20220216 Verslag gemeenteraad middag
Tekst van het document
Waarom is dat dan niet meegenomen in die second opinion? Dan kijk je naar 24 maanden in het contract en dan zit je over de aanbestedingsnorm.) De hoogleraar zijn alle stukken toegestuurd, ook de stukken die bij de Wob hebben gezeten en daarmee ook de contracten. Dus dat heeft de hoogleraar ook gewogen. Hij is uitgegaan van de intentie en vervolgens de realisatie. Dat heeft bij hem tot het oordeel geleid. Hij heeft dat oordeel geveld op basis van alle stukken die u ook bezit. Dus het is een onafhankelijk oordeel waarbij hij zelf tot de conclusie komt, dat weliswaar het contract van 24 maanden anders was dan de intentie bij aanstelling, maar dat je mag uitgaan van de intentie en realisatie. (Mevrouw NANNINGA: Dat is heel bijzonder. Dan zou een intentie dus zwaarder wegen dan een contract. Gingen daar dan niet alle alarmbellen rinkelen dat er a. een discrepantie tussen zit en b. dat een intentie dan zwaarder telt om aan die eindsom voor aanbesteding te komen dan het contract. Hoe heeft dat dan überhaupt kunnen passeren. Ik vind het een verbazingwekkende gevolgtrekking, maar ik ben natuurlijk geen jurist.) Volgens mij is dat in de raadscommissievergadering heel uitgebreid door de gemeentesecretaris met u gedeeld en het staat ook in de stukken. Dat is omdat er een standaardcontract is gemaakt voor 24 maanden en dat had een afwijkend contract moeten zijn.
Daarbij is inderdaad een fout gemaakt. (De heer VAN LAMMEREN: Per 1 februari werkt de heer Booij niet meer voor Amsterdam 750 jaar als programmadirecteur. Laten we het even goed verwoorden. Betekent dit dat er nu een gat valt in de continuïteit voor het organiseren van dat feest 750 jaar vanwege die abrupte stop op 1 februari dit jaar?) Ja, dat klopt. Wij moeten natuurlijk razend snel op dit moment een nieuwe procedure in werking zetten voor de aanstelling van een directeur. In de tussentijd zullen wij ambtelijke oplossingen vinden om ervoor te zorgen dat de continuïteit zo goed mogelijk wordt gewaarborgd. Binnenkort komt het bestuurlijk team van Amsterdam 750 bij elkaar om die continuïteit te waarborgen. Ik heb in de raadscommissievergadering al toegezegd dat ik u zal informeren over de wijze waarop we dat zullen doen. (De heer VAN LAMMEREN: Maar dan snap ik er niets meer van. Het contract van de heer Booij was maximaal 24 maanden per 1 februari 2020. Het had hoe dan ook gestopt op 1 februari 2022. Dus hoe kan de
59
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
burgemeester beweren dat de gemeente het contract gestopt heeft, terwijl het van rechtswege met die 24 maanden op 1 februari 2022 zou stoppen en hoe kan de gemeente dan verrast zijn dat er nu opeens opvolging moet komen? Als die 24 maanden gehonoreerd hadden moeten worden, was het 1 februari 2022. Of was er een intentie om hem toch nog langer dan dit contract dat we kennen, aan te houden?) Ook dat is volgens mij heel uitgebreid door de gemeentesecretaris met u gedeeld in de raadscommissie. Het heeft een heel rommelig contractueel verloop gekend waarbij onvoldoende in de gaten is gehouden wanneer dat contract, dat natuurlijk na 1 november 2020 al uit het systeem van P&O viel – daar was een piep geweest, maar er was wel continuïteit in de financiële afhandeling geweest en daarmee is het contract volgelopen tot 24 maanden. Maar ambtelijk heeft men op dat moment gedacht dat er een ruimere termijn was en dat er de mogelijkheid was om voor de aanloop van een nieuw college de aanbestedingsprocedure op gang te brengen en dan de aanbesteding te regelen op dat moment dat het nieuw college aantrad en daarover een finale beslissing kon nemen. Er is al heel uitgebreid erkend in de raadscommissievergadering dat daarbij natuurlijk fouten zijn gemaakt. (De heer VAN LAMMEREN: Dat had ik dan niet goed begrepen wat er was erkend.
Er was een initiële periode van negen maanden met een mogelijke verlenging van negen maanden. Dat heeft de leadbuyer ook onder ogen gekregen. Vervolgens is er een contract gesloten van 9 maanden met een uitloop tot 24 maanden. Wat ik nu hoor, en misschien heb ik in de raadscommissie niet goed opgelet, is dat zelfs als Propria Cures niet aan de bel had getrokken, de heer Booij nog in dienst was geweest ondanks dat zelfs dat verlengde contract niet meer actief was.) Volgens mij is dat heel uitgebreid met u gedeeld en dat wordt ook bevestigd in de second opinion waar wordt gezegd dat we nipt binnen de aanbestedingsregels zijn gebleven. Dus er is geen onrechtmatigheid opgetreden. Dat heb ik ook in de raadscommissie gezegd: met dank aan Propria Cures. Anders waren we namelijk wel de aanbestedingstermijn gepasseerd en dan was er wel een onrechtmatigheid opgetreden. Maar dat is al meermalen met u gedeeld. Er is ook al meermalen erkend dat dat niet de verdienste van de gemeente was, maar de verdienste van Propria Cures. (De VOORZITTER: U heeft al drie interrupties gehad op dit punt, mijnheer Van Lammeren. U kunt straks een tweede termijn houden. Oh, de griffier wijst mij erop dat het er twee waren. Ik geloof haar direct. Gaat uw gang voor uw laatste interruptie.) (De heer VAN LAMMEREN: Mij moet je niet geloven maar de griffier wel. Gelukkig zeggen we hetzelfde in dezen.
Dat is helder maar het komt bij mij zo over dat de burgemeester zegt, ja, wij hebben actief het contract gestopt. Dat is niet waar. We hebben gestopt dat we nog een termijn van een contract dat er eigenlijk al niet had moeten zijn, zouden doorbetalen. Dat zet nog meer vragen bij de vraagtekens die ik al heb over het financiële systeem van Amsterdam.) Ik kan niet anders dan dat erkennen, mijnheer Van Lammeren. Dat hebben we ook in de raadscommissievergadering besproken. Dat is een van de redenen waarvoor de gemeentesecretaris zich zo uitgebreid heeft geëxcuseerd, namelijk dat wij inderdaad ontdekt hebben door de Wob-verzoeken van Propria Cures inzake de aanbestedingstermijn de drempelwaarde zou hebben overschreden. Dan was er een probleem geweest omdat er dan wel onrechtmatigheid was opgetreden. Dat is gelukkig niet gebeurd, maar dat is niet de verdienste van de gemeente zelf.
60
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
(De heer VAN SCHIJNDEL: Dus ik begrijp dat vooral de intentie telt voor de second opinion van de heer Van Romburgh. Dus die 24 maanden die dan in artikel 4.2 staan, daar ziet hij dan van af. Dus twee keer negen maanden is het geworden. Maar dan wordt er toch doorgefactureerd, weliswaar net onder die grens. Dat kan dus niet. Het gaat om de raming van de financiële waarde van het hele contract. En dat hele contract is gewoon door dat doorfactureren 24 maanden waard en ruim boven de Europese aanbestedingsgrens. Bent u dat met mij eens?) Dat ben ik niet met u eens. Kijk, dit is natuurlijk inmiddels een discussie tussen aanbestedingsjuristen. In De Telegraaf heeft een aanbestedingsjurist een andere positie ingenomen. Vervolgens heeft de raad op basis daarvan aan mij verzocht een second opinion in te roepen. Dat heb ik gedaan. Die hoogleraar komt tot een andere conclusie. Mij lijkt dat dit vervolgens een discussie zou moeten zijn tussen aanbestedingsjuristen wellicht hebben ze daartoe een vereniging – om precies vast te stellen of de realisatie of de raming geldt. Ik neem aan waar de second opinion op verzoek van de raad heeft onafhankelijk heeft plaatsgevonden door iemand die geen enkele relatie met de gemeente onderhoudt en daarbij ook geen belangen heeft, dat die second opinion wel van waarde is voor de raad. Ik zou willen overgaan naar de beantwoording van de vragen.
