aebholdingnv_jaarrekening2024_kvk.pdf
Tekst van het document
Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa Immateriële vaste activa en materiële vaste activa worden vanaf het moment van gereedheid voor ingebruikneming afgeschreven over de verwachte toekomstige gebruiksduur van het actief. Over terreinen wordt niet afgeschreven. Indien een schattingswijziging plaatsvindt van de verwachte, toekomstige gebruiksduur, dan worden de toekomstige afschrijvingen aangepast. Boekverliezen uit de incidentele verkoop van materiële vaste activa zijn begrepen onder de afschrijvingen.
Overige bedrijfskosten De kosten worden bepaald op historische basis en toegerekend aan het verslagjaar waarop zij betrekking hebben.
Rentebaten en soortgelijke opbrengsten en rentelasten en soortgelijke kosten Rentebaten en soortgelijke opbrengsten, rentelasten en soortgelijke lasten worden verantwoord in de periode waartoe zij behoren, rekening houdend met de effectieve rentevoet van de desbetreffende activa en passiva. Afsluit- en overige financieringskosten worden als rentelast verantwoord in de periode waartoe zij behoren. De toerekening van deze rentelasten vindt lineair plaats over de looptijd van de schulden. De nog niet in de winst- en verliesrekening verwerkte bedragen van de afsluit- en overige financieringskosten worden verwerkt als verlaging van de schulden waarop ze betrekking hebben. Rentelasten worden geactiveerd gedurende de periode van vervaardiging van een actief, indien het een aanmerkelijke hoeveelheid tijd vergt om het actief gebruiksklaar te maken. De te activeren rente wordt berekend op basis van de verschuldigde rente over specifiek voor de vervaardiging opgenomen leningen en op basis van de gewogen rentevoet van leningen die niet specifiek aan de vervaardiging van het actief zijn toe te rekenen, in verhouding tot de uitgaven en periode van vervaardiging.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
44
AEB Holding N.V. Amsterdam
Koersverschillen Koersverschillen die optreden bij de afwikkeling of omrekening van monetaire posten worden in de winst- en verliesrekening verwerkt in de periode dat zij zich voordoen. Voor zover een monetaire post onderdeel is van een hedge relatie, wordt het effectieve deel van de valuta termijncontracten overeenkomstig met de monetaire post in de balans en winst- en verliesrekening verwerkt.
Belastingen Belastingen omvatten de over de verslagperiode verschuldigde en verrekenbare winstbelastingen en latente belastingen. De belastingen worden in de winst- en verliesrekening opgenomen, behalve voor zover deze betrekking hebben op posten die rechtstreeks in het eigen vermogen worden opgenomen, in welk geval de belasting in het eigen vermogen wordt verwerkt, of op overnames. De over het boekjaar verschuldigde en verrekenbare belasting is de naar verwachting te betalen belasting over de belastbare winst over het boekjaar, rekening houdend met beschikbare, fiscaal compensabele verliezen uit voorgaande boekjaren (voor zover niet opgenomen in de latente belastingvorderingen), vrijgestelde winstbestanddelen na bijtelling van niet-aftrekbare kosten, berekend aan de hand van belastingtarieven die zijn vastgesteld op verslagdatum, dan wel waartoe materieel al op verslagdatum is besloten en eventuele correcties op de over voorgaande jaren verschuldigde belasting. Indien de boekwaardes van activa en verplichtingen ten behoeve van de financiële verslaggeving afwijken van hun fiscale boekwaardes, is sprake van tijdelijke verschillen. Voor belastbare tijdelijke verschillen wordt een voorziening latente belastingverplichtingen getroffen.
Aandeel in resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen Het aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen omvat het aandeel van de Groep in de resultaten van deze deelnemingen, bepaald op basis van de grondslagen van de Groep. Resultaten op transacties binnen de Groep worden niet verwerkt voor zover deze niet bij een derden gerealiseerd zijn.
Kasstroomoverzicht Het kasstroomoverzicht is opgesteld op basis van de indirecte methode. De geldmiddelen in het kasstroomoverzicht bestaan uit de liquide middelen. Kasstromen in vreemde valuta zijn omgerekend tegen een geschatte gemiddelde koers. Koersverschillen op geldmiddelen worden afzonderlijk in het kasstroomoverzicht getoond. Ontvangsten en uitgaven uit hoofde van interest zijn opgenomen onder de kasstroom uit operationele activiteiten. Betaalde dividenden zijn opgenomen onder de kasstroom uit financieringsactiviteiten. Investeringen en desinvesteringen in (im)materiële vaste activa worden verantwoord als kasstromen uit investeringsactiviteiten. Transacties waarbij geen instroom of uitstroom van kasmiddelen plaatsvindt zijn niet in het kasstroomoverzicht opgenomen.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
45
AEB Holding N.V. Amsterdam
Toelichting op de geconsolideerde balans 1.
Immateriële vaste activa
Het verloop van de immateriële vaste activa is als volgt weer te geven: Software EUR 000 Stand per 1 januari 2024: • Aanschaf-/ vervaardigingsprijs • Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen
6.131 -2.420
Boekwaarde
3.711
Mutaties in het boekjaar: • Investeringen • Herrubricering van activa in uitvoering • Afschrijvingen •
Saldo
1.605 111 -781 935
Stand per 31 december 2024: • Aanschaf-/ vervaardigingsprijs • Cumulatieve afschrijvingen en waardeverminderingen
7.847 -3.201
Boekwaarde
4.646
Afschrijvingspercentages
20,0 - 33,3 %
De afschrijvingen zijn in de winst- en verliesrekening verantwoord onder “Afschrijvingen op immateriële en materiële vaste activa”. Software Investeringen in het boekjaar betreffen de ontwikkeling en implementatie van bedrijfsspecifieke software. De reguliere afschrijvingen van software betreft EUR 0,8 miljoen.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
46
AEB Holding N.V. Amsterdam
2.
Materiële vaste activa
Het verloop van de materiële vaste activa is als volgt weer te geven:
Materiële vaste activa in uitvoering De materiële vaste activa in uitvoering bevat onder meer geactiveerde bestedingen betreffende nog niet opgeleverde projecten inzake optimalisatie van de installaties. Desinvesteringen De desinvesteringen betreffen buiten gebruik gestelde activa. Garanties en zekerheden Voor een toelichting op de verstrekte garanties, zekerheden m.b.t de materiële vaste activa wordt verwezen naar de toelichting op de langlopende leningen.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
47
AEB Holding N.V. Amsterdam
3.
Financiële vaste activa
Het verloop van de financiële vaste activa is als volgt weer te geven:
Stand per 1 januari 2024 Mutaties in het boekjaar 2024: • Mutatie belastinglatentie u.h.v. voorwaartse verliescompensatie • Mutatie belastinglatentie u.h.v. tijdelijke waarderingsverschillen • Overig • Aandeel in resultaat deelnemingen Stand per 31 december 2024
Latente belastingvorderingen
Recycling Service Centrum B.V.
Lening u/g
Totaal
EUR 000
EUR 000
EUR 000
EUR 000
12.872
544
-
13.416
-3.279
-
-
-3.279
6.804
-
-
6.804
-
-121
-
-121
16.397
423
-
16.820
De mutatie van de belastinglatentie uit hoofde van voorwaartse verliescompensatie en tijdelijke verschillen vloeit voort onder meer uit de aangepaste inschatting van de mogelijkheid om toekomstige fiscale winsten te compenseren. Mede naar aanleiding van de herfinanciering per 30 juni 2025, wordt verwacht dat in toekomstige jaren voor EUR 36,9 miljoen aan - eerder aan rente aftrekbeperking onderhavige - rentelasten alsnog ten laste van de fiscale resultaten kunnen worden gebracht. Deze mogelijkheid van rente compensatie werd in voorgaande jaren niet gewaardeerd en resulteert in een lagere waardering van de latentie uit hoofde van compensabele verliezen en een hogere waardering van de latentie uit hoofde van tijdelijke verschillen. De looptijd van de latente belastingvordering is langer dan 1 jaar. In Recycling Service Centrum B.V. heeft AEB Holding N.V. een belang van 40%, de zakelijke vestigingsplaats van deze vennootschap is Amsterdam.
