Bijlage 1a - Motivering BOPA Gezandebaan 32
Tekst van het document
Oppervlaktewater Op basis van de Leggerkaart van Waterschap Aa en Maas is het mogelijk om de oppervlaktewateren in de omgeving van het projectgebied inzichtelijk te maken. Ter impressie zie navolgende afbeelding.
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
43
Afbeelding 12 Uitsnede leggerkaart met aanduiding projectgebied
Op basis van de leggerkaart van Waterschap Aa en Maas ligt op afstand van het projectgebied een Awatergang. Met de beoogde herontwikkeling van het projectgebied zullen geen handelingen plaatsvinden welke effect zullen hebben op oppervlaktewateren in de directe omgeving. Afvalwater De aanwezige afvalwater voorzieningen blijven in de toekomstige situatie ongewijzigd. Het huishoudelijk afvalwater dat vrijkomt in de nieuwe loods wordt aangesloten op de vuilwaterriolering van het hoofdpand. Hemelwater Met de voorgenomen ontwikkeling zal het bebouwde en verharde oppervlak niet toenemen. De varkensstallen verdwijnen (3. 935 m)2 en een bestaande loods wordt herbouwd (700 m).2 Daarbij wordt omliggend verharding vervangen en toegevoegd. Op basis van het gemeentelijke rioleringsplan van gemeente Asten , dient in het geval van herbouw een waterbergingsvoorziening van 60 mm per m 2 toename verhard oppervlak te worden aangebracht op eigen terrein. De totale gewijzigde hoeveelheid verhard oppervlak bedraagt 1345 m 2 (zie ook bijlage 1). In het kader van de ontwikkeling wordt een waterbergingsvoorziening gerealiseerd van 1. 345 x 006 = ± 81 m.3 Deze is ook ingetekend op de , bestektekening in bijlage 1 en ter impressie opgenomen in het landschappelijke inpassingsplan in bijlage 2. Conclusie Gezien het bovenstaande wordt het aspect waterhuishouding in voldoende mate geborgd in onderhavig plan.
Ten aanzien van de waterhuishoudkundige situatie in het projectgebied worden er geen belemmeringen verwacht voor toekomstige ontwikkelingen.
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
44
4. 3. 4
Verkeer en parkeren
Verkeer Het projectgebied is in de bestaande situatie ontsloten op de Gezandebaan. De verkeersontsluiting blijft in de toekomstige situatie dus gehandhaafd. De Gezandebaan betreft een 60 km/u weg. Om de verkeersgeneratie van de ontwikkeling in beeld te brengen worden de richtlijnen van de CROW publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’ toegepast. In onderhavig plan is sprake van de realisatie van een kleinschalig lasbedrijf (ZZP). In de loods van 700 m 2 zullen enkele laswerkzaamheden plaatsvinden , opslag ten behoeve van het lasbedrijf en stalling van een bedrijfswagen en aanhanger. Ten opzichte van de huidige situatie , waarbij sprake is van een intensieve veehouderij , zal er sprake zijn van een aanzienlijke afname in verkeersgeneratie. Met name het zwaar verkeer ten behoeve van de varkenshouderij neemt af. Er is in het kader van een worstcase benadering gerekend met de verkeersbewegingen die de nieuwe bedrijfsfunctie kan veroorzaken. Op basis van de CROW rekentool ‘Verkeersgeneratie en Parkeren’ geldt dat de nieuwe functie overeenkomt met de CROW categorie ‘Loods , opslag , transportbedrijf (arbeidsextensief , bezoekersextensief’. Het projectgebied kan worden aangemerkt als ‘Buitengebied’ in een weinig stedelijke gemeente. Dit betekent dat per 100 m 2 bedrijfsvloeroppervlak rekening dient te worden met 13, motorvoertuigbewegingen per etmaal.
Daarnaast blijft de huidige bedrijfswoning gehandhaafd , wat 25, motorvoertuigbewegingen oplevert voor een woning (koop , huis , vrijstaand). Op basis van de CROW-tool leidt de bedrijfsfunctie tot 49 motorvoertuigbewegingen per etmaal. De omliggende wegen kunnen deze verkeersgeneratie goed verwerken. Gelet op deze verkeersgeneratie bestaat er uit verkeerskundig oogpunt dan ook geen belemmering voor de voorgenomen ontwikkeling. Parkeren Voor aspect parkeren heeft gemeente Asten in 2016 een Nota Parkeernormen opgesteld , waarin parkeernormen op zijn genomen die gebaseerd zijn op parkeerkencijfers van het CROW. Uitgangspunt is dat elke initiatiefnemer van bouwplannen zorgdraagt voor zijn eigen parkeeroplossing en dat een nieuw initiatief geen parkeerproblemen in de omgeving mag veroorzaken. Op basis van de Nota en de Parkeerkencijfers van het CROW dienen 13 parkeerplaatsen aanwezig te zijn op eigen terrein. Hier is meer dan voldoende plaats voor op de verharding die ingetekend is. Kortom , het aspect parkeren vormt geen belemmering voor onderhavige ontwikkeling. 4. 3. 5
Kabels en leidingen
Er zijn blijkens het geldende omgevingsplan en de risicokaart via Atlas van de leefomgeving in of rond het projectgebied geen kabels of leidingen gelegen met een planologische beschermingszone die van invloed zou kunnen zijn op de voorgenomen ontwikkeling. Conclusie Vanwege het aspect kabels en leidingen is er sprake van een evenwichtige toedeling van functies.
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
45
5 Beperkingsgebieden In dit hoofdstuk worden de beperkingsgebieden uitgelicht. Een beperkingengebied is een breed verzamelbegrip en wordt in de Omgevingswet gedefinieerd als een gebied dat bij of krachtens de wet (door Rijk of provincie) is aangewezen , waar vanwege de aanwezigheid van een werk of object , regels gelden over activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor dat werk of object. De Omgevingswet verplicht Rijk en provincie om beperkingengebieden aan te wijzen , zoals zones rond wegen , hoofdspoorwegen , waterkeringen , rijkswegen en vaarwegen. Binnen deze beperkingengebieden stelt de provincie eisen aan aanduidingen , informatieborden en uitwegen. Kortgezegd zijn dit de gebieden rondom wegen en waterstaatswerken waar beperkingen gelden. Dit betekent dat er beperkingen gelden voor activiteiten van derden , ter plaatse van de weg of het waterstaatswerk als ook in de daaraan grenzende (beschermings)zones. Een beperkingengebied is in feite wat nu de (beschermings)zones onder de huidige wetgeving zijn en in veel gevallen omvat het beperkingengebied ook de locatie van de weg of het waterstaatswerk of object zelf. Het projectgebied is niet gelegen binnen een beperkingsgebied. Beperkingsgebieden hebben dus geen invloed op de voorliggende activiteit.
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
46
6 Uitvoerbaarheid
6. 1
Financieel-economische uitvoerbaarheid
Algemeen Economische uitvoerbaarheid Met deze plantoelichting is onderbouwd dat met het voorliggende besluit tot wijziging van het omgevingsplan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wordt bereikt en de toegedachte functies binnen een redelijke termijn kunnen worden gerealiseerd. Gelet hierop kan in het verlengde daarvan aangenomen worden dat realisatie economisch uitvoerbaar is. Op voorhand is er geen reden om aan te nemen dat de toegedachte functies om financiële redenen op langere termijn niet zullen worden gerealiseerd. ‘De Memorie van toelichting geeft aan dat het voldoende is om , waar nodig met onderzoek , vast te stellen dat op voorhand aannemelijk is dat de functie binnen een redelijke termijn kan worden gerealiseerd. Alleen als evident is dat een functie binnen een redelijke termijn onuitvoerbaar is , moet het toedelen daarvan achterwege blijven. Als op voorhand duidelijk is dat de toegedachte functie om financiële redenen op langere termijn niet zal worden gerealiseerd , behoort de functie niet mogelijk te worden gemaakt. Als bij een project op voorhand onzekerheid bestaat over bovenstaande dan is het advies nader onderzoek te doen naar de economische uitvoerbaarheid en de resultaten daarvan op te nemen in deze plantoelichting. ’ Kostenverhaal Op grond van artikel 13.
11 Omgevingswet is de gemeente verplicht tot kostenverhaal , indien sprake is van een of meerdere aangewezen bouwactiviteiten. Het gaat hier om kostenverhaal plichtige activiteiten als genoemd in artikel 8. 13 Omgevingsbesluit , (hierna " een aangewezen bouwactiviteit). " Dit houdt in dat de gemeenteraad kostenverhaalsregels dient vast te stellen in het Omgevingsplan , tenzij middels gemeentelijke gronduitgifte dan wel , of in combinatie met , een anterieure overeenkomst , cofinanciering , subsidies , gemeentelijk krediet de kosten die het vanwege artikel 8. 15 Omgevingsbesluit maakt anderszins verzekerd zijn dan wel vrijstelling wordt/is verleend voor de kosten in de gevallen genoemd in artikel 8. 14 Omgevingsbesluit. In artikel 8. 15 van het Omgevingsbesluit worden de kostensoorten in de tabellen A en B van bijlage IV aangewezen als verhaalbare kostensoorten. In onderdeel A11 staat “Nadeelcompensatie aan derden als bedoeld in hoofdstuk 15 van de wet”. Toetsing Met de Bopa-procedure kostenverhaal verplicht is.
wordt
een
aangewezen
bouwactiviteit
mogelijk
gemaakt
waarvoor
Er wordt een anterieure overeenkomst afgesloten waarin alle verplicht te verhalen kosten worden verhaald. Conclusie Het besluit voldoet aan de kaders voor economische uitvoerbaarheid en kostenverhaal.
