CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Notulen van de openbare vergadering van de raad van de gemeente Barneveld gehouden op 9 november 2022.docx

Gemeenteraad 9 november 2022, gemeente Barneveld31.141 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Daar kan de gemeente veel mee doen. Dat is niet iets dat de gemeente zelf heeft bereikt, dat is de gemeente overkomen. De laatste anderhalf jaar heeft de gemeente veel geld ontvangen uit winstnemingen van grondposities. Er zijn aspecten waar de gemeente niet zelf verantwoordelijk voor is maar die wel hebben geleid tot een betere positie van de gemeente. Als er sprake is van een betere positie en bekend is wat er op de gemeente af gaat komen, dan moet men ‘scherp aan de wind varen’. Dat gebeurt met de voorliggende Begroting. De heer De Vries concludeert dat de heer Van den Born vooral incidentele zaken noemt die op de gemeente af komen maar waar de gemeente zelf niet echt wat aan gedaan heeft. Het zijn mooie ‘gelukjes’. De heer Van den Born benadrukt dat het miljoenen euro’s betreft. De heer De Vries bevestigt dat het enorme bedragen zijn waar de gemeente zelf niet veel aan kon doen maar waar zij wel blij mee is. Hij vraagt of hij kan constateren dat er vanuit het college zelf niet echt financiële maatregelen zijn genomen waarvan de heer Van den Born kan zeggen dat die de inzet zijn geweest van Lokaal Belang om dat waar de fractie de afgelopen vier jaar zoveel kritiek op had, wat weg te poetsen.

De heer Van den Born licht toe dat het college er middels een MIP voor zorgt dat er grip komt op de financiën, dat bekend is wat de risico’s zijn en dat bekend is wat wordt uitgegeven bij bepaalde investeringen. Spreker is van mening dat dit heel verstandig beleid is. De heer Bos hoort de heer Van den Born het volgende zeggen: er zijn serieuze meevallers in het Gemeentefonds uit Den Haag maar ondanks dat zijn de quota’s gedaald. Het is dus niet genoeg. De heer Van den Born wijst erop dat de schuldquote stijgt. De heer Bos bevestigt dat die stijgt, waardoor de gemeente er minder goed voor komt te staan. De gemeente krijgt dus extra geld, maar het is niet genoeg. Er zit een tegenstrijdigheid in de benadering van de heer Van den Born. Het weerstandsvermogen daalt ondanks het feit dat er extra geld uit Den Haag komt. Hij vraagt waar het lek zit. De gemeente krijgt extra geld maar daalt in betrouwbaarheid en solvabiliteit. Volgens de heer Van den Born daalt het weerstandsvermogen niet extreem, dat blijft tot 2026 redelijk op hetzelfde niveau. De solvabiliteit daalt en dat heeft ook te maken met dat risico’s groter worden omdat de gemeente meer investeert. Dat komt mede doordat de raad, ook de VVD, heeft besloten om te groeien tot 85.000 inwoners. De mensen kunnen niet op zand naar hun huizen rijden, daar zijn wegen voor nodig waarvoor grond gekocht moet worden.

Barneveld wordt een ambitieuze gemeente. De heer Bos meent dat de vorige spreker hem woorden in de mond legt. Barneveld groeit inderdaad naar 80.000 tot 85.000 inwoners. Dat betekent ook een autonome groei van de bedragen die in het Gemeentefonds naar Barneveld komen. Eigenlijk zou een begroting zo moeten zijn dat met de extra 16

bedragen, die via een omweg door de burger betaald worden, de voorzieningen op niveau gehouden worden. De gemeente gaat toch lenen. Er zit dus een lek en de heer Van den Born kan niet aantonen waar dat zit. De heer Van den Born is van mening dat er geen lek is. Als een gemeente groeit naar 85.000 inwoners betekent dit ook dat de gemeente in de toekomst meer inkomsten krijgt, want meer inwoners betalen hun belasting en OZB. Blijft een gemeente ambitieus, dan blijft die gemeente investeren. Maar de nieuwe inwoners gaan ook belasting betalen. Op die manier worden de schulden misschien enigszins afgelost. In reactie op de opmerkingen van de heren Van den Born en Bos wijst de heer Top erop dat volgens de Begroting de solvabiliteit niet daalt. In 2017 was die 19% en hij stijgt in 2025 naar 31%, ruim boven de norm. Volgens de heer Van den Born staat in de Begroting dat de solvabiliteit licht afneemt van 26% naar 22% in 2026. Dat is nog steeds boven de minimale streefwaarde. De solvabiliteit stijgt dus niet. De heer Van den Born vervolgt zijn eerste termijn. Lokaal Belang is zeer tevreden met het besluit van het college om over te gaan tot een Meerjaren InvesteringsPlan. Dit plan zorgt ervoor dat de grenzen van onze financiële ruimte steeds duidelijker inzichtelijker en transparanter worden.

Daarnaast moet ieder investeringsvoorstel gebaseerd zijn op een visie, een besluit of een beheerplan. De plannen moeten realistisch en haalbaar zijn. Dit alles hoort bij een solide en realistisch financieel beleid. Door realistisch te begroten en een investeringsplafond in te stellen is er meer financiële ruimte gekomen. Hoe? Gewoon, door je als organisatie niet te verslikken in plannen die niet realistisch en uitvoerbaar zijn en dat te vertalen naar een investeringsplafond met de daarbij behorende kapitaallasten. Als blijkt dat het in de toekomst lastig wordt om bepaalde investeringen betaalbaar te houden, dan kan de raad daarin direct sturen. In het Meerjarenperspectief bij de Kaderbrief heeft het college ervoor gekozen om bij de inflatieontwikkelingen te kiezen voor een 3-jaars gemiddelde in plaats van een 5-jaars gemiddelde. Lokaal Belang staat achter dit besluit. De heer De Vries sprak er al over, het is onverstandig om de organisatie door inflatie financieel uit te hollen. Daarmee houd je het voorzieningenniveau in stand zonder grote ombuigingen. Door het vertragingseffect zien wij dat dit resulteert in een verhoging van 0,25% in 2023. De heer Korevaar vraagt of de heer Van den Born garandeert dat de stijging van de OZB beperkt blijft tot de inflatie.

Het debat dat de heren De Vries en Van den Born zojuist voerden ging juist over het feit dat er nog kosten aan zitten te komen en dat de gemeente dus in de toekomst zeer waarschijnlijk iets moet gaan doen met de schuldpositie. Hij vraagt of het college het dan redt met de inflatiecorrectie of dat, zoals de motie van CDA en Pro’98, er in alle eerlijkheid gewoon eens gekeken moet worden naar een verhoging van de OZB. Die past bij de ambitie. Dan ligt er wel het eerlijke verhaal, want dan wordt verteld dat er geleend gaat worden, dat het college ambitieus is maar dat het college ook gaat aflossen. De heer Van den Born geeft geen garanties, die krijgt men bij een stofzuiger maar in de politiek is dat moeilijk. Men kan niet in de toekomst kijken, het is onduidelijk hoe de economie er over drie of vier jaar uitziet. Wie had kunnen vermoeden dat de inflatie op 14% heeft gezeten? Door een MIP, door daar goed naar te kijken en als raad te sturen, kan de raad zelf invloed uitoefenen op de haalbaarheid van investeringen. Als over drie of vier jaar duidelijk is dat het fout gaat, dat er te veel wordt geïnvesteerd en dat de gemeente het niet kan betalen, dan kan de raad tegen het college zeggen dat er bepaalde belastingmaatregelen genomen kunnen worden. Dat zou kunnen. Daarom is een MIP een belangrijk instrument voor de gemeenteraad.