4.
Voorraden
Voorraden
31 december 2024 EUR 000
31 december 2023 EUR 000
4.666
4.128
4.666
4.128
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
48
AEB Holding N.V. Amsterdam De voorraden bestaan uit grond- en hulpstoffen. De historische kostprijs van de voorraad bedraagt EUR 7,0 miljoen (2023: EUR 6,1 miljoen). Rekening houdend met de verwachte opbrengstwaarde van deze voorraad ter waarde van EUR 4,6 miljoen, is een afwaardering van de voorraden verwerkt van EUR 2,3 miljoen (2023: EUR 2,0 miljoen).
5.
Vorderingen en overlopende activa
Vorderingen op handelsdebiteuren Vordering gemeente Amsterdam Vordering verbonden partijen Te vorderen belastingen Overige vorderingen Overlopende activa
Vorderingen op handelsdebiteuren
Uitstaande vorderingen op handelsdebiteuren Voorziening wegens oninbaarheid
31 december 2024 EUR 000
31 december 2023 EUR 000
29.799 4.243 804 18.079 241 20.124
20.171 139 16.228 166 21.003
73.290
57.707
31 december 2024 EUR 000
31 december 2023 EUR 000
30.371 -572
25.061 -4.890
29.799
20.171
De toename van de vorderingen op handelsdebiteuren wordt veroorzaakt doordat de omzet afval over december ultimo 2024 volledig is gefactureerd, terwijl ultimo 2023 een bedrag van EUR 5,8 miljoen nog te factureren omzet afval is inbegrepen in de overlopende activa. De te vorderen belastingen zijn hoger door een toename van de latente vorderingen uit hoofde van de afvalstoffenbelasting over de op het terrein van AEB opgeslagen voorraad bodemas. De afname van de overlopende activa is met name veroorzaakt door daling van de nog te factureren omzet afval in vergelijking met voorgaand jaar. In de vorderingen en overlopende activa zijn geen bedragen begrepen met een resterende looptijd van langer dan 1 jaar. De reële waarde van in de balans opgenomen vorderingen benaderen de boekwaarde daarvan.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
49
AEB Holding N.V. Amsterdam
6.
Liquide middelen
Liquide middelen
31 december 2024 EUR 000
31 december 2023 EUR 000
26.077
41.406
26.077
41.406
In aanvulling op de liquide middelen is per 6 juli 2023 een bancaire doorlopende kredietfaciliteit beschikbaar gesteld van EUR 50 miljoen. Van deze faciliteit is per 31 december 2024 EUR 24,5 miljoen aangewend als garantiefaciliteit voor een aan de Staat der Nederlanden verstrekte bankgarantie die strekt tot zekerheid voor de nakoming van de verplichting van AEB tot het tijdig in gebruik nemen van een CO2-afvanginstallatie. Van de resterende faciliteit was per jaareinde 2023 een bedrag van EUR 20,5 miljoen getrokken. Het resterend beschikbare saldo van EUR 5,0 miljoen is op 25 juli 2024 opgenomen, waardoor deze faciliteit per 31 december 2024 volledig is benut. Het totaal van de liquide middelen plus het niet opgenomen bedrag van de doorlopende kredietfaciliteit minus het bedrag dat niet ter vrije beschikking staat, dient conform de financieringsovereenkomst op kwartaal einde minimaal EUR 10,0 miljoen te bedragen. De liquide middelen staan per balansdatum tot een bedrag van EUR 3,7 miljoen (2023: EUR 2,6 miljoen) niet ter vrije beschikking vanwege gestelde bankgaranties aan derden.
De afname van de liquide middelen wordt veroorzaakt door een negatieve kasstroom uit operationeleen investeringsactiviteiten van EUR 45,2 miljoen en aflossingen van EUR 5,4 miljoen op de langlopende Covid-19 belastingschulden, hetgeen grotendeels wordt gecompenseerd door opname van een aanvullend door de gemeente Amsterdam verstrekte Stand-by Facility van EUR 35,0 miljoen.
7.
Groepsvermogen
Het groepsvermogen per 31 december 2024 bedraagt EUR 33,5 miljoen (2023: EUR 61,8 miljoen). Voor een toelichting op het groepsvermogen wordt verwezen naar de toelichting op het eigen vermogen in de enkelvoudige jaarrekening (noot 31).
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
50
AEB Holding N.V. Amsterdam
8.
Voorzieningen
Het verloop van de voorzieningen kan als volgt worden weergegeven: Herstelkosten
Overig
Totaal
EUR 000
Reorganisa tie EUR 000
EUR 000
EUR 000
EUR 000
8.515
17.903
69
12.658
260
39.405
-
153
-
842
45
1.040
-239
-
-69
-
-
-308
8.276
18.056
-
13.500
305
40.137
Milieu
Afvoer bodemas
EUR 000 Stand per 1 januari 2024 Mutaties in het boekjaar 2024: • Toevoegingen ten laste van het resultaat • Onttrekkingen Stand per 31 december 2024
Milieu De milieuvoorziening heeft betrekking op het verwachte bedrag voor het opruimen en de beheersing van de aanwezige milieuvervuiling. De omvang van de voorziening is gebaseerd op een recente kostenraming door een extern ingenieursbureau waarbij rekening wordt gehouden met een risicoreservering. De verwachte saneringskosten liggen met een 70% betrouwbaarheidsinterval ongeveer tussen de EUR 5,7 miljoen en EUR 11,4 miljoen. De omvang van de voorziening wordt met name bepaald door een inschatting van (1) de hoeveelheid te saneren grond/bodemas, (2) de aard en mate van vervuiling, (3) de uit te voeren saneringswerkzaamheden en (4) de hierbij van toepassing zijnde tarieven. De voorziening heeft een looptijd langer dan 1 jaar maar korter dan 5 jaar. Afvoer bodemas De voorziening voor de afvoer van bodemas heeft betrekking op de totaal te verwachten kosten voor de afzet van de voorraad bodemassen, gesaldeerd met de in de voorraad bodemas aanwezige recyclemetalen en de daarmee samenhangende te verwachten opbrengsten. Vanwege de aanhoudende stikstofproblematiek in Nederland zijn de mogelijkheden voor de afvoer van bodemas nog steeds beperkt en is de voorraad opgeslagen bodemas op eigen terrein onverminderd hoog. De voorziening heeft een resterende looptijd van 3 jaar (2023: korter dan 1 jaar). Reorganisatie De reorganisatie is in 2024 afgerond.
Herstelkosten De voorziening voor herstelkosten is getroffen voor verplichtingen inzake ontmanteling en verwijdering van de installaties en het in oorspronkelijke staat terugbrengen van het terrein. De voorziening ter grootte van de verwachte herstelkosten wordt gevormd gedurende de verwachte gebruiksduur van de installaties tot en met 2042. De looptijd van de voorziening bedraagt dus meer dan 5 jaar. De toekomstige verplichting bedraagt naar verwachting EUR 27,0 miljoen op basis van een raming door een extern ingenieursbureau in 2024. Het ingenieursbureau hanteert hierbij een ondergrens van EUR 24,3 miljoen en een bovengrens van EUR 32,4 miljoen. Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
51
AEB Holding N.V. Amsterdam Overig De overige voorzieningen bestaan met name uit een voorziening voor verwachte toekomstige jubileumuitkeringen voor werknemers. De voorziening voor jubileumuitkeringen ter hoogte van EUR 0,3 miljoen (2023: EUR 0,2 miljoen) betreft een reservering voor opgebouwde rechten van werknemers voor toekomstige jubileumuitkeringen wanneer zij 25 of 40 jaar in dienst zijn. De voorziening heeft een verwachte looptijd langer dan 1 jaar.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
52
AEB Holding N.V. Amsterdam
9.
