4 Mobiliteitsplan Nieuw-West
Tekst van het document
27
De doorstroming op Meer en Vaart kan alleen worden gegarandeerd indien daar minder verkeer gebruik van gaat maken (door maatregelen te treffen om intensiteit van autoverkeer te reduceren); De doorstroming bij de aansluiting A10 (ter hoogte van de Lelylaan) en N200 (ter hoogte van de Slotermeerlaan) laat te wensen over.
3.4 Verwachte groei in openbaar vervoer-gebruik De oriëntatie van het openbaar vervoer is in Nieuw-West hoofdzakelijk oost-west, vanuit het centrum. De tuinsteden in Nieuw-West zijn vooral met tramverbindingen en, in mindere mate, busverbindingen verbonden met het centrum van Amsterdam, Geuzenveld-Slotermeer (met tramlijn 13 en buslijn 21), Osdorp-De Aker (met tramlijn 1 en 17 en buslijn 63) en Nieuw-Sloten (met tramlijn 2). In de spits zitten de frequenties van de tramlijnen en de aantallen te vervoeren personen (capaciteit) inmiddels tegen het maximum aan. De mogelijkheden voor groei in capaciteit zijn beperkt, terwijl de verwachting is dat de vervoervraag de komende jaren toeneemt. De noord-zuid verbindingen in het stadsdeel zijn lange tijd onderontwikkeld geweest. Op dit moment bieden bus 61 (Sloterdijk-Slotervaart) en bus 369 (Sloterdijk, Schiphol) een noord-zuid verbinding via het Osdorpplein en is lijn 369 als Westtangent opgewaardeerd tot Rnet bus van Sloterdijk naar Schiphol. Deze buslijn heeft als HOV-bus wel een lagere haltedichtheid (800m cirkels). Met de start van de Westtangent is de noord-zuid verbinding versterkt. Tegelijkertijd is de route van lijn 61 ingekort van Sloterdijk tot Osdorpplein en is de dienstregeling uitgebreid (frequenter en in het weekend).
De vervoerswaarde in de noord-zuid richting tussen Osdorpplein en Slotervaart ligt op dit moment te laag om deze buslijn door te laten rijden. Met de ontwikkeling van Osdorpplein tot het stadsdeelcentrum van Nieuw-West is er niettemin behoefte aan verbetering van het openbaar vervoer in de noord-zuid richting om te voorkomen dat bewoners voor de auto kiezen. In de nabije toekomst is het van belang het onderliggend busnetwerk te oriënteren op de knoop Osdorpplein: busverbinding tussen Geuzenveld-west via Osdorpplein naar Schinkelkwartier busverbinding Sloten via nieuw-Sloten en Osdorpplein naar Slotermeer verbinding Osdorp Businesspark via Osdorpplein naar station Lelylaan
Figuur 10: Overzicht geregelde kruisingen in 2040. Bron: VMA (2019) Groen: voldoende capaciteit Oranje: capaciteit beperkt maar lokaal oplosbaar met aanpassing kruising Rood: capaciteit onvoldoende, alleen op te lossen met verlagen intensiteit door verkeerscirculatie Bron: Capaciteit en Doorstroming Geregelde kruisingen Nieuw-West (zie bijlage)
28
Omdat de Metroringlijn (die Nieuw-West met het centrum en Amsterdam Zuidoost verbindt) door een verbeterde bediening steeds aantrekkelijker en sneller is, is de vervoerwaarde van de tramlijnen 1, 2, 13 en 17 vanuit het stadsdeel naar de Ringlijn metrostations groter geworden. Uit analyse blijkt dat lijn 2 en 13 nog wat groei kunnen verwerken maar de capaciteit van de lijnen 1 en 17 kritisch is. De verbinding Osdorpplein- Station Lelylaan is het drukste stukje tramlijn in Amsterdam. Door de uitbreiding van het metronet (gesloten kleine ring) is het noodzakelijk om een extra pendel tram te kunnen inzetten tussen Osdorp en Leylaan.
Figuur 11: Huidige OV-netwerk in Amsterdam Nieuw-West. Bron: GVB (geraadpleegd in 2020)
29
3.5 Ontwikkelingen voor de fiets Nieuw-West is als stadsdeel uitgerust met een uitgebreid fietsnetwerk met ruime fietspaden. Door de verdichting in de Ringzone en het Schinkelkwartier, wordt de druk op de fietspaden groter op de oost-west verbindingen door de ringzone naar de binnenstad. Dit zijn de fietspaden die het minst breed en comfortabel zijn.
Om meer ruimte voor de fietser te maken wordt in het programma fiets ingezet op het versterken van doorgaande routes. Het hoofdnet fiets en plusnet fiets vormt samen een grid van fietsverbindingen die bestemmingen in de stad optimaal verbinden.
Onderstaande kaart laat zien waar de fietsdichtheid in Nieuw-West het grootst is.
Figuur 13: Hoofd- en plusnet fiets (Bron: MJP 2017-2022)
Figuur 12: Plekken waar de fietsdichtheid het grootste is in Nieuw-West. Bron: MJP fiets (2017
30
Op een aantal plekken in de stad ontbreken schakels in dit grid, Voor Nieuw-West zijn dit o.a. verbindingen met West, een goede noord-zuid verbinding in de Ringzone en verbindingen met de Zuidas en rond de Nieuwe Meer.
Het groennet is een netwerk van groene fietsroutes dat gaat voorzien in een aantrekkelijk alternatief voor de drukkere routes, met fietsverbindingen door een groene omgeving, zoveel mogelijk ontvlochten van het autoverkeer. De ontbreken schakels worden aangelegd en bestaande routes worden autoluwer gemaakt.
Figuur 14: Nieuwe verbindingen in het fietsnetwerk (Bron: MJP 2017-2022)
Figuur 15: Nieuw autoluw groennetwerk (MJP 2017-2022) Groen= Bestaande schakels Rood= Toekomstige schakels Paars= Routes autoluw maken
31
Naast de aandacht voor het comfortabel doorfietsen heeft het programma fiets nog twee pijlers: gemakkelijk fietsparkeren en het nieuwe fietsen. Het nieuwe fietsen concentreert zich op maatregelen die het fietsen aangenamer maken en campagnes om fietsen aan te moedigen en de fietsvaardigheid en fietsveiligheid te vergroten.
Voor de voetganger wordt gewerkt aan een leidraad met extra aandacht voor een goede inrichting van de openbare ruimte.
3.7 Stedelijke en regionale ontwikkelingen Het afgelopen jaar zijn er in Nederland 1,5 miljoen elektrische fietsen verkocht. De elektrische fiets is niet meer uit het straatbeeld te denken. Met een elektrische fiets komen langere fietsafstanden binnen bereik. Dit is met name voor woon-werkverkeer interessant, maar natuurlijk ook voor alle reizen binnen het stadsdeel die nu vaak nog met de auto gedaan worden. De opkomst van de elektrische fiets verandert de opgave voor fietsstallen en fietsveiligheid. Hiermee moet in de uitwerking van maatregelen rekening gehouden worden.
3.6 Voetgangers In Nieuw-West is veel ruimte voor de voetganger, maar er zijn ontbrekende schakels en de bestaande voetpaden bieden niet altijd voldoende comfort. Daar waar maatregelen worden voorgesteld wordt in de oplossingsrichting het belang van de voetganger expliciet meegewogen, met name in de voorgestelde maatregelen met betrekking tot ketenmobiliteit. Een prettig voetgangersgebied is veilig, biedt bewegingsruimte, is toegankelijk, logisch, aantrekkelijk en snel waar gewenst. Het motief van de voetganger (verblijven, verplaatsen, bewegen) beinvloed de nadruk op een van deze aspecten. Veiligheid is altijd van belang, maar snelheid is bijvoorbeeld voor een voetganger die zijn trein wil halen belangrijk. De voetganger is de meest kwetsbare verkeersdeelnemer. Met de Notitie ‘Stand van Zaken Voetganger’ (Maart 2017) brengt de gemeente het belang van de voetganger in en voor Amsterdam onder de aandacht. Daarnaast is eerder in dit stuk besproken dat in het boek De beweegvriendelijke stad (Urhahn 2018) wordt beschreven dat de beweegvriendelijke stad ruimte biedt voor fietsers en voetgangers om comfortabel en gezond te reizen. Ook in de omgevingsvisie 2050 is een van de stedelijke ambities op het gebied van mobiliteit meer ruimte voor de fiets en voetganger. Nieuw-West als een ‘bewegende stad’. 32
De bereikbaarheid van Nieuw-West staat niet op zichzelf en is afhankelijk van ruimtelijk-economische en verkeerskundige ontwikkelingen elders in de stad en de regio. Hier volgt een beknopte uiteenzetting van de belangrijkste stedelijke en regionale programma’s die van invloed zijn op de bereikbaarheid van Nieuw-West. Havenstad en Westpoort: opgave voor flinke groei in woningen en arbeidsplaatsen De Amsterdamse haven neemt binnen Amsterdam en de regio een belangrijke plek in als werklocatie. Dit enorme gebied is grofweg in tweeën te delen: het gebied binnen de A10 zal op termijn opgaan in Haven-stad waar de stad inzet op de transformatie van werklocatie naar woon-werklocatie. Ten westen van de A10 kunnen we grotendeels aanduiden als Westpoort-gebied wat komende decennia nog gedomineerd wordt door havenactiviteiten. De verdichtingsopgave binnen Haven-stad is fors: 40.000 tot 70.000 woningen en circa 50.000 nieuwe arbeidsplaatsen. De inzet is om dit gebied autoluw in te richten om bereikbaar te kunnen blijven. Hiervoor zijn wel forse OV-investeringen (waaronder doorgetrokken metro van Isolatorweg naar Amsterdam CS) in het gebied nodig om de groei in reizigers te kunnen opvangen. Voor de bewoners is een breed aanbod aan deelmobiliteit van belang. Daarnaast zal OV-knooppunt Sloterdijk nog belangrijker en intensiever gebruikt worden vanuit de aangrenzende gebieden.
