Jaarverslaggeving 2020.pdf
Tekst van het document
4.2 Beleid Algemeen Een algemeen uitgangspunt voor de treasury is om het renterisico te beheersen en de rentekosten zo laag mogelijk te houden. Uiteraard passend binnen de kaders zoals opgenomen in het 'Treasurystatuut 2018', die weer gebaseerd zijn op onder andere de Wet Fido. Bij het aantrekken of uitzetten van geld is het van belang dat slechts beperkt risico wordt genomen bij het oversluiten (consolideren) van kasgeldleningen. Daarom worden vaste geldleningen voor (grote) investeringen aangetrokken op momenten dat de rente gunstig is en wordt het tijdelijk overschot aan liquide middelen zo beperkt mogelijk gehouden. De treasuryklankbordgroep overlegt periodiek en geeft mandaat voor het aantrekken van geldleningen. Voor het liquiditeitsbeheer zijn afspraken met de bank gemaakt voor het dagelijkse afromen van overbodige saldi op de rekeningen-courant bij de bank. Aangezien de financiering van de gemeenten in zijn totaliteit wordt beheerd, werken wij met één product 'treasury' waarin de kosten en opbrengsten begroot worden. Op basis van de totale leningenportefeuille wordt vervolgens gerekend met een gemiddeld rentepercentage. Het BBV schrijft voor om deze rentekosten over de producten te verdelen.
4.3 Financiële aspecten Renteontwikkeling In de grafiek van de renteontwikkeling van de geldleningen over 2009 t/m 2020 is te zien dat de rente vanaf 2010 verder daalt. In de grafiek die de renteontwikkeling van 2020 laat zien, is duidelijk zichtbaar dat het korte geld op een stabiel laag niveau beschikbaar was en zelfs iets onder de nul schiet. Voor het hele korte geld bedroeg de rentevergoeding 0% (of lager). In 2018 zijn veel inkomsten gegenereerd door gerealiseerde verkopen van gronden en ontvangen subsidies. Vanwege zekere, substantiële (eind)aflossingen in 2019 ter grootte van zo'n € 29 miljoen is in 2018 reeds geanticipeerd door kortlopende leningen te consolideren. Treasuryresultaat Op het beleidsproduct Treasury vindt u de financiële resultaten van onze rente. Zowel de rentekosten als de opbrengsten worden daar verantwoord. Aan de kostenkant worden de rentekosten over onze opgenomen (geld)leningen hier verantwoord. De renteopbrengsten worden gevormd door de ontvangen rente op uitstaande leningen en de rente die we ten laste brengen van de grondexploitaties. Daarnaast wordt binnen het beleidsproduct Treasury ontvangen dividend verantwoord. Het gemiddelde gewogen rentepercentage van de langlopende leningen bedroeg over het jaar 2020 zo'n 2,6%.
In onderstaande grafiek is de ontwikkeling van het gemiddelde gewogen rentepercentage van de opgenomen langlopende leningen weergegeven.
Rente ontwikkeling leningportefeuille
71
Renteontwikkeling meerjarig
Renteontwikkeling lopend jaar
Overzicht schatkistbankieren Sinds enkele jaren is de wet verplicht schatkistbankieren van kracht geworden. Vanaf dat moment zijn alle decentrale overheden verplicht om hun overtollige middelen in de schatkist aan te houden. Het woord ‘overtollig’ verwijst naar alle middelen die decentrale overheden niet onmiddellijk nodig hebben voor het uitvoeren van de publieke taak. Alle deelnemers aan het schatkistbankieren hebben een privaatrechtelijke rekening-courantovereenkomst met de Staat der Nederlanden. De rekening-courant bij de schatkist is gekoppeld aan de BNG bankrekening van de gemeente Barneveld. Via die bankrekening worden middelen naar de schatkist geboekt en weer teruggehaald. In Barneveld is er slechts een sporadisch overschot op de bankrekening omdat wij veel lenen. Er is daarom hoogst zelden sprake van schatkistbankieren. Door de invoering van het schatkistbankieren dienen gemeenten in de toelichting op de balans te rapporteren over het drempelbedrag (maximum bedrag wat de gemeente aan liquiditeiten in eigen beheer mag aanhouden) en per kwartaal het bedrag aan liquiditeiten die buiten de schatkist zijn aangehouden. Het drempelbedrag voor de gemeente Barneveld is in 2020 vastgesteld op € 1.060.000. Zoals in de tabel af te lezen is, blijven de
72
aangehouden liquide middelen buiten de schatkist per kwartaal gemiddeld onder het drempelbedrag. Hiermee geeft de gemeente uitvoering aan de wet betreffende het schatkistbankieren. bedragen x € 1.000 1e 2e 3e 4e Schatkistbankieren kwartaalkwartaalkwartaalkwartaal Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (1a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist 33.425 190.310 20.824 16.349 aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil) (1b) Dagen in het kwartaal 91 91 92 92 (1) = (1a) / (1b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks 367 2.091 226 178 schatkist aangehouden middelen Drempelbedrag (2a) (2b)
Begrotingstotaal verslagjaar 141.279 141.279 141.279 141.279 Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of 141.279 141.279 141.279 141.279 gelijk is aan € 500 miljoen (2c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat (2) = (2b)*0,75% + (2c)*0,2% Drempelbedrag met een minimum van 1.060 1.060 1.060 1.060 €250.000 (3a) = (2) > (1) (3b) = (1) > (2)
Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag
692
833
882
- 1.032
Ontwikkeling financieringsbehoefte
In de begroting 2020 is rekening gehouden met een financieringsbehoefte, die met leningen ingevuld zouden worden, per saldo zo'n € 16 miljoen. De realisatie in 2020 bestaat uit gedeeltelijke herfinanciering van reguliere aflossingen gedurende het jaar. Aan reguliere, jaarlijkse aflossingen is er in het jaar 2020 € 21,9 miljoen afgelost. De nieuw aangetrokken geldleningen hebben een omvang van € 38 miljoen. Door onder meer verkopen van de bouwgronden en aflossingen op verstrekte leningen (zie ook toelichting in paragraaf 2.6 financiële kengetallen) is er per saldo € 16 miljoen toegevoegd aan de langlopende leningen. Vanaf 2015 is de decentrale overheid verplicht om overtollige middelen te stallen in de schatkist van het Rijk (het zogenaamde 'schatkistbankieren'). In beginsel moeten alle overtollige middelen in de schatkist worden aangehouden, tenzij deze middelen onder het drempelbedrag blijven. Over het algemeen heeft Barneveld een financieringsbehoefte en is er geen sprake van een structureel financieringsoverschot. Sporadisch is er sprake van een tijdelijk financierings- c.q. liquiditeitsoverschot.
Financieringsbehoefte bedragen x € 1.000 Financieringsbehoefte Stand van de opgenomen leningen per 1 jan. Aflossingen in de loop van het jaar Aangetrokken nieuwe leningen Stand van de opgenomen leningen per 31 dec.
Rekening 2020 189.288 - 21.952 38.000 205.336
4.4 Risicobeheer In de Wet Fido zijn kaders opgenomen ter beperking van het renterisico op de netto vlottende schuld (kasgeldlimiet) en het renterisico op de vaste schuld (renterisiconorm). Renterisico’s kunnen ook met behulp van derivaten afgedekt worden, de gemeente Barneveld maakt hier geen gebruik van. Daarnaast kan nog sprake zijn van een kredietrisico van aan derden verstrekte leningen. Renterisiconorm Op grond van de Wet Fido is voor gemeenten de zogenaamde renterisiconorm ingesteld. Doel hiervan is, dat gemeenten hun leningenportefeuille zodanig spreiden, dat de renterisico’s gelijkmatig over de jaren worden gespreid ingeval van herfinanciering en renteherziening van geldleningen. De renterisiconorm geeft een
73
aanwijzing voor de gevoeligheid van de gemeente voor veranderingen in de rente. De renterisiconorm wordt afgezet tegen de jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen. De renterisiconorm bedroeg in 2020 € 28,2 miljoen en moet afgezet worden tegen onze aflossingen van € 21,9 miljoen. Dit betekent dat onze gemeente in 2020 minder heeft afgelost dan de norm zou toestaan. Kasgeldlimiet Om het risico van kortlopende financiering te beperken is in de Wet Fido de kasgeldlimiet vastgesteld. De kasgeldlimiet is een vastgesteld percentage berekend over de lastenkant van de begroting. Zodra de kortlopende financiering (rekening-courant en kasgeldleningen) boven dit bedrag uitkomt dient de gemeente over te gaan tot consolidatie. De kortlopende schuld kan dan omgezet worden in een langlopende geldlening (zodat de rente komt ‘vast te staan’). De kortlopende schuld is jaareinde € 11 miljoen en is dus per 31 december onder de kasgeldlimiet van € 12 miljoen. In verband met de teruglopende financieringsbehoefte is er sprake van enige terughoudendheid qua consolideren van het aangetrokken korte geld. In de treasury klankbordgroep is besproken hoe hiermee om te gaan. De verwachting is dat er in 2021 sprake is van enige overliquiditeit, mede vanuit verwachte opbrengsten uit de grondexploitatie.
