CConstaterende datBorsele
Koppel je AI →
Document · PDF

5.5 Antwoordnota zienswijzen ontwerp bestemmingsplan brandweerpost

Besluitvormende raadsvergadering 3 februari 2022, gemeente BorseleBij agendapunt: Voorstel om in te stemmen met de gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan “Kern Heinkenszand, gedeelte brandweerpost Guldenroedestraat, 2022” (portefeuille burgemeester Dijksterhuis)21.262 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

ANTWOORDNOTA ZIENSWIJZEN ONTWERP BESTEMMINGSPLAN “KERN HEINKENSZAND, GEDEELTE BRANDWEERPOST GULDENROEDESTRAAT, 2022” 24 december 2021 Inleiding Het ontwerp bestemmingsplan “Kern Heinkenszand, gedeelte brandweerpost Guldenroedestraat, 2022” van de gemeente Borsele heeft , op grond van artikel 3.8 van de Wet ruimtelijke ordening, gedurende zes weken (9 september tot en met 20 oktober 2021) voor een ieder ter inzage gelegen. Een ieder is in de gelegenheid gesteld tijdens deze periode een zienswijze kenbaar te maken bij de gemeenteraad. Gedurende deze periode zijn er 20 zienswijzen ingediend die (onder meer) betrekking hebben op het ontwerp bestemmingsplan. Alle zienswijzen zijn tijdig ingediend en daarmee ontvankelijk. In een vertrouwelijke annex zijn de namen en adresgegevens van de indieners van de zienswijzen opgenomen. In deze antwoordnota wordt ingegaan op de ingebrachte zienswijzen op het ontwerp bestemmingsplan. Hierna zijn de zienswijzen samengevat, voorzien van een reactie van de gemeente en een conclusie. Aangezien een aantal door indieners aangedragen punten (vrijwel) gelijkluidend terugkomen in meerdere zienwijzen wordt soms volstaan met een doorverwijzing naar (de beantwoording van) een andere zienswijze. Zienswijzen A. Indieners A Brief van 28 september 2021, ontvangen 29 september 2021 (D21.573379) Samenvatting 1.

Indieners stellen dat er vanaf het begin van de procedure voor de gemeente maar één optie was. De brandweerpost moet en zal komen op de gekozen locatie. Zij zijn van mening dat een evenwichtige afweging van belangen ontbreekt. De schrijnende schaarse aan percelen voor woningbouw heeft in de besluitvorming geen rol gespeeld. Woningbouw moet wijken voor de brandweerpost, omdat de vrijwilligers naar de mening van de gemeente deze specifieke locatie verdienen. Een daartoe eveneens geschikte locatie op het bedrijventerrein wordt ongewenst geacht, omdat de gemeente het niet gewenst vindt de brandweer weg te stoppen op een bedrijventerrein. Indieners vragen wat er mis is met een adequate brandweervoorziening op een bedrijventerrein. Deze voorziening is en blijft een bedrijfsactiviteit. 2. Indieners vinden dat vanuit een onevenwichtige afweging alles op alles is gezet om de bewoners van de Hoefbladstraat te overtuigen van het gelijk van de gemeente. Er is volgens hen sprake van een tunnelvisie. Enkel de wijze van invulling/aankleding van het plan was bespreekbaar. Elk gesprek over een passende alternatieve bestemming werd door de gemeente op voorhand afgewezen. Indieners verwijzen in dat kader naar hun eerder ingediende inspraakreactie (Noot: Zie het inspraakrapport, bijlage 8 in het bijlagenboek, onder insprekers A). 3.

Indieners merken op dat tegen een uitbreiding van de brandweervoorziening op de huidige post niemand bezwaar had en heeft. Dat de gemeente bevoegd is om deze locatie te verkopen ten behoeve van de bouw van een supermarkt, maar dat dat niet gepaard mag gaan met toekomstige onevenredige overlast in een rustige woonwijk. 1

4. Indieners vinden dat de gemeente teveel belang hecht aan het te voet en te fiets bereikbaar zijn van de brandvoorziening. Zij dragen in dat kader aan dat het brandweerkorps een ruim wervingsgebied voor leden kent. Daarnaast stellen zij dat het niet van belang is op welke wijze de locatie te bereiken is, maar dat het gaat om de tijd die daarmee is gemoeid. Heinkenszand is geen gebied waar gemotoriseerd verkeer belemmering ondervindt van filevorming. De hantering van het beginsel zo dicht mogelijk bij de brandweerlocatie woonachtig zijn, staat op gespannen voet met zo ruim mogelijke wervingscriteria voor nieuwe leden. 5. De locatie op het bedrijventerrein is volgens de spider ook geschikt voor nieuwvestiging. Deze acht de gemeente niet wenselijk vanuit sociaal oogpunt. Daarnaast stelt de gemeente dat deze locatie niet optimaal is vanwege een lus op het bedrijventerrein en drukte op de kruising Clara’s pad. Dit is uitgewezen door steekproeven. Indieners merken op dat onderliggende documentatie over deze steekproeven ontbreekt. Zij vragen wie deze steekproeven hebben genomen, hoe vaak die zijn uitgevoerd en op welke tijdstippen. Indieners plaatsen daarbij de algemene opmerking dat Heinkenszand geen stedelijk gebied is met grote verkeersdrukte. Verder heeft de gemeente de ontsluiting via de Boerendijk op voorhand afgewezen vanwege natuurbelangen en dit niet serieus onderzocht.

Indieners trekken de conclusie dat het natuurelement voor de gemeente zwaarder weegt dan een goed woon-/leefklimaat voor burgers in een rustige woonwijk. 6. Aangegeven is dat de brandweer in de toekomst zal blijven oefenen op hun huidige terrein. Dit om overlast voor de omgeving te beperken. In de gebruiksvoorschriften van het bestemmingsplan is hierover niets geregeld. Daarnaast is het begrip brandweerpost niet gedefinieerd. Kortom, de voorschriften in het bestemmingsplan bieden ruimte voor brandweeractiviteiten in de meest brede zin van het woord. 7. Indieners dragen aan dat de brandweerpost onder andere geluidsoverlast met zich meebrengt. Er wordt niet voldaan aan de algemeen geldende wettelijke normering. Een hogere geluidsbelasting voor de directe omgeving acht de gemeente verdedigbaar door daartoe ontheffing te verlenen. In dat kader wordt de woonwijk door de gemeente aangeduid als gemengd gebied. Het karakter van een gemengd gebied is volgens jurisprudentie te kenmerken als een gebied met matige tot sterke functiemenging. Indieners zijn van mening dat er in werkelijkheid geen sprake is van een gemengd gebied, dat de onderbouwing die de gemeente hanteert vergezocht is en dat in alle redelijkheid niet staande is te houden dat er hier sprake is van een gemengd gebied en niet van een rustige woonwijk. 8.

Indieners wijzen erop dat in de toelichting van het bestemmingsplan “Heinkenszand, gedeelte Over de Dijk” wordt gesteld dat wat de betreft de geluidsbelasting door wegverkeer de geldende normen worden gehanteerd en dat daarvan niet wordt afgeweken. Indieners vinden dat er met twee maten wordt gemeten, omdat van deze strakke beleidslijn voor de brandweervoorziening wel wordt afgeweken. 9. Indieners zijn van mening dat de gemeente de toekomstige situatie miskend door te stellen dat een goed woon- en leefklimaat is geborgd. Er is slechts erkenning dat een af en toe uitrukkende brandweer de situatie veranderd. Voorbij wordt gegaan aan toenemende geluidshinder door komend en gaand verkeer van de brandweervoorziening en bijkomende (geluid)hinder vanwege de mogelijkheid om brandweeroefeningen en daaraan gerelateerde activiteiten ter plekke te houden. Daarnaast stellen zij dat de ontheffing van de algemeen geldende geluidsnormen niet voldoende is onderbouwd. 2

