20220216 Verslag gemeenteraad middag
Tekst van het document
Dat is vaak lastig te begrijpen voor mensen, maar zo hebben we de regels met elkaar gesteld. In de grachten kan dat niet. Daar handhaven we ook op. De handhaving die we veel toepassen, moet wel effectief zijn. We handhaven de afgelopen jaren vooral op het aanbieden van passagiersvaart zonder dat men daarvoor een vergunning heeft. Dus dan ben je online, dan kijk je digitaal maar ook op straat naar aanbiedingen die plaatsvinden. Dat is vaak de beste en meest effectieve methode om daar tegen op te treden. We zien ook dat er minder illegaal aanbod op het internet is. We voeren nog rechtszaken met platforms die daar ook bij betrokken zijn geweest om hen ertoe te brengen daarmee te stoppen. Ik noem als voorbeeld het deelplatform Barqo. Daartegen hebben wij een juridische procedure gestart omdat die juist dat illegale aanbod faciliteerde. Dus wij zitten heel veel op internet.
25
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
De Digitale gracht biedt ons nu, nu die operatief is, ook een goede manier. De Digitale Gracht werkt zo dat je als rondvaartboot net als alle andere schepen digitaal herkenbaar moet zijn. We kunnen de signalen oppikken met de Digitale Gracht. Omdat die vanaf dit jaar ook voor de pleziervaart is geactiveerd - ook pleziervaartuigen moeten herkenbaar zijn op de Digitale Gracht - geeft dat ons op dit moment een instrument in handen om de illegale passagiersvaart eruit te halen omdat die vaak als pleziervaart actief zijn. Hoe kom je daar dan achter? Dat heeft natuurlijk te maken met de vorm van de vaarbewegingen die worden gemaakt. Als iemand vaarbewegingen maakt die meer bij passagiersvaart passen dan bij pleziervaart, maar geregistreerd staat als pleziervaart, dan is dat een eenvoudige en effectieve manier om daarop de handhaving te baseren. Zo gaan we dat ook vanaf nu doen. Het was in de begroting gezet voor 2021, maar de idee was dat we natuurlijk eerder al met de pleziervaart die vignetten zouden hebben. U weet ook dat dat pas later per januari dit jaar is ingevoerd. Dat is de reden dat er vertraging is. De tweede reden die een rol speelt, is dat die 20 procent die u noemt, reductie is van het aantal illegale vaarbewegingen.
Daarvoor moet je dus eerst die illegale vaarbewegingen in kaart brengen en dan kun je later gaan meten of je 20 procent minder van die vaarbewegingen hebt. Omdat de Digitale Gracht later is ingevoerd, kunnen we nu dus nog niet aan iemand die dat bij ons opvraagt, inzicht bieden. Dat kan pas over een tijdje als de Digitale Gracht feitelijk actief is. Dit jaar gaan we het op die manier doen. Als u mij gaat vragen wat illegale vaarbewegingen zijn, dan zal ik daar niet uitgebreid op in gaan. Dat bemoeilijkt de handhaving ook weer. Dat zult u begrijpen. Zijn er ook nog andere zaken waarop wij handhaven? Zeker. Wij handhaven ook op de zogenaamde 12+-maatregel. Die kent u. Je mag met niet meer dan twaalf mensen in een boot, anders wordt het door ons als een andere boot opgevat. Dat is een effectieve maatregel. Wij gaan ook handhaven op de vaarbewijzen. Vanuit Europa is aangegeven dat Nederland strenger moet zijn op die vaarbewijzen. Het ministerie maakt daarover mede op ons verzoek wetgeving. Daardoor krijg je straks dat mensen die in de passagiersvaart zitten, een steviger vaarbewijs moeten hebben. Dat geeft ons ook een instrument in handen om straks beter te handhaven. De VOORZITTER: Ik wijs de leden van het college, zowel de burgemeester als de wethouder, erop dat het wel de bedoeling is in drie minuten antwoord te geven. U zit nu op 4,5 minuut. Dus voor de volgende keer.
De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Vroege voor een vervolgvraag. De heer VROEGE: Eén vervolgvraag. Ik ben blij dat de wethouder erkent dat hetgeen in de begroting staat, niet helemaal correct was. Ik begrijp uit zijn antwoord dat dit college keer op keer de duurste advocaten achter legale ondernemers aan stuurt en zegt, de illegale rondvaart, 80 procent mag het komende jaar blijven varen. Dat is toch een heel slecht verhaal naar al die legale ondernemers die al jaren moeite hebben om het hoofd boven water te houden. 80 procent van de illegale reders mogen doorvaren , terwijl zij keer op keer achterna worden gezeten door de duurste advocaten in opdracht van dit college. Mijn vraag aan de wethouder: hoe gaat hij dat aan deze ondernemers uitleggen? De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder De Vries.
26
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
Wethouder DE VRIES: Ik vind het een nogal interessante benaderwijze. Wij hebben inderdaad goede juridische ondersteuning bij alle rechtszaken die wij moeten voeren, omdat wij worden gedaagd, omdat wij bepaalde vergunningen niet of wel geven. Uiteraard laat het college zich daarbij door de beste mensen bijstaan. Dat mag ook worden verwacht van een stad als Amsterdam dat wij daarvoor de goede juridische ondersteuning kiezen. Maar het zijn vaak rechtszaken die worden gestart door de persoon die dat bij ons doet en niet andersom. Ik ben het zeer met u eens dat we veel meer dan 20 procent van de illegale vaarbewegingen eruit zouden moeten halen als dat kon. Ik stel wel vast dat dit een door de raad vastgestelde begroting is. Daarmee is de tekst eigenlijk ook eigendom van de raad. De VOORZITTER: Ik zie dat er geen behoefte meer is aan aanvullende vragen en dan gaan we zo over naar de volgende set mondelingevragen van mevrouw Van Soest. Ik schors even voor enkele ogenblikken, zodat woordvoerders eventueel van plek kunnen wisselen. Misschien kan wethouder De Vries zijn plek doorgeven aan wethouder Moorman. De VOORZITTER schorst de vergadering voor een minuut. De VOORZITTER heropent de vergadering. Vragen van het lid Van Soest inzake bodemverontreiniging in het Oosterpark De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest.
Mevrouw VAN SOEST: Op 8 februari heeft u allen een brief ontvangen van de stichting herstel Oosterpark. Deze brief wordt onderschreven door het RIVM, de GGD Nederland, bekende toxologen en experts, de gemeentelijke Ombudsman etc. De eerder aan college en raad toegezonden meetrapporten van onderzoeksbureau IDDS uit Noordwijk, deze meetrapporten, zijn zelfs erkend door het college van de Amsterdamse GGD net als de live gesprekken met de experts. De Nota Bodembeheer is door de Omgevingsdienst met algemene stemmen goedgekeurd - in 2019 door de raad - en officieel in werking getreden op 21 november 2019. Genoemde drie punten zijn meer dan voldoende redenen om ongerust te zijn voor de veiligheid van bezoekers van het Oosterpark. Nog erger en verontrustender zijn de harde cijfers die nu naar boven komen waaronder niet verstrekte maar ook foutieve informatie die al jaren geleden aan onze raad werden gerapporteerd. We hebben de harde feiten: sinds 2019 is de grenswaarde lood volgens het RIVM vastgesteld. Ik heb een aantal vragen aan de wethouder. Waarom reageert het college c.q.
de burgemeester die verantwoordelijk is voor de veiligheid niet inhoudelijk op alle signalen van de afgelopen jaren? Idem op de opmerkingen en vragen van de Ombudsman? Erkent het college inhoud en feiten, gesteld in de brief van de stichting Herstel Oosterpark van 8 februari en zo nee, waarom niet? Zijn college en voltallige raad op de hoogte van de besprekingsverslagen en het mailverkeer tussen SHO? Tot slot, in deze raadszaal heeft SHO meerdere keren ingesproken en het zwartboek Verdubbeling Oosterpark etc. verstrekt. Gaan we nu eindelijk een keer een einde maken aan deze discussie, desnoods met een onafhankelijk onderzoek om te kijken of we er eindelijk een streep onder kunnen zetten?
