CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Conceptverslag FKD 02.10.2025

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 6 november 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Conceptverslagen van de openbare vergadering van de raadscommissie FKD d.d. 2 oktober en 16 oktober 202522.779 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Wethouder MELIANI licht toe dat het college van Amsterdam onderzoek gaat doen naar waar festivalbezoekers vandaan komen, zodat duidelijk wordt hoe evenementen verspreid zijn over de stad en welke groepen worden bereikt. Ze benadrukt dat er schaarste is en dat het aantal evenementen niet uitgebreid kan worden, maar dat het bestaande aanbod behouden blijft. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan een systeem dat meer variatie en vernieuwing mogelijk maakt, met een uniforme evaluatie van organisatoren. Dit betekent dat organisatoren op inhoud worden getoetst en dat niet automatisch een plek op de kalender wordt gegarandeerd. Organisatoren worden gestimuleerd om te vernieuwen en duurzaamheid mee te nemen. Ook wordt de communicatie met bewoners verbeterd en wordt er strikt gehandhaafd wanneer regels niet worden nageleefd. Voor subsidies wordt gekeken naar structurele mogelijkheden, waarbij zowel de locatie als de financiering gekoppeld kunnen worden om investeringen in kwaliteit en duurzaamheid te bevorderen. Ze benadrukt dat het aantal festivals niet groeit en dat eerdere aanpassingen, zoals het terugbrengen van bezoekersaantallen en festivaldagen, juist een beperking voor organisatoren betekenden. Tot slot wijst ze erop dat het grootste deel van de festivalbezoekers uit Amsterdam komt, behalve bij grote evenementen zoals Pride, waar ook internationaal publiek aanwezig is.

Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt waarop wethouder Meliani de verwachting baseert dat het aantal evenementen in principe gelijk blijft, ondanks dat sommige locaties één extra dag krijgen. Wethouder MELIANI licht toe dat dit komt doordat op andere locaties het aantal juist wordt verminderd. Zo gaat het Flevopark bijvoorbeeld van drie naar twee dagen, en de extra dag bij Middenmeer compenseert dat deels. Op termijn zullen sommige plekken helemaal wegvallen, waardoor het totaal aantal evenementen uiteindelijk weer naar beneden wordt bijgesteld. Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt hoe wethouder Meliani kijkt naar het advies van het dagelijks bestuur van Amsterdam-Oost, dat expliciet geen grote evenementen in het Flevopark wilde, terwijl daar nu toch voor gekozen is. Wethouder MELIANI legt uit dat het college in de visie al had besloten om minimaal drie evenementen op een locatie te behouden om de evenementensector overeind te houden. De stadsdelen kregen de mogelijkheid hun wensen kenbaar te maken. Amsterdam-Oost had aanvankelijk aangegeven geen festivals te willen, maar gaf geen argumenten waarom het niet kon. Na overleg werd een compromis bereikt, het Flevopark krijgt twee dagen, waarbij de

17

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

resterende dag naar Sportpark Middenmeer ging. Daarnaast is met de buurt gesproken over de impact van de evenementen, het park wordt nu voor 25 procent gebruikt en de organisatoren moeten de toegang openhouden zodat bezoekers erdoorheen kunnen lopen. Zo zijn verschillende wensen van bewoners en organisatoren zoveel mogelijk meegenomen, ondanks dat niet iedereen volledig tevreden is. Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt naar de relatie tussen de festivals en het massatoerisme in de stad, in het licht van de ambities van het college om toerisme in balans te houden. Daarnaast wil hij weten hoe wethouder Meliani kijkt naar de ecologische voetafdruk van deze evenementen. Wethouder MELIANI geeft aan dat uit historisch onderzoek blijkt dat het grootste deel van de festivalbezoekers uit Amsterdam komt en dat velen met de fiets komen. Voor grote evenementen zoals Pride is er echter ook internationaal publiek, wat maatschappelijk belang heeft. Daarom wordt in het nieuwe evenementenbeleid van organisatoren gevraagd om onderzoek te doen naar hun doelgroepen, zodat duidelijk wordt hoeveel bezoekers van buiten de stad komen en wat de ecologische impact is. Daarnaast wijst ze op de bijdrage van festivalorganisatoren aan de stad, bijvoorbeeld door onderhoud van locaties te financieren en duurzame festivals te organiseren.

Ze benadrukt dat het nieuwe beleid niet het bestaande aanbod vervangt, maar ruimte biedt voor vernieuwing en brede participatie van nieuwe doelgroepen. Festivals worden beoordeeld op inhoud, duurzaamheid, verbinding met de buurt en vernieuwing, en er wordt een transparant systeem gehanteerd voor de verdeling van schaarse evenementenplekken. Ze benoemt dat er structurele ondersteuning mogelijk is voor gratis festivals via middelen voor de programmering. Participatie is zorgvuldig vormgegeven, maar de stad kan niet iedereen volledig tevredenstellen, het beleid streeft naar een eerlijke balans tussen bestaande evenementen, nieuwe initiatieven en maatschappelijke belangen. Lid KABAMBA (Partij voor Morgen) vraagt of er een overgangsperiode mogelijk is voor organisatoren die hun inkomsten zien dalen door de daling van 15.000 naar 10.000 bezoekers, zodat ze zich geleidelijk kunnen aanpassen en een faillissement of omvallen van hun organisatie kunnen voorkomen. Wethouder MELIANI legt uit dat er geen formele overgangsregeling mogelijk is, omdat organisatoren sinds 2020 weten dat er nieuw beleid komt en vergunningen jaarlijks worden verleend. Wel is er voor meerjarige plekken een regeling van minimaal drie jaar, zodat organisatoren hun kosten kunnen terugverdienen en blijven investeren.

Bij nieuwe festivals geldt een ingroeimodel, ze starten vaak met lagere aantallen bezoekers en groeien geleidelijk naar het maximale aantal, bijvoorbeeld van 10.000 of 12.500. Voor het Flevopark is dit toegepast door een weekend van twee dagen toe te staan, zodat het totale aantal bezoekers alsnog gehaald kan worden. Lid GARMY (Volt) vraagt wanneer de raad geïnformeerd wordt over de uniformering van huren per locatie voor gratis festivals. Wethouder MELIANI meldt dat dit Q1 volgend jaar zal worden gecommuniceerd. Lid HIJLKEMA (VVD) vraagt of er, ondanks dat de diensten pas in september hun capaciteit doorgeven, een voorlopige lijst van festivals eerder kan worden gepubliceerd zodat ondernemers eerder zekerheid hebben om hun plannen te maken. Wethouder MELIANI legt uit dat ze geen conceptlijst wil publiceren omdat dit het gelijke speelveld voor alle festivalorganisatoren zou ondermijnen. Wel is toegezegd dat de definitieve lijst dit jaar in oktober wordt vastgesteld, wat eerder is dan in voorgaande jaren en meer ruimte biedt voor organisatoren.

18

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

Lid MOESKOPS (D66) vraagt naar de ondernemersvrijheid tijdens het proces, het sturen op de kaartprijs en de wens om twee weekenden in plaats van drie losse dagen te werken bij locatieprofielen. Wethouder MELIANI reageert dat organisatoren hun voorkeuren voor locaties kunnen afstemmen met de commissie, en dat punten voor de binding met de buurt blijven staan bij een alternatieve locatie. Over de twee weekenden versus drie losse dagen geeft ze aan dat veel weekenden al zijn ingepland en het voorstel van het college hiervan afwijkt. Lid MOESKOPS (D66) mist nog een reactie op het sturen op prijskaartjes. Wethouder MELIANI geeft aan dat dit in de puntentelling meegenomen kan worden en dat dit samen met de raad verder uitgewerkt kan worden. Ze verwijst ook naar het geluidbeleid, afwijkingen op decibelnormen worden alleen gemaakt bij maatschappelijk belangrijke festivals, zoals Pride, voor andere evenementen geldt de gangbare norm. Lid MOESKOPS (D66) vraagt naar de mogelijkheid om het ingroeimodel voor nieuwe toetreders uit te breiden en spreekt zorgen uit over de korte termijn voor het afronden van de puntentoekenning. Wethouder MELIANI geeft aan dat het ingroeimodel vanaf 2027 wordt ingevoerd en dat er hard aan wordt gewerkt om alles op tijd klaar te hebben.

