4. Ontwerpbegroting 2023 2022-04-14
Tekst van het document
Iedere gemeente beschikt over een kwalitatieve rapportage over brandveiligheid/naleefgedrag bij risicovolle objecten in de gemeente.
-
Een actueel overzicht van de meest voorkomende oorzaken van brand in de regio is beschikbaar.
-
2.2.2
Leveren wij digitale kaartinformatie over risico’s aan incidentbestrijding en aan gemeenten.
Incidentbestrijding
De veiligheidsregio voert de operationele brandweerzorg uit. Deze omvat het voorkomen en bestrijden van branden en van ongevallen anders dan brand die gevaar voor mens en dier (kunnen) opleveren (verkeersongevallen, bedrijfsongevallen, waterongevallen en ongevallen met gevaarlijke stoffen). De veiligheidsregio beschikt hiervoor over 30 brandweerposten. Het werk wordt uitgevoerd door beroepsmedewerkers (24 uursdienst en dagdienstmedewerkers) en ongeveer 800 vrijwilligers. Naast de basiszorg omvat incidentbestrijding ook het grootschalig en specialistisch optreden van de brandweer. Bij incidenten van grotere omvang is het aspect van slagkracht van belang. Aan de hand van het provinciaal risicoprofiel en de hierin genoemde incidenttypen is bepaald hoe groot de slagkracht minimaal moet zijn. Aangezien het gros van de incidenttypen zich in elke gemeente kan voordoen, is gekozen voor een zodanige verdeling van capaciteit dat de slagkracht overal binnen de landelijke tijdsnormen kan worden geformeerd. Deze capaciteit is overigens al aanwezig; het is de som van de eenheden die nodig zijn voor de snelle eerstelijns brandweerzorg in de gemeenten. Voor het bestrijden van complexe incidenten beschikt de brandweer over specialistische teams die de lokale posten ondersteunen met extra kennis, ervaring en uitrusting.
Activiteiten 2023 Een verdere ontwikkeling van de repressieve organisatie Brandweer Limburg-Noord is op weg naar de brandweer in 2030; een repressieve brandweerorganisatie die flexibel, rationeel en robuust is ingericht om snel en adequaat incidenten te kunnen bestrijden. Vrijwillig waar het kan en beroepsmatig daar waar het moet en met ruimte voor burgerhulpverlening. Snel en adequaat betekent dat de basisbrandweerzorg georganiseerd blijft vanuit de lokale brandweerposten. Eenvoudige technieken en tactieken en een verregaande standaardisering maken dat de lokale vrijwilliger de basisincidenten in zijn of haar verzorgingsgebied kan bestrijden: werken vanuit een behapbare basis. Aanvullend op de vrijwillige posten die op basis van vrije instroom werken, creëren we waar en wanneer nodig een beroepsmatige schil van gegarandeerde paraatheid. De focus van de specialistische teams ligt op hoogwaardige kennis van en ervaring met complexe incidenten en minder op de opkomsttijd. Door ombuigingen en het maken van scherpe maar verantwoorde keuzes worden de extra kosten van taakdifferentiatie en andere externe ontwikkelingen zoveel als mogelijk gecompenseerd.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
24
14 april 2022
Prestatie indicatoren Een parate brandweerorganisatie die adequaat en voldoende snel reageert op de gemiddeld 4.000 meldingen per jaar (waarvan 2.500 prio 1 en 1.500 prio 2). Indicatoren • Regionaal: in de praktijk wordt 50% van de maatgevende incidenten (brand in een gebouw) binnen de wettelijke opkomsttijd voor dat specifieke soort gebouw bereikt door de eerste eenheid. • Bij prio-1 meldingen is het streven een uitruktijd van maximaal 5 minuten te halen bij vrijwillige posten en anderhalve minuut bij beroepsposten en posten met een SI-2T (moment van alarmering tot aan moment van de uitruk).
2.2.3
Preparatie
De kwaliteit van de operationele brandweerzorg is sterk afhankelijk van de vakbekwaamheid van de medewerkers, de inzetbaarheid van het materieel en de operationele voorbereiding. Deze aspecten zijn verenigd binnen het onderdeel Preparatie. Vakbekwaamheid bestaat uit het opleiden (vakbekwaam worden) en oefenen (vakbekwaam blijven) van het brandweerpersoneel. Dit is vastgelegd in kwalificatieprofielen en in wet- en regelgeving. Het onderdeel materieel is gericht op het onderhoud en aankoop van materieel van de brandweer. Operationele voorbereiding verzorgt alle procedures en data zoals die nodig zijn binnen Brandweerzorg en is de verbindende schakel naar de ketenpartners en meldkamer. Activiteiten 2023 Speciaal te benoemen activiteiten voor 2023 zijn: • • • • • • •
Zoveel als mogelijk voldoen aan de grote opleidingsvraag van nieuwe vrijwilligers. Opleiding en training specialistische teams. Invoering gebiedsgerichte opkomsttijden. Grote aanbestedingen materieel. Uitvoering RBOP 3.0. Ontwikkelingen conform Landelijke Meldkamer Samenwerking (LMS) zoals genoemd in het “beleids- en bestedingsplan 2020-2024 meldkamers”. Inzet vrijwillig en beroeps instructeurs in balans.
Prestatie indicatoren Een goed geoefende, voorbereide en toegeruste brandweerorganisatie, conform landelijk vastgestelde standaarden. Jaarlijks zijn er leergangen voor gemiddeld 200 medewerkers en vrijwilligers, met als hoofdmoot de leergangen manschap, chauffeur, pompbediener en bevelvoerder. Jaarlijks zijn er 20 tot 40 reguliere oefenmomenten voor elke brandweermedewerker (vrijwilligers en beroeps).
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
25
14 april 2022
Indicatoren • Alle ruim 850 operationeel inzetbare medewerkers voldoen aan de landelijke branche-standaard voor vakbekwaamheid. • Actuele planvorming, objectinformatie, procedures, inzetvoorstellen en dekkingsplan. • De kazernes voldoen aan onderhoudsniveau 3 van de NEN2767-norm. • Al het materieel voldoet aan de daarvoor geldende kwaliteitsstandaard en/of keurmerk en wordt periodiek gekeurd.
2.2.4
Programmakosten
De lasten van de programma Brandweerzorg bedragen € 33,4 miljoen (exclusief toerekening overhead). Dat is € 64 per inwoner. De gemeenten dekken met hun bijdragen € 27,7 miljoen van de programmalasten. Dat is € 53 per inwoner. Tabel programma Brandweerzorg
(bedragen in duizenden euro's) Begroting 2023
Lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Geraam d saldo van baten en lasten Stortingen in reserves Ontrekkingen van reserves
33.431 33.396 0 0 35 137 172
Geraam d resultaat
0
De storting van € 137.000 en onttrekking van € 172.000 hebben betrekking op de reserve onderhoud brandweergebouwen.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
26
14 april 2022
2.3 Programma Crisisbeheersing De veiligheidsregio fungeert als een platform voor de verschillende partijen in de crisisbeheersing. Zij draagt zorg voor een collectief en dynamisch beeld en analyse van risico's in de regio alsmede voor advies en communicatie over deze risico's en mogelijke maatregelen. Daarnaast draagt zij zorg voor (de inzet van) een gedegen voorbereide, vakbekwame, parate en professionele crisisorganisatie, en voor het structureel leren en verbeteren van deze taken. Het programma Crisisbeheersing bestaat uit de volgende onderdelen: •
Crisisbeheersing en multidisciplinaire samenwerking;
•
Geneeskundige HulpverleningsOrganisatie in de Regio (GHOR);
•
Gemeentelijke processen en
•
Multidisciplinaire samenwerking op en met Meldkamer Limburg.
Richtinggevende uitgangspunten Door de Bestuurscommissie Veiligheid is benadrukt dat de VRLN inzet op versterking van de informatiesturing en de internationale netwerkontwikkeling. Daarnaast is de synergie met GHOR en Oranje Kolom van grote betekenis. Naar analogie van de visie op de brandweer werkt een bestuurlijke begeleidingsgroep aan een visie op Crisisbeheersing in 2030. 2.3.1 Crisisbeheersing en multidisciplinaire samenwerking en GHOR Het onderdeel crisisbeheersing voert de multidisciplinaire taken uit. Dit onderdeel is primair verantwoordelijk voor de multidisciplinaire kernfuncties, ruimtes, (informatie)voorzieningen en wettelijke planfiguren en heeft een regierol in de samenwerking met de (keten)partners.
