CConstaterende datBarneveld
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 Ontwerp Programmabegroting 2024 (1)

Gemeenteraad 8 november 2023, gemeente BarneveldBij agendapunt: Ontwerp-Programmabegroting 202443.996 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 5

Bij de kadernota is besloten om het investeringsplafond te handhaven. De investeringen waarmee in 2024 gestart worden leiden tot structurele lasten in het jaar na afronding van de investering. In het uitvoeringsplan 2024 is inzichtelijk gemaakt in welk jaar de investeringen afgerond worden. Veelal betreffen dit dus meerjarige investeringen. Met het uitvoeringsplan 2024 wordt het gehele krediet voor de investering beschikbaar gesteld. Periodiek wordt over de financiële voortgang van het krediet gerapporteerd. Zonder het totale krediet beschikbaar te stellen is het niet mogelijk de investeringen voor te bereiden en uit te gaan voeren. De structurele kapitaallasten van het uitvoeringsplan 2024 passen binnen het bij de kadernota 2024 vastgestelde investeringsplafond.

Als uitgangspunt voor de verdeling van de capaciteit voor investeringen is gehanteerd we maken de investeringen af waaraan we begonnen zijn (uitvoeringsplan 2023). Op basis van dit uitgangspunt is de capaciteit voor nieuwe investeringen beoordeeld. Voor het uitvoeringsplan 2024 betekent dit dat capaciteit een belangrijke afwegingsfactor is. In het MIP 2024 – 2033 zijn investeringen geclassificeerd als nieuwe investeringen. In het uitvoeringsplan 2024 is de afweging gemaakt over deze investeringen en vastgesteld dat deze investeringen onder het investeringsplafond passen. Het uitvoeringsplan 2024 is realistisch ingestoken. Of het uitvoeringsplan 2024 daadwerkelijk volgens de planning gerealiseerd gaat worden wordt beïnvloed door externe factoren. De verwachting is dat de participatietrajecten in binnenstedelijke gebieden meer doorlooptijd gaan kosten. De impact van stikstof blijft een risico. Daarnaast zien we dat de externe uitvoeringscapaciteit een risico vormt. De krapte op de arbeidsmarkt blijft daarnaast een risico voor de benodigde personeelscapaciteit. Over deze risico’s informeren wij u bij de tweede tussenrapportage 2024. In het uitvoeringsplan 2024 zijn de investeringen waartegenover opbrengsten staan in kaart gebracht. Deze opbrengsten zijn heffing en leges, lagere energiekosten, huuropbrengsten of een extra opbrengst uit het gemeentefonds (voorgezet onderwijs).

De investeringen waarbij de verwachting is dat de opbrengsten de structurele kapitaallasten van de investering dekt zijn budgetneutraal verwerkt. Dit brengt een risico met zich mee dat de opbrengsten uiteindelijk niet de gehele kapitaallasten dekken.

Paragraaf 4 Financiering 4.1 Inleiding

Onder financiering wordt het aantrekken van geldleningen verstaan. Behalve voor investeringen wordt er geld aangetrokken (of uitgezet) voor de exploitatie. Als de inkomsten van de gemeente

55

(vanuit de algemene uitkering en de belastingen) niet gelijk lopen met de uitgaven wordt er zogenoemd 'kort geld' aangetrokken. Dit zijn geldleningen met een looptijd die korter is dan één jaar. In de meeste gevallen wordt een kasgeldlening met een looptijd van één of enkele maanden aangetrokken. Conform het treasurystatuut worden in deze paragraaf de kansen en risico’s rond financiering in beeld gebracht. Om de financieringsbehoefte zo goed mogelijk in te schatten wordt een liquiditeitsprognose gemaakt die in de reguliere processen wordt ingebed.

4.2 Beleid

Algemeen In 2018 is het treasurystatuut voor het laatst geactualiseerd. De actualisatie betrof wijzigingen vanuit gewijzigde wet- en regelgeving en aansluiting bij de actuele inrichting van de treasuryorganisatie. De eerstvolgende actualisatie is gepland voor 2024. Een algemeen uitgangspunt voor de treasury is om het renterisico te beheersen en de rentekosten zo laag mogelijk te houden. Uiteraard passend binnen de kaders die in het treasurystatuut staan, die weer gebaseerd zijn op onder andere de Wet Fido. Bij het aantrekken of uitzetten van geld is het van belang dat slechts beperkt risico wordt genomen bij het oversluiten (consolideren) van kasgeldleningen. Daarom worden vaste geldleningen voor (grote) investeringen aangetrokken op momenten dat de rente gunstig is en wordt het tijdelijk overschot aan liquide middelen zo beperkt mogelijk gehouden. In het kader van het schatkistbankieren zijn met de bank afspraken gemaakt voor het dagelijks afromen van overbodige saldi op de rekeningen-courant bij de bank. Deze overtollige middelen dienen verplicht te worden aangehouden op de rekening schatkistbankieren.

4.3 Financiële aspecten

Renteontwikkeling/rentevisie De rentevisie is gebaseerd op de actuele ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt. Hierbij wordt gebruikgemaakt van de renteprognose en berichtgeving van een aantal banken. De tijd van de lage, zelfs negatieve rentes, is voorbij. Om de hoge inflatie te beteugelen worden momenteel door de ECB meerdere renteverhogingen in korte tijd doorgevoerd. Onzeker is tot welk niveau. Het gemiddelde gewogen rentepercentage van de langlopende leningen zal naar verwachting in 2024 rond de 2,27% liggen. Dit is gebaseerd op de huidige leningenportefeuille. Dit percentage is hoger dan in 2023. Dit is het resultaat van het afsluiten van herfinanciering in 2023 tegen hogere rentepercentages. Voor 2024 is uitgegaan van een aanvullende langlopende financiering van € 40 miljoen (zie de tabel financieringsbehoefte). Daarnaast is er rekening gehouden met het eventueel aantrekken van een korte lening van € 10 miljoen en een kasgeldlening van € 12 miljoen. Voor de berekening van de kapitaallasten is uitgegaan van een rentepercentage van 1,15%.

Renteschema bedragen x € 1.000 Begroting 2024

Renteschema a. Externe rentelasten over de korte en lange financiering b. Externe rentebaten (idem)

(-) (+)

Saldo rentelasten en rentebaten c1. Rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend c2. Rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (= projectfinanciering), die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend

- 4.332 (+)

1.035

(+)

-

(-)

-

Aan taakvelden toe te rekenen externe rente d1. Rente over eigen vermogen d2. Rente over voorzieningen (contante waarde)

- 4.675 343

- 3.297 (-) (-)

-

56

Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente e. Aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)

- 3.297 (-)

3.357

f. Renteresultaat op het taakveld treasury

59

Financieringsbehoefte bedragen x € 1.000 Financieringsbehoefte

Begroting 2024

Stand van de opgenomen leningen per 1 jan. Aflossingen in de loop van het jaar Aan te trekken nieuwe leningen Stand van de opgenomen leningen per 31 dec.

199.843 18.432 40.001 221.412

4.4 Risicobeheer

In de Wet Fido zijn kaders opgenomen ter beperking van het renterisico op de netto vlottende schuld (kasgeldlimiet) en het renterisico op de vaste schuld (renterisiconorm). Renterisico’s kunnen ook met behulp van derivaten afgedekt worden, maar de gemeente Barneveld maakt hier geen gebruik van. Daarnaast kan nog sprake zijn van een kredietrisico van aan derden verstrekte leningen. Renterisiconorm Op grond van de Wet Fido is voor gemeenten de zogenaamde renterisiconorm ingesteld. Doel hiervan is dat gemeenten in geval van herfinanciering en renteherziening van geldleningen hun leningenportefeuille zodanig spreiden dat de renterisico’s gelijkmatig over de jaren worden gespreid. De renterisiconorm geeft een aanwijzing voor de gevoeligheid van de gemeente voor veranderingen in de rente. De renterisiconorm wordt afgezet tegen de jaarlijks verplichte aflossingen en de renteherzieningen. De renterisiconorm bedraagt in 2024: omvang begroting 2024 x 20% € 36,1 miljoen en moet afgezet worden tegen onze aflossingen van circa € 18,4 miljoen. Dit betekent dat onze gemeente in 2024 binnen de norm blijft.

bedragen x € 1.000 Begroting 2024

MJR 2025

MJR 2026

MJR 2027

Renterisico op vaste schulden Renteherziening o/g Renteherziening u/g Netto saldo herziening Aflossingen Renterisico vaste schulden (3+8)

