemeenschappelijke regeling met meer dan 10.500 toeneemt. In 2017 is de gemeenten Gulpen- Wittem aangesloten (6.600 aansluitingen) bij de GR Reinigingsdiensten Rd4. Hierdoor zullen in de gemeenschappelijke regeling het aantal inwoners en aansluitingen niet afnemen maar stijgen wat uiteindelijk een gunstig effect heeft op de kosten per aansluiting. Eind 2019 heeft de Raad van gemeente Beekdaelen besloten de gemeente als het gaat om de inzameling van huishoudelijk afval het aantal aansluitingen op te delen bij Rd4 of RWM. Voor de Rd4 organisatie heeft dit qua aantal aansluitingen geen consequenties. Verwerkingskosten Inzake inzameling van PMD gaan we vanaf 2022 voor het bronscheidingsmodel. Dit houdt in dat we een vast bedrag aan vergoeding gaan ontvangen per ton PMD van € 241De hoogte van deze vergoedingen kunnen we niet rechtstreeks beïnvloeden, maar met deze keuze halen we wel veel onzekerheden weg. Naheffingen inzake PMD zoals afgelopen jaren gaan tot het verleden behoren.
De venverkingstarieven van grofvuil zijn gestegen van € 130,- per ton in 2018 naar€ 265,- per ton in 2021 (exclusief Rd4 Op- en overslag). Ook voor het venverken van houtafval wat vroeger gratis was geldt in 2021 een tarief van meer dan € 83,- per ton. Verder zijn de opbrengsten voor oud en papier de afgelopen jaren sterk gedaald waar we door onze garantieprijs van verschoond zijn gebleven, echter deze vervalt per 2022, waarna nieuwe afspraken moeten worden gemaakt. In 2024 verwachten we dat we te maken krijgen met de nieuwe, hogere tarieven voor rest- en GFT-afval zoals deze uit de ASL-aanbesteding komen.
Verder is in 2019 ook de stort- en verbrandingsbelasting van € 13,21 per ton gestegen naar € 32,63 per ton. Deze belastingsmaatregel resulteert in een stijging van de ven/verkingskosten. Ook zijn de tarieven voor het verwerken van grofvuil en bouwafval gerelateerde afvalstomen zijn aanzienlijk gestegen en zijn de opbrengsten voor metaal en oud papier gedaald. Vanaf 2025 ven/vachten we de invloed van de CO2 heffing te gaan zien op de verwerkingskosten. Energiekosten Er wordt uitgegaan van een gemiddelde jaarlijkse stijging van de kosten van 2%.
Samenvattend De prognose is dat de afvalhoeveelheden in de periode 2021-2025 nagenoeg geiijk zulien blijven met uitzondering van papier, deze afvalstroom zal verder afnemen. Uitgangspunt hierbij dat de economische groei de bevolkingskrimp en het preventiebeleid van de overheid grotendeels compenseert. De kosten per aansluiting zullen stijgen omdat we ook in de komende jaren nog geconfronteerd blijven met een overspannen afvalmarkt en hieraan gerelateerde hogere verwerkingskosten.
2.2 Uiteenzetting van de financiële positie en de toelichting Geprognosticeerde begin- en eindbalans
2021 Materiële vaste activa Financiële vaste activa Vlottende Activa Totaal
12.605.099 1.781.311 29.141.743 43.528.153
Eigen vermogen Vaste schulden >1 jaar Vlottende passiva Totaal
2.817.358 30,180.000 10.530.795 43.528.153
2022 12.963.924 1.781.311 27.975.347 42.720.582
2023 12.968.094 1.781.311 27.306.035 42.055.440
2024 12.726.616 1.781.311 27.024.800 41.532.727
2025 12.493.737 1.781.311 26.877.395 41.152.443
2 959 787 29.180.000
3.244.645 28.180 000 10.630.795 42.055.440
3 671.932 27.180.000 10.680.795 41.532.727
4 241.648 26.180.000 10.730.795 41.152.443
10.580.795 42.720.582
EMU saldo Zie paragraaf financiering onder paragraaf 1.2.3 hierboven.
Financiering Zie paragraaf financiering onder paragraaf 1.2.3 hierboven.
Begroting 2022 GR Rd4, enkelvoudig
Pagina 17
08-04-2021
Us*. I
O
rc
en
03
Oï
De stand en verloop van reserves Aangezien er met een nihil-resultaat wordt begroot betekent dit ook dat reserves naar verwachting niet muteren. Vanaf 2022 zal er een reserve in het kader van duurzaamheid worden aangelegd. De besteding hiervan wordt nader afgestemd.
De stand en verloop van voorzieningen De GR heeft een voorziening groot onderhoud inzake de gebouwen
Jaarlijks teruqkerende arbeidskosten De salariskosten zijn gebaseerd op de bestaande directe en indirecte formatie en de ontwikkeling hiervan zoals deze de komende jaren wordt verwacht rekening houdende met de verwachte ontwikkelingen Verder is er rekening gehouden met een jaarlijkse inflatie van 2%. Investeringen De investeringen zoals gepresenteerd hebben uitsluitend betrekking op de investeringen in de GR. Aangezien het overgrote deel van de investeringen voor het dochterbedrijf de BV Facilitair bedrijf zijn bestemd, welke buiten de scope van deze begroting vallen, zijn de investeringen in de GR minimaal.
Gronden waarop de ramingen zijn gebaseerd
Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats o.b.v. historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale w/aarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode w/aarin uitbetaling plaatsvindt. Daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie t.b.v. gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.
Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld door reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden Grondslagen voor de waardering van activa en passiva
Materiële vaste activa De materiële vaste activa worden gewaardeerd op verkrijgings- of vervaardigingsprijs De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. In de vervaardigingsprijs kunnen voorts worden opgenomen een redelijk deel van de indirecte kosten en de rente over het tijdvak dat aan de vervaardiging van het actief kan worden toegerekend; in dat geval vermeldt de toelichting dat deze rente is geactiveerd De verkrijgings- of vervaardigingsprijs wordt verminderd met de cumulatieve afschrijvingen en indien van toepassing met bijzondere waardeverminderingen. De afschrijvingen worden gebaseerd op de geschatte economische levensduur en worden berekend op basis van een vast percentage van de vervaardigings- of verkrijgingsprijs, rekening houdend met een eventuele residuwaarde. Er wordt afgeschreven vanaf het boekjaar na moment van ingebruikneming. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven.
Financiële vaste activa De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. Vlottende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Noodzakelijk geachte voorzieningen voor mogelijke verliezen als gevolg van oninbaarheid worden in mindering gebracht. Deze voorzieningen worden bepaald op basis van individuele beoordeling van de vorderingen. De liquide middelen en overlopende activa worden tegen nominale waarde gewaardeerd.
Eigen vermogen De reserves zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één Jaar of langer Onder de vaste schulden worden schulden opgenomen met een resterende looptijd van meer dan één jaar. De op korte termijn (binnen één jaar) verschuldigde aflossingen worden opgenomen onder de vlottende passiva.
08-04-2021
Begroting 2022 GR Rd4, enkelvoudig
Pagina 18
Us*. I O
rc
CT' 03 03
Vlottende passiva De netto vlottende schulden en de overlopende passiva worden tegen nominale waarde gewaardeerd. Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen
2.3 Bijlage met het overzicht van de geraamde baten en lasten per taakveld
Taakveld 7.3 Afval Taakveld 0.5 treasury
Begroting 2022 GR Rd4. enkelvoudig
Baten 36.912.831
2022 Lasten 36.248 677 664.153
Pagina 19
Saldo 664.154 -664.153
08-04-2021
I USa.
I O
ro cn
03
Oï
VASTSTELLING DOOR ALGEMEEN BESTUUR
Aldus vastgesteld door het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdiensten Rd4 in de vergadering van 1 juli 2021.
De secretaris / directeur
De voorzitter
W.C.H. Sijstermans
G.G.J. Janssen
08-04-2021
Begroting 2022 GR Rd4, enkelvoudig
Pagina 20
I Us*. I O
ro
on
03
Oï
ONTWERPBEGROTING 2022 Geconsolideerd REINIGINGSDIENSTEN Rd4 Gemeenschappelijke Regeling
Heerlen, 8 april 2021
Us*. I
O
rc er
03 03
VOORWOORD
Algemeen Binnen de Gemeenschappelijke Regeling Rd4 hanteren we voor 2022 een sluitende begroting met als uitkomst een zogenaamd nulresultaat, omdat we als maatschappelijke organisatie tegen (door de gemeenten goedgekeurde) kostprijzen werken en dus geen winstdoelstelling kennen. Na afloop van het boekjaar en nadat de jaarrekening door het algemeen bestuur is vastgesteld, wordt een eventueel overschot door Rd4 aan de deelnemende gemeenten geretourneerd, met inachtneming van de gemaakte afspraken rondom de wijze van verdeling van het overschot en het weerstandsvermogen. Een eventueel tekort wordt door de deelnemende gemeenten onderling verrekend.
De Gemeenschappelijke Regeling (hierna: GR) is eind 1997 opgericht en feitelijk met haar werkzaamheden begonnen op 1 januari 1998. De GR heeft twee 100% dochtervennootschappen, te weten Rd4 Facilitair Bedrijf B V. (hierna: BVF) en Rd4 Kringloop Bedrijf B V. (hierna: KLB). In de BVF zijn alle medewerkers ondergebracht met een niet ambtelijke status. Voor hen is de cao voor de Grondstoffen Energie en Omgeving (voorheen: Afval en Milieu ) van toepassing Behoudens de ambtenaren (gemeentelijke cao) en de onroerende zaken, zijn alle productiemiddelen ondergebracht in de BVF. In het KLB is per april 2014 het Textiel sorteercentrum ondergebracht. De financiële gegevens van deze vennootschap zijn opgenomen in deze begroting. De GR valt onder de vigerende voorschriften van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) en onder het toezicht van de Provincie Limburg. De twee dochtervennootschappen, de BVF en het KLB. vallen niet onder het toezicht van de Provincie Limburg en de jaarrekening moet dan ook opgesteld worden in overeenstemming met de wettelijke bepalingen van Titel 9 Boek 2 BW. Hierdoor ontstaat er een situatie waarbij er bij Rd4 een hybride structuur is, waarbij wij te maken hebben met verschillende voorschriften. Om te kunnen voldoen aan relevante i.c.
van toepassing zijnde wettelijke richtlijnen wordt er een enkelvoudige begroting gemaakt conform het Besluit BBV waarin uitsluitend de cijfers van de GR in mogen worden verwerkt
Hierbij is tevens rekening gehouden met een schrijven van de Provincie Limburg aan de gemeenteraden en colleges van Burgemeester en Wethouders van alle Limburgse gemeenten, cluster Financiën d d 24 maart 2020, met als onderwerp: aandachtspunten begroting 2021 en de meerjarenraming 2022 - 2024. De aangereikte aandachtspunten voor de opzet van de begroting zijn zoveel mogelijk uitgewerkt in de enkelvoudige begroting 2022 en meerjarenbegroting 2023-2025. Echter omdat de cijfers slechts een deel uitmaken van de totale begrobng hebben deze een geringe informatiewaarde voor de deelnemende gemeenten. Om een goed inzicht te krijgen in het functioneren van Rd4 als geheel, presenteren wij daarom al vele jaren, in weenwil van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV), een integraal geconsolideerde begroting van de drie onderdelen samen. Voor het verkrijgen van een goed en juist inzicht zetten we de lijn van de afgelopen jaren voort. Aangezien de BVF en het KLB niet onder de BBV vallen is de geconsolideerde begroting ook niet opgemaakt conform deze voorschriften.
