1 B10 Toelichting Bijlage 10 Nota inspraak en overleg
Tekst van het document
Nota inspraak en overleg
Energielandgoed Wells Meer
Gemeente Bergen
Datum: 24 september 2020 Projectnummer: 190144
INHOUD I
1
INLEIDING
1
2
LEESWIJZER
1
3
OVERLEGREACTIES
2
4
INSPRAAKREACTIES
8
5
OVERZICHT VAN DE WIJ ZIGINGEN
55
1
INLEIDING De gemeente Bergen heeft de ambitie om in 2030 als eerste gemeente in Limburg energieonafhankelijk te zijn. De realisatie van Energielandgoed Wells Meer moet een grote bijdrage leveren aan de verwezenlijking van deze ambitie. Dit Energielandgoed betreft een gebied van circa 400 hectare, waar duurzame energie wordt opgewekt met zonnepanelen en windturbines. Daarnaast is hier plaats voor andere functies, zoals een bezoekerscentrum, een bedrijfsverzamelgebouw en natuurontwikkeling. De realisatie van het Energielandgoed is binnen de kaders van het geldende bestemmingsplan niet mogelijk. Het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ is daarom opgesteld als juridisch planologisch kader voor de realisatie van het Energielandgoed. Het voorontwerp van het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ met bijbehorende stukken heeft zes weken ter inzage gelegen. Eenieder is in de gelegenheid gesteld om in de periode van donderdag 30 april 2020 tot en met woensdag 10 juni 2020 een inspraakreactie in te dienen op het voorontwerpbestemmingsplan. In voorliggende nota worden de overleg- en inspraakreacties samengevat en beoordeeld.
2
LEESWIJZER In hoofdstuk 3 is elke overleg reactie samengevat en beoordeeld. Na de samenvatting en beantwoording van de betreffende overlegreactie is aangegeven of dit heeft geleid tot een wijziging van het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’. In hoofdstuk 4 is zijn de inspraakreacties op dezelfde wijze behandeld als de overleg reacties. Aan het einde van voorliggende nota, in hoofdstuk 5, staat een overzicht van de voorgestelde wijzigingen van het bestemmingsplan ten opzichte van het voorontwerp.
1
3
OVERLEGREACTIES
2 Overlegreactie 1.
Provincie Limburg
1.1
Het plan is beoordeeld op de adequate doorwerking van de provin-
Beoordeling
Conclusie: Aanpassing plan
Deze reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
ciale belangen. De provincie constateert dat een aantal onderliggen-
bestemmingsplan.
de onderzoeken nog in uitvoering zijn c.q. uitgevoerd moeten worden en het plan mede daarom (mogelijk) nog op onderdelen aangepast zal worden. De provincie denkt hierover graag mee in de afstemmingsoverleggen omtrent milieu en natuur. Indien het plan conform de afgestemde wijze wordt voortgezet, zal er geen aanleiding zijn om in de verdere procedure van het plan een zienswijze in te dienen. 2.
Veiligheidsregio Limburg-Noord
2.1
De veiligheidsregio Limburg-Noord geeft in haar reactie een aantal
Bij de verdere uitwerking van het inrichtingsplan zullen de
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
zaken mee ter verbetering van de bestrijdbaarheid en continuïteit
voorgestelde maatregelen om de kans op en de gevolgen van
bestemmingsplan.
van de voorzieningen voor duurzame energieopwekking.
een incident te beperken worden meegenomen. Deze uitwerking
Geadviseerd wordt om bij de realisatie van zonnepanelen en
van het inrichtingsplan zal geen onderdeel uitmaken van het
windmolens verschillende maatregelen in het ontwerp mee te
bestemmingsplan.
nemen om de kans op een incident en de gevolgen van een incident te verkleinen. Dit wordt eveneens gedaan voor het voorkomen van een natuurbrand. 2.2
De veiligheidsregio geeft de volgende algemene adviezen:
De realisatie van inrichtingen is in het voorontwerpbestem-
De reactie leidt tot een aanpassing in de
Sluit Bevi inrichtingen op het energielandgoed uit.
mingsplan alleen mogelijk binnen de bestemming Energieland-
regels van het bestemmingsplan (artikel
Voorzie paden en straten op het park van een naam of num-
goed ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf
5.1.1.).
mer, zodat hulpdiensten snel de locatie kunnen vinden (denk
- bedrijfsverzamelgebouw’. In de regels van het plan wordt
ook aan ambulance bij gezondheidsproblemen, hartaanval e.d.).
toegevoegd dat de vestiging van Bevi inrichting hier niet is
Als het mogelijk is maak de waterpartij op het energiepark zo,
toegestaan.
dat het ook als blusvijver kan fungeren.
Geen beperkt kwetsbare objecten bouwen binnen een straal
De mogelijkheden voor het opnemen van een nummering en de
van 250 meter (ashoogte + 0,5 * rotordiameter) van de wind-
realisatie van een blusvijver worden meegenomen bij de
turbines. En geen kwetsbare objecten binnen een straal van 85
uitwerking van het inrichtingsplan voor het energielandgoed.
3
meter (0,5 * rotordiameter). Er zijn geen (beperkt) kwetsbare objecten toegestaan binnen 250 meter van de windturbines. Dit is geregeld in artikel 5.3 van de regels. 2.3
De reactie van de veiligheidsregio bevat alleen ontwerpuitgangspun-
Zoals genoemd zullen de ontwerpuitgangspunten worden
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
ten. De veiligheidsregio vindt het zinvol om samen met de gemeente
betrokken bij het uitwerken van het inrichtingsplan voor het
bestemmingsplan.
een vooroverleg te houden voordat de definitieve plannen worden
energielandgoed. In dit kader zullen wij de veiligheidsregio
ingediend. Zodra het plan behandeld is in het college sluiten de
uitnodigen om hierbij te adviseren.
veiligheidsregio graag bij de gemeente aan. 3.
Bezirksregierung Düsseldorf
3.1
Afdeling 26 (Luftverkehr) van Bezirksregierung Düsseldorf houdt
Wij zullen het voorkeursmodel uit het milieueffectrapport (met
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
zich in de arrondissementen in Noordrijn-Westfalen bezig met
de grote clusteropstelling) dat wordt vastgelegd in het bestem-
bestemmingsplan.
diverse opgaven met betrekking tot het luchtverkeer. Het plange-
mingsplan ter toetsing delen met de Deutsche Flugsicherung
bied ligt op c.a. 4 kilometer afstand van de luchthaven Weeze.
(DFS). Graag gaan wij in overleg over de gepercipieerde
Derhalve heeft de bestuursregio gekeken naar de luchtvaartbelan-
effecten op de luchtvaart vanwege de komst van de windturbi-
gen als gevolg van de beoogde ontwikkeling van het Energieland-
nes. Wij voorzien niet dezelfde effecten (de genoemde windtur-
goed. Hierbij is gekeken naar 2 mogelijke opties. In iedere optie zijn
bines vallen ons inziens buiten het beschermingsgebied van de
vier windmolens beoogd. Op de navolgende afbeelding zijn de
NBD-aanvliegroute) en willen graag onderzoeken wat ten
beoogde locaties van de windmolens weergegeven.
grondslag ligt aan dit verschil van inzicht.
4
Het onderzoek heeft aangetoond dat er geen bezwaren zijn voor 6 van de 8 locaties. In het algemeen geldt wel dat aanbevolen wordt om alle windturbines te voorzien van dag- en nachtherkenning (verlichting). Slechts voor het noordoostelijke deel van het plangebied geldt dat hoogtebeperkingen voor de realisatie van windturbines noodzakelijk zijn. Het gaat daarbij om de windturbines op de locaties WEA 2-2 en WEA 1-4, zoals op voorgaande afbeelding weergegeven:
Op de locatie WEA 2-2 dient de hoogte van de windturbine verlaagt te worden naar 202,00 meter. Ook zou overwogen kunnen worden de windturbine 75 meter zuidelijker te lokaliseren. Het uitvoeren van een van beide opties is toereikend.
Op de locatie WEA 1-4 dient de hoogte van de windturbine verlaagt te worden naar 200,00 meter. Ook zou overwogen kunnen worden de windturbine 150 meter zuidelijker te lokaliseren. Het uitvoeren van een van beide opties is toereikend.
Dit is uitsluitend noodzakelijk voor het feit dat de aanvliegroute van de luchthaven anders officieel gezien niet rechtvaardig is. Mocht de locatie en/of de hoogte van de windturbines wijzigen, dan dient de bestuursregio opnieuw te kijken naar de aanvraag.