27
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Wedemeijer voor de beantwoording van de vragen. Wethouder WEDEMEIJER: Ik ben het niet met u eens dat het college niet reageert, want er is een intensieve en ook al jarenlange discussie met het stadsdeel, het Dagelijks Bestuur, dat namens het college reageert. Deze brief heb ik ook in handen gesteld voor zover die niet al in handen was, van het Dagelijks Bestuur in oost. Die gaan u vóór 1 maart van antwoord bedienen. Ik zal ervoor zorgen dat de commissie een kopie krijgt van de beantwoording. U heeft dit raadsadres gepiept naar de raadscommissie. Dan kunnen we daar het debat voortzetten. Wij stellen ons op het standpunt dat er inderdaad sprake is van een loodverontreiniging. Dat is geen geheim. De waarden zijn zodanig dat dat past bij het gebruik van het Oosterpark. Wij worden daarin gesteund door de deskundigen van de GGD en ook van de Omgevingsdienst. Wij erkennen in die zin de eerste stelling van de stichting niet, maar wij zijn wel bereid daarover nog steeds het gesprek met elkaar over aan te gaan. Ik denk dat het verstandig is om deze discussie inhoudelijk verder voort te zetten bij de commissie voordat we tot hele trieste maatregelen overgaan waarbij we aanpassingen moeten gaan doen in het park.
Wij stellen ons in ieder geval op het standpunt dat gezien de huidige loodwaarden die er nu zijn, er geen reden is om extra onderzoek te doen of extra maatregelen te treffen. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest voor een vervolgvraag. Mevrouw VAN SOEST: Ik heb de wethouder net gevraagd of hij een onafhankelijk onderzoek zou willen doen om hierover nu eindelijk duidelijkheid te krijgen. Ik hoop dat de wethouder dat kan toezeggen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Wedemeijer. Wethouder WEDEMEIJER: Ik ga dat nog niet toezeggen. Ik ga me daarover beraden en bij de raadscommissie zal ik me daar dan over uitlaten. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Schreuders voor een aanvullende vraag. De heer SCHREUDERS: Ik hoorde daarnet de reactie van de wethouder op de vraag van mevrouw Van Soest. Wat ik daarin niet terug hoor, dat is de zorg voor de veiligheid van de parkbezoekers. We hebben het hier wel degelijk over loodwaarden in de bovengrond in het Oosterpark die ver boven de veiligheidsnorm liggen. De veiligheidsnorm is 100 mg per kilo. Sommige waarden komen zelfs boven de 400 mg, ook bij de kinderspeelplaatsjes. Mijn vraag aan de wethouder is of hij erkent dat de veiligheid van parkbezoekers in het geding is, zeker met het oog op het gegeven dat het park straks – het wordt zo weer lente – weer bomvol zit.
Dan mijn tweede vraag waarom de gemeente eigenlijk zelf andere veiligheidsnormen hanteert. Ik begrijp dat die 100 mg wordt aangehouden voor de volksgezondheid en de gemeente gaat op sommige plekken akkoord met 800 mg. Waarom is dat en kan de
28
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
wethouder snel actie ondernemen om ervoor te zorgen dat het overal 100 mg wordt en dat dat ook wordt nageleefd? De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Wedemeijer. Wethouder WEDEMEIJER: Op grond van de eigen regels. Wij hebben voor verschillende gebruik verschillende grenswaarden. Dus voor een kinderspeelplaats is er een andere grenswaarde dan voor andere vormen van gebruik. Wij erkennen niet dat er op dit moment sprake is van een gevaar. Dat betekent dus ook dat wij die inhoudelijke discussie met elkaar moeten voortzetten wat dan precies de normen zijn die je moet gaan stellen. Maar wij hebben eigen normwaarden. Die hebben we vastgesteld – ik meen ook in deze raad – waarbij het gebruik heel sterk bepalend is voor de normen die worden gehanteerd. De vraag over 800 mg kan ik zo niet beantwoorden. Dan moet ik me nader verdiepen in het dossier. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma voor een aanvullende vraag. De heer BOOMSMA stelt dat het bij diffuus lood met name gaat om de plekken waar kinderen spelen. Daar moet je veel strengere normen hanteren omdat kinderen nu eenmaal vaker modder binnen krijgen. Het laatste onderzoek dat ik daarvan heb gezien van de Omgevingsdienst, dat is dat ook in het Oosterpark op plekken waar kinderen spelen, die waarde van 100 mg per kilo wordt overschreden. Bij het pierenbadje zou de waarde op 110 mg zitten.
Het is overigens ook zo dat 100 mg niet ideaal is. Het gaat er natuurlijk om dat hoe minder hoe beter geldt in het geval van loodverontreiniging. Is de wethouder ervan op de hoogte, kan hij zeggen dat we in ieder geval op alle plekken waar kinderen spelen, veilige normen hebben. Zo niet, dan gaan we daar maatregelen nemen om dat af te graven, te vervangen of anderszins. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Wedemeijer. Wethouder WEDEMEIJER: Ik vraag uw begrip voor de situatie dat het een vuistdik dossier is. Ik kan niet uit mijn hoofd aangeven of nu op alle plekken waar kinderen spelen ook de juiste norm is. Ik zal de suggestie van het pierenbadje meenemen en in de volgende raadscommissie zal ik daar op terugkomen. Het is natuurlijk zo dat het veilig moet zijn voor de kinderen. Dat belang, ik denk dat we dat allemaal onderschrijven. Natuurlijk is het ook zo, als kinderen over gras lopen, dan is een loodwaarde niet per se gevaarlijk. Daar zit de kern van de discussie, denk ik, ook met de stichting. Het gaat om de vraag hoe intensief het park door kinderen wordt gebruikt en welke gevaren daaraan kleven. Vooralsnog houd ik vast aan de adviezen van mijn eigen diensten waarin wordt gezegd dat het Oosterpark veilig is, ook voor kinderen. De VOORZITTER: Volgens mij zijn we dan aan het einde gekomen van deze set mondelinge vragen.
Dan vraag ik wethouder Moorman achter de collegetafel plaats te nemen. Vragen van het lid Veldhuyzen inzake gegevens van inburgeringsplichtigen De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen.
29
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
De heer VELDHUYZEN: Een vraag aan wethouder Moorman. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft gemeenten opgeroepen per direct te staken met het gebruiken en delen van gegevens van inburgeringsplichtigen onder de Wet Inburgering, die via het duoportaal zijn ontvangen. De aanleiding daarvoor is dat het onterecht versturen van informatie over de inburgeringsplicht onder de Wet Inburgering van 2021. De Tweede Kamer is hierover op 26 januari ingelicht. Nu vraag ik me af omdat het nog niet mogelijk is gemeenten specifiek te informeren over welke personen onterechte signalen zijn verstuurd en het ministerie gemeenten adviseert alle signalen hierover niet verder te verwerken, hoe het college hierop heeft gereageerd, of hierop is gehandeld en welke stappen er sindsdien zijn ondernomen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Moorman voor de beantwoording van de vragen. Wethouder MOORMAN: Felicitaties aan de heer Veldhuyzen dat hij inmiddels zo goed is ingeburgerd dat hij ook weet hoe de microfoons werken. Eigenlijk is wat hij aansnijdt, helemaal niet om te lachten, want het is natuurlijk heel zorgelijk en echt niet goed dat er verkeerde brieven zijn gestuurd. Mensen komen al terecht in een complex systeem. Dit soort brieven zijn al niet makkelijk om goed te begrijpen.
