Notulen van de openbare vergadering van de raad van de gemeente Barneveld gehouden op 9 november 2022.docx
Tekst van het document
Daar ziet men dat de aflossing voor dat wat de gemeente zou moeten lenen als de gemeente al de investeringen gaat doen, netjes geregeld is in de Begroting. Daarnaast ziet men dat de Begroting sluitend is. Daarnaast ziet men ook dat, als de saldi van 2023 tot en met 2026 worden opgeteld, er een overschot is van €8 miljoen, zeker als de Septembercirculaire erbij betrokken wordt. De wethouder vindt dat geen aanleiding om de discussie te starten over een OZB-verhoging voor deze termijn. Het lijkt hem niet te verkopen dat momenteel de OZB verhoogd wordt met voorliggende gegevens. De heer Bos gaf een voorbeeld: de rondweg aanleggen, grond aankopen en de groeiperiode van Barneveld echt gaan inzetten. Dan ontstaat er een spannend gesprek. De wethouder zou graag het gesprek met de raad voeren over de vraag hoe houdbaar de financiën van Barneveld zijn als er een 30
groei is naar 80.000 inwoners en gegeven de huidige financiële situatie, de Voorjaarsnota komt daarvoor waarschijnlijk te vroeg, dan ligt nog niet alles op tafel. Op dat moment kan de OZB wel onderwerp van gesprek worden, als is dat een knop waar men niet te veel van moet verwachten. Hij meent dat er een stijging van 7% moet zijn wil er €1 miljoen aan extra inkomsten komen. Met de investeringsbedragen die de heer Bos noemde, moet er nogal wat gebeuren als alleen dat instrument gebruikt wordt. De wethouder wil daarbij ook andere discussies voeren, over of er geleend gaat worden of dat bijvoorbeeld een deel van de gebouwen van de gemeente verkocht wordt om daarmee de schuldpositie wat te veranderen. Daar zitten voor- en nadelen aan. Dat gesprek zou hij bij voorkeur voeren in samenhang met de Nota Treasury, de Nota Grondbeleid, de Nota Reserves en Voorzieningen en ook met een soort uitwerking van de Omgevingsvisie zodat duidelijk is wat er gaat gebeuren. Maar of die stukken dan op tafel liggen, waagt spreker te betwijfelen. Anders zou het in stappen moeten gebeuren. De heer Bos merkt op dat, als de gemeente stappen wil maken in de groei en kijkt naar bestemmingsplanwijzigingen, dat volgend voorjaar op de rails moet worden gezet. Anders ontstaat er een probleem richting 2030. Spreker hoorde de opmerking ‘verkopen en terugleasen’ om geld te genereren.
Hij vraagt of hij dat zo mag vertalen. Wethouder Oosterwijk zegt dit genoemd te hebben als een optie die veel grotere gevolgen zou hebben. Of men dat moet willen, is vers twee. Wethouder Oosterwijk vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Voorgaande is volgens hem de essentie van de discussie die raad en college zouden willen voeren. Dit werd in verschillende toonaarden door de fracties naar voren gebracht. De heer De Vries merkte op dat eerst een huis gebouwd wordt, dan bekeken wordt wat men wil en vervolgens wordt nagegaan of dat financieel past. Het college is in feite nog voorzichtiger en heeft eerst een soort financieel budget neergezet en pas daarna wordt gekeken wat men wil. Nog een misverstand dat uit de weg geruimd moet worden: na het instemmen met voorliggend MIP, het staat ook in de besluittekst voor 2023, moet hier invulling aan gegeven worden via het uitvoeringsprogramma. De raad heeft twee investeringsbeslissingen genomen: het Wegenbeheerplan dat ook uit de stelpost gefinancierd moet gaan worden en Bronveld. Het uitvoeringsprogramma is een instrument voor de raad waarmee die aan het roer kan zitten. Het is zeker geen carte blanche. De heer Korevaar komt terug op het Wegenbeheerplan met een minimum van €5,1 miljoen. Hij vraagt waar voor de wethouder het maximum ligt.
Wethouder Oosterwijk licht toe dat het minimum is ingesteld omdat het college heeft gezegd dat, als men het Wegenbeheerplan in zijn oorspronkelijke omvang wil uitvoeren, er meer geld nodig is. Dan wordt er al een erg grote hap uit het MIP genomen en dat lijkt onverantwoord. Het wordt dan ook uitgesmeerd over zes jaar en niet over vier jaar. Als men in de integrale afweging zegt die ruimte niet in te vullen, dan is er ruimte om alsnog meer invulling te geven aan het Wegenbeheerplan. Het ongemak bij de heer Korevaar zit bij het woord ‘minimaal’. Er is sprake van een soort inspanningsverplichting maar ook van een open eind. Spreker probeert duidelijkheid te krijgen bij het open eind. Wethouder Oosterwijk is van mening dat de heer Korevaar een punt heeft als ‘minimaal’ de ruimte biedt om het ook maximaal in te vullen. Mevrouw Van den Wildenberg vroeg of de vele beleidstoevoegingen nodig zijn, of niet de tering naar de nering gezet moest worden. De beleidstoevoegingen staan erin omdat zij noodzakelijk zijn, het is niet een pretpakket van het college. In de huidige tijd, waarin zoveel opgaven op de gemeente afkomen, heeft de gemeente ook ambities waaraan invulling wordt gegeven. Er zijn telkens handen te kort en voor een groot deel is het inderdaad de invulling van handen. Het college hoopt dat die te krijgen zijn. Maar dat is inderdaad niet vanzelfsprekend. 31
Mevrouw Van den Wildenberg vroeg of het niet te vroeg is. Het is niet te vroeg, begroten is ook vooruitkijken, maar er volgen verdere discussies. Dit is het begin. Het wordt in de Begroting neergezet zodat het geld niet aan andere dingen wordt uitgegeven. De invulling voor 2023 komt in februari, de discussie over de langere termijn wordt gevoerd in de samenhang die hij zojuist heeft geschetst. De heer Bos vraagt waarom voor deze weg en niet voor een basisbegroting is gekozen. Dan wordt gewacht op het MIP, tot alle beleidskaders inzichtelijk zijn. Nu is het voor de raad in de periode richting februari een kwestie van het geven van een soort blanco cheque. Wethouder Oosterwijk benadrukt dat het geen blanco cheque is. Het is verstandig reserveren in de Begroting van de financieringsruimte, zowel aflossing als rente, die men nodig heeft voor investeringen die nog gedaan moeten worden. Als die er momenteel niet in zouden staan, zou dat vreemd zijn. Het moet als een stelpost worden opgevat, die pas uitgegeven kan worden als er beslissingen genomen worden voor kredieten. Wethouder Oosterwijk vervolgt zijn reactie op de eerste termijn en reageert op de amendementen en moties. Amendement 2 MIP Begroting (1) betreft beslispunt 9. De wethouder heeft daar zojuist over gesproken. Beslispunt 9 is de verwoording van dat het opgepakt gaat worden.
Hij begrijpt niet dat er een amendement ingediend is om dit weg te halen, het is juist belangrijk. Het wordt al gedaan, in die zin is het amendement overbodig. Op motie 16 Scenario’s verhoging OZB onontkoombaar heeft de wethouder inmiddels gereageerd. Het college ontraadt de motie, niet omdat de wethouder de discussie over de OZB uit de weg wil gaan maar omdat de discussie van toepassing is in een later stadium. Een aantal van de genoemde overwegingen is onjuist, wat al een reden is om de motie af te raden. In amendement 25 Aanpassing structurele en incidentele beleidskeuzes maakt de VVD andere keuzes in de begroting. Het college ontraadt de motie. De heer Bos koppelt de inhoud van amendement 25 aan het zojuist gegeven antwoord van de wethouder. De VVD wil hierin strepen in afwachting van het MIP. De wethouder vroeg zojuist het college de stelpost te geven. Het is echter in principe geen stelpost want het college heeft het ingevuld. De tekst in de Begroting moet in feite aangepast worden. De ruimte die zijn fractie vraagt is al ingevuld, maar onder de paraplu van een stelpost. Dan wordt het voor de VVD makkelijker om hierin mee te gaan. Wethouder Oosterwijk gaat in op de laatste opmerking van de heer Bos over de formulering van beslispunt 9. Hierin staat: ’waarvoor jaarlijks een uitvoeringsplan zal worden opgesteld’.