3.2
Voor de intensieve zonnevelden die direct aan de grens met
Overeenkomstig het Masterplan Energielandgoed Wells Meer
Duitsland zijn beoogd verlangt afdeling 51 (Naturschutz) van
zullen de zonnevelden tegen de Duitse grens landschappelijk
Bezirksregierung Düsseldorf dat een coulisse/rand van bomen en
ingepast worden doordat de bestaande houtwal wordt behou-
struiken in de plannen wordt opgenomen, zodat het zonnepark
den.
5
gezien vanaf Duitse zijde landschappelijk wordt ingepast. 3.3
Afdeling 32 (regionalentwicklung), team Erneurbare Energien van
In het MER is in de cumulatieve situatie rekening gehouden met
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
Bezirksregierung Düsseldorf, wijst erop dat er bij de realisatie van
de Duitse windturbines indien dit relevant is ten aanzien van de
bestemmingsplan.
de windmolens in het energielandgoed rekening moet worden
potentiële effecten.
gehouden met mogelijk cumulatieve effecten met bestaande windmolens aan Duitse zijde. In het bijzonder moet hierbij onder-
Er zal een Duitse vertaling van de samenvatting van het MER
zoek gedaan worden naar windenergiegevoelige soorten.
worden opgesteld en met Bezirksregierung Düsseldorf worden gedeeld.
Het team wijst erop dat de windenergiegebieden die in het ‘Regionalplan Düsseldorf’ zijn aangewezen, direct ten oosten van het plangebied al grotendeels worden gebruikt (zie onderstaande afbeelding). Noordoostelijk van het windenergiegebied ‘Wee_WIND_018’ zijn ook 5 turbines aanwezig met een hoogte van 100 meter (zie onderstaande afbeelding) .
6
Het team vraagt of het mogelijk is om in het verdere proces uitgebreidere vertalingen van de documenten te ontvangen. 3.4
Afdeling 35 (denkmalpflege) van Bezirksregierung Düsseldorf laat
Het plan is in het kader van het vooroverleg voorgelegd aan de
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
weten dat het geen bezwaren heeft op het plan, aangezien er zich
omliggende gemeenten.
bestemmingsplan.
Deze reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.
De reactie leidt niet tot aanpassing van het
geen monumenten in het plangebied bevinden die in eigendom of onder gebruiksrecht zijn van het land of federaal. Aangezien afdeling 35 alleen verantwoordelijk is voor monumenten in eigendom van het land of de federale regering, vraagt de afdeling om Duitse afdelingen voor monumentenzorg (LVR -Amt für Denk-
malpflege im Rheinland-, Pulheim, het LVR -Amt für Bodendenkmalpflege im Rheinland-, Bonn) en overige gemeentelijke verantwoordelijken voor monumentenzorg te betrekken bij het plan. 4
Gemeente Boxmeer
4.1
Gemeente Boxmeer heeft met belangstelling kennis genomen van het voorontwerpbestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’. De stukken geven geen aanleiding tot het maken van opmerkingen.
bestemmingsplan.
5
Gemeente Goch
5.1
De gemeente Goch bedankt voor het informeren over het vooront-
Deze reactie wordt voor kennisgeving aangenomen. De gemeen-
werp bestemmingsplan “Energielandgoed Wells Meer”. Het plange-
te Goch zal in het kader van de bestemmingsplanprocedure op
bied ligt ten zuidwesten van het vliegveld Weeze en heeft geen
de hoogte worden gehouden.
De reactie leidt niet tot aanpassing van het 7 bestemmingsplan.
raakvlak met het gemeentelijke gebied van Goch. Daarom maakt de Stadt Goch op basis van de voorliggende documenten geen bezwaar tegen het voorontwerp bestemmingsplan “Energielandgoed Wells Meer”. Graag wil de gemeente Goch op de hoogte gehouden worden van de toekomstige ontwikkelingen. 6
Wallfahrtsstadt Kevelaer Wallfahrtsstadt Kevelaer heeft geen bedenkingen bij het bestemmingsplan. Het plan vormt geen beperkingen voor het stedelijk gebied van Kevelaer.
Deze reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.
De reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
4
INSPRAAKREACTIES
8 Inspraakreactie 1.
Inspreker 1
1.1
Inspreker bedankt de raad voor de uitgebreide informatie die hij aantrof op de
Beoordeling
Conclusie: Aanpassing plan
Deze reactie wordt voor kennisgeving aangenomen.
De reactie leidt niet tot
daartoe bestemde website.
aanpassing van het bestemmingsplan.
1.2
1.3
Inspreker geeft aan te kunnen reageren c.q. kanttekeningen te kunnen plaatsen
Niet alle onderwerpen die hier genoemd worden maken
De reactie leidt niet tot
bij diverse onderdelen van beleid, zoals de financiële componenten, kwaliteit en
onderdeel uit van het bestemmingsplan. In het vervolg van
aanpassing van het bestem-
kwantiteit van de verplichte burgerparticipatie en de effecten op ons toeristisch
de procedure staat de mogelijkheid om te reageren op het
mingsplan.
product. Hij stelt voor hier in het vervolg van de procedure nader op in te
bestemmingsplan ook nog open. Het moet hier wel zaken
zoomen.
betreffen die een relatie hebben met het bestemmingsplan.
De raad van de gemeente Bergen streeft naar een energie onafhankelijk Bergen.
Op 3 oktober 2017 heeft de gemeenteraad de ‘Energievisie
De reactie leidt niet tot
Inspreker stelt voor om in plaats daarvan te spreken over een energie neutraal
gemeente Bergen, samen op weg naar een energieneutraal
aanpassing van het bestem-
Bergen. Deze intentie kan hij (zij het met enkele kanttekeningen) volledig
Bergen’ vastgesteld. Het doel van deze visie is om uiterlijk in
mingsplan.
onderschrijven.
2030 energieneutraal te zijn, maar eerder als dat mogelijk is. Op 5 juni 2018 heeft de raad de ambitie aangescherpt naar een energieonafhankelijke gemeente in 2030. Wij hanteren hiervoor de volgende definitie: “Energieonafhankelijk betekent dat er binnen de gemeente altijd voldoende eigen opgewekte energie aanwezig is in alle weersomstandigheden. Met eigen opgewekte energie bedoelen we energie van bronnen afkomstig uit de eigen gemeente. Het gaat om de energiebehoefte van zowel alle bedrijven als alle inwoners.”
1.4
Inspreker maakt bezwaar tegen de geplande omvang van het onderhavige
In de ‘Energievisie gemeente Bergen’ is gekeken naar het
De reactie leidt niet tot
project en wil zijn zorg over de noodzaak van de omvang benadrukken.
energieverbruik in onze gemeente. Volgens gegevens van de
aanpassing van het bestem-
provincie Limburg (Energiedashboard Limburg 2012) is het
mingsplan.
De voorgenomen opwekking m.b.v. 800.000 zonnepanelen (afgerond) in
energieverbruik 1,74 PJ per jaar. Minimaal 50 % (0,87 PJ)
combinatie met 4 windturbines overschrijd in zeer grote mate de energiebehoef-
van deze opgave wordt gerealiseerd door middel van het
te van de gemeente Bergen. Dit zeker in het licht van de zogenaamde 50/50%
grootschalig opwekken van duurzame energie binnen het
doelstelling, waarbij 50% van de energiebehoefte zal komen uit kleinschalige
Energielandgoed Wells Meer.
9
opwekking respectievelijk energiebesparing en 50% door het onderhavige energielandschap.
In het Masterplan is te zien wat de totale opgewekte hoeveelheid energie in TJ is van het Energielandgoed bij het
Inspreker komt tot de conclusie dat hooguit de helft van de geplande zonnepa-
voorgestelde programma. Dit is 1.053 TJ, omgerekend 1,053
nelen nodig is om te kunnen voldoen aan de beleidsintentie voor de gemeente
PJ. Dit is 60% van de totale doelstelling van VerduurSA-
Bergen. Windmolens zijn daarbij niet nodig.
