CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 241001_Vernieuwingsplan_Wildemanbuurt_Inspraakversie.pdf

Raadscommissie Ruimtelijke ordening 23 oktober 2024, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Kennisnemen van de vrijgave voor inspraak concept Vernieuwingsplan Wildemanbuurt in stadsdeel Nieuw-West (VN2024-014195)28.145 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

1. De kroon: stad van de toekomst De kroon symboliseert de toekomst; innovatie en duurzaamheid. Het is ook de plek waar je als bewoners kan terug trekken van het leven op straat. De kroon kan een dak zijn met een elegante vorm, een terugliggende gevel met een eigen expressie of een sierlijke bekroning. Witte uitstekende daklijsten zijn vrijwel overal terug te vinden. De kroon voegt stijl toe en maakt het gebouw visueel interessant. Er zijn hier grote ramen zodat het licht kan binnenstromen. Zonnepanelen, groene daken, regenwateropvang vinden hier een plek. We maken gebruik van lichtere materialen: hout, glas, pannen en moderne metalen. Een frisse uitstraling die past bij een dynamische stad. Bij de hoogbouw aan de Ookmeerweg hebben de hogere lagen nadrukkelijk ook een rol als landmark naar het landschap en sportpark Ookmeer.

2. Het midden: verbinding met de buurt Dit is waar de meeste bewoners wonen en levens zich afspelen in lichte en ruime woningen met buitenruimtes van hoge kwaliteit. Per strook zijn er één of twee hoofdkleuren metselwerk. Het metselwerk in warme tinten is verrijkt met kleuraccenten en (prefab-) sierelementen. Een harmonieuze uitstraling met en ritme van kleinere en grotere glasvlakken maakt het midden regelmatig en rustig. Spiegelsymmetrie, ritme en herhaling en andere referenties aan de naoorlogse architectuur zijn hier zichtbaar. Ramen bij trappenhuizen, loggia's en balkons verlevendigen de gevel. Door variatie in hoogte en diepte ontstaat er een boeiend straatbeeld. Er zijn lichte verspringingen in de gevels of subtiele reliëfs.

3. De plint: mensgericht ontworpen De onderste lagen (begane grond en eerste verdieping) van het gebouw hebben een stevige basis. We noemen deze onderste lagen de plint. Dit is waar het gebouw contact maakt met de grond. Voor de mensen die langslopen en er wonen geeft de plint karakter aan het gebouw. De kernwaarde mens betekent dat er meer ruimte is voor individuele expressie en unieke architectonische ingrepen. Er is veel variëteit, in kleur, gevelopeningen en materialen. Denk aan kleurrijke, gedetailleerde gevels met karakter. Er is bijzonder metselwerk, speciale gevelbekleding zoals tegels of unieke deuren, deurknoppen die de variatie aan persoonlijkheden van alle bewoners weerspiegelen. Verlichte, zorgvuldig vormgegeven entrees en gemeenschappelijke ruimtes waar mensen elkaar ontmoeten zorgen voor sociale veilgheid. De vormgeving van de plint kan af en toe naar boven worden doorgetrokken. Schetsmatige uitwerking van plint, midden en kroon Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 33

Individuele expressie en kleur in de plint Wanneer je door de straten wandelt, spelen de plinten (de begane grond en af en toe de eerste verdieping) van de stroken een belangrijke rol. De plinten en entrees bepalen de eerste indruk die een gebouw maakt. Ze nodigen je uit om binnen te stappen. Ze zijn niet alleen functioneel, maar ook esthetisch van groot belang omdat ze de voorbijganger een indruk geven van de veelzijdigheid van de buurt. Daarom zijn de plinten in de Wildemanbuurt kleurrijk en afwisselend. De plinten vormen een stevige basis van de gebouwen; levendig met een vleugje allure. In de plint bevinden zich voordeuren en ramen van woningen op de begane grond, maar ook collectieve voorzieningen en werkplekken. De gevels van de woningen in de plint zijn gevarieerd. Per strook wordt verregaande diversiteit in de plint verwacht. Ramen hebben verschillende groottes, deuren wisselen in uiterlijk en de variëteit in kleur en metselwerkverbanden is groot. Ronde, en niet orthogonale vormen zijn mogelijk, evenals verwijzingen naar de verschillende culturen in de wijk. Kunstzinnige en wellicht humoristische accenten roeren de voorbijganger. De collectieve entrees krijgen extra aandacht. Ze zijn het voorportaal naar de gemeenschappelijke entree, trappen en gangen. Ze bevinden zich op strategische plekken, zodat je ze vanuit de openbare ruimte gemakkelijk kunt vinden.

De architectuur is hier verbijzonderd. Denk aan subtiele reliëfs, keramische tegels of kleuraccenten die de aandacht trekken. Bij het ontwerp van de woningen op de begane grond en beletage staat de overgang tussen openbaar en privé centraal. We willen ervoor zorgen dat bewoners optimaal kunnen genieten van hun woonruimte, met aandacht voor lichtinval, plattegrond en privacy. Dat betekent dat ramen van woningen aan de straatzijde vrijwel altijd een borstwering hebben. De architecten laten zich niet enkel inspireren door de fysieke geschiendeis van de wijk, maar ook door de rijkdom aan culturele achtergronden van de bewoners. Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 34

Van alle kanten mooi In de jaren '60 was bezonning een cruciale factor in het bouwproces. De stedenbouwkundige opzet richtte zich op de zon. Dit ging soms ten koste van andere overwegingen zoals een verschil tussen de openbare straatzijde en de meer privatere achterzijde. Ook hier geven we een twist aan deze principes. Bezonning vormt de leidraad voor de indeling van de plattegronden. ₋ Noordelijke en oostelijke zijden zijn meer naar binnen gekeerd en dichter. Hier bevinden zich de galerijen. Private buitenruimtes zoals stoepen zijn hier kleiner en meer stedelijk ingericht. ₋ Zuidelijke en westelijke zijden zijn meer naar buiten gekeerd. Hier bevinden zich de balkons. Voortuinen en tuinen zijn hier groen ingericht. Er is een verschil tussen de formelere straatzijde en de informele binnenhofzijde. ₋ Aan de binnenhofzijde is meer een lichtere tuinzijde. Aan de binnenhofzijde heerst een lichtere sfeer, alsof je in onder een pergola zit of er doorheen wandelt. Galerijen en balkons zijn hier licht en open, omringd door groen. ₋ Aan de straatzijde daarentegen vormen de gebouwen een stevige stedelijke wand. Privacy staat voorop. Galerijen zijn dichter en zwaarder, terwijl balkons juist beschutting bieden tegen nieuwsgierige blikken.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 35

Noordelijke en oostelijke straatzijde Noordelijke en oostelijke binnenzijde Zuidelijke en westelijlke straatzijde Zuidelijke en westelijlke binnenzijde

Elke straatwand is afwisselend Dynamisch straatbeeld De straten in de Wildemanbuurt zijn afwisselend. Dat komt omdat elke strook visueel is opgeknipt. De gevels zijn niet over honderden meters hetzelfde, maar zijn steeds verschillend. Zo kunnen erkers, bijzondere trappenhuizen en balkons de lengte van de gevels doorbreken. De rooilijn verspringt naar voren en naar achteren, waardoor een dynamisch straatbeeld ontstaat. Elke strook vormt een duidelijke eenheid maar kent daarbinnen zo veel mogelijk variatie. ₋ Elke strook is een architectonische eenheid met hetzelfde basismateriaal. Het middendeel met twee afwijkend vormgegeven koppen vormen de basis. ₋ Er is nadrukkelijk meer plastiek in de gevels dan in de soberder naoorlogse architectuur vaak het geval is. ₋ Stroken worden meermalen verticaal opgedeeld in een meer menselijke maat, bijvoorbeeld met knip of uitkragend of terugliggend trappenhuis. Verticale geleding ontstaat door trappenhuizen, balkons en andere functionele elementen. Dit geeft de bebouwing identiteit en herkenbaarheid. ₋ Per stapeling van woningen kan de indeling van de gevel wisselen. Dit draagt bij aan een levendig en gevarieerd straatbeeld. ₋ Galerijen zijn nooit over de gehele lengte precies hetzelfde vormgegeven, er is altijd afwisseling. ₋ Op de begane grond, bij de koppen en de gemeenschappelijke entrees is ruimte voor ornamentiek.

