CConstaterende datBarendrecht
Koppel je AI →
Document · PDF

Ruimtelijke onderbouwing Hof van Barendrecht d.d. 15 mei 2024 (ex bijlagen).pdf

commissie Ruimte 11 juni 2024, gemeente BarendrechtBij agendapunt: Ontwerp-omgevingsvergunning en verklaring van geen bedenkingen bouwplan 27 woningen, Hof van Barendrecht, 1e Barendrechtseweg 92a (adviserend)28.196 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

44

afstand in westelijke richting aan op de Henry Dunantlaan. Deze gebiedsontsluitingsweg verdeelt het verkeer verder in westelijke en oostelijke richting, en zorgt onder meer voor aansluiting op de A15. Afgaande op de beperkte ontwikkeling van het aantal verkeersbewegingen en de weginrichting van de omliggende wegen, kan worden geconcludeerd dat deze wegen over voldoende capaciteit beschikken om de toekomstige verkeersafwikkeling goed aan te kunnen. Zodoende leidt de ontwikkeling van de nieuwe woningen niet tot een onevenredige verkeerstoename op de bestaande wegen. 7.2

Parkeren Om de parkeerbehoefte bij ontwikkelingen te kunnen bepalen hanteert de gemeente Barendrecht de regeling ‘Parkeernormen gemeente Barendrecht 2018’. Hierin wordt verwezen naar de parkeerkencijfers en de daarbij aangegeven uitgangspunten zoals aangegeven door het CROW. Om inzicht te bieden in de parkeerbehoefte is daarom ook gebruik gemaakt van de CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’. Net als voor de verkeersgeneratie wordt hier uitgegaan van het gemiddelde kencijfer. Op basis van de woningcategorieën is het benodigde aantal parkeerplaatsen voor de ontwikkeling bepaald in tabel 7.2. Hieruit volgt een parkeerbehoefte van (naar boven afgerond) 45 parkeerplaatsen. Functie

Aantallen

Koop, huis, vrijstaand Koop, huis, twee-onder-een-kap Koop, appartement, goedkoop

1 6 20

Totaal

Norm (gemiddelde) 2,1 / woning 2,0 / woning 1,5 / woning

Parkeerbehoefte 2,1 12 30 44,1

Tabel 7.2: Berekening verkeersgeneratie huidige en toekomstige situatie.

In het bouwplan is voorzien in een toereikende parkeeroplossing. Zoals te zien in afbeelding 7.1, worden er in totaal 45 parkeerplaatsen in het projectgebied aangelegd. Bij de noordelijke benedenbovenwoningen is direct ten zuiden van de bebouwing een aaneengesloten rij van 24 parkeerplaatsen voorzien. Deze worden deels overdekt door de (groene) balkons van de woningen. Verder zijn er nog vier parkeerplaatsen bij de entree aan de westkant gesitueerd, haaks op de Van Hulststraat. Voor de woningen aan de zuidkant worden haakse parkeerplaatsen op eigen terrein aangelegd, direct grenzend aan de centrale toegangsweg. Per woning is daarbij sprake van een oprit richting een eigen garage, en is er een optie voor een carport/berging. Voor de lange oprit (10-12 m) met garage/carport bij de zes twee-ondereen-kapwoningen geldt een berekeningsaantal van 1,3. Dat betekent dat het berekende aantal parkeerplaatsen in de toekomstige situatie 46,8 bedraagt.

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

45

Afbeelding 7.1: Situatietekening met parkeeroplossing (bron: De Roon Architecten, 1 december 2022).

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

46

8

Duurzaamheid

8.1

Kader Nationaal klimaatbeleid De afgelopen jaren heeft de nationale overheid haar duurzaamheidsdoelen en de benodigde acties in verschillende documenten en afspraken vastgelegd. In 2013 zijn er afspraken gemaakt met het bedrijfsleven over onder andere besparing en meer duurzame opwekking in het Energieakkoord. In 2015 is er tijdens een VN-klimaattop in Parijs een nieuw internationaal klimaatakkoord opgesteld. Het doel hiervan is om de opwarming van de aarde te beperken tot ruim onder de 2 graden Celsius en minimaal 1,5 graden. In 2016 heeft de overheid vervolgens in de Energie-agenda vastgelegd hoe een CO2-arme energievoorziening in 2050 gerealiseerd kan worden. In 2018 zijn deze afspraken verder uitgebreid met een nationale Klimaatwet. Deze stelt dat in 2030 een CO2-reductie van 49% ten opzichte van 1990 gerealiseerd moet zijn. In 2050 moet dit minimaal 95% zijn. In een nationaal klimaatakkoord worden afspraken gemaakt hoe deze doelen gehaald gaan worden. Op 28 juni 2019 heeft het kabinet het klimaatakkoord gepubliceerd. Als onderdeel van het nationale klimaatakkoord is ook afgesproken om op regionaal niveau samen te werken aan de energietransitie. Daarbij gaat het specifiek over lokale duurzame opwekking, besparing en de warmtetransitie. Dit resulteert in dertig regionale energiestrategieën (de RES). De regio's krijgen ondersteuning van het Nationaal Programma RES.

Via de RES kan de besluitvorming omtrent de ruimtelijke inpassing van de duurzame energieopwekking en de energie-infrastructuur worden voorbereid in goed overleg met alle maatschappelijke partners en betrokkenen binnen de regio. Wet Voortgang Energie Transitie Op 1 juli 2018 is de Wet Voortgang Energie Transitie (VET) in werking getreden. Deze Wijzigingswet heeft een aantal aanpassingen doorgevoerd in de Gaswet en de Elektriciteitswet. Door de wijziging van de Gaswet mag een netbeheerder geen aardgasaansluiting meer verzorgen voor nieuwbouw. De aansluitplicht is dus vervallen, waarmee nieuwbouw niet meer aangesloten kan worden op het aardgasnet. Een belangrijk aandachtspunt is dat dit alleen geldt voor kleinverbruikers. Kleinverbruikers hebben een gasmeter tot en met G25 (een doorlaatwaarde tot en met 40 m³ per uur). Veel grotere kantoorpanden en bedrijven hebben een grotere aansluiting en hebben dus nog steeds recht op een aardgasaansluiting. Daarnaast biedt de Wet VET het college de ruimte om gebieden aan te wijzen waar netbeheerders geen nieuwe aardgasaansluitingen meer mogen verzorgen. Van deze bevoegdheid mag alleen gebruik worden gemaakt als er is voorzien in alternatieve voorzieningen. Dit heeft echter alleen invloed op kleingebruikers. Voor grootverbruikers vervalt het recht op een gasaansluiting hiermee dus niet.

De wetgeving biedt ook ruimte aan het college van B&W om bij zwaarwegende redenen van algemeen belang uitzonderingen te maken en toch in een gasaansluiting te voorzien. Energiezuinig bouwen De energiezuinigheid van woningen en utiliteitsgebouwen wordt uitgedrukt in de Energie Prestatie Coëfficiënt (EPC). Het Bouwbesluit stelt bepaalde eisen aan de energiezuinigheid van gebouwen en daarmee de EPC-waarde van een gebouw. Voor een woning geldt een eis van 0,4 terwijl voor utiliteitsbouw een variatie aan normen wordt gehanteerd op basis van de functie. De EPC-eisen zijn vanaf 2021 vervangen door de eisen voor Bijna EnergieNeutrale Gebouwen (BENG). In het Nationaal Plan voor het bevorderen van bijna-energieneutrale gebouwen wordt een strategie geschetst om te komen tot bijna-energieneutrale gebouwen, zowel bij nieuwbouw als transformatie van bestaande gebouwen. Het grote verschil tussen EPC en BENG is dat bij deze nieuwe eis energiebesparing belangrijker is dan energieopwekking. Waar bij de EPC-eis het nog mogelijk was om energieverliezen met bijvoorbeeld zonnepanelen te compenseren, kan dit met de nieuwe BENG eisen niet meer. Vergunningaanvragen die na 1 januari 2021 worden ingediend moeten voldoen aan deze BENG-norm.

