1 B10 Toelichting Bijlage 10 Nota inspraak en overleg
Tekst van het document
Grootschalige zonneparken zouden volgens inspreker onder voorwaarde mogelijk
Wij verwijzen hier naar de beantwoording bij reactie 6.1. Het
De reactie leidt niet tot
moeten zijn (conform Verklaring van Roermond):
meest recente beleid van de provincie met betrekking tot de
aanpassing van het bestem-
Gecombineerd grondgebruik ten gunste van zowel de landbouw als de
opwekking van duurzame energie is vastgelegd in de notitie
mingsplan.
andere gewenst functie (blijkt ook uit POL 2014 dat dit de voorkeur heeft
‘Ruimte voor de zon’. In deze notitie heeft de provincie
boven het onttrekken van landbouwgrond voor duurzame energie);
recent uitgesproken dat Energielandgoed Wells Meer een
Compensatie voor de landbouw en een alternatief/ nieuw verdienmodel voor
goed voorbeeld van de ontwikkeling van duurzame energie
de agrarische ondernemers in de regio;
is op gronden die in gebruik zijn door de landbouw.
6.4
Inspreker constateert dat meervoudig ruimtegebruik zeer beperkt mogelijk is. In
Wij zijn het met inspreker eens dat agrarisch medegebruik
De reactie leidt niet tot
het ontwerp bestemmingsplan wordt weliswaar agrarisch medegebruik niet
slechts zeer beperkt mogelijk zal zijn en het klopt dat exacte
aanpassing van het bestem-
uitgesloten (bestemming Energielandgoed), echter in de MER wordt vermeld
oppervlaktes hiervoor niet bekend zijn. Bij het uitwerken van
mingsplan.
6.5
(pag. 310) dat slechts op 8 ha zonnepanelen gecombineerd kunnen worden met
het inrichtingsplan zal duidelijk worden in hoeverre er
agrarisch gebruik. Agrarisch gebruik in de directe omgeving van windmolens is
gebruik zal worden gemaakt van de mogelijkheid van
wel mogelijk. Onduidelijk is hoe groot de oppervlakte is die hiermee gemoeid is.
agrarische medegebruik en in welke vorm.
Inspreker vindt het MER te positief over de agrarische productie die nog
De betreffende analyse die inspreker aanhaalt, betreft een
De reactie leidt niet tot
mogelijk zou zijn in combinatie met zonnepanelen (pag. 222). Het is een
analyse naar de effecten van zonnevelden op de bodem.
aanpassing van het bestem-
theoretische benadering die er geen rekening mee houdt dat bijvoorbeeld
Hierbij worden eerdere onderzoeken aangehaald waarin
mingsplan.
machines nodig zijn om gewassen te zaaien en te oogsten.
inderdaad een gelijktijdige toepassing van zonnevelden en
27
agrarisch gebruik zijn onderzocht. In deze analyse wordt geen beoordeling gegeven van het resterend beschikbaar areaal voor landbouw in Wells Meer. Deze effectbeoordeling vindt plaats in hoofdstuk 12 Ruimtegebruik. 6.6
Ten aanzien van de effectbeoordeling is inspreker het niet eens met de stelling
Met het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’
De reactie leidt niet tot
dat het effect van de productie van biomassa op de landbouw neutraal is. In de
wordt geen biomassacentrale mogelijk gemaakt. In de
aanpassing van het bestem-
drie alternatieven gaat het om 31, 38, en 96 ha landbouwgrond die hiervoor
toelichting van het voorontwerpbestemmingsplan is verder
mingsplan.
wordt aangewend.
ook niet aangegeven dat sprake kan zijn van een combinatie met de teelt van biomassa. Dit is alleen in het MER onderzocht.
6.7
In paragraaf 17.9 van het MER ziet inspreker de bevestiging van zijn conclusie
Wij zijn het eens met inspreker dat het Energielandgoed een
De reactie leidt niet tot
dat het energielandgoed Wells Meer een sterk negatief effect heeft op de
negatief effect heeft op de mogelijkheden voor de landbouw
aanpassing van het bestem-
landbouw (Tabel 17.71).
in het plangebied. Gronden met een agrarische bestemming
mingsplan.
maken immers plaats voor de opwekking van duurzame energie. 6.8
Ten aanzien van mitigerende maatregelen zegt het MER het volgende (17.9.6.):
In het MER wordt geconcludeerd dat binnen het plangebied
De reactie leidt niet tot
‘Het ruimtegebruik door windturbines en bijbehorende infrastructuur is goed
geen additionele mitigerende maatregelen voor agrarisch
aanpassing van het bestem-
verenigbaar met het huidige ruimtegebruik in het plangebied waardoor geen
gebruik kunnen worden genomen.
mingsplan.
mitigerende maatregelen nodig zijn. De zonnevelden gaan minder goed samen met andere gebruiksfuncties, maar er zijn mogelijkheden om de zonnevelden te
Wij zien geen ruimte voor nieuwe agrarische gebieden in de
combineren met agrarische functies. Er zijn geen additionele mitigerende
gemeente. We gaan graag in gesprek als de inspreker
maatregelen mogelijk.”
daarvoor wel mogelijkheden ziet.
Inspreker deelt de conclusie dat er geen additionele mitigerende maatregelen 28
mogelijk zijn niet. Die zijn buiten het plangebied wel degelijk mogelijk. 6.9
Met het voorliggende plan is naar mening van inspreker dan ook geen sprake
Zoals opgenomen in de beantwoording van 6.1 en 6.3 maakt
De reactie leidt niet tot
van een evenwichtige ontwikkeling met oog voor de belangen van de land- en
het gebruik van landbouwgronden voor de opwekking voor
aanpassing van het bestem-
tuinbouw.
duurzame energie deel uit van de (interim) zonneladder van
mingsplan.
de provincie Limburg. Het Wells Meer is een locatie die hierbij als goed voorbeeld wordt genoemd. 6.10
Inspreker heeft in eerdere reacties op de plannen al verzocht om te onderzoeken
Het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ ziet op
De reactie leidt niet tot
wat de mogelijkheden zijn om de ontwikkeling van het energielandgoed te
de realisatie van het energielandgoed. De glastuinbouwbe-
aanpassing van het bestem-
koppelen aan de verduurzaming van de glastuinbouwbedrijven in het nabijgele-
drijven in Tuindorp maken geen onderdeel uit van dit plan
mingsplan.
gen Tuindorp. Hier liggen volgens inspreker de volgende kansen:
en de koppeling ten behoeve van de verduurzaming van
uitwisseling van energie ivm grote energiebehoefte kassen;
deze bedrijven is daarom niet relevant in het kader van dit
combinaties van kassen of sommige teeltondersteunende voorzieningen met
bestemmingsplan.
zonnepanelen (bijv. transparante zonnepanelen);
innovatieve technieken gezamenlijk ontwikkelen, testen en in de praktijk
Wij vinden het echter wel positief dat deze koppeling
brengen.
onderzocht wordt en daarom is dit een apart project binnen het programma VerduurSAMEN2030.
Dit sluit volgens inspreker aan bij de NOVI waarin een voorkeur is uitgesproken voor slimme functiecombinaties in geval van realisatie van zonnepanelen in landelijk gebied. Bovendien zou het mede kunnen dienen om te komen tot een meer evenwichtige ontwikkeling met oog voor de belangen van de land- en tuinbouw. Inspreker vraagt zich af of bovenstaande kansen onderzocht zijn, in het bijzonder de inzet van geothermie. Inspreker nodigt de gemeente uit om hierover in overleg te treden. 6.11
Volgens de Omgevingsvisie wordt op de overgang tussen het Nationaal park en
In deze paragraaf van de Omgevingsvisie wordt ingezet op
De reactie leidt niet tot
het ontginningen landschap vooral ingezet op het ontwikkelen van een agrarisch
het herkenbaar houden en versterken van de verschillende
aanpassing van het bestem-
landschap met kwaliteiten. In het voorontwerpbestemmingsplan is opgenomen
landschapstypen in de gemeente Bergen. De ontwikkeling
mingsplan.
dat het energielandgoed wordt gerealiseerd in het ontginningsgebied, maar dat
van natte natuur langs de grens van het nationaal park is
op de overgang tussen het Nationaal Park en het ontginningsgebied de ontwik-
hiermee niet in strijd en sluit goed aan op de huidige
keling van natte natuur mogelijk wordt gemaakt. Inspreker vindt dit niet
natuurfuncties van de aangrenzende Maasduinen.