Als eerste de vragen van mevrouw Nanninga. De eerste vraag over Propria Cures en de drempelwaarde. Die heb ik nu volgens mij voldoende beantwoord alsook de vragen die zij stelde over de second opinion. Dan stelde zij nog een vraag over de zomervakantie. De heer Booij heeft in die zomervakantie geen werkzaamheden verricht en daarom zijn er door hem geen facturen door hem verstuurd en die facturen zullen ook niet worden gestuurd. U uit twijfel over de second opinion. Weet u, ik zou daar niet in willen treden. De second opinion is door u gevraagd. We hebben met zorgvuldigheid iemand uitgekozen. Het kan zijn dat u van mening verschilt met het oordeel dat in de second opinion wordt gegeven, maar ik denk dat de conclusie niet minder relevant is dan die van een hoogleraar in een krant. De vijfde vraag. De beoordeling gaat over de intentie van de aanvang van de werkzaamheden van de heer Booij. Het contract en de feitelijke periode van uitvoering en niet over de periode tot eind 2025. De datum van 27 oktober duidt op het moment van Amsterdam 750, de verjaardagsdatum. Dat er iemand nodig is tot die tijd, ongeacht of dat de heer Booij is, daarover is na negen maanden geen overleg geweest. De heer Booij is uit het P&O-systeem gevallen maar niet uit het financiële systeem. Dat is wat wij met een understatement ‘rommelig’ kunnen noemen.
(Mevrouw NANNINGA: Ik had ook nog een vraag over hoe dat dan kan. Probeer ons daar nu eens even doorheen te praten, dat je contract afloopt – dat hebben verschillende raadsleden in hun eerste termijn gememoreerd. Je weet dat je contract afloopt en hoe gaat het dan? Vooral omdat in de offerte uitdrukkelijk staat: ‘bij voorziene overschrijding wordt vooraf melding gemaakt en toestemming gevraagd aan de gemeentesecretaris.’ Dus het stond echt in de papieren. Ik heb ook gevraagd om een reconstructie hoe dat heeft kunnen verlopen.) Ik begrijp dat u om een reconstructie vraagt, maar het lastige is dat die moeilijk te geven is. Eigenlijk weet niemand precies hoe dit zo verkeerd heeft kunnen gaan. Dat is geen excuus, want het is nog steeds verkeerd gegaan, maar het is dus heel lastig terug te halen hoe het eigenlijk kon gebeuren dat daar geen gesprekken over het vervolg hebben plaatsgevonden. Voor mijzelf weet ik het wel. Ik heb mij niet bemoeid met de contractuele afspraken die daar achter zijn gemaakt. Had ik dat wel gedaan, dan had u mij een verwijt kunnen maken dat ik me bemoeide met zaken waarmee ik me niet heb te
61
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
bemoeien. Daarmee heb ik op afstand te staan. Wat ik wel kan terughalen, en dat zou ik ter verdediging van de ambtelijke organisatie willen opmerken, dat is dat ondertussen corona was uitgebroken. De ambtelijke organisatie was voor een deel thuis aan het werk, voor een deel hier. Die was ook heel erg gepreoccupeerd met corona. Daar moesten heel veel maatregelen op worden getroffen. Ook dat is geen excuus, zeg ik er maar meteen bij voor degenen die de wenkbrauwen fronsen, maar het kan misschien wel helpen bij het begrijpen waarom het zo rommelig is verlopen. U heeft ook van ons begrepen dat wij dat allemaal slecht vinden en ook vinden dat dit echt nooit meer voor herhaling vatbaar is. De heer Flentge heeft mij geen vragen gesteld ten aanzien van het verloop van het contract of de aanstellingswijze zelf. De heer Taimounti vroeg mij heel uitgebreid naar de maatregelen die wij nemen in reactie. Ik kan kortheidshalve natuurlijk verwijzen naar de brief die afgelopen vrijdag aan u is verstuurd, waarin het verbeterplan is samengevat. Dat komt er op neer dat afwijkingen van openbare aanbestedingen of meer offertes voortaan enkel bij collegebesluit worden genomen, dat de inkoopregels worden doorgelicht met aandacht voor juiste administratieve afhandeling van de regels en van de niet-standaardcontracten.
Dat betekent ook standaardisatie van urenverantwoording als onderdeel van de prestatieverklaring en dat kennis en bewustzijn van de bedrijfsvoering gemeentebreed wordt vergroot. Dat is natuurlijk deels ook al een antwoord op de meer indringende vraag van de heer Boutkan waar ik later nog even op zal terugkomen. En er zal meer deskundigheid ten aanzien van de bedrijfsvoering in stedelijke programma’s zoals Amsterdam 750 worden doorgevoerd. Tot slot zal het nieuwe financiële managementinkoopsysteem, het zogenaamde FMIS, met spoed worden ingevoerd en voltooid waarin een koppeling tussen contracten en uitgaven wordt gerealiseerd. Dan de vraag over het vervolg van Amsterdam 750. Daarop heb ik net geantwoord bij de interruptie van de heer Van Lammeren. Voorts de vraag hoe het traject met de heer Booij is afgesloten en of er contact is geweest. Wij zijn bezig met de overdracht van verantwoordelijkheden. De heer Booij werkte niet alleen. Er is ook een programmamanager en er is een aantal mensen dat het team vormt. Die zijn op dit moment bezig met de overdracht. Er zijn inmiddels lijsten gemaakt van zaken die met spoed moeten worden behandeld en zaken die iets meer op de langeretermijn kunnen.
Daarover komen wij op korte termijn bij elkaar en we zullen zorgen dat de continuïteit wordt gewaarborgd, terwijl ondertussen een procedure wordt gestart voor de aanstelling van een nieuwe directeur. (De heer VAN LAMMEREN: De heer Booij is hier niet, dus ik zal mijn vragen heel voorzichtig stellen, maar ik wil die toch hebben gesteld. Wat in mijn hoofd niet goedkomt, dat is dat er een contract voor negen maanden is. Als zzp’er let je daarop. Vervolgens heb je een contract van 24 maanden. Dat is gewoon contractueel afgesloten. Dat had niet moeten gebeuren, maar zo is het afgesloten. Daar let je als zzp’er op. En nu ineens moet er een overdracht komen. Is er dan geen moment dat de heer Booij zelf aan de bel heeft getrokken met de woorden: mijn contract loopt af, die 24 maanden. Het contract loopt van rechtswege af na 24 maanden. Is er dan nergens in de organisatie aan de bel getrokken? Ik snap gewoon niet dat je als zzp’er de verantwoordelijkheid draagt voor een mooi feest, dat je contract afloopt en dat nu op stel en sprong en heel spoedeisendheid de belangrijkste zaken moeten worden overgedragen. Dat krijg ik in mijn hoofd niet rond.)
62
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
Nee. Daarover is niet aan de bel getrokken, maar ik wil daar wel bij zeggen dat de verantwoordelijkheid voor de contractuele juistheid, de continuïteit van contracten en de afhandeling daarvan bij de gemeente ligt en niet bij de ondernemer. Ik wil daarbij ook gezegd hebben dat de heer Booij als zzp’er vanzelfsprekend misschien nog wat nauwkeuriger had moeten opletten, maar tegelijkertijd heb ik er wel hartzeer van, en dat wil ik ook met u delen, hoe dit ook voor de heer Booij is verlopen. Hij heeft namelijk zijn werk als programmadirecteur in die periode uitstekend vervuld. Er zijn natuurlijk vragen gesteld over de urenverantwoording, maar ook dat is een tekortkoming van de gemeente. De gemeente heeft geen urenverantwoording geëist. Op zijn eigen instigatie zijn er wel maandverslagen ingediend. Dus hij is zelf wel tegemoetgekomen aan die vraag. Hij heeft al met al zijn werk buitengewoon secuur gedaan. (De heer VAN LAMMEREN: Laat ik daar geen misverstand over laten bestaan. Ik twijfel niet aan de inzet van de heer Booij; ik heb de maandverslagen gelezen en ik ben blij dat hij ze heeft gemaakt ondanks dat de gemeente daarom niet heeft gevraagd. Maar bij een contract heb je twee partners. Dit is gewoon een contract tussen twee partijen, de b.v. Booij en de gemeente. Daar staat gewoon een einddatum in.