In bijlage 2 bij het MIP staat een aantal uitgangspunten voor het toepassen van het MIP en dat is dat er een uitvoeringsplan moet komen. Zonder het uitvoeringsplan kan het college niet uitgeven, terwijl de financiën al gereserveerd zijn. De wethouder meent dat hij het qua formulering niet eens zal worden met de heer Bos, maar hij hoopt dat de heer Bos denkt dat het goed gaat komen als het op deze manier gedaan wordt. Motie 14 Aandacht informatieveiligheid en IT-educatie: IT is een onderwerp dat terecht naar voren gebracht wordt omdat het in de Begroting weinig aandacht gekregen heeft. Het college ziet dit nog wel eens als een ‘on going concern’. In de Begroting is een aantal speerpunten opgenoemd dat afwijkt of bijzondere aandacht nodig heeft. Dat wil niet zeggen dat het college hier niets aan doet, de wethouder is redelijk vaak in gesprek met de SiSo die hierover gaat. De gedachte erachter omarmt de wethouder. Maar in de formulering staan gedetailleerde schema’s die het college moet opleveren en dat is niet de werkwijze waarvoor het college gekozen heeft. Op basis van de formulering raadt spreker de motie af, terwijl de gedachte uitgevoerd wordt. Hierover wordt jaarlijks gerapporteerd. Motie 15 Dorpshuizen is heel herkenbaar. De wethouder heeft inmiddels met twee dorpshuizen de eerste gesprekken gevoerd. De uitvoering loopt al. Het college ziet het aankomen en wil het gesprek
32
erover aangaan. De motie lijkt hem overbodig omdat het al wordt gedaan maar hij laat het oordeel aan de raad. Wethouder Wijnne reageert op de eerste termijn en neemt eerst de moties en amendementen door. Amendement 1 Grondbeleid Begroting vraagt om het niet meer geven van een mandaat aan het college voor het doen van strategische aankopen en dit via de raad laten lopen. Dat zou betekenen dat het college geen strategische aankopen meer doet. De wethouder moet er dan eerst mee naar de raad. Maar een raad moet ordentelijk bijeengeroepen worden, daar staat een termijn voor. Er moet ook een raadsvoorstel geschreven worden. Soms komt er een mogelijkheid langs, dan komen de adviseur Grondbedrijf en de directeur Grondzaken naar de wethouder toe met de vraag wat ergens mee gedaan gaat worden. Dat vergt dan handelen en mandaat, anders is een ander de gemeente voor. Het is aan de raad om hierin te kiezen, maar het zou in de praktijk betekenen dat het college geen strategische aankopen meer kan doen. Amendement 4 Onderzoek verbreding PEC is ingediend door Pro’98. De fractie heeft gesignaleerd dat er in de Begroting iets staat over onderzoek naar verbreding van het Poultry Expertise Centrum en de fractie vraagt waarom dit gedaan wordt. De wethouder begrijpt dit want het had op een betere manier verwoord kunnen worden in de Begroting. Het is niet zo dat het college dit doet.
Er is een onderzoek geweest en dat is vervolgens bij de sector neergelegd. Het PEC heeft iemand, in opdracht van de brancheorganisatie, die gaat kijken naar wat er moet gebeuren en die dit gaat implementeren in PEC. Het college heeft hooguit een sparrende rol gehad. Hier is geen budget uit de Begroting meer aan gekoppeld, dat budget kan dus ook niet ergens anders voor ingezet worden. Met de toelichting is het amendement in feite overbodig, maar dat is aan de raad. Motie 6 Grip op grond betreft de kaders voor grondexploitatie. Wat gevraagd wordt is prima, dat gaat het college ook doen. De SGP vroeg om een toezegging om in de eerste helft van 2023 naar de raad toe te komen met de kaders. Het college wil de kaders graag in samenspraak met de raad gestalte geven, dit kan misschien gebeuren in de raadswerkgroep voor de Omgevingswet. Spreker heeft wat problemen met de stellige constateringen in de motie die hij niet onderschrijft. Het college laat het oordeel over de motie aan de raad. In motie 9 Gebiedsproces stikstof wordt de link gelegd met de uitspraak van de Raad van State dat de bouwvrijstelling niet meer geldt.
De discussie gaat breder, die speelde al voor de bouwvrijstelling: hoe zit het met het extern salderen? De inzet is er, ook samen met de provincie Gelderland, om te bewaken dat de Vallei niet leeggekocht wordt door grote partijen van buiten die azen op de stikstofruimte nabij Natura 2000-gebieden. Het verzoek dat aan het college wordt gedaan legt erg de link met piekbelasters en gaat over het uitkopen van stikstof in het algemeen. Het college zegt toe dat het zich hiervoor zal inzetten, samen met de provincie, hiervoor zal waken en ervoor zal zorgen dat, als er al stikstofruimte vrijkomt, dit in eerste instantie naar de PAS-melders gaat en in ieder geval niet verdwijnt naar buiten de regio. De zorg deelt het college, maar het in de motie opgenomen verzoek is wat ingewikkeld geformuleerd. De heer Top vraagt of, als de fractie wat woorden in het dictum verandert en weglaat over de piekbelasters, het college de motie kan onderschrijven. Wethouder Wijnne verwijst naar de regel ‘de zorgen die er zijn rond de piekbelasters in de stikstofruimte binnen het gebiedsproces veilig te stellen middels een afstandslimiet’. Het college kan dit niet veilig stellen want niet het college maar de provincie gaat over die regels.
Als de motie vraagt aan het college om maximale inzet te plegen om dit veilig te stellen, dan is het prima want dan is het een ondersteuning van de raad voor wat het college al doet. De heer Top zegt toe dat de SGP-fractie zich hierop zal beraden. Wethouder Wijnne vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Bij motie 11 Ruimen van pluimvee beperken zou de wethouder kunnen zeggen dat het college hier niet over gaat, maar het college deelt de zorg. Het gebeurt wel in de gemeente Barneveld en in het gebied, waardoor veel gezond pluimvee geruimd wordt. Tegelijkertijd wordt er een discussie gevoerd 33
door virologen. Maar de zorg en de roep om een oplossing die dit voorkomt en die ook het probleem bestrijdt, deelt het college. Als de motie zegt dat de raad het college vraagt om die zorg nog eens onder de aandacht te brengen bij andere partijen, dan doet het college dit graag. Uit de steun voor motie 12 Voedselverspilling blijkt dat er een brede wens leeft in de raad om hiermee aan de gang te gaan. Het college wil de toezegging doen dat volgend jaar actief mee wordt gedaan met de Verspillingsvrije Week. Bij het ontwikkelen van beleid moet wel gesproken worden over wat de raad daarbij verwacht, een breed beleid of bijvoorbeeld een opsomming van wat gedaan kan worden en wat in de regio gebeurt. Hij pleit ervoor om dit niet heel breed op te zetten want dat zou veel menskracht kosten. Zijn voorganger zou zeggen: ‘Als wij hem zo uit mogen leggen, dan kunnen wij ermee uit de voeten’. De wethouder heeft de indruk dat het niet breed bedoeld wordt. De zorg die in motie 18 Houtstook uitgesproken wordt, zal iedereen delen. Men merkt het al op sommige dagen. Hij meent dat het regelen van een stookverbod alleen maar kan voor mensen die recreatief stoken, als men stookt om de woning te verwarmen is het ingewikkeld om dat te verbieden want dan wordt de woning niet verwarmd.