De heer Korevaar dankt de heer Van den Born voor de opmerking dat hij het niet uitsluit want dat zou hij ook niet kunnen. Er is al geresumeerd wat er het komende jaar allemaal op papier gezet moet worden, onder andere de ambitie om grond aan te kopen en om rondwegen te financieren. De

17

schuldquote zal dus verder stijgen. Dan ontkomt Lokaal Belang er niet aan om eerlijk te zijn tegen de burgers van Barneveld en te zeggen dat iets gedaan moet worden met de leningenportefeuille. De heer Van den Born stelt dat de fractie momenteel eerlijk is naar de Barneveldse burger door te zeggen dat de investeringen die de komende vier jaar gedaan gaan worden ook betaald kunnen worden. De solvabiliteit en het weerstandsvermogen zijn in orde. Die eerlijkheid is er. Als het moment komt dat er omgebogen moet worden of dat de belasting verhoogd moet worden om iets te realiseren, dan is dat een discussie die in de raad gevoerd kan worden. De heer De Vries merkt op dat de heer Van den Born eerlijk is met te zeggen dat de gemeente het kan betalen vanuit de rente en afschrijving. Maar over aflossing wordt niet gesproken. Volgens hem wil ook de heer Korevaar dit punt maken: gaat het college de komende drie of vier jaar aflossen of wordt eerst afgewacht hoe het gaat en wordt dan misschien afgelost? De heer Van den Born weet dit niet. Het wordt bepaald door het treasurybeleid. Soms is het interessant om kort te lenen, soms is het interessant om lang te lenen, soms om lineair te lenen of versneld af te lossen, soms is het interessant om dure leningen af te lossen door goedkoop te lenen. Er zijn veel mogelijkheden en dit gebeurt al tientallen jaren.

Het is daarom goed dat in maart het treasurybeleid doorgenomen wordt, dan kan de raad bekijken of het goed of niet goed wordt gedaan. Volgens de heer De Vries legt de heer Van den Born met dit antwoord precies bloot waarin de fracties verschillen. Het CDA is van mening dat, als het gaat om aflossen, treasury en grondaankopen, er een totaalplaatje zou moeten zijn op basis waarvan de raad kan bepalen of het risico dat genomen wordt aanvaardbaar is. De netto schuldquote schiet omhoog. Nu wordt gezegd dat het betaald kan worden op basis van de rente en over de rest moet in februari en maart gesproken worden. Het CDA vindt dit niet de goede volgorde De heer Van den Born stelt dat er één, twee, drie, vier, vijf jaar geleden niets anders werd gedaan. Er werd geïnvesteerd, daar werd geld voor geleend en via het treasurybeleid krijgt de raad inzicht in hoe dat wordt gedaan. Er gebeurt niets nieuws. De voorzitter wijst erop dat lang wordt stilgestaan bij één onderwerp en adviseert de raad om de reactie van het college af te wachten. De heer Top wacht graag de reactie van het college af. Hij heeft begrepen dat in de kapitaallasten niet alleen rente maar wel degelijk ook aflossing zit. De heer Van den Born vervolgt zijn eerste termijn en laat, in reactie op de opmerking van de voorzitter, enkele opmerkingen over de financiële paragraaf achterwege.

Lokaal Belang is zeer tevreden met de Begroting. De wethouder van financiën heeft het goed verwoord in de eerste zin, wij moeten scherp aan de wind varen en ons schip in deze tijd door woelige baren loodsen. De gemeenteraad staat voor grote vraagstukken en uitdagingen in de komende jaren. De groei naar 85.000 inwoners wordt met de Begroting verder mogelijk gemaakt. Lokaal Belang heeft een aantal moties. Motie 17 Mestvergisting gaat over het onderzoek naar mono-mestvergisters, het stond al in het coalitieakkoord. Lokaal Belang vindt dat er extra gas gegeven moet worden in het onderzoek naar deze bron van energie. De fractie heeft onlangs een bezoek gebracht aan agrariër Jan Dekker in Putten. Met zijn installatie levert hij iedere dag energie aan 1.500 huishoudens. De heer Bos merkt op dat Lokaal Belang hier de VVD aan zijn zijde vindt, dat is het probleem niet. De VVD, dat weet de heer Van den Born ook, heeft hier vijftien jaar geleden al hard aan lopen trekken en heeft haar best gedaan om dit in Barneveld te krijgen. Dat is toen niet gelukt, onder andere door weerstand in de omgeving. Hij vraagt of de heer Van den Born kan aangeven hoe dit concreet planologisch ingevuld moet worden. De heer Van den Born antwoordt dat hij dat niet kan.

In de motie vraagt de fractie dan ook om het onderzoek naar mono-mestvergisters te versnellen zodat de raad snel inzicht krijgt in wat mogelijk is. 18

De heer Van den Born vervolgt zijn eerste termijn. Het bezoek aan Jan Dekker liet duidelijk zien dat er interessante mogelijkheden zijn om mest te vergisten. Als er iets is waar veel van bestaat in de omgeving van Barneveld, dan is dat mest. De mest wordt momenteel voor een groot deel geëxporteerd naar Frankrijk. Dat is niet goed voor het milieu. De heer Korevaar wijst erop dat de overeenkomst tussen het verbranden van biogas en groen gas is dat beide CO2 uitstoten. De heer Van den Born vervolgt zijn eerste termijn. Hij heeft ook de familie Houten uit Leeuwarden gesproken, een melkbedrijf met 380 melkkoeien. De familie levert elke dag groen gas aan 240 woningen in Leeuwarden en heeft haar CO2-footprint drastisch verlaagd. Bij het uitrijden van de mest in de vorm van digestaat ontstaat geen stank. Samen met de ChristenUnie dienen wij motie 24 Samenwerking ambulancezorg defensie in met de vraag om het starten van een onderzoek naar het kunnen krijgen van assistentie door defensie waar het gaat om ambulancediensten. Wij dienen motie 22 Bomenroute in om een bomenroute te starten. Een voorbeeld daarvan is terug te vinden bij de motie. Er zijn geen kosten aan verbonden want de ondernemer die de fractie sprak vindt het fantastisch om het voor de gemeente uit te leggen. Motie 20 Bereikbaarheid BOA’s wordt ingediend om de bereikbaarheid van BOA’s te verbeteren.

De heer Wiesenekker concludeert dat in de motie een situatie wordt geschetst waarin BOA’s alleen via een specifiek nummer te bereiken zijn. Ook staat in de motie dat Lokaal Belang meent dat in veiligheidssituaties BOA’s beter bereikbaar moeten zijn. Spreker heeft bezwaar tegen de motie: in veiligheidssituaties moet men niet op BOA’s vertrouwen die er niet 24/7 zijn, dan moet men op de politie kunnen vertrouwen. De politie kan bereikt worden via 0900-8844, spreker weet hier alles van. BOA’s kunnen ook via de meldkamer ingezet worden op het moment dat zij in dienst zijn. Dit is meer betrouwbaar dan een specifiek nummer voor BOA’s die immers niet 24/7 in dienst zijn. Hij vraagt wat de heer Van den Born van de suggestie vindt. Ook de heer Van den Born is van mening dat er maar één telefoonnummer bestaat als het om veiligheid gaat en dat is het nummer van de politie. Veel burgers weten dit. De motie wordt ingediend omdat Lokaal Belang af en toe de opmerking krijgt dat, als er groepjes jongeren rotzooi trappen en mensen overlast hebben, dit geen taken voor de politie zijn. Daar moet de politie niet mee lastig gevallen worden. Er zijn in Barneveld veel BOA’s. Als men in staat is om die snel te bereiken, dan scheelt dat veel werk voor de politie. De motie betreft niet de ernstige delicten. De heer Wiesenekker memoreert dat er over ‘onveilige situaties’ wordt gesproken in de motie.

Als het gaat om veiligheid niet zijnde overlast, dan is de politie aan zet en kan de politiemeldkamer goed inschatten of het een kwestie is voor de politie of voor de BOA. Dit punt zou niet bij de raad gelegd moeten worden maar bij de meldkamer van de politie. Hij adviseert niet een nieuw nummer in het leven te roepen terwijl het huidige nummer zo goed bekend is. De heer Van den Born benadrukt dat het hier niet veiligheid maar overlast betreft. De heer Wiesenekker meent dat in dat geval de motie aangepast moet worden. De heer Van der Lubbe sluit zich hierbij aan. De motie en de gegeven voorbeelden zouden moeten worden aangepast, want het zijn juist voorbeelden waarbij de politie prima kan inschatten wie ernaartoe moet. Hij meent dat mensen de BOA’s vooral gaan bellen als zij een boete krijgen en daar niet blij mee zijn. Dat heeft geen zin, dan krijgen BOA’s een last erbij waar niemand blij mee is. De heer Van den Born noemt wat voorbeelden: jongeren die bij bankjes staan en afval weggooien, de Coop op het Lavendelplein die regelmatig overlast van jongeren heeft. Dan wil men een BOA kunnen bellen. Spreker zegt toe over de tekst van de motie na te zullen denken. 19