Langlopende schulden
Het verloop van de langlopende schulden is als volgt weer te geven: Schulden aan banken EUR 000
Lening aandeelhouder EUR 000
Overige schulden
Totaal
EUR 000
EUR 000
Hoofdsom Afgelost tot en met 31 december 2023
273.634 -128.320
218.972 -48.500
27.849 -7.540
520.455 -184.360
Restant totale hoofdsom per 1 januari 2024
145.313
170.472
20.309
336.094
429
12.429 -
-5.052 -
-5.052 12.429 429
429
12.429
-5.052
7.556
274.063 -128.320
231.401 -48.500
27.849 -12.592
533.313 -189.412
Restant totale hoofdsom per 31 december 2024
145.742
182.901
15.257
343.900
Kortlopend deel per 31 december 2024
-145.742
-
-5.548
-151.290
Langlopend per 31 december 2024
-
182.901
9.709
192.610
Resterende looptijd 1-5 jaar Resterende looptijd > 5 jaar
-
182.901 -
9.709 -
192.610 -
Mutaties in het boekjaar: Aflossingen en amortisatie Opname lening Geactiveerde financieringskosten Saldo Stand per 31 december 2024 Hoofdsom Afgelost tot en met 31 december 2024
Schulden aan banken In 2017 heeft een consortium van vier banken een financieringsfaciliteit van destijds EUR 300 miljoen aan AEB verstrekt. De thans daarvan nog resterende financieringsfaciliteit is volledig opgenomen. Een bedrag van EUR 0,4 miljoen aan afsluit- en overige financieringskosten is in mindering gebracht op de verstrekte leningen en zal over de looptijd van de leningen worden geamortiseerd en aan de leningen worden toegerekend. In 2018 is ten behoeve van de bouw van de bio-energiecentrale een bancair investeringskrediet van EUR 45 miljoen aan AEB Bio-energiecentrale B.V. verstrekt. Vanwege diverse financiële tegenvallers, met name de brand in de Hoogrendement Centrale (HRC) in mei 2023, de herhaalde ontploffingen van lachgascilinders in de installaties en de verwachte Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
53
AEB Holding N.V. Amsterdam doorlooptijd van het (inmiddels beëindigde) verkoopproces van AEB, zijn zowel de afspraken met het bankconsortium als met de gemeente Amsterdam aangepast met ingang van 17 juli 2024. De wijzigingen in de financieringsafspraken met het consortium behelsden op hoofdlijnen het volgende: (1) verlengen van de Facility A (EUR 58, 4 miljoen) en de doorlopende kredietfaciliteit (EUR 50 miljoen) tot 30 juni 2025 waarbij er geen sprake zal zijn van aflossingen tot het einde van de looptijd en (2) een aanpassing van de financiële convenanten. De looptijd van de door het consortium verstrekte Facility B (EUR 50 miljoen) is gedurende 2024 niet aangepast. De doorlopende kredietfaciliteit is voor een bedrag van EUR 24,5 miljoen aangewend ten behoeve van de aan de Staat der Nederlanden verstrekte bankgarantie die strekt tot zekerheid voor de nakoming van de verplichting tot het tijdig in gebruik nemen van een CO2-afvanginstallatie. In 2024 is de resterende ruimte van EUR 5,0 miljoen van de doorlopende kredietfaciliteit opgenomen. De door het consortium verstrekte bancaire financieringen zijn vanwege de resterende looptijd als kortlopend gepresenteerd en worden in 2025 geheel afgelost. De schuld aan het bankenconsortium draagt een variabel rentepercentage gebaseerd op de 3-maands Euribor notering vermeerderd met een opslag.
De hoogte van de opslag is gekoppeld aan de hoogte van de ‘net senior leverage ratio’ van AEB en bedraagt per ultimo 2024 2,00% voor Faciliteit A 2,6% voor Faciliteit B en 2,1% voor de doorlopende kredietfaciliteit. De variabele rente is tot ultimo boekjaar deels gehedged en daarna niet meer gehedged. Het bankconsortium heeft onder meer als leningsvoorwaarde gesteld dat de beoogde verkoop van AEB Holding N.V. door de gemeente Amsterdam zou worden gerealiseerd vóór 30 juni 2025. Het consortium heeft echter inmiddels, vanwege de geplande volledige aflossing van de bankschuld vóór 30 juni 2025, een ontheffing (waiver) van deze verplichting verleend tot uiterlijk 30 juni 2025. De looptijd van de aan AEB Bio-energiecentrale B.V. verstrekte Term Loan Facility (EUR 37.800) is maximaal 13 jaar en 4 maanden. De resterende looptijd is 8 jaar. De contractueel overeengekomen aflossing vindt plaats in 11 jaar gerekend vanaf maart 2021. De lening draagt een vast rentepercentage van 2,55%. AEB Bio-energiecentrale B.V. voldeed per 31 december 2024 niet aan alle leningsvoorwaarden. De lening is daarom per 31 december 2024 als een kortlopende schuld geclassificeerd. Gestelde zekerheden en schulden aan banken en financiële convenanten AEB Holding N.V. en AEB Exploitatie B.V.
zijn jegens het consortium van banken hoofdelijk aansprakelijk voor een ieders verplichtingen uit hoofde van de verstrekte lening. Voor de verstrekte lening zijn door AEB aan het consortium van banken zekerheden gesteld van eersterangs hypotheekrechten op registergoederen .Ook zijn eersterangs pandrechten gesteld op diverse roerende goederen, bankrekeningen, bepaalde verzekeringspenningen, intra-groep leningen en vorderingen uit hoofde van een optierecht zoals neergelegd in de verzelfstandigingsovereenkomst met de gemeente Amsterdam. Voor de vennootschap zijn eisen gesteld aan de hoogte van de ‘interest coverage ratio’ en de ‘net senior leverage ratio’. Tevens dient de vennootschap te voldoen aan een gedefinieerd minimum niveau van liquide middelen en onbenutte kredietfaciliteiten en zijn voorwaarden gesteld aan de (wijze van) aanwending van de beschikbaar gestelde faciliteiten. Voor de aan AEB Bio-energiecentrale B.V. verstrekte financiering heeft deze vennootschap zekerheden gesteld. Het betreft hypotheekrechten op onroerende goederen en pandrechten op bepaalde verzekeringspenningen en vorderingen. Voor AEB Bio-energiecentrale B.V.zijn eisen gesteld aan de hoogte van de ‘debt service coverage ratio’ en gelden tevens beperkingen voor wat betreft (1) het verstrekken van garanties en zekerheden en (2) het uitkeren van dividenden.
Tevens zijn de aandelen in de vennootschap AEB Bio-energiecentrale B.V. verpand en is door AEB Holding N.V. een garantie verstrekt. De financier heeft in 2024 de resterende garantie van EUR 1,26 miljoen afgeroepen. Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
54
AEB Holding N.V. Amsterdam Lening aandeelhouder Als onderdeel van de herfinanciering van de door het consortium van vier banken ter beschikking gestelde financieringsfaciliteiten zijn ook de financieringsafspraken met de aandeelhouder in 2024 gewijzigd. De wijzigingen in 2024 behelsden op hoofdlijnen het volgende: (1) een verhoging van de beschikbare faciliteit onder de Stand-by Facility Agreement met EUR 50 miljoen, (2) de per kwartaal verschuldigde rente wordt tot en met 30 september 2025 niet betaald, maar toegevoegd aan de door de aandeelhouder verstrekte faciliteiten, (3) de verschuldigde rente voor de aanvullende Stand-by Facility is verhoogd naar 10% en (4) verlenging van de Stand-by Facility tot 30 september 2025. De leningen zijn slechts aflosbaar na volledige aflossing van de door het consortium verstrekte faciliteiten. Bij insolventie van AEB zijn de verplichtingen aan de aandeelhouder achtergesteld ten opzichte van de Bankfinanciering Gestelde zekerheden lening aandeelhouder AEB Holding N.V. en AEB Exploitatie B.V. zijn jegens de kredietverstrekker hoofdelijk aansprakelijk voor een ieders verplichtingen uit hoofde van de verstrekte lening aandeelhouder. Voor de verstrekte lening zijn door AEB aan de kredietverstrekker tweederangs pandrechten afgegeven op diverse roerende zaken, bankrekeningen, bepaalde verzekeringspenningen en intra-groep leningen.
