CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Jaarverslaggeving 2023

Gemeenteraad 10 juli 2024, gemeente BarneveldBij agendapunt: Jaarverslaggeving 202350.545 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

Aan het einde van het jaar hebben we samen met dorpen en wijken op 30 november 2023 een themabijeenkomst gehouden en hebben we met hen een verdere inventarisatie gedaan van wat nog meer nodig is voor een goede samenwerkingsaanpak. - Zorgen voor gebiedsagenda's voor wijken en dorpen: Daarnaast zijn onder aanvoering van de gebiedswethouders en gebiedsregisseurs samen met andere betrokken medewerkers samen met de dorpen en wijken aan de slag gegaan om hun eigen plannen en visies te vertalen van gedeelde gebiedsagenda's per dorp dan wel per wijk. Dit proces is gemeentebreed gestart. Het is een intensief proces dat zeker niet overal is afgerond. Integendeel, het is dynamisch en behoeft voortdurend bijsturing en inspelen op nieuwe initiatieven. Kort een stand van zaken: Barneveld: In het dorp Barneveld is gestart met het ophalen van de speerpunten per wijkplatform. Daarnaast heeft afstemming met Plaatselijk Belang Barneveld plaatsgevonden over het verder optimaliseren van de structuur en samenwerking. Het doel is om in 2024 te starten met het opstellen van een Dorpsagenda. De Glind: In De Glind is voorgesorteerd op het mogelijk actualiseren van het Dorpsplan in 2024. Voorthuizen: Het dorpsplan stamt uit 2017 en is nog actueel. Vanuit het dorpsplan zijn

32

voldoende aanknopingspunten om een dorpsagenda op te gaan stellen. Garderen: Vanuit het in 2022 opgestelde dorpsplan zijn, in nauwe samenwerking met de gebiedsregisseur, al processen opgepakt. Waaronder gebiedsproces Geus, Deelvisie Wonen en het vrachtwagenverbod. Kootwijk: Het oude dorpsplan is geactualiseerd. Het proces tot het komen van een Gebiedsagenda is in november 2023 gestart met de overhandiging van het Dorpsplan aan de gebiedswethouder. Kootwijkerbroek: Na een intensief proces is het dorpsplan in een afrondende fase. De contouren van het plan zijn in juni 2023 al besproken met een deel van de raad. Het plan vormt de basis voor de nog op te stellen gebiedsagenda Stroe: In Stroe is een dorpswerkgroep in samenwerking met de gebiedsregisseur actief met de herijking en ontwikkeling van het dorpsplan. Een deel van het participatieproces met het dorp vond op 7 november 2023 plaats waarbij maar liefst ruim 130 inwoners vanuit Stroe hebben meegedacht op een zevental thema’s. Op basis hiervan wordt het nieuwe dorpsplan geschreven met daaruit voortvloeiend het opstellen van een gebiedsagenda. Zwartebroek/Terschuur: De actualisatie van het dorpsplan is afgerond, de eerste contouren met de gebiedswethouder zijn besproken. Bij formele ontvangst van het dorpsplan wordt het proces om te komen tot een gebiedsagenda gestart. Dorpenbeleid: Verantwoording

In 2023 is nog niet gekomen tot het formuleren van dorpenbeleid. Meer tijd was nodig voor doordenking over de aanpak, het goed betrekken van de organisatie hierbij in relatie tot capaciteit en de wens om een ander tevens te laten aansluiten bij provinciaal ondersteuningstraject in kader van sterk bestuur. Hierdoor is 2023 vooral een voorbereidingsjaar geweest. We hebben de basis gelegd voor een traject om in 2024 samen met dorpen en wijken te komen tot een gedeelde samenwerkingsaanpak. Mede ook n.a.v. de in 2023 gehouden bijeenkomsten (raadstafel april 2023 en themabijeenkomst november 2023) . Daarbij gaat het over wat we wel en niet van elkaar kunnen en mogen verwachten, hoe we samenwerken en hoe we met name de wensen en behoeften vanuit de dorpen en wijken soepeler, sneller en met vooraf afgesproken resultaat vastleggen en uitvoeren. Daarvoor hebben wij een plan van aanpak opgesteld, waarbij we niet alleen inzoomen op verbetering van de samenwerking met dorpen en wijken, maar ook een betere en soepelere inpassing van activiteiten in onze eigen besluitvorming. Het gaat om nieuwe werkwijze, die aanpassing vergt bij de gemeente intern en bij wijken en dorpen en vroeg om meer doordenking vooraf en organiseren van draagvlak.

Daarbij is steun verkregen van de provincie Gelderland, die graag aansluit om uiteindelijk de in 2024 vast te stellen samenwerkingsaanpak met dorpen en wijken ook om te zetten naar een algemene aanpak voor andere Gelderse gemeenten. De gemeente Barneveld is niet uniek. Veel gemeenten zijn hier mee bezig. Een goede samenwerkingsaanpak bevordert de bestuurskracht van de gemeente: te midden van een schaalsprong voeling en binding houden met gemeenschappen. Aan de hand van een vernieuwd plan van aanpak gaan we in 2024 na consultatie van uw raad met de uitvoering aan de slag. We spreken voortaan van "Samenwerken met dorpen en wijken " in plaats van dorpenbeleid, omdat dit meer de bedoeling laat zien van het traject en de beweging: geen beleid , maar afspraken over hoe werken we resultaatgericht. Participatie: - Uitvoering participatiebeleid Sinds 1 januari 2023 werken we volgens het nieuwe participatiebeleid. Halverwege het jaar heeft een eerste evaluatie plaatsgevonden. Veel werk is verzet.

Wat is er zoal gedaan: Beleidsmedewerkers en projectleiders hebben een basiscursus participatiebeleid gevolgd en kunnen gebruikmaken van participatieadvies De participatietrede wordt aan de voorkant van elk proces bewust bepaald aan de hand van de participatiemeter In elk raads- en collegevoorstel staat een participatieparagraaf met daarin duidelijk de participatietrede vermeld en wat dat betekent over de te nemen stappen. Handleiding spoor 3 (cocreatie) is gereed. Op verzoek van initiatiefnemers zijn nog twee folders opgesteld: informatie voor belanghebbenden en over het participatieverslag. Er hebben veel participatietrajecten plaatsgevonden, zowel kleine als grote trajecten en op alle participatietreden, een aantal daarvan zijn: Omgevingsspel bij de Omgevingsvisie, herinrichting van Pastoriebos en Oldenbarneveldplein en Beleidskader Inclusie. In deze trajecten is samen met inwoners en organisaties het plan ingevuld cq. het beleid opgesteld. Ook het participatieproces over een maatschappelijk ingewikkeld onderwerp als een AZC is, ondanks dat sommige inwoners het oneens zijn met de uitkomst, zorgvuldig en naar tevredenheid uitgevoerd. Bij dit alles constateren we tegelijkertijd dat voor de implementatie en borging in de organisatie wel meer tijd nodig is dan de beoogde 2 jaar om de beoogde nieuwe rollen (o.a.

participatiecoaches) in te kunnen passen binnen beschikbare capaciteit - Communicatie met inwoners over participatietrajecten Via website is hebben we actief gecommuniceerd richting onze inwoners met daarbij aandacht

33

voor onder andere de handleiding, inspiratiegids. Ook informatie voor belanghebbenden en over het opstellen van een participatieverslag. Er een handleiding opgesteld voor inwoners met o.a. informatie over hoe je een inwonersinitiatief start, hoe je anderen betrekt bij je idee, de mogelijkheden voor financiële middelen en het right to challenge/uitdaagrecht. Ook zijn de brieven die initiatiefnemers ontvangen zijn aangepast. Het KCC kan eenvoudige vragen over participatie afhandelen, ingewikkeldere vragen worden doorgestuurd naar de participatiecoördinator. Ook bij de intake- en omgevingstafel is aandacht voor participatie. Er zijn bijeenkomsten georganiseerd voor projectontwikkelaars en adviseurs. - Borging participatiebeleid binnen gemeentelijke processen Om een goede borging te realiseren en te stimuleren is vanaf 2023 participatiecoördinator actief, die tijdelijk ook de rol van participatiecoach heeft ingevuld. Van deze functie is veel gebruik gemaakt onder de noemer coaching on the job. Zo leren de medewerkers het participatiebeleid toe te passen terwijl ze het doen. Voor het verder borgen van het beleid in de organisatie zijn we vanuit de werkgroep implementatie participatiebeleid in 2023 gestart met het opstellen van een ontwikkelagenda. Uitdaging daarbij is om de financiële en personele capaciteit in evenwicht te laten zijn met de ambities.