De heer Van den Born vervolgt zijn eerste termijn. Wij dienen motie 18 Houtstook in voor het toepassen van strenge regels bij houtstook in geval van een RIVM-stookalert. Wij dienen motie 19 Skatebaan Voorthuizen in. Dit is een wens van Plaatselijk Belang en veel jongeren in Voorthuizen. Waarschijnlijk ook daarbuiten, want de fractie hoort dat veel jongeren in Voorthuizen gebruik maken van de skatebaan in Putten. Spreker is onlangs met collega Sjoerd van Amerongen gaan kijken in Putten. Het was prachtig om te zien. Wij komen met motie 21 Urban Chess om meer openbare schaaktafels geplaatst te krijgen. Wij dienen motie 23 Bijzondere status graven KNIL-militairen in. Lokaal Belang wil andere Nederlandse gemeenten volgen die de graven van ex KNIL-militairen een bijzondere status gegeven hebben. De heer Wiesenekker informeert naar motie 21 Urban Chess en vraagt wie aangegeven heeft hier behoefte aan te hebben. Als niemand in de samenleving hierom gevraagd heeft, waarom zou de gemeente hier dan in investeren? De heer Van den Born licht toe dat de Nederlandse vereniging Urban Chess een onderzoek heeft gedaan. Urban Chess heeft ook leden in Barneveld die hebben aangegeven dat zij hier graag gebruik van willen maken. In andere gemeenten zijn voorbeelden te vinden. Wellicht zou het Univé Buurtfonds dit kunnen financieren. De heer Van der Lubbe denkt dat de motie wat voorbarig is.

Het is aan de andere kant sympathiek, dus misschien kan het college wijkplatforms en de verschillende dorpen vragen of hier behoefte aan is. Als die behoefte er is, is spreker er voorstander van om hier gebruik van te maken. De heer Van den Born vervolgt zijn eerste termijn. Ik ga mijn betoog afsluiten met een dank aan wethouder Hans van Daalen, die ik al heel lang ken als een fijne en goede wethouder. Wij gaan hem missen. Hans, hartelijk dank voor alles wat je voor ons gedaan hebt. De voorzitter wijst erop dat motie 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23 en 24 verder deel uitmaken van de beraadslagingen. De heer Bos voert het woord namens de fractie van de VVD. Een inleiding is mooi maar is meer voor het archief. Dus ik ga meteen door. Wij gaan terug naar de jaren negentig. Barneveld had op dat moment ongeveer €50 miljoen schuld, dat was ongeveer €1.000 per inwoner. Nu laat de coalitie de schuld oplopen naar €270 miljoen euro richting 2026. Dat is per inwoner €4.000, uitgaande van wat groei. Het bijzondere is dat een burgerlijk bedrijf een lening en een hypotheek aflost en dat een gemeente die laat groeien, ongebreideld in onze beleving.

Hoe houdbaar is dit? Voordat de VVD een waardeoordeel geeft over de groei van de schuld naar €60 miljoen (€42 of €60 miljoen euro, het ligt eraan waar men de klemtoon legt en welke jaren worden meegenomen) moet gekeken worden naar wat wij voor dat geld gedaan en gekregen hebben. - Wij hebben nieuwe schoolgebouwen gerealiseerd. Hier scoren wij een mooie voldoende en Barneveld wordt in den lande gezien als een voorbeeld van hoe het moet. Ook in deze Begroting ziet de VVD dat het op niveau blijft. - Wij gaan zorgen voor kwalitatief goede wegen. Twintig jaar geleden was dit een kleine voldoende. De wegen zijn voor Barneveld al jaren een zorgenkind. De vorige week is besloten om richting een voldoende te gaan, de schop gaat in de grond. De VVD heeft hiervoor motie 27 Verbeteren verkeersveiligheid opgesteld. Recent was in het nieuws dat Barneveld met 337 ongevallen in de top 10 staat van gemeenten met de meeste verkeersongelukken. De motie wordt

20

-

-

-

-

ingediend om na te gaan of de wegen niet alleen kwalitatief beter maar ook veiliger gemaakt kunnen worden. De VVD duikt wat dieper in de begrotingscijfers en komt uit bij een bomenbeleidsplan. Wij hebben momenteel ongeveer 30.000 bomen in Barneveld. Deze bomen staan er al enkele jaren maar het lijkt of wij geen idee hebben van hoe die bomen er zijn gekomen, anders hadden wij geen plan nodig gehad. Dit is eigenlijk ronduit belachelijk, eigenlijk een diskwalificatie van onze mensen in het groen en dat vind ik ernstiger. Met CDA en Burger Initiatief heeft de VVD amendement 13 Bomenbeleidsplan ingediend. De Barneveldse VVD staat kort stil bij twee meer incidentele punten die in de beleving van de VVD weggelaten kunnen worden omdat ze worden gesplitst en in meerdere partijen worden weggezet, waardoor het stapelt. Dat kan efficiënter. Het betreft het programma Voedsel- en Eiwittransitie en de kwartiermaker voor het platteland. Deze toevoegingen horen niet in de Barneveldse begroting, maar horen in de begroting van Foodvalley. Daar is een regionaal potje voor van €70 miljoen euro. Beide punten kunnen daar prima worden ondergebracht bij de trainees FoodValley. Hiervoor dienen wij amendement 26 Landelijke gebiedsopgave voor rekening van de regio in. Wij dienen amendement 25 Aanpassing structurele en incidentele beleidskeuzes in.

Er zijn meer incidentele posten die naar onze mening te ruim zijn ingezet. Er staat ook een structurele post in en dat is de ‘heroverweging bezuinigingsmaatregelen’. Die zijn in het vorige college al aangevoerd en de VVD heeft daar toen voor gestemd. Daar willen wij aan vasthouden. Wij dienen motie 28 Vervanging paspoort en identiteitsbewijs bij diefstal in. Het is een probleem als mensen dit overkomt. De VVD wil dat probleem niet nog groter maken en zou willen dat mensen in een dergelijk geval kosteloos hun paspoort of identiteitsbewijs kunnen vervangen.

De heer Wiesenekker vraagt of de VVD het komende jaar bij de programmabegroting gaat voorstellen om elke gestolen fiets te vergoeden door de gemeente. De heer Bos wijst erop dat het hebben van een fiets niet een verplichting is, men zou kunnen lopen of de auto kunnen nemen, terwijl iemand een identiteitsbewijs nodig heeft om zich te kunnen legitimeren als daar om gevraagd wordt. Dat is een belangrijk verschil. De heer Wiesenekker concludeert dat, op het moment dat iets gestolen wordt dat verplicht is, de VVD meent dat de gemeente dat moet gaan vergoeden. De heer Bos herhaalt dat een paspoort of identiteitskaart essentieel is om zich, waar dan ook, te kunnen legitimeren, ook als een agent erom vraagt. Dat vindt de VVD belangrijk, het is noodzakelijk om goed te kunnen functioneren in de samenleving. De heer Van den Born vraagt of de heer Bos is nagegaan hoeveel identiteitsbewijzen vermist worden per jaar. De heer Bos laat weten dat dat in Barneveld de afgelopen tijd ongeveer 90 bewijzen waren. Dat was een kostenpost van €6.500. Het lijkt reëel om ervan uit te gaan dat het onder de €10.000 blijft. De heer Van den Born vraagt of de heer Bos niet bang is dat, als iemand zijn identiteitsbewijs kwijtgeraakt is, zegt dat het gestolen is omdat diegene het dan gratis terugkrijgt van de gemeente. De heer Bos benadrukt dat er wel aangifte moet worden gedaan.