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

47

Convenant klimaatadaptief bouwen Zuid-Holland In oktober 2018 heeft een groot aantal partijen in Zuid-Holland het Convenant Klimaatadaptief Bouwen ondertekend, waaronder provincie, gemeenten, waterschappen, bouwbedrijven, maatschappelijke organisaties, financiers en projectontwikkelaars. Het doel van het convenant is het verminderen van wateroverlast, hittestress, droogte en bodemdaling en het vergroten van de biodiversiteit. Met het convenant is de ambitie vastgelegd dat nieuwbouwlocaties in Zuid-Holland zoveel mogelijk klimaatadaptief worden gebouwd, zodat ze bestand zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering. De urgentie hiervan is ingegeven door het Deltaprogramma in combinatie met de grote bouwopgave in ZuidHolland. Klimaatverandering heeft grote impact op de leefomgeving en het aantal weersextremen neemt toe. Zuid-Holland staat daarnaast voor een grote woningbouwopgave, tot 2025 zijn er in de provincie 100.000 nieuwe woningen nodig. De procesafspraken uit het convenant zijn vervolgens vertaald in een 'Minimaal Programma van Eisen', dat op 13 september 2019 aan de Deltacommissaris is overhandigd. Dit programma dient als voorlopige maatregel, totdat een instrumentarium ontwikkeld is waarmee de klimaat-bestendigheid van nieuwbouwprojecten kan worden beoordeeld.

Het programma biedt praktische en concrete eisen die partijen in Zuid-Holland kunnen gebruiken om op korte termijn nieuwbouwplannen klimaatbestendig te ontwikkelen. Het is bedoeld om vooraf ruimtelijke plannen en ontwerpen aan te toetsen. De eisen zijn ingedeeld in zes thema's: · Wateroverlast; · Droogte; · Hitte; · Bodemdaling; · Biodiversiteit; · Overstromingen. Hierbij is eveneens een Leidraad klimaatadaptief bouwen opgesteld. Dit dient als hulpmiddel ter ondersteuning bij het concretiseren van de klimaatambities en het beoordelen van de gebiedsontwikkeling op de zes klimaatthema's. In de leidraad worden de thema's inhoudelijk uitgewerkt. De thema's zijn verbonden door de vaste stappen in het proces. De leidraad bestaat uit twee delen. Het eerste deel beschrijft per thema welke stappen genomen moeten worden om de ambities vast te leggen in eisen en te beoordelen. Het tweede geeft meer context aan en toelichting op het geheel. 8.2

Ontwikkeling Met de voorgenomen ontwikkeling wordt in ieder geval voldaan aan de wettelijke vereisten, en aangesloten bij de gestelde duurzaamheidskaders. Zo worden de woningen in ieder geval gasloos gerealiseerd en voldoen ze aan de laatste BENG-eisen. De precieze BENG-berekeningen worden nog uitgevoerd.

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

48

9

Uitvoerbaarheid

9.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de herontwikkeling van een voormalig bedrijfsperceel naar een woongebied met 27 nieuwe woningen. Daarmee wordt een braakliggend perceel in een bestaande woonwijk van een nieuwe invulling voorzien, die past bij de functie van het omliggende gebied. Daarbij zijn de nieuwe woningen stedenbouwkundig ingepast en qua ontwerp afgestemd op de bebouwing in de omgeving. Ten opzichte van de huidige invulling van de locatie wordt met de ontwikkeling een ruimtelijke kwaliteitsverbetering gerealiseerd. In het kader van de planvorming voor het perceel is participatie georganiseerd voor belanghebbenden. Zo hebben er verschillende mailingen en persoonlijke gesprekken plaatsgevonden met omwonenden en een werkgroep. Er zijn verschillende varianten voor de invulling van het projectgebied ontwikkeld, die aan de belanghebbenden zijn toegestuurd en in de gesprekken zijn besproken. Omwonenden hadden diverse bezwaren geuit tegen de voorgestelde plannen. Dit ging onder andere om de grote bouwmassa, de verkeersdrukte, de hoge parkeerdruk, het groen, de privacy, hun woongenot en mogelijk schade aan de woningen tijdens de bouw. De reacties op de varianten zijn in het ontwerpproces meegenomen, en hebben mede en in samenspraak met de gemeente geleid tot de definitieve variant (2b).

In deze variant zijn er aanzienlijk minder woningen dan in de eerder gepresenteerde plannen. Aan de kant van de Van der Meulenstraat komen grondgebonden woningen. De halfverdiepte parkeergarage is door de lagere aantallen woningen niet meer nodig en komt er niet. Ook deze definitieve variant is vervolgens met de belanghebbenden gedeeld en besproken. Niet alle zorgen kunnen worden weggenomen, maar zijn wel betrokken bij de totstandkoming van de definitieve plannen. Tijdens de realisatiefase zullen adequate maatregelen worden getroffen om overlast te beperken en schade te voorkomen. Los hiervan is in deze ruimtelijke onderbouwing de ontwikkeling getoetst aan de actuele beleidskaders en alle relevante milieu- en omgevingsaspecten. Daarnaast werden de bouwplannen voorgelegd aan de vaste overlegpartners. Aangenomen wordt dat voldoende tegemoet gekomen is aan de bezwaren tegen deze ontwikkeling. Niettemin wordt in het kader van de uitgebreide Wabo-procedure de mogelijkheid geboden tot het indienen van zienswijzen. De ontwerp-omgevingsvergunning wordt gedurende zes weken voor eenieder ter inzage gelegd.

9.2

Financiële uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een ruimtelijk besluit dient op grond van artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) minimaal inzicht te worden gegeven in de economische uitvoerbaarheid van het plan. Tevens is met de inwerkingtreding van de Wet ruimtelijke ordening de verplichting ontstaan om, indien sprake is van ontwikkelingen waarvoor de gemeente redelijkerwijs kosten moet maken, bijvoorbeeld voor de aanleg van voorzieningen van openbaar nut, en de plankosten, deze moeten kunnen worden verhaald op de initiatiefnemer c.q. ontwikkelaar. Gelet op het voorgaande wordt in het kader van de voorgenomen ontwikkeling een privaatrechtelijke overeenkomst gesloten tussen de gemeente en de initiatiefnemer. Vergoeding van gemeentelijke kosten wordt zodoende geborgd middels een anterieure overeenkomst. Daarmee wordt het voorliggende initiatief financieel uitvoerbaar geacht.

9.3

Vooroverleg Het bevoegd gezag dient bij de voorbereiding van een ruimtelijk besluit overleg te plegen met diverse betrokken instanties. In dit kader is een concept van de ruimtelijke onderbouwing voorgelegd aan de vaste

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

49

overlegpartners. De ontvangen reacties zijn samengevat en beantwoord in een Nota vooroverleg, die als bijlage 8 bij deze ruimtelijke onderbouwing is gevoegd. Daarin is ook aangegeven of, en zo ja welke wijzigingen naar aanleiding van de reacties zijn doorgevoerd.

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

50

10

Besluitvlak Dit betreft het gebied waarop het besluit tot verlenen van de omgevingsvergunning betrekking heeft. Binnen deze grenzen wordt afgeweken van het bestemmingsplan. Zie volgende pagina.

Hof van Barendrecht - Ruimtelijke onderbouwing (ontwerp) Gemeente Barendrecht 624.102.50 / 15 mei 2024

51

Plangebied Besluitvlak

VERKLARINGEN bestaande bebouwing, kadastrale- en topografische gegevens BGT/BRK 4 oktober 2022

Concept *

OVERLEG

Gemeente Barendrecht

TERINZAGELEGGING ONTWERP

Ruimtelijke onderbouwing

VASTGESTELD

Hof van Barendrecht IDN

GEWIJZIGD

NL.IMRO

WERKNR.