De overliquiditeit willen wij voorkomen en dus enigszins behoedzaam consolideren en vooralsnog een ruimere kasgeldpositie aanhouden. Tegelijkertijd wordt de markt dagelijks gevolgd, zodat bij een eventuele rentesprong er alsnog snel gehandeld kan worden. Onderstaand is de berekening weergegeven van de renterisiconorm en de kasgeldlimiet.
Renterisiconorm Jaar 2020
bedragen x € 1.000 Jaar 2019
Renterisico op vaste schulden Renteherziening o/g Renteherziening u/g Netto saldo herziening Aflossingen Renterisico vaste schulden
21.952 21.952
29.100 29.100
Toegestane renterisiconorm Omvang begroting (=grondslag) Renterisiconorm (in % van de grondslag) Minimumbedrag (wettelijk bepaald) Toegestane renterisiconorm
141.279 20% 2.500 28.256
131.386 20% 2.500 26.277
Renterisico
Toets renterisiconorm Onderschrijding Overschrijding
6.304 - 2.823
Tabel Kasgeldlimiet Rekening 2020
bedragen x € 1.000 Rekening 2019
1.920 11.000 12.920
1.011 14.000 15.011
-0 -0
352 352
Netto vlottende schuld
12.920
14.659
Toegestane kasgeldlimiet Omvang begroting (=grondslag) Kasgeldlimiet (in % van de grondslag) Toegestane kasgeldlimiet
141.279 8,5% 12.009
131.386 8,5% 11.168
- 911
- 3.491
Kasgeldlimiet Netto vlottende schuld Omvang vlottende schulden - Bankschulden - Kasgeldleningen (looptijd < 1 jaar) Omvang vlottende schulden Omvang vlottende middelen - Liquide middelen - Overige uitstaande gelden (looptijd < 1 jaar) Omvang vlottende middelen
Toets kasgeldlimiet Onderschrijding Overschrijding
Verstrekte leningen
74
bedragen x € 1.000 Rekening 2020 14.667 6.340 - 7.218 13.788
Verstrekte leningen Stand van de verstrekte leningen per 1 jan. Nieuw verstrekte leningen Aflossingen in de loop van het jaar Stand van de verstrekte leningen per 31 dec.
4.5 Garantieverplichtingen De gemeente verstrekt geen garanties, tenzij de gemeenteraad besluit om hiervan af te wijken. Dit kan zij doen om een publiek doel te dienen, waarbij aan randvoorwaarden wordt voldaan. De mogelijkheden om deze garanties af te geven, bepaald in wet Fido en het treasurystatuut, zijn beperkt. In 2010 is in de nota ‘Garantstellingen’ uitgewerkt welke beleidsregels hierbij gehanteerd worden. Ontwikkeling garantstellingen Begin 2020 stond de gemeente Barneveld garant voor een bedrag van € 81 miljoen. Dit bedrag is gedurende het jaar afgenomen naar € 76 miljoen. Deze ontwikkeling wordt vooral veroorzaakt doordat in 2020 een aantal leningen zijn afgelost en daarmee een einde is gekomen aan de borgstellingen voor Stichting Mooiland, Vitens en Voetbalvereniging Barneveld (in totaal € 5,3 miljoen). Waarborgfonds Sociale Woningbouw De achtervangpositie van de gemeente in het Waarborgfonds Sociale Woningbouw vormt, samen met het aandeel van het Rijk, de derde zekerheid in de achtervangstructuur. De zekerstellingen zijn namelijk als volgt georganiseerd: de eerste zekerheid zijn de financiële middelen van de woningbouwcorporatie zelf. De tweede zekerheid bestaat uit de borgstellingreserve van het waarborgfonds. En als derde en laatste staan dus de overheden garant.
Verloop garantstellingen
Garantstellingen 2015 2016 2017 2018 2019 2020
Aantal gegarandeerde leningen
Totaal bedrag van de leningen
Waarvan gegarandeerd door de gemeente
11 11 11 10 10 7
€ 161 mln € 151 mln € 144 mln € 141 mln € 150 mln € 133 mln
€ 79 mln € 74 mln € 72 mln € 70 mln € 81 mln € 76 mln
Paragraaf 5 Grondbeleid
5.1 Inleiding In de huidige Nota Grondbeleid zijn de kaders gesteld waarbinnen de gemeente werkt. Actief en behoedzaam zijn daarin de kernbegrippen. Dat betekent dat de gemeente enerzijds zelf ontwikkelt maar ook ruimte biedt aan zelfrealisatie door derden en deze faciliteert. Om sturing te kunnen geven aan de gewenste invulling van projecten en waar mogelijk te kunnen delen in de revenuen van ontwikkelingen, blijven eigen grondposities voor de gemeente van belang. De baten en lasten van de gemeentelijke grondexploitaties, worden verantwoord onder programma 2 en 3 (respectievelijk Bedrijvigheid en Bereikbaarheid en Woon- en leefomgeving). Een nadere toelichting is opgenomen in de MPG 31 december 2020. Het projectmatige karakter van de grondexploitatie is duidelijk afwijkend ten opzichte van de rest van de gemeentelijke exploitatie. De baten en lasten worden geactiveerd en hebben als zodanig geen invloed op het resultaat in het betreffende jaar. Deze activering wordt zichtbaar op de balans van de gemeente, onder ‘voorraden’. Als complexen worden afgesloten dan worden de resultaten zichtbaar en verantwoord in de jaarrekening. De afgelopen jaren zijn diverse projecten waar de gemeente zelf gronden in eigendom heeft verder ontwikkeld en in uitvoering genomen. Woningbouwlocatie Bloemendal neemt hierbij een prominente plaats in.
Het jaar 2020 stond voor een belangrijk deel in het teken van de wereldwijde coronapandemie. Dit heeft, tot op
75
zekere hoogte, ook gevolgen gehad voor de gemeentelijke grondexploitaties. Het belangrijkste aanwijsbare effect is geweest dat de afname van bedrijfskavels is gestagneerd en duidelijk is achtergebleven bij de marktverwachtingen, waarover gerapporteerd in de MPG 2019 (begin 2020). Het uitstel zal te maken hebben gehad met marktonzekerheden en/of tegenvallende bedrijfsresultaten. Er zijn echter geen koopcontracten ontbonden. De gemeente heeft in voorkomende gevallen haar medewerking verleend aan een verzoek om uitstel. Eind mei 2019 heeft de Raad van State geoordeeld dat Nederlandse wetgeving onvoldoende de (strengere) Europese wetgeving volgt ten aanzien van het beperken van de stikstofuitstoot. Deze uitspraak kan gevolgen hebben voor de bouw en gemeentelijke grondexploitaties. Inmiddels is een deel van de onduidelijkheid weggenomen. De consequenties voor de lopende grondexploitaties zijn hieronder nader geduid alsmede de wijze waarop de gemeente met de (financiële) risico’s omgaat. Vanaf 1 januari 2021 heeft de gemeente nog 18 lopende grondexploitaties. Een deel hiervan heeft betrekking op projecten met een onherroepelijke bestemming en/of worden binnenkort afgesloten. Deze projecten worden niet geraakt door de stikstofuitspraak.