Tevens zijn tweederangs hypotheekrechten gevestigd op onroerende goederen. Overige schulden De overige langlopende schulden betreffen het langlopende deel van de belastingschulden die het gevolg zijn van het bijzondere uitstel van betaling van belastingen (tot 1 oktober 2027) in verband met COVID-19. Herfinanciering 2025 Middels een herfinanciering door de gemeente Amsterdam wordt de bankfinanciering per 30 juni 2025 afgelost. Deze herfinanciering behelst onder meer het volgende: 1. Conversie van de door de aandeelhouder verstrekte stand-by faciliteit en langlopende lening in eigen vermogen voor een totaalbedrag van EUR 222,3 miljoen. De conversie van deze financiering is inclusief de tot 30 juni 2025 verschuldigde rente. Het resterende saldo van de per jaareinde door de aandeelhouder verstrekte financiering bedraagt daarmee EUR 28,1 miljoen per 30 juni 2025. 2. Verstrekking van een rekening-courantfaciliteit met een looptijd van 5 jaar en met een maximale omvang van EUR 21,5 miljoen in 2025. De benodigde omvang van de faciliteit wordt jaarlijks in overleg met de aandeelhouder bepaald. De verschuldigde rente bedraagt 4,7%. 3. Verstrekking van een lening met een looptijd van 5 jaar ten bedrage van EUR 158,4 miljoen.
Deze lening wordt met name aangewend om de door het bankconsortium verstrekte financiering af te lossen en zekerheid te stellen voor de aan de Staat der Nederlanden verstrekte bankgarantie die strekt tot zekerheid voor de nakoming van de verplichting tot het tijdig in gebruik nemen van een CO2-Afvanginstallatie. De verschuldigde rente bedraagt 4,7%. In de nieuwe leningsovereenkomst worden eisen gesteld aan de hoogte van de “interest coverage ratio” en “Funds from Operations/Net Debt ratio”. AEB Holding N.V. en AEB Exploitatie B.V. zijn jegens de gemeente Amsterdam wederom hoofdelijk aansprakelijk voor een ieders verplichtingen uit hoofde van de bovenstaande door de gemeente Amsterdam verstrekte financiering. Voor deze financiering worden aan de gemeente Amsterdam pandrechten afgegeven op diverse roerende zaken, bankrekeningen, bepaalde verzekeringspenningen en vorderingen. Tevens worden hypotheekrechten gevestigd op onroerende goederen. Daarnaast zal ten behoeve van de gemeente Amsterdam - direct na 30 juni 2025 Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
55
AEB Holding N.V. Amsterdam of later op eerste verzoek van de gemeente - een zekerheidsrecht worden gevestigd op alle bestaande en toekomstige vermogensbestanddelen.
10.
Kortlopende schulden en overlopende passiva 31 december 2024 EUR 000
31 december 2023 EUR 000
145.744 25.520 58.118 15.639 25.007 485 7.074 38.197
37.549 20.520 25.084 4.378 26.193 20.096 802 144 30.707
315.784
165.473
Kortlopende verplichtingen aan banken Doorlopende kredietfaciliteit banken Stand-by Facility aandeelhouder Schulden aan gemeente Amsterdam en stadsdelen Schulden aan leveranciers en handelskredieten Te betalen belastingen en premies sociale verzekeringen Schulden ter zake van pensioenen Overige schulden Overlopende passiva
De kortlopende schulden en overlopende passiva hebben een (resterende) looptijd van korter dan één (1) jaar. De reële waarde van in de balans opgenomen kortlopende schulden benaderen de boekwaarde daarvan. Kortlopende verplichtingen aan banken De onder ‘Aflossingen langlopende schulden aan banken’ opgenomen verplichtingen betreffen de op 17 juli 2024 overeengekomen finale aflossing van Faciliteit A en B aan het consortium van banken en de als kortlopende verplichting gerubriceerde financiering van AEB Bio-energiecentrale B.V. Faciliteit A en B worden per 30 juni 2025 afgelost. De doorlopende kredietfaciliteit is tot 30 juni 2025 beschikbaar gesteld. Stand-by Facility aandeelhouder De beschikbare faciliteit is gedurende 2024 verhoogd met EUR 50 miljoen (tot EUR 75 miljoen), waarvan ultimo 2024 EUR 30 miljoen is opgenomen. Daarnaast is de verschuldigde rente toegevoegd aan het saldo van de Stand-by Facility. Deze faciliteit is oorspronkelijk tot 30 september 2025 beschikbaar gesteld, maar is onderdeel van de beoogde conversie per 30 juni 2025. Schulden aan gemeente Amsterdam en stadsdelen Ultimo 2024 is geen sprake van te verrekenen bedragen met de gemeente Amsterdam, anders dan zoals opgenomen onder de overlopende activa.
Schulden aan leveranciers en handelskredieten De schuld aan leveranciers is met name lager doordat in december 2023 veel facturen zijn ontvangen die in 2024 vervallen en door de in december 2023 toegepaste langere betalingstermijnen. Te betalen belastingen en premies sociale verzekeringen Het totaal van de af te dragen belastingen is vergelijkbaar met vorig jaar.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
56
AEB Holding N.V. Amsterdam Overige schulden De overige schulden zijn toegenomen doordat in tegenstelling tot voorgaand jaar geen voorlopige ASB restitutie aan klanten heeft plaatsgevonden. Overlopende passiva De toename van de overlopende passiva betreft met name een van een opdrachtgever ontvangen voorschot (EUR 12,2 miljoen) voor investeringen in een warmtewisselaar die in de toekomst tegen afschrijvingen zal worden verrekend. Dit voorschot heeft voor EUR 12,0 miljoen een langlopend karakter. Anderzijds is sprake van een afname (EUR 4,7 miljoen) van (1) te verrekenen voorschotten SDE+ subsidie door het gerealiseerde subsidierecht over het jaar 2024 .
11.
Financiële instrumenten en risico’s
Algemeen De Groep maakt in de normale bedrijfsuitoefening gebruik van uiteenlopende financiële instrumenten die de Groep blootstellen aan markt-, valuta-, rente-, kasstroom-, krediet- en liquiditeitsrisico’s. Om deze risico’s te beheersen heeft de onderneming een beleid inclusief een stelsel van limieten en procedures opgesteld om de risico’s van onvoorspelbare, ongunstige ontwikkelingen op de financiële markten en daarmee op de financiële prestaties van de Groep, te beperken. Kredietrisico AEB loopt kredietrisico over vorderingen opgenomen onder handels- en overige vorderingen, met een totaal van EUR 73,6 miljoen (2023: EUR 57,7 miljoen) en liquide middelen ter hoogte van EUR 26,1 miljoen (2023: EUR 41,4 miljoen). Het kredietrisico over de handels- en overige vorderingen is niet geconcentreerd bij een beperkt aantal tegenpartijen. Verkoop vindt plaats aan afnemers die voldoen aan de kredietwaardigheidstoets van de vennootschap en op basis van krediettermijnen tussen de 30 en 60 dagen. Indien daar aanleiding voor is worden aanvullende zekerheden gevraagd, waaronder garantiestellingen. De liquide middelen staan uit bij banken die minimaal een A-rating hebben. De blootstelling aan kredietrisico’s van de Groep wordt hoofdzakelijk bepaald door de individuele kenmerken van de afzonderlijke afnemers.