Op het moment dat er een stookalert uitgaat van het RIVM, zou het college een groep BOA’s op pad moeten sturen om bij mensen thuis te gaan controleren of de stook echt nodig is. Het college ontraadt de motie vanuit de gedachte dat het niet goed gehandhaafd kan worden. De heer Van den Born meent dat er bij een stookverbod niet meteen een groep BOA’s op pad gestuurd hoeft te worden. Het verbod an sich kan al een dempende werking hebben op een voor een grote groep mensen schadelijke stoffen die in de lucht komen. Uiteindelijk gaat het niet om het plagen van de stokers, het gaat om de gezondheid van veel mensen. Wethouder Wijnne erkent dit. Middels het stookalert gebeurt dit ook al, er wordt een oproep aan mensen gedaan om dan niet te stoken. Maar als een verbod wordt ingesteld en men weet dat er niets aan handhaving wordt gedaan, dan wordt het een papieren tijger. In het bouwbesluit staat al dat hinderlijk stoken vanuit de gebouwen niet mag. Als iemand werkelijk zijn buren continu in de rook zet, dan heeft men een instrument. Dan is de vraag of de raad een verbod wil instellen waarmee men qua handhaving niet veel kan. De heer Van den Born heeft een aantal cases bekeken. Daarin bleek dat er, in gemeenten waar daadwerkelijk is overgegaan tot een stookverbod, een enorme positieve invloed was te zien op het niet stoken bij slecht weer. Hij zou dit punt graag meegenomen zien worden.
Wethouder Wijnne laat het oordeel hierover aan de raad. Wethouder Wijnne vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Hij meent dat bij amendement 26 Landelijke gebiedsopgave voor rekening van de regio sprake is van een misverstand of van een meningsverschil. Volgens de VVD hoort het programma Voedsel en Eiwittransitie thuis in de regio. Dat is niet zo, de €42.000 is de bijdrage van de gemeente aan het regionale programma. De VVD meent dat de landelijke overheid de kwartiermaker zou moeten financieren want het betreft de transitie in het landelijk gebied. Natuurlijk is het college van mening dat van de €25 miljard wel wat miljoenen euro’s naar Barneveld kunnen komen, Barneveld heeft een grote opgave. Maar als de gemeente hier niet financiert, kan de gemeente hier niet iemand voor aannemen en dan moet afgewacht worden wat de rijksoverheid voor de gemeente regelt. Daar is het college geen voorstander van, het kiest ervoor om zelf iemand te hebben die voor de Barneveldse belangen opkomt. Vervolgens probeert het de kosten van de kwartiermaker uit de grote pot te halen. De heer Bos vindt de laatste zin positief klinken. Maar Barneveld heeft ook een gebiedsregisseur, er is functieveranderingsbeleid. De gemeente is al actief in het buitengebied. Dit hoort bij Foodvalley, het moet regionaal gebeuren.
Hij pleit ervoor om dit te laten bij degene die de verantwoordelijkheid heeft, de provincie en het Rijk. Het zou niet in de gemeentelijke begroting moeten staan. Wethouder Wijnne benadrukt dat het college kiest voor een Barneveldse vertaling van wat er op de gemeente af gaat komen. Dat betekent dat er contacten moeten zijn met het buitengebied. Een buurgemeente heeft al een aantal jaren enkele tonnen in de begroting opgenomen om daar voor de 34
eigen gemeente wat aan te doen, dan reageert het college niet overdreven als men kijkt naar de grote opgave waar de gemeente voor staat. Daar is echt een aantal mensen voor nodig, het aantal dat er was, was te krap. De heer Korevaar vraagt of de wethouder de gemeente Ede bedoelt. In reactie op de bevestiging van wethouder Wijnne zegt de heer Korevaar op twee gedachten te hinken. Hij vindt het transparant dat de kosten gespecificeerd doorgerekend worden naar Barneveld, maar aan de andere kant is er de post ‘trainees voor Foodvalley’. Hij vraagt of dat niet specifiek van Foodvalley is, waarom dat in de gemeentelijke begroting staat. Wethouder Wijnne kan de concrete vraag momenteel niet beantwoorden. De heer Bos wijst erop dat het bij elkaar €200.000 is. Hij gaf het in zijn bijdrage in eerste termijn al aan, het is een opeenstapeling van kosten. Wethouder Wijnne maakt hier bezwaar tegen. Hij behandelt amendement 26 van de VVD en daarin staat €42.000 voor het programma Voedsel- en Eiwittransitie en €108.000 voor een kwartiermaker Landbouwtransitie. De laatste is niet voor Regio Foodvalley, die is voor de gemeente Barneveld. Wethouder Wijnne vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Mevrouw Van den Wildenberg vroeg naar de woningbouw in Barneveld Noord. Het antwoord op de vraag dat het college daar niet op kan ingaan, geldt nog steeds.
Voor de grootschalige woningbouwlocaties heeft het college een businesscase ingeleverd. Er is deze avond gesproken over de investeringsplannen, het zou prachtig zijn als de gemeente ook ergens anders geld vandaan kan halen om daarbij te helpen. Veel mensen hebben hier de afgelopen maanden hard aan gewerkt. Binnen een week zal de raad hierover informatie krijgen. De wethouder begrijpt de zorg van mevrouw Van den Wildenberg over de begrippen ‘betaalbaar’ en ‘goedkoop’. Toch kan het college die niet loslaten. ‘Betaalbare’ woningen worden landelijk zo benoemd tot de NHG-grens. In het coalitieprogramma staat duidelijk dat er extra woningen worden toegevoegd in het ‘goedkope’ segment, het sociale segment. Het zijn twee verschillende begrippen die ook landelijk opgeld doen. ‘Goedkoop’ betekent niet dat het geen goede woningen zijn, het zijn woningen in een lagere prijsklasse en misschien wat kleiner. Wethouder Pluimers reageert op de eerste termijn en neemt de moties en amendementen door. Amendement 3 Afvalinzameling zou het college willen ontraden. In de afgelopen jaren zijn er diverse tariefstijgingen geweest en daar kwamen veel vragen over. Het college wil bekijken hoe de afvalscheiding beter en efficiënter kan plaatsvinden, waarbij de tarieven zo laag mogelijk zijn. Dat is doelmatig beleid.
De ontwikkelingen in de maatschappij staan niet stil en daarvoor wil het college de ogen ruim openhouden. De heer Korevaar vindt dat een mooie intentie. Hij vraagt zich wel af, de discussie met de heer Van den Born ging daarover, wat in Barneveld voor bijzondere informatie wordt opgehaald die de gemeente niet ergens anders vandaan kan halen en kan betrekken in de overwegingen. Wat levert dit voor nieuwe informatie op die specifiek voor Barneveld bedoeld is? Wethouder Pluimers kan dat niet precies zeggen. Er wordt onderzoek gedaan naar welke nieuwe inzichten er zijn in andere gemeenten die voor de gemeente Barneveld van toepassing kunnen zijn. Die informatie wil het college ophalen. Wethouder Pluimers vervolgt haar reactie op de eerste termijn. Motie 10 Open Monumentendag gaat over het monumentenbeleid en het cultureel erfgoed. De wethouder omarmt een motie van harte als het gaat over hoe gezorgd wordt dat de mooie monumenten van de gemeente onder de aandacht komen en misschien zelfs meer dan dat. Het is wel goed om te realiseren dat de Open Monumentendag een landelijke organisatie is waarbij monumenten zich mogen inschrijven en zelf de keuze maken of zij meedoen en zo ja welke dagen.
35
Amendement 13 Bomenbeleidsplan wordt door het college ontraden. Als het amendement uitgevoerd zou worden, kan het college het bomenbeleidsplan niet realiseren en dat is iets wat het college juist graag wil. Het is een bewuste keuze om het te doen. De grote waarde die het college hecht aan het bomenbeleidsplan zorgt ervoor dat iemand met verstand van zaken dit zal trekken. De projectleider Fysiek domein gaat, naast het bomenbeleidsplan, ook andere dingen doen. Motie 19 Skatebaan Voorthuizen: het college kent het verzoek uit Voorthuizen. Na de rondvraag hierover heeft de wethouder de indiener een memo doen toekomen. Het college vindt het idee positief maar bekeken moet worden hoe dit ingepast gaat worden, hoe dit betaald gaat worden. Het is belangrijk dat Plaatselijk Belang Voorthuizen en andere stakeholders hierin meegenomen worden, dat de gesprekken hierover worden aangegaan en er rekening gehouden wordt met het feit dat in Voorthuizen Zuid al een gebied is ingetekend voor een speelplek. Die kan op allerlei manieren worden ingericht. Het college vindt de combinatie kinderen en bewegen een goed idee. De heer Top doet de suggestie om iets breder te kijken dan naar Voorthuizen. Voorthuizen vraagt hierom, maar stel dat de skatebaan op Harselaar wordt geplaatst, want een skatebaan geeft wel wat overlast voor buurtbewoners, dan is dat een mooie centrale plek.