MEN2030. De exacte hoeveelheid opgewekte energie in het Energielandgoed zal bekend zijn als de windturbines en de
Voornoemde energiebehoefte is door inspreker berekend op basis van diverse
zonnepanelen daadwerkelijk besteld zijn en mede afhankelijk
bronnen, zoals het masterplan, de klimaatmonitor van RWS, CBS en producen-
zijn van de stand van de techniek op dat moment.
ten. Ook heeft hij de conversie berekend van gasverbruik naar elektriciteit. Naast
1.5
het energieverbruik van onze huishoudens is ook gekeken naar verbruik van
We hebben de berekening van de energiebehoefte van
commerciële dienstverlening, publieke dienstverlening , land-
inspreker opgevraagd. We hebben deze berekening niet
bouw/bosbouw/visserij en industrie/energie/afval/water.
ontvangen en kunnen hier daarom niet op reageren.
Inspreker vraagt of het landschap Wells Meer qua opbrengst en omvang enkel
Zoals hierboven al is aangegeven aan de hand van de
De reactie leidt niet tot
en alleen bedoeld is voor de energievoorziening van Bergen. Of vindt er energie-
‘Energievisie gemeente Bergen’ is de omvang van het
aanpassing van het bestem-
opwekking plaats voor derden, zoals andere gemeenten?
Energielandgoed berekend voor de Energiebehoefte van
mingsplan.
Bergen. De opgewekte elektriciteit zal worden geleverd aan het landelijke hoogspanningsnet. 1.6
Inspreker vraagt waar en hoe vaak de raad van de gemeente Bergen doelgericht
Onze beleidsintentie over het opwekken van duurzame
De reactie leidt niet tot
met de burgers van Wellerlooi over de beleidsintentie om energie op te wekken
energie is opgenomen in de ‘Energievisie gemeente Bergen’.
aanpassing van het bestem-
voor derden heeft gesproken?
Hierin is niet de beleidsintentie vastgelegd om energie op te
mingsplan.
wekken voor derden. Hier is dus ook niet met de burgers van Wellerlooi over gesproken. 2.
Inspreker 2
2.1
Inspreker is tegen het plaatsen van de windmolens op deze plaatsen, omdat er
Aan de locatiekeuze van het energielandgoed ligt een
De reactie leidt niet tot
genoeg betere locaties zijn. Dit is eveneens vaak aangegeven door alle aanwon-
zorgvuldige afweging ten grondslag. In de Beleidsnota
aanpassing van het bestem-
enden.
Windenergie hebben wij onderzocht wat geschikte locaties
mingsplan.
binnen onze gemeente zijn voor het energielandgoed. Hieruit 10
zijn drie geschikte locaties voor grootschalige opwekking van duurzame energie naar voren gekomen. In het MER van de Structuurvisie Wells Meer zijn deze locaties beoordeeld en is gebleken dat de keuze gezien de impact op energieopbrengst, ruimtegebruik, leefomgeving en landschap valt op het Wells Meer. 2.2
Inspreker is tegen de energieboulevard in deze vorm.
Wij nemen deze reactie voor kennisgeving aan.
De reactie leidt niet tot aanpassing van het bestemmingsplan.
3.
Inspreker 3
3.1
Inspreker geeft aan dat er sprake is van een procedureel gebrek.
Het klopt dat wij overeenkomstig artikel 1.3.1. van het
De reactie leidt niet tot
Besluit ruimtelijke ordening niet verplicht waren om het
aanpassing van het bestem-
Overeenkomstig artikel 1.3.1 van het Besluit ruimtelijke ordening is door het
voornemen van het voorbereiden van een bestemmingsplan
mingsplan.
college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergen bekend
bekend te maken, aangezien een milieueffectrapport wordt
gemaakt dat het voornemen bestaat om een bestemmingsplan voor te bereiden
opgesteld. Wij delen de conclusie dat sprake is van een
voor het gebied tussen Nationaal Park de Maasduinen, de Wezerweg, de Duitse
procedureel gebrek echter niet. In dit geval hebben wij juist
grens en de Kevelaarsedijk in Well (Staatscourant 2020 nr. 24326 29 april 2020).
meer gedaan dan procedureel strikt noodzakelijk is. Dit is toegestaan en er is geen sprake van een procedureel
Dit artikel heeft betrekking op de situatie waarbij bij de voorbereiding van een
gebrek.
structuurvisie of een bestemmingsplan geen milieueffectrapport als bedoeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer wordt opgesteld. Inspreker leidt uit de documenten voor het voorontwerpbestemmingsplan af dat er wel een milieueffectrapport is opgesteld. Aldus is sprake van een procedureel gebrek. 3.2
Inspreker kan zich niet verenigen met het plan - zoals dit nu in het voorontwerp
Wij delen deze mening niet en zullen hier bij de verschillende
De reactie leidt niet tot
ter inspraak is gelegd - en is van mening dat het plan in strijd is met een goede
onderdelen van de reactie een toelichting op geven.
aanpassing van het bestem-
ruimtelijke ordening. Dit wordt verder onderbouwd in onderstaande onderdelen
mingsplan.
van de reactie (3.3 - 3.12). 3.3
Inspreker vraagt zich af waarom er geen geschikte, alternatieve locaties
Aan de locatiekeuze van het energielandgoed ligt een
De reactie leidt tot aanpassing
voorhanden zouden zijn en of er überhaupt behoefte bestaat aan een zonnepark
zorgvuldige afweging ten grondslag. In de Beleidsnota
en windturbines.
Windenergie (vastgesteld op 19 juli 2016) hebben wij
van de toelichting. 11
onderzocht wat geschikte locaties binnen onze gemeente zijn voor het energielandgoed. Hieruit zijn drie geschikte locaties voor grootschalige opwekking van duurzame energie naar voren gekomen. In het MER van de Structuurvisie Wells Meer zijn deze locaties beoordeeld en is gebleken dat de keuze gezien de impact op energieopbrengst, ruimtegebruik, leefomgeving en landschap valt op het Wells Meer. In de toelichting van het ontwerpbestemmingsplan ’Energielandgoed Wells Meer’ wordt in paragraaf 3.1.3. een uitgebreidere onderbouwing van de behoefte aan een zonnepark en windturbines opgenomen. Uit rijks- provinciaal en gemeentelijk beleid volgt dat er de komende decennia een streven is naar duurzamere energieopwekking en dat dit onder andere vormgegeven zal moeten worden door de realisatie van windturbines en zonnepanelen. Gemeentelijk is er de ambitie om in 2030 energieonafhankelijk te zijn. Op basis daarvan kan gesteld worden dat er behoefte is om een zonnepark en windturbines te realiseren. 3.4
Inspreker vraagt zich af of behoud van de door haar gepachte percelen met een
Het is niet mogelijk om de productie van graszoden te
De reactie leidt niet tot
agrarische bestemming een optie is. Op deze wijze kan de pachtrelatie worden
combineren met de invulling die in het bestemmingsplan is
aanpassing van het bestem-
voortgezet en de teelt van graszoden (gedeeltelijk) continueren.
opgenomen. Het (gedeeltelijk) continueren van de teelt van
mingsplan.
graszoden is daarom niet mogelijk. 3.5
Inspreker geeft aan dat het voorontwerpbestemmingsplan niet voldoet aan
Het klopt dat het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells
De reactie leidt tot aanpassing
hetgeen is bepaald in artikel 2.6.2 van de Omgevingsverordening Limburg 2014.
Meer’ niet voldoet aan het bepaalde in artikel 2.6.2. van de
van de toelichting en de regels
Zo volgt uit dit artikel dat een ruimtelijk plan, dat betrekking heeft op een gebied
Omgevingsverordening. In het ontwerpbestemmingsplan
van het bestemmingsplan.
dat deel uitmaakt van de Goudgroene natuurzone, geen nieuwe activiteiten
hebben we de onderbouwing met betrekking tot de goud-
dan wel wijziging van bestaande activiteiten mogelijk maakt die de wezenlijke
groene zone verder aangevuld. Met het plan wordt de
kenmerken en waarden van het gebied aantasten. Met betrekking tot de zone in
saldobenadering toegepast, zoals is opgenomen in artikel
12
de zuidwesthoek van het plangebied wordt niet aan het vereiste uit dit artikel
2.6.4. van de verordening. Hierin is opgenomen dat het
voldaan. Op die locatie komen immers in de strook van de Goudgroene natuur-
verbod uit artikel 2.6.2 niet van toepassing is bij een
zone zonnepanelen te liggen, hetgeen tot een aantasting van dit gebied leidt.
combinatie van onderling samenhangende activiteiten, waarvan één of meer afzonderlijk een negatief effect hebben op de Goudgroene natuurzone, maar waarvan de gecombineerde uitvoering leidt tot een verbetering van de kwaliteit en samenhang van de Goudgroene natuurzone. Er is een gebiedsvisie opgesteld. Uitvoering van deze visie zorgt per saldo voor een verbetering van de natuurwaarden in en rond het gebied en voor een verbetering van de samenhang van de goudgroene natuurzone. De uitvoering van de visie is in het bestemmingsplan gewaarborgd middels een voorwaardelijke verplichting.
