bij 8 2021-10-14 Nota zienswijzen en beantwoording geanonimiseerd.pdf
Tekst van het document
beschreven waarden worden gehanteerd en zal een initiatief ook onderbouwd moeten worden op die aspecten.
Natuur, 27.2 Indiener vraagt om de implicaties van stikstof prominenter in beeld te brengen. landschap en landbouw
De gemeente kan hierover geen macro uitspraken doen. De problematiek word onderkend. Dit dossier is nog volop in beweging. De invulling van de problematiek is redelijk causuistisch en zal per geval binnen het geheel moeten worden bezien.
27
Milieu
27 Indiener verwijst naar het thema stikstof zoals benoemd in de bijlage van de Omgevingsvisie. Antwoord: De Omgevingsvisie ziet in algemene en globale zin op het beschermen van de fysieke leefomgeving Indiener is van mening dat de (ruimtelijke) implicaties van stikstof prominenter in beeld moeten waarbij wordt aangehaakt aan de vier milieubeginselen zoals deze voor gemeenten gelden. De vier beginselen worden gebracht en daarbij ook in de Omgevingsvisie. beschrijven de wijze waarop we zorg dragen voor ons milieu en zien daarbij op alle mogelijke thema's zoals bijvoorbeeld ook stikstof. Omdat het gaat om een visie op hoofdlijnen voert het te ver om alle mogelijke milieuaspecten in de visie op te nemen.
28
NLL
28.1 Indieners wijzen er op dat de positie van de agrariër onder druk staat en dat een koerswijziging Reactie: In onze optiek onderschrijft de omgevingsvisie het belang van de agrarische sector in de gemeente en biedt en interventies nodig zijn om agrarische bedrijven te behouden. Het ruimtebeslag dat ruimte voor verbreding en ontwikkeling. Hierbij zoeken wij wel de balans met maatschappelijke opgaven die er samenhangt met de ambities in de omgevingsvisie zal ten koste gaan van ruimte voor agrariers. liggen. Indiener vraagt om de landbouw een eerlijke en kansrijke positie te geven en niet het sluitstuk te laten zijn van ruimtelijke processen.
28
NLL
28.2 samengevoegd met 28.1
zienswijze 28.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
28
NLL
28
NLL
28
NLL
28
proces
28
NLL
28
proces
28
NLL
28
proces
29
proces
Zienswijze
Reactie op zienswijze
28.3 Indiener is van mening dat de omgevingsvisie moet voor sorteren op compensatielocaties voor Reactie: In navolging van de provinciale omgevingsverordening zien wij alleen ruimte voor compensatie binnen zgn. bollenteelt. permanente bollengebieden. 28.4 Indiener pleit ervoor om in gebieden waarbinnen functiewijzigingen zijn voorzien Reactie: Wij delen de mening dat gebiedsontwikkelingstrajecten een bijdrage kunnen leveren aan een vitale gebiedsontwikkelingstrajecten met aandacht voor structuurversterking van het agrarisch areaal. landbouw. Naast het agrarisch belang zullen bij dergelijke processen tevens andere belangen in het landelijk gebied betrokken moeten worden. 28.5 Indiener verzoekt de gemeente proactief te handelen en de agrarische sector een prominente Reactie: Gebiedsprocessen kenmerken zich door een dialoog tussen de betrokken gebiedspartijen. De agrarische rol te geven in processen. Verder wordt de gemeente verzocht de regie te houden in sector is hierbij een speler van belang, maar niet de enige speler. Voor grote gebiedsprocessen zien wij geen rol als gebiedsontwikkelingsprocessen. regisseur, maar blijven wel zorg dragen voor een integrale benadering van de opgaven waarbij een ieder is aangesloten.
28.1 Indiener spreekt waardering uit voor heldere opbouw van de visie en juicht toe dat een beeld Antwoord: De gemeente maakt in deze visie nog geen keuze voor de inzet van een geschikt instrument om de wordt geschetst dat de polders ook in de toekomst grotendeels door agrarische ondernemers beleidsdoelen te bereiken. Een verdere verkenning van de problematiek dient eerst plaats te vinden. De agrarische wordt onderhouden en dat ondernemen toekomstgericht en lonend dient te zijn en dat sector is in een proces een heel belangrijke deelnemer. Zie ook onder antwoord zienswijze 28.2 proces zittende bedrijven moeten kunnen blijven boeren. Daarnaast wordt geconstateerd dat de gemeentelijke en provinciale ambities hoog zijn voor het buitengebied. En dat geanticipeerd moet worden op de ruimtelijke effecten van de ontwikkelingen. De agrarische sector mag niet het kind van de rekening worden. Indiener verzoekt om de leidende partijen, gemeente en provincie, om proactief te handelen en indiener een prominente rol in de processen. Hierbij wordt gevraagd nadrukkelijk aandacht te schenken aan de agrarische structuur en hiervoor een of meerdere gebiedsprocessen te starten en hiermee de agrarische structuur toekomst bestendigd te maken. De gemeente dient de regie te houden in de gebiedsprocessen.
28.6 Indiener pleit voor een realistisch ontwikkelingstempo in de richting van kringloop, circulair en Reactie: Voor de agrarische sector zelf is een belangrijke rol weggelegd in deze transitie. natuurinclusieve landbouw. 28.2 Indiener constateert dat voor de agrarische sector een toekomstbeeld wordt geschetst waarbij De gemeente onderkent de problematiek bij de sector, maar constateert ook dat oplossingen vooral door de de nadruk ligt op een ontwikkeling van de sector in de richting van kringloop, circulair, en rijksoverheid dienen te worden aangedragen. De uitwerking van deze problematiek is nog onderwerp van discussie natuur inclusieve landbouw. Indiener en haar leden erkennen en ondersteunen deze gewenste en zal onderdeel zijn van de formatie onderhandelingen. De gemeentelijke handelingsruimte op dit dossier is ontwikkeling vanuit hun verantwoordelijkheid en als onderdeel van de maatschappij. Wel beperkt. benadrukt indiener dat deze ontwikkelingsrichting en het ontwikkelingstempo realistisch dienen te zijn. Indiener pleit voor een inclusief-speelveld, waarbij voor elke professionele agrarische ondernemer die past binnen het open agrarische landschap ruimte moet zijn.
28.7 De transitie in de landbouw vraag wat indiener betreft een integrale en maatschappij brede aanpak en kan niet slechts worden opgelost door de bedrijfsvoering van agrarische bedrijven om te gooien. 28.3 In de omgevingsvisie wordt verder gesproken over programma’s, waardoor het bij omgevingsprocessen mogelijk is om een financiële bijdrage te vragen als er een functionele samenhang is tussen de activiteit en het doel waarvoor een financiële bijdrage wordt gevraagd. LTO Noord pleit ervoor om dit instrument in te zetten om gewenste ontwikkelingen op agrarische bedrijven te ondersteunen en te stimuleren.
Reactie: Wij onderschrijven dit.
De gemeente maakt vooralsnog geen keuze voor een bepaald instrument. Eerst dient een verkenning plaats te vinden. Overigens in de context van het gestelde in de tekst is een koppeling gemaakt met kostenverhaal.
zienswijze 29. 29.1 Het is onduidelijk waarom deze visie er uiterlijk in 2021 moet zijn en waarom daar zoveel zaken Antwoord: In het plan van aanpak is deze termijn afgesproken, wat overeenkwam met de inwerkingtreding van de worden bijgehaald die nog helemaal niet voldoende inhoudelijk doorgesproken konden worden omgevingsvisie. Het proces is hierop ingericht. Het proces kent twee vormen, voor de corona zijn fysieke in deze coronatijd. bijeenkomsten gehouden. Na de corona is doorgeschakeld naar digitale bijeenkomsten en enquêtes om een zo groot mogelijke groep van geïnteresseerden te bereiken. Via participatie zijn onderwerpen doorgenomen.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.2 Goedkeuren van deze ontwerp omgevingsvisie houdt in dat een zeer groot gedeelte van (met name RO) beleid voor komende gemeenteraden en inwoners vast ligt en alleen met heel veel moeite veranderd worden terwijl al bij het in werking treden van de omgevingswet dit RO beleid al toegepast moet worden. Zo vlak voor de verkiezingen is dit misschien wel een anti democratische aanpak. Daarnaast is er na vaststelling van de omgevingsvisie geen enkele beroepsmogelijkheid.