29
conform hetgeen in de Omgevingsvisie is aangegeven. Het ontwikkelen van natte natuur is iets volstrekt anders dan het ontwikkelen van een agrarisch landschap met kwaliteiten. Sterker nog, natte natuur leidt tot een vernatting van aangrenzende landbouwgebieden met verder agrarisch productieverlies mogelijk als gevolg. 6.12
In het voorontwerpbestemmingsplan wordt aangegeven dat sprake kan zijn van
Met het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’
De reactie leidt niet tot
een combinatie met de teelt van biomassa.
wordt geen biomassacentrale mogelijk gemaakt. In de
aanpassing van het bestem-
Inspreker heeft eerder reeds aangedrongen op onderzoek naar de
toelichting van het voorontwerpbestemmingsplan is verder
mingsplan.
effecten van de teelt van biomassa, in het bijzonder de effecten hiervan op de
ook niet aangegeven dat sprake kan zijn van een combinatie
waterhuishouding in het plangebied en daarbuiten, op het grondgebruik buiten
met de teelt van biomassa. Dit is alleen in het MER onder-
het plangebied en op het milieu mede als gevolgd van vervoer van de biomassa.
zocht.
Hiervan vindt inspreker in de onderbouwing van het voorontwerpbestemmingsplan niets terug. 6.13
Inspreker concludeert dat de land- en tuinbouw in het plangebied en daarbuiten
Wij zien geen ruimte voor nieuwe agrarische gebieden in de
De reactie leidt niet tot
opgeofferd wordt om het Energielandgoed te realiseren. Inspreker betreurt maar
gemeente. We gaan graag in gesprek als de inspreker
aanpassing van het bestem-
respecteert deze keuze. Inspreker roept de gemeente daarom op om samen te
daarvoor wel mogelijkheden ziet.
mingsplan.
onderzoeken op welke wijze mitigatie mogelijk is binnen en buiten het plangebied. 7
Inspreker 7
7.1
In het voorontwerpplan, in de zuidwesthoek links naast perceel 17.9 staan
De zonnepanelen in het vlieggebied van inspreker krijgen
De reactie leidt niet tot
zonnepanelen ingetekend die in een schuine hoek weglopen. Inspreker zal daar
inderdaad een maximaal bouwhoogte van 1,6 meter. In het
aanpassing van het bestem-
soms overheen vliegen met radiografisch bestuurbare vliegtuigen, aangezien dit
bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ zijn geen
mingsplan.
gedeeltelijk in het vlieggebied (700x350m) van inspreker ligt.
beperkingen opgenomen voor het vliegen met radiografisch bestuurbare vliegtuigen in dit gebied.
Wat inspreker betreft hoeft dat geen belemmering te zijn. De zonnepanelen zijn beperkt in hoogte (“menshoogte” zoals op de tekening beschreven staat).
Het vlieggebied, wat aangehaald werd in de eerste alinea, komt uit de zienswijze die is ingediend door Dhr. Hombergen in 2018, waarin hij het vlieggebied en de eisen beschrijft waaraan het modelvliegveld Mc Venus72 moet voldoen.
30
Omdat er in het voorontwerp niet meer word gesproken over de Modelvliegclub van inspreker, buiten een enkele kleine vermelding (figuur 3.18 analyse kaart recreatie), maakt inspreker zich zorgen over het vlieggebied. Eerder stond letterlijk vermeld: “Afhankelijk van de invulling van het gebied is de kans aanwezig dat bestaande recreatieve voorzieningen zoals de Motorcrossclub en de Modelvliegclub moeten plaatsmaken voor het energielandgoed”. De plaatsing van de windturbines zoals ze nu in de tekening staan (in een vierkant), is voor inspreker geen belemmering. De windturbine die het dichtst bij staat, staat ver genoeg van ons vlieggebied af. 7.2
Ter hoogte van perceel 17.9 staat op de hoek een entreepoort ingetekend voor
In het masterplan zijn inderdaad rondom het perceel dat
De reactie leidt niet tot
een voetganger/fiets. Inspreker vraagt zich af of hier ook een wandel- of
inspreker gebruikt enkele struinpaden ingetekend en een
aanpassing van het bestem-
fietspad naar toe wordt aangelegd? Voor inspreker zou dat niet wenselijk zijn als
entreepoort voor voetgangers en fietsers. Het inrichtingsplan
mingsplan.
dit binnen ons vlieggebied is vanwege de veiligheid. Inspreker vraagt daarom
moet echter nog verder in detail worden uitgewerkt en de
hier rekening mee te houden in het plan bij het aanleggen van de wandel- of
locaties van de entreepoort en paden liggen nog niet vast.
fietspaden en of struinpaden in het gedeelte van het vlieggebied.
Bij de uitwerking van het inrichtingsplan zullen wij hierover afstemming zoeken met inspreker.
7.3
Inspreker ontvangt graag een bevestiging dat hij zijn activiteiten kan blijven
Wij kunnen inspreker niet de garantie geven dat hij zijn
De reactie leidt niet tot
uitoefenen.
activiteiten kan blijven uitvoeren.
aanpassing van het bestemmingsplan.
8
Inspreker 8
8.1
Inspreker heeft deelgenomen aan minimaal twee workshops in het gemeente-
Energiebehoefte
De reactie leidt niet tot
huis m.b.t. het energielandschap. Hij heeft daar vragen neergelegd die niet
In de ‘Energievisie gemeente Bergen’ is gekeken naar het
aanpassing van het bestem-
beantwoord werden. Medegedeeld werd dat deze allemaal in het MER rapport
energieverbruik in onze gemeente. Volgens gegevens van de
mingsplan.
beantwoord zouden worden. De vragen gingen onder andere over de berekende
provincie Limburg (Energiedashboard Limburg 2012) is het
energie behoefte van 1,74 Petajoule en het geheel ontbreken van de kostenver-
energieverbruik 1,74 PJ per jaar. De 1,74 PJ is dus geen
antwoordingen.
getal wat we zelf berekend hebben. We hebben gebruik gemaakt van gegevens die bij de provincie aanwezig zijn.
Kostenverantwoording 31
Per fase is er door de raad krediet beschikbaar gesteld voor het uitvoeren van alle benodigde werkzaamheden en onderzoeken. Daarbij is op hoofdlijnen inzichtelijk gemaakt om welke kosten en werkzaamheden het gaat. Daarnaast is er op hoofdlijnen inzicht gegeven in de business case en deze is op verzoek van de raad getoetst door Deloitte. Ook de rekenkamer heeft hiernaar gekeken. 8.2
Daardoor waren de deelnemers aan de workshop überhaupt niet in staat om
Wij hebben alle inwoners met een uitgebreid participatietra-
De reactie leidt niet tot
e.e.a. in de juiste context te zetten voor deze workshops. Het werd door de
ject op verschillende manieren betrokken bij het hele proces
aanpassing van het bestem-
deelnemers dan ook als zeer raar ervaren dat ze de contouren van een park
om te komen tot het Energielandgoed. Hierbij hebben wij in
mingsplan.
mochten uitzetten zonder daar inhoudelijk van over gedachte te hebben kunnen
een vroeg stadium al informatie verstrekt en informatie
wisselen. Het werd door inspreker dan ook persoonlijk ervaren als symboolpoli-
opgehaald.
tiek. Voor de bühne werd de burger erbij betrokken maar het was duidelijk dat
Lastig van het in een vroeg stadium inwoners betrekken is
de koers en richting al bepaald was. Tevens leek het dat kritische vragen en of
dat er nog veel niet bekend is. Als wij wachten tot wel alles
opmerkingen niet gewenst waren, immers beantwoording was niet mogelijk en
bekend is, is vaak het verwijt dat er geen inspraak meer
in de toekomst zou toch alle informatie komen in de vorm van een MER. Er
mogelijk is omdat alles al vast ligt. Daarnaast is het niet
werd dus aan gewerkt. Dan maar inspreken in de raad op 17 december 2019.
mogelijk om met alle (soms tegenstrijdige belangen)
Inspreker heeft daar vragen gesteld en opmerkingen gemaakt. Daar werd niet
rekening te houden. Niet alles wat wordt ingebracht kan
alles beantwoord, maar er werd wel een motie aangenomen dat er toch niet
worden meegenomen. Dit kan betekenen dat inwoners zich
meer dan 4 windmolens zouden komen. Dat was nog allemaal niet duidelijk
niet gehoord voelen. Het wil echter niet zeggen dat wij niet
genoeg voor de Raad, bleek. Omdat inspraak niet hetzelfde bleek als vragen-
geluisterd hebben.