18.432 18.432

19.432 19.432

20.932 20.932

21.819 21.819

Toegestane renterisiconorm Omvang begroting (= grondslag) Renterisiconorm (in % van de grondslag) Minimumbedrag (wettelijk bepaald) Toegestane renterisiconorm

180.705 20,0% 2.500 36.141

172.892 20,0% 2.500 34.578

170.836 20,0% 2.500 34.167

170.807 20,0% 2.500 34.161

17.709

15.146

13.235

12.342

Renterisico

Toets renterisiconorm Onderschrijding Overschrijding

Kasgeldlimiet

Om het risico van kortlopende financiering te beperken is in de Wet Fido de kasgeldlimiet vastgesteld. De kasgeldlimiet is een vastgesteld percentage berekend over de lastenkant van de begroting. Zodra de kortlopende financiering (rekening-courant en kasgeldleningen) boven dit bedrag uitkomt dient de gemeente over te gaan tot consolidatie. De kortlopende schuld kan dan omgezet worden in een langlopende geldlening (zodat de rente alsnog 'vast' komt te staan). In 2024 blijven we onder de kasgeldlimiet van circa € 15 miljoen. Gedurende het jaar verwachten wij wel fluctuaties in de stand. Mede afhankelijk van het verwachte verloop van de financieringsbehoefte op middellange termijn en de renteontwikkeling wordt het bedrag in 2024 (deels) geconsolideerd.

57

bedragen x € 1.000 Kasgeldlimiet Netto vlottende schuld Omvang vlottende schulden - Bankschulden - Kasgeldleningen (looptijd < 1 jaar) Omvang vlottende schulden Omvang vlottende middelen - Liquide middelen - Overige uitstaande gelden (looptijd < 1 jaar) Omvang vlottende middelen

Begroting 2024

22.000 22.000

7.659 7.659

Netto vlottende schuld

14.341

Toegestane kasgeldlimiet Omvang begroting (=grondslag) Kasgeldlimiet (in % van de grondslag) Toegestane kasgeldlimiet

180.705 8,5% 15.360

Toets kasgeldlimiet Onderschrijding Overschrijding

1.019

4.5 Garantieverplichtingen

De gemeente verstrekt geen garanties, tenzij de gemeenteraad besluit om hiervan af te wijken. Dit kan de raad doen om een publiek doel te dienen, waarbij aan randvoorwaarden wordt voldaan. De mogelijkheden om deze garanties af te geven, bepaald in de wet Fido en het treasurystatuut, zijn beperkt. In 2010 is in de nota Garantstellingen uitgewerkt welke beleidsregels hierbij gehanteerd worden.

Ontwikkeling garantstellingen Per 2024 staat de gemeente Barneveld garant voor een bedrag van € 92,4 miljoen. Een forse daling wordt voorzien vanaf 2025 door het wegvallen van de garantstelling voor de vernieuwbouw van het Johannes Fontanus College. Overige dalingen worden veroorzaakt door de aflossingen op de garantstellingen WSW. Waarborgfonds Sociale Woningbouw De achtervangpositie van de gemeente in het Waarborgfonds Sociale Woningbouw vormt, samen met het aandeel van het Rijk, de derde zekerheid in de achtervangstructuur. De zekerstellingen zijn namelijk als volgt georganiseerd: de eerste zekerheid zijn de financiele middelen van de woningbouwcorporatie zelf. De tweede zekerheid bestaat uit de borgstellingreserve van het waarborgfonds. En als derde en laatste staan de overheden garant. Onderstaand is in grafiekvorm het globale verloop van de garantstellingen weergegeven voor de komende jaren. Uiteraard is deze grafiek een momentopname, omdat (zeker vanuit het Waarborgfonds Sociale Woningbouw) de kans aanwezig is, dat er nieuwe garantstellingen zullen ontstaan.

Verloop garantstellingen

Paragraaf 5 Grondbeleid 5.1 Inleiding

58

In de huidige Nota Grondbeleid zijn de kaders gesteld waarbinnen de gemeente haar grondbeleid vormgeeft. Actief en behoedzaam zijn daarin de kernbegrippen. Dat betekent dat de gemeente enerzijds zelf ontwikkelt en anderzijds ruimte biedt aan zelfrealisatie door derden en deze faciliteert. Eigen grondposities blijven voor de gemeente van belang om sturing te kunnen geven aan de gewenste invulling van projecten en indien daar sprake van is ook te kunnen delen in de opbrengsten van ontwikkelingen. De baten en lasten van de gemeentelijke grondexploitaties worden verantwoord onder de programma’s 2 en 3 (respectievelijk Bedrijvigheid & Bereikbaarheid en Woon- & Leefomgeving). Een nadere toelichting is opgenomen in de Meerjarenprognose Grondexploitaties 31 december 2022 (MPG). Het projectmatige karakter van de grondexploitatie is duidelijk afwijkend ten opzichte van de rest van de gemeentelijke exploitatie. De baten en lasten worden geactiveerd en hebben als zodanig geen invloed op het resultaat in het betreffende jaar. Deze activering wordt zichtbaar op de balans van de gemeente onder 'voorraden'. Als complexen worden afgesloten dan worden de resultaten zichtbaar en verantwoord in de jaarrekening. Daarnaast is het mogelijk dat er tussentijds winstnemingen of verliezen worden genomen, voorafgaand aan het afsluiten van een project.

De huidige economische ontwikkelingen, hoge inflatie, rente verhogingen van de Europese Centrale Bank om de inflatie te beteugelen, grondstoftekorten en de stikstofproblematiek brengen onzekerheden met zich mee. In de kwartaalberichten van adviesbureau Metafoor (eerste en tweede kwartaal 2023) zijn verschillende ontwikkelingen en oorzaken daarvan geschetst die deze onzekerheden verder duiden. Zo is te zien dat in de eerste helft van 2023 de prijzen voor woningen na een daling in het eerste kwartaal, weer een lichte stijging laten zien in het tweede kwartaal. Op jaarbasis blijft nog steeds een daling zichtbaar. Verder blijkt uit de kwartaalberichten dat de bouwkosten blijven stijgen. Met name in het eerste kwartaal stijgen de kosten aanzienlijk op kwartaalbasis, in het tweede kwartaal is een beperktere stijging zichtbaar. De ontwikkelingen van de kosten en opbrengsten van woningen worden beïnvloed door verschillende oorzaken, waarbij tevens sprake is van onderlinge samenhang. Waar de stijging van de bouwkosten eerst met name veroorzaakt werd door stijgende materiaal- en energiekosten, is nu een forse stijging te zien in de arbeidskosten als gevolg van de loonstijgingen. Anderzijds zorgen deze loonstijgingen ook voor meer vraag naar woningen (hogere rente lasten zijn beter op te vangen) waardoor onder andere de prijzen van woningen stijgen.

Verder blijft de stikstofproblematiek een oorzaak voor een beperkter aanbod (de schaarste van woningen is in het tweede kwartaal 2023 toegenomen). Deze schaarste stuwt enerzijds de woningprijzen verder op. Anderzijds zorgt het ook voor lagere materiaalkosten doordat de vraag naar materialen afneemt als gevolg van het stilvallen van projecten. Deze ontwikkelingen zorgen ervoor dat de woningmarkt onzeker blijft en daarmee ook de gevolgen voor de huidige en toekomstige gemeentelijke grondposities. De problematiek omtrent de stikstofdepositie blijft actueel. Vanaf 1 januari 2023 heeft de gemeente nog 12 lopende grondexploitaties. Een deel hiervan heeft betrekking op projecten met een onherroepelijke bestemming en/of die binnenkort worden afgesloten. Deze projecten worden niet geraakt door de stikstofuitspraak. Een ander deel ondervindt geen hinder van stikstof omdat Er geen sprake is van overschrijding van de zogenaamde kritische depositiewaarde, bijvoorbeeld door energieneutraal bouwen, de nabijheid van bestaande infrastructuur en/of voldoende afstand tot Natura 2000-gebieden). Het gaat hierbij veelal om woningbouwlocaties. Op dit moment zijn er twee locaties die wel hinder ondervinden van de stikstofproblematiek, te weten Harselaar-Zuid Fase 1B en 2 en, in mindere mate, de Verbindingsweg. Voor beide locaties lijken er oplossingen in zicht.