Het werkproces rondom deze begroting is net zo opgezet als voor de begroting 2021. De door Rd4 gebruikte gegevens zijn besproken met en goed bevonden door de ambtelijke leden van zowel de Financiële commissie als de commissie Beleid. De wereld om ons heen De wereldwijde corona pandemie is ook aan ons niet voorbij gegaan en heeft een grote invloed op onze bedrijfsvoering. Het is nog moeilijk in te schatten in welke tempo de wereld economie zal herstellen en wat hiervan de effecten in 2022 zullen zijn. De wereldeconomie heeft uiteraard invloed op onze bedrijfsvoering. Zo staan onze bedrijfskosten van kapitaal, arbeid, technologie, grondstoffen etc. sterk in wisselwerking met de economische situatie in ons land en ver daarbuiten. We blijven optimistisch en gaan uit van een genormaliseerde situatie in 2022.
De Rijksoverheid Het programma Van Afval Naar Grondstof (VANG) is ook in 2022 nog steeds het richtinggevende beleid van het kabinet in Nederland om de transitie naar een circulaire economie te stimuleren. De ambitie is om uiterlijk in 2025 te komen tot een gescheiden inzameling van huishoudelijke afvalstromen van 75%. Verder is het Rijksbeleid om de samenleving meer inclusief te maken; iedereen die kan werken moet mee gaan doen.
Afval Samenwerking Limburg Al vele jaren hebben de Limburgse gemeenten zich verenigd in Afval Samenwerking Limburg (www.afvalsamenwerkinglimburg.nl); de schakel in de Limburgse keten van afval tot grondstof. Ook de bij Rd4 aangesloten gemeenten maken deel uit van dit samenwerkingsverband. Primaire doelstelling i.c. opgave is het collectief (Europees) aanbesteden en beheren van de twee grootste afvalstromen die bij de burgers van de Limburgse gemeenten vrijkomen, te weten het GFT en het restafval In het voorjaar van 2019 heeft het bestuur van ASL het bureau PWC opdracht gegeven om een gedeelde circulaire visie op samenwerking aan grondstoffen uit te werken. In juni 2019 is door PWC een rapport opgeleverd met de titel; "gedeelde circulaire visie op samenwerking aan grondstoffen*.
In de samenvatting van het rapport staat te lezen dat: "het bestuur van ASL realiseert zich dat samenwerking met de Provincie Limburg, het bedrijfsleven en waar mogelijk onderwijs, een voonwaarde is om succesvol stappen te zetten naar een meer circulaire aanpak om van afval tot grondstoffen te komen die in Limburg verwerkt worden. Besluitvorming is voorzien in de loop van 2021.
Beleid van Rd4
Het primaat voor het afvalstoffenbeleid ligt bij de gemeenteraden. Beleid dat aan de basis ligt van de jaarlijks door Rd4 op te stellen begroting, Rd4 hecht er dan ook sterk aan om in nauwe samenspraak met de deelnemende gemeenten een gedragen en gezamenlijke visie op de toekomst uit te zetten voor Rd4. Met een vaste regelmaat is de visie op de toekomst dan ook een belangrijk gespreksonderwerp tussen bestuur en management. Tot het jaar 2020 is deze blik op de toekomst expliciet gemaakt en uitgeschreven in een Strategisch meerjarenplan (SMP) met een aantal concrete strategische doelen op het gebied van kostenefficiëntie, duurzaamheid, regionale samenwerking, sociale werkgelegenheid en afvalbeleid. Periodiek zijn de resultaten van het vastgestelde beleid onderwerp geweest van evaluatie en toetsing. Waar nodig, hebben er op onderdelen bijstellingen plaatsgevonden, zonder de strategie los te laten.
Omdat het huidige plan expireert in 2020, is er in 2020 en Ie helft 2021 een nieuw Strategisch meerjarenplan opgesteld. Met dit plan hebben wij onze routekaart voor de komende jaren opgesteld. Een routekaart die het begin is om te komen tot een circulaire economie en een oneindig hergebruik van grondstoffen. Een plicht die we niet uit de weg kunnen gaan met in gedachte de generaties na ons.
Begroting 2022 GR Rd4, geconsolideerd
Pagina 3 van 42
08-04-2021
INHOUDSOPGAVE SAMENVATTING
6
LEESWIJZER
7
KOSTENONTWIKKELINGEN 2021 - 2022
8
N.V. REINIGINGSDIESNTEN Rd4
10
VOLUMEONTWIKKELINGEN 2008 - 2022
10
BELEIDSBEGROTING
13
BEGROTING
14
A.
BEDRIJFSVOERING
14
B.
BELEIDSBEGROTING
18
C.
PROGRAMMAPLAN - BASISPAKKET - PLUSPAKKET EN NV - BEDRAG ONVOORZIEN
18 18 19 19
PARAGRAFEN - WEERSTANDSVERMOGEN EN RISICO'S - ONDERHOUD KAPITAALGOEDEREN - INVESTERINGSPLAN - FINANCIERINGSPLAN - KASSTROOMOVERZICHT 2021 - 2025
20 20 22 22 23 23
FINANCIËLE BEGROTING
24
UITEENZETTING FINANCIËLE POSITIE OVERZICHT BATEN EN LASTEN TOELICHTING OP OVERZICHT BATEN EN LASTEN
D.
24 25 26
VASTSTELLING DOOR ALGEMEEN BESTUUR
40
MEERJARENRAMING
41
MEERJARENRAMING KOSTEN
Begroting 2022 GR Rd4, geconsolideerd
41
Pagina 4 van 42
08-04-2021
SAMENVATTING Bij deze treft u de sluitende begroting aan voor het boekjaar 2022 van de Gemeenschappelijke Regeling Reinigingsdiensten Rd4, gevestigd in de gemeente Heerlen. Deze begroting is tot stand gekomen in samenwerking met diverse ambtelijke vertegenwoordigers van de deelnemende gemeenten. Hierdoor zijn we erin geslaagd om u als Gemeenteraad een begroting voor 2022 te presenteren die kan rekenen op draagvlak bij onze opdrachtgevers, hetgeen wij erg belangrijk vinden. Om u de gelegenheid te bieden op een efficiënte en leesbare manier kennis te kunnen nemen van de inhoud van dit document, hebben we de belangrijkste onderwerpen kort en bondig samengevat.