De heer Van den Born wijst erop dat bij een skatebaan sociale controle erg belangrijk is. Dat is bekend van de skatebaan in Putten, daar wordt een oogje op gehouden en omwonenden zien wat daar gebeurt. Om die reden lijkt het voorstel van de heer Top hem niet verstandig. Wethouder Pluimers zegt toe de opmerkingen mee te nemen in de gesprekken over deze locatie. Het college ziet uit naar het gesprek. Wethouder Pluimers vervolgt haar reactie op de eerste termijn. Motie 21 Urban Chess: het college is positief verrast dat Urban Chess deze wens heeft uitgesproken. Het college zou wel graag in gesprek gaan met de organisatie om vragen te kunnen stellen als waar de behoefte uit bestaat, waar men samen aanknopingspunten ziet. Het college heeft natuurlijk ook een opgave als het gaat om verbinding, het tegengaan van eenzaamheid. Andere belangrijke punten zijn communicatie en PR. Plaatselijk Belang Voorthuizen en wijkplatforms moeten hier natuurlijk in meegenomen worden. Het college laat het oordeel aan de raad maar is wel nieuwsgierig. Motie 22 Bomenroute gemeente Barneveld: als de genoemde organisatie dit inderdaad om niet aanbiedt, dan vindt het college dit een mooi idee. Het staat achter het idee van bewustwording van en communicatie over groen. Het college gaat graag het gesprek aan om te kunnen bestuderen waar het precies uit bestaat en hoe het er op de langere termijn uitziet.
Het college laat het oordeel aan de raad. De heer Korevaar is bang voor een soort wildgroei van ambitieuze ondernemers die graag bordjes met hun logo aan objecten willen plakken. Hij hoopt dat het college hier kritisch naar zal kijken. Wethouder Pluimers zegt toe zeer kritisch te zullen zijn. Het gaat om een bomenroute waarbij er Tree Tags worden opgehangen. Het zijn geen bedrijven met commerciële uitingen. Hierover wil het college ook spreken met de organisatie. De heer Bos vraagt of de motie niet overbodig is. Er is recent een wandelpadenroute geopend, iedereen kan een klein of groot rondje maken en daar staan allemaal bomen. Hij vraagt wat de bomenroute toevoegt aan de route die er al is. Wethouder Pluimers heeft de motie gelezen en op de achterkant staat er een afbeelding van. Het geeft informatie over de waarde van de desbetreffende boom en de bijdrage die de boom levert aan het klimaat en de biodiversiteit. De bomenroute voegt dus bewustwording en informatie toe. De heer Bos heeft deze zomer een pubquiz gedaan waarin vragen werden gesteld. Tegenwoordig pakt men de telefoon, je scant en het antwoord komt eruit. De pubquiz is niet interessant meer. Als iemand dus een telefoon bij zich heeft, kan diegene hem richten op de boom en dan komt alle informatie tevoorschijn. Wethouder Pluimers hoort graag welke app dit betreft, die bestaat naar haar weten niet. 36
Van verschillende kanten wordt de wethouder meegedeeld dat een dergelijke app bestaat. De heer Van den Born memoreert dat in 2022 vlak bij het gemeentehuis plaatjes aan de boom hingen. Daar keken veel mensen naar. De heer Korevaar heeft gelijk, het mag geen promotie worden van een bedrijf in Barneveld. Dat is ook niet de intentie van Lokaal Belang. In reactie op de heer Bos wijst spreker erop hoe leuk het is om de boom en de informatie in het echt te zien in plaats van thuis te zitten kijken naar hoe mooi een boom is. De heer Bos benadrukte juist dat er al een wandelroute bestaat. Tijdens de wandeling heeft men een telefoon bij zich. De telefoon kan op een boom gericht worden, waarna men met de app precies kan zien welke boom het is. Wethouder Pluimers vervolgt haar reactie op de eerste termijn. Motie 23 Bijzondere status graven KNIL-militairen gaat over de beschermde status van de graven van de Molukse ex KNIL-militairen. Het college vindt dit een prachtige motie die een steun in de rug is. Het is een belangrijke erkenning van een bijzondere status en geschiedenis van mensen. Het oordeel is aan de raad, maar het college is positief over de motie. Bij motie 27 Verbeteren verkeersveiligheid wil het college het oordeel aan de raad laten. Dat wat de tekst behelst, wordt in feite al gedaan.
Natuurlijk wil het college dat de gemeente uit de top tien verdwijnt, natuurlijk wil het college bijdragen aan verkeersveiligheid. Met het beheerplan en de afdeling Verkeer en Civiel gaat het college alles op alles zetten om verkeersveilige wegen te realiseren. De verkeersveiligheidsmonitor komt in november naar de raad, daarbij wordt ook een risicoanalyse gedaan. De raad kan hierover in gesprek gaan met het college. Het zal worden meegenomen naar het GVVP. De heer Top laat weten dat ook de SGP voor verkeersveiligheid is. In de motie staat dat, als hier maar geld in gestopt wordt, er straks minder ongelukken zullen plaatsvinden. Zo werkt het niet, men heeft daar vooral de verkeersdeelnemers bij nodig. Dit is geen motie die goed uitgevoerd kan worden. De heer Korevaar vraagt of het niet verstandiger is om kwalitatief onderzoek te gaan doen naar wat er schuilgaat achter de cijfers. Hij sluit zich aan bij de heer Top: de wegen kunnen mooi gemaakt worden en zo dat het onmogelijk is om hard te rijden, maar uiteindelijk gaat het erom dat de verkeersdeelnemer gewenst gedrag vertoont. Wethouder Pluimers herinnert eraan dat de verkeersveiligheidsmonitor binnenkort naar de raad komt. Daarbij wordt een analyse gemaakt van hoe men daar tegenaan kijkt. Vervolgens komt er een maatregelenpakket en het college legt de maatregelen voor aan de raad.
Zij meent zo aan beide wensen tegemoet te komen. Meer geld is inderdaad geen garantie voor meer veiligheid. Het college probeert natuurlijk de weg zo goed mogelijk in te richten. De heer Bos wil boven water krijgen waar de gevaarlijke plekken liggen. Die moeten inzichtelijk gemaakt worden en vervolgens moet ervoor gezorgd worden dat Barneveld buiten de top tien valt. De VVD is bereid om daar geld voor vrij te maken. De voorzitter meent dat de wethouder al heeft toegezegd dat zij het inzichtelijk zal maken. Ter aanvulling brengt wethouder Pluimers een nuance aan waardoor het misschien moeilijk zal zijn om uit de top tien te verdwijnen. Zij wijst erop dat Barneveld twee snelwegen heeft, het is de vraag of de gemeente invloed kan uitoefenen op de ongelukken die daar gebeuren, maar die vinden wel plaats in de gemeente. Provincie en Rijkswaterstaat gaan over de snelwegen. De heer Bos brengt naar voren dat ook in de lobby rond knooppunt Hoevelaken en de A1/A30 dit punt naar voren gebracht moet worden. Wethouder Pluimers vervolgt haar reactie op de eerste termijn. Het college vindt motie 28 Vervanging paspoort en identiteitsbewijs bij diefstal niet verstandig. Het betreft 500 vermissingen per jaar waaronder rijbewijzen (die zijn ook verplicht), identiteitsbewijzen 37
en paspoorten. Het betreft ongeveer 100 paspoorten. De vraag is hoe gemonitord kan worden dat het diefstal is, hoe erop gecontroleerd moet worden. Daar komt bij dat de VVD een voorwaarde stelt, namelijk dat er aangifte gedaan wordt. Dat mag juridisch niet. Dat betekent dat de gemeente wel aanraadt om aangifte te doen, maar dat het niet juridisch vastgelegd kan worden. Als de 500 aanvragen gehonoreerd zouden worden, dan zou het uitkomen op een bedrag van €35.000. Dat is een te groot bedrag om zomaar mee in te stemmen. De heer Korevaar vraagt namens zijn fractie of er beleid is dat het voor minima mogelijk maakt om op goedkopere wijze identiteitskaarten te verkrijgen. Dat zou het probleem dat de wethouder aangeeft voorkomen. Wethouder Pluimers kan hier niets over zeggen. Wethouder Van Daalen geeft aan dat dergelijk beleid er niet is. De heer Korevaar zou dit ter overweging mee willen geven. In andere gemeenten ziet men dit beleid. De heer Bos erkent dat het juridisch moeilijk is. Maar als hierover gepubliceerd wordt, kunnen degenen die aan de balie komen de aangifte overleggen. Wethouder Pluimers is van mening dat het college hier anders tegenaan kijkt. Juridisch is het niet houdbaar, de bewijslast rondom diefstal is lastig en het kost een aanzienlijk bedrag. Daarom ontraadt het college de motie. Wethouder Pluimers vervolgt haar reactie op de eerste termijn.