3.6
Het realiseren en in gebruik nemen van het Energielandgoed Wells Meer zal
Met inspreker zijn wij van mening dat het natuuronderzoek
De reactie leidt niet tot
volgens inspreker gevolgen hebben voor de stikstofuitstoot op het omliggende
nog niet is afgerond. Aanvullend onderzoek is nodig met
aanpassing van het bestem-
Natura 2000-gebied, waardoor de kwaliteit van de stikstofgevoelige natuurlijke
betrekking tot stikstofdepositie en de nachtzwaluw.
mingsplan.
habitats en de habitats van soorten in het omliggende Natura 2000-gebied de Maasduinen verslechtert en er een significant verstorend effect kan optreden.
De resultaten van het stikstofonderzoek zullen gepubliceerd worden met de bekendmaking van het ontwerpbestem-
Volgens inspreker moet daarom worden bezien of het beoogde plan significante
mingsplan. Het aanvullende onderzoek naar de nachtzwaluw
gevolgen heeft voor het Natura 2000-gebied:
is bij publicatie van het ontwerpbestemmingsplan nog niet
de aanwezigheid van windturbines zal effect hebben op de stand- en
afgerond. De tussentijdse resultaten worden bij het ont-
trekvogels door verstoring en sterfte (denk hierbij aan de nachtzwaluw) en
werpbestemmingsplan gevoegd. De definitieve resultaten
bij de aanlegfase kunnen leiden tot verlies van leefgebied.
volgen bij vaststelling van het plan.
verstoring zal plaatsvinden door het geluid van de windmolens en de beweging van de wieken.
Volgens inspreker is het verkennend natuuronderzoek ontoereikend om de harde conclusie ter trekken dat significant negatieve effecten op het behalen van instandhoudingsdoelstellingen van Natura 2000- gebieden in de omgeving met zekerheid zijn uitgesloten (zoals wordt gedaan in de toelichting).
Uit het verkennend natuuronderzoek volgt tevens dat het Natura 2000-gebied de Maasduinen is aangewezen voor de nachtzwaluw als broedvogel en deze het 13
plangebied kan gebruiken om te foerageren en op voorhand niet valt uit te sluiten dat jaarlijks een exemplaar van nachtzwaluw in aanvaring komt met de windturbines. Door de beweging van de wiek zal immers een verstoring plaatsvinden, hetgeen kan leiden tot sterfte. Gelet op het voorgaande acht inspreker het noodzakelijk dat een aanvullend onderzoek wordt gedaan naar de nachtzwaluw en dat er aan de hand van AERIUS-berekeningen wordt onderzocht wat het mogelijke effect van stikstofdepositie op dit Natura 2000- gebied is. 3.7
Inspreker geeft aan dat de aanleg en het gebruik van het Energielandgoed Wells
Het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ zorgt
De reactie leidt tot aanpassing
Meer zal leiden tot verstoring, waardoor negatieve effecten (door geluid- en
inderdaad voor aantasting van de wezenlijke kenmerken en
van de toelichting en regels van
lichtverstoring) op het NNN niet uitgesloten kunnen worden. Een aantal van de
waarden van de goudgroene natuurzone/ het NNN. In het
het bestemmingsplan.
geplande zonnevelden (waaronder enkele voor intensief gebruik) liggen immers
ontwerpbestemmingsplan hebben we de onderbouwing met
direct naast het NNN. De turbinelocaties zijn iets verder gelegen van de gebie-
betrekking tot de Goudgroene zone verder aangevuld. Met
den die behoren tot het NNN.
het plan wordt de saldobenadering toegepast, zoals is opgenomen in artikel 2.6.4. van de verordening. Er is een
In het verkennend natuuronderzoek wordt ten aanzien van de NNN-gebieden
gebiedsvisie opgesteld. Onderdeel van deze gebiedsvisie is
geconcludeerd dat beschermde broedvogels en planten potentieel wel effecten
een compensatieplan. Uitvoering van deze visie zorgt per
kunnen ondervinden door de bouw en aanwezigheid van zonneparken. Sowieso
saldo voor een verbetering van de natuurwaarden in en rond
is sprake van ruimtebeslag dat moet worden gecompenseerd. Daarnaast zijn er
het gebied en voor een verbetering van de samenhang van
negatieve effecten voorzien van alle onderzoeksmodellen op natuur in de
de Goudgroene natuurzone. Ook de benodigde compensatie
Zilvergroene zone en de broedende akkervogels in open akkers (Provinciale
vanwege de ligging van het Energielandgoed binnen de
regeling). Indien zich negatieve effecten zullen voordoen, moeten deze maxi-
Zilvergroene natuurzone maakt onderdeel uit van de
maal worden beperkt en enige resterende schade dient te worden gecompen-
gebiedsvisie.
seerd middels een compensatieplan. Inspreker wijst in het kader hiervan erop dat een dergelijk compensatieplan ontbreekt.
De uitvoering van de visie is in het bestemmingsplan gewaarborgd middels een voorwaardelijke verplichting. In de natuurtoets is opgenomen dat voor gebiedsdelen binnen het plangebied waar de provincie subsidie verleend
voor “broedende akkervogels in open akker” effecten op de doelsoorten zijn uitgesloten. Hierop zijn geen negatieve 14
effecten voorzien. 3.8
Inspreker geeft aan dat vooralsnog onduidelijk is of de radar van de vliegbasis
In afstemming met TNO wordt onderzoek uitgevoerd naar
De reactie leidt niet tot
Volkel al dan niet in onaanvaardbare mate negatief wordt beïnvloed indien hoger
de mate van verstoring van het radarbeeld door eventuele
aanpassing van het bestem-
wordt gebouwd dan 114 m. Enig onderzoek daarnaar ontbreekt. In het kader
hogere windturbines. Wanneer het onderzoek gereed is zal
mingsplan.
hiervan wijst inspreker erop dat ingevolge artikel 2.5 en 2.6 van de Regeling
het ter afstemming worden voorgelegd aan het ministerie
algemene regels ruimtelijke ordening voor windturbines met een grotere hoogte
van Defensie. Deze afstemming zal voorafgaand aan de
bij de voorbereiding van het bestemmingsplan een beoordeling moet worden
besluiten over de omgevingsvergunningen plaatsvinden. Dit
gemaakt van de mate waarin het radarbeeld wordt verstoord door die windtur-
is middels een voorwaardelijke verplichting in het bestem-
bines. Dat rapport moet worden overgelegd aan de minister van Defensie, die de
mingsplan gewaarborgd.
toereikendheid van het rapport en de aanvaardbaarheid van de gevolgen van de windturbine voor de werking van de radar beoordeelt aan de hand van referentiewaarden. 3.9
3.10
3.11
Inspreker vraagt zich af in hoeverre het gemaakte plan-MER is gebaseerd op de
Het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ is
De reactie leidt niet tot
maximale planologische mogelijkheden van het plan. Dit is van belang omdat bij
gebaseerd op het voorkeursmodel uit het MER. De maximale
aanpassing van het bestem-
de beoordeling van de mogelijke milieueffecten in het plan-MER hiervan dient te
mogelijkheden die in het bestemmingsplan worden geboden
mingsplan.
worden uitgegaan.
zijn hierdoor ook in het MER meegenomen.
Inspreker wijst er op dat geen onderzoek is gedaan naar mogelijke hinder als
Om lichtschittering te voorkomen/ beperken zullen de
De reactie leidt niet tot
gevolg van lichtschittering door het draaien van de molenwieken. Ingevolge
windmolens worden voorzien van een anti-reflecterende
aanpassing van het bestem-
artikel 3.12 lid 2 jo. artikel 3.13 lid 1 van het Besluit algemene regels voor
coating. Het aanbrengen van een dergelijke coating is een
mingsplan.
inrichtingen milieubeheer dient lichtschittering zo veel mogelijk te worden
voorwaarde voor het verkrijgen van een milieuvergunning en
voorkomen respectievelijk beperkt door niet reflecterende materialen of coating-
hiermee een verplichting. Het uitvoeren van een onderzoek
lagen toe te passen.
is daarom niet nodig.