Bijzonder metselwerk, tegelmozaieken en kunstwerken maken de buurt levendig en uitnodigend.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 36

Koppen Bij het ontwerp van gebouwen spelen kopgevels een belangrijke rol. Deze gevels bevinden zich aan de uiteinden van de bouwstroken en hebben een eigenzinnige vormentaal die zich onderscheidt van de langsgevels. ₋

₋ ₋

₋

₋

Elke strook heeft twee kopgevels. Deze gevels grenzen meestal aan de openbare ruimte, soms aan een doorgang naar een binnenhof en soms sluiten ze aan op een ander gebouw. In dit laatste geval zijn ze niet of nauwelijks zichtbaar. Koppen zijn afwijkend vormgegeven van de langsgevels. Bij voorkeur zijn kopgevels extra expressief. Denk aan open gevels waarin buitenruimtes zijn opgenomen, of asymmetrische gevels. Bijzondere kleuren of schilderingen zijn ook een mogelijkheid. Kopgevels bij de doorzichten naar de grote hoven krijgen extra decoratieve elementen en gevelopeningen. Af en toe zijn deze kopgevels begroeid. Stroken die van noord naar zuid zijn getekend, worden in de kopgevel verjongd qua volume. Dit zorgt ervoor dat het silhouet van het gebouw vanaf de zijkant minder massief oogt. Dezelfde verjongingstechniek komt ook terug in de stroken van de Ookmeerweg.

Hoogbouw aan de Ookmeerweg Aan de Ookmeerweg verrijzen gebouwen van 11 lagen hoog. Dit betekent dat zij al van verre te zien zijn, en een van de visitekaartjes vormen van de buurt. Bij het ontwerpen van de gevels moet dus nadrukkelijk rekening gehouden worden met het beeld dat de gevels op lange afstand geven. Aandacht voor het silhouet (het daklandschap) is daarbij belangrijk. Een tweede aandachtspunt bij deze hoogbouwstroken is de gewenste plasticiteit in de gevels. Deze kan bereikt worden met erkers, balkons, verbredingen van de galerij en plastiek in de architectuur van de gevels.

Aan de zuidelijke en westelijke zijden van de straat zijn gevarieerde gevels met balkons en erkers. Verspringingen en een verticale geleding met spiegelsymmetrie delen de lengte van de stroken op. De balkons en loggia's geven genoeg privacy en beschutting. Het metselwerk heeft een warme grondtoon en is verrijkt met kleur. Jeanne Dekkers Zoetmulder

Rohmer/van der Pol architecten

Springtij Architecten

Marlies Rohmer

Aan de noordelijke en oostelijke zijden van de straat zijn de galerijen geplaatst. De galerijen zijn onderdeel van het gebouwde volume. Materialen zijn hier warm en stevig. Ook hier wordt de horizontaliteit onderbroken met verticale elementen. Hekken van galerijen zijn afwisselend en nooit over de hele galerij precies hetzelfde. Dok architecten ©ArjenSchmitz

Petitdidierprioux

Kort Thielens

Geurst en Schulze©ArjenSchmitz architecten Dok architecten

Aan de zuidelijke en westelijke zijden van de hof is er ruimte voor grote balkons in een tuinrijke, pergola achtige setting. Er is een duidelijke verwijzing naar de lichtheid uit de naoorlogse jaren, maar deze is verrijkt met een speelsheid en eigenheid.

Mica

Moke Architecten

MVRDV

Ordine Architecti

Aan de noordelijke en oostelijke zijden van de hof zijn lichte galerijen met ruimte om te ontmoeten. Lichte materialen, lichte kleuren, lichte constructie, refereren aan de naoorlogse architectuur, maar voegen daar een laag aan toe: ontmoeting en diversiteit. Hekken van galerijen zijn afwisselend en nooit over de hele galerij precies hetzelfde. GAAGA

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 37

Jeanne Dekkers Zoetmulder

Studio Ard Hoksbergen

Zijde kwartier Architecten

Mei architcten

Extra aandacht voor materiaalgebruik en elementen De Wildemanbuurt heeft haar voeten in het verleden, maar kijkt naar de toekomst. De materialen weerspiegelen dit in de vorm van duurzame bakstenen, prefab elementen en duurzame materialen die mooi verouderen. Het materiaalgebruik sluit aan op Nederlandse architectuurstromingen uit de jaren '60 waarin moderne en traditionele bouwmaterialen en methoden gecombineerd werden.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 38

Materiaalgebruik ₋ Het basismateriaal voor de gevels vormt de baksteen. Het wordt gestimuleerd om duurzame varianten toe te passen, zoals hergebruikte bakstenen en bakstenen met minder volume. ₋ Elke gebouw (per strook) heeft één hoofd steensoort. Het metselwerk wordt gebruikt in verschillende verbanden en heeft ook een ornamentieke rol. ₋ In de gevels worden ook andere materialen gebruikt. Deze zijn duurzaam geproduceerd en verouderen mooi. Te denken valt aan geglazuurde tegels, puien met reliëf etc. Unieke details op bijzondere plekken, zoals decoratieve kroonlijsten zijn mogelijk. ₋ Er wordt over het algemeen geen schoon beton in de gevels gebruikt, omdat dit zeer onzuiver veroudert. ₋ Hierbij wordt nadrukkelijk gezocht naar duurzame varianten van de te gebruiken materialen. ₋ De materialen moeten in de ontwikkeling als geheel bijdragen aan de materiaalgebonden CO₂-uitstoot en de Milieprestatie Gebouwen (MPG), volgens Het Nieuwe Normaal. Denk hierbij aan het verminderen van materiaalgebruik, het hergebruiken van bestaande materialen of het toepassen van biobased materialen. Enkele voorbeelden zijn houten (hout/ aluminium) kozijnen, (hergebruikt) hout, biocomposiet gevelbanden, prefab gevelelementen, hergebruikte bakstenen en innovaties zoals CO₂ -negatieve gevelsteen, Stone Cycling, WasteBasedBricks of compressed earth blocks eventueel in combinatie met stucwerk.

₋ Duurzame constructies, installaties en afbouwpakketten. Minerale steenstrips en kunststof gevelbekledingen zijn niet toegestaan. ₋ materialen die niet mooi verouderen zoals schoon prefab beton, betonnen banden etc worden vermeden.

Elementen Er wordt meer rijkdom gezocht in de toepassing en uitwerking van verschillende elementen. Elementen spelen een belangrijke rol in de waardering en herkenbaarheid van gebouwen. Hierin wordt in ieder geval meer aandacht gevraagd voor de uitwerking van de entrees, trappenhuizen, hekwerken en balustraden, daken en decoratieve elementen. Gemeenschappelijke entrees ₋ Gemeenschappelijke entrees geven identiteit aan een gebouw. Voor de entrees geldt een verregaande onderscheidende kwaliteit waar mensen trots op kunnen zijn en zeer herkenbaar zijn. ₋ Gemeenschappelijke entrees zijn uniek, maar zijn per bouwveld wel familie van elkaar qua materiaalgebruik en kleur. ₋ De entrees krijgen een warme en fijne materialisatie. Tegelijkertijd zijn de materialen doelmatig, sterk en netjes, roestvast en onderhoudsarm. ₋ Brievenbussen zijn onderdeel van de entree en architectonisch vormgegeven. Trappenhuizen ₋ Trappenhuizen zijn plekken van ontmoeting. Beeldtechnisch vormen zij verticale elementen in de gevels waardoor deze verticaal worden opgedeeld. ₋ Trappenhuizen zijn altijd zichtbaar in de gevel en spelen hierin een belangrijke rol. ₋ Er wordt extra aandacht gegeven aan de verlichting in de trappenhuizen, waarbij warmte en fijn thuis komen de aandacht heeft. Hekwerken en balustrades ₋ Er is een grote varieteit in de buitenruimtes: balkons, loggia's, patio's, veranda's.

De balkons hebben voldoende plek om te verblijven en bieden beschutting tegen wind en

₋

₋ ₋ ₋

inkijk. Hekwerken (zowel op balkons, galerijen als in de openbare ruimte en de hoven) geven identiteit en zelfs frivoliteit aan de bebouwing. Ze zijn als een kunstwerk ontworpen voor het gebouw of de locatie waar ze komen te staan. Balkonhekken geven voldoende privacy, met name aan de straatzijde. Balkonhekken zijn niet doorvlechtbaar. Galerijbalustrades en hekken kennen een enorme variatie en zijn nooit over de gehele lengte precies hetzelfde, maar volgen meer de korrel van een of enkele woningen.