Een ander deel ondervindt geen hinder van stikstof omdat de uitstoot aantoonbaar verwaarloosbaar is (gasloos bouwen, nabijheid van bestaande grote wegen, grote afstand tot Natura 2000 gebieden etc.). Het gaat hierbij veelal om woningbouwlocaties. Op dit moment zijn er twee locaties die thans hinder ondervinden, te weten Harselaar Zuid Fase 1b en 2 en, in mindere mate, de Verbindingsweg. Voor locatie de Verbindingsweg is het programma gewijzigd en ligt de nadruk op wonen (eventueel gecombineerd met werk aan huis). Een oplossing lijkt in zicht. Wel is de doorlooptijd van dit project met een jaar verlengd hetgeen leidt tot hogere plankosten en rentelasten. Genoemde aspecten zijn verwerkt in de geactualiseerde grondexploitatie in voorliggend MPG. Voor locatie Harselaar-Zuid Fase 1b en 2 heeft de hinder vooral te maken met oponthoud bij het vervolmaken van de definitieve plannen en het kiezen van de juiste maatregelen, waarover de gemeente in nauw overleg treedt met de provincie. De ontwikkeling van de gronden te Kromme Akker Zuid, gelegen in de kern Voorthuizen, ten behoeve van de realisatie een nieuw dorpshuis, sporthal en school is al enige tijd aan de gang. De raad is op verschillende momenten gevraagd budgetten en het bijbehorende bestemmingsplan vast te stellen.
Abusievelijk is verzuimd om samen met het bestemmingsplan een grondexploitatie (uniek administratienummer) te openen. Daarom wordt deze als extra beslispunt toegevoegd aan de jaarverslaggeving 2020. Deze grondexploitatie is in het toelichtende MPG 31 december 2020 toegevoegd (vanaf bladzijde 60). Ook een weblink naar de diverse raadsbesluiten is in de toelichting beschikbaar. In 2020 zijn zes projecten gereed gekomen: alle werken en werkzaamheden hebben plaatsgevonden en alle gronden zijn verkocht. Eind november 2020 zijn de grondexploitaties voor Veller I en Puurveen afgesloten. Op 3 februari 2021 heeft de raad daarover besloten. Ultimo 2020 is nogmaals een viertal projecten afgesloten, te weten Briellaerd-Noord, Wildzoom, De Enk (Valkhof), en de herontwikkeling van de Achterveldseweg. De raad zal met de jaarverslaggeving gevraagd worden deze af te sluiten. Het actieve maar behoedzame grondbeleid van de afgelopen jaren heeft de gemeente mogelijkheden verschaft om actief sturing te geven op gewenste ruimtelijke ontwikkelingen. Als gevolg van deze ontwikkelingen heeft de gemeente zoals bekend in 2012 een voorziening getroffen voor de totale grondportefeuille van in totaal € 31,4 miljoen. Hiermee hebben we de grondexploitaties toekomstbestendig gemaakt. Bij een verlieslatend project zal een reeds getroffen verliesvoorziening vrijvallen ter dekking van het tekort.
Door deze werkwijze gaat dit verlies niet ten koste van de overige activiteiten van de gemeente. Via periodieke rapportages wordt u regelmatig op de hoogte gehouden van het verloop van deze voorziening op het niveau van de afzonderlijke complexen. Bijstelling vindt minimaal één keer per jaar, in ieder geval met de jaarverslaggeving, plaats. Met de totstandkoming van de MeerjarenPrognose Grondexploitaties (MPG) hebben wij sinds de jaarrekening van 2015 een verdere stap gezet in de optimale beheersing en aansturing van de nog steeds aanzienlijke grondportefeuille van de gemeente. De totale omvang is de afgelopen jaren sterk afgenomen. Dit beeld is in 2020 niet gewijzigd. De stand van de verliesvoorziening op 31 december 2020 bedraagt € 21,6 miljoen (was op 31 december 2019 € 25,6 miljoen).
5.2 Beleid Voor alle projecten waar de jaarverslaggeving melding van maakt, voert de gemeente - zoals gezegd - een actief grondbeleid. In die gevallen is immers sprake van een door de gemeente te ontwikkelen eigen grondpositie. Een actief grondbeleid betekent kort gezegd, dat de gemeente de benodigde gronden verwerft, bouwrijp maakt en uitgeeft. In dit beleid zijn een actief grondaankoopbeleid, het vestigen van het voorkeursrecht en het zo nodig toepassen van de onteigening de uitvoeringsinstrumenten. Conform het coalitieakkoord 2018-2022 (Dynamisch-Duurzaam-Verbonden) zetten wij blijvend in op de uitvoering van een actief woningbouwprogramma. Het concept faseren en doseren van woningbouwontwikkelingen wordt
76
voortgezet. We onderzoeken of het aanbod voldoende aansluit bij de behoefte, waarbij we ook rekening houden met woningtrends. De resultaten worden meegenomen in de nieuwe Woonvisie Barneveld en doorvertaald naar de prestatieafspraken met Woningstichting Barneveld. In de komende periode zetten wij ook in op de huisvesting van kwetsbare groepen, starters en senioren met een accent op sociale huur en middeldure huur. We betrekken hierbij ook de demografische ontwikkelingen, inclusief de (toekomstige) vraag naar mantelzorgwoningen in en buiten de bebouwde kom. Jongeren en ouderen willen graag in de eigen gemeente kunnen blijven wonen; we bouwen primair om te voorzien in de eigen woningbehoefte. Daarnaast richten we ons als het om bedrijventerreinen gaat, gelet op de blijvende dynamiek en de vraag van de markt, op een versnelde ontwikkeling van de bedrijventerreinen Harselaar-Zuid Fase 1b en Fase 2, Voorthuizen (Verbindingsweg) en Stroe. Bovenstaande houdt tevens in een samenwerking met marktpartijen, daar waar dat gewenst c.q. noodzakelijk is. Randvoorwaarde bij dit beleid is dat terughoudend wordt aangekocht in gebieden waarvoor nog geen bestemmingsplanprocedure is gestart, tenzij sprake is van een strategische noodzaak. Deze noodzaak dient achteraf expliciet aan de raad te worden verantwoord.
Een actief grondbeleid maakt sturing door de gemeentelijke overheid van realisatie, de categorie woningen en de wijze van exploiteren van terreinen en gebouwen eenvoudiger. Bij een passief (= faciliterend) grondbeleid laat de gemeente de gewenste ruimtelijke ontwikkeling over aan de markt. Voor ontwikkellocaties waar de gemeente niet alle gronden in eigendom heeft, zoals Harselaar-Zuid, Thorbeckelaan-Noord, Bloemendal (voorheen Barneveld-Noord), Holzenbosch II, Verbindingsweg en Oostbroek is het van belang dat deze grote gebieden integraal worden ontwikkeld teneinde een goede ruimtelijke ordening te borgen. Per ontwikkelingslocatie is een masterplan (structuurvisie) opgesteld waarin de functies, het voorgenomen programma en hoofdstructuur van wegen, groen en water zijn vastgelegd. Deze planfiguren hebben betrekking op het gehele, in de structuurvisie aangewezen gebied. Aanvragen van derden worden hierop getoetst. Deze hoofdstructuur betreft bovenwijkse voorzieningen die door de gemeente wordt voorgefinancierd. Deze kosten, en andere kosten die de gemeente maakt, zullen worden verhaald op de betrokken ontwikkelaars van de deellocaties (en dus ook deels ten laste van de gemeente voor haar aandeel van de gronden). De Nota Bovenwijkse Investeringen zal ten behoeve hiervan worden geactualiseerd en worden uitgebreid met ontwikkellocaties die thans nog ontbreken.
Bovenstaande werkwijze geldt ook voor ontwikkelingslocaties waar de gemeente geen of nauwelijks een grondpositie heeft, zoals De Burgt. De instrumenten en geschetste systematiek zal, naar het zich laat aanzien, niet wijzigen onder de Omgevingswet, waarvan de inwerkingtreding is gepland voor 1 januari 2022. Sinds 2015 wordt jaarlijks een meerjarenprognose grondexploitaties (MPG) opgesteld. Deze wordt tegelijk met de jaarverslaggeving aan de raad aangeboden. In de jaarrekening, onder de toelichting op de voorraden vindt u het jaarlijks overzicht grondexploitaties. Deze sluit aan op het MPG. In het MPG vindt u een uitgebreid overzicht van alle grondexploitaties, inclusief visualisaties, risico’s en een korte beschrijving van de projecten. In de jaarverslaggeving worden tevens de mutaties verwerkt vanuit het MPG zoals resultaatneming bij afsluiten van complexen, tussentijdse winstnemingen, bijstellen van verliesvoorzieningen. Het MPG wordt als basis genomen voor deze mutaties. Op deze wijze sluiten jaarverslaggeving en MPG naadloos op elkaar aan. Kaderstelling / beslispunten. Het grondbeleid is uitgewerkt in de Nota Grondbeleid. Dit beleid is door de raad op 14 december 2016 vastgesteld. De gemeente voert een actief maar behoedzaam grondbeleid.
