CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20220216 Verslag gemeenteraad middag

RAAD 16 februari 2022, gemeente Amsterdam40.590 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 5

42

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

Dan iets over de taak van de burgemeester. De Gemeentewet zegt daarover dat de burgemeester hoeder is van de integriteit in de eigen organisatie. Ik vind dus dat de beslissing om niet aan te besteden toch wel heel ernstig is geweest, want inderdaad, dat leidt tot een schijn, tot een te voorkomen schijn van belangenverstrengeling. Daar moet je als burgemeester gevoelig voor zijn. Dan is het even de vraag en dat vergt een uiteenzetting, een verdediging door de burgemeester of zij vindt dat zij nog steeds geloofwaardig haar taak als bewaker van de integriteit van de gemeentelijke organisatie kan vervullen nu zij er zelf toe heeft geleid dat onderhands met de schijn van belangenverstrengeling de opdracht werd gegund aan de heer Booij. Dus ik zie die uiteenzetting van de burgemeester tegemoet. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Yilmaz. De heer YILMAZ: Ik twijfelde even of ik nog wat moest gaan zeggen. Er is al heel veel gezegd, natuurlijk. En terecht. Ik heb het gevoel dat de discussie zich gaat herhalen. Ik heb niet echt het gevoel dat we hiermee klaar zijn. Daar ben ik bang voor. Ik heb het gevoel dat dit een soort déjà vu is waarin we steeds belanden. Het college biedt excuses aan. Sorry. Warrig. We gaan het verbeteren. Komt goed. En een paar maanden later staan we hier meer over precies hetzelfde onderwerp.

Als dit in een ander land zou gebeuren, dan waren we waarschijnlijk haantje de voorste om gelijk kritiek te uiten. Niet goed geregeld. Maar nu gebeurt het hier in Amsterdam, in het westen, waar we het allemaal zo goed weten. Ik vind het echt beschamend om hier in Amsterdam, een vrije stad, een sociale stad, zoiets mee te maken. Het heeft immers alle schijn van vriendjespolitiek. Er zijn kinderen die zonder ontbijt naar school gaan. Er zijn mensen zoals de heer Taimounti aangaf, die keihard werken om dit bedrag in een paar maanden te verdienen wat de heer Booij in een maand heeft verdiend. Het enige wat we krijgen is excuses en ik hoop een verbeterplan. Wat ik ook beschamend vind, als wij een motie indienen, dat er vaak wordt verwezen naar de dekking. Nu begrijp ik wel waarom we vaak dekking missen. Nu begrijp ik waar het geld naartoe gaat. We hebben inderdaad in Het Parool gelezen dat er veel geld wordt uitgegeven aan inhuur van externen. Dat is zeker een verbeterpunt voor ons als gemeente. Ik hoop dat echt dat de collega’s hier over een paar jaar niet weer staan om over dezelfde problemen nog weer een keer te spreken. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Ernsting. De heer ERNSTING: U had hier waarschijnlijk mevrouw Roosma verwacht, maar die is helaas niet aanwezig. Dus ik doe het in haar plaats.

We hebben in de afgelopen raadscommissie AZ een lang debat gevoerd over de aanstelling van de programmadirecteur Amsterdam 750 en hoe die tot stand is gekomen. De juridische aspecten rondom het contract en of dat wel of niet onder de aanbestedingsrichtlijnen zou behoren te vallen en de keuze om externen in te huren. Aan het eind van het debat waren er nog veel open vragen en toezeggingen, vooral ook veel toezeggingen. Wij willen de burgemeester en haar ambtenaren danken voor de zeer uitgebreide brief van afgelopen vrijdag en de bijlagen die daarbij zaten waarin de vragen en de toezeggingen in onze ogen overzichtelijk en helder tegemoet zijn gekomen. We hebben dan ook niet veel vragen meer. Maar ik denk wel dat het goed is om ook namens de GroenLinksfractie een aantal conclusies te trekken. Ten eerste is het goed dat dit debat dat is begonnen als een debat over het vertrekpunt van een hoog bedrag en een externe inhuur, een aantal problemen ofwel tekortkomingen van het Amsterdamse bureaucratische systeem aan het licht heeft

43

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

gebracht. Die gaten worden nu gedicht. Om het maar plat te zeggen: als P&O iemand uit een systeem gooit, moet de afdeling Financiën niet zomaar kunnen blijven betalen natuurlijk. Contracten moeten beter worden gecheckt en er moet een betere urenverantwoording komen. Het is goed om te lezen dat er al een verbeterplan kan worden gepresenteerd. Met name de koppeling tussen inhuur en betaling is natuurlijk ook essentieel. Dat is ook eerder gezegd. Iemand moet niet kunnen blijven doorfactureren zonder dat ongemerkt aanbestedingsgrenzen kunnen worden overtreden bijvoorbeeld. Onze zorg is dan misschien nog wel een beetje dat dat pas in 2024 kan worden opgelost. De vraag is dan ook of dat niet eerder zou kunnen en of daar niet een versnelling mogelijk is. Met betrekking tot de aanstelling van de heer Booij – en ik begrijp wel hoe dat tot stand is gekomen, want het is gewoon een zoektocht geweest naar een goede kandidaat die over heel veel verschillende kwaliteiten moest beschikken – denk ik dat dat in alle oprechtheid en integriteit is gebeurd. Tegelijkertijd is het ook heel goed nu de les te trekken dat in de toekomst altijd – en ik citeer uit de brief – ‘de veilige, meest transparante route wordt gekozen van een vacature of een openbare aanbesteding.’ Dan hadden we dit debat natuurlijk ook niet hoeven voeren op deze manier.

Niet alleen vanwege transparantie overigens, maar ook om andere kandidaten een kans te geven. Misschien zitten er nog wel verborgen parels in de stad die we niet zo makkelijk tegenkomen. Dus ik ben blij met de toezegging die daarop is gedaan. Ten derde de externe inhuur en het totaal bedrag dat daarmee gemoeid was. In deze raad wordt al heel lang gesproken over het terugdringen van externe inzet en dat komt voort uit twee motivaties. De eerste gaat uit van de arbeidsrechten en bestaanszekerheid van werknemers. We hebben het vooral over uitzendkrachten waarvan we hun positie verbeteren als we ze in dienst nemen. Op dat terrein hebben we de afgelopen jaren mooie resultaten geboekt. Meer dan 300 uitzendkrachten zijn inmiddels in vaste dienst en elke uitzendkracht krijgt na twee jaar een vast contract. Alleen, wat kennelijk goed lukt aan die basis van het loongebouw, lukt slechter aan de top. Afdelingen binnen de gemeente blijven extern inhuren omdat de expertise niet in huis is of omdat mensen die expertise wel hebben, maar alleen beschikbaar zijn als zzp’er en omdat er echt wel iets aan de hand is met de arbeidsmarkt. Als we dan toch huizen willen bouwen of bruggen willen repareren omdat we toch onze doelstellingen willen halen, dan zijn we aan die arbeidsmarkt overgeleverd.

Dat kost geld, want externe inhuur van zzp’ers is ook duurder: tussen de 30.000 en 45.000 euro duurder dan een vaste medewerker. Dat de vorige raad het maximumtarief naar beneden heeft bijgeschroefd naar 125,00 euro heeft daarbij niet geholpen. Mensen laten zich extern inhuren, niet alleen voor korte klussen waarvoor dat eigenlijk bedoeld is, maar ook voor langdurige klussen blijkbaar ook. Zoals we in de raadscommissie hebben gezegd, zoals mevrouw Roosma heeft gezegd: voor die langdurige klussen is dat tarief eigenlijk niet bedoeld. Ik hoop dat we vanuit deze casus dan ook kunnen meenemen dat we er toch op blijven aandringen dat mensen een dienstverband accepteren, hoewel we soms geen keuze hebben. Externe inhuur moet altijd iets zijn van nee, tenzij maar dat moet niet een automatisme worden – en ook niet aan die top. We moeten alleen inhuren voor kortere klussen. Ik kan me heel goed voorstellen dat die totaalbedragen inderdaad hoog over komen en die moeten we in de toekomst voorkomen. Ik ben dan ook blij met de toezegging dat de nieuwe directeur Amsterdam 750 via een openbare procedure wordt geworven waarbij interne en externe kandidaten kunnen solliciteren op een dienstverband bij de gemeente Amsterdam. (De heer VAN LAMMEREN: Ik schrok bijna wakker na dit verhaal van er is niets aan de hand, gewoon doorlopen. Ik heb een vraag aan