621.136.00

SCHAAL

1:1000

DATUM

N

J:\621\136\00\3 Projectresultaat\Verbeelding\dwg

BESTAND RO-RO-62113600-VB-CO.dwg

gj

BLAD

KuiperCompagnons Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Architectuur, Landschap BV City & Regional Planning, Urban Design, Architecture, Landscape

Postadres: Postbus 13042 3004 HA Rotterdam Bezoekadres: Van Nelleweg 3042 3044 BC Rotterdam Telefoon: 010 433 00 99 DATUM PLOT USER

4-10-2022 GJacobson

A3

PROJECTMAP

4 oktober 2022

GETEKEND

FORMAAT

E-mail: kuiper@kuiper.nl Internet: www.kuiper.nl

Bijlage 1 Aanmeldnotitie m.e.r-beoordeling

Aanmeldnotitie m.e.r.-beoordeling Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’

15 november 2022

Werknummer

621.136.00

Datum

15 november 2022

Adviseur

KuiperCompagnons

3

Inhoud 1. Inleiding ........................................................................................................................................... 4 2. Waarom een vormvrije m.e.r. beoordeling? ...................................................................................... 5 3. Criteria voor het toetsen van activiteiten in een m.e.r.-beoordeling .................................................... 6 4. Conclusie ......................................................................................................................................... 7

Bijlage I – Afwegingskader relevante milieuaspecten m.e.r.-beoordeling ............................................... 8

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

4 1.

Inleiding De initiatiefnemer heeft het voornemen om op het perceel aan de 1e Barendrechtseweg 92a te Barendrecht 27 nieuwe woningen te realiseren. Het voormalige hoveniersbedrijf dat op de locatie was gevestigd is niet langer aanwezig. Het plan is nu om het perceel te herontwikkelen tot een kleinschalig woongebied, met in totaal 27 nieuwe woningen. De beoogde realisatie van de woningen is niet mogelijk op grond van het vigerende bestemmingsplan ‘Woongebied Oost’ van de gemeente Barendrecht. Om de gewenste ontwikkeling in juridisch-planologische zin mogelijk te maken wordt een omgevingsvergunning aangevraagd voor het afwijken van het bestemmingsplan als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c juncto artikel 2.12 lid 1 onder a sub 3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (uitgebreide Wabo-procedure). Het projectgebied bevindt zich aan de noordzijde van Barendrecht, in de wijk Dorpzicht. De locatie ligt globaal ten noordwesten van het dorpscentrum van Barendrecht, op korte afstand ten zuiden van de A15 en de Henry Dunantlaan. Het perceel is gesitueerd ten westen en achter de eerstelijnsbebouwing van de 1e Barendrechtseweg. Aan de overzijde van de 1e Barendrechtseweg bevinden zich onder meer een scholencomplex en diverse sportvelden. Afbeelding 1.1 toont de globale ligging van het projectgebied in de omgeving.

Afbeelding 1.1: projectgebied ‘Hof van Barendrecht’.

Het projectgebied was tot voor kort in gebruik door een hoveniersbedrijf, dat inmiddels niet langer aanwezig is. In de bestaande situatie is het projectgebied ongebruikt, de voormalige bedrijfsbebouwing is nog aanwezig aan de noordoostkant van het perceel. Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

5

De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de sloop van de bestaande bebouwing, en nieuwbouw van 27 woningen. De nieuwe woningen zijn globaal verdeeld over een noordelijk en zuidelijk deel. Daartussen loopt de centrale toegangsweg, min of meer ter plaatse van de bestaande weg op het terrein. Deze ontsluit het gebied in de toekomstige situatie op de Van Hulststraat. Haaks op deze weg worden parkeerplaatsen aangelegd. Aan de noordzijde is een aaneengebouwde rij met 20 beneden-bovenwoningen voorzien. Ten zuiden van de toegangsweg worden nog eens 6 tweeonder-een-kapwoningen en een vrijstaande woning gerealiseerd. De gronden rondom de woningen worden ingericht met tuinen en groen. Afbeelding 1.2 toont de situatietekening van de beoogde ontwikkeling.

Afbeelding 1.2: Situatietekening toekomstige situatie (bron: De Roon Architecten, 9 september 2022).

2.

Waarom een vormvrije m.e.r. beoordeling? Voor de voorgenomen ontwikkeling dient gemotiveerd te worden of sprake is van negatieve effecten op het milieu. Afhankelijk van de omvang van de ontwikkeling dient een m.e.r.-procedure, een m.e.r.-beoordelingsprocedure of een vormvrije m.e.r.-beoordelingsprocedure uitgevoerd te worden. Deze omvang van een ontwikkeling staat beschreven in het Besluit m.e.r. in bijlage C en D, onder de kolom 'drempelwaarde'. Voor de ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ is gekeken naar activiteiten die een m.e.r.(beoordelings-)plicht kennen. Hierbij is één activiteit gevonden die mogelijk m.e.r.-(beoordelings-) plichtig is: 1. D.11.2: de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen, bij een oppervlakte van 100 hectare of meer aaneengesloten gebied en dat 2.000 woningen of meer omvat of een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer betreft. Het plangebied kent een oppervlak van circa 3.983 m2, dat in de huidige situatie onbebouwd is. Met de voorgenomen ontwikkeling worden 27 nieuwe woningen gerealiseerd. De ontwikkeling blijft zodoende qua omvang ruim onder de drempelwaarden genoemd in onderdeel D11.2. Het project is daarom niet formeel m.e.r.-beoordelingsplichtig.

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

6

De drempelwaarden in onderdeel D van het Besluit m.e.r. zijn echter indicatieve waarden. Dit betekent concreet dat het bevoegd gezag dient na te gaan of de beoogde activiteit daadwerkelijk geen belangrijke nadelige milieugevolgen kan hebben. Op grond van artikel 2 lid 5 van het Besluit m.e.r. is daarom wel een zogenaamde vormvrije m.e.r.-beoordeling nodig. Het bevoegd gezag moet wel een besluit nemen, maar publicatie in de Staatscourant is niet noodzakelijk.

3.

Criteria voor het toetsen van activiteiten in een m.e.r.-beoordeling Als blijkt dat er mogelijk belangrijke milieugevolgen zijn, is het opstellen van een milieueffectrapport noodzakelijk. Hierbij dient rekening gehouden te worden met de criteria zoals die zijn opgenomen in bijlage III van de EU richtlijn milieubeoordeling projecten: 1. Kenmerken project / activiteit De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de sloop van de voormalige bedrijfsbebouwing op het perceel, en nieuwbouw van 27 woningen. De nieuwe woningen zijn globaal verdeeld over een noordelijk en zuidelijk deel. Daartussen loopt de centrale toegangsweg, min of meer ter plaatse van de bestaande weg op het terrein. Deze ontsluit het gebied in de toekomstige situatie op de Van Hulststraat. Haaks op deze weg worden parkeerplaatsen aangelegd. Aan de noordzijde is een aaneengebouwde rij met 20 beneden-bovenwoningen voorzien. Ten zuiden van de toegangsweg worden nog eens 6 twee-onder-een-kapwoningen en een vrijstaande woning gerealiseerd. De gronden rondom de woningen worden ingericht met tuinen en groen. De beneden-bovenwoningen bestaan elk uit twee bouwlagen, en worden gerealiseerd in één bouwvolume van vier bouwlagen met tien beuken. De benedenwoningen kennen een gebruiksoppervlak (go) van circa 67 m2, de bovenwoningen van circa 79 m2. Alle woningen zijn voorzien van een interne berging en terras (balkon).

De vrijstaande en twee-onder-eenkapwoningen bestaan uit drie bouwlagen, waarvan de bovenste bouwlaag wordt afgedekt met een kap. De twee-onder-een-kapwoningen kennen een go van circa 173-176 m2 (bvo van 220 m2). Het go van de vrijstaande woning bedraagt circa 172 m2 (bvo van 220 m2). Alle zeven woningen zijn daarnaast voorzien van een inpandige garage. 2. Plaats van het project / activiteit Het projectgebied bevindt zich aan de noordzijde van Barendrecht, in de wijk Dorpzicht. De locatie ligt globaal ten noordwesten van het dorpscentrum van Barendrecht, op korte afstand ten zuiden van de A15 en de Henry Dunantlaan. Het perceel is gesitueerd ten westen en achter de eerstelijnsbebouwing van de 1e Barendrechtseweg. Aan de overzijde van de 1e Barendrechtseweg bevinden zich onder meer een scholencomplex en diverse sportvelden. Het projectgebied betreft het perceel aan de 1e Barendrechtseweg 92a, en omvat de kadastrale percelen 6227 en 6226. Het perceel wordt begrensd door de Van Hulststraat aan de westkant, Henry Dunantlaan aan de noordzijde en Van der Meulenstraat in het zuiden. Aan de oostkant vormen de woonpercelen aan de 1e Barendrechtseweg (92-96) de begrenzing. Afbeelding 1.1 toont de ligging van het projectgebied in de omgeving. In de directe omgeving van het projectgebied zijn geen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden aanwezig.