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
47
6. 2
Participatie
Algemeen Participatie bij het planvormingstraject geeft in een vroegtijdig stadium meer inzicht in de belangen en wensen van betrokken partijen en meer gelegenheid om deze in dat traject mee te wegen. Dit hoofdstuk bevat een beschrijving van het participatieproces en de wijze waarop er invulling is gegeven aan het toepassen van participatiebeleid van de gemeente Asten (conform art. 10. 2 Omgevingsbesluit). Aangegeven wordt hoe burgers , bedrijven , maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. Omgevingsdialoog Gemeente en initiatiefnemers achten het van belang dat de ontwikkeling vroegtijdig aan omwonenden wordt toelicht en met de omgeving wordt besproken. Doel van een omgevingsdialoog is om omwonenden de informeren en in gelegenheid te stellen hun bezwaren hiertegen kenbaar te maken en verbeterpunten op te halen. Voorafgaand aan de ontwikkeling is een omgevingsdialoog gevoerd met de buurtbewoners nabij Gezandebaan 32 te Asten. Een samenvatting van de omgevingsdialoog wordt hieronder kort beschreven. In bijlage 6 zijn de opgestelde brief en de reacties van de omwonenden opgenomen. Initiatiefnemer is in een periode van november ‘24 tot en met december ‘24 langs de deuren geweest bij buurtbewoners van Gezandebaan 32 te Asten.
De plannen zijn toegelicht middels een opgestelde brief , een verbeelding van de toekomstige situatie en een uitsnede van het landschappelijk inpassingsplan. Zowel de brief , als ook de reacties van de betreffende omwonenden zijn toegevoegd als bijlage van deze toelichting , namelijk bijlage 6. De betreffende deelnemers van de omgevingsdialoog hebben met interesse kennis genomen van de plannen. Alle deelnemers hebben positief gereageerd op de plannen en wensten initiatiefnemer succes met het voltooien hiervan. De deelnemers aan de omgevingsdialoog hebben daarnaast de mogelijkheid om formeel te reageren tijdens de procedure van het bestemmingsplan.
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
48
7 Toetsing evenwichtige toedeling
van
functies
aan
locaties
Algemeen Conform artikel 4. 2 van de Omgevingswet bevat het omgevingsplan in ieder geval de regels die nodig zijn met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt de omgevingsvergunning alleen verleend met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (Etfal , artikel 8.0a , lid 2 Bkl). Naast de regel dat omgevingsvergunningen slechts kunnen worden verleend met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties , gelden de beoordelingsregels in artikel 8. 0b tot en met 8. 0e van het Bkl (zie ook beleidskader Rijk en provincie). Bij de realisatie van de voorgenomen ontwikkeling wordt rekening gehouden met (milieu-) invloeden vanuit de omgeving op de ontwikkeling zelf en met invloeden vanuit de ontwikkeling op de omgeving. Conclusie Op basis van het voorgaande kan worden geconcludeerd dat het voorgenomen initiatief vanuit het oogpunt van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties aanvaardbaar en haalbaar is.
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
49
8 Bijlagen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Tekeningen toekomstige situatie Landschappelijk inpassingsplan Visualisatie verbeelding Bodemonderzoek Stikstofberekeningen Quickscan Flora en Fauna Omgevingsdialoog
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
50
1.
Tekeningen toekomstige situatie
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
51
stalen gezette kap grijs ± 300mm overstek ± 300mm ,
be
geisoleerde sandwich dakplaten antraciet
geisoleerde sandwichpanelen donker regelwerk volgens opgave constructeur
0 05 4
prefab betonelementen met steenstrips rood
2330
-
2935
Linkergevel
an
de
ve
rh
ar
din
90
g
4000
2935
n ei
0 02 1
0 02 1
00 11
00 11
2330
prefab betonelementen baksteen strips rood
2935
1625
2330
-
-
2670
2330
2670
2330
0 05 4
1835
4000
1000
1040
3960
4000
1000
1040
n ei
uw ev
er
ha
rd
be
in g
s ta
3670
an
de
ve
-
30
r ha
rd
nie
S
uw ev
20 er
ha
rd
ni
40
st aa n
de
ve
rh ar
dn i
g
0
g
ni g
I s
lo
ot
85
00
s
00
0
e lo p
n
be
bo
uw
ing
,
,
,
,
,
stalen gezette kap grijs ± 300mm overstek ± 300mm ,
TA
be
bebouwd oppervlakte: ± 7242 m2 loods: 204 x 3550 = nieuwe verharding 75 x 80 = 600 m2 nieuwe verharding 10 x 125 = 125 m2 nieuwe verharding 10 x 365 = 3650 m2 nieuwe verharding inrit west = 2450 m2 ± 14067 m2 totale oppervlakte = water berging = 60lt/m2 = ± 844 m3 Waterberging dmv zaksloot 30m br (boven)/ 1m br (bodem sloot) = gemiddeld 20m 20m x 05 (gem. GHG) x 85 mtr = 85 m3 ,
dni
uw
te ,
rh ar
0 5 0 ing 3 5 e v e rh a rd
HW
Achtergevel
ve
00
te bouwen loods
00 3 2
poort metaal antraciet
nd e
g
s ta
geisoleerde sandwichpanelen donker groen regelwerk volgens opgave constructeur
groen
2935
be
st aa
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
Situatie Sectie Schaal
geisoleerde sandwich dakplaten antraciet
Gem. Asten D no 3617 1 - 1000
geisoleerde sandwichpanelen donker groen regelwerk volgens opgave constructeur
0 02 1
2934
2330
-
2670
Linkergevel
2330
00 03
0 03 2
00 1 1
prefab betonelementen met steenstrips rood
2416
1040
geisoleerde sandwichpanelen donker groen regelwerk volgens opgave constructeur
prefab betonelementen baksteen strips rood
980
4000
1700
-
Voorgevel
-
-
hemelwater infiltratie sloot minimaal 85 m3
sandwichdakpanelen ECO paneel antraciet isolatie PU dik 60 mm brandklasse B houten gordingen volgens ber. constr. stalen spant volgens ber constr. spanten berekeningen op 2 zijde zonnepanelen
00 0 3
85000
dubbelwandige lichtdoorlatende sandwichpaneel
± 2200
20 °
alum. dakgoot grijs geisoleerde sandwichpanelen dik 60mm donker groen regelwerk volgens opgave constructeur panelen uitvullen zodat afwerking buitenzijde gelijk komt met geisoleerde plint
°
20
alum. dakgoot goothoogte grijs geisoleerde sandwichpanelen dik 60mm donker groen regelwerk volgens opgave constructeur panelen uitvullen zodat afwerking buitenzijde gelijk komt met geisoleerde plint
goothoogte
9
1
heftruck diesel
40
00 05
36500
8 7
1 1
tractor diesel
80
werkbank met handgereedschap
00 0 01
A
B
250
5000
6
1
kolomboomachine
D
5000
spant
E
5000
spant
1
afkortzaag
3
1
spant
1
noodstroom
1
Nr.
1
m. v. afvoer
00 1 0 08 1
10
00 1
45
vent. opening
7dm3/s
A
keukenblok
-
St.
Benaming
prefab betonpanelen doorzetten tot 350 mm
-p
-p
afm. poeren volgens opgave constr. aanlegdiepte tot op vast grondslag
Doorsnede A
-
A
-
0 02
geisoleerde sectionaal poort 4m br x45, h
3
342 , m2
overstroom 7 dm3/s
00 01
vent. opening
geisoleerde sectionaal poort 4m br x45, h
wasruimte
05 31
afm. poeren volgens opgave constr. aanlegdiepte tot op vast grondslag
200
vent. opening
vent. rooster
te 2 i mu m r te 61 , il o 2 t
div. handgereedscha p 5 hogedrukreiniger
250
min 400mm grondverbetering
prefab geisoleerde betonelementen met steenstrips rood PU isolatie dik 60 mm
2200000000
35100
1
2
4
m. v. afvoer
5
05 92
6
kolom
r
tes /s
00 5 4
1
prefab betonpanelen doorzetten tot 350 mm
spant
21 dm3/s
2
05 31
35500
,
,
aggr.
