CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Concept Evenementenbeleid 2026 - versie2 inspraak

Raadscommissie Financiën, Kunst en Diversiteit 5 juni 2025, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van het concept Evenementenbeleid 2026 (VN2025-007383)34.861 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 5

Zo vinden de viering van Pride, 5 mei, het Sluis en Bruggenfeest in Weesp, en Koningsdag vaak plaats in de binnenstad, waar op veel plekken, vanwege de beperkte beschikbare ruimte met de bestaande geluidsnormen, geen vieringen met muziek mogelijk zouden zijn. Voor evenementen als huldigingen of oud en nieuw geldt dat ze dusdanig veel bezoekers trekken, en er dusdanig veel omgevingslawaai is, dat de bestaande geluidsnormen niet toereikend zijn om het publiek te bereiken en/of de beleving te geven die nodig voor het evenement. De evenementen die zijn aangemerkt als evenement van Hoog Maatschappelijk Belang zijn: •

Koningsdag

•

Bevrijdingsdag

•

Sluis en Bruggenfeest (Weesp)

•

Pride

•

Voetbalhuldigingen (Ajax of Nederlands elftal - m/v)

•

Oud en Nieuw

De wijzigingen in het Geluidbeleid zijn opgenomen in bijlage 5. Een advies van de Expertgroep Geluid die ten grondslag liggen aan deze wijzigingen is opgenomen in bijlage 6 4

25

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

De geluidsregels voor deze categorie evenementen zijn vastgelegd in het Geluidbeleid . Voor kleinere evenementen met muziek in een stedelijke omgeving is daarnaast in een addendum bij het Geluidbeleid een norm geformuleerd voor Straatfeesten met Muziek. Verduidelijking geluidsnorm Koningsnacht Voor Koningsdag geldt op grond van de geluidsnorm van evenementen met een Hoog Maatschappelijk Belang een afwijkende, hogere geluidsnorm. Aangezien de evenementen op Koningsdag soms doorlopen tot na middernacht, zou kunnen worden verondersteld dat voor de uren na dat moment de hogere geluidsnorm Koningsdag geldt. Dit is nadrukkelijk niet de bedoeling, en is verduidelijkt in het nieuwe beleid. Opknippen van geluidsdag voor concertreeks Voor concerten en concertreeksen is in de huidige situatie maar beperkt ruimte, maar uit het draagvlakonderzoek en gesprekken tijdens participatiebijeenkomsten is gebleken dat er wel behoefte is aan dit type programmering. Concerten hebben vaak een hogere geluidsbelasting, maar duren meestal kort. Daarom hebben ze ook minder impact op de omgeving dan festivals, die van 11 uur tot 23 uur mogen duren. Om ruimte te maken voor concerten in de stad, is in het geluidsbeleid opgenomen dat op daarvoor geoormerkte locaties een dag met een hogere geluidsbelasting (geluidsdag van 11 tot 23 uur) kan worden opgeknipt in meerdere kortdurende momenten.

7 Evenementenvergunningenbeleid 7.1 Evenementenvergunningenproces risico-gestuurd Het doel van het evenementenbeleid is een breed en divers aanbod van evenementen te faciliteren dat zowel inwoners als bezoekers van de stad aanspreekt. De focus ligt daarbij op het vinden van een balans tussen grootschalige, internationale evenementen en kleinschalige, wijkgerichte activiteiten die sociale cohesie en lokale betrokkenheid versterken. Om dit te bereiken is besloten tot een risico-gestuurde aanpak bij de vergunningverlening. Hierbij worden vergunningen en toezicht aangepast op de schaal, impact en risico's van een evenement. Voor grootschalige evenementen blijven uitgebreide veiligheids- en mobiliteitsplannen essentieel, terwijl voor kleinschalige buurtfeesten wordt ingezet op een eenvoudiger vergunningsproces. Dit kan bijdragen aan het verminderen van de (administratieve) lasten voor dit type evenementen. Een ander belangrijk uitgangspunt is meer uniformiteit in de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving (VTH) door een meer gestandaardiseerde, stadsbrede werkwijze te introduceren. Dit

26

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

moet niet alleen zorgen voor minder werkdruk bij gemeentelijke diensten, maar ook voor meer consistentie en hogere kwaliteit in het proces en de inhoud. Om dit te bereiken, is het evenementenvergunningenbeleid risicogestuurd ingericht. Daarbij wordt verder gekeken dan alleen het aantal bezoekers als maatstaf voor een risico-inschatting en de vergunningseisen. Waar in het verleden de focus voornamelijk lag op publieksaantallen, wordt nu ook gekeken naar andere factoren die de complexiteit en risico's van een evenement beïnvloeden. Denk hierbij aan het type activiteiten, de doelgroep, de locatie en omgevingsfactoren. Het is daarbij van belang dat het vergunningenproces niet alleen gestroomlijnd wordt voor grootschalige evenementen, maar ook voor kleinschalige initiatieven maatwerk kan bieden. Deze bredere benadering maakt het mogelijk om beter maatwerk toe te passen en evenementen beter en nauwkeuriger te beoordelen, zonder afbreuk te doen aan veiligheid of toegankelijkheid, wat uiteindelijk leidt tot een betere balans tussen een leefbare stad en een bruisend evenementenaanbod.

7.2 De risicoscan Om dit te realiseren, is een risicoscan ontwikkeld (zie bijlage 7 ). De risicoscan is een instrument dat op basis van een aantal vragen die een organisator moet beantwoorden, een inschatting maakt van het risicoprofiel van een evenement. De vijf profielen waarlangs dit model werkt – organisatie, publiek, activiteiten, omgeving en context – leiden enerzijds tot een indeling in risicoprofielen en daarmee een behandelaanpak gericht op de reëel voorzienbare risico’s. Anderzijds leidt het tot meer inzicht in welke planvorming benodigd is van de aanvrager en welke aanvullende maatregelen mogelijk van toepassing zijn. Dit model weegt niet alleen individuele risicofactoren, zoals activiteiten- en publieksprofielen, maar legt ook kruisverbanden tussen verschillende aspecten van een evenement. Deze samenhang tussen factoren maakt het mogelijk om risico’s vooraf beter in te schatten. Door evenementen niet alleen op basis van publieksomvang in te delen, maar een breder scala aan variabelen te gebruiken om het risicoprofiel vast te stellen, ontstaat een meer genuanceerde en objectievere benadering van evenementenvergunningen. Dit biedt meerdere voordelen: 1. Meer maatwerk: Evenementenorganisatoren kunnen beter inspelen op specifieke risico’s, waardoor veiligheidsplannen en logistieke vereisten nauwkeuriger kunnen worden afgestemd op de werkelijke behoefte.

Het te doorlopen vergunningenproces is passend op het de risicocategorie. Uitgebreid als het moet, kort en kernachtig als het kan. 2. Betere risicobeheersing: Door verder te kijken dan enkel bezoekersaantallen kan de gemeente beter anticiperen op potentiële risico’s en verstoringen, wat leidt tot een efficiëntere en effectievere aanpak van vergunningverlening en handhaving. 3. Flexibiliteit in het proces: Door gebruik te maken van meerdere risicocategorieën kan de gemeente voor evenementen met specifieke kenmerken de juiste maatregelen nemen, zonder de organisator te belasten met een onnodig complex en langdurig vergunningstraject. 4. Efficiëntere inzet van beschikbare capaciteit bij de vergunningverlening. Doordat vooraf helder is welke aspecten van een evenement risicovol zijn, kan de aandacht van de vergunningverlener (en van de adviserende diensten) zich hier op richten. Tijd die wordt gewonnen omdat onnodige plannen niet hoeven te worden getoetst, kan worden besteed aan een gerichte evaluatie van

27

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

onderdelen die extra aandacht behoeven. Of er kan sprake zijn van een netto besparing in tijd en capaciteit in het beoordelingsproces.