Die had al geen 24 maanden verder moeten liggen, maar goed, dat is het contract dat is afgesloten. Terecht dat de b.v. Booij dat gewoon tekent. Prima. Maar dat contract liep af en bij mij wil het er niet in, en dat zal misschien mijn ongeloof of mijn achterdocht zijn, dat er een contract afloopt voor 20 uur per week, dat betekent dat de helft van je werkzaamheden wegvalt, en dat er never, nooit, niet aan de bel is getrokken. Ik blijf dat raar vinden. En dan moeten we nu op stel en sprong aan een overdracht werken. Dat doet niets af van de inzet van de heer Booij.) Ik begrijp wat u zegt, maar het is niet aan mij om hier te oordelen over de wijze waarop de heer Booij zijn eigen contract heeft gelezen en herlezen. We hebben natuurlijk als gemeente bijgedragen aan de verwarring doordat de heer Booij weliswaar uit het P&O-systeem is gevallen, maar zijn facturen gewoon werden betaald. Die slordigheid ligt aan gemeentezijde en komt niet van de zijde van de heer Booij. Daardoor heeft er misschien bij hem onduidelijkheid kunnen ontstaan over de contractbasis. (De heer VAN LAMMEREN: Die facturen die de b.v. Booij heeft gestuurd, die waren compleet binnen die 24 maanden. Dat contract had niet mogen bestaan, maar dat lag er. Dat is niet waardoor de gemeente bijdraagt aan verwarring, want er is gewoon een contract uitgevoerd – hooguit dat het e-mailaccount het niet meer deed.
Mijn vraag is of er naar weten van de burgemeester nooit een gesprek is geweest in die periode tussen de gemeente en de heer Booij over de periode na de eerste negen maanden of de periode na die 24 maanden. Daar is geen gesprek van geweest?) Ik heb gesprekken met de heer Booij gevoerd in de staven Amsterdam 750. Die waren zuiver inhoudelijk. Ambtelijk – en daarop heeft de gemeentesecretaris u al antwoord gegeven in de raadscommissievergadering – zijn er geen gesprekken over de contracten gevoerd. Wel was algemeen bekend, dat het zou worden aanbesteed omdat het contract niet doorliep tot 2025 en dat dat plaats zou vinden voordat er een nieuw college zou aantreden. Dus dat was bekend. (De heer BOOMSMA: Ik denk dat de fouten en de slordigheid zeker bij de gemeente liggen. Het is wat ongemakkelijk, maar ik heb de heer Booij gesproken en hij heeft mij verteld dat hij wel degelijk bij de gemeente heeft gevraagd hoe het met zijn contract zat. Dus dat is wat mij bekend
63
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
is. Maar goed, de conclusie blijft in ieder geval staan dat de fouten en de slordigheid bij de gemeente liggen.) Weet u, het gesprek is niet met mij gevoerd. Ik kan voor u nog eens nagaan in de gemeente of er gesprekken zijn gevoerd met de heer Booij over het vervolg van zijn contract, als u dat heel graag wilt weten. Maar ik heb er geen weet van, dus ik kan niet anders dan het antwoord geven dat ik net heb gegeven. Er is door de heer Taimounti een motie ingediend samen met de heer Van Lammeren. De beantwoording van die motie vindt plaats door wethouder Everhardt omdat het op zijn terrein ligt. Dan de vragen van de heer Boomsma. De steekproef waarnaar u verwijst, had betrekking op de lopende contracten die zijn gegund via de afwijkende procedure. Dus de enkelvoudige, onderhandse aanbestedingen met een hoger tarief dan 100 euro. Dat is jaarlijks circa 3,5 procent. Op 3 februari ging dat om elf lopende contracten zoals overigens ook uitgebreid is beschreven in de brief. Bij deze contracten is gekeken of en hoe het standaardcontract qua termijn en bijlage past. 4 contracten van de 11 moeten worden aangepast, zodat de bepaling over maximale verkenning niet standaard is inclusief de bijlage die daarop van toepassing is. Dan de vraag die u stelde over prestatie en urenverantwoording. Dat geldt voor alle inhuur, ook de contracten met een lager tarief.
Zoals ook door u is gevraagd, is onderzocht of er een overzicht kan worden gemaakt van contracten met een uurtarief van meer dan 100 euro waarbij er geen urenverantwoording is. Dat is toezegging 8. Uit de steekproef blijkt dat van 21 procent, 11 van de 52 inhuurcontracten, geen urenverantwoording in het systeem aanwezig is en dat er op verschillende manieren verantwoording wordt afgelegd over de geleverde prestatie. Daarmee kent de gemeente dus geen eenduidig systeem van urenverantwoording. Dat maakt deel uit van het verbeterplan om daaraan een einde te maken. (De heer BOOMSMA: Dat er geen eenduidig systeem is om dat op te slaan, dat is net wat anders dan dat er überhaupt geen goede verantwoordingssystematiek is. Is het dan zo dat er eigenlijk bij die 21 procent te weinig afspraken zijn of dat die onvoldoende zijn qua verslaglegging of is het alleen zo dat het systeem het niet goed oppakt?) Ik moet u wel bekennen, dat u wel een beetje aan de grens van mijn kennis komt met uw algemene vragen over het systeem. Daarvoor zijn natuurlijk ook portefeuillehouders aanwezig. Laat ik in ieder geval het antwoord dat ik heb, nog even voor u afmaken. De noodzaak om de toevoeging van de prestatieverklaringen aan de facturen te verbeteren, is al eerder door het college erkend.
Hiervoor is sinds september 2021 een werkgroep in het leven geroepen die onderzoek doet naar de werkwijze bij andere gemeenten en naar betere monitoring binnen de beperkte mogelijkheden van het financiële systeem. De aanvullende verbeteractie, en die staat ook in de brief, betekent dat de regels voor de urenverantwoording als onderdeel van de prestatieverklaring worden aangescherpt en voorafgaand aan de accountant, ACAM, worden voorgelegd. Aansluitend krijgt de bewustwording bij de budgethouder en prestatieverklaarder extra aandacht bij deze herijkte regels. Daarna worden deze zo spoedig mogelijk vastgesteld. Dan uw vraag over onderhandse gunning en het stilzwijgend verlengen en de vraag of er meer bekend is. We weten nu van geen enkel ander geval. Zoals gezegd in de brief richten onze verbeteracties zich er op om te onderzoeken of er andere contracten onder de radar zijn en bij wie mogelijk iets soortgelijks zou kunnen spelen. Krijgen we daar weet van, dan informeren wij u daarover. Dan nog over de arbeidsrelaties. Dat zijn voor u belangrijke vragen waarop u al vaker bent teruggekomen. Als eerste: wij hebben de wetmodule van de Belastingdienst
64
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
van de Wet Deregulering arbeidsrelaties ingevuld – dat is ook in de brief opgenomen – om te bepalen om het inhuren van de programmadirecteur voldeed aan de Wet Dba. Uit deze toets die op 9 februari werd uitgevoerd, blijkt dat de inhuur voldeed aan die wet en dat er dus geen sprake was van een arbeidsrelatie. Wij denken ook dat er geen sprake is van schijnzelfstandigheid juist vanwege het ontbreken van het kenmerkende aspect van de gezagsverhouding tussen de gemeente en de opdrachtnemer. Daarmee zijn de andere elementen zoals door de heer Boomsma genoemd, loon, duur, vervangbaarheid, niet onbelangrijk maar in de ogen van het college ondergeschikt. Overigens zijn ook die elementen wel beoordeeld maar die leiden niet tot een andere uitkomst. Dit wordt bevestigd door de uitkomst van de webmodule van de Belastingdienst zoals aan u gemeld werd in de brief. De heer Van Schijndel heeft met name een vraag gesteld over de second opinion. Ik denk dat ik daar bij interruptie en ook in antwoord op de vragen van mevrouw Nanninga voldoende ben ingegaan.