10. Verzocht wordt mee te gaan in de zienswijze en de planologische procedure om te komen tot een nieuwe brandweervoorziening aan de Guldenroedestraat stop te zetten. Reactie ad 1. Bij besluit van 26 februari 2019 heeft ons college van B&W besloten de nieuwe brandweerpost te vestigen op de locatie Guldenroedestraat/Hoefbladstraat. Vervolgens heeft op 9 mei 2019 de gemeenteraad ingestemd met een inrichtingsplan voor deze locatie en is het benodigde krediet ter beschikking gesteld. Aan de keuze voor deze locatie ligt een onderzoek van de Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) ten grondslag, waarbij verschillende locaties in Heinkenszand zijn onderzocht op dekkingseisen. Daarnaast heeft het kwaliteitsteam (bestaande uit vertegenwoordigers van de VRZ en vertegenwoordigers van en namens de gemeente) de in aanmerking genomen locaties getoetst met betrekking tot ruimtelijke kwaliteit en een Programma van Eisen, dat geformuleerd is op basis van de uitgangspunten van Maatwerk in Brandweerzorg (zoals door het bestuur van de VRZ vastgesteld). In tegenstelling tot indieners zijn wij daarmee van mening dat de locatiekeuze op goede gronden tot stand is gekomen en dat het legitiem is dat voor deze locatie een bestemmingsplanprocedure in gang is gezet. Verder was er in 2019 nog geen sprake van druk op de woningmarkt, zoals nu anno 2021 het geval is.

Wij zijn van mening dat de locatiekeuze dan ook niet anders uitgevallen zou zijn, omdat een optimale brandweerzorg voorop staat. Met de ontwikkeling van de nieuwe woonwijk Platepolder zal overigens aan de woningbouwbehoefte van Heinkenszand tegemoet worden gekomen. De onderzochte locaties op het bedrijventerrein zijn afgevallen, omdat deze relatief ver van de kruising Drieweg zijn gelegen. Daarnaast zorgen de lastige kruising op de kop van het bedrijventerrein en de slinger, die moet worden gemaakt, voor vertraging. Hierdoor komen de aanrij- en uitruktijden (die op basis van de spider al licht werden overschreden) in de praktijk verder onder druk te staan. Met andere woorden: er is extra tijd nodig om de brandweerauto op te halen, waardoor een opkomsttijd van 10 minuten binnen het verzorgingsgebied in de praktijk niet altijd haalbaar is. Tijd is een maatgevend criterium bij een woningbrand met mogelijk slachtoffers en is daarmee van zwaarwegend belang in het kader van een locatiekeuze. Niet ontkend wordt dat wij zichtbaarheid van de brandweer belangrijk vinden en dat dit aspect, naast andere criteria, een rol heeft gespeeld in de afweging van locaties. Echter, zichtbaarheid ligt niet primair aan de locatiekeuze ten grondslag. Het kunnen bieden van een zo optimaal mogelijk brandweerzorg geeft uiteindelijk de doorslag.

Vestiging van een brandweerpost op een bedrijventerrein hebben wij niet bij voorbaat uitgesloten, maar zoals hiervoor aangegeven is op basis van een locatieonderzoek de keuze anders uitgevallen. Overigens vinden wij een brandweerpost een wezenlijk andere functie dan een bedrijf. Het betreft ons inziens een maatschappelijke functie en geen bedrijfsfunctie. Er zijn tussen beide functies verschillen qua doel, aard en intensiteit van de activiteiten. Dit maakt ook dat een brandweerpost niet persé thuishoort op een bedrijventerrein. ad 2. Uiteraard zouden wij het prettig hebben gevonden dat we op basis van een uitleg van onze overwegingen en onze argumenten bezwaren van omwonenden tegen een brandweerpost op deze locatie hadden kunnen wegnemen. De locatiekeuze stond, op basis van de eerder genoemde democratisch genomen besluiten, inderdaad vast. Tijdens het planvormingsproces en de tot op heden doorlopen procedure zijn er verder ook geen zaken aangedragen die ons 3

inziens maken dat een heroverweging van de locatie noodzakelijk is. Wij begrijpen heel goed dat indieners daar anders in staan. De gemeente heeft echter een algemeen belang te dienen. Dit strookt helaas niet altijd met persoonlijke belangen. ad 3. Ook zonder de komst van de supermarkt op de locatie van de brandweerpost aan de Stenevate was een nieuwe locatie gewenst vanwege de samenvoeging van de brandweerkorpsen van Heinkenszand en ’s-Heer Arendskerke. Aangezien de post aan vervanging toe was, bood dit de kans om met een nieuwe locatiekeuze hierop in te spelen. Dat de huidige locatie verkocht kan worden ten behoeve van de supermarkt is een gunstige bijkomstigheid, omdat daarmee ook financiële middelen beschikbaar komen voor de nieuwbouw van de brandweerpost. Het standpunt van indieners dat met de verplaatsing naar de locatie Guldenroedestraat een onevenredige overlast in een rustige woonwijk ontstaat, delen wij niet. ad 4. Het is van (levens)belang dat de brandweerpost zo snel en optimaal mogelijk bereikbaar is voor de vrijwilligers. Dat houdt in dat de post zich op een strategische locatie ten opzichte van de woon-/werkplekken van de vrijwilligers moet bevinden, maar ook dat de locatie goed te fiets en voet en per auto te bereiken is. Er zitten uiteraard grenzen aan het wervingsgebied voor vrijwilligers.

Bij voorkeur zijn vrijwilligers binnen 4 minuten op de brandweerpost aanwezig, zodat een snelle uitruk mogelijk is. ad 5. De locatie op het bedrijventerrein is om een aantal redenen afgevallen. De locatie scoort qua uitruktijd minder dan locatie Guldenroedestraat. De verkeersontsluiting is niet optimaal. Het bedrijventerrein heeft geen volwaardige tweede ontsluiting. Daarnaast speelt zichtbaarheid een rol. Steekproeven Uit de spider blijkt dat de uitruktijd voor het bedrijventerrein in de nacht 4.01 minuten is en voor de locatie Guldenroedestraat 3.44 minuten. De uitruktijd in de spider betreft een theoretische uitruktijd volgens een computermodel. Omdat de toegestane maximumsnelheid in werkelijkheid niet altijd kan worden gehaald, hebben wij de aanrijtijden in de praktijk onderzocht aan de hand van steekproeven. Wij hebben op dinsdagochtend 2 oktober 2018 (buiten de spits) met een personenauto de afstanden gereden vanaf de adressen van de vrijwilligers naar de betreffende locaties, een en ander met inachtneming van de maximaal toegestane snelheid. De uitruktijd is een optelsom van meldtijd (15 seconden), rijtijd naar de locatie (variabel) en aankleedtijd (1 minuut). In bijlage 1 bij deze antwoordnota zijn de geanonimiseerde resultaten opgenomen. De uitruktijd van de locatie Guldenroedestraat is 20 seconden sneller dan de uitruktijd van de locatie bedrijventerrein.

Verkeersontsluiting Op de kruising van het bedrijventerrein met het Clara’s Pad staat het verkeer geregeld vast. Vanwege de bochten op het bedrijventerrein is er extra vertraging. Tweede ontsluiting Het bedrijventerrein heeft nu één volwaardige ontsluiting op het Clara’s pad en een noodontsluiting die uitkomt op de hoek Schouwersweg-Boerendijk. De enige mogelijkheid om de locatie op het bedrijventerrein te verbeteren, is het realiseren van een volwaardige tweede ontsluiting, zowel voor voetgangers, fietsers als auto’s. Technisch is alles mogelijk, maar ruimtelijk en functioneel is niet alles wenselijk. De hoge en relatief smalle boomrijke Boerendijk en de naastgelegen brede watergang blijken een te groot obstakel om een volwaardige ontsluiting te realiseren. 4

Zichtbaarheid Wij zijn van mening dat zichtbaarheid, naast de andere criteria die een rol spelen, zeker een criterium is dat mee moet wegen bij de locatiekeuze. Wij mogen laten zien dat we trots zijn op ons brandweerkorps dat middenin in de samenleving staat. Uit de praktijk blijkt dat het steeds moeilijker wordt om vrijwilligers te werven. Een aantrekkelijke post, die zichtbaar is voor de samenleving, is toekomstbestendig en zorgt ervoor dat vrijwilligers gemotiveerd blijven zich in te zetten voor de samenleving. Zichtbaarheid heeft ook een positieve invloed op het werven van nieuwe vrijwilligers. ad 6. Indieners hebben gelijk dat op basis van de regels van het ontwerp bestemmingsplan op de locatie praktijkoefeningen voor de brandweer kunnen worden gehouden. Zoals steeds aangegeven, is dat niet de bedoeling. Om dit bestemmingsplanmatig te borgen, en daarmee rechtszekerheid aan omwonenden te bieden, zal het bestemmingsplan worden aangepast en in de regels een gebruiksverbod worden opgenomen voor het houden van praktijkoefeningen. ad 7. Verwezen wordt naar ad 7 en ad 8 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 8. Geluid vanwege wegverkeer en geluid vanwege een uitrukkende brandweer zijn niet met elkaar te vergelijken. Wegverkeerslawaai is een meer constante bron van hinder dan de incidentele hinder veroorzaakt door de aanwezigheid van een brandweerpost.

