5.5 Antwoordnota zienswijzen ontwerp bestemmingsplan brandweerpost
Tekst van het document
Indiener vindt het betreurenswaardig dat de gemeente durft te stellen dat de brandweerpost op de locatie Guldenroedestraat/Hoefbladstraat juist een positieve bijdrage zal leveren aan de entree van de wijk en verwijst daarbij naar negatieve resultaten uit de gehouden enquête in de wijk. 4. Indiener stelt dat de gemeente tegenstrijdig is haar argumentatie omtrent zichtbaarheid. Daarbij wordt verwezen naar passages uit het inspraakrapport waarbij staat “Het gebouw is echter wel permanent aanwezig en zichtbaar” en verderop “zichtbaarheid van het gebouw vanaf de zijde van de Hoefbladstraat is voor ‘het zichtbaar zijn in de maatschappij’ minder van belang.” Dit laatste is volgens indiener strijdig met het argument dat het zo belangrijk is om een brandweerpost midden in een woonwijk te plaatsen. 5. De brandweerpost komt met haar rug naar de achterliggende woonwijk te liggen. Indiener vraagt welke boodschap hiervan uitgaat. De brandweer keert de inwoners van Heinkenszand de rug toe? 3. Onvoldoende draagvlak 6. Indiener draagt aan dat de voorgenomen bouw van de brandweerpost 2 jaar geleden tot grote onrust heeft geleid en dat de bouw van de post leidt tot een vermindering van draagvlak. Dit staat haaks op de visie van de gemeente dat een brandweerpost in een woonwijk goed is voor maatschappelijk draagvlak. 7.
Indiener stelt dat brandweervrijwilligers intrinsieke redenen hebben om zich aan te sluiten bij het brandweerkorps en dat de locatie van de post hierin geen rol speelt. 8. Indiener geeft aan dat er onvoldoende maatschappelijk draagvlak voor de gekozen locatie is. In 2019 is een enquête uitgevoerd waaruit blijkt dat 270 huishoudens van Heinkenszand de gekozen locatie niet geschikt vinden voor een brandweerpost. 189 van de 375 ondervraagden hebben aangegeven een andere locatie, zoals het bedrijventerrein, meer geschikt te vinden. Ook meer dan 80 andere bewoners buiten Over de Dijk hebben aangegeven tegen de locatie in de Hoefbladstraat te zijn. 4. Onvoldoende kwaliteit kwaliteitsadvies 9. (De inhoud van dit onderdeel van de zienswijze komt overeen met de hoofdstukken 1 (Locatiekeuze brandweerkazerne) en 2 (Kwaliteitstoets) van de bijlage “Onderzoek locatiekeuze brandweerkazerne Heinkenszand” d.d. 27 april 2019, die indiener O heeft 20
meegestuurd met haar zienswijze (waarbij indiener J tekstdelen heeft weggelaten). In bijlage 3 bij deze antwoordnota wordt ingegaan op het toegestuurde onderzoek. Kortheidshalve verwijzen we voor de inhoud en beantwoording van de onder dit onderdeel aangedragen punten daarnaar.) 5. Gewijzigde locatie tweede brandweerkazerne Goes 10. Een van de argumenten voor het willen lokaliseren van de brandweerpost aan de Guldenroedestraat/Hoefbladstraat is dat de vrijwilligers die afkomstig zijn uit ’s-Heer Arendskerke op tijd bij de post moeten kunnen arriveren. Indiener vindt het bijzonder dat voor slechts 3 vrijwilligers de post aan de noordkant van Heinkenszand gesitueerd moet worden, en wel in de woonwijk. Daarnaast vindt zij het bijzonder dat rekening met vrijwilligers van ’s-Heer Arendskerke wordt gehouden, omdat dit dorp onder de gemeente Goes valt. Verder wordt gesteld dat er door de gemeenteraad van Goes in 2020 is besloten om een tweede brandweerkazerne van Goes aan de ’s-Heer Hendrikskinderendijk te realiseren. Indiener stelt dat de brandweer vanaf deze locatie een groter deel van de A58 kan bedienen én dat de vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke nu net zo goed naar Goes kunnen uitwijken. 6. Onvoldoende toekomstperspectief brandweerpost in woonwijk 11.
Indiener stelt dat de locatie niet toekomstbestendig is, omdat brandweeroefeningen ter plaatse niet mogelijk zijn en het in de toekomst continu bemannen van de kazerne wordt uitgesloten. 7. Positie brandweervrijwilligers onhoudbaar door Europese wetgeving 12. Indiener geeft aan dat, als gevolg van Europese wetgeving, het einde dreigt voor de vrijwillige brandweerman en het Nederlandse brandweerkorps op de schop moet. Gevraagd wordt waarom deze ontwikkeling niet wordt afgewacht en er zo’n dure nieuwe brandweerpost voor de vrijwilligers wordt gebouwd terwijl hun positie onhoudbaar is. Het professioneel bemannen is voor deze locatie geen optie, waardoor er straks een gebouw staat dat niet gebruikt kan worden. 8. Planologische misser 13. Indiener vindt dat de gemeente planologische missers heeft begaan en stelt dat dat laat zien dat de gemeente Borsele geen lange termijn visie heeft voor Heinkenszand, maar doet aan ad hoc besluitvorming. Gevraagd wordt waarom er geen masterplan voor Heinkenszand is, zoals Nieuwdorp dat wel heeft. 9. VNG ‘Handreiking Bedrijven en milieuzonering’ en richtafstand 50 meter 14. Indiener draagt aan dat niet wordt voldaan aan de afstand van 50 meter tussen de brandweerpost en een woonbestemming, die staat in de ‘Handreiking Bedrijven en milieuzonering’ van de VNG.
De afstand tot de dichtstbijzijnde woning is 17 meter en de richtafstand wordt daarmee overschreden. Indiener stelt dat de gemeente persé in een woonwijk wil bouwen en daarom de handreiking naast zich neer legt. 10. Akoestisch onderzoek onvoldoende uitgevoerd 15. Indiener stelt dat het akoestisch onderzoek opnieuw uitgevoerd moet worden waarbij het plangebied wordt aangeduid met rustige woonwijk in plaats van met gemengd gebied. 16. Indiener vindt dat er met twee maten gemeten wordt, omdat de gemeente enerzijds aangeeft dat de brandweerpost niet op het industrieterrein kan komen omdat het industrieterrein totaal anders is dan een woonwijk en dat anderzijds dit industrieterrein aangehaald wordt bij de onderbouwing van de classificatie ‘gemengde woonwijk’. 21
17. (De inhoud van de verder in dit onderdeel aangedragen punten komt overeen met de punten 3, 5 en 6 van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) 11. Kosten van brandweerpost Heinkenszand 18. (De inhoud van de in dit onderdeel aangedragen punten komt overeen met punt 18 van indiener O. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) Daarnaast wordt nog het volgende aangedragen: 19. Er wordt 2391 m2 aan dure bouwgrond opgeofferd voor een brandweerpost die nog niet de helft aan de grondoppervlakte nodig heeft. Uit de ‘Globale kostenbegroting kazerne Heinkenszand’ (ingediend stuk bij de raadsvergadering van 9 mei 2019) blijkt dat € 165.004,-wordt afgeschreven op de grond. Sinds 1 januari 2020 staat de gemeente onder financiële curatele van de provincie. De gemeente heeft aangegeven voor 3 miljoen te willen bezuinigen, waarbij het volgens de gemeente nog de vraag is of het daarbij blijft en de tekorten niet nog verder gaan oplopen. Op de dure brandweerpost is niets bezuinigd. Indiener stelt dat de brandweerpost op deze locatie blijkbaar een prestigeproject is dat koste wat het kost door moet gaan. 12. (Financiële) schade 20.