Antwoord: De omgevingsvisie integreert al het beleid voor de fysieke leefomgeving. Dit gaat verder dan een structuurvisie dat het ruimtelijk beleid bundelt. De omgevingsvisie bindt alleen de gemeente. De gemeente kan hier van afwijken maar dient dit te motiveren en daarvoor dient dus een afweging plaats te vinden. Dit is niet anders dan bij de structuurvisie. De omgevingswet stelt dat de gemeente over een omgevingsvisie dient te beschikken. Zie antwoord onder zienswijze 29.4 proces en 29.D proces.
29
proces
29.3 … een digitale enquête in te vullen. Echter ik heb getracht om dit te doen maar voortijdig gestopt. Nadat ik de ontwerp omgevingsvisie had doorgelezen kon ik niet anders concluderen dat de vragen niet exact genoeg gesteld werden, zeker niet éénduidig waren en zo globaal dat het onmogelijk zou zijn voor de gemeente om daar het label "participatie" aan te geven.
Antwoord: De digitale enquête is in de drie fasen van de ontwikkeling van de omgevingsvisie ingezet. Het karakter van de enquêtes is verschillend geweest. Enerzijds is het in de eerste fase ingezet om op te halen, door bijvoorbeeld de open – maar ook gesloten vragen en anderzijds is het middel in de tweede fase ingezet om te toetsen. In de laatste fase is de enquête gebruikt naast het indienen van een inzienswijze. In de verschillende fasen hebben veel belangstellenden de enquêtes ingevuld. Daarmee kan gesproken worden van een brede participatie. Een inbreng en meningen die de gemeente relevant acht in het proces. Een finaal oordeel over de verwerking van de input van de inwoners kon worden gegeven bij formele ter inzage legging van het ontwerp van de omgevingsvisie. De mening omtrent de omgevingsvisie kon in een zienswijze worden ingediend. Gedurende de periode van ter inzage legging zijn 37 zienswijzen ingediend en daarnaast zijn 490 digitale enquêtes ingevuld. Via advertenties, social media, de gemeentepagina en de websites zijn belangstellenden op de hoogte gesteld van de mogelijkheden in de verschillende fasen.
29
proces
29.4 Daarnaast is de belangrijkste vraag waarom deze ontwerp omgevingsvisie met zulke Antwoord: Beleid is nooit gekoppeld aan een raadsperiode. Het moet voor inwoners op ieder moment duidelijk zijn verstrekkende beleidsveranderingen moet worden doorgevoerd in deze gemeenteraadsperiode waar de gemeente voor staat. waarmee de raad over zijn eigen termijn regeert.
29
proces
29.A Status en juridische consequenties van het goedkeuren van de ontwerp omgevingsvisie. a. De Omgevingswet gaat iig niet eerder dan 1jul i 2022 in werking, b. Om nu de ontwerp omgevingsvisie juridisch nu in te voeren ( en dus niet per in werking treden van de omgevingswet) moeten dus de huidige structuurvisies en bestemmingsplannen onderdeel uitmaken van deze omgevingsvisie. c. De omgevingsvisie die voorligt, overschrijft op het moment van in werking treden van de omgevingswet, of al bij instemming van de gemeenteraad, de bestaande structuurvisies en bestemmingsplannen op alle strijdige punten. d. Alle bestaande afspraken die wel met meer of mindere mate van inspraak en participatie tot stand zijn gekomen worden dan overschreven door de kernzaken die in deze ontwerpomgevingsvisie worden ingebracht. e. De gemeente dient zich aan deze visie te houden en alle ontwikkelingen worden dan aan die visie getoetst. Als er dus niet in staat dat er geen extra recreatieparken of meer hotels, recreatie appartementen mogen komen maar gestreefd moet worden naar huisvesting voor woningzoekenden, dan kunnen de volgende gemeenteraden hier maar heel weinig aan doen en direct na in werking treden van de omgevingswet zal dit een vrijbrief zijn voor projectontwikkelaars om versneld hun winstmachines te verwezenlijken, ten koste van de belangen van inwoners.
Antwoord: Naar verwachting treedt de omgevingswet op 1 juli 2022 in werking. In principe treedt de omgevingsvisie in de plaats voor de huidige structuurvisies. Echter de huidige structuurvisies blijven gelden als deelomgevingsvisie bij de omgevingsvisie. De omgevingsvisie kent een hoger abstractieniveau dan de vaak gedetailleerde structuurvisies. De bestemmingsplannen maken geen deel van een structuurvisie. De omgevingsvisie bindt alleen de gemeente. Bij besluiten dient de gemeente rekening te houden met de inhoud van de visie. Bij een mogelijke afwijking dient dit gemotiveerd te worden. Deze motivatie is onderdeel van het besluit tot afwijking van bijvoorbeeld een vergunning en is daarmee vatbaar voor bezwaar, beroep en hoger beroep. Afwijkingen bieden dus een traject van rechtsbescherming. (Bouw) rechten worden toegekend in een bestemmingsplan en niet in een omgevingsvisie, dat over de hoofdlijnen van het integrale beleid gaat.
29
proces
29.5 Er wordt vooral een beleid ingevoerd die alle ruimte geeft aan projectontwikkelaars en ondernemers en die juist de leefbaarheid van de kernen onder druk zal zetten. Dit kan niet de bedoeling zijn en ik vraag dan ook helder te maken waarom in tijd en capaciteit dit niet kon worden getemporiseerd? Is daar ook over in de gemeenteraad iets besloten en welke gronden zijn daar aangevoerd?
Antwoord: De gemeente ziet geen reden te veronderstellen dat de visie “alle ruimte geeft” aan ontwikkelaars, omdat in de visie een duidelijk waarde kader wordt geschetst waaraan mogelijke plannen worden getoetst. Deze waarden worden zeer breed gedragen door de inwoners. Zie antwoord onder zienswijze 29.1 proces voor Plan van Aanpak. Zie 29.A proces voor structuurvisies.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.B Vraag is wanneer de omgevingsvisie daadwerkelijk rechtskracht krijgt en of het klopt dat zaken waar nu nog midden in de vergunningverlening of aanloop naar een project zitten dat er dan geen bezwaargrond meer is voor zaken die in de huidige structuurvisies en bestemmingsplannen wel mogelijk zijn? Wordt met deze wijze van invoeren van de omgevingsvisie de mogelijkheden om nog bezwaar te maken niet ernstig beperkt? Indien nodig zal ik daar voorbeelden van noemen. Enkele situaties worden al aangehaald verder in deze zienswijze.
Antwoord: In bezwaar dient het bestuursorgaan het eigen besluit in heroverweging te nemen. Daarbij moet het bestuursorgaan alle feiten en omstandigheden betrekken. Ook de feiten en omstandigheden die zich hebben voorgedaan na het indienen van het bezwaarschrift, dus tot aan het moment waarop de beslissing op bezwaar wordt genomen. Dit wordt de ex nunc toetsing genoemd. In (hoger) beroep moet de bestuursrechter het bestreden besluit toetsen aan de hand van de gronden die in bezwaar en beroep zijn ingediend. Nieuwe feiten of omstandigheden, die dateren van na de beslissing op bezwaar, tellen niet mee. Dat wordt de ex tunc toetsing genoemd. Bovendien concentreert de bestuursrechter zich op de vraag of het besluit rechtmatig is. Zie 29.B proces voor structuurvisie.