5000 spant
betonvloer dik 150 mm ber constructeur
wap. volgens tek en p. e. folie dik 02, mm
00 01
H
5000 spant
125
lasapparaat
G
5000
spant
22
7 dm3/s
4
F
5000
spant
200
5
prefab geisoleerde betonelementen met steenstrips rood PU isolatie dik 60 mm
bestaande erfverharding
C
00 05 gew.
nieuwe verharding
4
03 8 8
o 3m o
r. t 7d
kantine
verblijfsruimte vnx e3 minder dan 2 uur per dag
3
en m ar
144, m2
00 1
kW
100
9
wanden en plafond van sandwichpanelen vloer Rc 37, m2/KW wanden Rc 47, m2/KW plafond Rc 63, m2/KW
3200
100
BC
6000
-
0 00 5
r u e
go o h m 5, 4x
7
1
dt hc l uv kolom
electrische installatie volgens nen 1010 waterleiding volgens nen 1006 alle te verwerken grond en materialen volgens voorschriften bouwstoffenbesluit alle materialen verwerken en aanbrengen volgens voorschriften leverancier het geheel uit te voeren volgens de geldende bebouwings en NEN voorschriften
r
b m 4t
dubbelwandige lichtstraat 220m , breed
Werkplaats / stallingsruimte
0 04 02
lichte industriefunctie tbv. totaal 2 personen Niet verwarmde ruimte ventilatie capaciteit de loods: minimaal 344 dm3/s/pp = 2 x 344 = 688 dm3/s diverse ventilatie openingen verdelen over de loods van
0 04 31
,
r u e
dt hc l uv
h m 0, 3x r b m 4t
,
lpa a n itoc e s e dr e l eo i se
betonvloer dubbelwandige lichtstraat 220m , breed
r o o
0 00 02
0 04 02
00 5 4
aanlegdiepte fundering tot op vaste grondslag zonodig dieper als op tekening is aangegeven alle deuren dagmaat 900 x 2300mm details en kwaliteit geveltimmerwerk volgens voorschriften KVT '95 details en kwaliteit kunststof ramen en deuren volgens richtlijnen SKG-VKG en KOMO-keur deuren - ramen en kozijnen moeten bepaald overeenkomstig NEN 5096 een weerstandsklasse voor inbraakwerendheid hebben van tenminste klasse 2. ,
bestaande erfverharding
g
kolom
,
8
a n
nieuwe erfverharding kolom
e s e dr e l eo i se
afwijkingen
0 59 2
vent. opening
vent. opening
Bruto oppervlakte Bruto inhoud
plint gevels dak dakgoot poorten en deuren
De constructieonderdelen grenzend aan de buitenlucht voldoen conform NEN-EN 13501-1 aan een bijdrage tot brandvoortplanting van klasse D
ramen
00 2
De rookdichtheid volgens NEN-EN 13501-1 (art. 2. 67 lid 1 van het bouwbesluit). De constructieonderdelen grenzend aan de binnenlucht voldoen conform NEN-EN 13501-1 aan rookklasse S2 Het dak is conform de NEN 6063 niet brandgevaarlijk.
A -
Plattegrond
zonodig
aanpassen
de maatvoering alleen in overleg met architect opgave
leverancier
7242 m2 m3 ,
± 5010
prefab betonelementen met baksteen strips sandwichwandplaten sandwichdakpanelen aluminium metaal kunststof
,
,
,
,
Het gehele gebouw vormt een brandcompartiment ± 724 m2 G. O. Het gehele gebouw vormt een rookcompartiment In de rechtergevel bevinden zich 2 vluchtdeuren tbv. de vluchtweg De brandweer ingang is in de rechtergevel Aan de voorzijde van het perceel is een bluswatervoorziening Aan de voorzijde van de loods is een opstelplaats voor brandweervoertuigen (TAS)
rood donker groen antraciet grijs donker groen wit
Voor plattegrond gevels en doorsnede loods zie werk no 4971 blad 5 Voor fundering kapplan en details loods zie werk no 4971 blad 6
BC 1 = te bouwen loods
00 0 9
en
Te bouwen loods:
,
00 2
van
,
aansluitingen prefab elementen volgens
De aanwezige vloeren trappen of hellingbanen voldoen conform NEN-EN 13501-1 aan de bovenzijde aan een bijdrage tot brandvoortplanting van klasse D fl.
g
volgens tekening en berekening constructeur
Alle maten in het werk controleren
De constructieonderdelen grenzend aan de binnenlucht voldoen conform NEN-EN 13501-1 aan een bijdrage tot brandvoortplanting van klasse D
lpa o ti c
gegevens
De brandvoortplantingsklasse volgens de NEN-EN 13501-1 (art. 2. 67 + 2. 68 + 2. 69 van het bouwbesluit)
00 0 5
r o o
nieuwe verharding
Alle constructieve
ForFarmers FarmConsult
Projectleider:
FarmConsult Hoofdstraat 4 , 6598 AD Heijen NL Kwinkweerd 5 , 7421 CW Lochem NL Tel. : 0573-288800 Fax:0573-288890 email: farmconsult @forfarmers.eu
Rick Verhoijsen mob: 0622-69 06 90 mail: rick.verhoijsen @forfarmers.eu
Tekening aanvraag omgevingsvergunning Bestektekening Bedrijf: Gezandebaan 32 5725 TN Asten-Heusden
Werk:
,
-
4971-5
Opdrachtgever: RENVOOI:
bestaande bedrijfswoning
bestaande
garage
Uitgangspunten geboorde put opstelplaats tankautospuit (TS) - De opstelplaats heeft een breedte van tenminste 4 m en een lengte van tenminste 10 m. - De opstelplaats beschikt over een vrije doorganghoogte van tenminste 42 m. , - De opstelplaats is bestand tegen een aslast van 10 ton. - De opstelplaats is bestand tegen een totaal gewicht van 15 ton.
TAS
4x10m vrije hoogte 35x42m , , aslast 10t totaal gewicht 15t
vluchtdeur
vluchtdeur zonder losse hulpmiddelen te openen sproeiwater schuim blusser 9 ltr Vluchtweg aanduiding volgens NEN 6088:2002 , art 2. 3. 7. lid. 1
en te voldoen aan zichtbaarheideisen , art 5. 2 t/m 5. 6 van
NEN-EN 1838:1999 ( art. 2. 3. 7. lid 1. )
Metaal en Constructiebedrijf Gezandebaan BV Gezandebaan 32 tel: fax: 5725 TN Asten-Heusden
van
den SCHOOR
Park 16
,
bouwkundig ontwerpburo BV
6093 EL Heythuysen
tel: 0475-451697 www. vandenschoor. nl
Werk nr:
,
info @vandenschoor.nl
d. d. d. d. Schaal gew.
02-07-2025V2 03-09-2024V1 1:100
A
B
250
C
5000
D
5000
spant
E
5000
spant
F
5000
spant
G
5000
spant
H
5000
spant
5000
spant
windverband gegalv. strip volgens berekening constructeur
sandwichdakpanelen ECO paneel antraciet isolatie PU dik 60 mm brandklasse B houten gordingen volgens ber. constr. stalen spant volgens ber constr. spanten berekeningen op 2 zijde zonnepanelen
250
spant
stalen gezette windveer sandwichdakpanelen ECO paneel antraciet isolatie PU dik 60 mm brandklasse B houten gordingen volgens ber. constr. stalen spant volgens ber constr. spanten berekeningen op 2 zijde zonnepanelen
spant
windverband gegalv. strip volgens berekening constructeur
geisoleerde sandwichpanelen dik 60mm donker groen regelwerk volgens opgave constructeur panelen uitvullen zodat afwerking buitenzijde gelijk komt met geisoleerde plint
05 9 2
3
kolom
vogelschroot goothoogte 5000 mm +p alum. dakgoot grijs met afvoer naar infiltratiesloot
2 houten gordingen volgens berekening constructeur
0 00 5 1000 mm +p
tn a ps
r a a n i su bs gn di n bi r ev te m n e m m l oo kl e v e
tn a ps
kolom
r a a n i su bs gn id in br e v te m n e m m l oo kl e v e
gordingen opklossen volgens berekening constructeur
gp o k
3
stalen gezette lekdorpel prefab geisoleerde betonelementen met steenstrips rood PU isolatie dik 60 mm geisoleerde sandwichpanelen dik 60mm donker groen regelwerk volgens opgave constructeur panelen uitvullen zodat afwerking buitenzijde gelijk komt met geisoleerde plint
00 5 4
kolom
gp o k
geisoleerde sandwichpanelen Rc waarde min 63m2xK/W ,
houten gordingen volgens berekening constructeur
00 0 5
2600 mm +p geisoleerde sandwichpanelen dik 60mm donker groen regelwerk volgens opgave constructeur panelen uitvullen zodat afwerking buitenzijde gelijk komt met geisoleerde plint
gordingen opklossen volgens berekening constructeur kolom
windverband gegalv. strip volgens berekening constructeur
5
0 59 2
windverband gegalv. strip volgens berekening constructeur
geisoleerde sandwichpanelen dik 100mm Rc waarde min 47m2xK/W ,
2 i en
po to l os itea til r fn ir
a a n r e ov fa r tea l ew m e
Kapplan
-
rr et n e gi e
1000 mm +p
-
1000 mm +p
stalen gezette lekdorpel
A
B
250
C
5000 spant
D
5000 spant
E
5000
F
5000
spant
G
5000
spant
spant
5000 spant
5000 spant
H
A
250
250
spant
prefab geisoleerde betonelementen met steenstrips rood PU isolatie dik 60 mm Rc = 47, m2. K/W
B 5000 spant
stalen gezette lekdorpel Vloeropbouw rc waarde , min 47m2xK/W , afwerkvloer wap. volgens ber. constr. , met cv-slangen betonvloer dik 100mm , wap. volgens ber. constr. isolatieplaat EPS persing 25 p. e. folie dik 02, mm
prefab geisoleerde betonelementen met steenstrips rood PU isolatie dik 60 mm
400mm grondverbetering
spant
betonvloer dik 150 mm volgens tek en ber constructeur p. e. folie dik 02, mm min 400mm grondverbetering gew. wap.