Investeringen in het fietsnetwerk (o.a. richting Nieuw-West) en fietsparkeervoorzieningen op en rond Sloterdijk zijn daarbij noodzakelijk. In Westpoort zal de auto en vervoer over de weg nog wel een belangrijke rol blijven spelen, omdat de logistieke sector voorlopig sterk afhankelijk is van een goede weginfrastructuur. Een groot deel (85%) van de werknemers in het gebied komt met de auto naar het werk. Omdat het wegennet en de druk op de ruimte steeds verder onder druk komt te staan in de haven, gaat men meer inzetten op schone alternatieven voor de auto door de inzet van betere reisinformatie, extra pontverbindingen, bussen en deelfietsen bij OV-haltes. Goede faciliteiten voor de fiets in Nieuw-West die het woonwerkverkeer met de fiets bevorderen kunnen hieraan bijdragen.
Zuidasdok: zuidflank Amsterdam beter bereikbaar maken Het project Zuidasdok moet zorgen voor een betere bereikbaarheid van de zuidflank van Amsterdam. De A10 Zuid wordt grotendeels verbreed van vier naar zes rijstroken. Station Zuid groeit uit tot een compacte en hoogwaardige openbaar vervoerterminal. Met Programma Hoogfrequent Spoor wordt de komende jaren de treinfrequentie tussen Schiphol, Zuidas en Utrecht verder verhoogd. Daarnaast wordt onderzocht of het mogelijk is om op termijn internationale treinverbindingen op station Zuid te faciliteren. Hiermee zou een rechtstreekse verbinding ontstaan tussen de zuidflank van Amsterdam en Parijs, Londen en wellicht richting Frankfurt. Onderzoek naar uitbreiding van extra sporen en perronruimte op station Amsterdam Zuid, inclusief internationale bediening, zal nog plaats vinden. Volgens de laatste planning moet Zuidasdok uiterlijk rond 2035 gerealiseerd zijn. De ontwikkelingen rond Zuidas en Zuidasdok hebben tijdens de uitvoering, maar ook na afronding invloed op de reizigersstromen in de stad en in NieuwWest, zoals bijvoorbeeld de druk op het metronet tussen Amsterdam Zuid en Lelylaan. Doortrekken Noord/Zuidlijn naar Schiphol-Hoofddorp en het sluiten vande metroring tussen Isolatorweg en CS Het gebied tussen Amsterdam Zuid en Hoofddorp met de aanwezigheid van Schiphol wordt gezien als de internationale entree van Nederland.
De gemeente, regio en Rijksoverheid werken samen om voor dit gebied een strategie te ontwikkelen waarin de toekomstige uitdagingen op het gebied van bereikbaarheid, verstedelijking, economie, leefbaarheid en duurzaamheid zijn meegenomen. Ondanks de investeringen die zijn gedaan zal het huidige vervoerssysteem zonder extra inspanningen op termijn vastlopen, bijvoorbeeld op het OV-knooppunt Schiphol. Ook leiden extra woningen en arbeidsplaatsen tot nog meer vervoersbewegingen in een toch al krap systeem. Een van de oplossingsrichtingen is een uitbreiding van het metrosysteem richting Schiphol en richting Havenstad/CS. Met een doorgetrokken Noord/Zuidlijn naar Schiphol en realisatie van een metrostation bij Johan Huizingalaan (ter hoogte van de A4) wordt de reistijd met het openbaar vervoer tussen het zuidelijk deel van Nieuw-West en Schiphol flink verkort. Met het sluiten van de metroring via Isolatorweg naar Amsterdam CS wordt de reistijd met het openbaar vervoer tussen een groot deel van Nieuw-West en Amsterdam CS flink verkort. Als partijen bereid zijn te investeren, dan is de verwachting dat deze metro-uitbreidingen rond 2035 in gebruik genomen kunnen worden.
Figuur 16: Een van de oplossingsrichtingen voor het uitbreiden van het metronet (lichtblauwe lijn). In oranje de verwachte gebiedsontwikkelingen. Bron: Plan Amsterdam/Gemeente Amsterdam (2019)
Hoogfrequente sprinterbediening tussen Schiphol en Amsterdam Centraal via station Lelylaan Vanaf 2023 rijdt er 8x per uur een speciale Airport Sprinter tussen Schiphol/Hoofddorp en Amsterdam Centraal met een tussenstop op station Lelylaan en Sloterdijk (dat is nu 4x per uur). De verbinding richting Zaandam en Leiden blijft bestaan, waarmee het totaal aantal treinen per uur richting Schiphol via Lelylaan op 10x per uur komt. Hiermee wordt station Lelylaan aantrekkelijker als overstapstation naar of vanuit de Amsterdamse binnenstad en Nieuw-West. Een aantrekkelijker station Lelylaan geeft echter extra druk op de tramlijnen 1 en 17 die op hun maximum capaciteit zitten.
33
3.8 Conclusies onderzoek en analyse Uit de onderzoeken en de gebiedsanalyse worden de volgende conclusies getrokken: Als er geen maatregelen worden getroffen loopt het autoverkeer op termijn op een aantal punten vast ( op een groot aantal kruispunten en rond Meer&Vaart in het bijzonder); Voor de bereikbaarheid van Nieuw-West per openbaar vervoer is het van belang dat de doorstroming ook binnen de ring gewaarborgd is; Op een aantal plekken in Nieuw-West is de afstand tot een openbaar vervoer halte groot en is de frequentie van de OV-verbinding te laag waardoor verplaatsingen binnen het stadsdeel en naar populaire bestemmingen daarbuiten een te lang reistijd opleveren ten opzichte van de auto. Dit betreft het Schinkelkwartier, een deel van Geuzenveld en een deel van de Aker; Het openbaar vervoer is voornamelijk op de relatie met de metro en het centrum georiënteerd; Verplaatsingen binnen Nieuw-West vinden vaak met de auto plaats. Dit leidt tot druk op het onderliggend wegennet en onveilige verkeerssituaties; Op termijn is de capaciteit van de tramlijnen 1 en 17 niet voldoende om de vervoers vraag op een aantal momenten van de dag te faciliteren.
Capaciteit tussen Osdorp en Lelylaan dient te worden uitgebreid; Een aantal oost-west fietsroutes in Nieuw-West moeten aangepast worden om de groei in capaciteit op te kunnen vangen; Er ontbreken goede en snelle fietsroutes in noord-zuidrichting binnen Nieuw-West om onder andere station Lelylaan in noordelijke of zuidelijke richting te ontsluiten; Het aantal metrogebruikers neemt de komende jaren flink toe. De verwachting is dat hiermee ook de vraag naar overstapfaciliteiten zoals fietsparkeerplekken bij metro stations flink zal toenemen; De stroom woon-werkreizigers tussen Nieuw-West en Schiphol, Hoofddorp en Haarlem en omgeving is aanzienlijk. Hoewel de auto veruit het populairste vervoer-
34
middel is op deze relaties is de verwachting dat het fietsgebruik zal toenemen door de komst van de e-bike. Hiermee wordt het regionale fietsnetwerk komende jaren belangrijker; Bij uitbreiding van het metronetwerk van Amsterdam is het van belang dat het onderliggend stedelijk fiets- en OV-netwerk hier goed op aansluit; Bij woningen, voorzieningen en op bij OV-opstapplekken ontbreken goede fietsstalvoorzieningen (bijvoorbeeld voor e-bike); Met aanbod aan deelmobiliteit (deelfiets, scooter en deelauto) kan een alternatief geboden worden aan de bewoners voor de (tweede) auto; Het absolute aantal verkeersbewegingen stijgt maar de modal split laat niet of nauwelijks wijzigen zien in de komende 20 jaar. Om de stedelijke ambities met betrekking tot modal shift te bereiken is het noodzakelijk dat bewoners en bezoekers in de komende jaren de auto vaker laten staan en gebruik gaan maken van de fiets en het openbaar vervoer, met name voor verplaatsingen binnen het stadsdeel.