Dat een andere insteek qua toelaatbare geluidsbelasting wordt gekozen, vinden wij om die reden verdedigbaar. Zeker omdat ons inziens een goed woon- en leefklimaat voor omwonenden geborgd blijft. ad 9. Komend en gaand verkeer en andere relevante geluidsbronnen zijn meegenomen in het akoestisch onderzoek. Brandweeroefeningen worden niet op de locatie Guldenroedestraat gehouden (zie hiervoor onder ad 6). In hoofdstuk 6 van het akoestisch onderzoek/paragraaf 4.7 van de toelichting wordt verantwoord waarom de beoogde ontwikkeling vanuit akoestisch oogpunt acceptabel is. Indieners maken niet duidelijk waarom hetgeen daarin is aangedragen niet afdoende is. ad 10. Hiervan is kennisgenomen. Conclusie De zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan. In de regels wordt een gebruiksverbod opgenomen voor het houden van praktijkoefeningen voor de brandweer op de locatie. B. Indiener B Brief van 30 september 2021, ontvangen 4 oktober 2021 (D21.573771) Samenvatting 1. Indiener stelt dat een brandweerpost niet in een woonwijk past en draagt aan dat steeds meer gemeenten er juist voor kiezen om een brandweerpost aan de rand van een stad/dorp te plaatsen. Hij stelt dat de nieuwvestiging van de brandweerpost de (verkeers)veiligheid niet ten goede komt en geluidsoverlast oplevert voor de wijk. 2.

Er is sprake van een duur ontwerp, omdat de brandweerpost ingepast moet worden in een woonwijk. Deze extra kosten kan de gemeente Borsele zich niet permitteren. 3. Indiener stelt dat er zowel binnen als buiten de wijk geen draagvlak is voor deze locatie. De gemeente drukt dit plan als enige partij door. In plaats van een woning met een fraaie, 5

beeldbepalende uitstraling wordt er nu gekozen voor een bedrijfspand. Samen met de panden van de dierenarts en Zeeland Assurantiën lijkt het meer de entree van een bedrijventerrein. Dit vindt indiener geen visitekaartje voor de wijk en het dorp Heinkenszand. 4. Verzocht wordt het bestemmingsplan niet vast te stellen en de omgevingsvergunning niet te verlenen. Reactie ad 1. In tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat een brandweerpost prima past op deze plek: het is immers een hulpverleningsvoorziening voor en door de inwoners van Heinkenszand en directe omgeving. Er is geen sprake van een volwaardige brandweerkazerne die 24/7 in gebruik is. Het gaat om een post waar het materieel opgeslagen staat, waar vrijwilligers zich verzamelen als zij opgeroepen worden voor een uitruk en waar zij gemiddeld één keer per week bij elkaar komen voor instructie. De afgelopen jaren rukte de brandweerauto gemiddeld minder dan 1 keer per week uit. Mocht in de toekomst ook een waterwagen op de locatie worden gestald dan rukt die naar verwachting (op basis van ervaringscijfers elders) circa 15 keer per jaar uit, dus gemiddeld eens in de drie à vier weken. In Zeeland is een brandweerpost in een woonwijk eerder regel dan uitzondering, en de ervaringen zijn positief.

Wat betreft de verkeersveiligheid en geluidsoverlast wordt verwezen naar respectievelijk ad 16 en ad 7 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 2. Verwezen wordt naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 3. Draagvlak is lastig meetbaar. Er zijn tegen het ontwerp bestemmingsplan door 15 huishoudens zienswijzen ingediend. Het gaat om 9 van de in totaal 22 huishoudens die in de directe omgeving van de locatie wonen. De andere 6 huishoudens wonen in omliggende straten. Op basis van deze aantallen kan gesteld worden dat het merendeel van de omwonenden/bewoners van de wijk geen (zwaarwegende) bezwaren heeft tegen de komst van de brandweerpost. Sterker nog, wij krijgen ook positieve reacties van omwonenden. Dat de gemeente dit plan doordrukt tegen de wil van de bewoners van Heinkenszand delen wij derhalve niet. Dat neemt niet weg dat wij de zorgen die er bij sommigen leven serieus nemen. Wij kunnen enkel aangeven wat – vanuit een algemeen belang – onze overwegingen in deze zijn en waarom wij de keuze voor een brandweerpost op deze locatie verantwoord vinden. Daarbij hebben we overigens niet de illusie dat we alle zorgen en bezwaren op voorhand weg kunnen nemen. In tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat de entree van de wijk representatief is en blijft.

De grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en een groene inbedding hiervan op de kavel. De aanwezigheid van een aantal niet-woonfuncties rondom de entree van wijk maakt niet gelijk dat het oogt als een industrieterrein. ad 4. Hiervan is kennisgenomen. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan.

6

C. Indiener C, Achmea Rechtsbijstand Brief van 12 oktober 2021, ontvangen 14 oktober 2021 (D21.574826) Samenvatting Cliënt vreest dat het plan voor geluidsoverlast zorgt 1. Het plan leidt tot een toename van het aantal verkeersbewegingen en daarmee tot geluidsoverlast. 2. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidsniveaus boven de norm uitkomen als gebruik wordt gemaakt van sirenes. Hiermee wordt niet voldaan aan de richtwaarde voor een gemengd gebied. Omdat geluidsoverlast aan de gezondheid schade toebrengt is aanpassing van het plan noodzakelijk. Verzocht wordt om een voorwaardelijke verplichting op te nemen waardoor en geen overlast is van sirenes. In het akoestisch onderzoek wordt uitgegaan van een gemengd gebied 3. De woonwijk voldoet niet aan de kenmerken van een gemengd gebied. Hier is in het akoestisch onderzoek onterecht vanuit gegaan. Bovendien wordt in het thans voor de locatie vigerende wijzigingsplan gesproken over een oostelijk woongebied en niet over een gemengd gebied. 4. Cliënt is van mening dat de kavel tot de Hoefbladstraat en niet tot de Guldenroedestraat behoort. 5. De dierenkliniek, het assurantiekantoor en bedrijventerrein Noordzak maken geen onderdeel uit van de woonwijk en daarbij van de omgeving. 6. Gezien het voorgaande zijn de in het akoestisch onderzoek gehanteerde geluidsafstanden en geluidsnormen onjuist.

Een brandweerpost heeft een negatieve invloed op de beeldkwaliteit van de Hoefbladstraat 7. Het niet realiseren van een woonbestemming heeft een negatieve invloed op de beeldkwaliteit van de Hoefbladstraat en inkom van de wijk. Door dit plan is inkijk in de woning en de tuin van de cliënt mogelijk 8. Het gebouw kan 7 meter hoog worden waardoor inkijk mogelijk is. Om de privacy te beschermen is het nodig om een afschermende groenstrook aan te brengen. Verzocht wordt om in de planregels een voorwaardelijke verplichting op te nemen om te borgen dat zo’n groenstrook er komt en in stand blijft. Daarnaast wordt verzocht om een beplantingsplan als bijlage bij de regels op te nemen. Deze ontbreekt nu in het ontwerpbestemmingsplan. Cliënt dreigt door het plan zijn vrij uitzicht te verliezen 9. Cliënt heeft nu uitzicht over de groenstrook. Na uitvoering van het plan kijkt hij op een grote brandweerpost. Aanpassing van het plan is noodzakelijk om het vrije uitzicht zoveel mogelijk te behouden. Het plan dreigt lichthinder te veroorzaken 10. Het plan zorgt in de nacht voor fel licht in de omgeving van cliënt. Lichthinder is slecht voor de gezondheid, daarnaast ontregelt het de natuur, is het energieverspilling en verstoort het het nachtelijke landschap. Het plan moet door een voorwaardelijke verplichting regelen dat er geen of zo min mogelijk lichthinder is.