29
proces
29.6 a. Het woord participatie wordt nogal ruim gebruikt, b. Er zijn enquêtes gehouden die niet meer Antwoord: De enquêtes zijn een onderdeel geweest van de participatie waarbij inwoners hun betrokkenheid bij de kunnen doen dan reageren op onduidelijke stellingen waaraan geen consequenties zijn inhoud van de visie hebben kunnen tonen. Het karakter van de enquêtes is verschillende geweest. Zie onder verbonden . De vragen zijn niet éénduidig gesteld en kunnen ruim geïnterpreteerd worden. c. Er zienswijze 29.3 proces. Van de bijeenkomsten is breed kennis van gegeven via de media van de mogelijkheid tot worden fysieke en digitale bijeenkomsten aangehaald waarbij er slechts enkelen aan mee deelname. De inbreng op de bijeenkomsten heeft de gemeente verder gebracht in het proces. Samen met de hebben gedaan. Is er genoeg moeite gedaan om in coronatijd veel meer inwoners te bereiken? enquêtes is een beeld gevormd voor de volgende fasen. Op de bijeenkomsten is zeker ruimte geweest en genomen Als er een deelnemer was geweest was het dan ook goede participatie geweest? Voor gewone voor toelichting en gesprek op bijvoorbeeld de “geeltjes” op de borden. Dit is ook steeds nadrukkelijk gevraagd door mensen kunnen deze aantallen niet beschouwd worden als geslaagde participatie. Waarom de begeleiders. Op de avonden is een breed scala van onderwerpen behandeld.
Uit de bijeenkomsten en de enquête vindt de gemeente van wel? Waar ligt de ondergrens?, d. Bij die bijeenkomsten waren is naar voren gekomen dat toerisme ook minpunten heeft. In de visie wordt hier ook op ingegaan, zoals verkeer, rust discussies vrijwel onmogelijk vanwege de vele sheets die moesten worden doorgewerkt. Er was in woonwijken en druk op natuur, etc. niet meer ruimte dan te reageren op een stelling of ideeën toevoegen. e. Waarover 10 speerpunten ( zie figuur hieronder) voor Bergen 2040 werden ingebracht en waar de belangrijkste kernzaken die nu aangevoerd worden in de ontwerp omgevingsvisie niet zijn opgevoerd. Bijvoorbeeld de toenemende toeristische druk. (Er is alleen toenemende druk wanneer je dit wil creëren. Dat is in dit proces niet besproken maar als uitgangspunt gekozen).
29
proces
29.7 De belangrijkste ontwikkelingen voor het beïnvloeden van de eigen leefomgeving, zoals bedoeld Antwoord: De omgevingsvisie komt als integraal document in de plaats van de structuurvisies. De omgevingswet eist is met de omgevingswet, wordt nu met gemankeerde participatie en te snelle besluitvorming dat de omgevingsvisie een integraal karakter heeft waardoor het voor inwoners kenbaar is waar de gemeente voor over de ontwerp omgevingsvisie juist het tegenovergestelde bereikt. Het onvoldoende goed en staat op alle onderdelen van de fysieke leefomgeving. Het beschrijft daarvoor de hoofdlijnen van het beleid. De helder meenemen van de kansen en bedreigingen met bijhorende consequenties in de structuurvisies zoals in de gemeente zijn vastgesteld krijgen de status van deelomgevingsvisie als onderdeel van de participatie maar ook in de behandeling binnen de gemeenteraad dreigen de zorgvuldige omgevingsvisie. procedures (structuurvisies en bestemmingsplannen) die tot nu toe zijn gevolgd en waar de inwoners in meerderheid mee instemmen, voor onbepaalde tijd op belangrijke punten overschreven te worden.
29
proces
29.C Mocht het al nodig zijn dat er op korte termijn onder deze vreemde omstandigheden van de corona pandemie een omgevingsvisie moet liggen (wat volgens mij juridisch helemaal niet het geval is) dan zou een omgevingsvisie met de huidige structuurvisies en bestemmingsplannen het beleid moeten zijn en daarbij toegevoegd kunnen worden welke externe ontwikkelingen men op zich af ziet komen en waar dan later bij revisies van de omgevingsvisie met voldoende participatie mogelijk ander beleid mogelijk zijn. Nu wordt er op zeer onzorgvuldige wijze niet overzienbare consequenties in het beleid gerommeld en een tot nu toe zorgvuldig proces geweld aan gedaan.
Antwoord: In de omgevingsvisie zijn de huidige structuurvisies aan de visie gekoppeld. In bestemmingsplannen is geen beleid opgenomen, maar is beleid vertaald naar juridische regels. Externe ontwikkelingen in de vorm van trends en ontwikkelingen zijn in het proces van de visie meegenomen om daarop te kunnen anticiperen en doelen te kunnen stellen.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.D Het instrument van de omgevingsvisie wordt door de gemeente gebruikt om bestaand beleid Antwoord: In proces wordt gebouwd op onder andere vastgestelde beleidstukken. Het karakter van de dat door structuurvisies en bestemmingsplannen zorgvuldig is vastgelegd met veelal nieuw omgevingsvisie brengt met zich mee dat vanuit deze stukken tot een integrale visie wordt gekomen, waarin de beleid, dat geen onderdeel vormt van de participatie en inspraak, door te voeren. Hoe gaat de hoofdlijnen van het beleid zijn vastgelegd. De wetgever heeft geen beroepsmogelijkheid vastgelegd voor de gemeente ervoor zorgen dat de ingeslopen beleidswijzigingen niet de beroepsmogelijkheden omgevingsvisie. Bij doorwerking bijvoorbeeld in bestemmingsplannen staat deze mogelijkheid wel open. die bij de structuurvisies en bestemmingsplannen vernietigen op onmogelijk maken? Indien dat niet gegarandeerd kan worden dan mag dit ontwerp omgevingsplan niet geaccordeerd worden.
29
proces
29.8 Hoewel dit project er niets aan kan doen dat er een lock down is geweest wordt hier het woord Antwoord: De gemeente heeft niet gewerkt met en vanuit belangen. Het staat daarnaast een ieder vrij iets te vinden participatie wel erg gemakkelijk gebruikt. Er zijn enquêtes geweest die rijp en groen behoorlijk van onderwerpen die in de verschillende fasen speelden en dit aan de gemeente kenbaar te maken. ambigue vragen stelden en waar iedereen zonder consequenties voor zichzelf of anderen meningen konden geven. Sommigen hebben bij de open vragen hele specifieke zaken benoemd, maar het is volkomen onbekend vanuit welke achtergrond en met welk belang er gesproken is.
29
proces
29.9 Daarnaast zijn er digitale avonden geweest en geen van die bijeenkomsten is ruim bezocht. Dus Zie antwoord proces zienswijzen 29.6. en 29.8. er is geen enkele statistische waarde te halen uit de antwoorden. Er is ook, vanwege gekozen aanpak en corona restricties, geen ruimte voor discussie en uitwisselen van standpunten geweest. Dit had moeten leiden tot terughoudendheid van de gemeente bij het opstellen van de ontwerp omgevingsvisie. Nu is er cherry-picking gedaan door de samenstellers met mogelijke belanghebbenden ) .
29
proces
29.10 De gehouden bijeenkomsten zijn redelijk bezocht. In Bergen hebben totaal circa 25 personen en Zie antwoord onder zienswijze 29.6 proces. in Schoorl circa 45 personen de bijeenkomst bezocht. ( opmerkingen bij dit onderdeel. Voor de kern Bergen waren slechts 6 a 7 deelnemers die niet verbonden waren met de gemeente en organisatie. Bij de fysieke bijeenkomst in de Ruïnekerk waren dat er niet meer dan 12. Onduidelijk is wie daarvan inwoners zijn en wie ondernemer of wie belangenorganisaties vertegenwoordigd).