4. Ambities, doelen en oplossingsrichtingen mobiliteitsplan 4.1 Inleiding Om de vraag te beantwoorden welke bereikbaarheidsmaatregelen tot 2040 noodzakelijk zijn om huidige en verwachte knelpunten op te lossen, de woningbouwtaakstelling in Nieuw-West mogelijk te maken en bij te dragen aan stedelijke bereikbaarheidsambities zijn 10 doelen voor Nieuw-West geformuleerd. De hiervoor beschreven analyse en onderzoeken hebben inzicht gegeven in de op te lossen problemen en mogelijkheden.
4.2 Doelen Op basis van de ontwikkelingsopgave voor de gemeente als geheel en de stedelijke mobiliteitsambities zijn de 10 mobiliteitsdoelen voor Nieuw-West geformuleerd die het streven naar het gewenste resultaat in Nieuw-West verwoorden: een leefbaar bereikbaar Nieuw-West voor huidige en toekomstige bewoners, waarbij veilig, gezond en comfortabel reizen centraal staat.
35
Kernopgaven Amsterdam (omgevingsvisie 2050)
Stedelijke ambities mobiliteit
Doelen voor Nieuw-West
Leefbaar, gezond, veilig en bereikbaar
Verkeersveiliger
1. De auto rijdt zoveel mogelijk op de plusnetten. Nieuw-West heeft minder doorgaand verkeer en meer autoluwe woonbuurten;
Meer ruimte voor fietser en voetganger
2. Osdorpplein en andere winkelgebieden, sport- en maatschappelijke instellingen zijn met openbaar vervoer en fiets goed bereikbaar (binnen 15 minuten); 3. Nieuw-West is een ‘bewegende stad’. Bewoners en bezoekers van NieuwWest worden gestimuleerd om te kiezen voor schoner en gezonder reizen door meer te lopen/fietsen. Het aandeel fiets in de modal split is minimaal 45% in 2040.
Inclusief, betaalbaar en economisch vitaal
Mobiliteit bereikbaar voor iedereen Bewoners, bezoekers en goederen reizen slimmer
4. De werkgebieden in en rond Nieuw-West (o.a. Sloterdijk, Schiphol, Zuidas) zijn vanuit Nieuw-West beter bereikbaar met de fiets en het openbaar vervoer (maximaal 30 minuten); 5. Nieuw-West biedt in de bedrijfsgebieden aan de rand van het stadsdeel ruimte voor overslag, waardoor logistiek in het stadsdeel efficiënt kan worden afgehandeld; 6. Nieuw-West voorziet in voldoende fietsparkeerplaatsen in de openbare ruimte voor bewoners die geen beschikking hebben over inpandige stallingsruimte; 7. Overstappen tussen modaliteiten op stations en haltes (P&R voor auto of fiets) wordt makkelijker en aantrekkelijker.
Circulair, klimaatbestendig en klimaatneutraal
Bewoners, bezoekers en goederen reizen schoner Meer ruimte voor groen om te verblijven
8. In de gebiedsontwikkeling (o.a. Schinkelkwartier en Ringspoorzone) komt meer ruimte voor groen en verblijfsfuncties door te kiezen voor lage parkeernormen en maximaal in te zetten op openbaar vervoer, fiets en smart mobility (w.o. gebruik van deelauto’s en slim fietsparkeren); 9. In Nieuw-West wordt de footprint van de auto verkleind, daar waar ruimte ontstaat wordt dit aangewend voor fiets/voetganger en groen; 10. Bezoekers van Nieuw-West maken gebruik van deelconcepten fiets en elektrisch rijden in aanvulling op het openbaar vervoer, dit wordt op OV-knooppunten/mobiliteitshubs aangeboden.
36
Tabel 2: Doelen voor Nieuw-West
4.3 Oplossingsrichtingen Per doel zijn oplossingsrichtingen gekozen. Deze oplossingsrichtingen zijn een inschatting van wat op dit moment maatschappelijke, technische en financiële haalbaarheid en daarmee verondersteld realistisch is. Om een verschuiving van autogebruik naar fiets en openbaar vervoer in gang te zetten is er bij de oplossingsrichtingen van uitgegegaan dat de alternatieven voor de auto eerst geoptimaliseerd moeten zijn voordat de auto actiever teruggedrongen kan worden. Er wordt nog geen restrictief beleid op autogebruik ingezet. De gekozen oplossingsrichtingen zijn: 1. Om de auto zoveel mogelijk op het plusnet te krijgen worden voorstellen gedaan voor het reduceren van de intensiteit van autoverkeer, hercirculatie en aanpassingen van het plusnet en kruisingen op die plusnetten; 2. Om bestemmingen binnen het stadsdeel optimaal met fiets en openbaar vervoer bereikbaar te maken wordt het openbaar vervoer meer georiënteerd op de bereikbaarheid binnen het stadsdeel. Het busnet wordt meer georiënteerd op verplaatsingen binnen het stadsdeel, waarmee belangrijke bestemmingen met openbaar vervoer binnen een kwartier bereikbaar zijn. Daarnaast worden mogelijkheden voor stallen van fietsen bij de winkels en voorzieningen vergroot en routes naar deze bestemmingen verduidelijkt. Het Osdorpplein wordt een OV-knooppunt en het busnet wordt daarop georiënteerd.
De ambitie is om daarmee het Osdorpplein met openbaar vervoer van deur tot deur binnen 15 minuten bereikbaar te maken. De OV-capaciteit tussen Ringlijn en Osdorpplein wordt uitgebreid.
5. Er wordt bij de ontwikkeling of herontwikkeling van bedrijfsgebieden ingezet op de logistieke overslag van goederen voor Nieuw-West, zodat bedrijfsgebieden hierin een rol (blijven) spelen. Gemeente en bedrijven werken hierbij samen aan de oplossing voor deze logistieke opgave. In de openbare ruimte wordt plaats gemaakt voor pakketbezorging en andere logistiek; 6. Investeren in goede fietsenstallingen in de openbare ruimte nabij woningen voor bewoners die niet voldoende stallingsruimte hebben; 7. Om het overstappen aantrekkelijker te maken werken we aan ketenmobiliteit en maken we de OV-knooppunten aantrekkelijker; 8. In nieuw te ontwikkelen gebieden wordt de parkeernorm laag om maximaal in te zetten op de verblijfskwaliteit en komt er veel aandacht voor de groene inrichting, voorzieningen voor de fiets en mogelijkheden voor het gebruik van deelconcepten voor mobiliteit; 9. Om het ruimtegebruik van de auto te verkleinen wordt bij de herinrichting van straten, bijvoorbeeld bij afwaardering van straten van 50 naar 30km, de ruimte voor de auto zoveel mogelijk teruggebracht; 10. Deelconcepten worden aangeboden bij belangrijke OV-haltes en knooppunten zoals Plein 40-50 en Osdorpplein-, metrostations en eindhaltes van trams en bussen om bezoekers te stimuleren en te verleiden om deelconcepten te gebruiken.
3. Om gezond verplaatsen te stimuleren bij bewoners en bezoekers van Nieuw-West te wordt fietsen aangemoedigd, worden fietspaden verbeterd en worden nieuwe fietspaden aangelegd. Er worden fietsparkeervoorzieningen gemaakt op eindbestemmingen, bij huis en bij openbaar vervoer stations en haltes; 4. Om de bereikbaarheid van werkgebieden te vergroten worden snelle fietsverbindingen aangelegd in noord-zuid en oost-west richting, worden ontbrekende schakels aangelegd en er wordt gekeken naar hoe fietsbezit en -gebruik door werkgevers gestimuleerd kan worden; 37
5. Maatregelenpakket 5.1 Maatregelenpakket voor nu en lange termijn (2040) Op de kaart en in de onderstaande tabel is het totale maatregelpakket voor nu en de lange termijn (2040) weergegeven. Het is onderverdeeld in maatregelen voor fiets, openbaar vervoer, de auto, Smart Mobility en Knooppunten/Ketenmobiliteit. De maatregelen zijn voor zowel de korte als lange termijn. In de rest van het hoofdstuk wordt per vervoerwijze het pakket toegelicht.
38
Figuur 17: Totale maatregelpakket voor nu en de lange termijn (2040), verdeeld naar modaliteit
39
40 Figuur 18: Maatregelenkaart Mobiliteitsplan Nieuw-West
Maatregelenpakket De kaart hiernaast geeft een overzicht van alle maatregelen op pagina 39, voor zover die locatie gebonden zijn.