Het model is gekozen op basis van eerdere ervaringen, bestaande festivalorganisatoren kennen hun doelgroep en kunnen grotere aantallen aan, nieuwe organisaties volgen een groeipad van 10.000 naar 12.500 naar 15.000 bezoekers om risico’s beheersbaar te houden. De VOORZITTER geeft aan dat het onderwerp in de raadsvergadering van oktober verder besproken zal worden. Inclusie en Antidiscriminatiebeleid 4. Bespreken van de nieuwe subsidieregeling allianties inclusiviteit en antidiscriminatie 2026-2027 (VN2025-012809) Dit agendapunt wordt niet behandeld. Kunst en Cultuur 5. Bespreken van de raadsinformatiebrief Uitwerking Voorsjaarnota 2025 kunst en cultuur en Kunstenplan 2025-2028 (VN2025-012807) Lid MOESKOPS (D66) is blij dat er extra geld beschikbaar is en geeft aan tevreden te zijn over de cultuureducatieclubs. Ze vraagt zich echter af hoe de financiering precies is opgebouwd, welk deel uit het onderwijsbudget komt en welk deel uit de kunst- en cultuurpot, en waar de verantwoordelijkheden van beide domeinen beginnen en eindigen. Lid VAN DER VEEN (GroenLinks) vraagt wanneer het college bestuurlijk reageert op het Berenschot-rapport, omdat hij veel waarde ziet in de daarin beschreven ideeën.

Daarnaast wil hij graag geïnformeerd worden over cultuureducatie in Amsterdam, met name over de bijdrage aan onderwijs en leerlingen, onder verwijzing naar positieve ervaringen van de cultuurcoach van de Dapper School. Lid GARMY (Volt) geeft aan blij te zijn met de 3 miljoen en de verdeling daarvan. Hij merkt op dat het rapport van Berenschot de positieve impact van de kunst- en cultuursector

19

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

benadrukt en de maatschappelijke uitdagingen laat zien. Hij ziet het rapport als een startpunt om te onderzoeken hoe structurele steun aan de sector de komende jaren kan worden geboden. Wethouder MELIANI licht toe dat de 3 miljoen voor kunst en cultuur onvoldoende is om de hele sector te ondersteunen, maar wel essentieel voor een aantal instellingen om te overleven. Ze benadrukt dat Amsterdam zijn infrastructuur zoveel mogelijk probeert te behouden en pleit voor structureel meer middelen, zowel lokaal als landelijk. Ze legt uit dat een landelijke spreiding van geld de exploitatie van Amsterdamse instellingen kan ondermijnen, terwijl ze tegelijkertijd een landelijke rol vervullen. Wat betreft de bestuurlijke reactie op het Berenschot-rapport meldt ze dat deze naar verwachting eind dit jaar komt. Over cultuureducatie biedt ze aan om ambtelijke toelichting te geven, zodat duidelijk wordt hoe financiering via onderwijs en kunst- en cultuurpotten precies wordt geregeld. Lid MOESKOPS (D66) geeft aan dat ze de toelichting over cultuureducatie graag voor de begrotingsbehandeling wil ontvangen. Wethouder MELIANI bevestigt dat dit mogelijk is. De VOORZITTER vraagt of een ambtelijke bijpraatsessie als een technische sessie moet worden geclassificeerd. Wethouder MELIANI nodigt commissieleden uit om deel te nemen aan een informele ambtelijke bijpraatsessie in de vorm van een ronde tafel.

De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende besproken is. Kunst en Cultuur 13. Bespreken van de uitsluiting van PVV en FVD van het podium bij evenementen van Pakhuis de Zwijger (VN2025-013421) De VOORZITTER geeft aan dat het verzoek van lid Bentoumya om nadere toelichting van de onderzoekers over de Route naar Herstel voorafgaand aan de commissiebespreking op 6 november wordt georganiseerd. De precieze vorm hangt af van de voorkeur van de onderzoekers, het kan eventueel op 4 of 5 november plaatsvinden. Vervolgens gaat de bespreking van agendapunt 13 van start. Lid NOORDMAN (Forum voor Democratie) geeft aan dat hij recent een uitnodiging voor een evenement van Pakhuis de Zwijger ontving over discriminatie en racisme. Bij nadere bestudering bleek dat PVV en FvD expliciet niet werden uitgenodigd. Hij leest de oorspronkelijke tekst voor, waarin staat dat partijen die de grondbeginselen van de democratische rechtsstaat actief ondermijnen, geen podium krijgen. Dit betreft volgens hen PVV en FvD. Hij vindt dit problematisch en ziet het als een schending van de Grondwet en discriminatie op politieke gronden, vooral omdat Pakhuis de Zwijger publieke financiering ontvangt en daarmee Amsterdam representeert. Hij wijst erop dat de tekst op de website inmiddels is aangepast, maar benadrukt dat het feit van uitsluiting problematisch blijft.

Vervolgens bespreekt hij het bredere kader, het Kunstplan van Amsterdam, het AFK en de subsidieaanvraag van Pakhuis de Zwijger, waarin wordt gesteld dat cultuur open en toegankelijk moet zijn, een tegenkracht moet vormen in een tijd van polarisatie, en een open debat moet stimuleren. Hij vindt het tegenstrijdig dat PVV en FvD expliciet worden uitgesloten terwijl hun statements juist pleiten voor inclusiviteit. Lid MOESKOPS (D66) benadrukt dat culturele instellingen zelf mogen bepalen wat ze programmeren. Ze vraagt lid Noordman of hij vindt dat bijvoorbeeld het Concertgebouworkest

20

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

verplicht zou moeten worden om hippe muziek te spelen, of dat de Melkweg klassieke muziek moet programmeren. Volgens haar hoort een podium te doen waar het goed in is en wat het zelf kiest. Dat is het recht van de instellingen en het uitgangspunt waarop zij subsidie ontvangen, met daarnaast een diversiteitsbenadering door de stad. Lid NOORDMAN (Forum voor Democratie) geeft aan dat hij een probleem heeft als een instelling, zoals het Concertgebouw, bepaalde mensen uitsluit op basis van politieke voorkeur. Lid MOESKOPS (D66) reageert dat Pakhuis de Zwijger een debatpodium is en dus politiek debat faciliteert, terwijl een muziekpodium muziek faciliteert. Zij legt uit dat een muziekpodium zelf kiest voor klassiek of hiphop, en een debatpodium zelf bepaalt wat het programmeert. Lid NOORDMAN (Forum voor Democratie) benadrukt dat in de verschillende plannen veel over inclusie wordt gesproken, maar dat dit niet geldt voor PVV en FvD. Hij stelt dat belastinggeld wordt gebruikt om cultuur en debat te faciliteren, maar dat de linkse meerderheid in Amsterdam bepaalde partijen van de minderheid buitensluit. Volgens hem vormt dit een probleem voor de democratie, waarbij de meerderheid de minderheid uitsluit.

Lid HIJLKEMA (VVD) geeft aan begrip te hebben voor dat debatpodia hun eigen programmering mogen bepalen, maar hij ziet een probleem wanneer Pakhuis de Zwijger expliciet aangeeft PVV- en FvD-standpunten niet te willen uitdragen en zichzelf positioneert als een linksprogressieve lobbyclub. Hij vraagt de wethouder hoe bij toekomstige subsidierondes wordt beoordeeld of Amsterdam geld geeft aan partijdige debatclubs of aan clubs die het volledige politieke spectrum laten zien, omdat hij het ongepast vindt alleen debatclubs uit de linksprogressieve hoek te financieren. Lid MOESKOPS (D66) geeft aan dat ze het deels eens is dat het schrijven van Pakhuis de Zwijger misschien ongelukkig en smakeloos is, maar benadrukt dat het in de huidige tijd cruciaal is om vrijheid van programmering in cultuur te waarborgen. Ze maakt onderscheid tussen muziekpodia zoals Paradiso en debatpodia zoals Pakhuis de Zwijger, die zelf mogen bepalen hoe ze hun programma invullen. Tegelijkertijd vindt ze dat bij toekomstige subsidierondes diversiteit in aanbod gewaarborgd moet worden, zowel qua genres als qua politieke en maatschappelijke geluiden, maar benadrukt dat politiek tussentijds geen rol moet spelen bij het programmeren van het podium. Wethouder MELIANI benadrukt dat ze de vrijheid van programmering onderschrijft.