(De heer VAN SCHIJNDEL: Ik had ook gevraagd om een uiteenzetting waarom de burgemeester van oordeel is dat zij nog steeds geloofwaardig de taak kan vervullen om toe te zien op integriteit in de gemeentelijke organisatie.) Laat ik voor nu even zeggen dat ik aangaf bij de opbouw van mijn betoog dat ik als laatste iets zou zeggen over de relatie met de heer Booij en daarbij zal ik dit betrekken. De heer Yilmaz vroeg om een verbeterplan en ik zou hem willen verwijzen, ondanks dat hij er nu niet meer is, naar de brief van afgelopen vrijdag waarin dat verbeterplan is opgenomen. Mevrouw Poot had eigenlijk met name nog vragen ten aanzien van de Wob en de slordigheid bij het opduiken van dat contract een dag nadat de belangrijkste stukken naar Propria Cures waren gestuurd en waarom het contract niet bij het Wob-verzoek zat. Wij hebben zelf geprobeerd, en dat is in de raadscommissie uitgebreid met u gedeeld, te achterhalen hoe dat heeft kunnen gebeuren. Ik heb u toen ook al onverbloemd gezegd dat zowel de gemeentesecretaris als ik er stevig over hebben lopen vloeken. Wij hadden er geen enkel belang bij dat een dag later alsnog te moeten toesturen. Dat vergrootte alleen maar het beeld dat het rommelig was. We wilden veel liever het pakket compleet hebben in eerste instantie.
In de organisatie is hierbij de afgelopen weken opnieuw stilgestaan en er wordt nu een vierwekelijks bestuurlijk Wob-overleg ingevoerd onder mijn leiding. U weet natuurlijk al langer dat er inmiddels ook een centrale coördinatie plaatsvindt op het terrein van de Wob en dat geprobeerd wordt de afhandeling van de Wob-verzoeken zo veel mogelijk te standaardiseren en te versnellen, maar ik moet daarbij ook vaststellen dat dat heel vaak nog niet goed genoeg is. Daar zijn we druk mee bezig en dat er dan juist bij dit soort kwetsbare en gevoelige zaken blijkt dat iets wat gewoon onderdeel behoort te zijn van wat naar buiten wordt gebracht, er te laat bij zit, gelukkig nog wel net vóór publicatie, dat is natuurlijk gewoon niet goed. Laat ik daarbij wel zeggen dat er ook veel goed is gegaan. Dat heeft de afgelopen jaren geleid tot een daling van de onrechtmatigheid meer in algemene zin over aanbestedingen, inhuur en inkoop en verdere standaardisatie. We zien dat het vooral bij de uitzonderingen tot dusver kan misgaan. Zoals u heeft kunnen merken, is dat hier ook fout gegaan. Daar richten we de acties op naast datgene wat al wordt gedaan in het financiële systeem. Dan stelde u nog de vraag over de rapporten van de rekenkamer met betrekking tot de externe inhuur.
65
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
(Mevrouw POOT: Omdat het niet alleen ging om het rapport van de rekenkamer, maar er zijn natuurlijk de afgelopen jaren rapport op rapport, de enquête naar de financiële functie, rekenkamerrapporten, ACAMrapporten, rapporten van de rekeningencommissie over dit soort zaken geweest. Dan ging het over inkoop, dan ging het over P&O, over financiën. Mijn voorstel was om dat gewoon nog maar eens een keertje op een rijtje te zetten.) Dat zal wethouder Groot Wassink zo meteen beantwoorden. Laat ik in ieder geval in algemene zin zeggen - ook nog in antwoord op mevrouw Van Soest, want tot mijn schande zie ik dat ik de vraag die u stelde over het rekenkamerrapport, niet heb beantwoord - dat er een grote welwillendheid is bij het college om vanzelfsprekend alles waaruit het college lering kan trekken en alles waardoor de organisatie beter kan opereren, heel erg ter harte te willen nemen. Dan kom ik daarmee bij de vragen van de D66-fractie. Als eerste maakte u een opmerking over de aanbesteding die eigenlijk altijd de voorkeur verdient vanwege de eerlijkheid die daarmee is gemoeid. Dat ben ik met u eens. Het zijn ook alleen uitzonderingssituaties waarin er enkelvoudig onderhands wordt aanbesteed. Zoals u in het verbeterplan leest, wordt dat zo veel mogelijk teruggedrongen. Op het moment dat je het opengooit, is er natuurlijk voor iedereen een eerlijke en gelijke kans.
Dus ik ben dat met u eens. Dan het punt waarop u nog even wilde terugkomen en dat begrijp ik. Ik hoopte eigenlijk dat ik die zorg al bij de heer Hofland had weggenomen. Ik heb geenszins de bal bij de gemeenteraad willen leggen. De enige relatie die ik wel heb willen leggen, is dat voortkomend uit de motie het voor mij van groot belang is en was dat het een zelfstandig programma werd met een eigen directeur met uitzonderlijke kwaliteiten, omdat ik het vanaf het begin af aan ook heel erg belangrijk heb gevonden. De keuze voor de onderhandse enkelvoudige aanbesteding, de keuze voor laten we zeggen voor het contractueel verloop, daarin kent de raad natuurlijk geen medeverantwoordelijkheid omdat de raad daarvan niet op de hoogte was. Dus die suggestie is niet gewekt en bedoel ik ook echt niet te wekken. Dan stelde u nog de vraag hoe we controleren hoe vaak wordt afgeweken van de aanbestedingsprocedure. Dat doen we via de p&c-cyclus, dus via de jaarrekening. De heer Veldhuyzen – die heeft net de zaal verlaten, maar ik begrijp dat hij op afstand aan het meeluisteren is – die stelde de vraag of er minder geld kon worden uitgegeven. Nu denk ik dat dat op zich een goed en een heel Nederlands streven is, maar ik wil er wel een opmerking bij maken. Met die 125 euro norm zit de gemeente onder de norm van het rijk dat op 154 euro zit.
Daarbij is het goed om op te merken, dat die 125 euro-norm maar zelden wordt gevuld. Dus wij zijn daarin terughoudend. Een nog lagere norm in z’n algemeenheid stellen, is helaas vanwege de markt niet haalbaar. De inschaling van iemand op directieniveau zal per saldo ongeveer hetzelfde kosten. Dan de vragen van de heer Boutkan. U keerde terug bij een aantal hoofdpunten uit uw betoog in eerdere zin. Laat ik voor nu vooral antwoord geven op de hoofdvragen die u aan mij stelde. U hoopt op een cultuurverandering die natuurlijk ook aan de juridische functie is gekoppeld, aan de openbaarheid van bestuur, aan de reorganisatie van het gemeentelijk apparaat zoals ook al aangekondigd door de gemeentesecretaris en door mij. U vraagt mij daarvan de leider en het boegbeeld te zijn. Dat wil ik heel graag, maar wel met die beperking dat een deel daarvan natuurlijk heel politiek is en wel degelijk in de wethouderportefeuilles thuishoort. Als het gaat om de symboliek van de cultuurverandering, het belang om open, transparant en in nauw contact met burgers te werken en op basis van vertrouwen met burgers te opereren als gemeente, ja, dan deel
66
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
ik in het belang daarvan en ik deel ook in het belang van prudentie. Ik wil mij daarvoor heel graag de komende jaren voluit inzetten. (De heer VAN LAMMEREN: Ik had een heel specifieke vraag over Bureau Integriteit gesteld waaraan ik echt belang hecht en zeker omdat wij altijd door de wasstraat van Bureau Integriteit gaan – wat ik heel goed vind. Maar daarop heb ik nog geen antwoord gehoord.) Ik ben bang dat ik dat heb overgeslagen. In de toelichting op de gedragscode van ambtenaren staat dat je ook de schijn van belangenverstrengeling moet vermijden, omdat dat het vertrouwen in de overheid en het bestuur kan schaden. Daar gaat het hier uiteraard over. Dan heb ik daarmee volgens mij de belangrijkste vragen beantwoord en dan zou ik tot slot iets willen zeggen over de relatie met de heer Booij en de verwijten die daarover zijn gemaakt. Op het moment dat er aanwijzingen zijn voor belangenverstrengeling, concrete aanwijzingen, dan zal vanzelfsprekend altijd Bureau Integriteit worden ingeschakeld. Alleen, er zijn hier geen concrete aanwijzingen. Als die er zijn, dan vind ik dat ze gewoon moeten worden onderzocht. Laat daarover geen misverstand bestaan. Maar die zijn er niet. Ik heb ze ook niet terug gehoord. Laat ik daarmee misschien ook tot slot iets zeggen.