Daken ₋ Buitenruimtes op het dak voegen zich naar het gebouw en zijn passend in de architectonische vormgeving van het gebouw. ₋ Lage daken (daken waarop gekeken wordt vanaf hoger gelegen woningen) worden met name groen ingericht met ecologische meerwaarde. Eventueel kan dit gecombineerd worden met zonnepanelen. ₋ Ook op hoge daken komen vooral zonnepanelen of andere duurzame installaties. Eventueel kan dit gecombineerd worden met groene daken. ₋ Er is extra aandacht voor het daklandschap van de hoge bebouwing aan de Ookmeerweg. Dit is vanaf grote afstand zichtbaar. Alle elementen worden weloverwogen geplaatst en bijvoorkeur ingebouwd. Decoratieve elementen ₋ Bewoners hebben meermaals aangegeven dat ze een herkenbare en onderscheidende woonbuurt willen met meer identiteit. Gedurende het project is deze ambitie vertaald naar het mogelijk toepassen van gestileerde verwijzingen naar de identiteiten van de Wildemanbuurt, Osdorp, Nieuw-West, Amsterdam en/of de (vroegere) Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 39

bewoners. Deze locatiegebonden architectuur zou dan kunnen gaan over geabstraheerde patronen, subtiele verwijzingen en details in de gevels en/of bijzondere elementen. Tegelijkertijd is het uitdrukkelijk verzoek aan de te betrekken architecten om verder te onderzoeken hoe op een passende manier invulling kan worden gegeven aan deze wens van de bewoners.

2.5 Openbare ruimte Een leefbare groene Wildemanbuurt Grote bomen, groene hoven en een groene oever aan de gracht. Dat zijn de bestaande groene kwaliteiten van de Wildemanbuurt. De Wildemanbuurt krijgt meer woningen, dat extra oppervlakte vraagt in de openbare ruimte. In de nieuwe Wildemanbuurt willen we het groene karakter zoveel mogelijk behouden en versterken, we zetten in op: ₋ Meer groen op ooghoogte ₋ Groene overgangen tussen gevel en straat (margezones) ₋ Betere groeiplaatsen voor de bomen zodat ze gezonder en mooier kunnen blijven groeien ₋ Meer biodiversiteit door variatie in groen en verhoging van natuurwaarden ₋ Klimaatadaptatie door gedeeltelijke afwatering naar groenvakken (doorlatende verharding als mogelijk) en veel bomen voor verkoeling door schaduw en verdamping ₋ Eén grote, zo groen mogelijke ontmoetings- en speelplek voor de buurt, door de speelplekken aan elkaar te koppelen en een aantal wegen eruit te halen. ₋ Grasrijk in te richten als parkplein door parkeerplaatsen eruit te halen en - natuurvriendelijker - in te richten met wandelpad en sportplekken. ₋ Kleine speelplekken voor jonge kinderen in de hoven en tussenstraten. We streven hiermee naar een leefbare en gezonde toekomstbuurt voor mens en dier. In dit hoofdstuk is verder beschreven en verbeeld hoe we dit willen gaan bereiken.

Ontwerp Voor een kwalitatief goede, fysieke inrichting van de openbare ruimte van Amsterdam, die ook op lange termijn te onderhouden is, is de Leidraad Centrale verkeers Commissie Amsterdam en de Puccinimethode leidend. Daarbij is de toegankelijkheid en bereikbaarheid van de woning en de diverse voorzieningen in de buurt van belang en draagt een Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 40

heldere structuur bij aan het juiste, gewenste gebruik van de verschillende ruimtes. In de volgende fase van het plan wordt rekening gehouden met voldoende ruimte voor o.a. bomen en groen, parkeren, leidingen, oplaadpunten, fietsparkeren (incl. bakfietsen, scootmobielen en scooters), klimaatadaptatie, waterberging en ondergrondse afvalcontainers. In deze paragraaf worden per aspect de uitgangspunten toegelicht met een bijbehorend kaartje. In de huidige Wildemanbuurt is een moestuin die wordt onderhouden door buurtbewoners. Ook is er een aantal speeltoestellen dat in eigendom is van deze buurtbewoners. In de nieuwe plannen voor de openbare ruimte zal gezocht worden naar een nieuwe plek voor de moestuin en de speelstoestellen. Dit is bij voorkeur in de buurt. Kunst in de openbare ruimte Amsterdam kent een traditie waarbij kunst geïntegreerd wordt in de ontwikkeling van nieuwe gebieden. Dat gebeurde al ten tijde van het Plan Zuid van Berlage, de Westelijke Tuinsteden van het Amsterdamse Uitbreidingsplan en het Oostelijk Havengebied in de jaren negentig. Bij de inrichting van de Wildemanbuurt zal ook geïnvesteerd worden in kunst in de openbare ruimte. Om te garanderen dat kunst uiteindelijk een plek krijgt in de ontwerpen van nieuwe gebieden, moet kunst zo vroeg mogelijk in de planvorming van de Wildemanbuurt worden meegenomen.

In de verdere uitwerking en besluitvorming van de plannen voor de Wildemanbuurt zal aangegeven moeten worden hoe kunst geïntegreerd gaat worden in het plangebied. De beschrijving van de kunstopgave zal steeds concreter worden naarmate de ruimtelijke plannen gedetailleerder worden.

Beheer openbare ruimte De kwaliteit van de openbare ruimte bestaat uit een goede inrichting en goed beheer. Dit zijn geen twee op zichzelf staande elementen. De inrichting bepaalt of er goed beheer kan worden uitgevoerd en de mate van beheer is toonaangevend voor de uitstraling van de inrichting. Om tot een goede inrichting te komen is het daarom van groot belang bij het ontwerpen rekening te houden met toekomstig beheer (en handhaving). Dit wordt 'beheerbewust ontwerpen' genoemd. Na oplevering wordt een gebied aan de beheerder, stadsdeel Nieuw-West overgedragen. De inrichting dient, ook na overdracht aan het stadsdeel, te passen bij de middelen die voor onderhoud worden gereserveerd. Vervolgproces Het schetsontwerp van de openbare ruimte, dat onderdeel is van deze nota, is een eerste doorzicht om aan te tonen dat de technische eisen die worden gesteld inpasbaar zijn. Na vaststelling van dit Vernieuwingsplan wordt per fase een gedetailleerd ontwerp voor de openbare ruimte opgesteld, over geparticipeerd met de buurt en vastgesteld door het openbaar bestuur. Wildeman Groen is een bewonersgroep die zich inzet voor het groen in de Wildemanbuurt. Daarin wordt zij ondersteund door Stadsboerderij Osdorp, Stichting Vooruit en Groen in de Buurt. Het doel van Wildeman Groen is enerzijds op korte termijn groene verbeteringen te ondersteunen en stimuleren.

Daarnaast zal de feitelijke uitwerking van het plein/ park Veldzicht, de straten, de groene kansen op, en aan, de gebouwen, het groene Grasrijk en de hoven nog veel aandacht vragen. Dat geldt ook voor de aansluiting met bijvoorbeeld het gebied rondom Station Wildeman. Bewonersbetrokkenheid en participatie zijn dan essentieel. Wildeman Groen kan daarin een rol spelen.

Groen in de openbare ruimte Vanuit gemeente Amsterdam gelden normen voor de hoeveelheid groen en spelen in deze buurt. De groennorm maakt onderscheid tussen gebruiksgroen en ecosysteem groen. Ecosysteem groen heeft tot doel de buurt klimaatadaptief te maken. Gebruiksgroen is stedelijk attractief groen dat gebruikt kan worden. Gebruiksgroen kan deels ingericht zijn als trap- of sportveld, in een park of in de buurt, maar kan ook bestaan uit brede stoepen of routes door de buurt (max. 40%). Daarnaast is het met name voor de jongste kinderen die buurt en wijk niet verlaten zonder hun ouders van belang te voorzien in specifiek ingerichte speelruimte. De speelen sportnorm waarborgt daarom de realisatie van speelplekken in de buurt en speelvelden voor de wijk. De normen voor gebruiksgroen en ecosysteem groen in dit deel van de stad zijn: • •

Gebruiksgroen (waarvan levend groen 60%, waarvan 40% ingericht kan worden voor paden, sporten&spelen): 16 m2 per woning Ecosysteemgroen (waarvan max. 25% op kavel of dak) 6 m2 per woning/0,1 m2 per m2 bedrijfsruimte