Ze stelt dat culturele organisaties zelf bepalen wat zij programmeren en dat het aan de rechter is om te oordelen als er sprake is van strijd met de Grondwet, niet aan het college. Ze waarschuwt dat overheidsbemoeienis met programmering kan leiden tot onzekerheid en polarisatie binnen de culturele sector. Ze benadrukt dat Pakhuis de Zwijger in het recente verleden wel een breed scala aan partijen op het podium heeft gehad, waaronder CDA, 50PLUS, NSC, VVD en BBB, en dat het niet klopt dat zij uitsluitend linkse partijen uitnodigen. Wat betreft de subsidierelatie geeft ze aan dat Pakhuis de Zwijger subsidie ontvangt uit het kunstplan, net als andere debatcentra, en beslissingen over programmering liggen bij de directie van de instelling. De wethouder meldt dat Pakhuis de Zwijger heeft aangegeven open en toegankelijk te zijn, dat iedereen welkom is en dat in de toekomst ook FvD en PVV uitgenodigd kunnen worden bij inhoudelijk passende programma’s. Lid NOORDMAN (Forum voor Democratie) benadrukt dat het college via de subsidie de financiële middelen verstrekt en dat dit een belangrijk punt van zorg is. Hij erkent dat er inmiddels mogelijk een uitnodiging volgt, maar benadrukt dat in de oorspronkelijke communicatie FvD expliciet was uitgesloten, en dat daar nu pas een verandering in lijkt te zijn gekomen.

21

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

Wethouder MELIANI benadrukt dat zij geen invloed heeft op de programmering van Pakhuis de Zwijger. Zij wijst erop dat mensen die bezwaar hebben, zich tot de rechter kunnen wenden als zij menen dat de Grondwet wordt geschonden. Zij meldt dat zij contact heeft gehad met de directie van Pakhuis de Zwijger, die heeft aangegeven dat het debat gewoon op het podium plaatsvond en dat iedereen van harte welkom was in de zaal. Ze moedigt aan om in gesprek te gaan met de directie om de achtergronden te begrijpen. Persoonlijk vindt zij dat het goed is om iedereen uit te nodigen bij debatten, maar de keuze ligt bij de organisatie zelf. Lid GARMY (Volt) benadrukt dat vergelijkbare discussies de afgelopen vier jaar regelmatig zijn gevoerd, niet alleen over Pakhuis de Zwijger of de PVV/FvD, maar ook over culturele instellingen die zich uitspreken of bepaalde ideeën uitsluiten. Hij ondersteunt de wethouder in het standpunt dat de overheid niet moet ingrijpen in programmering. Wel vraagt hij hoe in toekomstige subsidierondes wordt gekeken naar diversiteit van instellingen, rekening houdend met eerdere uitingen die mogelijk polarisatie in de samenleving hebben veroorzaakt. Hij wil duidelijkheid over hoe dit wordt gebalanceerd, zodat hij beter kan reageren op vragen van inwoners over subsidiebesluiten.

Lid HIJLKEMA (VVD) benadrukt dat bij een debatcentrum brede toegang essentieel is en vindt het kwalijk dat politieke partijen worden uitgesloten. Hij vindt dat in de subsidievoorwaarden moet worden vastgelegd dat deze brede toegankelijkheid wordt gehandhaafd gedurende de subsidieperiode. Tevens wil hij dat bij de evaluatie en in de volgende subsidieronde wordt nagedacht over mogelijke consequenties als dit niet gebeurt, zodat de diversiteit en breedheid van debat behouden blijft. Lid MOESKOPS (D66) merkt op dat het publiek bestel een voorbeeld kan zijn, landelijk worden verschillende omroepen met uiteenlopende geluiden gesubsidieerd, en dat zou ook een manier kunnen zijn om debat in de stad te financieren. Lid HIJLKEMA (VVD) erkent dit als optie, maar wijst erop dat er momenteel geen debatcentrum voor PVV of FvD wordt gesubsidieerd, waardoor er nu geen balans is in de gesubsidieerde debatten. Wethouder MELIANI benadrukt dat er geen podium is dat uitsluitend voor GroenLinks of een andere partij bestemd is. Ze geeft aan dat de stad veel verschillende podia kent die diverse verhalen en perspectieven bieden. Volgens haar ligt de focus bij de evaluatie op naleving van bestaande regels, zoals de governance code en anti-discriminatievoorschriften, en niet op het voorschrijven welke partijen of artiesten mogen optreden.

Ze waarschuwt dat te ver ingrijpen het risico loopt op een juridische grensoverschrijding. De VOORZITTER geeft aan dat het onderwerp verder besproken zal worden in de raadsvergadering van november. Ze schorst de vergadering tot half 8 vanavond. Personeel en Organisatie 6. Bespreken van de raadsinformatiebrief stand van zaken Bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit (2024-2028) (VN2025-012808) De VOORZITTER heropent de vergadering en doet enkele mededelingen. Het verzoek van lid Krom om agendapunt 7 door te schuiven naar 6 november wordt zonder bezwaar overgenomen. Er is draagvlak voor een toelichting van de onderzoekers bij de bespreking van het rapport Route naar herstel. Verder krijgen de woordvoerders evenementen een technische sessie aangeboden over puntentelling en criteria bij het toewijzen van evenementen. De avondsessie begint met agendapunt 6. Lid KOYUNCU (DENK) wijst op een recente brandbrief waarin ambtenaren melding

22

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

maken van slechte werkomstandigheden en uitsluiting. Hij benadrukt dat dit een structureel probleem is dat om structurele oplossingen vraagt. De voortgangsbrief ziet hij als een stap vooruit, bijvoorbeeld door het opzetten van een bureau Inclusie en Diversiteit dat zorgt voor institutionele inbedding. Ook vraagt hij wanneer het jaarverslag van de meldpunten ongewenst gedrag beschikbaar komt. Daarnaast verwijst hij naar een recente rechtszaak waarin de gemeente ernstig verwijtbaar heeft gehandeld bij discriminatie en pestgedrag jegens een ambtenaar met Marokkaanse achtergrond. Hij stelt drie vragen aan de wethouder: in hoeverre de bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit werkelijk is doorgedrongen tot alle afdelingen, hoe er wordt omgegaan met signalen zoals hoog verloop en lage medewerkerstevredenheid, en wat er gebeurt als het protocol bij dergelijke situaties niet wordt opgevolgd. Tot slot wil hij weten waarom in een concreet arbeidsconflict niet is gekozen voor mediation of de inzet van een maatschappelijk werker, en hoe het college voorkomt dat afdelingen afwijken van de gewenste aanpak. Lid LOCHTENBERG (CDA) leest een passage voor uit de bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit van oktober vorig jaar, waarin staat dat transparantie, het blootleggen van pijnpunten en het ophalen van signalen noodzakelijk zijn om tot oplossingen te komen.