Samenvattend zijn in de Nota Grondbeleid twee beslispunten opgenomen die jaarlijks door de raad worden geactualiseerd en het college machtigen tot uitgaven: 1. Voorbereidingskredieten (Kaders Procesgang grondexploitaties 2016). Het college is door de raad gemandateerd (besluit Programmabegroting 2021) om in het jaar 2021 voorbereidingskredieten in te stellen tot een maximum van € 500.000 per complex. Het gaat hierbij om complexen die op de nominatie staan om binnen korte tijd in exploitatie te worden genomen. 2. Strategische grondaankopen (Grondbeleid 2016). Het college is door de raad gemachtigd (besluit Programmabegroting 2021) om in het jaar 2021 grond aan te kopen tot een bedrag van maximaal € 5 miljoen ten behoeve van strategische verwervingen buiten de in de Structuurvisie aangewezen zoekgebieden voor woningbouw en bedrijventerreinen. Overigens is het college, op grond van de Gemeentewet (artikel 160), bevoegd tot het plegen van aankopen binnen de in de Structuurvisie aangewezen zoekgebieden voor woningbouw en bedrijventerreinen. In 2013 is de gemeente gaan werken met de maandrapportage als onderdeel van de P&C-cyclus. In deze maandrapportage wordt tevens over de grondexploitaties gerapporteerd. Ook is in deze rapportage het verwachte resultaat op eindwaarde (kader) per grondexploitatie vermeld. Deze eindwaarden betreffen de door de raad vastgestelde grondexploitaties.’
5.3 Financiële aspecten
77
Jaarlijks worden bij het opmaken van de jaarrekening en de Meerjarenprognose grondexploitaties (MPG) de definitieve resultaten vanuit de grondexploitatie opgemaakt, verwerkt en vastgesteld (daarnaast worden in de maandrapportages periodiek de laatste inzichten verwerkt en de daarbijhorende te verwachten resultaten opgenomen). In 2020 zijn zes projecten gereed gekomen: alle werken en werkzaamheden hebben plaatsgevonden en alle gronden zijn verkocht. Eind november 2020 zijn de grondexploitaties voor Veller I en Puurveen afgesloten. Op 3 februari 2021 heeft de raad daarover besloten. Ultimo 2020 is nogmaals een viertal projecten afgesloten, te weten Briellaerd-Noord, Wildzoom, De Enk (Valkhof), en de herontwikkeling van de Achterveldseweg. Het resultaat is, afgerond, € 0,5 miljoen. De raad wordt met de jaarverslaggeving gevraagd deze af te sluiten. In de toelichtende (MPG 31 december 2020) wordt nog eenmaal verslag gedaan over deze projecten. In 2020 gereedgekomen en afgesloten projecten Complex (bouwgrond in exploitatie) 800008 Briellaerd Noord € 800010 Veller I € 800033 Puurveen € 800072 Herontwikkeling Wildzoom € 800074 De Enk (Herontwikkeling Valkhof) € 800081 Herontwikkeling Achterveldseweg € Subtotaal A : Resultaat gereedgekomen projecten 2020
Beschikbare Resultaat Programma verliesvoorziening -891.197 € 883.098 € -8.099 2 -3.022.068 € 3.149.996 € 127.928 3 77.414 € - € 77.414 3 -79.255 € 108.789 € 29.534 3 260.545 € - € 260.545 3 57.252 € - € 57.252 3 € 544.574
Eindwaarde
Daarnaast zijn er diverse projecten die met een batig saldo (positieve eindwaarde) vorderen maar nog niet gereed zijn. Voor deze projecten geldt dat er tussentijds, voorafgaand aan het afsluiten, een winstneming wordt gedaan. Deze projecten zijn in onderstaande tabel weergegeven. Het resultaat is, afgerond, € 1,8 miljoen. Deze zijn onderdeel van de jaarrekening en zijn als boekingen verwerkt in de grondexploitaties (als zijnde een kostenpost, met als gevolg dat het eindresultaat hiermee wordt gedrukt). Per maart 2018 heeft de BBV de berekeningsmethode voor de tussentijdse winst nader omschreven. Hiermee is niet langer ruimte voor verschil in interpretatie. Deze methode wordt mede opgelegd om de resultaten van gemeenten onderling vergelijkbaar te maken. De methode staat bekend als de ‘percentage of completion’ (POC)-methode. Het voortgangspercentage is derhalve maatgevend voor de hoogte van de tussentijdse winst. De tussentijdse winst wordt berekend door: gerealiseerde kosten/totale kosten te vermenigvuldigen met gerealiseerde opbrengsten/totale opbrengsten en deze fractie (%) te vermenigvuldigen met de geprognotiseerde eindwaarde (resultaat), voor zover sprake is van een winstgevend project. Volgens de BBV voldoet deze methode aan het ‘voorzichtigheidsprincipe’. Dit voortgangspercentage is pas zichtbaar op het moment dat de jaarrekening wordt opgemaakt.
Tevens is dit percentage maatgevend voor de hoogte van de tussentijdse winst. Omdat de begroting voor dit onderdeel is gebaseerd op de cijfers t/m augustus en ramingen voor de resterende maanden van het boekjaar, is het voorstelbaar dat de geprognotiseerde tussentijdse winst afwijkt van de gerealiseerde tussentijdse winst. Dit is voor boekjaar 2020 ook het geval (prognose begroting 2021 € 3,5 miljoen). Dit wordt voor een belangrijk deel veroorzaakt doordat de afname van bouwrijpe grond, met name die voor bedrijventerreinen, is gestagneerd (waarschijnlijk door onzekerheid en tegenvallende bedrijfsresultaten als gevolg van de coronapandemie).
Ook de getroffen verliesvoorzieningen, zoals vastgesteld bij de jaarrekening 2019, is geactualiseerd. De verliesvoorziening is een belangrijk onderdeel van het te voeren risicomanagement. De rol hiervan en de omvang wordt uitgebreid beschreven in paragraaf 5.2 van de MPG en is gebaseerd op geactualiseerde grondexploitatieberekeningen. Bij het opmaken van de jaarrekening 2020 komen wij met een voorstel tot aanpassing van de verliesvoorzieningen, conform de lijn van de afgelopen jaren. De totale mutatie (verschil 2019 met 2020) bedraagt een verlaging van € 3,9 miljoen. Deze wordt veroorzaakt door: 1. Verlaging met € 3.992.520 ten behoeve van dekking afsluiten drietal verlieslatende projecten (Briellaerd Noord, Veller I en Wildzoom); 2. Verlaging met € 149.363 in verband met vrijval door restant uit getroffen verliesvoorziening (2019) van drietal afgesloten projecten (zie tabel A, beschikbaar € 4.141.883 minus gerealiseerd verlies onder punt 1) ;
78
3. Verhoging met € 206.265 door verhoging verliesvoorziening van doorlopende projecten. De mutaties met betrekking tot de doorlopende grondexploitaties zijn in onderstaande tabel weergegeven:
Eind 2020 aan te passen verliesvoorziening van doorlopende projecten Benodigde Beschikbare Complex (bouwgrond in exploitatie) verliesvoorzieningverliesvoorziening Jaarrek. 2020 jaarrek 2019 800003 - Thorbeckelaan Zuid € 289.653 € 317.566 € 800020 - Harselaar Centraal (voorheen Columbiz park) € 14.925.037 € 14.631.994 800044 - Thorbeckelaan Noord 800047 - Herontwikkeling Tolnegenweg 800011 - Veller II 800045 - Verbindingsweg
€
624.613 €
€
770.389 €
€ €
988.250 € 4.047.484 €
Subtotaal C: Resultaat aan te passen verliesvoorziening 2020
Totaal resultaat grondexploitaties 2020 (A+B+C)
Mutatie
Programma
27.913 € 293.043 858.774 € 234.161 € 717.410 52.979 1.078.806 € 90.556 3.834.611 € 212.873 € -206.265
€
2 2 2 2 3 3
2.164.482
Het totale jaarresultaat voor de grondexploitaties over 2020 komt hiermee op een totaal bedrag van, afgerond, € 2,2 miljoen (som van subtotaal A+B+C). Voor een uitgebreid overzicht van de mutaties in de grondexploitatie verwijzen we u naar bijlage 2 van deze jaarverslaggeving. Een verloopoverzicht van de verliesvoorziening op de grondexploitatie vindt u in bijlage 3. De financiële effecten van de geboekte resultaten op de grondexploitatie zijn opgenomen in programma 2 en 3 respectievelijk onder de beleidsvelden 222-grondexploitatie bedrijventerreinen en 312-grondexploitatie woningen. Contractwaarden aan- en verkopen In 2020 heeft de gemeente meerdere contracten gesloten voor de aan- en verkoop van gronden. De contractwaarde van de verkopen in de grondexploitaties bedraagt in totaal ca. € 2,0 miljoen. De contractwaarde van de aankopen in de grondexploitaties bedraagt in € 0. In onderstaande grafiek wordt het verloop van deze contractwaarden in beeld gebracht:
Contractwaarde verloop
Liquiditeiten Voor wat betreft de liquiditeiten met betrekking tot de aan- en verkopen van grond kan worden gemeld dat er in 2020 circa € 27,2 miljoen is ontvangen uit verkopen van gronden en dat er voor circa € 2,4 miljoen is betaald voor aankopen van gronden.