Motie 29 Duidelijkheid geven investeringsbudget voor sportvoorzieningen: dit gaat het college natuurlijk aan het hart. Maar er wordt gevraagd om een vast budget voor nieuwe sportvoorzieningen. Bij het accommodatiebeleid Sport en Cultuur wordt elk jaar, het is staand beleid, een integrale afweging gemaakt van de sportvoorzieningen. Het kan zo zijn dat zich iets bijzonders ontwikkelt gedurende een jaar, waar het college een bepaalde keuze voor wil maken. Als het college op voorhand zegt hoe groot het bedrag moet zijn, wat overigens niet goed genoeg ingeschat kan worden, dan kan het klem lopen. Motie 33 Heldere taal is door bijna alle fracties ondertekend. De gemeente Barneveld heeft inderdaad de intentieverklaring Direct Duidelijk Deal ondertekend. De pilot loopt in 2022 en 2023 en wordt dan geëvalueerd. Alle goede ideeën uit de raad die genoteerd worden, worden meegenomen. Het oordeel over de motie laat het college aan de raad, het college vindt de ideeën goed. De heer Korevaar had gevraagd of het mogelijk zou zijn om de laadpalen die in Barneveld geplaatst gaan worden bidirectioneel te maken, zodat auto’s niet alleen stroom afnemen maar eventueel ook teruggeven. Als er dertig laadpalen worden neergezet aan een auto van 80 kW dan is dit een mooie accu die het net kan stabiliseren. Het is duurder, maar het is wel de toekomst wat Pro’98 betreft.
Wethouder Pluimers wijst erop dat dit punt ook te maken heeft met de portefeuille Duurzaamheid. Daarom zou zij binnen het college willen overleggen hierover. De wethouder zegt toe dat de suggestie wordt meegenomen naar de stuurgroep. De heer De Vries gaat in op het voorstel over sport van de VVD. Spreker begrijpt de vergelijking die wordt gemaakt met wegen. Bij wegen kan men meer inzicht krijgen in wat te verwachten is dan bij sport. In het MIP worden veel andere onderwerpen genoemd waarbij ook niet helemaal duidelijk zal zijn wat het gaat betekenen. Hij vraagt de wethouder om een uitleg van waarom sport hier niet een onderdeel van kan zijn. Wethouder Pluimers stelt dat sport en sportvoorzieningen deel uitmaken van de Begroting en dus van het MIP. Waar het om ging, was dat bij de invulling van het MIP keuzes gemaakt moeten worden. Dit resulteert in de uitvoeringsagenda (8 februari). Motie 29 beoogt een vast bedrag voor nieuwe sportvoorzieningen. De wethouder heeft toen geantwoord dat dit jaarlijks afgewogen gaat worden omdat er zich gedurende een jaar nieuwe ontwikkelingen kunnen voordoen.
38
Mevrouw Van den Wildenberg herinnert aan haar vraag om een toezegging voor het monumentenbeleid. De heer Korevaar herinnert aan twee gevraagde toezeggingen, een toezegging op de terugkoppeling over twee moties groen: het Poen voor Groen-fonds en de Groene slinger Voorthuizen én de toezegging rond de status van de dorpsplannen. De heer Van Schaik reageert op motie 29 Duidelijkheid geven investeringsbudget voor sportvoorzieningen. Spreker heeft met het vaste bedrag het volgende voor ogen. Momenteel staat er voor nieuwe accommodaties niets in de begroting. Dat wordt jaarlijks afgewogen. In de Begroting is spreker geen nieuwe voorstellen tegengekomen. Op het moment is dat zo dat elke keer moet worden afgewogen wat men gaat doen. Hij is er voorstander van om een bedrag te noemen, dan kan jaarlijks bekeken worden of de raad meer of minder wil doen. Dan is er een uitgangspunt, momenteel is het telkens nul. Er wordt niets nieuws gedaan. In reactie op de heer Van Schaik benadrukt wethouder Pluimers dat het niet zo is dat er geen budget is voor sport. Er is in het MIP een onderdeel sport opgenomen. Het staat zwart op wit dus dat wordt gedaan. Maar de uitwerking ervan volgt in februari. Het college heeft altijd een budget voor sport. De heer Van Schaik meent dat dit voor bestaande locaties of voor reeds gestarte projecten is.
Maar hij wil een budget hebben voor nieuwe locaties die uit het accommodatiebeleid komen. Wethouder Pluimers stelt dat dit gaat gebeuren, integraal bij het MIP in februari. Wethouder Pluimers vervolgt haar reactie op de eerste termijn. Pro’98 vroeg een terugkoppeling op motie over groen en de compensatie van groen. Dat is staand beleid. Dat kan men aantreffen bij de Churchillstraat en het Pastoriebos. Als groen wordt weggehaald, wordt dat elders teruggeplaatst. Pro’98 vroeg ook een terugkoppeling op de motie over de Groene slinger Voorthuizen. De integrale aanpak Voorthuizen gaat binnenkort, half december of begin januari, naar de raad gecommuniceerd worden. De Groene slinger gaat hier onderdeel van uitmaken. De regiegroep die in het verleden is toegezegd als het gaat om de stakeholders, bijvoorbeeld Plaatselijk Belang of de wijkplatforms, heeft al contact gehad met het college. Het eerste gesprek zal ergens in de komende weken plaatsvinden. De heer Korevaar komt terug op het Poen voor Groen-fonds waar de fractie om heeft gevraagd, de motie is indertijd door de raad aanvaard. De fractie heeft begrepen dat er momenteel een onmogelijkheid zit in het optuigen van een dergelijk fonds. Dat heeft met de Omgevingswet te maken. De wethouder sprak over de compensatie van groen en de toepassing daarvan.
Maar specifiek de wens van de raad om een fonds op te tuigen voor plekken waar het niet op die locatie kan lijkt nog niet mogelijk. De fractie zoekt naar een meer concrete oplossing dan dat wat de wethouder zojuist naar voren bracht over de Churchillstraat. Wethouder Pluimers zou dit punt graag willen meenemen in de ontwikkeling van het landschapsplan/bomenbeleidsplan. Daar waar mogelijk wordt gecompenseerd en komt het college naar de raad toe voor de financiën, zoals bij het Pastoriebos, en doet het college de raad voorstellen. Wethouder Pluimers vervolgt haar reactie op de eerste termijn. Burger Initiatief heeft gevraagd om een evaluatie van de erfgoedverordening en de monumenten. Die gaan een plaats krijgen in de integrale cultuurvisie. Dat is bij uitstek de plek waar het thuishoort. Hier wordt begin 2023 mee gestart. In de evaluatie wordt nagegaan hoe hier tien jaar later tegenaan gekeken wordt en of de raad dit nog zo wil of dat het uitgebreid moet worden. Cultuur en historisch erfgoed is voor het college van belang. De SGP-fractie vroeg of het college zich actief wil inzetten voor de treinstops Barneveld Noord en Stroe. Het college is daar vanzelfsprekend toe bereid. In alle regionale overleggen die plaatsvinden, bijvoorbeeld rond de A1 corridor, Regio Amersfoort en Regio Foodvalley, heeft dat continu de aandacht.