En als daar dan ook nog eens een keer de verkeerde informatie in staat die privacyschending tot gevolg kan hebben, dan is dat echt wel een signaal om serieus te nemen. Ik kan de heer Veldhuyzen in ieder geval geruststellen dat wij het niet verder hebben gedeeld en dat daarbij ook geen privacyschendingen hebben plaatsgevonden. Ik vind wel dat er consequenties moeten volgen uit het feit dat deze brief is verstuurd. Dat hebben wij ook aangegeven richting het rijk. In Amsterdam zullen het om de nul en vijf statushouders gaan, dus asielmigranten, die deze brief onterecht hebben gekregen. Daarbij gaat het om naar schatting circa 25 gezinsmigranten. Nu is het zo dat de Inburgeringswet 2021 voor statushouders voordeliger is dan die uit 2013. Voor gezinsmigranten geldt het tegenovergestelde. Wij vinden, en dat hebben we ook aangegeven, dat het niet zo kan zijn dat je een brief stuurt aan mensen en dat vervolgens terugdraait waardoor ze in een nadeliger regime terechtkomen. Wij vinden dat voor de statushouders die de verkeerde brief hebben gekregen, dan ook gewoon het regime van 2021 zou moeten gelden. Voor de gezinsmigranten levert dat geen voordeel op dus daar zou het anders zijn. Nu is het wel zo dat wij, waar dat voordelen oplevert, sowieso het liefst volgens de 2021maatregelen werken in Amsterdam. Dat weet u ook, want daarover heb ik u eerder geïnformeerd.
De VOORZITTER: Er zijn geen vervolgvragen. Dan nodig ik graag wethouder Kukenheim uit om achter de collegetafel plaats te nemen. Vragen van het lid Veldhuyzen inzake de gevolgen van de sluiting van de corona noodopvang voor dak- en thuislozen De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen. De heer VELDHUYZEN: De coronanoodopvang voor dak- en thuislozen werd gefinancierd door het rijk. Die is gestopt. Daarover is al gesproken in de laatste raadscommissievergadering. 9 februari zou die sluiten. BIJ1 zou de wethouder heel graag willen vragen tot in hoeverre er zicht is op de hoeveelheid mensen die op straat is
30
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
gekomen en die misschien zelfs noodgedwongen op straat slapen sinds de sluiting van de coronanoodopvang. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Kukenheim voor de beantwoording van de vragen. Wethouder KUKENHEIM: We hebben met alle mensen die gebruik hebben gemaakt van de noodopvang een gesprek gevoerd over wat nu het perspectief hierna is. U weet dat we dat belangrijk vinden. Een groot aantal mensen is met dat perspectief in de hand aan de slag gegaan of hebben zijn weg gevonden naar andere vormen van opvang of vervolg. Maar er zijn ook heel veel mensen die hun eigen weg kiezen om hun moverende redenen. Mijn beeld is dat uiteindelijk zo’n 180 mensen de opvang verlaten zonder dat voor ons duidelijk is waar ze heen gaan. Dat betekent zeker niet dat die mensen op straat verblijven. Gelukkig maar. Er zijn veel mensen die gelukkig wel een tijdelijk onderkomen hebben, maar ten tijde van noodopvang verkiezen gratis de noodopvang te gebruiken dan het onderdak dat ze hebben georganiseerd op een andere manier. Dus dat gaat om een heel gedifferentieerde groep. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Veldhuyzen voor een vervolgvraag. De heer VELDHUYZEN: Ik weet ook niet of al die 180 mensen op straat zijn gekomen, maar ik spreek wel mensen die zo goed als dagelijks de straat op gaan om eten en drinken te brengen aan mensen die noodgedwongen op straat slapen.
Dus dat er mensen op straat slapen, dat is een feit. Ik zou afsluitend aan de wethouder willen vragen of het college bereid is om in ieder geval een tijdelijke Amsterdamse noodopvang te openen. In ieder geval voor de periode totdat het nieuwe college is gevormd, zodat er tot die tijd niemand op straat hoeft te slapen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Kukenheim. Wethouder KUKENHEIM: Het goede nieuws is dat Amsterdam niet eens tijdelijk maar permanent een heel ruimhartige noodopvang heeft. Dus naast de opvang die wij organiseren via de Wmo, de MOBW, wat gaat over een paar duizend plekken, hebben wij ook 381 plekken dag- en nachtopvang. Dat is mede het vervolg op vroeger waar we alleen maar winteropvang deden. Dat hebben we het hele jaar door uitgebreid. Dus daarbij gaat het om een flink aantal plekken. Plus dat we zo’n 220 gezinnen hebben in onze permanente noodopvang. U moet zich voorstellen dat het in totaal om zo’n 700 mensen gaat. Dat is hartstikke mooi. Amsterdam heeft gelukkig een ruimhartig beleid. Er is dus geen sprake van dat alles is afgebouwd. De VOORZITTER: Dan gaan we door naar de laatste set mondelingevragen. Vragen van het lid Mbarki inzake prijsstijgingen huurwoningen door inflatie De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Mbarki.
De heer MBARKI: Nederland wordt geconfronteerd met een enorme inflatie en we hebben het hierover in verschillende raadscommissies gehad. Veel mensen hebben er last van. Vandaag wil ik me focussen op de portefeuille Wonen en specifiek op de
31
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
huren. Deze inflatie die we nu kennen, heeft verschillende gedaanten. We kennen die onder andere van de stijgende energieprijzen. Hierdoor worden huurders in slecht geïsoleerde woningen al keihard geraakt. Ze moeten immers meer stoken. Maar vervolgens hangt hen nu ook een inflatie op de huur boven het hoofd oftewel dubbele hogere lasten. Dit raakt niet alleen de mensen die in een sociale huurwoning zitten, maar het raakt ook mensen die in een middenhuurwoning zitten en mensen die in de vrije sector huren. Sterker nog: vooral de woningen die we niet beschermen of niet kunnen beschermen zijn extra kwetsbaar voor die inflatiestijgingen. Daarom de volgende vragen aan de wethouder. Ziet de wethouder ook dat de hoge inflatie op dit moment grote gevolgen kan hebben voor huurders in Amsterdam? Is de wethouder bereid in overleg met de corporaties te voorkomen dat de huren na bevriezing weer gaan stijgen? De koepel Aedes heeft laten weten niet te verwachten dat de huren snel zullen stijgen, maar welke garanties hebben we en hoe gaat de wethouder dit in de gaten houden? Daarnaast hebben we gezien dat in Amsterdam de particuliere huur de nieuwe trend is. Dat bleek ook uit de WIA. We hebben hier wat minder grip op. Ik ben benieuwd of de wethouder ook kijkt naar een gesprek met bijvoorbeeld de IVBN en met andere particuliere investeerders.
Uiteindelijk moeten we met elkaar zien te voorkomen dat mensen niet onder de dubbele lasten bezwijken. Ik ben ook benieuwd of hierover contact is met de minister. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Wedemeijer voor de beantwoording van de vragen. Wethouder WEDEMEIJER: Het is goed om te beseffen dat de minister de huurverhogingen heeft vastgesteld. Dat is 2,3 procent voor de sociale huren en 3,3 procent voor de vrijesectorhuren. Dat betekent dat de hoge inflatie die we nu hebben voor volgend jaar wellicht relevant zou kunnen zijn. Dat is misschien een doekje voor het bloeden, maar het is in ieder geval wel zo dat er nog geen extreme huurverhogingen zullen gaan plaatsvinden. U vraagt of ik bereid ben om in overleg met de corporaties te voorkomen dat de huren weer gaan stijgen. Dat is al aan de orde gekomen in een eerder gesprek. U moet het zo zien dat dit onderdeel is van de onderhandeling over de afschaffing van de verhuurderheffing. Daar moeten veel dingen van gedaan worden waaronder ook het stoppen van de verkoop van woningen en het verduurzamen van de woningen. Garanties dat huren niet zullen stijgen, kan ik u niet geven. U weet ook dat uiteindelijk de woningcorporaties daarover gaan, wel binnen de wettelijke kaders. Ik zal zeker met de IVBN bespreken wat de vrijesector gaat doen. Ook hier geldt een kader waarbinnen zij en wij ons moeten begeven.