Toch blijft de problematiek rondom de stikstofdepositie weerbarstig en deze is afhankelijk van landelijke en provinciale ontwikkelingen en gerechtelijke uitspraken. Dit kan zorgen dat in zicht zijnde oplossingen, plotseling in een ander daglicht komen te staan. Het actieve maar behoedzame grondbeleid van de afgelopen jaren heeft de gemeente mogelijkheden verschaft om actief sturing te geven aan gewenste ruimtelijke ontwikkelingen. Voor de verlieslatende grondexploitaties is een verliesvoorziening gevormd. Indien een verlieslatend project wordt afgesloten zal een reeds getroffen verliesvoorziening vrijvallen ter dekking van het tekort. Door deze werkwijze gaat dit verlies niet ten koste van de overige activiteiten van de gemeente. Bijstelling vindt minimaal één keer per jaar, in ieder geval met de jaarverslaggeving, plaats. Met de totstandkoming van de MPG is sinds de jaarrekening van 2015 een verdere stap gezet in de optimale beheersing en aansturing van de nog steeds aanzienlijke grondportefeuille van de gemeente. De totale omvang van de grondportefeuille is de afgelopen jaren afgenomen. Dit beeld is in 2023 niet gewijzigd. De stand van de verliesvoorziening op 31 december 2022, zoals opgenomen in de MPG bij de jaarrekening 2022, bedraagt € 28,3 miljoen.

59

5.2 Beleid

Voor alle projecten waar de jaarverslaggeving melding van maakt, voert de gemeente een actief grondbeleid. In die gevallen is immers sprake van een door de gemeente te ontwikkelen eigen grondpositie. Een actief grondbeleid betekent kort gezegd, dat de gemeente de benodigde gronden verwerft, bouwrijp maakt en uitgeeft en na de bouw het gebied woonrijp maakt. Een actief grondbeleid maakt het eenvoudiger om vanuit de gemeentelijke overheid sturing te geven aan het realiseren van woningen, de categorisering van woningen en de wijze van exploiteren van terreinen en gebouwen. Voortdurend wordt gemonitord of het aanbod voldoende aansluit bij de behoefte, waarbij uiteraard rekening wordt gehouden met woningtrends. De resultaten worden meegenomen in het woonbeleid van gemeente Barneveld en vertaald naar de prestatieafspraken met Woningstichting Barneveld en overeenkomsten met marktpartijen. De komende periode blijft de inzet ook gericht op de huisvesting van kwetsbare groepen, starters en senioren met een accent op het realiseren van voldoende betaalbare huur- en koopwoningen, conform het landelijke beleid om tot en met 2030 twee derde van de nieuwbouw in de betaalbare sfeer te bouwen . Daarbij worden ook de demografische ontwikkelingen betrokken, alsook de spreiding over de 9 kernen. Jongeren en ouderen willen graag in de eigen omgeving kunnen blijven wonen.

Woningbouw vindt primair plaats om te voorzien in de eigen woningbehoefte, maar daarnaast wordt ook een bijdrage geleverd om de druk op de landelijke woningmarkt wat te verlichten. Met de vastgestelde Woondeal, waarbij gemeente Barneveld voor de periode 2022 tot en met 2030, een nieuwbouwopgave van 5.380 woningen is overeengekomen (gemiddeld bijna 600 woningen per jaar), wil de gemeente binnen de regio Foodvalley haar steentje bijdragen. Daarnaast richten we ons, gelet op de blijvende dynamiek en de vraag van de markt, op de ontwikkeling van de bedrijventerreinen, namelijk Harselaar-Zuid Fase 1B en Verbindingsweg (woon-werk landschap). Bij een faciliterend grondbeleid laat de gemeente de gewenste ruimtelijke ontwikkeling over aan de markt. Voor ontwikkellocaties waar de gemeente niet alle gronden in eigendom heeft, zoals Harselaar-Zuid, Thorbeckelaan-Noord, Bloemendal, Holzenbosch II en Verbindingsweg, is het van belang dat deze plangebieden integraal worden ontwikkeld teneinde een goede ruimtelijke ordening te borgen. Bovenstaande werkwijze geldt ook voor ontwikkellocaties waar de gemeente geen of nauwelijks een grondpositie heeft, zoals De Burgt III. Per ontwikkellocatie is een masterplan (structuurvisie) opgesteld waarin de functies, het voorgenomen programma en hoofdstructuur van wegen, groen en water zijn vastgelegd.

Deze planonderdelen hebben betrekking op het gehele, in de structuurvisie aangewezen gebied. Aanvragen van derden worden hierop getoetst. De hoofdstructuur betreft zogenaamde bovenwijkse voorzieningen die in voorkomende gevallen door de gemeente worden voorgefinancierd. De daarmee samenhangende kosten en andere kosten die de gemeente maakt, worden naar rato verhaald op de betrokken ontwikkelaars van de deellocaties (en dus ook deels ten laste van de gemeente voor haar aandeel van de gronden). De instrumenten en geschetste systematiek zal, naar het zich laat aanzien, beperkt wijzigen onder de Omgevingswet, waarvan de inwerkingtreding is gepland voor 1 januari 2024. Sinds 2015 wordt jaarlijks een Meerjarenprognose Grondexploitaties (MPG) opgesteld. Deze wordt tegelijk met de jaarverslaggeving aan de raad aangeboden. In de jaarrekening is onder de toelichting op de voorraden het jaarlijks overzicht grondexploitaties opgenomen. Dit sluit aan op de MPG. Daarin is een uitgebreid overzicht opgenomen van alle grondexploitaties, inclusief visualisaties, risico’s en een korte beschrijving van de projecten. De grondexploitaties zoals aangeboden bij de jaarrekening zijn voor de begroting 2024 ongewijzigd.

5.3 Financiële aspecten

Jaarlijks worden bij het opmaken van de jaarrekening en de MPG de definitieve resultaten van de grondexploitaties opgemaakt, verwerkt en vastgesteld. In de tussentijdse rapportages worden indien nodig de aangepaste, te verwachten resultaten opgenomen. In de onderstaande tabel zijn op basis van de laatste inzichten, zoals gerapporteerd in de MPG bij de jaarrekening 2022, de resultaten van de grondexploitaties op eindwaarde opgenomen. Indien een resultaat verlieslatend is, is er voor de betreffende grondexploitatie een verliesvoorziening opgenomen. Het voornemen is om in 2023 de volgende grondexploitaties af te sluiten: Harselaar-Centraal Tolnegenweg Oost Schoolterrein Hessenweg

60

Van de grondexploitatieprojecten met een voornemen om deze in 2023 af te sluiten zijn de grondexploitaties Harselaar-Centraal en Tolnegenweg-Oost verlieslatend, waardoor er een verliesvoorziening voor de projecten gevormd is van respectievelijk € 15.546.404 en € 704.175. Bij het afsluiten van de projecten zal de getroffen verliesvoorziening vrijvallen en worden ingezet om het negatief resultaat van de betreffende grondexploitaties te dekken. Indien deze projecten conform prognose (financieel en einddatum) worden afgesloten zal de totale verliesvoorziening van € 28.255.802 afnemen met € 16.250.579 naar € 12.005.223. Van de grondexploitatieprojecten met een voornemen om deze in 2023 af te sluiten hebben de grondexploitaties Harselaar-Zuid Fase 1A en Schoolterrein Hessenweg een gezamenlijk positief resultaat van € 2.260.281 (voor individuele resultaten: zie bovenstaande tabel). Indien deze projecten conform prognose (financieel en einddatum) worden afgesloten komt het positieve resultaat ten gunste van het jaarrekeningresultaat. Naast een resultaat uit projecten met een positief eindresultaat zijn er ook projecten met een positief resultaat op eindwaardedatum, waarbij tussentijds winst genomen dient te worden op basis van het BBV.