5.2 Samenhang Op basis van de analyse en de geformuleerde doelen is een samenhangend pakket maatregelen samengesteld. Een aantal maatregelen is alleen uit te voeren als zij worden uitgevoerd in samenhang: Het bereiken van een toekomstige modal shift van auto naar openbaar vervoer en fiets kan met name in gang worden gezet in gebieden waar grote gebiedsontwikkeling plaats vindt. Maatregelen die hierbij horen zijn: OV8-OV5 en F11-F17; Het totaal aantal verplaatsingen neemt in de periode 2020-2040 toe. Het aanbod voor fiets en openbaar vervoer moet op orde zijn om het autoverkeer op termijn terug te kunnen dringen. Maatregelen die hierbij horen zijn: OV 1-OV7 en F1-F10; Aanpassen van verkeerscirculatie, intensiteit van autoverkeer reduceren en afwaarderen van 50km naar 30km/uur hebben vaak een opdrukkend effect elders op het wegennet en moeten dus in samenhang worden uitgevoerd. Wanneer de auto op de juiste plek rijdt, kan het afwaarderen en herinrichten van straten opgepakt worden. Maatregelen die hierbij horen zijn: A1-A13 (alle automaatregelen);
5.3 Maatregelen voor het openbaar vervoer De OV-maatregelen hebben betrekking op enerzijds een zo goed mogelijke verbinding met de metro Ringlijn ( en later de doorgetrokken N/Z-lijn richting Schiphol) en anderzijds het verbeteren van het onderliggend busnet binnen Nieuw-West. Dan gaat het om de verbinding (OV3) tussen Sloten en Slotermeer via het Osdorpplein, tussen Gezuenveld-west en Schinkelkwartier via Osdorpplein en van De Aker naar de Ringlijn/Lelylaan. Het beoogde doel van de OV maatregelen voor bus en tram is dat alle bestemmingen binnen Nieuw-West, in het bijzonder het Osdorpplein als centrum van het stadsdeel, binnen 15 minuten bereikbaar zijn met openbaar vervoer. Door aansluitingen en mogelijkheden voor overstappen te verbeteren worden bestemmingen beter bereikbaar met het openbaar vervoer. Niet allen de maatregelen OV maar ook de maatregelen onder ketenmobiliteit dragen bij aan verbetering van de reis met OV. Naast de metrostations worden Osdorpplein en Plein 40-45 belangrijke OV-knooppunten met alle daarbij behorende faciliteiten. Het netwerk is voor 80% hierop ingericht. Door aanpassingen in route van voornamelijk de buslijnen kan de bereikbaarheid aanzienlijk verbeterd worden. Om het Schinkelkwartier in de toekomst goed te verbinden zijn een HOV-verbinding naar Schiphol voorzien en het aanpassen van het metrostation Henk Sneevlietweg.
De coronapandemie heeft tot grote tekorten op de exploitatie van bus- en tramlijnen gezorgd. De verwachting is dat als gevolg hiervan op korte termijn geen mogelijkheden zijn om het bus en tramnet fijnmaziger te maken en/of in frequentie te verhogen.
Om de ketenmobiliteit goed te laten functioneren moeten maatregelen voor verschillende modaliteiten en ingrepen in de openbare ruimte goed op elkaar afgestemd worden. Maatregelen die hierbij horen zijn: S1-S4 en K1-K9; De ontwikkeling van de Burgemeester Röellstraat en Meer en Vaart staan in nauw verband met elkaar. Vermindering van de capaciteit op de ene straat heeft directe consequenties voor de mogelijkheden op de ander straat. Deze twee projecten moeten in samenhang verder ontwikkeld worden om de bereikbaarheid van NieuwWest te waarborgen; Het maatregelenpakket is afgestemd met de vervoersregio, waarmee de afstemming met ontwikkelingen elders in de regio gewaarborgd is.
41
42
Figuur 19: Maatregelenkaart openbaar vervoer Mobiliteitsplan Nieuw-West
Figuur 20: Maatregelenkaart fiets en voetganger mobiliteitsplan Nieuw-West
43
5.4 Maatregelen voor de fiets Nieuw-West heeft een goede fietsinfrastructuur. Niettemin zijn er ontbrekende schakels en ontbreken doorlopende snelle verbindingen in noord-zuid en oost-westrichting. Ondanks de goede infrastructuur in Nieuw-West blijft de fiets achter als voorkeursvervoermiddel. De fiets, in het bijzonder de E-bike, is landelijk in opmars en dit zal ook in Nieuw-West merkbaar worden. Sommige bewoners moeten nog overgehaald worden om te fietsen. Er zijn meerdere redenen, zoals onbekendheid, veiligheid en comfort, die ervoor zorgen dat bewoners voor een korte verplaatsing binnen het stadsdeel de auto kiezen. Het stallen van een fiets bij huis is niet in alle buurten goed geregeld. De fietsveiligheid zal verbeteren als buurten verkeersluwer worden ingericht en er meer 30km/uur straten zijn. Het beoogde effect van de maatregelen is dat het aantal verplaatsingen per fiets ten opzichte van de auto stijgt. Er worden maatregelen voorgesteld die de veiligheid van de fietser in het verkeer bevordert. Meer bestemmingen worden beter bereikbaar met de fiets, door het aanleggen van ontbrekende schakels en het herkenbaar maken van routes. Fietsen kunnen makkelijk en veilig gestald worden bij huis, het openbaar vervoer en bij de bestemming.
5.5 Maatregelen voor de auto De maatregelen voor de auto zijn erop gericht om de auto zoveel mogelijk op de juiste plek te laten rijden. VMA-onderzoek toont dat Nieuw-West goed bereikbaar blijft, ook bij de ontwikkeling van het Schinkelkwartier, de Ringzone en het centrum van NieuwWest rondom het Osdorpplein. Op termijn krijgen de doorgaande S-wegen en de kruisingen in de bestaande wijken van Nieuw-West te maken met congestie. Doorstroming op plusnetten is noodzakelijk om verkeer in de woonbuurten te verminderen. Daarvoor moeten onder andere de knelpunten bij geregelde kruisingen worden opgelost. Een verlaging van de verkeersintensiteit op Meer en Vaart is op termijn noodzakelijk. Onderzocht is of dit bereikt kan worden door aanpassing van de verkeercirculatie. Meer en Vaart kan ingericht worden als een eenrichtingsstraat in de zuid-noord richting. Dit
44
verbetert ook de oversteekbaarbeid van de Meer en Vaart en de verbinding tussen Osdorpplein en Slotervaart/Sloterplas. Aanpak van Meer en Vaart hangt nauw samen met de inrichting en verkeersintensiteiten op de Burg. Röellstraat. Dit vereist nader onderzoek. Besluiten over deze twee belangrijke ontsluitingswegen moeten in samenhang genomen worden. Al langere tijd spelen in Nieuw-West leefbaarheids- en veiligheidsproblemen als gevolg van doorgaand verkeer op wegen en in straten die daar niet voor ingericht zijn, zoals in Sloten en Nieuw-Sloten, op de Osdorperweg/Tom Schreursweg, de Burgemeester Venig Meineszlaan en de Hemsterhuisstraat. Op deze wegen zijn maatregelen noodzakelijk om doorgaand verkeer te mijden en de leefbaarheid in de buurten te verhogen. Hiervoor is het noodzakelijk dat het aantal verkeersbewegingen substantieel afneemt. Onderzocht wordt of het doorgaande wegennet voldoende capaciteit heeft om dit verkeer af te wikkelen. Op een aantal plekken in het stadsdeel zijn op korte en middellange termijn maatregelen nodig om doorstroming op doorgaande wegen te verbeteren.
5.6 Smart mobility en Knooppunten en Ketenmobiliteit Smart Mobility, knooppunten en ketenmobiliteit Om de frequentie en betrouwbaarheid van het openbaar vervoer te vergroten is het noodzakelijk dat er makkelijk overgestapt wordt en of gebruik gemaakt wordt van én fiets én openbaar vervoer. De overstap moet veilig en comfortabel zijn. Onderzoek wijst uit dat reizigers betrouwbare verbindingen, korte wachttijden op het knooppunt, korte afstanden tussen de vervoerwijzen, veiligheid, informatievoorziening, bescherming tegen het weer en een schone omgeving op het knooppunt belangrijk vinden. Overstappen en gebruik maken van verschillende vervoersmiddelen in één reis wordt gebruikelijker en makkelijker gemaakt. Apps stellen je realtime op de hoogte van beschikbaarheid. Ruimtelijk wordt de overstapplek zo ingericht dat het comfort van de reiziger centraal staat, met korte looplijnen, voorzieningen en duidelijke bewegwijzering. Daartoe wordt voor de last mile langs de Westlijn van de metro en de buslijn in het westelijk havengebied deelfiets-stations ingericht.