Op het moment dat ik de minister zie, zal ik dat zeker aan de orde stellen. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Mbarki voor een vervolgvraag. De heer MBARKI: Dank dat de wethouder nog even memoreert aan die kaders. Die zijn ook belangrijk en daar zijn we ook heel blij mee. Tegelijkertijd zien we dat in Amsterdam een op de vijf huurders in de knel zit vanwege de huur. Dat zagen we in het rapport van het Nibud. Dus is de wethouder bereid specifiek voor deze doelgroep het gesprek nader aan te gaan om te kijken dat deze mensen binnen die kaders niet knel komen te zitten?
32
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Wedemeijer. Wethouder WEDEMEIJER: Heel kort: ja, absoluut. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel voor een aanvullende vraag. De heer VAN SCHIJNDEL: Het is eigenlijk een korte vraag. Waar het gemeente of het stadsbestuur wel grip op heeft, dat zijn de erfpachtcontracten. Nu de huizenprijzen vanwege het enorm expansieve monetaire beleid van de ECB, dus die bubbel, enorm stijgen en WOZ-waardes heel erg omhoog gaan, hoe voorkomen we dan dat erfpachters op ongelooflijk hoge erfpachtlasten komen te zitten? Dat is de eerste vraag. En de tweede vraag is hoe het zit met de indexering met inflatie die is overeengekomen met mensen die zijn overgestapt naar het nieuwe stelsel ... De VOORZITTER: Sorry, mijnheer Van Schijndel, ik zat niet goed genoeg op te letten. De vragen gaan over inflatie huurwoningen en uw vragen gaan daar niet over. Dus het is niet in het verlengde. Dat heeft deels met een andere portefeuille en een andere wethouder te maken. Het is creatief bedacht – daarvoor geef ik u een complimentje – maar daarna kap ik u wel af omdat dit echt niet de bedoeling is. Dan zijn we daarmee echt aan het einde gekomen van deze mondelinge vragen. We gaan even vijf minuten schorsen zodat de wethouders achter de collegetafel kunnen plaatsnemen en de woordvoerders kunnen wisselen.
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.
2. Interpellaties en actualiteiten b. Actualiteit van de leden Nanninga c.s. programmadirecteur schendt mogelijk aanbestedingsregels
inzake
Inhuur
parttime
De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Nanninga. Mevrouw NANNINGA: Als eerste dank voor alle toegezonden informatie tussen de raadscommissievergadering Algemene Zaken twee weken geleden en deze actualiteit waarom is gevraagd en die nu ook is geagendeerd. Wij hebben ook gezien dat de burgemeester zegt dat ze beter een transparante aanbestedingsroute had kunnen kiezen en dat ze de gang van zaken betreurt. Dat vinden wij een goede zaak. Ik wil in mijn eerste termijn vooral wat vragen stellen naar aanleiding van weer de nieuwe serie documenten en de gevolgstrekkingen die wij er allemaal uit kunnen destilleren en dan het debat verder aanhoren. In de tweede termijn zal ik dan een conclusie trekken of tot een standpunt komen. Dat weet ik nog niet; ik sta er op dit moment open in. Er zijn immers nog heel veel vragen. De informatie was er en die was uitgebreid. Maar als je alles in elkaar gaat puzzelen, dan blijft er toch nog heel veel onduidelijk, tegenstrijdig en etc. Uit de second
33
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
opinion blijkt dat de burgemeester het Europees aanbestedingsrecht nipt niet heeft overtreden. Het feit blijft dat de heer Booij gewoon in dienst was gebleven tot na de verkiezingen als Propria Cures geen Wob-verzoek had gedaan. Althans, dat bleek uit mails. Dan had de gemeente het aanbestedingsrecht wel overtreden. Is de burgemeester dat met ons eens en hoe beoordeelt de burgemeester dat? Verder is het bijzonder dat de second opinion over het onderzoek niet lijkt in te gaan op het feit dat er wel degelijk een mogelijkheid bestond tot verlengen tot 24 maanden. Als het contract 24 maanden had geduurd, dan had het wel Europees aanbesteed moeten worden. Toch beoordeelt de geraadpleegde hoogleraar Van Romburgh het contract alleen op de bedoeling van het contract, namelijk negen maanden plus maximaal negen maanden uitloop en op de uiteindelijke, feitelijke duur van het contract maar niet op wat daadwerkelijk in het contract stond. Dat is natuurlijk wel waar het debat twee weken geleden in de raadscommissie AZ over ging. Er bestond een mogelijkheid tot 24 maanden. Als dat was gebeurd, had het Europees moeten worden aanbesteed. Dus mijn vraag is of de burgemeester bij het vragen van de second opinion ook heeft gevraagd hier op in te gaan.
Is dat meegenomen in het verzoek vanuit het college aan professor Van Romburgh? De opdracht met de geraamde waarde, is dat dus die 9 maanden, die initiële duur van het contract, 9 plus 9 maanden zoals de bedoeling was, 24 maanden of wat ook is genoemd in stukken oktober 2025? Dan zit je natuurlijk helemaal dik boven de Europese aanbestedingsdrempel van 214.000 euro. Dan de volgende vraag. Heeft de heer Booij geen werkzaamheden verricht in juli en augustus vorig jaar? Het jaar daarvoor was er in augustus wel gefactureerd. Weten we zeker dat er straks niet nog een bonnetje opduikt? Hoe beoordeelt de burgemeester het feit dat in De Telegraaf twee hoogleraren los van elkaar stellen dat er wel sprake is van overtreding van de aanbestedingsregels. Dan de administratie. Nog steeds is er geen duidelijkheid hoe de klus van Booij die negen maanden zou duren, zo maar is voortgezet. Dat was een heel raar deel in het debat in de raadscommissie AZ de vorige keer. Hij was administratief verdwenen, maar financieel niet. Ik probeer dat echt te begrijpen. Als je een contract hebt voor negen maanden, wat is daarover dan gecommuniceerd? In de brief staat dat het contract stilzwijgend is verlengd, maar hoe dan? Een tijdschriftabonnement gaat stilzwijgend, maar als je een contract hebt voor negen maanden, dan loopt dat toch af.
Dan kijk je in je agenda, dan kijk je naar je planning als je een eenmansbedrijf hebt. Ik heb dat jarenlang gehad en ik weet hoe dat werkt. Die einddatum van zo’n contract komt in zicht en je denkt, mijn hypotheek loopt ook nog een beetje door, zit dat nog wel goed? Dan ga je toch even bellen van hoe zit dit? Het wordt toch besproken? Gebleken is ook nog dat de heer Booij niet meer kon inloggen in de mail omdat hij administratief ineens wel foetsie was. Kan er iets worden gezegd over die communicatie daaromtrent? Die moet er toch zijn geweest? Dan is er nog zo’n moment na achttien maanden, 9 plus 9. Zelfde verhaal. Dan zit je weer aan het einde van een afgesproken termijn. Dan ga je toch weer eens kijken of je ruimte hebt voor andere klussen of kan ik hier aan de gang blijven. En dan nog de medewerker in een mail van 26 januari die zegt dat het de bedoeling was om de heer Booij in te huren tot oktober 2025. Is dat dan het verhaal? Hoe komt die medewerker nu bij deze datum? Als iemand dat aan mij zou vragen, dan zou ik niet zomaar een datum heel specifiek kunnen noemen: 27 oktober 2025. Hoe zit dat? De burgemeester zei ondertussen in de raadscommissie AZ dat de heer Booij tot aan de verkiezingen zou aanblijven. Dan hebben we dus weer een andere einddatum – en dat in verband met een nieuw college.
Dat laatste is ook raar, want dat heeft dan niet te maken met het aanbestedingsrecht, maar omdat er een nieuw college komt. Het is toch vreemd om het personeelsbeleid te laten afhangen van een nieuw college?
