CConstaterende datArnhem
Koppel je AI →
Document · PDF

BP Vast te stellen Toelichting

Politieke Avond 24 mei 2023, gemeente ArnhemBij agendapunt: Vaststellen: Bestemmingsplan 'Havenmeesterskwartier, Veilingstraat'29.570 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

4.3

Ruimtelijke opzet en structuur

Het plangebied vormt samen met de rest van het Havenmeesterskwartier en onder andere het voormalige Cobercoterrein, Fluvium een heldere, stedenbouwkundig samenhangende structuur. Er wordt ingezet op bouwblokken, die zijn opgebouwd uit verschillende woning- en gebouwtypologieën. Deze bouwblokken bestaan uit een aaneenschakeling van losse gebouwen en vormen samen met enkele vrijstaande gebouwen de hoofdstructuur. Op strategische plekken zijn in Havenmeesterskwartier en het voormalige Cobercoterrein hoogteaccenten van 10 lagen geprojecteerd. Deze zijn vormgegeven als hogere ranke gebouwen die samen met de toren bij het stadskantoor en de schoorsteen van het voormalige Cobercoterrein een dynamisch spel spelen en een spannend beeld genereren gezien vanaf de John Frostbrug en de overzijde van de rivier. Bij hoge gebouwen is aandacht vereist voor de woon- en leefkwaliteit (zoals wind, schaduw, privacy, en afstand tot lagere bebouwing). De sfeer, identiteit en schaal (korrel) van de industriële omgeving klinken door in Havenmeesterskwartier, zowel in stedenbouwkundige opzet en architectuur, als in openbare ruimte. De nieuwbouw zal bij de uitwerking een bijpassend 'industrieel karakter' krijgen zonder historiserend te zijn.

De beoogde appartementen van onderhavig plangebied bevinden zich aan de Veilingstraat en sluiten qua sfeer en identiteit aan bij het overige deel van Havenmeesterskwartier. De bebouwing krijgt een maximale bouwhoogte van 21 meter.

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 25

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

Volumeschets Havenmeesterkwartier - Veilingstraat Openbare ruimte Het Havenmeesterskwartier, waar onderhavig plangebied deel van uitmaakt, zal aansluiten op het informele netwerk van langzaam verkeersroutes uit het stedenbouwkundig ontwerp 'Arnhem Centrum-Oost' (Bijlage 3), waarvan de aanzet in Fluvium is gemaakt. Hierdoor wordt in aanvulling op het formele stratennet een aanvullend stelsel van routes ontwikkeld (zie onderstaande afbeelding). Deze rijgt de informele openbare ruimtes en bouwblokken aaneen. Doorgaande routes door de plandelen zijn primair voor voetgangers. Er mag wel gefietst worden maar de fietser is te gast.

Het formele en informele netwerk

26 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

Indicatie van ruimtelijke relaties gekoppeld aan informele langzaamverkeersroutes van de verschillende plangebieden Voormalig Coberco-terrein, Havenmeesterskwartier en Fluvium Bovenstaande afbeelding laat zien dat de langzaamverkeersroutes tussen het gebied ten noordoosten van de Westervoortsedijk enerzijds en de Nieuwe Kade met de Rijn en het voormalig Coberco-terrein anderzijds aan elkaar gerelateerd zijn. De formelere routes zijn de Badhuisstraat, de Veilingstraat en de nieuw aan te leggen woonstraat door het gebied en deze vormen tevens de ontsluiting voor het autoverkeer. Parkeren vindt deels half verdiept plaats. Aangezien de parkeervoorzieningen ruim (circa 5 meter) achter de voorgevel zijn geprojecteerd, zijn ze aan het zicht onttrokken. De Westervoortsedijk is een stedelijke laan met parallelwegen. Langs deze parallelwegen staan diverse type woongebouwen. Dit varieert van grote stadshuizen tot beneden- en bovenwoningen, woon-werkwoningen tot appartementen. De belangrijkste stedenbouwkundige openbare ruimten van Havenmeesterskwartier zijn de Nieuwe Kade en de Westervoortsedijk aan de noordzijde. Langs de kade is een accent in de vorm van een hoger appartementengebouw geprojecteerd. Aan de noordzijde hiervan bevindt zich het centraal gelegen parkje dat tevens ingericht wordt als speelplek voor kinderen.

4.4

Verkeersstructuur

4.4.1

Bereikbaarheid

Lopen In Havenmeesterskwartier wordt de openbare ruimte beperkt gehouden. De belangrijkste openbare ruimte ligt net naast het plangebied, namelijk de Rijnkade. In het gebied zelf worden een buurtparkje en hofje aangelegd. Hier tussendoor worden een aantal autovrije en autoluwe looproutes gerealiseerd. Ook is in het Stedenbouwkundig Ontwerp rekening gehouden met de verbinding naar het naastgelegen Cobercokwartier en, iets verderop, de binnenstad van Arnhem. Naast voldoende ruimte binnen het gebied is ook de aansluiting op het voetgangersnetwerk rondom het gebied van belang. Daarbij dient aandacht te zijn voor veilige en prettige oversteekplaatsen bij de Westervoortsedijk. Vanuit het Havenmeesterskwartier is het centrum van Arnhem goed lopend te bereiken. Via de Nieuwe Kade langs de Rijn is een aantrekkelijke looproute naar het centrum beschikbaar en kunnen De Markt, het Kerkplein en Stadhuis binnen 10 tot 15 minuten lopen worden bereikt. Fietsen "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 27

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

Havenmeesterskwartier is uitstekend ontsloten voor fietsverkeer. De Westervoortsedijk en de Nieuwe Kade maken onderdeel uit van het stedelijk hoofdfietsroutenetwerk van Arnhem. Tevens maken de Nijmeegseweg (over de John Frostbrug) en de fietsring om de binnenstad heen deel uit van het regionaal snelfietsroutenetwerk. Vanuit het Havenmeesterskwartier kunnen fietsers gemakkelijk via de Eusebiusbuitensingel het Airborneplein (ook wel Berenkuil) bereiken. Dit is een knooppunt van fietsroutes en biedt tevens de mogelijkheid om een deel van de drukke verkeersaders ongelijkvloers te kruisen. Voorzieningen voor fietsparkeren dienen te worden meegenomen in de planontwikkeling. In het Stedenbouwkundig Plan is hier geen aandacht aan besteed. Vanuit het Bouwbesluit (2012) worden echter eisen gesteld aan de realisatie van bergingen bij woningen, waar fietsen kunnen worden gestald. Vanwege de realisatie van appartementen en horeca is het van belang om ook voldoende fietsparkeerplekken in de openbare ruimte te voorzien. Deze zijn met name bedoeld voor bezoekers van de horeca en appartementen. In de 'Leidraad Fietsparkeren' van het CROW wordt aangeraden ongeveer 0,5 fietsparkeerplekken per woning te realiseren in de openbare ruimte. Dit is aan te bevelen, in verband met het tegengaan van verrommeling en overlast van fout geparkeerde fietsen.

Voor de bewoners in Havenmeesterskwartier worden bergingen gerealiseerd waar de fietsen in geparkeerd kunnen worden. In de openbare ruimte zal ruimte voor fietsparkeren voor bezoekers worden ingepast. Hier wordt bij de verdere uitwerking van het plan aandacht aan besteed. Openbaar vervoer Vanuit het Havenmeesterskwartier is treinstation Arnhem Centraal te bereiken met 6 minuten fietsen. Vanaf Arnhem Centraal zijn belangrijke regionale, nationale en internationale treinverbindingen beschikbaar. De ligging van het Havenmeesterskwartier ten opzichte van het regionale en (inter)nationale openbaar vervoersnetwerk is dus gunstig. De bereikbaarheid van het Havenmeesterskwartier met lokaal openbaar vervoer is beperkt. Het gebied is ontsloten op het busnetwerk via de halte Badhuisstraat aan de Westervoortsedijk. De bediening van deze halte is matig. De halte wordt aangedaan door lijn 12 (Arnhem CS – IJsseloord 2) en lijn 43 (Arnhem CS – Apeldoorn/Dieren). Lijn 12 rijdt op werkdagen overdag 2 keer per uur en in de avonduren vanaf 18 uur en op zondagen slechts 1 keer per uur. Lijn 43 is voornamelijk een spitsbus en heeft een onregelmatige dienstregeling. De bereikbaarheid van het plangebied met lokaal openbaar vervoer is daarmee een aandachtspunt. Wel is op gemiddeld 800 meter (10 minuten lopen) vanaf Havenmeesterskwartier de bushalte Airborneplein gelegen.