Crisisbeheersing: • onderhoudt daartoe de benodigde contacten, netwerken en convenanten met partners en buurregio's in binnen- en buitenland; • informeert en adviseert burgers, partners en bestuur omtrent risico's en maatregelen, onder andere door monitoring en analyse van kwetsbaarheden en dreigingen, risicocommunicatie, evenementenadvies en participatie in de Risk Factory; • ontwikkelt en beheert gezamenlijke plannen, (opschaling)procedures, informatievoorziening, multidisciplinaire piketten, pools, ruimtes en andere (digitale) resources; • coördineert de multidisciplinaire voorbereiding, informatie-uitwisseling, vakbekwaamheid en daadwerkelijk optreden van betrokken diensten en (keten)partners en • bewaakt de kwaliteit van de crisisbeheersing middels monitoren, evalueren en leren. De GHOR is belast met de coördinatie, voorbereiding, aansturing en regie van de geneeskundige hulpverlening bij rampen en grootschalige ongevallen en met de advisering van andere overheden en organisaties op dat gebied. Doelstelling is dat de geneeskundige partners naadloos kunnen opschalen van reguliere naar opgeschaalde geneeskundige hulpverlening en dat de betrokken organisaties daarbij als samenhangende keten kunnen optreden, zodat slachtoffers van rampen en crises optimale zorg kan worden geboden.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
27
14 april 2022
Daarvoor zijn enerzijds afspraken (convenanten) met partners van belang. Anderzijds is een goede relatie met de partners op alle niveaus minstens zo belangrijk. Een specifieke activiteit vormt de geneeskundige advisering bij evenementen. Informatiemanagement GHOR Landelijk gezien is informatieontsluiting en toegankelijkheid van informatie, mede ten behoeve van ketenpartners, in doorontwikkeling. De GHOR Limburg-Noord heeft zich versterkt met een specialist informatiemanagement en een adviseur informatievoorziening om daarbij aan te kunnen sluiten. Het informatiemanagement wordt in de komende jaren doorontwikkeld. Activiteiten 2023 Crisisbeheersing formuleert in het licht van de kerntakendiscussie en evaluatie van de Wvr in 2022 haar toekomstvisie. In de eerste contouren daarvan, de evaluatie Wvr en het beleidsplan vinden we aanleiding om in 2023 in te zetten op: • Update risicoprofiel; In 2023 is de update van het provinciale risicoprofiel voorzien. Daarin willen we een stap zetten naar een meer dynamische methodiek, waardoor er met meer regelmaat een bestuurlijke dialoog gevoerd kan worden over prioriteiten binnen crisisbeheersing. • Versterking van de netwerk- en regierol; Naar aanleiding van de adviezen die door de commissie Evaluatie Wvr zijn gedaan ten aanzien van rol en positie van de GHOR, bevolkingszorg en crisiscommunicatie in crisisbeheersing.
We gaan gezamenlijk met GHOR en Oranje Kolom op zoek naar synergie. Daarnaast richten we onze inspanningen op extern netwerkmanagement, zowel regionaal als nationaal en internationaal. • Informatiegestuurd werken; dit is de basis voor moderne crisisbeheersing. We bouwen verder op het Veiligheidsinformatie Knooppunt (VIK) (de 2e fase) en in Zuid-6-verband aan producten voor informatiegestuurde veiligheid en structurele innovatie. Dit vergt naast de incidentele investeringen die deels middels subsidies worden ingezet ook in toenemende mate structurele middelen voor beheer en borging. • Ketenmanagement en informatiemanagement; multidisciplinair maar ook specifiek binnen de GHOR worden deze thema's verder doorontwikkeld. Informatiemanagement met name in de preparatiefase, met aandacht voor regievoering op het informatienetwerk, -proces en -producten. De GHOR werkt hierbij samen met en draagt bij aan multidisciplinair informatiemanagement en creëert voor de witte keten een ‘single source of truth’. • Betrokkenheid inwoners; In 2022 starten we mede vanuit de evaluatie Hoogwater met trajecten om de verbinding met de inwoners voor, tijdens en na de crisis structureel te verbeteren. De verwachting is dat deze trajecten in 2023 hun toepassing in de volle omvang gaan krijgen. Daarmee wordt tevens geïnvesteerd in de versterking én ontschotting van risico- en crisiscommunicatie.
• Doorontwikkeling van de crisisorganisatie; in het licht van de evaluatie Wvr, de visie op crisisbeheersing en het programma versterking crisisbeheersing worden vanaf 2022 verdere aanpassingen aan de crisisorganisatie verwacht. Ook evaluatiepunten uit diverse crises tot dan toe worden hierin meegenomen, mogelijk leidend tot een aanpassing in het regionaal crisisplan in 2023 of 2024.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
28
14 april 2022
Prestatie indicatoren Crisisbeheersing draagt zorg voor actuele plannen, snelle en adequate opschaling en inzet van vakbekwame medewerkers, belast met GHOR- en multidisciplinaire processen crisisbeheersing. Daarvoor worden onderstaande inspanningen (indicatoren) geleverd. Indicatoren Evenementen advisering Risicobeheersing • Op alle adviesaanvragen in het kader van vergunningverlening voor een B- of C-evenement (ongeveer 325 per jaar) is advies uitgebracht binnen 10 werkdagen, ingaand vanaf het moment dat een adviesverzoek met complete aanvraag is ingediend. Voorbereiding: • Tenminste 90% van multidisciplinaire plannen, werkinstructies en operationele informatie wordt tenminste eenmaal per 3 jaar gecontroleerd op actualiteit waarbij de versiedatum wordt aangepast. • Met alle structurele partners en buurregio’s is jaarlijks contact en zijn afspraken vastgelegd • Het MOTO-aanbod (multidisciplinair opleiden-trainen-oefenen) voorziet in tenminste 2 oefenmomenten per functionaris per jaar. • (M)OTO-deelname door GHOR-functionarissen en multi-functionarissen (i.c. leiders en informatiemanagers) voldoet aan de norm van minimaal 2 momenten per functionaris per jaar. • De paraatheid en vakbekwaamheid van GHOR-functionarissen en multi-functionarissen is actueel en inzichtelijk.
• De GHOR heeft inzicht in de voorbereiding van instellingen, zorgaanbieders, regionale ambulancevoorziening en diensten die een taak hebben in de geneeskundige hulpverlening én continuïteit van zorg moeten garanderen. Crisisbestrijding: • Individueel niveau: de kernfuncties crisisbeheersing zijn in 80% van de gevallen na alarmering binnen de normtijd uit het Regionaal Crisisplan aangevangen met hun werkzaamheden. • Teamniveau: de teams beginnen in 80% van de gevallen in een naar oordeel van de leider voldoende complete samenstelling binnen de normtijd uit het Regionaal Crisisplan met het eerste overleg. Evalueren en leren: • Alle GRIP-incidenten en aanvullend de multidisciplinaire gebeurtenissen waarvoor dit gevraagd wordt, worden geëvalueerd en verwerkt in een periodieke nieuwbrief. • Jaarlijks wordt op basis van alle evaluaties een trendanalyse met leer- en verbeterpunten gegenereerd en vastgesteld.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
29
14 april 2022
2.3.2
Gemeentelijke processen
De Oranje Kolom (gemeentelijke crisisorganisatie) is belast met de coördinatie en uitvoering van de processen Bevolkingszorg tijdens een crisis. Deze processen zijn: crisiscommunicatie, publieke zorg, omgevingszorg, nazorg, informatiemanagement en ondersteuning (bestuurlijk, juridisch en facilitair). De Oranje Kolom richt zich voornamelijk op de operationele voorbereiding en preparatie van functionarissen die tijdens een incident in actie moeten komen. Dit gebeurt door opleidingen en deelname aan mono- en multidisciplinaire trainingen en oefeningen. De Oranje Kolom valt inhoudelijk onder verantwoordelijkheid van de coördinerend gemeentesecretaris en functioneel onder de veiligheidsregio (werkgeverschap). Voor de Oranje Kolom zijn ongeveer 290 functionarissen actief, verdeeld over 17 sleutelfuncties in 14 bovenlokale, 3 interlokale en 8 lokale pools. Gemeentelijke functionarissen komen zo’n 300 keer per jaar in actie. Activiteiten 2023 Passend binnen de landelijke toekomstagenda zal de Oranje Kolom blijven werken aan de positionering van het proces bevolkingszorg binnen de veiligheidsregio. Daarbij blijven wij continu werken aan de (bestuurlijke) verbinding tussen de 15 gemeenten en hun medewerkers. Bevolkingszorg In 2023 staat het borgen van het nieuwe Handboek Bevolkingszorg centraal.