De wethouder brengt dit met grote regelmaat onder de aandacht bij haar collega’s. 39
De heer Korevaar informeert naar de status van de dorpsplannen, waar de gemeente staat in de ontwikkeling, communicatie et cetera. Wethouder Pluimers antwoordt dat daar waar dorpsplannen liggen en nog gelden, ze meegenomen worden. Dat is algemeen beleid, wat door het college belangrijk wordt gevonden. Het college luistert naar de inwoners, naar wat in hun plannen staat en gaat daarover in gesprek. De communicatie is daarvan een belangrijk onderdeel. Daar waar nieuwe dorpsplannen worden ontwikkeld, hebben de gebiedsregisseurs een helpende rol als het gaat om de communicatie. De heer Korevaar vraagt of de wethouder de raad zou willen voorzien van een overzicht met de dorpsplannen en de daaraan verbonden data van oplevering et cetera. Dan heeft de raad weer even grip op de actuele situatie. Wethouder Pluimers meent dat een overzicht niet een al te groot probleem moet zijn, zij zal dit laten nagaan. Dorpsplannen zijn over het algemeen te vinden op internet. Wethouder Van Daalen reageert op de eerste termijn en neemt de moties en amendementen door. Motie 5 Barneveld-pas is een mooie motie. De Barneveld-pas stond al even op de lijst van punten die meegenomen moesten worden bij de uitvoer van het armoede- en minimabeleid voor het komende halve jaar.
De wethouder zegt toe dat de motie hierin meegenomen wordt, het college zal de motie onderzoeken als een van de mogelijkheden en zal met voorstellen komen. De heer Van der Lubbe laat weten dat de motie iets gewijzigd is waardoor hij aan bovenstaande voldoet. Wethouder Van Daalen vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Motie 7 Inclusie Agenda met COC (1) en Motie 8 Inclusie Agenda (2) behandelt de wethouder tegelijk omdat ze op elkaar lijken. Qua bedoeling is dit prima. Maar het college heeft niet voor niets in de Begroting opgenomen op pagina 15 dat het alle verschillende groepen wil meenemen als het gaat om inclusie, dat is natuurlijk ook de gedachte achter dit thema. Tegelijkertijd heeft Barneveld geen doelgroepenbeleid, er is altijd gezegd dat er bijvoorbeeld niet een apart seniorenbeleid gemaakt wordt. Dat moet het college hier ook niet doen. In de moties wordt het college opgeroepen om vooral de partijen te betrekken die daar een rol bij kunnen spelen. Dat zijn veel meer partijen dan de twee die in de Begroting genoemd worden, de heer Wiesenekker gaf dit al aan. Het is niet een limitatief lijstje, voorbeelden waren de Gehandicaptenraad en de adviesraad Sociaal Domein. Maar er zijn veel meer partijen, bijvoorbeeld de Jongerenraad en alle specifieke organisaties. Met die uitleg zijn de moties, wat het college betreft, niet nodig en overbodig.
Motie 17 Mestvergisting betreft het onderzoek naar de mono-mestvergister. Op pagina 35 punt 1, het zesde bolletje van de Begroting staat de mono-mestvergister en het geplande onderzoek. Het college heeft gezegd dat moet worden opgelet, er zijn veel pilots die lopen, de gemeente moet geen dingen overdoen die op andere plekken in het land onderzocht worden. De wethouder zou willen aanhaken bij de pilots die lopen en daarbij aansluiten, mocht het nodig zijn om aanvullend voor Barneveld onderzoek te doen, dan wordt dat gedaan. Het college zou dus graag enige ruimte in de uitwerking en uitvoering van de motie willen krijgen. De heer Van den Born informeert of bekend is wanneer de pilots beginnen. De intentie van de motie is om het proces te versnellen. Wethouder Van Daalen merkt op dat de pilots al lopen, op diverse plekken in het land zijn pilots die het college van dichtbij volgt. Het college kijkt hoe die lopen en haakt daarbij aan. Mocht het nodig zijn, dan doet de gemeente aanvullend onderzoek. De heer Van den Born ziet dit als een positief advies over de motie. 40
Wethouder Van Daalen bevestigt dit, als het zo is dat de fractie het eens is met de uitleg. De heer Bos vult aan dat er zelfs onderzoeken zijn die momenteel aangeven dat, als er in Nederland ongeveer 1.000 van dergelijke vergisters zijn, het stikstofprobleem in Nederland is opgelost. Dat is nog een reden om voor de motie te stemmen. Wethouder Van Daalen vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Motie 24 Samenwerking ambulancezorg defensie: spreker heeft hetzelfde artikel gelezen en heeft hier navraag naar laten doen. Het gaat om de inzet van ambulancepersoneel op defensieterreinen. Het is niet zo dat mensen van defensie in de omgeving van defensieterreinen ambulancewerk gaan doen. Het gaat om het ambulancewerk dat nodig is op het defensieterrein zelf. Daarbij moet er natuurlijk voldoende medisch personeel zijn. Het is prima om het gesprek aan te gaan. Het college hecht eraan om erop te wijzen dat Barneveld een heel goed netwerk van first responders heeft, dat ook hierin voorziet. Motie 30 Diplomazwemmen voor iedereen betreft een verruiming van de minimaregeling. Zojuist deelde de wethouder mee dat het college het komende half jaar een verdieping en actualisering van het armoedebeleid op de agenda heeft staan. De motie past hierbij. De minimaregelingen worden herijkt. Het mag niet zo zijn dat een laag inkomen een beperking zou zijn voor het volgen van zwemlessen.
Motie 28 Vervanging paspoort en identiteitsbewijs bij diefstal zou ook hierin meegenomen kunnen worden, het zou dan specifiek voor de minima zijn. De laatste zin beantwoordt een deel van de vraag van de heer Wiesenekker. De motie zou prima passen in de herijking, geeft de wethouder aan. De motie gaat echter verder dan dat, namelijk om het voor te bereiden en daadwerkelijk op te nemen in de herijking. Hij vraagt of de wethouder bereid is om de motie op te nemen in de herijking zodat alle kinderen kunnen diplomazwemmen. Wethouder Van Daalen is ook van mening dat alle kinderen moeten kunnen diplomazwemmen. Het college wil echter graag aan de raad voorleggen op welke manieren dit zou kunnen, welke leeftijdscategorie het betreft, hoe ver de regeling een terugwerkende kracht moet hebben want misschien zijn er mensen die dit het afgelopen jaar zelf betaald hebben. Er zijn vragen die college en raad moeten bespreken. De wethouder zegt toe dat het college met een voorstel komt, er is echter tijd nodig om te bepalen hoe dat eruit komt te zien. Volgens de heer Wiesenekker is dit exact wat er wordt bedoeld met ‘in de hoogte van de verruiming een gefundeerde keuze te maken’. Als de wethouder hiermee de gefundeerde keuze bedoelt en gaat verruimen in het mogelijk maken van diplomazwemmen, hebben de partijen elkaar goed begrepen. Wethouder Van Daalen bevestigt dat dit de bedoeling is.
Wethouder Van Daalen vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Bij motie 32 Eén tegen eenzaamheid wil het college op wijzen wat er op dit vlak allemaal al is gebeurd. In coronatijd was er het programma Aandacht voor elkaar, daarmee zijn Barnevelders en gelieerde organisaties heel druk geweest. Er is toen een lijst met acties geweest. In de Begroting is opgenomen dat er een ouderenwerker en een jongerenwerker bij komt. Die gaan met dit thema aan de gang en brengen in kaart wat er allemaal al bestaat en hoe de gemeente hiermee verder gaat. Hier moet een lokale inkleuring aan gegeven worden. Het college wil graag de ruimte hebben om te kijken of het in dat licht nog een aanvulling is om bij het landelijke programma aan te sluiten. Landelijke programma’s hebben nadelen, het betekent dat een gemeente in het stramien en soms het keurslijf van een dergelijk programma aan het werk moet. Gezien het feit dat er al veel activiteiten lopen, moet bekeken worden of dat passend is. De heer Van der Lubbe vraagt wanneer het college weet of het passend is. Er zijn inderdaad al veel activiteiten. Pro’98 heeft hier in 2022 ook een motie over ingediend, daar is toen €300.000 voor beschikbaar gesteld. Hij meent dat €70.000 daarvan voor nieuwe initiatieven ingezet kan worden.