Het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied is ‘Oude Maas’ (circa 3 km afstand). De meest nabijgelegen stikstofgevoelige natuurgebieden zijn de Biesbosch (circa 15 km afstand), Krammer-Volkerak (circa 20 km afstand) en Solleveld & Kapittelduinen (circa 27 km afstand). Het plangebied maakt geen deel uit van een Natura 2000-gebied, het Natuurnetwerk Nederland (NNN) of een ander beschermd natuurgebied. 3. Samenhang met andere activiteiten De ontwikkeling van het perceel aan de 1e Barendrechtseweg 92a is een op zichzelf staand project, en kent geen samenhang met andere ontwikkelingen of activiteiten.

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

7 4. Kenmerken van de (mogelijk belangrijke) nadelige milieugevolgen De toetsing aan de selectiecriteria in lijn met bijlage III EU-richtlijn 2011/92/EU (zie Bijlage I) maakt duidelijk dat hooguit in beperkte mate sprake is van nadelige effecten op het milieu, en dat er mogelijk ook positieve effecten zijn. Voor verschillende milieuaspecten is systematisch nagegaan wat de situatie is en wat voor gevolgen het project kan hebben. Daarbij worden ook maatregelen gepland om waarschijnlijke belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te vermijden of te voorkomen. De geïnventariseerde effecten maken het opstellen van een milieueffectrapport niet noodzakelijk.

4.

Conclusie Uit de afweging van deze verschillende aspecten in bijlage I en de daarbij uitgevoerde onderzoeken blijkt dat als gevolg van de ontwikkeling geen significant nadelige milieueffecten optreden. Deze effecten zijn weloverwogen beoordeeld. Nadelige effecten die eventueel en hooguit in beperkte mate optreden zijn te compenseren, en er is mogelijk ook sprake van positieve effecten. Maatregelen zullen worden uitgevoerd om negatieve effecten te beperken en positieve effecten te stimuleren. De geïnventariseerde effecten maken het opstellen van een milieueffectrapport niet benodigd.

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

8 Bijlage I – Afwegingskader relevante milieuaspecten m.e.r.-beoordeling

Afweging relevante milieuaspecten Aspect Archeologie

Bedrijven en milieuzonering

Nu

Straks

Uitwerking

+

+

In het vigerende bestemmingsplan is aan het hele projectgebied de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie – 3’ toegekend. Hierbinnen geldt een regeling met een vergunningplicht voor het bouwen en het uitvoeren van werken en werkzaamheden (inclusief heien) die dieper reiken dan 80 cm beneden maaiveld en die tevens een oppervlakte beslaan van meer dan 200 m2.

±

±

In het kader van de beoogde ontwikkeling is het bouwplan ter beoordeling voorgelegd aan de afdeling Archeologie van de gemeente Rotterdam (BOOR). Op basis van een beoordeling van het bouwplan ziet de afdeling Archeologie geen reden tot archeologisch vooronderzoek (bureauonderzoek en/of inventariserend veldonderzoek) in het projectgebied. BOOR adviseert de gemeente Barendrecht dan ook om af te zien van een dergelijk onderzoek. De locatie kan voor de voorgenomen ontwikkeling worden vrijgegeven zonder archeologische bemoeienis. Wel wordt benadrukt dat er altijd rekening dient te worden gehouden met zogenaamde toevalsvondsten. Hiervan dient men op basis van de Erfgoedwet 2016 (art. 5.10) het bevoegd gezag, de gemeente Barendrecht, te informeren. In de omgeving van het projectgebied zijn verschillende functies aanwezig. Naast de omliggende woningen, bevinden zich onder meer een autodealer ten westen van het projectgebied, een kantoor aan de noordkant en aan de overzijde van de 1e Barendrechtseweg verschillende scholen en een sportcomplex. Bovendien grenst het projectgebied aan de noordkant direct aan de Henry Dunantlaan met op korte afstand daarachter de A15. Het projectgebied kan daarom worden aangemerkt als ‘gemengd gebied’. Ten westen van het projectgebied ligt de bestemming ‘Bedrijf’. Hier zijn bedrijfsactiviteiten in categorie 1 en 2 toegestaan.

In de feitelijke situatie is op dit perceel een autodealer gevestigd. Voor dit type bedrijvigheid geldt op grond van de VNGhandreiking een richtafstand van 10 m in ‘gemengd gebied’. Gemeten vanuit de grens van de bestemming ‘Bedrijf’ tot aan de geprojecteerde

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

9 nieuwe woningen wordt aan deze richtafstand voldaan. Ten noordoosten van het projectgebied bevindt zich de bestemming ‘Kantoor’. De richtafstand voor kantoren (0 m voor ‘gemengd gebied’, 10 m voor ‘rustige woonwijk’) levert gezien de afstand van circa 30 m tot het projectgebied geen belemmeringen op. Ook aan de richtafstand voor het naastgelegen parkeerterrein (categorie 2, 10 m) wordt ruimschoots voldaan.

Bodem

±

±

Bezonning

±

±

Brandveiligheid

+

+

Cultuurhistorie

±

±

Ten oosten van het projectgebied de bestemming ‘Maatschappelijk’ aanwezig, met daarbinnen de functieaanduiding ‘onderwijs’. De hier toegestane en aanwezige functies zijn in de VNG-handreiking aangemerkt als categorie 2. Met een minimale afstand van 80 m wordt de richtafstand van 10 m ruimschoots gerespecteerd. In het kader van de beoogde ontwikkeling heeft Arnicon B.V. een verkennend bodem- en asbestonderzoek uitgevoerd. Op basis van de onderzoeksresultaten wordt geconcludeerd, dat de hypothese "onverdacht" voor bodemverontreiniging boven de in de bodemkwaliteitskaart vastgestelde kwaliteit (wonen / achtergrondwaarde) dient te worden verworpen. Zowel boven- als ondergrond blijkt te voldoen aan klasse industrie. De gemeten licht verhoogde gehalten geven geen aanleiding tot het verrichten van een nader onderzoek of het nemen van saneringsmaatregelen. De locatie wordt op basis van de onderzoeksresultaten geschikt geacht voor de huidige bedrijfsbestemming en eventuele toekomstige woonbestemming. Daarnaast wordt op basis van de resultaten van het asbestonderzoek geconcludeerd dat de locatie kan worden beschouwd als niet-asbestverdacht. Voor bezonning geldt geen wettelijke normstelling. In het ontwerp van de nieuwe woningen is rekening gehouden met bezonning en daglichttoetreding.

Tussen de nieuwe bouwvolumes onderling en ten opzichte van bestaande bebouwing is sprake van voldoende afstand. Het aspect bezonning vormt daarmee geen belemmering voor de ontwikkeling. Er wordt voldaan aan de brandvoorschriften uit het Bouwbesluit. Op grond van de cultuurhistorische hoofdstructuur van de provincie Zuid-Holland zijn er in (de directe omgeving van) het voorliggende plangebied geen cultuurhistorische waardevolle objecten of structuren aanwezig. Het aspect cultuurhistorie vormt geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling.