29
proces
29.11 Aan de digitale enquête hebben meer dan 560 inwoners deelgenomen. (opmerking bij dit Zie antwoord onder zienswijze 29.3 proces. Verder wordt opgemerkt dat ook de enquête in de tweede fase ruimte onderwerp. Dit is best mooi aantal, maar dit was niet een enquête over de omgevingsvisie maar heeft geboden voor opmerkingen bij de stellingen. een inventarisatie van meningen over vooraf door de gemeente gekozen items. Dit kan als input dienen voor participatiebijeenkomsten maar wordt nu uitgelegd als participatie. Als je iemand vraagt of hij wil aangeven wat zijn of haar droomvakantie zou zijn dan krijg je een wensenlijstje. Wanneer zou vragen wat ze daarvoor zouden willen opgeven, dan krijg je andere antwoorden. Dus wel ophalen van ideeën, maar geen participatie in de bedoeling van de omgevingswet.) Z
29
proces
29.12 De flitspeiling onder de jeugd is door ongeveer 170 jongeren ingevuld. Van de experts zijn Antwoord: Het is een feit dat veel mensen meegedaan hebben door een enquête in te vullen. Een ieder is de ongeveer 20 reacties terug ontvangen (Opmerking bij dit onderdeel. Er zijn er 60 gevraagd en er mogelijkheid geboden om een bijdrage te leveren. Het staat een ieder vrij hier gebruik van te maken. Vooral aan de hebben maar 20 personen geantwoord. Voornamelijk met inhoudelijke reacties over de expert is gevraagd om een reactie op BUCH niveau te geven met daarnaast een inzoomen op de individuele gemeente Castricum). In totaal hebben meer dan 800 personen een bijdrage geleverd aan deze gemeente als dit specifiek anders was. Uitgangspunt is bij het gelijktijdig gevoerde proces voor drie omgevingsvisies fase van het proces. Met deze participatie-instrumenten is een grote groep inwoners bereikt. (Bergen, Castricum en Heiloo) dat wordt gekeken naar mogelijkheden tot het ontwikkelen van gemeenschappelijk Dit heeft veel informatie opgeleverd . Dit materiaal krijgt een plaats in het vervolg van het beleid. Zie tevens antwoord onder zienswijze 29.3 proces. proces waarbij een ontwerp visie wordt opgesteld. Alle uitkomsten zijn anoniem gemaakt. (Opmerking bij dit onderwerp. Er wordt geschermd met grote aantallen terwijl aan inhoudelijke bijeenkomsten maar zeer weinig mensen had bereikt.
Daarbij komt ook dat het grote aantal bij de eerste enquête hoogstens als input gezien worden voor inhoudelijke participatie)
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.13 Uit Beleidsanalyse Bergen Omgevingsvisie dat bij de participatiebijeenkomst werd gedeeld (achteraf, dus niet vooraf te lezen) het onderdeel Notitie analyse gemeente Bergen; helemaal Bergen. Er wordt in de notitie gesproken over bestaand beleid. Het is aanvechtbaar dat de zaken in de notitie allemaal bestaand beleid is. Veel zaken gaan tegen de structuurvisie en bestemmingsplannen in en zijn dus geen bestaand beleid maar ad hoc ingevulde oplossingen. Tevens ontbreekt de informatie waar bepaald beleid vandaan komt. Bijvoorbeeld het onderwerp toerisme dat via de regio Alkmaar ontwikkeld is maar zonder enige participatie van inwoners en vooral ingegeven door de belangenvertegenwoordiging van de Recron en toeristische sector. Kortom lobby input en geen democratisch en gedragen document. Maar er staat wel als uitgangspunt bij trends en ontwikkelingen.
29
proces
29.14 Dus de volgende conclusie is te trekken: Antwoord: In de tweede fase is in de enquête gesteld dat de grens van het toerisme is bereikt. Dit onderwerp is dus Toeristische druk. Komt voort uit een initiatief binnen de ontwikkelingsbedrijf Noord Holland afgedekt in de enquête. Dit heeft ook geleid tot uitspraken in de visie zoals die zijn genoemd in de onderdelen Rust Noord waarin de kansen worden ingebracht om overloopgebied uit de toeristenstroom van en Respect. Met name voor de regionale stukken geldt dat dit ook een uitwerking kan zijn van een opgave die door Amsterdam te kunnen worden. Prima natuurlijk gezien vanuit recreatie ondernemers en de provincie wordt geëist zoals de Regionale Visie verblijfsrecreatie. De provincie eist dit in de bedrijven vanuit de toeristenindustrie . Echter dit rapport wordt nu ingebracht als een van de Omgevingsverordening. In de uitwerking van genoemde visie door initiatieven staat bezwaar en beroep open. kern omgevingsfactoren. Echter dit zou misschien een kans zijn voor de omgevingsvisie maar Overigens wordt opgemerkt dat onder de nieuwe omgevingswet de voorafgaande participatie een vast onderdeel is geen uitgangspunt. Het wordt nu gebracht dat vanuit de druk van het toerisme er van alles bij afwijkingen van het bestemmingsplan/omgevingsplan. mogelijk zou moeten worden in onze gemeente.
De vraag die gesteld had moeten worden in een uitgebreid participatieproces, is of de inwoners van de gemeente Bergen NH erop zitten te wachten om meer toeristen tegemoet te zien. Dit is niet gebeurd en hoewel het rapport wel besproken is in de gemeenteraad is daar op geen enkele manier participatie van de inwoners bij betrokken. Het algemeen belang wordt hier dus niet besproken en is ook weggelaten uit de participatiebijeenkomsten en ver weg van de vele inwoners.
29
proces
29
proces
29.15 Het is onduidelijk waarom de omgevingsvisie in deze periode van corona lock down en met zeer Antwoord: zie onder zienswijze 29.1 proces. weinig inwoners tot besluit moet komen. 29.16 Hierboven al een voorbeeld genoemd van onzorgvuldige inbreng van kern omgevingsfactoren. Antwoord: de omgevingsvisie brengt het beleid van de fysieke leefomgeving samen. Dit beleid vormt het kader voor Het gevaar van het nu vaststellen van deze op een aantal cruciale punten gemankeerde de visie. Ook zonder nieuwe omgevingswet is dit beleid het vertrekpunt voor de gemeente. participatie zou ervoor zorgen dat na de ingangsdatum van de omgevingswet die punten leidend worden voor de gemeente terwijl de inwoners er niets meer tegen kunnen doen. Zie ook ontwerp omgevingsvisie 1.3.
29
proces
29.17 Graag zekerheid omtrent de noodzaak van het nu besluiten over de ontwerp omgevingsvisie en Antwoord: zie onder zienswijze 29.1 proces. indien dit niet het geval is, dan is het dringende verzoek om echt inhoudelijke participatie alsnog te regelen en eerst de ingebrachte kern omgevingsfactoren te bediscussiëren en dan pas de mogelijke visie op de ontwikkeling van onze prachtige dorpen.
29
proces
29.18 Er wordt gesproken over een beleidscyclus met betrekking tot de omgevingsvisie maar die is helemaal niet vastgelegd in de omgevingswet. Dus nu via niet openbare lobby verkregen.
Antwoord: In de toelichting op de omgevingswet is een proces geschetst om de omgevingsvisie actueel te houden, daarvoor kan worden aangesloten op de beleidscyclus. Dit zijn momenten van evaluatie en monitoring, waardoor zicht ontstaat op het bereiken van de doelen en waarop mogelijk kan worden bijgestuurd.
29
RenT
29.1
Bewonersparticipatie met betrekking tot promotie van Bergen, is onder andere uitgevoerd tijdens het opstellen van Economische visie gemeente bergen 2016-2030. De inzet is om de komende tijd steeds meer in te zetten op waardevol toerisme. Dit betekent niet meer toerisme maar een ander toerisme. Dit is in de omgevingsvisie aangegeven onder Rust.
Indiener geeft aan dat er gesproken wordt over groei van toerisme, maar dat dit niet iets is waar inwoners om gevraagd hebben.
Antwoord: De eerste fase is gericht geweest op het in beeld brengen van onderwerpen die belangrijk zijn voor de omgevingsvisie, onderdeel daarvan is het bestaande beleid. Daarnaast is bij de inwoners geïnventariseerd waar de visie over moet gaan, welke waarden/kwaliteiten worden onderkend en welke trends en ontwikkelingen worden gezien in zowel bijeenkomsten als een enquête. De Notitie geeft daarmee een helder beeld wie we nú zijn als gemeente, waar we nu op inzetten met ons beleid en welke uitdagingen we kunnen verwachten in de toekomst. Dit document is in het proces beschikbaar gesteld op de website. Het beleid en de handelingsruimte is in het stuk beschreven. Bij ieder thema is aangegeven waar het beleid vandaan komt onder de benaming: gemeentelijk/lokaal, regionaal, provinciaal en rijk. Zie verder antwoord onder zienswijze 29.39 proces.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
RenT
29.2
Indiener vraagt zich af inzicht kan worden gegeven of toerisme en recreatie inkomsten Van oudsher is recreatie- en toerisme een belangrijke economische factor voor zowel de gemeente, als ondernemers. opleveren voor de gemeente, of dat het de gemeente juist geld kost, waarbij een beperkt aantal Van de investeringen die de gemeente doet in wegen, voorzieningen en accommodaties profiteren zowel inwoners bedrijven de inkomsten ontvangen. als recreanten en toeristen. 29.1 Indiener geeft aan dat er met betrekking tot het winkelaanbod in Bergen en Egmond aan Zee De opkomst van internetwinkels heeft zeker zijn invloed op aard en omvang van het winkelbestand. In Bergen en voorbij wordt gegaan aan de huidige trend en aan internetwinkels. Egmond aan Zee hebben de winkels ook aantrekkingskracht op recreanten en toeristen, waardoor er een stevigere basis aanwezig is voor een divers winkelbestand.