Indiener stelt dat er als gevolg van het plaatsen van de brandweerpost in de woonwijk (financiële) schade optreedt waaronder waardevermindering van de woningen die zich in de nabijheid van de post bevinden én dat de verkoopbaarheid van de woningen nu al is afgenomen. Indiener verwacht dat de planschade die bewoners gaan claimen boven de € 100.000,-- komt te liggen, hetgeen voor rekening van de gemeente komt. 13. Wijziging bestemmingsplannen 21. Indiener is van mening dat een vastgesteld bestemmingsplan burgers rechtszekerheid zou moeten bieden en dat dat hier niet het geval is. Gevraagd wordt hoe burgers in de toekomst nog op het ruimtelijk beleid van de gemeente kunnen vertrouwen als zij dit in haar voordeel wijzigt én wat een vastgesteld bestemmingplan nog waard is. 14. Geen sprake van bewonersparticipatie 22. In paragraaf 7.2 van de toelichting wordt gesproken over bewonersparticipatie. Indiener is van mening dat, in tegenstelling tot het hierin geschetste beeld, er nauwelijks sprake is geweest van bewoners- of burgerparticipatie. De locatie is als een voldongen feit gepresenteerd en hierover was geen discussie meer mogelijk. Omwonenden mochten hooguit nog wat wensen inbrengen over de inpassing van de brandweerpost. Indiener vindt de geschetste bewonersparticipatie een wassen neus. 23.
Indiener is van mening dat de omwonenden onder druk zijn gezet, doordat de gemeente het volgende heeft gezegd: “nu kunnen jullie nog meedenken over inpassing en het uiterlijk van de brandweerpost, anders is straks het plan en de bestemmingsplanwijziging onherroepelijk en is het te laat en kunt u niets meer zeggen.” Vervolgens werden de bewoners die dan toch maar deelnamen aan de schetssessies direct door de gemeente Borsele in de media weggezet als ‘de omwonenden denken mee’. Indiener vindt dit een kwalijke framing en vindt dat het optreden van de gemeente geen schoonheidsprijs verdient. Zij stelt dat de gang van zaken afbreuk doet aan het vertrouwen van de inwoners in de gemeente. Geen overige snelheidsreducerende en verkeersbeperkende maatregelen 24. Bewoners hebben aangegeven dat er in de Hoefbladstraat regelmatig te hard gereden wordt. De straat wordt als doorgaande route gebruikt wordt, terwijl hij daar niet voor bestemd is. Er is 22
sprake van parkeerdruk, omdat een deel van de parkeerstrook gebruikt wordt als carpoolplaats. Indiener stelt dat de gemeente deze problemen moet oplossen, maar daar tot nu toe niets aan heeft gedaan. De gemeente heeft aangegeven eventuele snelheidsreducerende en verkeersbeperkende maatregelen te willen combineren met de realisatie van de nieuwe brandweerpost. Indiener vindt dit niet correct en is van mening dat de gemeente deze problemen hoe dan ook dient op te lossen. Conclusie 25. Verzocht wordt, gezien de aangedragen argumenten, de procedure voor het inpassen van de voorgenomen brandweerpost in de woonwijk Over de Dijk III te heroverwegen en hiervan af te zien. Daarbij wordt gesteld dat het locatieonderzoek (kwaliteitstoets) onvolledig is uitgevoerd en niet bruikbaar om de gekozen locatie te kunnen verantwoorden. Verder wordt verwezen naar ontwikkelingen die zich na 2019 hebben voorgedaan. Reactie 1. Uitruktijden: extra 34 seconden uitruktijden voor de brandweer ad 1. Het algemeen bestuur van de Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) heeft in het kader van Maatwerk in Brandweerzorg besloten de brandweerkorpsen van Heinkenszand en ’s-Heer Arendskerke samen te voegen. In dit kader is de bouw van een nieuwe brandweerpost op een nieuwe locatie in Heinkenszand gewenst.
Op de huidige locatie is de aanrijtijd van de vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke te lang, waardoor deze niet als standaardbemanning kunnen worden ingezet. Omdat we zuinig zijn op onze (betrokken, gemotiveerde en volwaardig gekwalificeerde) mensen is dat onwenselijk. De inzetbaarheid wordt thans ondervangen doordat de VRZ aan de vrijwilligers van ’s-Heer Arendskerke een eigen bus ter beschikking heeft gesteld, die direct naar de incidentlocatie rijdt. Dit is echter een tijdelijke en verre van optimale oplossing, omdat deze vrijwilligers nu niet ingezet kunnen worden als standaardbemanning voor de tankautospuit, wat de inzetbaarheidsgraad van de post nadelig beïnvloedt. Door de brandweerpost naar de noordoostzijde van Heinkenszand te verplaatsen, is het wel mogelijk dat vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke bij een noodoproep binnen de normtijd op de brandweerpost arriveren. Daarnaast kunnen in dat geval ook nieuwe vrijwilligers vanuit ’s-Heer Arendskerke worden geworven. Het wervingspotentieel van dit dorp is belangrijk om ook in de toekomst een goed bemenste brandweerpost te houden en daarmee een adequate brandweerzorg te kunnen blijven bieden. Verder heeft een locatie aan de noordoostzijde van Heinkenszand vanuit dekkingsoogpunt een sterke voorkeur, omdat die dichter bij de A58 is gelegen.
De brandweerpost Heinkenszand is primair ook verantwoordelijk voor de dekking van een deel van de A58 (vanaf de oprit Heinkenszand naar enerzijds de afslag Arnemuiden en anderzijds de afslag Goes). 2. Zichtbaarheid in de woonwijk ad 2. Hiervan is kennisgenomen. Wij kunnen enkel aandragen dat de grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en een groene inbedding hiervan op de kavel. ad 3. Het klopt dat de ruimtelijke opzet verandert ten opzichte van de situering van de twee vrijstaande woningen die momenteel ter plaatse op basis van het vigerende wijzigingsplan zijn toegestaan. Echter, in het oorspronkelijke (bestemmings)plan voor de woonwijk Over de Dijk werd op deze gronden een bijzonder woongebouw voorzien en was er ook sprake van een afwijkende ruimtelijke opzet. Het kaartje hierna illustreert dit: 23
Te zien is dat het gebouw qua maat en schaal en oriëntatie afwijkt van de overige bebouwing in de Hoefbladstaat. Het idee dat bebouwing op deze kavel een andere ruimtelijke positie inneemt in de wijk is derhalve niet nieuw. Wij zijn van mening dat dit ook ruimtelijk verantwoord is. Er wordt aansluiting gezocht bij de bebouwing op de hoek Guldenroedestraat/Clara’s pad. De terugliggende situering van het gebouw op de kavel en de groene inbedding hiervan maken dat ook in de Hoefbladstraat een passend/verantwoord ruimtelijk beeld ontstaat. Verder verwijzen wij naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener B. ad 4. Wij zien de strijdigheid niet. Dat de brandweerpost vanaf de Hoefbladstraat minder zichtbaar is, betekent niet dat deze in zijn geheel niet zichtbaar is. Integendeel, de brandweerpost komt langs de hoofdontsluitingsweg (= de Guldenroedestraat) van de woonwijk te staan. Mensen zullen in het voorbijgaan de brandweerpost zien liggen. Daarnaast zal de brandweerpost zichtbaar zijn vanaf de kruising Guldenroedestraat/Clara’s pad. Deze kruising wordt, als punt op een uit-/invalsweg van het dorp, veelvuldig bereden. ad 5. Deze opmerking doet ons inziens geen recht aan de situatie. Zie daarvoor het hiervoor geschrevene onder ad 3 en ad 4.
Daarnaast merken wij op dat de brandweervrijwilligers zich, met gevaar voor eigen leven, inzetten voor de bewoners van Heinkenszand en omliggend gebied. U kunt het niet eens zijn met de locatiekeuze, maar het op deze wijze wegzetten van de brandweer vinden wij niet gepast. 3. Onvoldoende draagvlak ad 6. Verwezen wordt naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener B. ad 7. De stelling dat de locatie van de post geen rol speelt bij de keuze om zich als brandweervrijwilliger aan te melden, delen wij niet. Brandweerlieden worden graag (direct of indirect) gewaardeerd en gezien. Een goed geoutilleerd gebouw op een zichtbare locatie draagt daar absoluut aan bij. Dit kan net hét verschil uitmaken voor een persoon om zich wel of niet aan te melden als vrijwilliger. ad 8. Verwezen wordt naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener B. 4. Onvoldoende kwaliteit kwaliteitsadvies ad 9. Verwezen wordt naar bijlage 3 bij deze antwoordnota. 5. Gewijzigde locatie tweede brandweerkazerne Goes ad 10. Zie het hiervoor geschrevene onder ad 1. Aanvullend merken we op dat brandweerzorg niet gekoppeld is aan gemeentegrenzen. Het brandweerkorps dat het snelste op het incidentadres ter plaatse kan zijn, wordt als eerste gealarmeerd. Verder verwijzen we naar ad 11 van de beantwoording van de zienswijze van indieners H.