7.3 Risicoscan als uitgangspunt voor het vergunningenproces De nieuwe werkwijze zorgt voor een meer genuanceerd risicoprofiel en leidt tot een betere inschatting van de (veiligheids)maatregelen en het te doorlopen vergunningenproces die nodig zijn. Hiermee wordt aangesloten bij de Landelijke Handreiking Evenementenveiligheid 2018 (HEV)1, waarin het bepalen van de risicoscan/behandelscan een belangrijke stap is. In dit model worden verschillende variabelen gewogen op basis waarvan het risico op verstoringen van de openbare orde en veiligheid wordt ingeschat. De risicoclassificatie die uit deze scan voortkomt bepaalt de intensiteit en complexiteit van het vergunningentraject. Hoe zwaarder de categorie, hoe intensiever de vergunningverleningsprocedure en bijbehorende maatregelen, wat resulteert in een langere en vaak complexere procedure. De risicoclassificatie binnen de HEV wordt traditioneel uitgevoerd op basis van vier categorieën: 0melding, A, B, en C. Echter, na meerdere jaren ervaring met dit model blijkt dat de indeling in drie categorieën in de praktijk niet altijd voldoende recht doet aan de complexiteit van de evenementen en de specifieke risico’s die deze met zich meebrengen en het bijbehorende werkproces.

Om recht te doen aan de Amsterdamse situatie zijn twee categorieën toegevoegd, te weten: • A+ Evenementen: Dit betreft veelal kleinschalige evenementen waarbij maatwerkplannen en voorschriften noodzakelijk zijn voor specifieke aspecten van het evenement, zoals bijvoorbeeld verkeersbeheersing of brandveiligheid. • B+ Evenementen: Dit zijn evenementen die qua omvang en impact op een specifiek gebied (bijvoorbeeld openbare orde of veiligheid) extra aandacht vereisen en waarbij veelal een intensievere coördinatie tussen verschillende stakeholders noodzakelijk is. De Amsterdamse risicoclassificatie bestaat daarmee uit zes (6) categorieën. Dit zijn: 1. Meldingsplichtige activiteiten (0-evenementen): Evenementen die qua risico vergelijkbaar zijn met de dagelijkse gang van zaken, zoals kleine straatfeesten of buurtfeesten. Deze vereisen minimaal veiligheidsbeheer en kunnen vaak met een eenvoudige melding bij de gemeente worden afgehandeld. Hierbij geldt: tot max.250 personen en ook voldoen aan de overige gestelde criteria voor meldingsplichtige evenementen. Evenementen op het water zijn altijd vergunningsplichtig. 2. A-evenementen: Kleinschalige evenementen, zoals buurtfeesten, markten of sportwedstrijden, die praktisch geen risico met zich meebrengen. Deze vereisen alleen standaard veiligheidsmaatregelen, zoals EHBO-inzet en toezicht. 3.

A+-evenementen: Evenementen die specifieke risico’s met zich meebrengen, zoals kwesties rondom brandveiligheid of mobiliteit, waarvoor maatwerkplannen nodig zijn. De operationele voorbereiding vereist enkel op bepaalde gebieden extra aandacht, zoals bijvoorbeeld verkeers- of crowdmanagement.

28

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

4. B-evenementen: Evenementen met meerdere risico’s die een grotere inzet van openbare orde- en veiligheidsdiensten vereisen. Dit kunnen festivals of grotere sportevenementen zijn. Deze evenementen vereisen een veiligheidsplan, gezondheidsplan en vaak intensieve maatregelen zoals verkeersregelaars en extra beveiliging. 5. B+-evenementen: Dit betreft grotere evenementen met meerdere risico’s die de inzet van verschillende diensten noodzakelijk maken. Er zijn boven op het veiligheidsplan, gezondheidsplan vaak ook maatwerkveiligheidsmaatregelen nodig, zoals uitgebreide verkeers- en crowdmanagementvoorzieningen, en intensieve coördinatie tussen verschillende hulpdiensten. 6. C-evenementen: Grote evenementen met aanzienlijke risico’s waarvoor de volledige inzet van alle OOV-diensten vereist is. Voorbeelden zijn grote nationale feestdagen zoals Koningsdag maar ook grote stadsbrede evenementen zoals Pride Amsterdam of grote sporthuldigingen. Deze evenementen vereisen een intensieve samenwerking met politie en andere hulpdiensten, grootschalige logistieke maatregelen en uitgebreide veiligheidsplannen, vaak met een grotere impact op de stad als geheel.

Deze indeling biedt flexibiliteit en zorgt ervoor dat er meer maatwerk mogelijk is, waarbij evenementen die minder risico met zich meebrengen minder regels hoeven te volgen en kunnen volstaan met een eenvoudiger vergunningenproces, terwijl evenementen met hogere risico’s de juiste veiligheidsmaatregelen en vergunningseisen krijgen en een intensiever vergunningenproces doorlopen.

7.4 Evaluatie als start van de risicoscan Veel evenementen in Amsterdam en Weesp zijn jaarlijks terugkerend en doorlopen jaarlijks de verschillende stappen van het evenementenvergunningenproces. Dit cyclische proces (zie hoofdstuk 4) start met de vooraankondiging/verzoek voor plaatsing op de evenementenkalender en eindigt met de evaluatie van het doorlopen proces en het daadwerkelijk verloop van de vergunde activiteit. Feitelijk is de evaluatie daarmee de start van de voorbereiding van de volgende editie. Het is dan ook van groot belang dat een (gestandaardiseerde) evaluatie onderdeel uitmaakt van het proces. Een (meer) gestandaardiseerde evaluatie is van belang om veiligheid, efficiëntie en maatschappelijke impact te waarborgen. Door een uniforme methode te hanteren, kan objectief worden beoordeeld of de evenementen bijdragen aan doelstellingen van dit beleid en de visie op evenementen. Hiervoor wordt een standaard evaluatieproces ontwikkeld, met ook formulieren die bij de evaluatie van alle evenementen kan worden gebruikt. Daarnaast worden protocollen opgesteld voor het zo snel mogelijk na een evenement opstarten van de evaluatie, het ophalen van input van adviserende diensten en de organisator, en voor de verslaglegging en het bewaren van de evaluaties. Standaard onderdeel van het evaluatieproces wordt ook het ophalen van eventuele meldingen en/of klachten over evenementen.

Veiligheid bij evenementen is een topprioriteit. Een gestandaardiseerde evaluatie helpt bij het beoordelen van de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan de verschillende plannen. Ook

29

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

milieueffecten, zoals afvalbeheer en geluidsbelasting, kunnen op een consistente manier worden gemeten en verbeterd. Een systematische evaluatie van evenementen is randvoorwaardelijk om de risicoscan aan de voorkant te voeden met inzichten uit eerdere edities, en daarmee de kwaliteit, veiligheid en effectiviteit van het vergunningenproces structureel te borgen en waar nodig gericht bij te stellen. Om evaluaties te standaardiseren en structureel te verankeren in het vergunningenproces, is het daarbij van belang te beschikken over een toekomstbestendig informatiefundament. In dit kader wordt voorgesteld om een evenementen evaluatie dashboard te ontwikkelen. Dit dashboard fungeert als een procesmatige evaluatietool binnen de scope van Vergunning, Toezicht en Handhaving (VTH). Het is primair bedoeld voor het monitoren, analyseren en verbeteren van de uitvoeringspraktijk op basis van structureel verzamelde gegevens over evenementen. Het evenementen evaluatie dashboard verrijkt de risicoscan door historische informatie over eerdere edities van evenementen inzichtelijk te maken. Denk hierbij aan ervaringen met organisatoren, betrokken inhuurpartijen, eerdere (overlast)meldingen, en andere procesmatige indicatoren. Deze gegevens maken het mogelijk om toekomstige aanvragen gerichter te beoordelen en risicoinschattingen consistenter en meer data-gedreven uit te voeren.