44

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

GroenLinks. Is deze hele casus alleen maar een technische casus of heeft GroenLinks ook nog een mening over de schijn, over wat dit doet voor de stad en is er een kritische vraag vanuit GroenLinks?) Ik snap de wens van de heer Van Lammeren heel goed om het debat van vorige week nog een keertje over te doen. Er zijn nu wat meer camera’s bij. Dus dat snap ik. En ja, ik snap ook heel goed dat Amsterdammers denken, wat is dit voor een hoog bedrag. Dat hebben we ook duidelijk gemaakt vorige week in dat debat. Wat ik ingewikkeld vind over de schijn van belangenverstrengeling – en ik snap het allemaal best – dat is dat het moeilijk is om te ontsnappen aan schijn als iemand anders hier zegt dat er schijn is. Hoe verdedig je je daartegen? Ik denk dat de burgemeester daarover vorige week ook iets heeft gezegd in het debat. Dat is namelijk ontzettend lastig. (De heer VAN LAMMEREN: Het is altijd aardig iets te zeggen over camera’s. Het is GroenLinks die altijd voor de camera’s springt. Het is uw gedachte die u dan op mij projecteert. Moet u vooral doen. De vraag is of GroenLinks daar geen enkele mening over heeft, over de schade aan de stad en de mogelijke belangenverstrengeling, de schijn daarvan. Daar wil ik heel duidelijk over zijn: de schijn daarvan.) De heer Van Lammeren haalt nu wel twee dingen door elkaar in één zin.

Hij zegt de mogelijke belangenverstrengeling en de schijn van belangenverstrengeling. Dat zijn wel echt twee heel verschillende dingen en daar word ik ook een beetje boos van. Volgens mij is er geen belangenverstrengeling en dat wil ik nog wel een keer gezegd hebben. Dat er een schijn van belangenverstrengeling is, die is er alleen al omdat die hier wordt opgeworpen. En daaraan is het moeilijk ontsnappen. Op een gegeven moment moet je, als je die schijn opwerpt, met bewijzen komen. Ik snap dus heel goed dat daarom is gevraagd door de burgemeester. (De heer VAN LAMMEREN: De heer Ernsting heeft mij nog nooit echt boos gezien als hij denkt dat ik nu boos ben. Maar dat is helder. Geen kritische vragen. Ik had ook niet anders verwacht.) Ik heb geen vraag gehoord. (De heer VAN SCHIJNDEL: De regel bij integriteit of integriteitsbeleid is dat je als gezagsdrager moet voorkomen dat er de schijn kan ontstaan van belangenverstrengeling. Heeft GroenLinks een oordeel over de vraag of door deze gebeurtenissen aan de rol van de burgemeester als boegbeeld van integriteit voor de gemeentelijke organisatie afbreuk is gedaan of meent u dat dat eigenlijk niet het geval is?) Er wordt nu een andere vraag gesteld dan zo-even. Ik denk dat het heel goed is dat er maximale transparantie gaat worden nagestreefd bij dit soort gebeurtenissen, ook naar aanleiding van deze casus.

Ik denk dat het belangrijk is dat het navolgbaar is op een zeker moment wat er precies is gebeurd. Ik denk ook dat de burgemeester daarvoor hele goede aanzetten heeft gegeven, niet alleen nu maar ook eerder. Mijn antwoord is dus ja, ik waardeer haar zeer als boegbeeld van onze organisatie. (De heer VAN SCHIJNDEL: Er liggen inmiddels heel veel feiten op tafel. Dat is goed. Prima, die transparantie. Maar het gaat om het politiek functioneren van de burgemeester. Is dat nu aangetast als bewaker van de integriteit voor de hele organisatie of niet?) Nee, zou ik zeggen. Ik denk dat het daarvoor een te diffuse gebeurtenis is. Ik denk wel dat het college zich er al lange tijd voor inspant en ook de wethouder Inkoop bijvoorbeeld met het oplossen van de geconstateerde onrechtmatigheden bij de inkoop, en dat juist dit college alles op alles zet om de dingen zo transparant en zo goed mogelijk te laten verlopen. Gaat daarmee alles altijd meteen perfect? Nee. Maar dan is het

45

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

belangrijk dat je leert, dat je acties inzet om dingen te verbeteren. Er zullen altijd wel dingen gebeuren die niet goed zijn of die verbeterd kunnen worden. Ik denk dat juist een lerende organisatie erop is ingericht dat te verbeteren. (De heer VAN SCHIJNDEL: De lerende organisatie? Het is de hardleersheid van de organisatie. Dat telkens maar weer terugkomen van vervelende gebeurtenissen zoals dit. Dat bent u toch wel met mij eens?) Ik had net in mijn verhaal iets over de arbeidsmarkt en de flexibilisering van de arbeidsmarkt. Dat is iets waarin wij ook moeten functioneren. Wij willen bijvoorbeeld die externe inhuur terugdringen, maar we worden gedwongen op sommige kennisniveaus extern in te huren omdat dat het enige is wat beschikbaar is. Dan is het lastig om je aan je eigen kaders te houden op een gegeven moment en dan moet je er toch mee dealen. Dat proberen we wel binnen die context. Dat is lastig, maar we doen het wel. (De heer FLENTGE: Ik hoorde de heer Ernsting iets zeggen over de schijn van belangenverstrengeling. Het feit dat het hier wordt opgeworpen, is ook een deel waardoor het ontstaat. Ik was eigenlijk helemaal niet van plan u te interrumperen, want ik wilde vooral kijken wat het debat met de burgemeester zou opleveren. Maar het is nu een volstrekte omdraaiing.

Het is toch niet dat het hier wordt opgeworpen? De reden dat het onderdeel wordt van het debat, dat is in essentie het handelen van de burgemeester. Dat staat hier centraal.) Wat ik zei, is dat de schijn van belangenverstrengeling of de schijn van iets, de schijn van alles snel gewekt is, maar lastig te weerleggen. Waar ligt dan de bewijslast precies? Dat is niet op te lossen. Op een gegeven moment gaat het om de vraag of er belangenverstrengeling is of niet. Ik ben ervan overtuigd dat dat niet het geval is. (De VOORZITTER: Graag een kortere inleiding om tot uw vraag te komen.) (De heer FLENTGE: U zei het heel expliciet. Het feit dat het hier wordt opgeworpen. Dat is de essentie en daarmee draait u het debat volledig om. Dan ligt het blijkbaar aan een raadslid of raadsleden die volstrekt legitieme vragen stellen aan u of aan de burgemeester. En vervolgens zegt u, het is eigenlijk omdat het hier wordt opgeworpen. Moeten wij dan onze mond houden en het daarmee laten? Wat is uw statement hierin, meneer Ernsting?) Mijn punt was, en ik zei niet dat het hier gebeurde, ik gaf het als voorbeeld, als iemand zegt: er is schijn. Dan is die schijn er. Dat is het enige wat ik heb gezegd. Ik zeg daarnaast dat het dan lastig is je daartegen te verdedigen. (De heer VELDHUYZEN: Ik kan het betoog van de heer Ernsting voor een heel groot deel volgen.