24
6. Onvoldoende toekomstperspectief brandweerpost in woonwijk ad 11. De toekomstbestendigheid van de brandweerpost hangt niet af van het ter plaatse al dan niet kunnen houden van oefeningen. Ook niet van een continue bemensing van de brandweerpost, omdat een beroepspost niet aan de orde is. De toekomstbestendigheid hangt wel af van een strategische ligging binnen het dekkingsgebied én het blijven houden van voldoende menskracht. Met de keuze van de locatie Guldenroedestraat zijn wij van mening dat we daarvoor ‘de beste papieren in handen hebben’. 7. Positie brandweervrijwilligers onhoudbaar door Europese wetgeving ad 12. Op landelijk niveau is door het Veiligheidsberaad en het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoek ingesteld op welke wijze de strijdigheid met Europese wetgeving ten aanzien van de rechtspositie van brandweervrijwilligers kan worden opgeheven. Om aan de wetgeving te voldoen, zal een duidelijker onderscheid gemaakt gaan worden tussen beroepsmedewerkers en vrijwilligers. Daarmee kan het brandweerstelsel met behoud van de vrijwilligers in stand blijven. Dat de brandweerpost in Heinkenszand niet gebruikt kan worden vanwege Europese regelgeving is derhalve niet aan de orde. 8. Planologische misser ad 13. Wij herkennen ons niet in het geschetste beeld. De locatiekeuze is weloverwogen en op goede gronden tot stand gekomen.
Het hebben van een masterplan zou niet maken dat de keuze anders zou zijn uitgevallen. 9. VNG ‘Handreiking Bedrijven en milieuzonering’ en richtafstand 50 meter ad 14. Dat een kortere afstand wordt aangehouden dan de richtafstand van 50 meter uit de handreiking Bedrijven en milieuzonering wil niet zeggen dat de brandweerpost er niet kan komen. Voor de nieuwbouw van de brandweerpost binnen 50 meter van een woonbestemming dient nader onderzoek plaats te vinden of de beoogde ontwikkeling vanuit milieuoogpunt (in casu: geluid) aanvaardbaar is. Om die reden is een akoestisch onderzoek uitgevoerd. In de handreiking van de VNG is een toetsingskader voor geluid opgenomen, bestaande uit vier stappen waarbij per stap de geluidsbelasting groter wordt en daarmee de onderzoeks- en motiveringsplicht (zie paragraaf 2.2 van het akoestisch rapport). Dit toetsingskader, dat overigens geen wettelijke status kent, is gevolgd. Wij delen de mening van indiener, dat wij de handreiking naast ons neer hebben gelegd, derhalve niet. 10. Akoestisch onderzoek onvoldoende uitgevoerd ad 15. Wij zien geen reden om het akoestisch onderzoek opnieuw uit te voeren. De aanduiding gemengd gebied vinden wij correct. In dit kader wordt voorts verwezen naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. ad 16. Dit standpunt delen wij niet.
De feitelijke situatie van aanwezigheid van niet-functies nabij de locatie Guldenroedestraat is zoals die is (zie wederom het kaartje onder ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C). Daarnaast is een locatie op het bedrijventerrein in de afweging van de locatiekeuze betrokken, maar is deze om een aantal redenen afgevallen, waarvan uitruktijd de belangrijkste is. ad 17. Verwezen wordt naar ad 3, ad 5 en ad 6 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. 11. Kosten van brandweerpost Heinkenszand ad 18. Verwezen wordt naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 19. Inderdaad is niet bezuinigd op het beschikbare krediet voor de nieuwvestiging van de brandweerpost, maar de benodigde bezuinigingen zijn op andere posten in de gemeentelijke 25
begroting gevonden. De herstelbegroting is inmiddels door de provincie Zeeland goedgekeurd. De gemeente hecht groot belang aan een goede brandweerzorg en is van mening dat vestiging van de brandweer op de locatie Guldenroedestraat daaraan het beste recht doet. Aangezien met de locatiekeuze/nieuwbouw de wijze van brandweerzorg voor meerdere decennia wordt bepaald, is het niet gewenst om deze keuze door tijdelijke omstandigheden te laten bepalen, tenzij dat uiteraard niet anders kan. Dat is nu niet het geval. 12. Financiële schade ad 20. Verwezen wordt naar ad 16 van de beantwoording van de zienswijze van indieners H. 13. Wijziging bestemmingsplannen ad 21. Dat bestemmingen worden gewijzigd is niet vreemd/ongebruikelijk. De wereld staat na de vaststelling van een bestemmingsplan immers niet stil en ruimtevragen, die eerder niet waren voorzien en gefaciliteerd moeten worden, blijven komen. De rechtsbescherming wordt geborgd door het voeren van de voorgeschreven wettelijke bestemmingsplanprocedure. Een ieder krijgt daarbij de gelegenheid om haar/zijn zienswijze bij de gemeenteraad kenbaar te maken. Deze wordt meegenomen in de besluitvorming. Diegene die zich vervolgens niet kan vinden in het door de gemeenteraad genomen besluit heeft de gelegenheid om beroep aan te tekenen bij de bestuursrechter.
De rechter bepaalt dan uiteindelijk of de gemeenteraad het omstreden besluit had mogen nemen. 14. Geen sprake van bewonersparticipatie ad 22. De locatiekeuze staat, op basis van democratisch genomen besluiten door ons college en de gemeenteraad, inderdaad vast. De gesprekken met omwonenden hadden betrekking op de inrichting van de locatie en vormgeving van het gebouw. In de tekst van paragraaf 7.2 staat dit ook als dusdanig verwoord. Eveneens is daarbij aangegeven dat participatie niet betekent dat iedereen tevreden is met de uitkomst van het overleg. ad 23. Als gemeente hebben wij geen invloed op de wijze waarop informatie (die al dan niet actief door ons wordt aangedragen) in nieuwsartikelen wordt verwoord. Artikelen worden niet vooraf ter goedkeuring aan ons voorgelegd, hetgeen vanuit het oogpunt van persvrijheid natuurlijk logisch is. Wij zien daarmee helaas weleens dat de inhoud van een artikel niet geheel recht doet aan de feitelijke situatie. Wij betreuren het als vertrouwen van inwoners in ons hierdoor wordt geschaad. Geen overige snelheidsreducerende en verkeersbeperkende maatregelen ad 24. Om een beeld te krijgen van het verkeersgedrag in de Hoefbladstraat zijn vorig jaar verkeersmetingen uitgevoerd. Uit de metingen bleek dat 85% van het verkeer niet harder reed dan 38 km/uur. Volgens het gemeentelijk beleid is dit een acceptabele snelheid.
Ondanks dat is bij het woonrijp maken van de Rozemarijnstraat op kruising met de Hoefbladstraat een verhoogd plateau geplaatst om het verkeer te remmen. De aansluiting GuldenroedestraatHoefbladstraat is nog niet woonrijp gemaakt. Het is niet ondenkbaar dat bouwverkeer dat ter plaatse moet zijn hier gaat keren en het wegdek beschadigt. Om extra kosten te voorkomen, vinden wij het legitiem dat dit kruispunt, evenals het profiel van de Guldenroedestraat, nu nog niet wordt aangepast. Anders dan indiener stelt, is de Hoefbladstraat wel een doorgaande route. Deze straat heeft een ontsluitende functie voor het ten westen van de Rozemarijnstraat gelegen deel van de wijk. Onderstaande figuur illustreert dit (bron: Bestemmingsplan “Heinkenszand, gedeelte Over de Dijk, fase III”). Rood is een hoofdontsluitingsweg, oranje zijn secundaire 26
ontsluitingswegen (= onder meer de Hoefbladstraat), geel zijn woonstraten en blauw zijn wandelroutes.