Deze bushalte wordt door meerdere buslijnen aangedaan en heeft een hoge bedieningsfrequentie. Vanaf deze bushalte zijn snelle en directe verbindingen naar Arnhem Centraal Station beschikbaar, met een reistijd van 6 minuten. De bushalte ligt echter op een grotere loopafstand dan wenselijk is en zal daarmee niet voor alle doelgroepen een geschikte optie zijn. 4.4.2

Verkeer

Provinciaal beleid Een van de kerntaken van de provincie Gelderland is zorgen voor een goede regionale bereikbaarheid en een goed regionaal openbaar vervoer. De provincie geeft veel aandacht aan mobiliteitsbehoefte van inwoners en bedrijven in Gelderland en kijkt daarbij naar toekomstige ontwikkelingen als het digitale werken. Maar er is ook veel oog voor leefbaarheid en verkeersveiligheid. In de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland heeft de provincie haar ambities en aanpak voor bereikbaarheid geformuleerd. De provincie streeft naar een efficiënte, duurzame en innovatieve bereikbaarheid, toegesneden op de veranderende vraag. De ambitie is: In 2050 is de groei van de mobiliteit op een slimme manier opgevangen en verplaatsen mensen in Gelderland zich veilig, snel, betaalbaar en klimaatneutraal. Snel en veilig internet fungeert daarbij als alternatief voor fysieke verplaatsingen. In 2050 is het netwerk voor goederenvervoer in Gelderland toegankelijk, duurzaam en klimaatneutraal. In 2030 is al ons busvervoer zonder uitstoot en is 35% van het totaal aantal verplaatsingen met de fiets. Hiervoor heeft de provincie de volgende aanpak opgesteld: We blijven een veilig en toegankelijk Gelders netwerk van (water)wegen, spoor, fiets- en voetpaden verbeteren en pakken knel- en knooppunten en ontbrekende schakels aan.

Onze aandacht richt zich daarbij vooral en in eerste instantie op (logistieke) knelpunten en knelpunten rond de Gelderse 28 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

steden. We zoeken naar slimme alternatieve vormen van vervoer voor het landelijk gebied. We benutten en optimaliseren bestaande mogelijkheden, voordat we overgaan tot het aanleggen van nieuwe infrastructuur. Wij stimuleren duurzame en alternatieve vormen van vervoer. Zoals elektrisch rijden. Wij werken samen met partners aan een dekkend netwerk van duurzame oplaad- en tankpunten in Gelderland en een goede aansluiting daarvan op nationale en internationale netwerken. Ook willen we het gebruik van de fiets stimuleren, onder andere met de aanleg van snelfietspaden en het oplossen van knelpunten in het (snel)fietsnetwerk. Wij werken zelf duurzaam. Bijvoorbeeld bij de aanleg, het beheer en onderhoud van onze provinciale wegen. Duurzaamheid is ook een voorwaarde die wij meegeven aan onze partners en opdrachtnemers. Wij gaan voor een emissieloos spoor in 2050 en voor busvervoer zonder uitstoot in 2030. Duurzame bereikbaarheid betekent voor ons ook: kansen creëren en investeren in nieuwe, duurzame vormen: in een snel internet – daar waar de markt het niet oppakt – als alternatief voor fysieke verplaatsingen. Maar ook in proeftuinen, bijvoorbeeld rondom duurzaam asfalt of zelfrijdende auto’s. De Omgevingsvisie vormt een kader waarbinnen afwegingen gemaakt worden voor toekomstige ontwikkelen en activiteiten.

Regionaal beleid Het regionale Actieplan HOV(Hoogwaardig Openbaar Vervoer)-corridors is vastgesteld in april 2019 door de gemeenteraad van Arnhem en is een uitwerking van de OV-visie van Gelderland. Het regionaal actieplan zet in op gerichte maatregelen om het openbaar vervoer te verbeteren. Om het openbaar vervoer van HOV-corridors te verbeteren zijn maatregelen opgesteld. De maatregelen kennen een sterke onderlinge samenhang en zijn onder te verdelen in drie hoofdtypen: Doorstromingsmaatregelen voor het openbaarvervoer Kwaliteitsimpuls OV-knooppunten en verbeteren haltes Optimaliseren routes en dienstregeling. Gemeentelijk beleid Structuurvisie Arnhem 2020-2040 De gemeente Arnhem heeft haar verkeers- en geluidbeleid op hoofdlijnen verwoord in de Structuurvisie Arnhem 2020-2040 (vastgesteld 2012). Arnhem streeft naar een duurzame bereikbaarheid in een aantrekkelijke en veilige stad. Vooral in de bestaande stad geldt daarbij het principe: eerst de bestaande verkeersruimte beter benutten en pas daarna zoeken naar mogelijkheden tot uitbreiding van de (auto)verkeersruimte. De inzet van slim ruimtegebruik, voor versterking van fiets en openbaar vervoer, aangevuld met spitsmijdende maatregelen moet Arnhem de komende jaren bereikbaar houden.

Openbaar vervoer Het beleid voor openbaar vervoer is geactualiseerd in 2018 Voor het onderdeel parkeren gelden beleidsregels en Arnhemse parkeernormen. Fietsbeleid In de Accentnota Fiets - Fietsambitie 2019-2024 heeft de gemeente de basis gelegd voor een meerjarige aanpak. Arnhem groeit en wordt steeds aantrekkelijker als vestigingsstad, mede door de gunstige ligging ten opzichte van de Randstad. Er komen steeds meer nieuwe inwoners in de stad die zich graag per fiets of ov verplaatsen. De stad heeft al een gunstige uitgangspositie en staat bekend om het vele groen in de stad. Het stedelijk woon- en leefklimaat is in de basis goed, maar kan nog een stuk beter. Om dat te bereiken willen we meer op de fiets inzetten. De luchtkwaliteit en het stedelijk leefklimaat profiteert van meer stedelijk fietsverkeer. En daarmee de inwoners én de economie. Door meer te fietsen voelen mensen zich vitaler, fitter en blijer. Maar misschien nog wel de belangrijkste reden is dat we door meer fietsers de bereikbaarheid van de stad en regio verbeteren. Als mensen voor korte ritten overstappen op de fiets creëert dat ruimte op de weg en voor parkeren. Mensen kiezen zelf, dat hebben veel andere steden in het land al voor ons aangetoond. Vertrekpunt van de Accentnota is de kansen en urgentie helder te maken. De fietsambitie redeneert vanuit de structuur en ambities van de stad.

Maatregelen moeten passen in het bredere beleidskader voor ruimte, mobiliteit en duurzaamheid, maar ook bij sociale opgaven zoals inclusie. Het is de bedoeling een serieuze stap vooruit te maken en te komen tot een beleidsbasis waarmee Arnhem de komende jaren vooruit kan, basis voor uitvoering. "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 29

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

De doelen van deze fietsambitie zijn: meer fietsgebruik betere ontsluiting van stedelijke bestemmingen voor alle inwoners van de stad de binnenstad beter bereikbaar en aantrekkelijker maken voor fiets schone lucht en verminderen van CO2 uitstoot inspelen op de trend van toenemende stedelijke verdichting en urbanisatie het verduurzamen en toekomstvast maken van het stedelijk vervoersnetwerk het beïnvloeden van duurzaam stedelijk verplaatsingsgedrag Onderzoek Ten behoeve van de beoogde ontwikkeling van Havenmeesterskwartier heeft er een verkeersonderzoek plaatsgevonden (Bijlage 4). De parkeervoorzieningen in het noordelijke deel van het plangebied zullen straks bereikbaar zijn vanaf de Badhuisstraat en de parallelweg langs de Westervoortsedijk. De parkeervoorzieningen in het zuidelijke deel worden ontsloten via de Veilingstraat en de nieuw aan te leggen stadsstraat in het gebied. Via deze wegen zal het autoverkeer vervolgens ontsloten worden via de Westervoortsedijk. In de wegencategorisering van de gemeente Arnhem is de Westervoortsedijk benoemd als een Gebiedsontsluitingsweg van de 1e orde. Een goede doorstroming op wegen van deze categorie is van belang voor de afwikkeling van het autoverkeer in de stad. Er worden daarom vanuit het Havenmeesterskwartier geen nieuwe aansluitingen op de Westervoortsedijk gerealiseerd.