Het handboek wordt in 2022 opgeleverd, passend binnen de Landelijke Toekomstagenda Bevolkingszorg. Het opleiden, trainen en oefenen in de nieuwe structuur is een logisch vervolg op de doorontwikkeling van bevolkingszorg. Daarbij wordt landelijke uniformiteit nagestreefd. Crisiscommunicatie In het kader van de versteviging van crisiscommunicatie wordt verder ingestoken op het concept van ‘continu communiceren’ waarbij de focus komt te liggen op een vloeiende overgang van corporate-, naar risico-, naar crisiscommunicatie en weer terug. De nieuwe website met ‘liveblog’-functionaliteit is hier een eerste stap in. De nieuwe persinformatietool (PINT) is hier het vervolg op. Operationele inzetbaarheid Vanwege interne organisatieontwikkelingen en de continue externe adaptatie aan nieuwe en ‘ongekende’ crises blijft vakbekwaamheid van gemeentefunctionarissen onze topprioriteit. Bij alle processen staat zelfredzaamheid en burgerhulpverlening centraal. De vanzelfsprekendheid van het proces ‘Nafase’ voor partners blijft daarbij een aandachtspunt. Verstevigen nevenfunctie Wij blijven werken aan het vergroten van de aantrekkingskracht van de crisisnevenfuncties voor gemeenteambtenaren en aan de inbedding van bevolkingszorgrollen in de bestaande gemeentelijke functieprofielen. Dit heeft onze dagelijkse aandacht.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
30
14 april 2022
Prestatie indicatoren Indicatoren Operationele voorbereiding: • Van de functionarissen binnen de Oranje Kolom die actief zijn binnen de multidisciplinaire teams neemt iedere functionaris minimaal 1x per jaar deel aan een multidisciplinaire bijscholing of oefening. • Elke functionaris binnen de Oranje Kolom neemt minimaal 1x per jaar deel aan een monodisciplinaire opleiding of oefening. • Alle nieuwe functionarissen die binnen de Oranje Kolom actief zijn, volgen een startbekwaamheidstraject voor de functie die zij gaan uitoefenen. Incidentbestrijding: • In alle gevallen zijn de teams na alarmering binnen de gestelde opkomsttijden operationeel.
2.3.3
Meldkamer
De meldkamerfunctie is voor Limburg-Noord belegd bij de Gemeenschappelijke Meldkamer Limburg. Het technisch beheer hiervan is per 2020 overgedragen aan de LMS. Het personele beheer voor brandweer (centralisten) en crisisbeheersing (calamiteitencoördinatoren) is overgedragen aan Veiligheidsregio Zuid-Limburg. Regie en kaderstelling is echter een gedeelde verantwoordelijkheid voor beide veiligheidsregio's. De calamiteitencoördinatoren functioneren in dit kader als vooruitgeschoven post van crisisbeheersing op de meldkamer, met verschillende taakaspecten: •
warm ten behoeve van 24/7 geborgde eenhoofdige multidisciplinaire leiding en delen van multidisciplinaire incidentinformatie;
•
lauw ten behoeve van de operationele informatievoorziening rond kwetsbaarheden, dreigingen en omgevingsbeelden in de regio en
•
koud ten behoeve van een aantal multidisciplinaire voorbereidingstaken op de meldkamer (opleiding, oefening, procedures etc.).
Op landelijk niveau zijn budgetten voor de LMS beschikbaar gesteld en daarvoor is budget afgeroomd bij de partners en dus ook bij de veiligheidsregio’s. We gaan er vanuit dat er geen aanvullende bijdrage van VRLN wordt gevraagd.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
31
14 april 2022
2.3.4
Programmakosten
De lasten van de programma Crisisbeheersing bedragen € 5,1 miljoen (exclusief toerekening overhead). Dat is € 10 per inwoner. De gemeenten dekken met hun bijdragen € 4,5 miljoen van de programmalasten. Dat is € 8 per inwoner. Tabel programma Crisisbeheersing
(bedragen in duizenden euro's) Begroting 2023
Lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Geraam d saldo van baten en lasten Stortingen in reserves Ontrekkingen van reserves
5.137 5.007 0 0 130 0 130
Geraam d resultaat
0
De onttrekking van € 130.000 vindt plaats in de reserve transitieformatie meldkamer.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
32
14 april 2022
2.4
Programma Bedrijfsvoering/Overhead
Het programma bedrijfsvoering is ondersteunend aan de beleidsinhoudelijke programma’s en bestaat uit de activiteiten met betrekking tot personeel & organisatie, financiën, control, informatie & automatisering, facilitaire ondersteuning, inkoop, juridische zaken en communicatie. Uitgangspunten die worden gehanteerd: •
Ondersteunend aan het primair proces, binnen wet- en regelgeving en de inhoudelijke kaders die door het bestuur zijn gesteld;
•
Functioneren binnen financiële kaders die samenhangen met de bestuurlijk vastgestelde begroting;
•
Functionerend binnen de door de organisatie gebruikte kwaliteitssystemen;
•
Werken op basis van informatie delen en toegankelijkheid, waarbij digitalisering − met als randvoorwaarde een goede borging van aspecten van informatieveiligheid en privacy − actief wordt opgepakt;
•
Duurzame inzetbaarheid van vitale en veerkrachtige medewerkers;
•
Duurzame bedrijfsvoering gericht op het tegengaan van verspilling van middelen, menselijk kapitaal en energie.
Ontwikkelingen 2023 In 2019 heeft Berenschot de overheadkosten van VRLN vergeleken met 12 andere veiligheidsregio’s. Uit deze benchmark is gebleken dat de overheadkosten van VRLN aansluiten bij het gemiddeld niveau in de sector, met uitzondering van de kosten voor huisvesting die relatief hoog liggen. Het bestuur heeft daarop opdracht gegeven tot een strategische huisvestingsverkenning, gericht op het reduceren van de huisvestingskosten. De verkenning heeft opgeleverd dat er – rekening houdend met relevante uitgangspunten op het gebied van onder andere kosten, gebruiksmogelijkheden, duurzaamheid – besparingen mogelijk zijn door een aantal locaties af te stoten en/of te verplaatsen. De voorstellen worden verder uitgewerkt en getoetst op consequenties voor de inwoners. Definitieve voorstellen worden medio 2022 aan het bestuur voorgelegd. Het managementteam van de VRLN heeft zichzelf ten doel gesteld de generieke overhead van de VRLN te beperken tot 15% van de totale personele capaciteit. Dit is een realistische doelstelling als rondom hoogwaardige specialistische vraagstukken de samenwerking kan worden ingevuld met gemeenten, andere gemeenschappelijke regelingen en andere veiligheidsregio’s en GGD-en. Dit gebeurt in toenemende mate. Een voorbeeld is de inkoop: dat gebeurt vrijwel altijd in gezamenlijkheid met partners.
De VRLN wil graag op meer terreinen met gemeenten samenwerken om daarmee te voorkomen dat hoogwaardig specialisme bij derden moet worden ingehuurd, bijvoorbeeld bij de arbeidsrechtelijke kennis over de WNRA, een chief information security officer (CISO) en deskundigheid rond het beheer van gebouwen. Tevens wordt er gewerkt aan het terugdringen van administratieve lasten door digitalisering. Net als alle gemeenten wordt de VRLN geconfronteerd met toenemende ICT kosten. In het bijzonder het thema informatieveiligheid vraagt veel aandacht. De VRLN moet voldoen aan NEN7510 normering en de BIO richtlijnen. Vooralsnog wordt dit geëffectueerd door binnen de opgaven te prioriteren en budgetten om te buigen (nieuw voor oud).