Speerpunt Dienstverlening en communicatie

Doel

Betere dienstverlening voor inwoners, bedrijven en instellingen, waarbij zij in het contact met de gemeente ervaren: 'Ik ben blij met Barneveld'.

34

Dienstverlening In 2023 is verder gewerkt vanuit de gestelde strategische doelen m.b.t. dienstverlening: 1. Vraag van de burger & ondernemer staat centraal in onze dienstverlening. 2. De dienstverlening is digitaal waar het kan. 3. Persoonlijk contact in onze dienstverlening waar nodig.

Verantwoording

Voor 2023 zijn daarvoor binnen de begroting een aantal accenten bepaald. Daarvoor is het hiernavolgende gerealiseerd: In 2023 is de voorbereiding op de Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer (Wmebv) verder opgepakt. De gemeente Barneveld voldoet aan de zorgplicht per 1 januari 2024 (inmiddels is de inwerkingtreding van de Wmebv uitgesteld tot 1 januari 2025). Voortuitlopend op de inwerkingtreding zijn de mogelijkheden van digitale dienstverlening in 2023 fors uitgebreid, zoals een melding openbare ruimte, vooronderzoek Omgevingsvergunning en bijvoorbeeld het gebruik van whatsapp. Eind 2023 zijn 128 zaaktypen (producten) geïmplementeerd in het zaaksysteem. Bij 97 zaaktypen kan de aanvrager de status volgen via de persoonlijke internet pagina MijnBarneveld.nl. Zo kan de voortgang bij het aanvragen van vergunningen via Mijn Barneveld.nl gevolgd worden, zoals bij het organiseren van een evenement. Ook de voortgang bij een vooronderzoek bestemmingsplan is te volgen. In 2023 is werk gemaakt van de Wet open overheid (Woo). Woo-verzoeken worden afgehandeld en er is een Woo-contactfunctionaris aangenomen. Verder is gestart met de voorbereiding om diverse Woo-categorieën actief openbaar te maken. De gemeente Barneveld zal daarvoor in 2024 een eigen publicatieplatform implementeren. De voorbereidingen daarvoor zijn in 2023 gestart.

Algemene informatie over gemeenteraad, college en gemeentelijke organisatie wordt behalve via de gemeentelijke website ook via een landelijk platform ontsloten. Het verbeteren van de digitale toegankelijkheid van de verschillende websites heeft continu aandacht. We geven uitvoering aan de verplichte audits waarbij wij aanbevelingen meenemen in de ontwikkelingen. Bij de aanschaf van nieuwe applicaties nemen we digitale toegankelijkheid mee als eis. In 2023 zijn 5 onderzoeken uitgezet bij het inwonerspanel, te weten over de Omgevingsvisie, klimaatadaptatie, veiligheid, houtstook en dienstverlening en communicatie. De respondenten van het Inwonerspanel waarderen de dienstverlening van de gemeente met een 7,1. De resultaten zijn zichtbaar op het Inwonerspanel Barneveld (https://panelinwoners.nl/barneveld). De aanbevelingen nemen we mee bij de verdere ontwikkeling van beleid en uitvoer. Het versterken van de frontoffice is in 2023 verder doorgezet met o.a. de implementatie van een nieuwe telefooncentrale, uitwerking van een meerkanalenstrategie (naast fysiek en telefonisch, ook digitaal via website en whatsapp). Daarnaast is fors geïnvesteerd in kennis, kunde en capaciteit van de frontoffice. Ter illustratie het kanaal telefonie. Doelstelling is om zo veel mogelijk telefoontjes inhoudelijk direct af te handelen in de frontoffice.

Tevens is de ambitie om zo weinig mogelijk telefoontjes door te verbinden en terugbelafspraken te maken: In 2023 zijn 50% van de telefonische klantcontacten direct afgehandeld; dit is een lichte verbetering t.o.v. 2022. Het streven blijft om in 2024 te groeien naar afhandeling bij het eerste telefonische klantcontact in 60% van de gevallen. Het aantal telefoontjes dat wordt doorverbonden daalt sinds 2019. In 2023 was dit gedaald tot 27%, hetgeen een positieve ontwikkeling is. Het aantal telefoontjes waarvoor een terugbelafspraak nodig is, daalt ook sinds 2019. In 2023 was dit gedaald tot 22%. Eveneens een positief dalende trend. Communicatie Op de gemeentelijke website is de Persoonlijke internetpagina voor inwoners ‘MijnBarneveld’ toegevoegd. Het verbeteren van de toegankelijkheid is een continu proces, waarin ook in 2023 hard is gewerkt. Het duidelijk, toegankelijk, transparant én op tijd informeren van omwonenden en belanghebbenden is uitgebreid voor een flink aantal uiteenlopende projecten. Zo is met inwoners bijvoorbeeld rond de invoering van de omgevingswet, de herinrichting Churchillstraat en Oldenbarneveldplein, de energietoeslag, de cultuurvisie, diverse nieuwbouwprojecten en het asielzoekerscentrum uitvoerig en doelgroepgericht gecommuniceerd. De gemeente gebruikte daarvoor verschillende manieren via bewonersbijeenkomsten, publicaties, (nieuws)brieven, website etc..

Waar het kon en/of de behoefte er was, was er uitleg en dialoog over keuzes, achterliggende dilemma's, het hoe en waarom. De basiselementen voor een vernieuwde huisstijl zijn ontwikkeld en vertaald naar frisse en moderne voorbeeld-toepassingen. Deze worden komend jaar uitgewerkt in bruikbare toepassingen zodat de gemeente goed herkenbaar is. De gemeente heeft een newsroom opgezet. Met informatie uit de newsroom kan de gemeentelijke organisatie beter en sneller meekrijgen wat er buiten speelt, hierop anticiperen en reageren. Dit is belangrijke informatie voor medewerkers om mee te nemen in lopende en toekomstige processen.

Speerpunt Versterken positie gemeente Barneveld in de regio

35

Doel

1. Continueren en verstevigen van de samenwerking in de regio's. Met daarbij de eerste focus op de regio Foodvalley. 2. Inzetten op verdere versterking van de identiteit en positie van de gemeente Barneveld. 3. Krachten bundelen en via gerichte public affairs en lobby verschil maken in het belang van de gemeente Barneveld. Continueren en verstevigen van de samenwerking in de regio's. In 2023 nadrukkelijk bepaald dat regio Foodvalley de centrale regio is waarbinnen en van waaruit de gemeente Barneveld samenwerkt richting andere regio's en overheden. Er is uitgesproken om aangesloten te blijven bij de Regio Amersfoort, maar minder intensief en vooral met de insteek om te komen tot de noodzakelijke afstemming. Binnen regio Foodvalley is er onder andere gewerkt aan gezamenlijke afspraken als het gaat om de woningbouwopgave (heeft geresulteerd in de Woondeal met de minister en als afgeleide daarvan middelen voor een betere ontsluiting om nabij de nieuwe wijk Bloemendaal op A30). Daarnaast de regionale bereikbaarheidsagenda uitgevoerd met accent op aansluiting en doorstroming A1-A30. Ook samen aan de slag met het opstellen van het regionaal perspectief landelijk gebied. Binnen deze regiosamenwerking hebben wij proactief onze verantwoordelijkheid genomen en ook met onze eigen ambtelijke ondersteuning het voortouw genomen.

De eigen ambtelijke contacten op alle niveaus van de organisatie verstevigd met de regio en deelgenomen aan en leiding gegeven aan de programma's die noodzakelijkerwijs regionaal moeten worden opgepakt, zoals bijvoorbeeld het programma vitaal Landelijk gebied. Ook contacten onderhouden met aangrenzende regio's. Dat is naast de regio Amersfoort ook de regio Utrecht en regio Stedendriehoek. Inzetten op verdere versterking van de identiteit en positie van de gemeente Barneveld We hebben dit in 2023 specifiek gedaan in het kader van de verkiezingen die dat jaar gehouden werden. Zo is er een brief opgesteld met daarin aandacht voor de specifieke behoeften van de gemeente Barneveld richting de provincie Gelderland in het kader van het opstellen van het nieuwe provinciale coalitieprogramma. Een groot aantal zaken zijn terug te vinden in het in 2023 gesloten coaltitieakkoord. Ook hebben we dit gedaan richting politieke partijen t.b.v. het opstellen van de verkiezingsprogramma's in de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen in najaar 2023. In regionaal verband hebben we onze eigen specifieke thema's geïntegreerd in een gezamenlijke lobbybrief aan de politieke partijen met daarin onze eigen specifieke in relatie tot een nieuw regeerakkoord.