Het dashboard biedt daarnaast inzicht in uitvoeringsdruk, knelpunten en langjarige trends binnen het VTH-domein. Daarmee ondersteunt het risico gestuurd toezicht, optimaliseert het de inzet van capaciteit en draagt het bij aan beleidsontwikkeling op basis van feitelijke informatie. Hoewel het dashboard voornamelijk gevoed wordt door VTH-specifieke data, kunnen – indien relevant – te zijner tijd ook externe bronnen worden toegevoegd als aanvullend datapunt. Een voorbeeld hiervan is een (jaarlijkse) stadsbrede enquête onder bewoners of bezoekers over de beleving van evenementen rond een specifieke locatie. De uitvoering van een dergelijke enquête valt nadrukkelijk buiten de VTH-scope en maakt géén structureel onderdeel uit van het VTHevaluatieproces, maar resultaten kunnen indien beschikbaar als contextuele verrijking aan het dashboard worden toegevoegd. Technisch gezien kan het evenementen-evaluatie- dashboard mogelijk aansluiten op systemen en methodieken die reeds in gebruik zijn. Dit biedt kansen voor efficiëntie en integratie. Wel dienen technische en logistieke verschillen tussen het evenementenveld en andere domeinen nader onderzocht te worden in de verdere ontwikkelfase als onderdeel van het hieronder benoemde Uitvoeringsprogramma.

Door de inzet van een gestandaardiseerde evaluatie per evenement, ondersteund door een digitaal risico gestuurd dashboard en eventueel verrijkt met aanvullende datapunten, ontstaat een samenhangend VTH-evaluatiekader. Dit stelt de gemeente in staat om het VTH-proces rondom evenementen consistent en doelgericht vorm te geven. Daarnaast draagt de evaluatie bij om te komen tot een eerlijke en transparante verdeling van subsidies en (schaarse)vergunningen. Het stelt ons in staat om evenementen objectief te vergelijken en beoordelen op basis van de vooraf vastgestelde criteria, zoals bezoekersaantallen, economische

30

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

impact en maatschappelijke meerwaarde. Dit voorkomt willekeur en bevordert gelijke kansen voor organisatoren. Tot slot draagt een evaluatie bij aan het versterken van de samenwerking tussen gemeenten, organisatoren en andere stakeholders. Door eenduidige evaluaties kunnen best practices worden gedeeld en kan de kwaliteit van evenementen worden verbeterd. 7.5 Vergunningverlening en toezicht op evenementen Het VTH-beleid Fysieke Leefomgeving 2024 is het kader voor de wijze waarop de VTH-taken rondom evenementen worden uitgevoerd. Dit uitvoeringsbeleid wordt geactualiseerd mede naar aanleiding van de uitgangspunten uit dit nieuwe evenementenbeleid. Uitgangspunt in het VTHbeleid FLO 2024 voor het uitvoeren van toezicht op evenementen is dat dit risico gestuurd plaats vindt. In 2024 is ingezet op versterking van het toezicht op veiligheidsaspecten. Deze ingezette lijn wordt voortgezet. Handhaving van overtredingen bij evenementen vindt plaats conform de Handhavingsstrategie Overtredingen Evenementen.

7.6 Specifieke evenementencategorieën Er is een aantal evenementen dat vanwege aard en karakter om maatwerk vraagt in het vergunningenproces. Het gaat hier om vuurwerkshows, (tijdelijke) schaatsbanen, wandelevenementen, evenementen met dieren en evenementen op het water. Vuurwerkshows Vanwege een groeiende vraag naar alternatieven voor consumentenvuurwerk tijdens oud en nieuw, ontstaat de behoefte voor duidelijke voorwaarden om op zichzelf staande vuurwerkshows (met name tijdens de jaarwisseling) mogelijk te maken: laagdrempelig maar veilig. Kortstondige vuurwerkshows zonder randprogrammering worden als A+ evenement vergund, tenzij de risicoscan tot een hogere risico inschatting leidt. Deze vergunning voorziet in een lichte toetsing waarbij, naast de bestaande beoordeling van de ontbrandingstoestemming door de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied (OD NZKG), aanvullende aandacht is voor mobiliteit, veiligheid van omstanders, de impact op de omgeving en de inzet van gemeentelijk toezicht. Daarmee kan op een eenduidige manier worden beoordeeld of een vuurwerkshow inpasbaar en uitvoerbaar is. Vuurwerkshows die een programmaonderdeel zijn van een evenement in de openbare ruimte worden behandeld overeenkomstig de uitkomst van de risicoscan.

Aanvullend op deze vergunning wordt in de periode van 15 maart tot 15 juli (broedseizoen) geen toestemming verleend om vuurwerk toe te staan bij evenementen in openbare ruimte, om de impact op natuur en milieu te beperken. Enkel voor evenementen die formeel zijn aangemerkt als zijnde van een Hoog Maatschappelijk Belang (zie paragraaf 6.3) of een grootstedelijk of internationaal karakter (zoals Sail) kan een uitzondering worden gemaakt. In die gevallen is altijd een ecologisch rapport vereist waaruit blijkt dat het vuurwerk geen negatieve effecten heeft op broedende vogels of hun leefomgeving. Daarnaast geldt dat geen vuurwerk mag worden afgestoken binnen een straal van 45 meter van ziekenhuizen, zorginstellingen en dierenverblijven. 31

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

Bovenstaande beleidswijzigingen zien enkel toe op op zichzelf staande vuurwerkshows en vuurwerkshows die onderdeel uitmaken van een evenement in de openbare ruimte. Dit beleid is niet van toepassing op vergunningsvrije vuurwerkshows die georganiseerd worden door een professioneel vuurwerkbedrijf op eigen terrein of in binnenlocaties. IJsbanen Tijdelijke ijsbanen zorgen in de winter voor veel plezier bij Amsterdammers en Weespers en bij bezoekers. Ze dragen bij aan sociale cohesie, beweging en laagdrempelige recreatie, zeker voor jongeren, ouderen en Amsterdammers of Weespers met een kleine beurs. Ook via sport- en kennismakingsprogramma’s (zoals schaatsclinics in schoolvakanties) vergroten ijsbanen de toegang tot sport. De keerzijde van ijsbanen is dat ze veel energie verbruiken, zeker als gebruik gemaakt wordt van echt ijs in plaats van kunststofplaten. Het energieverbruik per schaatser is weliswaar veel lager dan bij bijvoorbeeld een bezoeker van een (binnen)zwembad, maar een zorgvuldige afweging over het toestaan van ijsbanen is wel gerechtvaardigd. Het nadeel van de kunststofplaten is dan weer dat bij het schaatsen microplasticdeeltjes vrijkomen, die moeten worden opgevangen en verwijderd. Besloten is om in de toekomst wel ruimte te blijven maken voor ijsbanen in de stad, maar hier duidelijke op basis van duurzaamheid en commercie voorwaarden aan te verbinden.

Om de positieve effecten van ijsbanen te realiseren, kunnen eisen worden gesteld aan exploitatie, energieverbruik, toegangsprijzen en commerciële activiteiten. Op die manier blijven ijsbanen toekomstbestendig en maatschappelijk waardevol blijven. IJsbanen •

•

• •

•

•

Voor tijdelijke ijsbanen gelden de volgende vergunningsvoorwaarden: IJsbanen met echt ijs mogen niet langer dan 12 weken worden geëxploiteerd. Per stadsdeel mag niet meer dan één ijsbaan met echt ijs worden geëxploiteerd. Stadsdelen wijzen de locatie daarvoor aan. Bij de exploitatie van ijsbanen met echt ijs moet gebruik worden gemaakt van moderne technieken, zoals externe tijdelijke koelinstallaties die de meest duurzame technologieën bevatten, in plaats van oudere, minder energiezuinige vaste koelinstallaties. Er moet gebruik worden gemaakt van vaste stroompunten. Aggregaten op (bio)diesel zijn niet toegestaan. Schaatsbanen met kunststofplaten mogen maximaal drie weken achter elkaar geëxploiteerd worden. Omdat het energieverbruik aanzienlijk lager is. is geen maximum gesteld aan het aantal kunststof ijsbanen per stadsdeel. Schaatsbanen met kunststofplaten in plaats van ijs, moeten maatregelen treffen om te voorkomen dat vrijkomende microplastics in het milieu terechtkomen. Deze moeten zoveel mogelijk worden afgevangen en afgevoerd. Toegankelijkheid: IJsbanen moeten toegankelijk zijn voor een breed publiek, met lage (financiële) drempels voor scholieren, ouderen en mensen met een kleinere beurs. Gratis toegang of vaste, lagere prijzen voor deze doelgroepen.