Voorafgaand aan of uiterlijk bij het aanbieden van de jaarrekening zal op basis van nacalculatie en de actuele boekwaarden (geboekte kosten en opbrengsten) het definitieve eindresultaat van deze projecten in een separaat raadsvoorstel of bij de jaarrekening worden aangeboden aan de raad. Hierbij zal ook een voorstel worden gedaan voor de resultaatbestemming.

bedragen x € 1.000 Verliesvoorziening Thorbeckelaan Zuid Harselaar - Centraal Harselaar-Zuid Fase 1A Thorbeckelaan Noord Tolnegenweg Oost Harselaar-Zuid Fase 1B en 2 Schoolterrein Hessenweg Holzenbosch I Holzenbosch II Bloemendal Verbindingsweg Oostbroek Totaal verliesvoorziening

Plan fase

Resultaat op eindwaarde

Eindwaarde datum

Verliesvoorziening

2 2 2 2 2 2 3 3 3 3 3 3

- 1.120 - 15.546 2.181 - 811 - 704 5.791 79 1.823 179 - 5.509 - 4.566 137

31-12-2025 31-12-2023 31-12-2023 31-12-2027 31-12-2023 31-12-2031 31-12-2023 31-12-2024 31-12-2028 31-12-2032 31-12-2026 31-12-2027

1.120 15.546 811 704 - 5.509 4.566 17.238

5.4 Risicomanagement

In het kader van risicomanagement is een gemeentebreed weerstandsvermogen bepaald, waar de grondexploitaties onderdeel van uitmaken. Dit is opgenomen in paragraaf 2. Twee keer per jaar wordt aan de hand van een herziene risico-inventarisatie het benodigde weerstandsvermogen bepaald, waaronder met deze begroting. De risico’s in de grondexploitaties vormen onderdeel van deze periodieke inventarisatie. Bovendien stelt de Meerjarenprognose Grondexploitaties (MPG) ons in staat om de grondportefeuille nog beter te sturen op zowel het niveau van de afzonderlijke complexen als op dat van de totale grondportefeuille.

5.5 Kaderstelling / beslispunten

Het grondbeleid is uitgewerkt in de Nota Grondbeleid. Dit beleid is door de raad op 14 december 2016 opnieuw vastgesteld en wordt normaal gesproken eens in de vier jaar herzien. Herziening vindt nu naar verwachting eind 2023 plaats, gelet op de nieuwe Omgevingsvisie en de mogelijke gevolgen daarvan voor het grondbeleid. Op 9 november 2016 heeft de raad de ‘Kaders procesgang grondexploitatie 2016’ vastgesteld. Hierin zijn de fasen van grondexploitatie beschreven alsmede het proces van vaststelling en hoe er geacteerd wordt bij een te verwachten onder- of overschrijding. Dit naar aanleiding van wijzigingen in het BBV, die ingegaan zijn per 2016. Samenvattend zijn er twee beslispunten die het college machtigen tot uitgaven:

61

1. Voorbereidingskredieten (Kaders Procesgang grondexploitaties 2016) Het college wordt door de raad gemandateerd om in het jaar 2024 voorbereidingskredieten in te stellen tot een maximum van € 500.000 per complex. Het gaat hierbij om complexen die op de nominatie staan om binnen korte tijd in exploitatie te worden genomen. 2. Strategische grondaankopen (Grondbeleid 2016) Het college wordt door de raad gemachtigd om in het jaar 2024 grond aan te kopen tot een bedrag van maximaal € 5 miljoen ten behoeve van strategische verwervingen buiten de in de Structuurvisie aangewezen zoekgebieden voor woningbouw en bedrijventerreinen. Een randvoorwaarde bij strategische verwervingen is dat er een zekere mate van strategisch belang is bij het aankopen van de gronden. Het strategisch belang dient achteraf expliciet aan de raad te worden verantwoord. Overigens is het college op grond van de gemeentewet (artikel 160) bevoegd tot het doen van aankopen binnen de in de Structuurvisie aangewezen zoekgebieden voor woningbouw en bedrijventerreinen.

Paragraaf 6 Verbonden partijen 6.1 Inleiding

In deze paragraaf geven we inzicht in de relaties van de gemeente met derde rechtspersonen waarin bestuurlijke invloed wordt uitgeoefend én waarmee financiële belangen gemoeid zijn. Verbonden partijen dienen een publiek belang. De raad ziet erop toe dat de verbonden partijen bijdragen aan de doelstellingen uit de programma’s. Definities Verbonden partij: een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke organisatie waarbij de gemeente een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Bestuurlijk belang: zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging in het bestuur hetzij uit hoofde van stemrecht. Als geen sprake is van bestuurlijke zeggenschap, worden eventuele risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen beschreven. Financieel belang: een aan de verbonden partij ter beschikking gesteld bedrag dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat onderscheidenlijk het bedrag waarvoor aansprakelijkheid bestaat indien de verbonden partij haar verplichtingen niet nakomt. Als de financiële relatie uitsluitend bestaat uit inkomens- en/of vermogensoverdrachten (subsidies), is er geen sprake van een financieel belang. Deze relaties worden niet in deze paragraaf beschreven. Als daartoe vanuit de kaderstellende rol aanleiding is, worden deze relaties direct bij de programma’s beschreven.

Als er sprake is van financiële risico’s, dan worden deze in de paragraaf weerstandsvermogen beschreven. Er zijn twee soorten verbonden partijen: 1. Publiekrechtelijk: de gemeenschappelijke regeling. Afhankelijk van de aard van samenwerking kan wel of geen rechtspersoon worden gecreëerd. Wordt er geen rechtspersoon gecreëerd dan bestaat de samenwerking vooral uit overleg. Wordt er wel een rechtspersoon in het leven geroepen, dan is er sprake van verlengd lokaal bestuur; 2. Privaatrechtelijk: rechtspersoon, zoals een vennootschap (bv, nv of cv), stichting of vereniging.

6.2 Beleid

De gemeente wil de beoogde doelen, zoals geformuleerd in de Kaderbrief en Programmabegroting, optimaal realiseren. In de meeste gevallen betekent dit dat de gemeente zelfstandig taken en resultaten kan realiseren. In een aantal gevallen is samenwerking met derden zinvol. De gemeente kan een relatie met een verbonden partij aangaan, indien de voordelen van de samenwerking opwegen tegen de nadelen. Mogelijke voor- en nadelen van verbonden partijen staan beschreven in de nota Verbonden Partijen 2018. De visie en kaders van verbonden partijen moeten geen harnas zijn, maar een werkbaar en helder instrument . De afweging van voor- en nadelen is tenslotte slechts beperkt in cijfers uit te drukken. De beoordeling en weging van factoren is iets wat bij elke verbonden partij opnieuw zorgvuldig dient te gebeuren. Voor het aangaan van een verbinding met een partij zijn kaders

62

geformuleerd in de nota Verbonden Partijen.

6.3 Verbonden partijen Inzicht in verbonden partijen

Om het college en de raad te ondersteunen bij de besturing, rangschikken we onze verbonden partijen bij elke programmabegroting en jaarverslaggeving naar de volgende relevante criteria: zeggenschap: de mate waarin de gemeente Barneveld een reële of verwaarloosbare invloed heeft op de verbonden partij (het gaat hierbij niet zozeer om een hard percentage); beleidsintensiteit: de mate waarin sprake is van veel en/of veranderende beleidskaders. Reële zeggenschap Financieel belang/risico/kans: Laag Financieel belang/risico/kans: Hoog

Verwaarloosbare zeggenschap Financieel belang/risico/kans: Laag Financieel belang/risico/kans: Hoog

Beleidsintensiteit: Laag Parkeerservice Regio de Vallei OMVV GBO MTB OddV PPS De Burgt Beleidsintensiteit: Laag Alliander BNG Bank Leisurelands Valleihopper Veluws Bosbrand Comité

Beleidsintensiteit: Hoog Regio Foodvalley

VGGM

Beleidsintensiteit: Hoog

SVn

De gemeente Barneveld is per 2023 verbonden aan onderstaande organisaties, in volgorde van de vier programma’s.

Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden

Realisatie van bovengemeentelijke en/of specialistische taken zoals Visie, meerjarig kader opgedragen in de Wet veiligheidsregio’s en de Wet Publieke en Gezondheid en zoals vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling doelstellingen en/of overdrachtsovereenkomst. In de begroting 2024 zijn de volgende ontwikkelingen opgenomen: Ontwikkelingen - Inflatie; en beleidsvoornemens - Loon- en prijscompensatie; 2024 - Versterking GGD; - Organisatieversterking. Begroot resultaat: nihil, de begroting is in evenwicht. Voor 2024 verwachte Eigen vermogen: Algemene reserve €1,5 eigen en vreemd miljoen. Bestemmingsreserves €4,7 miljoen. vermogen en begrote Vreemd vermogen: Overlopende passiva €16 miljoen. financiële resultaat Voorzieningen €4,8 miljoen. Weerstandsvermogen in de vorm van algemene bedrijfsreserve is Risico’s en laag. Dat is een bewuste keuze. Bij problemen valt de weerstandsvermogen gemeenschappelijke regeling terug op de deelnemers. 1. Participatie & Ondersteuning. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. 1.2 Sociale en vitale samenleving. Doelstelling(en) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving. Indicator(en) 3.2.1. Wet Veiligheidsregio’s en Besluit Veiligheidsregio’s. Beslissingsbevoegd College van B&W (gemeenteraad kan zienswijze indienen). orgaan Overgedragen Geen. bevoegdheden

63

Juridische vorm

Bestuurlijk belang Financieel belang Contracteinde

Door college ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen (de medewerkers die de JGZ 0-4 jaar uitvoeren (consultatiebureau) en van Veilig Thuis zijn ondergebracht in een stichting. Portefeuillehouders Openbare orde & Veiligheid en Volksgezondheid zitten in het bestuur van de gemeenschappelijke regeling en het stichtingsbestuur. De bijdrage 2024 is begroot op €7,5 miljoen. Onze relatie met de Veiligheids- en Gezondheidsregio GelderlandMidden (VGGM) is een verplichte op grond van de wet. De regeling wordt opgeheven wanneer ter vergadering van het algemeen bestuur blijkt dat colleges van ten minste twee derde van de deelnemende gemeenten tot opheffing hebben besloten.