Verantwoording Krachten bundelen en via gerichte public affairs en lobby verschil maken in het belang van de gemeente Barneveld Op regionaal niveau Foodvalley hebben we de krachten gebundeld door vorming van en deelname aan regionale werkgroep Public Affairs en Lobby. Een samenwerking van PAfunctionarissen uit elke gemeente met regionale ondersteuning. Daarbij diverse activiteiten ontplooid, zoals hierboven beschreven, maar ook activiteiten met betrekking tot het bereiken van woondeal en lobby richting Tweede Kamer om vooral het knoop A1/A30 wel aan te pakken en niet te pauzeren. Wat dat laatste betreft is er bereikt dat er in ieder geval een tijdelijke overbruggingsoplossing wordt bestudeerd gericht op bieden van noodzakelijke veiligheid (aanpakken botsbocht). Aparte vermelding is de inzet met betrekking tot het landelijke uitbreidingsprogramma van Defensie: Ruimte voor defensie. Door intensieve samenwerking en lobby op eigen gemeentelijk niveau, maar ook overgenomen door de regio en provincie zijn de plannen van defensie bijgestuurd en voorzien van alternatief dat meer in belang is van de gemeente Barneveld. Het is een voorbeeld van integrale eigen lobby (vanuit de eigen organisatie en bestuur), die uitgegroeid is tot een substantiële eensgezinde regionale en provinciale lobby.

Tenslotte is door ons - mede aangemoedigd door de raad via een motie - gestart met het verder doorontwikkelen en vooral ook uitbouwen van het in 2020 gestarte Public Affairsbeleid. Daarvoor is een interne evaluatie gestart en gaan we na wat komende jaren nodig is om als organisatie en bestuur nog beter gefocused te kunnen zijn. Om zo met meer intensiteit via gerichte lobbytrajecten de belangen van de gemeente Barneveld op de strategische beslistafels onder te aandacht te brengen en zo effectief invloed uit te kunnen oefenen. De aanpak van het hierboven genoemde defensiedossier is hierbij een inspirerend voorbeeld. Dit alles past bij onze ambitie om een zelfbewuste partner te zijn, die vorm geeft aan de schaalsprong en daarbij tijdig van andere belangrijke partners de steun en bijdragen weet te verwerven. Op regionaal, provinciaal, Rijks- dan wel Europees niveau (deelname Europese programma's). Daarvoor een begin gemaakt met stakeholderanalyse: in welke verbanden en netwerken willen we als gemeente actief onze belangen naar voren brengen, op welke thema'. In het afgelopen jaar hebben we actief meegedaan aan het netwerk van de VNG. Zo vertegenwoordigen wij via onze burgemeester (de inzet) de Gelderse gemeenten in de VNGcommissie die de kabinetsformatie volgt en adviseert richting formerende partijen.

4.2 Interne dienstverlening 422 Ondersteuning organisatie Speerpunt Versterken realisatiekracht middels Barneveld groeit

36

Doel

We werken aan een toekomstbestendige en robuuste organisatie. De manier waarop we als organisatie (samen)werken sluit aan bij de groei en schaalsprong van de gemeente naar regionale speler, de veranderende rol als netwerkpartner, dienstverlening conform de ambitie ‘Blij met Barneveld’ en alle andere huidige en toekomstige (verander)opgaven. In 2022 is een meerjarige transitie van de organisatie gestart dat wordt ondersteund vanuit het (ontwikkel)programma "Barneveld groeit! Daarvoor is een aantal ontwikkelsporen benoemd, die de transitie ondersteunen. Dat zijn: Spoor: Opgave gericht werken en portfoliomanagement Spoor: Versterken van het strategische vermogen Spoor: Mens in ontwikkeling Spoor: Krachtige interne dienstverlening. 2023 is een jaar geweest van voorbereiden en van goed aan de voorkant doordenken. Wat de organisatie er nodig heeft en verder moet ontwikkelen om daarmee als gemeente als zelfbewuste partner en met uitvoeringskracht de complexe opgaven die op Barneveld af komen aan te pakken. Via de 4 ondersteunende ontwikkelsporen hebben we dit voorbereid. Het voorbereidende "denken" heeft in 2023 plaatsgevonden en heeft de basis gelegd voor het verdere "doen" in 2024. Van richten naar inrichten dus.

Zo zijn de opgaven nader bepaald en de daaraan afgeleide programma's, hebben we aangegeven hoe en langs welke weg we ons strategisch vermogen daadwerkelijk kunnen verbeteren en hebben we geïnvesteerd in de verdere ontwikkeling van onze medewerkers om zo de nieuwe uitdagingen mede ondersteund door een versterkte interne dienstverlening goed het hoofd te kunnen bieden. Ontwikkelspoor "Opgavegericht werken en portfoliomanagement"

Verantwoording

We hebben nader ingezoomd op de strategische veranderopgaven. Die hebben wij als bestuurlijke opgaven vastgesteld (5 in totaal). Vervolgens hebben wij die verder uitgewerkt naar 10 programma's als middel en werkwijze om binnen de organisatie om zo integraal (lees vakoverstijgend) en resultaatgericht handen en voeten te kunnen geven aan de complexe opgaven waar een groeiende gemeente als Barneveld voor staat. In 2023 hebben wij 6 van de 10 beoogde programma's in gang gezet en de programmatische werkwijze verder geïntroduceerd en uitgebreid binnen de organisatie en tegelijk ook verbonden met helder opdrachtgeverschap van uit bestuur en organisatie. Via de programmatische wijze is de organisatie beter in staat om in samenhang - te kunnen sturen op de beoogde doelen, de te behalen resultaten en het bereiken van gewenste effecten. Daarnaast zijn de drie pilots portfoliomanagement zijn afgerond. De instrumenten uit het portfoliomanagement geven ons inzicht en overzicht in de lopende onderwerpen, helpen ons om tot een afwegingskader te komen en om vervolgens ‘ja’ of ‘nee’ te zeggen tegen bepaalde ontwikkelingen c.q. initiatieven. Twee van de pilots zijn structureel gemaakt. Leereffecten en instrumenten uit de pilots worden ingezet bij het inrichten van de programma’s.

Ontwikkelspoor "Versterken strategisch vermogen" Om het strategisch vermogen te versterken en goed te borgen binnen de organisatie is ervoor gekozen om te komen tot een apart team Strategie en Regie (als aanjager) in combinatie met het verder uitbouwen en versterken van het bestaande strategische adviesnetwerk binnen de organisatie. Om zo aan de voorkant tijdig en concernbreed de ontwikkelingen en opgaven te kunnen duiden, daarover te adviseren en te integreren in het gemeentelijke besluitvormingsproces. Om eveneens proactief strategisch te kunnen handelen in overleggen met onze partners van lokaal tot nationaal/Europees. De uitvoeringsstappen om te komen tot en team en verdere strategisering en bewustwording van de organisatie zijn genomen. In 2024 moet dit alles definitief zijn gerealiseerd.

Ontwikkelspoor "Mens in ontwikkeling". De samenleving verandert en dat stelt andere eisen aan onze mensen en de manier van samenwerken. We willen de organisatie op een goede en gezonde manier mee laten groeien met de ontwikkelingen in de samenleving, wendbaar blijven en leidinggevenden en medewerkers faciliteren in de (gewenste) veranderingen. Dit vraagt om een continue investering in onze mensen. Vanuit de lijn Mens in Ontwikkeling is in september 2023 gestart met de leergang Barnevelds leiderschap met het CT en alle teamleiders. Tijdens deze leergang is/wordt er gewerkt aan: het doorleven en eigen maken van Barneveld Groeit en wat dit vraagt van het Barnevelds Leiderschap: het leiden van jezelf, je medewerkers en je team, de organisatie en de verandering. De leergang wordt in het tweede kwartaal van 2024 afgerond. Ontwikkelspoor "Versterken interne dienstverlening" Om de interne dienstverlening te versterken is ervoor gekozen om in de breedte in te zetten op verbetering en ontwikkeling. Door middel van een roadmap “versterken interne dienstverlening” zijn diverse activiteiten opgepakt die bijdragen aan de doelmatigheid, rechtmatigheid en kwaliteit van de bedrijfsvoering. De verschillende activiteiten dragen bij aan een gedegen basis om de groei van de organisatie verder vorm en inhoud te geven.