32

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

•

De commerciële invulling rondom de ijsbaan mag geen afbreuk doen aan de laagdrempelige uitstraling van de ijsbanen. Voor commerciële activiteiten en randprogrammering geldt dat commerciële belangen niet mogen overheersen, en dat de exploitant kenbaar moet maken waarom de randprogrammering en/of horeca-activiteiten noodzakelijk zijn voor de exploitatie en de toegankelijkheid voor verschillende doelgroepen. Van organisatoren wordt verwacht dat ze terughoudend zijn in commerciële uitingen en geluidsgebruik. Activiteiten met een hoge geluidsbelasting worden niet toegestaan.

Wandelevenementen Voor wandelevenementen zonder aanvullende programmering en een beperkte impact op de openbare ruimte (zoals avondvierdaagse) geldt voortaan dat deze vergunningsvrij zijn. Organisatoren van wandelevenementen hoeven hiervoor geen evenementenvergunning aan te vragen, maar moeten wel tijdig een melding doen bij de gemeente zodat er vanuit verkeer en mobiliteit een check op de route kan worden gedaan. Als de route niet haalbaal blijkt, zal samen met de organisator worden gekeken naar een alternatief. Van de organisator wordt wel verwacht dat deze waar nodig maatregelen treft voor een veilig verloop van het wandelevenement. Evenementen op het water Door de toegenomen drukte op het (binnen)water is het van belang dat evenementen goed worden gespreid over het binnenwater van de gehele stad. Belangrijk is dat het binnenwater eerst en vooral vaarwegen zijn met een cruciale functie voor de bereikbaarheid van de stad met een eigen karakter en waarden. Daarom is het van belang dat voor iedere georganiseerde activiteit (ongeacht de omvang) vooraf toestemming wordt verkregen (al dan niet met voorwaarden) van de nautisch beheerder. Deze kan dan de afweging maken tussen het nautische effect van het evenement op de bereikbaarheid van de stad en andere watergebruikers en of het evenement wel noodzakelijk is op de gevraagde locatie.

Zonder deze toestemming kan er geen vergunning worden verleend. Het is dan ook van belang dat de organisator dit op tijd regelt. Evenementen met dieren Amsterdam staat voor een diervriendelijke stad. Dieren verdienen vanwege hun intrinsieke waarde onze zorg, ook omdat ze in een zekere mate afhankelijk van ons zijn (geworden). Al eeuwenlang worden dieren ingezet bij evenementen en activiteiten met sport, ontspanning en recreatie. Amsterdam wil dat het aantal evenementen met dieren afneemt en dat de negatieve invloed daarvan op het dier, zoals drukte, geluid, niet vrij kunnen bewegen, zo min mogelijk is. We willen dat houders zorgdragen voor positieve ervaringen voor het dier. Dat doen we door: • Alle evenementen met dieren vergunningsplichtig te maken. Bij signalen van misstanden spreken we de houder of organisator aan en waar nodig informeren we de landelijk bevoegde handhavingsdienst. • Indien een organisator dieren inzet bij het evenement dan moet het dierenwelzijn onderdeel zijn van de evaluatie van het evenement. Daarmee wordt bedoeld te reflecteren op, leren van, en het dierenwelzijn te versterken voor de volgende editie. Sinds 2024 wordt bij de vergunningsuitvraag van terugkerende evenementen gevraagd hoe de rol van dieren binnen de activiteit wordt verbeterd, verminderd of vervangen ten opzichte van de voorgaande editie.

Dat er verbeterpunten zijn, betekent niet dat het dierenwelzijn in het geding is. Ze laten vooral

33

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

zien dat de organisator het welzijn hoog in het vaandel heeft. We moedigen organisatoren aan om te handelen met voortschrijdend inzicht.

34

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

8 Schaarstebeleid en Vaststelling Evenementenkalender 8.1 Inleiding Een belangrijk onderdeel van het nieuwe evenementenbeleid is de vormgeving van de Evenementenkalender. De kalender is geen nieuw fenomeen en wordt al geruime tijd gebruikt als afstemmingsmechanisme voor de hulp-, veiligheids- en vervoersdiensten. Met het opstellen van de kalender kan in een vroeg stadium een overzicht worden verkregen van de evenementen die in een jaar een beroep zullen doen op het gebruik van de openbare ruimte. Amsterdam is een aantrekkelijke stad voor organisatoren van evenementen en bezoekers. Tegelijkertijd brengen evenementen drukte en overlast met zich mee voor de directe omgeving. Door de snelle groei en ontwikkeling van de stad neemt die druk op de openbare ruimte alleen maar toe. Om het woon- en leefklimaat te beschermen en de mogelijkheden voor het organiseren van een evenement helder inzichtelijk te maken, zijn in 2018 locatieprofielen vastgesteld voor een aantal locaties die geschikt worden geacht voor evenementen. Hierin is per locatie vastgelegd hoeveel evenementen er in een kalenderjaar mogen plaatsvinden en onder welke voorwaarden. Dit geeft duidelijkheid voor zowel organisatoren als bewoners. Op locaties waar geen locatieprofielen voor zijn vastgesteld, is een beperking gesteld aan het aantal geluidsevenementen in het geluidsbeleid.

Daarmee is de ruimte voor evenementen beleidsmatig beperkt. Sinds 2020 bleek het steeds moeilijker om een evenementenkalender samen te stellen, vooral vanwege de schaarse ruimte voor grotere muziekevenementen. In de praktijk blijkt de interesse onder organisatoren om op de locaties een evenement te organisatoren onverminderd groot. De vraag naar plekken voor evenementen overstijgt het aantal plekken dat beschikbaar is voor het houden van evenementen, waardoor er sprake is van feitelijke schaarste. De gemeente heeft de schaarste tussen 2020 en 2026 op verschillende manieren verdeeld, zoals verloting van beschikbare plekken en het kopiëren van de kalender. Voor het verdelen van de schaarse ruimte voor evenementen is gekozen voor een open, transparant en eerlijk verdeelsysteem op basis van inhoudelijke criteria. Aanleiding hiervoor is dat de afgelopen jaren is gebleken dat de schaarste geen tijdelijke, éénjarige situatie betreft, maar structureel van aard is. Door het opstellen van beleid voor het verdelen van deze schaarste ontstaat duidelijkheid en voorspelbaarheid voor alle belanghebbenden.

8.2 Evenementenkalender Met dit nieuwe beleid krijgt de kalender een tweede, meer beleidsmatige functie. Naast het bieden van een overzicht waarmee hulp,- veiligheids-, en vervoersdiensten hun inzet kunnen afstemmen, wordt de kalender vanaf 2026 ook gebruikt als instrument om schaarse ruimte voor evenementen op 35

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

een eerlijke manier te verdelen. In 2026 zullen organisatoren zich aanmelden voor de kalender van 2027, waarmee het nieuwe beleid daadwerkelijk in werking treedt. De evenementenkalender zal jaarlijks voor het opvolgende evenementenjaar worden vastgesteld door het college.