34
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
Daarnaast zeggen de huidige wethouders in het debat in AZ dat zij niets met de aanstelling van de heer Booij te maken hebben gehad. Dus waarom is dat dan collegeafhankelijk en waarom kijken we nu weer naar een andere eindtermijn? Dus wat is het nu: 9 maanden, 18 maanden, nieuw college, oktober 2025? Dit verhaal wordt maar niet duidelijk. Wij wachten de beantwoording af en het verdere debat tot in de tweede termijn wat mij betreft. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Flentge. De heer FLENTGE: In de kern is het geen technisch debat, maar een morele zaak. De Amsterdammers snappen het niet. Een kennis van de burgemeester wordt de gemeente in geloodst, de organisatie in geloodst. Het gaat om een baantje van 10.000 euro per maand voor 20 uurtjes per week, zonder urendeclaratie en met een stilzwijgend verlengen van het contract. Blijkbaar was dat allemaal heel gewoon, was dat normaal. Ik vind het niet normaal. Dus heel veel Amsterdammers die het ook niet normaal vinden, hebben gesproken over een schijn van vriendjespolitiek, een schijn van belangenverstrengeling en ook in de raad de vorige keer, door mij en ook door anderen, is dat bevraagd. Dat zijn volstrekt legitieme vragen. Die horen ook in dit debat. De burgemeester reageerde getergd. Bewijst u het maar. Toen dacht ik, dat is de zaak volstrekt omdraaien; dat is het volstrekt omdraaien van dit debat.
Ik heb niets te bewijzen. Ik heb geen kennis de organisatie ingebracht. Nee, zegt de burgemeester, het is de beste kandidaat geweest. Dat kan. Dat kan heel goed. Maar dat is wel het oordeel van de burgemeester. De burgemeester zegt, het was niet mijn intentie, ik doe niet aan vriendendiensten. Ook dat is zeer goed mogelijk. De intentie is weliswaar een belangrijk feit, maar het is niet de kern van dit debat. In de kern gaat het daar niet over. Het is namelijk in essentie nooit controleerbaar. De intentie geldt ook niet voor heel veel Amsterdammers. Ik stoor me dan ook aan het klassenverschil in dezen. Deze Amsterdammer wordt ook niet afgerekend op de intentie als er iets gebeurt. De intentie meewegen kan al heel snel leiden tot een glijdende schaal. Ik denk dat voor bestuurders de hoogste morele lat moet gelden. Dit moet je niet doen. Toen niet. Nu niet. Nooit. Dat moet helder zijn. Of dit alles consequenties moet hebben en welke, dat hangt af van de geloofwaardigheid waarmee je erkent dat dit alles is aangejaagd door je eigen actie, of dat je spijt betuigt, lering trekt en scherpe maatregelen neemt. Dat besef vond ik in de raadscommissie te dun. De burgemeester leek naar mijn oordeel onvoldoende te beseffen hoe dit is geland in de stad. Raadsleden werden voor een deel medeplichtig gemaakt om harde kritiek op ambtenaren over gebrekkige contractuele discipline.
Dat kan allemaal zo wezen, maar het probleem was ergens anders ontstaan. Allemaal niet verstandig, vond ik. De laatste brief van de burgemeester echter geeft heel wat meer ruimhartigheid. De burgemeester betreurt dat is bijgedragen aan een beeld. Het was achteraf bezien beter geweest dit openbaar te doen. Zo gaat het voortaan ook gebeuren. En er komt een hele keur aan maatregelen. Ik heb ze zo niet paraat, maar het zijn er vijftien of iets dergelijks. Papier is ook geduldig. Het kan pas gaan leven als dat mondeling wordt uitgesproken, als het wordt bevraagd en bediscussieerd. Dan pas leeft het en kan er een conclusie worden getrokken. Ik hoop op een ruimhartige opstelling van de burgemeester in dezen. Dat helpt. Dat is ook nodig, denk ik, om ermee in het reine te komen. Dus niet zoals afgelopen vrijdag op AT5. Want daar zei de burgemeester weer dat er oordelen en vooroordelen waren die niet op waarheid zijn gebaseerd. Ik vroeg me af, welke
35
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
vooroordelen dan en van wie? Dat helpt dus niet. Ik zal aandachtig luisteren en de balans maken we dan later dit debat op. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Kuiper. Mevrouw KUIPER: Op 27 oktober 2025 is het zo ver: dan bestaat de stad 750 jaar. Dat is reden voor een groot feest. In de aanloop heeft de afdeling Onderzoek, Informatie en Statistiek alvast een enquête uitgezet onder de inwoners. Daaruit komt het volgende naar voren. Een ruime meerderheid vindt het heel belangrijk dat de viering voor alle Amsterdammers is. Een iets kleinere meerderheid vindt het ook een beetje een viering voor alle Nederlanders. Daarmee ligt de focus dus op deze stad en dat begint nu al. Er zijn ook wensen uitgesproken over wat absoluut niet moet gebeuren bij deze viering. Zo moet het absoluut geen viering worden voor alleen de vips van de stad, ik herhaal, alleen de vips van de stad of voor toeristen. Tot slot moet de viering niet te politiek worden. De verjaardag van de stad moet vooral ook een beetje een leuke, gezellige aangelegenheid zijn. In dat licht spreken we vandaag over de inhuur van een externe programmadirecteur waarbij een aantal zaken niet geheel vlekkeloos is verlopen. Dat lijkt me een understatement. Veel ging mis. Daarover is in de raadscommissie uitgebreid gesproken.
Mijn fractiegenoot en commissielid de heer Van de Hengel heeft die commissie meegemaakt en zit veel meer in de technische details. Ik volg ook de technische details die hier worden besproken. Een heel aantal vragen zijn in die commissie gesteld en daar is een reactie op gekomen. Een second opinion. De uitslag van die second opinion lijkt positief. De burgemeester, het college, is binnen de kaders gebleven. Dat is geruststellend. Veel belangrijker is, wat voor beeld geeft dit nu naar buiten toe? Wat blijft hier nu van hangen? Dat is dan toch eigenlijk een soort kras op een begin van wat een mooi feest moet worden. De gemeentesecretaris heeft eveneens in de raadscommissie aangegeven dat er een verhoogde dijkbewaking moet komen, als er een afwijking is van de standaardgevallen van externe inhuur. We hebben het nu over één situatie van de externe inhuur, maar dit onderwerp is naar ik heb begrepen, al vele jaren onderwerp van gesprek. Hoe kan het nu dat dit onderwerp elke keer weer terugkomt en dat het dan nu zo mis gaat? Is er dan geen extra toezicht op, vraag ik mij af? Dit was zeker geen standaardinhuurgevalletje. Mijn belangrijkste vraag en daarmee beëindig ik mijn bijdrage in de eerste termijn: wat doet dit met het gevoel en het vertrouwen van de inwoners dat het feest van Amsterdam 750 jaar niet om de vips en de politiek gaat, maar om de burgers zelf.
Ik sluit mij aan bij de bijdrage van mijn collega van de SP. Dit is allereerst een moreel debat en niet in de eerste plaats een technisch debat – hoewel ik dat niet wil onderschatten en ook belangrijk vind. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Lammeren. De heer VAN LAMMEREN: Het is niet fraai, het beeld dat wordt geschetst. Of het waar is of niet, het is niet fraai wat hier in Amsterdam is gebeurd. Het is zowel een moreel als een technisch debat, want is er nu sprake geweest van vriendjespolitiek en belangenverstrengeling? Dat is heel lastig aan te tonen en ik ben dus even te rade gegaan wat Bureau Integriteit hier nu over schrijft. Bureau Integriteit is hierover klip en klaar: de schijn van belangenverstrengeling moet worden vermeden. Dat is niet altijd te voorkomen. Dat staat er ook. Maar in sommige gevallen is het eigenlijk heel eenvoudig
36
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
om de schijn te voorkomen door bijvoorbeeld privé in je werk geen zaken te doen met dezelfde partij. Dat is natuurlijk een beetje wat hier boven het debat hangt. Omdat het niet is aanbesteed – en ik heb nog wel wat vragen over die second opinion – zet de burgemeester zichzelf in een hele kwetsbare positie en dat zet de discussie zo op scherp, nog los van de hoogte, de uren en wat er voor gedaan is. Dat is ook waarom hier alle partijen meedoen aan deze actualiteit. Ik ben ook benieuwd of de burgemeester met Bureau Integriteit heeft gesproken en of Bureau Integriteit een onderzoek heeft ingesteld. Ik denk dat het zelflerende vermogen van de gemeenteraad en het bestuur wel aan de orde moet worden gesteld. Ik denk, wij hebben ook allemaal deze cursus gehad, dat er geen haar op mijn hoofd was geweest om dit zo te doen. Zeg ik dan dat het actief vriendjespolitiek is? Nee, dat zeg ik niet omdat ik dat niet kan beoordelen. Heeft het de schijn ervan? Dat vind ik nog steeds. Ik ben ook van mening dat het aanbesteed had moeten worden, ook omdat de heer Booij eerder voor de gemeente heeft gewerkt binnen de 48 maanden die de Europese regels hiervoor aangeven. Daarnaast is het contract simpelweg gewoon voor 24 maanden. We hebben een second opinion, maar we hebben natuurlijk ook hoogleraren die zeggen dat het wel had moeten worden aanbesteed.