recht kreeg inspreker geen antwoord. Daarna heeft inspreker geprobeerd om vragen in een brief vorm aan te bieden. Echter hiervoor gold ook dat inspreker geen antwoord kreeg. Inspreker heeft ingesproken als privé-persoon én de brief gestuurd namens Dorpsbelangen en dat was tevens een probleem. Inspreker werd teruggestuurd naar het KCC, namens de gemeenteraad. Van het College heeft inspreker geen terugkoppeling gehad. Dit soort problemen hebben meerdere burgers meegemaakt die zich niet gehoord voelen. Nu dient inspreker bij deze dus maar een zienswijze in hij zijn vragen alsnog kan neerleggen. Voor wat betreft het proces om de burger mee te nemen en inspraak etc. te geven
lijkt inspreker dit dan ook zwaar onvoldoende. Het is niet voor niks dat men zich niet gehoord voelt. 32 8.3
In de nieuwe omgevingswet moet de burger toch onderdeel worden van het
Er is geen relatie tussen het uitstel van de Omgevingswet en
De reactie leidt niet tot
proces om te komen tot draagvlak? Deze nieuwe wet is uitgesteld door het rijk.
de procedure rond het bestemmingsplan.
aanpassing van het bestem-
Wat is de relatie tussen dat uitstel en het bekorten van de procedure door de
mingsplan.
gemeente rond het bestemmingsplan c.a.? 8.4
Hiermede maakt inspreker dan ook bezwaar tegen de omvang en de aangegane
Wij nemen deze reactie voor kennisgeving aan. De beleids-
De reactie leidt niet tot
risico’s voor de Gemeente Bergen en in het vervolg daarvan het belang van de
en financiële keuzes die de gemeenteraad heeft gemaakt
aanpassing van het bestem-
burgers en eventuele last voor burgers.
zijn in deze procedure een gegeven en kunnen met het
mingsplan.
bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ niet worden veranderd. 8.5
Doordat de energiebehoefte berekening onduidelijk is en er al helemaal niet
In de ‘Energievisie gemeente Bergen’ is gekeken naar het
De reactie leidt niet tot
wordt gepraat over de overige geproduceerde energiehoeveelheid in de Ge-
energieverbruik in onze gemeente. Volgens gegevens van de
aanpassing van het bestem-
meente Bergen lijkt het project Wells Meer volgens inspreker veel en veel te
provincie Limburg (Energiedashboard Limburg 2012) is het
mingsplan.
ruim opgezet. Het is een prima idee en inspreker kan ook achter het plan staan,
energieverbruik 1,74 PJ per jaar. Om de doelstelling om
maar het lijkt meer en meer een status object te worden in plaats van het
energieonafhankelijk te worden te bereiken is het program-
energie neutraal maken van de gemeente Bergen. Het lijkt er ook sterk op dat er
ma VerduurSAMEN2030 opgezet. Het programma bestaat uit
nu al rekening wordt gehouden met productie voor andere gemeentes en regio’s
kleinschalige opwekking en innovatie, besparing en groot-
en dat is in tegenspraak met het gevoerde beleid, namelijk energiecentrale
schalige opwekking. Wij zetten met dit programma in op
Bergen en het niet voor andere produceren, maar voor ons zelf. Inspreker denkt
20% besparing, 30% opwekking van duurzame energie uit
ook dat het niet gewenst is dat de Gemeente Bergen zich als ondernemer
kleinschalige projecten en minimaal 50% (0,87 PJ) opwek-
opwerpt voor andere doelen anders dan voor de eigen gemeente. Dat was
king van duurzame energie in het Energielandgoed Wells
immers niet de afspraak. Daar is nooit met de burger over gecommuniceerd.
Meer. In het Masterplan is te zien wat de totale opgewekte hoeveelheid energie in TJ is van het Energielandgoed bij het voorgestelde programma. Dit is 1.053 TJ, omgerekend 1,053 PJ. Dit is 60% van de totale doelstelling van VerduurSAMEN2030. De exacte hoeveelheid opgewekte energie in het Energielandgoed zal bekend zijn als de windturbines en de zonnepanelen daadwerkelijk besteld zijn en mede afhankelijk
zijn van de stand van de techniek op dat moment. 33
Onze beleidsintentie over het opwekken van duurzame energie is opgenomen in de ‘Energievisie gemeente Bergen’. Hierin is niet de beleidsintentie vastgelegd om energie op te wekken voor andere gemeentes en regio’s. 8.6
Inspreker heeft de volgende vragen met betrekking tot de vastgestelde en
In de Energievisie is aangegeven wat het Energiever-
De reactie leidt niet tot
genoemde energiebehoefte:
bruik is in onze gemeente. Volgens de gegevens van de
aanpassing van het bestem-
1.
Kunt u mij een berekende break down en onderbouwing geven van de 1,74
provincie Limburg (Energiedashboard Limburg 2012) is
mingsplan.
Petajoule? Ik zou daarin graag zien uit welke factoren die behoefte bestaat
het energieverbruik 1,74 PJ per jaar. De vraag per sec-
en bij wie die behoefte aanwezig is in de tijd?
tor per jaar is hieronder weergegeven.
2.
3.
Is bij deze berekening rekening gehouden met toenames en afnames in de
1.
2.
Er is gekeken naar het Energieverbruik per jaar in 2012.
tijd, of bestaat die behoefte nu op dit moment? In dat geval zou inspreker
In de energievisie is ook gekeken naar wat we als ge-
graag zien hoe de groei hiervan is tot en met 2030.
meente zelf aan energie produceren. Dit zijn cijfers uit
Bestaat deze behoefte alleen voor de burgers van de Gemeente Bergen, of
2015.
zijn hier ook andere behoeftigen bij betrokken bijvoorbeeld bedrijven, agrariërs, toeristen etc? Graag ook hiervan een onderbouwing en break down. 4.
Destijds in 2015 met het onderwerp “Windmolens in Afferden” is er een motie aangenomen waarbij een rapportage gemaakt diende te worden waaruit zou moeten blijken wat de energiebehoefte in de gemeente was en daartegenover zou de energieproductie komen te staan. Alleen indien zou blijken dat er discrepanties waren zou het Wells Meer als geschikte plaats aan de orde komen. Is deze rapportage inmiddels openbaar? Is er op een andere manier aangetoond dat er discrepanties tussen behoefte en productie bestaan, en zo ja waar bestaat dat uit?
5.
Is er in de energiebehoefte ook rekening gehouden met de inbreng van zonnekalender en productie van particulieren in de tijd? Is er op andere wijze rekening gehouden met de intern (binnen de gemeente Bergen) geproduceerde of verhandelde wijze van energie? Zo ja waar bestaat dat uit onder vermelding van energiehoeveelheid. Zo niet, waarom niet immers dit heeft negatief aspect op de te produceren hoeveelheden energie vanuit het Wells Meer en de daarvoor opgeofferde gronden.
Er is verder niet gekeken naar toenames en afnames in de tijd of de bestaande behoefte op dit moment. Binnen de programma-invulling VerduurSAMEN2030 wordt duidelijk gemaakt welke initiatieven wanneer worden uitgevoerd om de ambitie en de doelen tot realiteit te ma-
ken. Ook wordt scherper aangegeven wie er voor de initiatieven aan de lat staat en op welke manier het ef34
fect van de inspanningen gemonitord word. De focus hierbij ligt op de eerste programmaperiode (2019-2022) met een doorkijk naar 2030. In het programma is aangegeven dat wij willen kunnen monitoren hoe de verhouding Bergense energiebehoefte/ Bergense energieproductie zich ontwikkelt. Hiervoor zijn diverse “thermometers” in het programma voorgesteld. Hier horen bijvoorbeeld het jaarlijks monitoren van de energievraag en een productiemeting zon bij. Verdere informatie hierover is beschikbaar bij het programma VerduurSAMEN2030 waar het Energielandgoed Wells Meer onderdeel van uitmaakt. 3.
Zoals in het bovenstaande schema te zien is, is er ook gekeken naar industrie, landbouw etc.
4.
Er is inmiddels een Energievisie opgesteld waarin de energiebehoefte is aangegeven. In de Energievisie staat beschreven hoe we de benodigde energie gaan besparen danwel opwekken. De geschiktheid van het Wells Meer als locatie is uitgebreid beargumenteerd in het MER bij de Structuurvisie Energielandgoed Wells Meer en het MER bij het voorontwerp bestemmingsplan. Er zijn rapportages over behoefte en productie aanwezig.