Figuur 21: Maatregelenkaart auto mobiliteitsplan Nieuw-West
45
46
Figuur 22: Maatregelenkaart Smart Mobility en Knooppunten Mobiliteitsplan Nieuw-West
Mobiliteitshubs in Nieuw-West Een mobiliteitshub is een plek waar verschillende soorten vervoersmiddelen aangeboden worden om te lenen/huren (deelconcepten). In Nederland wordt op kleine schaal geëxperimenteerd met mobiliteitshubs, waaronder in Amsterdam. Ook in Havenstad wordt een netwerk van hubs beoogd. In het mobiliteitsplan zijn voor Nieuw-
West een aantal plekken opgenomen waar mogelijkheden zijn voor verschillende typen hubs. Hiermee wordt bijdragen aan het aanbieden van alternatieven voor de auto voor bewoners, bezoekers en werknemers in Nieuw-West.
Hubtype
Verzorgingsgebied
Doelgroep
Hubtype
Verzorgingsgebied
Doelgroep
Buurthub
Bouwblok
Bewoners Werknemers
Fiets, scooter, overige kleine concepten
Wenselijke alternatieven voor de auto in de directe nabijheid beschikbaar stellen
Zichtbaarheid deelconcepten
Wijkhub
Ca. 2.000 -3.000 woningen
Bewoners Werknemers Bezoekers
Auto, fiets, scooter, overige kleine concepten.
Concentreren van automobiliteit op specifieke locaties, autogebruik beschikbaar stellen voor iedereen, maar op afstand
Loopafstand bewoners, maximaal 400 meter Minimaal 400 meter van station
Deelgebied overstijgende hubs
Meerdere deelgebieden
Bewoners Werknemers Bezoekers
Specials, (huur)auto’s. Evt.: fiets, scooter, overige kleine concepten
Aanbieden van alternatieven voor incidenteel gebruik
Minimaal 400 meter van station
OV-hubs
Haven-Stad
OV-gebruikers: forensen, werknemers, bezoekers
Fietsen, scooters, overige kleine concepten
Aanbieden van deelconcepten om te voorzien in de first mile en last mile
Direct bij station Geen auto’s
Tabel 3: Typen mobiliteitshubs
47
5.7 Conclusies en vervolg De hiervoor genoemde maatregelen beslaan de periode 2020-2040. De maatregelen voor auto dragen bij aan de leefbaarheid van de bestaande wijken door het terugdringen van doorgaand verkeer in de buurten en het verbeteren van de doorstroming op de hoofdnetten. Er worden oplossingsrichtingen genoemd voor de verbetering van het openbaar vervoer met aandacht voor de bereikbaarheid voor bestemmingen binnen het stadsdeel en verbetering van de overstapmomenten en plekken. De fiets krijgt een belangrijker rol voor het verplaatsen binnen het stadsdeel en naar het werk in de directe omgeving. Met bovengenoemde maatregelen wordt invulling gegeven aan het bereiken van de doelen. In hoeverre deze maatregelen daadwerkelijk bijdragen wordt gemonitord. Indien noodzakelijk worden de maatregelen aangepast of uitgebreid. Met de uitvoering van de maatregelen is de geplande gebiedsontwikkeling de komende jaren goed inpasbaar. De juridisch-planologische eisen die bij planontwikkeling aan mobiliteit gesteld worden zijn randvoorwaardelijk bij de verdere uitwerking van de maatregelen. Met name de mogelijkheden voor grote verbetering van het openbaar vervoer is op korte termijn beperkt. Het openbaar vervoer is ondergebracht in concessies, wijzigingen zijn beperkt mogelijk.
Bij een nieuwe concessie kunnen nieuwe uitgangspunten voor de bereikbaarheid binnen Nieuw-West geformuleerd worden. Verbetering van het busnet in Nieuw-West lijkt daarmee haalbaar. Door Corona zal die haalbaarheid wel pas rond 2025 of later zijn. Investeringskosten in tram en metro zijn hoog. Los van de hoge kosten rechtvaardigen huidige en geprognotiseerde vervoerswaarden uitbreiding van het tram en metronet in Nieuw-West nog niet: de stedelijke dichtheid is simpelweg te laag. Het doel om het Osdorpplein voor alle bewoners van Nieuw-West binnen 15 minuten met openbaar vervoer bereikbaar te maken wordt met de genoemde maatregelen nog niet gehaald. Het VMA laat voor 2040 zien dat de voorgestelde maatregelen voor Nieuw-West geen effect hebben op de modal shift. De verhouding blijft 40% auto, 22% openbaar vervoer en 38% fiets. Conclusie is dat de gewenste shift naar 45% fiets in 2040 op basis van
48
het doorgerekende pakket niet zal worden bereikt. De oorzaak hiervan ligt hoogstwaarschijnlijk in de beperkte uitbreidingsmogelijkheden voor openbaar vervoer in delen van Nieuw-West voor deze periode. Om autogebruik tegen te gaan moet er alternatieven voor openbaar vervoer én fiets voor handen zijn. Vervolgonderzoek is nodig om maatregelen te kunnen benoemen die het realiseren van dit doel wel binnen bereik brengen, waaronder restrictieve maatregelen. Naast verbetering van het openbaar vervoer zal verdere invoering van fiscaal parkeren hoogstwaarschijnlijk effect op de modal shift hebben. Voor Nieuw-West zal (evenals voor andere stadsdelen die nog niet volledig fiscaal parkeren) onderzoek gedaan worden naar het mogelijke effect hiervan. De bereikbaarheidsmonitor kan 2-jaarlijks inzicht geven of de maatregelen op termijn invloed hebben op het comfortabel, gezond en veilig reizen van de inwoners en bezoekers van Nieuw-West.
5.8 Toekomst na 2040 en omgevingsvisie Toekomst Het maatregelenpakket richt zich op de periode 2020-2040 en is gebaseerd op wat we nu weten en uitkomsten van onderzoek naar de ontwikkeling van mobiliteit op basis van die kennis. Tegelijkertijd staan de ontwikkelingen rond mobiliteit niet stil. De ebike heeft, mede door OV-mijdend gedrag in verband met het coronavirus, landelijk een enorme vlucht genomen. Hetzelfde virus heeft wandelen enorm populair gemaakt. Congestie in de spits is afgenomen door het thuiswerken en de Nederlander winkelt nog meer digitaal. Of dit blijvende gevolgen heeft voor hoe men zich verplaatst? Levert dit andere, nieuwe mobiliteitsvraagstukken op? Dat zal de tijd uitwijzen. Monitoring van bereikbaarheid en vervoerskeuze en aanpassing van het plan daarop is onontbeerlijk. Omgevingsvisie De omgevingsvisie 2050 laat zien hoe de stad zich verder kan ontwikkelen. Voor NieuwWest worden in dit perspectief een aantal ontwikkelingen rond mobiliteit geschetst. In de omgevingsvisie wordt een beeld geschetst waar Nieuw-West, Noord en Zuidoost
Figuur 23: Omgevingsvisie 2050
zich ontwikkelen tot meer eigenstandige stedelijke kernen in de metropoolregio. De infrastructuurbarrières tussen Nieuw-West en het landschap worden geslecht, waardoor het stadsdeel echt voorkanten aan de Nieuwe Meer en de Bretten krijgt. In de omgevingsvisie staat centraal dat in Nieuw-West twee grote opgaven liggen die elkaar kunnen versterken. Enerzijds kent het stadsdeel grote ontwikkelgebieden in het Schinkelkwartier, Ringzone en Slotermeer. Anderzijds zijn er buurten waar minder nieuwe ontwikkeling plaatsvindt, maar waar leefbaarheid en wijkeconomie wel moeten verbeteren. Om het hele stadsdeel te laten meeprofiteren van nieuwe ontwikkelingen in de Ringzone en in het Schinkelkwartier stelt de omgevingsvisie dat er versterken van doorgaande routes nodig is. Dat kan door in te zetten op groene wandel- en fietsverbindingen en op het maken van stadsstraten en stadslanen. Deze routes sluiten aan
op metro- en treinstations en verbinden Nieuw-West veilig en vanzelfsprekend met het centrum, nieuwe ontwikkelgebieden en de centrumgebieden in het stadsdeel zelf. Op termijn kan het aanleggen van een Oost/Westmetro de positie van Osdorpplein nog verder versterken. Deze ingreep hangt samen met een mogelijke directe verbinding met de A5 en het afwaarderen van de A10, waarna ook de Lelylaan getransformeerd kan worden tot stadsstraat of stadslaan. Verdere verdichting met werken en voorzieningen is mogelijk rondom de stations Lelylaan en Sloterdijk. Deze stations kwartieren vragen wel om een betere inbedding in de stad door de ontwikkeling van aanliggende straten.