Het wegprofiel van de Hoefbladstraat is om die reden ook iets breder dan van de andere straten in de wijk waar woningen aan staan. Ten aanzien van de parkeerdruk merken wij op dat wij tot op heden geen meldingen/klachten vanuit de straat hebben ontvangen dat bewoners hun auto niet kwijt kunnen. Conclusie ad 25. Hiervan is kennis genomen. In tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat sprake is van een juist uitgevoerde en verantwoorde locatiekeuze. Daarnaast maken de ontwikkelingen die zich na 2019 hebben voorgedaan de keuze niet anders (zie ad 10 en ad 12). Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. K. Indiener K Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 19 oktober 2021 (D21.575198) Samenvatting Indiener draagt het volgende aan: 1. De investering is buitenproportioneel gezien de tekorten van de gemeente op de begroting. 2. De brandweerpost kan makkelijk op het bedrijventerrein gerealiseerd worden, hetgeen een flinke kostenbesparing betekent. 3. Gezien de Europese eisen en wetgeving op termijn gaat deze investering vallen onder kapitaalvernietiging. 4. De gemeente kan niet garanderen dat de kosten van deze grote verliespost niet verdeeld gaan worden onder de inwoners van de gemeente. 5.
Dit project is op voorhand gedoemd te mislukken, omdat er op korte termijn te weinig (vrijwillige) brandweerlieden beschikbaar zijn, waardoor de locatie Goes moet gaan uitrijden. 6. Met de komst van de nieuwe brandweerpost in Goes is hun aanrijtijd minder dan 6 minuten. Binnen die tijd is Heinkenszand niet inzetbaar. De gemeente kan zijn besluit beter heroverwegen. Goes zou met inzet van de gemeente meer een regiofunctie kunnen krijgen, hetgeen leidt tot meer waardering en rust in Borsele. Laat de locatie gewoon bestemd blijven voor wonen. Reactie ad 1. Verwezen wordt naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. 27
ad 2. Wat betreft de redenen waarom niet gekozen is voor een locatie op het bedrijventerrein wordt verwezen naar ad 1 van de beantwoording van de zienswijze van indieners A. Wat betreft de kosten wordt verwezen naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 3. Verwezen wordt naar ad 12 van de beantwoording van de zienswijze van indiener J. ad 4. Wederom wordt verwezen naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze indiener O. ad 5. Ons is niet duidelijk waarop indiener deze aanname baseert. Een tekort aan vrijwilligers voor de post Heinkenszand is niet aan de orde en wordt ook niet voorzien, zeker niet met het vrijwilligerspotentieel uit ’s-Heer Arendskerke erbij. Uiteraard is het wel noodzakelijk om naar de toekomst toe tijd en energie te blijven steken in de werving van nieuwe brandweerlieden. Het is verder absoluut geen optie dat de brandweerzorg voor het dekkingsgebied Heinkenszand vanuit Goes geleverd gaat worden. Zie verder hierna onder ad 6. ad 6. De bewering van indiener is niet juist. Vanuit de nieuwe brandweerpost in Goes is het niet mogelijk om binnen de normtijden de dekking van het gebied Heinkenszand te verzorgen. Voor het leveren van een goede brandweerzorg is en blijft een post in Heinkenszand noodzakelijk. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. L.
Indiener L Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 19 oktober 2021 (D21.575199) De brief van indiener L is identiek aan die van indiener K. Kortheidshalve verwijzen we dan ook naar het geschrevene onder indiener K. M. Indiener M Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 19 oktober 2021 (D21.575200) Samenvatting Geluidsoverlast 1. (De inhoud van dit punt komt overeen met de punten 8 tot en met 10 van indiener O en de punten 3, 5 en 6 van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) Gemengd gebied 2. Als de Hoefbladstraat gemengd gebied is, had de verkoopprijs van de grond daar ook naar moeten zijn. Er is echter gekozen voor het maximale tarief, te weten het tarief van een toplocatie in een woongebied. Lichthinder 3. (De inhoud van dit punt komt overeen met punt 10 van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) Locatie 4. (De inhoud van dit punt komt overeen met de punten 11 en 12 van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) In aanvulling daarop wordt het volgende aangedragen: 5. De gebruikte aanrijtijden zijn niet juist gezien de te verwachten samenstelling van het korps (de gefaseerde uitloop van de vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke en het niet meer toelaten 28
van vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke). Gesteld wordt dat dit consequenties heeft voor de locatiekeuze, omdat die mede gebaseerd is op de vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke. Waardedaling woning 6. Indiener stelt dat de waardedaling van de woning door de komst van een brandweerpost door een door de gemeente en betrokken bewoners geaccepteerde neutrale partij moet worden vastgesteld en niet door een door de gemeente gekozen partij. (Tot slot) 7. Verzocht wordt om met inachtneming van de zienswijze het ontwerpbestemmingsplan niet vast te stellen. Reactie Geluidsoverlast ad 1. Verwezen wordt ad 8 tot en met ad 10 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O en ad 3, ad 5 en ad 6 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. Gemengd gebied ad 2. De gehanteerde m2-prijs voor grond met een woonbestemming die door de gemeente wordt uitgegeven, is bepaald per woningtype en is voor heel de wijk gelijk. Het al dan niet aanwezig zijn van niet-woonfuncties in de directe omgeving heeft daar geen invloed op. Lichthinder ad 3. Verwezen wordt naar ad 10 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. Locatie ad 4. Verwezen wordt naar ad 11 en ad 12 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. ad 5.
Het klopt niet dat er sprake is van een gefaseerde uitloop van de vrijwilligers van ’s-Heer Arendskerke en het niet meer toelaten van nieuwe vrijwilligers uit dit dorp. Sterker nog, door te kiezen voor een locatie aan de noordoostzijde van Heinkenszand is de brandweerpost straks bijtijds voor vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke bereikbaar, waardoor juist ook ingezet kan worden op de werving van nieuwe vrijwilligers uit dit dorp. Het wervingspotentieel van ’s-Heer Arendskerke om in de toekomst een goed bemenste brandweerpost te houden, en daarmee adequate brandweerzorg te kunnen blijven bieden, mag niet uitgevlakt worden. Waardedaling woning ad 6. In de gemeentelijke procedureverordening over planschade is vastgelegd dat het college van burgemeester en wethouders een deskundige en onafhankelijke adviseur aanwijst. De aanvrager van planschade wordt vervolgens schriftelijk op de hoogte gesteld van de aanwijzing van een adviseur. Hij/zij wordt daarbij in de gelegenheid gesteld om binnen twee weken schriftelijk en gemotiveerd een verzoek tot wraking bij het college van burgemeester en wethouders in te dienen. Op deze wijze wordt geborgd dat de aangewezen adviseur ook acceptabel is voor de aanvrager van planschade. (Tot slot) ad 7. Hiervan is kennisgenomen. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
29
N. Indiener N, ARAG Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 19 oktober 2021 (D21.575177) Samenvatting Voorzieningen huidige brandweerpost 1. Indiener stelt dat ten onrechte niet overwogen is om de huidige brandweerpost bouwkundig aan te passen , zodat wel aan de hedendaagse normen wordt voldaan. Kosten daarvoor kunnen wellicht lager uitvallen dan volledige nieuwbouw elders. Structuurvisie 2015-2020 2. Indiener stelt dat nieuwe woningbouw in Heinkenszand noodzakelijk blijft voor de (nabije) toekomst en dat de huidige ruimtelijke ontwikkeling dit belemmert. Gesteld wordt dat een woningbouwlocatie in Heinkenszand verloren gaat, terwijl er geen alternatieve locaties zijn aangewezen of zelfs beschikbaar zijn zonder dat daar opnieuw ruimtelijke procedures voor moet worden verricht. 3. Indiener stelt dat het uitgangspunt uit het bestemmingsplan dat er sprake is van een ‘overgang van een woonwijk naar andere (kantoor-/praktijk-/bedrijfs)functies én als markering van de entree van de wijk’ daarmee achterhaald is en dat de vestiging van een brandweerpost niet als passend kan worden omschreven. Supermarkt op huidige locatie 4. Indiener suggereert dat het belang van de nieuwbouw van de supermarkt geprevaleerd heeft boven een goede verdeling van brandweerposten over de veiligheidsregio en dat verkeerde prioriteiten zijn gesteld met betrekking tot de invulling van percelen. 5.