Dit vraagt moed en kwetsbaarheid, en vooral voorbeeldgedrag van leidinggevenden. Hij benadrukt dat de wethouder eerder heeft aangegeven dat leidinggevenden zich moeten inspannen voor een veilige werkomgeving, en dat wie dat niet kan, niet past binnen de organisatie. CDA onderschrijft dit volledig. Zijn vraag aan de wethouder is wanneer wordt overgegaan van trainen en coachen naar daadwerkelijk optreden tegen leidinggevenden die verkeerd voorbeeldgedrag vertonen. Hij waarschuwt dat het negeren van signalen juist bijdraagt aan het in stand houden van ongewenst gedrag. Lid NAMANE (PvdA) waardeert de inzet om de situatie op de werkvloer te verbeteren. Ze benadrukt dat dit hard nodig is voor alle medewerkers die zich dagelijks inzetten voor de stad. Eerder heeft zij aandacht gevraagd voor doorgroei en doorstroom, om talent te behouden en te ontwikkelen en zo meer diversiteit in hogere schalen te bereiken. Zij is blij met de stijgende cijfers, maar benadrukt dat het werk nog niet af is en dat succesvolle interventies breed moeten worden toegepast. Verder herinnert zij aan haar eerdere pleidooi voor streefcijfers voor mensen met een buiten-Europese herkomst vanaf lagere schalen, omdat juist daar de diversiteit te laag is. Zij ziet dit niet terug in de stukken en vraagt hoe de wethouder dit verder gaat meenemen.

Ook wijst zij op het probleem dat mensen met een buiten-Europese achtergrond vaker een tijdelijk contract hebben, vooral op afdelingen waar zij sterk vertegenwoordigd zijn. Dat leidt tot meer onzeker werk langs lijnen van achtergrond, wat volgens haar onacceptabel is. Zij vraagt de wethouder dit verder te onderzoeken en met een plan voor verbetering te komen. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) bedankt het college voor de uitgebreide brief, de onderliggende stukken en de technische sessie. Ze is blij dat de veelheid aan activiteiten inmiddels overzichtelijker is gepresenteerd, omdat ze vreesde dat de nadruk te veel op lijstjes zou komen te liggen in plaats van op daadwerkelijk handelen. Volgens haar moet de focus blijven liggen op resultaten, die nu nog onvoldoende zijn, al zijn er wel verbeteringen zichtbaar. Ze verwijst naar de recente rechtszaak waar ook lid Koyuncu over sprak en vraagt welke lessen de gemeente daaruit trekt en hoe dit het beleid beïnvloedt. Verder benadrukt ze de samenhang tussen de bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit en de bredere organisatieontwikkeling, waarover de raad al eerder een brief heeft ontvangen. Ze vraagt de wethouder om die verbinding steeds te blijven leggen, omdat het bij beide gaat om gedrag en veiligheid binnen de organisatie. Tot slot hoopt ze dat er vooral meer concrete resultaten worden bereikt.

Lid KABAMBA (Partij voor Morgen) benadrukt dat de onderzoeken aantonen dat het niet om incidenten gaat, maar om een structureel probleem. Ze vindt dat er al te lang vooral is gepraat en dat de duidelijkheid en acties eerder hadden moeten komen. Eén op de zeven

23

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

medewerkers ervaart discriminatie, vaak door leidinggevenden. Ze herinnert eraan dat zij eerder pleitte voor een exitplan voor leidinggevenden die niet willen meewerken. Volgens haar is er een stap vooruit gezet met het externe meldpunt, het dashboard en de dertien kernindicatoren. Toch vindt ze dat de normen scherper moeten, met onafhankelijke meldprocedures, meer transparantie over doorstroom en echte interventies. Ze stelt een aantal vragen: komen er verplichte feedbackrondes en beoordelingsmomenten voor leidinggevenden met consequenties bij slechte scores? Hoe staat het met de inzet van bewezen interventies, zoals de blauwe-en-bruine-ogen-test? Hoe wordt het dashboard sociale veiligheid gekoppeld aan bijsturing? En worden de kernindicatoren aangevuld met zaken als vertrouwen in de meldketen, doorlooptijd en uitkomsten? Ze besluit dat dit niet gaat om snelle verandering, maar om een structurele aanpak van institutioneel racisme. Amsterdam moet daarin een voorbeeld zijn voor de rest van het land. Lid KROM (Partij voor de Dieren) steunt het diversiteitsbeleid en de harde aanpak van racisme, evenals het streven naar meer diversiteit in de top. Ze wijst erop dat steeds opnieuw een stevige uitvoering ontbreekt, vooral op het gebied van houding en gedrag.

Ze noemt eerdere problemen bij inkoop, afval en reiniging, waar zelfs sprake was van een angstcultuur, en verwijst naar het rapport van Zorg van de Zaak. Ze uit haar verbazing over de aankondiging van een nieuw plan voor een gezonde organisatiecultuur, omdat de wethouder de afgelopen jaren al meerdere keren plannen had gepresenteerd. Ze vraagt zich af wat er in die tijd werkelijk is gebeurd. Volgens haar kent de organisatie drie hoofdoorzaken van de problemen: racisme en uitsluiting, gebrek aan diversiteit in hogere schalen en een cultuurprobleem rond houding en gedrag. Deze factoren grijpen in elkaar en vragen om een integrale aanpak. Ze benadrukt dat er al vaak is gewaarschuwd tegen het maken van plannen zonder uitvoering. Uit het rapport van Zorg van de Zaak blijkt opnieuw dat het moeilijkste deel, het daadwerkelijk doorvoeren van cultuurverandering en verschil maken voor medewerkers, weer wordt doorgeschoven naar een nieuw plan. Ze noemt dit bedroevend en teleurstellend. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) merkt op dat lid Krom tijdens haar bijdrage veel opmerkingen maakt over de brief van burgemeester en wethouder, wat het debat ingewikkeld maakt. Ze stelt als punt van orde voor om de discussie te beperken tot de bestuurspraktijk en de inhoudelijke agendapunten.

Lid LOCHTENBERG (CDA) geeft aan dat ook in de brief over ziekteverzuim expliciet wordt verwezen naar de bestuursopdracht, en dat hij daarom vindt dat het bespreekbaar moet blijven binnen het debat. Lid KROM (Partij voor de Dieren) reageert dat de onderwerpen in samenhang besproken zouden moeten worden, maar dat dit niet lukt omdat ze op verschillende momenten en plekken aan bod komen. Daarom voelt ze zich genoodzaakt er ook in deze vergadering op in te gaan. Lid SCHMIT (D66) complimenteert de wethouder voor het agenderen van racisme en discriminatie aan het begin van de termijn. Hij benadrukt dat een organisatie waarin medewerkers zichzelf kunnen zijn, leidt tot meer werkplezier, betere samenwerking en betere dienstverlening. Uit het rapport blijkt dat medewerkers met een buiten-Europese achtergrond nog steeds vaker in tijdelijke contracten zitten, minder vertegenwoordigd zijn in hogere salarisschalen en minder snel doorstromen. Hij steunt het pakket aan maatregelen, zoals meldpunten en aannamebeleid, maar benadrukt dat het vooral om leiderschap gaat. Voor hem gaat leiderschap verder dan antiracisme- en discriminatietrainingen, het gaat om hoe leidinggevenden een team aansturen en gesprekken voeren op de afdeling. Hij vraagt de wethouder hoe zij dit breder wil aanpakken en hoe teamleiders en directieleden deelnemen aan trainingen.

Daarnaast wijst hij op inclusie van mensen met een arbeidsbeperking. In 2022 werden afspraken hierover niet gehaald, en hij vraagt de wethouder hoe zij inclusie voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt verder gaat bevorderen.

24

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

Wethouder VAN BUREN waardeert de betrokkenheid van de raad bij het onderwerp en licht toe dat ze daarom vroegtijdig een brief over de stand van zaken heeft gestuurd. Ze benadrukt dat zij als wethouder het roer snel heeft omgegooid, zelf onderzoeken in de organisatie heeft geïnitieerd en erkent dat er institutioneel racisme en ongewenst gedrag speelt. Ze wijst erop dat het blootleggen hiervan kwetsbaar is, maar noodzakelijk, en dat dit heeft geleid tot gerichte maatregelen en meer aandacht voor de bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit. Ze benadrukt dat verandering tijd kost en dat het blootleggen van problemen een eerste stap is, gevolgd door gedragsverandering. Ze wijst erop dat er al maatregelen zijn genomen en dat de bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit nu echt wordt uitgevoerd. Het onderwerp is bespreekbaar geworden in de organisatie en er wordt gewerkt aan concrete maatregelen, inclusief aandacht voor verzuimpercentages. Ze benadrukt dat de hele organisatie hierin moet meegaan en dat het een complex, meerjarig proces is. Over de vragen van lid Koyuncu zegt ze dat de bestuursopdracht zorgt voor uitvoering binnen de organisatie en dat vrijblijvendheid is verdwenen. Ze kan geen uitspraken doen over individuele gevallen, maar benadrukt dat intern wordt nagegaan wat er precies is gebeurd en of signalen tot actie hadden moeten leiden.