29
EZ
29
EZ
29
proces
29
proces
29.20 Ad 1.4. Er wordt verwezen dat deze omgevingsvisie via allerlei participatieregels van de Antwoord: Zie onder zienswijzen 29.3 en 29.6 proces gemeente tot stand zijn gekomen. Natuurlijk was ook door de behandelende wethouder en ambtenaren niet te voorzien dat de corona lock down er zou zijn. Maar er is geen enkele grond om nu te beweren dat er van reële participatie sprake is geweest. De participatiebijeenkomsten werden minimaal bezocht. En er is geen echte poging gedaan om meer deelnemers te bereiken. De digitale enquête kan op geen enkele manier iets bijdragen aan meningen over de omgevingsvisie . De vraagstelling is zo ambigu dat geen enkele wetenschapper hier enige conclusie aan kan verbinden. Kunt u aangeven dat de enquête op wetenschappelijke basis is uitgevoerd en dat de mogelijke antwoorden tot onderscheidende conclusies kan leiden voor de hele ontwerp omgevingsvisie?. Idem met betrekking tot een flitspeiling onder de jongeren. Ook bij de 2e ronde participatie worden weer 800 personen genoemd. Zijn dat er totaal 1600? Wat mist is een onderbouwing van de groepen van participatie. Aangezien het gaat om de leefomgeving van alle inwoners van de Gemeente Bergen NH is het van belang om inzicht te hebben in hoeverre en door wie er geparticipeerd is. Zelf ben ik bij de Ruïnekerk sessie en 2 digitale sessies aangesloten geweest.
Die beide digitale versies waren via een digitaal vergadersysteem vanwege corona georganiseerd en de ene keer waren er 6 mensen bij en de andere keer 9 mensen voor de hele kern Bergen, dus ook voor Bergen aan Zee. Ook in de Ruïnekerk waren er slecht ongeveer 10 personen (buiten die van de organisatie) waarvan onzeker is wie als inwoner of als ondernemer of vertegenwoordiger van belangenpartijen aanwezig was. De claim van goede participatie kan niet anders dan ongegrond verklaard worden.
29
KLIDU
29.1 Maatregelen vanwege klimaatveranderingen geven aan dat de gemeente gewoon het Ook in de gemeente Bergen zijn grotere oppervlakten zoals parkeerpleinen en bredere wegen waar een groenere overheidsbeleid blindelings volgt. Als er één gemeente in Nederland is waar op enkele invulling en meer schaduw door bomen koelte moet gaan brengen tegen hittestress. De knelpunten voor hitte kunt u knelpunten in de afvoer van regenwater na er geen grootstedelijke problemen zijn qua vinden op klimaatatlas van het HHNK. De toename van bomen (10% tot 2030) is een landelijke verplichting volgens de bestrating en hoge gebouwen dan is dat de gemeente Bergen. Wanneer er in de gemeente in bossenstrategie om meer CO2 op te slaan, tegen klimaatverandering. Ook gemeentes moeten dit beleid uitvoeren. In dit beleidsstuk voor 20 jaar gesproken wordt dat er bomen geplant moeten worden om gemeente Bergen zijn er meerdere locaties waar regenwater wordt geïnfiltreerd tegen droogte en wateroverlast. hittestress tegen te gaan begrijpt niet waar het over gaat. Ook is er in de gemeente Bergen geen Verruiming van die mogelijkheden wordt opgepakt bij reconstructies van de bestaande omgeving, en bij nieuwbouw. enkele voorziening om water te bergen voor droge tijden. Zou daar wel ruimte voor zijn?
29
KLIDU
29.2 zie 29.1
29.2 Indiener vraagt zich af inzicht kan worden gegeven of toerisme en recreatie inkomsten zie beantwoording 29.2 bij Ren T opleveren voor de gemeente, of dat het de gemeente juist geld kost, waarbij een beperkt aantal bedrijven de inkomsten ontvangen. 29.19 Als dit de consequentie is van een omgevingsvisie, dan is het onverantwoord om met zulk een Antwoord: Zie onder zienswijze 29.6 proces matige, vrijwel niet echt gerealiseerde participatie, nu een besluit te nemen.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
KLIDU
29.3 Over biodiversiteit lijkt het alleen van belang om te zorgen dat steeds verdergaande volbouwen in meerdere lagen bij de kust en in de duinen juist moet worden tegengegaan . Daarin wordt met het beleid ten gevolge van de aannames op gebied van recreatie en toerisme juist het tegenovergestelde bereikt. Er wordt in deze ontwerp omgevingsvisie geen duidelijk link gelegd tussen deze twee elkaar negatief beïnvloedend beleidsuitgangspunten. Hoe gaat er afgewogen worden. Volgens het eerder besproken plaatje waar de samenhang wordt getoond, lijkt dat toerisme en recreatie, het zelf gekozen beleid, voor te gaan op de andere beleidsregels. Kunt u dat ontzenuwen door exact aan te geven waar en hoe dat dan geregeld is?
Het college en de raad zullen een integrale afweging maken tussen de beleidsvelden bij de besluitvorming over specifieke projecten. In de omgevingsvisie worden de hoofdlijnen uiteengezet en wordt er niet ingegaan op specifieke locaties. Dit gebeurt wel in het omgevingsplan. Hier zullen de opdrachten van hogere overheden (o.a. het Klimaatakkoord, deltaplan ruimtelijke adaptatie, programma Nederland circulair) zwaar wegen ten opzichte van gemeentelijk beleid.
29
proces
Antwoord. Zie onder zienswijze 29.6 proces.
29
proces
29.21 Ook de mate waarin kon worden gereageerd was gemankeerd en was voor iedereen ingewikkeld en weinig discussie mogelijk. 29.22 Concrete vragen over de 800 participanten. 1. Hoeveel unieke inwoners hebben de verschillende participatie bijeenkomsten bezocht?, 2.Hoeveel personen hebben per participatie bijeenkomst ingesproken?, 3.Hoeveel waren daar als vertegenwoordiging van een bedrijf, 4.Hoeveel waren daar als vertegenwoordiging van een belangenvereniging. 5. Waaruit bestonden de meer dan 800 participanten. Wie worden daar in meegerekend, 6. Wie van die 800 participanten hebben rapporten of brieven ingediend die als basis dienen voor de uitgangspunten van deze ontwerp omgevingsvisie. 7. Welke van deze rapporten of brieven of andere relevante inbreng zijn ook voorgelegd aan de inwoners van de gemeente Bergen? Is daarover participatie geweest?, 8. Waarom is de meeste van die inbreng niet ter discussie gesteld tijdens de participatiebijeenkomsten en waarom wordt daarover niet gediscussieerd?.
29
EZ
29.3 Indiener ziet een tegenstrijdigheid in de omgevingsvisie. Initiatieven van winkels en dergelijke worden ondersteund, maar ook bestaande panden omgebouwd naar woonfunctie.
29
proces
29.E Als voorbeeld gebruik ik dat hier voor Bergen aan Zee de term uit de structuurvisie wordt gebruikt; namelijk kleinschalige familiebadplaats. Echter er is geen enkele poging gedaan in deze visie om de duiden wat de term "kleinschaligheid" betekend. Sterker nog, er is een burgerinitiatief vanuit inwoners uit Bergen aan Zee die wel invulling gaf aan deze term maar waar tot nu toe betrokken RO wethouder nog steeds verzuimd heeft om het in de gemeenteraad te behandelen. …. De termen uit de structuurvisie vervallen bij in werking treden van de omgevingswet en dus blijft de term in de bijlage over.