U heeft aan mij gemerkt ook al bij de raadscommissievergadering en daarbuiten dat ik geschokt en ook wel gekrenkt was door de aantijgingen. Ik heb daar vanzelfsprekend ook nog eens over na lopen denken. Dat begint eigenlijk bij de constructie ‘vriendjes.’ Ik denk niet dat u snel bij mij een vermoeden zult hebben van een gebrek aan politieke sensitiviteit. Daarvoor ben ik te lang actief in de publieke sfeer. Maar ik ben wel hogelijk verbaasd geweest over het verwijt toen dat opkwam. Het is misschien toch goed dat even voor u te reconstrueren waarom ik daarover eigenlijk zo verbaasd ben geweest. Het klopt dat er een adviesclubje is geweest – niet op mijn initiatief, maar op initiatief van wijlen Erik van Bruggen – dat twee jaar daarvoor een keer of twee, drie bij elkaar is geweest en mij een paar adviezen heeft gegeven en een appgroepje was dat mij vrijblijvend adviezen gaf. Dat kwam ook weer ten einde voordat ik burgemeester werd. In de ruim anderhalf jaar daarna, bijna twee jaar, is er sporadisch contact geweest met de heer Booij. Echt sporadisch. Een paar appjes. Dus ik ben eigenlijk helemaal niet op de gedachte gekomen dat met terugwerkende kracht dat adviesclubje van twee jaar eerder gereconstrueerd zou worden als een vriendschappelijke relatie. Daar ben ik door overvallen geweest.
En daarmee heeft vervolgens een beeld kunnen ontstaan, en dat betreur ik vooral omdat dat zo in strijd is met mijn intenties, mijn stijl van besturen en mijn werkwijze, dat de geschoktheid mij nog steeds niet helemaal heeft verlaten als ik heel eerlijk ben. Ik wens juist een grote mate van openheid ook in mijn contacten met de raad te hebben. Dat is wat ik daarover zou willen zeggen. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ik vind dit toch geen antwoord op de vraag die ik stelde. Het gaat om rolzuiverheid, om integriteit, dus heelheid en dat komt eigenlijk neer op het naleven van regels. De integriteitsregel is niet nageleefd en die regel is: vermijd de schijn van belangenverstrengeling; vermijd die schijn. Dan moet de burgemeester toch uiteenzetten waarom ze meent dat zij nog steeds goed in staat is de integriteit, het naleven van regels binnen de gemeentelijke organisatie, door te zetten.) Ik merk ook dat in dit debat plotseling het woord belangenverstrengeling opduikt, terwijl er in het eerder debat wel is gesproken over vriendjespolitiek en de schijn daarvan, maar niet over belangenverstrengeling. Er zijn geen belangen, er zijn geen belangen verstrengeld, er is geen schijn van belangenverstrengeling. Er zijn ook geen regels
67
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
overtreden. Dat u misschien vindt dat de intuïtie een andere had moeten zijn, dat kan ik met het beeld dat later is ontstaan, wel beamen. Alleen, mijn intuïtie was daar niet op ingesteld omdat ik anderhalf jaar sporadisch contact heb gehad met de heer Booij en dus helemaal niet in een atmosfeer van vrienden verkeerde. Daarbij komt, en dat wil ik toch ook nadrukkelijk hier opgemerkt hebben, dat er geen regels zijn overtreden. Er zijn geen aanbestedingsregels overtreden, er zijn geen gemeentelijke regels overtreden bij de aanstelling. Dus draait het zich op een gegeven moment wel om en dat is op het moment dat u de aantijging doet, dan moet u zelf wel aanwijzingen hebben anders dan de keuze van het woord. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ik heb nooit de aantijging gedaan van vriendjespolitiek; ik heb het woord ook niet in de mond genomen. Ik vertrouw u ten zeerste. Het punt is dat de regel die moet worden nageleefd, is dat je de schijn van belangenverstrengeling voorkomt. Uw politieke sensitiviteit vind ik daar heel ... Het verbaast me dat dit kan gebeuren. Dan kom ik weer terug bij mijn vraag: is het nu zo dat u nog steeds de integriteit binnen de gemeentelijke organisatie goed kunt bewaken?) Nou, laat ik uw eigen woorden herhalen. U vertrouwt mij ten zeerste en daarin heeft u gelijk.
Het lijkt mij dan toch ook goed om nog eens even te memoreren dat het programma eerst ambtelijk is geleid, dat er daarna is vastgesteld dat er een kwartiermaker moest komen, dat er een intern profiel is opgesteld voor die kwartiermaker, dat er toen is gekeken in een veel grotere kring wie daarvoor in aanmerking kon komen. Toen heb ik zelf eerst met twee andere mensen gesproken en die namen zijn in vertrouwelijkheid met u gedeeld. Pas toen bleek dat zij niet konden, kwam in december de heer Booij in beeld omdat hij stopte als directeur van het International Light Festival. Alleen al die functie maar ook alle activiteiten die hij in de tussenliggende jaren had ontplooid, maakte hem buitengewoon geschikt. De heer Booij is aangesteld omdat hij buitengewoon gekwalificeerd is en dat heeft hij ook laten zien in de tijd daarna. Of u vindt dat dat beter via een openbare procedure had kunnen gaan, dat ben ik met u eens. Dat is ook in de brief uitgebreid beschreven. Is dit een integriteitskwestie? Dat is het niet. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Groot Wassink. Wethouder GROOT WASSINK: Eigenlijk hebben meerdere raadsleden eenzelfde vraag gesteld waar het gaat over verscheidene rapporten met verbeteringen. Ik denk dat lid Van Soest daarin heel terecht heeft aangegeven dat de raad daarin ook een rol heeft.