Tot slot trekt inspreker de (economische) uitvoerbaarheid van het plan in twijfel.
In paragraaf 6.1 van de toelichting van het bestemmingsplan
De reactie leidt niet tot
Het plan maakt deel uit van een samenstel van publiekrechtelijke en privaatrech-
‘Energielandgoed Wells Meer’ is de economische uitvoer-
aanpassing van het bestem-
telijke rechtshandelingen van de gemeente Bergen - meer specifiek de vestiging
baarheid van het bestemmingsplan in algemene zin onder-
mingsplan.
van het voorkeursrecht op de percelen, de aankoop van de percelen en het
bouwd en wordt geconcludeerd dat het plan economische
uiteindelijk vaststellen van een bestemmingsplan ter realisering van het Energie-
uitvoerbaar is. In het ontwerpbestemmingsplan hebben we
landgoed Wells Meer - hetgeen marktverstorende effecten heeft. Inspreker
deze onderbouwing uitgebreider toegelicht.
vervult met haar onderneming ter plaatse een bepalende rol op de Europese markt voor sportgraszoden. Inspreker vreest die rol niet meer te kunnen
Het feit dat het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells
vervullen indien het energielandgoed wordt gerealiseerd. Daardoor zal vaststel-
Meer’ erop gericht is om hier het Energielandgoed Wells
ling van het bestemmingsplan - zoals middels het voorontwerp lijkt te zijn
Meer mogelijk te maken, heeft niet rechtstreeks tot gevolg
beoogd - leiden tot een groot risico op een ingrijpende marktverstoring. Een en
dat er marktverstoring plaatsvindt. Inspreker heeft op dit
ander druist in tegen de op de gemeente Bergen rustende verplichtingen uit
moment een pachtrelatie met de provincie voor zijn werk-
hoofde van Europese en nationale wet- en regelgeving die beoogt de effectieve
zaamheden in het landgoed, maar dit is zeker geen “vaste”
concurrentie tussen ondernemingen te verzekeren.
relatie.
15
Inspreker heeft op dit moment een geliberaliseerde pachtovereenkomst met de provincie. Dit betekent dat inspreker er van meet af aan rekening mee had moeten houden dat daar op enig moment een einde aan moet komen. Inspreker heeft er zelf voor gekozen om haar (naar eigen zeggen) bepalende rol op de Europese markt afhankelijk te maken van de locatie in het Wells Meer, terwijl er slechts sprake is van een geliberaliseerde pachtovereenkomst. Vanaf het moment dat de provincie aankondigde het landgoed te willen verkopen en in ieder geval vanaf het moment dat wij aankondigden het Energielandgoed ter plaatse te willen ontwikkelen, had inspreker al kunnen omzien naar andere grond voor de uitoefening van zijn bedrijf. 3.12
Gelet op het voorgaande verzoekt inspreker om het voorontwerpbestemmings-
Wij hebben de verschillende vragen en opmerkingen uit de
De reactie leidt niet tot
plan niet in procedure te brengen. Het Energielandgoed Wells Meer is geen
inspraakreactie van inspreker bovenstaand beantwoord. Het
aanpassing van het bestem-
goede ruimtelijke ontwikkeling voor het betrokken grondgebied.
voorontwerpbestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’
mingsplan.
is reeds in procedure gebracht. In antwoord op reactie 3.3 is onderbouwd waarom is gekozen voor de realisatie van een energielandgoed op deze locatie. 4
Inspreker 4
4.1
Op de verbeelding behorende bij het voorontwerp bestemmingsplan valt op dat
Wij delen de mening van inspreker niet:
De reactie leidt niet tot
er in de oosthoek van het plan een hap uit het plangebied gehaald is. Dit betreft 16
Met de huidige invulling van het Energielandgoed
aanpassing van het bestem-
het perceel landbouwgrond van ca 11 ha van inspreker. Inspreker vindt het
kunnen we de doelstelling uit onze Energievisie om mi-
mingsplan.
onbegrijpelijk dat dit gedeelte uit het plan is gehouden:
nimaal 50% van de benodigde energie in Bergen groot-
inspreker zou op dit perceel mogelijk ook energie willen opwekken met
schalig duurzaam op te wekken ruim halen. Vanuit dit
zonnevelden of windenergie.
oogpunt is er dus geen noodzaak om dit perceel te be-
het perceel betrekken in het voorliggende bestemmingsplan zou een veel
trekken bij het landgoed.
logischere begrenzing van het plan opleveren. Te meer nu het perceel mili-
eutechnisch gezien niet ongunstiger gelegen is, dan de overige gebieden
zorgt op deze manier voor een prima begrenzing van
met de bestemming Energielandgoed en aanduiding zonnepark of zonneveld.
Het betreffende perceel is landschappelijk ingepast en het plangebied.
In het ontwerp is te zien dat het perceel landschappelijk
het niet meenemen van dit perceel in het onderhavige plan betekent dat het
is ingepast met groen/bos en het perceel zal hetzelfde
perceel aan twee zijden en de toegangsweg tot het perceel en de loods,
toegankelijk blijven. Wij zien daarom niet in hoe dit de
volledig, is ingesloten tussen de panelen. Inspreker verwacht hier beperkin-
bedrijfsvoering zal beperken.
gen van te ondervinden in zijn bedrijfsvoering. 4.2
Inspreker vreest nadelige gevolgen te ondervinden van de geplande ontwikke-
In het MER zijn de milieueffecten van de realisatie van
De reactie leidt tot aanpassing
ling op het gebied van volksgezondheid en milieu ter plaatse van de bedrijfswo-
het energielandgoed onderzocht. In de toelichting van
van de toelichting.
ningen op Wezerweg 9 en 9a:
het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ is in
1.
de bedrijfswoningen liggen op resp. 160 en 190 m van de bestemmingen
hoofdstuk 4 geconstateerd dat , al dan niet met het
energielandgoed met de mogelijkheid tot realisatie van zonnevelden. In-
toepassen van mitigerende maatregelen, sprake zal zijn
spreker is bevreesd voor nadelige (milieu- en/of gezondheids-) effecten van
van een goed woon- en leefklimaat bij omliggende wo-
de aanleg van dergelijke velden.
ningen met betrekking tot geluid, stof, geur en slag-
De windturbines zijn op ca. 1 km. afstand ten zuidoosten van de woningen
schaduw. In het ontwerpbestemmingsplan wordt de
geprojecteerd. Inspreker is bevreesd voor overlast door slagschaduw. In de
toelichting aangevuld met een onderbouwing voor het
documenten wordt geconstateerd dat er zonder aanvullende voorwaarden
aspect gezondheid, waarbij wordt verwezen naar bijlage
aan het gebruik van de turbines, slagschaduwoverlast zal ontstaan. Inspre-
5 van het MER. Geconcludeerd wordt dat er geen reden
ker is van mening dat er onvoldoende garanties geboden worden in de on-
is om aan te nemen dat er negatieve gezondheidseffec-
2.
1.
derhavige stukken dat deze aanvullende voorwaarden ook daadwerkelijk worden opgelegd. 3.
ten optreden. 2.
In het Activiteitenbesluit milieubeheer zijn normen
Onduidelijk is wat de verkeersaantrekkende werking is van de onderhavige
opgenomen voor slagschaduw. In het onderzoek naar
ontwikkeling met alle gevolgen voor het woongenot van inspreker van dien.
slagschaduw dat in het kader van het MER is uitgevoerd is geconcludeerd dat, al dan niet door het treffen van mitigerende maatregelen, aan de huidige normen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer kan worden voldaan.
De normen uit het Activiteitenbesluit milieubeheer zijn van rechtswege op de windturbines van toepassing. 17
Hiermee is voldoende gegarandeerd dat de benodigde maatregelen ook zullen worden genomen. 3.
Verkeersaantrekkende werking: In het verkeersonderzoek (bijlage 10 van het MER) is geconstateerd dat de verwachte extra motorvoertuigbewegingen als gevolg van de komst van het bezoekersen innovatiecentrum niet voor doorstromingsproblemen op de Wezerweg zullen zorgen. Daarnaast volgt hieruit dat de verkeersveiligheid op de Wezerweg niet in het geding zal komen. In de regels van het ontwerpbestemmingsplan is bovendien toegevoegd dat het Energielandgoed jaarlijks door maximaal 15.000 auto’s bezocht mag worden. Dit is ruim minder dan waar in het verkeersonderzoek vanuit is gegaan.