5.
In de energievisie is aangegeven dat we als gemeente zelf ook al energie produceren. Het zelf produceren is ook een belangrijk onderdeel van de energievisie. 30% van de opgave waar we voor staan en die we met het programma VerduurSAMEN willen bereiken moet worden bereikt door het kleinschalig opwekken van duurzame Energie.
Het Energielandgoed Wells Meer maakt onderdeel uit 35
van het programma VerduurSAMEN2030. Het is niet de doelstelling van het Energielandgoed om in alle onderdelen van dit programma te voorzien. 8.7
Ook voor wat betreft de financierings- en bekostigingssystemen is er lang
Deze reactie heeft geen betrekking op het bestemmingsplan
De reactie leidt niet tot
onduidelijkheid geweest en weinig medegedeeld. Uit de opmerkingen van de
‘Energielandgoed Wells Meer’ en is daarom niet relevant in
aanpassing van het bestem-
wethouder uit de raadsvergadering van 17 December heeft inspreker kunnen
het kader van deze inspraakprocedure. De wijze waarop het
mingsplan.
filteren dat om een zeer groot project voor de gemeente Bergen gaat. Het
Energielandgoed gefinancierd wordt is niet in het bestem-
grootste zelfs dat de gemeente ooit heeft gedaan:
mingsplan geregeld.
1.
2.
3.
Kunt u een financieringsoverzicht verstrekking van wat de gehele investering gaat kosten? Tevens hoe in deze financiering wordt voorzien? Wat is, of
In het Masterplan zijn bij de beschrijving van de ontwikkel-
zijn, daarbij de totale investeringskosten van de Gemeente Bergen?
strategie de investeringskosten benoemd. Deze worden
Er is sprake van dat er een beheers BV wordt opgericht waarbij andere
geraamd op € 207 miljoen. Dit bedrag kan voor 80 tot 85%
aandeelhouders worden uitgenodigd om deel te nemen. Wat is het aandeel
worden gefinancierd met vreemd vermogen (projectfinancie-
van de gemeente Bergen hierin? Wie zijn de andere aandeelhouders en voor
ring), waarmee nog een eigen investering van € 30 miljoen
welk percentage? Wat is de totale waarde van deze BV? Graag had ik een
tot € 40 miljoen benodigd is. De mate waarin wij als
exploitatiebegroting van deze BV gezien om te komen tot de exploitatiekos-
gemeente zelf, bovenop de gemaakte plankosten, gaan
ten?
investeren, zal in een separaat besluit aan de Raad worden
Indien er bij voorgaande BV andere publiek rechterlijke organisaties zoals
overlegd. Dit heeft geen relatie met het bestemmingsplan.
gemeentes zijn vermeld, zijn hun doelstellingen met deze investering anders
In de raadsvergadering van 21 oktober 2019 heeft de Raad
dan die van de gemeente Bergen? Is winstmaximalisatie 1 van de doelstel-
ingestemd met de organisatiestructuur van het Energieland-
lingen? Is het verkrijgen van energie dan ook een doelstelling van de ande-
goed door middel van een B.V. De uitwerking van de
re organisaties? Hoe verhoudt zich dat dan met het alleen produceren van
organisatiestructuur en het aantrekken van de aandeelhou-
energie van en voor de Gemeente Bergen?
ders moet nog plaatsvinden. De vragen 2 en 3 zijn dus nog niet te beantwoorden en hebben bovendien geen relatie met het bestemmingsplan.
8.8
Verder vind inspreker het opvallend dat er een beetje werd geschermd in de
Deze reactie heeft geen betrekking op het bestemmingsplan
De reactie leidt niet tot
Raad dat Deloitte goedkeuring heeft gegeven aan het project door middel van
‘Energielandgoed Wells Meer’ en is daarom niet relevant in
aanpassing van het bestem-
accordering van haar rapport. Inspreker heeft het rapport van Deloitte doorge-
het kader van deze inspraakprocedure (zie 8.7).
mingsplan.
nomen en gezien dat er veel disclaimers in zaten en dat er geen controle is
geweest op de juistheid van de cijfers, die zijn voor waar aangenomen. Deloitte heeft daar duidelijk afstand van genomen. Wat wel vermeld is dat de cijfermati36
ge beheersstrategie in de vorm van een excel sheet kan worden gehanteerd zoals vermeld. Er zijn geen bezwaren om het niet te doen want er is geen andere data voor handen. Dat zegt volgens inspreker dus niks over de cijfermatige juistheid en volledigheid. Gezien de investering en exploitatie veel steunen op de subsidies, die gedurende de gehele looptijd van het traject, als een gegeven worden beschouwd, zou het raadzaam zijn om risico-analyses bij te voegen. Dat zouden “What-if” scenario’s kunnen zijn. Inspreker gelooft namelijk nooit dat die subsidie hoogtes zoals vermeld in stand blijven. Er komt steeds meer aanbod, ook van particuliere zijde, van groene stroom. De overheid zal hier haar beleid op aan passen en het is heel aannemelijk dat ze daarbij ook de subsidieplafonds aanpast. Wat dus direct een gevolg kan en zal hebben op de exploitatie van de BV. Het risico op het niet halen van de gestelde financiële doelen is heel aannemelijk volgens inspreker en gezien de grote van het project is het zeer karig wat inspreker hier van terugleest in een risico analyse. Deze opzet zou veel beter en uitgebreider moeten. 1.
Uit de reactie van de wethouder op 17 december in raad, concludeert inspreker dat er ongeveer een 41 mln euro investeringskosten voor de Gemeente Bergen zijn. Inspreker vraagt om de werkelijke investeringskosten (zie punt 1 bij inspraakreactie 8.7) uitdrukken als percentage van de inkomsten van de Gemeente Bergen uit de jaarrekening 2018 en 2019 en tevens als percentage van de inkomsten uit de begroting 2020 en 2021?
2.
Gezien het bovenstaande mist inspreker een totale risicoanalyse wat deze percentages en verhoudingen voor een effect hebben op wettelijke regelingen. Inspreker doelt daarmee op de wet FIDO en Wet Hof evenals op andere gevolgen vanuit de financiële verhoudingswetten. Het risico om een artikel 12 gemeente te worden ligt toch op de loer. Wat is het risico daaromtrent? Hoe heeft de gemeente Bergen dit beoordeeld? Wat is daaromtrent al over afgesproken met de provincie? Is daarbij rekening gehouden met een risicoanalyse op het exploitatieresultaat in de tijd? Kan de gemeente Bergen de zorgen die hierover worden geuit wegnemen?
9
Inspreker 9
9.1
Inspreker geeft aan dat in de bekendmakingen die de gemeente Bergen heeft
Het Energielandgoed Wells Meer maakt deel uit van het
De reactie leidt niet tot
gedaan energieonafhankelijkheid van de gemeente in 2030 als aanleiding/reden
programma VerduurSAMEN2030 van de gemeenten Bergen.
aanpassing van het bestem-37
voor het opstellen van het bestemmingsplan en het opnemen van het Energie-
Het is niet de doelstelling van het Energielandgoed Wells
mingsplan.
landgoed onder de crisis en herstelwet worden benoemd.
meer om ervoor te zorgen dat onze gemeente energieonafhankelijk wordt. Dit is de doelstelling van het programma
Daarnaast laat inspreker weten dat om te komen tot energieonafhankelijkheid
VerduurSAMEN2030. Het Energielandgoed levert hierin een
energieopwekking niet voldoende is, daar is ook energieopslag voor nodig. In de
substantiële bijdrage.