Als hier misbruik van wordt gemaakt, is dat valsheid in aangifte en kan men ervoor vervolgd worden. De heer Bos vervolgt zijn eerste termijn. - Wij dienen motie 29 Duidelijkheid geven in versterkingsbudget voor sportvoorzieningen in, een motie die wil dat er meer duidelijkheid komt wat betreft de sportvoorzieningen. Er wordt al jaren gesproken over sportvoorzieningen en de accommodaties die daarbij horen, maar wij missen een financiële doorkijk. Misschien kan dit in het MIP worden opgenomen. De VVD wil aangeven dat een paar punten ontbreken in de Begroting. De plannen en ambities die wij hebben voor de komende jaren zijn belangrijk om te noemen:

21

-

Rondweg Barneveld Oost is niet opgenomen in de Begroting. In het verleden is een bedrag genoemd van €25 miljoen, maar met de huidige stijging van kosten zal dit richting €30 miljoen gaan. Over de revitalisatie van Harselaar Oost is de vorige week gesproken. Hier moet nog €14,5 miljoen worden gevonden. Er moeten huizen gebouwd worden. Barneveld heeft een ambitie en wil naar 80.000 tot 85.000 inwoners. Voor de komende vier jaren is dat duidelijk, 4 maal 600 woningen is 2.400 woningen. Maar wil Barneveld die groei realiseren, dan is het van belang dat de gemeente naar 8.000 woningen gaat. Hier zit een gat tussen, wat betekent dat er ongeveer 20 hectare grond nodig is. Bij de huidige grondprijs kost dat €80 miljoen. Dat mist de fractie in de Begroting. Als men dat bij elkaar optelt, dan komt de gemeente geen €270 miljoen maar bijna €400 miljoen in het rood te staan.

De heer Van den Born weet niet waarom de gemeente de betreffende grond moet kopen. Dat heeft de gemeente eerder gedaan en er staat momenteel nog €20 miljoen in de risicoparagraaf. De heer Bos gaat even terug in de tijd. Ongeveer tien jaar geleden heeft de gemeente heel veel grond gekocht. De grondquote was in 2017 87%, meent hij. In de jaren 2018, 2019 en 2020 zijn er grote aflossingen gedaan waardoor de schuldpositie snel zakte. Nu is er een kentering te zien. De gemeente gaat wel geld lenen, maar daar staat geen grond tegenover. Dat betekent dat diezelfde transitie van aflossingen in de toekomst niet gedaan kan worden. Maar het moet wel gebeuren, hoe kan de gemeente anders de ambitie van 80.000 tot 85.000 inwoners halen. De heer Van den Born meent dat de gemeente niet zelf de grond hoeft te kopen, investeerders en ontwikkelaars kunnen dat doen. In 2012 en 2013 had Barneveld een schuldquote van bijna 300 en de solvabiliteit was 15. De gemeente heeft toen gezegd het nooit meer zover te zullen laten komen en zou voorzichtig zijn met grondaankopen. In reactie op de heer Van den Born wijst de heer Korevaar erop dat hij stelde dat de 25.000 nieuwe inwoners van Barneveld woningen gaan kopen die ontwikkeld worden door commerciële partijen. Daarmee verliest de gemeente de grip op de samenstelling van de huizenvoorraad, op het aantal sociale woningen dat wordt neergezet.

Het is bepaald niet zo dat de ervaring heeft geleerd dat huizen zoveel goedkoper zijn als commerciële partijen ze ontwikkelen. De heer Van den Born zegt naar het bestemmingsplan te kijken. De gemeente bepaalt wat gebouwd mag worden. De wijk Veller heeft de gemeente niet helemaal zelf gefinancierd en dat is niet helemaal goed afgelopen. De heer Bos stelt dat dit precies is wat hij wil zeggen. Dat is precies de wijk die verlies heeft geleden, de gemeente is daar op achteruit gegaan. Barneveld moet dus juist wel zelf die stappen zetten, kijk naar Norschoten, naar Bloemendal, daar heeft men de Wet voorkeursrecht gemeenten op gehad. De gemeente heeft de gronden zelf in bezit en kan winst maken. De heer Van den Born is van mening dat de heer Bos zichzelf tegenspreekt. Hij maakt zich zorgen over de schuldquote van Barneveld maar zegt dat Barneveld alle grond zelf moet kopen. Dan explodeert de schuldquote. De heer Bos vindt dit het draaien van de cijfers die hij aangaf. Hij constateert dat er sprake is van een verschil van inzicht in hoe de raad zich voor de burger van Barneveld moeten inzetten. De heer Bos vervolgt zijn eerste termijn. Als men dat bij elkaar optelt, dan komt de gemeente dus geen €270 miljoen maar bijna €400 miljoen in het rood te staan. Hij kijkt naar wat er in 10 jaar gebeurt, van 2017 tot 2026. De grondquote gaat van 87% naar 7%.

Wat dat betreft is de spaarpot leeg. ‘Scherp aan de wind varen’ is de titel van de begroting. Dat is een goede keuze van het college. In de optiek van de VVD is het wel zo dat het schip water gaat maken als het op de voorgestelde manier gaat.

22

Ik heb een idee hoe de reactie van de wethouder zal zijn: de VVD-fractie is te vroeg met haar conclusie want komend voorjaar komt het MIP. De VVD moet dus wachten. Maar waarom dan nu de Begroting, waarom niet een basis, zonder alle extra beleidstoevoegingen, incidenteel en structureel, en dan in februari terugkomen bij de raad met de punten die extra in de Begroting moeten worden opgenomen? Op basis van de plannen die er in februari liggen kan de raad beslissingen nemen. De voorzitter wijst erop dat amendement 25 en 26 en motie 27, 28 en 29 verder deel uitmaken van de beraadslagingen. De heer Wiesenekker voert het woord namens de fractie van de ChristenUnie. Momenteel komt er een donkere wolk op ons af. Of beter gezegd: hangt er een donkere wolk boven ons hoofd. Veel mensen vrezen in financiële nood te komen. Wij merken het allemaal in onze portemonnee: de dagelijkse boodschappen worden duurder en de energiekosten rijzen de pan uit. Daarbij is ook sprake van vele crises, zoals de woningnoodcrisis, de opvangcrisis, de stikstofcrisis en de oorlog in Oekraïne. Een recessie dreigt. Als ChristenUnie-fractie stellen wij ons vertrouwen op God. In het Bijbelboek Psalmen wordt bezongen wie God is: ‘God is voor ons een veilige schuilplaats, een betrouwbare hulp in nood.

Daarom vrezen wij niet, al wankelt de aarde en storten de bergen in het diepst van de zee.’ Daar trekken wij ons als fractie aan op. Daar putten wij moed en hoop uit. En daardoor worden wij geïnspireerd om ons hard te maken voor alle inwoners van onze gemeente Barneveld, juist in deze onzekere tijd. In nood leer je vrienden kennen. In nood leer je kennen wat echt belangrijk is. In nood moet je dus keuzes maken. Als er echt nood aan de man is, heb je iemand nodig die je bijstaat, die je opvangt als je valt, die je beschermt voor een mogelijk gevaar en waarop je kunt vertrouwen. Daarom wil ik vervolgen met complimenten over het Impulsbudget Armoede. Veel mensen voelen pijnlijk in de portemonnee dat de kostenstijging enorm is en op veel vlakken. Waar je vorig jaar nog €2 voor een brood betaalde, is dat nu regelmatig €3. Waar je vorig jaar €50 voor gas betaalde, kan dat nu maar zo €100 zijn. Waar je vorig jaar €500 betaalde voor zwemles voor je zwemdiploma, kan dat nu maar zo €800 zijn. Gelukkig is dat momenteel voor veel mensen nog geen pijn met desastreuse gevolgen. Maar je zou maar afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering van €1500 en €80 vakantiegeld. Dan heb je het nu écht zwaar. Want waar veel gezinnen in de bijstand vorig jaar €0 overhielden, kan dat nu zomaar €500 in de min zijn met exact dezelfde aankopen en investeringen.

Daarom nogmaals: geweldig dat Impulsbudget Armoede. Dit besluit willen wij nog verder verrijken met motie 30 Diplomazwemmen voor iedereen, om het komende jaar de minimaregeling diplomazwemmen te verruimen. Zwemles is een levensreddende vaardigheid. Wij willen voorkomen dat ouders overwegen om het zwemdiploma uit te stellen omdat ze de kosten niet kunnen dragen. Deze motie verzoekt het college om de minimaregeling te verruimen en dit zo snel mogelijk te effectueren. Motie 5 Barneveld-pas: een geweldig initiatief, wat ons betreft. De U-pas geeft in Utrecht veel gezinnen met een laag inkomen de mogelijkheid om breed mee te doen aan sport en cultuur. Prachtig als dat ook in Barneveld komt. De fractie steunt de motie van Pro’98 dan ook. De heer Van der Lubbe dankt de vorige spreker voor de steun voor motie 5. Pro’98 steunt de motie van de ChristenUnie over de zwemles. Zijn fractie had de motie graag wat scherper gezien, namelijk dat er wordt gekozen voor 130% van de bijstandsnorm omdat daar ook de grens van de armoedeval ligt voor gezinnen met jonge kinderen. Hij vraagt waarom de heer Wiesenekker het richting college in het midden heeft gelaten of het 120% of 130% moet zijn. De heer Wiesenekker vindt dit een goede vraag. Hij heeft zelf met de vraag geworsteld in de voorbereiding van de motie. Gemeenten kiezen hierin verschillend.