4.3
Inspreker vreest nadelige gevolgen te ondervinden van de geplande ontwikke-
De gronden van inspreker liggen (zoals aangegeven onder
De reactie leidt niet tot
ling op ontwikkelingsmogelijkheden voor het eigen bedrijf. Inspreker is bevreesd
4.1) buiten het plangebied. Het bestemmingsplan is daarom
aanpassing van het bestem-
dat door een dergelijke grootschalige ontwikkeling een dusdanige aanslag op de
niet van invloed op de planologische mogelijkheden en
mingsplan.
ontwikkelingsruimte in dit gebied wordt opgesoupeerd, dat er voor de reeds
ruimte die wordt geboden op deze percelen.
aanwezige activiteiten in het gebied nauwelijks meer ontwikkelingsruimte
Wanneer inspreker van mening is dat het voorliggende plan
overblijft. Dat inspreker zich daar niet mee kan verenigen behoeft geen verder
nadelig is voor de bedrijfsvoering, dan heeft hij het recht om
betoog.
binnen 5 jaar na vaststelling van het bestemmingsplan een verzoek om planschade in te dienen. Op grond van artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening kent de gemeenteraad op aanvraag een tegemoetkoming toe aan degene die in de vorm van inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade lijdt of zal lijden. Dit geldt voor zover de schade redelijkerwijs niet voor
rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet anderszins is verzekerd. 18 4.4
Inspreker is van mening dat een dergelijke grootschalige ontwikkeling als de
Wanneer inspreker van mening is dat het voorliggende plan
De reactie leidt niet tot
onderhavige zal leiden tot een waardevermindering van zijn eigendommen
leidt tot een waardevermindering van zijn eigendommen,
aanpassing van het bestem-
(zowel grond als (bedrijfs-)gebouwen). Vergeleken met het huidige open en
dan heeft hij het recht om binnen 5 jaar na vaststelling van
mingsplan.
natuurlijke karakter van de omgeving, leidt het beoogde gebruik van de gronden
het bestemmingsplan een verzoek om planschade in te
tot een industriële uitstraling, wat ongetwijfeld zijn weerslag zal hebben op de
dienen. Op grond van artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke
waarde van de gronden en gebouwen. Het moge duidelijk zijn dat een dergelijke
ordening kent de gemeenteraad op aanvraag een tegemoet-
waardedaling niet enkel voor rekening van inspreker mag komen.
koming toe aan degene die in de vorm van inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade lijdt of zal lijden. Dit geldt voor zover de schade redelijkerwijs niet voor rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet anderszins is verzekerd.
5
Inspreker 5
5.1
Inspreker is het niet eens met het voorontwerpbestemmingsplan Energieland-
Wij nemen deze reactie voor kennisgeving aan. De inspraak-
De reactie leidt niet tot
goed Wells Meer. Inspreker woont midden in het plangebied. Het plan heeft
reactie wordt hierna beantwoord.
aanpassing van het bestem-
negatieve gevolgen voor inspreker en is in strijd met een goede ruimtelijke
mingsplan.
ordening. Dit wordt in de verdere inspraakreactie toegelicht. 5.2
Het bestemmingsplan tast het woongenot van inspreker aan:
De woning van inspreker ligt midden in het plangebied en
De reactie leidt niet tot
het plan maakt zonnepanelen en windturbines mogelijk. De zonnepanelen
ten zuiden en noorden van de woning van inspreker kunnen
aanpassing van het bestem-
hebben aan het noorden ten opzichte van de woning van inspreker een
inderdaad zonnepanelen worden gerealiseerd met een
mingsplan.
hoogte van 2,5 meter en achter de woning een hoogte van 1,6 meter. De
hoogte van 1,6 m. De overige delen liggen op grotere
windturbines hebben achter de woning een tiphoogte van 250 meter.
afstand van de woning:
het plan maakt een bezoekerscentrum met horecagelegenheid (oppervlakte 1300 m2 en max. bouwhoogte 10 meter), een bedrijfsverzamelgebouw en
Zonnepanelen met een hoogte van 2,5 m zijn alleen
natuurontwikkeling mogelijk.
toegestaan in de meest oostelijke hoek van het
het plan maakt de vestigingen van bedrijven met een maximum bouwhoog-
plangebied. Dit ligt op circa 1,5 kilometer van de
te van 10 meter mogelijk.
woning van inspreker. Naar aanleiding van een ambtelijke wijziging (nr. 8 van de regels en verbeelding)
zijn in het ontwerpbestemmingsplan zonnepanelen met een hoogte van 2,5 meter uitsluitend toegestaan in de 19
meest noordelijke hoek van het plangebied (rood aangeduid in onderstaande afbeelding). Dit ligt op circa 300 meter ten noorden van de woning van inspreker.
De dichtstbijzijnde windmolen met een maximale tiphoogte van 250 m ligt op circa 770 meter van de woning (oranje aangeduid in onderstaande afbeelding);
Het bezoekerscentrum is alleen toegestaan in het in onderstaande afbeelding blauw aangeduide deel van het plangebied en ligt op circa 900 meter van de woning.
Het bedrijfsverzamelgebouw is alleen toegestaan in het in onderstaande afbeelding geel aangeduide deel van het plangebied en ligt op circa 940 m van het plangebied.
5.3
Inspreker vreest dat het plan voor geluidsoverlast zorgt door de panelen met alle
De zonnepanelen zelf zijn geen milieuhinderlijke bedrijfsacti-
De reactie leidt tot aanpassing
bijbehorende apparatuur, bijvoorbeeld transformatoren en omvormers. De
viteit en produceren geen geluid. De transformatoren die
van de regels.
ruimtelijke onderbouwing zegt dat er geen geluidsbelasting is gezien de afstand
nodig zijn in een zonnepark produceren wel geluid. Zoals
tot de woningen, maar een akoestisch rapport ontbreekt om dit te onderbou-
onderbouwd in paragraaf 4.4.2 van de toelichting moet op
wen.
basis van de publicatie ‘bedrijven en milieuzonering’ een richtafstand van 50 meter worden aangehouden tot trans-
20
formatoren. Buiten deze afstand zal geen sprake zijn van geluidoverlast voor omliggende woningen. Alleen wanneer transformatoren kortere afstand dan 50 m van een woning worden gerealiseerd, is onderzoek noodzakelijk om aan te tonen dat wordt voldaan aan geluidsnormen. In de regels van het ontwerpbestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ zal worden vastgelegd dat binnen 50 meter afstand van gevoelige functies geen transformatoren gerealiseerd mogen worden. Op deze wijze is gewaarborgd dat wordt voldaan aan de richtafstand en er sprake is van een goed woon- en leefklimaat ter plaatse van gevoelige functies in en rondom het plangebied. Een akoestisch onderzoek is daarom niet noodzakelijk. 5.4
Inspreker verwacht dat het plan zal zorgen voor parkeeroverlast. De bezoekers
Het bezoekerscentrum en bedrijfsverzamelgebouw liggen
De reactie leidt tot aanpassing
van het bezoekerscentrum en het bedrijfsverzamelgebouw kunnen in de directe
hemelsbreed op circa 900 meter van de woning van inspre-
van de regels.
omgeving van de gebouwen parkeren. Uit de stukken blijkt niet dat hiervoor
ker. De afstand over de weg is groter. Bezoekers voor het
parkeervakken gerealiseerd zullen worden, waardoor parkeeroverlast zal
bezoekerscentrum en het bedrijfsverzamelgebouw zullen niet
ontstaan. Inspreker vraagt om door een voorwaardelijke verplichting vast te
op deze afstand parkeren en parkeeroverlast is voor
leggen dat er voldoende parkeerplaatsen op eigen terrein komen.
inspreker daarom niet te verwachten. Binnen het energielandgoed is voldoende ruimte om parkeerplaatsen op eigen terrein in de directe omgeving van de gebouwen te realiseren. In de regels van het ontwerpbestemmingsplan wordt opgenomen dat op eigen terrein in voldoende parkeerplaatsen moet worden voorzien.