hemelwaterafvoer naar infiltratiesloot op eigen terrein peil toilet pvc
wasbak Ø 110mmpvc Ø 75mm
m. v. afvoer
opstelplaats unit mech. gebalanceerde ventilatie
fonteintje pvc Ø 75mm
h
poeren
prefab betonpanelen doorzetten tot 350 mm
vlgs berekening constructeur
05 92
-p
wasbak + vw pvc Ø 75mm
m. v. afvoer
prefab betonpanelen doorzetten tot 350 mm
via wand
kolom
onbenoemde bergruimte
00 05
r u tec u trs n oc
betonvloer dik 150 mm volgens tek en ber constructeur p. e. folie dik 02, mm min 400mm grondverbetering gew. wap.
m m
52 1 Ør p
a a w z c v
p
800 mm +p
R. W.
Vloeropbouw rc waarde , min 37m2xK/W , afwerkvloer wap. volgens ber. constr. , met cv-slangen isolatieplaat vebofaom dik 20 mm betonvloer dik 100mm , wap. volgens ber. constr. isolatieplaat EPS persing 25 p. e. folie dik 02, mm 400mm grondverbetering
gn in e ke
-
m m
r e
prefab betonpanelen doorzetten tot 350 mm
-p
5
afmetingen fundering volgens opgave constructeur aanlegdiepte fundering tot op vaste grondslag zonodig dieper als op tekening is aangegeven
geisoleerde sandwichpanelen volgens opgave constructeur
n er e o
e zr o o
4
Alle constructieve gegevens volgens tekening en berekening constructeur Alle maten in het werk controleren afwijkingen
0 05 4
van
de maatvoering alleen in overleg met architect
,
,
riolering aansluiten op bestaande gemeente riool aansluiting
-
Fundering
-
hemelwaterafvoer
naar
infiltratiesloot op eigen terrein
leverancier
,
kolom
kolom
vlgs berekening constructeur
opgave
,
ForFarmers FarmConsult
Projectleider:
FarmConsult Hoofdstraat 4 , 6598 AD Heijen NL Kwinkweerd 5 , 7421 CW Lochem NL Tel. : 0573-288800 Fax:0573-288890 email: farmconsult @forfarmers.eu
Rick Verhoijsen mob: 0622-69 06 90 mail: rick.verhoijsen @forfarmers.eu
Tekening aanvraag omgevingsvergunning Bestektekening Bedrijf: Gezandebaan 32 5725 TN Asten-Heusden ,
poeren
zonodig aanpassen
Voor plattegrond gevels en doorsnede loods zie werk no 4971 blad 5 Voor fundering kapplan en details loods zie werk no 4971 blad 6
Werk:
mm -p
en
aansluitingen prefab elementen volgens
00 05
prefab betonpanelen doorzetten tot 350
,
kolom
d n l ee n a
1
aanlegdiepte fundering tot op vaste grondslag zonodig dieper als op tekening is aangegeven
p
pn t oe b ba fe r p
afmetingen fundering volgens opgave constructeur
800 mm +p
b s lgv
05 3 to tn tt e
-p
m. v. afvoer
Zolderruimte
4
peil
4971-6
Opdrachtgever: Metaal en Constructiebedrijf Gezandebaan BV Gezandebaan 32 tel: fax: 5725 TN Asten-Heusden
05 9 2
van
1
den SCHOOR
bouwkundig ontwerpburo BV
Park 16 6093 EL Heythuysen ,
-
Plattegrond Zoldervloer
tel: 0475-451697
-
www. vandenschoor. nl
Werk nr:
,
info @vandenschoor.nl
gew.
d. d.
d. d. Schaal
02-07-2025V2 26-08-2024V1 1:100
2.
Landschappelijk inpassingsplan
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
52
LANDSCHAPPELIJK INPASSINGSPLAN GEZANDEBAAN 32 HEUSDEN
LANDSCHAPPELIJK INPASSINGSPLAN Gezandebaan 32 Heusden
Titel:
Landschappelijke inpassing Gezandebaan 32 Heusden (gemeente Asten)
Projectlocatie:
Gezandebaan 32 Heusden Kadastraal perceel 3617 (deel)
Opdrachtnemer:
GV Advies Middelweg 4 3281 KH Numansdorp
Auteur:
de heer G. (Geert) Vink 0627-119742 info @gvadvies.nl
Datum:
2 oktober 2025
Versie:
1. 4
Landschappelijk inpassingsplan - Gezandebaan 32 Asten-Heusden
TOPOGRAFISCHE KAART
Het plangebied
Plangebied is gelegen aan de Gezandebaan ten oosten van Someren. Verkaveling is hoekig waarbij plangebied in gebruik is als agrarisch gebied met met opstal(len). Langs de kavelgrenzen is weinig beplanting aanwezig. Aan de overzijde grenst plangebied aan een massief bosperceel. Wegstructuur is begrenst met een dubbele rij volwassen eikenbomen met onderbeplanting aan weerzijde. ,
GV Advies
Middelweg 4 3281 KH Numansdorp info @gvadvies.nl 06-27119742
Ontwerper:
Projectlocatie: Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Omgeving plangebied
Datum:
2-10-2025
G. Vink
2-10-2025
Bladnr. :
1/6
Landschappelijk inpassingsplan - Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Afbeelding 1. AANGEZICHT PLANGEBIED
Afbeelding 2. AANGEZICHT PLANGEBIED
Afbeelding 3. AANGEZICHT BEBOUWING
Afbeelding 4. AANGEZICHT WONING
Afbeelding 5. LAANSTRUCTUUR
Afbeelding 6. LAANSTRUCTUUR
GV Advies
Middelweg 4 3281 KH Numansdorp info @gvadvies.nl 06-27119742
Ontwerper:
Projectlocatie: Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Afbeeldingen plangebied (opstallen landschap)
en
Datum:
2-10-2025
G. Vink
2-10-2025
Bladnr. :
2/6
Landschappelijk inpassingsplan - Gezandebaan 32 Asten-Heusden Bestemmingsplan Buitengebied
Structuurvisie
GV Advies
Middelweg 4 3281 KH Numansdorp info @gvadvies.nl 06-27119742
Projectlocatie: Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Landschapsanalyse plangebied
Ontwerper: Datum:
2-10-2025
G. Vink
2-10-2025
Bladnr. :
3/6
Landschappelijk inpassingsplan - Gezandebaan 32 Asten-Heusden
A. Schaal 1: 1250
C.
Legenda B. Ontwikkelingen 1. Nieuwbouw loods Aanwezige opstallen A. Woning (Gezandebaan 32) B. Bestaande schuur
F. D. 1.
Bestaande beplanting C. Bestaande ligusterhaag Landschappelijke inpassing D. Landschapsbomen (maat 14-16) E. Houtsingel van inheems plantmateriaal (maat 80-100 cm. ) F. Ligusterhaag (uitbreiding bestaand-) (maat 80-100 cm. )
D. E.
E.
D.
D. D.
D.