Zo lang dit niet voor de rechter komt, moeten we daarover ons eigen oordeel vellen, maar ik denk dat we dit niet meer moeten doen. Dat heeft de burgemeester ook toegegeven in de raadscommissie. Die heeft gezegd: had ik dit geweten, dan had ik dit altijd aanbesteed. Dat vind ik een zeer terechte en juiste conclusie. Ik ben wel benieuwd naar het antwoord op de vraag over Bureau Integriteit. Ik merk immers vanuit de ambtelijke organisatie ook onvrede. Dan over de hele facturatie en het contract. We hadden een contract afgesproken en vervolgens wordt er een ander contract getekend. Dat is wel een essentieel ding. Ik schrik ook echt van de beantwoording van de wethouder der Financiën hoe het nu kan zijn dat je een inkooporder hebt, een purchase order, die 90.000 euro had moeten zijn, maar waar gewoon vrolijk 170.000 euro op wordt gefactureerd. Dan krijgen we een brief en daar staat: als een factuur niet kan worden gekoppeld aan een inkooporder of er is geen inkooporder, dan wordt de factuur wel in behandeling genomen. Dit is echt de sluizen open zetten om gewoon facturen naar de gemeente Amsterdam te sturen, want het maakt geeneens meer uit of er een p.o.-nummer staat, dat geld krijg je toch wel. Dit ‘omdat de prestatie wel geleverd kan zijn.’ Als wij zo met gemeenschapsgeld omgaan, dan zetten we de deur wagenwijd open voor mensen met kwade bedoelingen. Het kan niet zo zijn ...
En dan wordt erbij gezegd dat dit is gemeld in november 2019. Het is inmiddels januari 2022 en het maakt dus niet eens uit of je het p.o.-nummer erop zet of dat dat niet klopt. Als het niet kan worden gekoppeld, wordt er immers gewoon uitgekeerd. Wethouder, wat gaan we hieraan doen om dit per direct te stoppen? Ik heb in een klein bedrijf gewerkt, ik heb een klein bedrijf, ik heb in een groot bedrijf gewerkt, maar dit herken ik niet. Als er een factuur komt en er staat geen p.o.-nummer op, dan gaat zo’n factuur gewoon de shredder in. En als het budget is overschreven, wordt de factuur niet uitbetaald. Maar de gemeente Amsterdam betaalt dan gewoon uit. Waanzin! Verder is er een hele discussie geweest over wat de heer Booij dan heeft gedaan. Is er een urenverantwoording geweest? Het contract zegt immers duidelijk dat het op basis is van geleverde prestatie. Maar elke maand is het volledige bedrag van 10.000 euro betaald – behalve in de zomervakanties. Toen is er drie maanden niet gefactureerd. En van december en januari weet ik het tot op dit moment niet. Maar er is elke maand het volledige bedrag gefactureerd en daar stond bij ‘afgesproken werkzaamheden.’ Houd me ten goede, misschien stond het er in iets andere bewoording, maar het was één zinnetje en daar stond geen urenverantwoording in. Zelfs dat wil ik nog wel geloven.
Ik vind het bijzonder dat je dit soort functies niet controleert, maar laten we
37
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
ervan uitgaan dat dat klopt. Maar dan, en dat schetst echt mijn verbazing, wordt er precies na die negen maanden 20.000 euro vooruit gefactureerd. Dus we hebben een contract op basis van geleverde afspraken en we factureren vooruit. We controleren niet en we betalen dat uit. Hoe kan het zijn, als ik externen inhuur, dat die vooruit kunnen factureren en dat we dat gewoon betalen? Ik heb zo nog een paar facturen voor de gemeente want dat kan dus gewoon. Je kunt dus zonder controlenummer facturen sturen vooruit, voor niet geleverde diensten, en die worden gewoon uitbetaald en nergens in het systeem gaat er een alarmbel af. Ik vind dat heel lastig te geloven. Mijn ambtsgenoot mevrouw Nanninga zei het al, als ik als zzp’er ergens aan het werk ga en mijn contract loopt af ... Weet je, het grootste deel van de zzp’ers en heel veel mensen die zelf zzp’er zijn, weten dat, dan betekent dat acquisitie: dat is zorgen dat je volgende maand ook nog geld hebt. Maar precies op die negen maanden gaan we 20.000 euro vooruit factureren. Mij is niet helder wat er dan gebeurt. Is er een gesprek geweest tussen de heer Booij en de gemeentesecretaris of welke afdeling dan ook? Hoe kan het zijn dat precies na die negen maanden vooruit wordt gefactureerd? De gemeentesecretaris heeft meer dan eens zijn excuses aangeboden vanwege het rommelige proces. Dus dat is de technische kant van het verhaal.
Maar als ik het afpel, dan is het geen aanbesteding – terwijl dat veel schade had kunnen voorkomen, want de discussie leeft. En of we hier vandaag welke motie wel of niet inleveren, dat vind ik niet zo interessant. De schade is aangericht aan het aanzien van het bestuur van Amsterdam en op Amsterdam 750 jaar. Het is ook niet goed voor de heer Booij. Dat wil ik er ook nog bij zeggen. Die is onvrijwillig betrokken in deze discussie terwijl het vanuit de gemeente ook rommelig is gegaan. Daarnaast hebben we facturen die niet worden gecontroleerd. Er is geen urenverantwoording. We kunnen vooruit factureren. En p.o.nummers werken niet. Personeel en Organisatie heeft een melding gestuurd maar die wordt niet opgepakt, maar de financiële huishouding gaat wel door. Dat zijn losstaande systemen. Als wij zien hoeveel wij hier in de gemeente aan inhuur doen, dan ben ik bang dat dit niet een op zich staand feit is. Voor de burgemeester en Bureau Integriteit, voor de wethouder der Financiën: leg mij nog een keer uit hoe dit kan gebeuren. Is het zo dat ik gewoon lukraak facturen aan de gemeente kan sturen? (De heer ERNSTING: Toch even een feitelijke vraag, want ik hoor de heer Van Lammeren verschillende malen beweren dat een factuur altijd wordt betaald als die wordt ingestuurd. Dat lijkt mij niet en dat staat ook niet in de brief die we hebben gekregen.