Dat is niet om de bal terug te leggen, maar ik zie dat er inderdaad behoorlijk wat rapporten zijn die in aard en soortelijk gewicht soms echt best verschillen. Mevrouw Poot vroeg daar nadrukkelijk aandacht voor. Als je kijkt naar het verbeteren van de inkoopfunctie, dan hebben we daarin grote stappen gezet. Tegelijkertijd is het taaie materie. Dat moet ik ook ruiterlijk erkennen. Dat is echt nog niet afgerond. Er is een reden dat we er een bestuursopdracht van hebben gemaakt. Ik zou eigenlijk wel met uw raad willen zoeken naar een manier waarop we misschien ook nog wel buiten de p&ccyclus dit nog eens een keer goed tegen het licht kunnen houden. Dus dat betekent niet dat we het niet meer in de p&c-cyclus doen wat mij betreft, maar ik denk dat het helemaal niet raar zou zijn dat een nieuwe raad sommige van de rapporten die er liggen, nog eens een keer met elkaar goed doornemen, of dat dan direct in de tijdelijke commissie is of anderszins. Nogmaals, de insteek en het soortelijk gewicht zijn echt verschillend. Bij
68
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
sommige is het beeld echt positief als het gaat over de inkoopfunctie. Daar zie je dat de onrechtmatigheid de laatste jaren toch fors is teruggebracht en dat we daar flinke verbeterstappen hebben gezet. Tegelijkertijd is dat zeker nog niet afgerond. Dus ik zou het zelf een nieuwe raad zeer toewensen om dat inderdaad te doen. Ik denk dat een volgend college, als uw raad dat wil, daar natuurlijk ook zeer behulpzaam bij wil zijn om te kijken hoe we dat niet alleen beter kunnen volgen, maar er ook beter over kunnen rapporteren. Dat vraagt ook iets van u. Ook de rapportages ten aanzien van de inkoop bijvoorbeeld worden ook wel eens gehamerd. Dat is geen verwijt, maar als we dit met elkaar doen, dan moeten we daar volgens mij allemaal scherp op zijn, zou ik dan willen zeggen. Tegelijkertijd gaat het echt om een cultuurverandering. De heer Boutkan maakte dat punt ook. Mevrouw Poot zei ook dat er in de uitvoering dingen mis gaan. We hebben systemen, we hebben afspraken en daar is toch ook in cultuur echt nog iets nodig. Ik zou het interessant vinden om te kijken hoe we dat beter en scherper met elkaar kunnen oppakken. Ook hier is het moeilijk daar nu argumenten voor te geven. Ik denk dat corona best een rol heeft gespeeld en dat heel veel mensen, heel veel ambtenaren, zeer toegewijd zijn om inhoudelijk met de stad aan de slag te zijn.
Maar die cultuur waarin je je aan de geldende regels houdt of waarin je standaardiseert en waarin je procedures niet alleen afspreekt maar ook volgt, ja, daar zie ik ook best verbeteringen. Dat was ook bij de inkoop. Ik heb zelf aangegeven toen ik de bestuursopdracht Inkoop heb uitgevaardigd, dat ik vond dat ook daar de bestuurlijke aandacht ontbrak. Die bestuurlijke aandacht is daar in ieder geval hersteld, maar dat wil niet zeggen dat je in elk echelon van de organisatie eenzelfde toewijding daarop hebt. Het is wel mensenwerk. Dit college wil daar graag stappen in zetten. We zitten nu in de laatste vergadering. Dat is volgens mij toch ook iets wat we vooral met elkaar moeten afspreken, of u dat nu bent of uw opvolgers, dat we er hier met elkaar ten aanzien van de verschillende opdrachten, rapporten en verbeteropgaves scherper moeten zijn. Ik kan dat alleen maar van harte ondersteunen en ik zal dat ook zeker in mijn eigen oren knopen. (Mevrouw VAN SOEST: Ik heb de vraag aan de wethouder of hij bereid is juist voor de controle ... Ik weet dat uw partij ook tegen al die inhuur is. Dus laten we er nu met z’n allen eens iets aan doen. Ik denk dan aan om het half jaar een rapportage van hoeveel inhuur er is of dat we kunnen zien dat het teruggaat. Bent u bereid die richting op te gaan?) Ik denk dat daarover mijn collega Meliani iets kan zeggen. Die gaat formeel over de inhuurkant.
Maar ik wil daar als wethouder Sociale Zaken ook wel iets over zeggen. Als ik naar de ontwikkeling op de arbeidsmarkt kijk, dan kan ik eigenlijk niet anders dan constateren dat waar wij misschien uit overtuiging zouden zeggen, dat je inhuur wilt beperken, dat in de huidige arbeidsmarkt buitengewoon lastig is. Het gaat over meerdere zaken. Enerzijds gaat het soms over hoogspecialistische kennis die je echt alleen extern kunt inhuren. Sterker nog, mensen hebben soms geen enkele interesse in een dienstverband. Geen enkele. Hoogspecialistisch werk is in die zin moeilijk, maar ik merk het ook bij andere onderdelen van de gemeente dat mensen soms zien dat een andere constructie lucratiever is op de korte termijn. In een situatie van krapte zul je als werkgever vaker terugkrijgen: ik wil onder deze voorwaarden werken. En dan is het de keuze, wil je iemand in dienst nemen, gun je iemand een opdracht in welke constructie dan ook. Maar ik ben het eens met het pleidooi, dus laten we streven naar vaste dienstverbanden en laten we dat vooral vragen. De arbeidsmarkt helpt ons niet. (Mevrouw VAN SOEST: Daar moeten we ons niet bij neerleggen. Ik vind dat wij met z’n allen ervoor moeten zorgen ... Je hebt het gezien in het onderwijs. Daar begon het al mee. Er was krapte op de arbeidsmarkt dus iedereen ging plotseling voor zichzelf werken en scholen konden gaan
69
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
inhuren. Dat is voor mij het makkelijkste voorbeeld om door te geven dat het ook met de ambtenaren zo gaat op dit moment. Men weet dat er krapte is. Men maakt daar dus een beetje misbruik van. Maar daar hoeven wij ons toch niet bij neer te leggen? Dat ben ik ook helemaal niet van u gewend. Mijn vraag is, hoe gaan we nu laten zien dat we het ook zonder die inhuur kunnen?) Laat daarover geen misverstand bestaan, ik ben helemaal niet voornemens me daarbij neer te leggen. Ik kan alleen maar vaststellen dat bepaalde constructies mogelijk zijn en dat je in die zin ook ziet dat er steeds nieuwe constructies worden bedacht. Als het gaat over de wetgeving van dat soort constructies, dan zit dat toch ook in het landelijk beleid. Ik heb met de nieuwe minister ook gesprekken over bijvoorbeeld de aanbevelingen van de commissie Borstlap die hier ook over gaat. Dus ja, ik wil dat heel graag. Ik haal nu een gedicht aan dat eigenlijk gaat over het doden van een echtgenoot. ‘Maar tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren’ en dat is hier ook zo. Dat doet niets af aan mijn intentie, dat doet niets af aan hoe ik dat zou willen verminderen, maar dat is wel waarmee je helaas ook als bestuurder te maken hebt. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Meliani. Wethouder MELIANI: Er zijn volgens mij door mijn collega ook wat P&O-vragen beantwoord.
Ik wil het nog even hebben over het protocol Externe inhuur. Er is een aantal partijen dat zich hierover heeft uitgesproken. De afgelopen jaren hebben we een streefcijfer van 15 procent nagestreefd en heel kort daarna kreeg ik van de raad de opdracht 10 procent na te streven. Ik heb toen ook echt gezegd dat ik een winstwaarschuwing wilde geven. Het is een stip aan de horizon. Enerzijds hebben we het over goed werkgeverschap gehad, namelijk alle mensen onder schaal 9. Die hebben een bestaanszekerheid nodig in de gemeentelijke organisatie. Die dienen we ook een vast contract te geven. Daarom hebben we destijds ook de maatregel van twee jaar ingevoerd. Als je hier dus via een uitzendbureau meerdere contracten hebt uitgediend, dan krijg je na twee jaar als er nog werk is, een vast contract. Het andere deel gaat over het zzp’erschap. Alle mensen die hier worden ingehuurd, willen veelal niet in dienst treden. Mijn collega zei er net al iets over. U heeft destijds vastgesteld dat 125 euro het maximum is en ook nog dat de wethoudersnorm het maximum is. Dat ligt er nog steeds en daar sturen we op. Ik heb u eerder in verschillende raadsbrieven daarin meegenomen. Het is goed. Ik denk dat mevrouw Van Soest van de Partij van de Ouderen daarover ook zegt dat we dat vaker moeten doen. Neem bijvoorbeeld de monitor Externe inhuur.