Er is tevens een start gemaakt om te komen tot een intern dienstverleningsconcept en het versterken van de integrale dienstverlening vanuit bedrijfsvoering. In 2024 wordt hier verder op ingezet.

37

Wat heeft het gekost? 4. Bestuur en interne dienstverlening Saldo van baten en lasten 4.1 Bestuur 411 Raad 412 B&W 413 Bestuurlijke samenwerking

Rekening Primitieve 2022 Begroting

Actuele Begroting

bedragen x € 1.000 Rekening Verschil 2023

- 3.063 - 1.187 - 1.366 - 510

- 2.816 - 1.173 - 1.074 - 569

- 3.004 - 1.422 - 1.013 - 569

- 3.246 - 1.565 - 1.054 - 626

- 241 N - 143 N - 40 N - 58 N

4.2 Interne dienstverlening 421 Beheer overige eigen gebouwen en gronden 422 Ondersteuning organisatie

- 26.467 - 702 - 25.765

- 29.423 - 782 - 28.641

- 29.517 - 1.080 - 28.438

- 25.105 - 402 - 24.703

4.412 V 678 V 3.734 V

4.3 Algemene dekkingsmiddelen 431 Treasury 432 Belastingen 433 Algemene uitkering 434 Overige baten en lasten 436 Werken voor derden

129.186 3.580 18.499 101.066 4.914 1.127

113.893 563 15.371 97.104 - 788 1.644

121.172 698 15.832 103.578 - 95 1.158

123.127 1.628 16.494 105.465 - 707 246

1.954 V 930 V 662 V 1.886 V - 612 N - 912 N

Saldo van baten en lasten

99.656

81.654

88.651

94.776

6.126 V

Mutatie reserves 4.4 Resultaatbepaling 441 Mutaties reserves

- 4.062 - 4.062

3.652 3.652

8.508 8.508

7.924 7.924

- 584 N - 584 N

Mutatie reserves

- 4.062

3.652

8.508

7.924

- 584 N

Resultaat

95.594

85.306

97.159

102.700

5.541 V

38

Paragrafen Paragraaf 1 Lokale heffingen

1.1 Inleiding De inkomsten van de gemeente komen uit verschillende bronnen. De hoofdmoot wordt gevormd door de algemene uitkering uit het gemeentefonds. Ruim 22% van de gemeentelijke inkomsten wordt gegenereerd vanuit het eigen belastinggebied. In deze paragraaf wordt aandacht besteed aan dit gebied dat wordt gevormd door de belastingen, de leges en de overige heffingen die de gemeente oplegt. Het (meerjaren)beleid ten aanzien van de lokale belastingen is opgenomen in de op 16 december 2014 door de raad vastgestelde Nota lokaal belastinggebied Barneveld 2014. Er is informatie opgenomen over de volgende zaken: het beleid ten aanzien van de lokale belastingen; een overzicht van de begrote en de werkelijk ontvangen inkomsten uit belastingen; een toelichting op de grootste afwijkingen tussen begrote en werkelijke inkomsten; de lokale lastendruk; informatie over bezwaar, beroep en kwijtschelding. De lokale belastingen zijn een belangrijk onderdeel van de “eigen” inkomsten van de gemeente en worden meestal gebruikt als algemeen dekkingsmiddel voor het te voeren beleid.

1.2 Beleid Algemene uitgangspunten Het beleid voor de lokale belastingen is vastgelegd in de verschillende verordeningen en in de Nota lokaal belastinggebied Barneveld 2014. Het tarievenbeleid wordt jaarlijks geformuleerd bij de vaststelling van de begrotingsuitgangspunten in de kadernota. Onroerendezaakbelastingen (OZB) Voor de OZB betekent dit, afgezien van de groei, een stijging van de opbrengst met 3,25% inflatie voor eigenaren woningen en voor de eigenaren en gebruikers van niet-woningen. De groei betreft de toename van de waarde en daarmee de opbrengst door nieuwbouw en verbouwing. Forensenbelasting Voor de forensenbelasting is eveneens uitgegaan van een verhoging van de tarieven met 3,25%. Daarnaast heeft begin 2023 nog een aanpassing plaatsgevonden in de heffingsmaatstaf waarbij deze is verruimd van € 70.000,- naar € 87.000,-. Deze aanpassing geldt voor de recreatieve objecten die onder de werking van de Wet WOZ vallen en is het gevolg van de hectiek op de onroerend goed markt. Deze verlaging is ingegeven door de enorme waardeontwikkeling van de groep recreatieve objecten van meer dan 20%. Afvalstoffenheffing In 2021 is analoog aan de rioolheffing een egalisatievoorziening ingesteld waarin het positieve verschil tussen de toerekenbare kosten afvalstoffeninzameling en de afvalstoffenheffing is gestort.

De middelen in de egalisatievoorziening kunnen in de komende jaren aangewend worden om kostenstijgingen te compenseren, waardoor de tarieven niet of minder behoeven te worden verhoogd. Op basis van de destijds actuele kostenonderbouwing bestond er geen aanleiding om een tariefsverhoging door te voeren en is uitgegaan van een gelijke tarieven. Rioolheffing In het in mei 2021 vastgestelde GRP is een jaarlijkse stijging van 4% voorzien om kostendekkend te zijn. Dit komt mede door de ambities om de klimaatadaptatie ook vorm te geven. Deze lijn is in 2023 voortgezet. Grafrechten Bij de Programmabegroting 2018 is geconstateerd dat de opbrengsten uit de grafrechten niet volledig de kosten dekken, waarbij gesteld is dat de tarieven naar volledige kostendekkendheid moeten groeien. In de notitie 'kostendekkendheid grafrechten' heeft het college aangegeven de komende jaren te kiezen voor een geleidelijke tariefontwikkeling om gefaseerd te groeien naar een kostendekkende situatie. Uit deze notitie blijkt dat een verhoging van de tarieven van de grafrechten met 7% voor een periode van zes jaar (2019-2024) volstaat om tot kostendekkende tarieven te komen. Vanaf de Programmabegroting 2019 werden de tarieven jaarlijks met 7% verhoogd en deze lijn is in 2023 voortgezet.

39

Tarieven tabel

2022

2023

Stijging t.o.v. vorig jaar

0,0838 0,2003 0,1580

0,0747 0,2054 0,1620

-10,9% 2,5% 2,5%

Hondenbelastingen - voor de 1e hond - voor de 2e hond - voor elke volgende hond - kennels

€ 52,00 € 72,00 € 89,00 € 124,00

€ 53,70 € 74,30 € 91,90 € 128,00

3,3% 3,2% 3,3% 3,2%

Toeristenbelasting - tarief per overnachting - seizoenplaats - jaarplaats

€ 1,10 € 205,70 € 205,90

€ 1,14 € 213,20 € 213,40

3,6% 3,6% 3,6%

€ 207,25

€ 214,00

3,3%

€ 207,25

€ 214,00

3,3%

€ 1.018,00

€ 1.050,00

3,1%

€ 207,25

€ 214,00

3,3%

€ 196,80 € 328,00

€ 196,80 € 328,00

0,0% 0,0%

€ 193,85

€ 201,60

4,0%

Tarieven lokale heffingen Onroerende zaakbelastingen - eigenaren woningen, in % van de waarde - eigenaren niet-woningen, in % van de waarde - gebruikers niet-woningen, in % van de waarde

Forensenbelasting - waarde minder dan € 87.000 of panden waarvoor geen waarde is vastgesteld - waarde meer dan € 87.000 vermeerderd met 0,83% van het bedrag waarmee de heffingsgrondslag € 87.000 te boven gaat. Met dien verstande dat een maximumbedrag geldt van: - voor woningen/onderkomens waarvoor geen waarde is vastgesteld op grond van de WOZ bedraagt het tarief Afvalstoffenheffing - éénpersoonhuishoudens - meerpersoonshuishoudens Rioolheffing: - vastrecht tot 350 m 3 afvalwater

1.3 Tarieven en inkomsten Vergelijkend overzicht opbrengsten uit belastingen Binnen het gemeentelijk belastinggebied wordt onderscheid gemaakt in belastingen en rechten. Belastingen zijn bijdragen in de algemene middelen van de gemeente. Tegenover het betalen van belasting staat geen direct aanwijsbare tegenprestatie. Voor de tarieven van de belastingen zijn geen beperkingen opgenomen. Voorbeelden van belastingen zijn: onroerendezaakbelastingen, forensenbelasting, toeristenbelasting en hondenbelasting. Rechten worden geheven ter dekking van de kosten van dienstverlening door de gemeente. In de wet is bepaald dat de geraamde opbrengst niet hoger mag zijn dan nodig om 100% van de geraamde kosten te dekken. Dit houdt in dat de kostendekkendheid op basis van de begroting wordt beoordeeld. Een beoordeling achteraf is niet in de wet opgenomen. Voorbeelden van rechten zijn de begrafenisrechten, parkeergelden en leges voor verschillende diensten. Een lagere dekking is een beleidsvrijheid van de gemeente. Het overzicht van de belastingen wordt weergegeven in bijgaande tabellen en grafieken. In onderstaande tabel ziet u tevens de begroting en werkelijke cijfers.