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
33
14 april 2022
Op personeelsgebied speelt vergrijzing en krapte op de arbeidsmarkt een belangrijke rol. De VRLN speelt op deze en andere personele uitdagingen in door de ontwikkeling van een strategisch personeelsbeleid, waarin onder meer het stimuleren van mobiliteit en het intensiveren van contacten met universiteiten en hogescholen worden opgenomen. Met deze contacten wordt beoogd studenten te interesseren voor stages of een werkkring binnen de VRLN. 2.4.1
Programmakosten
In de begroting van de veiligheidsregio worden de kosten van de bedrijfsvoering verdeeld over de inhoudelijke programma’s en op die wijze verrekend in de gemeentelijke bijdrage. De gemeente kan namelijk geen overheadkosten van de veiligheidsregio toevoegen aan haar eigen overheadkosten. Op basis van de omvang van de programma’s gaat een vast percentage van 60% van de generieke overhead naar de veiligheidsprogramma’s Brandweerzorg en Crisisbeheersing en 40% naar Publieke Gezondheid. Binnen de programma’s wordt de overhead toebedeeld aan onderdelen op basis van de omvang van de lasten. Een deel van de overheadkosten worden gedekt uit de overige baten. De lasten van de programma Bedrijfsvoering bedragen € 14,8 miljoen. Dat is € 28 per inwoner. De gemeenten dekken met hun bijdragen € 13,3 miljoen van deze lasten. Dat is € 25 per inwoner. Tabel Bedrijfsvoering/Overhead
(bedragen in duizenden euro's) Begroting 2023
Lasten Baten Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien Geraam d saldo van baten en lasten Stortingen in reserves Ontrekkingen van reserves
14.711 14.457 300 50 3 305 308
Geraam d resultaat
0
De storting van € 305.000 vindt voor € 15.000 plaats in de bestemmingsreserves ten behoeve van dekking kapitaallasten gebouw Nijmeegseweg en Drie Decembersingel, € 60.000 in de reserve assurantie eigen risico en € 230.000 in de reserve onderhoud kantoorgebouwen. De onttrekking van € 308.000 heeft voor € 41.000 betrekking op de reserve ter dekking van de kapitaallasten gebouw Nijmeegseweg en Drie Decembersingel en voor € 267.000 op de reserve onderhoud kantoorgebouwen.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
34
14 april 2022
2.5
Risk Factory
Vanaf mei 2019 bezoeken doelgroepen het realistisch educatiecentrum Risk Factory, waar beleven van gezondheid en veiligheid centraal staat. Met realistische en interactieve scenario’s ervaren doelgroepen (on)gezondheid en (on)veiligheid én leren ze hoe te handelen. Levensechte ervaringen veranderen de kijk op risico’s. En dat geeft zelfvertrouwen om – als het er echt op aankomt – de juiste beslissingen te nemen. Doelgroepen In mei 2019 is gestart met een overeenkomst met vier schoolbesturen in het primair onderwijs. Dit aantal is uitgebreid naar 18. De ambitie de Risk Factory uit te breiden voor de doelgroep senioren is snel gerealiseerd, door een samenwerking met KBO Limburg. Daarnaast vindt er een verkenning plaats naar de komst van nieuwe doelgroepen, waaronder statushouders en internationale medewerkers. Breed verspreiden van kennis, opgedane ervaringen en (nieuwe) inzichten Door evaluaties bij de doelgroepen en inhoudelijke inbreng van partners wordt de aansluiting bij de belevingswereld van de doelgroep én bij maatschappelijke ontwikkelingen geborgd.
Dit heeft, naast doorontwikkeling van bestaande scenario’s, geleid tot ontwikkeling van nieuwe scenario’s: ‘hygiëne’ (GGD), ‘gezond omgaan met internet’ en ‘babbeltruc’ voor senioren (Politie), online weerbaarheid/shame sexting voor leerlingen (Ministerie Justitie en Veiligheid, GGD, Politie), noodsituaties (Veiligheidsregio, GGD, Brandweer, Ambulancezorg) en ondermijning (RIEC). Blijvende afstemming met Zuid-Limburg Vanaf het allereerste moment is gepoogd Zuid-Limburg te betrekken bij de ontwikkeling van de Risk Factory in Limburg-Noord. Er zijn diverse contactmomenten geweest, zowel met bestuurders als met ambtenaren. Er begint zich bestuurlijke interesse af te tekenen. We hopen dat dat leidt tot het gezamenlijk doorontwikkelen van de Risk Factory in Limburg. Potentiële nieuwe Risk Factories In Midden- en West-Brabant komt daadwerkelijk een Risk Factory per maart 2022. In AmsterdamAmstelland en Zuid-Holland-Zuid zijn ze vergevorderd met de businesscase in opdracht van hun bestuur. Zes veiligheidsregio’s hebben interesse, maar nog geen bestuurlijke opdracht. De komst van meerdere Risk Factories is positief, zo kan er samen ontwikkeld worden en is het aansluiten van landelijke partners makkelijker. Een landelijke vereniging is in oprichting.
Governance De Risk Factory is voor een periode van 5 jaar (tot medio 2024) als projectorganisatie ondergebracht binnen de juridische context van gemeenschappelijke regeling VRLN. Er is een onderzoek gestart naar de voor- en nadelen van een andere inrichting van de governance. Te denken valt bijvoorbeeld aan het onderbrengen in een stichting waarin een burgemeester en een wethouder vanuit VRLN lid zijn van het stichtingsbestuur of participeren in een Raad van Toezicht. Bij voordelen denken wij eerst en vooral aan het verbreden van de (bestuurlijke) betrokkenheid van de publieke en private partners die samenwerken aan het realiseren van de doelstellingen van de Risk Factory. Wellicht biedt dat tevens een opening voor verbreding van de financiële basis onder de Risk Factory.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
35
14 april 2022
3
Paragrafen
3.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
In 2015 heeft het Algemeen Bestuur besloten een algemene reserve van maximaal € 1.250.000 aan te houden. Concrete risico’s In het kader van risicomanagement vragen wij aandacht voor een aantal concrete risico’s. Coronapandemie De kosten van de bestrijding van de coronapandemie van de GGD en de veiligheidsregio worden vergoed door het Rijk. De afrekening over 2020 en 2021 zijn nog niet definitief vastgesteld door VWS. Datalek GGD systeem CoronIT, en HPZone (Lite) Aan het begin van 2021 is bekend geworden dat bij een datalek bij de GGD-en in Nederland de persoonsgegevens van 6,5 miljoen mensen uit de softwaresystemen, die gebruikt worden bij het plannen van test- en vaccinatieafspraken en het uitvoeren van bron- en contactonderzoek, toegankelijk waren voor onbevoegden en daarmee beschikbaar waren voor illegale datahandel. De Stichting Initiatieven Collectieve Acties Massaschade (Stichting ICAM) stelt namens hun cliënten de Staat aansprakelijk voor de door het datalek bij de GGD-en veroorzaakte schade. Ook individuele GGD-en en veiligheidsregio’s zijn aangeschreven door de Stichting ICAM. De Stichting ICAM claimt een schadevergoeding van € 500 voor elke Nederlander van wie de persoonsgegevens in de GGDsystemen zijn opgeslagen.
Informatieveiligheid Met de toenemende digitalisering neemt het belang van informatieveiligheid toe, daar we merken dat de digitale kwetsbaarheden en dreigingen ook toenemen. De VRLN heeft de afgelopen tijd geïnvesteerd in hard- en software om informatiesystemen veiliger te maken. De komende jaren worden er aanvullend diverse maatregelen ondernomen, zoals het implementeren van de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO). De BIO geldt als basisnormenkader voor de overheid op informatiebeveiliging. De VRLN wil de maatregelen binnen twee jaar volledig implementeren. Daarnaast wil de VRLN samenwerken met andere veiligheidsregio’s en GGD-en om de kwetsbaarheid van onze organisatie te verminderen. De VRLN zou graag zien dat software voor cruciale processen op een landelijke infrastructuur draait in plaats van dat veiligheidsregio’s en GGD-en hier eigenstandig in opereren. Tot slot is de VRLN van mening dat op landelijk niveau een Security Operation Center moet worden ingericht om individuele veiligheidsregio’s en GGD-en bij te staan in het monitoren van dreigingen en de kwalificatie van incidenten. Hoog specialistische kennis moet worden ingezet als cyberincident onverhoopt optreedt. De gevolgschade van een cyberincident is niet te kwantificeren.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
36
14 april 2022
Deeltijdregeling brandweervrijwilligers In Nederland bestaat een hybride stelsel van beroeps- en vrijwillige brandweermensen. De Europese Deeltijdrichtlijn dreigt de vrijwilligheid onder druk te zetten. De Minister van Justitie en Veiligheid heeft aangegeven dat vrijwilligheid echt vrijwillig moet zijn en dat sluit niet aan bij kazernering van vrijwilligers. Daarnaast moet een onderscheid worden gemaakt in het takenpakket tussen vrijwilligers en beroepsbrandweermensen. VRLN kiest er voor hoog specialistisch taken te beleggen bij beroepsbrandweermensen. Door materiële voorzieningen te verminderen is financiële ruimte gevonden om de beroepscapaciteit uit te breiden. Er zijn met het Rijk nog geen afspraken gemaakt over de vergoeding van meerkosten die voortvloeien uit de stelselwijziging. Een extern bureau heeft uitgerekend dat deze wijziging in onze regio € 1,2 mln. kosten met zich meebrengt. De bestuurlijke lijn is dat wijzigingen als gevolg Europese wetgeving door het Rijk moeten worden vergoed. Krappe arbeidsmarkt De krappere arbeidsmarkt maakt het moeilijk medewerkers te vinden. Het risico bestaat dat de bezetting niet op orde is en afgesproken prestaties om die reden niet kunnen worden gerealiseerd.