Wij werken aan vitale en aantrekkelijke kernen, waarbij ruimte wordt gegeven aan publieksgerichte voorzieningen als winkels. Ook ondersteunen we de vitaliteit door bij iedere kern de toevoeging van permanente woonfuncties mogelijk te maken. Antwoord: Invulling van deze termen zal plaats vinden bij de vastlegging in bestemmingsplannen. De omgevingsvisie is niet de plaats om tot juridificering van termen over te gaan. Dit is ook niet gebeurd bij de vaststelling van de structuurvisie Bergen aan Zee. De invulling van die termen vindt plaats binnen de omschreven waarden van een gebied.
29
proces
29.F Ook worden er uitspraken gedaan over de energieopwekking bij de agrarische sector. Het komt totaal vreemd over omdat dit niet besproken is bij de participatie over de omgevingswet en dat de RES ook andere beelden geeft. Nergens komt terug hetgeen wel is besproken in de RES en dat er gestreefd moet worden naar zoveel mogelijk eigendom/zeggenschap van de inwoners over de energieopwekking in de gemeente. Waar deze omgevingsvisie dan vandaan komt is volkomen onduidelijk en heeft een hoog gehalte van droombeelden.
Antwoord: In de Notitie hoofdlijnen en opgaven uit de participatie wordt verklaring gegeven van het proces in de eerste fase van de ontwikkeling van de omgevingsvisie gemeente Bergen. De aantallen worden daarin geschetst. In totaal hebben daaraan ongeveer 800 mensen deelgenomen. Iedere deelnemer is daarbij geteld. Er is niet bijgehouden wat de achtergrond van deelnemers was. Wel is breed uitgenodigd. Er zijn geen brieven ontvangen naar aanleiding van deze bijeenkomsten. In de enquête was ruimte om meningen weer te geven. Het ontwerp heeft ter inzage gelegen en daarop kan iedereen weer reageren door het indienen van een zienswijze. Zie verder antwoord onder 29.6. proces.
Antwoord: Duurzaamheid en daaronder opwekking van duurzame energie is een speerpunt van beleid. In het onderdeel buitengebied is aangeduid dat een deel van de opgaven in het landelijke gebied plaats zal vinden. Agrariërs zijn in de gebied actief waardoor het onderwerp ook aan hen is gekoppeld, voor in ieder geval de gebouwen. Bij de uitwerking hiervan binnen het kader van RES zal meer duidelijkheid ontstaan over de haalbaarheid van de diverse voornemens. De RES is tijdens het proces van de visie vastgesteld in de raad en de hoofdlijnen daaruit zullen bij een eerste herziening worden ingebouwd.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.23 Er wordt hier aangegeven dat de gemeente wil dat in haar besluitvorming de samenleving Antwoord: Participatie is in de komende omgevingswet geregeld. Aan de voorkant van een proces tot afwijking van eerder betrokken wordt. Dat is ook voor deze ontwerp omgevingsvisie het geval. Een simpele een bestemmingsplan moet een initiatiefnemer participatie regelen. De regels die daarvoor gaan gelden zijn nog in conclusie die hierboven al getrokken is dat de participatie sterk onvoldoende is geweest, in ontwikkeling bij de gemeente. Daarnaast geldt in algemene zin dat in de gemeente een participatiebeleid is ieder geval door corona maar ook de gemeente had de omgevingsvisie nu zonder andere vastgesteld. Voor de omgevingsvisie geldt dat verklaring moet worden gegeven van het gevolgde proces van beleidsregels kunnen schrijven. Door dat niet te doen verplaatst deze ontwerp omgevingsvisie participatie. Dit is ook opgenomen in de visie. de in de omgevingswet bedoelde vergaande participatie na de eigen bestuursperiode terwijl het beleid dat dus nu wordt geëntameerd dan leidend is geworden. Onzorgvuldig en verwerpelijk. En we gaan in de toekomst wel bij de initiatiefnemers erop aandringen om de participatie goed te regelen. Bedroevend beleidsvoorstel. Wat overigens wel expliciet in participatiebijeenkomsten over het participatiebeleid is ingebracht en expliciet besproken.
Waarom vinden we dit aspect niet terug in de ontwerp omgevingsvisie? Zo ontstaat de indruk dat alleen de zaken die vanuit bepaalde belangen worden ingebracht wel worden meegenomen en andere juist niet. Verder blinkt dit deel uit in zogenaamde "leuke dingen doen voor en met de buurt". Daar is de omgevingsvisie niet voor nodig.
29
Volkshuisv esting
29
proces
29.24 Bij Trends en ontwikkeling wordt gepresenteerd dat er druk is vanuit toerisme en recreatie. Dit is een item wat wordt gesteld alsof het een autonoom gebeuren is. Dit is echter geenszins het geval. Dit is een beleid wat buiten het zichtveld van de inwoners is ontwikkeld en waar er zonder dit in enige participatie mee te nemen door de gemeenteraad is omarmt. Echter ook bij die presentatie is de druk uit het toerisme en recreatie voorgesteld als "natuurlijk" fenomeen. Dat is dus niet zo. Het is vanuit marketing gedachte ontwikkeld door de Ontwikkelingsmaatschappij Noord Holland Noord en is gesteund door de Recron en andere toeristische industrie naar voren geschoven om de betrokken gemeenten te laten inzetten op extra overnachtingsruimte zoals hotels, …
29
proces
29.25 Waarom leefbaarheid & bereikbaarheid niet als bovenste belang staat weergeven maar samen Antwoord: De onderwerpen bereikbaarheid en leefbaarheid zijn zeer gekoppeld aan de druk vanuit toerisme en met recreatie en toerisme is ook onduidelijk. Alle andere zaken hebben een eigen dynamiek en recreatie op onderwerpen als het wegenstelsel, openbare ruimte, parkeren, wonen, natuur. Zie antwoord onder zijn voor de gemeente niet echt een keuze. Dat is toerisme en recreatie wel. Daarom hoort het 29.24 proces. niet thuis op deze plek in het schema. Vooral omdat deze uitgangspunten leiden tot de grootste ingrepen in de directe leefomgeving van de inwoners.
29
VenV
29
Indiener vindt het gemeentelijke woonbeleid ongeloofwaardig en stelt dat ontwikkelaars het primaat hebben en deze geen betaalbare woningen willen bouwen.
29 Indiener vraagt zich af of de aandacht voor de fiets en het openbaar vervoer logisch is, terwijl inwoners en experts de auto de komende 20 jaar als belangrijkste vervoersmiddel zien. Tevens wijst de indiener erop dat de uitbreiding van autoparkeren in het verlengde van de Breelaan in Bergen ten koste van groen inconsequent is.
Antwoord: De gemeente zet mogelijkheden in om te zorgen dat ontwikkelaars ook sociale woningen realiseren conform het gemeentelijk woonbeleid. Met het bestemmingsplan/omgevingsplan en doelgroepenverordening geeft de gemeente hier sturing op. Als ontwikkelaars geen sociale/betaalbare woningen opnemen in hun plannen is de kans dat de gemeenteraad in stemt met een bestemmingsplan/omgevingsplan klein. In de woningprogrammering is een fors deel van de woningen (> 40%) sociaal en betaalbaar. Antwoord: De aantrekkelijkheid van de gemeente is intrinsiek verbonden aan de kwaliteiten van het gebied. Ook zonder promotie is de druk hoog. In coronatijd hebben natuur- en terreinbeheerders maatregelen moeten nemen om de toestroom van bezoekers te dempen. In die tijd lag het toerisme stil. In de visie wordt uitgegaan van omvorming naar hoogwaardige accommodaties en niet naar meer maar een ander type toerist. De gemeente beslist zelf hoe zij invulling geeft aan het toeristisch beleid binnen bestaande kaders. Dit is niet aan andere partijen om dat te bepalen.