GV Advies
Middelweg 4 3281 KH Numansdorp info @gvadvies.nl 06-27119742
Ontwerper:
Projectlocatie: Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Inventarisatie situatie en landschappelijke maatregelen gebied
Datum:
2-10-2025
G. Vink
2-10-2025
Bladnr. :
4/6
Landschappelijk inpassingsplan - Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Tlilia tomentosa
Ligustrum vulgare
Sorbus aucuparia
Amelanchier lamarckii
Coryllus avellana
Viburnum opulus
Prunus spinosa
Rhamnus frangula
GV Advies
Middelweg 4 3281 KH Numansdorp info @gvadvies.nl 06-27119742
Ontwerper:
Projectlocatie: Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Detailleringen (aantallen , plantafstanden en referentiebeelden)
Datum:
2-10-2025
G. Vink
2-10-2025
Bladnr. :
5/6
Landschappelijk inpassingsplan - Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Algemeen
Heesters
Keuze
Aanplant
Beplanting in onderhavig inpassingsplan is geselecteerd op basis van inheemse soorten. Deze soorten komen van oorsprong in de regio voor waarmee er enerzijds een bijdrage
Zorg voor een ruim plantgat en grond waar de wortels goed in kunnen doordringen. Als je in lichte grond (zandgrond) plant is het goed dat te verbeteren door organisch materiaal (compost/vochtige potgrond) door de uitgegraven grond te mengen. Door zware kleigrond kun je fijn grind of grof zand mengen. Dat bevordert de drainage.
wordt gegeven aan de oorspronkelijke uitstraling van de regio en anderzijds betreft dit plantmateriaal wat past bij de groeiomstandigheden uit het gebied. Keurmerk Bij de keuze van beplanting is het mogelijk om de keuze te maken voor autochtoon plantmateriaal. Deze keuze wordt aanbevolen omdat hiermee meer duurzaam plantmateriaal wordt aangeschaft. Het is mogelijk dat de beplanting in onderhavig plan niet met autochtoon keurmerk leverbaar is , er kan dan worden gekozen voor regulier plantmateriaal.
Beheer Zorg de eerste drie jaar na aanplant dat er geen concurrentie komt door de groei van onkruid. Hiervoor wordt geadviseerd om handmatig de beplantingstrook te schoffelen.
Ontvangst Beplanting moet altijd weer zo snel mogelijk na ontvangst geplant worden. Mocht dit niet mogelijk zijn dan is het raadzaam beplanting tijdelijk met de wortels in zand te planten. Dit mag waar mogelijk gebundeld , doel is dat de wortels geen kans lopen uit te drogen.
Hagen
Bescherming tegen vraat Bescherm bomen , vruchtbomen , hagen en singels goed door op ruime afstand van beplanting gaas te spannen of een hekwerk te plaatsen.
Aanplant algemeen De voorkeur van aanplant gaat uit naar de rustperiode van beplanting (november-februari)
waarbij het van belang is dat aanplant in een vorstvrije periode plaatsvind. Zorg voor aankoop dat betreffende plantlocatie vrij is van beplanting en plantklaar is. Hierbij gaat het erom dat de plantlocatie is gespit/gefreesd. Dit bevordert het gemak
tijdens de aanplant. Volg bij de aanplant de plantafstand en het plantverband zoals opgenomen in onderhavig plan om te komen tot een evenwichtig en gezond eindbeeld van de beplantingstrook. Maak een royaal plantgat dat ook onderin goed wordt losgemaakt. Planten met een kale wortel zet je net zo diep als ze bij de kweker gestaan hebben. Dit kun je zien aan de verkleuring op de bast. Vaak is de stam groenachtig en de wortel roodbruinig. De overgang hiertussen is de wortelhals. Dat is de diepte die de beplanting moet krijgen. Na het planten moet de grond aangetrapt worden en moet de plant iets omhoog getrokken worden zodat het zand goed tussen de wortels komt. Niet te hard de grond aanstampen want dat zorgt ervoor dat de kieming van de wortels vertraagt.
Beheer algemeen Na aanplant (gedurende het eerste jaar) is het noodzakelijk de beplanting voldoende water te geven. Dit is geheel afhankelijk van weertype en voorkomt sterfte van beplanting. Bij water geven moet je rekening houden met de verdamping. Een plant zonder blad verdampt bijna geen water en ook met donker en regenachtig weer verliest uw plant nauwelijks vocht. Bij hogere temperaturen en niet te vergeten schrale (oosten)wind verdampt uw plant veel meer en droogt dan snel uit. Het is dus belangrijk om dan goed water te geven. Let wel: overmatig water geven is ook niet goed. Het gevaar bestaat dan dat de plant aan de wortels gaat rotten.
De periode waarin gesnoeid wordt hangt af van de doelstelling van de beplanting.
Gangbare perioden zijn 5-10 jaar of 10-15 jaar (afhankelijk van de soort).
Aanplant Een gemengde haag heeft meerdere voordelen ten opzichte van beukenhagen of coniferenhagen: ·Een gemengde haag draagt optimaal bij aan de biodiversiteit. ·Een gemengde haag geeft een meer gevarieerd beeld in het landschap. ·Een haag welke bestaat uit één soort is extra gevoelig voor plagen en ziekten. In een gemengde haag kan een plaag of ziekte zich minder makkelijk uitbreiden. Verdeel eerst het plantmateriaal over de gehele lengte. Bevochtig de wortels , zet het plantsoen in de sleuf met de wortels goed uitgespreid. Schud tijdens het vullen het plantsoen iets om de aarde goed om de wortels te laten sluiten. Snoei vervolgens na het planten direct 1/3 van de hoogte van de hagen terug (dus 2/3 laten staan). Door in de beginjaren een haag regelmatig te knippen ontstaat een dicht vertakte haag. Wordt met het knippen te laat begonnen dan ontstaat er een brede slappe haag die kaal van onderen is. Door hagen van boven iets smaller te houden dan onderin komt er lager in de hagen ook voldoende licht bij , dit voorkomt kaal worden. Beheer Afhankelijk van het type haag wordt het beheer bepaald. Een beukenhaag moet bij voorkeur jaarlijks gesnoeid worden en bij een knip- en scheerheg mag dit eenmaal per twee jaar.
(Fruit-) bomen Aanplant Het is altijd aan te raden een boompaal te zetten. Deze moet niet in de bodem van het plantgat worden geslagen als de boom daar al staat. Dan beschadig je de wortels. Dus bij voorkeur wordt eerst het gat gegraven en daarna wordt de boompaal in de bodem geslagen daarna zet je de boom erbij. Spreid de boomwortels er omheen uit. Gebruik een paal van onbehandeld hout. De boompaal moet minimaal 75 cm in de grond komen te staan. Let hierbij op voor kabels en leidingen. De boompalen altijd plaatsen aan noordwest- en zuidoostzijde van de boom. De boom zal zo bij de meest voorkomende windrichtingen in de boomband hangen wat voorkomt dat de bast langs de boompaal kapot schuurt. ,
,
Beheer Belangrijk is dat de boom zolang hij jong is geen last van onkruidgroei bij zijn wortels heeft. Houd een ruime cirkel grond (een zogenaamde boomspiegel) rond de stam vrij van onkruid door het eerst goed te wieden en daarna de grond af te dekken met een bijvoorbeeld boombastsnippers.
GV Advies
Middelweg 4 3281 KH Numansdorp info @gvadvies.nl 06-27119742
,
Ontwerper:
Projectlocatie: Gezandebaan 32 Asten-Heusden
Aanleg- en beheeradvies (algemene adviezen)
Datum:
2-10-2025
G. Vink
2-10-2025
Bladnr. :
6/6
3.
Visualisatie verbeelding
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
53
3493
Legenda Plangebied
Enkelbestemmingen
32 (bw)
G 3770
WR-A3
AW
Agrarisch met waarden
B
Bedrijf
G
Groen
B
Dubbelbestemmingen
(sb-mb)
WR-A3
G
Waarde
-
Archeologie 3
Gebiedsaanduidingen
G 3769
30 a
overige zone
-
attentiegebied EHS
overige zone
-
groenblauwe mantel
overige zone
-
recreatief ontwikkelingsgebied
wetgevingzone
AW
-
beperkingen veehouderij
Functieaanduidingen (bw) (sb-mb)
bedrijfswoning specifieke vorm van bedrijf - metaalbewerking
Buitenplanse omgevingsplanactiviteit:
Gezandebaan 32 Heusden
Datum:
TKS
02-10-2025
Formaat:
Schaal:
A3
1:1000
Tekeningnummer: N. v. t.
3618 3323
Get. :
Gemeente Asten
GIS/CAD Ondersteuning en software
Opdrachtgever:ForFarmers FarmConsult Status:ontwerp
Noordpijl
DDaalleennssttrraaaatt 44BB , 55446666 PPMM EEeerrddee E-mail: info @bragis.nl Web: www. bragis. nl
4.
Bodemonderzoek
”
n e ds ue
H te 23 na a be dn az e
G
“
gin
wu o bre dn O e
jklie
t imu R
54
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Verkennend bodem- en asbestonderzoek Gezandebaan 32 te Heusden (2402446LLU-01
,
versie 0)
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Verkennend bodem- en asbestonderzoek
in opdracht van ForFarmers FarmConsult T. a. v. mevrouw L. van Loon Kwinkweerd 5 7241 CW LOCHEM betreffende locatie Gezandebaan 32 te Heusden documentkenmerk 2402446LLU-01 versie 0 vestiging Nuenen datum 19 december 2024
opgesteld door: L. J. M. (Luuk) Luttikhold Projectleider bodem
gecontroleerd door: T. J. J. (Tom) Buijs Projectleider bodem
Dit document is digitaal gegenereerd en derhalve niet voorzien van een handtekening. De inhoud is aantoonbaar gecontroleerd en vrijgegeven. Het document mag uitsluitend in zijn geheel worden gereproduceerd. Door derden aangebrachte wijzigingen en/of toevoegingen dan wel oneigenlijk gebruik van het document vallen niet onder de verantwoording van Tritium Advies. Op dit rapport is een disclaimer van toepassing; zie https://www. tritium. nl/algemene-disclaimer/
Tritium Advies B. V. Adviseurs in bouwen , milieu en veiligheid T. E.