Het is een goed moment om na te gaan wat er loopt en wat nog ingezet kan worden, het college kan daar dan mee terugkomen naar de raad. 41
Wethouder Van Daalen vindt het lastig om een termijn te noemen. De medewerkers Sociaal Domein zij het afgelopen jaar druk geweest met de bekende onderwerpen. Spreker wil de mensen niet extra onder druk zetten. Het college zal nagaan welke termijn passend is. De heer Wiesenekker bevestigt dat er eerder een motie is aangenomen en dat er daarna veel is gebeurd. Ondanks dat is de eenzaamheid gestegen, de afgelopen periode was zwaar. Het Rijk stelt dat elke gemeente een plan van aanpak moet maken. Barneveld heeft veel gedaan, maar dat betekent niet dat de gemeente niet ook een beroep kan doen op het landelijke budget, misschien kan de ouderenwerker ervan gefinancierd worden of kunnen er twee van gefinancierd worden. Wethouder Van Daalen zegt toe de suggestie mee te nemen. Hij is echter van mening dat de situatie in Barneveld daarbij leidend moet zijn. Raad en college bekijken hoe het in Barneveld georganiseerd moet worden, de financiën zijn niet leidend. Wethouder Van Daalen vervolgt zijn reactie op de eerste termijn, op de toezeggingen die de fracties hebben gevraagd. In reactie op de vraag wanneer het programma over duurzaamheid en energie komt, deelt de wethouder mee dat er binnen enkele weken een voortgangsrapportage naar de raad komt. De heer Top vroeg om een toezegging dat de raad goed op de hoogte gehouden wordt van de hervormingsagenda Jeugd. Dat is zeker de bedoeling.
Het college probeert de raad op gezette tijden op de hoogte te houden van het onderwerp jeugd. Daar hoort het onderwerp bij, omdat het ook te maken kan hebben met hoe de structuur van de samenwerking vormgegeven wordt. De heer Top vroeg naar de onderlinge zorgzaamheid en het vergroten daarvan, de zorg die daarover leeft. De wethouder doet de suggestie om de afspraak te maken dat Welzijn Barneveld ten minste een keer per jaar in de commissievergadering of de gemeenteraad wordt uitgenodigd om met raadsleden daarover te spreken. Dit is de partij die hier voor een groot deel uitvoering aan moet geven. Op die manier bestaat er regelmatig aandacht voor het onderwerp. De heer Top en mevrouw Van den Wildenberg vroegen naar het Gezonde Leefstijl-akkoord. De stukken komen de volgende week naar de raad. De ondertekening ervan vindt binnenkort plaats. Mevrouw Van den Wildenberg vroeg naar de kwalitatief goede jeugdhulpverlening en verwees daarbij naar een lijst. Dat is een lijst van beleidstoevoegingen. Daar staat het niet bij omdat hiervoor niet een specifieke beleidstoevoeging is, maar het heeft absoluut de aandacht van het college. Mevrouw Van den Wildenberg vroeg om nog een toezegging, namelijk of er eventueel ruimte zal zijn voor de buurtkamers. Wethouder Van Daalen laat weten dat het inrichten van buurtkamers in alle wijken niet in de Begroting is opgenomen.
Het is momenteel niet geregeld. Als dit geregeld moet worden, dan moet daartoe een initiatief worden genomen. Burgemeester Luteijn reageert op de eerste termijn en neemt twee moties door. Motie 20 Bereikbaarheid BOA’s wordt ten sterkste ontraden door het college. Er zou een nieuw telefoonnummer bij moeten komen maar het is beter om altijd 0900-8844 te gebruiken en in nood 112. De BOA’s staan in contact met de meldkamer, maar niet 24/7, dus er is automatisch een hiaat. Overdag zijn zij bereikbaar, ook via een app. De gemeente heeft wel hun nummer bij de deel van de horeca en omwonenden afgegeven, juist om bij die specifieke doelgroep de BOA’s wel direct en snel te kunnen laten acteren. Het college zegt toe dat de communicatie over de bereikbaarheid van de groep verbeterd zal worden. Met motie 31 Samenwerking MM kan het college volledig instemmen. Het college wordt gevraagd om een convenant te sluiten. Dat is niet nodig want dat is er al, spreker heeft dit in 2022 ondertekend. Het college zal de bekendheid met Meld Misdaad Anoniem vergroten. De vorige avond kwam in een bijeenkomst van de WhatsApp-groepen het onderwerp ook naar voren. In achterban en netwerken zou dit soort instrumenten af en toe kunnen worden geduid om veel mensen via de
42
coördinatoren op de hoogte te brengen van iets wat misschien nog niet zo bekend is bij iedereen. De financiën hiervoor komen uit het budget voor veiligheid. De voorzitter schorst de vergadering. De voorzitter heropent de vergadering. De voorzitter geeft de fracties de gelegenheid om veranderingen in moties en amendementen door te geven zodat hier in de tweede termijn rekening mee kan worden gehouden. De heer Top deelt mee dat motie 9 Gebiedsproces stikstof is aangepast na overleg met de ChristenUnie-fractie. Bij het onderwerp stikstof staat inmiddels bij punt 1 vermeld: ‘zich maximaal in te zetten om de stikstofruimte binnen het gebiedsproces veilig te stellen middels een afstandslimiet o.i.d.’. De voorzitter wijst erop dat de term ‘piekbelasters’ is verdwenen. De heer Van den Born deelt mee dat Lokaal Belang motie 20 Bereikbaarheid BOA’s intrekt. De fractie is blij met de toezegging dat de communicatie verbeterd wordt. De fractie past motie 21 Urban Chess aan. Het woord subsidieonderzoek wordt veranderd in behoeftenonderzoek. Bij motie 17 Mestvergisting wordt in het vijfde vak het woord mestvergisting veranderd in (mono)mestvergisting. De heer De Vries deelt mee dat motie 14 Aandacht informatieveiligheid en IT-educatie wordt ingetrokken. Hij begreep van de wethouder dat er op dit gebied al veel gebeurt, ook door de gesprekken met de SiSo informatiebeveiliging.
Het zorgen voor basiskennis bij medewerkers heeft prioriteit. De fractie is benieuwd naar de antwoorden op de schriftelijke vragen en blijft dit volgen. De heer Korevaar deelt mee dat Pro’98 amendement 1 Grondbeleid Begroting intrekt. Het college toont de wil om echt tot grondaankopen over te gaan. Amendement 4 Onderzoek verbreding PEC wordt ingetrokken. De fractie heeft begrepen dat de tekst niet opgenomen had hoeven worden in de Begroting. Het amendement is dus overbodig. De voorzitter geeft de fracties de gelegenheid voor een tweede termijn. De heer Top laat weten dat zijn fractie het college wil bedanken voor de goede beantwoording van de vragen, met name op financieel gebied. Dit gaf veel duidelijkheid. De heer Bos wil namens de VVD motie 34 Open Monumentendagen indienen. De heer Top ‘verleidde’ hem in de eerste termijn om ook de zondag erbij te betrekken, dus dat heeft de fractie gedaan. Zoals hij het heeft geïnterpreteerd uit de eerste termijn wordt de Begroting gedragen door het grote deel van de raad, Lokaal Belang en de SGP. De SGP was altijd voor strategisch en behoedzaam grondbeleid. In eerste termijn gaf spreker al aan dat het hem opviel dat in voorliggende Begroting in feite geen grondbeleid is opgenomen.
De vraag aan de SGP was dan ook: hoe verder? De heer Top heeft in zijn bijdrage nadrukkelijk aangegeven dat voor de SGP het bezit van grond heel belangrijk is, de SGP roept dan ook graag het college op om in de eerste helft van volgend jaar met een duidelijke nota grondbeleid te komen. De heer Bos heeft dit gehoord. Hij heeft echter gezegd wat hij heeft gezegd. Lokaal Belang heeft de afgelopen vier jaar veel geluid gemaakt, vooral als het ging om schulden en de schuldenpositie van Barneveld. Als men kijkt naar waar de gemeente naar toe gaat, dan viel het de laatste vier jaar mee. Lokaal Belang heeft de kritiek een beetje overboord gegooid.