Dat zei hij laatst tegen mij en dat kan ik nu tegen hem zeggen. Maar voordat wij het hier in de raad hadden besproken, stond de hele media vol. Alle Amsterdammers die ik hierover heb gesproken, hadden ook het idee dat er een schijn van belangenverstrengeling was. Dan vind ik het toch opmerkelijk dat die opmerking net werd gemaakt. Ik zou de heer Ernsting willen vragen of hij wel erkent dat dit voor heel veel Amsterdammers wel degelijk de schijn van belangenverstrengeling opriep.) Dit debat gaat een kant op die ik helemaal niet heb beoogd. Ik heb niemand hier ergens van willen beschuldigen. Helemaal niet. Ik heb alleen gezegd dat het lastig is je tegen een schijn te verdedigen. Dat is het enige wat ik zeg. (De heer VELDHUYZEN: Maar dat was geen antwoord op mijn vraag. Mijn vraag was meer of lid Ernsting erkent dat het er voor heel veel

46

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

Amsterdammers wel degelijk op leek dat er sprake was van een schijn van belangenverstrengeling.) Voor heel veel Amsterdammers kan ik natuurlijk niet spreken, maar ik kan me dat wel heel goed voorstellen. Natuurlijk. Als je in de krant leest dat er een schijn van belangenverstrengeling is, dan denk je ook, er is een schijn van belangenverstrengeling. Daar ben je natuurlijk boos over. Dat kan ik me best voorstellen. Natuurlijk. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Poot. Mevrouw POOT: Er is al heel veel gezegd, maar we kunnen wel concluderen dat het gewoon niet fraai is, wat we hier voor hebben liggen, denk ik. Het onderhands gunnen van een dergelijke opdracht, het schuren van het bedrag, tegen de aanbestedingsregels en tegen de dienstverbandregels, een administratieve afhandeling die aan alle kanten rammelt en geen deugdelijke urenverantwoording voor 10.000 euro per maand. Het is allemaal al door een aantal mensen gezegd. Er zijn mensen die het met minder moeten doen per maand. Dat doet het beeld van dit bestuur, en ook van de heer Booij, en helaas ook voor de mijlpaal Amsterdam 750 geen goed. Ik zei in de raadscommissie dat het ook schadelijk is voor dit beeld.

De burgemeester zegt hierover in haar brief, dat zij het betreurt dat de keuze voor onderhands gunnen versterkt door een ongelukkige combinatie van fouten in contractuele afhandeling en administratieve uitvoering, bijdraagt aan dit beeld. Wij betreuren dit met haar. Dat wil ik als fractie gezegd hebben. Wij betreuren dat met haar; wij betreuren dat ook. Wat er is gebeurd, is wat ons betreft ook echt niet goed te praten. De vragen die zijn gesteld over urenverantwoording en over facturen, die delen wij. Ik was in de raadscommissie ook scherp, juist ook op die urenverantwoording en hoe het kan dat 10.000 per maand wordt gefactureerd, zelfs vooruit wordt gefactureerd. Dat kan echt niet wat ons betreft. Er had best nog wel even extra ingezet mogen worden op het achterhalen van die urenverantwoording. Ik hoor het veel mensen zeggen, ik heb het zelf ook, ik ben zzp’er, ik houd gewoon een agenda bij. Ik kan me voorstellen dat iedere zzp’er dat doet en je daar vrij gemakkelijk een urenverantwoording uit zou kunnen halen. Laat helder zijn: ik geloof echt dat er geen kwade intenties zijn geweest. Van niemand. Maar tegelijkertijd mag je toch wel zeggen, dat in dit geval mag worden gesteld dat er meer politieke sensitiviteit geweest had mogen zijn, zeker om juist die schijn van belangenverstrengeling tegen te gaan.

Je mag toch ook wel zeggen, dat behoorlijk wat mensen op verschillende plekken wat scherper hadden mogen zijn als we kijken naar hoe dit is gebeurd, de administratieve afhandeling, de contractuele afhandeling en noem maar op. Ik zie wel dat de burgemeester het heel erg serieus neemt. Ik moet u heel eerlijk zeggen, in de tijd dat ik hier raadslid ben, heb ik nog nooit een brief met vijftien toezeggingen direct na een commissievergadering heb gekregen. Dat geeft mij ook echt wel vertrouwen dat er veel inzet zal zijn om dit te verbeteren. De burgemeester zegt bijvoorbeeld toe in het vervolg dergelijke vacatures via een openbare procedure te vervullen. Ze zegt toe dat voortaan een urenverantwoording zal worden gevraagd. Er is een second opinion gevraagd. En ja, daarover kunnen we vast en zeker met elkaar nog veel over discussiëren, maar we hebben die second opinion wel heel snel gekregen met elkaar. En er is een verbeterplan toegezegd. Er zijn nog wel twee punten waarover ik nog vragen heb. De eerste betreft het feit waarom het contract niet bij de Wob-stukken zat. Dat is ook in de raadscommissie aan de orde geweest. Daarvan zei de gemeentesecretaris dat hij dat ook niet kon verklaren. Dat blijft mijn fractie toch een beetje ongemakkelijk vinden. We praten hier namelijk al jaren

47

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

over. Ik heb twee vragen die ik echt beantwoord wil hebben door de burgemeester. De eerste is: op basis van wat de gemeentesecretaris hierop nu zei, welke additionele actie is er nu direct genomen? Laat ik het zelf zeggen. Ik kan mij zo voorstellen dat je dus nog een keer de hele organisatie doorgaat en zegt, jongens, dit kan niet. Dit kan gewoon niet dus doe dit voortaan goed. Dat is de eerste vraag. En de tweede vraag is: wat is er aan extra structurele maatregelen opgenomen? Het tweede waarmee ik blijf zitten, is het feit dat dit natuurlijk niet de eerste keer is dat we over verbeterplannen spreken. Verbeterplannen op inkoop, verbeterplannen op P&O, verbeterplannen op externe inhuur, verbeterplannen op de financiële functie. Iedere keer wordt beterschap beloofd, maar wat gaat er nu toch mis in de uitvoeringsorganisatie, in de controle? Ik weet het oprecht niet. Kijk ook naar alle rapporten. Mevrouw Van Soest noemde er al een aantal. Het gaat over rekenkamerrapporten, het gaat over de enquête financiële functie, toch niet misselijk, zou ik zo zeggen. De ACAM-rapporten, rapporten van de rekenkamer. Die gaan continu juist op dit soort punten in. Ik blijf gewoon zitten met het feit dat we hier natuurlijk wel tegen elkaar kunnen zeggen, ja, er is weer een verbeterplan en het gaat nu zeer zeker wel goed. Maar ik voel gewoon dat wij daarvoor nog steeds niet de garantie hebben.

Hoe we hiermee nu precies verder moeten gaan, ik weet het ook niet. Misschien is het een idee om toch nog eens een keertje al die rapporten die er al zijn geweest, naast elkaar te leggen en te kijken wat er nu wel of niet van is uitgevoerd. Inkoop is er ook zo eentje. In 2017 is ons al gezegd dat de piepsystemen rondom P&O en de facturen goed zouden zijn. Dat blijkt nu niet het geval te zijn. Ook daar denk ik dat het goed is als we daarover echt een afspraak met elkaar maken. Daar wil ik het voor nu even bij laten. (De heer VAN SCHIJNDEL: Mevrouw Poot is zelf organisatieadviseur. Het is zo dat de overheid in dezelfde pool van organisatietalent, zeg maar, en deskundigheid moet vissen als het bedrijfsleven. Het bedrijfsleven heeft doorgaans echt hogere salarissen voor zeer gekwalificeerde functies. Wat vindt de VVD van de gedachte om eens te gaan bekijken of die Balkenendenorm, dus het centraal stellen van de politieke klasse die altijd meer wil verdienen dan de ondergeschikte ambtenaren, eigenlijk duurkoop is en slecht is voor de publieke zaak?) Daar zijn wij het niet mee eens. (Mevrouw VAN SOEST: Zouden we nog eens een evaluatie kunnen maken van dat onderzoek van de rekenkamer, wat er waargemaakt is van de aanbevelingen? Bent u daar ook voorstander van?) Zoals gezegd, volgens mij zijn er tientallen rapporten geweest.