Daarnaast licht ze toe dat bij lage scores in medewerkerstevredenheidsonderzoeken leidinggevenden nu verplicht worden aangesproken en een plan van aanpak moeten maken. Voor meldingen zoals verzoeken voor mediation geldt dat het Bureau Integriteit een vaste werkwijze hanteert en maatwerk levert, als adviezen niet worden opgevolgd, worden leidinggevenden of directeuren ter verantwoording geroepen. Lid KOYUNCU (DENK) waardeert de aanpak van de wethouder en vraagt of zij, zodra duidelijk is wat er misging bij eerdere signalen, een terugkoppeling kan geven over wat geleerd is en wat in de toekomst anders wordt gedaan. Hij benadrukt dat het niet over de specifieke casus hoeft te gaan, maar over algemene lessen voor het opmerken en oppakken van alarmbellen in de organisatie. Wethouder VAN BUREN get aan dat zij dit kan toezeggen. Ze benadrukt dat er altijd leerpunten zijn en dat er voortdurend geëvalueerd wordt, onder meer door het Bureau Integriteit. Lid WIJNANTS (VVD) wijst op het rapport van de Ombudsman over Bureau Integriteit, dat al sinds januari 2024 wordt aangekondigd. Hij vraagt wanneer dit rapport naar de raad komt. Wethouder VAN BUREN kan daarop geen antwoord geven, omdat Bureau Integriteit onder de verantwoordelijkheid van de burgemeester valt.

Lid WIJNANTS (VVD) merkt op dat veel opmerkingen van de wethouder in het onderzoek zijn opgenomen en dringt aan op een tijdspad voor het rapport, omdat het relevant is voor de raad. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat ze het Ombudsman-onderzoek niet kent, omdat dit eerst met de burgemeester wordt besproken. Ze benadrukt dat het onderwerp wel raakt aan de portefeuille P&O en dat verantwoordelijkheden in de organisatie altijd doorwerken. Vervolgens gaat ze in op de vraag van lid Lochtenberg over trainen, coachen en het opvolgen van signalen, dit valt onder leiderschap en wordt meegenomen binnen de bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit. Lid LOCHTENBERG (CDA) geeft aan dat hij veel signalen ontvangt dat problemen nog steeds niet worden opgepakt en dat het bij sommige leidinggevenden bij papierwerk blijft. Hij vraagt wanneer er consequenties worden verbonden aan slecht functionerend leiderschap. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat de vrijblijvendheid er echt af is en dat het gemeentelijk management verantwoordelijk is voor het opvolgen van signalen via prestatieafspraken en gesprekken. Ze erkent dat het lastig is om op alle signalen te reageren,

25

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

maar ziet tegelijkertijd dat er ook veel goed gaat en dat er bewustwording bij leidinggevenden ontstaat. Over de vraag over streefcijfers legt ze uit dat de focus momenteel ligt op functies vanaf schaal 12, waar het verschil in medewerkers van buiten-Europese afkomst het grootst is. Het uitbreiden van streefcijfers in lagere schalen kan de geloofwaardigheid schaden, vooral omdat er nog een juridisch onderzoek loopt bij het College voor de Rechten van de Mens. Ze benadrukt dat doorstroom en behoud van medewerkers centraal staan, dat werving inclusief gebeurt, en dat de effecten gemonitord worden, met een geplande audit waarvan de timing nog wordt vastgesteld. Lid NAMANE (PvdA) erkent dat verandering tijd kost, maar maakt zich zorgen dat het onderwerp uit beeld kan raken en wil dat dat wordt voorkomen. Wethouder VAN BUREN benadrukt dat het onderwerp niet uit beeld raakt. Over het feit dat externe medewerkers met een tijdelijk contract vaker een buiten-Europese achtergrond hebben, zegt ze dat het nog te vroeg is voor een apart onderzoek. Sinds januari wordt de methodiek van bewust inclusief werven en selecteren toegepast op alle interne en externe vacatures, zowel tijdelijk als vast, om gelijke kansen voor alle sollicitanten te waarborgen. De effecten worden gemonitord en interventies richten zich ook op de doorstroom van externe medewerkers naar vaste functies.

Lid NAMANE (PvdA) vindt het signaal zorgelijk dat tijdelijke medewerkers op afdelingen met vooral mensen van Nederlandse achtergrond vaker een buiten-Europese achtergrond hebben. Ze overweegt een voorstel te doen om hier verder op in te gaan. Wethouder VAN BUREN legt uit dat er een plan van aanpak wordt ontwikkeld om de doorstroom van externe naar interne medewerkers te bevorderen. Ze benadrukt dat dit samenhangt met de bestuursopdracht Inclusie en Diversiteit en de opdrachten van de heer Van Lieshout, en dat alles geïntegreerd wordt opgepakt, inclusief ziekteverzuim, sturing en versimpeling van de organisatie. Over de vragen van lid Kabamba zegt ze dat er al veel maatregelen in de bestuursopdracht zijn opgenomen. Verplichtingen zoals 360-graden feedback worden eerst goed geïmplementeerd en daar wordt over gerapporteerd. Externe en ervaringsdeskundigen blijven nauw betrokken bij trainingen en advisering, samen met interne netwerken zoals netwerk voor ambtenaren met een beperking. Verder geeft ze aan dat er een visie op Amsterdams leiderschap is opgesteld met een profiel en competenties voor leidinggevenden, waaronder inclusief handelen, richting geven, samenwerking en vakkennis. Ten slotte licht ze kort de maatregelen voor medewerkers met een arbeidsbeperking toe, waaronder het bestaande quotum en de banenafspraak. Lid SCHMIT (D66) vraagt om verduidelijking over leiderschap.

Hij benadrukt dat leiderschap volgens hem veel breder is dan alleen een training om racisme en discriminatie tegen te gaan, en vraagt hoe de wethouder dit breed gaat aanpakken binnen de organisatie. Wethouder VAN BUREN bevestigt dat leiderschap verder gaat dan inclusief denken en het tegengaan van discriminatie. Ze verwijst naar de eerdergenoemde competenties in het leiderschapsprofiel en benadrukt dat het ook gaat over aansturing, omgaan met ziekteverzuim en andere brede aspecten van leiderschap. Ze zegt dat dit verder wordt uitgewerkt en breed wordt toegepast binnen de organisatie. Lid SCHMIT (D66) vraagt naar het daadwerkelijke deelnamepercentage van leidinggevenden aan de leiderschapsontwikkeling, omdat hij signalen krijgt dat trainingen niet altijd goed bezocht worden. Wethouder VAN BUREN antwoordt dat van april 2024 tot april 2025 67 procent van de

26

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

directies inspanningen heeft geleverd op leren en ontwikkelen voor leidinggevenden, waaronder inclusief leiderschap en intervisie. Het doel is dat 100 procent deelneemt, omdat er geen vrijblijvendheid meer is. De trajecten zijn per directie gestart en worden gemonitord via prestatieafspraken. Daarnaast licht ze toe dat het adviesteam banenafspraak elk kwartaal rapporteert over medewerkers met een arbeidsbeperking. In 2025 moeten in totaal 684 banen gerealiseerd worden, 90 procent is al bereikt, maar er blijven nog 76 banen over. Ze merkt op dat niet alle leidinggevenden voldoende op de hoogte zijn van de banenafspraken, en dat er de komende periode actief wordt ingezet op bewustwording en sturing. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) vraagt naar het risico dat er door de recente rechtszaak meer soortgelijke rechtszaken zouden kunnen volgen. Wethouder VAN BUREN geeft aan dat ze dat niet kan inschatten en dat het nooit volledig is uit te sluiten. Ze benadrukt dat het doel is alle rechtszaken over discriminatie of uitsluiting te voorkomen en dat men moet leren van wat er gebeurd is om toekomstige situaties te voorkomen. Ze wijst erop dat rechtszaken soms ook voortkomen uit reguliere arbeidsconflicten, maar dat het bij dit onderwerp vooral gaat om preventie en leren binnen de organisatie.