De kosten stijgen ten opzichte van de totale Begroting 2021 met 7,4% (t.o v. basispakket 8,2%). De belangrijkste beleidswijziging is de tariefharmonisatie op grofvuil bij de milieuparken in combinatie met tweemaal gratis storten Hierdoor dalen de inkomsten aan de poort van de milieuparken en worden deze dus per saldo duurder echter dat is niet het grootste financiële effect, wat namelijk zit in de venverkingskosten Er zitten een aantal belangrijke elementen in de verwerkingskosten waardoor deze fors zullen stijgen. Inzake papier kunnen we tot en met 2021 rekenen met een contractueel vastgelegde garantie prijs Deze prijs ligt boven de huidige marktprijs Vanaf 2022 moeten we hierover nieuwe afspraken maken. Onze huidige partner biedt op meerdere vlakken veel voordelen en we hebben de intentie om te blijven samenwerken, echter de prijs moet ook goed zijn. We hebben een lagere prijs dan de huidige garantieprijs in de berekeningen meegenomen echter de besprekingen hierover moeten nog plaatsvinden. De uitkomst hiervan alsook de toekomstige marktprijzen zijn lastig te voorspellen. Inzake de Plastic, Metalen en Drankkartons (PMD) gaan we mee in de Afval Samenwerking Limburg (ASL) afspraken om vanaf 2022 over te gaan tot het hanteren van het bronscheidingsmodel in samenwerking met de Stichting Afvalfonds.
Dit houdt in dat we niet meer zoals nu de regie over de gehele keten hoeven te voeren. Dat ketenregiemodel bevat zoals we nu weten veel onzekerheden en risico's en zorgt ervoor dat we langjarig niet afgerekende posten met ons moeten mee dragen. Het betekent ook dat we over eerdere jaren bedragen van de gemeenten hebben moeten terugvorderen omdat de kosten van de venwerking achteraf tegenvielen of dat vergoedingen tijdens het traject wijzigden. Inzake de verwachte opbrengstwaarde van ijzer/metaal is een voorzichtige calculatie gemaakt. Ook hier zullen voor 2022 andere afspraken gelden dan nu en daar hebben we een conservatieve inschatting gemaakt. Veel andere stromen stijgen qua tarief met de min of meer verwachte index als gevolg van inflatie. In de veniverkingskosten zitten momenteel al de kosten van de afvalstoffenbelasting Deze verbrandingsbelasting heeft een tarief verhogend effect dat al in de begroting 2021 is verwerkt. Wel wordt deze belasting elk jaar hoger. Tot slot nog een positieve invloed op de venverkingskosten. Door inzet van onze Op- en Overslag verwachten we dat we een gedeelte van het opgehaalde grofvuil nog kunnen afzonderen en verwerken als KWD afval wat een lager tarief heeft. Dit hebben we in de berekeningen meegenomen.
Uitgangspunten - Hoeveelheden (tonnages afvalstromen): gebaseerd op de realisatie t/m het tweede kwartaal 2020 en de realisatie 2019. - Illegale dumpingen verschoven van pluspakket naar basispakket voor de deelnemende gemeenten - Verwerkingstarieven; niveau 2020 geïndexeerd naar 2022. - Productienormuren: afgeleid van de hoeveelheden, aanbiedpercentages, P-90 norm, ziekteverzuim, productieve uren medewerkers. - Index stijging autonome organisatiekosten 2% (o.a. cao, pensioen, generatieregeling, verzekeringen, brandstofkosten) - Continuering oud papier inzameling met verenigingen. - Behoud sociale werkgelegenheid (o.a. het voortzetten van het Textiel sorteercentrum). - Invoering bronscheidingsmodel op PMD - Herijking huidige garantieprijs papier, verwachting lager - Risico's; ontwikkeling landelijk verpakkingsdossier, vergoeding PMD (en afhandeling voorbije jaren) en de ontwikkelingen van de economie en de afvalmarkt - Brandverzekering is duurder geworden, maar minder duur als in 2021 was aangenomen.
Beeldvorming
Ja, afvalverwerking wordt duurder Nee, dat is niet hetzelfde als Rd4 wordt duurder. Het betreft vooral de verwerkingskosten Dat is door aan de ene kant de marktwerking van afvalstromen en aan de andere kant het beleid van Europese- en Rijksoverheid. Door fiscale instrumenten wordt het duurder om afvalstoffen te verbranden. Dit ter stimulering van hergebruik en het komen tot een circulaire economie (i.t.t. huidige lineaire economie). Echter circulaire mogelijkheden zijn vaak experimenteel en momenteel duurder dan verbranden. Totdat de circulaire economie gemeengoed is en is verworden tot de norm kost circulair vaak meer dan lineair. Voor wat betreft de organisatie van Rd4 proberen we altijd afwegingen te maken over nut en noodzaak en hebben we voor 2022 de organisatiekosten (totale kosten minus venwerkingskosten) niet laten stijgen. Dat is mogelijk door meevallers als gevolg van onze inspanningen en enkele scherpe keuzes en inschattingen Als Rd4 kunnen we wel adviseren aan gemeenten maar niet beslissen wat ze via de afvalstoffenheffing aan de burgers doorbelasten. We kunnen enkel en alleen sturen op ons eigen organisatiekosten en alle mogelijke invloed uitoefenen op het tot stand komen van zo laag mogelijke verwerkingskosten.
Begroting 2022 afgezet tegen 2021 Het basis- en het pluspakket worden duurder.