Gesteld wordt dat de conclusie in paragraaf 2.4.2 van de toelichting van het bestemmingsplan onjuist is, omdat niet blijkt dat de supermarkt bijdraagt aan de verbetering van het voorzieningenniveau. Gesteld wordt dat geen van de vier genoemde beleidsuitgangspunten in dat hoofdstuk aansluit op de huidige planologische ontwikkeling. Ladder voor duurzame verstedelijking en afwegingen voor de onderhavige locatie 6. Indiener geeft aan dat hij niet kan volgen dat gesproken wordt over een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Hij stelt dat er ten onrechte voorbijgegaan wordt gegaan dat er sprake is van verplaatsing van een reeds bestaande voorziening. Hij stelt dat de genoemde factoren als bijvoorbeeld een snelle aanrijtijd en een centrale ligging in het dekkingsgebied op zich correct zijn, maar dat de huidige bestaande voorziening daartoe al in toereikende mate dekking toe biedt. Milieuparagraaf (hoofdstuk 4.7 toelichting op het bestemmingsplan) 7. Indiener geeft aan niet te kunnen volgen waarom niet gekozen is voor de alternatieve locatie 6 op het bedrijventerrein, omdat de planologische besluitvorming daar eenvoudiger is te realiseren en een brandweerpost of -kazerne valt onder categorie 3.1, waarvoor een afstand van 50 meter dient of wordt geadviseerd aan te houden tot gevoelige objecten als bijvoorbeeld woningen. 8.
Gesteld wordt dat het uitgangspunt dat er sprake is van een ligging in een gemengd gebied het doel voorbij schiet, omdat het direct omliggende gebied is aangewezen voor de bestemming wonen en zodanig in gebruik is. Bestemmingen in de zin van niet wonen zijn aanmerkelijk verder van de planlocatie gelegen. 9. De genoemde stap terug op basis van de ligging in een gemengd gebied is daarmee onterecht en wanneer dan een minimumafstand van 30 meter wordt gehanteerd tussen de perceelsgrens 30
van de brandweerpost en de meest nabij gelegen woningen, dan wordt ook die afstand niet gehaald. Indiener stelt dat niet voldaan kan worden aan de VNG-richtlijnen en dat daarom de ruimtelijke ontwikkeling moet worden gestaakt en gekozen moet worden voor een alternatieve locatie. Dat een apart onderzoek naar geluid moet worden verricht voor deze locatie geeft zijns inziens aan dat er sprake is van een ongewenste ontwikkeling binnen een rustige woonwijk. Overwegingen locatiekeuze 10. Indiener draagt, in het kader van de opkomsttijd in reactie op een melding, aan dat zowel de voorgenomen keuze als een locatie op het bedrijventerrein aan de rand van de bebouwde kom zijn gelegen en daarmee dat het bereiken van de post door de vrijwilligers al meer tijd vraagt. 11. Indiener stelt dat er geen wezenlijk onderscheid is wat betreft de aanrijtijden. Daarmee is de afweging in het ontwerpbestemmingsplan om te kiezen voor de huidige locatie op onjuiste gronden bepaald en dient dit plan herzien te worden. 12. Indiener geeft aan dat de oprit van de brandweerpost vrij lang is en aanmerkelijk kan worden ingekort als het gaat om aanrijtijden. Het gebouw zou vanuit een goede ruimtelijke ordening meer richting de openbare weg moeten worden gesitueerd en daarmee verder van de bestaande woningen. 13.
Wanneer locatie 6 lijdt onder een kruispunt dat geregeld vaststaat, zal de huidige locatie daar eveneens hinder van ondervinden bij een uitruk met spoed. 14. Maatschappelijk aanzien en de uitstraling van een (nieuwe) brandweerpost op de omgeving kunnen mogelijk van belang zijn, maar niet als het gaat om de ruimtelijke afwegingen bij het opstellen van een bestemmingsplan. 15. Indiener stelt dat gezien vanuit die meer op prestige gebaseerde opvatting beter gekozen had kunnen worden voor een locatie in een drukker gebied met meer aanloop dan de huidige locatie, eveneens wat betreft het werven van nieuwe vrijwilligers. De keuze voor locatie nummer 6 is daarmee ten onrechte afgevallen, ook als het gaat om uitruktijden, dekkingsgebied én dat op die locatie beter geschikt is voor het houden van oefeningen. 16. Uit het onderzoek blijkt niet dat een ligging van een brandweerpost op de geplande locatie een grotere aantrekkingskracht zal hebben op de werving van nieuwe vrijwilligers. Andere middelen zoals bijvoorbeeld campagnes kunnen hiervoor worden ingezet. Dit is geen ruimtelijke afweging die bij het vaststellen van een bestemmingsplan kan worden toegepast. 17. Opgemerkt wordt dat het belanghebbende stoort dat uitingen en zorgen over deze ontwikkeling worden aangemerkt als NIMBY-gedrag. Dit kan mogelijk wijzen op vooringenomenheid van het bestuursorgaan.
Belanghebbende wil benadrukken dat hij geen afkerende houding ten aanzien van de brandweer heeft. Afrondend 18. Indiener stelt dat de ontwikkeling van een brandweerpost midden in een rustige woonwijk niet voldoet aan een goede ruimtelijke ordening en dat goedkeuring aan dit plan moet worden onthouden, omdat afstemming met de omliggende bebouwing en leefomgeving leidt tot een conflicterend belang. 19. Gesteld wordt dat een nieuwe brandweerpost op de genoemde alternatieve locatie naar behoren kan worden gerealiseerd. 20. Verzocht wordt het bestemmingsplan niet vast te stellen vanwege strijd met een goede ruimtelijke ordening en met het oog op behoud van essentiële ruimtelijke kwaliteit. 31
Reactie Voorzieningen huidige brandweerpost ad 1. Het bouwkundig aanpassen van de huidige brandweerpost is geen optie. Dit omdat vanwege de samenvoeging van de korpsen Heinkenszand en ’s-Heer Arendskerke, en een betere dekking van de A58, een nieuwe locatie aan de noordoostzijde van Heinkenszand de voorkeur geniet. Voor een nadere toelichting hierop wordt verwezen naar ad 1 van de beantwoording van de zienswijze van indiener J. Structuurvisie 2015-2020 ad 2. Wij zijn het met indiener eens dat het bieden van woningbouwmogelijkheden in Heinkenszand belangrijk is. Anders dan indiener stelt is de gemeente reeds ver gevorderd met de planvorming/ruimtelijke procedure voor een nieuwe uitbreidingswijk. Met de ontwikkeling van de nieuwe woonwijk Platepolder wordt aan de woningbouwbehoefte van Heinkenszand tegemoet gekomen. Met de ontwikkeling van de brandweerpost op de beoogde locatie worden twee woningbouwkavels ingeleverd. Echter, ook als er geen nieuwe woningbouwmogelijkheden op redelijke termijn voorhanden zouden komen, zijn wij van mening dat de locatiekeuze niet anders zou zijn uitgevallen, omdat een optimale brandweerzorg voorop staat. ad 3. Dat de situatie anders wordt dan in het oorspronkelijke plan wordt niet ontkend. Met de bestemmingsplanwijziging van een markant woongebouw naar twee vrijstaande woningen is het oorspronkelijke plan al eerder losgelaten.
De grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en een groene inbedding hiervan op de kavel. Wij zijn van mening dat daarmee sprake is van een ruimtelijk passende situatie. Supermarkt op huidige locatie ad 4. Verwezen wordt naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indieners A. ad 5. Ons inziens wordt met de voorliggende ontwikkeling, en met de ontwikkeling van een supermarkt op de vrijkomende voormalige brandweerlocatie, voldaan aan twee van de vier beleidsuitgangspunten (2 en 4) zoals genoemd in paragraaf 2.4.1. De komst van een tweede supermarkt versterkt het detailhandelsvoorzieningenniveau in Heinkenszand (4) en de brandweerpost wordt binnen de kern verplaatst waarmee het aanbod aan maatschappelijke voorzieningen behouden blijft (2). Hiermee voldoet het initiatief aan de ambities van de gemeente Borsele. Ladder voor duurzame verstedelijking en afwegingen voor de onderhavige locatie ad 6. De term ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ wordt gehanteerd in het Besluit ruimtelijke ordening. Het gaat er bij de ladder voor duurzame verstedelijking om dat er op een locatie een functie wordt toegestaan die daar eerder nog niet planologisch mogelijk was. Het gaat dus om een ‘nieuwe stedelijke ontwikkeling’ op de betreffende locatie. Bij de toetsing aan de ladder is niet ter zake doende dat het om een verplaatsing gaat.
Voor de reden van verplaatsing wordt wederom verwezen naar ad 1 van de beantwoording van de zienswijze van indiener J. Milieuparagraaf (hoofdstuk 4.7 toelichting op het bestemmingsplan) ad 7. Aan de keuze voor deze locatie ligt een onderzoek van de Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) ten grondslag, waarbij verschillende locaties in Heinkenszand zijn onderzocht op dekkingseisen. Daarnaast heeft het kwaliteitsteam (bestaande uit vertegenwoordigers van de VRZ en vertegenwoordigers van en namens de gemeente) de in aanmerking genomen locaties getoetst met betrekking tot ruimtelijke kwaliteit en een Programma van Eisen, dat 32
geformuleerd is op basis van de uitgangspunten van Maatwerk in Brandweerzorg (zoals door het bestuur van de VRZ vastgesteld). De onderzochte locaties op het bedrijventerrein zijn afgevallen, omdat deze relatief ver van de kruising Drieweg zijn gelegen. Daarnaast zorgen de lastige kruising op de kop van het bedrijventerrein en de slinger, die moet worden gemaakt, voor vertraging. Hierdoor komen de aanrij- en uitruktijden (die op basis van de spider al licht werden overschreden) in de praktijk verder onder druk te staan. Met andere woorden: er is extra tijd nodig om de brandweerauto op te halen, waardoor een opkomsttijd van 10 minuten binnen het verzorgingsgebied in de praktijk niet altijd haalbaar is. Tijd is een maatgevend criterium bij een woningbrand met mogelijk slachtoffers en is daarmee van zwaarwegend belang in het kader van een locatiekeuze. Daarnaast heeft zichtbaarheid van de brandweer een rol gespeeld in de keuze. Wij staan op het standpunt dat een zo optimaal mogelijke brandweerzorg prevaleert boven een eenvoudiger planologisch proces. Het laatste is immers een middel en geen doel op zich. ad 8. Verwezen wordt naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. ad 9. Verwezen wordt naar ad 14 van de beantwoording van de zienswijze van indiener J. Overwegingen locatiekeuze ad 10.
De keuze voor een locatie aan de noordoostzijde van Heinkenszand is juist gemaakt, omdat de vrijwilligers vanuit ’s-Heer Arendskerke dan bijtijds op de brandweerpost kunnen arriveren. Overigens wordt de uitruktijd niet alleen bepaald door de afstand tot de woon/werkadressen van de brandweervrijwilligers, maar ook door de mate van bereikbaarheid. De inrichting van/doorstroom op toeleidende wegen speelt daarbij bijvoorbeeld een rol. Daarnaast moet de locatie van de brandweerpost op een strategische locatie binnen het dekkingsgebied zijn gelegen. ad 11. De keuze voor de locatie Guldenroedestraat is op basis van een samenspel van meerdere factoren genomen. Een snelle aanrij- en uitruktijd en centrale ligging in het dekkingsgebied zijn daarvan verreweg de belangrijkste, maar ook ruimtelijke inpasbaarheid, zichtbaarheid, milieuaspecten en kosten hebben onderdeel uitgemaakt van de afweging. Het verschil van 17 seconden tussen de locatie op het bedrijventerrein Noordzak en de locatie Guldenroedestraat gaat uit van vrij verkeer. Tijdens de spits, waarmee het rekenmodel geen rekening houdt, is het verschil circa 40 seconden groter (aan-/uitruk tot aan de kruising Clara’s pad). Tijd is een maatgevend criterium bij een woningbrand of (verkeers)ongeval met slachtoffers.
Anders dan indiener staan wij op het standpunt dat de locatiekeuze op goede gronden tot stand is gekomen en zien wij geen aanleiding om het plan te herzien. ad 12. De lange oprit is nodig als opstel- en manoeuvreerruimte voor de brandweerauto. De afstand van de nieuwbouw tot de naast gelegen woning Hoefbladstraat 71 bedraagt circa 16 meter. Deze afstand is groter dan in het geval van de bouw van twee vrijstaande woningen binnen het plangebied. Bovendien is de bouwhoogte van de brandweerpost lager dan die van een woning. ad 13. De aansluiting met de Drieweg staat normaliter enkel vast op momenten in de spits. Dat er een mogelijk conflict is tussen de uitrukkende brandweer en een goede verkeersdoorstroming doet zich derhalve alleen op die momenten voor. Doordat de brandweerauto bij noodgevallen met signalering rijdt, kan voorrang worden geclaimd. De locatie op het bedrijventerrein en de locatie Guldenroedestraat kennen een andere aanrijroute tot aan de aansluiting met de Drieweg. Vanaf de locatie Guldenroedestraat tot aan de Drieweg zijn langs de route brede grasbermen aanwezig waardoor verkeer kan uitwijken voor de brandweerauto. Langs de 33
Daniëlsweg is die uitwijkmogelijkheid er niet (tenzij de parkeerstroken langs de weg niet bezet zijn). Daarnaast pleit een verschil in lengte van aanrijroute en de huidige voorrangssituatie op het Clara’s pad in het voordeel van de locatie Guldenroedestraat. ad 14. Niet ontkend wordt dat wij zichtbaarheid van de brandweer belangrijk vinden en dat dit aspect, naast andere criteria, een rol heeft gespeeld in de afweging van locaties. Echter, zichtbaarheid ligt niet primair aan de locatiekeuze ten grondslag. Het kunnen bieden van een zo optimaal mogelijke brandweerzorg geeft uiteindelijk de doorslag. ad 15. Zoals hiervoor aangegeven, is het bieden van een zo optimaal mogelijke brandweerzorg de doorslag voor de locatiekeuze en natuurlijk niet, om met de woorden van indiener te spreken, ‘prestige’. Uit het locatieonderzoek (waarbij aanrij- en uitruktijden en een gunstige ligging in het dekkingsgebied het belangrijkste criterium is) komt de locatie Guldenroedestraat het beste naar voren, beter dan een locatie op het bedrijventerrein. Het brandweerkorps van Heinkenszand houdt zijn praktijkoefeningen nu ook al op een andere locatie dan bij de brandweerpost zelf. Aangezien dit naar tevredenheid werkt, heeft het kunnen houden van praktijkoefeningen op de locatie van de brandweerpost geen rol gespeeld in de locatiekeuze. ad 16.