Daarnaast nemen kosten om leemtes in de planning te ondervangen met tijdelijke inhuur van medewerkers toe en is de inspanning die geleverd wordt om verloop van medewerkers op te vangen groot. Het personeelsplan 2022-2030 wordt in juli 2022 aan het bestuur voorgelegd. Ondernemersrisico Er bestaan onzekerheden ten aanzien van aanvullende inkomsten door (mogelijke) veranderingen in wet- en regelgeving en overige (externe) ontwikkelingen. In 2021 was als gevolg van de coronapandemie sprake van een forse omzetderving bij reizigersvaccinaties. Bij VWS is het verlies (omzet minus kosten) van € 625.000 gedeclareerd. Voorwaardelijk pensioen medewerkers Zorggroep Op 1 januari 2012 is de jeugdgezondheidszorg voor 0-4 jarige overgedragen van de Zorggroep naar VRLN. Met de overgang van de medewerkers van de Zorggroep naar VRLN is het deelnemerschap van de collega’s overgekomen van de Zorggroep bij Pensioenfonds Zorg en Welzijn (PfZW) beëindigd. Op basis van artikel 18 lid 4 van het sociaal plan garandeert VRLN dat het voorwaardelijk pensioen na overdracht van pensioenrechten naar het ABP bij dat pensioenfonds ten minste gelijk is aan dat bij het PfZW. Om dit te bewerkstelligen is met het ABP in 2011 ‘Behoud Voorwaardelijke Inkoop’ overeengekomen. Dat is de financiële techniek waarmee overdracht van rechten plaats kan vinden.
In 2020 heeft het ABP de voorwaardelijke pensioenrechten opgenomen. Over de hoogte van de rechten van individuele medewerkers staan nog vragen open. Als gevolg daarvan is dit dossier nog niet definitief afgesloten. Mocht compensatie nodig zijn dan gaat dat om een bedrag van maximaal € 135.000.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
37
14 april 2022
Financiële kengetallen Netto schuldquote Het kengetal netto schuldquote, ook wel bekend als de netto-schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie van de gemeenschappelijke regeling. De netto schuldquote geeft aan of de gemeenschappelijke regeling investeringsruimte heeft of juist op zijn tellen moet passen. Daarnaast geeft het kengetal inzicht in de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. In de uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Voor veiligheidsregio’s wordt 80% als norm aangehouden. VRLN blijft onder de norm. Solvabiliteit De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe financieel gezonder de gemeenschappelijke regeling. De solvabiliteit van de organisatie wordt door de wetgever in toenemende mate als onderdeel gezien van de sturings- en verantwoordingsinformatie.
VRLN is in staat haar kortlopende en langlopende schulden te voldoen. De lage rentestand is behulpzaam want de duurdere leningen met een hoger rentepercentage worden indien mogelijk vervangen door goedkopere leningen met een lager rentepercentage. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn voornamelijk de gemeentelijke bijdragen en de rijksbijdrage. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Het percentage voor VRLN ligt ultimo 2023 op 0,6 %. Dit verhoudingsgetal is positief, wat betekent dat de structurele lasten gedekt worden door structurele baten. Genoemde kengetallen zijn in volgende tabel weergegeven. Financiële kengetallen
(in percentages) Realisatie 2021
Ram ing 2022
Ram ing 2023
Ram ing 2024
Ram ing 2025
Ram ing 2026
Netto schuldquote
57,8%
67,2%
65,0%
66,7%
67,5%
63,3%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
57,8%
67,2%
65,0%
66,7%
67,5%
63,3%
Solvabiliteitsratio
11,6%
10,0%
10,8%
10,1%
9,8%
10,1%
Structurele exploitatieruimte
-0,4%
-0,1%
0,6%
0,0%
0,5%
0,1%
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
38
14 april 2022
3.2
Onderhoud kapitaalgoederen
De belangrijkste kapitaalgoederen die VRLN in eigendom heeft betreffen materieel van de brandweer (met name vervoermiddelen) en gebouwen. Voor deze eigendommen gelden de wettelijke voorgeschreven keurings- en onderhoudswerkzaamheden. a. Materieel Ten aanzien van vervanging van materieel zijn soberheid, doelmatigheid en regionale uniformiteit belangrijke uitgangspunten. In het kader van risicogerichtheid en focus wordt de standaardisering op onderdelen minder. Op dit moment worden ingewikkelde branden (denk aan zeer grote brandcompartimenten) bestreden met middelen die geschikt zijn voor reguliere gebouwbranden maar niet voor brandcompartimenten tot wel 25.000 m2. De brandweer moet dan ook investeren in nieuwe innovatieve technische middelen. Tevens wordt er bij aanschaf van nieuwe voertuigen gekeken naar duurzame initiatieven waarbij de primaire inzetfunctie van het voertuig in kwaliteit gelijk moet blijven aan de gestelde eisen. De fasering van duurzame voertuigen wordt waarschijnlijk het eerste zichtbaar bij de piket voertuigen. Aandacht is hierbij wel nodig voor de gevolgen voor de infrastructuur, zoals laadfaciliteiten op de locaties van de veiligheidsregio en bij piket functionarissen. b. Huisvesting VRLN beschikt over 30 brandweerkazernes, hiervan zijn er 8 eigendom van VRLN (inclusief de nog nieuw te bouwen locatie).
Naast 8 brandweerkazernes heeft VRLN ook vier kantoorlocaties (incl. GGD-vestigingen) in eigendom. Locatie
Adres
Plaats
Hoofdvestiging VRLN
Nijmeegsew eg 42
Venlo
Oude brandw eerkazerne Venlo
Nijmeegsew eg 40
Venlo
Hoofdvestiging GGD (Venlo)
Drie Decembersingel
Venlo
Hoofdvestiging GGD (Roermond)
Oranjelaan
Roermond
Brandw eerkazerne Echt
Bandertlaan
Echt
Brandw eerkazerne Gennep
Paesplasw es
Gennep
Brandw eerkazerne Horst
Westsingel
Horst
Brandw eerkazerne Ittervoort
Aziëstraat
Ittervoort
Brandw eerkazerne Nederw eert
Smisserstraat
Nederw eert
Brandw eerkazerne Stramproy
Bergerothw eg
Stramproy
Brandw eerkazerne Venlo
Ariënsstraat
Venlo
Brandw eerkazerne Weert
De Savorin Lohmanstraat
Weert
Duurzaamheid In de komende jaren kijken we voor materieel en huisvesting nadrukkelijk naar de ontwikkeling van duurzaamheid. Het gaat hierbij om de uitstoot op drie niveaus: uitstoot van eigen middelen (met name voertuigen), inkoop en verbruik van energie en uitstoot als gevolg van activiteiten. Om deze ontwikkeling prioriteit te geven, maar meer nog vanuit een maatschappelijk verantwoorde visie zal het positioneren van een duurzaamheidscoördinator ingezet worden. Deze medewerker is verantwoordelijk voor het vormgeven van het duurzaamheidsbeleid en de implementatie. Op die manier wordt een basis gelegd en kan er in kaart worden gebracht welke investeringen er de komende jaren noodzakelijk zijn om te voldoen aan de gestelde normen.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
39
14 april 2022
3.3
Financiering