In de toekomstige situatie, inclusief de ontwikkeling van het plangebied, bedraagt de verkeersintensiteit op de Westervoortsedijk naar verwachting circa 15.000 mtv/etmaal. De toename van autoverkeer als gevolg van de ontwikkeling, zeker op spitsuurniveau, is in verhouding tot de huidige intensiteiten niet groot. Gezien de huidige inrichting van de Westervoortsedijk zal de toename van het autoverkeer op wegvakniveau geen problemen veroorzaken voor de verkeersafwikkeling. Wel zal, als gevolg van de toename van autoverkeer, de druk op de verkeersafwikkeling op een aantal kruispunten toenemen. In de toekomstige situatie neemt de cyclustijd inclusief planontwikkeling licht toe. Op het kruispunt Westervoortsedijk – Eusebiusbuitensingel – Oranjewachtstraat neemt de cyclustijd toe van 60-65 seconden naar 65-70 seconden en op het kruispunt Westervoortsedijk – Badhuisstraat – Rietgrachtstraat op het maatgevende moment van 65-70 seconden naar 70-75 seconden. Voor laatstgenoemd kruispunt is de ochtendspits het maatgevende moment. Voor eerstgenoemd kruispunt is geen wezenlijk verschil tussen de ochtendspits en avondspits. De toename is echter beperkt en past nog (ruim) binnen de maximaal wenselijke cyclustijd. In een stedelijke omgeving mag de cyclustijd conform het gemeentelijke beleid maximaal circa 90 seconden bedragen.

Op drukke kruispunten waarop altijd kruisend verkeer aanwezig is, bedraagt de maximale cyclustijd circa 120 seconden. Daarbij dient nog een kanttekening te worden gemaakt over de invloed van de voetgangersoversteekplaatsen. Bij beide kruispunten maakt de voetgangersoversteek deel uit van het kritieke pad en bepaalt daardoor mede de cyclustijd. Het kan in de praktijk echter voorkomen dat de voetgangersoversteek wordt overgeslagen in de regeling, wanneer er geen voetgangers aanwezig zijn. De daadwerkelijke cyclustijd valt dan dus iets lager uit. Voor de kruispunten van de Westervoortsedijk met de Veilingstraat en met de Nieuwe Kade, beide zonder VRI, is middels de Slop-methode bepaald of er verkeersmaatregelen genomen moeten worden. Uit de berekening van de verzadigingswaarde van deze kruispunten is naar gebleken dat verkeersmaatregelen hier niet noodzakelijk zijn. Geconcludeerd kan worden dat er op de kruispunten een lichte toename van verkeer zal zijn, maar dat deze toenames zeer weinig tot geen nadelige gevolgen hebben voor de verkeersafwikkeling. De cyclustijden passen binnen de richtlijnen van de gemeente en bieden bovendien mogelijkheden om de groentijden voor fietsverkeer te verlengen waar dit wenselijk is.

30 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

4.4.3

Parkeren

Het gemeentelijk parkeerbeleid richt zich voornamelijk op het tegengaan en voorkomen van parkeeroverlast. Parkeeroverlast wordt grotendeels veroorzaakt door parkeerders in het gebied die niet direct in het plangebied zelf een herkomst of bestemming hebben. Voor het plangebied geldt, net als de rest van het Nieuwe Kadekwartier, een regime van betaald parkeren. Dit regime is ingevoerd om parkeeroverlast -van personen die buiten het plangebied werken, maar in het plangebied parkeren- tegen te gaan. Bij realisatie van de nieuwbouw ter plaatse van Havenmeesterskwartier wordt het regime van betaald parkeren ingevoerd. In het Havenmeesterskwartier wordt het parkeren voor het grootste gedeelte opgelost binnen de bouwblokken, met (half) verdiept parkeren, op maaiveld parkeren, en een klein deel openbaar parkeren. Bij het stedenbouwkundig ontwerp (zie Bijlage 3) wordt uitgegaan van het gegeven dat het plangebied bestaat uit meerdere deelgebieden, onderverdeeld in bouwblokken. De parkeeroplossing voor parkeren op eigen terrein kan binnen de bouwblokken gerealiseerd worden. Voor bezoekers parkeren worden parkeerplaatsen in de openbare ruimte aangelegd. Niet ieder huishouden beschikt over een eigen auto. Vanuit verschillende beweegredenen maken steeds meer mensen gebruik van deelauto's. Het is belangrijk om hiermee rekening te houden bij nieuwe gebiedsontwikkelingen.

Naast voldoende parkeergelegenheid voor eigen auto's en fietsen is ook een goed aanbod van deelauto's in de woonomgeving voor steeds meer mensen een pluspunt. Deelauto's kunnen tevens leiden tot een lager gemiddeld autobezit per huishouden, waardoor soms minder parkeerplekken benodigd zijn dan de kengetallen aangeven. De parkeerbalans voor onderhavig plangebied is nader uitgewerkt in de bijlage bij Bijlage 4.Voor het plangebied van het uitwerkingsplan is een parkeernorm van 1,3 gehanteerd per woning. De norm van 1,3 is aangehouden op basis van het stedenbouwkundig plan van Palmbout uit 2012. Voor het deel dat buiten het uitwerkingsplan valt is aangesloten bij het parkeerbeleid van de gemeente. Naast woningen kunnen in het Havenmeesterkwartier ook andere functies worden gerealiseerd. Het gaat hierbij om maatschappelijke functies, bedrijven gericht op zakelijke dienstverlening of sport- en ontspanningsfuncties. Om de parkeerbehoefte te berekenen voor deze overige functies is gewerkt met een worst case-berekening. Dit betekent dat is erekend met die functie, die de meeste parkeervraag veroorzaakt. In dit scenario komt het aantal benodigde parkeerplaatsen op 396 parkeerplaatsen op eigen terrein voor bewoners en 148 parkeerplaatsen in het openbare gebied voor bezoekers.

Voor het inrichtingsplan is een eerste inventarisatie gemaakt hoe de parkeerplaatsen kunnen worden ingepast in het plangebied (figuur hieronder). Uit de inventarisatie blijkt dat het aantal parkeerplaatsen is in te passen in het plangebied. Parkeren wordt deels opgelost binnen de bouwblokken met halfverdiept parkeren en deels op maaiveld in openbaar gebied. De 396 parkeerplaatsen kunnen binnen de bouwblokken worden opgelost. In de parkeerschets zijn hiervoor 345 parkeerplaatsen ingetekend en 147 optioneel ingetekend. Er zijn in de schets 150 parkeerplaatsen in openbaar gebied ingetekend, waarmee ook wordt voldaan aan de parkeerbehoefte van bezoekers. De daadwerkelijke inpassing van de parkeerplaatsen wordt nader uitgewerkt in het inpassingsplan.

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 31

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

4.4.4

Conclusie

De in het mobiliteitsonderzoek besproken resultaten vormen geen belemmering voor de ontwikkeling van het Havenmeesterskwartier. Het parkeren kan worden opgelost en het gebied is goed bereikbaar en ontsloten voor actief verkeer (voetgangers en fietsers). Wel is de bereikbaarheid per lokaal openbaar vervoer een aandachtspunt. De toename van autoverkeer als gevolg van de planontwikkeling is onderzocht, in combinatie met de ontwikkeling van het Cobercokwartier, en kan goed worden verwerkt op de wegen in en om het plangebied. Voor de verkeersafwikkeling op de kruispunten met VRI (Westervoortsedijk – Badhuisstraat – Rietgrachtstaat en Westervoortsedijk – Eusebiusbuitensingel – Oranjewachtstraat) worden geen problemen voorzien. De lichte toename van de cyclustijden passen binnen de richtlijnen van de gemeente Arnhem. Voor de kruispunten zonder VRI zijn geen verkeersmaatregelen noodzakelijk bevonden. Aandachtspunten voor het inrichtingsplan zijn de parkeervoorzieningen en oplaadpunten voor auto's en fietsen, voldoende gelegenheid voor laden en lossen en het aanbieden van deelauto's in het gebied.