Voorverkenning Regionaal Energie Managementsysteem Energielandgoed Wells Meer van Blueconomy (20 december 2019) zijn de mogelijkheden hiervoor onderzocht. Uit dit onderzoek blijkt onder meer dat als er 50.000 MWh op jaarbasis opgeslagen moet worden in batterijen er een batterij in de ordegrootte van 100-150 MWh nodig is. Dit komt in de buurt van de grootste batterij ter wereld, de Tesla big battery in Australië (193,5 MWh). Een andere beschreven mogelijkheid is de conversie van elektriciteit naar waterstof door middel van elektrolyse. Met 50.000 MWh/jaar kan ongeveer 833 ton waterstof worden geproduceerd m.b.v. een 6,1 MW installatie. Het rapport geeft aan: “Het grote vraagstuk rondom waterstof heeft betrekking op kosten. Momenteel is groene waterstof nog zo’n 6x duurder dan aardgas. Daar komen nog kosten voor de aanpassing van infrastructuur en installaties bij. Zolang de kosten van waterstof dus tegen aardgas worden afgezet, is de business case een moeilijke aangelegenheid. Het is niet eenvoudig om dit te doorbreken”. Inspreker vraagt of het college kan aangeven hoe de gemeente het doel energieonafhankelijkheid in 2030 gaat bereiken. Als het niet mogelijk is om energieonafhankelijkheid te bereiken, is de aanleiding voor het opstellen van het bestemmingsplan namelijk de ambitie om energieonafhankelijk te zijn dan nog wel valide? 9.2
Inspreker geeft aan dat het kabinet sinds augustus 2019 inzet op het maximaal
Wij wijken niet af van het kabinetsbeleid. Het kabinetsbeleid
De reactie leidt niet tot
ontzien van landbouw- en natuurgronden bij de plaatsing van zonnepanelen en
is voor de provincie Limburg de aanleiding geweest voor het
aanpassing van het bestem-
geeft hiervoor in de inspraakreactie een uitgebreide onderbouwing. Tevens dient
opstellen van de notitie ‘Ruimte voor de zon’. Hierin wordt
mingsplan.
de zonneladder te worden toegepast op alle nieuwe vergunningsaanvragen voor
een voorstel genoemd voor de Limburgse Zonneladder,
zonneparken op natuur- en landbouwgronden. Inspreker vraagt of het college
waarbij onder trede 4 het Energielandgoed Wells Meer wordt
een onderbouwing kan geven waarom de gemeente Bergen gaat afwijken van
genoemd.
het kabinetsbeleid.
38 9.3
Inspreker geeft aan dat de Raad van State op 29 mei 2019 uitspraak deed m.b.t.
In de omgeving van het Energielandgoed zijn in Natura
De reactie leidt niet tot
het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Volgens de PAS uitspraak moet uit
2000-gebieden verschillende stikstofgevoelige habitats en
aanpassing van het bestem-
herberekening van de stikstofdepositie blijken dat:
leefgebieden van soorten gelegen, waar de achtergrondde-
mingsplan.
1.
Er ook zonder drempelwaarde géén toename van depositie wordt berekend,
positie van stikstof hoger is, vaak veel hoger, dan de
óf:
kritische depositie waarde. De achtergronddepositie kan
Door toename van depositie de kritische depositiewaarden niet worden
eenvoudig achterhaald worden via Aerius Calculator. Gelet
overschreden, óf:
op bovenstaande is optie 2 niet aan de orde.
2. 3.
Door aanpassing van plannen of projecten de emissies van stikstofoxiden en/of ammoniak afnemen waardoor effecten op Natura 2000-gebieden kun-
Met de realisatie van de zonnevelden zullen delen van het
nen worden uitgesloten.
plangebied die nu bemest worden niet meer bemest worden. De depositieverlaging zal wordt afgezet tegen de depositie
Inspreker vraagt of het college kan aangeven welk van de bovenstaande opties
verhoging vanwege de aanleg- en gebruiksfase van het
(m.b.t. herberekening van de stikstofdepositie) voor de bouw van Energieland-
Energielandgoed. Deze berekeningen zullen met het
goed Wells Meer van toepassing is en wat de waarden van de stikstof depositie
ontwerpbestemmingsplan bekend gemaakt worden.
in het nabijgelegen Natura 2000-gebied zijn voor, tijdens en na realisatie van het Energielandgoed? 9.4
Inspreker geeft aan dat het Adviescollege Stikstofproblematiek op 8 juni jl. het
Realisatie van het Energielandgoed heeft een verlaging van
De reactie leidt niet tot
eindadvies over de structurele aanpak voor de stikstofproblematiek ‘Niet alles
de stikstofdepositie in nabijgelegen Natura 2000-gebieden
aanpassing van het bestem-
kan overal’ heeft aangeboden aan het kabinet. Als reactie hierop heeft minister
tot gevolg, omdat er minder gronden bemest kunnen
mingsplan.
Schouten op 17 juni 2020 een brief aan de tweede kamer gestuurd waarin zij
worden. Daarnaast worden er stikstofemissies vermeden bij
aangeeft: “Veel van deze aanbevelingen hebben een plek gekregen in de
kolen- en gascentrales door het opwekken van energie uit
stappen die het afgelopen jaar zijn gezet en in de structurele aanpak die het
zon en wind.
kabinet op 24 april 2020 heeft gepresenteerd (Kamerstuk 35 334, nr. 82). De structurele aanpak van het kabinet bestaat uit een omvangrijk pakket aan
In de nabijheid van de Molenbeek is binnen het Energieland-
maatregelen gericht op verbetering van de natuur in Natura 2000-gebieden en
goed ruimte voor natuurontwikkeling. Het Energielandgoed
vermindering van uitstoot en neerslag van stikstof ”.
Wells Meer sluit, in deze, goed aan op de natuurinclusieve inrichting beoogd in de kabinetsplannen voor de structurele
Inspreker vraagt of het college in het licht van deze recente ontwikkelingen kan aangeven waarom zij van mening is dat de gekozen locatie Wells Meer de meest
aanpak stikstof.
geschikte locatie is voor de ontwikkeling van een energiepark en hoe het college aan de gepresenteerde maatregelen van het kabinet gaat voldoen. 39 9.5
Inspreker geeft het volgende aan over leefbaarheid in relatie tot winturbines:
Uit de onderzoeken die zijn uitgevoerd ten behoeve van het
De reactie leidt niet tot
In de wet is de bescherming van omwonenden tegen eventuele overlast
MER dat voor de voorbereiding van het bestemmingsplan is
aanpassing van het bestem-
(o.a. slagschaduw, (laagfrequent)geluid en knipperende lichten) geregeld.
opgesteld blijkt dat, al dan niet door het treffen van mitige-
mingsplan.
Zo moeten windmolens op voldoende afstand van huizen staan om geluids-
rende maatregelen, aan de vigerende normen uit het
overlast te voorkomen. In de praktijk komt dit neer op een afstand van on-
Activiteitenbesluit milieubeheer kan worden voldaan.
geveer 400 meter tot woningen.
In het document uitgangspunten akoestisch onderzoek en slagschaduwon-
Het is juist dat er kritische (wetenschappelijke) publicaties
derzoek Wells Meer van Pondera consult is op pagina 15 aangegeven dat :
zijn over de normen van het Activiteitenbesluit milieubeheer
“Voor de onderzoeksmodellen geldt dat op basis van de hier doorgerekende
voor windturbinegeluid. De omstandigheid vormt sec
windturbinetypes en afmetingen er niet altijd zonder maatregelen aan
onvoldoende onderbouwing voor het standpunt dat deze
normstelling kan worden voldaan”.
normen onvoldoende bescherming bieden. De Afdeling
Uit onderzoek blijkt dat veel omwonenden van windmolens last krijgen van
bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft in die
gezondheidsklachten (chronische slaapproblemen, hoofdpijn, tinnitus (oor-
argumenten die in deze publicaties naar voren zijn gebracht
suizen), een drukgevoel op de oren, vertigo (draaiduizeligheid), tachycardie
geen aanleiding gezien voor het oordeel dat de in het
(snelle hartslag), concentratie- en geheugenproblemen) die worden veroor-
Activiteitenbesluit milieubeheer neergelegde normen
zaakt door o.a. de slagschaduw en (laagfrequent) geluid. Om aan de be-
ondeugdelijk zijn.
zorgdheid van burgers tegemoet te komen moet in Duitsland binnenkort de
afstand tot een woning minimaal 1000 meter bedragen (in Beieren is dat
De inspraakreactie geeft geen aanleiding om het voorgeno-
zelfs minimaal 10 X de tiphoogte van de windmolen).
men plan te herzien.
Ten aanzien van milieu en gezondheid geldt in Nederland het voorzorgsbeginsel. Dit houdt in dat de overheid beschermende maatregelen kan nemen tegen mogelijke schadelijke milieueffecten van een situatie, ook als die effecten nog niet onomstotelijk zijn bewezen.
In maart 2018 schreef huisarts mw. Van Maanen in medisch contact een artikel : “windmolens maken wel degelijk ziek” over de effecten van windmolens op de gezondheid van mensen.: https://www.medischcontact.nl/nieuws/laatste-nieuws/artikel/windmolensmaken-wel-degelijk-ziek.htm. Zij pleit voor het toepassen van het voorzorgsprincipe bij de plaatsing van windmolens.