De VOORZITTER geeft aan dat het onderwerp verder besproken zal worden in de raadsvergadering van november. Coördinatie Bedrijfsvoering 7. Bespreken van de rapportage over het CO2 scope 3 reductiepotentieel van de gemeentelijke organisatie (VN2025-012805) Dit agendapunt wordt niet besproken. Lucht- en Zeehaven (incl. Schiphol) 8. Bespreken van de raadsinformatiebrief over de voortgang haalbaarheidsonderzoek verplaatsing Passenger Terminal Amsterdam naar de Coenhaven (afdoening toezeggingen TA2024-001142 en TA2025-000311) (VN2025-012806) Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) bekritiseert het plan om 125 miljoen euro te investeren in een terminal voor cruiseschepen in Amsterdam. Hij vindt de schepen ongewenst vanwege massatoerisme, vervuiling, klimaatschade, gebrek aan walstroom en het lelijke uiterlijk, en vraagt waarom het onderzoek naar de terminal nog doorgaat. Lid SCHMIT (D66) wijst erop dat er een motie is aangenomen om de Cruiseterminal uit de stad te verwijderen en verwacht dat het onderzoek door de wethouder snel wordt afgerond, met een besluit nog in deze collegeperiode. Wethouder VAN BUREN licht toe dat naar aanleiding van de motie, Amsterdam vaart beter zonder cruise, een onderzoek is uitgevoerd. Het aantal aanlopen van de zeecruise is al gehalveerd en vanaf 2027 zullen alleen nog schepen met walstroom afmeren.

Er loopt momenteel een verdiepend haalbaarheidsonderzoek naar de verplaatsing van de PTA naar de Coenhaven, in samenwerking met andere betrokken partijen zoals Den Haag en havenbedrijven. Het conceptrapport wordt medio oktober afgerond en medio november gedeeld met de raad. Het college verwacht uiterlijk in het eerste kwartaal van 2026, voor het einde van de collegeperiode, een voorstel te doen over de uitvoering van de motie en de toekomst van de zeecruise in Amsterdam, op basis van dit haalbaarheidsonderzoek.

27

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) merkt op dat de oude toezegging was dat de uitkomst dit jaar zou komen. Wethouder VAN BUREN bevestigt dat de onderzoeksresultaten in november aan de raad worden gestuurd en dat het college begin volgend jaar, nog voor het einde van de collegeperiode, een besluit wil nemen over de cruise. De VOORZITTER concludeert dat het onderwerp voldoende besproken is. ICT en Digitale Stad 9. Bespreken van de raadsinformatiebrief over Amsterdam digitaal onafhankelijk (VN2025-012804) Lid IJMKER (GroenLinks) merkt op dat de Belastingdienst volledig overstapt naar Microsoft, ondanks eerdere moties van de Tweede Kamer. Ze geeft aan dat de raad niet heeft gevraagd om keuzevrijheid, maar om keuzes maken. Namelijk, minder afhankelijkheid van nietEuropese tech. Ze vraagt de wethouder naar de stand van zaken van de twee aanbestedingen en hoe de moties van een half jaar geleden zijn nageleefd, met name dat er in de tussentijd niet verder gemigreerd zou worden naar niet-Europese aanbieders. Daarnaast vraagt ze hoe Amsterdam handelt terwijl wordt gewacht op de Nationale Digitaliseringsstrategie, aangezien daar nog geen middelen voor zijn opgenomen in de Miljoenennota. Lid ASLAMI (D66) geeft aan dat hij kritisch is over de keuze van het kabinet voor Microsoft.

Hij maakt zich zorgen over de afhankelijkheid van niet-Europese tech en benadrukt het belang van digitale autonomie voor Amsterdam. Hij vraagt hoe de stad zich verhoudt tot de Nederlandse Digitaliseringsstrategie, waarvan de middelen ontbreken en beslissingen nu al worden genomen, en of Amsterdam hier zelfstandig keuzes kan maken. Daarnaast wil hij weten hoe het nieuw te openen competentiecentrum strategisch kan bijdragen, zowel nationaal als mogelijk Europees. Wethouder SCHOLTES licht toe dat de aanbesteding voor dienstverlening Public Cloud is gegund aan het Nederlandse bedrijf Solvinity B.V. en dat dit contract sinds 24 september loopt. Deze aanbesteding houdt rekening met digitale autonomie en maximale wendbaarheid. De andere aanbesteding voor hosting en technisch applicatieverkeer loopt nog en in de selectieleidraad is digitale autonomie al stevig meegenomen. Daarnaast meldt hij lopende initiatieven, zoals pilots met open-source software en migratie van hoogbeveiligde data naar een Europees datacentrum. Het transitie- en meerjarenplan, inclusief financiële inzichten, wordt eind dit jaar naar de raad gestuurd. Hij benadrukt dat Amsterdam zelf keuzes wil maken, ongeacht de Nederlandse Digitaliseringsstrategie, met prioriteit voor Europese servers voor kritische en vertrouwelijke data. Het concept keuzevrijheid gaat over flexibiliteit en snel kunnen migreren van data.

Tot slot wijst hij op een conferentie over digitale autonomie op het Marineterrein, waar wetenschap, praktijk en beleid samenkomen, en biedt hij een technische sessie aan voor verdere verdieping in de nieuwe sourcing- en cloudstrategie. De VOORZITTER meldt dat er een intekenlijst wordt rondgestuurd om het enthousiasme voor de technische sessie te peilen. Lid IJMKER (GroenLinks) vraagt naar het competentiecentrum, zij wil weten of het aangekondigde cloud-expertisecentrum bij de VNG hetzelfde is als het initiatief dat Amsterdam opzet, of dat er sprake is van parallelle initiatieven. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat het initiatief in Amsterdam waarschijnlijk niet hetzelfde is als het VNG-cloud-expertisecentrum, maar dat de VNG wel betrokken is bij het

28

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

Amsterdamse competentiecentrum voor digitale autonomie. Hij zal dit nog navragen. Lid IJMKER (GroenLinks) merkt op dat bij de VNG ook veel gebeurt en benadrukt dat het belangrijk is om te zien hoe al deze initiatieven, lijnen en acties zich tot elkaar verhouden. Wethouder SCHOLTES geeft aan dat tijdens de technische sessie meer uitleg kan worden gegeven over de strategie en afstemming van de verschillende initiatieven op het gebied van digitale autonomie. Hij benadrukt dat Amsterdam een deel van deze initiatieven zelf wil beheren en niet altijd wil wachten op het Rijk, maar dat er wel nauw contact en afstemming plaatsvindt. De VOORZITTER sluit het agendapunt af. TOEGEVOEGD BESPREEKPUNT Deelnemingen (excl. Schiphol) 14. Bespreken dat GVB-bussen niet rijden in Noord door gebrek aan vergunningen (VN2025-013503) Lid ASRUF (PvdA) geeft aan dat het GVB recentelijk een stadsdeel bijna een hele dag zonder openbaar vervoer liet zitten door een administratieve fout. Hij noemt dit kwalijk en vraagt de wethouder om reflectie op het gebrek aan naleving van interne regelgeving en het gebrek aan communicatie richting reizigers en Amsterdammers tussen 11.15 en 16.00 uur. Hij hekelt dat de directie in haar brief een gepensioneerde als zondebok presenteert en vindt dat excuses richting aandeelhouder, opdrachtgever en reizigers op zijn plaats zouden zijn.