5.5
Inspreker verwacht dat het nieuwe plan leidt tot een forse toename van de
In het verkeersonderzoek (bijlage 10 van het MER) is
De reactie leidt niet tot
verkeersdruk. Het plan zal zorgen voor meer verkeersbewegingen. Het bestem-
geconstateerd dat de verwachte extra motorvoertuigbwegin-
aanpassing van het bestem-
mingsplan voorziet onvoldoende in mogelijkheden voor een goede ontsluiting en
gen als gevolg van de komst van het bezoekers- en innova-
het verkeersonderzoek is niet volledig. Het is niet duidelijk op welke dagen dit
tiecentrum niet voor doorstromingsproblemen op de
heeft plaatsgevonden en hoe lang het onderzoek heeft geduurd. Inspreker
Wezerweg zullen zorgen. Daarnaast volgt hieruit dat de
verwacht dat er maatregelen worden getroffen om de overlast zo veel mogelijk
verkeersveiligheid op de Wezerweg niet in het geding zal
te beperken en staat ervoor open om deze met de gemeente te bespreken.
komen.
mingsplan. 21
In de regels van het ontwerpbestemmingsplan is bovendien toegevoegd dat het Energielandgoed jaarlijks door maximaal 15.000 auto’s bezocht mag worden. Dit is ruim minder dan waar in het verkeersonderzoek vanuit is gegaan. 5.6
Het plan tast de privacy van inspreker aan. Het maakt de bouw van een
In antwoord op reactie 5.2 is reeds aangegeven dat de
De reactie leidt niet tot
recreatiecentrum en bedrijfsverzamelgebouw met een hoogte van 10 meter
woning van inspreker op circa 900 m respectievelijk 940 m
aanpassing van het bestem-
mogelijk in de buurt van de woning van inspreker. In de nieuwe situatie is inkijk
van het bezoekerscentrum en bedrijfsverzamelgebouw zal
mingsplan.
mogelijk in de woning en tuin van inspreker, doordat er meer recreanten het
liggen. Deze afstand is te groot om inkijk mogelijk te maken.
gebied verkennen. Inspreker geeft aan dat dit een enorme inbreuk is op de bestaande situatie en een ernstige aantasting van de privacy.
Aangrenzend aan de woning van inspreker worden intensieve zonnevelden gerealiseerd (bebouwingspercentage van
Inspreker stelt een aanpassing van het plan voor om de privacy te beschermen.
75% ten opzichte van het bestemmingsvlak). Deze zonne-
Dit kan middels een ruime afschermende groenstrook tussen de woning van
velden worden niet toegankelijk voor particulieren. In de
inspreker en de gebouwen en fietsroutes, met veel groenblijvende heesters van
directe omgeving van de woning van inspreker zullen
voldoende hoogte. Inspreker vraagt om de realisatie en instandhouding van
daarom geen recreanten kunnen komen en zorgen voor een
deze groenstrook vast te leggen door middel van een voorwaardelijke verplich-
aantasting van de privacy.
ting en hierbij te verwijzen naar een beplantingsplan dat als bijlage bij het bestemmingsplan komt.
Wij gaan in het kader van het inrichtingsplan voor Energielandgoed Wells Meer met inspreker in gesprek over de inpassing van de woning. In het bestemmingsplan ‘Energielandgoed Wells Meer’ wordt hiervoor geen voorwaardelijke verplichting opgenomen.
5.7 22
Het plan dreigt volgens inspreker schaduwhinder te veroorzaken, doordat de
In antwoord op reactie 5.2 is aangegeven dat aangrenzend
De reactie leidt niet tot
inval van zonlicht op het perceel van inspreker wordt beperkt. Hierdoor wordt
aan het terrein van inspreker alleen zonnepanelen met een
aanpassing van het bestem-
het woongenot aangetast en wordt schade toegebracht aan de beplanting.
hoogte van 1,6 meter kunnen worden gerealiseerd. Gezien
mingsplan.
Inspreker vindt dat de gemeente vooraf moet onderzoeken in hoeverre de
de beperkte hoogte van de zonnepanelen zullen deze niet
lichtinval wordt beperkt en het plan moet aanpassen om deze beperkingen
zorgen voor schaduwhinder op het perceel van inspreker.
zoveel mogelijk te voorkomen. Wanneer inspreker van mening is dat het voorliggende plan wel leidt tot een waardevermindering van zijn eigendommen (door bijvoorbeeld een beperking van de lichtinval), dan heeft hij het recht om binnen 5 jaar na vaststelling van het bestemmingsplan een verzoek om planschade in te dienen. Op grond van artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening kent de gemeenteraad op aanvraag een tegemoetkoming toe aan degene die in de vorm van inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade lijdt of zal lijden. Dit geldt voor zover de schade redelijkerwijs niet voor rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet anderszins is verzekerd. 5.8
Inspreker vreest voor hinder door het glinsteren van zonnepanelen en geeft aan
In het ontwerpbestemmingsplan wordt de toelichting
De reactie leidt tot aanpassing
dat een uitgebreid onderzoek dient te worden gedaan naar de weerkaatsing van
aangevuld met een onderbouwing voor het aspect gezond-
van de toelichting.
zonlicht bij verschillende weersomstandigheden en verschillende standen van de
heid. Hierin is onder andere lichtreflectie van zonnepanelen
zon in het jaar. Hierover is niets terug te lezen.
meegenomen, waarbij wordt verwezen naar bijlage 5 van het MER. Geconcludeerd wordt dat er geen reden is om aan te nemen dat er negatieve gezondheidseffecten optreden.
5.9
Inspreker vraagt zich af of het geluid van de Wezerweg en de Veenweg door de
Zonnepanelen kunnen geluid als gevolg van wegverkeersla-
De reactie leidt niet tot
panelen wordt versterkt. Beide zijn druk bezochte wegen en er is geen onder-
waai reflecteren. Door de schuine opstelling van de panelen
aanpassing van het bestem-
zoek uitgevoerd waarin is onderzocht of het geluid van deze wegen niet wordt
zal het meeste geluid door de voorzijde van panelen naar
mingsplan.
versterkt via het grote verharde oppervlak dat wordt toegevoegd door de
boven worden gereflecteerd en door de achterzijde naar
zonnepanelen.
beneden. In het akoestisch onderzoek dat ten behoeve van het MER is
uitgevoerd (bijlage 7 bij het MER) is een vergelijking gemaakt tussen de huidige situatie zonder zonnevelden en 23
de toekomstige situatie met zonnevelden en een toename van verkeer. 5.10
Inspreker dreigt door het plan het huidige vrije uitzicht over het akkerland
Het is niet mogelijk om op deze locatie een Energielandgoed
De reactie leidt niet tot
rondom de woning te verliezen. Nu worden in hoofdzaak graszoden verbouwd,
met zonnepanelen te realiseren en de huidige agrarische
aanpassing van het bestem-
dit dreigt te veranderen in een statisch aanzicht op zonnepanelen, windturbines,
inrichting te behouden. Het plan zal niet kunnen worden
mingsplan.
bedrijfsgebouwen en een bezoekerscentrum. Om het vrije uitzicht zoveel
aangepast om het vrije uitzicht van inspreker te behouden.
mogelijk te behouden is een aanpassing van het plan noodzakelijk Verder wijzen wij erop dat hier ook het verhaal met betrekking tot planschade van toepassing is, zoals opgenomen bij de beantwoording van reactie 5.7. 5.11
De ruimtelijke onderbouwing gaat onvoldoende in op de bestaande bestemmin-
In paragraaf 1.3 van de toelichting van het bestemmingsplan
De reactie leidt niet tot
gen: ‘Agrarisch met waarden’, ‘Waarde archeologie’, ‘Natuur’, ‘Wonen’ en ‘Bos’.
‘Energielandgoed Wells Meer’ zijn de geldende bestemmin-
aanpassing van het bestem-
Volgens de planregels van het geldende bestemmingsplan zijn de gronden
gen in het plangebied benoemd. Wat op basis van deze
mingsplan.
bestemd voor de ontwikkeling van natuurwaarden, grondgebonden landbouw,
bestemmingen in de huidige planologische situatie mogelijk
beheer en ontwikkeling flora en fauna en recreatief medegebruik.
is, is in het kader van dit bestemmingsplan niet relevant om uitgebreider toe te lichten.