40

Tabel lokale heffingen

Lokale heffingen

Rekening Primitieve 2022 Begroting

Actuele Begroting

bedragen x € 1.000 Rekening Verschil 2023

Belastingen (Algemene dekkingsmiddelen) 01. Onroerende zaakbelastingen woningen 7.476 02. Onroerende zaakbelastingen niet-woningen 6.763 03. Hondenbelasting 197 04. Toeristenbelasting 837 05. Forensenbelasting 1.205 06. Reclamebelasting 119 07. Precariobelasting 2.969 Totaal Belastingen (Algemene dekkingsmiddelen) 19.566

7.653 6.744 215 704 1.226 120 16.662

7.836 7.173 237 764 1.301 120 17.431

7.849 7.213 213 1.039 1.230 121 17.665

13 V 40 V - 24 N 274 V - 71 N 1V 234 V

Rechten (Tariefsgebonden) 08. Rioolheffing 08. Rioolheffing - kwijtschelding 09. Afvalstoffenheffing 09. Afvalstoffenheffing - kwijtschelding 10. Begrafenisrechten 11. Parkeergelden 12. Parkeerboetes 13. Marktgelden 14. Leges burgerlijke stand 15. Leges dienstverlening 16. Leges Wabo vergunningen 17. Leges bestemmingsplannen 18. Overige leges Totaal Rechten (Tariefsgebonden)

5.363 - 115 6.622 - 156 725 812 70 36 138 673 2.262 1.015 178 17.623

5.629 - 115 6.481 - 155 1.042 718 103 36 145 856 2.266 1.097 192 18.294

5.654 - 115 6.631 - 155 898 718 103 36 145 806 2.266 1.097 192 18.275

5.686 - 128 6.719 - 167 821 807 129 34 128 607 3.407 983 272 19.299

32 V - 13 N 88 V - 12 N - 76 N 90 V 26 V -2N - 18 N - 199 N 1.141 V - 114 N 79 V 1.024 V

Totaal lokale heffingen

37.189

34.956

35.706

36.964

1.258 V

Toelichting grootste afwijkingen

ad 4) Toeristenbelasting Er is sprake van een hogere opbrengst Toeristenbelasting door toename van het aantal recreatieve objecten, bestandsoptimalisatie maar ook door toename van het aantal recreatieve overnachtingen. ad 5) Forensenbelasting Het nadelig resultaat is het gevolg van de overheveling van de recreatieve objecten naar de toeristenbelasting waarbij sprake is van een verhuurbemiddelingsovereenkomst. Gelet op deze overeenkomst voldoen deze recreatieve objecten namelijk niet aan de uitgangspunten van de forensenbelasting. ad 9) Afvalstoffenheffing Het voordelig resultaat ontstaat doordat er meer huisaansluitingen belast zijn met afvalstoffenheffing dan begroot. ad 10) Begrafenisrechten Het nadelig resultaat is ontstaan doordat er minder leges zijn opgelegd dan begroot. ad 11) Parkeerrechten Een voordeel van € 90.000 heeft betrekking op meer parkeerbewegingen waardoor meer parkeeropbrengsten binnengehaald zijn dan dat er begroot is. ad 15) Leges dienstverlening Dit nadeel komt doordat aanzienlijk minder leges zijn ontvangen op paspoorten en ID-kaarten dan begroot. ad 16) Leges Wabo vergunningen De werkelijke legesbaten zijn €1.141.000 hoger dan begroot. Dit voordeel ontstaat enerzijds doordat er in 2023 meer vergunningen zijn verleend dat verwacht. Anderzijds zijn er ook relatief veel grote vergunningaanvragen geweest, bijvoorbeeld vanuit woningbouwproject Bloemendal.

Vergunningverlening is vraaggestuurd, waardoor dit moeilijk planbaar is daarnaast schuiven fysieke bouwprojecten nogal eens op in de tijd wat ook weer invloed heeft op het moment van vergunningaanvraag en dus de legesbaten. ad 17) Leges bestemmingsplannen De ontvangen legesbaten bestemmingsplannen zijn 114.000 lager dan begroot. Dit betreft een relatief kleine afwijking van 10% dat ontstaat doordat het aantal aanvragen bestemmingsplanprocedures vraaggestuurd is en derhalve niet goed te voorspellen is. ad 18) Overige leges Een voordeel van € 38.000 heeft betrekking op extra leges voor de uitvoering bijzondere wetten. Daarnaast is een voordeel van € 25.000 behaald op de leges voor naturalisaties.En een verzameling van overige leges gaf een voordeel van €16.000.

Grafiek belastingen

41

Grafiek rechten

1.4 Lokale lastendruk Om een indruk te hebben wat de “lokale lastendruk” is, wordt berekend wat de huishoudens aan belasting moeten betalen. Daarbij worden de voor huishoudens gebruikelijke heffingen betrokken. Door het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) wordt jaarlijks een atlas van de lokale lasten opgesteld. De bruto woonlasten van meerpersoonshuishoudens lopen, volgens de COELO Atlas voor 2023, uiteen van € 652 tot € 1.874 per jaar. Landelijk gezien bevindt Barneveld zich op plaats 145 van de 349 gemeenten en is Barneveld met € 915 een gemeente met een lastendruk ruim onder het gemiddelde (€ 944). De stijging in 2023 van de lokale lasten in Barneveld is 2,6%. Het grote verschil tussen de woonlasten in de goedkoopste en de duurste gemeente (€ 1.222) is enigszins misleidend. De frequentieverdeling van de gemeentelijke woonlasten is namelijk zeer vlak. In 65% van de gemeenten liggen de woonlasten tussen de € 800 en de € 1.000. Aan de onderkant en de bovenkant van de verdeling zit een beperkt aantal uitschieters. Hoewel het maximum op € 1.874 ligt komen 38 gemeenten boven de € 1.100 uit. Het bedrag van de bruto woonlasten is opgebouwd uit de onroerende zaakbelasting, waarbij wordt uitgegaan van de gemiddelde woningwaarde (zowel landelijk als provinciaal als voor Barneveld), de afvalstoffenheffing en de rioolheffing.

42

Tabel lokale lastendruk Lokale lastendruk

2022

2023

Lastenstijging (%)

Hoogste tarieven - Landelijk - Gelderland

1.736 1.170

1.874 1.231

7,9% 5,2%

Laagste tarieven - Landelijk - Gelderland

667 668

652 652

-2,2% -2,4%

Gemiddelde tarieven - Landelijk - Gelderland - Barneveld

904 916 892

944 940 915

4,4% 2,6% 2,6%

Bron: COELO Atlas van de lokale lasten (www.coelo.nl)

1.5 Bezwaar, beroep en kwijtschelding Bezwaar en beroep Wie het niet eens is met een opgelegde aanslag kan een bezwaarschrift indienen bij de gemeente. Een bezwaarschrift moet worden ingediend binnen 6 weken na het opleggen van de aanslag. Behoudens een deel van de no cure no pay-bezwaren, is voor nagenoeg alle overige bezwaren tegen de bij het reguliere kohier opgelegde aanslagen, voor eind november 2023 uitspraak gedaan. De uitspraken voor het restant van de no cure no pay bezwaren zijn in februari 2024 genomen. Voor degenen die het niet eens zijn met de uitspraak bestaat er de mogelijkheid om beroep in te stellen bij de rechtbank, hoger beroep bij het gerechtshof en cassatieberoep bij de Hoge Raad. Kwijtschelding Voor de inwoners van Barneveld zonder vermogen en met een laag inkomen bestaat de mogelijkheid om kwijtschelding te vragen voor de aanslag van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Door gegevensuitwisseling met het Inlichtingenbureau (waar gegevens uit de administraties van UWV, RDW en Belastingdienst worden gecombineerd), wordt nagegaan of een eerder verleende kwijtschelding leidt tot een ambtshalve kwijtschelding in het volgende jaar. Betrokkenen hoeven daarvoor dan niet zelf opnieuw een aanvraag in te dienen. In de begroting 2023 is een gelijkblijvend bedrag geraamd in de omvang van de kwijtschelding (€ 275.000) als in 2022.