De veiligheidsregio heeft het beleid ten aanzien van de financiering vastgelegd in de financiële verordening. De regels ter uitvoering van de beleidspunten zijn vastgelegd in het treasurystatuut (financieringsstatuut). De veiligheidsregio voldoet aan de voorschriften met betrekking tot de renterisiconorm en de kasgeldlimiet. Risicobeheer (kasgeldlimiet en renterisiconorm) De kasgeldlimiet laat zien welk risico er bestaat ten aanzien van vlottende schulden. De renterisiconorm is een maatstaf om te bepalen welke kredietrisico’s de veiligheidsregio loopt op de vaste schulden. Dit zijn de schulden met een looptijd langer dan 1 jaar. De renterisiconorm wordt gemeten in een bedrag ter grootte van 20% van het begrotingstotaal. De veiligheidsregio blijft, volgens de huidige inzichten, in het begrotingsjaar 2023 en meerjarig binnen de kasgeldlimiet en de renterisiconorm. Liquiditeitsplanning en financieringspositie Gezien de investeringsplanning en de aflossing op bestaande geldleningen wordt in de kapitaalbehoefte voorzien door het aantrekken van geldleningen in 2023 en de volgende jaren. Hierbij wordt ervan uitgegaan dat de kasgeldlimiet maximaal benut wordt, zonder deze te overschrijden. Renterisiconorm
(bedragen in duizenden euro's)
(1) Renteherzieningen (2) Aflossingen (3) Renterisico (1) + (2) (4) Renterisiconorm (5a) = (4) > (3) Ruimte onder renterisiconorm (5b) = (3) > (4) Overschrijding van de renterisiconorm Berekening renterisiconorm (4) (4a) Begrotingstotaal jaar t (4b) Percentage regeling (4) = (4a)*(4b)/100 renterisiconorm jaar t
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
40
2023
2024
2025
2026
0 6.462 6.462 14.169 7.707
0 6.862 6.862 14.169 7.307
0 6.562 6.562 14.169 7.607
0 6.562 6.562 14.169 7.607
70.847 20 % 14.169
70.847 20 % 14.169
70.847 20 % 14.169
70.847 20 % 14.169
14 april 2022
Kasgeldlimiet
(bedragen in duizenden euro's) 000100
1e kwartaal
(Jaar t = 2021)
2e kwartaal
3e 4e kwartaal kwartaal
(1) Vlottende schuld
333
0
0
0
(2) Vlottende middelen (3) Netto vlottend schuld (+) of overschot (-) (1) -(2) (4) Gemiddelde van (3) (4) Toegestane kasgeldlimiet In geld In percentage Ruimte (4) groter dan (3) Overschrijding (3) groter dan (4) (5) Berekening kasgeldlimiet (6) Rekeningtotaal 2021 (7) Percentage regeling (5)= (7) * (8) kasgeldlimiet 2021
410 -77 -77
317 -317 -317
387 -387 -387
371 -371 -371
9.869 8,20% 9.946 -
9.869 8,20% 10.185 -
9.869 8,20% 10.256 -
9.869 8,20% 10.239 -
120.350 8,20% 9.869
120.350 8,20% 9.869
120.350 8,20% 9.869
120.350 8,20% 9.869
3.4
Verbonden Partijen
De veiligheidsregio kent geen verbonden partijen. 3.5
Vennootschapsbelasting
Vanaf 1 januari 2016 zijn overheidsondernemingen van bijvoorbeeld gemeenten, provincies en waterschappen belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting. Met deze wetswijziging wil de Nederlandse overheid gelijkheid creëren tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen. Voor zover bekend zijn de hiermee samenhangende financiële gevolgen voor de Veiligheidsregio Limburg-Noord zeer beperkt. Voor de vennootschapsbelasting (VPB) die op de activiteiten drukt die door de belastingdienst als VPB-plichtig worden aangemerkt, is voor 2023 geen bedrag geraamd. Omdat wij activiteiten verrichten tegen kostprijs en zonder winstoogmerk verwachten wij geen heffing voor 2023.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
41
14 april 2022
Deel C
Financiële begroting
4
Overzicht baten en lasten
4.1
Baten en lasten per programma
In de onderstaande tabel is het totaal van de baten en lasten per programma opgenomen. De ontwikkelingen op de baten en lasten zijn bij de financiële kaders nader toegelicht. In het kader van het meerjarenperspectief is een beleidsneutrale lijn gevolgd. De ontwikkelingen in een meerjarenperspectief zijn dermate onzeker dat een nadere concretisering op programmaniveau op dit moment niet opportuun is. De ontwikkelingen van de investeringen worden vanuit een actualisatie van het meerjarig (vervangings-)investeringsplan benaderd. In de meerjarenraming zijn geen ontwikkelingen meegenomen. De financiële consequenties in een meerjarenperspectief van de indexatiesystematiek zijn niet meegenomen in de meerjarenraming; een en ander is opgenomen tegen het prijspeil 2022.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
42
14 april 2022
Baten en lasten per program m a (incl. m eerjarenram ing) (bedragen in duizenden euro's Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
Lasten (exclusief toevoegingen aan reserves) Publieke gezondheid
65.074
18.188
19.159
19.159
19.159
19.159
Brandw eerzorg
32.432
32.361
33.431
33.332
33.279
33.396
Crisisbeheersing
5.053
4.889
5.137
5.137
5.137
5.137
Overhead
17.741
15.184
14.711
15.020
14.820
14.668
50
50
50
50
50
50
120.350
70.672
72.488
72.698
72.446
72.410
Publieke gezondheid
52.529
4.408
4.085
4.085
4.085
4.085
Brandw eerzorg
6.303
5.442
5.676
5.676
5.676
5.676
Crisisbeheersing
736
558
556
556
556
556
2.648
914
1.140
1.140
1.140
1.140
Algemene dekkingsmiddelen
363
300
350
350
350
350
Totaal baten program m a's
62.579
11.621
11.807
11.807
11.807
11.807
Publieke gezondheid
14.053
13.493
15.061
15.061
15.061
15.061
Brandw eerzorg
26.242
26.861
27.720
27.720
27.720
27.720
Crisisbeheersing
4.304
4.372
4.451
4.451
4.451
4.451
Overhead
13.315
14.108
13.268
13.268
13.268
13.268
Totaal baten gem eentelijke bijdragen
57.914
58.834
60.500
60.500
60.500
60.500
Totaal baten (excl. onttr. aan de reserves)
120.493
70.456
72.307
72.307
72.307
72.307
-13
Onvoorzien Totaal lasten (excl. toev. aan de reserves) Baten (exclusief toevoegingen aan reserves)
Overhead
Baten gem eentelijke bijdragen
Saldo (excl. m utaties reserves) Publieke gezondheid
1.508
-288
-13
-13
-13
Brandw eerzorg
113
-57
-35
64
117
0
Crisisbeheersing
-12
40
-130
-130
-130
-130
Overhead
-1.779
-162
-303
-612
-413
-260
Algemene dekkingsmiddelen
363
300
350
350
350
350
Onvoorzien
-50
-50
-50
-50
-50
-50
Totaal saldo van baten en lasten
143
-216
-181
-391
-139
-103
Toevoegingen aan reserves (lasten)
950
486
444
444
444
444
Onttrekkingen aan reserves (baten)
1.216
702
625
836
583
547
Geraam d resultaat vóór bestem m ing
409
0
0
0
0
0
Uit de staat van Baten en lasten blijkt dat de begroting in meerjarig perspectief sluitend is.
4.2
Overzicht incidenteel en structureel verloop baten en lasten
De ontwikkeling van de incidentele baten en lasten wordt in belangrijke mate veroorzaakt door de genomen a-structurele maatregelen om a-structureel begrotingsevenwicht te bereiken. In onderstaand overzicht zijn de baten en lasten onderverdeeld naar incidenteel en structureel.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
43
14 april 2022
Baten en lasten per programma (incl. meerjarenraming) (bedragen in duizenden euro's) Begroting Begroting Begroting 2023 2023 2023 incident. struct.
Ram ing 2024
Ram ing 2024 incident.
Ram ing Ram ing Ram ing Ram ing 2024 2025 2025 2025 struct. incident. struct.
Ram ing 2026
Ram ing 2026 incident.
Ram ing 2026 struct.