En dan moeten we wel kijken dat we niet teruggaan tot voor de eeuwwisseling, zal ik maar zeggen. Ik denk inderdaad dat het goed is als er naar meerdere rapporten nog een keer wordt gekeken en wat er nu van waargemaakt is. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Dantzig. De heer VAN DANTZIG: Ik vind dat het feest voor het 750-jarig bestaan van Amsterdam toch wel iets moet zijn wat Amsterdam plezier gaat brengen en een punt van hoop is om naar uit te kijken. Dan is het debat dat we hebben gevoerd wel een tikkie ongemakkelijk, maar overigens wel zeer terecht. Je hebt toch het gevoel met een soort valse start te beginnen aan iets waarop ik me al jaren verheug. Laat ik een paar dingen zeggen. Ik heb ook een gesprek gevoerd met de heer Booij en ik ken hem als een kundig iemand binnen de gemeente. Ik wil ook zeker niets afdoen aan zijn werk. Ik denk dat hij

48

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

goed bezig is. Maar ... ik vind het wel duur. Laat ik daar maar gewoon eerlijk over zijn. Dat vindt de D66-fractie. Uiteindelijk heeft deze kwartiermaker gewoon een wethouderssalaris verdiend voor 20 uur in de week. Als we hier met z’n allen bij elkaar zitten en weten wat een raadswedde is voor 20 uur in de week, dan denk ik, dat is fors. Ik ben natuurlijk maar een simpele ondernemer. Ik heb het gewoon even teruggerekend naar kopjes koffie. Dat zijn er 75.000. Daar moet je wel heel veel voor drinken. Mijn eerste oproep zou zijn: laten we met z’n allen voor de volgende keer eens nadenken of dit nu wel echt het bedrag is dat hiervoor nodig is. Ik snap als geen ander de arbeidsmarkt. Ik weet hoe ingewikkeld het is, maar ik vind dit een fors bedrag. (De heer VELDHUYZEN: Als ik het goed hoor, dan vindt D66 eigenlijk dat dit ook te veel geld is voor 20 uur per week. Dus is D66 er dan voorstander van om misschien gezamenlijk een motie te gaan indienen om te voorkomen dat er nog eens zo veel geld wordt betaald aan externen in de toekomst die bijvoorbeeld slechts 20 uur per week werken?) Weet u, daar ga ik twee dingen op zeggen. Zo algemeen kun je het, denk ik, niet stellen. We hebben nu een bedrag dat normaal gesproken in stukken landt en dat is nu door de hele landelijke media heen gegaan. Dan moet je volgens mij ook je oordeel uitspreken over dat bedrag.

Maar de arbeidsmarkt is op dit moment wel zo, dat de fijne mensen die onze kades en bruggen herstellen, uiteindelijk heel moeilijk in te huren zijn. Dus ik kan nu niet zeggen dat dit bedrag altijd lager moet. Volgens mij is het maximale normbedrag dat er is, goed. Tegelijkertijd vind ik dat er eerder binnen de organisatie had moeten worden gekeken of het kon worden opgelost. Ik vind ook dat het veel beter is dit openbaar aan te besteden als er toch extern moet worden ingehuurd om zo te kijken of er niet net zulke goede, capabele mensen zijn die het voor minder geld kunnen. Daarmee kom ik op mijn volgende punt. (De heer VELDHUYZEN: Ik hoor lid Van Dantzig zeggen, en dat begrijp ik ook, dat dat niet altijd kan. Als je een of andere expert nodig hebt, een ingenieur voor de bruggen en kaders, die hebben we gewoon nodig. Ik kan me dat voorstellen. Maar zou D66 er dan wel voorstander van zijn om een algemene richtlijn te hebben voor de maximering van salarissen, waarbij er expliciet goedkeuring moet worden gegeven om daar bovenuit te gaan in het geval van een expert die we anders echt niet kunnen vinden?) Ik ben misschien abuis, maar ik meende dat die er is. Volgens mij hebben we een maximale norm en anders moet het college aangeven dat het daarbuiten treedt. Als het college daarbuiten treedt, dan is het een collegebesluit en dan kunnen wij als raad ons daartoe verhouden.

(De heer VELDHUYZEN: Het gaat erom dat er nu iemand 20 uur per week heeft gewerkt voor grofweg hetzelfde salaris van de burgemeester. Dat vind ik niet kunnen. Dus ja, er is een norm. Maar mijn vraag is, steunt D66 het dan om die norm omlaag te brengen?) D66 is een beetje wars van zogenaamde incidentenpolitiek – en daarover ga ik straks ook nog wel wat zeggen. Ik vind toch echt dat we in de gemeenteraad kaders moeten stellen. Daarom begon ik ook met dat ongemak over dit debat. Er is hier natuurlijk heel veel misgegaan. Daar kom ik zo ook op. Maar uiteindelijk wil je toch kijken of de kaders goed zijn. Ik twijfel er niet aan dat de kaders goed zijn, ik vind alleen dat het in dit geval op een andere manier had moeten gaan. Omdat het nu zo breed wordt uitgemeten, geef ik ook mijn waardeoordeel over het bedrag dat daarbij hoort.

49

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

(Mevrouw VAN SOEST: Hoe denkt de heer Van Dantzig dat we dit in het vervolg kunnen vermijden en hoe wil hij dat gaan controleren? Gaan we elke expert die wordt aangetrokken, controleren? We zijn al wel tien jaar bezig als het niet langer is, te klagen over de inhuur van de experts. Dus het wordt tijd dat we met z’n allen daaraan eens wat gaan doen. Hebben we dat gedelegeerd aan het gemeentebestuur en moeten we dat terughalen naar de gemeenteraad? Hoe denkt u daarover?) Laat ik beginnen te zeggen dat ik halverwege mijn inleiding was. Als het u aan het einde nog niet helder is, wil ik daar zeker op terugkomen. Ik wilde namelijk het volgende zeggen. Mocht het nu voorkomen dat je een bekende inhuurt – laten we even vaststellen dat dat zo is en de burgemeester heeft natuurlijk een netwerk van heb ik jou daar, dus ze kan een heleboel Amsterdammers tot bekenden rekenen – dan vind ik dat je met zware aantijgingen als schijn van belangenverstrengeling wel enorm voorzichtig moet zijn, zeker als daar geen bewijslast bij komt. Tegelijkertijd vind ik wel, en dan kraak ik die harde noot ook maar, dat er bij de burgemeester of bij het team rondom de burgemeester de sensitiviteit moet zijn, als er zo’n bekende is en het is bekend dat daar een relatie is, dat je jezelf moet beschermen door een openbare procedure. Dat vind ik heel belangrijk en dat had de heer Booij ook beschermd.

De burgemeester heeft dat ook toegegeven en zal dat de volgende keer anders doen. Ik houd van zelfreflectie. Dat vind ik prettig. Laten we eerlijk zijn, in een bedrijf, en de gemeente is uiteindelijk ook gewoon een bedrijf, gaan er ook gewoon dingen mis. Ik denk dat we kunnen vaststellen dat er op dit punt wel heel veel dingen zijn misgegaan. Maar het gaat mij er vooral om hoe je dat verbetert. Bij D66 zit nog wel een punt dat minder goed uit de verf kwam bij het debat de vorige keer en dat is dat je dit als openbaar bestuur aanbesteedt omdat het eerlijk is, omdat je andere mensen een kans geeft mee te dingen. Het is uiteindelijk publiek geld en je wil met dat publieke geld dat iedereen kan meedingen. Daarom hebben we aanbestedingsregels. D66 vindt het nog wel belangrijk dat de burgemeester op dat punt reflecteert. Dan nog een ander punt waarmee D66 heeft gezeten. Ik wil dat toch maar gewoon benoemen. Ik kreeg sterk de indruk dat de bal een beetje bij de gemeenteraad werd gelegd, zeker aan het begin van het debat in de raadscommissie. Daarbij werd gezegd dat de gemeenteraad uiteindelijk heeft ingestemd met een groot programma voor 750 jaar Amsterdam. De gemeente wilde dit groots en meeslepend vieren. Daarvan wil ik wel zeggen, dat is allemaal tot uw dienst, maar daaraan nam de D66-fractie echt aanstoot.