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

10 Duurzaamheid

±

±

Ecologie

±

-

Met de nieuwe woningen wordt in ieder geval toepassing gegeven aan de wettelijke vereisten op het gebied van duurzaamheid, klimaat en energie. Zo worden de woningen gasloos gebouwd, en wordt voldaan aan de laatste BENG-eisen. Soortenbescherming Ecofect B.V. heeft voor het projectgebied in 2022 een quickscan ecologie uitgevoerd. Het perceel is nauwkeurig onderzocht op inheemse en uitheemse beschermde vegetatie. Er zijn geen (groeiplaatsen van) beschermde soorten aangetroffen. Ook de geraadpleegde databanken geven geen aanwijzingen naar beschermde soorten op de projectlocatie. Ten aanzien van vogels zijn er geen jaarrond beschermde nesten aangetroffen, en worden er geen nadere onderzoeken geadviseerd. Er is geen sprake van overtreding van de Wnb. Op basis van de bevindingen uit de quickscan wordt nader onderzoek naar vleermuizen niet noodzakelijk geacht. Er is geen sprake van overtreding van de Wnb. In het projectgebied zijn geen beschermde zoogdieren aangetroffen, en de onderzoeksresultaten geven geen aanleiding om beschermde soorten in het projectgebied te verwachten. Geconcludeerd wordt dat er geen sprake is van overtreding van de Wnb wat betreft zoogdieren. Het projectgebied ligt buiten het bereik van beschermde reptielen en amfibieën. Ook zijn in het plangebied geen beschermde vissen te verwachten.

Ook het voorkomen van vlinders, libellen en andere ongewervelden kan op basis van het onderzoek redelijkerwijs worden uitgesloten. In het projectgebied worden geen bomen gekapt zoals bedoeld in het onderdeel houtopstanden van de Wnb. Overtreding op dit onderdeel van de Wnb is dan ook niet aan de orde. Gebiedsbescherming Daarnaast maakt het plangebied geen onderdeel uit en ligt het niet in de nabijheid van een Natura 2000-gebied. Ook ligt het niet op gronden die zijn aangewezen als Natuurnetwerk Nederland (NNN). Er gaat dan ook geen oppervlakte aan NNN-gebied verloren. Het gebied maakt ook geen deel uit van een ander beschermd natuurgebied. Stikstof

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

11 In de directe omgeving van het projectgebied zijn geen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden aanwezig. Het meest nabijgelegen Natura 2000gebied is ‘Oude Maas’ (circa 3 km afstand). De meest nabijgelegen stikstofgevoelige natuurgebieden zijn de Biesbosch (circa 15 km afstand), Krammer-Volkerak (circa 20 km afstand) en Solleveld & Kapittelduinen (circa 27 km afstand).

Energie

±

±

Externe veiligheid

±

±

Naar aanleiding van de voorgenomen ontwikkeling heeft KuiperCompagnons een stikstofdepositieonderzoek uitgevoerd. Uit het onderzoek wordt geconcludeerd dat met zekerheid kan worden gesteld dat geen sprake is van een toename van de stikstofdepositie binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden in de gebruiksfase van de woningen in het plan Hof van Barendrecht. Dit betekent dat significant negatieve effecten op de instandhouding van de Natura 2000-gebieden kunnen worden uitgesloten en dat het aspect stikstofdepositie uit de Wnb niet leidt tot belemmeringen voor de ontwikkeling. Zie onder ‘Duurzaamheid’. Externe veiligheid gaat over de invloed van het transport of opslag van gevaarlijke stoffen op de omgeving. Op basis van de risicokaart zijn in de omgeving van het projectgebied de volgende risicobronnen in de omgeving aanwezig: · Vervoer gevaarlijke stoffen (o.a. LPG) over de Rijkswegen A15 en A29 · Vervoer gevaarlijke stoffen (o.a. LPG) over de Betuweroute (ten noordwesten van het plangebied) · Aardgas transportleiding A-517 · Aardgas transportleiding A-559 In dit kader heeft KuiperCompagnons een onderzoek uitgevoerd naar het aspect externe veiligheid. Het projectgebied ligt circa 100 m ten zuiden van de rijksweg A15 en komt daarmee binnen het verantwoordingsgebied. Voor deze risicobron is daarom een berekening van het groepsrisico uitgevoerd (RBMII).

Uit de berekeningen blijkt dat zowel in de huidige als de plansituatie geen sprake is van een overschrijving van de oriëntatiewaarde. Ook bevindt het projectgebied zich binnen de invloedsgebieden van de hogedruk aardgastransportleidingen A-517 en A-559. Daarom is een verantwoording gegeven van het groepsrisico (CAROLA). Er is geconcludeerd dat in de huidige en plansituatie de oriëntatiewaarde van het groepsrisico niet wordt overschreden.

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

12

Geluid

±

-

Daarnaast is in het onderzoek een beschrijving gegeven van de aspecten zelfredzaamheid en bestrijdbaarheid. Hierover zal nog advies worden gevraagd van de VRR. Voor de voorgenomen ontwikkeling heeft KuiperCompagnons in oktober 2022 een akoestisch onderzoek naar wegen railverkeerslawaai uitgevoerd. Uit het onderzoek blijkt dat het verkeer op de rijkswegen, de Henry Dunantlaan, de 1e Barendrechtseweg, de 30 km-wegen en het spoorverkeer een geluidsbelasting veroorzaakt die hoger is dan de voorkeursgrenswaarde. Het verkeer op de rijkswegen veroorzaakt op de 2e (deels) en de 3e verdieping een geluidsbelasting dit de maximale hogere waarde van 53 dB overschrijdt. Die gevels moeten als dove gevel worden uitgevoerd. Uit het onderzoek volgt verder dat geluidsreducerende maatregelen in de vorm van schermen of een stiller wegdek niet gewenst of niet doelmatig is. Dit betekent dat voor de woningen waarvoor een geluidsbelasting aan de orde is die hoger is dan voorkeursgrenswaarde een hogere waarde procedure moet worden doorlopen. Het verdient verder aanbeveling de beoordeling van de karakteristieke geluidwering van de gevels uit te voeren op basis van de cumulatieve geluidsbelasting van wegverkeer zonder de toepassing van de reductie ex artikel 110g Wgh. Bij toetsing aan het geluidbeleid volgt dat aan de zijde van de Henry Dunantlaan de plandrempel van 63 dB wordt overschreden.

Aan deze zijde kunnen dove gevels worden toegepast. Omdat dit bouwplan in de nabijheid van drukke wegen wordt gesitueerd is sprake van een toename van het aantal (ernstig) gehinderden. Door de toepassing van een dove noordgevel bij de beneden-bovenwoningen kunnen deze aantallen grofweg gehalveerd worden. Bij toepassing van een geluidsscherm van 1,2 m langs de Henry Dunantlaan is het niet noodzakelijk de begane grond van de benedenwoningen aan de zijde van de Henry Dunantlaan doof uit te voeren. Daarnaast nemen de aantallen (ernstig) gehinderden af met circa 20%. Dit scherm is geen wettelijke verplichting maar is beschouwd vanuit het gemeentelijke geluidbeleid.

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

13

Groen

±

±

Landschap

±

±

Luchtkwaliteit

±

±

Mobiliteit

±

±

Over de uitkomsten uit het akoestisch onderzoek wordt nog nader afgestemd tussen de initiatiefnemer en gemeente. Het projectgebied betreft een voormalig bedrijfsperceel, dat niet langer in gebruik is. Het terrein is deels bebouwd en verhard, en bestaat deels uit groen met name in de vorm van opgaande beplanting langs de randen van het perceel. Ten behoeve van de ontwikkeling worden de bestaande bebouwing, verhardingen en enkele groenelementen verwijderd. In de toekomstige situatie worden de gronden rondom de nieuwe woningen hoofdzakelijk ingericht met tuinen en groenvoorzieningen. Voor ecologische waarden, zie ‘Ecologie’. Het projectgebied bevindt zich binnen het bebouwd gebied van Barendrecht, en is onderdeel van de bestaande woonwijk Dorpzicht. Er zijn geen specifieke landschappelijke kenmerken of waarden in het projectgebied of de directe omgeving aanwezig. Voor de stedenbouwkundige en ruimtelijke inpassing van de ontwikkeling, zie ‘Ruimtelijke kwaliteit’. In de Regeling NIBM is aangegeven dat een woningbouwlocatie tot 1.500 woningen aan één ontsluitingsweg in beginsel aan te merken is als een ontwikkeling die 'niet in betekenende mate' (NIBM) bijdraagt aan verslechtering van de luchtkwaliteit. De realisatie van 27 woningen blijft ruim onder criterium, en past zodoende binnen de term 'NIBM' bijdragend aan verslechtering van de luchtkwaliteit.