Daarnaast houdt het management ook rekening met de demografische aspecten van het klantenbestand en het risico op wanbetaling in de sector waarin de afnemers actief zijn, aangezien deze factoren van invloed zijn op het kredietrisico. De vennootschap heeft krediet verstrekt aan maatschappijen waarin wordt deelgenomen. Renterisico en kasstroomrisico Het beleid van de Groep is gericht op het realiseren van een hoge voorspelbaarheid van de kasstromen in verband met toekomstige rentebetalingen. AEB loopt renterisico over rentedragende langlopende en kortlopende schulden, met name de schulden aan het bankenconsortium. Voor die schulden gelden variabele renteafspraken met een renteherziening per kwartaal waardoor AEB risico loopt ten aanzien van toekomstige kasstromen. Met betrekking tot deze variabele rente is de looptijd van de door AEB gecontracteerde renteswaps per 31 december 2024 verstreken. In 2023 had AEB renteswaps gecontracteerd ter hoogte van 55% van de onderliggende getrokken financiering, zodat zij variabele rente ontvangt en vaste rente betaalt. De effectieve rentepercentages ultimo boekjaar zijn: (1) 7,1% en 10% (2023: 7,1%) voor de achtergestelde lening, respectievelijk, de stand-by faciliteit en (2) tussen 4,8% en 5,3% (2023: tussen 2,4% en 3,1%) voor de leningen van de banken.
Valutarisico Het valutarisico voor AEB heeft betrekking op posities en toekomstige transacties in Britse ponden. In overeenstemming met het vastgestelde treasurystatuut heeft AEB bepaald dat een deel van deze Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
57
AEB Holding N.V. Amsterdam valutarisico’s worden ingedekt. Tot februari 2020 is hiervoor gebruik gemaakt van valutaswaps. Vanaf 2021 heeft AEB vrijwel geen contracten die in Britse ponden worden afgerekend. Prijsrisico AEB loopt prijsrisico’s, omdat de prijzen die worden gerealiseerd met afvalverwerking en energielevering kunnen fluctueren. Een belangrijk deel van de contracten inzake afvalverwerking en energielevering is langlopend. De toegepaste tarieven op grond van de afvalverwerkingscontracten worden jaarlijks geïndexeerd in lijn met de inflatie. Ten aanzien van energielevering maakt AEB voor een deel gebruik van commodity swaps om de effecten van prijsschommelingen op het resultaat te beperken. In het treasurystatuut is onder meer vastgesteld dat AEB hierbij geen speculatieve posities in mag nemen. De geleverde stroom wordt door AEB zelf geproduceerd. Indien dit niet toereikend is om aan de leveringsverplichtingen te voldoen koopt AEB elektriciteit in op de markt tegen de spotprijs waarover AEB dan weer een prijsrisico loopt. Liquiditeitsrisico AEB maakt gebruik van meerdere banken om over meerdere kredietfaciliteiten te kunnen beschikken. Voor zover noodzakelijk, worden nadere zekerheden verstrekt aan deze banken betreffende deze kredietfaciliteiten, zie voor nadere details de toelichting onder langlopende schulden. Periodiek worden liquiditeitsbegrotingen opgesteld.
Door tussentijdse monitoring en eventuele bijsturing worden liquiditeitsrisico’s beheerst. Kortlopende schulden De reële waarde van de kortlopende schulden benadert de boekwaarde vanwege het kortlopende karakter ervan.
12.
Niet in de balans opgenomen activa en verplichtingen
Leaseverplichtingen AEB is langlopende onvoorwaardelijke verplichtingen aangegaan ter zake van operationele lease; huuren erfpachtverplichtingen betreffende grond en leaseverplichtingen betreffende het wagenpark. De operationele leasekosten worden in de winst- en verliesrekening verwerkt in de periode waarop zij betrekking hebben. De resterende looptijd kan als volgt worden gespecificeerd:
Niet langer dan 1 jaar Tussen 1 en 5 jaar Langer dan 5 jaar
Huur- en erfpacht EUR 000
Wagenpark EUR 000
3.091 11.633 48.723
511 851 -
63.447
1.362
De resterende looptijd van de erfpachtverplichtingen ligt tussen 15 en 22 jaar. Met betrekking tot de vermelde leasebetalingen zijn geen sub-leaseontvangsten en overige bestanddelen van leaseovereenkomsten van toepassing. Garanties AEB heeft van derden zekerheden in de vorm van garanties ontvangen ten bedrage van EUR 4,1 miljoen (2023: EUR 3,3 miljoen). AEB heeft zekerheden aan derden verstrekt in de vorm van garanties ten Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
58
AEB Holding N.V. Amsterdam bedrage van EUR 25,4 miljoen (2023: EUR 26,7 miljoen). De verstrekte garanties hebben met name betrekking op het CO2 afvang project. Aansprakelijkheid bij een fiscale eenheid AEB Holding N.V. vormt in 2024 met AEB Exploitatie B.V. een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting. Op grond van de Invorderingswet zijn AEB Holding N.V. en de met haar gevoegde dochteronderneming ieder hoofdelijk aansprakelijk voor de door de combinatie verschuldigde vennootschapsbelasting. In de jaarrekening van AEB Exploitatie B.V. wordt een belastinglast berekend op basis van het door die B.V. behaalde commerciële resultaat. Door AEB Holding N.V. wordt met AEB Exploitatie B.V. via de rekening-courantverhouding afgerekend. Subsidies In verband met de toekomstige exploitatie van de bio-energiecentrale is een SDE++ subsidie toegekend. De subsidieperiode eindigt op 30 juni 2032 met een mogelijke verlenging van 1 jaar. De omvang van de subsidie is onder meer afhankelijk van de toekomstige productieomvang en het daadwerkelijke subsidietarief. Inkoopverplichting AEB Bio-energiecentrale B.V. is een inkoopverplichting aangegaan voor minimale afnamevolumes voor houtige biomassa voor een periode van 12,5 jaar. In het geval AEB Bio-energiecentrale B.V. de overeengekomen volumes niet afneemt kan de leverancier de biomassa aan derden leveren.
Om eventuele meerkosten te dekken die als gevolg hiervan ontstaan zal AEB Bio-energiecentrale B.V. in dat geval 50% van de overeengekomen prijs betalen (behalve bij overmacht waaronder in ieder geval begrepen de ongeplande stilstand van de centrale). De leverancier zal al het mogelijke doen om de kosten voortvloeiend uit bovenstaande tot een minimum te beperken en AEB Bio-energiecentrale B.V. volledig en tijdig informeren over de te nemen stappen. Sinds het vierde kwartaal van 2021 heeft de resterende gecontracteerde leverancier aangegeven niet aan de overeengekomen leveringsverplichtingen tegen de overeengekomen prijzen te kunnen voldoen. Claims Tegen AEB zijn (diverse) claims ingediend die door haar worden betwist. Hoewel de afloop van deze geschillen niet met zekerheid kan worden voorspeld, wordt, voor zover een reeds getroffen reservering voor verwachte uitstroom van middelen en ingewonnen juridisch advies, aangenomen dat deze geen verdere nadelige invloed van betekenis zal hebben op de geconsolideerde financiële positie. Tevens heeft AEB (diverse) claims ingediend bij externe partijen, met name in verband met de brand in de eruimte van de HRC en schade door lachgasincidenten. Gezien de onzekerheid van de juridische afwikkeling kan de afloop van deze geschillen niet met zekerheid worden voorspeld.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
59
AEB Holding N.V. Amsterdam
Toelichting op de geconsolideerde winst- en verliesrekening 13.