Lasten (excl. toevoegingen aan reserves) Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead Onvoorzien
19.159 33.431 5.137 14.711 50
221 1.272 0 353
18.938 32.159 5.137 14.357 50
19.159 33.332 5.137 15.020 50
59 1.272 0 353
19.100 32.060 5.137 14.667 50
19.159 33.279 5.137 14.820 50
59 1.272 0 236
19.100 32.007 5.137 14.585 50
19.159 33.396 5.137 14.668 50
29 1.272 0 0
19.130 32.124 5.137 14.668 50
Totaal lasten (excl. toev. aan de reserves)
72.488
1.846
70.642
72.698
1.684
71.014
72.446
1.567
70.879
72.410
1.301
71.109
Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead Algemene dekkingsmiddelen
4.085 5.676 556 1.140 350
53 1.176 0 0 88
4.033 4.500 556 1.140 263
4.085 5.676 556 1.140 350
186 1.176 0 0 88
3.899 4.500 556 1.140 263
4.085 5.676 556 1.140 350
186 1.176 0 0 88
3.899 4.500 556 1.140 263
4.085 5.676 556 1.140 350
0 1.176 0 0 88
4.085 4.500 556 1.140 263
Totaal baten program m a's
11.807
1.316
10.491
11.807
1.450
10.357
11.807
1.450
10.357
11.807
1.264
10.543
Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead
15.061 27.720 4.451 13.268
0 0 0 0
15.061 27.720 4.451 13.268
15.061 27.720 4.451 13.268
0 0 0 0
15.061 27.720 4.451 13.268
15.061 27.720 4.451 13.268
0 0 0 0
15.061 27.720 4.451 13.268
15.061 27.720 4.451 13.268
0 0 0 0
15.061 27.720 4.451 13.268
Totaal baten gem eentelijke bijdragen
60.500
0
60.500
60.500
0
60.500
60.500
0
60.500
60.500
0
60.500
Totaal baten (excl. onttr. aan de reserves)
72.307
1.316
70.991
72.307
1.450
70.857
72.307
1.450
70.857
72.307
1.264
71.043
Publieke gezondheid Brandw eerzorg Crisisbeheersing Overhead Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien
-13 -35 -130 -303 350 -50
-169 -96 0 -353 88 0
156 61 -130 50 263 -50
-13 64 -130 -612 350 -50
127 -96 0 -353 88 0
-140 160 -130 -259 263 -50
-13 117 -130 -413 350 -50
127 -96 0 -236 88 0
-140 213 -130 -177 263 -50
-13 0 -130 -260 350 -50
-29 -96 0 0 88 0
16 96 -130 -260 263 -50
Totaal saldo van baten en lasten
-181
-530
349
-391
-235
-157
-139
-117
-22
-103
-38
-66
Toevoegingen aan reserves (lasten) Onttrekkingen aan reserves (baten)
444 625
0 68
444 557
444 836
0 210
444 625
444 583
0 -252
444 836
444 547
0 -30
444 577
0
-462
462
0
-24
25
0
-369
369
0
-67
67
Baten (excl. onttrekkingen aan reserves)
Baten gem eentelijke bijdragen
Saldo (excl. m utaties reserves)
Geraam d resultaat voor bestem m ing
*
*
*
*
* = structureel begrotingssaldo
De belangrijkste incidentele effecten kunnen als volgt worden weergegeven: •
Binnen het programma Publieke Gezondheid zijn in 2023 incidenteel extra lasten opgenomen voor inhuur en incidentele baten voor reizigersvaccinaties. Daarnaast zijn er incidentele lasten en baten opgenomen voor de projecten ‘Nu niet Zwanger’ en diverse projecten gezondheidsbevordering en Kennis & Onderzoek.
•
In het programma Brandweerzorg hebben de incidentele baten en lasten betrekking op het FLO-overgangsrecht van de Brandweer Roermond en Brandweer Venlo. Het verloop van de baten en lasten is jaarlijks verschillend, maar voor VRLN budgettair neutraal, omdat FLO kosten worden verrekend.
•
In het programma Crisisbeheersing zijn er geen incidentele mutaties te verwachten.
•
De incidentele lasten binnen de overhead hebben betrekking op het voormalig personeel, welke in de komende jaren worden afgebouwd.
•
Daarnaast zijn er incidentele onttrekkingen aan reserve onderhoud gebouwen en incidentele baten renteomslag (algemene dekkingsmiddelen) opgenomen.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
44
14 april 2022
4.3
Verdeling baten
De veiligheidsregio kent als baten de gemeentelijke bijdragen, de BDuR (Brede Doeluitkering Rampenbestrijding) en overige baten van derden. De verhouding van deze inkomstenstromen in relatie tot het totaal van de begroting is als volgt weergegeven.
Verdeling baten 5.757 Gemeentelijke bijdragen
6.049
BDuR uitkering
Overige baten
60.500
(bedragen in duizenden euro's)
Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) De veiligheidsregio ontvangt jaarlijks een rijksbijdrage in de vorm van de BDuR. De hoogte van de BDuR wordt bekendgemaakt in de zogeheten Juni-circulaire. Ten tijde van het opstellen van de begroting zijn deze gegevens nog niet beschikbaar. Daarom wordt in de begroting uitgegaan van een inschatting van deze baten. Voor 2023 is hierbij rekening gehouden met een totaal bedrag van € 5,8 miljoen. Overige Baten Naast de gemeentelijke bijdragen en de BDuR ontvangt de veiligheidsregio inkomsten uit andere bronnen zoals het rijk, instellingen en burgers. Deze zijn proportioneel met de omvang van de activiteiten. Een deel van de overige baten bestaat uit bijdragen van gemeenten welke niet via de gemeentelijke bijdrage worden verrekend. 4.4
Geprognotiseerde (meerjaren-)balans
Met het oog op een betere raming en beheersing van het EMU-saldo (Economische en Monetaire Unie) wordt in het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten (BBV) een geprognotiseerde balans voorgeschreven en het meerjarig opnemen van het EMU-saldo in een begrotingsparagraaf. Met het opnemen van een geprognotiseerde balans krijgt het bestuur meer inzicht in de ontwikkeling van onder meer investeringen, het aanwenden van reserves en voorzieningen en in de financieringsbehoefte.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
45
14 april 2022
Balans per ultimo boekjaar
(bedragen in duizenden euro's)
ACTIVA
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Vaste activa Immateriële vaste activa
0
0
0
0
0
0
Materiële vaste activa
49.711
53.898
54.534
55.295
55.797
52.698
Financiële vaste activa
0
0
0
0
0
0
49.711
53.898
54.534
55.295
55.797
52.698
Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan een jaar
31
31
31
31
31
31
8.845
1.819
1.819
1.819
1.819
1.819
Liquide middelen
481
416
416
416
416
416
Overlopende activa
7.327
5.887
5.887
5.887
5.887
5.887
Totaal vlottende activa
16.684
8.153
8.153
8.153
8.153
8.153
Totaal activa
66.395
62.051
62.687
63.448
63.950
60.851
Balans per ultimo boekjaar
(bedragen in duizenden euro's)
PASSIVA
2021
2022
2023
2024
2025
2026
Vaste passiva Eigen vermogen
7.683
6.177
6.783
6.393
6.256
Voorzieningen
722
377
808
851
715
758
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van een jaar of langer
36.763
35.346
32.759
32.896
33.334
33.772
Totaal vaste passiva
45.167
41.900
40.349
40.140
40.305
40.684
6.154
Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan een jaar
1.257
9.917
12.104
13.074
13.411
9.933
Overlopende passiva
19.971
10.234
10.234
10.234
10.234
10.234
Totaal vlottende passiva
21.228
20.151
22.338
23.308
23.645
20.167
Totaal passiva
66.395
62.051
62.687
63.448
63.950
60.851
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
46
14 april 2022
5
Financiële positie
5.1
Aan arbeidskosten gerelateerde verplichtingen
Op grond van het BBV mogen voor jaarlijks terugkerende arbeidskosten en gerelateerde verplichtingen geen voorzieningen gevormd worden. Dit is conform het beleid bij VRLN. De financiële consequenties bijvoorbeeld van het opnemen en toekennen van verlof vallen onder de aan jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen. Hier mag geen voorziening voor worden opgenomen, wel geven we aan bij ‘de niet uit de balans blijkende verplichtingen’ welke de omvang hiervan is. 5.2
Financiering
Hiervoor wordt verwezen naar hoofdstuk 3 Paragrafen, onderdeel 3.3 Financiering. 5.3
Investeringen
De veiligheidsregio kent geen investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut, maar kent enkel investeringen met een economisch nut. Op basis van de meerjarige investeringsplanning bedragen de investeringen in 2023 in totaal € 5.914 miljoen. In de bijlage is een verdere specificering van de investeringen opgenomen. Investeringen 2023