088 44 02 900 info @tritium.nl
I.
www. tritium. nl
KvK-nr.
17108024
Tritium Advies is gevestigd in:
Breda > > Nuenen > > Rijkevoort
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Samenvatting In opdracht van ForFarmers FarmConsult heeft Tritium Advies een verkennend bodemasbestonderzoek uitgevoerd op de locatie Gezandebaan 32 te Heusden.
en
Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging op een deel van de onderzoekslocatie en geplande herontwikkeling. Doel van het onderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging die een belemmering kan vormen voor de voorgenomen bestemmingswijziging en de geplande herontwikkeling. Tevens wordt een uitspraak gedaan over het indicatieve asbestgehalte in de bodem. Op basis van het vooronderzoek zijn de volgende deellocaties onderscheiden: 2 • deellocatie A : gehele terrein , excl. bebouwing (ca. 6. 775 m); 1 • deellocatie B : druppelzones west- en oostzijde (ca. 13 m); 1 • deellocatie C : druppelzone (ca. 29 m); 1 • deellocatie F : druppelzone (ca. 29 m); 1 • deellocatie G : druppelzone (ca. 6 m); 1 • deellocatie H : druppelzone zuidzijde (ca. 2 m); 1 • deellocatie I : druppelzone (ca. 21 m). Uit de resultaten
van
het onderzoek blijkt het volgende.
Zintuiglijke waarnemingen Op het maaiveld en in de uitkomende grond is geen asbestverdacht materiaal waargenomen. Bij de westelijke perceelsgrens is een open halfverharding met volledig puin aangetroffen. Ter plaatse zijn twee boringen gestaakt op het puin. Verder zijn plaatselijk bijmengingen met puin in de bovengrond waargenomen. Verkennend bodemonderzoek Gehele locatie Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond heterogeen licht verontreinigd is met zink en plaatselijk licht verontreinigd is met koper. De ondergrond blijkt niet verontreinigd te zijn met de onderzochte stoffen. In het grondwater is een matige verontreiniging met koper en lichte verontreiniging met barium aangetoond. De interventiewaarde voor grond wordt niet overschreden. De signaleringsparameters voor grondwater worden eveneens niet overschreden. De bodemlagen worden indicatief geclassificeerd als ‘landbouw/natuur’ of ‘industrie’. Druppelzones (deellocatie B , C , F , G , H , I) Uit de analyseresultaten blijkt dat de contactzone ter plaatse van de druppelzones niet verontreinigd is met PCB. De interventiewaarde voor grond wordt niet overschreden. Toetsing hypothese De aangetoonde verontreinigingen zijn in overeenstemming met de hypothese dat de onderzoekslocatie verdacht is hiervoor. De aangetroffen gehaltes zijn dermate laag , dat nader onderzoek hiernaar niet noodzakelijk wordt geacht.
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Verkennend asbestonderzoek Gehele locatie In de puinhoudende bovengrond van A12 en A15 is analytisch géén asbest aangetoond. De hypothese dat de puinhoudende bovengrond ter plaatse van A12 en A15 verdacht is op het voorkomen van een bodemverontreiniging met asbest , dient te worden verworpen. Geconcludeerd wordt dat de locatie onverdacht is op het voorkomen van een bodemverontreiniging met asbest. Deellocatie B: druppelzones west- en oostzijde (ca. 13 m)1 Zintuiglijk is ter plaatse van zowel de westelijke als oostelijke druppelzone geen asbestverdacht materiaal (grove fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie ( < 20 mm) is wel asbest aangetoond met een maximaal gewogen asbestgehalte van 2 mg/kg d. s. In beide druppelzones zijn geen respirabele vezels aangetoond. Omdat de aangetoonde gehaltes kleiner zijn dan helft van de interventiewaarde en er geen respirabele vezels zijn aangetoond , mag worden aangenomen dat de grond ter plaatse van de westelijke en oostelijke druppelzone niet verontreinigd is met asbest. Deellocatie C: druppelzone (ca. 29 m)1 Zintuiglijk is ter plaatse van de druppelzone geen asbestverdacht materiaal (grove fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie ( < 20 mm) is wel asbest aangetoond met een maximaal gewogen asbestgehalte van 21 mg/kg d. s. Daarnaast zijn respirabele vezels aangetoond met een gehalte van 14 mg/kg d. s.
Omdat meer dan 10 mg/kg d. s. aan respirabele vezels zijn aangetoond , is er sprake van onaanvaardbare risico’s. Deellocatie F: druppelzone (ca. 29 m)1 Zintuiglijk is ter plaatse van de druppelzone geen asbestverdacht materiaal (grove fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie ( < 20 mm) is wel asbest aangetoond met een maximaal gewogen asbestgehalte van 310 mg/kg d. s. Daarnaast zijn respirabele vezels aangetoond met een gehalte van 15 mg/kg d. s. De omvang van de asbestverontreiniging is niet tot in detail vastgesteld. Omdat meer dan 100 mg/kg d. s. asbest is aangetoond , is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met asbest. Daarnaast is er sprake van onaanvaardbare risico’s ( > 10 mg/kg d. s. respirabele vezels) Deellocatie G: druppelzone (ca. 6 m)1 Zintuiglijk is ter plaatse van de druppelzone geen asbestverdacht materiaal (grove fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie ( < 20 mm) is wel asbest aangetoond met een maximaal gewogen asbestgehalte van 25 mg/kg d. s. Daarnaast zijn respirabele vezels aangetoond met een gehalte van 26, mg/kg d. s. Omdat de aangetoonde gehaltes kleiner zijn dan helft van de interventiewaarde en er geen respirabele vezels zijn aangetoond boven de 10 mg/kg d.s. , mag worden aangenomen dat de grond ter plaatse niet verontreinigd is met asbest. Deellocatie H: druppelzone zuidzijde (ca.
2 m)1 Zintuiglijk is ter plaatse van de druppelzone geen asbestverdacht materiaal (grove fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie ( < 20 mm) is wel asbest aangetoond met een maximaal gewogen asbestgehalte van 130 mg/kg d. s. In de druppelzone zijn geen respirabele vezels aangetoond. De omvang van de asbestverontreiniging is niet tot in detail vastgesteld. Omdat meer dan 100 mg/kg d. s. asbest is aangetoond , is er sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging met asbest.
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Deellocatie I: druppelzone (ca. 21 m)1 Zintuiglijk is ter plaatse van de druppelzone geen asbestverdacht materiaal (grove fractie > 20 mm) waargenomen. In de fijne fractie ( < 20 mm) is wel asbest aangetoond met een maximaal gewogen asbestgehalte van < 2 mg/kg d. s. In de druppelzone zijn geen verdachte (respirabele) vezels waargenomen. Omdat het aangetoonde gehalte kleiner is dan helft van de interventiewaarde , mag worden aangenomen dat de grond ter plaatse niet verontreinigd is met asbest. Voorlopige veiligheidsklasse (CROW 400) Ter plaatse van druppelzones C , F en H is op basis van asbest de veiligheidsklasse zwart , niet vluchtig van toepassing. Aanvullend is ter plaatse van druppelzones C en F op basis van het gehalte aan respirabele vezels ( > 10 mg/kg d. s. ) sprake van onaanvaardbare risico’s. Voor de overige druppelzones en de onderzochte (meng)monsters van de gehele locatie geldt dat geen veiligheidsklasse van toepassing is (basishygiëne). Opgemerkt wordt dat de veiligheidsklasse niet automatisch bepaalt welke maatregelen getroffen dienen te worden , maar een indicatie vormt voor de veiligheidskundige om te bepalen welke maatregelen passend zijn tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. De definitieve veiligheidsklasse dient te worden bepaald door een veiligheidskundige.