8.2.1 Doelstellingen evenementenkalender De Evenementenkalender kent twee doelen: 1. Capaciteitscheck openbare orde en veiligheid Het waarborgen van de openbare orde en veiligheid in de stad vraagt om een vroegtijdig inzicht in de risicovolle evenementen die in het aankomende jaar een beroep zullen doen op de openbare ruimte. Evenementen worden bij de start van het vergunningsproces ingedeeld in risicoprofielen 0, A, A+, B, B+ of C (zie paragraaf 7.2). De B-, B+- en C- evenementen vragen vanwege omvang en impact op de omgeving extra aandacht, waarbij vaak een intensieve coördinatie tussen meerdere diensten nodig is. Voor hulp- en veiligheidsdiensten is het essentieel dat risicovolle evenementen tijdig in beeld zijn, zodat een adequate risicoinschatting kan worden gemaakt en de inzet van diensten zoals politie, brandweer en GHOR goed afgestemd kan worden. Naast het inschatten van capaciteit van hulpdiensten geeft de kalender vroegtijdig inzicht in knelpunten in de openbare ruimte, zoals beperkte beschikbaarheid van locaties of risico’s voor mobiliteit, bereikbaarheid en doorstroming, en/of knelpunten door beperkte capaciteit van de politie of andere diensten. 2. Verdelen van schaarse plekken Om het woon- en leefklimaat in Amsterdam en Weesp te beschermen, is het aantal evenementen dat per locatie mag plaatsvinden beleidsmatig beperkt.

De laatste jaren is ook sprake van feitelijke schaarste, omdat het aantal verzoeken voor evenementen het aantal beschikbare plekken voor evenementen overstijgt. Een plek op de kalender is voor risicovolle evenementen een vereiste voor het aanvragen van een evenementenvergunning, waardoor schaarste zichtbaar wordt bij de aanmelding voor de kalender, nog voor de daadwerkelijke vergunningsaanvraag. Dat maakt de kalender een geschikt moment om schaarse ruimte te verdelen. 8.2.2 Verplichte aanmelding van evenementenkalender Op grond van de APV en de nadere regels is het voor evenementen met 1501 en meer bezoekers verplicht om zich aan te melden voor de evenementenkalender5. In het kader van de openbare orde en veiligheid zijn dit evenementen die doorgaans vallen in een risicoprofiel B of hoger en daarmee een grote impact hebben op hulpdiensten, mobiliteit en de leefbaarheid in de stad. Ten aanzien van de verdeling van de schaarste is de verplichting voor aanmelding voor de evenementenkalender vanaf 1501 of meer bezoekers noodzakelijk om te kunnen voorzien in een eerlijke en transparante verdeling van de (potentieel) schaarse ruimte.

5

Zie bijlage 9

36

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

Voor evenementen van 1501 of meer bezoekers is een plek op de evenementenkalender een voorwaarde voor het in behandeling nemen van een vergunningaanvraag. Als een evenement met 1501 of meer bezoekers niet op de evenementenkalender staat, wordt een vergunningaanvraag buiten behandeling gesteld. Een uitzondering hierop geldt voor A en A+ evenementen met 1501 of meer bezoekers. Hiermee wordt tegemoetgekomen aan kleinere, weinig impactvolle evenementen voor wie het niet altijd mogelijk, redelijk of billijk is om de plannen en concepten van een evenement ver van te voren voldoende concreet te hebben uitgedacht. Let wel, tijdens de kalenderprocedure worden veel beschikbare plekken al verdeeld, een A of A+ evenement met 1501 of meer bezoekers dat kans wil maken op een potentieel schaarse plek op de evenementenkalender, dient mee te dingen op een plek door aanmelding voor de evenementenkalender. Het is niet mogelijk om via de uitzondering een vergunningsaanvraag te doen voor een plek waar schaarste is ontstaan die volgens de verdeelmethodiek is toebedeeld aan iemand anders. De uitzondering kan niet geboden worden voor B of B+ evenementen, gelet op de noodzaak voor veiligheids-, hulp- en vervoersdiensten om een voldoende sluitende capaciteitsplanning op te kunnen stellen voor evenementen met een grote impact op de openbare orde en veiligheid en de mobiliteit en het verkeer.

Voordat de evenementenkalender wordt opengesteld wordt geïnventariseerd of er in het opvolgende jaar bijzonderheden zijn die leiden tot knelpunten. Bij het openstellen van de aanmeldperiode worden knelpuntenperiodes expliciet benoemd. Mogelijke knelpunten ontstaan wanneer de capaciteit van de hulp- en veiligheids- en vervoersdiensten onder druk staat. Gedacht kan worden aan grootschalige infrastructurele werkzaamheden, de samenloop van meerdere grote evenementen zoals Pride of SAIL of grote veiligheidsconferenties zoals een NAVO-top. Het wordt organisatoren ontraden om in knelpuntenperiodes hun evenement aan te melden. Er is een aanzienlijke kans dat het evenement geen vergunning krijgt. De knelpunteninventarisatie geeft een indicatie van de mogelijke kans dat een vergunning wordt verstrekt, maar er kunnen geen rechten aan worden ontleent6

8.2.3 Aanmelding van binnen evenementen Evenementen die enkel plaatsvinden in een evenementenlocatie die binnen is, zoals de RAI, Johan Cruijff Arena of het Olympisch Stadion, wordt verzocht geplande evenementen vanaf 1501 bezoekers aan te melden voor de kalender vóór 1 september van het voorgaande jaar. Hoewel binnen-evenementen niet (altijd) vergunningsplichtig zijn (vaak omdat ze opereren onder een doorlopende exploitatievergunning) en hier geen schaarste op kan ontstaan, is het voor de inschatting van de veiligheids-, hulp- en vervoersdiensten belangrijk ook te weten welke binnenevenementen in het jaar zullen gaan plaatsvinden. De aangeleverde informatie zal waar mogelijk ook worden verwerkt aan een nieuw te ontwikkelen evenementendashboard, zodat alle partijen steeds een zo actueel mogelijk overzicht hebben van evenementen in de stad.

6

Zie bijlage 8: Werkwijze inventarisatie knelpunten evenementenkalender

37

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

8.3 Dienstenrichtlijn over schaarste verdeling Het organiseren van een evenement valt onder het verrichten van een dienst in de zin van de Europese Dienstenrichtlijn; organisatoren en personeel organiseren een feest en in ruil voor deze ‘dienst’ ontvangen zij inkomsten, bijvoorbeeld uit de kaartverkoop. Daarmee zijn de Europese Dienstenrichtlijn en de daarop gebaseerde Dienstenwet van toepassing op het vergunningenstelsel voor evenementen en de verdeling van schaarse vergunningen. De Dienstenrichtlijn stelt voorwaarden aan de manier waarop de gemeente Amsterdam schaarste moet verdelen, zodat alle potentiële aanbieders gelijke toegang hebben tot de markt. Een beperking tot die markt voor het verrichten van diensten is alleen toegestaan als er sprake is van een dwingende reden van algemeen belang. Daarbij geldt dat de gekozen maatregel (zoals de verdeling op basis van beoordelingscriteria) geschikt en noodzakelijk moet zijn om dat belang te dienen. Daarnaast schrijft de Dienstenrichtlijn voor dat de procedure voor het verdelen objectief en transparant verloopt. Het verdelen van de schaarste op basis van inhoudelijke criteria is in dit geval noodzakelijk op basis van de dwingende reden van algemeen belang van het beschermen van het stedelijk milieu en culturele beleidsdoelen en het cultuurbeleid.

Op basis van de vastgestelde visie op evenementen in Amsterdam uit 2024 heeft het college de wens uitgesproken om de potentie van evenementen voor de stad beter te benutten, door beter aan te sluiten op de wensen en behoeften van een bredere groep Amsterdammers en Weespers en door, waar dat kan, bij te dragen aan de beleidsdoelstellingen van de gemeente, zoals laagdrempelige cultuurparticipatie, het stimuleren van verbinding en ontmoeting en het creëren van ruimte voor cultuur, creativiteit en innovatie. Het is dan ook de opgave om te zorgen voor een festival- en evenementenaanbod dat evenwichtig, kwalitatief, veelzijdig, vernieuwend en goed gespreid over de stad is. Het is belangrijk dat het aanbod voor zoveel mogelijk Amsterdammers en Weespers aantrekkelijk en toegankelijk is. Dat aanbod is in zijn totaliteit gericht op maximale aansluiting op de bewoners; het is goed gespreid over de stad; bestaat uit een gevarieerd aantal grote, middelgrote en kleinschalige evenementen en festivals en is goed verbonden met de stad en haar cultuur. In die mix is er voor iedereen een evenement, voor elk wat wils en verspreid over alle delen van de stad. Tegelijkertijd blijft het college afhankelijk van het aanbod vanuit de markt. Om deze ambities te realiseren, is besloten tot een samenhangende en geregisseerde aanpak.