In werkelijkheid is er 785 keer kwijtschelding gevraagd. 644 aanvragen zijn geheel of gedeeltelijk gehonoreerd en 141 afgewezen. Het totale bedrag aan kwijtschelding is hiermee uitgekomen op ca. € 294.000. In circa 60% van de gehonoreerde aanvragen is automatisch kwijtschelding verleend op grond van de hiervoor aangegeven gegevensuitwisseling met het Inlichtingenbureau Tabel ontwikkeling kwijtschelding Kwijtscheldingen 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023

Aangevraagd

Afgewezen

848 830 788 785 761 758 785

96 106 139 162 120 137 141

Geheel of gedeeltelijk toegewezen 752 724 649 649 641 621 644

Bedrag kwijtschelding € 292.716 € 266.422 € 272.832 € 272.994 € 278.171 € 271.130 € 294.187

Grafiek ontwikkeling kwijtschelding

43

44

Paragraaf 2 Weerstandsvermogen

2.1 Inleiding Informatie over het weerstandsvermogen is van belang om te weten of en in hoeverre financiële tegenvallers kunnen worden opgevangen. Deze tegenvallers kunnen incidenteel en structureel van aard zijn, maar hebben altijd invloed op de financiële positie van de gemeente. Hoe hoog het weerstandsvermogen zou moeten zijn, is niet exact aan te geven. De omvang is afhankelijk van de financiële risico’s die de gemeente loopt en de kans dat de risico’s daadwerkelijk effectief worden. De mate van flexibiliteit van de gemeentebegroting speelt een belangrijke rol bij de bepaling van het weerstandsvermogen: hoe snel kunnen tegenvallers worden opgevangen door ombuigingen van bestaand beleid, al dan niet in combinatie met belastingverhogingen. Ook de omvang van de vrij aanwendbare reserves is daarbij van belang. Vanuit het provinciaal toezicht zijn geen directe normen voor het weerstandsvermogen aangegeven; wel wordt bewaakt dat de algemene reserve een bepaalde minimum omvang heeft. Begrippenkader Onder het weerstandsvermogen wordt een kengetal verstaan, namelijk de verhouding tussen de direct beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit.

Beschikbare weerstandscapaciteit Weerstandsvermogen = ---------------------------------------------Benodigde weerstandscapaciteit Met de direct beschikbare weerstandscapaciteit bedoelen we de middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt om niet begrote kosten te dekken. Onder benodigde weerstandscapaciteit verstaan we alle risico’s waarvoor nog geen maatregelen zijn getroffen, die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Tot het treffen van dergelijke maatregelen behoren onder andere het instellen van voorzieningen, het afdekken van risicogebieden met verzekeringen dan wel andere risico-beperkende acties.

2.2 Beleid In de Nota risicomanagement & weerstandsvermogen 2020 - 2024 is het beleid vastgesteld ten aanzien van het kwantificeren en kwalificeren van risico's en de berekening van de beschikbare weerstandscapaciteit. Ook is de beoordeling en kwalificatie van de berekende weerstandsratio in bandbreedtes vastgesteld. Het weerstandsvermogen wordt concernbreed twee maal per jaar bepaald, ten tijde van de begroting en de jaarrekening, en in paragraaf 2 opgenomen (programmabegroting en jaarverslaggeving). Risico's en reserves zijn continu aan verandering onderhevig, zo is ook het weerstandsvermogen in deze paragraaf een momentopname. In de paragraaf weerstandsvermogen wordt er daarom gewerkt met streefwaardes en bandbreedtes in plaats van met exacte getallen. De bandbreedtes van het weerstandsvermogen zijn gehandhaafd zoals in onderstaande tabel weergegeven.

Weerstands vermogen

Effect

Maatregel

< 1,0

onder minimale College neemt maatregelen om binnen twee jaar > 1,0 te komen. Deze zijn gericht streefwaarde op het verlagen van de benodigde weerstandscapaciteit en/of het verhogen van de beschikbare weerstandscapaciteit.

1,0 – 1,2

minimale college maakt analyse en geeft de meerjarige verwachting aan. streefwaarde optimale n.v.t. bandbreedte maximale college maakt analyse en geeft de meerjarige verwachting aan. streefwaarde boven maximale n.v.t. streefwaarde

1,2 – 1,6 1,6 – 2,0 > 2,0

2.3 Beschikbare weerstandscapaciteit De structurele weerstandscapaciteit geeft de mate aan waarin de gemeente zelf in staat is om niet begrote kosten te dekken door structurele middelen vrij te maken. Hierbij kan gedacht worden aan de mogelijkheden die er zijn tot het verhogen van de inkomsten (bijvoorbeeld via belastingverhoging). Bij de incidentele weerstandscapaciteit gaat het om de aanwezigheid van vrij besteedbare middelen die eenmalig kunnen worden ingezet. In het kader van het weerstandsvermogen binnen deze paragraaf zullen wij slechts rekening houden met de incidentele weerstandscapaciteit. In onderstaande tabel is een vergelijkend overzicht gegeven van de geprognosticeerde weerstandscapaciteit per begin/einde van het boekjaar

45

Algemene reserves (1) Voor de berekening van de weerstandscapaciteit worden alleen de vrij besteedbare reserves meegenomen. Deze vrij besteedbare reserves treffen wij aan bij de groep van algemene reserves. Voor de bestemmingsreserves geldt dat voor wijziging van de bestemming een raadsbesluit nodig is en er dus geen sprake is van een vrij besteedbare reserve. Voorzieningen zijn niet vrij besteedbaar en behoren daarom niet tot de weerstandscapaciteit. Stille reserves (2) Stille reserve is het verschil tussen de hogere directe opbrengstwaarden bij verkoop en de boekwaarden van de diverse activa. Hierbij kan worden gedacht aan panden, aandelen en bedrijfsmiddelen. De directe opbrengstwaarde dient bekend te zijn en bovendien moeten de betreffende activa direct verkoopbaar of verhandelbaar zijn. Dit is met de gemeentelijke activa zelden het geval. Mede daarom zijn de stille reserves als een PM-post opgenomen.

bedragen x € 1.000 Weerstandscapaciteit

31-dec-2022

31-dec-2023

Beschikbare weerstandscapaciteit 1. Algemene reserves 2. Stille reserves Beschikbare weerstandscapaciteit

34.743 p.m. 34.743

35.049 p.m. 35.049

Benodigde weerstandscapaciteit

29.900

38.400

1,16

0,91

Weerstandsfactor

2.4 Benodigde weerstandscapaciteit Voor deze jaarrekening 2023 zijn risico’s onlangs geactualiseerd. Waar mogelijk zijn maatregelen getroffen om risico's te beperken. Vervolgens is een risicosimulatie uitgevoerd. Deze simulatie resulteert in een totaal risicobedrag van € 38,4 miljoen. Dit bedrag is daarmee € 8,5 miljoen hoger dan de risico's in de begroting 2024 (29,9 miljoen) en nagenoeg geheel toe te schrijven aan de grondexploitaties. De top 10 is gewijzigd ten opzichte van de vorige meting, de juridische claims zijn nieuw opgenomen als geïnventariseerd risico. De belangrijkste tien risico's (mix van omvang/geld en kans), in volgorde van grootte van impact zijn: 1. Onvoorziene risico's grondexploitaties (ruim 32 miljoen) De onvoorziene risico's grondexploitaties betreffen de onzekerheid over de ingeschatte te maken kosten en te verwachten opbrengsten (prijzen) van lopende grondexploitaties. 2. Juridische claims Met juridische claims wordt het risico bedoeld van (potentiële) claims die betrekking hebben op het niet nakomen van contracten. Hiervan is het verloop nog niet bekend. 3. Cyberrisico Het cyberrisico is het risico dat de digitale omgeving van de gemeente van buitenaf wordt aangevallen of stagneert. 4.