In Amersfoort wordt het tot 120% vergoed, in Ede wordt het vergoed tot 130%. Maar in Ede is dit met een maximum van €450. De kosten voor zwemles kunnen flink stijgen en de ChristenUnie wil het college de ruimte geven om, alles overwegende in de herijking van de volledige minimaregelingen, een goede keuze te maken. De motie wordt ondersteund door SGP, Lokaal Belang, Pro’98 en het CDA. 23

De heer Wiesenekker vervolgt zijn eerste termijn. Er is meer gaande in de wereld. Er is sprake van een enorme vluchtelingenstroom. Vele mensen zoeken hun toevlucht bij een veiliger oord omdat ze met de dood worden geconfronteerd door oorlog of hongersnood. Ook in onze gemeente zijn wij daarmee geconfronteerd. Het is geweldig hoe vele inwoners in onder andere Barneveld en De Glind zich hebben ingezet voor de opvang van Oekraïners. Onlangs is Dianne de Kwant van onze fractie op bezoek geweest bij de noodopvang in Voorthuizen. Wat heeft Voorthuizen zich goed laten zien. Op een enkel incident na is de noodopvang tot nu toe uitstekend verlopen. Daarvoor wil ik nogmaals complimenten uitdelen, ook aan het college dat met lef, creativiteit en barmhartigheid aan deze voorziening heeft bijgedragen. Het zal je het maar overkomen: vluchten voor je leven. En vervolgens elke brief die je leest niet begrijpen. Terwijl elke brief mogelijk hoop is op een veiliger toekomst óf juist een potentieel gevaar omdat je mogelijk moet terugkeren. Ik ken enkele situaties. Ik ken Basel uit Syrië die als statushouder in één van onze dorpen kwam wonen en vervolgens een brief kreeg van de gemeente met een belangrijke uitnodiging voor een inburgeringscursus. Basel begreep er niets van.

Ik ken Omar uit Eritrea die als statushouder én vader van twee kinderen van harte bereid is om zijn kinderen te laten integreren en zijn beide zoons een lidmaatschap gunt bij de lokale voetbalvereniging. Omar snapte niet wat hij moest doen toen hij een brief kreeg van de gemeente waarin stond dat hij een bewijs van lidmaatschap moest overhandigen bij de gemeente omdat hij anders geen subsidie zou krijgen. Naast statushouders en vluchtelingen die moeite hebben om onze taal te lezen zijn er vele andere inwoners die moeite hebben om onze taal op schrift te begrijpen. Laaggeletterdheid is ook in onze gemeente groot. Daarom dienen wij motie 33 Heldere taal in die heldere taal beoogt te bevorderen door in brieven gebruik te maken van korte teksten, foto’s, pictogrammen en een QR-code zodat je een brief ook kunt laten voorlezen. Dat moet ook in Barneveld kunnen. De motie wordt gesteund door SGP, Lokaal Belang, Burger Initiatief, Pro’98, CDA en nog niet de VVD. De heer Bos stelt daarom een verduidelijkende vraag. De VVD vindt het natuurlijk belangrijk dat mensen begrijpen wat ergens staat. Wat niet helemaal helemaal duidelijk is, is de Direct Duidelijk Brigade. Die wordt dan ingevlogen, neemt hij aan en is gericht op het helpen van de ambtenaren zodat die een goede tekst kunnen schrijven. Hij vraagt of dat bij het aannemen van ambtenaren niet een soort automatisme moet zijn.

De heer Wiesenekker begrijpt de vraag. Hij is er echter van overtuigd dat de intentie van elke ambtenaar die momenteel bij de gemeente Barneveld werkt is om de boodschap begrijpelijk over te brengen. Hij schetste zojuist twee situaties waarin dat niet is gelukt. Het is goed om nog actiever te werken aan bewustwording zodat brieven beter begrijpelijk zijn voor veel meer mensen. De heer Wiesenekker vervolgt zijn eerste termijn. Wij zijn vandaag samen, samen in deze mooie raadszaal. Wij zitten op een prachtige stoel, zijn voorzien van een natje en een droogje en in de derde helft praten wij gezellig na, zonder of met een beetje alcohol. Dat zullen wij ongetwijfeld ook doen in de naderende feestmaand. Maar helaas geldt dat niet voor iedereen. Ook in onze gemeente zijn inwoners die vanavond alleen zitten. En ook de afgelopen veertien avonden. Inwoners die zich alleen voelen en eenzaam. Eenzaamheid is verschrikkelijk. Niet gezien worden, niet gekend worden is ellende. En het ergste is dat je dat met niemand kunt delen. Eenzaamheid zorgt voor gezondheidsklachten, depressie, geeft een gevoel van ongeluk en kan zelfs voortijdig overlijden veroorzaken. Dat is deze avond voor onze fractie extra pijnlijk reëel met het overlijden van een dochter van ons bestuurslid.

De afgelopen jaren is de ervaren eenzaamheid in onze gemeente gestegen, ondanks de extra inspanningen die al zijn verricht naar aanleiding van een eerder aangenomen motie. Staatssecretaris Van Ooijen heeft aangekondigd dat in elke gemeente een plan van aanpak moet komen om eenzaamheid uit te bannen: Eén tegen eenzaamheid. Hiervoor is ook €10 miljoen vanuit het Rijk beschikbaar. En daarom pleiten wij met motie 32 Eén tegen eenzaamheid nogmaals en nadrukkelijk om een herijkte inventarisatie te doen van de bestaande activiteiten die gericht zijn op het onderdrukken van eenzaamheid en hierin ook een 24

beroep te doen op de gelden die vanuit het Rijk beschikbaar zijn. Als onderdeel van een plan van aanpak tegen eenzaamheid zijn ook buurthuizen van belang. Na werkbezoeken die wij aflegden is duidelijk dat de besturen voor een lastige opgave staan door stijgende prijzen en de wens om te verduurzamen. Vandaar dat wij de motie van het CDA mede ondersteunen. Motie 32 wordt ook gesteund door SGP, Lokaal Belang en Pro’98. Waar de één te kampen heeft met eenzaamheid of armoede is de ander bezig om zich onrechtmatig te voorzien van inkomen. Dit kan de komende jaren in nog grotere mate ten koste gaan van kwetsbare inwoners. Want als je €500 per maand krijgt om een kleine kamer op zolder beschikbaar te stellen voor een op het oog sympathieke meneer of mevrouw, dan is dat zo gek nog niet. Of je ziet als agrariër geen perspectief, je schuur staat leeg en een vriendelijke meneer of mevrouw biedt €2.000 om die schuur te huren. Ook dan kan een aantrekkelijk bod ervoor zorgen dat je verstrikt raakt in leugens en criminaliteit. Regelmatig blijkt dat inwoners beschikken over het juiste ‘niet pluis’-gevoel, maar dit lang niet altijd durven te melden. Inwoners willen anoniem blijven. Daarvoor kan men terecht bij 0800-7000, Meld Misdaad Anoniem. In onze gemeente gebeurt het zo’n vijftien keer per jaar dat hier melding wordt gedaan van een situatie die riekt naar ondermijnende criminaliteit.

En met onze enthousiaste ambtenaren van de afdeling Veiligheid en de uitstekende samenwerking met de politieagenten, levert dat regelmatig hits op. Maar vijftien keer is best wel weinig. Wij vermoeden dat inwoners vaker dat ‘niet pluis’-gevoel hebben en dienen daarom motie 31 Samenwerking MM in om de komende jaren extra geld te besteden aan een Meld Misdaad Anoniem campagne en willen dit met name koppelen aan de genoemde voorbeelden: kwetsbare inwoners en criminaliteit in ons buitengebied. De motie wordt mede ondersteund door SGP, Lokaal Belang en CDA. Samen met Lokaal Belang hebben wij gewerkt aan een nieuwe creatief idee om de spoedzorg bij hartfalen te verbeteren. Een samenwerking met defensie kan daarbij direct helpen en juist in gebieden waar de ambulance relatief laat aankomt, kan dat tot verbetering leiden. Daarom dienen wij motie 24 Samenwerking ambulancezorg defensie samen in. Dan nog enkele beschouwingen ten aanzien van de financiën. Ik begin met een aantal complimenten. De Begroting is sluitend. Ook is duidelijk dat het coalitieakkoord steeds beter verankerd is in de Begroting; Ondernemend, betrouwbaar en zorgzaam. Ondernemend door het grote aantal woningen, waarbij wij zien dat er steeds meer goedkope, betaalbare woningen voor jonge starters komen.