Het college heeft besloten om in het geval van schaarste de verzoeken voor plaatsing op de kalender te beoordelen via een vergelijkende toets, in plaats van deze op willekeurige wijze te verdelen via een loting of ‘wie het komt, het eerst maalt’ principe. Daarbij worden de plannen inhoudelijk getoetst aan de vooraf vastgestelde criteria (1) publieksbereik en toegankelijkheid, (2) kwaliteit van het plan en (3) binding met de buurt. Deze drie beoordelingscriteria zijn afgeleid van de vier doelen uit de visie op evenementenbeleid: gevarieerd aanbod, binding met de stad en de inwoners, optimale spreiding over de stad en ruimte voor vernieuwing en experiment. De criteria worden beoordeeld door een onafhankelijke externe adviescommissie. 38

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

Het verdeelsysteem van inhoudelijke beoordeling is noodzakelijk om de beleidsdoelen van het evenementenbeleid daadwerkelijk te kunnen realiseren. Een aselecte methode, zoals een loting, volstaat niet om een divers evenementenaanbod te creëren met ruimte voor nieuwe concepten die een breed publiek aanspreken en daarmee bijdragen aan het woon- en leefklimaat. De aselecte verdeelwijze houdt geen rekening met de inhoud van de evenementen en stimuleert organisatoren niet om vernieuwende programma’s te ontwikkelen die ondervertegenwoordigde doelgroepen bereiken of de binding met de buurt te versterken. Een inhoudelijke beoordeling op basis van de inhoudelijke criteria biedt wel de mogelijkheid om te sturen op een aanbod dat bijdraagt aan het verbeteren van het woon- en leefklimaat in de stad, door onder andere laagdrempelige cultuurparticipatie, het stimuleren van verbinding en ontmoeting, het stimuleren van een divers aanbod en het creëren van ruimte voor cultuur, creativiteit en innovatie. Tot slot leidt de verdeelwijze tot een transparante en controleerbare procedure. Doordat alle aanvragers vooraf weten waarop zij beoordeeld zullen worden, wordt het speelveld gelijkgetrokken. Nieuwe organisatoren hebben met hun verzoek evenveel kans om op de evenementenkalender te komen als gevestigde partijen.

Een organisator maakt het meeste kans op een plek op de kalender als er goed wordt gescoord op de vooraf bekendgemaakte criteria. Bij de verdeling van schaarse vergunningen wordt daarmee voldaan aan het gelijkheidsbeginsel waarmee alle potentiële gegadigden ruimte wordt geboden om mee te dingen naar deze vergunningen.

8.4 Verdeelwijze bij schaarste 8.4.1 Uitvraag Het kalenderproces start met een oproep aan organisatoren om hun evenementen aan te kondigen. Bij de uitvraag is ook aangegeven waar vanuit de stad behoefte aan is. Die behoefte wordt vastgesteld op basis van de evenementenkalenders van voorgaande jaren en de doelgroepen die daarmee bereikt zijn. Voor enkele locaties wordt hier ook de input van lokale adviescommissies bij betrokken. Bij sommige locaties, zoals Museumplein en Westerpark, zijn de afgelopen jaren door stadsdelen adviescommissies ingesteld, die het dagelijks bestuur hebben geadviseerd over de programmering en uitvoering van evenementen. De commissies werden ook gevraagd om het stadsdeel te adviseren over het toedelen van de beschikbare plekken. Bij de invoering van het nieuwe beleid worden deze plekken - indien er schaarste is - stedelijk verdeeld. In dat proces is een belangrijke rol weggelegd voor de stedelijke adviescommissie evenementen. De rol van deze stedelijke adviescommissie is later in dit hoofdstuk te lezen bij paragraaf 8.4.5. In de nieuwe werkwijze wordt de kennis en expertise van de lokale commissies geborgd door jaarlijks vooraf advies in te winnen over evenementen die passend en wenselijk zijn op de betreffende locaties. Die adviezen worden openbaar gemaakt, zodat organisatoren er rekening mee kunnen houden in hun aanvraag.

Wel geldt dat de stedelijke adviescommissie voortaan verantwoordelijk is voor de beoordeling van de aanvragen en voor het opstellen van een advies aan het college van B&W over het verdelen van de plekken. De adviescommissie evenementen wordt 39

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

gevraagd om de evenementen te evalueren en adviezen te geven (aan de stedelijke adviescommissie en aan de vergunningverleners) over kwaliteit en uitvoering van de betreffende evenementen. Zo kan het stedelijke vraagstuk van het verdelen van schaarse ruimte op een uniforme en transparante wijze worden uitgevoerd en kan de ruimte die er is voor evenementen in de stad goed worden toebedeeld, maar blijft tegelijkertijd ruimte voor lokale accenten en het inbrengen van lokale kennis in het proces.

8.4.2 Aanmeldmoment en eerste beoordeling Organisatoren met een evenement van 1501 of meer bezoekers melden zich in april van het jaar voorafgaand aan het jaar waarin het beoogd evenement plaats zouden moeten vinden aan bij de gemeente. Als de aanvraag binnen de gestelde termijn is ingediend, wordt ambtelijk beoordeeld of de aanvraag volledig is en aan alle ontvankelijkheidsvereisten voldoet. Indien er tijdens de vorige editie van het evenement een handhavingsstap is opgelegd die heeft geleid tot het intrekken of weigeren van de (eerstvolgende) evenementenvergunning, zal het evenement niet op de evenementenkalender worden geplaatst of van de kalender afgehaald worden. Vervolgens wordt begin mei ambtelijk beoordeeld of er sprake is van schaarste. Op het moment dat de potentiële schaarste zich in de praktijk niet voordoet, worden alle verzoeken uit die categorie en/of ten aanzien van die specifieke locatie op de concept evenementenkalender geplaatst. Verzoeken waar de schaarste zich wel voordoet, worden verzocht om aanvullende informatie over het evenement aan te leveren, zodat de verzoeken op basis van de inhoudelijke beoordelingscriteria beoordeeld kunnen worden door een onafhankelijke adviescommissie.

8.4.3 Stadsbrede verdeelwijze Er kan in verschillende situaties sprake zijn van schaarste. In algemene zin wordt de schaarste stadsbreed verdeeld. Een uitzondering hierop geldt voor de buurtoverstijgende evenementen. Voor de duidelijkheid en transparantie worden evenementen met de bezoekerscategorie 15013000 aangemerkt als buurtoverstijgende evenementen. Stadsbrede evenementen hebben vanwege hun omvang en aard een grotere impact op de leefomgeving. Ze brengen meer mensen op de been wat zorgt voor extra drukte op straat in het verkeer en openbaar vervoer. Dergelijke evenementen trekken mensen vanuit alle delen van de stad en daarbuiten naar de locatie waar het evenement plaatsvindt. Om te voorkomen dat de impactvolle evenementen zich concentreren in een bepaald stadsdeel of op specifieke locaties is het wenselijk dat de evenementen over de hele stad worden verspreid. Bovendien zijn deze evenementen, vanwege hun stadsbrede (en soms zelfs nationale, of internationale) karakter, minder gebonden aan een specifiek stadsdeel of een specifieke locatie. Een goede spreiding van evenementen draagt bij aan de balans tussen levendigheid en leefbaarheid. Door de evenementen stadsbreed te verdelen worden de evenementen over de stad gespreid, en daarmee ook de aantrekkingskracht voor evenementenbezoekers en de overlast die evenementen kunnen geven voor omwonenden.