Beperkte netcapaciteit voor nieuwe nutsaansluitingen Dit is het risico dat geplande projecten vanwegen netcongestie niet of later doorgang vinden (nieuwbouw, renovatie en/of verduurzaming) 5. Beheerkwaliteit nieuwe wijken blijft achter Hiermee wordt het risico bedoeld dat voor nieuwe wijken extra beheerkosten moeten worden gemaakt als gevolg van de opgeleverde kwaliteit van de eerste aanleg. 6. Exploitatie van maatschappelijke partners onder druk door economische ontwikkelingen Dit risico is dat door de economische situatie (o.a. inflatie, arbeidsmarkt, CAO stijgingen)maatschappelijke partners niet meer kunnen voldoen aan hun taken met het risico minder toegang voor inwoners. 7. Stagneren uitvoeren taken als gevolg van arbeidsmarkt en transitie organisatie Dit is het risico dat de ambtelijke organisatie niet kan voldoen aan haar taken als gevolg van onderbezetting of inefficiëntie. 8. Kosten Jeugdhulp, WMO, Participatiewet nemen toe Hiermee wordt het risico bedoeld dat de kosten voor deze regelingen toenemen en niet in verhouding staan met de rijksmiddelen voor de voorzieningen 9. Instroom statushouders Hiermee wordt het risico benoemt dat door instroom van statushouders is er meer druk op de woningmarkt komt en er meer gebruik gemaakt wordt van de voorzieningen binnen het Sociaal Domein. 10.

Groter beroep op voorzieningen in Sociaal Domein Door effecten van economische ontwikkelingen zoals de energiecrisis, hoge inflatie en naeffect corona kan er een groter beroep worden gedaan op de voorzieningen binnen het Sociaal Domein. De risico’s van verbonden partijen zijn in paragraaf 6 in beeld gebracht.

46

2.5 Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen eind 2023, exclusief het resultaat van 2023, ligt met een ratio van 0,91 beneden de bandbreedte van 1,0 - 1,2.

Berekening weerstandsvermogen = 35.049 / 38.400 = 0,91 Omdat het huidige weerstandsvermogen onvoldoende is om te voldoen aan de benodigde weerstandscapaciteit is er bij de de jaarrekening een voorstel opgenomen (resultaatbestemming) om een deel van het resultaat toe te voegen aan de algemene reserve. Na de voorgestelde allocatie van resultaat aan de algemene reserve is het weerstandsvermogen van voldoende omvang zodat de signaalwaarde (ratio) binnen de bandbreedte valt, rekeninghoudend met de potentiële risico's en het verwachte negatieve resultaat zoals opgenomen in de eerste tussenrapportage 2024.

2.6 Financiële kengetallen Bij het beoordelen van de hoogte en de ontwikkeling van de ratio's moet gekeken worden naar de samenhang tussen ratio's en ontwikkeling ervan in de tijd. De uitkomst van een individuele ratio biedt een beperkt inzicht. In vergelijking met de programmabegroting 2023 en het jaarverslag 2022 is het aantal ratio's beperkt tot de meest belangrijke voor de interne beoordeling van de financiële positie. Deze selectie van ratio's wordt ook door de toezichthouder gebruikt en door het BBV verplicht voorgeschreven. De waarden van de kengetallen zijn ingedeeld in 3 categorieën. Deze categorieën sluiten aan bij de landelijk afgesproken signaleringswaarden. Categorie A is het minst risicovol, categorie C het meest. Mede gezien de ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt is het goed de financiële kengetallen of ratio’s in beeld te hebben. Deze ratio’s zijn verhoudingsgetallen op basis van de balans- en/of exploitatiecijfers. Samen met het weerstandsvermogen kunnen we een beeld vormen van hoe de gemeente er in financieel opzicht voorstaat.

Weerbaarheid: kan de gemeente tegen een stootje? Netto schuldquote: Het kengetal netto schuldquote geeft de verhouding weer tussen de schuldenlast en de totale (geraamde) baten van de gemeente en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De signaalwaarden bij dit kengetal zijn 90130% is oranje (categorie B) en > 130% is rood (categorie C). Gecorrigeerde netto schuldquote: De gecorrigeerde netto schuldquote is de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen. De signaalwaarden zijn gelijk aan die van de netto schuldquote.

47

Solvabiliteit: Dit kengetal geeft het procentuele aandeel van het eigen vermogen op het totaal van het vermogen en geeft aan in hoeverre een organisatie op de lange termijn aan de financiële verplichtingen kan voldoen. De signaalwaarden bij dit kengetal zijn 20-50% is oranje (categorie B) en <20% is rood (categorie C). Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van de gemeente. Barneveld streeft naar minimaal 30% (eigen vermogen / totale vermogen). Grondexploitatie: Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten van de gemeente. Dit geeft inzicht in welke mate de grondexploitatie (op termijn) kan bijdragen aan de verlaging van de schuld. De signaalwaarden bij dit kengetal zijn 20-35% is oranje (categorie B) en >35% is rood (categorie C).

Toelichting ontwikkeling kengetallen Weerbaarheid

1a Netto schuldquote De schuldquote is ten opzichte van zowel de begroting 2023 als de realisatie 2022 fors verbeterd en ligt onder de streefwaarde die de VNG hanteert. Dit komt o.a. doordat er in vergelijking met de realisatie 2022 en begroting 2023 sprake is van een hoger saldo aan ontvangen baten (met name incidentele baten vanuit grondexploitaties). 1b Gecorrigeerde netto schuldquote Dit kengetal geeft het effect aan als alle aan derden verstrekte geldleningen buiten beschouwing worden gelaten. Evenals bij de 'netto schuldquote' ligt de realisatie 2023 onder de streefwaarde die de VNG hanteert en lager dan de realisatie 2022 en begroting 2023 vanwege een hoger saldo aan ontvangen baten. 2. Solvabiliteit Bij de solvabiliteit is ten opzichte van boekjaar 2022 een verbetering van 4,2% zichtbaar en de waarde (34,8%) ligt ruim boven de minimale streefwaarde van 30%. Dit wordt veroorzaakt doordat het eigen vermogen procentueel gezien een groter onderdeel is van het balanstotaal ten opzichte van 2022 en 2023. 3. Kengetal grondexploitatie Dit kengetal is te lezen als een verbijzondering van de balansratio '1 Netto schuldquote'. In dit kengetal worden de bouwgronden (in exploitatie + niet in exploitatie) gedeeld door de totale inkomsten van de gemeente.

Dit kengetal neemt af met 4,2% omdat in vergelijking met 2022 de totale de totale baten procentueel meer zijn gesten dan de boekwaarde van de bouwgronden. Zie

48

voor een uitgebreide toelichting omtrent de grondposities ook de paragraaf grondbeleid.

Toelichting ontwikkeling kengetallen Wendbaarheid

Structurele exploitatieruimte: Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze wordt vergeleken met de totale baten voor de mutatie op reserves. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. De signaalwaarden bij dit kengetal zijn 0% is oranje (categorie B) en <0% is rood (categorie C). Belastingcapaciteit: Het kengetal belastingcapaciteit geeft inzicht in de mate waarin bij het voordoen van een financiële tegenvaller deze in het volgende begrotingsjaar kan worden opgevangen of dat er ruimte is voor nieuw beleid. Om deze ruimte weer te kunnen geven is een ijkpunt nodig. In dit geval landelijk gemiddelde tarieven. De belastingcapaciteit wordt gerelateerd aan de hoogte van de gemiddelde woonlasten (OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing). Naast de OZB wordt tevens gekeken naar de riool- en afvalstoffenheffing omdat de heffingen niet kostendekkend behoeven te zijn, maar ook lager mogen worden vastgesteld (er is dan sprake van belastingcapaciteit die niet benut wordt). De signaalwaarden bij dit kengetal zijn 95-105% is oranje (categorie B) en >105% is rood (categorie C).