Netto-omzet
Onderstaand is een overzicht opgenomen van de netto-omzet die in de verschillende te onderkennen opbrengstenstromen is behaald in de onderscheiden geografische gebieden: Opbrengstenstroom
Geografisch gebied
Afvalverwerking Energie Recyclematerialen Slibverwerking Subtotaal
Nederland Nederland Nederland Nederland Nederland
Afvalverwerking
Duitsland Verenigd Koninkrijk Italië Buitenland
Subtotaal Totaal netto-omzet
2024 EUR 000
2023 EUR 000
96.899 88.965 7.581 193.445
86.177 90.741 7.687 85 184.690
15 150 4.080 4.245
700 1.160 2.926 4.786
197.690
189.476
Afvalverwerking De toename van de omzet afvalverwerking (inclusief buitenlands afval) houdt verband met lagere volumes verwerkt afval in 2023 als gevolg van een brand in een van de e-ruimtes (elektrische en elektronische besturing) van de Hoogrendement Centrale, desintegratie van het blusgas systeem, een verminderde impact van lachgasincidenten in 2024 (lachgascilinders in het afval die exploderen in de installaties) en minder uitval van bunkerkranen. Daarnaast is in 2024 een hogere gemiddelde prijs voor de verwerking van afval gerealiseerd. Verwerking buitenlands afval Om een afvaltekort te voorkomen is afval van andere aanbieders uit Italië, Verenigd Koninkrijk en Duitsland gecontracteerd. Energie De afgenomen omzet is een gevolg van lagere warmteprijzen en verslechterde marktomstandigheden voor de handel van Groencertificaten. Daarnaast heeft in 2023 afrekening plaatsgevonden van certificaten over voorgaande jaren. Dit effect is gedeeltelijk gecompenseerd door toename van de omzet elektriciteit, die een direct gevolg is van de onder Afvalverwerking genoemde ontwikkelingen en toename van de spot prijzen voor elektriciteit. Recyclematerialen De daling van de omzet recyclematerialen wordt met name veroorzaakt door een afgenomen productie van kunststoffen (met name folies) en drankenkartons in de scheidingsinstallatie.
Dit is het gevolg van het omleiden van afval, dat zonder recyclematerialen aan AEB wordt geretourneerd.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
60
AEB Holding N.V. Amsterdam Slibverwerking De afname van de omzet is veroorzaakt doordat deze activiteiten begin 2023 zijn beëindigd.
14.
Geactiveerde productie voor het eigen bedrijf
De geactiveerde productiekosten (uren personeel), EUR 0,8 miljoen (2023: EUR 0,5 miljoen), hebben betrekking op investeringsprojecten en zijn in de balans verantwoord onder de materiële vaste activa.
15.
Overige bedrijfsopbrengsten
Subsidie overheid Overige opbrengsten
2024 EUR 000
2023 EUR 000
4.640 566 5.206
39 39
Subsidie overheid De subsidie overheid betreft SDE+ subsidie voor duurzaam geproduceerde energie via een warmtewisselaar. Het subsidierecht in een jaar wordt gebaseerd op de futureprijzen van het jaar daarvoor. Doordat in 2023 sprake was van lage futureprijzen is in het boekjaar 2024 in tegenstelling tot voorgaand jaar wel sprake van subsidierechten. Overige opbrengsten Dit betreft met name een schade-uitkering door de CAR- verzekeraars na een langdurige juridische procedure betreffende een incident in 2014.
16.
Kosten van grond- en hulpstoffen 2024 EUR 000
Kosten van de omzet afvalverwerking Kosten van de omzet energie Kosten van de omzet recyclematerialen en bodemas Verwerking reststoffen Kosten chemicaliën en hulpstoffen
2023 EUR 000
8.121 6.365 2.818 7.723 6.569
7.879 10.326 6.846 7.060 6.570
31.596
38.681
Kosten van de omzet afvalverwerking Om de impact van lachgasincidenten te beperken is in 2024 op het terrein van AEB een inspectiestraat ingericht. Hierdoor zijn de kosten voor het omleiden van afval omlaag gegaan. Door het betalen van een vergoeding voor beëindiging van een leveringsovereenkomst met een take or pay clausule laten de kosten desondanks een kleine toename zien. Kosten van de omzet energie De kosten van de omzet energie betreffen met name de inkoop van houtige biomassa en transportkosten voor elektriciteit. Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
61
AEB Holding N.V. Amsterdam De kosten voor de inkoop van biomassa zijn afgenomen door (1) een lagere prijs per ton en (2) een vergoeding van een voormalig leverancier van biomassa voor het niet nakomen van leveringsafspraken. De transportkosten elektriciteit zijn lager doordat een geschil met de netwerkbeheerder over de interpretatie van de leveringscondities van elektriciteit in het voordeel van AEB is beslecht, waardoor een in 2023 opgenomen reservering in het huidige boekjaar is vrijgevallen. Kosten van de omzet recyclematerialen en bodemas De afname van de kosten behelst met name gedaalde tarieven voor het opwerken en afzetten van bodemas en een hoger dan verwachte metaalopbrengsten. Verwerking reststoffen De hogere kosten zijn met name het gevolg van toegenomen afvoer van vliegas en rookgasreinigingsresidu. Kosten chemicaliën en hulpstoffen De kosten voor het verbruik van chemicaliën en hulpstoffen zijn lager als gevolg van prijsdalingen van chemicaliën. Dit betreft met name natronloog, calciumcarbonaat en ammoniak, waarvan de kostprijs sterk afhankelijk is van de energieprijs. Dit wordt echter gecompenseerd door een hoger verbruik, waardoor de totale kosten vergelijkbaar zijn met vorig jaar.
17.
Kosten van uitbesteed werk en andere externe kosten 2024 EUR 000
Inhuur externe diensten Materiaal uit magazijn Personeel van derden
2023 EUR 000
32.141 2.823 16.251
30.010 2.867 11.032
51.215
43.909
De kosten van uitbesteed werk en andere externe kosten betreffen in belangrijke mate regelmatig voorkomende correctieve- en preventieve onderhoudskosten en schoonmaakkosten van machines en installaties. De toename heeft te maken met (1) preventieve- en correctieve onderhoudskosten als gevolg van lachgasincidenten en overige ongeplande stops, (2) correctieve onderhoudskosten als gevolg van schade aan de warmtewisselaar en cycloon en snellere slijtage van de economizer in de bioenergiecentrale en (3) gestegen inzet en tarieven voor inhuur personeel en externe diensten.
18.
Lonen en salarissen 2024 EUR 000
Lonen en salarissen Sociale lasten Pensioenlasten
2023 EUR 000
28.686 3.870 3.941
26.058 3.554 3.639
36.497
33.251
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
62
AEB Holding N.V. Amsterdam De kosten voor lonen en salarissen zijn in 2024 toegenomen door (1) een toename van het aantal fte’s, (2) een periodieke verhoging per 1 januari en een CAO loonsverhoging per 1 april 2024 (resulterend in een verhoging van 5,5%) Dit verklaart ook de toegenomen sociale lasten en pensioenen. De pensioenlasten bestaan geheel (2023: geheel) uit de met de pensioenuitvoerder overeengekomen premie. De dekkingsgraad van het pensioenfonds ABP per 31 december 2024 bedraagt 111,9% (31 december 2023: 110,5%). Het gemiddeld aantal werknemers bij de Groep, berekend op fulltime basis, is 334 (2023: 320 werknemers). Hiervan waren geen werknemers (2023: geen) werkzaam buiten Nederland. 2024
Directie Productie Verkoop Ondersteunende functies
19.
3 254 9 69 334
2023
1 247 9 63 320
Afschrijvingen en (terugname) bijzondere waardeverminderingen op immateriële en materiële vaste activa 2024 EUR 000
Afschrijvingen op immateriële vaste activa Afschrijvingen op materiële vaste activa Terugname bijzondere waardevermindering op materiële vaste activa Totaal
2023 EUR 000
781 55.597 56.378
108 42.728 -1.661 41.175
De reguliere afschrijvingen op immateriële en materiele vaste activa zijn toegenomen als gevolg van hogere afschrijvingen op projecten uit het meerjarig onderhoudsplan en ingebruikname van projecten. De terugname bijzondere waardevermindering op materiële vaste activa in 2023 betreft een gedeeltelijke terugname op in het verleden uitgevoerde bijzondere waardevermindering op de bioenergiecentrale. In het huidige boekjaar is geen sprake van triggering events die hebben geresulteerd in het verwerken van een bijzondere waardevermindering, of (gedeeltelijke) terugname daarvan.
20.