In de brief staat: als een factuur niet kan worden gekoppeld aan een inkooporder, dan wordt de factuur in behandeling genomen. Dat is niet hetzelfde als betalen.) Dat zou zo kunnen zijn, alleen, de facturen van de heer Booij zijn simpelweg gewoon betaald. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Ik wilde de burgemeester bedanken voor de antwoorden op de vele vragen die zijn gesteld en voor haar openhartigheid. We spreken er schande van als het onderwijzend personeel ontslag neemt en zich dan duur laat inhuren. Dit dreigt ook bij de ambtenaren te gebeuren. Hoe langer hoe meer ambtenaren nemen ontslag en laten zich nu inhuren. Maar we hebben het hier wel over gemeenschapsgeld. Als we dan kijken naar een rapport van de rekenkamercommissie – met dank aan Het Parool dat weer even mijn geheugen opfriste – dat wij vijf jaar geleden hebben ontvangen. Dat ging over een uitgebreid onderzoek naar externe inhuur door en voor Amsterdam. De conclusies logen er niet om. Het beleid was onsamenhangend,
38
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
inconsistent en te typeren als onvolkomen, complex en warrig. Dan denk ik, wat zijn we nu in deze vijf jaar opgeschoten naar aanleiding van dit rekenkamerrapport? Als je dan vraagt, wat hebben we al die tijd dan gedaan, dan denk ik dat wij ook als gemeenteraad de hand in eigen boezem moeten steken. Hebben wij vragen gesteld in die vijf jaar? Hebben we steeds gecontroleerd of alles nog wel in orde was? Het is een systeem dat doorwoekert, dat door blijft woekeren zonder dat wij daarop echt grip hebben om daar eens een beetje als gemeenteraadsleden in te sturen. Mijn vraag is eigenlijk aan de burgemeester: zouden wij dat rekenkamerrapport nog niet eens een keer goed kritisch nakijken en de aanbevelingen overnemen? We kunnen nu allemaal elkaar wel de schuld geven, dit is fout gegaan en dat is fout gegaan, maar wij als raadsleden hebben daarin ook een beetje gefaald. We weten niet alles. We krijgen niet alle experts te horen. Tevens wil ik nog aangeven, als wij experts inhuren, dan hoeven zij totaal geen verantwoording ergens voor af te leggen. Ze zijn niet verantwoordelijk. Ze worden ingehuurd en gaan daarna weer weg. Zo gaat het met alle problemen waaraan ik me al jarenlang stoor. Is er een project, wordt er een projectleider ingehuurd. Wordt het te moeilijk, dan wordt die weer van een project afgehaald en dan huren we een andere in.
Daar moet eindelijk eens een keer een einde aan komen. Ik hoop dat wij dat rekenkamerrapport allemaal nog eens een keer kritisch gaan lezen en dat we dat nog eens bespreken. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Taimounti. De heer TAIMOUNTI: Dit is wederom een voorbeeld waardoor burgers het vertrouwen kwijt kunnen raken in de politiek en soms ook in hun eigen gemeente. De link met een graaicultuur en vriendjespolitiek is zo gemaakt. Zou de heer Booij deze aanstelling ook hebben gekregen als hij niet tot de vrienden-/kennissenkring van de burgemeester zou behoren? Dit is een vraag die ik van meerdere Amsterdammers persoonlijk heb gehad. Ik kon daar niet goed op antwoorden. Al kunnen we met z’n allen honderd keer roepen dat het niet zo is en dat het niet klopt, de schade is al geschied. Waar burgers voor tientjes door hoepels moeten springen, kon de heer Booij ongestoord duizenden euro’s doordeclareren – met de nadruk op doordeclareren. En soms nog vooruit, dus voordat hij überhaupt een uur had gewerkt. Waar levens van ambtenaren kapot kunnen worden gemaakt omdat er twijfel bestaat over drie facturen, was hier niet eens sprake van controle of überhaupt een gesprek inzake integriteit. En dit gebeurde allemaal ten behoeve van het organiseren van het feest ter gelegenheid van 750 jaar Amsterdam. Het feest voor alle Amsterdammers heeft nu eigenlijk al een smet.
De manier waarop met het contract is omgegaan versterkt deze schijn. De burgemeester en de betrokken afdeling hadden dit niet alleen kunnen weten, ze hadden dit moeten weten. Het opvallende in deze zaak beperkt zich niet alleen tot de manier waarop de heer Booij is aangesteld. Ook de betaling doet wenkbrauwen fronsen. Voor zijn werkzaamheden ontving hij een slordige 10.000 euro per maand, in totaal maar liefst 214.000 euro – en dat voor slechts 20 uur per week. Veel geld, volgens de burgemeester, maar niet exorbitant veel. Leg dat maar uit aan de kassière of taxichauffeur die voor diezelfde 10.000 euro een half jaar moeten werken. Dit soort uitspraken zijn wat ons betreft helemaal losgezongen van elke realiteit. Er moest een journalist aan te pas komen voordat het college zich realiseerde dat de duur van de aanstelling strijdig is met de Europese aanbestedingsregels. Had de journalist niet aan de bel getrokken, dan zou er een onrechtmatige situatie zijn ontstaan. Hoe is het mogelijk dat er vanuit de gemeentelijke organisatie zelf niet is ingezien, dat dit niet alleen rammelt,
39
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
maar dat ook elke juridische basis ontbreekt. Waarom schortte het aan de nodige checks en balances rondom deze zaak? Wederom vragen die bij veel Amsterdammers leven. Maar het gaat niet alleen om integriteit ten aanzien van deze specifieke zaak. De gemeente hanteert keer op keer een dubbele maat. Terwijl een ambtenaar voor het minste geringste verdacht is gemaakt en met pek en veren is weggejaagd, wordt er iemand vanuit het eigen netwerk binnengehaald die duizenden euro’s vooruit declareert zonder er eerst voor te werken – of althans de schijn van iemand uit het eigen netwerk. Overigens is het voorbeeld dat ik net noemde, door de burgemeester wel goed opgelost. Daar ben ik nog steeds blij mee. Wat ons betreft zou dit absoluut niet meer moeten kunnen. Over het punt vooruit declareren zullen wij samen met de heer Van Lammeren een motie indienen. Dan heb ik nog een aantal vragen.
Kan de burgemeester garanderen dat er binnen de gemeente geen soortgelijke aanbestedingsconstructies bestaan en is dit al gecheckt? Welke structurele maatregelen treft het college om te voorkomen dat dit nogmaals kan gebeuren? Hoe ziet het vervolg eruit van 750 jaar Amsterdam? En hoe is het traject met de heer Booij afgesloten? De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: Motie leden Taimounti en Van Lammeren inzake het niet meer toestaan van het vooruit declareren van facturen door inhuurkrachten, nr.146.22 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
het vooruit declareren van facturen door inhuurkrachten niet meer toe te staan, behoudens facturen betreffende materiële kosten waarvan declaratie vooraf noodzakelijk is voor de voltooiing van de opdracht.
De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Ik wil eigenlijk beginnen met te zeggen dat er volgens mij niemand in deze zaal is die twijfelt aan de inzet, de kwaliteit en de geschiktheid van de heer Booij. In ieder geval doe ik dat niet. Wij zijn hem dankbaar voor het werk dat hij heeft geleverd voor de stad. Dit gaat wat mij betreft dus niet over zijn persoon en het gaat ook zeker niet over de plannen voor Amsterdam 750 jaar. Volgens mij wil iedereen hier daarvan een groot succes maken. Het gaat er nu wel om dat er in Nederland regels zijn voor een eerlijke arbeidsmarkt en dat Amsterdam zich daaraan moet houden. Amsterdam moet een organisatie hebben die op orde is. En Amsterdam moet zelfs het goede voorbeeld geven op al die vlakken. De burgemeester heeft met klem aangegeven dat er geen sprake is van vriendjespolitiek en dat neem ik dan aan, maar je moet ook de schijn vermijden. Juist op het moment dat die schijn kan bestaan, moet je drie keer beter opletten om ervoor te zorgen dat alles wel volgens de regels gaat.