De hoofdreden hiervoor zijn de stijgende verwerkingskosten. Deze kunnen we in beperkende mate beïnvloeden en proberen over langere perioden te stabiliseren door het aangaan van langlopende verbintenissen met verwerkers. De reden dat de kosten stijgen is echter ook gelegen in de door de Rijksoverheid opgelegde belastingen, welke we niet kunnen vermijden. Dit beschouwende hebben we ons een interne taakstelling opgelegd door de stijging van de salarissen en de beleidsmatige aanpassing van de tweemaal gratis grofvuil op de milieuparken op te vangen. Dit betekent minder uitbesteed werk en minder huisvestingskosten. Daarnaast realiseren we ook meer opbrengsten door bijvoorbeeld de dienstverlening aan de NV te verhogen. Dit betreft een aanpassing aan de realiteit van meer routes specifiek voor de NV alsook de IBC-methodiek bij het Regionaal sorteercentrum (RSC)
Begroting 2022 GR Rd4, geconsolideerd
Pagina 5 van 42
08-04-2021
Hiermee leggen we een begroting voor waarbij de organisatiekosten met € 428.500 (2%) stijgen en is dit onderdeel van de kostenstijging van het basispakket.
Onderstaand wordt de stijging van de organisatiekosten meer in detail uitgeiegd. Als we de absolute stijging van de kosten in 2022 vergelijken met de afgegeven begroting in 2021 zien we een stijging van 7,4% Deze kostenstijging wordt in de paragraaf meer in detail toegelicht, alsmede de mutatie van de extra inkomsten. Begroting 2022 Begroting 2021
40.149.020 37.378.807 2.770.213
7,4%
Echter een deel van de stijging wordt ook veroorzaakt door extra werkzaamheden welke op hun beurt ook extra inkomsten genereren. Allereerst is er het pluspakket met producten welke afgenomen kunnen worden door de gemeenten. Daar zijn de illegale stortingen weggehaald en onderdeel geworden van het basispakket voor de deelnemende gemeenten. Eraan toegevoegd zijn de gladheidbestrijding van gemeente Beekdaelen en de uitbreiding van de onkruidbestrijding van de gemeente Brunssum. Dit gecombineerd heeft geleid tot een stijging van de omzet met € 323.450 (A).
Daarnaast hebben we de inkomsten derden welke toenemen met een bedrag van € 562.995 (B). Deze extra inkomsten worden gegenereerd door extra afvalstromen via de op- en overslag, meer dienstverlening aan bedrijven via onze NV. de opbrengsten door verkoop van textiel via het textielsorteercentrum. opbrengsten van de kringloopwinkels. Als we deze extra inkomsten aftrekken van de kostenstijging dan ontstaat het volgende beeld:
Begroting 2022 Begroting 2021
40.149.020 37.378.807 2.770.213 -323.450 -562.995 1.883.769
Stijging inkomsten pluspakket (A) Stijging inkomsten derden (B) Mutatie kosten minus inkomsten (C)
In de totale kosten zitten ook de verwerkingskosten. Omdat deze kosten, zeker qua prijsniveau, lastiger zijn te beïnvloeden, filteren we deze ook uit de totale kosten om de beïnvloedbare organisatiekosten te kwantificeren.
Verwerkingskosten 2022 Verwerkingskosten 2021 Mutatie verwerkingskosten (D)
4.600.000 3.144.731 1.455.269
Mutatie kosten minus inkomsten (C) Mutatie venrverkingskosten <D) Mutatie organisatiekosten ( E )
1.883.769 -1.455.269 428.500
Duurzaamheidsbijdrage Eén van de strategische onderwerpen in ons nieuwe Strategisch meerjarenplan (SMP) is de verduurzaming van ons wagenpark. De ambities van de overheid zijn gericht op 2030 echter we moeten daar nu al mee aan de slag. Via pilots en een strategische vervanging zullen we hieraan werken. De kosten van aanschaf en exploitatie van dergelijke voertuigen zijn significant hoger. Om die meerkosten te financieren vragen we een duurzaamheidsbijdrage van € 1 per aansluiting in 2022. Deze bijdrage zullen we in een bestemmingsreserve 'Duurzaamheid' storten. De besteding van deze gelden zullen we uiteraard ambtelijk en bestuurlijk afstemmen. Deze reserve zal als dekking van pilotkosten en meerkosten voor de verduurzaming van het wagenpark worden ingezet. We hopen dat naast de bijdrage van de gemeenten hier ook bijdragen en subsidies van andere partners deel van gaan uitmaken.
Begroting 2022 GR Rd4, geconsolideerd
Pagina 6 van 42
08-04-2021
LEESWIJZER In onderstaande paragrafen komen volgtijdelijk de volgende onderwerpen aan de orde. Eerst wordt ingegaan op de kostenontwikkeling, waarbij eerst de begrote cijfers van de hoofdkostensoorten worden afgezet tegen de kosten van vorig jaar. Er wordt bij de belangrijkste verschuivingen een toelichting gegeven wat de reden hiervan was. Vervolgens wordt nader ingegaan op de ontwikkelingen van de hoeveelheden ten gevolge van het gevoerde afvalbeleid. Omdat het Volume/Frequentiesysteem in 2008 werd ingevoerd, wordt ingezoomd op de ontwikkeling van de hoeveelheden vanaf deze datum tot en met het huidige begrotingsjaar.
Hierna wordt ingegaan op de beleidsbegroting en het programmaplan, waarna het weerstandsvermogen en eventuele risico's aan de orde komen. Vervolgens wordt het investeringsplan voor de komende vijf jaar gepresenteerd en wordt er ingegaan op het financieringsplan voor de komende jaren
Het grootste deel van het begrotingsboek volgt met de begroting per gemeente afgezet tegen het voorgaande jaar waarna dezelfde exercitie wordt uitgevoerd voor de diverse producten die door Rd4 worden geleverd. Eveneens is hier de meerjarenbegroting in opgenomen.
Begroting 2022 GR Rd4, geconsolideerd
Pagina 7 van 42
08-04-2021
KOSTENONTWIKKELING 2021 - 2022 In onderstaand overzicht worden de begrote kostensoorten 2022 afgezet tegen 2021. De belangrijkste verschillen tussen beide jaren worden gedetailleerd toegelicht.