Daarin heb ik inzichtelijk gemaakt per directie hoeveel mensen extern worden ingehuurd. Ik denk dat we u daarmee veel beter kunnen informeren. Maar ik wil nog even terug naar het percentage, want het percentage waarover ik het net had, die tien procent, die stip aan de horizon, die is echt ingewikkeld. Ik denk dat we voor de mensen onder schaal 9 die juist die bestaanszekerheid nodig hebben, moeten streven die allemaal in dienst te nemen. De andere groep wil misschien niet in dienst, want die kan aan de andere kant van de wereld in China voor een soortgelijke klus als expert aan de slag. De Rijksoverheid hanteert die 154 euro per uur. Ik vind 125 euro ook best wel veel, maar voor dit soort specialismen hebben we andere partijen die veel meer betalen. Dus ik zou u willen vragen de raadsbrief die ik u heb toegestuurd op 6 april 2020, die volgens mij niet is besproken, en die gaat over het aantal scenario’s waarover u zich opnieuw kunt buigen, of we vijftien procent gaan aanhouden, of we vasthouden aan die tien procent of dat we daarmee iets anders moeten doen. Ik zou het heel fijn vinden om het hierover in een volgend college te hebben. Ik ben net als u voor
70
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
die bestaanszekerheid en voor vaste dienstverbanden. Maar we hebben te maken met een arbeidsmarkt die heel ingewikkeld is. Ik ben het eens met u, mevrouw Van Soest, maar het is ook heel erg ingewikkeld. Wat we doen, dat is dat iedere directie in de organisatie moet gaan kijken of daar geschikte mensen zijn. Als daar geen geschikte mensen zijn, dan pas mogen ze extern inhuren. Ik denk dat we nu allemaal uit deze casus hebben geleerd, dat het veel beter moet en dat we er heel hard aan moeten trekken. Wij zijn zeker beschikbaar om te kijken hoe we u middels rapportages beter kunnen informeren hierover. (Mevrouw VAN SOEST: Ik wil dit college het volgende laten zien. De heer Boomsma werkt volgens een cao-loon. Ik ben een expert. Ik word ingehuurd. Ik verdien meer dan mijn collega die hetzelfde werk doet. Als we daar geen halt aan toe roepen, dan gaat het van kwaad tot erger. Maar een ander gevaar is, dat de mensen die worden ingehuurd, absoluut geen verantwoordelijkheid nemen of kunnen nemen voor hun beleid. Dus er zit een frictie. Daar moet het college echt iets aan gaan doen. Dit kan zo niet langer. Hoe denkt u daar over, als u collega’s ziet die het dubbele verdienen voor hetzelfde werk? Dat is toch het paard achter de wagen spannen. Als wij dat blijven goedkeuren, ja dan ... Desnoods moeten we dan maar wat minder beleid uitvoeren, want dit is een weg zonder einde.
Dit gaat van kwaad tot erger. Bent u dat met mij eens?) Ik ben het eens met mevrouw Van Soest dat we echt paal en perk moeten stellen aan al die mensen die denken dat ze hier aan ons kunnen verdienen als gemeente. We zijn er voor onze burgers, dus ik vind dat we daar veel strenger op moeten controleren. De mensen die bij ons werken, moeten zich heel erg realiseren dat de opgaven in de stad voor de stad zijn en niet voor hun eigen portemonnee. (Mevrouw VAN SOEST: Nu wil ik graag weten wat de wethouder dan gaat doen. Ze kan het wel met me eens zijn, maar ik wil het wel graag zien. Kom op! We gaan hier wat aan doen.) Dat klopt. Ik ben het met u eens: we moeten er wat aan doen. Er ligt natuurlijk een brief van negen pagina’s waar de burgemeester samen met alle betrokken wethouders, de wethouder van Financiën, de wethouder van P&O, de wethouder van Inkoop, collegebreed gaat kijken naar de oplossingen. Er is een plan van aanpak waaraan we keihard gaan werken. Dat gaan we terugkoppelen aan u en we gaan hier handen en voeten aan geven. Dat beloof ik bij dezen. De VOORZITTER: Dan hebben we nog wethouder Everhardt te goed die zo dadelijk in ieder geval een preadvies gaat geven op de ingediende motie. Dan vraag ik een van de wethouders plaats te maken voor wethouder Everhardt en dan vraag ik de raad om ondertussen na te denken of er nog behoefte is aan een tweede termijn.
18.00 uur is wel de eindtijd van dit middagdeel. Daar kom ik zo bij u op terug. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Everhardt. Wethouder EVERHARDT: Naast een preadvies is er ook een aantal vragen in mijn richting gesteld. Ik wil beginnen met de Partij voor de Dieren over de suggestie dat er geen controle zou plaatsvinden. Die vindt natuurlijk wel plaats, laat dat helder zijn. De werkwijze bij de afhandeling bij inkooporders en facturen is als volgt. De besteller legt op basis van het contract een inkooporder in het financiële systeem vast. Degene die het contract heeft afgesloten, de budgethouder, keurt deze goed. Bij het ontvangen van een
71
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
factuur, dat was uw specifieke vraag, koppelt de administratie de factuur aan de inkooporder. Indien die factuur aan de inkooporder met voldoende saldo kan worden gekoppeld, tekent de prestatieverklaarder die en dan kan de factuur worden betaald. Indien die factuur daar niet aan gekoppeld kan worden, is het de prestatieverklaarder/ budgethouder die de factuur moet accorderen en dan pas kan die worden betaald. Dus die controle vindt absoluut plaats. Er is ook een signaal bij, maar over signalen hebben we al uitgebreid gesproken – hoe daarmee is omgegaan. (De heer VAN LAMMEREN: Dus er was een po-nummer. Dat zou in eerste instantie voor 90.000 euro zijn. Dat was immers het contract. Daar is inmiddels 170.000 en misschien zelfs 210.000 euro - december ’21 en januari ’22 - op gefactureerd. Dat is een po-nummer. Maar wie heeft dan die handtekening gezet? Is dat dan de budgethouder of de financiële administratie?) Er wordt geen factuur betaald als de prestatieverklaarder en de budgethouder daar geen handtekening onder hebben gezet. (De heer VAN LAMMEREN: Dus zowel de budgethouder als de administratie hebben een handtekening gezet.
Wie is dan die budgethouder en hoe kan het zijn dat op een contract dat maar 90.000 euro waard zou moeten zijn, toch 210.000 euro wordt gefactureerd? Er moeten toch eerst twee controles plaatsvinden? Ik begrijp dat echt niet.) Ik heb al aangegeven dat zodra die factuur er ligt en betaald moet worden, je de variant hebt waarbij de factuur wel kan worden gekoppeld aan een inkooporder met voldoende budget. Dan is de handtekening van de prestatieverklaarder voldoende voor de persoon om de factuur daadwerkelijk te betalen. Mocht dat niet zo zijn, dan krijg je dat signaal en daar moeten de prestatieverklaarder én de budgethouder dan hun handtekening op zetten en dan pas kan het worden betaald. (De heer VAN LAMMEREN: Het is een beetje lastig, want dan gaat het zo naar een tweede termijn. Maar wat was er dan met de factuur van de heer Booij aan de hand? Was dat po-nummer groot genoeg en stond daar gewoon 210.000 euro credit op? Dat zou mij verbazen bij een contract van 90.000 euro. Of is die andere route gekozen dat de budgethouder een handtekening heeft gezet? Dus welke route was het en wie is dan die budgethouder als route 2 is gevolgd?) Zodra er inderdaad niet kan worden gekoppeld aan de inkooporder met voldoende saldo, wordt er een signaal gegeven en dat moeten de budgethouder én de prestatieverklaarder hun handtekening zetten. Dat is mijn antwoord daarop.