Coöperatie Parkeerservice UA

Ondersteuning bij het ontwikkelen, implementeren en uitvoeren van Visie, meerjarig kader parkeerbeleid, zonder winstoogmerk; en De deelnemende gemeenten (leden) zorgen samen voor doelstellingen inkoopkracht, schaalvoordeel en bundeling van kennis. Uitvoering van het Parkeerbeleid met name van parkeerbeheer. 2024 staat wederom in het teken van de uitrol van activiteiten en Ontwikkelingen maatregelen uit het Parkeerplan (betaalgemak straatautomaten en en beleidsvoornemens vooral cameraparkeren Torenplein centrum Barneveld). 2024 Parkeerservice zoekt nieuwe leden. Tevens is het uitbreiden van het pakket aan diensten bij bestaande leden een belangrijk speerpunt. Voor 2024 verwachte EV 2022 bedroeg € 2.025 miljoen en VV € 5.505 miljoen. Uitgaande eigen en vreemd van het begrootte nihil resultaat zijn de standen in 2024. vermogen en begrote EV 2024 bedroeg € 2.025 miljoen en VV € 5.505 miljoen. financiële resultaat Uitgangspunt is om kostendekkend te opereren. Er wordt gewerkt Risico’s en volgens een overeenkomst die jaarlijks wordt vastgesteld. Het weerstandsvermogen lidmaatschap wordt daarmee jaarlijks verlengd. Voor opzegging geldt een opzegtermijn van één kalenderjaar. Programma 2. Bedrijvigheid & Bereikbaarheid. 2.1 Aantrekkelijk ondernemingsklimaat (inclusief goede Doelstelling(en) bereikbaarheid) en het bieden van parkeergelegenheid.

Indicator(en) Niet van toepassing Beslissingsbevoegd College orgaan Overgedragen Geen bevoegdheden Coöperatie met uitgesloten aansprakelijkheid. Juridische vorm Deelname als lid van de coöperatie (alleen gemeenten kunnen lid worden; andere partijen kunnen producten afnemen). Portefeuillehouder verkeer vertegenwoordigt de gemeente in de Bestuurlijk belang Algemene Ledenvergadering (ALV).

Financieel belang

Contracteinde

De bijdrage voor het afsluiten van het raamcontract (beheer en onderhoud ‘straatparkeerapparatuur’, één Slagboomterrein, één Cameraparkeerterrein en nacalculatie geleverde diensten) en is conform opdracht gefactureerd. De overige (meer-)kosten zijn nog niet bekend ivm nacalculatie. Deze kosten komen voort uit herstelkosten van de apparatuur na storingen. Raamcontract per jaar in euro: 2021 = 226.000 2022 = 205.000 2023 = 209.000 2024 = 220.000 Het lidmaatschap van de coöperatie wordt jaarlijks automatisch stilzwijgend verlengd met één jaar. De opzegtermijn bedraagt één jaar.

Centrumregeling Meten en Monitoren Afvalwaterketen

64

De doelstellingen zijn als volgt verwoord: 1. Het regulier aan gemeenten en waterschap verschaffen van op meet- en monitoringsgegevens gebaseerde informatie over en inzicht in hoe de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater functioneren. 2. Het in opdracht van een deelnemende gemeente of van het waterschap op basis van de verzamelde data uitbrengen van advies met betrekking tot de afvalwaterketen, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater. 3. Door de taken van gemeenten en waterschap te bundelen wordt de kwaliteit geborgd, wordt er bespaard op kosten en wordt de kwetsbaarheid bij de partners ten aanzien van de personele inzet verminderd. Ook wordt door deze aanpak de innovatie in de uitvoering van het beheer en onderhoud Visie, meerjarig kader bevorderd. en 4. Deze centrumregeling is gericht op meten, monitoren en Doelstellingen daaraan verbonden advisering zoals omschreven in artikel 4 ten behoeve van de deelnemende gemeenten en het waterschap. 5. De samenwerking wordt zodanig ingericht dat zij garant staat voor continuïteit en duurzaamheid van de informatievoorziening met betrekking tot het functioneren van de gemeentelijke rioolstelsels, het systeem van de afvalwaterketen als geheel, het stedelijk oppervlaktewatersysteem en het grondwater. 6.

De deelnemende gemeenten en het waterschap behouden hun eigen bestuurlijke structuur, bevoegdheden en verantwoordelijkheden, gericht op een goede invulling van hun zorgplicht met betrekking tot de inzameling en afvoer van afvalwater, het transport en de verwerking van afvalwater, het stedelijk oppervlaktewaterbeheer en het grondwaterbeheer. Resultaten 2024

Uitwisseling van data en kennis ten behoeve van onze beheermaatregelen en projecten.

Voor 2024 verwachte eigen en vreemd Niet van toepassing vermogen en begrote financiële resultaat Risico’s en Geen weerstandsvermogen Programma Programma 3 Woon- en Leefomgeving Doelstelling(en) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving - onderdeel riolering & water Indicator(en) Niet van toepassing Beslissingsbevoegd College orgaan Overgedragen Geen bevoegdheden Juridische vorm Gemeenschappelijke regeling Bestuurlijk belang Wethouder vertegenwoordigt gemeente Financieel belang De bijdrage voor 2022 bedroeg € 38.503 31 december 2025 met een stilzwijgende verlenging met een Contracteinde periode van 5 jaar

Leisurelands

Het op een maatschappelijk en economisch verantwoorde wijze Visie, meerjarig kader aanbieden van een recreatief aanbod dat past bij de eisen en en wensen van de recreant. Daarvoor zal het bestaande doelstellingen productaanbod kwantitatief en kwalitatief verder worden verbreed.

65

Gewerkt wordt aan de verbetering en exploitatie van de verschillende terreinen. De recreatiebranche is de afgelopen jaren in beweging. De consument wordt veeleisender en investeringen in Ontwikkelingen de sector staan onder druk. Recreatieterrein Zeumeren is de en beleidsvoornemens komende jaren een proeftuin voor Leisurelands als het gaat om de 2024 toepassing van alternatieve energie (zonnepanelen en biovergassingsinstallatie) op recreatieterreinen. Tevens zet Leisurelands in op een kwalitatieve verbetering van het recreatiegebied. De meeste actuele cijfers staan in de jaarrekening 2022. Het eigen Voor 2024 verwachte vermogen per 01-01-2023 betreft €77 miljoen. In 2022 kwam het eigen en vreemd bedrijfsresultaat uit op een positief resultaat van €1,8 miljoen. Het vermogen en begrote resultaat voor belastingen is uitgekomen op een negatief resultaat financiële resultaat van €2,2 miljoen. Risico’s en Niet van toepassing. weerstandsvermogen Programma 2. Bedrijvigheid & Bereikbaarheid. Doelstelling(en) 2.1 Aantrekkelijk ondernemingsklimaat. Indicator(en) Geen. Beslissingsbevoegd Gemeenteraad. orgaan Overgedragen College treedt namens raad op bij onder andere bevoegdheden8901 aandeelhoudersvergaderingen. Juridische vorm Besloten vennootschap.