Wij stellen uiteindelijk als gemeenteraad de kaders en binnen die kaders had de uitwerking echt een heel stuk beter gekund. (Mevrouw VAN SOEST: Ik heb de heer Van Dantzig net een paar vragen gesteld en dan gaan we weer kaders stellen. Daar hebben we niets aan; dat doen we al ik weet niet hoe lang. Mijn vraag is: hoe denkt u dit nu te gaan oplossen. Nogmaals, hebben wij het gedelegeerd aan B en W of gaan we het zelf weer terugpakken in de gemeenteraad. De bevoegdheid hoort in de gemeenteraad. Wij gaan over het geld, maar we geven alle bevoegdheden aan het dagelijks bestuur. Hoe denkt u dit te gaan oplossen?) Als mevrouw Van Soest mij steeds onderbreekt op het moment dat ik haar met een antwoord wil bedienen, dan wordt het wel lastig. Ik ga het proberen en als zij dan niet tevreden is, dan kan zij de vraag vooral nog een keer stellen. Ik vind dat de gemeenteraad van Amsterdam een kaderstellend orgaan is. De gemeenteraad moet bedenken binnen welke kaders de bedrijfsvoering van de gemeente

50

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

Amsterdam zich moet afspelen. Ik vind niet dat de gemeenteraad elke factuur van een extern ingehuurde moet controleren. Ik vind niet dat een gemeenteraad boven op het aanstellen van directeuren moet zitten. Ik vind wel dat de gemeenteraad moet kijken in al die ingewikkelde afwegingen die we hebben, of we vinden dat het college de beste kaders meekrijgt om die beslissing te maken. Treedt het college daar buiten, dan hebben we hier een debat. Gaat dat mis, dan hebben we altijd een debat. Ik noem dat zelf een klein beetje incidentenpolitiek, maar laten we met elkaar wel even vaststellen dat we in een tijd waarin we uit een pandemie lijken te kruipen, waarin de woningmarkt in een crisis verkeert en er een kansencrisis is waarbij Amsterdam dreigt aan een klimaatramp ten onder te gaan, dat we het dan wel heel vaak met elkaar hebben over hoe het in de bedrijfsvoering gaat. Ik wil naar een stad waar de bedrijfsvoering door het college samen met het gemeentelijk managementteam en de gemeentesecretaris op orde is. Dat is die op dit moment nog niet en daarom staan we hier te debatteren. Maar er is ook goed nieuws. (Mevrouw VAN SOEST: We hebben een rekenkamerrapport gehad. Dat heeft u ook gelezen. Misschien kunnen we dat nog eens boven water halen en dan kunnen we kijken wat er nu uiteindelijk is waargemaakt van onze kaderstellende rol. Daar zijn aanbevelingen gedaan.

We hebben weer gefaald en we lopen daar al jaren tegenaan. Nogmaals, mijnheer Van Dantzig, u bent een van de grootste partijen in de gemeenteraad, hoe denkt u daarop grip te krijgen? Dat lukt niet door kaders te stellen, want we kunnen het niet controleren. We zeggen je mag dit niet, je mag dat niet, je mag zus niet, maar hoe controleren we nu of het zo wordt uitgevoerd?) Ik worstel oprecht met welk antwoord ik hier nu op zal geven. Ik heb helemaal niet het gevoel dat er niet goed gecontroleerd wordt. Volgens mij is er een brief van een kantje of 5, 6 geweest met een enorm verbeterplan en ik weet niet hoe veel bijlagen erbij. We hebben hier een uur of acht over gedebatteerd. Ik denk dat de controlerende taak op dit punt vrij rigoureus wordt uitgevoerd. Ik deel met u dat we met elkaar moeten streven naar een hele goede uitvoering in de bedrijfsvoering. Dat is belangrijk. Het gaat uiteindelijk om 5,6 miljard euro. Het gaat om ongelooflijk veel werknemers. En natuurlijk is de bedrijfsvoering belangrijk, maar laat ik erbij zeggen dat wij als gemeenteraad niet op dit punt maar wel op andere punten, ook wel eens zorgen dat het bijna onuitvoerbaar wordt. De aantallen moties die wij indienen, de aantallen schriftelijke vragen, de aantallen agendapunten, daarmee vertroebelt af en toe wel die kaderstellende rol.

Ik zou aan iedereen de oproep willen doen, zeker als die nog terugkomt in de volgende gemeenteraad, probeer nu op die hoofdlijnen te controleren. Dat is de taak van een gemeenteraad. En als er wat mis gaat, dan hebben we natuurlijk de interruptiemicrofoon. Maar uiteindelijk elke keer weer een bijsturing, elke keer weer een klein thema zonder de grote thema’s te benoemen, dat doet uiteindelijk afbreuk aan de manier waarop de gemeente wordt geleid. (Mevrouw VAN SOEST: Nog even, meneer Van Dantzig. Ik wilde u vragen wanneer u voor het eerst heeft bijgestuurd? Wanneer heeft u bijgestuurd in uw kaderstellende rol? Heeft u er nog een idee van wanneer dat is gebeurd?) Ik heb het plezier en soms ook de hoofdpijn dat ik mag deelnemen met D66 aan een coalitie. Ik kan u vertellen, dan wordt er behoorlijk bijgestuurd. We hebben een coalitieakkoord gemaakt. Toen bleek bij de coronacrisis dat de gapende gaten in de begroting die door de crisis waren geslagen, moesten worden gedicht. Daarop hebben we nog een keer een coalitieakkoord met elkaar gesmeed en zijn er tientallen miljoenen

51

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

euro’s aan steun naar de culturele sector en naar ondernemers. Er is echt werk verzet. Volgens mij maakt u zichzelf kleiner door te zeggen dat er geen kaders zijn verschoven. Er worden enorm veel kaders vertimmerd en verschoven. Alleen, de rol die D66 zich aanmeet in de gemeenteraad, is een kaderstellende rol, zo vind ik. Dat vroeg u mij en dat is ook mijn antwoord. Dan misschien afsluitend wil ik toch nog heel even terugkomen op de verbetering. Ik zei al, dat vind ik uiteindelijk belangrijker. Er gaan dingen mis en nogmaals, er gaan te veel dingen mis. Ik vond dat het transparanter had gemoeten. Ik denk dat iedereen hieraan een slecht gevoel heeft overgehouden, maar hoe gaan we dit nu verbeteren? Laat ik dan zeggen dat de toezegging waarin wordt gezegd, dat uiteindelijk al die afwijkingen van de drie offerteregels via het college, dat dat een hele belangrijke is. Mijn vraag daarbij is hoe wij dat als gemeenteraad kunnen controleren. Daarmee kom ik dan toch tegemoet aan de vragen van mevrouw Van Soest. Komt daar een overzicht van, een rapportage? Dat hoeft wat mij betreft echt niet op personen, maar ik zou natuurlijk wel even scherp willen meekijken hoe we dat kunnen controleren. Verder vind ik dat we uit dit debat allemaal lering moeten trekken. Die lering is wat mij betreft voor een heel groot deel in de brief gekomen. Ik heb gewoon niet heel veel additionele vragen.

Ik doe tegelijkertijd een oproep dat we het straks na dit debat ook weer kunnen hebben over de grote bedreigingen die aanstaande zijn voor de stad. Dat is vooral de crisis op de woningmarkt. (Mevrouw VAN SOEST: Ik wil de heer Van Dantzig wel even helpen om te kijken of we tot elkaar zouden kunnen komen. Dat is dus dat we maandelijks of halfjaarlijks een overzicht krijgen van hoeveel extra we hebben ingehuurd en wat er is uitgevoerd. Dus dan worden we daarvan om het halfjaar op de hoogte gehouden in grote lijnen. Ik bedoel, ik hoef niet alle details te krijgen. Maar vindt u dat een idee om daar meer die kaderstellende rol te gaan vervullen?) Ik meen dat een groot deel van die rapportages er gewoon is. Kijk, ik hoef niet van iedere factuur te weten waar die voor is. Ik vind het wel belangrijk als we de aanbestedingsregels niet uitvoeren, dat we dan terecht zeggen, in deze arbeidsmarkt is dat moeilijk te vinden of we vinden dat we hier iets anders moeten doen dan die drie offertes, dan wil ik graag weten dat dat openbaar is, ik wil weten hoe vaak dat voorkomt. En als we daarover vragen hebben, dan zullen we die moeten stellen. Van D66 mag u daarbij verwachten dat ik daar in de basis terughoudend mee zal zijn. (De heer FLENTGE: We hebben het over allerlei zaken. Volgens mij moeten we even terug naar de kern van het debat.