Antwoord: De Omgevingsvisie is gericht op de langere termijn. Het inzetten op andere vervoerswijzen dan de individuele auto is noodzakelijk voor de bereikbaarheid en duurzaamheid. De door u genoemde uitbreiding van parkeerplaatsen betreft compensatie van elders opgeheven parkeerplaatsen.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.26 Gezien de zeer slechte participatie door onder andere de coronapandemie maar verder door de Antwoord: in de visie wordt geen totaal nieuw beleid met betrekking tot recreatie en toerisme voor gesteld. Er is keuzes van totaal nieuw beleid met betrekking tot recreatie en toerisme en het effect op de aandacht voor de effecten van recreatie en toerisme en er wordt richting gegeven aan een accentverlegging naar ruimtelijke ordening en druk op de leefomgeving mag deze ontwerp omgevingsvisie niet aan de onder meer een andere type toerist. De wetgever heeft bepaald dat tegen een structuurvisie/ omgevingsvisie geen raad ter instemming voorgelegd worden. De verkeerde uitgangspunten zijn gebruikt, het leidt bezwaar en beroep open staat. Deze mogelijkheid bestaat wel bij bestemmingsplannen, vergunningen en tot een totaal ander beleid met betrekking tot bestaande structuurvisies en vrijstellingen. bestemmingsplannen en treedt anders in werking met de omgevingswet. Het huidige college en gemeenteraad zou met het instemmen over deze omgevingsvisie regeren over de verkiezingen heen en aangezien er geen beroepsmogelijkheden voor de inwoners zijn om dit gemankeerde beleid terug te draaien wordt een zeer onwenselijke situatie bereikt.
29
proces
29.27 Er wordt in deze ontwerp omgevingsvisie geen duidelijk link gelegd tussen deze twee elkaar negatief beïnvloedend beleidsuitgangspunten. Hoe gaat er afgewogen worden. Volgens het eerder besproken plaatje waar de samenhang wordt getoond, lijkt dat toerisme en recreatie, het zelf gekozen beleid, voor te gaan op de andere beleidsregels. Kunt u dat ontzenuwen door exact aan te geven waar en hoe dat dan geregeld is?
29
proces
29.G Interessant genoemd kan worden dat in het grijze kader op bladzijde 24 speerpunten een Antwoord: Dit onderwerp is opgenomen onder speerpunt: Leefbare kernen, onder: Vitale en aantrekkelijke kernen. "breed beeld" geven van de doelen. Meestal is een speerpunt juist het tegenovergestelde, Waarin niet staat “meer toerisme”, maar wel hoogwaardig toerisme. namelijk een scherpe punt. Opvallend mag zijn dat de ontwikkeling van meer en duurdere toerisme in geen van die drie speerpunten wordt genoemd. Terwijl het volgens de keuze van de opstellers zo belangrijk is. Het is in ieder geval een verstorend aspect op die drie speerpunten.
29
proces
29.28 Er is ook geen aandacht bij de participatie geweest omtrent de parkeersituatie en meer ruimte voor terrassen. Nogmaals, inwoners hebben de lasten en de ondernemers de lusten.
29
proces
29.29 Is al beleid en is ongeloofwaardig wanneer het nu voor de omgevingsvisie wordt gebruikt. Er Antwoord: De gemeente stelt bestemmingsplannen vast op basis waarvan bijvoorbeeld woningen kunnen worden wordt wanneer dit toegepast kan worden tot nu toe gewoon gemeentegrond verkocht voor het gebouwd. Het type woningen is vastgelegd in het volkshuisvestingsbeleid. In samenwerkingsovereenkomsten worden ontwikkelen van dure appartementen die ook nog geen extra eisen hebben gekregen voor de types geborgd. De combinatie van verschillende types woningen is voor een ontwikkelaar dan een gegeven. De duurzaamheid en energie. Dus het beleid werkt nu ook niet zo maar ook zodra de gemeente bepaalt het aantal en het type woningen, waaronder sociale huur en sociale koop. omgevingswet in werking treedt ligt het primaat voor RO ontwikkelingen bij projectontwikkelaars. Die hebben geen enkele behoefte om te bouwen voor de betaalbare woningen.
29
proces
29.H Ook wordt hier weer gesteld dat men met het ook op rust wil inzetten op hoogwaardig toerisme, minder in getal en meer uitgeven. Geen enkele afweging waarop men dit wil beoordelen. Voorlopig komen er in Bergen aan Zee alleen maar meer hotelkamers en meer recreatieappartementen waarmee het kleinschalige familiebadplaats veranderd in een megalomaan elitepark en versterkt deze ontwerp omgevingsvisie dit effect.
Antwoord: Hier wordt een beleidsvoornemen genoemd dat verder uitgewerkt dient te worden.
29
proces
29.30 Juist in tegenstelling tot de structuurvisie wordt hier gepleit voor mogelijke functieverandering naar permanente bewoning. Dit is een gevoelig punt.
Antwoord: Als speerpunt is onder Leefbare kernen, als reactie op het woningtekort, geformuleerd dat functieverandering naar permanent wonen of verdichting mogelijk is. Verder is er beleid ontwikkeld om weglekken van permanente woningen te voorkomen. In het proces van de structuurvisie Bergen aan Zee zijn over dit onderwerp geen harde uitspraken gedaan en slechts geconstateerd dat “het minder gunstig is omdat (tweede) woningen een deel van het jaar leeg staan.”
Antwoord: In de omgevingsvisie is een afwegingskader opgenomen voor initiatieven (hfst 6.2). De beschreven waarden, uitgeschreven keuzes en speerpunten zijn voor een afweging belangrijk, naast de geldende wet- en regelgeving. Zie verder antwoord onder zienswijze 29.13 proces.
Antwoord: Het ontwerp van de omgevingsvisie heeft ter inzage gelegen en daarop kon worden gereageerd door het indienen van een zienswijze. Het onderdeel Reuring gaat over dit onderwerp.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.31 Tevens wordt hier en passant nog even vermeld dat alle beleid is geanalyseerd is en samengebracht in de "Notitie analyse gemeente Bergen, versie 2021". Let wel die notitie maakt in eerdere ontwerpvorm wel onderdeel van de stukken maar deze versie is dus ook geen onderdeel van de participatie geweest. Dat kon ook niet door het gekozen format en hoe dat in de coronatijd is uitgepakt.
Antwoord: De notitie analyse voor het bestaand beleid is een inventarisatie geweest van bestaande beleidstukken in de gemeente over (onderdelen) van de fysieke leefomgeving. Dit is een noodzakelijke stap geweest om inzicht te krijgen op de onderdelen van de fysieke leefomgeving omdat de scope van een omgevingsvisie breder is dan een structuurvisie.
29
proces
29.I
In deze sectie wordt vermeld dat de structuurvisies gelden maar dat zaken die in deze ontwerp Antwoord: De omgevingsvisie is het hoofddocument, waarin het beleid in hoofdlijnen is beschreven en de huidige omgevingsvisie staan bij strijdigheid de omgevingsvisie gemeente Bergen voor gaat. Dit houdt structuurvisies worden aangemerkt als deelomgevingsvisies en behouden daarmee hun waarde voor het gebied dus in dat de structuurvisies die genoemd zijn als er ander beleid hier beschreven is en dat is in ieder geval bij de structuurvisie van Bergen aan Zee, dat bij goedkeuring, zonder intensief samenwerken met de inwoners van Bergen aan Zee, zoals dat bij de bestaande structuurvisie gebruikelijk was nu met de omgevingswet aan de kant wordt gezet.
29
proces
29.J
Dus per invoering van de omgevingswet gelden de bestemmingplannen niet meer en worden die verder omgevormd binnen de beleidswijzigingen die in deze ontwerp omgevingsvisie zijn vastgelegd. Kortom de vraag is of de Harmonielocatie, Nassau Bergen, de veegplannen, de voetballocatie etc. nog gemakkelijker door te drukken.
29
proces
29.32 Conclusie mag zijn dat er een vorm van participatie is geweest die op onvoldoende wijze Antwoord: zie onder zienswijze 29.6 proces . bijdraagt aan de participatie doelstellingen van de omgevingswet. Er is onvoldoende gedaan om in de coronatijd voldoende participatie te realiseren en nu lijkt het dat er voor de vorm gewerkt is. Maar het kan niet zo zijn dat zaken die in het verleden door uitgebreide betrokkenheid en beroepsmogelijkheden was gewaarborgd nu door onze gemeente wordt gebruikt om nieuw beleid, waar zeer veel weerstand tegen is, op een versluierde manier toch gemakkelijker realiseerbaar te maken.