4.5

Programma

Met onderhavig bestemmingsplan worden maximaal 50 woningen mogelijk gemaakt. Er worden 50 appartementen gerealiseerd die met name geschikt zullen zijn voor kleine huishoudens waaronder samenwonende starters, (jonge) gezinnen maar ook senioren. Met name bewoners met een leefstijl die is gericht op een goed voorzieningenniveau en de levendigheid van de nabije binnenstad zullen zich tot het gebied aangetrokken voelen. Wonen, welzijn en zorg De woningen voldoen aan de richtlijnen met betrekking tot levensloopbestendig bouwen, die de gemeente Arnhem hanteert (zie Bijlage 5). De woningen zijn daarmee geschikt voor alle leeftijdsgroepen, inclusief zelfstandig wonende ouderen. Bovendien is het rijksbeleid dat mensen steeds langer thuis zorg moeten kunnen ontvangen en dus langer zelfstandig kunnen blijven wonen. Dat vraagt om zorggeschikte woningen. In aanvulling hierop geldt als richtlijn dat sprake is van voldoende stallingruimte voor scootmobielen bij de appartementen en dat de woonomgeving veilig en toegankelijk is voor mensen met een rollator, invalidewagen of scootmobiel. 32 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

4.6

Ladder voor duurzame verstedelijking (art. 3.1.6, lid 2 Bro)

De Ladder voor Duurzame Verstedelijking is opgenomen in de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR) van het Rijk en per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Bro. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Op 1 juli 2017 is de Ladder in het Besluit ruimtelijke ordening gewijzigd. Aanleiding voor de wijziging waren de in de praktijk gesignaleerde knelpunten bij de uitvoering van de Ladder en de wens om te komen tot een vereenvoudigt en geoptimaliseerd instrument. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen ‘bestaand stedelijk gebied’ en ‘stedelijke ontwikkeling’. In de Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’.

stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen Toetsing De provincie Gelderland stuurt op een gezonde regionale woningbouwprogrammering. Er zijn afspraken gemaakt met onder andere de Regio Arnhem Nijmegen over de groei van de woningvoorraad (dus: aantallen nieuwbouw) en over de 'kwaliteiten', zoals het aandeel huur- en betaalbare woningen. Naar verwachting zal het aantal inwoners in de gemeente Arnhem in de komende tien jaar met circa 10.000 inwoners toenemen. Voor de toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking wordt het totale plangebied van Havenmeesterskwartier in beschouwing genomen. Kwantitatieve opgave Het woonbeleid van de regio Arnhem-Nijmegen wordt gevormd door de kwalitatieve woonprogramma's van de gemeenten en woningcorporaties en de aangetoonde (kwalitatieve) woningbehoefte. De vertaling hiervan is enkele jaren geleden gevonden in het 'stoplichtmodel voor woningbouwprogrammering regio Arnhem-Nijmegen', subregio Arnhem en omgeving (Arnhem, Lingewaard, Overbetuwe, Renkum, Rheden en Rozendaal). Zoals verwoord in dit model is het uitgangspunt een netto groei van 5.500 woningen in de gemeente Arnhem tot 2025.

Uit het op 8 juli 2020 vastgestelde “Plan van aanpak woningbouwontwikkeling”- gemeente Arnhem: In november 2019 is het regionale woningbehoefteonderzoek Arnhem Nijmegen opgeleverd. Dit onderzoek geeft een actueel beeld van het functioneren van de woningmarkt. De in het woningbehoefteonderzoek beschreven (mis)matches op de woningmarkt zijn niet 1-op-1 te vertalen naar een woningbouwprogramma. Dit vraagt om keuzes, op welke vraag wil je je richten als gemeente? En deze keuzes hebben betekenis voor het te realiseren programma. Met het woningbehoefteonderzoek als basis komen wij tot een plan van aanpak voor de Arnhemse woningbouwontwikkeling voor de komende jaren. De woningmarkt van Arnhem-Nijmegen staat onder druk. De woningbehoefte is dermate groot dat tempoversnelling in productie nodig is. Het zwaartepunt voor de korte termijn (tot 2025) ligt op het zorgen voor voldoende nieuwbouw om in te spelen op de acute woningvraag. Tegelijkertijd is op lange termijn sprake van onzekerheden rond de woningbehoefte-ontwikkeling (bereikbaarheid van de regio door ontwikkelingen spoor en doortrekken A15, overloop vanuit de Randstad, economische ontwikkelingen in stad en regio en daarmee stijgende behoefte aan huisvesting). Tot 2030 zijn er zo'n 7500 extra woningen nodig, verspreid over alle categorieën.

Ongeveer de helft van de behoefte ligt in de betaalbare categorie, maar dat betekent dat ook ongeveer de helft van de behoefte daarboven ligt. Hierin is nog geen rekening gehouden met de trek vanuit de Randstad naar het oosten, die langzamerhand ook Arnhem raakt en steeds groter wordt. De behoefte van deze groep ligt met name in de vrije sector. Arnhem heeft een woningbehoeftetoevoeging van ruim 7000 woningen tot 2030. Tot 2028 staan 7235 woningen in de harde en zachte plancapaciteit ingepland. Ervaring leert dat plannen regelmatig niet doorgaan of op zich laten wachten. Doorprogrammeren is daarom nodig om uiteindelijk op de "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 33

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

gerealiseerde aantallen uit te komen. De woningbehoefte tot 2025 is bovendien dermate groot dat tempoversnelling in productie nodig is. Het zwaartepunt voor de korte termijn (tot 2025) ligt op het zorgen van voldoende nieuwbouw om in te spelen op de acute woningvraag. Tot 2025 moeten er 5100 woningen worden toegevoegd.

Harde plancapaciteit, bron: gemeente Arnhem De in het plangebied aanwezige woningen worden gesloopt. Daarnaast biedt het uitwerkingsplan de mogelijkheid tot realisatie van maximaal 337 woningen. Het grootste deel van de te realiseren woningen -namelijk 205 stuks- staat sinds 2015 als groen aangemerkt in het 'stoplichtmodel'. Hierover bestaat dan ook (regionaal) akkoord. Daarnaast wordt gesteld dat het resterende aantal past binnen de harde plancapaciteit, zoals binnen de subregio is afgestemd. Geconcludeerd wordt dat de in totaal 387 (337 binnen het uitwerkingsplan en 50 binnen dit bestemmingsplan) toe te voegen woningen passen binnen de woningbehoefte van 5.100 stuks. Kwalitatieve opgave De ontwikkeling van het Havenmeesterskwartier voorziet ook in een kwalitatieve behoefte en draagt bij aan een belangrijke kwaliteitsverbetering van het gebied. Onderhavig plan voorziet in diverse woningen voor diverse doelgroepen. Er worden met dit bestemmingsplan 50 woningen mogelijk gemaakt en met een uitwerkingsplan worden 337 woningen mogelijk gemaakt. In totaal worden daarmee 387 woningen juridisch-planologisch mogelijk gemaakt. De woningen zijn een mix van huur, koop, grondgebonden en gestapeld, voor verschillende doelgroepen.

Het plangebied Havenmeesterskwartier vormt de overgang van het levendige Cobercokwartier waarbinnen verschillende functies aanwezig zijn naar een sec woongebied zoals Gashouderskwartier. Binnen de bovengenoemde ca. 387 woningen zijn ook een 50-tal goedkopere woningen opgenomen zodat ook voor die doelgroep voorzien wordt in de woonbehoefte.

Kwalitatieve behoefte, bron: gemeente Arnhem, Plan van aanpak woningbouwontwikkeling De appartementen zullen vooral op stadsbewoners een grote aantrekkingskracht hebben. De eengezinswoningen (met tuin) zullen eerder verkocht worden aan de doelgroep gezinnen. Uit het Woningbehoefteonderzoek van de regio Arnhem-Nijmegen blijkt dat er een grote behoefte is aan koopwoningen in alle prijssegmenten. Dit initiatief voorziet uitsluitend in koopwoningen. Het betreft koopwoningen met een mix van prijssegmenten. Hiermee wordt ingespeeld op de kwalitatieve woonbehoefte in Arnhem.