Daarnaast vraagt hij naar de gesprekken tussen de gemeente als aandeelhouder, de raad van commissarissen en de directie, en hoe de directie heeft gecommuniceerd met het college. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) vraagt of het voeren van gesprekken de enige consequentie is die lid Asruf hieraan wil verbinden. Lid ASRUF (PvdA) antwoordt dat er ook een brief is gestuurd naar de regioraad en dat aanstaande dinsdag tijdens die vergadering wordt gesproken over mogelijke consequenties, zoals toegelicht in de brief van de voorzitter van het dagelijks bestuur. Lid WIJNANTS (VVD) geeft aan dat het terecht is om de gemeente als aandeelhouder aan te spreken en vraagt of er een extern onderzoek samen met het GVB wordt uitgevoerd. Hij vindt het moeilijk te geloven dat één voormalige werknemer zo’n grote fout kan veroorzaken in een organisatie van deze omvang en wil weten hoe dit verder wordt onderzocht. Lid KOYUNCU (DENK) noemt het incident van afgelopen week geen menselijke fout, maar een systeemfout veroorzaakt door een gebrekkige bedrijfscultuur. Hij benadrukt dat het vertrek van één medewerker de hele vloot in Noord platlegde en stelt kritische vragen over interne controles, audits en communicatie richting reizigers.

Daarnaast wijst hij op eerdere incidenten van discriminatie, werkdruk en wanbeheer, en vraagt hij wanneer waarschuwingen van de politie zijn binnengekomen en hoe toekomstige incidenten voorkomen kunnen worden. Lid HAIJEN (SP) noemt het incident bij het GVB onacceptabel en amateuristisch, vooral omdat de administratie niet op orde was ondanks eerdere waarschuwingen van de politie. Hij benadrukt dat fouten kunnen gebeuren, maar dat bij een grote organisatie altijd controles zouden moeten bestaan om menselijke fouten op te vangen. Hij kritiseert de communicatie van het GVB richting reizigers en wijst erop dat de verantwoordelijkheid niet bij een gepensioneerde oudmedewerker gelegd mag worden. Hij vraagt de wethouder om te zorgen dat het GVB de procedures schriftelijk vastlegt en duidelijk communiceert over mogelijke vergoedingen voor

29

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

taxikosten. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) benadrukt dat het incident bij het GVB een voorbeeld is van knulligheid en onprofessioneel gedrag. Ze stelt vragen over de afhankelijkheid van een medewerker voor basisadministratie processen en vraagt wat dit zegt over andere essentiële processen binnen de organisatie. Ze uit grote zorgen over de communicatie van het GVB, zowel tijdens het incident als daarna. Lid MEERBURG (Partij voor de Dieren) stelt dat het GVB wat betreft professionaliteit door een ondergrens is gegaan en suggereert dat de directie zou moeten opstappen. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) wil daar nog geen oordeel over vellen en benadrukt dat eerst de reactie van de wethouder moet worden afgewacht. Ze onderstreept het belang van transparante publiekscommunicatie bij een openbaar bedrijf als het GVB en vraagt de wethouder of hij de analyse deelt en hoe hij als aandeelhouder het GVB hierop zal aanspreken, met welke consequenties en hoe dit leidt tot verbeterde processen en communicatie. Lid MOESKOPS (D66) benadrukt dat het incident in Amsterdam-Noord een drama was, omdat het GVB zijn basistaak als openbaar vervoerder niet uitvoerde. Ze vraagt welke rol de gemeente als aandeelhouder kan spelen om te garanderen dat dit niet opnieuw gebeurt, en of er een evaluatie komt.

Daarnaast vraagt ze naar de afwegingen rondom het besluit van het GVB om uit voorzorg alle bussen in Amsterdam-Noord van de weg te halen, wie waren erbij betrokken, en was het een gewogen beslissing? Lid VAN BERKEL (JA21) vraagt zich af of het incident met stilgelegd busvervoer in Amsterdam-Noord een los administratief probleem is of een teken dat het GVB structureel zijn zaken niet goed op orde heeft. Hij wijst op eerdere waarschuwingen over veiligheid bij het GVB en vraagt welke middelen de gemeente heeft om in te grijpen en toezicht te houden. Ook stelt hij de vraag of de gemeentelijke eigendom en de manier van concessieverlening mogelijk hebben bijgedragen aan gemakzucht binnen de organisatie. Wethouder SCHOLTES benadrukt dat het incident bij het GVB volledig te wijten is aan gebrekkige processen binnen de organisatie en niet aan een individuele medewerker. Hij geeft aan geschrokken en geërgerd te zijn over de situatie en heeft meerdere keren contact gehad met zowel de directie als de raad van commissarissen om de kwestie te bespreken. Hij legt uit dat het GVB nu structurele verbeteringen doorvoert. Zo worden de controles op aanwezigheid en voertuigdocumentatie schriftelijk vastgelegd, worden extra controles op chauffeursniveau ingevoerd en worden steekproeven uitgevoerd.

Ook wordt de communicatie richting reizigers verbeterd, inclusief informatie over alternatieve vervoersmogelijkheden zoals taxi’s. De wethouder benadrukt dat deze maatregelen breed worden opgevolgd en dat hijzelf en de raad van commissarissen nauw betrokken blijven bij de voortgang. Lid KOYUNCU (DENK) vraagt het college om duidelijkheid over de omvang van de problemen bij het GVB. Hij wil weten of het recente incident, waarbij een deel van het busvervoer in Noord stilviel, een eenmalige fout betreft, of dat er ook structurele zorgen zijn over andere aspecten van de organisatie. Hij verwijst naar eerdere kwesties zoals discriminatie van reizigers met een beperking, hoge werkdruk bij personeel en tekortkomingen in materiaalbeheer. Hij benadrukt dat het bij dit incident om de kernactiviteit van het GVB gaat: mensen veilig en op tijd vervoeren, en dat daar herhaaldelijk steken zijn laten vallen. Hij vraagt of het college dit ziet als een geïsoleerd incident of dat er brede, structurele zorgen zijn. Wethouder SCHOLTES legt uit dat het college zich bewust is van de verschillende thema’s binnen het GVB, zoals werkdruk en veiligheid, en dat daar al verbeteringen en maatregelen voor zijn genomen. Deze worden onder meer gevolgd via medewerkerstevredenheidsonderzoeken.

Hij benadrukt dat het recente incident specifiek gaat over basale processen die niet op orde waren, zoals het ontbreken van verplichte documenten in

30

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

de bussen. Hij geeft aan dat deze documenten wel aanwezig waren binnen de organisatie, rijbewijzen en vergunningen waren geldig, en Apk-keuringen waren uitgevoerd, waardoor de veiligheid van de bussen niet in het geding was. Hij licht toe dat het college in overleg blijft met de directie en de raad van commissarissen om ervoor te zorgen dat de basale processen structureel beter worden geregeld. Daarnaast meldt hij dat de ILT en VRA opnieuw onderzoeken of het GVB het veiligheidscertificaat zal krijgen voor de komende vijf jaar. Hij benadrukt dat het incident dus niet om daadwerkelijke veiligheidsrisico’s ging, maar om het correct aanwezig zijn van documenten in de bussen, wat een organisatorisch tekortkoming weerspiegelt. Lid ASRUF (PvdA) geeft aan dat hij de wethouder grotendeels kan volgen, maar kritiek heeft op de brief van het GVB. Volgens hem was die brief ondermaats, er werd niets gezegd over crisiscommunicatie, leiderschap of verantwoordelijkheid. Hij adviseert de wethouder strenger op te treden in de gesprekken met het GVB. Wethouder SCHOLTES reageert dat hij duidelijk heeft gemaakt wat hij van de situatie vindt en wat hij met de GVB-directeur heeft besproken. Hij benadrukt dat de kernboodschap moet zijn dat dit incident niet had mogen gebeuren, niet afhankelijk mag zijn van één persoon en dat de basale processen bij het GVB niet op orde waren.