Resultaat grondexploitatie A) Afgesloten projecten Briellaerd Noord Veller I
bedragen x € 1.000 Rekening 2020
-8 128
79
Puurveen Herontwikkeling Wildzoom De Enk (Herontwikkeling Valkhof) Herontwikkeling Achterveldseweg Totaal resultaat afgesloten projecten 2020
77 30 260 57 544
B) Tijdelijk afgesloten projecten Totaal resultaat tijdelijke afgesloten projecten 2020
-
C) Tussentijdse winstnemingen Holzenbosch I Harselaar Zuid Fase 1A Harselaar West West Iepenhof Wikselaarse Eng
228 677 12 679 230
Totaal resultaat tussentijdse winstnemingen 2020
1.826
D) Mutaties verliesvoorziening Saldo toename verliesvoorziening actualisatie MPG Saldo afname verliesvoorziening actualisatie MPG
- 559 353
Totaal afname verliesvoorzieningen
- 206
Totaal resultaat grondexploitatie NB. De voorziening GBO (De Burgt) maakt geen onderdeel uit van de grondexploitaties maar betreft de grondontwikkeling in PPS De Burgt.
2.164
5.4 Toekomstresultaat In de loop van 2021 kunnen naar verwachting de hieronder genoemde projecten worden afgesloten. Hierbij wordt een positief resultaat verwacht van, afgerond, € 0,5 miljoen (subtotaal D). Een doorkijk met betrekking tot tussentijdse winstnemingen (subtotaal E) eind 2021 is eveneens uitgewerkt en in onderstaande tabel weergegeven. Deze wordt geraamd op, afgerond, € 4,0 miljoen. Het totaal geprognotiseerde resultaat (subtotaal D + subtotaal E) komt uit op, afgerond, € 4,5 miljoen. We verwachten een blijvende hoge verkoop van gronden. Gezien de snel afnemende voorraad van de afgelopen jaren zal de vraag die van het aanbod overstijgen. In de begroting 2021 hebben wij in het begrotingsresultaat geen rekening gehouden met de af te sluiten projecten. In de Meerjarenbalans (paragraaf 2.6) houden wij, als toevoeging aan de reserves, rekening met 75% van het ultimo 2020 te verwachten resultaat op de grondexploitaties van de af te sluiten projecten en geprognotiseerde tussentijdse winstnemingen. Prognose in 2021 af te sluiten projecten Complex (bouwgrond in exploitatie) 800011 Veller II € 800020 Harselaar centraal (voorheen Columbiz park) € 800031 Harselaar West West € 800073 Herontwikkeling Iepenhof € 800076 Herontwikkeling Putterweg (De Koepel) € 800084 Holzenbosch III - Wikselaarse Eng € 852001 Kromme Akker Zuid (div.
maatschappelijke voorz.) € Subtotaal D : Resultaat af te sluiten projecten 2021
Beschikbare Resultaat Programma verliesvoorziening -988.250 € 988.250 € 3 -14.925.037 € 14.925.037 € 2 1.351 € - € 1.351 3 264.677 € - € 264.677 3 184.768 € - € 184.768 3 42.065 € - € 42.065 3 20.022 € - € 20.022 3 € 512.883
Eindwaarde
Prognose eind 2021 (jaarrekening) tussentijds te nemen winst van doorlopende projecten Complex (bouwgrond in exploitatie) 800024 Holzenbosch I 800029 Harselaar Zuid Fase 1A 800043 Bloemendal Subtotaal E: Tussentijdse winstnemingen 2021
€ € € €
Totaal geprognotiseerd resultaat grondexploitaties 2021 (D+E)
€
Resultaat Programma 1.682.244 3 1.470.681 2 822.996 3 3.975.922 4.488.805
80
Rekening 2019 94.490
bedragen x € 1.000 Rekening 2020 81.568
Bij: Vermeerderingen in het dienstjaar Af: Verminderingen in het dienstjaar Af: Resultaatnemingen Af: Overboekingen Boekwaarde per 31 december
10.217 - 29.952 6.813
12.115 - 8.084 - 1.771
81.568
83.828
Bij: Nog te besteden bedragen Af: Nog te verwachten opbrengsten Vermoedelijk resultaat (op eindwaarde)
57.601 - 143.568 - 4.399
90.212 - 176.520 - 2.480
Recapitulatie bouwgronden in exploitatie Boekwaarde per 1 januari
Paragraaf 6 Verbonden partijen
6.1 Inleiding De paragraaf Verbonden partijen geeft inzicht in de relaties van de gemeente in derde rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én waarmee financiële belangen gemoeid zijn. Verbonden partijen dienen een publiek belang. De raad ziet erop toe dat de verbonden partijen bijdragen aan de doelstellingen in de programma’s. De functie van de paragraaf Verbonden partijen is dat inzicht te bieden. Definities Verbonden partij: een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarin de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Bestuurlijk belang: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Als geen sprake is van bestuurlijke zeggenschap, worden eventuele risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen beschreven. Financieel belang: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Als de financiële relatie uitsluitend bestaat uit inkomens- en/of vermogensoverdrachten (subsidies), is geen sprake van een financieel belang. Deze relaties worden niet in deze paragraaf beschreven.
Als daartoe vanuit de kaderstellende rol aanleiding is, worden deze relaties direct bij de programma’s beschreven. Als er sprake is van financiële risico’s, dan worden deze in de paragraaf weerstandsvermogen beschreven. Er zijn twee soorten verbonden partijen: 1. Publiekrechtelijk: de gemeenschappelijke regeling. Afhankelijk van de aard van samenwerking kan wel of geen rechtspersoon worden gecreëerd. Wordt er geen rechtspersoon gecreëerd dan bestaat de samenwerking vooral uit overleg. Wordt er wel een rechtspersoon in het leven geroepen, dan is er sprake van verlengd lokaal bestuur; 2. Privaatrechtelijk: rechtspersoon, zoals een vennootschap (BV, NV of CV), stichting en vereniging.
6.2 Beleid De gemeente wil de beoogde doelen, zoals geformuleerd in Kadernota en Programmabegroting, optimaal realiseren. In de meeste gevallen betekent dit dat de gemeente zelfstandig taken en resultaten kan realiseren. In een aantal gevallen is samenwerking met derden zinvol. De gemeente kan een relatie met een verbonden partij aangaan, indien de voordelen van de samenwerking opwegen tegen de nadelen. Mogelijke voor- en nadelen van verbonden partijen staan beschreven in de nota ‘Verbonden Partijen’ (2018). De visie en kaders van verbonden partijen moeten geen harnas zijn, maar een werkbaar en helder instrument. De afweging van voor- en nadelen is tenslotte slechts beperkt in cijfers uit te drukken. De beoordeling en weging van factoren is iets dat bij elke verbonden partij opnieuw zorgvuldig dient te gebeuren. Voor het aangaan van een verbonden partij zijn kaders in de nota ‘Verbonden Partijen’ geformuleerd.