In plaats daarvan is hier gewoon fout op fout op fout gestapeld, terwijl de raad al jaren bezig is die externe inhuur onder controle te krijgen; al jaren bezig is schijnzelfstandigheid te voorkomen; de raad al jaren bezig is rechtmatigheid bij Inkoop te verbeteren; de raad ook al jaren bezig is om met aanbestedingen de regels niet te overtreden. Dan steekt het dat het juist hier zo kan misgaan. Verschillende collega’s hebben in de raadscommissie natuurlijk al veel vragen gesteld over wat er allemaal is misgegaan. Het blijft inderdaad buitengewoon
40
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
merkwaardig dat iemand na negen maanden stilzwijgend zijn contract verlengd wordt. Je bent niet meer in dienst maar je wordt nog wel betaald. Daarover heeft de heer Van Lammeren terechte vragen gesteld. Het is bizar dat er na die negen maanden geen overleg is geweest van hoe gaan we nu verder en wat is er geleverd etc. Dus het is kwalijk hoeveel er is misgegaan. Het is wel goed dat de burgemeester nu zelf ook in haar brief zegt dit te betreuren en dat het niet zo had mogen gaan. Ik heb nog wel een aantal vragen over die brief. Uit de steekproef is gebleken dat standaardcontracten niet altijd goed worden aangepast terwijl dat wel zou moeten. Welke steekproef is dat dan en om hoeveel contracten gaat het dan die niet zouden zijn aangepast? Ik begrijp dat eigenlijk niet. Als er iets is wat je zorgvuldig moet opstellen, dan is het natuurlijk een contract. Hoe kan het dan dat dat zo mis gaat? Dan had ik gevraagd bij hoeveel van dergelijke contracten geen prestatieverklaring of urenverantwoording is. Dan schrijft de burgemeester: bij 20 procent.
Betekent dat dan dat we nu meer dan honderd mensen onder contract hebben die meer krijgen dan 100 euro per uur waarvan gewoon op dit moment geen goede verantwoording is? Klopt dat en hoe beoordeelt de burgemeester dat? En hoe zit dat bij contracten met lagere tarieven? Misschien hoeft niet iedereen op dezelfde manier verantwoording af te leggen, maar er moeten wel goede afspraken over worden gemaakt. De vragen die ik ook nog wel heb: hoe vaak is nu de afgelopen jaren die combinatie aan de orde, dus én een onderhandse gunning én een facturering op dit tarief én sprake van een stilzwijgende verlenging? Is dat nu echt alleen hier het geval? Dan de constructie die is gekozen, zeker met alle fouten die zijn gemaakt, dat kan dus niet. Of je neemt iemand in dienst en dan betaal je sociale premies of je geeft een externe opdracht en dan moet er een goede verantwoording zijn. De vraag is dus enerzijds of dit had moeten worden aanbesteed volgens de regels. Daarover is nu een aantal toezeggingen gedaan, dat dat allemaal beter moet en dat dat onder controle moet worden gebracht. Daarvan wil ik nog wel graag weten hoe het college erop gaat toezien dat dat daadwerkelijk wordt uitgevoerd. Er zijn natuurlijk al jarenlang heel veel goede voornemens en heel veel documenten. Er zijn papieren over vol geschreven. Dan wordt er gezegd: de bewustwording moet meer in de organisatie etc. etc.
maar hoe gaan we er nu echt op toezien dat het echt op orde komt? Aan de andere kant had ik nog een vraag, want het is dus zo in het Nederlandse recht, als iemand structureel langdurig een halve fte binnen een organisatie werkt, dan is er in principe sprake van een regulier dienstverband. Zo werkt de wet nu eenmaal. Ons arbeidsstelsel is gebaseerd op solidariteit waarbij iedereen sociale lasten afdraagt. Dat geldt dus ook voor deze hoogste beloningen. In de antwoorden op mijn technische vragen daarover staan dingen die niet kloppen. Er staat dat er geen sprake is van een arbeidsverhouding omdat er geen gezagsverhouding is in dit geval. Daarom hoeven de andere criteria van de arbeidsovereenkomst niet te worden bekeken. Dat klopt niet. In de jurisprudentieuitspraken van de Hoge Raad en in de regels staat gewoon dat je dat juist in samenhang moet bekijken. Dus je kunt niet zeggen, geen gezagsverhouding, dan is het niet aan de orde. Je moet dat gezamenlijk bekijken of er toch sprake is van een dienstverband. Dus je moet ook kijken naar de duur en naar de beloning én naar de mogelijkheid dat iemand zich laat vervangen. Hoe kan het nu dat men dat niet weet? Ik denk dat het verstandig is dit ook nog een keer extern juridisch te toetsen. Je moet hier als gemeente juist het goede voorbeeld geven. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Schijndel.
41
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
De heer VAN SCHIJNDEL: Ik heb eigenlijk drie punten. Eerst wil ik iets zeggen over de werkzaamheden van de heer Booij, dan iets over het juridische punt van het aanbestedingsrecht en de second opinion en ten derde over de taak van de burgemeester als hoeder van de integriteit in de eigen gemeentelijke organisatie. Ik had in de raadscommissie al gezegd dat ik niets heb gemerkt van de heer Booij. Ik heb ook gemerkt dat hij niet is langs geweest bij andere fractievoorzitters. Dat vind ik jammer, want het onderwerp, 750 jaar Amsterdam, dat leent zich natuurlijk voor een doordenking van hoe je dat in deze tijd op een goede manier kunt brengen, conceptueel en zo. Helemaal niets van gemerkt. Dan kijk ik even naar de werkverslagen die zijn verstrekt. Ik vind die niet indrukwekkend. Er komen telkens dezelfde elementen naar voren, over manifesta, vrijdenkersfestival, het gaat maar door, maand in maand uit. Ik zie de usual suspects van relevante organisaties, de universiteit van Amsterdam, ARCAN, Sail, enz. Ik zie niets conceptueels in die verslagen. (De heer VELDHUYZEN: Ik hoorde lid van Schijndel zeggen dat er schijnbaar meerdere fracties zijn geweest die niet zijn gehoord over het Amsterdam 750 jaar evenement. Ik ben dan wel benieuwd welke fracties dat zouden zijn, want ze zijn wel bij BIJ1 langs geweest.
Ondanks alle kritiek – ik was persoonlijk geen fan van 750 jaar Amsterdam en ik ben absoluut geen fan van 10.000 euro per maand betalen – vond ik dat gesprek wel heel erg constructief en fijn. Dus dan ben ik wel benieuwd welke andere fracties zijn vergeten.) Eigenlijk is dat een uitnodiging die hierover hebben verklaard in de raadscommissievergadering. Ik meen dat de heer Flentge dat heeft gezegd, dat hij niet heeft gesproken met de heer Booij. Oh, niet met u, maar wel met de SP. In ieder geval is hij bij ons niet langs geweest. (De heer VELDHUYZEN: Ik zal het kort houden. Het lijkt er dan toch een beetje op alsof er wel gewoon met alle fracties is gesproken, maar dat JA21 toen nog bij Forum voor Democratie zat en dat hij er daarom wellicht niet bij zat. Maar er wordt nu een beetje een beeld geschapen alsof bepaalde partijen er bewust uit gelaten zijn. Als dat zo is, dan wil ik daar bewijs van zien, want dat is een nogal heftige beschuldiging, vind ik.) Ik heb in de werkverslagen gezien dat de fractievoorzitters telkens weer worden opgevoerd en ik heb gedurende de tijd als Liberaal-Conservatieve Fractie nooit met hem gesproken – en in die tijd was hij werkzaam. Ik vervolg mijn betoog. Dus dat is het juridische punt. We hebben de discussie over de juridische functie van de gemeente Amsterdam die niet op orde is. Dit is toch wel een schitterend voorbeeld ervan.
Ik wil iets zeggen over de vraag of het nu Europees aanbestedingsplichtig is of niet. Ik denk het wel. Het gaat voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst om de geraamde waarde van het contract. De geraamde waarde, dus dat is de totale financiële omvang van het contract. Dat is gesteld op 24 maanden, ingevuld 9 maanden en dan 9 maanden verlenging, maar het kan ook op 24 maanden uitkomen. Dan is heel relevant dat de heer Booij is blijven doorfactureren, nadat de achttienmaandentermijn was verstreken. Hij gaat dan het deel opsouperen dat uiteindelijk komt op 24 maanden. Dat is Europees rechtelijk heel cruciaal. In de second opinion stelt professor Van Romburgh dat het moet gaan om de uiteindelijk gerealiseerde waarde. Ik vind dat nergens. Dat komt inderdaad 4.000 euro lager uit dan de Europese aanbestedingsnorm. Maar ja, ik ben dus wel degelijk van oordeel dat die geraamde waarde gewoon die 24 maanden is geweest. Na die achttien maanden ging het gewoon die kant op.