Kwalitatieve woningbehoefte (Bron: o.a. opgenomen in het 'Plan van Aanpak Woningbouwontwikkeling') De omgeving van het plangebied in de toekomst worden beschouwd als een centrum- stedelijk woonmilieu. Zoals is gebleken uit eerder onderzoek, bestaat behoefte aan binnenstedelijke plannen op 34 "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld )

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

aantrekkelijke locaties in centrum-stedelijke woonmilieus. Met onderhavig plan wordt aan deze behoefte invulling gegeven. Gezien de unieke locatie van het gebied, zowel het Cobercokwartier als voorliggende ontwikkeling van het Havenmeesterskwartier omvattend, is er weinig vergelijkbaar aanbod voorhanden in Arnhem. Resumerend wordt dan ook gesteld dat er zowel kwantitatief als kwalitatief behoefte is aan deze woningen. Bestaand stedelijk gebied In artikel 1.1.1 onder h van het Bro is een nadere omschrijving van het begrip 'bestaand stedelijk gebied' vastgelegd. Als bestaand stedelijk gebied wordt aangemerkt: ‘bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur’. Uit de definitie volgt dat er sprake moet zijn van een stedenbouwkundig samenstel van bebouwing. In de Nota van Toelichting wordt opgemerkt dat de kwalificatie bestaand stedelijk gebied afhangt van de omstandigheden van het geval, de specifieke ligging, de feitelijke situatie, het bestemmingsplan en de aard van de omgeving. De locatie Havenmeesterskwartier voldoet aan het criterium 'bestaand stedelijk gebied'.

Conclusie Met de voorgenomen planontwikkeling van het realiseren van woningen binnen het plangebied wordt bijgedragen aan zowel de kwantitatieve als kwalitatieve behoefte aan woningen. Er wordt voldaan aan de Ladder voor duurzame verstedelijking.

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 35

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

36 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

Hoofdstuk 5 5.1

Milieu- en omgevingsaspecten

Inleiding

In dit hoofdstuk komen de milieu- en omgevingsaspecten aan de orde die van belang kunnen zijn bij de beoogde ruimtelijke ontwikkelingen in het plangebied. Beschreven wordt op welke manier voor de aspecten vastgesteld wordt of sprake is van een goede ruimtelijke ordening.

5.2

Geluid

Geluid wegverkeer De Wet geluidhinder (Wgh) biedt het wettelijk kader voor de toegestane geluidsbelasting vanwege (spoor)wegen bij geluidsgevoelige bestemmingen, waaronder woningen. Als een gemeente met een bestemmingsplan de bouw van geluidsgevoelige bestemmingen mogelijk maakt, is sprake van een 'nieuwe situatie' in de zin van de Wet geluidhinder. De Wet geluidhinder is slechts van toepassing voor zover het gaat om geluidsgevoelige bestemmingen binnen de geluidszone van een (spoor)weg. Binnen deze zone wordt de geluidsbelasting berekend. De voorkeurswaarde voor de geluidsbelasting afkomstig van wegverkeer voor nieuwe woningen bedraagt 48 dB. In bepaalde gevallen kunnen door het bevoegd gezag hogere waarden vastgesteld worden. De gemeente Arnhem heeft voor de beoordeling van de geluidsbelasting aanvullend geluidbeleid vastgesteld. De maximaal toegestane hogere waarde volgens de Wet geluidhinder bedraagt 63 dB voor stedelijke situaties. Industrielawaai De Wet geluidhinder (Wgh) biedt ook het wettelijk kader voor de toegestane geluidsbelasting vanwege geluidgezoneerde industrieterreinen. De Wet geluidhinder is slechts van toepassing voor zover het gaat om geluidsgevoelige bestemmingen binnen de geluidszone van een industrieterrein. Binnen deze zone wordt de geluidsbelasting berekend.

De voorkeurswaarde voor de geluidsbelasting vanwege industrielawaai voor nieuwe woningen bedraagt 50 dB(A). In bepaalde gevallen kan het bevoegd gezag hogere waarden vaststellen. De gemeente Arnhem heeft voor de beoordeling van de geluidsbelasting aanvullend geluidbeleid vastgesteld. De maximaal toegestane hogere waarde volgens de Wet geluidhinder bedraagt 55 dB(A). Geluid scheepvaartverkeer Het toetsen van scheepvaartgeluid is niet in een wettelijk kader vastgelegd. Wij beoordelen de aanvaardbaarheid van het geluid van zowel de doorgaande als de aangemeerde schepen op basis van het beoordelingskader uit de VNG-publicatie Bedrijven en milieuzonering. Het geluid van de schepen wordt daarbij gemodelleerd als industrielawaai en ook als zodanig beoordeeld. Aangezien deze norm zowel wordt gebruikt voor de beoordeling van de inpasbaarheid vanwege geluid van alle bedrijven, waarvan het karakter van het geluid verschilt, als van de verkeersaantrekkende werking, wordt deze norm ook toepasbaar geacht voor scheepvaartverkeer. Beoordeling gecumuleerde geluidsniveaus In het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012 is de rekenmethode voor het bepalen van de gecumuleerde geluidsbelasting beschreven. Deze rekenmethode wordt toegepast als er sprake is van blootstelling aan meer dan één soort geluidsbron.

Er bestaat geen standaard beoordelingskader voor het gecumuleerde geluidsniveau, waardoor de vraag of sprake is van een goede ruimtelijke ordening dient te worden onderbouwd op basis van de afzonderlijke toetsnormen en andere factoren. Op basis van de gebruikte beoordelingskaders voor de afzonderlijke aspecten wordt daarom beschouwd of ook vanwege het cumulatieve geluidsniveau sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Beleidsplan Geluid Het geluidbeleid van de gemeente Arnhem is onder andere opgesteld voor de beoordeling van ruimtelijke ontwikkelingen. De gemeente maakt voor de beoordeling een onderscheid in gebieden en geluidsklassen. Daarvoor hebben zij een ambitiewaarde (a), incidentele waarde (i) en plafondwaarde (p) vastgesteld. De ambitiewaarde is de streefwaarde voor een gebied. Het plan Havenmeesterskwartier wordt beoordeeld op basis van het gebiedstype stedelijke zone, omdat in de omgeving zowel woningen, bedrijven als drukke verkeersaders liggen. Op basis van de geluidsklassen heeft de gemeente Arnhem daarnaast vastgesteld welke maatregelen onderzocht en toegepast moeten worden. In onderstaande tabel staan de geluidsnormen uit het geluidbeleid. "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 37

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

Beoordelingsnormen geluidbeleid gebiedstype stedelijke zone Voor het verlenen van een hogere waarde is de nota “uitvoeringsbeleid hogere grenswaarde” van de gemeente Arnhem van toepassing. Onderzoek Wegverkeerslawaai Voor onderhavige ontwikkeling moet worden aangetoond dat het plan op het gebied van wegverkeerslawaai voldoet aan vigerende wet- en regelgeving. Er heeft derhalve een onderzoek naar wegverkeerslawaai plaatsgevonden (Bijlage 6). De nabijgelegen Eusebiusbuitensingel, Nijmeegseweg en Westervoortsedijk zijn wettelijk gezoneerd. De Eusebiusbuitensingel en de Nijmeegseweg hebben drie rijstroken en daarmee een geluidzone van 350 meter aan weerszijden van de weg; de Westervoortsedijk heeft twee rijstroken en daarmee een geluidzone van 200 meter aan weerszijden van de weg. Het plangebied ligt binnen de wettelijke geluidzones van deze wegen, dus dienen de geluidbelastingen vanwege deze wegen te worden getoetst aan de wettelijke normering. Naast de Westervoortsedijk wordt het plangebied omringd door de Badhuisstraat, Veilingstraat en Nieuwe Kade. Op deze drie wegen geldt momenteel een snelheid van 50 km/u, maar met een verkeersbesluit zal de snelheid van deze wegen worden aangepast naar 30 km/u. Ook op de nieuw aan te leggen weg binnen het plangebied wordt een snelheid van 30 km/u gehanteerd.