43
De heer Van den Born is van mening dat de heer Bos niet goed heeft geluisterd naar het college. Dat spijt hem. De wethouder Financiën heeft zojuist immers een duidelijk verhaal gehouden over de schuldpositie. De heer Bos heeft een conclusie getrokken uit het verschil tussen de huidige en voorgaande periode en hij blijft daarbij. De gemeente groeit naar 85.000 inwoners. De vraag die dan bij de VVD-fractie opkomt is wat de nieuwe inwoners in Barneveld gaan krijgen. Zij krijgen een gemeente met een groeiende schuldpositie. Daar kan men van alles van vinden maar het betekent wel, en daar is over gesproken deze avond, dat de nieuwe inwoners in de toekomst mogelijk kijken naar een verhoging van de OZB. Dan is er het gevaar dat de gemeente straks de nieuwe inwoners in een dure gemeente laat wonen. De heer Van den Born benadrukt dat in de Begroting staat dat Barneveld één van de laagste lasten heeft in de regio. Hij begrijpt niet waar de heer Bos over spreekt. De heer Bos verwijst naar de statistiek in de Begroting van de gemeenten in de provincie Gelderland en de gemeenten in Nederland. Barneveld zit qua lasten in de middenmoot. Maar als men ziet wat er op stapel staat, dan zal de gemeente niet naar de laagste plek gaan, maar dan gaat Barneveld richting duurdere gemeenten.
De heer Van den Born benadrukt dat de gemeente tot en met 2026 een goedkopere gemeente blijft, mede omdat de gemeente de afvalstoffenheffing laag weet te houden. Het lijkt of de heer Bos een andere Begroting heeft gezien. De heer Top maakt bezwaar tegen de karikatuur die de heer Bos maakt. ‘Als de gemeente in de toekomst gaat groeien, dan kan het niet anders dan dat de OZB stijgt en dan wordt Barneveld één van de duurdere gemeenten’. Maar dat is een redenering die niet opgaat. Het grootste deel van de inkomsten van de gemeente komt niet bij de OZB vandaan maar bij de landelijke overheid. De OZB is maar een klein deel. Het is dus een vorm van speculatie waar spreker moeite mee heeft. De heer Bos heeft de opvattingen van Lokaal Belang en SGP gehoord. De opvatting van de VVD staat daar tegenover. Omdat de gemeente de komende tijd niet de grondpositie heeft die zij had in het verleden, neemt spreker de aanwezigen mee naar een gemeente als Wageningen. Een gemeente die ook geen capaciteit heeft om te groeien en daarin een verdienmodel te realiseren. Dat heeft in het verleden betekend dat er een OZB-verhoging was van 20% en het jaar erop van 25%. Daar wil hij voor waken. Als het MIP er is en alle plannen zijn uitgewerkt, kan er in februari worden gesproken over hoe het er daadwerkelijk uit gaat zien.
Momenteel zijn de uitgewerkte plannen er niet en moet de VVD tot genoemde conclusie komen. De heer Bos heeft wethouder Van Daalen een paar jaar meegemaakt en heeft hem gesproken. Zij keken elkaar altijd met veel plezier in de ogen. Zaken werden bij de microfoon uitgevochten, maar wel op een gezellige, leuke en vriendschappelijke manier. Spreker wil wethouder Van Daalen daarvoor bedanken. Volgens de heer Korevaar moet het een plezier zijn om een constructieve oppositie te treffen deze avond. De fracties snappen waarom het college doet wat het doet, maar waar het college verschilt van de oppositie is dat de oppositie grip op het ‘hoe’ wil. De grap is dat de coalitie dat in de eerste termijn zelf ook constateerde, maar zegt dat het allemaal het komende jaar verwacht wordt. Te vaak hoorde de oppositie deze avond het woord ‘binnenkort’ van het college. Daarmee zegt het college ‘ja’ tegen het onbekende en zijn fractie wil ‘ja’ zeggen, maar pas op het moment dat er helderheid is. Om die reden laat de fractie amendement 2 Grondbeleid MIP Begroting staan. De visies van college en indieners ontlopen elkaar niet zoveel, het college heeft er vertrouwen in maar de indieners willen grip. Motie 7 Inclusie Agenda met COC (1) laat de fractie staan. Pro’98 vindt het heel belangrijk dat er een partij om tafel komt die opkomt voor de LHBTIQ+-gemeenschap.
De fractie is blij met de toezegging dat meer partijen om tafel komen, maar de motie wordt toch in stemming gebracht.
44
Motie 8 Inclusie Agenda (2) is echt een verruiming van inclusie naar leeftijd en culturele identiteit. Het is dus zeker niet overbodig om dit te betrekken bij het integrale plan. De fractie brengt de motie in stemming. Motie 18 Houtstook heeft de fractie met volle overtuiging medeondertekend. Spreker was blij met de motivatie van de heer Van den Born, want een grote groep BOA’s is niet nodig. De fractie ontvangt veel signalen dat er momenteel niets wordt gedaan bij een melding van overlast door houtstook. Buurtbemiddeling wordt ingeschakeld, maar er wordt niet gehandeld. Een dergelijk verbod op bepaalde momenten geeft handvatten om te beboeten bij meldingen en geeft in ieder geval een duidelijk signaal welke kant raad en college op willen met elkaar. Motie 28 Vervanging paspoort en identiteitsbewijs bij diefstal: spreker dankt wethouder Van Daalen om zijn toezegging om te kijken wat er mogelijk is aangaande identiteitsbewijzen en minima. De fractie van Pro’98 dankt de heer Van Daalen hartelijk voor alle jaren dat zij met veel plezier met hem heeft mogelijk samenwerken, voor alle inspanningen die hij heeft gedaan voor Barneveld, voor de vele brillen waarmee hij Barneveld heeft bekeken. De fractie wenst hem heel veel succes en veel plezier in Ermelo. De heer Van den Born dankt de wethouder van financiën die de raad deze avond een mooie les begrotingstechniek heeft gegeven.
Het was een indrukwekkend college. Het is goed dat de discussie gevoerd wordt met elkaar want de gemeente staat voor enorme uitdagingen. Barneveld groeit en moet betaalbaar blijven. Het is goed om te herhalen dat de gemeente tot 2026 een overschot heeft van €8 miljoen en dat daarom de OZB niet verhoogd hoeft te worden. Hij vraagt het CDA om om die reden de motie niet in te dienen. Het is voorlopig niet nodig. Motie 18 Houtstook: het is niet de bedoeling om voor het hele jaar een stookverbod in te stellen, het gaat erom dat op dagen dat het mistig is en windstil, het stoken al te ruiken is als men buiten loopt. Het gaat om het beschermen van volwassenen en kinderen met longproblemen. De heer De Vries vond het bijna een kadernota-bespreking, met alle moties en amendementen. Het was nog een plottwist aan het eind als het ging om de antwoorden van het college. De antwoorden die in de commissie en de technische sessie gegeven werden waren bij de CDA-fractie anders overgekomen. Hij laat in het midden waar dit aan ligt. De fractie blijft erbij dat zij de voorkeur heeft voor een andere volgorde of voor een totaalpakket. Voorliggende begroting is niet optimaal, maar de uitleg hielp wel. De grote vraag blijft hoe het geld besteed gaat worden. Iemand maakte zojuist de opmerking: wij willen grip op MIP.
Amendement 2 Grondbeleid MIP Begroting was volgens het college overbodig maar voor het CDA is het dit niet. Het geeft precies aan waar de zorg ligt van de fractie. Hij vroeg het college om het ter kennisgeving aan te nemen. Het CDA kijkt kritisch naar de uitwerking van het MIP en de uitvoeringsplannen. Motie 29 Duidelijkheid geven in investeringsbudget voor sportvoorzieningen: de wethouder Sport gaf aan dat sport ook onderdeel uitmaakt van het MIP. Spreker begrijpt dit, maar ook dit punt wil zijn fractie onderstrepen door de motie van de VVD. Hij zal er in februari op terugkomen. Motie 16 Scenario’s verhoging OZB onontkoombaar: de heer Van den Born reageerde hierop. De wethouder gaf aan dat verhoging op korte termijn niet nodig is. Er is een overschot. Dat kan zo zijn, maar het CDA vindt het nog steeds belangrijk als men kijkt naar waar de gemeente voor staat de komende jaren. Het is goed om naar de scenario’s te kijken, de OZB of andere maatregelen zoals in de motie staat verwoord. De fractie brengt de motie in stemming om hierop in te kunnen spelen. De motie 19 Skatebaan Voorthuizen wordt door het CDA gesteund. Spreker is benieuwd naar de resultaten. De heer Wiesenekker dacht geen tweede termijn nodig te hebben maar begreep dat dit passend is bij een begrotingsbehandeling. Hij doet mee met de politieke beweging en hoeft op die manier later geen stemverklaring te doen. 45