Voor de Wildemanbuurt betekent dit (bij 1250 woningen en 1.850 m2 BVO bedrijfsruimte): Gebruiksgroen 20.000 m2 Ecosysteemgroen 7.685 m2 Minimaal: 27.685 m2 groen We realiseren nu: Gebruiksgroen 12.440 m2 Ecosysteemgroen 7.753 m2 Groene binnenhoven 12.980 m2 Totaal: 33.173 m2 groen

hek omsloten. Daarom mogen we ze officieel niet meerekenen met de groen normen. We halen dus officieel de groennorm niet. Het is eventueel mogelijk de hoven open te zetten, waardoor ze tot het openbare groen gerekend kunnen worden. Op nadrukkelijke vraag van de bewoners zijn de hoven nu alleen bereikbaar vanuit de bebouwing grenzend aan het hof (en dus niet voor bezoekers) vanwege de zorgen over sociale veiligheid. Om te compenseren voor het slechts deels toegankelijke groen in de hoven, realiseren we een voetgangersbrug naar de wandelpaden en sportvelden in sportveld Ookmeer. Het Sportpark en de landschappelijke scheg worden zo veel beter ontsloten. Mensen uit de gehele Wildeman-Blomwijckerbuurt en zelfs uit een groter deel van Osdorp kunnen zo verschillende wandelingen door het landschap maken. Hoven Alle hoven krijgen een groene rustige binnentuin waar alleen de direct aanwonende bewoners gebruik van kunnen maken. Bij de twee grotere hoven kan het hek opengezet worden zodat ook anderen welkom zijn, indien dat in het vervolgproces zou worden gewenst. De hoven zijn familie van elkaar en dat kenmerkt zich in het materiaalgebruik van de verharding en het toe te passen (zit-)meubilair. Er is ook genoeg verschil; elke hof krijgt zijn eigen karakter. In het schetsontwerp zijn slechts suggesties voor de inrichting van de hoven opgenomen.

Voor de uiteindelijke invulling is samenwerking met de aanwonenden wenselijk.

Spelen en sporten in de openbare ruimte Vanuit de gemeente Amsterdam gelden de volgende normen voor de hoeveelheid spelen en sporten in deze buurt: Spelen • 1 speelplek per 300 woning (150 m2 terrein) • 1 speelveld per 1000 woningen (1000 m2) • Sport 1 m2 per woning Voor de Wildemanbuurt betekent dit (bij 1300 woningen): • 4 plekken 150 m2 = 600 m2 • 1 speelveld 1000 m2 • Sport 1300 m2 We realiseren nu: • Spelen 5 plekken met samen 600 m2 • 1 speelveld 1000 m2 & extra spelen in de hoven 455 m2 • Sport 1300 m2 We realiseren dus voldoende vierkante meters sport en spel.

2

S 65m

S

2

2

64m

S

2

64m

74m2 F

F 74m

S

2 S F 74m2

0m2

rt 93

198m

F2

74m

64m2

Spo

S

rk

in pa

S

S 65m2

64m2

2

00m

ld 10

ve peel

198m2 S

Sport 930m2 in park

2

F 74m

74m2 F

Speelveld 1000m2

5m2

74

F 74m2

2 0m

1298

1300

455

We realiseren dus meer vierkante meters groen dan volgens de normen gesteld wordt, als we de hoven meerekenen. Deze hoven zijn in erfpacht uitgegeven aan de corporaties en met een

ve lectie

Col

inen

entu

binn

n

rte 2 Spo

m

1600

n

groe

eem

syst

2 Eco

m 7753

S 215m2

F2 m

roen

ruiksg

2 Geb

0m

1244

S 21

len

m2

Spe

m2

Spe

len in

inen

entu

binn

2

F 74m

74m2 F

12440 m2 Gebruiksgroen 7753 m2 Ecosysteemgroen 12980 m2 Collectieve binnentuinen 1300 m2 Sporten 1600 m2 Spelen 455 m2 Spelen in binnentuinen

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 41

Groenstructuur Bij de vernieuwing en verdichting van de buurt staat het behoud en de versterking van het groene karakter centraal. Het belangrijkste groene element in de buurt is het Parkplein. Dit wordt een plek waar de mensen elkaar kunnen ontmoeten en kunnen bewegen in het groen. Daarnaast is het parkplein de centrale én actieve groene plek van de wijk. De monumentale bomen bieden allure en schaduw aan deze bijzondere plek. We koesteren de bestaande diversiteit en streven naar versterking waar mogelijk. Op kleine schaal spelen de margezones een belangrijke rol. Iets groter zijn de groene straten, hoven, het parkplein en de grasrijke routes die leiden naar het grootste groengebied: de Scheg van West met het sportpark Ookmeer. Via deze route zijn de parken in de buurt goed te voet of met de fiets bereikbaar.

Centraal parkplein en parkplein langs Grasrijk Het centrale parkplein midden in de buurt is de ontmoetingsplek met spelen en sporten in het groen. Deze plek kenmerkt zich ruimtelijk door de dubbele bomenlaan langs Veldzicht en de negen monumentale bomen. De bomen zijn een kwaliteit voor de groene as vanwege beleving groen en seizoenen, zintuigen, wateropname, verdamping, schaduw en nestgelegenheid. De strook is rechthoekig van vorm door de stedenbouwkundige opzet en het stratenpatroon. Aan de binnenkant van de strook versterken de speelse organische vormen de menselijke maat, waarin ontmoetingsplekken, groen en sport&spel samenkomt. Juist als tegenstelling tot de strakke lijnen in de buurt. Dit ontwerp is nader uit te werken in een landschappelijk ontwerp. Daarbij kan in overeenstemming met bewoners een andere vormentaal een optie zijn. Ook de groene oase aan Grasrijk langs het water is een belangrijke kwaliteit voor de buurt. De verblijfskwaliteit wordt verbeterd, door middel van extra zitgelegenheid, de mogelijkheid voor kleinschalige buitensportfaciliteiten en door het versterken van de natuurwaarden met een kruidenrijke oever en mogelijk waterplanten. Er komen steigers om de verbinding met het water te versterken.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 42

Sport en spelen In de Wildemanbuurt streven we naar een levendige en gezonde omgeving waar bewoners volop kunnen genieten van buitenactiviteiten. Sporten en spelen in de openbare ruimte dragen op verschillende manieren bij aan fysieke en mentale ontwikkeling en gezondheid. Of het nu gaat om joggen, fietsen, of een potje voetbal, beweging houdt het lichaam in conditie. Buiten spelen prikkelt de fantasie. Kinderen kunnen zich uitleven in speeltuinen, terwijl volwassenen genieten van een potje schaak op een openbaar plein. Ouders, kinderen en buurtbewoners delen een bankje, wisselen een glimlach uit en maken misschien een praatje. Zo worden de sociale banden in de buurt versterkt. Actief zijn heeft positieve effecten op het concentratievermogen en onze productiviteit. Kinderen die regelmatig buiten spelen, presteren vaak beter op school. Een actieve levensstijl draagt bij aan een gezonde ouderdom. Er komt een voetgangersbrug naar Sportpark Ookmeer. Zo ontstaan er extra wandelroutes en zijn de sportvelden beter bereikbaar. Op verzoek van bewoners wordt deze zo snel mogelijk aangelegd.

Boomstructuur Een van de belangrijkste pijlers van het Vernieuwingsplan is het bewaren van de bestaande grote bomen, met name de platanen op Veldzicht. Bij het groenplan hanteren we de principes van de Bomentaal, waarbij we zorgvuldig bomen plaatsen en selecteren. Als bomen gekapt moeten worden, compenseren we dit volgens de regels zoals zij in Amsterdam gelden. We hanteren hiervoor de principes zoals die ook al uitgangspunt waren in het Algemeen Uitbreidingsplan. De bomen langs de straten proberen we zoveel mogelijk te behouden, alleen als er nieuwe bebouwing te dicht op komt te staan, is kappen nodig. Een andere reden om bomen te ver- of herplanten is als de groeiplaats niet goed is. In de straten Sonderbuur, Reinveen en Wildeman geven we bestaande bomen een betere groeiplaats. Als het nodig is ze geheel te vervangen, zoeken we in de buurt een andere plek voor deze bestaande bomen zodat ze meer ruimte hebben om te groeien. De Ookmeerweg krijgt een groenere uitstraling met heesterbeplanting en bomen tussen de parkeerplekken langs de bebouwing. In de hoven behouden we zoveel mogelijk bestaande bomen. Hier staan losse bomen in ruime grasvlakken, voornamelijk kleinere soorten met een hoge sierwaarde. Waar ruimte is, zetten we nieuwe bomen volgens hetzelfde principe neer. Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 43

Beplanting en ecologie In de Wildemanbuurt draait het niet alleen om stenen en gebouwen, maar ook om groen. Groen is essentieel voor bewoners, planten en dieren. Bomen en groen fungeren als natuurlijke airconditioning. Ze bieden schaduw en verkoeling, waardoor de stad aangenamer wordt tijdens hittegolven. Groene zones in de hoven en het parkplein helpen bij het opvangen van regenwater tijdens hevige buien. Dit vermindert overstromingen en draagt bij aan een duurzame waterhuishouding. We versterken de ecologische waarde van de buurt. Denk aan bomen, geveltuinen, meer diversiteit in de beplanting en natuurvriendelijke oevers. Ook creëren we een ecologische opbouw van lage beplanting, zoals heesters en heggen met inheems groen. Bomen spelen een cruciale rol in het bevorderen van biodiversiteit. We leggen een aaneengesloten netwerk van groen aan, met voldoende variatie. De natuur beschermen we met ecologisch beheer en natuurinclusief bouwen. Minder frequent maaien zorgt voor extra voedsel- en schuilplaatsen voor inheemse soorten.