49
6. Planning & fasering 6.1 Mijlpalen De Westtangent is in december 2020 in gebruik genomen. Deze lijn verbindt Sloterdijk en Schiphol dwars door Nieuw-West met een hoge frequentie en snelheid. Dit betekent voor het woon-werkverkeer een enorme verbetering. Ook het stoppen van de Airportsprinter op Lelylaan vanaf 2023 geeft het openbaar vervoer in het stadsdeel een impuls. De bereikbaarheid in Nieuw-West staat op korte termijn niet onder druk als gevolg van de geplande gebiedsontwikkeling. Dat is goed nieuws! Wel ontstaan er op langere termijn problemen met de doorstroming op de hoofdnetten die maatregelen vereisen. Maatregelen voor de capaciteit en frequentie van lijn 1 en 17 houden direct verband met de gebiedsontwikkeling en het toenemen van het aantal bewoners in Nieuw-West. Na 2030 voldoet de OV-capaciteit van deze twee lijnen niet meer. De capaciteit wordt van groeter belang als rond 2035 de metroring wordt gesloten In de tussentijd moeten verbeteringen worden gezocht in routes en bediening en eventueel aanpassing van buslijnen om de gewenste fijnmazigheid terug te brengen en de belangrijkste bestemmingen in Nieuw-West uit alle delen van het stadsdeel goed bereikbaar te houden of te maken. Door Corona zal de aanpassing van het onderliggend busnetwerk pas tussen 2025 en 2030 gestalte krijgen.
Het gaat dan om verbindinge tussen Geuzenveld-west en Schinkelkwartier, tussen Sloten en Slotermeer en tussen De Aker/OsdorpLelylaan/Slotervaart. De aanpak van het doorgaand verkeer op plaatsen waar dat niet wenselijk is, maakt het mogelijk de buurten autoluwer te maken. De voorgestelde maatregelen voor fiets, smart mobility en ketenmobiliteit dragen bij de leefbaarheid van bestaande buurten en zorgen voor een prettig woon- en leefklimaat in de gebieden waar gebiedsontwikkeling plaatsvindt. Voor de grotere ontwikkelingen, zoals Schinkelkwartier kan investeren in mobiliteit op enig moment in het kader van de vergunningverlening randvoorwaardelijk zijn. Dit kan 50
met wettelijke normen of met gemeentelijke kaders en richtlijnen te maken hebben. Of en wanneer dit van toepassing is op de gebiedsontwikkeling in Nieuw-West wordt nader worden onderzocht.
met het afwaarderen van 50 naar 30 km/uur. In het Openbaar vervoernet wordt gezocht naar optimalisaties van de bestaande lijnen met als doel de belangrijkste bestemmingen in Nieuw-West beter bereikbaar te maken.
Jaar
Mijlpalen
Maatregel 2020-2024
2020-2025
Doorgaand verkeer wordt teruggedrongen in Sloten, Nieuw-Sloten, Osdorperweg, Burgemeester Venig Meineszlaan, Hemsterhuisstraat
OV2: Nieuwe HOV verbinding Westtangent (369) OV4: Airportsprinter verbinding Lelylaan-Schiphol 8x per uur
2023
Airportsprinter stopt op Lelylaan en Sloterdijk
F1: Bestaande infrastructuur Overtoomse Veld en Slotermeer aanpassen naar plusnetfiets eisen 2, N/Z-route langs Der Kinderenstraat
Nu-2030
Ontwikkeling woningbouw Osdorpplein fase 2
F2: Sloterweg opwaarderen naar plusnetfietsroute
Nu-2030
Ontwikkeling woningbouw Ringzone
2030
Capaciteit lijn 1 en 17 niet meer toereikend
F3: Verhogen capaciteit plusnetfietsroutes Robert Fruinlaan, Postjesweg, Pieter Calandlaan, Plesmanlaan en Vlaardingenlaan
2025-2035
Ontwikkeling omgeving Burg Röellstraat
2025-2050
Ontwikkeling Schinkelkwartier
2035-
Aanleg metroring een doortrekken NZ-lijn*
6.2 Fasering De maatregelen voor de modaliteiten auto, openbaar vervoer, fiets zijn in drie tijdvallen opgedeeld: korte termijn 2020-2024, middellange termijn 2025-2029 en lange termijn 2030-2040 Maatregelen voor de korte termijn (2020-2024) Op de korte termijn staat investeren in de fiets centraal, zowel het verbeteren van de fietsinfrastructuur als met bewoners van Nieuw-West enthousiast maken voor dit vervoermiddel. Nieuw- West wordt op een aantal plekken autoluwer en daarmee veiliger gemaakt met het terugdringen van doorgaand verkeer. Er wordt een start gemaakt
F4: Vergroten capaciteit fietsparkeerplekken metrostations Westtak en realiseren fietsparkeerplekken bij eindhaltes tramlijnen 1, 2, 13 en 17 en haltes HOV-Westtangent F5: Extra fietsparkeerplekken voor niet-woonfuncties in centra F6: Fietsroutes markeren/herkenbaar maken F7: Fietsen stimuleren door samenwerking tussen partijen in het sociaal en fysiek domein F8: Campagne gedragsverandering bij verandermomenten F9: Fietsen stimuleren via ondernemers en werkgevers F10: Fietsparkeren bij woningen F17: Deelfietsen bij metrostations westlijn A1: Terugdringen doorgaand verkeer Sloterweg en Laan van Vlaanderen A2: Terugdringen doorgaand verkeer Burgemeester Venig Meineszlaan
>
51
A3: Terugdringen doorgaand verkeer Osdorperweg A5: Sloterbrug A6: Afwaarderen straten van 50-30 km A11: Terugdringen doorgaand verkeer Hemsterhuisstraat A14: Onderzoek invloed betaald parkeren op modal shift S2: Hub in buurt 10 de Eendracht of buurt 9 S4: Mobility as a Service
De capaciteit van een aantal kruisingen zal door de gebiedsontwikkeling niet langer aan de gestelde eisen voldoen en aangepast worden, samen met verbetering van de doorstroming op een aantal plusnetwegen. In deze periode wordt duidelijk hoe het autoluw maken van Meer en Vaart zich verhoudt tot herontwikkeling van de Röellstraat en omgeving. De maatregelen op deze twee plekken van het hoofdnet auto zijn sterk met elkaar verweven en bepalen de bereikbaarheid van een groot deel van Nieuw-West. Het Business Park Amsterdam Osdorp geeft plek aan bedrijven die de overslag van aangevoerde goederen naar kleine schone transportmiddelen mogelijk maken voor uiteindelijke distributie in de stad.
S5: Gebiedsontwikkeling en smart mobility: Afwegingskader voor tenders
Maatregel 2025-2029
K1: Verbeteren OV-knoop Lelylaan
OV1: Nieuwe HOV verbinding Schinkel-Schiphol
K4: Vervoer voor evenementen in de Tuinen van West
OV3: Nader onderzoek buslijnaanpassingen
K8: Onderzoek dubbelgebruik van parkeergarages in Ringzone voor overstap openbaar vervoer
OV5: Nader onderzoek tramlijnaanpassing (pendeltram Osdorp Lelylaan)
K9: Verbeteren bereikbaarheid/ aantrekkelijke routes voor voetgangers
OV8: Snelheid trams optimaliseren F11: Verbeteren fietsroute Riekerweg, Oeverlanden
Middellange termijn maatregelen (2025-2029) In deze periode zijn met name de maatregelen voor de gebiedsontwikkeling aan de orde, voor Schinkelkwartier, Osdorpplein e.o. en de Röellstraat. Voor de zuidkant van Nieuw-West Wordt in deze periode geïnvesteerd in fietsverbindingen met de stad over de Schinkel en een HOV-verbinding met Schiphol zijn. Verder wordt er op diverse plekken in het stadsdeel aan deelmobiliteit gewerkt met het realiseren van Hubs. De lijnen 1 en 17 lopen tegen de capaciteitsgrenzen aan. Er worden maatregelen getroffen om de frequentie en de snelheid te verhogen en de lijnen worden “omgedraaid”.
52
F12: Fietsroute Zuidas-Oeverlanden (onderdeel van Zuidasdok) F13: Fietsbrug Schinkel tussen Laan der Hesperiden en verlengde Sloterweg F14: Ringzone en Schinkelkwartier onder fietsregime centrum A4: Doorstromingsmaatregelen Plesmanlaan, Huizingalaan en Oude Haagse weg A7: Aanpassingen geregelde kruisingen die vastlopen bij woningbouwopgave A8: Circulatiemaatregelen Meer en Vaart
>
A10: Aanpak Röellstraat A12: Aanpassingen Ookmeerweg S1: Hub in Schinkelkwartier S3: Hub op het Osdorpplein, Plein 40-45 K2: P+R bij eindpunt tramlijn/ Ookmeerweg K6: Vergroten capaciteit OV-fietsen station Halfweg in samenwerking met gemeente Haarlemmermeer en NS K7: Logistieke overslag op Business Park Amsterdam Osdorp en Sloterdijk
Lange termijn maatregelen (vanaf 2030) In deze periode maakt de stad een start met het sluiten van de metroring, waarmee de metroverbinding met Amsterdam Centraal en Amsterdam Noord aanzienlijk verbetert. Een nieuw metrostation ter hoogte van de Johan Huizingalaan aan de in deze periode aan te leggen verlenging van de Noord-Zuidlijn naar Schiphol zal de OV-bereikbaarheid van het zuidelijk deel van het stadsdeel aanzienlijk verbeteren. Een snelle fietsverbinding langs het spoor tussen Sloterdijk en Schinkelkwartier als onderdeel van een netwerk van snelle fietspaden stelt de fietser in staat om zich snel in noord-zuidrichting door het stadsdeel te verplaatsen. Na 2040 en omgevingsvisie De ontwikkeling in de hele stad en regio zoals geschetst in de omgevingsvisie heeft grote invloed op de mobiliteit in en om stadsdeel Nieuw-West. Voor Nieuw-West worden op deze termijn een oost-west metroverbinding en een aansluiting van NieuwWest op de A5 noodzakelijk om dit deel van de stad toekomstbestendig bereikbaar te maken.