Hiermee zijn de Badhuisstraat, Nieuwe Kade, Veilingstraat en de nieuw aan te leggen weg in de plansituatie niet wettelijk gezoneerd. Deze wegen hoeven niet te worden getoetst aan de wettelijke normering. In het kader van een goede ruimtelijke ordening wordt de geluidbelasting vanwege deze wegen wel onderzocht. Ook de nabijgelegen Rietgrachtstraat en Thomas J. Witteroosstraat, waar een maximum snelheid van 30 km/u geldt, zijn meegenomen in het onderzoek. Alle overige wegen in de omgeving zijn niet onderzocht wegens grote afstand tot het plangebied, geen wettelijke zonering, en/of lage verkeersintensiteiten. In het onderzoek is gekeken naar de geluidbelasting vanwege elke afzonderlijke weg en tevens naar de gecumuleerde geluidbelasting van alle wegen samen op de nieuwe woningen. Navolgend zijn de conclusies uit het onderzoek opgenomen. In onderstaande tabel zijn voor elke weg de maximale geluidbelastingen weergegeven voor de nieuwe woningen, voor de basissituatie en indien van toepassing ook voor de situatie met aanvullende bronmaatregelen. Tevens zijn de wettelijke voorkeurswaarden en maximale ontheffingswaarden weergegeven.

Maximale geluidbelastingen per weg op de nieuwe woningen met bijbehorende voorkeurswaarden en maximale ontheffingswaarden De Eusebiusbuitensingel, Nijmeegseweg, Rietgrachtstraat en Thomas J. Witteroosstraat leveren een geluidbelasting niet hoger dan 48 dB op de nieuwe woningen. Voor deze wegen zijn geen aanvullende maatregelen nodig. De Westervoortsedijk heeft een wettelijke geluidzone en levert een geluidbelasting van maximaal 62 dB 38 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

op de nieuwe woningen. Voor deze weg zijn aanvullende bronmaatregelen niet mogelijk en stuiten overdrachtsmaatregelen op overwegende bezwaren. Voor de woningen met een resterende geluidbelasting hoger dan 48 dB vanwege de Westervoortsedijk moeten hogere waarden te worden aangevraagd. Voor deze hogere waarden wordt door het bevoegd een hogere waardebesluit genomen en voorwaarden vastgelegd. In het bestemmingsplan (artikel 4.2.3) is een verwijzing opgenomen naar dit besluit.

Aan te vragen hogere waarden vanwege het verkeer op de Westervoortsedijk De Badhuisstraat, de nieuw aan te leggen weg, de Nieuwe Kade en de Veilingstraat geven een maximale geluidbelasting hoger dan 48 dB. Wegens de gehanteerde maximum rijsnelheid van 30 km/u betreft dit geen wettelijke toets. Bronmaatregelen in de vorm van stiller wegdek zijn niet verplicht, maar wel mogelijk, om de geluidbelasting vanwege deze wegen te verlagen. Overdrachtsmaatregelen langs deze wegen stuiten op overwegende bezwaren en zijn niet verder onderzocht. De gecumuleerde geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai (maximaal 62 dB inclusief correctie) is hoger dan de ambitiewaarde (58 dB) maar niet hoger dan de plafondwaarde (63 dB) die de gemeente hanteert. De hoogste gecumuleerde geluidbelasting vindt plaats op de noordoostelijke gevels van blok D langs de Westervoortsedijk en op de zuidoostelijke gevels van blok G langs de Veilingstraat. Het toepassen van stille wegdektypen op de Badhuisstraat, nieuw aan te leggen weg, Nieuwe Kade en Veilingstraat is mogelijk. Na toepassen van deze maatregelen blijft de maximale gecumuleerde geluidbelasting 62 dB inclusief correctie, maar de maatregelen leveren gemiddeld wel een geluidreductie op de nieuwe woningen.

Aangezien de gecumuleerde geluidbelasting de ambitiewaarde overschrijdt, worden in het kader van een gezond woon- en leefklimaat op de Badhuisstraat, de nieuw aan te leggen weg, de Nieuwe Kade en de Veilingstraat bronmaatregelen toegepast in de vorm van stille elementenverharding. Extra maatregelen in de vorm van overdrachtsmaatregelen, of een snelheidsverlaging op de Westervoortsedijk, stuiten op overwegende bezwaren en zijn niet wenselijk. Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de realisatie van de woningen dient aangetoond te worden dat de buitengevels voldoende geluid dienen te weren om te zorgen dat het geluidniveau binnen in de nieuwe woningen maximaal 33 dB bedraagt. Dit is opgenomen als voorwaarde bij het hogere waardenbesluit. Tevens dient te worden aangetoond dat bij geluidsbelaste hogere waarden woningen sprake is van minimaal één geluidluwe gevel en één geluidluwe (gezamenlijke) buitenruimte. Voor de gevels die aan de achterzijde gesitueerd zijn (niet aan de Westervoortsedijk) is de "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 39

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

geluidbelasting voldoende laag om een geluidluwe gevel en een geluidluwe buitenruimte te realiseren of wel de mogelijkheid om maatregelen te nemen om dit te realiseren. Voor sommige woningen is geen individuele buitenruimte beoogd. Voor de woonblokken waar dit het geval is zijn gemeenschappelijke buitenruimten beoogd waar ook sprake is van een geluidluwe buitenruimte. Industrielawaai Ten behoeve van de beoogde woningbouwontwikkeling van Havenmeesterskwartier is een onderzoek naar industrielawaai uitgevoerd (Bijlage 7). Het plangebied ligt in de invloedssfeer van enkele industriële geluidbronnen: Ten noorden van het plangebied ligt een busremise van Connexxion gelegen aan de Westervoortsedijk 4 te Arnhem. Dit remiseterrein wordt omringd door de Vlijtstraat (noord), de Rietgrachtstraat (oost), de Westervoortsedijk (zuid), en de Remisestraat (west). Het remiseterrein behoort tot de milieucategorie 3.2 met een VNG-richtafstand van 50 meter voor gemengd gebied. Het plangebied ligt op circa 30 meter afstand van het remiseterrein en ligt daarmee binnen de VNG-richtafstand van het remiseterrein. Ten zuidoosten van het plangebied liggen meerdere bestaande bedrijven, waaronder het metaalbewerkingsbedrijf De Smidse, het transportbedrijf Comans Transport, de fabrikant Steemer Keukens & Meubels, en andere.

De activiteiten van deze bedrijven zijn akoestisch relevant, mede dankzij het gebruik van de in- en uitritten op de Veilingstraat. Ten zuidwesten van het plangebied ligt de Rijn. Deze rivier vormt een doorgaande route voor scheepvaart. De Rijnkade biedt gelegenheid tot aanmeren. Verder naar het oosten (ten oosten van de Van Oldenbarneveldtstraat) is het industrieterrein ’Arnhem-Noord’ gelegen. Dit industrieterrein is gezoneerd in het kader van de Wet geluidhinder. Het plangebied Havenmeesterskwartier ligt buiten de geluidzone van dit gezoneerde industrieterrein. De geluidbelasting vanwege het industrieterrein op het plangebied wordt daarom niet getoetst aan de Wet geluidhinder, maar wel meegenomen in het bepalen van de cumulatieve geluidbelasting vanwege alle aanwezige geluidbronnen. Onderstaande afbeelding toont een overzicht van het plangebied en de onderzochte bronnen.