Betrouwbaar met een overheid die investeert op de grote groei en daarmee een infrastructuur qua voorzieningen voorziet en overeind probeert te houden zoals wij in Barneveld gewend zijn. Zorgzaam met onder andere het Impulsbudget Armoede maar ook met een stevige inzet op schulphulpverlening en belangrijke zorg voor onze schepping, een gezonde leefomgeving. In de Begroting zien wij dat door de investeringen de schuldquote toeneemt tot een hoog percentage. Tot nu toe was de grote grondpositie daarvoor een belangrijke reden die uitlegbaar was. Tegenover de schuld voor bouwgronden stonden bezittingen die verkocht konden worden. Maar dat verandert doordat de bouwgrond nu verkocht wordt. Als ChristenUnie staan wij ervoor dat wij kosten die wij nu maken niet ondoordacht doorschuiven naar de volgende generatie. Hij hoort graag een reactie van het college op de schuldquote. Hoe ziet het college toe op een daling daarvan? Het is vanavond de laatste avond van wethouder Van Daalen. Op een later moment zal ik over die Pieken Van Daalen verder gaandichten. Ook op deze plek wil ik Hans ontzettend bedanken voor de hele fijne samenwerking die wij hebben ervaren, de ChristenUnie-fractie maar waarschijnlijk alle fracties. Onze fractie gaat je missen, ik ga je missen. De heer De Vries is het vergeten in zijn bijdrage maar wil de heer Van Daalen ook van harte bedanken.

Er is veel gesproken over de netto schuldquote. In de commissievergadering gaf de ChristenUnie aan dat het niet doorgeschoven mag worden naar de volgende generatie. Het CDA is ook die mening toegedaan. Hij vraagt wat de heer Wiesenekker bijvoorbeeld in de commissie heeft gehoord, punten waarmee voorkomen kan worden dat dit de consequentie gaat zijn. De heer Wiesenekker antwoordt dat het een dilemma is. Enerzijds wil men de schulden niet aan de volgende generatie doorgeven maar men wil ook niet dat de volgende generatie met heel slechte 25

voorzieningen komt te zitten. De ChristenUnie houdt de lijn aan dat, op het moment dat hiervoor te weinig geld beschikbaar zou zijn, gekeken wordt of er te besparen is in van oud naar nieuw beleid of dat men eventueel ambities kan her prioriteren. Pas dan zou er eventueel een lastenverhoging kunnen komen. De vragen die over de schuldquote gesteld zijn laat hij bij het college. De heer Wiesenekker vervolgt zijn eerste termijn. In tijden van recessie vertrouwen wij op God. Vertrouwen wij dat God zegen biedt aan ons als raad, aan ons als college en wensen wij u die onmisbare zegen ook van harte toe. Wij doen dat met gevouwen handen en in afhankelijkheid. Mevrouw Van den Wildenberg voert het woord namens de fractie van Burger Initiatief. Wat een begroting ligt hier voor ons. De cijfers buitelen over elkaar heen en dat doen ze vanavond ook. Het document staat vol met mooie zinnen, 98 pagina’s lang. Soms denk ik, dat geldt voor alle stukken die wij krijgen: als je het niet kort en bondig kunt vertellen, dan zitten er misschien wel geheimen in of rookgordijnen en in dit geval ook veel wensdenken. Want wat te denken van een zin als: ‘Wij gaan met onze verandering naar een toekomstbestendige organisatie, een organisatie die zich aanpast aan de groei van Barneveld en vroegtijdig aanhaakt bij gebiedsontwikkelingen.’ Hoezo aanpassen, vragen wij ons af.

Waarom niet tijdig ontwikkelen en tijdig signaleren dat de veranderingen nodig zijn? Want die zijn nodig. Wij kunnen namelijk simpelweg geen medewerkers vinden om al het werk te doen. Hoe zit het dan met die prioriteiten, ook in onze organisatie? Wij hebben nu een paar jaar achter de rug waarbij eerst corona en toen de komst van Oekraïners een enorm beroep hebben gedaan op onze organisatie. Hulde voor wat zij gedaan hebben, maar bij hoeveel plannen horen wij nu steeds dat wij achterlopen op de planning, dat wij er niet aan toegekomen zijn en dergelijke opmerkingen? In het licht hiervan vinden wij een zin als hierboven echt wensdenken. Ik ga door op de organisatie. Vorig jaar is een voorstel aangenomen om tot organisatorische bezuinigingen te komen. Dat is nu heroverwogen en hierbij verdwenen. In onze ogen ging het echter om een nieuw soort organisatie die klaar is voor de toekomst, met als uitgangspunten gastvrij, betrouwbaar, ondernemend en wendbaar. Nu lijken de financiële middelen leidend te zijn bij de keuzes van de inrichting van de organisatie in plaats van een inventarisatie van wat echt nodig is. Ook hier geldt weer: welke prioriteiten gaan wij stellen? Wij zien zeker in dit document de goede bedoelingen en de wens om het zo goed mogelijk uit te leggen.

Maar daar wordt het document niet duidelijker door, gezien ook de bijna 200 technische vragen van de verschillende partijen. Wij denken dat de helft van de tekst weg kan. Liever zien wij een begroting waarin staat wat wij gaan doen, waarom wij het doen, wanneer, wat het gaat kosten en wat het risico is voor de samenleving als wij het niet doen. Op die manier kan de raad zich ook beter concentreren op de prioriteitenstelling. De Begroting zou ook de vertaling zijn van het coalitieakkoord, daar keken wij dan ook naar uit. Eindelijk zou duidelijk worden wat deze coalitie eigenlijk wilde, behalve dan overal bomen. Dan zien wij wel erg veel staand beleid dat wordt voortgezet. Dat is geen probleem, want wat goed is moet men ook hooghouden. Maar het was duidelijker geweest als er een eenvoudig lijstje was gekomen met zaken die bij deze coalitie horen, wat die inbrengt aan nieuw en innovatief beleid. De coalitie doet heel veel incidentele bijdragen voor zaken die zij leuk of goed vindt, zoals ook de VVD heeft gezegd: luxezaken. Dat vinden wij ook heel leuk, meer bomen bijvoorbeeld. Maar van mijn ouders heb ik ooit geleerd dat je de tering naar de nering moet zetten. Wij leven in een zeer onstabiele tijd met een torenhoge inflatie, waarin de armoede onder inwoners zienderogen toeneemt. De energieprijzen stijgen de pan uit maar daarmee de rest ook.

Hield ik een paar maanden geleden van €50 per week voor de dagelijkse boodschappen week nog regelmatig wat over, nu moet ik moeite doen om het met €65 per week te betalen. En dan kan ik dat nog makkelijk lijden. Het kan toch niet zo zijn dat dat dan niet voor de gemeente zou gelden? Maar ons college leent gewoon een paar bakken met geld en gaat daar mooie dingen voor doen. Dat kan ook, want het college verhoogt de OZB. Ietsje maar, het is maar 0,25% hoger dus waar zeuren wij over. Maar het is dus niet alleen die OZB die verhoogt, alles 26

wordt verhoogd. Het gemak waarmee dit gebeurt baart ons zorgen. Kijkt dit college wel naar de inwoners en dan met name die inwoners die zich voelen afdrijven naar de poel van armoede? Burger Initiatief is altijd tegen verhoging van de OZB geweest en ook nu. Juist nu de inflatie zo hoog is, als het college zichzelf allerlei cadeautjes kan geven, dan kunnen zij het de inwoners ook geven. En let op, volgend jaar zal het nog veel erger worden. Daarom steunen wij motie 16 Scenario’s verhoging OZB onontkoombaar van het CDA: er moet duidelijk inzicht komen zodat onze inwoners voorbereid zijn. Dat is toch het minste wat wij mogen verwachten van ons college. De heer Wiesenekker constateert dat elementen in de bijdrage van mevrouw Van den Wildenberg vergelijkbaar zijn met zijn eigen bijdrage. Spreker introduceert het door een compliment te geven over het Impulsbudget Armoede. Mevrouw Van den Wildenberg introduceert het door juist geen complimenten uit te delen aan de Begroting. Hij vraagt wat haar mening is over het Impulsbudget Armoede. Mevrouw Van den Wildenberg zal daar in haar bijdrage op terugkomen. Daar krijgt het college ook een compliment voor. Zij bevestigt dat een heel deel van het betoog van de heer Wiesenekker past bij het hare. De heer Wiesenekker vindt het goed dit te horen en wenst haar succes. Mevrouw Van den Wildenberg vervolgt haar eerste termijn.