Tabel financiële kengetallen Kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote gecorr. voor verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Gemeentelijke belastingcapaciteit

Rekening 2019 147,1% 137,0% 21,0% 66,5%

2020 147,3% 138,5% 25,0% 39,6%

2021 132,5% 124,0% 27,2% 39,5%

104,9%

102,5%

100,6%

Begroting 2022 123,1% 114,5% 30,6% 24,4% 15,6% 98,7%

2023 91,8% 85,1% 34,8% 23,4% 2,1% 96,0%

2023 184,5% 175,4% 22,8% 21,4% 1,5% 98,7%

4 Structurele exploitatieruimte Dit kengetal geeft voor 2023 een uitkomst van 2,1%, dit komt doordat er sprake is van een (grotendeels begroot/verwacht) structureel exploitatieoverschot. 5. Onbenutte belastingcapaciteit Voor boekjaar 2023 zijn de totale woonlasten van een gemiddeld gezin binnen de gemeente Barneveld 4% lager dan het landelijk gemiddelde. Voor boekjaar 2022 was dit 1,3%, dit betekent dat voor boekjaar 2023 de gemiddelde landelijke woonlasten procentueel harder zijn gestegen dan die van gemeente Barneveld.

49

Paragraaf 3 Onderhoud kapitaalgoederen

3.1 Inleiding Het onderhoud van de kapitaalgoederen legt een aanzienlijk beslag op de financiële middelen van de gemeente. Kapitaalgoederen zijn verdeeld naar de categorieën wegen, water & riolering, groen en gebouwen. In deze paragraaf wordt ingegaan op het beleidskader, de beheerplannen en de financiële consequenties. In de beheerplannen legt de gemeenteraad de kaders vast voor de uitvoering van het onderhoud aan de kapitaalgoederen. Het niveau van het onderhoud en de kwaliteit van de kapitaalgoederen zijn bepalend voor het voorzieningenniveau en de jaarlijkse lasten. Met de vaststelling van de programmabegroting machtigt de raad het college om de uitgaven ten laste van de betreffende onderhoudsvoorzieningen te doen. De voorzieningen worden gevuld door jaarlijkse bijdragen en stortingen vanuit de verschillende programma's. Bedragen genoemd in deze paragraaf zijn in duizenden euro’s (x € 1.000).

3.2 Wegen Doel

Op peil houden van de kwaliteit van de wegen ten behoeve van veilig en comfortabel gebruik.

Beleidskader

Als gemeente hebben we de wettelijke plicht onze wegen op een verantwoorde wijze te beheren en te onderhouden. We hanteren hiervoor een gemiddeld kwaliteitsniveau Basis, zoals in 2016 door de raad is vastgesteld. Aanvullend hierop is in 2022 het Beheerplan wegen 2023-2027 vastgesteld door de raad. Met het beheerplan wordt voldaan aan de aangescherpte regelgeving vanuit het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Op basis van de inzichten vanuit het beheerplan zijn aanvullende financiële middelen beschikbaar gesteld. Deze zijn nodig voor het (in de aankomende 4 jaar) behalen van een gemiddeld kwaliteitsniveau Basis. Op het merendeel van de locaties uit het Uitvoeringsplan onderhoud wegen 2023 is het onderhoud gerealiseerd. Zoals in de tweede tussenrapportage aangegeven, was realisatie voor een aantal locaties niet haalbaar. Deze worden in 2024 alsnog uitgevoerd. Daarnaast vervalt voor een aantal locaties het voorgenomen onderhoud. In het Uitvoeringsplan onderhoud wegen 2024 volgt voor betreffende locaties een toelichting. In 2022 is de kostprijs van de aan asfaltonderhoud gerelateerde producten exceptioneel toegenomen. Hierdoor zijn de kosten van het onderhoud gestegen. In 2023 zijn de prijzen gestabiliseerd. Door de financiële reserve in de Voorziening onderhoud wegen hebben we de hogere kostprijzen op kunnen vangen.

Jaarlijkse wordt het niveau van de dotatie aan de voorziening wegen beoordeeld. Hieruit bleek dat er bij de Kadernota 2024 geen aanleiding was de jaarlijkse dotatie in de voorziening te herzien.

Status

In het beheerplan wegen is vastgelegd hoe we een gemiddeld kwaliteitsniveau Basis bereiken en wat daarvoor nodig is aan middelen. De locaties waar groot onderhoud of een investering nodig is, zijn opgenomen in een meerjarige planning (programmering). De investeringsopgaven vanuit beheer wegen zijn, evenals alle andere gemeentelijke investeringenopgaven, opgenomen in het MIP. Jaarlijks vindt hierover een integrale afweging plaats. De geplande onderhoudslocaties worden per jaar opgenomen in Uitvoeringsplan onderhoud wegen. Om de kwaliteitsontwikkeling te monitoren vindt eens in de twee jaar vindt een kwaliteitsmeting plaats. In de loop van 2024 volgt de eerstvolgende rapportage van de behaalde resultaten.

Voorziening groot onderhoud wegen

Voorziening Groot onderhoud wegen Voorziening Groot onderhoud wegen

Saldo 1-1-2023

Stortingen

2.791

3.564

bedragen x € 1.000 Saldo Onttrek31-12kingen 2023 - 4.293 2.062

50

Stortingen groot onderhoud wegen bedragen x € 1.000 Specificatie storting groot onderhoud wegen

Bedrag

- dotatie vanuit primaire begroting

3.564

Totaal

3.564

Onttrekkingen groot onderhoud wegen bedragen x € 1.000 Specificatie onttrekking groot onderhoud wegen

Bedrag

Asfalt & Beton - Groot onderhoud

2.717

Groot onderhoud wegen

714

Elementenonderhoud

617

Onderhoud Garderbroekerweg

114

Verhardings- en bodemonderzoek

57

Onderhoud Kerkendelweg

22

Ouwendorperweg

13

Aanleg bermbeton

11

Overig Totaal

28 4.293

3.3 Riolering Beleidskader

Het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) 2021-2026 geeft invulling aan de verplichting vanuit de Wet Milieubeheer om de water- en riooltaken en de bekostiging hiervan vast te leggen. De kern van het GRP is de uitwerking van de gemeentelijke zorgplichten voor stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. Daarnaast is er extra aandacht voor oppervlaktewater, klimaatadaptatie, duurzaamheid en samenwerking. Jaarlijks wordt via het MIP en het bijbehorende uitvoeringsplan een overzicht aan de raad gegeven van de uit te voeren activiteiten en maatregelen.

Financiële consequenties

De exploitatiekosten van het rioolstelsel worden gedekt uit de opbrengst rioolheffing. Deze lasten en opbrengsten zijn verantwoord in het programma 3 Woon en Leefomgeving. Alle kosten aan het rioolstelsel en de aan de grondwaterzorgplicht gerelateerde activa mogen via de rioolheffing worden doorberekend. De exploitatie van het rioolstelsel is binnen de begroting budgettair neutraal. Eventuele saldi die na afsluiting van een boekjaar ontstaan worden via de voorziening riolering verrekend.

Voorziening riolering GRP Voorziening riolering GRP

Saldo 1-1-2023 2.876

Stortingen 9

Onttrekkingen - 74

bedragen x € 1.000 Saldo 31-12-2023 2.810

bedragen x € 1.000 Specificatie onttrekking/storting voorziening riolering

Begroting 2023

Rekening 2023

Lasten Exploitatiekosten Extracomptabele toerekening kosten Totaal lasten

5.064 879 5.943

4.736 1.099 5.834

Baten Inkomsten rioolheffing Overige baten Totaal baten

5.654 188 5.842

5.686 74 5.760

92 92

74 74

Verschil lasten-baten Mutatie egalisatievoorziening VGRP

3.4 Water Beleidskader

Het onderdeel water omvat onder meer beheer en onderhoud van afkoppelvoorzieningen (deze voorzieningen zorgen er voor dat regenwater niet in het riool terecht komt maar in de bodem zakt), ecozones, moerassen, sloten, paddenpoelen én oppervlaktewater(bodems). Ook het

51

onderhoud aan civieltechnische water gerelateerde werken, zoals beekriolen, duikers, beschoeiingen en fonteinen hoort in deze categorie. De ambitie is: het watersysteem op orde brengen en houden; met de (water)partners de water gerelateerde opgaven oplossen door zoveel mogelijk voor ruimtelijke oplossingen te kiezen waarbij het water tegelijk een rol kan spelen in het vergroenen en verkoelen van de stad. Samen met het waterschap wordt gewerkt aan een verdere verduurzaming van de afvalwaterketen. Een reguliere taak is het dagelijks beheer en groot onderhoud van de riolering door vervanging en reparatie. Binnen het programma worden diverse projecten uitgevoerd. De belangrijkste zijn: maatregelen tegen wateroverlast, waterkwaliteitsmaatregelen, groot onderhoud en verbeteringen in de riolering, beekherstel en diverse afkoppel projecten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=8dd19c97-16ff-475f-be97-dbf420c4261d