Portefeuillehouder toerisme (economie) is gemandateerd om in de aandeelhoudersvergaderingen namens de gemeente Barneveld het Bestuurlijk belang woord te voeren en stemrecht uit te brengen op de door de gemeente Barneveld gehouden aandelen in het kapitaal van Leisurelands. Leisurelands beheert 19 recreatiegebieden in Gelderland (en één in Limburg), waaronder Zeumeren. De gemeente Barneveld is samen met nog 22 andere gemeenten aandeelhouder van Leisurelands. De Financieel belang gemeente Barneveld heeft op basis van haar inwoneraantal 4,6% van de aandelen in bezit. De gemeente Barneveld verstrekt aan Leisurelands geen subsidie en Leisurelands keert geen dividend uit over de aandelen. Als aandeelhouder is er geen sprake van een gespecialiseerde contractduur. Eind 2021 is de bestaande aandeelhoudersovereenkomst verlengd voor de periode van 2022Contracteinde 2026. In de overeenkomst is vastgelegd dat de aandelen niet niet vrij verhandelbaar zijn. Ze mogen alleen aan medeaandeelhouders te koop worden aangeboden.

Valleihopper

De Valleihopper verzorgt het geïndiceerd Wmo-vervoer voor de gemeenten Barneveld, Ede, Nijkerk, Renswoude, Rhenen, Scherpenzeel, Veenendaal en Wageningen. Het vervoer wordt Visie, meerjarig kader verzorgd in opdracht van de deelnemende gemeenten. De en organisatie is ondergebracht in de Bedrijfsvoeringsorganisatie doelstellingen (BVO) Valleihopper. Voor de drie Utrechtse gemeenten wordt in opdracht van de Provincie Utrecht nog het aanvullend openbaar vervoer verzorgd. Regionaal vinden voorbereidingen plaats voor een gezamenlijke Ontwikkelingen aanbesteding van het vervoer. De huidige overeenkomsten lopen af en beleidsvoornemens op 1 januari 2025. Eerder is genoemd dat er beheersmaatregelen 2024 worden ontwikkeld om het systeem toekomstbestendig te houden. Dit zal meegenomen worden in het aanbestedingstraject. Voor 2024 verwachte BVO Valleihopper heeft geen winstoogmerk. Alle kosten worden eigen en vreemd ieder jaar gedekt door de bijdragen van de deelnemende vermogen en begrote gemeenten. Het financiële resultaat is daarmee nihil. De BVO heeft financiële resultaat geen eigen vermogen en ook geen vreemd vermogen. Risico’s en Geen. weerstandsvermogen Programma 1. Participatie & Ondersteuning Verzorgen van vervoer. Wmo-vervoer als vangnetvoorziening voor Doelstelling(en) de acht gemeenten in de regio Foodvalley. En aanvullend openbaar vervoer voor drie Utrechtse gemeenten.

66

Indicator(en) Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm Bestuurlijk belang Financieel belang

Contracteinde

Geen. College. Geen. Een door het college ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Vertegenwoordiging vanuit alle colleges in het bestuur van BVO Valleihopper. De bijdrage voor 2024 bedraagt € 445.673. Het samenwerkingsverband is aangegaan voor onbepaalde tijd. In de gemeenschappelijke regeling is voorzien in de mogelijkheid van uittreding. Daartoe moet het college een uittredingsplan opstellen. Onderdeel daarvan is dat de regio wordt gecompenseerd voor het nadeel dat de andere deelnemende gemeenten lijden door het uittreden van een lid. De raad van de uittredende gemeente moet het uittredingsplan goedkeuren.

Gemeente Barneveld Ontwikkeling

Visie, meerjarig kader en Participeren in gebiedsontwikkelingen. doelstellingen Ontwikkelingen en beleidsvoornemens Instandhouding ten behoeve van ontwikkelingen in De Burgt. 2024 Voor 2023 verwachte eigen en vreemd In het kader van De Burgt zijn afspraken in een voorovereenkomst vermogen en begrote gedefinieerd die door de raad bekrachtigd zijn. financiële resultaat Gemeente Barneveld Ontwikkeling (GBO) is 100% 'dochter' van de Risico’s en gemeente en dient slechts als hulpstructuur tot participatie. Voor de weerstandsvermogen financiële risico's heeft de gemeente een voorziening getroffen die jaarlijks muteert op basis van de resultaten van GBO BV. 2. Bedrijvigheid & Bereikbaarheid. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. Doelstelling(en) Ontwikkelen woonwijk De Burgt. Indicator(en) Geen. Beslissingsbevoegd De aandeelhoudersrechten binnen GBO worden uitgeoefend door orgaan vertegenwoordigers van de gemeente Barneveld. Overgedragen Geen. Het betreft participatie in een privaatrechtelijke context. bevoegdheden Besloten vennootschap waarbij alle aandelen berusten bij de Juridische vorm gemeente. Bestuurlijk belang Aandeelhouder en bestuurder. De gemeente heeft een geldlening uitstaan op GBO BV. Deze is grotendeels afgelost. Er staat nog voor € 0,4 miljoen uit. Daarnaast heeft de gemeente kosten voorgeschoten middels een rekeningcourantverhouding met GBO BV.

Deze vordering op GBO BV is momenteel € 2,1 miljoen. Over beide bedragen wordt een rente Financieel belang in rekening gebracht aan GBO BV. Het maatschappelijk kapitaal bedraagt € 90.000; hiervan is € 18.151 geplaatst en volgestort. Voor de financiële resultaten wordt binnen de gemeente een voorziening aangehouden die jaarlijks muteert met het vaststellen van de jaarrekening van GBO BV. Contracteinde Na afronding van de woonwijk De Burgt.

PPS De Burgt

Visie, meerjarig kader en Ontwikkeling van nieuwbouwwijk De Burgt. doelstellingen

67

Ontwikkelingen Voorbereidingen treffen voor de ontvlechting van de cv/bven beleidsvoornemens structuur. 2023 Voor 2023 verwachte eigen en vreemd In het kader van De Burgt zijn afspraken in een voorovereenkomst vermogen en begrote gedefinieerd die door de raad bekrachtigd zijn. financiële resultaat Risico’s en De risico’s worden beperkt ingeschat als gevolg van afspraken weerstandsvermogen rondom De Burgt die door de raad bekrachtigd zijn. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. Doelstelling(en) 3.1 Woningen (kwantitatief en kwalitatief). 3.1.1.Toename woningen in goedkope/middeldure/dure sector, percentage goedkope nieuwe woningen en percentage senioren Indicator(en) voor senioren. 3.1.2 Toename woningvoorraad. Beslissingsbevoegd Vaststelling bestemmingsplan: raad. orgaan Zeggenschap in rechtspersonen: college via GBO BV. Overgedragen Geen. bevoegdheden Juridische vorm Besloten vennootschap / commanditaire vennootschap. Bestuurlijk belang Aandeelhouder en bestuurder van de beherende vennoten. De gemeente heeft geen direct financieel belang. Het financiële belang (deelnemingen en verstrekte leningen) loopt via GBO BV. De Financieel belang financiële resultaten vertalen zich jaarlijks in de jaarrekening van GBO BV. Contracteinde Na afronding van woonwijk De Burgt of bij ontvlechting cv De Burgt.

Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten

Zorgen voor de verbetering van de kwaliteit van de volkshuisvesting en de gebouwde omgeving in brede zin. Doelstelling wordt nagestreefd door het verstrekken van leningen. De gemeente heeft Visie, meerjarig kader via het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten en (SVn) lopen: doelstellingen - garantstelling Woningstichting Barneveld; - VROM-starterslening; - duurzaamheidslening / stimuleringsregeling toekomstbestendig wonen. Inzet zal zijn dat we de starterslening continueren, gezien de vraag vanuit de samenleving, met name gericht op starters die willen kopen. In 2023 heeft de raad gekozen voor de actuele NHG grens als maximaal aanschafbedrag. Hierdoor zijn er in 2023 veel aanvragen geweest. In de huidige regeling gaat het om maximaal 30 revolverende startersleningen per jaar. In een evaluatie van de regeling (in 2023) zal het advies mogelijk zijn dat dit aantal Ontwikkelingen en beleidsvoornemens wellicht moet worden verhoogd (richting 45 leningen per jaar) vanwege de verruimde aanschafprijs in relatie tot het aantal 2024 aanvragen. De duurzaamheidslening / stimuleringsregeling toekomstbestendig wonen (verduurzaming, asbest, woningaanpassing) zal ook doorgaan in 2024. De garantstelling WsB loopt verder af vanwege het aflossingsschema, ons aandeel wordt hier dus steeds kleiner in. Voor 2023 verwachte Eigen vermogen: € 62,8 miljoen.