Salarissen Personeel van derden Energie Inkopen Uitbesteed werk Verwerkingskosten Productiekosten Overige personeelskosten Huisvestingskosten Verkoopkosten Automatiseringskosten Algemene kosten Rentekosten Afschrijvingskosten
Totale kosten Opbrengst pluspakket Overige inkomsten Saldo kosten + inkomsten Mutatie verwerkingskosten Mutatie organisatiekosten
Begroting 2021 14.057.948 4.350.052 1.481.627 328.242 2.147.238 3.144.731 2.673.240 627.650 1.670.106 102.586 644.784 932.872 686.391 4.531.341
Begroting 2022 14.400.126 5.158.080 1.515.194 264.050 2.141.094 4.600.000 3.036.953 676.928 1.437.440 112.500 693.170 876.222 664.153 4.573.110
37.378.807 4.638.500 7.743.855
40.149 020 4.961.950 8.306.850
Mutatie 2022
Mutatie salariskosten en inhuur (1) Cao salaris 2021-2022 stijging 3.5%; gezien de economische ontwikkelingen verwachten we een inhaalslag op de lage stijgingen van de afgelopen jaren. CAO salaris 2020-2021; De CAO stijging in het begrotingsboek 2021 was op 3,5% voorzien. De verwachting is echter bijgesteld naar 2,5%. Dit betekent dat de kosten t.o.v. 2021 met 1% extra dalen. Totale stijging CAO salarissen in de begroting Stijgende Sociale lasten 2021-2022 Stijgende Pensioenpremies 2021-2022 Dalende loonkostensubsidies Stijging door P90 norm, uitbreiden werkzaamheden en opvangen verzuim
t.o.v. 2021 342.178 808.028 33.566 -64.192 -6.144 1.455.269 363.714 49.278 -232.665 9.914 48.386 -56.650 -22.238 41.769
(I) (I) (2) (3) (4) (5) (6) (7) (8) (9) (10) (II)
2.770 213 323.450 (12) 562995 (13) 1.883.769 1.455.269 428.500
1.150.206 639.584
-134.166
505.418 161.014 361.383 27.282 95.109
Mutatie Energiekosten (2) Betreft de brandstofkosten van onze voertuigen en de gas-, water- en elektrakosten van onze gebouwen. Er is in de begroting gecalculeerd op basis van de huidige tarieven voor diesel met een inflatie index.
33.566
Mutatie Inkopen (3)
-64.192
Deze post betreft de inkoop van textiel door het Textiel sorteercentrum (TSC). Dat is afkomstig van de eigen inzameling via BEST-tas en straatvoorzieningen, maar ook door inkoop via externe partijen. Er staat druk op verkoopprijs van textiel en als gevolg daarvan moet ook een lagere inkoopprijs worden geboden.
Mutatie verwerkingskosten (4)
1.455.269
Na jaren van continu dalende verwerkingskosten worden we nu geconfronteerd met stijgende tarieven. Grote factor is het belastingbeleid van de rijksoverheid met het belasten van verbranding via de afvalstoffenbelasting. Daarnaast is uiteraard ook de afvalmarkt een globale markt en zijn we daaraan overgeleverd. Mier proberen we met langdurige afspraken stabiliteit in te houden. In 2022 verwachten we ten opzicht van 2021 de volgende effecten: Papier In 2022 geldt de huidige prijs per ton niet meer. De huidige marktprijs ligt lager dus we verwachten dat de opbrengst lager zal worden. Dit leidt dan tot hogere verwerkingskosten.
435.000
PMD In 2022 verwachten we over te gaan naar het bronscheidingsmodel en afscheid te nemen van het huidige ketenregiemodel. Het ketenregiemodel heeft ons niet helemaal gebracht wat we ervan hadden gehoopt. De meerjarige onzekerheid over de vergoeding heeft ervoor gezorgd dat we financiële onzekerheden hebben voor fikse bedragen uit voorgaande jaren. De voorschotten en de afrekeningen matchen niet met de vooraf geschepte verwachtingen. Niet alleen financieel is dat een probleem maar ook de inspanningen achter schermen om één en ander in goede banen te leiden en continu uitleg te verschaffen staan in geen enkele verhouding tot de opbrengsten. Het bronscheidingsmodel is boter bij de vis, gelijk afrekenen. Geen voorschotten en geen lang slepende dossiers, maar een vergoeding van € 241 per ton PMD aangeleverd bij de op- en overslag locatie.
691.000
Tarief (Nedvang -/-kosten) x vermarkting% Tarief (Nedvang) Tonnage Totaal
Begroting 2022 GR Rd4, geconsolideerd
Begroting 2021 Begroting 2022 Verschil -€313,64 € 72,64 -€241,00 9.344 -50 9.295 -2.930.652 -2.239.975 690.678
Pagina 8 van 42
08-04-2021
Textiel Zoals eerder gezegd bij inkopen kunnen we minder als inkoopprijs bieden vanuit het sorteercentrum. Dus dit raakt ook de venwerkingsopbrengst van de voor Rd4 gemeenten ingezameld textiel.
130.000
Grofvuil De grofvuil tarieven zijn de afgelopen jaren flink gestegen. Op onze op en overslag proberen we door nasortering uit ons ingezameld grofvuil nog andere stromen af te zonderen om deze te kunnen hergebruiken of als aparte stroom goedkoper te kunnen afvoeren.
-232.000
Metalen De tarieven voor metalen fluctueren en we verwachten op basis van marktanalyse dat de opbrengst lager zal worden dan begroot in 2021.
146.000
285269 Diversen Met name indexering
363.714
Mutatie productiekosten (5) Inbesteding werkzaamheden en uitbreiding werkzaamheden. Daarnaast zijn de verzekeringspremies voor onze voertuigen met 13,2% verhoogd.