Toetsing aan de grenswaarden uit de Wet luchtkwaliteit is daarom niet nodig. In het kader van een goede ruimtelijke ordening zijn de jaargemiddelde concentraties luchtverontreinigende stoffen NO2, PM10 en PM2,5 bepaald in de omgeving van het projectgebied. Hieruit blijkt dat de jaargemiddelde grenswaarden niet worden overschreden. Luchtkwaliteit vormt zodoende geen belemmering voor de ontwikkeling. Op basis van de CROW publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’ is de verkeersgeneratie en parkeerbehoefte van de ontwikkeling berekend. Daarbij is uitgegaan van de gemiddelde kencijfers, voor een ‘sterk stedelijke’ gemeente en gebiedstype ‘rest bebouwde kom’. Het woningprogramma is vertaald naar de CROWcategorieën: 1 koop, huis, vrijstaand; 6 koop, huis, twee-onder-een-kap; 20 koop, appartement, goedkoop. Hieruit volgt dat met inbegrip van de bestaande (planologische) invulling van het perceel, de ontwikkeling zorgt voor een toename van circa 136

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

14 motorvoertuigbewegingen per etmaal. De toekomstige verkeersbewegingen van en naar het projectgebied worden afgewikkeld via de Van Hulststraat. Deze sluit via de Van der Meulenstraat op korte afstand in westelijke richting aan op de Henry Dunantlaan. Deze gebiedsontsluitingsweg verdeelt het verkeer verder in westelijke en oostelijke richting, en zorgt onder meer voor aansluiting op de A15. Afgaande op de beperkte ontwikkeling van verkeersbewegingen en de weginrichting van de omliggende wegen, kan worden geconcludeerd dat deze wegen over voldoende capaciteit beschikken om de toekomstige verkeersafwikkeling goed aan te kunnen. De ontwikkeling van de nieuwe woningen leidt niet tot een onacceptabele verkeerstoename op de bestaande wegen. Wat betreft parkeren volgt uit de berekening met de CROW-kencijfers voor het beoogde programma een parkeerbehoefte van (naar boven afgerond) 45 parkeerplaatsen.

Ruimtelijke kwaliteit

±

±

Water

±

±

In het bouwplan is voorzien in een toereikende parkeeroplossing. In totaal worden er 45 parkeerplaatsen in het projectgebied aangelegd. Voor de woningen aan de zuidkant worden langsparkeerplaatsen op eigen terrein aangelegd, direct grenzend aan de centrale toegangsweg. Per woning is daarbij sprake van een oprit richting een eigen garage, en is er een optie voor een carport/berging. Bij de noordelijke benedenbovenwoningen is direct ten zuiden van de bebouwing een aaneengesloten rij langsparkeerplaatsen voorzien. Deze worden deels overdekt door de (groene) balkons van de woningen. Verder zijn er nog vier parkeerplaatsen bij de entree aan de westkant gesitueerd, haaks op de Van Hulststraat. Het projectgebied is in de huidige situatie ingericht als bedrijfsperceel voor een hoveniersbedrijf, dat niet langer in gebruik is. Het grotendeels afgesloten terrein kent een rommelige uitstraling en weinig ruimtelijke kwaliteit. Het maakt onderdeel uit van de bestaande woonwijk Dorpzicht, en grenst aan de oost- en zuidkant aan bestaande woningen. Met de beoogde transformatie wordt zodoende een braakliggend perceel binnen de wijk nu ook ingevuld met woningbouw. De nieuwe woningen worden stedenbouwkundig ingepast en qua ontwerp afgestemd op de bebouwing in de omgeving. Met de ontwikkeling wordt zodoende een ruimtelijke kwaliteitsverbetering op de locatie gerealiseerd.

In het projectgebied is geen regionale of primaire waterkering aanwezig. Ook ligt het projectgebied

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

15 niet binnen waterkering.

de

beschermingszone

van

een

In het projectgebied is geen oppervlaktewater aanwezig. Met de ontwikkeling gaat dan ook geen oppervlaktewater verloren. De gronden van het projectgebied zijn in de bestaande situatie voor een deel verhard, met de bebouwing aan de noordoostkant, centrale weg en overige terreinverhardingen. In de toekomstige situatie wordt de bestaande bebouwing gesloopt en een deel van de terreinverharding verwijderd. Daarvoor in de plaats komen nieuwe verhardingen in de vorm van woningen, een toegangsweg en parkeerplaatsen. Op basis van de verharde oppervlakten in de bestaande en toekomstige situatie is de ontwikkeling van de verharding in het projectgebied berekend. De huidige bebouwing en terreinverhardingen beslaan gezamenlijk een oppervlak van circa 2.045 m2. In de toekomstige situatie vormen de nieuwe woningen, toegangsweg en parkeerplaatsen in totaal een verharding van circa 2.051 m2. Dit betekent een (geringe) toename van het verhard oppervlak. Conform de beleidsregels van het waterschap Hollandse Delta dient vanaf een toename aan verharding van 500 m2 in stedelijk gebied compenserende waterberging gerealiseerd te worden. Daarbij hanteert het waterschap de vuistregel dat de compensatie een oppervlakte van 10% van de toename in verharding beslaat. De berekende toename van met 6 m2 betekent dat watercompensatie niet benodigd is.

De overige wateraspecten, zoals uiteengezet in de ruimtelijke onderbouwing, vormen geen belemmering voor de ontwikkeling.

Aanmeldnotitie m.e.r. – Ruimtelijke onderbouwing ‘Hof van Barendrecht’ (15 november 2022)

Bijlage 2 Onderzoek weg- en railverkeerslawaai

Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Ruimtelijke onderbouwing “Hof van Barendrecht”

15 november 2022

Projectgegevens Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Bestemmingsplan ”Hof van Barendrecht”

Opdrachtgever Contactpersoon

Habeko Vastgoed B.V. De heer Kok

Werknummer

621.136.00

Datum

15 november 2022

Adviseur

KuiperCompagnons Projectleider: de heer M. van Ginneken Behandeld door: ing. J. Kraaijeveld Telefoonnummer: 06 - 22012330

File: j:\621\136\00\3 projectresultaat\milieu\geluid\04 rapport\akoestisch onderzoek weg en railverkeerslawaai hof van barendrecht 15 november 2022.docx

Inhoudsopgave

blz.

1.

Inleiding................................................................................................................................. 1

2.

Wettelijk kader ...................................................................................................................... 2 2.1. 2.2. 2.3. 2.4.

3.

Uitgangspunten geluidberekeningen ................................................................................. 5 3.1. 3.2. 3.3.

4.

Verkeersgegevens ................................................................................................. 5 Railverkeersgegevens ............................................................................................ 5 Berekeningsmethode ............................................................................................. 6

Berekeningsresultaten ........................................................................................................ 8 4.1. 4.2. 4.3. 4.3.

5.

Wegverkeerslawaai ................................................................................................ 2 Railverkeerslawaai ................................................................................................. 3 Gemeentelijk geluidbeleid ...................................................................................... 3 Bouwbesluit ............................................................................................................ 4

Berekeningsresultaten............................................................................................ 8 Maatregelenafweging ........................................................................................... 10 Toetsing bouwplan aan het gemeentelijke geluidbeleid ...................................... 11 Vast te stellen hogere waarden ............................................................................ 12

Conclusies .......................................................................................................................... 14

Bijlagen Bijlage 1 Verkeersgegevens lokale wegen Bijlage 2 Rekenmodel weg- en railverkeerslawaai Bijlage 3 Berekeningsresultaten weg- en railverkeerslawaai Bijlage 4 Aanduiding dove gevels en gevels met overschrijding plandrempel Bijlage 5 Berekeningsresultaten met scherm langs de Henry Dunantlaan

1.