Overzicht plangebied en onderzochte bronnen Navolgend zijn de conclusies uit het onderzoek opgenomen. Busremise Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Ter hoogte van de maatwerkvoorschriften worden de maximaal toegestane geluidbelastingen van de maatwerkvoorschriften niet overschreden. Op alle overige gevels worden de grenswaarden van het Activiteitenbesluit niet overschreden. Aangezien de grenswaarden uit het Activiteitenbesluit en de maatwerkvoorschriften niet worden overschreden, zorgt de nieuwe woningbouw in het Havenmeesterskwartier niet voor een beperking van bedrijfsvoering op het remiseterrein. Aanvullende 40 "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld )

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

maatregelen voor de langtijdgemiddelde geluidbelasting veroorzaakt door de busremise zijn niet nodig. Omdat de maatwerkvoorschriften zijn vastgesteld op andere hoogtes dan de nu gehanteerde rekenhoogtes conform het Reken- en meetvoorschrift geluid, worden de maatwerkvoorschriften aangepast naast de juiste rekenhoogte. Maximale geluidbelasting De maximale geluidbelasting vanwege activiteiten op het busremiseterrein voldoet aan de grenswaarden die in het Activiteitenbesluit zijn opgenomen. Aanvullende maatregelen voor de maximale geluidbelasting veroorzaakt door de busremise zijn niet nodig. Indirecte hinder De etmaalwaarde voor indirecte hinder van de busremise voldoet aan de voorkeurswaarde voor indirecte hinder. Aanvullende maatregelen voor indirecte hinder van de busremise zijn niet nodig. Bestaandebedrijvigheid ten zuidoosten van het plangebied Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau De langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus van elk individueel bedrijf bedragen hoogstens 50, 43 en 37 dB(A) in respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiodes en voldoen aan de grenswaarden zoals in het Activiteitenbesluit opgenomen. Aanvullende maatregelen voor de langtijdgemiddelde geluidbelasting veroorzaakt door de individuele bedrijven zijn niet nodig. De langtijdgemiddelden van alle bedrijven tezamen bedragen hoogstens 53, 44 en 41 dB(A) in respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiodes.

De hoogste geluidbelastingen vinden plaats op de zuidoostelijke gevels van blok G, direct gelegen aan de Veilingstraat, nabij de bestaande in- en uitrit ter hoogte van Steemers keukens. Maximale geluidbelasting Bij het bepalen van de maximale geluidniveaus (LAmax) van de bestaande bedrijven zijn laad- en losactiviteiten in de dagperiode buiten beschouwing gelaten: volgens Activiteitenbesluit artikel 2.17 zijn de maximale geluidniveaus (LAmax) zoals opgenomen in het Activiteitenbesluit niet van toepassing op laad- en losactiviteiten in de dagperiode. Bij vijf bestaande bedrijven (Klompmaker en zoon; Kuiper Bouw; Steemer keukens; Van Londen schoonmaakbedrijf; metaalbewerkingsbedrijf De Smidse) is het maximale geluidniveau in de nachtperiode hoger dan de grenswaarde zoals opgenomen in het Activiteitenbesluit. Bij drie van deze bedrijven is tevens het maximale geluidniveau in de avondperiode hoger dan de bijbehorende grenswaarde. De overschrijdingen vinden plaats op gevels van blokken E, F en G. Voor de geplande woningen ter hoogte van deze gevels, waarbij het maximale geluidniveau vanwege een of meer bestaande bedrijven de grenswaarde overschrijdt, worden onderstaande maatregelen getroffen. Maatwerkvoorschriften Voor blok E zijde Veilingstraat en blok G zuidwestzijde worden maatwerkvoorschriften opgesteld.

De maatwerkvoorschriften betreffen: Blok E zijde Veilingstraat: Klompmaker & zoon 63 dB(A) nachtperiode. Blok G zuidwestzijde: Klompmaker & zoon 63 dB(A) nachtperiode. Maatwerkvoorschriften worden verantwoord beschouwd, aangezien de wettelijke overschrijdingen plaatsvinden op een klein percentage van alle nieuwe gevels in het plangebied, en de maximale geluidbelastingen in de avond- en nachtperiodes op deze gevels niet hoger zijn dan 65 dB(A). Voor het opstellen van maatwerkvoorschriften dient wel te worden gegarandeerd dat er voldoende gevelisolatie wordt toegepast. Een dove gevel kan hierbij een oplossing bieden. Een dove gevel betreft de bouwkundige constructie die een ruimte in een woning scheidt van de buitenlucht (inclusief het dak), zonder te openen delen, of met te openen delen waarbij de gevel minstens 35 dB geluidwering levert. Voor Blok F zijde Westervoortsedijk gelde de vigerende maatwerkvoorschriften van De Smidse. Dove gevels Voor blok G zijde Veilingstraat en gedeeltelijk blok G zijde Westervoortsedijk zijn dove gevels nodig. Voor blok G is de hoogste piekbelasting 75 dB(A) in de avond- en nachtperiode. Op deze gevels zijn de maximale geluidniveaus daarom ontoelaatbaar hoog in de avond- en nachtperiodes. Na toepassen van dove gevels is er op deze gevels geen sprake meer van overschrijding.

Indien er geen dove gevels voor blok G aan de Veilingstraat worden toegepast, is er een geluidwering van minstens 40 dB(A) op de gevel vereist om de maximaal toegestane piekbelasting van 35 dB(A) in de nachtperiode te behalen. Aangezien de piekbelasting van 75 dB(A) op slechts 1 toetspunt plaatsvindt, op de zuidoostelijke gevel van blok G ter hoogte van de in- en uitrit bij Steemers keukens, wordt gekozen om voor deze woningen een dove gevel te realiseren. Voor de overige gevels waar geen dove "Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 41

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

gevel wordt gerealiseerd zal aanvullend onderzoek nodig zijn, waaruit blijkt dat er voldoende gevelwering haalbaar is om de maximaal toegestane piekbelastingen in de woningen te behalen. Indien dove gevels niet worden toegepast, dient tenminste voldaan te worden aan de eisen gesteld in de regels van het bestemmingsplan (artikel 4.2.3). Dit betreft o.a. het waarborgen van voldoende gevelisolatie om de langtijdgemiddelde en maximale geluidniveaus niet te overschrijden.

Overzicht van de minimaal te treffen maatregelen. In rood de gevels die als dove gevel dienen te worden gerealiseerd; in paars de gevels waarvoor maatwerkvoorschriften dienen te worden verleend, met bijbehorende vast te stellen toegestane geluidbelasting. Scheepvaart De hoogste geluidbelastingen vanwege scheepvaart zijn in de dag- en avondperiodes niet hoger dan de gehanteerde streefwaarden. De hoogste geluidbelasting in de nachtperiode overschrijdt de gehanteerde streefwaarde met 3 dB(A), maar voldoet wel aan het gebiedsgerichte ambitieniveau dat de gemeente Arnhem hanteert. De VNG-publicatie bedrijven en milieuzonering geeft de mogelijkheid om gemotiveerd maximaal 5 dB(A) af te wijken van de streefwaarde. Aangezien de geluidbelastingen in de dag- en avondperiodes niet hoger zijn dan de gehanteerde streefwaarden, en aangezien de maximale geluidbelasting in de nachtperiode niet hoger is dan de maximaal te motiveren afwijking en tevens aan de gemeentelijke ambitiewaarde voldoet, kan de geluidbelasting vanwege scheepvaart op het Havenmeesterskwartier aanvaardbaar worden geacht.

Gecumuleerde geluidbelasting industrie De langtijdgemiddelde geluidbelasting (LAr;LT) gecumuleerd voor alle geluidbronnen industrielawaai (busremise, bedrijvigheid, scheepvaart en het gezoneerde industrieterrein Arnhem-Noord) bedraagt hoogstens 52, 47 en 44 dB(A) in respectievelijk de dag-, avonden nachtperiode met een etmaalwaarde van hoogstens 54 dB(A). Hiermee wordt voldaan aan de gemeentelijke ambitiewaarden voor industrielawaai (55, 50 en 45 dB(A) in respectievelijk de dag-, avond- en nachtperiode, met een etmaalwaarde van 55 dB(A)). Gecumuleerde geluidbelasting industrie en wegverkeerslawaai De eerstelijns nieuwe bebouwing aan de noordelijke zijde van het plangebied (blok D) ondervindt een gecumuleerde geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai van maximaal 67 dB (exclusief correctie) na toepassen van mogelijke bronmaatregelen. Deze woningen ondervinden tevens de hoogste geluidbelasting vanwege de busremise gelegen aan de noordelijke zijde van de Westervoortsedijk (maximaal 52 dB(A) etmaalwaarde). Wanneer de geluidbelasting op deze woningen wordt gecumuleerd voor wegverkeer en industrielawaai, bedraagt de gecumuleerde geluidbelasting op deze woningen maximaal 67 dB. 42 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