Inspreker vraagt of het voorzorgsprincipe ook kan worden toegepast bij de plaatsing van windmolens in de gemeente Bergen zodat de windmolens op een afstand van 1000 meter of minimaal 10 X de tiphoogte van woningen worden
40
geplaatst. 9.6
Inspreker geeft aan dat het doel van het Energielandgoed Wells Meer is om 50%
De doelstelling van het Energielandgoed is om minimaal
De reactie leidt niet tot
van de energie van de gemeente op te wekken: 870 terajoule (masterplan
50% van het energiegebruik van de gemeente op te
aanpassing van het bestem-
pagina 7). Volgens het masterplan (pagina 43) wordt met de huidige invulling
wekken. Dat mag meer zijn. Bovendien is het wenselijk een
mingsplan.
van Energielandgoed Wells Meer 1053 terajoule opgewekt waarvan 149 terajou-
robuust plan te maken, waarin ruimte is voor optimalisatie of
le windenergie. Zonder windenergie dus 904 terajoule. Dat voldoet dus nog
het opvangen van eventuele knelpunten in de uitvoering.
steeds aan de doelstelling. Er is volgens inspreker geen noodzaak tot energie-
De combinatie van wind- en zonne-energie heeft verschillen-
opwekking met windenergie om de doelstelling van het project te behalen.
de voordelen, bijvoorbeeld een efficiënte benutting van het elektriciteitsnet. Deze mix past bij het concept van het
Inspreker vraagt daarom of de opwekking met windenergie uit het plan kan
Energielandgoed waarin meerdere vormen van duurzame
worden verwijderd aangezien ook zonder windenergie de doelstelling (om 50 %
energieopwekking bij elkaar komen. Wij zijn daarom van
van de energiebehoefte op te wekken) wordt voldaan, zeker gezien de onder 9.5
mening dat de windturbines een onlosmakelijk deel zijn van
beschreven kans op gezondheidsklachten van omwonenden en het feit dat de
het Energielandgoed.
windturbines in de nabijheid van een Natura 2000-gebied worden geplaatst. 9.7
Inspreker geeft aan dat in het masterplan (pagina 43) is uitgegaan van windtur-
De opgenomen hoogte in het Masterplan kan niet worden
De reactie leidt niet tot
bines met een capaciteit van 4,5 MW, een ashoogte van 125 meter en een
gegarandeerd. Het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells
aanpassing van het bestem-
rotordiameter van 125 meter (totale hoogte 187,50 meter). De, in het vooront-
Meer’ vormt straks het juridische kader waaraan de omvang
mingsplan.
werp bestemmingsplan opgenomen turbines, zijn aanzienlijk groter: 8MW,
van de windturbines getoetst zal worden.
ashoogte 165 meter, tiphoogte 250 meter, rotor diameter 170 meter. Er is aangegeven dat de windturbines in Wells Meer niet beeldbepalend zouden zijn
De keuze voor de te plaatsen windturbines moet nog worden
vanwege de aanwezigheid van de windturbines aan de andere zijde van de
gemaakt. De optimale turbine zal gekozen worden op basis
grens. Aangezien de beschreven windturbines op het Energielandgoed nu
van de stand van de techniek, de resultaten van een
aanzienlijk hoger worden dan de turbines aan de Duitse zijde van de grens
windmeetcampagne en financieel-economische overwegin-
worden ze volgens inspreker wel beeldbepalend.
gen. De trend is dat windturbines hoger en kostenefficiënter worden, de subsidiëring kan hierdoor worden afgebouwd.
Inspreker vraagt of de maximale hoogte voor windturbines zoals aangegeven in
Het kan dus wenselijk zijn om voor een hoge turbine te
het masterplan kan worden gegarandeerd.
kiezen. In het bestemmingsplan geven we daarom vooralsnog ruimte voor windturbines van maximaal 250 meter.
9.8
Inspreker geeft aan dat Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg eind
Uit het vooroverleg dat wij hebben gevoerd met de provincie
De reactie leidt niet tot
2019 n.a.v. een aangenomen motie in de Provinciale Staten (motie 2483) een
Limburg is niet gebleken van bezwaren tegen de bouw van 4
aanpassing van het bestem-
bezwaarschrift heeft ingediend tegen de bouw van 4 windmolens in Niederkrüch-
windmolens in het Energielandgoed Wells Meer.
mingsplan.
41
ten (locatie Bönnesohl). Reden hiervoor is dat de vier windturbines waarvoor vergunning is verleend zijn gesitueerd op een afstand van circa 1500 meter van
Aanleiding voor het bezwaar van de Provincie tegen de
het Natura 2000-gebied Nationaal Park De Meinweg aan de Nederlands-Duitse
Duitse windturbines nabij De Meinweg was dat in de ogen
grens. “De windturbines zijn 149 m hoog en de rotorbladen zijn 116 m lang. Het
van de Provincie onvoldoende werd aangetoond dat er geen
is niet uitgesloten dat effecten van de bouw en werking van de vier windturbines
negatieve milieueffecten op Natura 2000-gebied De Meinweg
nadelige gevolgen zal hebben voor de flora en/of fauna in en om De Meinweg”.
zouden plaatsvinden, aangezien er geen milieueffectrapport of onderzoek op vergelijkbaar niveau was uitgevoerd.
Inspreker stelt de volgende vraag:
Dergelijke onderzoeken zijn/worden wel uitgevoerd voor
Wanneer Gedeputeerde Staten een bezwaarschrift indient m.b.t. de bouw van 4
Energielandgoed Wells Meer.
windmolens op een afstand van 1500 meter van NP de Meinweg is er dan geen bezwaar t.o.v. de bouw van 4 windmolens in Wells Meer op zeer korte afstand t.o.v. NP de Maasduinen? 9.9
Inspreker geeft aan dat in het masterplan op pagina 64 is aangegeven dat de
De zonnepanelen worden conform het Masterplan op 60 cm
De reactie leidt tot aanpassing
zonnepanelen op circa 60 cm boven het maaiveld worden geplaatst zodat er
van het maaiveld gerealiseerd. Dit wordt geborgd in de
van de regels.
meer licht en water kan toetreden onder de panelen. In de regels van het
regels van het ontwerpbestemmingsplan.
voorontwerpbestemmingplan wordt op pagina 20 paragraaf 5.2.2 a3 aangegeven dat : “de afstand tussen de onderkant van zonnepanelen en het aansluitende afgewerkte maaiveld ter plaatse mag niet minder bedragen dan 0,1 m”. Inspreker vraagt waarom is afgeweken van de 60 cm afstand tot het maaiveld voor zonnepanelen, zoals opgenomen in het masterplan en wat de consequentie hiervan is op de bodemkwaliteit onder de panelen. 9.10
Inspreker geeft aan dat in het masterplan wordt aangegeven dat de zonnepane-
Het betreft een groot plangebied waarin voor de meeste
De reactie leidt niet tot
len onder ooghoogte blijven zodat “de weidsheid, als belangrijkste kwaliteit van
velden een maximale bouwhoogte van 1,6m voor de
aanpassing van het bestem-
Wells Meer, zoveel mogelijk behouden blijft”. In de regels van het voorontwerp-
zonnepanelen geld. De ruimte om tot 2,5 meter hoogte te
mingsplan.
bestemmingsplan is aangegeven dat de hoogte 1,60 meter zal bedragen.
gaan is geboden voor een aantal percelen tegen de Duitse
Daarnaast worden er 2,5 meter hoge panelen ter plaatse van de aanduiding
grens aan, die nu ook al afgeschermd zijn door bos en
‘specifieke bouwaanduiding - afwijkende bouwhoogte zonnepanelen’ geplaatst
singels. Voor de innovatieve zone wordt gestreefd naar
en 10 meter hoge panelen ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van
dubbelfuncties met landbouwkundig gebruik, waarvoor extra
bedrijf - innovatieve zone’ .
hoogte nodig is en geboden wordt. Voor het grootste deel
42
van het landgoed geldt de maximale bouwhoogte van 1,60
9.11
Inspreker vraagt of de weidsheid van Wells Meer behouden kan blijven wanneer
meter. Vanaf diverse punten en routes is de weidsheid van
zonnepanelen op een dergelijke hoogte worden geplaatst?
Wells Meer daardoor nog steeds goed beleefbaar.