De gemeente hoort andere mogelijke locaties te onderzoeken 11. Indiener stelt dat er meerdere locaties (onder andere op het bedrijventerrein) zijn die beter passen bij een brandweerpost dan een locatie in een rustige woonwijk, bijvoorbeeld een locatie op het bedrijventerrein. Daarbij merkt zij op dat de aanrijtijd vanaf het bedrijventerrein niet langer is dan vanuit de woonwijk en er sprake is van een betere zichtbaarheid. 7

12. Indiener is van mening dat er geen zorgvuldig onderzoek is verricht naar de potentie van de locaties, omdat er bij een aantal locaties geen ruimtelijke verkenning heeft plaatsgevonden én er meer waarde is gehecht aan het ruimtelijk oogpunt dan wat praktisch de beste optie is. Gesteld wordt dat de belangen van de omwonenden in zijn geheel niet zijn meegenomen. Cliënt is derhalve van mening dat vanuit ruimtelijk oogpunt (nieuwe) locaties eerst beter onderzocht moeten worden. Cliënt wil graag met de gemeente meedenken over een andere oplossing 13. Indien na onderzoek en een goede motivatie een andere locatie niet gerealiseerd kan worden dan is cliënt bereid af te zien van verdere stappen indien het groen – zoals te zien op de tekeningen in de toelichting van het bestemmingsplan – middels een voorwaardelijke verplichting geregeld wordt. U kunt planschade voorkomen door een aanpassing van het plan 14. Een goede ruimtelijke ordening vraagt dat het nadeel voor omwonenden zo klein mogelijk wordt gehouden. Om die reden wordt verzocht om te zoeken naar andere mogelijke locaties, waar geen of minder planschade is. Cliënt vraagt u het bestemmingsplan niet vast te stellen 15. Cliënt vraagt in ieder geval rekening te houden met deze zienswijze en het plan aan te passen. Reactie Cliënt vreest dat het plan voor geluidsoverlast zorgt ad 1.

Verkeersbewegingen zijn in het akoestisch onderzoek meegenomen. Terzijde wordt opgemerkt dat gemiddeld over een week gezien het aantal verkeersbewegingen van een brandweerpost lager ligt dan het aantal verkeersbewegingen van 2 vrijstaande woningen. Een vrijstaande woning kent een verkeersgeneratie van 7 tot 9 mvt/etmaal (bron: CROW). Twee woningen genereren daarmee 98 tot 126 autoverkeersbewegingen per week. Uitgaande van één oefen-/theorieavond per week en gemiddeld één uitruk per week met de brandweerauto bedraagt de verkeersgeneratie van een brandweerpost circa 46 bewegingen van gemotoriseerd verkeer per week. Mocht er in de toekomst een waterwagen op de locatie worden gestald dan komen daar, verspreid over enkele weken, nog circa 8 verkeersbewegingen bij. Wel wordt opgemerkt dat het aandeel zwaar verkeer bij een brandweerpost groter is dan bij woningen en dat er sprake is van piekmomenten in de verkeersbewegingen. Daarnaast wordt opgemerkt dat in de uitgevoerde onderzoeken voor de zekerheid wordt uitgegaan van één extra uitruk en daarmee van een hoger aantal verkeersbewegingen (76 totaal) én dat daarbij is gerekend alsof deze bewegingen zich dagelijks voordoen. In de praktijk is dit echter niet het geval. ad 2.

In de milieuwetgeving (Activiteitenbesluit) zijn ‘geluidpieken tijdens het uitrukken ten behoeve van ongevals- en brandbestrijding’ (lees: sirenes van de brandweer) uitgesloten van toetsing. Dit omdat sirenes niet c.q. moeilijk aan geluidsnormen kunnen voldoen. Het waarschuwingsgeluid is juist daar van belang waar mensen aanwezig zijn en moet om die reden te allen tijde hoorbaar zijn. Wel wordt zo veel mogelijk rekening gehouden met de noodzaak tot het aanzetten van een sirene. Niet alleen om geluidshinder voor omwonenden te verminderen, maar ook omdat een sirene de communicatie in het brandweervoertuig bemoeilijkt. In de avond- en nachtsituatie worden er alleen sirenes gebruikt als de verkeerssituatie daarom vraagt, dit is zelden het geval. Het opnemen van een voorwaardelijke verplichting is, gezien het hiervoor geschrevene, niet aan de orde. 8

In het akoestisch onderzoek wordt uitgegaan van een gemengd gebied ad 3. Er bevinden zich wel degelijk niet-woonfuncties in de directe nabijheid van de beoogde bouwlocatie van de brandweerpost. Daarnaast zijn een aantal doorgaande wegen (Guldenroedestraat, Clara’s pad en Drieweg) nabij het plangebied gelegen. Het onderstaande kaartje illustreert dit:

De typering als gemengd gebied is daarmee legitiem. ad 4. Niet duidelijk is wat hiermee wordt bedoeld. De kavel van de brandweerpost grenst zowel aan de Hoefbladstraat als de Guldenroedestraat. Met oog op een snelle uitruk is de uitrit van de brandweerpost aan de Guldenroedestraat gesitueerd. Om die reden komt deze straatnaam in de naamgeving van het bestemmingsplan terug. ad 5. Verwezen wordt naar het kaartje onder ad 3. Deze illustreert dat aan het begin van de woonwijk Over de Dijk al niet-woonfuncties zijn gesitueerd. ad 6. Gelet op het hiervoor geschrevene delen wij dit standpunt niet. Een brandweerpost heeft een negatieve invloed op de beeldkwaliteit van de Hoefbladstraat ad 7. In tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat er geen afbreuk wordt gedaan aan de beeldkwaliteit van de Hoefbladstraat en de entree van de wijk. De grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en een groene inbedding hiervan op de kavel. Door dit plan is inkijk in de woning en de tuin van de cliënt mogelijk ad 8. Qua privacy vindt er juist een verbetering van de situatie plaats. Op basis van het momenteel voor de locatie vigerende wijzigingsplan kunnen ter plaatse 2 vrijstaande woningen worden gebouwd die met hun voorgevel gericht zijn op de Hoefbladstraat. Deze woningen kunnen 10 meter hoog worden.

De in voorliggend bestemmingsplan toegestane bouwhoogte voor de brandweerpost is lager. Daarnaast komt het gebouw verder van de Hoefbladstraat af te staan en komen er geen ramen in de gevels die het dichtst bij deze straat zijn gesitueerd. Verder merken we op dat het aanwezigheidspercentage van mensen op de locatie in het geval van een brandweerpost vele malen lager ligt dan bij een woonfunctie. Wij hebben er echter geen bezwaar tegen om de realisatie van het beoogde groenplan juridisch te verankeren in de regels van het bestemmingsplan. Hiervoor wordt in de regels een voorwaardelijke verplichting opgenomen. Cliënt dreigt door het plan zijn vrij uitzicht te verliezen ad 9. De beoogde bouwlocatie ligt momenteel braak. Zoals hiervoor onder ad 8 al aangegeven, kunnen hier op basis van het thans vigerende wijzigingsplan twee vrijstaande woningen 9

worden gebouwd. Mocht de bouw van de brandweerpost op deze locatie om welke reden dan ook geen doorgang vinden dan worden de kavels voor woningbouw verkocht. Indien de bouwmogelijkheden van het vigerende planologische regime (het wijzigingsplan) worden vergeleken met het thans voorliggende bestemmingsplan is er qua uitzicht geen verslechtering van de situatie. Wij zien hierom geen reden om het plan aan te passen. Het plan dreigt lichthinder te veroorzaken ad 10. Niet duidelijk is waarop de aanname dat er sprake zal zijn van fel licht in de nachtperiode is gebaseerd. Momenteel is de wijze van verlichting nog niet bekend. In de buitenruimte wordt enkel verlichting aangebracht die nodig is om in het donker de weg op het terrein te kunnen vinden. Lichtbronnen worden op de verharding/parkeervakken gericht, waardoor lichtuitstraling naar de omgeving beperkt is. Van fel licht zal in ieder geval geen sprake zijn. Wij zien geen reden om hiervoor een voorwaardelijke verplichting in het plan op te nemen. De gemeente hoort andere mogelijke locaties te onderzoeken ad 11. Aan de keuze voor de locatie Hoefbladstraat ligt een onderzoek van de Veiligheidsregio Zeeland (VRZ) ten grondslag, waarbij verschillende locaties in Heinkenszand zijn onderzocht op dekkingseisen.