U zei ergens in uw beantwoording iets over de schijn van belangenverstrengeling. Daarvoor is geen bewijslast en dan moet je het maar niet zeggen. Zo heb ik het begrepen. Volgens mij heeft u dat gezegd. De schijn van belangenverstrengeling kun je niet uiten als daarvoor geen bewijslast is. Mijn vraag aan u is natuurlijk of het niet in essentie een omdraaiing is van de bewijslast. Als iemand een kennis in de organisatie brengt, dan is dat toch aan diegene die de bewijslast moet aandragen dat iets anders is gegaan dan misschien in de beeldvorming in Amsterdam naar boven kwam?) Hier wordt het ingewikkeld, want volgens mij stellen we vast dat de heer Booij en de burgemeester bekenden van elkaar zijn. Dat feit heeft volgens mij niemand bestreden. Het volgende feit is dat er op een andere manier onderhands is aanbesteed dan via drie offertes. Volgens mij hebben we allemaal in de raadscommissie AZ goed gehoord dat we allemaal ter goeder trouw zijn dat dit zo is gelopen. Ja, dan vind ik ook, als je daar als

52

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

raadslid iets anders van vindt, dan heb je volgens mij een paar instrumenten. Je kunt met bewijslast komen, je hebt altijd een machtsmotie maar die heb ik u niet horen aankondigen. Dat zijn namelijk de dingen die je dan kunt doen. Vertrouw je de burgemeester hierop dat het zo is gegaan of vertrouw je dat niet? Als je er zo op vertrouwt, dan wil ik er wel bij zeggen dat het heel moeilijk is een schijn van belangenverstrengeling te weerleggen. Tegelijkertijd, en ik benadruk tegelijkertijd, heeft de burgemeester en met haar de gemeente zich wel kwetsbaar gemaakt door niet de zo transparant mogelijke procedure te volgen. Die had gevolgd moeten worden om de schijn van belangenverstrengeling weg te nemen. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ik ken D66 als roemrucht de juristenpartij. Dan wil ik toch wel eens horen wat het standpunt is. Is een third opinion nodig na de second opinion die is gekomen en die ik vind rammelen? Die weerspreekt wat hoogleraar aanbestedingsrecht Kuipers eerder heeft verklaard in de kranten.) Ik hoorde niet echt een vraag, maar ik herken me helemaal niet bij het woord juristenpartij. (De heer VAN SCHIJNDEL: Moet er een third opinion komen?) Wat D66 betreft niet. Ik vond de second opinion helder. Ik ben blij dat er nog eens naar gekeken is met een ander paar ogen.

Daar zag ik weinig licht tussen.) (Mevrouw NANNINGA: Ik zat net bij GroenLinks ook even op het randje van interrumperen en nu weer. Nu is de heer Van Dantzig een beetje de klos. Ik ben het met de heer Van Dantzig eens. Ik heb me uitdrukkelijk gedistantieerd van het zeggen dat er belangenverstrengeling is. In het algemeen zeg ik dat het gedrag van de burgemeester en de opeenstapeling van fouten wel die schijn veroorzaken. Die schijn wordt niet veroorzaakt doordat kranten opschrijven wat ze zien of doordat raadsleden benoemen wat ze zeggen. Ik denk dat dat een beetje de crux is in dat punt van schijn van belangenverstrengeling. Die is er en benoemen dat het er is, dat is niet de schuld van de benoemers, maar van degene die die schijn heeft veroorzaak – al dan niet onbedoeld en waarschijnlijk onterecht. Maar laten we daar nu even uit die kramp schieten. Kan de heer Van Dantzig zich in deze redenering vinden?) Tot mijn spijt moet ik erkennen dat ik het niet eens heel erg oneens ben met mevrouw Nanninga. Ik denk dat u in de basis gelijk heeft. Natuurlijk, ik zei het al, de burgemeester heeft zich hier kwetsbaar gemaakt. Tegelijkertijd zei u, denk ik, terecht dat er te goeder trouw is gehandeld. Dan moet je op een gegeven moment om daarin verder te gaan, wel met bewijslast komen. Dat is het enige wat ik zeg. Volgens mij was dat debat in de raadscommissie AZ redelijk afgerond.

Dus ik snapte de lichte irritatie van GroenLinks wel op die vraag. (Mevrouw NANNINGA: Ik hoef de heer Flentge niet per se te verdedigen, maar volgens mij heb ik toch echt gehoord dat hij niet zegt dat die belangenverstrengeling er is, maar dat die schijn er is. Volgens mij bespreken we hier met z’n allen dat die schijn schadelijk is voor het evenement, maar misschien ziet de heer Van Dantzig dat anders. Zelf noemde de heer Van Dantzig dat schadelijk voor de raad, voor het college. In die zin vind ik het niet onredelijk dat we die schijn nu toch bespreken. Maar goed, het wordt wel heel erg op de komma nu. Is de heer Van Dantzig dat met me eens?) Zo uitgesproken als u het net zegt, zou ik het niet durven zeggen. Ik moet morgenavond nog met mijn moeder eten. Ik denk dat wij het in de basis eens zijn. Laat ik

53

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

gewoon klip en klaar vaststellen dat in het openbaar bestuur elke vorm en schijn van belangenverstrengeling zo veel mogelijk moet worden vermeden. Dat gaat niet elke dag goed. Het is een bedrijf. Maar iedereen moet elke dag tussen z’n oren hebben dat wat ik gisteren deed, is dat nu zo open en transparant mogelijk. Als daarbij verbeteringen nodig zijn, dan moeten die worden gedaan. Ik wil wel zeggen dat de burgemeester dat wat mij betreft ook heeft ingezien en daar verbetering heeft beloofd. De VOORZITTER: We hebben nog twee sprekers van de zijde van de raad te gaan. Ik heb even behoefte aan een kleine schorsing.

De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.

De VOORZITTER: Ik begin even met een mededeling van wethouder Everhardt dat in het kader van de nog te voeren interpellatie die vanavond gaat plaatsvinden, nog twee stukken geheim ter inzage zullen worden gelegd. In verband daarmee moet ook, want dat schrijft de wet voor, mocht die geheimhouding in stand worden gelaten, de raad dat nog in diezelfde vergadering bekrachtigen. We hebben ook agendapunt 71 bekrachtigd, de geheimhouding, en dat betekent dat de voordracht daarvoor wordt aangepast en dat de titel dan komt te luiden ‘Bekrachtiging van de geheimhouding naar aanleiding van de toezegging inzake overeenkomsten AEB en WpW. Daar komt een voordracht voor van het college en die voordracht wordt binnen nu en twintig minuten met de raad gedeeld. Wat ik u nu zou willen vragen, is of het agendapunt met deze nieuwe voordracht op de agenda worden vermeld. Mocht daaraan behoefte bestaan, dan kan daarover ook worden beraadslaagd tijdens het besloten deel van de vergadering. Ik zie de heer Van Lammeren met een vraag daarover. Het woord is aan de heer Van Lammeren. De heer VAN LAMMEREN: Een meer technische vraag. Ik weet niet of agendapunt 71 was gehamerd. De VOORZITTER: Nee, die was niet gehamerd. Het is goed dat u dat nog even zegt. Dus er kan daarover gewoon besluitvorming plaatsvinden.

Deze voordracht wordt binnen nu en twintig minuten gedeeld en deze voordracht als zodanig is openbaar. De twee stukken waar het om gaat, die zijn natuurlijk geheim, althans, zo lang de geheimhouding er niet vanaf gehaald wordt. Die worden achter het slotje geplaatst in het raadsinformatiesysteem. Dat wordt dan onder het agendapunt Interpellatie geplaatst en dat gaat zo spoedig mogelijk plaatsvinden. Dus dan weet u dat alles. En ook bij agendapunt 71, ja. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Lammeren. De heer VAN LAMMEREN: Is het ook mogelijk dat stuk te lezen in de griffiekamer? De VOORZITTER: Daar ligt het niet. Het wordt echt via deze manier ter beschikking gesteld.

54

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Lammeren. De heer VAN LAMMEREN: Helder. De VOORZITTER: Goed. Dan hebben we bij dezen besloten dat bij agendapunt 71 een gewijzigde nieuwe voordracht komt zoals zojuist besproken. Dan gaan we door met waar we gebleven waren en dat is nog steeds agendapunt 2b, de actualiteit. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boutkan. De heer BOUTKAN: Het vorige debat in de raadscommissie AZ was stevig en dat was ook op het scherpst van de snede. Daar was natuurlijk ook alle aanleiding toe. Tja, wat was er nu gebeurd rondom de inhuur van de programmadirecteur? Waarom onderhands en hoe kunnen er zo veel fouten ontstaan bij de inhuur van één persoon, van een kwartiermaker. En wat zegt dat over de organisatie en de checks en de balances? Daarom is het ook belangrijk dat er aanvullende informatie ligt die wij vrij snel hebben gekregen en waarvoor ik de burgemeester wil bedanken. De brief van de burgemeester en de second opinion van de hoogleraar hebben mij op een essentieel punt gerustgesteld, namelijk dat de inhuur van de heer Booij binnen de aanbestedingsregels is gebleven en dat er ook geen sprake is geweest van onrechtmatigheid. Tegelijkertijd constateert de hoogleraar dat het echt nipt onder de grens is gebleven.