6.3 Verbonden partijen
81
Inzicht in verbonden partijen Om het college en de raad te ondersteunen bij de besturing, rangschikken we onze verbonden partijen bij elke programmabegroting en jaarverslaggeving naar de volgende 3 relevante criteria: zeggenschap – de mate waarin de gemeente Barneveld een reële of verwaarloosbare invloed heeft op de verbonden partij (het gaat hierbij niet zozeer om een hard percentage); beleidsintensiteit – de mate waarin sprake is van veel en/of veranderende beleidskaders; financieel belang/risico/kans – de mate waarin de gemeente Barneveld financieel belang heeft, risico loopt of kansen heeft. Op basis van deze criteria zijn alle verbonden partijen gerangschikt naar een vak in de tabel. De mate van aandacht kan per vak verschillen. Als het gaat om financiële risico’s, is zicht op het huishoudboekje belangrijk. Bij een hoge beleidsintensiteit willen we ook invloed kunnen uitoefenen op de dienstverlening.
Reële zeggenschap
Beleidsintensiteit: Laag
Beleidsintensiteit: Hoog
O-Gen Financieel belang/risico/kans: Parkeerservice Regio Food Valley Laag Regio de Vallei GBO Financieel belang/risico/kans: MTB Hoog OddV VGGM PPS de Burgt Beleidsintensiteit: Beleidsintensiteit: Verwaarloosbare zeggenschap Laag Hoog Alliander Financieel belang/risico/kans: BNG Laag Leisurelands Veluws Bosbrand Comité Financieel belang/risico/kans: SVn Hoog Verbonden partijen ingedeeld naar zeggenschap, beleidsintensiteit en financieel belang/risico/kans
De volgende mutaties ten opzichte van de vorige rapportage (programmabegroting 2021) zijn in het overzicht verwerkt: Per verbonden partij zijn de resultaten en financiën 2019 of 2020 benoemd (afhankelijk van beschikbaarheid). Waar nodig zijn teksten geactualiseerd. De gemeente Barneveld is per maart 2020 verbonden aan onderstaande organisaties, in volgorde van de vier programma’s:
Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden
Realisatie van bovengemeentelijke en/of specialistische taken zoals Visie, meerjarig kader en opgedragen in de Wet veiligheidsregio’s en de Wet Publieke Gezondheid en doelstellingen zoals vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling en/of overdrachtsovereenkomst. VGGM heeft in 2020 uitvoering gegeven aan de taken die volgens de Wet veiligheidsregio’s en de Wet Publieke Gezondheid via de gemeenschappelijke regeling en de overdrachtsovereenkomst Brandweer aan haar zijn opgedragen. Uitgebreide rapportage hierover vindt plaats in de verantwoording VGGM 2020 die in juni wordt besproken in het Algemeen bestuur van VGGM. Resultaten 2020 In het periodiek overleg brandweer wordt aan de burgemeester gerapporteerd over specifieke zaken voor de gemeente Barneveld. In het overleg met de wethouder Volksgezondheid komen de onderwerpen in de publieke gezondheid en op het gebied van Veilig Thuis (huiselijk geweld en kindermishandeling) ter sprake.
82
Risico's en weerstandsvermogen Programma Doelstelling(en) Financieel belang
n.v.t. 1. Participatie en ondersteuning 3. Woon- en leefomgeving 1.2 Sociale en vitale samenleving 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving Bijdrage 2020: € 3.650.000 deel brandweer en € 2.180.000 deel volksgezondheid/GGD en JGZ.
Cijfers zijn overgenomen uit "Bedragen VGGM 2020 en facturatie" omdat de jaarrekening 2020 er nog niet is.
Coöperatie Parkeerservice UA
Ondersteuning bij het ontwikkelen, implementeren en uitvoeren van Visie, meerjarig kader en parkeerbeleid, zonder winstoogmerk; doelstellingen De deelnemende gemeenten (leden) zorgen samen voor inkoopkracht, schaalvoordeel en bundeling van kennis. Uitvoering van het Parkeerbeleid met name van parkeerbeheer. 2020 staat in het teken van de invoering van een nieuw digitaal parkeervergunningensysteem op basis van kentekenregistratie. Aanpassing van de laatste serie parkeer-betaalautomaten met gecertificeerde Tap&GoResultaten 2020 modules. Twee parkeerautomaten zijn omgebouwd voor kentekeninvoering (digitale parkeerontheffingen centrum Barneveld). Twee leden - van de 15 - hebben hun lidmaatschap beëindigd en treden uit per 2022 en er is een nieuw lid per 2021. Voor 2020 eigen & EV 2020 bedroeg € 3,96 miljoen en VV € 1,98 miljoen. vreemd vermogen en het Het fiscale resultaat bedraagt € 139.000 positief financieel resultaat Uitgangspunt is om kostendekkend te opereren. Er wordt gewerkt met een Risico’s en jaarlijkse overeenkomst. Het lidmaatschap, dat halverwege 2016 afliep, is weerstandsvermogen verlengd tot 2021. Daarna jaarlijkse verlenging. Programma 2. Bedrijvigheid en Bereikbaarheid 2.1 Aantrekkelijk ondernemingsklimaat (inclusief goede bereikbaarheid) en Doelstelling(en) bieden van parkeergelegenheid. Indicator(en) n.v.t.
Beslissingsbevoegd College orgaan Overgedragen Geen bevoegdheden Coöperatie met uitgesloten aansprakelijkheid Juridische vorm Deelname als lid van de coöperatief (alleen gemeenten kunnen lid worden) Bestuurlijk belang Wethouder vertegenwoordigt gemeente in de Algemene Ledenvergadering De bijdrage in 2020 is € 226.000 door afsluiten raamcontract (onderhoud slagboomterreinen en nacalculatie geleverde diensten) en is conform opdracht gefactureerd. De overige (meer-)kosten zijn nog niet bekend i.v.m. Financieel belang nacalculatie. Dat kwam voort uit herstelkosten van de apparatuur (voornamelijk slagboomterreinen). Daarnaast lagere opbrengst van € 260.000 als gevolg van coronamaatregelen (winkelsluiting).
Leisurelands
Het op een maatschappelijk en economisch verantwoorde wijze aanbieden Visie, meerjarig kader en van een recreatief aanbod dat past bij de eisen en wensen van de recreant. doelstellingen Daarvoor zal het bestaande productaanbod kwantitatief en kwalitatief verder worden verbreed.
83
Gewerkt wordt aan de verbetering en exploitatie van de verschillende terreinen. De recreatiebranche is de afgelopen jaren in beweging. De consument wordt veeleisender en investeringen in de sector staan onder druk. Recreatieterrein Zeumeren is de komende jaren een proeftuin voor Leisurelands als het gaat om de toepassing van alternatieve energie (zonnepanelen en biovergassingsinstallatie) op recreatieterreinen. Tevens zet Leisurelands in op een kwalitatieve verbetering van het recreatiegebied. Ten slotte wordt er voor Zeumeren ingezet op een uitbreiding van de zwemplas. Het eigen vermogen van de holding bedraagt per 31-12-2019 € 68.892.544 (2018 -> € 56.279.000 Het resultaat in 2019 was € 4.400.000 positief. Dit betreft de laatst bekende cijfers, jaarrekening 2019.
Resultaten 2019
Voor 2019 eigen & vreemd vermogen en financiële resultaten Risico’s en weerstandsvermogen Programma Doelstelling(en) Indicator(en) Beslissingsbevoegd orgaan Juridische vorm Bestuurlijk belang
Niet van toepassing 2. Bedrijvigheid en Bereikbaarheid 2.1 Aantrekkelijk ondernemingsklimaat Gemeenteraad Besloten vennootschap Via aandeelhouderschap De gemeente Barneveld heeft op basis van haar inwoneraantal 4,6% van de aandelen in bezit met een intrinsieke waarde van € 1,6 miljoen.De gemeente Barneveld verstrekt aan Leisurelands geen subsidie en Leisurelands keert geen dividend uit over de aandelen. Als aandeelhouder is er geen sprake van een gespecialiseerde contractduur. De "lock-up"-periode waarin de aandelen niet vervreemd konden worden is per 1 januari 2015 afgelopen. Recent (februari 2021) hebben de gemeenten Brummen en Rozendaal hun aandelen LL aan de gemeente Apeldoorn aangeboden voor € 5 per aandeel.