Overige bedrijfskosten 2024 EUR 000
Erfpacht en huurkosten Onderzoek en advies Verzekeringen Voertuigen Overige bedrijfslasten
2023 EUR 000
3.338 7.393 10.253 3.886 11.678
3.246 7.088 9.414 3.316 12.895
36.548
35.959
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
63
AEB Holding N.V. Amsterdam Erfpacht- en huurkosten De erfpacht- en huurkosten betreffen met name kosten van erfpacht en zijn vanwege het grotendeels achterwege blijven van indexatie van de erfpachttarieven in 2024 vergelijkbaar met 2023. Onderzoek en advies De toename in onderzoek en advieskosten heeft met name betrekking op het CO2-afvang project (EUR 0,2 miljoen). Verwacht wordt dat in 2025 een definitief besluit wordt genomen over de beoogde investering in de CO2-afvanginstallatie. Zolang hierover geen definitief besluit is genomen worden de projectkosten als kosten van Onderzoek en advies opgenomen. Daarnaast is sprake van hogere accountantskosten als gevolg van afrekening van meerwerk betreffende de controle van de jaarrekening 2023. Verzekeringen De stijging van verzekeringspremies wordt veroorzaakt door de all-risks verzekering (property damage & business interruption) waarin door inflatie een hogere nieuwbouwwaarde de basis is voor de premie. Daarnaast is vanaf de prolongatiedatum 1 augustus 2024 het maximaal uit te keren schadebedrag verhoogd van EUR 200 miljoen naar EUR 400 miljoen. Voertuigen In 2024 zijn de uitgaven voor de inhuur van materieel, met name als gevolg van prijsindexatie en inhuur voor het uitladen van de trein met afval uit Italië, verder toegenomen.
Overige bedrijfslasten De afname in de overige bedrijfslasten wordt met name veroorzaakt door (1) een lagere dotatie aan de voorziening milieu (EUR 1,4 miljoen) en (2) een lagere dotatie aan de voorziening dubieuze debiteuren als gevolg van het afgenomen risicoprofiel van de per balansdatum openstaande vorderingen.
21.
Financiële baten en lasten 2024 EUR 000
Rentebaten en soortgelijke opbrengsten Rentekosten en soortgelijke kosten
2023 EUR 000
660 -23.792
421 -17.540
-23.132
-17.119
De rentebaten bestaan voornamelijk uit berekende rente van EUR 0,5 miljoen (2023: EUR 0,4 miljoen) over het kapitaalbeslag van de latente vordering afvalstoffenbelasting op de fiscus vanwege de opgeslagen voorraad bodemas. De toename van de rentelasten in 2024 wordt met name veroorzaakt door (1) een verhoging van de renteopslag op de leningen met het bankenconsortium, welke het gevolg is van het gestegen 12-maands Euribor tarief, (2) de aanvullend ter beschikking gestelde Stand-by Facility (waarvan per 31 december 2024 EUR 30 miljoen additioneel is opgenomen) en verhoging van het tarief op deze aanvullende faciliteit ten opzichte van de bestaande faciliteit van 7,1% naar 10%.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
64
AEB Holding N.V. Amsterdam
22.
Belastingen 2024 EUR 000
Belastinglast boekjaar (acuut) Overige mutaties Mutatie belastinglatentie u.h.v. tijdelijke waarderingsverschillen Mutatie belastinglatentie u.h.v. beschikbare compensabele verliezen
2023 EUR 000
-46 6.804 -3.279
-35 -6.180 -180
3.479
-6.395
Het toepasselijke belastingtarief bedraagt 25,8% (2023: 25,8%). De belastingbate in de winst- en verliesrekening over 2024 bedraagt EUR 3,5 miljoen, ofwel 11,0% van het resultaat vóór belastingen (2023: -32 %). Het effectieve belastingtarief wijkt met name af van het toepasselijke belastingtarief als gevolg van een aanpassing in de waardering van de beschikbare compensabele verliezen. Belastinglast boekjaar (acuut) De belastinglast kan als volgt worden gespecificeerd: 2024 EUR 000
2023 EUR 000
Resultaat vóór belastingen Permanente verschillen fiscaal en commercieel resultaat vóór belastingen Tijdelijke verschillen fiscaal en commercieel resultaat vóór belastingen
-31.630 189
-20.115 -850
5.006
-12.751
Belastbaar resultaat vóór belastingen Mutatie van (verrekend met) beschikbare fiscale verliezen
-26.435 -
-33.716 -
Restant belastbaar resultaat vóór belastingen
-26.435
-33.716
-
-
Belastinglast boekjaar (acuut) Mutatie latente belastingverplichting u.h.v. tijdelijke waarderingsverschillen
2024 EUR 000
Latente belastingen u.h.v. tijdelijke waarderingsverschillen per 1 januari Mutatie door wijzigingen in tijdelijke waarderingsverschillen Aanpassing tarief vennootschapsbelasting
2023 EUR 000
-17.237
-11.056
6.804 -
-6.181 -
-10.433
-17.237
De tijdelijke waarderingsverschillen hebben betrekking op de volgende jaarrekeningposten: materiële vaste activa, voorzieningen en reservering vakantiegeld en -dagen. Tevens wordt verwacht dat in toekomstige jaren voor EUR 36,9 miljoen aan - eerder aan rente aftrekbeperking onderhavige rentelasten alsnog ten laste van de fiscale resultaten kunnen worden gebracht. Deze mogelijkheid van Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
65
AEB Holding N.V. Amsterdam rente compensatie werd in voorgaande jaren niet gewaardeerd en resulteert in 2024 in een hogere waardering van de latentie uit hoofde van tijdelijke verschillen. Mutatie latente belastingvordering u.h.v. beschikbare compensabele verliezen De beschikbare compensabele verliezen zijn tot waardering gebracht in de commerciële jaarrekening voor zover de verliezen verrekend kunnen worden met (verwachte) toekomstige fiscale winsten. De beschikbare compensabele verliezen kunnen als volgt worden gespecificeerd: 2024 EUR 000
2023 EUR 000
Beschikbare compensabele verliezen per 1 januari Aanpassing beschikbare verliezen uit voorgaande periode Mutatie van (verrekend met) beschikbare fiscale verliezen Verdamping van beschikbare fiscale verliezen
173.320 1.423 26.435 -
136.080 3.524 33.716 -
Beschikbare compensabele verliezen per 31 december
201.178
173.320
Per 31 december gewaardeerd o.b.v. het gewogen gemiddelde toepasselijke belastingtarief (latente belastingvordering)
26.830
30.109
De mutatie van de gewaardeerde beschikbare compensabele verliezen van EUR 3,3 miljoen ten opzichte van ultimo 2023 is als belastinglast verantwoord in de winst- en verliesrekening. Deze aangepaste waardering vloeit voort uit aangepaste inschattingen van de mogelijkheid om toekomstige fiscale winsten te compenseren, met name als gevolg van de verwachte mogelijkheid van toekomstige rentecompensatie. De gewaardeerde beschikbare compensabele verliezen zijn hierdoor met EUR 12,7 miljoen afgenomen tot een totaal van EUR 104,0 miljoen. Dit is overeenkomstig het bedrag dat de Groep in de toekomst verwacht te kunnen realiseren. De afname is het gevolg van een aanpassing van de waardering van beschikbare verliezen in AEB Exploitatie B.V.
23.
Aandeel in resultaat van niet-geconsolideerde ondernemingen waarin wordt deelgenomen
Het aandeel in het resultaat van de deelneming Recycling Service Centrum B.V. bedraagt in 2024 EUR -0,1 miljoen (2023: EUR 0,2 miljoen).
24.