Inspreker geeft aan dat in het rapport zonneparken, natuur & landbouw van de
De termijn van SDE-subsidie is niet gelijk aan de exploitatie-
De reactie leidt niet tot
Wageningen University & Research van april 2019 de impact wordt beschreven
termijn van de zonnevelden. Wij zijn voornemens om
aanpassing van het bestem-
van grote grondgebonden zonneparken op de bodem en het bodemleven.
vergunningen voor een termijn van 25 jaar af te geven. De
mingsplan.
Grondgebonden zonneparken dekken grote stukken bodem af, waardoor het
bestemming ‘Agrarisch met waarden’ verdwijnt van de
licht wordt weggehouden en de bodem lokaal droger wordt. De hypothese dat
huidige agrarische percelen, waardoor er geen rekening
hierdoor de vegetatiegroei en het ontstaan van organische stof afnemen,
wordt gehouden met de her-ingebruikname van de gronden
waardoor er minder voedsel beschikbaar komt voor het bodemleven is in dit
voor agrarische doeleinden na deze termijn van 25 jaar.
onderzoek door de universiteit in Wageningen bevestigd. Het bodemleven heeft belangrijke taken bij onder andere klimaatmitigatie, adaptatie, waterregulatie, reinigend vermogen en het herstellen en versterken van de biodiversiteit. Alleen een onafgedekte bodem kan ecologisch goed functioneren, stelt het rapport. Inspreker stelt vast dat de zonnevelden in het noorden, midden en zuiden van het plangebied een bebouwingsgraad hebben van 75% en de testvelden zelfs van 80%. In totaal gaat het hier om een gebied van 167 ha dat gebruikt wordt voor intensieve oost/west opstelling, reguliere zuid opstelling of testvelden. Inspreker vraagt hoe de kwaliteit van de bodem en het bodemleven wordt gegarandeerd zodat na ontmanteling van het energiepark (na afloop van de SDE subsidieperiode) de grond weer voor andere (agrarische) doeleinden geschikt kan worden gemaakt. 9.12
Inspreker geeft aan dat in de rapporten m.b.t. Energielandgoed Wells Meer
Het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ maakt
De reactie leidt niet tot
wordt gesproken over de eventuele komst van een biomassacentrale op het
geen biomassacentrale mogelijk.
aanpassing van het bestem-
bedrijventerrein Wells Meer. Op 8 november 2019 is in de Provinciale Staten van de Provincie Limburg een motie aangenomen waarin Gedeputeerde Staten wordt verzocht geen ruimte te bieden aan grootschalige houtstook in biomassacentra-
mingsplan.
les. Niet alleen heeft de publieke opinie zich tegen biomassa gekeerd, ook coalitiepartijen Christen Unie en D66 hebben zich uitgesproken tegen biomassa, tevens hebben energiehoogleraar David Smeulders (TU Eindhoven) en Marjan
43
Minnesma (directeur Urgenda) aangegeven tegen subsidie op biomassa te zijn. “Het kabinet moet stoppen met investeren in biomassacentrales”, "Je kan beter aardgas gebruiken en bomen planten, dan biomassa gebruiken en bomen planten", aldus Minnesma. Volgens het adviescollege Remkes van 8 juni 2020 geldt voor zowel grote als kleine biomassacentrales dat het verbranden van biomassa voor het genereren van elektriciteit of warmte een oneconomische methode is, die tot hogere uitstoot van CO2 leidt en die bovendien negatieve gevolgen heeft voor natuur en milieu. Inspreker vraagt of de eventuele komst van een biomassacentrale, na deze ontwikkelingen, definitief uit de plannen voor het Energielandgoed Wells Meer kan worden geschrapt. 9.13
Inspreker geeft aan dat het Maasduinengebied sinds 1998 een nationaal park is
In zowel het MER als bijgevoegde Natuurtoets worden de
De reactie leidt niet tot
en sinds 2013 is aangewezen als een Natura 2000-gebied. In het Maasduinen-
potentiële effecten op zowel Natura2000-gebieden beschre-
aanpassing van het bestem-
gebied worden vanwege de hoge waarde van dit gebied zowel landschappelijk,
ven. Hierin wordt aangegeven dat het de verwachting is dat
mingsplan.
ecologisch als recreatief zonnevelden en windmolens uitgesloten. Ook de
significant negatieve effecten zijn uit te sluiten op het
Provinciale Omgevingsverordening Limburg 2014 sluit het plaatsen van windtur-
Natura2000-gebied de Maasduinen.
bines in de Maasduinen helemaal uit. Op korte afstand van de Maasduinen komen nu windmolens te staan. Dit is misschien niet direct in strijd met de POL maar wel met de intentie ervan. Natura 2000 is een Europees netwerk van beschermde natuurgebieden op het grondgebied van de lidstaten van de Europese Unie. Het Natura 2000-netwerk omvat alle gebieden die zijn beschermd op grond van de vogelrichtlijn van 1979 en de habitatrichtlijn van 1992. In de Natuurbeschermingswet wordt de Natura 2000-gebieden onder meer bescherming tegen verstoring geboden. Inspreker vraagt of kan worden aangegeven hoe de bescherming tegen verstoring van (de aanleg en exploitatie van) Energielandgoed Wells Meer op het Natura 2000-gebied wordt geboden.
9.14 44
Inspreker geeft aan dat wethouder Splinter zowel op 23 oktober 2019 als op 27
Het bestemmingsplan regelt de bouw- en gebruiksmogelijk-
De reactie leidt niet tot
november 2019 in de commissievergadering Ruimte & Economie heeft gezegd
heden in het plangebied en gaat niet over de rest van de
aanpassing van het bestem-
dat hij energieopwekking in de Maasduinen niet uitsluit.
gemeente. Een garantie over ontwikkelingen op andere
mingsplan.
gronden kan daarom niet worden gegeven. Inspreker vraagt of de garantie kan worden gegeven dat het Energielandgoed Wells Meer niet zal worden uitgebreid naar de Maasduinen en dat er dus geen opwekking of opslag van energie gaat plaats vinden in de Maasduinen. 9.15
Inspreker vraagt waarom een deel van Energielandgoed Wells Meer wordt
Het klopt dat het Energielandgoed in een zeer klein gebied
De reactie leidt tot aanpassing
ontwikkeld in het nationale natuurnetwerk / de goudgroene zone, een locatie
overlapt met de Goudgroene natuurzone. De keuze hiervoor
van de toelichting en regels van
waarvan Gedeputeerde Staten aangeeft met prioriteit natuur te willen ontwikke-
is gemaakt vanuit twee oogpunten: elektriciteitsopbrengst en
het bestemmingsplan.
len en behouden (zoals onderbouwd in de inspraakreactie).
landschap. Door dit gedeelte bij het energielandgoed te betrekken, kunnen grotere aaneengesloten velden worden gerealiseerd. Er is minder ruimteverlies langs de randen van de velden, waardoor de inrichting efficiënter is en de elektriciteitsopbrengst hoger. Ook voor de ruimtelijke en landschapsbeleving is een dergelijke inrichting beter, omdat rommelige rafelranden worden voorkomen. Daarnaast worden de natuurwaarden van de Goudgroene zone die worden aangetast in het plangebied ruim gecompenseerd. Op gebiedsniveau is er hierdoor sprake van een verbetering van de natuurwaarden. Dit hebben we in het ontwerpbestemmingsplan nader toegelicht. Er is een gebiedsvisie opgesteld, waarvan een compensatieplan onderdeel uitmaakt. Uitvoering van deze visie zorgt per saldo voor een verbetering van de natuurwaarden in en rond het gebied en voor een verbetering van de samenhang van de goudgroene natuurzone. De uitvoering van de visie is in het bestemmingsplan gewaarborgd middels een voorwaardelijke verplichting.
9.16
9.17
Inspreker noemt dat op pagina 113 van de POL 2014 is aangegeven dat: “Bij de
Er worden tijdelijke vergunningen voor de windturbines
De reactie leidt niet tot
planning of de bouw van turbines worden vooraf afspraken vastgelegd over de
verleend. Bij de aanbesteding zullen hierover met de
aanpassing van het bestem-
sloop van de turbines”. Inspreker vraagt welke afspraken zijn gemaakt over de
toekomstige exploitant privaatrechtelijke afspraken worden
mingsplan.
sloop van turbines?
gemaakt.
Inspreker laat weten dat op 16 juni 2020 door Gedeputeerde Staten als ant-
Dit bestemmingsplan gaat niet over recycling van zonnepa-
De reactie leidt niet tot
woord op een vraag van Provinciale Staten van 18-05-2020 over de recycling
nelen en windturbines. Hierover zullen in een later stadium
aanpassing van het bestem-
van zonnepanelen en windturbines het volgende is aangegeven:
in het aanbestedingsproces afspraken worden gemaakt met
mingsplan.
de leveranciers.