Watercompensatie Het verhard oppervlakte in de huidige situatie is het aantal m2 bebouwing en aantal m2 straat en stoep. Dat komt neer op: 12921 m2 + 29430 m2 = 42351 m2. Het verhard oppervlakte in de nieuwe situatie is 20023 m2 + 19993 m2 = 40016 m2. Het verhard oppervlak neemt dus met 2335 m2 af. Er is vooralsnog geen watercompensatie nodig. Ten tijde van het definitief ontwerp van de openbare ruimte wordt de exacte hoeveelheid watercompensatie herberekend. De verwachting is dat in Nieuw-West sprake zal zijn van een overcapaciteit aan watercompensatie door de aanleg van de Nieuwe Osdorpergracht. Indien dit niet het geval is zal de toename aan verharding op een andere wijze moeten worden gecompenseerd. Een van de opties daarvoor is het aanleggen van wadi’s. Een wadi is een groene greppel in het stedelijk gebied. Het woord 'wadi' is een afkorting van Water Afvoer Drainage en Infiltratie. In de nieuwe profielen van de straten is voldoende ruimte opgenomen voor de aanleg van deze wadi’s.

Verkeer Alhoewel de nieuwe stedenbouwkundige verkaveling gebaseerd is op de bestaande structuur, is het voorstel om de verkeersstructuur te wijzigen. In de huidige situatie is de autoverkeerstructuur dominant in de buurt. In de nieuwe situatie zijn de woningen altijd bereikbaar per auto maar is de auto meer te gast en zijn sommige straten autovrij. In de nieuwe situatie blijft de buurt te bereiken via de Notweg en de Ookmeerweg. Het hart van de buurt, waar een groene as komt met spelen en sporten, is autovrij. Voor de overige straten zullen we samen met de bewoners in een volgende fase kijken naar de beste structuur. Eventueel wordt Sonderbuur doodlopend om zo het Parkplein zo veilig mogelijk te houden. Grasrijk krijgt aan één zijde parkeerplekken langs de rijbaan, de parkplein krijgt een groener karakter, vrij van geparkeerde auto’s. In het ontwerp is uitgegaan van tweerichtingen zodat men direct de kortste weg de buurt uit kan en er minder verkeersbewegingen zijn. In een vervolgfase onderzoeken we of eenrichting verkeer ergens wenselijk is.

Parkeren auto openbare ruimte Bewoners die terugkeren in de buurt (herhuisvesters) met een parkeervergunning voor hun auto mogen deze vergunning meenemen. Om een realistische inschatting te kunnen maken van deze parkeerdruk is een berekening gemaakt om te benaderen hoeveel parkeerplaatsen noodzakelijk zullen zijn in de openbare ruimte voor deze terugkerende bewoners. We gaan uit voor de 656 bestaande woningen voor een terugkeerpercentage van 50%. Voor deze buurt wordt aangenomen dat 40% van de huishoudens een auto heeft. De rekensom die deze benadering oplevert is dan als volgt: 656 * 0,5 * 0,4 = 131 parkeervergunningen. We houden voor het Vernieuwingsplan dus rekening met 131 parkeervergunningen van terugkerende bewoners. Verder weten we dat er tussen de 1200 - 1300 woningen in deze nieuwe buurt komen. Voor elke woning dient in ieder geval 0,1 parkeerplaats in de openbare ruimte te worden gemaakt. Dat komt bij 1250 woningen neer op 125 parkeerplaatsen voor bezoekers in de openbare ruimte. In totaal houden we nu dus rekening met 131+ 125 = 256 parkeerplaatsen in de openbare ruimte.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 44

Het is belangrijk om te vermelden dat per fase precies het aantal parkeerplaatsen wordt bepaald op basis van het aantal terugkerende bewoners met een parkeervergunning, het totaal aantal woningen, het aantal te realiseren invalideplekken, vergunning voor de omliggende koopwoningen en parkeerdruk in de omgeving. Mocht het zo zijn dat 100% van de bewoners een herhuisvester is dan hebben we 262 plekken voor herhuisvesters nodig (656 * 1 * 0,4 = 262 parkeervergunningen). En mochten we 1300 woningen realiseren dan hebben we daarbovenop (1300*0,1= 130) 130 parkeerplekken voor bezoekersparkeren nodig. Dit levert een totaal op van 392 plekken op straat. Voor dit aantal plekken is de ruimte beschikbaar, al zal het wel betekenen dat er minder groen gerealiseerd kan worden. Het is dan zeer waarschijnlijk dat de groen- en speelnormen die zijn vastgesteld door de gemeente Amsterdam niet gehaald zullen worden. Om parkeerplekken op termijn te kunnen uitfaseren, gaan we uit van 'modern parkeren'. Dit is parkeren in parkeervakken die op de zelfde hoogte liggen als het trottoir. Parkeerplekken kunnen zo makkelijk worden omgezet naar verblijfsruimte, groen en speelplekken.

Fietsparkeren in de openbare ruimte Conform de vastgestelde Nota Parkeernormen voor fietsen en scooters, wordt per woning van de totale ontwikkeling 0,25 fietsparkeerplaats voor bezoekers in de openbare ruimte gefaciliteerd. Bij een maximaal aantal woningen van 1300 is de rekensom 0,25*1300= 325 fietsparkeerplekken op straat. Dit gebeurt in principe met fietsparkeervakken zodat de kans op weesfietsen zo klein mogelijk is.

Afval Afvalverzameling voor klein huishoudelijk afval gaat in de Wildemanbuurt plaatsvinden met ondergrondse afvalcontainers in de openbare ruimte, voor restafval, glas, oud papier en karton en textiel. Niet-woonfuncties moeten, conform het beleid van Amsterdam, afvalscheiding op eigen kavel organiseren. Verder wordt in de Wildemanbuurt het zwerfafval actief voorkomen en onderzocht hoe gft-afval kan worden hergebruikt. Dit kan bijvoorbeeld via een afval vergister, of speciale broodbakken wat tegelijk bijdraagt aan tegengaan van ongedierte. Er zijn locaties aangeduid op de kaart waar ondergrondse afvalinzamelingspunten worden gerealiseerd. Exacte locaties en technische specificaties zijn onderdeel van het openbare ruimteplan in de volgende fase. Een afweging hierbij is de afstand tot vuilcontainers. Vaak worden afvalzakken weg gebracht door kleine kinderen en moet de afstand niet te lang zijn. Korte afstand tot de woning leidt sowieso tot minder vervuiling.

Sociale veiligheid Belangrijk aandachtspunt bij de verdere uitwerking is de sociale veiligheid en het voorkomen van overlast. Ogen op de openbare ruimte, vanuit deze nieuwe stedenbouwkundige opzet, zullen allereerst bijdragen aan meer sociale veiligheid. Daarnaast is sociale veiligheid een uitgangspunt bij het ontwerpen van gemeenschappelijke entrees, bij de overgang tussen de private woning en de openbare ruimte en bij het ontwerp van de openbare ruimte. Het gaat dan om voldoende zich versus voldoende privacy, overzicht, het vermijden van rommelplekjes en dergelijke. Ook moet al goed gekeken worden naar plekken waar jongeren kunnen verblijven zonder dat dit imponerend overkomt naar andere buurtbewoners. Er komt ook speciale aandacht voor ouderen, in de openbare ruimte en plekken waar zij elkaar kunnen ontmoeten. Bij het uitwerken van de plannen en de ontwerpen is sociale veiligheid een belangrijk en sturend punt. De eisen en aanbevelingen vanuit het Politiekeurmerk Veilig Wonen zijn richtinggevend. Zo komt er voldoende zicht vanuit woningen op de entrees naar de hoven, is er voldoende verlichting en is er een inrichting waarbij overlast door geluiden van sport en spel zoveel mogelijk wordt voorkomen.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 45

eg

eerw

Ookm

Overzicht profielen eg

eerw

Op de volgende pagina's zijn de principe profielen van de straten en openbare ruimte getekend. Er worden nog gedetailleerde openbare ruimte plannen gemaakt. Deze worden voorgelegd aan de buurt en vervolgens bij het bestuur van stadsdeel NieuwWest geagendeerd. Meer