Daarnaast heeft het kwaliteitsteam (bestaande uit vertegenwoordigers van de VRZ en vertegenwoordigers van en namens de gemeente) de in aanmerking genomen locaties getoetst met betrekking tot ruimtelijke kwaliteit en een Programma van Eisen, dat geformuleerd is op basis van de uitgangspunten van Maatwerk in Brandweerzorg (zoals door het bestuur van de VRZ vastgesteld). De gekozen locatie kwam daarbij als beste naar voren. De onderzochte locaties op het bedrijventerrein zijn afgevallen, omdat deze relatief ver van de kruising Drieweg zijn gelegen. Daarnaast zorgen de lastige kruising op de kop van het bedrijventerrein en de slinger, die moet worden gemaakt, voor vertraging. Hierdoor komen de aanrij- en uitruktijden (die op basis van de spider al licht werden overschreden) in de praktijk verder onder druk te staan. Met andere woorden: er is - anders dan indiener stelt – extra tijd nodig om de brandweerauto op te halen, waardoor een opkomsttijd van 10 minuten binnen het verzorgingsgebied in de praktijk niet altijd haalbaar is. Tijd is een maatgevend criterium bij een woningbrand met mogelijk slachtoffers en is daarmee van zwaarwegend belang in het kader van een locatiekeuze. Niet exact duidelijk is wat bedoeld wordt met ‘betere zichtbaarheid’. De Guldenroedestraat is een doorgaande weg door een wijk.

De hoeveelheid verkeer op deze weg is groter dan op de wegen op het bedrijventerrein, waardoor meer mensen in het voorbijgaan de brandweerpost zien liggen. Daarnaast zal de brandweerpost zichtbaar zijn vanaf de kruising Guldenroedestraat/Clara’s pad. Deze kruising wordt, als punt op een uit-/invalsweg van het dorp, veelvuldig bereden. ad 12. In het locatieonderzoek voor de nieuwe brandweerpost zijn 13 locaties meegenomen. Op basis van de modelberekeningen van de Veiligheidsregio Zeeland en een verdiepingsslag in de praktijk van aanrij- en uitruktijden zijn een aantal locaties afgevallen. Het is weinig zinvol om een ruimtelijke verkenning voor locaties uit te voeren als niet voldaan kan worden aan het belangrijkste criterium voor de locatiekeuze: leveren van een goede brandweerzorg door gunstige aanrij- en uitruktijden én een centrale ligging in het dekkingsgebied. Het standpunt dat meer waarde is gehecht aan het ruimtelijk oogpunt dan wat praktisch de beste optie is, delen wij niet. De locatie is op basis van meerdere toetsingscriteria gemaakt, waarvan – zoals hiervoor aangeven - het kunnen leveren van een goede brandweerzorg de belangrijkste is. 10

Cliënt wil graag met de gemeente meedenken over een andere oplossing ad 13. Zoals eerder vermeld onder ad 8 gaan we, via een gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan, een voorwaardelijke verplichting opnemen die de realisatie van het beoogde groenplan bestemmingplanmatig verankerd. U kunt planschade voorkomen door een aanpassing van het plan ad 14. Wij zijn van mening dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. De locatiekeuze is weloverwogen en op goede gronden gemaakt. Daarnaast wordt in de toelichting van het bestemmingsplan, en bijbehorende (milieu)onderzoeken, aangetoond/verantwoord dat ook met de nieuwbouw van de brandweerpost er sprake is van een goed woon- en leefklimaat voor omwonenden. Mocht cliënt van mening zijn dat hij financieel nadeel ondervindt door de komst van de brandweerpost (planschade als gevolg van de bestemmingswijziging) dan is het mogelijk om, nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is, een planschadeclaim bij de gemeente in te dienen. De gemeente heeft een procedureverordening die daarin voorziet. Een onafhankelijk adviesbureau beoordeelt of er al dan niet sprake is van planschade. Daarvoor vindt een vergelijking plaats van het oude en nieuwe planologische regime en worden aspecten als eventuele voorzienbaarheid en ‘normaal maatschappelijk risico’ meegenomen.

Terzijde merken wij op dat om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in geleden planschade het niet vereist is dat tegen het bestemmingsplan wordt geprocedeerd. Overigens hebben wij een planschaderisicoanalyse laten opstellen om een beeld te krijgen of er sprake zal zijn van planschade voor omwonenden. Uit deze analyse komt naar voren dat dit niet het geval is. Cliënt vraagt u het bestemmingsplan niet vast te stellen ad 15. Hiervan is kennisgenomen. Conclusie De zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan. In de regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarmee realisatie van het beoogde groenplan juridisch wordt verankerd. D. Indieners D Brief van 7 oktober 2021, ontvangen 12 oktober 2021 (D21.574578) De inhoud van de zienswijze komt overeen (weliswaar in een iets andere formulering en volgorde) met de aangedragen punten in de zienswijze van indiener B. Kortheidshalve wordt naar de samenvatting, beantwoording en conclusie van die zienswijze verwezen. E. Indiener E Brief van 14 oktober 2021, ontvangen 14 oktober 2021 (D21.574847) Samenvatting Indiener draagt het volgende aan: 1. Een brandweerpost hoort niet in een woonwijk, maar op het industrieterrein. Indiener geeft aan dat daar plaats genoeg is en dat je vanaf daar snel op de verbindingswegen en de A58 zit. 2. De verkeersveiligheid gaat achteruit door de brandweerpost. 11

3. Het is een financieel duur plan. 4. Het aanzicht van de nette woonwijk wordt drastisch naar beneden gehaald. 5. Er is geen draagvlak in zowel woonwijk, dorp als bij bewoners. Reactie ad 1. Verwezen wordt naar ad 11 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. ad 2. Verwezen wordt naar ad 16 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 3. Verwezen wordt naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 4. In tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat er geen afbreuk wordt gedaan aan het aanzicht van de wijk. De grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en een groene inbedding hiervan op de kavel. ad 5. Verwezen wordt naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener B. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan. F. Indiener F Brief van 14 september 2021, ontvangen 14 oktober 2021 (D21.574850) Samenvatting Indiener draagt het volgende aan: 1. Een brandweerpost hoort niet in een woonwijk, 2. De hoogte van het gebouw is niet fraai en hoort niet tegenover woonhuizen. 3. De verkeersveiligheid, overal auto’s van vrijwilligers als er alarm is. 4. Wat vertel je als zo’n gebeuren voor je neus plaatsvindt aan (kleine) kinderen als ze net op die tijd naar bed gaan? 5. Er wordt geen logische keuze gemaakt. Reactie ad 1.