Verwezen wordt naar het eerder geschrevene onder ad 11 en ad 14. Daarnaast merken we op dat brandweerlieden graag (direct of indirect) gewaardeerd en gezien worden. Een goed geoutilleerd gebouw op een zichtbare locatie draagt daar absoluut aan bij. Dit kan net hét verschil uitmaken voor een persoon om zich wel of niet aan te melden als vrijwilliger. ad 17. Wij zijn van mening dat we serieus omgaan met de zorgen die leven bij omwonenden en deze niet klakkeloos afdoen als NIMBY-gedrag. De persoonlijke belangen van omwonenden liggen echter anders dan het algemeen belang van de gemeente. Daarmee is niet te voorkomen dat er een verschil in zienswijzen blijft bestaan. Wij begrijpen heel goed dat het hebben van bezwaren tegen een brandweerpost op deze locatie niet betekent dat mensen afwijzend ten opzichte van de brandweer staan. Afrondend ad 18. In tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat het plan voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. Aan het voorliggende plan ligt een goede onderbouwing en motivatie ten grondslag. Een goed woon- en leefklimaat voor omwonenden is ons inziens niet in het geding. ad 19. De gemeente streeft naar een meest optimale brandweerzorg. Zoals eerder aangegeven zijn wij van mening dat nieuwbouw van de brandweerpost op de locatie Guldenroedestraat hieraan het meest recht doet. ad 20. Hiervan is kennisgenomen.
Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan. O. Indiener O Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 20 oktober 2021 (D21.575251) Samenvatting Beeldkwaliteit 1. In het bestemmingsplan van 2008 was oorspronkelijk op de locatie een bijzondere woning voorzien die fungeert als markant punt met een bijzondere en representatieve uitstraling bij de entree van de wijk. Indiener stelt dat anno 2021 hiervan weinig over is en dat de 34
representatieve uitstraling wordt gewijzigd in een entree welke lijkt of je een industrieterrein oprijdt. De nieuwe brandweerpost is een industrieel vierkant gebouwd dat niet past bij de woningen welke gebouwd zijn in de woonwijk Over de Dijk III. Alle bouwvoorschriften welke gelden voor de woningen zijn losgelaten. De goothoogte wordt verhoogt van 4,5 meter naar 7 meter (met de mogelijkheid tot 10 meter) en de materialen en kleuren zijn kil. 2. Indiener stelt dat dit geen fijn thuiskomen is en dat zij dit niet hadden kunnen vermoeden toen ze destijds een kavel kochten. Gesteld wordt dat doordat de entree van de rustige woonwijk wordt gewijzigd in een entree van een industriegebied de woonwijk minder aantrekkelijk wordt en de waarde van de woningen gaat dalen. Onderzoek alternatieve locaties 3. Indiener stelt dat het onderzoek naar de locatiekeuze door het kwaliteitsteam niet goed is uitgevoerd en verwijst in dat kader naar een bijlage “Onderzoek locatiekeuze brandweerkazerne Heinkenszand” d.d. 27 april 2019. (Zie bijlage 2 bij deze antwoordnota.) 4. Indiener stelt dat er nog diverse andere locaties denkbaar zijn die niet in het onderzoek zijn meegenomen. 5. In het advies van het kwaliteitsteam wordt opgemerkt dat het niet slim en niet gewenst is om de brandweerpost op een bedrijventerrein te realiseren.
De post zou dan geen onderdeel uitmaken van de maatschappij en ‘weggestopt’ worden tussen bedrijfsgebouwen. Dit zou de indruk wekken dat de maatschappij geen belang hecht aan brandweerzorg. Indiener stelt dat dit suggereert dat de bedrijven geen onderdeel uitmaken van de maatschappij en dat de maatschappij geen belang hecht aan deze bedrijven. De brandweer, welke uitstekend past binnen dit bedrijventerrein, wordt verheven boven andere belangrijke bedrijven. Indiener stelt dat ze dit een verkeerd signaal vindt. 6. Tot slot wordt opgemerkt dat er sinds het collegebesluit van 26 februari 2019 diverse ontwikkelingen hebben voorgedaan, zoals de nieuwbouw van een brandweerpost in Goes aan de ’s-Heer Hendrikskinderendijk. Indiener stelt dat men vanaf deze locatie een groter deel van de A58 kan bedienen en dat de brandweervrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke kunnen uitwijken naar deze post. Indiener is van mening dat het onderzoek van het kwaliteitsteam hiermee achterhaald is. Geluid 7. Gesteld wordt dat de brandweerpost zorgt voor een toename van het aantal verkeersbewegingen. De uitrukkende brandweerauto’s zullen voor geluidsoverlast zorgen, zeker indien de sirene wordt gebruikt. Naast verkeersbewegingen kunnen ook installaties die aanwezig zijn op de brandweerpost en activiteiten die worden verricht voor geluidsoverlast zorgen. 8.
Indiener stelt dat in het akoestisch haalbaarheidsrapport wordt uitgegaan van de verkeerde uitgangspunten. Zij stelt dat getoetst moet worden aan de normen voor een rustige woonwijk in plaats van die voor een gemengd gebied, omdat de dierenkliniek, het assurantiekantoor en het bedrijventerrein Noordzak geen onderdeel uitmaken van de woonwijk en daarbij van de omgeving. Gesteld wordt dat deze bedrijven op veel grotere afstand van de woonwijk liggen dan geadviseerd is in de Handreiking Bedrijven en milieuzonering. Hierdoor zijn de geluidsafstanden en -normen zoals die zijn gehanteerd in het onderzoek onjuist. 9. Omdat er onjuist geluidsnormen zijn gehanteerd in het akoestisch onderzoek vindt er een ruime overschrijding plaats van de normen. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de normen voor zowel het langetijdgemiddelde beoordelingsniveau als de maximale geluidsniveaus 35
worden overschreden, zelfs als wordt getoetst aan een gemengd gebied. Het maximale geluidsniveau wordt zelfs op één punt met 25 dB overschreden. Indiener vindt dit onaanvaardbaar, omdat algemeen bekend is dat geluid ernstige gezondheidsschade kan opleveren. Gesteld wordt dat de afstanden niet voor niets zijn opgenomen in de Handreiking Bedrijven en milieuzonering en ook het akoestisch onderzoek laat zien dat zelfs als er hogere normen worden gehanteerd hier niet aan kan worden voldaan. 10. De technische gegevens van de installaties ontbreken in het onderzoek waardoor onduidelijk is of de juiste geluidsniveaus zijn opgenomen. 11. Indiener stelt dat het maken van afspraken met de bestuurders van de brandweerauto’s over het aanzetten van de sirenes niet werkt, omdat dit in het heetst van de strijd zal worden vergeten en er geregeld een wisseling van chauffeurs zal plaatsvinden. 12. Ook zonder het aanzetten van de sirene wordt op één toetspunt het equivalente geluidsniveau met 7 dB overschreden. 13. In het onderzoek wordt gesproken over geprojecteerde omliggende woningen. Deze woningen zijn er echter al. Bedrijven en milieuzonering 14. In de Handreiking Bedrijven en milieuzonering 2009 is voor een brandweerpost een afstand opgenomen van 50 meter tot gevoelige functies (woningen).
Er liggen 12 woningen binnen 30 meter van de brandweerpost en nog eens 9 woningen binnen 50 meter afstand. Een goede ruimtelijke ordening voorziet in het voorkomen van hinder en gevaar. Dit kan gerealiseerd worden door voldoende afstand in acht te nemen. Bij de realisatie van de brandweerpost wordt hier geen rekening mee gehouden. Bedrijfsactiviteiten/Activiteitenbesluit 15. In de “Integrale beantwoording gestelde vragen Brandweerpost Heinkenszand” van februari 2019 wordt aangegeven dat enkele malen per jaar groepsactiviteiten zullen plaatsvinden, zoals bijvoorbeeld in de zomer buiten een BBQ. Inspreker geeft aan dat het niet toegestaan is bij een inrichting buiten een barbecue te houden en stelt dat dit niet veel goeds belooft voor de toekomst, omdat er nog meer overlast te verwachten is dan er al zal zijn als niet aan de regels wordt voldaan. Verkeersveiligheid 16. Gesteld wordt dat een brandweerpost voor extra verkeer in de woonwijk zorgt. Daarnaast zal de verkeersveiligheid afnemen door deze toename van verkeer en de spoed en haast die erbij komt kijken. Inspreker geeft aan dat in de wijk al te hard wordt gereden, dat daar tot op heden niets aan is gedaan en dat de situatie nog meer zal verslechteren. Verder wordt aangegeven dat er geen verkeersonderzoek heeft plaatsgevonden. Luchtkwaliteit 17.