Ookm

art

en Va

Ook er me

ad

g we

aunp

Ma Br

19,8m

Ook

eg

eerw

Ookm

eg eerw

mee

3m 108,4

3m

115,7

7

an

6

5+

1

bur

ten g

5

115,7

m

5

5+

5

1

S

5

zicht

Veld

S

5 6

aat

aalstr

ersw

epad swal Wevel

14m

S

icht

rijk

Gras

F

V

5

S

5+

1

en

khov

Kwee

z Veld

6

5+2

23,5m

an

S

7

3m

Wildem

F 75,26

t Vaar

rg

enbu

Bout

5+2

rB

1

S

1

Bou

6

5+

5+

Gee

de S

Son

1

ur

eg

eerw

1

r rbuu

erbu

5+

Sond

an ildemS W 6

7+4

11

9,8m

6

en Meer

m

72,19

Ookm

4

eg

Ookm

Rei

eg

eerw

au Ma Br

S

Land

Notw

7+

1

en Reinve

11

23,3m

npad

7+4

rweg

m

72,19

22m

ne nvee

11

zicht

n No

Ookm

23,3m

tweg

m

72,19

burg

Klaren

S

5 g bur ren

Kla

S m 75,26

5+

F

2

5 urg

Vrijb

6

5+

1

14m

t

rijk

5

rijk 7

2

5

an

B er

Laan

orp

Nieuwe

Ban

e La Ban

n

aat

ijde

rper

Osdo

Rem

aalstr

ersw

Reim

an

10,5m

5+

rper

Osdo

Laan

Osd

epad

s F Gra

Nieuwe

w Nieu

swal

Wevel

75,26

m

aat

aalstr

ersw

raat

enst

port

Vive

an

traa

Gras

Reim

S

5

rper

Osdo

an

5

F

ns woo

S

Wildem

Ou

B er orp

5

npad

inge werd

Osd

eg Notw

vrije Auto

7

Notw eg

nne

e Ve

Hoog

Rem n

ff en Ho

pad

ijde

Beek

rper

Osdo

Bulle

Ban

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 46

jden

Remi

G

f

Ban

Profielen Ookmeerweg

Rijnveen en Notweg

Wildeman

Sonderbuur

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 47

Veldzicht

Autovrije woonstraten

Grasrijk

Nieuwe Laan

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 48

Parkplein: combineren ontmoeting, spelen en sporten Referentiebeelden

Doorgaande informele parkroute

Sportveld geïntegreerd in parkomgeving Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 49

Ligging en ontwerpgedachte

Ontmoetingsplek, organische vormentaal

Spelen en ontmoeting combineren

Schaduwplekken onder bomen

Speelplekken

Straten Referentiebeelden

Buurtstraten

Autovrije straatjes

Ruimtereservering voor asymetrisch profiel met haaksparkeren in het groen (tweezijdig langsparkeren als optie, nader uit te werken)

Autovrije straatjes, inrichting groen en verharding nader uit te werken

In de buurtstraten kleine speelplekjes omsloten door groen

Middelgrote speelplekjes in het groen

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 50

2.6 Duurzaamheid Ambities en afspraken De gemeente Amsterdam heeft zich gecommitteerd aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs. In 2030 streeft Amsterdam naar een CO₂-uitstootreductie van 60%. Voor 2050 is het doel om de CO₂-uitstoot met 95% te verminderen ten opzichte van het niveau van 1990. Om dit te bereiken, richt de gemeente zich op zes belangrijke thema’s: duurzame energie, circulair bouwen, klimaatadaptatie, natuurinclusief bouwen, uitstootvrije mobiliteit en schone lucht en afval. Meer informatie over deze thema’s en hun randvoorwaarden en ambities is te vinden op amsterdam.nl/duurzaamontwikkelen. Daarnaast hecht Amsterdam ook veel waarde aan sociale duurzaamheid in de Wildemanbuurt. In dit Vernieuwingsplan worden de randvoorwaarden en ambities voor de Wildemanbuurt uiteengezet. Als er wijzigingen zijn in wet- en regelgeving tijdens latere fasen, kunnen deze uitgangspunten worden herzien Sociale duurzaamheid Bij de herontwikkeling van de Wildemanbuurt ligt de nadruk op sociale duurzaamheid, wat zich richt op het welzijn van mensen. Dit betekent dat bewonersbetrokkenheid en participatie centraal staan in de planvormingsfase. Het doel is om sociale rechtvaardigheid te bevorderen en sociale structuren te behouden. Een gevarieerd woonaanbod voor verschillende doelgroepen benadrukt inclusie en diversiteit.

Sociale cohesie wordt gestimuleerd door ontmoetingen te faciliteren in het ontwerp van de nieuwe buurt, waarbij veiligheid een belangrijk aspect is Duurzame energie De gemeente Amsterdam heeft ambitieuze doelen op het gebied van duurzame energie. In 2030 wil de stad de CO₂uitstoot met 60% verminderen en in 2050 streven we naar 100% gebruik van duurzame energie. Deze doelen zijn vastgesteld in de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050. Voor Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 51

nieuwbouw in de Wildemanbuurt betekent dit dat wordt ingezet op zeer goed geïsoleerde, bij voorkeur energieleverende gebouwen, met als doel een minimale energievraag en een prettig woonklimaat voor bewoners. Hiervoor worden geschikte oppervlaktes gebruikt voor zonnepanelen. Ontwikkelende partijen in de Wildemanbuurt streven ernaar aan deze doelen te voldoen. Alle nieuwbouw wordt gebouwd volgens de BENG-normen (Bijna Energieneutrale Gebouwen). Dit wordt bereikt door het verminderen van fossiel energiegebruik en het vergroten van het aandeel hernieuwbare energie, bijvoorbeeld door zonnepanelen te installeren. Daarnaast wordt de energiebehoefte teruggedrongen door een goede kwaliteit van de gebouwschil, zoals isolatie, goede ventilatie en kierdichtheid. In overleg met de energieleverancier wordt gekeken naar de capaciteit van het elektriciteitsnetwerk, zodat we als buurt en stad kunnen inspelen op mogelijke netcongestie. Aardgasvrij & Warmtenet Gemeentelijk en landelijk beleid schrijven aardgasvrije nieuwbouw voor. Conform ‘Amsterdam Aardgasvrij en de Wet VET (voortgang energietransitie) is bij nieuwbouw geen gasaansluiting meer toegestaan. Binnen Warm Amsterdam is afgesproken dat de nieuwbouw aangesloten wordt op stadswarmte van Westpoort Warmte. Dit kan ook een hybride variant zijn met een Warmte Koude Opslag.

De betaalbaarheid van het vastrecht en de variabele kosten voor warmte (en eventueel koude) zijn hierbij erg belangrijk voor de bewoner Kansen voor aquathermie uit de Sloterplas worden parallel onderzocht. Mogelijk is dit in de toekomst een aantrekkelijke energiebron in combinatie met een temperatuurverlaging van de bestaande infrastructuur.

Klimaatadaptatie Een belangrijk aspect van deze vernieuwing is klimaatadaptatie, waarbij de omgeving wordt aangepast aan de veranderende klimaatomstandigheden. Dit omvat maatregelen zoals regenbestendigheid (zoals het Amsterdam Rainproof-initiatief), hittebestendigheid en droogtebestendigheid. Een ‘quick scan klimaatadaptatie’ is uitgevoerd voor de Wildeman- en Blomwijckerbuurt. Deze scan helpt bij het plannen en inschatten van risico’s op het gebied van klimaatadaptatie, waaronder droogte, wateroverlast, hitte en overstromingen. De resultaten zijn gebaseerd op stresstesten die beschikbaar zijn op websites zoals maps.amsterdam.nl/ klimaatadaptatie en klimaateffectatlas.nl Op enkele locaties in het projectgebied kan overlast worden ondervonden bij een extreme regenbui. Maatregelen tegen deze buien omvatten de volgende volgorde; het regenwater wordt vastgehouden, vervolgens geborgen, kan dan infiltreren, waarna het langzaam wordt afgevoerd. Dit kan bijvoorbeeld door regenwater van de gevel naar verlaagde groene plekken te sturen met een bergingscapaciteit, waar het water kan infiltreren, zoals wadi’s, watertuinen of natuurspeelplekken. Ook in straatprofielen kunnen waterspreidende en waterafvoerende straten richting groen een oplossing bieden.