Wij zien graag dat het college in de Begroting geen extra verhoging van de OZB invoert en gewoon het vijfjarig gemiddelde van 3% aan houdt. Wat ons ook stoort in de Begroting is dat er zaken aangekondigd worden maar nog niet zijn uitgewerkt. Het is al aan de orde geweest bij diverse bijdragen, maar het geldt bijvoorbeeld voor het Meerjaren InvesteringsPlan. Op zich vind ik dat een goed instrument, maar nu wordt al toestemming gevraagd voor wat in februari uitgewerkt en voorgelegd wordt. Het geldt bijvoorbeeld voor het Leefstijlakkoord dat in het najaar aan de raad wordt aangeboden. Het is nu najaar, maar ik heb het nog niet gezien. Ik geef toe dat ik de raadsstukken van de laatste twee weken niet heb bijgehouden gezien de drukte van vorige week in de raadsvergadering en nu de Begroting. Maar toch, ook dit is een beleidstoevoeging waarvan wij de reikwijdte niet kunnen overzien. Ik ga verder met de inhoudelijk punten. Allereerst de complimenten voor de extra impuls in het armoedebeleid. Het zal in veel huishoudens een zucht van verlichting geven. Wij willen graag een inclusieve samenleving. Daar wordt stevig voor aan de weg getimmerd als het gaat om mensen met een beperking. Die zien wij in ieder geval volop in onze gemeente op straat en dat hoort ook zo. Veel meer verborgen zijn de mensen met laaggeletterdheid. Daar is een toevoeging voor en dat is mooi.

Maar wat gaan wij dan zelf doen als organisatie? Wij zien graag dat iemand met verstand van laaggeletterdheid onze brieven gaat vertalen. De ChristenUnie sprak hier ook over. Wij hebben ergens gezien, wellicht in de antwoorden, dat veel ambtenaren geschoold worden op het niveau van B1, maar dat gaat eigenlijk meer over het aantal woorden dat iemand kent. Dat is al heel goed, maar voor laaggeletterden is dat niveau nog steeds te hoog. Voor deze mensen moet je schrijven op niveau A2 of 1F voor de mensen van buitenlandse afkomst. De Stichting Lezen en Schrijven heeft daar goede tips voor. Het college kiest voor de uitbouw van recreatie en toerisme. Wij zijn zelf graag een toerist in de eigen gemeente en wij gunnen het heel veel mensen om hier te komen genieten als dagjesmensen of als verblijvend toerist. Barneveld en omgeving zijn dat meer dan waard. Maar heeft het college ook een mening over de balans tussen inwoners en toerisme of gaan wij voor ongebreidelde groei? Hoe gaan wij die balans bewaken? Dan missen wij bij het kopje zorgzame gemeente een punt, namelijk de garantie voor adequate en kwalitatieve jeugdhulpverlening. Hoe kijkt het college hier tegenaan en kan dat punt worden toegevoegd? Een ander punt hoort bij het speerpunt cultuur- en sportstimulering. Daar worden tot mijn genoegen het erfgoed en de monumenten genoemd.

Ongeveer tien jaar geleden is ons monumentenbeleid 27

bevroren omdat er bezuinigd moest worden. Dat betekende dat er geen nieuwe monumenten konden worden aangewezen, misschien een enkele keer bij hoge uitzondering. Het lijkt ons heel goed dat op dit moment, tien jaar later, deze beslissing geëvalueerd wordt en om het beleid naar de toekomst uit te zetten. Want wij lezen in de Begroting ook de wens van het college om een robuuster en lokaal kenmerkend landschap te behouden. In ons landschap staat veel cultureel erfgoed. Wat willen bij daarvan bewaren? Bijvoorbeeld aan bakhuisjes of houtwallen, wat is waardevol, welke keuzes gaan wij daarin maken? Wij zouden graag de toezegging krijgen dat in ieder geval tot evaluatie van het beleid wordt gekomen. In het programma Wonen lezen wij dat het college voor het landelijk gebied de leefbaarheid en de agrarische ondernemingsmogelijkheden wil versterken. Geen megastallen, geen gedwongen uitkoop en zuinig omgaan met landbouwgrond: daar staan wij helemaal achter. Maar wat bedoelt het college hier concreet, vooral met de term ‘zuinig omgaan met landbouwgrond’? En is gedwongen uitkoop werkelijk onmogelijk en hoe gaat het college dat dan doen? Daar maken wij ons zorgen over. De woningbouwlocatie Barneveld Noord is aangemeld in de regionale businesscase voor Foodvalley. Wij hebben een tijd geleden een rondleiding gehad in Bloemendal, maar dit plan is duidelijk groter.

Hoe groot dan wel en voor welk deel is subsidie aangevraagd? Wij hebben dit ook als technische vraag gesteld maar het antwoord was dat dit niet beantwoord kon worden vanwege de vertrouwelijkheid. Wij hopen dat het college dit nu wel kan beantwoorden want waarom staat het anders in de Begroting. De Begroting begon zo goed en sprak over ‘betaalbare’ woningen. Vanaf pagina 32 gaat het weer mis, want dan gaat het over ‘goedkope’ woningen. Misschien dalen de huizenprijzen ooit wel zodanig dat het echt goedkoop wordt, maar wij hanteren liever de term ‘betaalbaar’. Volgens ons is hierover in het verleden een toezegging gedaan. Leefbare dorpen en wijken bij adequate voorzieningen: wij missen daarbij de buurtkamer. Wij hebben de vorige week een prachtig buurtcentrum voor de wijk Oldenbarneveld goedgekeurd, maar daar waar nodig zien wij graag een buurtkamer als mogelijkheid om elkaar te ontmoeten, zoals in Barneveld Zuid is gerealiseerd, zeker als daar vanuit de wijk of buurt behoefte aan is. Is dat mogelijk? Ik kom terug op voorliggend document. Wij willen graag met een hart vol verwachting uitzien naar de documenten van het college, met name naar de kadernota en de begroting. Die zou je toch voor je plezier moeten kunnen lezen. Daar is echter een goede planning een onderdeel van en die was deze keer nog minder goed dan anders.

Een technische uitleg van 19.00 uur tot 20.30 uur en aansluitend de commissievergadering waarin wij één vraag mochten stellen. Diezelfde dag hebben wij om 17.00 uur de antwoorden gekregen op de eerste 157 vragen. Het duizelde mij. Ik weet niet hoe men dit mag vragen van een lekenbestuur, maar ik kan wel zeggen dat de Begroting wat dat betreft in meerdere opzichten geen pretje is geweest. Pauze De voorzitter heropent de vergadering. De voorzitter geeft het college de gelegenheid te reageren op de eerste termijn. Wethouder Oosterwijk reageert op de eerste termijn. Hij vindt het bijzonder: er wordt over behoedzaam, solide gesproken en aan de andere kant over het niet maken van keuzes, risico’s die erin slijpen, carte blanche. En men spreekt over dezelfde begroting. Hij vraagt zich af wat er aan de hand is. Maar er is toch iets gemeenschappelijks en dat is dat iedereen zorgen heeft. Daar is hij blij om omdat er in financiële zin uitdagingen op de gemeente afkomen. Toen het college het Meerjaren InvesteringsPlan in de Begroting zette, dat overigens in het vorige college is ingezet, hoopte het dat de goede discussie zou ontstaan. Die is ontstaan en daar is hij blij om. Want op de vraag wat een belangrijke discussie bij de Begroting zou zijn, zou hij antwoorden: de

28

lange termijn financiële houdbaarheid van de financiën in het licht van het feit dat Barneveld een groeiende gemeente is. Hij hoort uitspraken die volgens hem op misverstanden gebaseerd zijn of op verschillen van inzicht, dat zal blijken, terwijl er een soort ‘common ground’ is om verder het gesprek aan te gaan. Hij wil één misverstand uit de weg ruimen: er wordt wél afgelost. Misschien is het een nieuw woord dat hij introduceert voor de lijn in de Begroting die over het MIP gaat en zowel aflossingen als rente omvat: stelpost. Die lening is er over veertig of zestig jaar, de looptijden verschillen, niet meer. Die wordt afgelost. De heer Korevaar vraagt of hij hieruit mag opmaken dat de miljoenen euro’s die de gemeente de komende jaren gaat lenen binnen 15 tot 30 jaar afgelost zijn, op het eind van hun periode. Hoeven die niet geherfinancierd te worden? Wethouder Oosterwijk bevestigt dat ze zijn afgelost en niet geherfinancierd hoeven te worden. De heer Korevaar vraagt of dit staand of nieuw beleid is. Wethouder Oosterwijk meent dat het in financiële zin staand beleid is, in die zin dat de gemeente altijd financiering opneemt inclusief aflossingen. De investering is natuurlijk nieuw beleid. De heer Korevaar wil met name weten of de gemeente in het verleden leningen aanging waarop niet werd afgelost en die in de toekomst geherfinancierd moesten worden.