Financieel belang
Contracteinde
Gebiedscoöperatie O-gen
Visie, meerjarig kader en doelstellingen
Resultaten 2020 Voor 2020 eigen & vreemd vermogen en financieel resultaat
Risico’s en weerstandsvermogen
Programma Doelstelling(en) Indicator(en) Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm
Herstel, behoud en verbetering van het evenwicht tussen landbouw, wonen, werken, recreatie, natuur en landschap in het gebied van de Gelderse Vallei en Utrecht Oost. O-gen faciliteert als gebiedscoöperatie (ledenorganisatie) gemeenten en regio inzake het buitengebied en is daarvoor een kennisnetwerk. Daarnaast is O-gen een uitvoeringsorganisatie (als opdrachtnemer) voor projecten in het buitengebied. In 2020 is besloten de gebiedscooperatie O-gen op te heffen. Er is na liquidatie geen resterend kapitaal in de coöperatie. In theorie kunnen de leden van O-gen tot een democratisch besluit komen waar de gemeente Barneveld niet achter kan staan. Gezien de historie van de samenwerking is dat niet waarschijnlijk en de gemeente kan in dat geval besluiten het lidmaatschap op te zeggen. Dit geeft ook geen financieel risico omdat deelname aan projecten waar de gemeente Barneveld niet achter kan staan, niet verplicht is. 2. Bedrijvigheid en Bereikbaarheid 3. Woon- en leefomgeving 2.1 Aantrekkelijk ondernemingsklimaat (inclusief goede bereikbaarheid) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving geen College. Binnen O-gen is sprake van een vrijwillige samenwerking van de leden. n.v.t. Coöperatie
84
Bestuurlijk belang Financieel belang Contracteinde
Geen direct bestuurlijk belang. Barneveld heeft geen financieel belang. Het lidmaatschap van de gebiedscoöperatie is jaarlijks opzegbaar.
Gemeente Barneveld Ontwikkeling
Visie, meerjarig kader en doelstellingen Ontwikkelingen & beleidsvoornemens 2020 Voor 2020 verwacht eigen & vreemd vermogen en begrote financiële resultaat
Participeren in gebiedsontwikkelingen In 2020 zijn de ontwikkelingen Woudse Erven Ⅰ en Burgthoven fase Ⅲ opgestart in de Burgt. Verder is een Voorovereenkomst gesloten met Bouwbedrijf Van de Mheen over het vormgeven van samenwerking in de toekomst. De laatste berekeningen laten een te verwachten positief resultaat zien van de grondexploitaties in de Burgt.
GBO is 100% “dochter” van de gemeente en dient slechts als hulpstructuur tot participatie. Voor de Risico’s en financiële risico's heeft de gemeente een voorziening getroffen welke jaarlijks muteert op basis van de weerstandsvermogen resultaten van GBO BV. 2. Bedrijvigheid en bereikbaarheid Programma 3. Woon- en leefomgeving Doelstelling(en) Ontwikkelen wijk De Burgt Indicator(en) De aandeelhoudersrechten binnen GBO worden uitgeoefend door het college. Bestuur wordt op dit Beslissingsbevoegd moment gevormd door wethouders Wijnne en van Daalen. Directeur Schouwaert is eveneens orgaan bestuurslid van GBO gebleven. Overgedragen Geen. Het betreft een participatie in een privaatrechtelijke context. bevoegdheden Juridische vorm Besloten vennootschap waarbij alle aandelen berusten bij de gemeente. Bestuurlijk belang Aandeelhouder en bestuurder De gemeente heeft een rekening-courantverhouding met GBO BV. Deze vordering op GBO BV is momenteel € 2,1 miljoen. Hierover wordt rente in rekening gebracht aan GBO BV. Het maatschappelijk Financieel belang kapitaal bedraagt € 90.000; hiervan is € 18.151 geplaatst en vol gestort. Voor de financiële resultaten wordt binnen de gemeente een voorziening aangehouden die jaarlijks muteert met het vaststellen van de jaarrekening van GBO BV. Contracteinde Na afronding van woonwijk De Burgt
PPS De Burgt
Visie, meerjarig kader en Ontwikkeling van nieuwbouwwijk De Burgt doelstellingen Ontwikkelingen & Opstart ontwikkeling resterende deelgebieden, zie GBO BV. beleidsvoornemens 2020 Voor 2020 verwacht De resultaten van PPS de Burgt komen terug in het uiteindelijke resultaat van eigen & vreemd GBO BV. De huidige grondexploitatie de Burgt laat een positief resultaat te vermogen en begrote zien. financiële resultaat Risico’s en Vertraging in realisering woningen, inclusief middengebied, dat niet in weerstandsvermogen eigendom bij de CV de Burgt is. Programma 3. Leefomgeving Doelstelling(en) 3.1 Woningen (kwantitatief en kwalitatief) 3.1.1. Toename woningen in goedkope / middeldure / dure sector, % Indicator(en) goedkope nieuwe woningenen % senioren voor senioren 3.1.2. Toename woningvoorraad
85
Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm Bestuurlijk belang Financieel belang
Vaststelling bestemmingsplan; raad Zeggenschap in rechtspersonen; college via GBO BV geen Besloten vennootschap / commanditaire vennootschap Aandeelhouder en bestuurder van de beherende vennoten De gemeente heeft geen direct financieel belang. Het financiële belangdeelnemingen en verstrekte leningen - loopt via GBO BV. De financiële resultaten vertalen zich jaarlijks in de jaarrekening van GBO BV.
Contracteinde
Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten
Zorgen voor de verbetering van de kwaliteit van de volkshuisvesting en de gebouwde omgeving in brede zin. Doelstelling wordt nagestreefd door het verstrekken van leningen. Gemeente heeft via SVn lopen: Visie, meerjarig kader en - Garantstelling Woningstichting Barneveld; doelstellingen - VROM Starterslening; - Duurzaamheidslening; - Toekomstbestendig Wonen Lening. In 2020 zijn er 40 Toekomstbestendig Wonen Leningen afgesloten (met 50% Resultaten 2020 bijdrage vanuit provincie Gelderland) en 19 startersleningen (alles revolverend) afgesloten. Voor 2020 eigen Het eigen vermogen bedraagt: €67.296,vermogen & vreemd Het vreemd vermogen bedraagt: €1.386.596,vermogen *bedragen x1000. Startersleningen worden met NHG-garantie afgesloten, evenals de 1e hypotheek. Bij verstrekking van een starterslening wordt het inkomen getoetst. Maximale lening € 30.000 per woning. Toekomst Bestendig Wonen Lening Risico’s en voor 50% door provincie Gelderland meebetaald: gemiddelde lening bedraagt weerstandsvermogen ca € 8.000, waarvan € 4.000 door gemeente Barneveld en de andere € 4.000 door de provincie Gelderland. Er wordt jaarlijks door consumenten extra afgelost op deze leningen, zo is het beeld. Programma Doelstelling(en) Indicator(en Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm Bestuurlijk belang Financieel belang
Contracteinde
3. Woon- en leefomgeving 3.1 Woningen (kwantitatief en kwalitatief) 3.1.1. Toename woningen in goedkope sector, % goedkope nieuwe woningen Gemeenteraad Toetsing financiële gegevens bij aanvragen om starterslening Uitkeren van door gemeente toegewezen starterslening Stichting Lidmaatschap gemeente Het saldo van de uitstaande leningen (uitgaven minus inkomsten) was per 1 januari 2020 € 4,3 miljoen voor 432 starters- en 326 duurzaamheidsleningen en 123 Toekomst Bestendig Wonen Leningen (TBWL). De overeenkomst is voor onbepaalde tijd. De opzegtermijn is 1 jaar, tenzij anders wordt overeengekomen.
Veluws Bosbrand Comité
86
Visie, meerjarig kader en doelstellingen
Resultaten 2020
Risico’s en weerstandsvermogen Programma Doelstelling(en) Indicator(en) Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm Bestuurlijk belang Financieel belang Contracteinde
Het voorkomen, beperken en bestrijden van bos- en natuurbranden op de Veluwe. Het verrichten van alle verdere werkzaamheden, die met het vorenstaande verband houden. De doelstellingen worden verwezenlijkt door het organiseren en coördineren van een systeem van detectie van bos- en natuurbranden. Wanneer op basis van meetwaarden een verhoogd risico op natuurbrand is geconstateerd, worden er luchtverkenningen uitgevoerd om bos- en natuurbranden in een zo vroeg mogelijk stadium te ontdekken. n.v.t. 3. Woon- en leefomgeving 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving 3.2.1. Richtlijn operationele prestaties brandweer College Geen Stichtingsvorm vanuit overheidsbelang Aansluiting via kanalen Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland Midden De bijdrage in de exploitatielasten voor VBC is structureel opgenomen in de bijdrage van VGGM. Hiervoor wordt sinds de regionalisering geen specifieke rekening meer gestuurd aan de gemeenten. Er is geen contracteinde vastgesteld.