Vraag: Wordt bij de aanbesteding van grote projecten van zonne-energie en
45
windturbines, bijvoorbeeld in de gemeente Bergen, financieel rekening gehouden met de toekomstige verwijdering van de installaties?
Antwoord: Ja, conform de AEEA wetgeving (Afgedankte Elektrische en Elektronische Apparatuur) worden eisen gesteld aan het zorgen voor een "passende financiële regeling" waarmee een organisatie borgt dat de door haar op de markt geplaatste POM (registratie van het importvolume in ton per jaar) te zijner tijd ook daadwerkelijk verwerkt kan worden.
Inspreker vraagt welke afspraken met leveranciers worden gemaakt over de verwijdering van de zonnepanelen? 9.18
Inspreker geeft aan dat op 11 november 2019 tijdens het seminar Aandacht
In paragraaf 6.2 van het bestemmingsplan ‘Energielandgoed
De reactie leidt niet tot
voor het Landschap het PBL- Signalenrapport Landschapsinclusief denken en
Wells Meer’ is de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het
aanpassing van het bestem-
doen is gepresenteerd. Kern van het rapport is dat in het huidige omgevingsbe-
plan onderbouwd. Hieruit blijkt dat de omgeving en andere
mingsplan.
leid het landschap vaak een sluitpost is met als gevolg dat de kwaliteit van ons
betrokken partijen op verschillende momenten betrokken
landschap onder druk staat en zorg over de toekomst van het Nederlandse
zijn bij de plannen en hierover zijn geïnformeerd. Daarnaast
landschap toeneemt. Het landschapsbeleid is in 2012 gedereguleerd en de zorg
heeft iedereen de mogelijkheid om te reageren en een
voor het landschap heeft geen volwaardige plek gekregen in de Omgevingswet.
zienswijze in te dienen in het kader van de bestemmings-
Landschap is een publiek belang en daarmee is maatschappelijk draagvlak
planprocedure. Iedereen heeft hierdoor de mogelijkheid om
noodzakelijk voor alle ingrepen in het landschap. Het Planbureau voor de
ons van input te voorzien. Onze gemeenteraad is (als
leefomgeving heeft aangegeven dat het Nederlandse landschap weer een
gekozen volksvertegenwoordiger) bovendien bij iedere stap
volwaardige plek moet krijgen in het ruimtelijk beleid. “Veel burgers maken zich
nauw betrokken en akkoord gegaan met de keuzes die
zorgen over het landschap. Het landschap is van iedereen en het volzetten van
gemaakt zijn.
weilanden met glimmende zonnepanelen of het bouwen van enorme windturbi-
nes op akkerland dat al eeuwen vlak en leeg is, raakt omwonenden in de ziel” Inspreker noemt daarnaast dat Gedeputeerde Staten aan projecten binnen de
46
energietransitie 3 voorwaarden stelt, haalbaar, betaalbaar en draagvlak. Inspreker vraagt hoe groot het draagvlak is bij de inwoners van de gemeente Bergen en hoe dit wordt gemeten. 9.19
Inspreker constateert dat gemeente Bergen voornemens is om een meeder-
De insteek is dat wij op verschillende manieren zeggenschap
De reactie leidt niet tot
heidsaandeel te nemen in de BV die de exploitatie van het Energielandgoed gaat
hebben en houden over het Energielandgoed. Via eigendom
aanpassing van het bestem-
verzorgen. Daarmee wordt de gemeente een financieel risicodrager van het
van de gronden en het vervolgens verpachten van de
mingsplan.
Energielandgoed. Als inwoner wil inspreker graag de garantie dat de exploitatie
gronden en via zeggenschap in de op te richten BV.
van het Energielandgoed de gemeente Bergen niet in financiële problemen zal brengen en eventueel zelfs zal leiden naar een artikel 12 procedure met alle
De business case voor het Energielandgoed wordt met elke
financiële gevolgen voor de burgers van dien.
planfase concreter en per faseovergang bijgesteld op de concreetheid van de plannen en kengetallen over kosten en
Inspreker geeft aan dat de financiële getallen die zijn opgenomen in het
opbrengsten zoals die op dat moment actueel beschikbaar
masterplan niet (meer) juist zijn en de businesscase en de projectrendementen
zijn. Vandaar dat het belangrijk is om over een robuuste
daarmee ook niet actueel zijn. Inspreker vraagt daarom of de (actuele) business
business case te beschikken, die ruimte biedt voor verfijning
case van het Energielandgoed Wells Meer openbaar kan worden gemaakt? Dat
en optimalisatie. De business case maken wij niet openbaar.
wil zeggen kan aan de inwoners van Bergen inzage worden gegeven in verwachte opbrengsten van het energiepark ( garanties van oorsprong, sde++ subsidie
Deze reactie heeft geen betrekking op het bestemmingsplan
(op basis van getallen 2021), stroomopbrengsten) en kosten van het energie-
‘Energielandgoed Wells Meer’ en is daarom niet relevant in
park, zodat de burgers zich geen zorgen hoeven te maken over eventuele
het kader van deze inspraakprocedure (zie 8.7).
negatieve financiële consequenties zoals verhoogde gemeentelijke belastingen om de verliezen van het energiepark te compenseren? 9.20
Inspreker geeft aan dat de Wet fido de decentrale overheden ondersteunt met
De inspraakprocedure heeft betrekking op het bestemmings-
De reactie leidt niet tot
normen voor risicobeheersing bij het aantrekken van financiering (lenen) en bij
plan ‘Energielandgoed Wells Meer’. Deze vraag gaat hier niet
aanpassing van het bestem-
het uitzetten van middelen (beleggen). De kredietwaardigheid van decentrale
over. De wijze waarop het Energielandgoed gefinancierd
mingsplan.
overheden, en daarmee ook de treasury, staat in de Wet fido centraal. Een
wordt is niet in het bestemmingsplan geregeld. Toch wordt
belangrijk uitgangspunt van de wet is dat men bedachtzaam om dient te gaan
kort op de gestelde vragen ingegaan.
met publieke middelen. Dit betekent dat risicobeheersing van groot belang is.
Enerzijds uit zich dit in het beheersen van renterisico’s middels de kasgeldlimiet
Met betrekking tot de toekomstige organisatiestructuur van
en de renterisiconorm. Anderzijds uit zich dit bij het uitzetten van liquide
het landgoed hebben wij deskundig advies ingewonnen bij
middelen in een aantal eisen voor het treasurybeleid: Het verstrekken van
Dirkzwager legal & tax. Hieruit blijkt dat het ons is toege-
leningen evenals het verlenen van garanties en borgstellingen is alleen toege-
staan om vermogen in te brengen in de nieuwe rechtsper-
staan voor de uitoefening van de publieke taak. Voor het overige dienen liquide
soon. Hierbij is gelet op de Wet Fido en de Ruddo. Hierover
middelen te worden aangehouden in ’s Rijks schatkist (“verplicht schatkistban-
heeft dus al een juridische toets plaatsgevonden en wij gaan
kieren”) (Wet fido, art. 2, eerste lid). De middelen die een decentrale overheid in
er dan ook van uit dat tot een juridisch juiste besluitvorming
’s Rijks schatkist aanhoudt, blijven beschikbaar voor de uitoefening van de
zal worden gekomen.
47
publieke taak (Wet fido, art. 2, tweede lid). Uit deze eisen komt naar voren dat bankieren – zoals het bewust aantrekken van gelden om deze uit te lenen met
In de raadsvergadering van 21 oktober 2019 heeft de raad
als doel het genereren van inkomen – verboden is (ruddo, art. 2a, eerste lid).
een besluit genomen over het organisatiemodel. Er is
De gemeente Bergen wil 51% van de aandelen in de nog op te zetten BV die de
besloten het college opdracht te geven om het organisatie-
exploitatie van het energielandschap voor zijn rekening zal nemen. De BV zal
model voor het Energielandgoed Wells Meer verder uit te
geld moeten lenen om de investeringskosten van 200 miljoen euro te kunnen
werken conform het advies van Dirkzwager legal & tax van 5
betalen. Het is een decentrale overheid echter verboden gelden aan te trekken
september 2019.
om deze uit te lenen met als doel het genereren van inkomsten. Er is dus nog niet door de raad besloten dat de gemeente Als inwoner van de gemeente maak inspreker zich daarom zorgen over de