Conclusie en aanbevelingen Hoewel de asbestverontreinigingen niet tot in detail zijn vastgesteld , wordt de omvang van de verontreinigingen geraamd op 12 m 3 (deellocatie C) , 29 m 3 (deellocatie F) en 2 m 3 (deellocatie H). Om meer zekerheid te krijgen zouden de verontreinigingen met asbest nader onderzocht kunnen worden zodat een beter beeld wordt verkregen van de exacte omvang. Om het terrein geschikt te maken voor de geplande herontwikkeling dienen de verontreinigingen met asbest ter plaatse van druppelzones C , F en H te worden gesaneerd. Hiervoor is de specifieke zorgplicht van toepassing. De milieukundige begeleiding dient te worden uitgevoerd door een partij die erkend is voor de BRL 6000 (protocol 6005). De graafwerkzaamheden dienen door een aannemer te worden uitgevoerd welke erkend is voor de BRL 7000 (protocol 7005). Hiervoor geldt een meldings-/informatieplicht van minimaal 4 weken voor aanvang. De overige onderzoeksresultaten vormen naar mening van Tritium Advies de voorgenomen bestemmingswijziging en de geplande herontwikkeling.
geen
belemmering
voor
Indien grond of puin wordt afgegraven (bijvoorbeeld bij bouwwerkzaamheden) en van de locatie wordt afgevoerd , dient er rekening mee te worden gehouden dat dit elders niet zonder meer toepasbaar is. Met betrekking tot het elders hergebruiken van grond zijn de regels van de Regeling bodemkwaliteit en het Besluit activiteiten leefomgeving van toepassing , die doorgaans een grotere onderzoeksinspanning vereisen.
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Inhoudsopgave pagina Samenvatting 1.
Inleiding
1
2.
Vooronderzoek
2
2. 1 2. 2 2. 3 2. 4 2. 5
Locatiegegevens Eerder uitgevoerd onderzoek Terreinverkenning Bodemopbouw Conclusies vooronderzoek
2 5 6 6 7
3.
Verkennend bodemonderzoek
8
3. 1 3. 2 3. 2. 1 3. 2. 2 3. 2. 3 3. 2. 4 3. 3 3. 3. 1 3. 3. 2 3. 3. 3
Onderzoeksstrategie Uitvoering Kwalibo Plaatsen boringen en peilbuis Bemonstering grondwater Analyses Analyseresultaten Toetsingskaders Grond Grondwater
8 9 9 9 10 11 12 12 12 14
4.
Verkennend asbestonderzoek
15
4. 1 4. 2 4. 2. 1 4. 2. 2 4. 2. 3 4. 2. 4 4. 3 4. 3. 1 4. 3. 2
Onderzoeksstrategie Uitvoering Kwalibo Maaiveldinspectie Inspectiegaten en boorwerk Analyses asbest Analyseresultaten Toetsingskader Analyseresultaten asbest
15 16 16 16 16 16 17 17 17
5.
Voorlopige verontreinigingssituatie
19
5. 1
Grond (asbest)
19
6.
21
6. 1 6. 2
Voorlopige veiligheidsklasse bepaling (CROW 400) Toetsingskader Bespreking resultaten
7.
Conclusie en aanbevelingen
22
21 21
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Bijlagen Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6: Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9: Bijlage 10: Bijlage 11:
Regionale ligging Situatietekening met (voorlopige) verontreinigingssituatie Profielbeschrijvingen Analyseresultaten grond Analyseresultaten grondwater Analyseresultaten asbest Toelichting toetsingskader Toetsingstabellen grond Toetsingstabellen grondwater (voorlopige) veiligheidsklasse bepaling (CROW 400) Foto’s onderzoekslocatie
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
1.
Inleiding
In opdracht van ForFarmers FarmConsult heeft Tritium Advies een verkennend bodemasbestonderzoek uitgevoerd op de locatie Gezandebaan 32 te Heusden. Aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen bestemmingswijziging onderzoekslocatie en geplande herontwikkeling.
op een
en
deel van de
Doel van het onderzoek is het vaststellen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) om te bepalen of op de locatie sprake is van bodemverontreiniging die een belemmering kan vormen voor de voorgenomen bestemmingswijziging en de geplande herontwikkeling. Tevens wordt een uitspraak gedaan over het indicatieve asbestgehalte in de bodem. Tritium Advies heeft geen binding met de opdrachtgever onafhankelijk advies- en onderzoeksbureau.
en
de onderzoekslocatie anders dan als
Kwalibo Op een deel van de werkzaamheden die in het voorliggende rapport worden beschreven is het Besluit bodemkwaliteit en het Besluit activiteiten leefomgeving van toepassing. Onder de naam Kwalibo regelen de Besluiten de kwaliteitsborging in het bodembeheer. Voor deze kwaliteitsborging zijn onderdelen van het onderzoek onder Kwalibo uitgevoerd. Indien dit het geval is , dan is dit bij het betreffende onderdeel expliciet vermeld. Onderdelen zonder vermelding van Kwalibo , zijn niet onder Kwalibo uitgevoerd.
pagina 1 van 24
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
2.
Vooronderzoek
Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens de NEN 5725:2023. De geraadpleegde bronnen zijn weergegeven in de volgende tabel. Tabel 2. 1: overzicht geraadpleegde bronnen tijdens vooronderzoek vooronderzoek type
“aanleiding A” uitvoeren van bodemonderzoek , saneren van een milieubelastende activiteit en/of realiseren van
gebouw op een bodemgevoelige locatie; “aanleiding H” uitvoeren van (milieubelastende) activiteit graven (exclusief tijdelijk uitnemen) en inschatten van arbeidshygiënische risico’s. een
categorie
bron
geraadpleegd datum
contactpersoon
05-08-2024
n. v. t.
internet kadastrale gegevens actuele terreinsituatie
historische gegevens bodeminformatie
kadastralekaart. com BAG Viewer - Kadaster Google Maps Slagboom & Peeters Luchtfotografie Topotijdreis Bodemloket Actueel Hoogte Bestand DINOloket WKO tool Nederland stortplaatsenkaart Provincie Noord-Brabant Omgevingsrapportage Noord-Brabant
archieven gemeente Asten en Regionaal Historisch Centrum Eindhoven (RHCe) bodeminformatie bodeminformatiesysteem gemeente Asten 08-10-2024 RHCe bodeminformatiesysteem 08-10-2024 overig locatiegegevens terreinverkenning bodeminformatie
opdrachtgever Tritium Advies (de heer Straatman) archieven Tritium Advies
mevr. C. Verveer mevr. I. van
Ginderen
09-07-2024 17-10-2024
mevr. L. van Loon
05-08-2024
n. v. t.
n. v. t.
De terreinverkenning is voorafgaand aan het veldwerk uitgevoerd. De resultaten van de terreinverkenning zijn verwerkt in de volgende paragrafen.
2. 1 Locatiegegevens Op basis van de geraadpleegde bronnen is een overzicht opgesteld van de locatiegegevens. Het overzicht is weergegeven in de volgende tabel. De ligging van de locatie is weergegeven in figuur 2. 1.
pagina 2 van 24
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Tabel 2. 2: overzicht onderzoekslocatie actuele locatiegegevens adres straat
Gezandebaan
huisnummer plaats
32
Heusden
kadastraal gemeente
Asten
sectie
D 3617
nummer
locatie oppervlak huidig gebruik geplande werkzaamheden
voormalig gebruik
toekomstig gebruik
dempingen , ophogingen , bijmengingen met puin
bodembedreigende activiteiten en calamiteiten
PFAS
bodemkwaliteitskaart
bijzonderheden terreinsituatie bebouwing maaiveld verhardingen
totaal circa 12. 625 m 2 bebouwd circa 5. 850 m 2 veehouderij met bijhorend erf , stallen , loods , garage en bedrijfswoning In het kader van de Landelijke Beëindigingsregeling Veehouderij , gaan de eigenaren hun bedrijf staken en wordt de locatie (deels) omgeschakeld naar bestemming ‘Bedrijf’. Het voornemen bestaat hierbij om de aanwezige stallen en loods te slopen en een bedrijfsgebouw te realiseren. Van oudsher kende de onderzoekslocatie hoogstwaarschijnlijk een agrarisch gebruik als akker-/weiland. In de jaren ’60 en ’70 is de veehouderij ontwikkeld , waarbij de stallen en loods (1968 , 1973 , 1976) , het bijhorende erf , de bedrijfswoning (1974) en garage (1975) zijn gerealiseerd (Kadaster). In 2002 en 2006 zijn enkele stallen uitgebreid. Sindsdien heeft de locatie haar huidig gebruik gekregen. voorste deel erf: bestemming ‘Bedrijf’ (met bestaande bedrijfswoning , garage en het nieuw te realiseren bedrijfsgebouw) achterste deel erf: agrarisch weiland (na verwijderen aanwezige stallen en overtollige voorzieningen) Ter plaatse van de westelijke perceelsgrens is een open halfverharding aanwezig. Omdat de halfverharding tijdens de herontwikkeling op de locatie blijft liggen en niet van de locatie afgevoerd gaat worden , is deze in overleg met de opdrachtgever niet aanvullend onderzocht.
Op 11-11-1998 is op de onderhavige onderzoekslocatie door de firma Vissers Oliehandel Horst B. V. een ondergrondse huisbrandolie (HBO) tank van 5. 000 liter inwendig gereinigd en daarna afgevuld met zand. Ter plaatse van de tank werd geen (rest)verontreiniging waargenomen (KIWA certificaatnummer Q 2969 , d. d. 01-12-1998). Voor de voormalige tank wordt derhalve geen separate deellocatie onderscheiden. In december 2021 heeft de Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat het ‘Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie’ van toepassing verklaard. Door het wijdverbreide gebruik en door emissies en incidenten worden poly- en perfluoralkylstoffen (PFAS) inmiddels in Nederland (en breder in de wereld) , niet alleen bij puntbronnen , maar ook als diffuse verontreinigingen in bodem , grondwater en oppervlaktewater aangetoond. Derhalve zijn de bovengrond (tot 10, m-mv) en geroerde bodems verdacht op PFAS.