Natuurlijk had de regie daarop veel beter gemoeten - zeker als we kijken naar de slechte staat van dienst van de gemeente Amsterdam als het gaat om aanbestedingen. Het hoogleraarsoordeel samen met een aantal stappen ter verbetering zijn belangrijk. Die stukken roepen echter ook nog een aantal vragen op en daar kom ik zo meteen op. Ik wil toch nog eerst even terug naar het besluit van de burgemeester om de heer Booij als kwartiermaker in te huren zonder aanbesteding. Weliswaar met een zoektocht met andere kandidaten ook in het vizier, maar de wijze van inhuur past weliswaar binnen de regels, maar daarmee vind ik het nog steeds niet gewenst. De burgemeester had als boegbeeld van integriteit zelf een grens kunnen trekken door geen onderhandse gunning te doen. De burgemeester had ook een andere afslag kunnen kiezen bij deze inhuur. Als ik ernaar kijk, dan denk ik ook dat er eigenlijk een oranje vlag stond te wapperen. De enige juiste weg was wat mij betreft het vaststellen van criteria, het openstellen van de opdracht en het opvragen van offertes. Dan wint ook de beste kandidaat op basis van objectieve criteria. De burgemeester is daarvoor bestuurlijk verantwoordelijk en die moet ook zorgen dat dit in de toekomst anders gaat. Ik denk, ik vind ook dat de burgemeester in de brief daarop heel duidelijk antwoord heeft gegeven, namelijk dat ze dat anders wil gaan doen.

Maar het gaat hier ook om cultuur en gedrag in de organisatie. Ik denk dat deze hele gang van zaken en daaraan hebben verschillende collega’s al gerefereerd, niet goed is voor het aanzien van de politiek, niet goed voor het aanzien van het bestuur. Ik begrijp heel goed dat de burgemeester zoals ze het in de brief omschrijft, geraakt is over de twijfel over haar intentie. Maar tegelijkertijd zeg ik er ook wel bij, dat natuurlijk niet de raad de veroorzaker is. De raad staat daar buiten. Sterker nog, de raad probeert eigenlijk op allerlei manieren haar werk goed te doen en toe te zien op hoe dingen gaan, bijvoorbeeld ten aanzien van onrechtmatigheid van inkoop of bijvoorbeeld bij het terugdringen van de externe inhuur. Dat is belangrijk, die politieke aandacht. Tegelijkertijd denk ik dat het best een ingewikkelde zaak is om dat als raadslid goed bij te sturen.

55

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

Daaraan heeft een aantal collega’s ook al gerefereerd. Mevrouw Van Soest heeft dan, denk ik, heel mooi gezegd in haar bijdrage. Dat brengt mij op een aantal opmerkingen en vragen over het verbeterplan. Dat gaat over inhuur en dat gaat over opdrachtgeverschap en daar heb ik vier punten die ik er even uit wil lichten. Allereerst vind ik dat de lijn voor mij als sociaaldemocraat als het gaat over externe inhuur nog steeds minder flex en meer vast is. Dat geldt wat mij betreft voor van hoog tot laag. Daarom vraag ik de burgemeester eerst te proberen deze functie intern te gaan vervullen en als dat niet lukt, dan met een tijdelijke, meerjarige instelling. Want wat ons betreft wordt vast de norm en dat geldt dan ook op alle fronten, dus niet alleen voor uitvoerende functies maar ook voor interimfuncties. Het tweede punt is dat ik vind dat de inhuur van een kwartiermaker altijd kort en hevig moet zijn. Een kwartiermaker effent het pad, loopt voor de troepen uit. Dat deze korte inhuur niet is gelukt, dat is gewoon niet goed. De wijze van contracteren moet wat ons betreft dan ook op de schop. Dat lees ik ook in de stukken. Dat betekent geen stilzwijgende verlengingen die niet zijn voorzien. De vraag die ik aan de burgemeester heb, is hoe de burgemeester daarop gaat toezien.

Het derde punt dat ik wil maken, is dat ik vind dat een organisatie die geen controle doet op uren van externen, eigenlijk het opdrachtgeverschap niet op een goede manier invult. Ook dat is hier gewoon niet goed gegaan. De overeenkomst met de heer Booij had te veel een open-eindekarakter. Daarom is het ook zeer terecht dat die urenverantwoording in de toekomst standaard wordt. Wat ons betreft had dat ook al veel eerder gemoeten en dat is ook zoals heel veel professionals ernaar kijken. Dat moet je altijd verantwoorden. Het vierde punt dat ik wil maken, is dat het aantal getekende afwijkingen van inhuur door de leadbuyer gelukkig beperkt lijkt in de organisatie. Toch ben ik van mening dat eigenlijk iedere afwijking er een te veel is. Daarom ben ik het zeer eens met het voornemen van het college om in de toekomst die beslissing bij het college zelf te leggen. Begrijp ik nu goed dat dat ook per direct wordt ingevoerd? Dan is het nog wel de vraag hoe het college dat gaat afdwingen en erop gaat toezien dat dat allemaal wordt voorgelegd. Dat verbeterplan met zes stappen, dat is een belangrijke eerste aanzet waarbij terecht gekeken wordt naar een aantal onderliggende systeemfouten. Tegelijkertijd hebben we natuurlijk ook de neiging om een probleem aan te pakken met een verbeterplan en ook daarover heb ik al verschillende collega’s gehoord, over de manier waarop we dat aanvliegen.

Want ja, een verbeterplan stelt gerust. We kunnen het controleren. Maar ik wil eigenlijk dat het college daarin nog een stap verder gaat. Ik wil eigenlijk dat het college dat ook aangrijpt als het begin van een noodzakelijke cultuurverandering. Dat klinkt misschien heel soft of dat je denkt, nou ja, cultuurverandering. Maar we hebben het wel over iets essentieels. Een cultuur waarin te veel van regels wordt afgeweken, die is niet goed. Het is niet voor het eerst dat we dat hebben benoemd. Het is ook niet voor het eerst dat we dat zien binnen de organisatie. Ik vind ook dat we als gemeente moeten staan voor zorgvuldige besluitvorming binnen de regels. We hebben die noodzaak voor cultuurverandering bijvoorbeeld gezien bij de financiële enquête over de financiële organisatie. De rekenkamer spreekt over een geheimhoudingscultuur als het gaat om openbaarheid van stukken. Recentelijk hebben we ook gesproken over het niet functioneren van de juridische functie en daar heeft de burgemeester zelf ook gesproken over cultuur en waar zij ook pleit voor een cultuuromslag. Ik ben dus kritisch over het bereiken van structurele oplossingen op dit punt. We moeten eigenlijk zeggen: structureel resultaat. De vraag is een beetje op welke

56

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

manier de vakwethouders Financiën, P&O, Inkoop worden betrokken bij deze verbetering en bij die noodzakelijke cultuuromslag. Wat onze fractie betreft zijn er ook veel zaken misgegaan. Dat levert geen fraai beeld op. Ik denk dat ik dat duidelijk heb benadrukt. Ik vind het ook heel slecht voor het aanzien van het bestuur en van de politiek. Ik vind ook dat de burgemeester daaruit lessen moet trekken. Ik lees die lessen duidelijk terug in de brief van de burgemeester. Maar ik vind tegelijkertijd dus ook dat de burgemeester het boegbeeld moet worden van die cultuurverandering, daarin leiderschap moet tonen en daar daadkracht moet laten zien. Dat zal best een taaie klus zijn. Ik hoor heel graag in haar eerste termijn van de beantwoording een reactie daarop. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: Ik moet zeggen, dat zei ik bij de raadscommissiebespreking ook al, dat ik de bijdrage van de heer Boutkan in het bijzonder goed vind. Ik moet eerlijk zeggen dat ik me schaam dat deze hele situatie heeft plaatsgevonden.