Lid ASRUF (PvdA) benadrukt dat zijn kritiek niet alleen over het incident zelf gaat, maar vooral over de brief van het GVB, die hij als ondermaats bestempelt. Volgens hem geeft de brief geen juiste verantwoording richting de Amsterdammer, het college of de opdrachtgever. Hij vindt dat de gesprekken met het GVB strenger moeten zijn, en merkt op dat de hele raad, van links tot rechts, heeft laten zien dat de brief onvoldoende was. Wethouder SCHOLTES reageert dat er nog een gesprek over de communicatie tussen hem en het GVB zal plaatsvinden, waarin deze punten zeker worden meegenomen. Hij benadrukt dat hij al streng is geweest over zijn oordeel over de situatie en dat hij ook met betrekking tot de communicatie richting reizigers een stevig gesprek zal voeren met het GVB. Hij geeft verder toelichting op het incident: van de 29 betrokken bussen waren er bij 23 ontbrekende documenten geconstateerd door de politie, waarna het GVB in overleg met het personeel besloot om ook de resterende bussen van de weg te halen. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) vraagt hoe de raad verder geïnformeerd zal worden over de situatie bij het GVB. Wethouder SCHOLTES antwoordt dat hij nog in gesprek gaat met de directie over het verbeteren van de processen en daarover verantwoording zal afleggen aan de raad.

Hij geeft aan dat de timing van die terugkoppeling nog wordt bepaald, afhankelijk van de voortgang, en dat dit mogelijk in de halfjaarlijkse deelnemingenbrief of in een aparte brief gebeurt. Hij belooft dat dit onderwerp voortaan standaard zal worden meegenomen in zijn terugkoppeling over het GVB, naast andere onderwerpen zoals werkdruk en arbeidsomstandigheden. Lid ASRUF (PvdA) benadrukt dat het weghalen van bussen door de politie een urgent probleem is en vraagt de wethouder om zo snel mogelijk een update te geven over de gesprekken met het GVB, de directie en de raad van commissarissen. Hij wil niet alleen horen wat er gebeurt, maar ook hoe het GVB verbeteringen doorvoert op het gebied van leiderschap, crisiscommunicatie en verantwoordelijkheid. Wethouder SCHOLTES antwoordt dat de bussen inmiddels alle benodigde documenten hebben en dat de processen worden verbeterd. Hij belooft dat dit thema, inclusief de door lid Asruf genoemde punten, in zijn communicatie richting de raad zal worden meegenomen en zo snel mogelijk teruggekoppeld zal worden, afhankelijk van de voortgang van de gesprekken met het GVB. Lid KOYUNCU (DENK) uit zijn zorgen dat de situatie bij het GVB opnieuw wordt

31

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

uitgesteld. Hij wijst erop dat ook eerdere problemen met oud-personeel door het GVB werden afgeschoven en dat de brief van de directie dezelfde wegkijkhouding toont. Volgens hem moet het college hier streng op toezien en snel resultaat laten zien, anders zal de raad zelf verdere stappen moeten ondernemen. Wethouder SCHOLTES benadrukt dat er niets op de lange baan wordt geschoven. Hij stelt dat er intensief overleg is geweest met het GVB, zowel in commissievergaderingen als via brieven, en dat alle besproken maatregelen en monitoring plaatsvinden. Lid KOYUNCU (DENK) merkt op dat de communicatie van het GVB ondanks de eerdere toezeggingen nog steeds niet verbeterd is. Lid LOCHTENBERG (CDA) voegt toe dat de raad het GVB regelmatig aanspreekt, onder andere over arbeidsomstandigheden en de uitvoering van werkzaamheden, en benadrukt dat de gemeente daarbij zelf ook aan de hoogste normen moet voldoen, Wethouder SCHOLTES bevestigt dat hij regelmatig gesprekken voert met deelnemingen en benadrukt dat er hard aan wordt gewerkt. De VOORZITTER stelt vast dat het punt voldoende is besproken. Ze geeft aan dat de intekenlijst voor de technische sessie over de IT-infrastructuur is rondgegaan en voldoende leden hebben aangegeven deel te willen nemen, dus de sessie gaat door en wordt in november gepland.

Verder heeft de Partij voor de Dieren aangegeven agendapunt 8 te willen agenderen voor de raadsvergadering. De vergadering wordt voor een aantal minuten geschorst. TOEGEVOEGD AGENDAPUNT Financiën 10. Bespreken van de raadsinformatiebrief over de afvalstoffenheffing (afdoening van motie 325.24 van het lid Lust c.s. en de toezegging aspect duurzaamheid aan het lid Koppejan) (VN2025-012962) Dit agendapunt wordt niet behandeld. Raadsaangelegenheden 11. Gedeeltelijk opheffen van geheimhouding op verslagen van commissie- en raadsvergaderingen en andere document (VN2025-013212) Dit agendapunt wordt niet behandeld. Personeel en Organisatie 12. Bespreken van het krantenartikel ‘'Code rood’ om oplopend verzuim van ambtenaren' (VN2025-013393) De VOORZITTER heropent de vergadering. Lid WIJNANTS (VVD) merkt op dat hij vandaag tijdelijk in de commissie plaatsneemt en meteen wordt geconfronteerd met een zorgwekkend onderwerp. Hij verwijst naar het recente rapport over ziekteverzuim en arbeidsomstandigheden bij de gemeente, dat via een bijzondere route naar buiten is gekomen. Hij haalt enkele cijfers aan: een stijging van 17,6 procent van de

32

Gemeente Amsterdam raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit. Concept-raadscommissieverslag, 2 oktober 2025

FKD

kosten ten opzichte van 2023, 21 procent meer ambtenaren in risicogroepen, en de constatering dat Amsterdammers vier keer zieker zijn dan het landelijk gemiddelde. Hoewel er veel maatregelen worden genomen om het verzuim terug te dringen, blijken deze onvoldoende. Daarnaast wijst hij op de opvallende tijdlijn van gebeurtenissen: op 23 september werden schriftelijke vragen van het CDA bekendgemaakt met andere cijfers dan in het rapport, het rapport zelf werd een dag later via een lek in de Telegraaf gedeeld en met een begeleidend briefje naar de raad gestuurd, de dag daarna volgde een groot statement van de burgemeester over noodzakelijke veranderingen, inclusief ambtelijke aansturing. Hij vraagt de wethouder hoe ze tegen deze opeenvolging van gebeurtenissen aankijkt en of ze ziet dat deze verband houden met elkaar. Lid VAN PIJPEN (GroenLinks) vindt het laatste punt wat buiten de orde. Ze benadrukt dat de brieven over de aanpak van de heer Van Lieshout onderdeel zijn van een opvolging van zaken waar de raad al in juli over heeft gesproken en waarvoor was beloofd dat deze deze week zou komen. Lid WIJNANTS (VVD) uit zijn bezorgdheid over de gang van zaken rondom het rapport en de informatievoorziening aan de raad.

Hij merkt op dat eerst de schriftelijke vragen van het CDA slechts gedeeltelijk beantwoord werden, waarna het rapport op ongebruikelijke wijze via de ambtelijke organisatie naar de Telegraaf lekte en pas een dag later vergezeld ging van een brief aan de raad. Dit wekt bij hem de indruk van haast en een plotseling gevoel van urgentie, wat hij als rommelig en onwenselijk voor de raad ervaart. Hij haalt daarnaast een discrepantie aan tussen de cijfers in de schriftelijke vragen van het CDA en de inschattingen in het rapport Zorg voor de Zaak. Volgens de schriftelijke vragen zouden de kosten 141 miljoen bedragen, terwijl het rapport een hoger bedrag inschat en het college aangeeft dat de werkelijke kosten lager zijn. Hij vraagt het college om duidelijkheid over deze verschillen. Tot slot wijst hij op een breder probleem dat volgens het rapport bijdraagt aan het hoge ziekteverzuim: politieke idealen en politieke spelletjes hebben volgens hem de werkdruk en de verwachtingen van ambtenaren verhoogd, wat leidt tot verzuim. Hij vindt dat het college dit aspect serieus moet meenemen en zich bewust moet zijn van de rol van politieke sturing bij de werkdruk van ambtenaren. Lid NAMANE (PvdA) vraagt of de zorgen van lid Wijnants over het ziekteverzuim en de kosten vooral financieel zijn, of dat hij ook oog heeft voor het welzijn van de medewerkers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16141339/2