(2022) eigen en vreemd Vreemd vermogen: € 1603 miljoen (2022). vermogen en begrote financiële resultaat Stand per 31-12-22, verwachting 2023 is nog niet bekend.

68

Op 31 december 2022 bedroeg het SVn-vermogen ruim 62,8 miljoen. Een deel daarvan reserveert SVn sinds 2014 voor het 10% eigen risico op verliezen bij NHG-hypotheken voor startersleningen. SVn neemt dit risico over van gemeenten, provincies en samenwerkingspartners en belast deze bij eventuele verliesdeclaraties niet door. De niet door NHG gegarandeerde Risico’s en verliesdeclaraties op de combinatielening (die samen met de weerstandsvermogen starterslening wordt verstrekt) bekostigt SVn tijdens deze periode eveneens uit het SVn-vermogen. Ook SVn-plusleningen (€ 1,1 miljoen) en de eerste honderd verzilverleningen (€ 1,2 miljoen) financierden we uit het SVn-vermogen. Deze voldoen echter beide aan de voorwaarden van NHG. SVn betaalt de 10% eigen risico die NHG op de geldverstrekker verhaalt. Daarmee is de terugbetaling van de voorfinanciering van de gemeente gedekt. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. 3.1 Woningen (kwantitatief en kwalitatief); toegang Doelstelling(en) koopwoningmarkt voor starters en verduurzaming woningvoorraad. 3.1.1. Toename woningen in goedkope sector, percentage Indicator(en) goedkope nieuwe woningen. Beslissingsbevoegd Gemeenteraad. orgaan Toetsing financiële gegevens bij aanvragen om starterslening en duurzaamheidslening / stimuleringsregeling toekomstbestendig Overgedragen wonen.

bevoegdheden Uitkeren van door gemeente toegewezen starterslening en duurzaamheidslening. Juridische vorm Stichting. Bestuurlijk belang Lidmaatschap van gemeente. Het saldo van de uitstaande leningen (uitgaven minus inkomsten) was per 31 december 2022 € 4,889 miljoen voor 472 starters- en Financieel belang 326 duurzaamheidsleningen en 294 Toekomst Bestendig Wonen Leningen (TBWL). De overeenkomst is voor onbepaalde tijd. De opzegtermijn is Contracteinde één jaar, tenzij anders wordt overeengekomen.

Veluws Bosbrand Comité

Visie, meerjarig kader en doelstellingen Ontwikkelingen en beleidsvoornemens 2024 Voor 2024 verwachte eigen en vreemd vermogen en begrote financiële resultaat

De stichting is een samenwerking van 20 gemeenten op de Veluwe met als doelstelling het voorkomen en beperken van bos- en natuurbranden op de Veluwe. Het voorkomen van bosbranden is al langere tijd vanwege de klimaatveranderingen een belangrijk aandachtspunt voor de brandweer. De Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland-Midden (VGGM) betaalt namens de aangesloten gemeenten een jaarlijkse bijdrage die gebaseerd is op de begroting.

Het risico bestaat dat de werkelijke activiteiten groter zijn dan begroot en er aan het einde van het jaar een afrekening plaatsvindt. Programma 3. Woon- & Leefomgeving, Doelstelling(en) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving. Indicator(en) Geen. Beslissingsbevoegd orgaanCollege. Overgedragen Geen. bevoegdheden Juridische vorm Stichtingsvorm vanuit overheidsbelang. Bestuurlijk belang Aansluiting via kanalen VGGM. De bijdrage in de exploitatielasten voor 2024 is opgenomen in Financieel belang de bijdrage van de VGGM. Contracteinde Er is geen contracteinde vastgesteld.

Risico’s en weerstandsvermogen

Regio de Vallei

69

Regio de Vallei is een regionaal samenwerkingsverband tussen de gemeente Barneveld, Ede, Nijkerk, Scherpenzeel en Visie, meerjarig kader Wageningen.Binnen Regio De Vallei vinden twee activiteiten plaats, en namelijk contracthouderschap voor het aanlevercontract van doelstellingen huishoudelijk restafval en beleidsafstemming en gezamenlijke inkoop op hte gebied van GFT, PMD en huishoudelijk restafval. Regio de Vallei heeft met de ARN een aanlevercontract voor onbepaalde tijd. Dit contract kan tussentijds worden opgezegd, wat inmiddels gebeurd is en eindigt per 1 april 2025. In 2024 zal een aanbesteding voor de verwerking van huishoudelijk afval worden doorlopen. Ontwikkelingen Vanaf 2023 laat Regio De Vallei het huishoudelijk bioafval ook en beleidsvoornemens verwerken bij de ARN. 2024

Voor 2024 verwachte De meest recente gegevens staan in de jaarrekening 2022. Het eigen en vreemd eigen vermogen per 01-01-2023 bedraagt €113.758. Begin 2023 is vermogen en begrote er sprake van een vreemd vermogen van €1.461. In 2022 is er een financiële resultaat resultaat geboekt van €71.792. De werkzaamheden van deze gemeenschappelijke regeling zijn Risico’s en beperkt. De reserve is voldoende om eventuele risico's op te weerstandsvermogen vangen. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. Doelstelling(en) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving. Indicator(en) Geen. Beslissingsbevoegd College. orgaan Overgedragen Vaststelling bijdrage deelnemende gemeenten. bevoegdheden Door de raad ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet Juridische vorm gemeenschappelijke regelingen. Vertegenwoordiging door portefeuillehouder Groen en Openbare Bestuurlijk belang Ruimte in het bestuur Regio de Vallei. Financieel belang Bijdrage Barneveld in 2024 aan regio De Vallei is €10.186 In de GR is voorzien in de mogelijkheid van uittreding. Daartoe moet het college een uittredingsplan opstellen en de regio moet Contracteinde worden gecompenseerd voor het nadeel dat de andere deelnemende gemeente lijden door het uittreden van een lid. De raad moet het uittredingsplan goedkeuren.

Omgevingsdienst de Vallei

De Omgevingsdienst de Vallei (OddV) voert voor de gemeente de Visie, meerjarig kader vergunningverlening, het toezicht en de handhaving op grond van en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht uit met als doel een doelstellingen veilige, gezonde en duurzame fysieke leefomgeving. Op 1 januari 2024 zullen naar verwachting de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) in werking treden. Dit is een zeer ingrijpende stelselwijziging op het gebied van de fysieke Ontwikkelingen leefomgeving, die ook voor de OddV wijzigingen in haar en beleidsvoornemens werkzaamheden en processen met zich mee zal brengen. 2024 Daarnaast staat de gemeente, naast de autonome stijgingen, voor een aantal grote maatschappelijke opgaven, zoals woningbouw, de stikstofproblematiek, verduurzaming en circulaire economie. Voor 2024 verwachte Het geprognosticeerd eigen vermogen per 31 december 2024 is € eigen en vreemd 506.000 en het vreemd vermogen is € 764.000. Het begrote vermogen en begrote financiële resultaat bedraagt € 0. financiële resultaat

70

Door de onder 'Ontwikkelingen & beleidsvoornemens 2023' genoemde ontwikkelingen zijn de hoeveelheid door de gemeente af te nemen producten en diensten bij de OddV, alsmede de (leges)opbrengsten, momenteel nog moeilijk te kwantificeren. Het Risico’s en risico bestaat dat het geraamde budget voor de OddV voor weerstandsvermogen 2024 (zoals weergegeven onder 'Financieel belang') daardoor ontoereikend kan blijken te zijn. Het weerstandsvermogen voor 2024 bedraagt € 341.000 en is onvoldoende om de risico's te dekken. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. Doelstelling(en) 3.2 Aantrekkelijke leefomgeving. Indicator(en) Geen. Beslissingsbevoegd College. orgaan Overgedragen De OddV voert de ingebrachte taken namens het college uit bevoegdheden (mandaat). Door het college ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet Juridische vorm gemeenschappelijke regelingen. De vertegenwoordiging van het college in het bestuur van de gemeenschappelijke regeling wordt vervuld door de wethouder, Bestuurlijk belang wiens portefeuille onder andere Financiën, Bedrijfsvoering en Handhaving bevat. Financieel belang Bijdrage 2024 is € 4.791.372. In de Gemeenschappelijke Regeling OddV (GR) is opgenomen dat Contracteinde uittreding onder voorwaarden mogelijk is, op zijn vroegst 5 jaar na inwerkingtreding van de GR (2013).