Regio de Vallei
Het Dagelijks Bestuur Regio De Vallei heeft het afgelopen jaar een aantal besluiten genomen waardoor de omvang van de begroting afneemt én het onzeker is of de GR Regio De Vallei in 2021 nog bestaat. Zo heeft het regiobestuur ervoor gekozen om afstand te doen van haar bezittingen (zoals de aandelen in afvalverbrander ARN). Het Dagelijks Bestuur heeft de opdracht gegeven, toekomstscenario’s voor de toekomstige samenwerkingsvorm rond het thema bedrijfsafval te onderzoeken. Aansluitend op de wens van diverse Visie, meerjarig kader en gemeenteraden wordt hierbij gestreefd naar een zo’n licht mogelijke vorm doelstellingen gericht op het gezamenlijk inkopen, het afstemmen van beleid en het uitwisselen van (goede) ervaringen.In 2020 is na onderzoek besloten om de Gemeenschappelijke Regeling aan te passen naar een collegeregeling, waardoor raadsleden zich per 1 januari 2021 zich uit het Algemeen Bestuur hebben teruggetrokken. Ook de samenstelling van het Dagelijks Bestuur Regio De Vallei is aangepast. De dagelijkse ondersteuning van regio De Vallei is van regio Foodvallley overgedragen naar de gemeente Ede. Dit heeft geen gevolgen voor de begroting. Resultaten 2020 zie hiervoor Voor 2020 eigen & vreemd vermogen en n.v.t. financieel resultaat Risico’s en De werkzaamheden van deze gemeenschappelijke regeling zijn beperkt.
De weerstandsvermogen reser- ve is ruim voldoende om eventuele risico's op te vangen. Programma 3. Woon- en leefomgeving Doelstelling(en) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving Indicator(en) Beslissingsbevoegd College en raad, per 1-1-2021 collegeregeling orgaan Overgedragen Ja, vaststelling bijdrage deelnemende gemeenten bevoegdheden Door raad ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet Juridische vorm gemeenschappelijke regelingen
87
Bestuurlijk belang Financieel belang Contracteinde
Vertegenwoordiging van college en raad in respectievelijk DB en AB, vanaf 11-2021 collegeregeling Bijdrage Barneveld 2020 aan Regio De Vallei € 14.950 In de GR is voorzien in de mogelijkheid van uittreding. Daartoe moet het college een uittredingsplan opstellen en de regio moet worden gecompenseerd voor het nadeel dat de andere deelnemende gemeente lijden door het uittreden van een lid. De raad moet het uittredingsplan goedkeuren.
Omgevingsdienst de Vallei
De Omgevingsdienst de Vallei (OddV) voert voor de gemeente de Visie, meerjarig kader envergunningverlening, het toezicht en de handhaving op grond van de Wet doelstellingen algemene bepalingen omgevingsrecht uit met als doel een veilige en gezonde fysieke leefomgeving. De OddV kent in 2020 een voordelig resultaat van € 767.000. De totale omzet Resultaten 2020 in 2020 bedraagt € 13.413.000. Voor 2020 eigen & Per 31 december 2020 was de boekwaarde van het EV € 1.273.000 en het vreemd VV bedroeg € 1.839.000. Het financieel resultaat over 2020 bedraagt voor vermogen en financieel Barneveld € 150.000. resultaat Bij de oprichting van de OddV is gekozen om geen weerstandsvermogen op te nemen bij de inbreng door de latende organisaties, maar te bepalen dat de Risico’s en OddV zelf weerstandsvermogen opbouwt. Onvoorziene tegenvallers komen weerstandsvermogen hiermee (conform de afgesproken verdeelsleutel) ten laste van de opdrachtgevers. Het totale weerstandsvermogen bedraagt op 31 december 2020 € 540.000. Programma 3. Woon- en leefomgeving Doelstelling(en) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving Indicator(en) n.v.t. Beslissingsbevoegd College orgaan Overgedragen Geen bevoegdheden Door college ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet Juridische vorm gemeenschappelijke regelingen. Bestuurlijk belang Vertegenwoordiging in het bestuur (wethouder A.H. van de Burgwal).
De bijdrage voor 2020 bedraagt € 3.644.000. In de primitieve (gemeentelijke) Financieel belang begroting 2020 is € 3.611.000 opgenomen. In de Gemeenschappelijke Regeling OddV (GR) is opgenomen dat uittreding Contracteinde onder voorwaarden mogelijk is, op zijn vroegst 5 jaar na inwerkingtreding van de GR.
Muziektheater Barneveld
Visie, meerjarig kader en doelstellingen Resultaten 2020 voor 2019 eigen & vreemd vermogen en financieel resultaat Risico’s en weerstandsvermogen Programma Doelstelling(en)
Het beschikbaar stellen van de accommodatie voor culturele voorstellingen en evenementen Resultaat 2020 is nog niet bekend. Per 31 december 2019 is het eigen vermogen € 5.158.106 en het vreemd vermogen € 245.262. Resultaat 2019 is -/- € 101.801 MTB BV heeft één huurder, te weten Schaffelaartheater BV. De exploitatie is afhankelijk van de financiële positie van de huurder. Daarnaast draagt het MTB zorg voor het VVE-onderhoud van de gebouwonderdelen Harmonie (zelf eigenaar) en Muziekschool (eigenaar is gemeente), naast die van het theaterdeel. 3. Leefbaarheid 3.3 Adequate voorzieningen
88
Indicator(en) Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm Bestuurlijk belang
Financieel belang
Contracteinde
Geen College Het onderhoud van het vastgoed en de doorbetaling van subsidies aan Schaffelaartheater BV is overgedragen aan MTB BV Besloten vennootschap College van B&W is samen met Stichting Fonds 1845 eigenaar van het theatergebouw. Beiden maken deel uit van de Algemene vergadering van aandeelhouders MTB BV. Deelneming in geplaatst maatschappelijk kapitaal van € 6,1 miljoen. Het aandeel van de gemeente is 78,25% (= € 4,8 miljoen). De exploitatie van het theater is in handen van Schaffelaartheater BV. Als aandeelhouder is er geen sprake van een gespecialiseerde contractduur. het aandelenkapitaal zou vervreemd kunnen worden. In dat geval dienen de aandelen eerst aan de medeaandeelhouders te worden aangeboden.
Regio FoodValley
Regio Foodvalley wil vanuit haar DNA bijdragen aan welzijn en gezondheid Visie, meerjarig kader en voor al haar inwoners en bedrijven. In regio Foodvalley werken we samen om doelstellingen een circulaire, gezonde regio te zijn waar mensen graag wonen, werken en ondernemen.
Resultaten 2020
Voor 2020 eigen & vreemd vermogen
Risico’s en weerstandsvermogen
Programma Doelstelling(en) Indicator(en) Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm Bestuurlijk belang Financieel belang
Contracteinde
In de begroting 2020 (inclusief begrotingswijzigingen) was begroot dat Regio Foodvalley over 2020 een sluitende begroting zou hebben. Uit de jaarrekening blijkt dat de daadwerkelijke baten en lasten over 2020 bedragen respectievelijk € 10.388.466 en € 10.174.952 zijn. Dat levert een voordelig resultaat van € 213.514 op, dat wordt toegevoegd aan de algemene reserve van de Regio FV. Eigen vermogen: € 1.273.000 stand 31 december 2020 Vreemd vermogen: € 1.839.000 stand 31 december 2020 De begroting van de regio is sluitend. Omdat de financiering van projecten en investeringen veelal buiten de regiobegroting om plaatsvindt zijn de risico's beperkt. Voor de Valleihopper is besloten om een aparte Gemeenschappelijke Regeling op te zetten. Hiervoor is begin december 2020 een instellingsbesluit ondertekend door gemeenten. De nieuwe naam voor het beheerbureau, dat per 1 januari 2021 formeel is ondergebracht bij de gemeente Barneveld, luidt Bedrijfsvoering Organisatie (BVO) Valleihopper. 4. Bestuur en interne dienstverlening 4.1 Bestuur Geen College Geen Door college ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen Ja, vertegenwoordigd in het bestuur Bijdrage 2020 € 187.031 (excl. Valleihopper) Het samenwerkingsverband is aangegaan voor onbepaalde tijd. In de GR is voorzien in de mogelijkheid van uittreding.