Dit versus wat de wethouder stelt, namelijk dat de leningen die momenteel aangetrokken worden voor de komende jaren allemaal in een periode van 15 tot 30 jaar afgelost worden en niet geherfinancierd hoeven worden. Wethouder Oosterwijk bevestigt dit. Als het goed is, zijn financieringen die zijn aangetrokken voor bijvoorbeeld gebouwen waarop afgeschreven wordt, zo opgezet als hij zojuist uitlegde. Voor grond is dat bewust niet gedaan in de veronderstelling, die niet altijd uitkwam, dat de gemeente daar op zou verdienen. Daar hoefde de gemeente niet op af te schrijven. Grond houdt zijn waarde. Maar bij gebouwen zou het idealiter zo moeten zijn dat als de gebouwen afgeschreven zijn, er een afgeloste lening is. De heer Korevaar gaat in op het principe van afschrijven en aflossen. Als hij ergens op afschrijft, bijvoorbeeld op een auto, dan heeft hij op het moment dat de auto afgeschreven is voldoende geld om een nieuwe auto aan te schaffen. Maar wat als hij die auto met geleend geld financiert? Wethouder Oosterwijk licht toe dat als een gebouw afgeschreven is in 40 jaar, ook de lening is afgelost. Het gebouw is dan afgeschreven en er is geen schuld meer. Wat er vervolgens gedaan moet worden, of het bijvoorbeeld fysiek afgeschreven is, is een vraagstuk dat dan voorligt. De heer Korevaar wijst erop dat zijn fractie heeft voorgesteld om ‘in te stemmen met’.

Dat is eigenlijk om gaande discussie, om helderheid te krijgen over hoe de gemeente met geld omgaat, met geldleningen en treasury. Wethouder Oosterwijk gaf zojuist aan dat de meningen niet zoveel verschillen. Dat klopt. Het gaat spreker om de helderheid. Volgens de heer De Vries wordt de juiste discussie gevoerd. In de technische sessie is gesproken over de leningen. Toen werd aangegeven hoe de lening er uit ziet, of hij aflossingsvrij is of niet. Daar moet nog met elkaar over gesproken worden, met treasury. Daarom stelt de fractie voor dat de raad daar eerst duidelijkheid over krijgt voordat de gemeente overgaat tot lenen. Vandaar dat de CDA-fractie op basis van de technische sessie zegt dat het niet voldoende helder is. Mogelijk kan de wethouder meer helderheid geven. Het college stelt de raad een MIP voor van maximaal €42 miljoen, de limiet. Wethouder Oosterwijk wijst erop dat de gemeente de afgelopen jaren gemiddeld ongeveer €30 miljoen per jaar heeft geïnvesteerd. Nu zit het college op €42 miljoen per drie jaar. Het is dus echt een stuk lager. Dat laat zien dat er later echt keuzes gemaakt moeten worden. Het investeringsgedrag van de afgelopen jaren wordt niet automatisch herhaald. De wethouder gaat in op de begrippen investering en lening. In de Begroting staat de financieringsbehoefte vermeld, die is veel kleiner dan de investeringsbehoefte.

Op pagina 58 onder de grafieken staat dat de gemeente ongeveer €114 miljoen investeert en hiervoor €62 miljoen leent. 29

Dat komt omdat de gemeente ook nog eigen geld en liquide middelen heeft die daarvoor worden ingezet. Niet alles wat geïnvesteerd is, is automatisch een lening. In reactie op de vraag van de heer De Vries hoe de leningen worden ingericht licht de wethouder toe dat in de regel de aflossing kan worden gedaan voor de lening die de gemeente moet afsluiten. Dat is geregeld. Of men dat daadwerkelijk gaat doen hangt af van de leningenportefeuille van dat moment. Dat wordt inderdaad geregeld in het treasury-statuut et cetera. Daar wordt nog over gesproken. Lening en investering zijn twee verschillende dingen. Maar het geld dat nodig is voor aflossing wordt wel apart gezet. Het is niet zo dat dat op slinkse wijze verdonkeremaand wordt. In de discussie is het van belang om dit onderscheid duidelijk te hebben. De heer Buitenhuis concludeert dat de wethouder een koppeling maakt tussen aflossing en afschrijving. Na 40 jaar is de afschrijving van een gebouw een bepaald bedrag.

Is het de bedoeling dat, als voor een bepaald gebouw geïnvesteerd wordt, de aflossing met eenzelfde bedrag verminderd wordt? Of is het voorstelbaar om te zeggen dat de gemeente sneller gaat aflossen om ervoor te zorgen dat de gemeente eerder weer investeringscapaciteit heeft zodat, op het moment dat het gebouw er nieuw moet komen, de gemeente weer een reservepot heeft om dat te kunnen bouwen? Wethouder Oosterwijk antwoordt dat het momenteel niet op die manier is opgebouwd. Het is de heer Korevaar onduidelijk. Hij had zojuist gevraagd of hij in het voorbeeld de met geleend geld geleende auto op het eind weer opnieuw kon aanschaffen. De wethouder zei toen dat dit niet zo is, maar dat er ook afgelost gaat worden. Spreker ging ervan uit dat er wordt afgelost en afgeschreven en dat op het eind alles rond is. De wethouder zei zojuist echter dat het zo niet opgebouwd is. Wethouder Oosterwijk wijst erop dat de heer Buitenhuis vroeg of het sneller kon. Zijn reactie was toen dat het momenteel niet zo opgebouwd is. Wethouder Oosterwijk vervolgt zijn reactie op de eerste termijn. Hij maakt een paar nuancerende opmerkingen over de ontwikkeling van de schuldquote. Het is goed om Begroting 2022 en Begroting 2023 naast elkaar te leggen als het gaat over de ontwikkeling van de schuldquote.

Het college heeft het MIP volledig doorgerekend alsof dat helemaal uitgegeven wordt, een soort worstcasescenario. Als men de investeringen niet opneemt in de begroting maar wel doet, dan ziet men een verschil ontstaan tussen wat in een begroting wordt opgenomen aan netto schuldquote en wat uiteindelijk het resultaat is als netto schuldquote. Als men vervolgens wel besluiten neemt waarmee investeringen worden gedaan waarvoor geleend moet worden, loopt de schuldquote op ook al heeft men dat niet opgenomen in de begroting. Hij adviseert om die twee dingen naast elkaar te zetten, er zitten opmerkelijke verschillen tussen. In de Begroting 2021 was hij bijvoorbeeld vrij hoog en in werkelijkheid was het een stuk lager. In de huidige Begroting loopt de reeks vooral in 2022 omhoog, in de huidige Begroting loopt hij het grootste gedeelte op. Vervolgens is er een kleine stijging vanaf 2023, dat is een beetje de dempende werking van het ingevoegde investeringsplafond. In 2026 loopt hij extra op. Dat komt ook omdat er een noemereffect in zit (men deelt erdoor) omdat de gemeente dan minder inkomsten heeft vanwege de lagere bijdrage van de rijksoverheid. In de praktijk zal dat voor een deel meevallen. De Begroting gaat vooral over 2023 en geeft een doorkijkje naar 2024, 2025 en 2026.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=cccb56da-141d-40ad-9b1e-4a7d70c86f8a