Verwezen wordt naar ad 11 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. ad 2. Op basis van het momenteel voor de locatie vigerende wijzigingsplan kunnen ter plaatse 2 vrijstaande woningen worden gerealiseerd. Deze woningen kunnen 10 meter hoog worden. De in voorliggend bestemmingsplan toegestane bouwhoogte voor de brandweerpost is lager, namelijk 7 meter. Daarnaast komt het gebouw verder van de Hoefbladstraat af te staan en wordt deze in een groene omgeving ingebed. Wij staan op het standpunt dat de brandweerpost qua aard, maat en schaal passend is in zijn omgeving. ad 3. Verwezen wordt naar ad 16 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 4. Wij kunnen ons voorstellen dat de sirene van de brandweerauto een schrikreactie kan veroorzaken. Gezien de beperkte hoeveelheid uitrukken van de brandweer jaarrond is de kans klein dat een uitruk met sirene net op bedtijd plaatsvindt. Mocht dit wel het geval zijn dan lijkt het ons (maar het is uiteraard aan u) dat u de kinderen gewoon vertelt wat er aan de hand is: de brandweer gaat ergens heen om een brand te blussen of te helpen. ad 5. Deze mening delen wij niet. De locatiekeuze is weloverwogen en op goede gronden gemaakt. Wederom verwijzen wij in dit kader naar ad 11 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. Daarnaast wordt in de toelichting van het bestemmingsplan, en 12

bijbehorende (milieu)onderzoeken, aangetoond/verantwoord dat ook met de nieuwbouw van de brandweerpost er sprake is van een goed woon- en leefklimaat voor omwonenden. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan. G. Indiener G Brief van 14 oktober 2021, ontvangen 15 oktober 2021 (D21.574884) Samenvatting 1. Indiener draagt de volgende redenen aan waarom volgens hem een brandweerpost niet wenselijk is in de woonwijk: a. Geen draagvlak in de woonwijk/het dorp/bij de inwoners; b. Gemeente Goes plant tweede brandweerkazerne veel dichter bij de A58; c. Langere uitruktijden op de nieuw beoogde locatie Guldenroedestraat/Hoefbladstraat; d. Brandweerpost in de wijk is niet toekomstbestendig; e. Financieel duur plan; f. Verkeersveiligheid gaat achteruit: g. Aanzicht/entree van de wijk gaat achteruit. Lijkt bij binnenkomst op een bedrijventerrein in plaats van een woonwijk. 2. Indiener stelt dat met voorgestelde locatie buitensporig meer maatschappelijk geld wordt besteed ten opzichte van een locatie op het bedrijventerrein (in dat kader worden dezelfde punten aangedragen als die in de zienswijze van inspreker O) en vraagt dit te verantwoorden. 3. Naar aanleiding van het voorgaande wordt verzocht het bestemmingsplan niet vast te stellen. Reactie ad 1. a. Verwezen wordt naar ad 3 van de beantwoording van de zienswijze van indiener B. b.

De veronderstelling dat vanaf de 2e brandweerpost van Goes een groter deel van de A58 kan worden bediend, is niet juist. In het dekkingsgebied van een brandweerpost ligt het wegdeel dat loopt vanaf de dichtstbijzijnde oprit naar een afrit, dus met de rijrichting mee. De post Goes dekt de A58 tot aan de afslag Heinkenszand en vice versa de post Heinkenszand tot aan de afslag Goes. c. Indien hiermee een langere uitruktijd ten opzichte van de huidige locatie van de brandweerpost aan de Stenevate wordt bedoeld, wordt verwezen naar ad 1 van de beantwoording van de zienswijze van indiener J. d. Verwezen wordt naar ad 11 van de beantwoording van de zienswijze van indiener J. e. Verwezen wordt naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. f. Verwezen wordt naar ad 16 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. g. In tegenstelling tot indiener zijn wij van mening dat het aanzicht/de entree van de wijk representatief is en blijft. De grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en een groene inbedding hiervan op de kavel. De aanwezigheid van een aantal niet-woonfuncties rondom de entree van wijk maakt niet gelijk dat het oogt als een industrieterrein. ad 2. Verwezen wordt naar ad 18 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. ad 3. Hiervan is kennisgenomen. 13

Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassing van het plan. H. Indieners H Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 18 oktober 2021 (D21.574953) Samenvatting Gezichtsbepalend beeld van de wijk 1. Indieners stellen dat het niet plaatsen van een woonbestemming een negatieve invloed heeft op de beeldkwaliteit van de Hoefbladstraat en de inkom van de wijk. Zij stellen dat dit niet verandert door een vorm van landschappelijke inpassing te creëren. Geluidsoverlast 2. (De inhoud van dit punt komt overeen met punt 7 van indiener O. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) Lichthinder 3. (De inhoud van dit punt komt overeen met punt 10 van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) Daarnaast wordt het volgende aangedragen: 4. De zonnepanelen die op het dak worden geplaatst kunnen een hinderlijke weerkaatsing en schittering van de zon veroorzaken bij de bewoners aan de overkant, waaronder indieners. Verkeersveiligheid kruispunt Clara’s pad/Gulderoedestraat en kruispunt Drieweg 5. Indieners dragen aan dat verkeersveiligheid rondom het kruispunt Clara’s pad en Guldenroedestraat nu al slecht is, vanwege de onduidelijke verkeerssituatie. Dit kruispunt zit te dicht op het kruispunt naar de Drieweg en richting de A58 voor een goede doorstroming van verkeer voor een uitrukkende brandweer.

Indieners voorzien hier veel verkeersproblemen in de toekomst met ernstige ongelukken tot gevolg. Met een uitrukkende brandweer neemt bij verkeersdrukte (vanwege woon-werkverkeer) de veiligheid drastisch af. Verkeersveiligheid Hoefbladstraat 6. Indieners dragen aan dat de parkeergelegenheid in het begin van de Hoefbladstraat zal verminderen. Omdat hier veel carpoolers hun auto zetten, kan er mogelijk zelfs niet meer geparkeerd worden door omwonenden. 7. Indieners geven aan dat een carpoolplaats niet binnen een woonwijk gefaciliteerd moet worden, maar ergens daarbuiten. 8. Indieners vrezen voor de verkeersveiligheid voor hun kinderen, vanwege de haast van vrijwilligers om op de post te komen en bij het vertrek met de brandweerwagen. 9. Er wordt nu reeds veel verkeers- en geluidsoverlast ervaren in de Hoefbladstraat. Zij vragen om aan het begin en eind van de straat duidelijk aan te geven dat het een 30 km/uur-zone is. Locatie brandweerpost 10. Indieners merken op dat alle andere onderzochte locaties zijn afgewezen op basis van aanrijdtijden van vrijwilligers, dat de locatie op het industrieterrein in aanrijdtijd slechts 15 seconden meer kost en dat ook andere locaties een goed alternatief zijn waardoor burgers geen overlast ervaren. Daarnaast stellen zij dat aanrijtijd geen ruimtelijk argument is waarom medewerking zou worden verleend aan het wijzigen van het bestemmingsplan.

Voorts zijn zij van mening dat het argument dat vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke door deze locatie 14

eenvoudiger met de fiets kunnen komen niet steekhoudend is als iedere seconde telt en er binnenkort geen vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke meer geworven worden. 11. Indieners gaan daarnaast in op de komst van de 2e brandweerpost in Goes, aan de ’s-Heer Hendrikskinderendijk. Gesteld wordt dat vanaf deze locatie een groter deel van de A58 kan worden bediend en vrijwilligers vanuit ’s-Heer Arendskerke kunnen daarnaar uitwijken. Indieners merken op dat de korte reisafstand voor de slechts 3 vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke in 2019 één van de belangrijkste motivaties voor de gemeente was om voor de locatie Guldenroedestraat te kiezen. Oefeningen 12. Aangegeven wordt dat bestemmingsplanmatig niet uitgesloten wordt dat de brandweer op de locatie Guldenroedestraat gaat oefenen. De regels van het bestemmingsplan bieden ruimte voor brandweeractiviteiten in de meest brede zin van het woord. Indieners geven aan dat dat niet volgens afspraak is. Onderzoeksplicht 13. (De inhoud van dit punt komt overeen met de punten 11 en 12 van de zienswijze van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) Structuurvisie provincie Zeeland 14.