Gesteld wordt dat door een toename van verkeer de luchtkwaliteit minder zal worden in de woonwijk en dat er geen onderzoek is gedaan naar luchtkwaliteit. Financiën 18. Inspreker is van mening dat de geplande locatie aan de Guldenroedestraat/Hoefbladstraat leidt tot onnodig hoge kosten. Dit terwijl de gemeente in 2020 onder financiële curatele van de gemeente stond en de komende jaren op diverse posten gaat bezuinigen. In dit kader wordt het volgende naar voren gebracht: a. De totale kosten komen uit op meer dan 2 miljoen euro; b. Er wordt meer dan twee keer zoveel grond gebruikt als nodig; 36
c. De geraamde financiële waarde van de kavel aan de Guldenroedestraat/Hoefbladstraat bedroeg in 2019 € 538.000 (excl. BTW); een kavel van 1000 m2 op het industrieterrein heeft een geraamde financiële waarde van € 100.000 (excl. BTW). Een verschil van maar liefst € 438.000; d. Op het industrieterrein kan men kiezen voor een meer eenvoudig ontwerp in plaatst van een brandweerpost met een ‘hoogwaardig ontwerp’. Daarnaast kunnen kosten bespaard worden voor de tijdelijke post aan de Dorpsstraat en zijn er minder aanvullende kosten (bestemmingsplanwijziging en planschade). De kosten voor de tijdelijke post zijn € 75.000. De planschade zal naar verwachting boven de € 100.000 liggen; e. Gesteld wordt dat het financiële verschil tussen de locatie Guldenroedestraat/Hoefbladstraat en het industrieterrein en oploopt tot meer dan € 600.000 aan maatschappelijk geld. Tot slot 19. Naar aanleiding van het voorgaande wordt verzocht het bestemmingsplan niet vast te stellen. Reactie Beeldkwaliteit ad 1. Het beeld wordt inderdaad anders dan in oorspronkelijke plan. Echter, in tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat de entree van de wijk representatief is en blijft. De grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en de inrichting van de kavel. Er wordt aansluiting gezocht bij de bebouwing op de hoek Guldenroedestraat/Clara’s pad.
De terugliggende situering van het gebouw op de kavel en de groene inbedding hiervan maken dat ook in de Hoefbladstraat een passend/verantwoord ruimtelijk beeld ontstaat. De aanwezigheid van een aantal niet-woonfuncties rondom de entree van wijk maakt niet gelijk dat het oogt als een industrieterrein. Ten aanzien van de bouwhoogte van de brandweerpost wordt opgemerkt dat deze lager is dan die van de vrijstaande woningen die op basis van het momenteel vigerende wijzigingsplan zijn toegestaan. ad 2. Zie het hiervoor geschrevene onder ad 1. Mochten omwonenden van mening zijn dat de waarde van hun woning daalt als gevolg van de bestemmingswijziging dan is het voor hen mogelijk om, nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is, een planschadeclaim bij de gemeente in te dienen. De gemeente heeft een procedureverordening die daarin voorziet. Een onafhankelijk adviesbureau beoordeelt of er al dan niet sprake is van planschade. Daarvoor vindt een vergelijking plaats van het oude en nieuwe planologische regime en worden aspecten als eventuele voorzienbaarheid en ‘normaal maatschappelijk risico’ meegenomen. Terzijde merken wij op dat om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in geleden planschade het niet vereist is dat tegen het bestemmingsplan wordt geprocedeerd.
Overigens hebben wij een planschaderisicoanalyse laten opstellen om een beeld te krijgen of er sprake zal zijn van planschade voor omwonenden. Uit deze analyse komt naar voren dat dit niet het geval is. Onderzoek alternatieve locaties ad 3. Verwezen wordt naar bijlage 3 bij deze antwoordnota. Hierin wordt een reactie gegeven op het toegestuurde rapport. ad 4. Indiener maakt niet duidelijk welke locaties dan worden bedoeld. In het locatiekeuzeonderzoek zijn 13 locaties betrokken, daarmee is een brede afweging gemaakt. 37
ad 5. Wij herkennen ons niet in het beeld dat wordt geschetst alsof de gemeente geen belang zou hechten aan de bedrijven die gevestigd zijn binnen het gemeentelijk grondgebied. Dit lezen wij ook niet zo terug in het advies van het kwaliteitsteam. Wel vinden wij een brandweerpost een wezenlijk andere functie dan een bedrijf. Het betreft ons inziens een maatschappelijke functie en geen bedrijfsfunctie. Er zijn tussen beide functies verschillen qua doel, aard en intensiteit van de activiteiten. Dit maakt ook dat een brandweerpost niet persé thuishoort op een bedrijventerrein. ad 6. Verwezen wordt naar ad 11 van de beantwoording van de zienswijze van indieners H. Geluid ad 7. In het akoestisch rapport zijn alle relevante geluidsbronnen betrokken. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat het overgrote deel van het jaar aan de geluidsnormen wordt voldaan. Enkel bij uitrukken van de brandweerauto waarbij de sirene wordt aangezet, worden de normen overschreden. Zonder sirene zijn er geen overschrijdingen, behalve bij een uitruk in de nachtperiode als gevolg van vertrekkende en terugkerende brandweervoertuigen. Echter, deze situatie doet zich – op basis van ervaringscijfers – niet meer dan 8 keer per jaar voor.
Gelet op het feit dat, vanwege de geluidswering van de gevels van woningen (geluidsisolatie moet minimaal 20 dB bedragen conform het Bouwbesluit, maar is in de praktijk hoger), het gangbare binnenniveau van 45 dB(A) niet wordt overschreden, wordt dit aanvaardbaar geacht. Met sirenes (die in het kader van het milieuspoor overigens van toetsing zijn uitgesloten, maar vanuit het ruimtelijke ordeningsspoor zijn bekeken) wordt niet aan de geluidsnormen voldaan. De uitrukken in de avond vinden hoogstens 14 keer per jaar plaats en ’s-nachts (zoals eerder aangeven) 8 keer. De frequentie van overlast is daarmee laag. Bovendien wordt het geluid gedempt door de geluidswerende werking van de gevels van woningen. Geluidsoverlast als gevolg van sirenes is echter niet te voorkomen, omdat de sirene altijd als waarschuwingssignaal wordt aangezet in gebieden waar mensen zijn. In de avond- en nachtperiode wordt de sirene enkel aangezet als de verkeerssituatie daarom vraagt. Enerzijds om overlast voor omwonenden te beperken en anderzijds omdat de sirene de communicatie in het brandweervoertuig bemoeilijkt. Wij delen dan ook de conclusie uit het akoestisch onderzoek dat er, ook na vestiging van de nieuwe brandweerpost, sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
Terzijde wordt opgemerkt dat in het geval dat er geen uitrukken zijn – wat het overgrote het jaar van toepassing is – de brandweerpost voldoet aan de geluidsnormen voor een rustige woonwijk. Daarnaast zijn niet alle uitrukken spoedeisend en is het aanzetten van een signalering in die gevallen niet nodig. ad 8. Verwezen wordt naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. ad 9. Zoals aangegeven zijn wij van mening dat er sprake is van een gemengd gebied en dat daarmee de juiste toetsingsnormen zijn gehanteerd. In reactie op dit punt wordt verder verwezen naar het geschrevene onder ad 7. Daarnaast wordt opgemerkt dat de piekgeluiden van sirenes hoog zijn en niet te reduceren. Niet voorkomen kan worden dan mensen hiervan schrikken en/of wakker worden. Zoals eerder vermeld, wordt de sirene niet aangezet indien de verkeersituatie dat toestaat. Gedurende de nachtperiode (wanneer de grootste overschrijdingen van de normen als gevolg van de sirene plaatsvinden) zal een geluidssignaal slechts sporadisch nodig zijn. Een optisch signaal (zwaailicht) is in dat geval vaak voldoende. Verder wordt opgemerkt dat bij het aanhouden van een afstand van 50 meter tussen de brandweerpost en woningen in het geval van het gebruik van een sirene ook niet aan de geluidsnormen kan worden voldaan. In dat geval zou het maatgevende maximale 38