5.12
Het plan is volgens inspreker niet in lijn met de structuurvisie 2014 van de
De gemeente Bergen heeft inmiddels op 23 april 2019 de
De reactie leidt niet tot
gemeente Bergen waarin de doelstelling is om de ruimtelijke kwaliteit in Limburg
Omgevingsvisie Bergen vastgesteld en op 18 december 2018
aanpassing van het bestem-
te verbeteren, te weten een landschappelijke ontwikkeling.
de structuurvisie Energielandgoed Wells Meer. Hierin staat
mingsplan.
het meest recente en daarmee geldende beleid van de gemeente Bergen. Zoals geconcludeerd in de toelichting van het bestemmingsplan sluit het plan aan op en draagt het bij aan de ambities die zijn opgenomen in dit beleid. Op 22 oktober 2019 heeft Gedeputeerde Staten van Limburg de notitie ‘Ruimte voor de zon’ vastgesteld. Hiermee is er inmiddels sprake van aanvullend beleid. In de notitie is een (interim) voorstel uitgewerkt voor een Limburgse ‘zonnelad-
der’ als bouwsteen voor de duurzaamheidsladder. Die moet een plek krijgen in de nieuwe Omgevingsvisie Limburg (en 24
tevens in de omgevingsverordening) en werkt bovendien door in de Provinciale Energie Strategie (PES) en de Regionale Energiestrategieën (RES’en). In de notitie ‘Ruimte voor de zon’ wordt Energielandgoed Wells Meer in trede 4 (gronden in gebruik voor landbouw) van de zonneladder genoemd: “Goed voorbeeld hiervan kan zijn het Energielandschap Wells Meer in Bergen”. Daaruit kan worden geconcludeerd dat de plannen voor het Energielandgoed passen binnen de recente provinciale uitgangspunten. 5.13
De gemeente hoort in het kader van een goede ruimtelijke ordening alternatieve
In het MER bij de structuurvisie zijn alle potentiele locaties in
De reactie leidt niet tot
locaties te onderzoeken. Inspreker is van mening dat plan A en het gebied aan
beeld gebracht. Dit zijn de gebieden waar de realisatie van
aanpassing van het bestem-
de Ceresweg (zoals aangegeven op de volgende plattegrond) een geschiktere
windmolens niet is uitgesloten en waar verder relatief weinig
mingsplan.
locatie is. Inspreker vindt zeker de Ceresweg een goed alternatief, omdat hier
beperkingen zijn. Het gebied rondom de Ceresweg is hier
geen huizen staan die hinder zouden ondervinden.
niet als potentiele locatie uitgekomen. Dit komt omdat de locatie in de aanvliegroute van Airport Weeze ligt, waar bouwhoogtebeperkingen gelden. Aanvullend lijkt er weinig ruimte voor voldoende zonnepanelen om aan de opwekdoelstelling te kunnen voldoen. In de structuurvisie MER is voor de drie locaties A, B en C een zorgvuldige afweging gemaakt ten aanzien van de impact op de leefomgeving en de impact op het landschap. De kleur oranje in de tabel staat voor licht negatief en de locatie is voor de bijbehorende ambities alleen geschikt onder voorwaarden. Dit betekent dat er in het MER rekening is gehouden met de impact op de leefomgeving van aanwonenden en de impact op het landschap en dat deze niet als positief is beoordeeld.
Bij locatie B zijn ze naar mening van inspreker maar voorbij gegaan aan de impact van de leefomgeving van de aanwonenden en ook de impact op het 25
landschap is niet van belang voor de aanwonenden schijnt het (zie aantekeningen van inspreker in de volgende tabel uit Masterplan Energielandgoed Wells Meer (pagina 11)).
5.14
Inspreker is bereid om met de gemeente mee te denken over een alternatieve
Wij gaan en blijven graag in gesprek met inspreker over de
De reactie leidt niet tot
oplossing, die de komst van zonnepanelen, windmolens en bedrijfsterreinen
landschappelijke inpassing. Voor de landschappelijke
aanpassing van het bestem-
mogelijk maakt, maar de inbreuk op onder meer privacy en uitzicht vermindert
inpassing wordt geen voorwaardelijke verplichting in het
mingsplan.
(zie 5.13). Inspreker is bereid om hierover om tafel te zitten en af te zien van
ontwerpbestemmingsplan opgenomen.
verdere stappen als de genoemde punten worden opgenomen in een voorwaardelijke verplichting van het plan. 5.15
Inspreker vraagt om het ontwerpbestemmingsplan niet in procedure te brengen
Wij zullen het ontwerpbestemmingsplan in procedure
De reactie leidt niet tot
en in ieder geval om hem tegemoet te komen aan bovenstaande inspraakreactie
brengen, waarin naar aanleiding van reactie 5.3 en 5.4 de
aanpassing van het bestem-
en het plan aan te passen.
genoemde aanpassingen worden gedaan.
mingsplan.
6
Inspreker 6
6.1
Inspreker is van mening dat het voorontwerp-bestemmingsplan onvoldoende
Op 22 oktober 2019 heeft Gedeputeerde Staten van Limburg
De reactie leidt niet tot
beantwoord aan de uitgangspunten van de Verklaring van Roermond, welke
de notitie ‘Ruimte voor de zon’ vastgesteld. In de notitie is
aanpassing van het bestem-
door GS van Limburg en de LLTB is opgesteld. Hierin is onder meer afgesproken
een (interim) voorstel uitgewerkt voor een Limburgse
mingsplan.
dat bij ruimtelijke ontwikkeling zuinig zal worden omgegaan met agrarische
‘zonneladder’ als bouwsteen voor de duurzaamheidsladder.
grond. De Provincie Limburg heeft als algemeen beleid een evenwichtige en
Die moet een plek krijgen in de nieuwe Omgevingsvisie
toekomstbestendige ontwikkeling te realiseren. Daarvoor is een voorwaarde dat
Limburg (en tevens in de omgevingsverordening) en werkt
aanspraken op landbouwgrond worden afgewogen tegen het maatschappelijk
bovendien door in de Provinciale Energie Strategie (PES) en
belang om ook voor de land- en tuinbouw voldoende productieruimte te
de Regionale Energiestrategieën (RES’en).
behouden. In de Verklaring van Roermond is daarom het volgende afgesproken:
eerst moet worden onderzocht of en in hoeverre een ingreep op landbouw-
In de notitie ‘Ruimte voor de zon’ wordt Energielandgoed
26
grond noodzakelijk is. Ruimteclaims op landbouwgronden dienen zo veel
Wells Meer in trede 4 (gronden in gebruik voor landbouw)
mogelijk te worden geminimaliseerd.
van de zonneladder genoemd: “Goed voorbeeld hiervan kan
Indien en voor zover een ingreep op landbouwgrond onvermijdelijk is, dient
zijn het Energielandschap Wells Meer in Bergen”. Daaruit
te worden onderzocht of een gecombineerd gebruik van de grond ten gun-
kan worden geconcludeerd dat de plannen voor het Energie-
ste van zowel de landbouw- als de andere gewenst functie mogelijk is.
landgoed passen binnen de recente provinciale uitgangspun-
Indien en voor zover dat niet mogelijk is, worden maatregelen getroffen om
ten.
de afname van het productiepotentieel te compenseren.
Ook is opgenomen dat het beheer van compensatiegronden voor de natuur door de landbouw kan plaatsvinden.
6.2
Inspreker vindt dat meer dan strikt noodzakelijk beslag wordt gelegd op
In hoofdstuk 12 en 17.9 van het MER is een afweging
De reactie leidt niet tot
agrarische grond. Hierdoor is niet voldaan aan de intentie dat bij ruimtelijke
gemaakt van het effect van het energielandgoed op het
aanpassing van het bestem-
ontwikkelingen zuinig zal worden omgegaan met landbouwgrond. In het
ruimtegebruik in het plangebied. Hieruit volgt dat de
mingsplan.
voorkeursalternatief wordt volgens de ontwerp MER 285 hectare grond die in het
zonnevelden een negatief effect hebben op het
vigerende bestemmingsplan overwegend een agrarische bestemming heeft,
ruimtegebruik ten behoeve van de landbouw in het
volgens het onderhavige bestemmingsplan aangewend voor duurzame opwek-
plangebied. Dit is meegenomen in de totaalafweging die op
king van energie en andere functies, zoals een bezoekerscentrum, een bedrijfs-
basis van het MER wordt gemaakt. Op basis van deze
verzamelgebouw met horeca en parkeerplaatsen, een energieboulevard en
afweging wordt het energielandgoed in lijn met het
natuurontwikkeling. De agrarische productieruimte gaat vrijwel geheel verloren
voorkeursmodel gerealiseerd.
en dit heeft bovendien tot gevolg dat de druk op de resterende landbouwgronden in de regio toeneemt. 6.3