Inleiding Habeko Vastgoed B.V. heeft het voornemen om op het perceel aan de 1e Barendrechtseweg 92a te Barendrecht 27 nieuwe woningen te realiseren. Het voormalige hoveniersbedrijf dat op de locatie was gevestigd, is niet langer aanwezig. Het plan is nu om het perceel te herontwikkelen tot een kleinschalig woongebied, met in totaal 27 nieuwe woningen. Door KuiperCompagnons is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar weg- en railverkeerslawaai in relatie tot de bouw van deze woningen. De nieuw te bouwen woningen zijn gelegen binnen de in de Wet geluidhinder (Wgh) vastgelegde onderzoekszone van de Rijksweg A15/A29, de route Henry Dunantlaan/Dierensteinweg, de 1e Barendrechtseweg, de Boerhaavelaan, de spoorlijn van Rotterdam naar Dordrecht en de Betuweroute. Dit betekent dat op grond van de Wgh akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd en moet worden getoetst aan de normen uit deze wet. Omdat het plangebied niet is gelegen in de zone van een industrieterrein speelt dit geluidsaspect geen rol en is daarom verder buiten beschouwing gelaten. Vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening is eveneens de mogelijke geluidhinder van het verkeer op de in de omgeving van het plan gelegen 30 km-wegen in dit onderzoek betrokken. Dit betreft uitsluitend het verkeer op de ten zuiden van deze locatie gelegen Van der Meulenstraat en de Van Hulststraat.

De gemeente Barendrecht heeft geluidbeleid. In dit rapport is dit beleid samengevat en wordt eveneens getoetst aan dit beleid. Leeswijzer Dit onderzoeksrapport bestaat uit vijf hoofdstukken, waarvan hoofdstuk 1 deze inleiding is. In hoofdstuk 2 is het wettelijk kader beschreven. In hoofdstuk 3 is een beschrijving van de gebruikte gegevens en berekeningsmethode opgenomen. De resultaten zijn in hoofdstuk 4 beschreven en het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 5 waarin de conclusies van het onderzoek worden beschreven.

Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Ruimtelijke onderbouwing “Hof van Barendrecht” 621.136.00 / 15 november 2022

1

2.

Wettelijk kader

2.1.

Wegverkeerslawaai Onderzoekszone Langs wegen bevindt zich overeenkomstig artikel 74 Wgh aan weerszijden een zone waarbinnen akoestisch onderzoek moet worden uitgevoerd. Voordat nieuwe woningen binnen deze zone kunnen worden geprojecteerd dient te worden onderzocht of aan de grenswaarden van de Wgh wordt voldaan. De zonebreedte is afhankelijk van het aantal rijstroken en van de aard van de omgeving (stedelijk of buitenstedelijk gebied). De definities van stedelijk en buitenstedelijk gebied zijn opgenomen in artikel 1 Wgh. Deze definities luiden: - stedelijk gebied: het gebied binnen de bebouwde kom (bepaald door komgrensborden) met uitzondering van het gebied binnen de zone van een autoweg of autosnelweg; - buitenstedelijk gebied: het gebied buiten de bebouwde kom en het gebied binnen de bebouwde kom dat is gelegen binnen de zone van een autoweg of autosnelweg. De nieuwe woningen worden gebouwd in de zone van de Rijksweg A15/A29. Voor deze wegen is de zone 600 meter (meer dan 4 rijstroken buitenstedelijk gebied). Voor de overige gezoneerde lokale wegen is sprake van een zone van 200 meter (meer met 1 of 2 rijstroken stedelijk gebied). Deze zone wordt gemeten vanaf de buitenste begrenzing van de buitenste rijstrook. In dit onderzoek is, vanuit het oogpunt van een goede ruimtelijke ordening, eveneens het verkeer op de 30 km-wegen betrokken.

Dit betreft het verkeer op de Van der Meulenstraat en de Van Hulststraat. Normstelling De voorkeursgrenswaarde voor nieuwe woningen is vastgelegd in de Wgh. Indien de geluidbelasting hoger is dan de voorkeursgrenswaarde moeten er maatregelen worden getroffen om hieraan alsnog te kunnen voldoen. Blijkt dat niet mogelijk te zijn of op zwaarwegende bezwaren te stuiten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard dan is het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Barendrecht bevoegd tot het vaststellen van hogere waarden. In tabel 1 is aangegeven wat de voorkeursgrenswaarde en de maximale hogere waarde is voor nieuwe woningen. Tabel 1: Grenswaarden voor nieuwe woningen wegverkeerslawaai. Situatie

Voorkeursgrenswaarde

Maximale hogere waarde

[dB]

[dB]

Buitenstedelijk

48

53

Stedelijk

48

63

Reductie geluidbelastingen wegverkeerslawaai Op grond van de verwachting dat de geluidsproductie van motorvoertuigen in de toekomst afneemt, mogen de berekende geluidsbelastingen op de gevels worden gereduceerd. Vanaf 1 juli 2012 moet worden gerekend met het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 (RMG 2012).

Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Ruimtelijke onderbouwing “Hof van Barendrecht” 621.136.00 / 15 november 2022

2

Op grond van artikel 110g Wgh mag een reductie van 5 dB worden toegepast op wegen met een rijsnelheid van minder dan 70 km/h. Omdat de rijsnelheid op een deel van de route Henry Dunantlaan/Dierensteinweg en de Rijksweg A15/A29 gelijk aan of hoger is dan 70 km/h moet een reductie worden toegepast die varieert van 2 tot 4 dB. Op de overige wegen in dit onderzoek is de wettelijk toegestane rijsnelheid lager dan 70 km/h en is in de berekening een reductie toegepast van 5 dB. 2.2.

Railverkeerslawaai Op grond van hoofdstuk VII ‘Zones langs spoorwegen’ Wgh en hoofdstuk 4 ‘Spoorwegen’ van het Bgh is een akoestisch onderzoek uitgevoerd naar spoorweglawaai. Voor het plangebied is de spoorlijn van Rotterdam naar Dordrecht en de Betuweroute van belang. Onderzoekszone De breedte van de geluidzone langs spoorwegen is geregeld in artikel 1.3 van het Bgh en is gerelateerd aan het gebruik van de spoorweg. De zonebreedte langs het spoor ter hoogte van dit plan een breedte die 900 m bedraagt gemeten vanaf de buitenste spoorstaaf. Normstelling In afdeling 4.2 van het Besluit geluidhinder worden de grenswaarden vermeld met betrekking tot nieuwe situaties bij zones. In de hierna opgenomen tabel zijn deze waarden (voorkeursgrenswaarde en de maximaal toelaatbare hogere waarde) opgenomen. Tabel 2 : Grenswaarden voor nieuwe woningen in de zone van een bestaande spoorweg Geluidsgevoelig object

Nieuw te bouwen woningen

2.3.

Voorkeursgrenswaarde

Maximale hogere waarde

[dB]

[dB]

55

68

Gemeentelijk geluidbeleid Het geluidbeleid van de gemeente Barendrecht is vastgelegd in de ‘Visie op het geluidbeleid gemeente Barendrecht’ van november 2006. De gemeente Barendrecht heeft de ambitie om zo veel mogelijk het “stand-still” principe te hanteren voor de geluidsbelasting vanwege het weg-, het spoorwegverkeer en de industrie. De beoordeling van het “stand-still” principe vindt plaats door een vergelijking van de huidige en toekomstige situatie. Uitgerekend is hoeveel gehinderden/ernstig gehinderden en slaapverstoorden er in de huidige situatie zijn en hoeveel in de plansituatie. Het onderzoeksgebied betreft de nieuwbouw inclusief de bestaande woningen waar de geluidsbelasting meer dan 1,5 dB toeneemt. Het aantal gehinderden/ernstig gehinderden en slaapverstoorden wordt beoordeeld op basis van de gecumuleerde geluidsbelasting exclusief de reductie ex artikel 110g Wgh met een forfaitaire bezetting van 2,2 bewoners per woning en de dosis-effectrelaties uit de Regeling geluid milieubeheer. De vergelijking van de beide situaties geeft een toe- of afname van het aantal gehinderden/ernstig gehinderden en slaapgestoorden (absoluut aantal) in het onderzoeksgebied. Deze aantallen worden met het totaal aantal gehinderden/ernstig gehinderden en slaapgestoorden in

Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Ruimtelijke onderbouwing “Hof van Barendrecht” 621.136.00 / 15 november 2022

3

Barendrecht (Geluidsbelastingkaart derde tranche) vergeleken. Uit deze vergelijking volgt een procentuele toe- of afname. De gemeente maakt de afweging of er ruimte in Barendrecht is om dit project te realiseren. In deze afweging worden de percentages gehinderden in 2006 en in 2016 betrokken. Daarnaast is in het Actieplan geluid van de gemeente Barendrecht een plandrempel voor wegverkeerslawaai opgenomen vanaf Lden 63 dB. Voor woningen met een geluidsbelasting die hoger is dan deze waarde worden maatregelen afgewogen die de geluidsbelasting reduceren. Het is daarom ongewenst om woningen te realiseren met een geluidsbelasting vanaf 63 dB. Deze geluidsbelasting betreft een cumulatieve geluidsbelasting van het verkeer op alle wegen samen zonder de toepassing van de correctie op grond van artikel 110g Wgh. 2.4.