29
proces
29.33 Bijlage 1. Bij het hoofdstuk leefbare kernen en opvolgende hoofdstukken ontbreekt iedere definitie en worden allerlei zaken benoemd die allereerst via participatie traject moeten lopen. Deze ontwerp omgevingsvisie lijkt te stellen dat die participatie met dit proces tot het ontwerp omgevingsplan nu al gebeurd is. Voorbeeld bij nummer 2, vitale en aantrekkelijke kernen; toewerken naar meer compacte centra door de gemeente te trekken. Allereerst de vraag of er meer compacte centra moeten komen of moeten de centra meer compact worden. Vervolgens de vraag, wat verstaat men daar dan onder. In Bergen aan Zee wordt het centrum door het huidige en indien goedgekeurd, toekomstige beleid alleen maar groter en vooral meer dichtbebouwd (op verkochte gemeentegrond). En wat is trekken? Dit soort vragen kunnen bij vele items gesteld worden en daarmee wordt duidelijk dat de interpretatie door de gemeente geen enkel houvast biedt voor inwoners om invloed uit te oefenen op de eigen leefomgeving.
Antwoord: Na invoering van de omgevingswet gaan alle bestemmingsplannen over in één omgevingsplan. De wet geeft dit aan. Bestemmingsplannen worden periodiek herzien zoals gebruikelijk. Dit is voor het omgevingsplan niet anders.
Antwoord: De omgevingsvisie wekt nergens de suggestie dat thans ook de participatie voor de bestemmingsplannen wordt gevoerd. Het huidige proces gaat over de omgevingsvisie. Het bestemmingsplan kent een ander proces met andere waarborgen. De huidige bestemmingsplannen gaan in eerste instantie een-op-een over in één omgevingsplan voor de gehele gemeente bij de inwerkingtreding van de omgevingswet. De visie staat voor om de centra meer compact te maken. Dit houdt in dat winkels e.d. in de periferie van een centrum omgevormd kunnen worden naar andere bestemmingen dan detailhandel. De gemeente kan niet alle beleidsdoelen zelf realiseren, daarvoor zijn meer partijen nodig. De onderdelen waarvoor de gemeente de meest aanwezige partij is om hier een start mee te maken zijn benoemd als “ trekken”.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.34 Nog een voorbeeld. Inzet op hoogwaardig toerisme. Mogelijk maken. Wat hier staat is dat de Antwoord: Ontwikkelingen kunnen plaats vinden binnen de kaders van de omgevingsvisie. Dit afwegingskader is gemeente iedere projectontwikkelaar uitnodigt om grootse en meeslepende voorstellen te opgenomen onder hoofdstuk 6.2, waarbij de waarden van de kern belangrijk zijn. De structuurvisie Bergen aan Zee doen waarmee luxe en dure voorzieningen worden gerealiseerd en de bewoners die met elkaar blijft als deelomgevingsvisie bestaan. en de Gemeente in het verleden hebben bepaald dat Bergen aan Zee een kleinschalige familiebadplaats moet blijven wordt, worden straks verwezen naar deze ontwerp omgevingsvisie want daar is het beleid afwijkend van de structuurvisie gedefinieerd en zijn alle beroepsmogelijkheden overruled. Dit lijkt het dictaat van een gemeentebestuur, college en Raad, dat al jaren laat zien dat projectontwikkelaars worden geholpen om tegen de wil van de inwoners in, hun leefomgeving te zien verruïneren. En met dit ontwerp omgevingsplan wordt dit ook opgelegd aan de volgende colleges en gemeenteraden. De consequentie is dat men over het eigen graf regeert. Is dat bewust of wordt dit nog aangepast in de ontwerp omgevingsvisie?.
29
proces
29.35 Bijlage 2. Trends en ontwikkelingen. Al eerder bij behandeling van de samenhang van de zaken is dit al behandeld. Er wordt gesuggereerd dat er ontwikkelingen zijn die allemaal van buiten komen. Dat is niet het geval. Zeker de toeristische druk die opgevoerd wordt is geheel een resultaat van eigen inzet van de toenmalige wethouder Rasch en heeft in principe met de Recron en andere belanghebbenden in de toeristische industrie samen met projectontwikkelaars dit als trend ontwikkeld. Dit zou beschouwd kunnen worden als manipulatie van de gemeenteraad maar ook van de inwoners die in dit participatieproces wat moest leiden tot deze ontwerp omgevingsvisie natuurlijk nooit voldoende zijn ingewijd in de achtergronden. Dit is een politiek gemotiveerde manier van aanpak waar bepaalde belanghebbenden grote voordelen van zullen hebben.
29
proces
29.36 Bij item 5 Toerisme/recreatie. Hier komen de werkelijke doelstellingen van belangengroepen Antwoord: Alle belanghebbenden, zowel inwoners als georganiseerde partijen, hebben inbreng kunnen geven aan de zoals de Recron maar ook andere bedrijven in de toeristische sector naar voren. Het valt niet te visie. Dit is een onderdeel van participatie. Het finale oordeel over de inhoud van de omgevingsvisie is aan de ontkennen dat hier naar een doel toe wordt geredeneerd. Er wordt zelfs aangehaald wat de gemeenteraad. De gemeenteraad bepaalt de koers voor de gemeente in de omgevingsvisie en hanteert daarbij eigen invloed van corona is op de drukte. Net alsof dat blijft bestaan. De opstellers van dit rapport afwegingen in het kader van het algemeen belang. onderbouwen hun aannames nergens en de doelen worden eigenlijk alleen maar ingegeven door druk en belangen vanuit de toeristische sector (waar maar een klein gedeelte, vaak in bijbaantjes laag betaald werk vinden en waar iemand die daar werkt feitelijk nooit in de gemeente Bergen kan wonen). Er wordt een elite enclave georganiseerd en de enige die daar echt van profiteren zijn de projectontwikkelaars en de ondernemers in recreatieve activiteiten en werkgelegenheid voor laag geschoolden.
Daarbij wil men minder toeristen die wel meer geld uitgeven en de vraag is dan gaan die meer brood kopen bij Albert Heijn dan ze op kunnen en kunnen de bedrijfjes die wel in die vraag kunnen voorzien voldoende omzet en winst maken dat het aantrekkelijk is om in Bergen te vestigen. Zover bekend is daar geen wetenschappelijk onderzoek naar gedaan en anders was het wel aangevoerd in de stuk.
Antwoord: zie onder zienswijze 29.25 proces.
nota van zienswijzen en beantwoording anoniem
Naam
Thema
Zienswijze
Reactie op zienswijze
29
proces
29.37 Bij de "kust'' wordt het kustpact genoemd dat later nogmaals bevestigd is in het convenant Antwoord: Al in de strandnota van 2007 is de term “eigenzinnig” voor de kern Bergen aan Zee genoemd. In dit kader Noord- Hollandse kust (feb 2018). In gemeentelijk beleid, nogmaals niet in afstemming, wordt niet ingegaan op het toen gevoerde proces rond de strandnota. De term “kleinschalige familie badplaats” samenwerking met de inwoners, wordt dit verder uitgewerkt waarbij iedere strandopgang zijn wordt in de omgevingsvisie gekoppeld aan Bergen aan Zee, onder de beschrijving van de kern. eigen uitstraling heeft. Hier blijken alle kustplaatsen dezelfde benaming te hebben gekregen als in hun structuurvisie, alleen voor Bergen aan Zee geldt ineens de term "eigenzinnig". Waar is de kleinschalige familiebadplaats gebleven en wanneer is er door de gemeente met de inwoners van Bergen aan Zee over gesproken. En wat was de conclusie van die participatie? Dus aangezien structuurvisie en ontwerp omgevingsvisie strijdig zijn, geldt als er ingestemd wordt met dit voorstel dat de kleinschalige familiebadplaats ophoudt te bestaan. Is dat wat de inwoners van Bergen aan Zee willen? Dat is niet gevraagd, maar ook niet aan anderen in de Gemeente. Dit is geen participatie.