In de openbare ruimte wordt rekening gehouden met, volgens de Hemelwaterverordening, gestelde eisen om een bui te kunnen verwerken middels vasthouden en bergen. Op sommige locaties in de Wildemanbuurt is er een hoge grondwaterstand. Hier moet rekening mee worden gehouden bij het toepassen van maatregelen voor hemelwateropvang. Door een veranderend klimaat kan hittestress zorgen voor een onaangename gevoelstemperatuur bij bewoners. Om dit te voorkomen worden in de Wildemanbuurt koele plekken en routes gecreëerd met groen en wordt tevens verharding in de openbare ruimte verminderd.

Ontwikkelende partijen in de Wildemanbuurt dienen te voldoen aan de Hemelwaterverordening (www.rainproof.nl) op eigen terrein. Hier betekent "eigen terrein" de grond die in erfpacht is uitgeggeven aan stadgenoot of eventuele medeontwikkelaars. Bij het ontwerpen van gebouwen moet het opvangen, vasthouden en vertragen van hemelwater worden meegenomen zodat het niet op de riolering wordt geloosd en eventueel kan worden hergebruikt. Ook zal hittestress moeten worden tegengegaan in de gebouwen. Door te investeren in vergroenen van de buitenruimte met bomen, groene (waterretentie) daken en gevels (verkoelend), overstekken, variatie van open/dichte gevels en gebouworiëntatie wordt overlast door hitte en water bij zware regenbuien voorkomen. In de Wildemanbuurt zetten ontwikkelende partijen in op de binnentuinen en daken, waarbij de combinatie en goede positionering van zonnepanelen en groene daken worden onderzocht. Bij de inrichting van de binnentuinen wordt rekening gehouden met hoogwaardig kwalitatief vegetatie dat bijdraagt aan de regenbestendigheid van de kavel. Ontwikkelende partijen zetten hier in op veel groen en ontharding, waarbij een wadi in ontwerp wordt meegenomen en invulling hiervan wordt afgestemd voor een goede aansluiting op de inrichting van de openbare ruimte.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 52

Flexibel en circulair bouwen Amsterdam wil in 2030 50% minder nieuwe grondstoffen gebruiken en in 2050 volledig circulair zijn. Adaptief en demontabel bouwen en het gebruik van klimaatneutrale, biobased, en hernieuwbare materialen levert een bijdrage aan het behalen van deze doelstellingen. Bij de ontwikkeling van nieuwe gebouwen dagen wij ontwikkelende partijen uit op dit duurzaamheidsthema. Circulair bouwen bestaat hier uit twee onderdelen: flexibel ontwerp en materiaalgebruik.

in de Wildemanbuurt. De intentie is om een oogstkaart te laten maken door slopers voor een materialeninventarisatie. Ook wordt voor het bestaande groen gebruik gemaakt van initiatieven zoals Struikroven. Waar mogelijk bouwen ontwikkelende partijen adaptief en demontabel. Verontreiniging van het hemelwater door bouwmaterialen moet worden voorkomen door geen gebruik te maken van uitlogende materialen zoals koper, lood en zink.

In de Wildemanbuurt wordt onderzocht in hoeverre hergebruikte materialen kunnen worden toegepast in de openbare ruimte zonder de Puccini uitgangspunten te schaden. Waar mogelijk worden materialen die vrijkomen tijdens het slopen van huidig vastgoed of vastgoed elders in de stad geïnventariseerd en hergebruikt.

De milieuprestatie van de gebouwen en de gebruikte materialen wordt gemeten aan de hand van de Milieu Prestatie Gebouwen (MPG). De landelijke MPG is een vereiste voor nieuwbouw en zal vanaf 2025 worden verscherpt van ≤ 0,8 naar ≤ 0,5 voor nieuwbouwwoningen en van ≤ 1,0 naar ≤ 0,85 voor nieuwe kantoorgebouwen (groter dan 100 m2).

Op gebouwniveau worden ontwikkelende partijen zoveel mogelijk uitgedaagd om de gebouwen zo te ontwerpen dat de materialen een zo lang mogelijke levensduur krijgen door middel van het hergebruik, dan wel door het gebruik van biobased/herbruikbare materialen. Grote impact kan gemaakt worden door het toepassen van een duurzaam bouwsysteem. De ambitie van de gemeente is om vanaf 2025 20% van de woningbouwproductie in Amsterdam van hout en andere biobased materialen te realiseren. Bouwsystemen in volledig hout, hybride constructies of van hergebruikt materiaal dan wel in combinatie met circulair beton kunnen hieraan bijdragen. Ook met biobased isolatiemateriaal en duurzame gevelmaterialen kan verschil worden gemaakt. Als ontwerpers kiezen voor het gebruik van hout, wordt er alleen hout toegepast met een FSC -keurmerk of een vergelijkbare kwaliteit.

Duurzame mobiliteit Het Actieplan Schone Lucht omschrijft de maatregelen om op korte termijn te voldoen aan de Europese grensnorm voor luchtkwaliteit. Echter, de ambitie van de gemeente is groter. In 2030 moet de stad voldoen aan een twee keer zo strenge advieswaarden van de World Health Organization (WHO). Dit leidt tot een stillere, meer leefbare stad en een mogelijke CO₂-verminderling van 9%. Om dit te behalen gebruiken we het STOMP-principe: Stappen, Trappen, OV, MaaS (mobility as a service) en Privé-auto. De volgorde is op prioriteit, wandel en fietsroutes krijgen voorrang op de auto. De bereikbaarheid per fiets wordt vergroot door te investeren in aantrekkelijke en veilige fietsverbindingen plus goede fietsparkeermogelijkheden in de openbare ruimte en in de gebouwen en het eigen terrein van Stadgenoot. In de gebouwen en op het eigen terrein van Stadgenoot wordt daarbij rekening gehouden met voldoende (inpandige) ruimte voor scooters, scootmobielen en een aantal oplaadpunten voor elektrische tweewielers. Op verschillende locaties wordt het gebied autoluw ingericht of zijn er straten

De ontwikkelende partijen zetten in op het hergebruik van materialen door te pionieren met een lokale materialen hub

waar auto’s niet mogen komen. Ook een goede en blijvende ontsluiting van het gebied met openbaar vervoer draagt bij het verminderen van autoverkeer. Om elektrisch vervoer in de Wildemanbuurt mogelijk te maken, is de aanwezigheid van voldoende duurzame infrastructuur en energiebronnen van belang. Denk aan voldoende oplaadfaciliteiten in de openbare ruimte en op privéterrein (eigen terrein van Stadgenoot bijvoorbeeld). Er wordt hierbij gehouden aan de richtlijn laadpunten bij nieuwbouw en verbouw van de gemeente Amsterdam. Daarnaast wordt in openbare ruimte deelmobiliteit gestimuleerd door onder andere onderzoek te doen naar een aanbieder voor een passend en uitstootvrij deelmobiliteitsconcept. Als laatste zorgen ontwikkelende partijen tijdens de bouw voor duurzame bouwlogistiek en wordt schone werktuigen gestimuleerd waarbij de uitstoot wordt geminimaliseerd. Voor het halen van de ambitie om vanaf 2030 alleen nog uitstootvrije mobiliteit toe te staan moeten duurzame vormen van mobiliteit worden gestimuleerd. In het bouwbesluit is sinds 10 maart 2020 het onderstaande opgenomen met betrekking tot laadpalen bij parkeerplaatsen op de kavels zelf. Voor de te realiseren parkeervakken op eigen terrein geldt: 1. Minimaal 10% moet zijn voorzien van een laadpaal (en bijbehorende borden voor het alleen parkeren van elektrische voertuigen); 2.