Mutatie overige personeeiskosten (6)
49.278
Door opzetten interne opleidingen en inzet van een presentieadviseur worden concrete stappen gezet samen met grip te krijgen. Naast acties op huidige ziektegevallen zetten we daarbij ook in op preventie en willen we naar de wijze waarop we samenwerken binnen Rd4 gaan kijken.
Mutatie huisvestingskosten (7)
-232.665
Nog steeds zijn de kosten voor de brandverzekering hoog als gevolg van het risicoprofiel wat de verzekeraars hanteren voor onze branche De oorzaak is gelegen in de vele branden bij venwerkers. We hebben in 2020 wel actie kunnen ondernemen om de effecten voor ons wat te dempen. Daardoor ontstaat er een voordeel ten opzichte van de verwachtingen in 2021. Daarnaast waren in de begroting 2021 nog huurlasten opgenomen voor onze locatie Margraten. Deze is in 2019 aangekocht en dus in eigendom van Rd4. Deze huurlasten vervallen dus in 2022 in de begroting. Daar staan wel kapitaallasten tegenover welke echter vele malen lager zijn. 48.386
Automatiseringskosten (8)
De stijging is met name terug te voeren aan het feit dat we via de website onze dienstveriening aan onze burger willen optimaliseren in combinatie met de app. Dit kanaal gaat meer aandacht krijgen in onze communicatie en daar horen ook aanpassingen en onderhoudskosten bij. Mutatie algemene kosten (9)
-56.650
Aanpassing aan realisaties eerdere jaren
-22.238
Mutatie rentekosten (10)
Door herfinanciering van oude leningen tegen een lage rentestand daalt onze gemiddelde rentevoet. Mutatie afschrijvingen (11)
41.769
Doorrekening van werkelijke investeringen in 2020 en het investeringsplan van 2021.
323.450
Mutatie inkomsten pluspakket (12) Wijzigingen in dienstverlening gladheidsbestrijding en onkruidbestrijding bij bepaalde gemeenten
Mutatie inkomsten derden (13)
562.995
Hogere inkomsten derden op- en overslag, doorbelaste kosten NV, opbrengsten kringloop en textielsorteercentrum en nog een aantal posten.
Begroting 2022 GR Rd4. geconsolideerd
Pagina 9 van 42
08-04-2021
De totale kosten worden na verrekening inkomsten derden per product en per gemeente toegerekend. Toerekening vind plaats door per product de afvaltonnages, begrote logistieke uren, begroot aantal inzamelmiddelen tegen de begrote tarieven te kwantificeren, welke worden verhoogd met een indirecte toeslag en verminderd met eventuele inkomsten. Voor details zie de paragraaf over de toelichting van de baten en lasten per gemeente (pag. 25) alsmede de paragraaf verrekening grondslagen (punt 9 van pag. 16). Voor 2022 leidt de verdeling van de kosten tot navolgende verdeling per gemeente: EURO begroting 2021
EURO begroting 2022
mutatie 2022- 20^ geld %
Brunssum Beekdaelen Eijsden-Margraten Gulpen-Wittem Heerlen Kerkrade Landgraaf Simpelveld Vaals Voerendaal
3.105.860 2.342.519 1.819.086 1.307.094 9.851.132 4.669.857 3.476.565 971.172 977.078 1.099.587
3.361.666 2.706.901 1.990.611 1.441.481 10.551.451 5.012.512 3.695.895 1.014.951 1.064.795 1.144.336
255.806 364.382 171.524 134.387 700.320 342.655 219.330 43.780 87.717 44.749
8,2 15,6 9.4 10,3 7.1 7.3 6.3 4.5 9.0 4.1
GR-gemeenten
29.619.951
31.984.599
2.364.648 [
Ml
N.V. Reinigingsdiensten Rd4 Bij de beoordeling van de totale kosten voor de gemeenten wordt in de begroting van de GR geen rekening gehouden met het dividend dat wordt uitgekeerd op basis van het resultaat van de commerciële tak van Rd4, zijnde de NV. Dit rendement is gemiddeld genomen vrij hoog geweest ondanks dat de laatste jaren het rendement vanwege de marktomstandigheden aanzienlijk lager is geweest. In 2020 bedroeg het resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening € 301.080.
VOLUMEONTWIKKELING 2008 - 2022
Het resultaat van de beleidsaanpassingen van de afgelopen 15 jaar, maar zeker ook de medewerking van de burgers heeft er toe geleid dat de hoeveelheid restafval is gedaald. In 2019 werd gemiddeld per Rd4-inwoner 135 kilogram restafval ingezameld Het scheidingspercentage steeg verder naar 72%. In figuur 1 is het resultaat van de afgelopen 12 jaar weergegeven. Het is goed te zien dat in de periode 2008-2020 de kosten van de inzameling (Kosten Rd4) gedaald zijn van € 206,78 naar€ 180,29. Concluderend: alle (beleids-) inspanningen hebben gezorgd voor minder afval, een hoger scheidingspercentage en lagere inzamelkosten.
Scheidingsresukaat 700
80% 70%
600
60%
500 400
40% 300
30% 200
20%
100
10%
0%
0 2008
2013
2020’
2019
I Kilogram pet tnwoner rest ♦ grof
KHogram p«r inwoner gescheiden
«■"^"Kosten Rd4 per aansluiting
2022
'
Scheidingspercentage
Figuur 1. Afvalscheidingsresultaat en kosten
2009 2011 2014 2016-2018
2018 2021
Invoering Diftar & inzameling kunststof Invoering BEST-tas Nultarief GFT & verhoging tarief restafval 2015 Start gecombineerde inzameling PMD (4-wekelijks) 4-wekelijkse inzameling restafval/ 2-wekelijks inzameling PMD Herintroductie GFT-inzameling bij hoogbouw 4-wekelijks inzameling Eijsden-Margraten en Gulpen-Wittem
Begroting 2022 GR Rd4. geconsolideerd
Pagina 10 van 42
08-04-2021
In onderstaande tabel is de hoeveelheid afval door de jaren te zien. Zo zien wij het aandeel grondstoffen uit de totale hoeveelheid afval stijgen. Ook is te zien dat het totale aanbod aan afval/grondstoffen gestegen is van 459 kilogram per inwoner in 2013 naar 533 kilogram per inwoner in het jaar 2020. Dit heeft te maken met een situatie van hoogconjunctuur en de Covid-19 crisis, waardoor er meer thuis geconsumeerd wordt. In deze begroting 2022 is uitgegaan van een situatie waarin we weer terug naar “normaal" zijn gegaan uit de Covid-19 crisis met bijbehorende hoeveelheden.