De eerstelijns nieuwe bebouwing aan de oostelijke zijde van het plangebied (blok G) ondervindt een gecumuleerde geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai van maximaal 65 dB na toepassen van mogelijke bronmaatregelen. Deze woningen ondervinden tevens de hoogste geluidbelasting vanwege de bestaande bedrijven aan de zuidoostelijke zijde van de Veilingstraat (maximaal 52 dB(A) etmaalwaarde). Wanneer de geluidbelasting op deze woningen wordt gecumuleerd voor wegverkeerslawaai en industrielawaai, bedraagt de gecumuleerde geluidbelasting maximaal 65 dB. De eerstelijns nieuwe bebouwing aan de zuidwestelijke zijde van het plangebied (blokken A en E) ondervindt een gecumuleerde geluidbelasting vanwege wegverkeerslawaai van maximaal 58 dB na toepassen van mogelijke bronmaatregelen. Deze woningen ondervinden tevens de hoogste geluidbelasting vanwege scheepvaartlawaai veroorzaakt door de scheepvaart op de Nederrijn en aan de Rijnkade, ten zuidwesten van het plangebied (maximaal 53 dB(A) etmaalwaarde). Wanneer de geluidbelasting op deze woningen wordt gecumuleerd voor wegverkeerslawaai en industrielawaai, bedraagt de gecumuleerde geluidbelasting maximaal 59 dB. Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor de realisatie van de woningen dient aangetoond te worden dat wordt voldaan aan het gestelde in afdeling 3.1 Bescherming tegen geluid van buiten zoals opgenomen in het Bouwbesluit.

Dit betekent dat de buitengevels voldoende geluid dienen te weren om te zorgen dat het geluidniveau binnen in de nieuwe woningen maximaal 33 dB bedraagt. In het vigerende bestemmingsplan 'Groot Rijnwijk' artikel 8.2.4 'Deelgebied 3' worden aanvullende eisen gesteld voor woningen binnen het plangebied gelegen aan de Veilingstraat. Deze eisen hebben betrekking op woningen in blok G. De woningbouw in blok G is uitsluitend toegestaan indien de woningen zijn voorzien van dove gevels. Indien deze niet zijn voorzien van dove gevels, dan moet worden aangetoond dat kan worden voldaan aan alle onderstaande eisen: 1. Het niet realiseren van dove gevels leidt niet tot beperkingen in de, ten tijde van de vaststelling van het bestemmingsplan bestaande en legaal aanwezige, bedrijfsvoering van de aan de Westervoortsedijk gevestigde bedrijven. 2. Het niet realiseren van dove gevels leidt niet binnen de woningen tot een binnenwaarde van meer dan 35 dB(A) etmaalwaarde. 3. Het niet realiseren van dove gevels leidt niet binnen de woningen tot een maximaal geluidniveau veroorzaakt door aandrijfgeluid van transportmiddelen en andere piekgeluiden in dag-, avond- en nachtperiode van meer dan respectievelijk 45 dB(A), 40 dB(A) en 35 dB(A). Bij de aanvraag om een Omgevingsvergunning, wanneer de indeling van de woningen en de gevelopbouw zijn vastgesteld, dient te worden getoetst aan bovenstaande eisen.

Bovengenoemde eisen zijn geborgd in de regels van dit bestemmingsplan. In aanvulling op de uitgangspunten die zijn gehanteerd in de akoestische onderzoeken is aan de Nieuwe Kade hogere bebouwing toegestaan dan de berekende 21 meter. Op basis van het vigerende bestemmingsplan, onderhavig bestemmingsplan en het uitwerkingsplan is voor 30% van het te bebouwen oppervlak, dat is aangegeven in de onderstaande afbeelding, een bouwhoogte van maximaal 27 meter toegestaan.

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld) 43

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

30% van het bebouwingsoppervlak maximale bouwhoogte 27 meter, rood omkaderd Op basis van de gegevens uit de onderzoeken kan ook voor deze bouwhoogte geconcludeerd worden dat de belasting gelijk zal zijn aan de belasting die berekend is voor een bouwhoogte van 21 meter. Voor de gevels aan de Nieuwe Kade hoeven geen hogere waarden te worden aangevraagd. Ook de geluidsbelasting als gevolg van scheepvaart neemt op een hogere gevel niet toe. Conclusie Het aspect geluid vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling indien wordt aangesloten bij het advies uit de onderzoeksrapporten.

5.3

Luchtkwaliteit

Het bevoegd gezag dient bij ruimtelijke ontwikkelingen de luchtkwaliteit mee te nemen in de besluitvorming. Hierbij dient te worden nagegaan wat de gevolgen zijn van het plan voor de luchtkwaliteit. Als aan één of meer van onderstaande voorwaarden uit de Wet milieubeheer (Wm) wordt voldaan, mag het bevoegd gezag positief besluiten over het aspect luchtkwaliteit: 1. het project leidt niet tot overschrijdingen van de grenswaarden; 2. het project leidt niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; 3. het project draagt 'niet in betekenende mate' bij aan de luchtkwaliteit; 4. het project is onderdeel van het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit. Een bijdrage is 'niet in betekenende mate' als de toename maximaal 3% van de jaargemiddelde grenswaarde van fijn stof of stikstofdioxide bedraagt. In de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen), zijn categorieën van gevallen aangewezen die in ieder geval niet in betekenende mate bijdragen aan de luchtverontreiniging. Wanneer een ontwikkeling valt onder één van die categorieën, is het niet nodig een onderzoek naar de luchtkwaliteit uit te voeren. Woningbouwlocaties van niet meer dan 1.500 woningen en één ontsluitingsweg, ofwel niet meer dan 3.000 woningen en twee ontsluitingswegen, vallen onder één van deze categorieën.

Beleidsnota Lucht en Uitvoeringsprogramma Luchtkwaliteit Het Arnhemse beleid op gebied van luchtkwaliteit is vastgelegd in de Beleidsnota Lucht uit 2005. Deze nota is erop gericht nieuwe overschrijdingen van de normen uit de Wet Milieubeheer te voorkomen en bestaande of dreigende overschrijdingen op te lossen. Daarnaast richt de Beleidsnota Lucht zich op het beperken van overlast door geurhinder. Voor wat betreft het halen van de normen uit het BLK2005 en de Wet Milieubeheer is de beleidsnota vertaald naar maatregelen in het Uitvoeringsprogramma Luchtkwaliteit 2010 - 2014. Onderzoek 44 )

"Havenmeesterskwartier, Veilingstraat" (vastgesteld

Havenmeesterskwartier, Veilingstraat

In de Regeling NIBM is onder voorschrift 3A.2 opgenomen, dat een project NIBM is, als het minder dan 1.500 woningen realiseert. Het onderhavige plan betreft de realisatie van maximaal 50 woningen/appartementen. Het project valt onder de definitie NIBM. Om na te gaan dat ter plaatse van het plangebied sprake is van een goede ruimtelijke ordening, dient onder andere aangetoond te worden dat een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, met betrekking tot de luchtkwaliteit, ter plaatse van het plangebied aanwezig is. Om dit inzichtelijk te maken zijn de concentraties luchtverontreinigende stoffen in de directe omgeving van het plangebied bepaald op basis van de gegevens uit de NSL Monitoringstool (Monitoring NSL 2020). Het maatgevende rekenpunt uit de NSL Monitoringstool in de directe omgeving van het plangebied is gelegen ter hoogte van de John Frost brug. De maximale jaargemiddelde concentraties van de luchtverontreinigende stoffen NO2, PM10 en PM2,5 ter hoogte van dit rekenpunt zijn weergegeven in tabel 1 voor de jaren 2019, 2020 en 2030. Het betreft hier de achtergrondconcentraties inclusief de concentratiebijdrage van het lokale wegverkeer. Tabel 1 Maximale concentraties stikstofdioxide en fijnstof Stof Grenswaarde 2019 2020 Jaargemiddelde concentratie NO2 40 29,3 27,0 Jaargemiddelde concentratie PM10 40 20,1 19,8 Jaargemiddelde concentratie PM2,5 25 11,8 11,9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Arnhem&id=be46cd42-fd40-4151-b433-b6b1941f29db