Maatregel 2030-2040 OV7: Sluiten metroring OV6A: Verlengen van Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp OV6B: Nieuw metrostation ter hoogte van Johan Huizingalaan F15: Fietsbrug tussen Polder Meerzicht en landtong Oeverlanden F16: Noord-zuid (snel)fietsroute in ringspoorzone
Ook binnen het stadsdeel wordt in de omgevingsvisie verandering voorgesteld in de wegenstructuur, met een grid van stadsstraten en stadslanen. Een deel daarvan wordt meegenomen in de gebiedsontwikkeling, in de aanpassingen aan de doorgaande wegen en bij de afwaardering van straten in het kader van het autoluwer maken van de stad. Voor de Lelylaan ontstaat de mogelijkheid voor transformatie tot stadsstraat als de rol van deze verbinding voor de autobereikbaarheid afgenomen is en een metroverbinding tussen Lelylaan en het Osdorpplein herontwikkeling van de Lelylaan mogelijk maakt.
F18: Fiets/voetbrug Tuinen van West naar de Bretten A9: Directe aansluiting Johan Huizingalaan op Cornelis Lelylaan K3: Verbeteren stationsomgevingen K5 Verschuiving metrostation Henk Sneevlietweg naar verlengde Sloterweg
53
7. Financiën De ramingen bij de voorgestelde maatregelen zijn gemaakt op basis van kengetallen of schetsontwerpen.In geval van schetsontwerpen is er een SSK-raming opgesteld. De SSK-raming heeft op dit moment nog een grote onzekerheidsmarge Zodoende is er van elke maatregel ene begroting Een nauwkeuriger begrotingper maatregel is noodzakelijk en wordt gemaakt zodra de maatregel verder wordt onderzocht op uitvoeringsmogelijkheden. Voor alle maatregelen is een fasering aangegeven of de maatregel op korte, middellange of lange termijn wordt uitgevoerd. Onderzoek en onderzoekskosten voor de maatregelen die op middellange termijn en lange termijn gepland zijn niet in dit overzicht meegenomen. De totale som per periode komt neer op (uitsplitsing zie bijlage)
Periode
Totale som investeringen*
Nu (2020-2024)
20 mln.
Straks (2025-2029)
78 mln.
Later (na 2030)
125 mln.
Totaal
222 mln.
*Exclusief elders belegde projecten, uitbreiding metro, projecten die door stedelijke programma’s worden geïnitieerd, reeds belegde projecten zoals Westtangent en Station Lelylaan
Voor iedere maatregel zal afzonderlijk bepaald worden hoe de kosten gedekt moeten worden. Globaal kan worden uitgegaan van de volgende verdeling: Maatregelen die betrekking hebben op OV-exploitatie (Vervoerregio, Rijksoverheid) Maatregelen die betrekking hebben op OV-infrastructuur (Vervoerregio, Rijksoverheid, SMF en grondexploitatie)
54
Maatregelen die betrekking hebben op fiets (Stedelijk mobiliteitsfonds (SMF), Vervoerregio, Rijksoverheid, Grondexploitatie) Maatregelen die betrekking hebben op auto (SMF, grondexploitatie) Maatregelen die betrekking hebben op ketenmobiliteit (SMF, Vervoerregio) Maatregelen die betrekking hebben op Smart Mobility (grondexploitatie, SMF, Exploitant) De uit te voeren maatregelen zullen aanvullende investeringen in de inrichting van de openbare ruimte tot gevolg hebben, alsook extra onderhoud, beheer en exploitatielasten. In deze fase van de planvorming is daar nog geen inschatting van te maken.
55
8. Risico’s Op programmaniveau worden een aantal risico’s onderscheiden. In de onderstaande tabel staan de toprisico’s weergegeven. Deze risico’s worden gemonitord. In de jaarlijkse rapportage wordt de stand van zaken in beeld gebracht. Kansen: De elektrische fiets maakt grote opmars, de actieradius van de fietser wordt vergroot. Hiermee ontstaat de kans voor een grotere groep Nieuw-Westers om de fiets een goed alternatief te laten zijn voor woon-werkverkeer. Omdat er op verschillende plekken in het stadsdeel wordt gebouwd en ontwikkeld ontstaan er kansen om mobiliteitsambities en gebiedsontwikkeling werk met werk te maken, zoals de aanleg van fietspaden, straten autoluw inrichten, voordoende fietsparkeervoorzieningen realiseren.
56
Gebeurtenis
Oorzaak
Gevolg
Beheersmaatregel
Dekking kosten ontbreekt
Kosten stijgen
Maatregel(en) kunnen niet worden uitgevoerd
Tijdige aanvragen fondsen
Middelen zijn niet (meer) beschikbaar Andere prioriteiten
Doelstellingen worden niet gehaald
Tijdig voorleggen aan politiek Kostenbeheersing Prioritering Samenwerking G&O en V&OR en vervoerregio
Sturing vanuit programma
Onvoorziene maatregelen noodzakelijk
Veiligheid is in het geding
Vertraging
Vloeit voort uit nieuw beleid of programma
Opnieuw afwegen
Regionale ontwikkelingen
Beleid en politieke besluiten bij regio of buurgemeente
Maatregelen sluiten niet meer goed aan
Overleg met regionale partners, vervoerregio, metropoolregio en buurgemeenten
Veranderingen in gebiedsontwikkeling, autonome ontwikkeling
Nieuw visie op ontwikkeling stad
Andere prioriteiten
Monitoring
Onvoorziene ontwikkeling in keuze modaliteit
Andere maatregelen
Sturing vanuit programma Tijdig voorleggen aan politiek Samenwerking G&O en V&OR
Tabel 4: Toprisico’s
57
9. Communicatie Het mobiliteitsplan Nieuw-West wordt gemaakt in opdracht van de directie Grond en Ontwikkeling en Verkeer en Openbare Ruimte, het stadsdeel NieuwWest en de vervoerregio. Bij de totstandkoming van dit mobiliteitsplan is uitgegaan van de gebiedsagenda’s van de deelgebieden in Nieuw-West. Er zijn gesprekken gevoerd met gebiedsteam en projecten en de stedelijke mobiliteitsprogramma’s zijn betrokken. Het conceptmobiliteitsplan wordt opnieuw met de interne stakeholders besproken. De doelen zijn op 8 december 2020 met de stadsdeelcommissie besproken. Het concept mobiliteitsplan wordt aan de SDC ter advisering voorgelegd. Het mobiliteitsplan wordt voor consultatie aan bewoners en andere belanghebbenden voorgelegd. Hiervoor worden vier bijeenkomsten georganiseerd om betrokkenen uit verschillende gebieden te informeren en te consulteren. Over de vorm wordt op dit moment nagedacht en zal, afhankelijk van de omstandigheden (corona), geheel of gedeeltelijk digitaal zijn. Het resultaat van deze bijeenkomsten wordt op deze plek weergegeven.
58
10. Vervolg Aanpak programma en monitoring De dynamiek en de onderlinge afhankelijkheden van de voorgestelde maatregelen vragen om regelmatige afstemming, monitoring en samenwerking met alle stakeholders. Dit vereist een blijvende afstemming tussen alle partijen die betrokken zijn bij de totstandkoming van dit mobiliteitsplan. Het continueren van een programmateam is daarom wenselijk. Er is een grote diversiteit in de voorgestelde maatregelen. Een deel van de maatregelen is in uitvoering, in voorbereiding of in onderzoek, een ander deel zal niet eerder dan 2035 in uitvoering gaan. Het programmateam organiseert de monitoring, stemt af met betrokkenen, evalueert en rapporteert en legt eventuele koerswijzingen voor aan het bestuur. Dit betekent niet dat alle maatregelen in dit plan genoemd vanuit het programmateam geïnitieerd worden. Delen van het programma hebben mogelijk baat bij directe aansturing vanuit een ander programma, bijvoorbeeld fietsparkeren door programma Fiets of Hubs door programma Smart Mobility. Per maatregel worden afspraken gemaakt van waaruit de aansturing plaatsvindt. De onderzoeken voor dit mobiliteitsplan hebben inzicht gegeven in de stand van de mobiliteit en bereikbaarheid in Nieuw-West op dit moment en geeft een prognose voor 2040. Om te zien hoe de mobiliteit zich ontwikkelt wordt een monitor opgesteld.