• bron: Nota bodembeheer gemeente Asten 2022 • ontgravingskaart boven- en ondergrond: ‘Landbouw/natuur’ • toepassingskaart boven- en ondergrond: ‘Landbouw/natuur’ • bodemfunctieklassenkaart: ‘Overig (Landbouw/natuur)’ geen bekend veehouderij met stallen , loods , bedrijfswoning en garage gedeeltelijk verhard , gedeeltelijk onverhard bebouwing: vermoedelijk beton overig: asfalt (rondom bedrijfswoning en veehouderij) , betonplaten (zuidwestelijke hoek) , open halfverharding (westelijke perceelsgrens)
pagina 3 van 24
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Tabel 2. 2 (vervolg): overzicht onderzoekslocatie actuele locatiegegevens asbestaspecten jaartallen toepassing
omgeving gebruik belendende percelen milieubelastende activiteiten en calamiteiten
opstallen
realisatie jaren ’60 en ’70 , uitbreidingen in 2002 en 2006
terrein aanleg jaren ’60 en ’70 De aanwezige stallen zijn grotendeels voorzien van een asbestverdachte dakbedekking. De stallen zijn niet overal voorzien van een dakgoot en het terrein rondom de stallen bestaat deels uit onverhard terrein. Ter plaatse van de uitbreidingen worden de dakbedekkingen , gelet op de periode van realisatie (2002 en 2006) , beschouwd als niet asbestverdacht.
agrarisch , openbare weg en bosgebied Uit de omgevingsrapportage Noord-Brabant blijkt dat op circa 25 meter ten westen van de locatie een ondergrondse brandstoftank ligt of heeft gelegen. De huidige status en exacte ligging van deze tank is niet bekend bij Tritium Advies. Gelet op de vermoedelijke stromingsrichting van het grondwater (noordwestelijk) en de afstand ten opzichte van de onderhavige onderzoekslocatie , wordt aanvullend onderzoek hierop niet zinvol geacht.
De regionale ligging van de onderzoekslocatie is weergegeven in bijlage 1. Een situatietekening is weergegeven in bijlage 2. Foto’s van de onderzoekslocatie zijn toegevoegd in bijlage 11. De ligging van de onderzoekslocatie en een overzicht van de geplande herontwikkeling zijn weergegeven in de volgende figuren. Figuur 2. 1: ligging onderzoekslocatie (blauwe contour)
C.
en
druppelzones (gele contour)
D.
B.
F. H. G.
E. F.
I.
I.
pagina 4 van 24
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Figuur 2. 1 te slopen stallen (rode contour) en loods (stippellijn) , te behouden gebouwen (oranje contour) en nieuw te realiseren bedrijfsgebouw (gele contour)
2. 2 Eerder uitgevoerd onderzoek Op de onderzoekslocatie en in de directe omgeving zijn in het verleden de in de volgende tabel vermelde bodemonderzoeken uitgevoerd. Voor zover relevant voor het onderzoek zijn de gegevens weergegeven in dit hoofdstuk. Voor de volledige gegevens wordt verwezen naar de desbetreffende rapportages. Tabel 2. 3: eerder uitgevoerd onderzoek locatie
opgesteld door
kenmerk
datum
onderzoekslocatie 1. verkennend bodemonderzoek
Gezandebaan 32
G en O consult
n. b.
18-06-1997
directe omgeving 2. verificatie van zinkassen in wegen ‘De Kempen’
Gezandebaan
Witteveen en Bos
HT333-4
19-04-2010
nr.
titel
Uit de documenten in de voornoemde tabel blijkt het volgende. Ad 1 Bij dit onderzoek is een klein deel van de onderhavige onderzoekslocatie onderzocht (zuidelijk deel). Aanleiding voor het onderzoek was de voorgenomen uitbreiding van de zuidelijk gelegen stal , welke in 2002 is gerealiseerd (BAG). Doel van het onderzoek was het vaststellen van de bodemkwaliteit. Zintuiglijk werden geen bodemvreemde bijmengingen waargenomen. In de bovengrond werden lichte verontreinigingen aangetoond met zink en minerale olie. De ondergrond bleek niet verontreinigd te zijn met de onderzochte stoffen. In het grondwater werden lichte verontreinigingen aangetoond met chroom , koper en zink. Geconcludeerd werd dat de resultaten van het onderzoek geen aanleiding gaven tot het uitvoeren van nader onderzoek en dat er geen belemmeringen waren voor de voorgenomen uitbreiding van de stal.
pagina 5 van 24
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
Ad 2 Op basis van dit onderzoek bleek dat een eventuele zinkassenweg ter plaatse van de Gezandebaan , gelegen direct ten noorden van de onderhavige onderzoekslocatie , niet meetbaar aanwezig was. Op geruime afstand van de onderhavige onderzoekslocatie (circa 450 meter ten noordoosten) bleek de zinkassenweg in de Gezandebaan wel heterogeen aanwezig te zijn.
2. 3 Terreinverkenning Voorafgaand aan de monstername is een terreinverkenning uitgevoerd. Uit de terreinverkenning blijkt dat druppelzones D , E en de noordelijke zijde van druppelzone H waren voorzien van een dakgoot. Derhalve is het onderzoek ter plaatse van deze druppelzones komen te vervallen. Ter plaatse van druppelzones B , C , F , G , H (zuidelijke zijde) en I waren geen of gedeeltelijke dakgoten aanwezig. Het gedeelte zonder dakgoot van deze druppelzones is onderzocht. De huidige ligging van de druppelzones zonder dakgoot is weergegeven op de tekening in bijlage 2. Foto’s van de huidige situatie van de druppelzones zijn weergegeven in bijlage 11.
2. 4 Bodemopbouw In de volgende tabel is een overzicht opgenomen geohydrologische situatie. Tabel 2. 4: bodemopbouw bodemopbouw maaiveldhoogte deklaag
1 e watervoerende pakket
geohydrologie freatisch grondwater 1 e watervoerende pakket
en
van
de regionale bodemopbouw
en
de
geohydrologie
268, m+NAP tot 283, m+NAP 3 m dikte samenstelling middelfijn tot uiterst fijn zand met plaatselijk veenlagen matig doorlatendheid dikte 14 m matig grof tot matig fijn zand en uiterst grof tot middel grof samenstelling grindhoudend zand doorlatendheid goed stijghoogte stromingsrichting stijghoogte stromingsrichting
26 m+NAP
noordwestelijk onbekend noordwestelijk
waterhuishouding oppervlaktewater grondwaterbeschermingsbied / boringsvrije zone grondwateronttrekking
Niet aanwezig. De locatie is niet gelegen in een grondwaterbeschermingsgebied of een boringsvrije zone.
Op de onderzoekslocatie en in de omgeving vindt zover bekend bij Tritium Advies geen
grondwateronttrekking plaats.
pagina 6 van 24
documentkenmerk: 2402446LLU-01 , versie 0
2. 5 Conclusies vooronderzoek Op basis van het vooronderzoek worden de in de volgende tabel vermelde deellocaties hypotheses onderscheiden.
en
Tabel 2. 5: deellocaties en hypotheses deellocatie
omschrijving 2)
A.
gehele terrein , excl. bebouwing
B.
druppelzones B (west- en oostzijde) druppelzone C druppelzone F druppelzone G druppelzone H (zuidzijde) druppelzone I
C. F. G. H. I.
afmeting
hypothese
motivatie
ca. 6. 775 m 2
verdacht
ca. 13 m 1
verdacht
langdurig agrarisch gebruik als veehouderij eroderende dakbedekking , zonder dakgoot en afwaterend op een onverharde ondergrond
ca. 29 m 1 ca. 29 m 1 ca. 6 m 1 ca. 2 m 1
verdachte stoffen 1) NEN-parameters en
asbest (bij puin) asbest en PCB
ca. 21 m 1
Opmerkingen bij de tabel: 1) verklaring verdachte stoffen: NEN- parameters : pakket NEN 5740 voor grondparameters (organische stof en lutum , 9 metalen , PAK , PCB en minerale olie) en NEN 5740 voor grondwaterparameters (9 metalen , vluchtige aromatische koolwaterstoffen en naftaleen , vluchtige gechloreerde koolwaterstoffen en minerale olie); PCB : polychloorbifenylen. Op basis van het historisch onderzoek en de terreinverkenning zijn druppelzones D , E en de noordelijke zijde van 2) druppelzone H komen te vervallen. Ter plaatse van druppelzones B , C , F , G , H (zuidelijke zijde) en I is het gedeelte zonder dakgoot onderzocht.