Indieners stellen dat het plan in strijd is met de Structuurvisie van de provincie Zeeland en verwijzen daarbij naar tekst in paragraaf 3.2 waarin staat dat de milieukwaliteit bewaakt moet worden door een optimale scheiding van woningen en bedrijven die geluid produceren, veiligheidsrisico’s geven of verontreinigingen uitstoten. De brandweerpost kan hun inziens gelijk gesteld worden aan een bedrijf dat geluid produceert en veiligheidsrisico’s met zich meebrengt. Verder wordt verwezen naar paragraaf 3.2.1 waarin de provincie schrijft dat zij de Zeeuwse burger en zijn of haar woonwensen centraal stelt. Indieners stellen dat hieraan niet wordt voldaan. Gevolg wijziging bestemmingsplan 15. (De inhoud van dit punt komt grotendeels overeen met de punten 14 en 9 van de zienswijze van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen.) Daarnaast dragen indieners het volgende aan: 16. Door de planologische maatregelen die worden genomen, zal de woning van indieners aanzien in waarde gaan dalen en minder aantrekkelijk worden voor toekomstige, potentiële kopers. (Tot slot) 17. Verzocht wort om met inachtneming van de zienswijze het ontwerpbestemmingsplan niet vast te stellen. Reactie Gezichtsbepalend beeld van de wijk ad 1.

In tegenstelling tot indieners zijn wij van mening dat de beeldkwaliteit van de Hoefbladstraat/de entree van de wijk kwalitatief goed is en blijft. De grootste aandacht is besteed aan de vormgeving van de nieuwe brandweerpost en een groene inbedding hiervan op de kavel. Geluidsoverlast ad 2. Verwezen wordt naar ad 7 van de beantwoording van de zienswijze van indiener O. 15

Lichthinder ad 3. Verwezen wordt naar ad 10 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. ad 4. Wij zien niet waarom zonnepanelen op een brandweerpost meer overlast met zich mee zouden brengen – als zich al overlast zou voordoen – dan zonnepanelen op een woning. Verkeersveiligheid kruispunt Clara’s pad/Gulderoedestraat en kruispunt Drieweg ad 5. De aansluiting met de Drieweg staat normaliter enkel vast op momenten in de spits. Dat er een mogelijk conflict is tussen de uitrukkende brandweer en een goede verkeersdoorstroming doet zich derhalve alleen op die momenten voor. Doordat de brandweerauto bij noodgevallen met signalering rijdt, kan voorrang worden geclaimd. Door de brede bermen ter plaatse van de aansluiting is er ruimte voor verkeer om uit te wijken voor de brandweerauto. Verder zijn de chauffeurs van de brandweerauto’s getraind op rijden in drukke verkeerssituaties. In de praktijk doen zich in Nederland zelden verkeersongelukken vanwege een uitrukkende brandweer voor. Overigens wordt opgemerkt dat de brandweer – indien dat echt noodzakelijk is en als dat sneller is – vanaf hun locatie ook kan uitrukken richting de Stenevate en de Drieweg. De aansluiting Clara’s pad/Drieweg wordt dan vermeden.

Verder vindt op de middellange termijn (5 à 10 jaar) een aanpassing plaats van de aansluitingen Guldenroedestraat/Clara’s pad, Daniëlsweg/Clara’s pad en Clara’s pad/Drieweg. De verkeerssituatie zal daarmee overzichtelijker worden. Het plan is dan ook om bij laatstgenoemde aansluiting verkeerslichten te plaatsen, waardoor de doorstroming van verkeer vanaf het Clara’s verbetert. Verkeersveiligheid Hoefbladstraat ad 6. Anders dan indieners stellen, neemt het aantal parkeerplekken in de Hoefbladstraat niet af. Ter hoogte van de locatie van de brandweerpost blijft een parkeerstrook aanwezig. Deze wordt uitgevoerd in doorgroeistenen. Hierdoor is er sprake van een groener straatbeeld op de momenten dat er geen auto’s staan. Terzijde wordt opgemerkt dat er bij realisatie van de brandweerpost meer openbare parkeermogelijkheden in de Hoefbladstraat blijven bestaan dan in het geval van de realisatie van 2 woningen. Dit omdat er in de straat geen parkeerruimte verloren gaat door in-/uitritten. ad 7. Er zijn geen plannen om een carpoolplaats te realiseren. ad 8. De vrijwilligers komen om levens te redden, niet om ze in gevaar te brengen. Bij ons is niet bekend dat er bij de post Heinkenszand in het verleden ongevallen zijn geweest en ook elders in Nederland komen die zelden voor. De chauffeurs van de brandweerauto’s hebben een speciale rijopleiding genoten.

Gevaarlijke situaties worden daarmee zoveel als mogelijk uitgesloten. Overigens betreffen niet alle uitrukken levensbedreigende situaties die om grote spoed vragen. ad 9. Dat voor de wijk een 30 km/uur-regime geldt wordt aan de beginpunten van de Guldenroedestraat door borden aangeven. Het is ongewenst (omdat er dan een overvloed aan verkeerborden ontstaat) en in principe overbodig om dit aan het begin van elke straat opnieuw kenbaar te maken. De controle op de handhaving van de rijsnelheid is een taak die bij de politie ligt. Locatie brandweerpost ad 10. De keuze voor de locatie Guldenroedestraat is op basis van een samenspel van meerdere factoren genomen. Een snelle aanrij- en uitruktijd en centrale ligging in het dekkingsgebied zijn daarvan verreweg de belangrijkste, maar ook ruimtelijke inpasbaarheid, zichtbaarheid, 16

milieuaspecten en kosten hebben onderdeel uitgemaakt van de afweging. Het verschil van 17 seconden tussen de locatie op het bedrijventerrein Noordzak en de locatie Guldenroedestraat gaat uit van vrij verkeer. Tijdens de spits, waarmee het rekenmodel geen rekening houdt, is het verschil circa 40 seconden groter (aan-/uitruk tot aan de kruising Clara’s pad). Tijd is een maatgevend criterium bij een woningbrand of (verkeers)ongeval met slachtoffers. Elders in de beantwoording van de zienswijzen gaan we in op de gevreesde overlast als gevolg van de komst van de brandweerpost op de locatie Guldenroedestraat. Ons inziens blijft een goed woon- en leefklimaat voor omwonenden geborgd. Aanrij- en uitruktijden zijn van wezenlijk belang voor de locatiekeuze van een brandweerpost én daarmee een legitiem argument voor de bestemmingsplanherziening die de ontwikkeling planologisch-juridisch mogelijk maakt. De brandweer moet binnen een korte tijd bij het incident binnen het dekkingsgebied ter plaatse kunnen zijn en kan derhalve niet op elke willekeurige plek worden gevestigd. Wij kunnen niet volgen waarom indieners denken dat de vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke op de fiets gaan komen. Daarnaast is de aanname dat er binnenkort geen vrijwilligers uit ’sHeer Arendskerke meer geworven gaan worden niet juist (zie ook hierna onder ad 11). ad 11.

De veronderstelling dat vanaf de 2e brandweerpost van Goes een groter deel van de A58 kan worden bediend, is niet juist. In het dekkingsgebied van een brandweerpost ligt het wegdeel dat loopt vanaf de dichtstbijzijnde oprit naar een afrit, dus met de rijrichting mee. De post Goes dekt de A58 tot aan de afslag Heinkenszand en vice versa de post Heinkenszand tot aan de afslag Goes. Ook de aanname dat vrijwilligers van ’s-Heer Arendskerke naar de 2e brandweerpost in Goes kunnen uitwijken is niet juist. ’s-Heer Arendskerke is dichter bij Heinkenszand gelegen dan bij Goes. Deze vrijwilligers kunnen wel binnen 6 minuten op de locatie Guldenroedestraat in Heinkenszand zijn, maar niet op de locatie aan de ’s-Heer Hendrikskinderendijk in Goes. De locatiekeuze wordt inderdaad onder meer bepaald door de samenvoeging van de brandweerkorpsen van Heinkenszand en ’s-Heer Arendskerke. Het klopt dat er op dit moment 3 vrijwilligers vanuit ’s-Heer Arendskerke in het samengevoegde korps actief zijn. Door te kiezen voor een locatie aan de noordoostzijde van Heinkenszand is de brandweerpost straks bijtijds voor vrijwilligers uit ’s-Heer Arendskerke bereikbaar. Belangrijk is dat daarmee ook nieuwe vrijwilligers uit dit dorp geworven kunnen worden.