(De heer VAN LAMMEREN: Ik krijg gewoon geen antwoord op mijn vraag. Welke route is nu gekozen?) (De VOORZITTER: Sorry, u had uw drie interrupties gehad. U heeft zo dadelijk nog een tweede termijn.) Burgemeester HALSEMA: Het is natuurlijk lastig omdat de wethouder nu een vraag krijgt die heel specifiek bij de casus hoort. Mijn verzoek is dat ik misschien na de avondpauze die vraag nog even kan beantwoorden. De VOORZITTER: Is dat een idee, mijnheer Van Lammeren? De heer VAN LAMMEREN: Ik had de wethouder deze vragen ook al tijdens de raadscommissievergadering gesteld. Ik wil gewoon het antwoord hebben, maar er wordt nu helemaal niet inhoudelijk op ingegaan. De wethouder geeft alleen aan hoe het
72
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
standaard zou moeten lopen, maar er is heel veel niet goed gegaan. Ik grijp het aanbod van de burgemeester natuurlijk aan, want ik hoor het graag. De VOORZITTER: En u heeft daarna nog recht op een tweede termijn en als de raad het goed vindt, ook nog op een derde termijn. Ik wil u nu niet uitnodigen, maar mocht u dat willen, dan komt u uitgebreid aan bod. Ik zou de wethouder willen vragen de beantwoording af te ronden en de motie van een preadvies te voorzien. Dan was er nog een vraag uit de GroenLinks-fractie. Ja, er is een tussenoplossing. Dat doen we nu al: een handmatige koppeling via de contactcode in dat AFS-systeem. Dat vraagt natuurlijk om zorgvuldigheid en discipline bij zowel de invoering als de uitvoering. Dan zijn we terug bij de brief die de burgemeester namens het college heeft gestuurd over de aangekondigde verbeterpunten, de noodzaak om kennis en bewustzijn over de bedrijfsvoering gemeentebreed te gaan verhogen. Dat is op dit moment de tussenoplossing. Tot slot de motie, nr. 146.22 ingediend door de leden Taimounti cum suis. Daarin wordt het college verzocht het vooruit declareren van facturen door inhuurkrachten niet meer toe te staan. Dat vraagt wel een verandering in de inkoopstructuur. Maar wij hebben er zeker geen bezwaar tegen als deze motie zou worden aangenomen. De VOORZITTER: Dank u wel.
Dan zal de burgemeester of iemand van het college na de avondpauze nog ingaan op de vraag van de heer Van Lammeren die was blijven liggen. Daar gaan we dan na de avondpauze mee verder en dan kijken we daarna of er nog behoefte is aan een tweede termijn. Het is nu na 18.00 uur. Ik schors de vergadering tot 19.30 uur en dan gaan we verder zoals zojuist besproken. De vergadering is geschorst.
73
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
INDEX
146.22 Motie leden Taimounti en Van lammeren inzake het niet meer toestaan van het vooruit declareren van facturen door inhuurkrachten ....................................................42 VN??? Afschrift van een klacht van een burger, gericht aan het college, inzake overlast van laagvliegende vliegtuigen over dichtbevolkte gebieden in Amsterdam ..................14 VN2021-033325 Vaststellen van het warmteplan Amstel III Paasheuvelweggebied en omgeving ......................................................................................................................... 8 VN2021-033744 Beschikbaar stellen van een aanvullend krediet voor de investering in 2 elektrische patrouillevaartuigen voor het nautisch toezicht en handhaving .................... 4 VN2021-034547 Vaststellen van de Wijzigingsverordening Verordening Bestuurlijke Boete Overlast in de Openbare Ruimte bestuurlijke boete doorvaartvignet ................... 4 VN2021-034724 Vaststellen Interferentiegebied Amstel III en Arenapoort en bijbehorende ordeningsregels zoals vastgelegd in het Bodemenergieplan Amstel III en Arenapoort ....................................................................................................................... 8 VN2021-035220 Vaststellen van het bedrag aan gemaakte kosten samenhangend met het opsporen en ruimen van explosieven uit de Tweede Wereldoorlog in 2021 .............
7 VN2021-035401 Instemmen met het Voorkeursbesluit herinrichting Czaar Peterstraat (onderdeel Binnenring Fiets-OV corridor) op basis van de Nota van Uitgangspunten ... 4 VN2021-035662 Beschikbaar stellen van een investeringskrediet voor vier plug-in elektrische veerponten en een uitvoeringsbudget voor de bijbehorende laadinfrastructuur .......................................................................................................5, 10 VN2021-035951 Instemmen met een gebiedsgerichte aardgasvrijsubsidie voor de Molenwijk ......................................................................................................................... 9 VN2021-035955 Instemmen met het verlenen van financiële dekking uit het Klimaatfonds voor subsidie voor het aardgasvrij maken van de Gentiaanbuurt ............. 9 VN2021-036110 Beschikbaar stellen van een investeringskrediet voor de aankoop van percelen gelegen in het havengebied ............................................................................10 VN2021-036110 Beschikbaar stellen van een investeringskrediet voor de aankoop van percelen gelegen in het havengebied ..............................................................................
7 VN2021-036115 Instemmen met het Initiatiefvoorstel ‘Zwerfafval: de vervuiler verantwoordelijk’ van het lid Van Lammeren en kennisnemen van de bestuurlijke reactie op het initiatiefvoorstel .......................................................................................13 VN2022-000289 Vaststellen Interferentiegebied, Bodemenergie- en Warmteplan Hamerkwartier ten behoeve van de concessieaanbesteding Thermische Energie uit Oppervlaktewater (TEO) systeem ................................................................................... 8 VN2022-001535 Vaststellen van het uitvoerings- en budgetbesluit voor een publieke fietsenstalling op kavel L-Midden in SloterdijkCentrum ................................................... 5 VN2022-001608 Verlenen van mandaat aan de raadsgriffier ten behoeve van besluitvorming op verzoeken op grond van de Algemene Verordening Gegevensbescherming en de Wet openbaarheid van bestuur ....................................... 9 VN2022-001835 Vaststellen van de Investeringsnota Kubus-Katrijplocatie en het beschikbaar stellen van een krediet ................................................................................ 7 VN2022-002147 Uiten van wensen en bedenkingen inzake de oprichting van de Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio’s en Dekkingsplan brandweer 2022-2025 ........
4 VN2022-003293 Brief van de Federatie Natuur en Milieu Noord-Holland, namens de Stedelijke Klankbordgroep RES-Amsterdam inzake aanbieding van het advies over de verdere invulling van de RES Amsterdam .....................................................................14
74
wst Jaar
2022
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Vergaderdatum 16 februari 2022 Raadsnotulen
R
VN2022-003298 Afschrift van de reactie van een burger, gericht aan het Nibud, inzake de onrechtvaardigheid van het sociale huursysteem ....................................................14 VN2022-003299 Raadsadres van een burger inzake gebruik van machtspositie bij een GBA-zaak .......................................................................................................................15 VN2022-003302 Raadsadres van een advocaat Adoptiezaken & Familierecht inzake de jeugdbescherming..........................................................................................................15 VN2022-003303 Raadsadres van een burger inzake klachten over het gemeentebeleid, met name over stadsdeel Zuid, betreffende het bebouwen van (binnen)tuinen ...........15 VN2022-003304 Raadsadres van een burger inzake verzoek om correctie van de bomenhuishouding.........................................................................................................15 VN2022-003306 Raadsadres van een burger inzake de opening van de nieuwe Zeesluis IJmuiden ........................................................................................................................15 VN2022-003307 Raadsadres van advocatenkantoor Nakad Law inzake het consultatieproces van de Europese Commissie over de kwaliteit van de rechtsorde van de EU-lidstaten
..............................................................................................................15 VN2022-003317 Raadsadres van een burger inzake een reactie op het boek Het verraad van Anne Frank en het baanbrekende onderzoek van een internationaal coldcaseteam in Nederland ...........................................................................................16 VN2022-003338 Afschrift van de brief van Gedeputeerde Staten van Noord-Holland, gericht aan de gemeenteraad van Weesp, inzake de financiële positie en goedkeuring van de begroting 2022 van de gemeente Weesp ..........................................................16 VN2022-003339 Raadsadres van Erfgoedvereniging Heemschut en Vereniging Vrienden van de Amsterdamse Binnenstad inzake het verbouwingsplan voor het Amsterdam Museum en het verdwijnen van de Schuttersgalerij...................................16 VN2022-003340 Raadsadres van een burger inzake de procedure rondom de verbouwing van de School de Wereldburger en de daaruit ontstane problemen in de directe omgeving van de school ....................................................................................16 VN2022-003522 Raadsadres van één van de getroffen marktkooplieden inzake verzoek tot verbetering van de tussentijdse verandering van de Marktverordening ...................16 VN2022-003527 Brief van de heer V.