Bouwbesluit In het Bouwbesluit 2012 zijn eisen gesteld ten aanzien van de karakteristieke geluidswering van de gevels van een nieuwe woning. De eis aan de karakteristieke geluidwering voor wegverkeer is de vastgestelde hogere waarde minus 33 dB. De karakteristieke geluidwering moet worden bepaald op basis van de cumulatieve geluidsbelasting van alle relevante wegen samen exclusief de reductie ex artikel 110g Wgh.

Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Ruimtelijke onderbouwing “Hof van Barendrecht” 621.136.00 / 15 november 2022

4

3.

Uitgangspunten geluidberekeningen Hierna worden de uitgangspunten voor de berekeningen van het wegverkeerslawaai beschreven. Het gaat om de gehanteerde verkeersgegevens en de gebruikte berekeningsmethode.

3.1.

Verkeersgegevens De verkeersgegevens voor de Rijksweg A15/A29 zijn ontleend uit het landelijke emissieregister. Deze gegevens betreffen de versie 20220928 v2210 en hebben betrekking op alle van belang zijnde gegevens die voor de uitvoering van een akoestisch onderzoek noodzakelijk zijn. Naast de verkeersintensiteiten zijn ook de rijsnelheid, het wegdektype en de informatie over de geluidsschermen en wallen langs de beschouwde delen van de rijkswegen opgenomen. Voor de verkeersgegevens van alle in dit onderzoek betrokken lokale wegen zijn de gegevens afkomstig van de website van de DCMR (www.dcmr.nl/verkeersgegevens-rvmk). De gegevens uit het verkeersmodel met versienummer V10082022 zijn in dit onderzoek gebruikt. Gedownload zijn gegevens voor de prognosejaren 2030 en 2040. Uit een vergelijking van de gegevens blijkt dat de verkeersgegevens voor de prognosejaren 2030 en 2040 nauwelijks onderscheidend zijn, zodat de gegevens voor het prognosejaar 2030 in dit onderzoek als uitgangspunt zijn gebruikt. Deze gegevens zijn ook representatief voor het prognosejaar 2033. Een overzicht van de gehanteerde gegevens voor de lokale wegen voor het prognosejaar 2030, is weergegeven in bijlage 1 van dit rapport. Voor de 30 km-wegen ten zuiden van de locatie, de Van Hulststraat en de Van der Meulenstraat zijn geen gegevens ter beschikking gesteld.

De verkeersintensiteit op deze wegen is bepaald op grond van het aantal woningen dat wordt ontsloten op de betrokken weggedeeltes. Per woning is uitgegaan van een verkeersproductie van 8 per woning. Ook is rekening gehouden met de verkeersproductie van de nieuwe woningen, de lagere school en het garagebedrijf dat ook op deze 30 km-wegen worden ontsloten. In bijlage 1 is eveneens de berekende verkeersintensiteit op de beschouwde gedeeltes van de 30 km-wegen aangegeven. Om de aangeleverde verkeersmodelgegevens te verifieren zijn tellingen opgevraagd bij de gemeente Barendrecht. Aangeleverd zijn onder andere tellingen voor de Henry Dunantlaan en de 1e Barendrechtseweg ter hoogte van het plan. Deze tellingen zijn uitgevoerd in februari 2019. Voor de autonome groei van het verkeer in de periode van 2019 tot 2030 is uitgegaan van 1% per jaar. Op basis van deze geprognoticeerde telgegevens voor 2030 en de door het dataloket van de DCMR aangeleverde gegevens is een berekening uitgevoerd. Het verschil in geluidsbelasting is voor de Henry Dunantlaan maximaal 0,7 dB en voor de 1e Barendrechtseweg 0,6 dB waarbij de tellingen leiden tot de laagste geluidsbelasting. Dit verschil is zo klein dat het past binnen de nauwkeurigheid van een geluidsberekening.

Geconcludeerd kan worden dat de prognosegegevens uit het verkeersmodel 2030 niet worden tegengesproken door de tellingen en de aangeleverde prognosegegevens kunnen worden gebruikt in dit onderzoek.

3.2.

Railverkeersgegevens De railverkeersgegevens voor de Betuweroute zijn ontleend uit het landelijke emissieregister. Deze gegevens zijn op 21 juli 2021 gedownload. De gegevens hebben betrekking op alle van Akoestisch onderzoek weg- en railverkeerslawaai Ruimtelijke onderbouwing “Hof van Barendrecht” 621.136.00 / 15 november 2022

5

belang zijnde gegevens die voor de uitvoering van een akoestisch onderzoek noodzakelijk zijn. Deze gegevens betreffen naast de railvoertuig categorieën, ook de bovenbouwconstructie, de rijsnelheid per categorie en de informatie over de geluidsschermen langs deze spoorlijn. In de toelichting op artikel 4.9 lid 1 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 is het volgende aangegeven: Het gestelde in het eerste lid van artikel 4.9 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 is een nadere uitwerking van het begrip de ‘geluidsbelasting vanwege een spoorweg’ en ‘geluidbelasting vanwege een bron’ voor spoorwegen die zijn aangegeven op de geluidplafondkaart. Deze uitwerking komt er op neer dat alle delen van spoorwegen die in het beheer zijn van dezelfde beheerder, als één bron beschouwd dienen te worden. Omdat het beheer van de Betuweroute sinds 1 juli 2015 ook onder ProRail valt zijn de spoorlijn van Rotterdam naar Dordrecht en de Betuweroute als één geluidsbron beschouwd in dit onderzoek. 3.3.

Berekeningsmethode Voor het bepalen van de geluidsbelasting door het verkeer is gebruik gemaakt van Standaardrekenmethode 2 overeenkomstig het RMG 2012. Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van het softwarepakket Geomilieu, versie 2021.1. De ontwikkelde rekenmodellen zijn weergegeven in bijlage 2 ‘Rekenmodellen weg- en railverkeerslawaai’. In het rekenmodel zijn de volgende elementen ingevoerd: - rijlijnen; - bodemgebieden (hard/zacht gebieden); - objecten (gebouwen); - obstakels; - hoogtelijnen; - toetspunten. Rijlijnen Als uitgangspunt is voor de ligging van de lokale wegen is uitgegaan van de digitale ondergrond van de gemeente Barendrecht. Voor de rijkswegen en de hoofdspoorwegen is uitgegaan van de ligging zoals die is vastgelegd in het landelijke emissieregister. Bodemgebieden In het rekenmodel kan worden gekozen de akoestisch harde of akoestisch zachte gebieden te modelleren. In dit rekenmodel is ervoor gekozen de akoestisch harde gebieden te modelleren. Dit betekent dat bijvoorbeeld de wegen en watergangen zijn opgenomen in het rekenmodel. Alle overige niet in het model gedefinieerde gebieden zijn akoestisch zacht (absorberend; Bf= 1). Een uitzondering hierop zijn de bodemgebieden onder akoestisch absorberend wegdekken op de A15 en de A29 en de erven rond de woningen. De hier gedefinieerde bodemgebieden hebben een bodemfactor van 0,5.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14188920/1