Het wervingspotentieel van ’s-Heer Arendskerke om in de toekomst een goed bemenste brandweerpost te houden, en daarmee adequate brandweerzorg te kunnen blijven bieden, mag niet uitgevlakt worden. Oefeningen ad 12. Verwezen wordt naar ad 6 van de beantwoording van de zienswijze van indieners A. Onderzoeksplicht ad 13. Verwezen wordt naar ad 11 en 12 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. Structuurvisie provincie Zeeland ad 14. In het kader van het vooroverleg ex. artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is het voorontwerp bestemmingsplan aan de provincie Zeeland toegestuurd voor een reactie. De provincie heeft vervolgens kenbaar gemaakt geen bezwaar te hebben tegen de beoogde ontwikkeling. Van strijdigheid met het provinciale beleid is derhalve geen sprake. Gevolg wijziging bestemmingsplan ad 15. Verwezen wordt naar respectievelijk ad 14 en ad 9 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. 17

ad 16. Het is mogelijk om, nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is, een planschadeclaim bij de gemeente in te dienen. De gemeente heeft een procedureverordening die daarin voorziet. Een onafhankelijk adviesbureau beoordeelt of er al dan niet sprake is van planschade. Daarvoor vindt een vergelijking plaats van het oude en nieuwe planologische regime en worden aspecten als eventuele voorzienbaarheid en ‘normaal maatschappelijk risico’ meegenomen. Terzijde merken wij op dat om in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming in geleden planschade het niet vereist is dat tegen het bestemmingsplan wordt geprocedeerd. Overigens hebben wij een planschaderisicoanalyse laten opstellen om een beeld te krijgen of er sprake zal zijn van planschade voor omwonenden. Uit deze analyse komt naar voren dat dit niet het geval is. (Tot slot) ad 17. Hiervan is kennisgenomen. Conclusie De zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan. In de regels wordt een gebruiksverbod opgenomen voor het houden van praktijkoefeningen voor de brandweer op de locatie. I.

Indieners I Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 18 oktober 2021 (D21.575054)

Samenvatting De inhoud van de zienswijze komt grotendeels overeen (soms in een andere formulering) met de aangedragen punten in de zienswijze van indiener O. Kortheidshalve wordt naar de samenvatting en beantwoording van die zienswijze verwezen. In aanvulling daarop worden de volgende punten aangedragen die met name ook in de zienswijze van indiener C aan de orde worden gesteld: Door dit plan is inkijk mogelijk 1. Het gebouw kan 7 meter hoog worden. Hierdoor is inkijk in de woningen en tuinen mogelijk. Dit doet enorme afbreuk aan de privacy. Gevraagd wordt om een aanpassing van het plan om de privacy te beschermen in de vorm van een afschermende groenstrook van voldoende hoogte. Verzocht wordt om in de regels het bestemmingsplan een voorwaardelijke verplichting op te nemen waarmee de aanplant en instandhouding van de groenstrook gegarandeerd wordt. Daarnaast zijn indieners van mening dat in de planregels verwezen moet worden naar een beplantingsplan. Dit is nu niet in het ontwerp bestemmingsplan opgenomen. Bewoners dreigen door het plan het vrije uitzicht te verliezen 2. Men heeft nu uitzicht over de groenstrook. Na uitvoering van het plan kijkt men op een grote brandweerpost. Aanpassing van het plan is nodig om het vrije uitzicht zoveel mogelijk te behouden. Het plan dreigt lichthinder te veroorzaken 3. Het plan zorgt in de nacht voor fel licht in de directe omgeving.

Lichthinder is slecht voor de gezondheid, daarnaast ontregelt het de natuur, is het energieverspilling en verstoort het het nachtelijke landschap. Het plan moet door een voorwaardelijke verplichting regelen dat er geen of zo min mogelijk lichthinder is.

18

De gemeente hoort andere mogelijke locaties te onderzoeken 4. (De inhoud van dit punt komt grotendeels overeen met de punten 11 en 12 van indiener C. Kortheidshalve wordt daarnaar (en de bijbehorende beantwoording) verwezen. Verder worden kort zaken aan de orde gesteld die ook in de zienswijze van indiener O worden genoemd en in punt 12 van de zienswijze van indiener J.) U kunt planschade voorkomen door een aanpassing van het plan 5. Een goede ruimtelijke ordening voorziet in de eerste plaats in het voorkomen van hinder en gevaar. Dit kan worden gerealiseerd door voldoende afstand in acht te nemen tussen milieubelastende en milieugevoelige functies. Om die reden wordt gevraagd andere mogelijke locaties te zoeken, waar geen of minder planschade is. Wij vragen u het bestemmingsplan niet vast te stellen 6. Gevraagd wordt om het bestemmingsplan niet vast te stellen of in ieder geval rekening te houden met de zienswijze en het plan aan te passen. Reactie Omdat de inhoud van de zienswijze grotendeels overeen komt (soms in een andere formulering) met de aangedragen punten in de zienswijze van indiener O wordt integraal naar de beantwoording van de zienswijze van indiener O verwezen. Daarnaast verwijzen we als reactie op de zienswijze naar de volgende antwoorden: Door dit plan is inkijk mogelijk ad 1. Verwezen wordt naar ad 8 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C.

Bewoners dreigen door het plan het vrije uitzicht te verliezen ad 2. Verwezen wordt naar ad 9 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. Het plan dreigt lichthinder te veroorzaken ad 3. Verwezen wordt naar ad 10 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. De gemeente hoort andere mogelijke locaties te onderzoeken ad 4. Verwezen wordt naar ad 11 en ad 12 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C en naar ad 12 van de beantwoording van de zienswijze van indiener J. U kunt planschade voorkomen door een aanpassing van het plan ad 5. Verwezen wordt naar ad 14 van de beantwoording van de zienswijze van indiener C. Wij vragen u het bestemmingsplan niet vast te stellen ad 6. Hiervan is kennisgenomen. Conclusie De zienswijze leidt tot aanpassing van het bestemmingsplan. In de regels wordt een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarmee realisatie van het beoogde groenplan juridisch wordt verankerd. J. Indiener J Brief van 18 oktober 2021, ontvangen 19 oktober 2021 (D21.575090) Samenvatting Indiener geeft in de inleiding van de zienswijze aan waarom zij tegen de nieuwbouw van een brandweerpost op de locatie Guldenroedestraat is en dat er argumenten zijn waarom dit haar inziens een onverstandige keuze is. Naar haar mening heeft de gemeente in het kader van de 19

locatiekeuze steken laten vallen. Vervolgens gaat zij puntsgewijs in op de argumenten die aan haar zienswijze ten grondslag liggen. 1. Uitruktijden: extra 34 seconden uitruktijden voor de brandweer 1. De gemeente heeft meerdere malen benadrukt dat de kortste uitruktijden het belangrijkste argument zijn voor de keuze van locatie 9 (Guldenroedestraat/Hoefbladstraat). De verplaatsing van de locatie Stenevate (locatie 1) naar locatie 9 betekent een extra uitruktijd van 34 seconden. Aan de gemeente wordt gevraagd te beargumenteren waarom het gerechtvaardigd is om de uitruktijden met 34 seconden toe te laten nemen. 2. Zichtbaarheid in de woonwijk 2. Indiener stelt dat de bouw van een brandweerpost in plaats van woningen een negatieve invloed heeft op het uitzicht en de gevoelens van de buurtbewoners. 3. De situering van de brandweerpost op de kavel maakt dat er een totaal andere ruimtelijke opzet ontstaat dan in het oorspronkelijke stedenbouwkundige plan voor Over de Dijk beoogd was. Indiener stelt dat dit afbreuk doet aan de beeldkwaliteit van de wijk en met name de Hoefbladstraat, omdat de twee vrijstaande woningen wel onderdeel zouden uitmaken van de gevelrooilijn van deze straat.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11056107/1