Ondanks al mijn eerdere kritiek op het handelen van de burgemeester en alle felle debatten die de burgemeester en ik hebben gevoerd en ondanks dat veel Amsterdammers wel degelijk van mening zijn of waren dat er sprake is of was van een schijn van belangenverstrengeling, omdat de betreffende programmadirecteur wel in de club zat die de burgemeester heeft geholpen om de eerste vrouwelijke burgemeester te worden van Amsterdam, denk ik persoonlijk niet dat de burgemeester aan vriendjespolitiek heeft gedaan – dat zeg ik op basis van alle informatie waarover de raad nu beschikt. Dat wil ik hier toch wel even hebben gezegd. Dat neemt echter niet weg dat het hele traject behoorlijk problematisch is verlopen en ik sluit me dan ook aan bij verschillende van de kritische constateringen en vragen die andere raadsleden hebben gesteld. Gezien de spreektijd ga ik dat hier niet allemaal herhalen. Het blijkt dat de aanstelling en de beloning van de betreffende programmadirecteur binnen de juridische kaders vallen van de gemeentelijke een Europese aanbestedingsregels. Gelukkig dat het juridisch gezien uiteindelijk blijkt te kloppen. Maar daarmee was de beloning niet per definitie rechtvaardig in het bijzonder met het oog op de ernstige armoede waaronder veel Amsterdammers lijden. De betreffende programmadirecteur verdiende wat BIJ1 betreft gewoon veel te veel.

BIJ1 wil het vooral breder trekken. Dit gaat niet alleen over deze programmadirecteur. Er zijn ongetwijfeld meer extern ingehuurden die meer verdienen dan nodig is. De gemeente geeft, even uit m’n hoofd, iets van 320 miljoen euro per jaar uit aan externe inhuur, terwijl er is toegezegd zo veel mogelijk met vaste contracten en interne werknemers te werken. Lid Boutkan en volgens mij ook lid Ernsting hebben zich daar al jarenlang hard voor gemaakt. Maar het toegezegde maximum van tien procent is niet behaald. Nu wil het college zelfs die tien procent gaan loslaten of laten verwateren. Overigens is het niet onbelangrijk om hier te benoemen: als het college zou stoppen met het korten op bijstandsuitkeringen voor dak- en thuislozen die dus minder bijstand krijgen dan bijstandsgerechtigde die wel een huis hebben, dan zou dat zeven miljoen euro per jaar kosten. Daarover zei het college, dat dit wel erg veel geld is en dat het volgende college hierover maar moet gaan beslissen. Weet je wat BIJ1 veel geld vindt? Een maandsalaris van 10.000 euro voor maar 20 uur per week. Weet je wat BIJ1 ook veel geld vindt? 320 miljoen euro per jaar besteden aan externe inhuur. Afsluitend nog een vraag.

Hoe veel besteedt de gemeente eigenlijk aan de inhuur van externe advocaten voor rechtszaken tegen Amsterdammers die zich benadeeld of bedonderd voelen door de gemeente? En dan inclusief de kosten van alle in hoger

57

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

beroepen die de gemeente bijna per definitie indient, als ze een rechtszaak verliest. Nu kan ik me voorstellen dat de burgemeester hierop nu niet direct een antwoord heeft, maar als zij een toezegging kan doen om hier schriftelijk op terug te komen, dan ben ik daar al heel tevreden mee. Anders voel ik me genoodzaakt om hierover in de tweede termijn een motie in te dienen. Ik hoop dat we er zo uit kunnen komen. De VOORZITTER: Dan zijn wij aan het einde gekomen van de eerste termijn van de zijde van de raad. Ik kijk even naar het college of er behoefte is aan een korte schorsing. Dat is het geval. Dat betekent dat we de vergadering schorsen tot 16.50 uur.

De VOORZITTER schorst de vergadering voor tien minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.

De VOORZITTER: Wij waren gekomen bij de eerste termijn van de zijde van het college en daarvoor zou ik het woord willen geven aan de burgemeester. Burgemeester HALSEMA: Ik zou de leden graag hartelijk willen danken voor hun inbreng. Ik zal proberen uw vragen – een aantal daarvan zijn nog heel technisch – zo goed mogelijk te beantwoorden. Alhoewel ik de vragen in hun geheel ga beantwoorden, zou ik daarbij onderscheid willen maken tussen de aanloop naar de aanstelling en de aanstelling zelf, het contractueel verloop als tweede en dan zou ik tot slot iets willen zeggen over mijn relatie met de heer Booij. Dus in die drie delen. Ik zou u willen vragen uw vragen over dat laatste even te sparen tot na beantwoording van alle vragen. Laat ik beginnen te zeggen dat mevrouw Poot het eigenlijk wel goed verwoordde toen zij zei dat het rammelde. Ik heb al voor de raadscommissievergadering gezegd bij AT5 dat het rommelig en slordig was verlopen. Dat herhaal ik nog maar eens, want dat klopt. En ook dat het niet fraai is - dat waren de woorden van de heer Boutkan - dat klopt ook. Ik heb zelf in de raadscommissievergadering gezegd dat hier de wet van Murphy op van toepassing lijkt waar bij de aanstelling vragen kunnen worden gesteld en vervolgens in het contractueel verloop allerlei dingen mis gaan alsof het een opstapeling werd van dingen die mis konden gaan. Dat is vervelend.

Op uw verzoek is er een second opinion gevraagd. Die second opinion hebben wij met opzet gevraagd aan iemand waarmee de gemeente voor zover we dat kunnen nagaan, geen enkele relatie onderhoudt. Dat is een hoogleraar aanbestedingsrecht in Groningen. En volgens mij was dat destijds ook een vraag van de heer Van Lammeren: duidelijk is dat hij niet allerlei commerciële belangen heeft. De hoogleraar aanbestedingsrecht is naast zijn functie als hoogleraar nog rechter-plaatsvervanger in Den Haag en dat typeert volgens mij ook de onafhankelijkheid. Ik moet zeggen dat ik dan ook heel blij ben en ik neem aan dat dat ook voor u geldt, dat hij heel onomwonden heeft vastgesteld dat er geen spoor van onrechtmatigheid is, waarbij wel moet worden gezegd dat we nipt binnen de aanbestedingsregels zijn gebleven met dank aan Propria Cures. Daarover heb ik vanaf het begin geen misverstand laten bestaan. Ik geloof dat mevrouw Nanninga daarover nog een vraag stelde. Dankzij de journalistieke nieuwsgierigheid ontdekten wij dat we veel dichter bij de aanbestedingsgrens zaten dan we dachten op dat moment. Dat heeft natuurlijk onmiddellijke en daarmee ook verdrietige consequenties gehad voor de heer Booij zelf die daarmee per 1 februari uit dienst moest treden – niet uit dienst, laat ik daar geen fouten in maken - wiens contract daarmee per 1 februari onmiddellijk ophield.

Dat is in de raadscommissievergadering met u gewisseld.

58

wst Jaar

2022

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen

R

Als tweede, en daarover heb ik u niet gehoord, wil ik u toch nog eens wijzen op het interne profiel dat is gemaakt, waarin heel duidelijk staat dat het ging om een kwartiermaker die voor negen maanden zou worden aangesteld met de mogelijkheid van verlening van het contract. Daarbij blijkt nog eens duidelijk wat de intentie was. Dan mag duidelijk zijn dat een aanstelling van 24 maanden nooit de intentie is geweest. Dat dat daarna door alle rommeligheid veel langer heeft geduurd, is een ander chapiter dan de intentie oorspronkelijk was. (Mevrouw NANNINGA: Dit klopt. Er stond toch wel een intentie in het contract tot 24 maanden? Of begrijp ik nu iets niet goed?) Volgens mij staat in het openbaar profiel een kwartiermaker voor negen maanden met de mogelijkheid van verlenging. Daar wordt niet 24 maanden bij genoemd. Dat kan ik ook nog even voor u nazoeken als ik het zo snel kan vinden. Nee. Er staat: het gaat om een tijdelijke functie van 24 uur per week – dat werd dus 20 uur – tot 1 november 2020 met de mogelijkheid van verlenging. Zo heeft het in het interne profiel gestaan. (Mevrouw NANNINGA: Maar in het contract dat ondertekend is door de heer Teesink staat wel degelijk die 24 maanden. Dat was ook mijn vraag in de eerste termijn.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11342944/1