(bedragen in duizenden euro's)
Tankautospuiten
1.075
Hulpverleningsvoertuigen
4.000
Personeel-/materieelvoertuigen
208
Dienstauto's
70
Warmtebeeldcamera's
250
Ademlucht
4
Activa Risicobeheersing
100
Overig brandweer
90
ICT-Software
61
ICT-centraal (BV-GGD)
57 5.914
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
47
14 april 2022
5.4
Reserves en voorzieningen
De stand en het gespecificeerde verloop van de reserves kan zijn volgt weergegeven: Verloopoverzicht reserves
(bedragen in duizenden euro's)
Boekw aarde per 1 januari 2023
Toevoeging
Bestem m ing resultaat vorig boekjaar
Onttrekking
Verm indering ter Boekw aarde per dekking van 31 decem ber afschrijvingen 2023
Algemene reserve
533
0
0
0
0
533
Algem ene reserve
533
0
0
0
0
533
Reserve kapitaallasten gebouw Nijmeegsew eg, Venlo
224
11
0
0
28
206
Reserve kapitaallasten gebouw Drie Decembersingel, Venlo
81
4
0
0
13
72
Reserve kapitaallasten gebouw Oranjelaan, Roermond
42
3
0
0
15
30
Subtotaal bestem m ingsreserves t.b.v. dekking kapitaallasten
347
18
0
0
56
309
Reserve transformatie meldkamer
959
0
130
0
0
828
Reserve CMA (Centraal Meld- en Actiepunt)
138
0
0
0
0
138
Reserve assurantie eigen risico
660
60
0
0
0
720
Reserve taakherschikking en ouderportaal
172
0
0
0
0
172
Reserve inhalen w erk
350
0
0
0
0
350
Reserve uitgestelde transitie
90
0
0
0
0
90
1.155
230
267
0
0
1.118
Reserve onderhoud brandw eergebouw en
897
137
172
0
0
861
Reserve onderhoud gebouw en in eigendom
2.052
367
439
0
0
1.980
Egalisatiereserve kapitaallasten brandw eerzorg
1.663
0
0
0
0
1.663
Subtotaal overige bestem m ingsreserves
6.083
427
569
0
0
5.940
Bestem m ingsreserves
Bestem m ingsreserves t.b.v. dekking van kapitaallasten
Overige bestem m ingsreserves
Reserve onderhoud kantoorgebouw en
6.430
445
569
0
56
6.249
Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
0
0
0
0
0
0
Gerealiseerde resultaat
0
0
0
0
0
0
6.963
445
569
0
56
6.782
Totaal
Meerjarig verloop
(bedragen in duizenden euro's) Boekw aarde per 31 decem ber 2022
Boekw aarde per 31 decem ber 2023
Boekw aarde per 31 decem ber 2024
Boekw aarde per 31 decem ber 2025
Boekw aarde per 31 decem ber 2026
Algemene reserve
533
533
533
533
533
Bestemmingsreserves t.b.v. dekking kapitaallasten
347
309
272
235
204
6.083
5.940
5.588
5.487
5.417
Overige bestemmingsreserves Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening Totaal
0
0
0
0
0
6.963
6.782
6.393
6.256
6.154
De stand en het gespecificeerde verloop van de voorzieningen zijn als volgt weergegeven: Verloopoverzicht voorzieningen
(bedragen in duizenden euro's) Boekw aarde per 1 januari 2023
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
Toevoeging
0
Vrijval
Boekw aarde per 31 decem ber 2023
Aanw ending
0
0
0
0
Overige egalisatievoorzieningen Voorziening aan jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen met een niet vergelijkbaar volume
672
0
0
0
672
Voorziening ouderen-, volw assenen- en jongerenmonitor
93
43
0
0
136
Totaal (onderhouds) egalisatievoorzieningen
765
43
0
0
808
0
0
0
0
0
765
43
0
0
808
Totaal voerzieningen voor m iddelen van derden Totaal
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
48
14 april 2022
De stand en het gespecificeerde verloop van de overheidsuitkeringen met een specifiek bestedingsdoel zijn als volgt weergegeven: Verloopoverzicht overheidsuitkering
(bedragen in duizenden euro's) Boekw aarde per 1 januari 2023
Toevoeging
Vrijval
Aanw ending
Boekw aarde per 31 decem ber 2023
Scholing Brandw eer personeel
4
0
0
0
4
Totaal
4
0
0
0
4
Totaaloverzicht
(bedragen in duizenden euro's) Boekw aarde per 1 januari 2023
Toevoeging
Onttrekking
6.963
446
569
56
6.783
765
43
0
0
808
4
0
0
0
4
7.731
489
569
56
7.595
Reserves Voorzieningen Overheidsuitkeringen met specifiek bestedingsdoel Totaal
5.5
Boekw aarde per 31 decem ber 2023
Specifieke onttrekking
EMU-saldo
Het EMU (Economische en Monetaire Unie)-saldo betreft het vorderingensaldo van de overheid. Uit de meerjarige balansposities van de geprognotiseerde (meerjaren-)balans kan het EMU-saldo meerjarig worden bepaald. Het EMU-saldo is het saldo van de mutaties in de vorderingen en de mutaties in de schulden van het begrotingsjaar (t) ten opzichte van het begrotingsjaar (t-1), ofwel de som van de mutaties van de vaste en vlottende financiële activa minus de som van de mutaties van de vaste en vlottende schuld. EMU-saldo
(bedragen in duizenden euro's) 2022
2023
2024
2025
2026
Mutaties financiële vaste activa
0
0
0
0
0
Mutaties vlottende financiële activa
0
0
0
0
0
Mutaties totale financiële activa
0
0
0
0
0
Mutaties vaste schuld
-1.417
-2.587
138
438
438
Mutaties vlottende schuld
8.660
2.187
970
337
-3.478
Mutaties totale schuld
7.243
-400
1.108
775
-3.040
Totaal EMU saldo
-7.243
400
-1.108
-775
3.040
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
49
14 april 2022
6
Geraamde baten en lasten per taakveld
Het BBV schrijft voor dat er voor de uitvoeringsinformatie gebruik wordt gemaakt van de bij ministeriële regeling vastgestelde taakvelden conform de gemeenschappelijke regeling, dit om de financiële vergelijkbaarheid te verbeteren in verband met de toegankelijkheid van de uitvoeringsinformatie. De taakvelden hebben betrekking op uiteenlopende taken en daaraan gerelateerde activiteiten waar baten en lasten mee gemoeid zijn. Baten en lasten per taakveld
(bedragen in duizenden euro's)
Taakvelden gemeenten
Omschrijving
Lasten
Baten
Tot dit taakveld behoren de kosten van overhead, d.w.z. alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces.
15.065
0
15.065
0
38.705
6.534
0. Bestuur en Ondersteuning 0.4 Overhead
Subtotaal Bestuur en Ondersteuning 1. Veiligheid 1.1 Crisisbeheersing en Brandweer
Tot dit taakveld behoren alle reguliere taken van de brandweer en taken in verband met het beperken en bestrijden van rampen en zware ongevallen.
1.535
Overige bijdragen overhead Gemeentelijke bijdrage overhead
7.456
Gemeentelijke bijdrage
32.171
Subtotaal Veiligheid
38.705
47.696
586
910
6. Sociaal domein 6.1 Samenkracht en Burgerparticipatie
Tot dit taakveld behoren algemene voorzieningen (waarvoor geen individuele beschikking van de gemeente nodig is) gericht op participatie. Voor de VRLN gaat het om kinderopvang: toezicht op en handhaving van de kwaliteit van de kinderopvang en peuterspeelzalen.
0
Overige bijdragen overhead
0
Gemeentelijke bijdrage overhead
-324
Gemeentelijke bijdrage Subtotaal Sociaal Domein
586
586
18.575
3.190
7. Volksgezondheid en Milieu 7.1 Volksgezondheid
Tot dit taakveld behoren maatregelen ter bescherming van de gezondheid van de bevolking als geheel, van specifieke risicogroepen, van jeugd en van ouderen.
263
Overige bijdragen overhead Gemeentelijke bijdrage overhead
5.812
Gemeentelijke bijdrage
15.385
Subtotaal Volksgezondheid en Milieu
18.575
24.650
Totaal
72.932
72.932
Van de generieke overhead wordt 40% toegerekend naar het programma Publieke gezondheid en 60% toegerekend naar de programma’s Brandweerzorg en Crisisbeheersing.
Ontwerpbegroting 2023 VRLN
50
14 april 2022
Bijlagen 1
Investeringen
Specificatie investeringen
(bedragen in duizenden euro's)
Investeringen brandweer 23.1231 TS Tankautospuit Gennep
430
Bepakking TS Gennep incl. LD slangen
90
23.2131 TS Tankautospuit Meerlo
430
Bepakking TS Meerlo incl. LD slangen
90 35
Update bepakking TS Kessel Tankautospuiten
1.075
Hulpverleningsvoertuig Echt
1.000
Hulpverleningsvoertuig Bergen
1.000
Hulpverleningsvoertuig Nederweert
1.000
Hulpverleningsvoertuig Panningen
1.000
Hulpverleningsvoertuigen
4.000
23.3285 PM Personeel / Materieelvoertuig Venlo
52
23.2901 PM Personeel / Materieelvoertuig Maasbree