Bovendien doet schaarste zich in de praktijk vooral voor bij de stadsbrede (muziek)evenementen die

40

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

concurreren voor dezelfde plekken en de daaraan gekoppelde geluidsdagen. Door deze aanvragen stadsbreed te bekijken, kan beter gestuurd worden op een afwisselend en evenwichtig aanbod voor de hele stad. De schaarste wordt beoordeeld per bezoekerscategorie. Indien de schaarste zich voordoet binnen de stadsbrede evenementen (vanaf 3.001 bezoekers) worden deze verzoekers tevens in de gelegenheid gesteld om hun aanvraag aan te vullen met tweede en derde locatie waar zij hun evenement eventueel zouden kunnen organiseren. Dit vergroot de kans op plaatsing op de evenementenkalender, mocht de eerste voorkeurslocatie ingevuld worden door evenementen met een hogere score. De aanvulling met een tweede of derde voorkeurslocatie is niet verplicht. Als een organisator ervoor kiest om geen alternatieve locaties in te dienen, dan wordt dit opgevat als een bewust risico dat door de organisator wordt genomen om óf op de voorkeurslocatie geplaatst te worden óf om geen plek op de evenementenkalender te krijgen en op de reservelijst te worden geplaatst. Buurtoverstijgende evenementen zijn gericht op bezoekers uit meerdere buurten en daarmee verbonden met de bewoners uit de buurt, wijk of stadsdeel/stadsgebied of aan een specifieke plek. Bij buurtoverstijgende evenementen zal het daarom een groot verschil maken in welk stadsdeel en op welke locatie zij plaatsvinden.

Het is denkbaar dat een evenement niet uitvoerbaar is op een andere locatie. Daarom is ervoor gekozen om de schaarste bij buurtoverstijgende evenementen te beoordelen per locatie. Er wordt per locatie gekeken of in de bezoekerscategorie op die locatie sprake is van schaarste. Indien schaarste zich voordoet binnen de categorie 1501 tot 3000 bezoekers van buurtoverstijgende evenementen, dan krijgen deze evenementen gedurende twee weken de tijd om samen tot een verdeelplan te komen, waar alle concurrerende verzoekers zich in kunnen vinden. Na afloop van deze periode laten betrokken partijen aan het college weten of er overeenstemming is bereikt. Als niemand meldt dat er géén overeenstemming is, gaat het college ervan uit dat de verzoeken conform de gemaakte afspraken kunnen worden geplaatst op de conceptkalender. De periode om tot een verdeelplan te komen loopt gelijktijdig met de vier weken termijn om aanvullende stukken aan te leveren voor de beoordeling door de adviescommissie (uiterlijk tot aan het einde van de eerste volledige week van juni). Als het lukt om tot een verdeelplan te komen, dan is de schaarste opgelost. Als er geen akkoord wordt gesloten, dan worden de aangevulde plannen alsnog ter beoordeling voorgelegd aan de adviescommissie.

8.4.4 Soorten schaarste Schaarste kan zich op verschillende manieren voordoen: 1. Bezoekerscategorieën 2. Specifieke locaties 3. Geluidsdagen 4. Datum

41

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

Bezoekerscategorieën Ten eerste kan er sprake zijn van schaarste binnen de bezoekerscategorie. In het geval dat het aantal ingediende verzoeken binnen een bezoekerscategorie het maximumaantal evenementdagen overschrijdt, zoals vastgesteld in de locatieprofielen of het geldende beleid, is sprake van schaarste in die categorie. Voor stadsbrede evenementen worden bij schaarste de aanvragen voor alle locaties in de stad binnen die categorie schaars. Voor buurtoverstijgende evenementen betekent dit concreet dat er binnen de bezoekerscategorie schaarste ontstaat op de specifieke locatie (zie ook: specifieke locaties). Specifieke locaties De tweede vorm van schaarste doet zich voor op specifieke locaties. Dit is alleen van toepassing op kleine evenementen (tot en met 3.000 bezoekers) die in de meeste gevallen meer locatiegebonden zijn (voor en door de buurt georganiseerd). Wanneer de ingediende verzoeken in een bezoekerscategorie op één locatie het aantal toegestane evenementdagen op die locatie overstijgt, is sprake is van schaarste op die specifieke locatie. Geluidsdagen Een derde vorm van schaarste ontstaat wanneer alle aangemelde evenementen op basis van het aantal toegestane dagen passen op een locatie, maar er meer verzoeken met een geluidsontheffing zijn ingediend dan toegestaan.

Schaarste op geluid kan zich alleen voordoen als het totaal aantal geluidsdagen wordt overschreden zonder dat het totaal aantal beschikbare evenementdagen wordt overschreden. In dit geval worden de evenementen zonder geluidsdagen direct op de evenementenkalender geplaatst en worden alleen de verzoeken die een geluidsontheffing willen als schaars gezien. In de verdeelwijze worden verzoeken die schaars zijn wat betreft de geluidsdagen stadsbreed verdeeld over de stad. Datum Tot slot kan er schaarste ontstaat op datum. Dit doet zich voor als twee of meer ingediende verzoeken zijn ingediend voor dezelfde locatie en voor dezelfde dagen of op dagen die te kort op elkaar volgen en daarmee niet voldoen aan verplicht gestelde rusttijden. Dit kan zich voordoen tussen verzoeken uit dezelfde bezoekerscategorie of tussen verzoeken uit verschillende bezoekerscategorieën. De verzoeken krijgen twee weken de tijd om samen tot een oplossing te komen door een van de evenementen te verplaatsen naar een nog beschikbare datum op de locatie. Als geen onderlinge overeenstemming wordt bereikt, dan krijgt bij verzoeken binnen dezelfde categorie het verzoek met de hoogste score voorrang. Bij verzoeken uit verschillende categorieën is het niet mogelijk om op basis van score aan te wijzen wie voorrang heeft. In dit geval wordt het verzoek uit de grootste categorie als eerste de datum kiezen.

8.4.5 Adviescommissie Het college stelt een onafhankelijke externe adviescommissie evenementen samen. Deze commissie heeft als taak het college te adviseren over de verzoeken voor de evenementenkalender. Dit advies zal bestaan uit het aanleveren van een ranglijst per bezoekerscategorie en/of per locatie op basis van de vooraf gestelde beoordelingscriteria waarbij het evenement met de meeste punten binnen de 42

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

categorie als eerste zal worden geplaatst op de evenementenkalender. De adviescommissie adviseert alleen in het geval van schaarste. De adviescommissie bestaat uit minimaal drie en maximaal vijf leden. De leden worden op persoonlijke titel benoemd en mogen geen belangen hebben in de Amsterdamse evenementensector. Zij worden voorgedragen door een ambtelijke selectiecommissie. De adviescommissie wordt ambtelijk ondersteund in haar taken door het Stedelijk Evenementenbureau, maar ambtenaren hebben geen zeggenschap over de adviezen.

8.4.6 Beoordelingscriteria Om, in gevallen van schaarste, tot een transparante en onderbouwde keuze te komen welke evenementen een plek krijgen op de kalender, zijn inhoudelijke beoordelingscriteria opgesteld. Deze criteria sluiten aan bij de visie Amsterdam Bruisende Stad en bij de ambitie van het college om het verdelen van de evenementenlocaties niet alleen eerlijker, maar ook doelgerichter in te zetten. De inhoudelijke toets bestaat uit drie hoofdcriteria: publieksbereik en toegankelijkheid (max. 62 punten), kwaliteit van het plan (max. 50 punten) en binding met de stad of buurt (max. 60 punten). De puntenweging is niet gelijk verdeeld, omdat sommige aspecten – zoals toegankelijkheid en lokale betrokkenheid – zwaarder wegen in het licht van het publieke belang dat met het evenementenbeleid wordt nagestreefd. Publieksbereik en toegankelijkheid (maximaal 62 punten) Het onderscheidend vermogen in de publieksbereik en toegankelijkheid (in de breedste zin van het woord) van het evenement valt binnen de dwingende reden van belang van het woon- en leefklimaat, de leefbaarheid en het cultuurbeleid, doelstellingen op het gebied van sociaal beleid en handhaving van de maatschappelijke orde.