Deze monitor maakt gebruik van bestaande bronnen, gesprekken met betrokkenen en een enquête onder de bewoners. Monitoring vindt plaats voor de autonome verkeersontwikkelingen, de gebiedsontwikkeling en de wensen en behoefte van buurtbewoners. De monitor vindt op basis van beschikbaarheid plaats, minimaal 2-jaarlijks. Jaarlijkse wordt aan de gemeenteraad gerapporteerd over de voortgang van uitvoering, onderzoek, aanpassingen van maatregelenpakket en planning.
59
Van mobiliteitsplan naar uitwerking Het mobiliteitsplan schetst het pakket aan maatregelen dat noodzakelijk en wenselijk is om de gebiedsontwikkeling in Nieuw-West mogelijk te maken, de bestaande wijken autoluwer te maken en een shift naar gezond verplaatsen (fiets en voetganger) tot stand te brengen. Over een deel van de maatregelen is al een besluit genomen. De overige voorgestelde maatregelen worden afzonderlijk ter besluitvorming voorgelegd. Voor de voorgestelde maatregelen voor de komende periode wordt vervolg onderzoek gedaan. Afhankelijk hiervan wordt het bestuurlijke proces doorlopen volgens de ‘Amsterdamse wijze van programmatisch werken’. Dit bestaat uit verschillende fases en besluiten: deze stappen worden voor consulatie, participatie en inspraak voorgelegd. Uiteindelijk neemt het stadsdeelbestuur of het gemeentebestuur, afhankelijk van de voorgestelde maatregel, een besluit over de uitvoering van de maatregel. De verschillende maatregelen zullen door verschillende projectteams worden opgepakt. Ook zullen er andere ontwikkelingen zijn die van invloed zijn op de voorgestelde maatregelen. Om te zorgen dat bij de afzonderlijke projecten afwegingen worden gemaakt die passen binnen het totaalpakket zal een vorm van regie en programmasturing noodzakelijk zijn.
60
Bijlage 1: Maatregelen Auto A2: Terugdringen doorgaand verkeer Burgemeester Venig Meineszlaan De intensiteit van De Burgemeester Vening Meineszlaan, die al 30km is, dient verder omlaag te worden gebracht onder de 6.000 vertuigen per etmaal om de leefbaarheid te verbeteren. Beoogde effect: Burg. Venig Meineszlaan wordt buurtontsluitingsweg. Er is slechts een beperkt effect op de De Vlugtlaan. A3: Terugdringen doorgaand verkeer Osdorperweg De intensiteit op de Osdorperweg wordt beneden de 6.000 voertuigen per etmaal gebracht en ingericht als 30km straat voor langzaam verkeer. Beoogde effect: Het terugdringen van het autoverkeer op de Osdorperweg/T. Schreursweg leidt tot afname van toevoer verkeer op de Ookmeerlaan. De reistijd van Halfweg via de N200 en de Slotermeerlaan/Allendelaan is 1 minuut langer.
A1: Terugdringen doorgaand verkeer Sloterweg De intensiteit van het autoverkeer op de Sloterweg bedraag ca 15.000 voertuigen per etmaal. Om de verkeersveiligheid en leefbaarheid te verbeteren moet de verkeersintensiteit onder de 6.000 voertuigen per etmaal worden gebracht en de straat als 30km straat worden ingericht. Dit geldt ook voor het verlengde van de Sloterweg op de Ditlaar en Vrije Geer. De Sloterweg kan als 30km straat doorgetrokken in het Schinkelkwartier en als langzaam verkeerroute over de Schinkel naar de Olympische Stadionbuurt worden doorgezet. Om te voorkomen dat het verkeer zich verplaatst naar Nieuw-Sloten dienen daar ook maatregelen te worden genomen om de verkeersintensiteit beperkt te houden.
A4: Doorstromingsmaatregelen Plesmanlaan, Huizingalaan en Oude Haagse weg Door verdichting van het Schinkelkwartier en het bijbehorend autoluw inrichten van secondaire wegen en door de maatregelen in Sloten en Nieuw-Sloten voor het terugdringen van het doorgaand autoverkeer ontstaat congestie op de S107. De Huizingalaan ten zuiden van de Louwesweg en de Oude Haagse weg tot aan de Anderlechtlaan dienen verbreed te worden tot 2x2 rijstroken om dit op te lossen. Beoogde effect: Verbetering van de algehele doorstroming van Schinkelkwartier naar de A4. Het 2x2 profiel biedt bovendien een goede doorstroming van de bus SchinkelSchiphol (maatregel OV 1). Maatregel kan gecombineerd worden uitgevoerd met A4 en OV1.
Beoogde effect: In Sloten wordt de verkeersveiligheid en leefbaarheid verbeterd. 61
A5: Sloterbrug Om te zorgen voor een betere en veiligere doorstroming van het bestemmingsverkeer en het langzaam verkeer tussen Amsterdam en Badhoevedorp zal de Sloterbrug worden vervangen. Beoogde effect: Er ontstaat meer ruimte voor de fietser. Veiligere oversteek van langzaam verkeer over de Sloterbrug en verbeterde doorstroming van openbaar vervoer en bestemmingsverkeer. A6: Afwaarderen straten van 50-30km Diverse secundaire wegen in de wijken kunnen worden afgewaardeerd naar 30km indien het doorgaand verkeer naar de S-wegen en plusnetten wordt geleid. Hierdoor krijgen de fietser en voetganger meer ruimte. Onder andere Tussenmeer en Pieter Calandlaan staan daarvoor op de nominatie, alsook een aantal wegen in de Ringzone. Beoogde effect: Autoluwe secondaire wegen met meer ruimte voor voetganger en fiets A7: Aanpassing geregelde kruisingen bij woningbouwopgave Op basis van de analyse kruispuntonderzoek zijn er oplossingen aangedragen om lokaal opstelvakken anders in te richten zodat de verkeerregelingen optimaler werken en congestie kan worden voorkomen.
Dit is vooral belangrijk om het verkeer op de hoofdwegen beter te laten doorstromen Beoogde effect: Autoverkeer en meerijdend openbaar vervoer beter laten doorstromen op de hoofdnetten A8: Circulatiemaatregelen Meer en Vaart Deze maatregel is noodzakelijk omdat de verkeerslichten bij Osdorpergracht, Meer&Vaart en Lelylaan het verkeer (inclusief tramverkeer en Westtangent) in de richting van Noord naar Zuid niet meer kan afwikkelen in 2040. Deze maatregel gaat uit van het invoeren van eenrichtingverkeer op een deel van Meer en Vaart (van Zuid naar Noord).. Het betekent dat verkeer komend vanuit Geuzenveld de S105 (Roëllstraat) moet kiezen naar de A10). Lokaal bestemmingsverkeer vanuit Geuzenveld naar Osdorpplein zal via de Ookmeerweg, Baden Powellweg Calandlaan geleid worden. Om 62
te voorkomen dat er waterbedeffecten in de straten rondom Osdorpplein ontstaan zal een gedetailleerd verkeerscirculatieplan moeten worden uitgewerkt. Beoogde effect: Het verkeer neemt af op de Meer&Vaart en de Lelylaan Er zal nog nader ingezoomd moeten worden op detailniveau voor de circulatie bij Osdorpplein: waar wel en niet 1-richtingsverkeer in de straten mogelijk is om het bestemmingsverkeer te faciliteren en doorgaand verkeer te weren. A9: Directe aansluiting Johan Huizingalaan op Cornelis Lelylaan Er is geen volledige directe aansluiting van de Johan Huizingalaan naar de Lelylaan. Hierdoor rijdt er onnodig verkeer over secundaire wegen zoals de Pieter Calandlaan en de Schipluidenlaan. Door op- en afritten van de Huizingalaan naar Lelylaan Oost te maken wordt dit probleem opgelost. Beoogd effect: goed aansluiting in beide richtingen van verkeer tussen Huizingalaan en Lelylaan. Voorkomt doorgaand verkeer door de wijken in de ringzone. A10: Aanpak Röellstraat De Röellstraat heeft voornamelijk last van congestie bij het Roëllcircuit en afhankelijk van de genomen maatregelen bij de Meer&Vaart, op de oostelijk tak richting de A10. De Röellstraat zal daar in eerste instantie verbreed moeten worden naar 2x2. In het ontwikkelplan voor de Roëllstraat is een verlenging van de straat naar het Lambertus Zijlplein opgenomen.