INZAMELING____________________________ Groente,-fruit- en tuinafval
2008
24.085
2013 16.216
Huishoudelijk afval, gemengd Huishoudelijk afval, (verz.-*- ondergr.)
567
368
459
26.833
28.369
8.375
6.124 12.526 475 9.144 2.154
6.214 12.149 536 10.066 1.648
2.964
36.777
30.728 6.049
44.632 36.382 8.250
37.312 30.900 6.412
2.525
Milieuparfcen totaal
ongescheiden op milieupark
34.762 22.276 12.486
28.313 21.672 6.641
Straatvoorzieningen glas______________
2008
5.317
2019 7.253
papier
4.449
textiel
1.137
2013 5.781 4.157 1.041
153.455 74.670 263.210
121.854 67.464
142.278 102.904
265.000
291.700
Kilogram per inwoner rest ♦ grof
2993 283,7
205,2 254,6
135,0
Kilogram per inwoner gescheiden Totale hoeveelheid per inwoner
583,0
459,8
487,8
Scheidingspercentage____________
49%
55%
Kosten Rd4 per aansluiting_______
€206,75
€152,56
72% € 162,46
totale hoeveelheid__________
totale hoeveelheid scheiding Aantal inwoners
36.375 1.213 419
38.807
Kringloop
scheiding op milieupark
1.237
2022
752
PMD________________
BEST-tas
37.381
51.422 14.125 14.229 652
12.536 540 3.729 1.792
Papier_______________________________ Snoeihout
2020*
1.152
Groente,-fruit- en tuinafval (hoogbouw) Grof huisafval
2010 34.704
2020*
7.983
3.144
3,378 1.719
1.624
147.084
26.525 6.320 10.229 552 9.090
2022 7.203 2.814
1.580
142.596 102.920
106.520 294.113
295.000
147,0 385,0
134,5 348,9
533,0 72,40%
483,4
€180,29
€189,73
352,8
72%
*) Jaar 2020 is nog niet definitief vastgesteld en nog onderworpen aan accountantscontrole
Begroting 2022 GR Rd4, geconsolideerd
Pagina 11 van 42
08-04-2021
*2020: een jaar waarin door het Covid-19 virus de hoeveelheden afval/grondstoffen met 10% extra gestegen zijn (thuiswerken, sluiting horeca, opruimwoede, minder vakanties etc.)
Huis aan huis inzameling 60000 50000 40000 30000 20000 10000
o
z
z
Z
z
zZ
III z■■«u llOl
■Hl ...
z zz
4^
■ 2008 ■2013 ■2019 ■2020’ ^2022
Straatvoorzieningen 9000 8000
1
7000 6000 5000
Hm
4000
3000 2000 1000 0
glas
papier
textiel
■ 2008 ■2013 ■ZOIO ■2020* «2022 In 2021 zal een nieuw Afvalbeheersplan (Grondstoffenplan) worden opgesteld. Het uitvoenngsprogramma hiervoor zal in 2022 starten waarna we de eerste resultaten hiervan terug gaan zien in de begroting en jaarrekening 2023. Dit nieuwe beheersplan heeft nagenoeg geen invloed op de begroting 2022, waardoor er nog geen zichtbaar effect in deze begroting te zien is
Begroting 2022 GR Rd4 geconsolideerd
Pagina 12 van 42
08434-2021
BELEIDSBEGROTING
Het basispakket Dit bevat de dienstverlening aan de burger van periodieke huis aan huis inzameling van rest-, GFT-, PMD-afval en papier. Het bevat de exploitatie van de milieuparken, de ondergrondse en bovengrondse straatvoorzieningen en de kringloop met de periodieke inzameling van de BEST-tas. Tevens bevat dit het op afroep ophalen van grofvuil en snoeiafval. De belangrijkste doelstelling is een goede balans te vinden tussen de laagst mogelijke kosten voor afvalverwijdering en een goed serviceniveau voor onze burgers, binnen het kader van de milieuwetgeving. Deze dienstverlening betreft de basisafname voor deelnemende gemeenten. Het pluspakket Dit pakket omvat alle overige dienstverlening aan de GR-gemeenten. Deze dienstverlening is naar wens.
Weerstandsvermogen Het Algemeen Bestuur heeft besloten om aansluiting te zoeken met de systematiek zoals deze al jaren wordt toegepast in de NV. zijnde een gemiddelde van 11% over de omzet in het verslagjaar en over de begrote omzet van het jaar volgend op het verslagjaar. Aangezien de dienstverlening over het pluspakket volledig met de gemeenten wordt afgerekend, is er bij Rd4 met name een financieel risico voor over- of onderbezetting van mens- en/of machine-uren, echter dit risico wordt als te klein geschat om hierover extra weerstandsvermogen op te bouwen. De venAzerkingskosten worden met iedere gemeente afzonderlijk afgerekend waardoor er voor Rd4 voor dit onderdeel geen risico is. Het weerstandsvermogen wordt dus berekend over de omzet van het basispakket minus de verwerkingskosten over het verslagjaar en de begroting van het daaropvolgend jaar In 2018 is het voor dat jaar maximale weerstandsvermogen bereikt behoudens de gemeente Gulpen-Wittem welke later is toegetreden. Op dit moment is het weerstandsvermogen niet op maximale capaciteit door onttrekkingen uit het verleden. Om de risico's in de toekomst af te kunnen dekken is het van belang het weerstandsvermogen weer te herstellen indien jaarrekeningresultaten dit mogelijk maken.