Het doel is om evenementen binnen de stad niet alleen aantrekkelijker te maken voor verschillende doelgroepen, maar ook om er zorg voor te dragen dat niemand uitgesloten wordt en iedereen de mogelijkheid heeft om naar een evenement toe te kunnen en zich daar ook welkom en veilig voelt. Dat draagt bij aan de leefbaarheid van Amsterdam. Kwaliteit van het plan (maximaal 50 punten) Onderscheidend vermogen in kwaliteit van het plan valt binnen de dwingende reden van algemeen belang van bescherming van het woon- en leefklimaat en het cultuurbeleid. Evenementen brengen mensen samen rondom kunst, muziek, verhalen en activiteiten. Doordat ze bijdragen aan verbinding tussen personen en groepen en tussen mensen en de stad, hebben evenementen en festivals een grote sociaal-maatschappelijke waarde. Waar mensen live bij elkaar komen om (muziek)cultuur samen te beleven, ontstaan nieuwe contacten en sociale netwerken. Ze creëren plekken van ontmoeting en beleving, waarin cultuur laagdrempelig en tastbaar is. In een diverse en dynamische stad als Amsterdam dragen evenementen bij aan het zichtbaar maken van verschillende stemmen, verhalen en vormen van expressie – van lokaal talent tot internationale makers. Amsterdam streeft naar een aanbod dat past in de ambitie die Amsterdam heeft als cultuurstad en creatieve broedplaats.

Onderscheidende evenementen binnen de discipline of genre draagt bij aan

43

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

een gevarieerd en verrassend festival- en evenementenlandschap waarin ruimte is voor nieuwe perspectieven, verhalen en vormen van expressie. Festivals en evenementen kunnen verschillende uitingen van cultuur of kunst met elkaar verbinden en vormen daarmee betekenisvolle plekken voor bezoekers van alle leeftijden, interesses en culturele of sociaaleconomische achtergronden – van trouwe festivalgangers tot nieuwsgierige omwonenden. Door organisatoren actief uit te nodigen hun concept en de meerwaarde ervan te beschrijven, stimuleert de gemeente een evenementenaanbod dat creatief, vernieuwend, inclusief is en van hoge artistieke kwaliteit centraal stelt. Binding met de stad en/of buurt (maximaal 60 punten) Het onderscheidend vermogen voor binding met de buurt of stad valt in de dwingende redenen van algemeen belang van bescherming van het woon- en leefklimaat, de leefbaarheid en het cultuurbeleid. Door middel van het (actief) betrekken van de buurt, samenwerking met instellingen en bewoners en aandacht voor bijvoorbeeld talentontwikkeling bestaat de mogelijkheid tot inspraak en een vorm van coproductie bij het evenement. Evenementen kunnen daarom functioneren als een instrument voor gewenste ontwikkeling in de stad. Dat komt ten goede aan de leefbaarheid van de stad.

Met dit criterium wordt beoordeeld in hoeverre een evenement rekening houdt met de buurt, de omwonenden uit de buurt en de directe (ruimtelijke) omgeving. Dit kan bijvoorbeeld door samen te werken met lokale ondernemers, culturele initiatieven of onderwijsinstellingen. Met dit criterium worden organisatoren daarnaast gestimuleerd de buurt goed te informeren, vrijwilligers uit de buurt te betrekken bij de organisatie van een evenement of iets extra’s te bieden voor de buurt(bewoners). Het evenement kan iets bijzonders te bieden hebben aan jongeren uit de buurt, zoals een podium voor lokale startende artiesten of zich inzetten voor talentontwikkeling voor jongeren uit de buurt. Ook worden organisatoren gestimuleerd om zich in te zetten voor talentontwikkeling en innovatie. Denk aan jonge, nieuwe talenten (artiesten, organisatoren, koks, managers die nog in opleiding of ontwikkeling zijn), nieuwe technologie of het aangaan van een samenwerking, dan wel het bieden van hulp aan een groeiend evenement in ontwikkeling. Ook kan gedacht worden aan een investering aan de locatie, zoals aan het onderhoud van de locatie wat bijdraagt aan duurzaamheid of groen in de omgeving en de overlast voor direct omwonenden beperkt. Deze initiatieven dragen bij aan een wederkerige relatie tussen evenement en de buurt.

Culturele doelgroepenmodel In Amsterdam en Weesp vinden we het belangrijk dat evenementen toegankelijk en aantrekkelijk zijn voor alle Amsterdammers en Weespers. Bij het criterium publieksbereik en toegankelijkheid wordt daarom gebruik gemaakt van het Culturele Doelgroepenmodel. Dit model helpt inzichtelijk te maken welke publieksgroepen momenteel worden bereikt en welke nog ondervertegenwoordigd zijn. Op basis van levensfase, demografie, socio-economische kenmerken, media-en internet gebruik en culturele interesses en gedrag onderscheidt het model elf culturele doelgroepen die zijn ingedeeld in drie hoofdgroepen: Intensief, Medium en Licht cultureel betrokken publiek. Voor organisatoren van evenementen met 6.001 bezoekers of meer stelt de gemeente het verplicht om jaarlijks een publieksonderzoek te doen met dit model. De grens van 6.001 bezoekers is gekozen, omdat vanaf deze categorieën de evenement- en geluidsdagen veelal schaars zijn, waardoor de kans groot is dat deze gegevens nodig zijn voor het verdelen van de schaarse ruimte. Het 44

Gemeente Amsterdam Eventueel organisatieonderdeel

Versie Staf/PHO 1 mei 2025

Concept Evenementenbeleid 2026

publieksonderzoek geeft inzicht in welke groepen in voorgaande jaren worden bereikt en welke met het evenementenaanbod nog ondervertegenwoordigd zijn. Daarnaast wordt de uitkomst van het publieksonderzoek ook betrokken bij de uitvraag voor het daaropvolgende jaar. Bij de opening van de inschrijfperiode wordt inzichtelijk gemaakt welke doelgroepen het jaar ervoor niet of nauwelijks zijn bereikt. Evenementen die zich in hun plan specifiek richten op deze ondervertegenwoordigde groepen, kunnen daarmee extra punten verdienen bij de beoordeling van de criteria rondom publieksbereik.

8.4.7 Beoordeling en ranglijst Na ontvangst van de aanvragen beoordeelt de adviescommissie de verzoeken per bezoekerscategorie op basis van de beoordelingscriteria. Elk verzoek krijgen een puntenscore toegekend. Op basis van deze scores stelt de commissie ranglijsten op. Afhankelijk van de aard van de schaarste zijn er drie typen ranglijsten: op categorie, op geluid of op specifieke locaties. Voor alle evenementen in de bezoekerscategorieën vanaf 3.001 bezoekers stelt de adviescommissie een ranglijst per categorie op. Deze categorieën worden namelijk stadsbreed verdeeld, waarbij de evenementen, afhankelijk van het behaald aantal punten, op de drie opgegeven voorkeurslocaties (of op de reservelijst) kunnen worden geplaatst. De toewijzing gaat op volgorde van puntenscore beginnend bij evenement met de hoogste score die op de voorkeurslocatie wordt geplaatst. Bij buurtoverstijgende evenementen (in de bezoekerscategorieën tot en met 3.000 bezoekers) ontstaat schaarste per bezoekerscategorie op specifieke locaties. In die gevallen wordt een ranglijst opgesteld per locatie in de betreffende categorie. Er kunnen dus meerdere ranglijsten per categorie zijn, elk voor een andere locatie. Tot slot kan het voorkomen dat er geen schaarste is in het totaal aantal beschikbare plekken op een locatie of in een categorie, maar wel voor het aantal geluidsdagen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15611953/1