Transacties met verbonden partijen
Van transacties met verbonden partijen is sprake wanneer een relatie bestaat tussen de onderneming en een natuurlijk persoon of entiteit die verbonden is met de onderneming. Dit betreffen onder meer de relaties tussen de onderneming en haar deelnemingen, de aandeelhouders, de bestuurders en de functionarissen op sleutelposities. Onder transacties wordt verstaan een overdracht van middelen, diensten of verplichtingen, ongeacht of er een bedrag in rekening is gebracht. Er hebben zich geen transacties met verbonden partijen voorgedaan op niet-zakelijke grondslag. In de normale bedrijfsactiviteiten kopen en verkopen de groepsondernemingen goederen en diensten van en aan joint venture(s) en van en aan deelnemingen waarop invloed van betekenis kan worden uitgeoefend. Deze transacties worden over het algemeen op zakelijke grondslag uitgevoerd tegen voorwaarden die vergelijkbaar zijn met die van transacties met derden. Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
66
AEB Holding N.V. Amsterdam Gemeente Amsterdam De gemeente Amsterdam is enig aandeelhouder van AEB Holding N.V., daarnaast heeft de gemeente tijdelijke liquiditeitssteun, een achtergestelde lening en een Stand-by Facility verstrekt aan de Groep. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar noot 9 ‘Langlopende schulden’ en noot 10 ‘Kortlopende schulden en overlopende passiva’. Tevens biedt de gemeente Amsterdam haar huishoudelijk afval tegen een marktconform tarief ter verwerking aan bij de Groep.
25.
Afgeleide financiële instrumenten
De renteswaps waren aangegaan voor dekking van het renterisico op de langlopende schulden aan banken en kenden een looptijd tot 31 december 2024. De rentevergoeding op deze schulden is de 3maands Euribor met een opslag. Het renterisico op deze variabele Euribor rentecomponent was ultimo 2023 voor 55% van de onderliggende waarde gemitigeerd. De reële waarde van de renteswaps bedroeg ultimo 2024 EUR 1,5 miljoen positief. De commodity-swaps dienen ter beperking van het prijsrisico inzake elektriciteit voor het geproduceerde volume dat op de markt wordt verkocht. Commodity swaps zijn afgesloten voor de verkoop van de geplande productie van elektriciteit van de eerstvolgende drie jaren tot een maximum van 65 MW per jaar (ongeveer 73% van het jaartotaal). Per ultimo 2024 is de prijs van 1,4 TWh (2023: 1,0 TWh) met commodity swaps gehedged. Dit is 55% van de geplande verkoop van elektriciteit op de markt in de periode 2025 – 2027 (2023: 39%). De reële waarde van de commodity-swaps bedraagt EUR 3,2 miljoen positief (2023: EUR 7,1 miljoen negatief). De reële waarde is gebaseerd op het verschil tussen de swap-prijs en de forward prijs op maandbasis voor de gecontracteerde volumes op balansdatum. De veranderingen in de reële waarde van de afgeleide financiële instrumenten waarop hedgeaccounting wordt toegepast, zijn als volgt uit te splitsen:
Renteswaps Commodity-swap
2024 EUR 000 Waardeverandering effectief deel hedge-relatie -1.551 10.297 8.746
2024 EUR 000 Waardeverandering ineffectief deel hedgerelatie -
2024 EUR 000 Waarvan in de winst- en verliesrekening
-
-
De kritische kenmerken van de renteswaps en de commodity-swaps zijn gelijk aan de afgedekte positie, waarbij de hoofdsom van de instrumenten maximaal gelijk is aan de afgedekte positie. Hierdoor is er geen sprake van ineffectiviteit in deze hedge-relaties.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
67
AEB Holding N.V. Amsterdam
26.
Honoraria van de onafhankelijke accountant
De volgende honoraria van de onafhankelijke accountant zijn ten laste gebracht van de onderneming, haar dochtermaatschappijen en andere maatschappijen die zij consolideert, een en ander zoals bedoeld in artikel 2:382a lid 1 en 2 BW. De in onderstaande tabel vermelde honoraria voor het onderzoek van de jaarrekening hebben betrekking op de totale honoraria voor het onderzoek van de jaarrekening, ongeacht of de werkzaamheden al gedurende het boekjaar zijn verricht. 2024
Controle van de jaarrekening Andere controlewerkzaamheden Fiscale advisering Andere nietcontrolediensten
Bedrag externe accountant en accountantsorganisatie EUR 000
Bedrag netwerkorganisatie
Bedrag totaal
EUR 000
EUR 000
456 -
-
456 -
34
-
34
490
-
490
Bedrag externe accountant en accountantsorganisatie EUR 000
Bedrag netwerkorganisatie
Bedrag totaal
EUR 000
EUR 000
804 -
-
804 -
23
-
34
827
-
827
2023
Controle van de jaarrekening Andere controlewerkzaamheden Fiscale advisering Andere nietcontrolediensten
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
68
AEB Holding N.V. Amsterdam
27.
Gebeurtenissen na balansdatum
Verkoop AEB Holding N.V. Op 12 februari 2025 heeft de gemeente Amsterdam besloten AEB niet te verkopen maar voor de langere termijn als deelneming aan te houden. De gemeente zal de consortium financiering overnemen en zich voor de langere termijn beraden op het aantrekken van externe financiering. Voor een nadere toelichting wordt verwezen naar noot 9 ‘Langlopende schulden’.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
69
AEB Holding N.V. Amsterdam
Enkelvoudige jaarrekening
• • •
Enkelvoudige balans Enkelvoudige winst- en verliesrekening Toelichting op de enkelvoudige jaarrekening
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
70
AEB Holding N.V. Amsterdam
Enkelvoudige balans per 31 december 2024
(vóór resultaatbestemming)
Vaste activa Financiële vaste activa Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa Liquide middelen
31 december 2024 EUR 000
31 december 2023 EUR 000
28
11.049
196.869
29
415.025
194.560
30
6.372
17.362
11.049
421.397 432.446
196.869
211.922 408.791
Eigen vermogen Geplaatst en gestort kapitaal Agio Wettelijke reserves Overige reserves Onverdeeld resultaat
31
Voorzieningen
32
-
1.255
Langlopende schulden
33
182.901
278.237
Kortlopende schulden en overlopende passiva
34
192.398
46.990
432.446
408.791
45 70.268 5.065 6.931 -25.162
57.147
45 70.268 4.250 33.052 -25.306
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
82.309
71
AEB Holding N.V. Amsterdam
Enkelvoudige winst- en verliesrekening over 2024 2024 EUR 000 Aandeel in resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen na belastingen Overig resultaat Netto resultaat
2023 EUR 000
36
-27.820
-29.365
37
2.658
4.059
-25.162
-25.306
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
72
AEB Holding N.V. Amsterdam
Toelichting op de enkelvoudige jaarrekening Algemeen De enkelvoudige jaarrekening maakt deel uit van de jaarrekening 2024 van de onderneming. Voor zover posten uit de enkelvoudige balans en de enkelvoudige winst- en verliesrekening hierna niet nader zijn toegelicht, wordt verwezen naar de toelichting op de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening. Toepassing van artikel 402 Boek 2 BW De financiële gegevens van de onderneming zijn in de geconsolideerde jaarrekening verwerkt. Derhalve vermeldt de enkelvoudige winst- en verliesrekening conform artikel 402 Boek 2 BW slechts het aandeel in het resultaat van vennootschappen waarin wordt deelgenomen na belastingen en het overige resultaat na belastingen.
Grondslagen voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling De grondslagen voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gelijk aan die voor de geconsolideerde balans en winst- en verliesrekening, met uitzondering van de hierna genoemde grondslagen. Deelnemingen in groepsmaatschappijen In de enkelvoudige balans worden deelnemingen in groepsmaatschappijen gewaardeerd volgens de vermogensmutatiemethode op basis van de nettovermogenswaarde. Voor een uitwerking hiervan wordt verwezen naar de grondslagen voor financiële vaste activa in de geconsolideerde jaarrekening. Resultaat deelnemingen Het aandeel in het resultaat van ondernemingen waarin wordt deelgenomen omvat het aandeel van de onderneming in de resultaten van deze deelnemingen. Resultaten op transacties waarbij overdracht van activa en passiva tussen de onderneming en haar deelnemingen en tussen deelnemingen onderling heeft plaatsgevonden, zijn geëlimineerd voor zover deze als niet gerealiseerd kunnen worden beschouwd.
Deloitte Accountants B.V. Voor identificatiedoeleinden. Behorend bij controleverklaring d.d. 3 juli 2025
73
AEB Holding N.V. Amsterdam