Ontwikkelingsmaatschapppij VitaleVakantieparken (OMVV)

Soms lopen lokale ontwikkelingen vast door complexe eigendomssituaties en/of problemen met de financiering. Als de markt het niet oplost en voor gemeenten het publiekrechtelijke Visie, meerjarig kader spoor doodloopt, kan stevig ingrijpen nodig zijn. De elf Veluwse en gemeenten en de provincie Gelderland, verenigd in het programma doelstellingen Vitale Vakantieparken, hebben daarvoor gezamenlijk de besloten vennootschap (bv) OMVV opgericht. In overleg met de betrokken gemeente kan de OMVV een rol spelen bij het aankopen en/of (tijdelijk) beheren van parken. De OMVV is een besloten vennootschap (bv) met een ontwikkeltaak en financiële mogelijkheden. De ontwikkeltaak richt zich op het uitvoeren van projecten, bijvoorbeeld het aankopen, tijdelijk beheren of verkopen van een park of het investeren in Ontwikkelingen kwaliteitsverbetering. Tot de financiële mogelijkheden behoren en beleidsvoornemens garanties, leningen en bijdragen die worden verstrekt om projecten 2024 mogelijk te maken. De OMVV stelt alleen geld en inzet voor een project beschikbaar als een substantieel deel lokaal wordt gecofinancierd. De raad van commissarissen stelt het jaarplan vast, op moment van schrijven is dit nog niet gebeurd. Voor 2024 verwachte eigen en vreemd Verwacht vermogen en financieel resultaat voor 2024 zijn nog niet vermogen en begrote bekend. financiële resultaat 2.

Bedrijvigheid & Bereikbaarheid. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. Doelstelling(en) 2.1 Aantrekkelijk ondernemingsklimaat. Indicator(en) Is nog in ontwikkeling. Beslissingsbevoegd Er is een raad van commissarissen en een orgaan aandeelhoudersvergadering. De gemeente is aandeelhouder. Overgedragen Geen. bevoegdheden Juridische vorm Bv. Portefeuillehouder financiën is gemandateerd om de gemeente in Bestuurlijk belang de aandeelhoudersvergadering te vertegenwoordigen. Financieel belang € 2.959 aan aandelen. Dat is 6,58% van de aandelen. Contracteinde Niet van toepassing.

Muziektheater Barneveld

71

Visie, meerjarig kader Het beschikbaar stellen van vastgoed om openbaar toegankelijke en culturele voorstellingen en evenementen mogelijk te maken. doelstellingen In 2023 wordt de governance onderzocht. Een eventuele uitwerking Ontwikkelingen volgt in 2024. en beleidsvoornemens 2024 MTB BV heeft per 31 december 2022 een eigen vermogenspositie Voor 2024 verwachte van circa € 4,8 miljoen en bestaat uit het geplaatste eigen en vreemd aandelenkapitaal en loopt af naar mate het gebouw afgeschreven vermogen en begrote wordt. MTB BV heeft geen langlopende schulden. Het verwachte financiële resultaat resultaat 2023, inclusief afschrijvingen, is -€ 82.967. MTB BV heeft één huurder, te weten Schaffelaartheater BV. De Risico’s en mate waarin de huurder zijn huur kan betalen is een risico. MTB BV weerstandsvermogen beschikt over een buffer die bedoeld is voor onderhoud van het vastgoed en zo nodig voor liquiditeitssteun aan de huurder. Programma 3. Woon- & Leefomgeving. Doelstelling(en) 3.3 Adequate voorzieningen. Indicator(en) Geen. Beslissingsbevoegd College. orgaan Het onderhoud van het vastgoed en de doorbetaling van subsidie Overgedragen aan Schaffelaartheater BV en toezicht op Schaffelaartheater zijn bevoegdheden overgedragen aan MTB BV. Juridische vorm Besloten vennootschap. College van B&W is samen met Stichting Fonds 1845 eigenaar van Bestuurlijk belang het theatergebouw.

Beide maken deel uit van de Algemene vergadering van aandeelhouders MTB BV. Deelneming in geplaatst maatschappelijk kapitaal van € 6,1 miljoen. Het aandeel van de gemeente is 78,25%. De exploitatie Financieel belang van het Muziektheater is in handen van MTB BV. De theaterproductie is in handen van Schaffelaartheater BV. Als aandeelhouder is er geen sprake van een gespecificeerde contractduur. Het aandelenkapitaal zou vervreemd kunnen worden. Contracteinde In dat geval dienen de aandelen eerst aan de medeaandeelhouders te worden aangeboden.

Regio FoodValley

Een regio vormen die de belangen en ontwikkelingskansen van het Visie, meerjarig kader gebied in relatie tot de Strategische Agenda Foodvalley 2020-2025 en krachtig onder de aandacht kan brengen van belangrijke spelers op doelstellingen diverse terreinen De regio bevindt zich in een doorontwikkeling, waarbij de aandacht van het Rijk en de provincie groter wordt en daarmee nieuwe mogelijkheden ontstaan om de ambities waar te maken. Het bestuur heeft de rol en positie van de regio in relatie tot de triplehelix-partners herijkt. De Economic Board is begin 2021 van start gegaan. Ontwikkelingen Gezamenlijk is in 2020 de Strategische Agenda Foodvalley 2020en beleidsvoornemens 2025 opgesteld. De Strategische Agenda biedt het kader 2024 waarbinnen de overheid met onderwijsinstellingen en ondernemers komende jaren samenwerkt aan gemeenschappelijke doelen en ambities. Naast het halen van de doelstellingen van de huidige strategische agenda zal het jaar 2024 in het teken staan van de totstandkoming van een nieuwe Strategische Agenda 2026-2030. Voor 2024 verwachte Eigen vermogen: €5.908.894. eigen en vreemd Vreemd vermogen: nihil vermogen en begrote resultaat: nihil financiële resultaat Risico’s en De regio beschikt over een toereikende algemene reserve om weerstandsvermogen eventueel risico’s op te vangen. Programma 4. Samenwerken, Dienstverlenen & Besturen. Doelstelling(en) 4.1 Bestuur.

Indicator(en) Geen.

72

Beslissingsbevoegd orgaan Overgedragen bevoegdheden Juridische vorm Bestuurlijk belang Financieel belang

Contracteinde

College. Geen. Door college ingesteld openbaar lichaam op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen. Vertegenwoordiging door portefeuillehouder Regionale Samenwerking/Ruimte Ordening/Wonen in het bestuur van regio Foodvalley. De bijdrage in 2024 bedraagt € 303.455 (bijdrage regiokantoor), voor het mobiliteitsfonds €64.509 en voor de programma's €388.276. Totaal € 756.240 Het samenwerkingsverband is aangegaan voor onbepaalde tijd. In de GR is voorzien in de mogelijkheid van uittreding. Daartoe moet het college een uittredingsplan opstellen en de regio moet worden gecompenseerd voor het nadeel dat de andere deelnemende gemeenten lijden door het uittreden van een lid. De raad moet het uittredingsplan goedkeuren.

BNG Bank

Visie, meerjarig kader en Lage tarieven, dividend en overige bancaire faciliteiten. doelstellingen Met financiering het ondersteunen van klanten om hun duurzaamheidsdoelstellingen te realiseren. Het rapporteren over de klimaatimpact van de financieringen en het formuleren van Ontwikkelingen en beleidsvoornemens actieplannen die bijdragen aan een vermindering van de uitstoot van CO2 is een strategisch speerpunt. Daarnaast het proactief 2024 inspelen op klantbehoeftes en optimale klantbediening door verdere digitalisering van processen. Over het eerste halfjaar van 2023 is een renteresultaat gerealiseerd Voor 2024 verwachte van € 269 miljoen en een nettowinst van € 141 miljoen. De eigen en vreemd voornaamste oorzaak voor de lagere nettowinst (eerste halfjaar vermogen en begrote 2022: € 206 miljoen) is een lager gerealiseerd resultaat financiële financiële resultaat transacties op grond van de liquiditeitsportefeuille. De kapitaalpositie van BNG Bank blijft onveranderd sterk. De Common Equity Tier 1-ratio en de leverage ratio bedroegen eind juni 2023 respectievelijk 38,5% en 8,9%. Dit is ruim boven de Risico’s en minima zoals die door de toezichthouder zijn vastgesteld. weerstandsvermogen Opnieuw is een groot deel van de financieringen aangetrokken in de vorm van ESG-obligaties.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Barneveld&id=e7ee2464-ebc6-4f6d-b4dd-5063e9d6430c