20% moet elektrisch zijn voorbereid, maar hoeft nog geen laadpaal te hebben (wel leiding en aansluit-capaciteit); 3. 100% van de parkeervakken moet zijn voorbereid door middel van kabelgoten, en de technische ruimte is groot genoeg voor alle aansluitingen). Naast deze verplichtingen is de ambitie fietsgebruik te Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 53

stimuleren. Fietsen is gezond, draagt bij aan schonere lucht en aan een leefbaar en bereikbaar Amsterdam. Het is dan ook belangrijk om goed toe-gankelijke fietsparkeerplekken met voldoende (inpandige) ruimte voor scooters en een aantal oplaad-punten voor elektrische tweewielers te realiseren. Deze en andere normen en richtlijnen zijn opgenomen in de nota ‘Parkeernormen Fiets en Scooter’. Natuurinclusief bouwen Een van de duurzaamheidsdoelen van de gemeente Amsterdam, zoals ook benoemd in de Groenvisie 2020-2050, is het versterken van de biodiversiteit in de stad. Voordat de ontwikkeling plaats kan vinden dient een zogenaamde QuickScan flora en fauna plaats te vinden. Onderzocht wordt of op de locatie dier- en/of plantsoorten zijn die op grond van de Wet natuurbescherming strikt beschermde soorten worden aangetroffen. Het plangebied maakt geen onderdeel uit van de Hoofdgroenstructuur of Ecologische Hoofdstructuur. Wel is de huidige groenstrook tussen Grasrijk en het water van Hoekenes aangemerkt als een groene (ecologische) verbindingszone. In de openbare ruimte wordt het groene karakter van de buurt versterkt, natuurinclusief ingericht, waarbij rekening wordt gehouden met verbeteren van de ecologische waarde en aansluiting wordt gezocht op de vegetatie in de omgeving. Ook de biodiversiteit wordt versterkt door middel van type inrichting van groen.

Het transformeren van de openbare ruimte is een kans om innovatieve manieren van groen toe te passen. Voor de Wildemanbuurt betekent dit in ieder geval het toepassen van groen dat insecten (zoals bijen en vlinders) aantrekt en ratten juist afstoot. Dit zal in het ontwerp van de openbare ruimte concreet moeten worden. Door het aanleveren van een groenplan door de ontwikkelende partij wordt toegelicht hoe er wordt omgegaan met natuurinclusief bouwen en op welke wijze, met welk doel en met

welke beplanting groen wordt gerealiseerd. In de Wildemanbuurt wordt door de ontwikkelende partij rekening gehouden met de minimale natuurinclusiviteits-score van 30 punten. De ingepaste natuurmaatregelen moeten aansluiten op de omgeving van het terrein en de biodiversiteit in het gebied versterken. In een groenplan/beheerplan wordt dit inzichtelijk gemaakt. De ontwikkelende partij overlegt dit met de stadsecoloog en gebruikt het Handboek natuurinclusief bouwen ter inspiratie voor het vormgeven van de samenhang met groen en diersoorten. Voor het compenseren van groen alsook de wens om rigoureus te vergroenen is het realiseren van een sedumdaken het uitgangspunt. In het plan is een goed en gezond vestigingsklimaat voor mens en dier wenselijk. Hiervoor zullen er in de nieuwbouw broedkasten in de gevels worden geïntegreerd ten behoeve van de huismus, spreeuw en gierzwaluw alsmede verblijfplaatsen voor vleermuizen. Naast verblijven in nestkasten, is het ook belangrijk om met de beplanting in te zetten op voedsel en veiligheid voor insecten, vogels en kleine zoogdieren. Dit door onder andere lange bloeiperiodes te creëren ten behoeve van voedsel voorziening voor insecten en bv dichte haagstructuren voor een veilige plek voor vogels.

3. Het Maatschappelijke plan

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 54

3.1 Programma Visie toekomstige Wildemanbuurt De Wildemanbuurt-noord wordt een buurt waarin je niet alleen heerlijk kunt wonen. Het wordt ook een buurt waar je de kans krijgt om je te ontwikkelen, waar je ondersteund wordt als het moeilijk gaat. Het programma kent daarom naast een grote hoeveelheid gedifferentieerde woningen ook bedrijfsruimtes, en voorzieningen. Ook in de voorzieningen zone in het midden van de buurt ligt een groot aantal voorzieningen. Woningen Binnen de stedenbouwkundige randvoorwaarden is er op basis van een proefverkaveling ruimte voor 1200 - 1300 woningen. Het is de wens om een gemengde en gedifferentieerde Wildemanbuurt te maken. Er wordt in de Wildemanbuurt afgeweken van de 40-40-20 regel aangezien er ook voldoende sociale huurwoningen gebouwd dienen te worden voor de herhuisvesting van huidige bewoners en het op peil houden van de sociale voorraad in Amsterdam als geheel.

Bij een totaal gemiddeld programma van circa 1.250 woningen, leidt dat tot 588 sociale huurwoningen, 412 middenhuurwoningen en 250 vrije sectorwoningen. Het wensprogramma zoals dat is afgestemd met Stadgenoot wordt gekenmerkt door een zeer divers aanbod voor alle doelgroepen; gezinnen, ouderen, jongeren, een en twee persoons huishoudens. Verschillende typen woningen met diverse woninggroottes en vooral ook een substantieel aandeel grotere woningen. Het hierna getoonde voorlopige programmaoverzicht kan uiteraard nog wel op detailniveau veranderen qua verdeling, groottes en aantallen in het vervolgproces in samenspraak met de gemeente. Zo zal bijvoorbeeld in de vervolgfase worden onderzocht of in de sociale huur één of twee specifieke clusters voor bepaalde doelgroepen kunnen worden gerealiseerd (bijvoorbeeld ouderenwoningen, jongerenwoningen, etc.).

Programma Het programma bestaat uit de sloop van 656 sociale huurwoningen. Afhankelijk van de architectonische ontwerpen in de komende 10-15 jaar zal het definitieve programma duidelijk worden. Met Stadgenoot is afgesproken dat zij 656 minus 68 sociale huurwoningen die in Groenehuyzen extra worden gebouwd realiseert in de Wildemanbuurt. Dat resulteert in een minimum van 588 sociale huurwoningen. Alle woningen boven de 588 worden gerealiseerd als middenhuur of vrije sector. De gewenste verdeling tussen sociale huur, middenhuur en vrije sector in de nieuwe Wildemanbuurt wordt circa 47% sociaal, circa 33% middeldure huur en circa 20% vrije sector.

Vernieuwingsplan Wildemanbuurt 55

Bedrijfsruimtes en maatschappelijke functies De Wildemanbuurt wordt in de omgevingsvisie getypeerd als een luwe stadsbuurt. Dit zijn woonbuurten met een relatief lage dichtheid, een beperkt aandeel niet-woonfuncties en veel ruimte voor groen. In deze buurten staat de woonfunctie centraal. Economische en maatschappelijke functies worden hier gemengd met wonen. Het zullen met name functies zijn die een buurt of wijk ondersteunende functie hebben. Kansen zijn er

voor een kinderdagverblijf, clustering van zorg of een medische functie en verder is er ruimte voor kleinschalige kantoren en bedrijven. Voor de invulling van de ruimtes wordt gezocht naar ondernemers en organisaties die positief kunnen bijdragen aan de buurt. Volgens het beleid van de gemeente Amsterdam wordt 1.700-2.000 m2 BVO gerealiseerd. Er wordt geadviseerd om kleinschalige bedrijfsruimtes/commerciële dienstverlening te realiseren. Een goede mix van wonen en voorzieningen (commercieel en maatschappelijk) is gewenst zodat er een levendige en toegankelijke plint ontstaat. Ook wordt er een cafeetje aan het parkplein mogelijk gemaakt. Deze functie kan een positieve bijdrage leveren aan de ontmoeting van buurtbewoners aan het plein (bv. samen een ijsje eten of koffie drinken).

Directe omgeving Station Wildeman De uitwerking van dit voorzieningen gebied volgt na vaststelling van het Vernieuwingsplan. Voor deze omgeving zal er nog uitgebreid worden geparticipeerd met de betrokkenen in en van het plangebied zoals de eigenaren (VVE’s) van de woonflats Noordzijde en Zuidzijde, Station Wildeman, VVE Broekmanhuizen en naastgelegen bewoners van Vrijburg. Deze omgeving wordt als zeer sociaal onveilig ervaren. Redenen hiervan zijn de geheel dichte pinten van de gymzaal aan Veldzicht en de oude gymzaal van de Prof. Dr. H. Kreamerschool. Derhalve wordt voorgesteld om deze twee gebouwen, als deze vrij komen van huur rond het jaar 2026, direct te slopen mits er in de tussentijd geen gewenste programmatische invulling komt. De uitwerking van deze voorzieningen periode volgt na vaststelling van het Vernieuwingsplan. Rondom Station Wildeman zal er daar aanvullend op de minimaal gestelde 1700 m2 , ruimte extra ruimte voor voorzieningen en bedrijven worden gerealiseerd. Er is in ieder geval behoefte aan 400 m2 extra kinderopvang vanuit een bestaande kinderopvang organisatie in Osdorp. Tevens is geadviseerd te onderzoeken of er een buurtgezondheidscentrum kan komen. Verder bestaat de wens om een gedeelte van de in erfpacht uitgegeven gebied t.b.v. parkeerplaatsen woongebouwen te verplaatsen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14623838/1