20210310 Notulen raadsvergadering middag
Tekst van het document
Wat schetst mijn verbazing? Voor het locatieprofiel Noorderpark wordt wel beloofd dat er geen dance komt. Hoe kan dat? Hoe kunnen we het juridisch niet afwikkelen bij de Tuinen van West maar kunnen we het wel beloven bij het Noorderpark? Volgens mij is dát juridisch niet mogelijk. Graag meer uitleg. In het Noorderpark worden bomen gekapt, niet één, maar circa 60. Laten we dat onderzoeken en kan de burgemeester daarop antwoorden? Het klopt, maar die kapvergunning is over meerdere vergunningen verspreid. Dan de kosten. De kosten zijn niet legesdekkend en wij willen graag de leges kostendekkend maken. Verder wil ik ook in kaart hebben gebracht en daarvoor heb ik ook een motie wat nu alle kosten zijn. Wat zijn de schoonmaakkosten, de handhavingskosten,
41
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
de legeskosten, de schadeherstelkosten van die festivals. Laten we dat gewoon in kaart brengen en laten we die discussie dan voeren. En dan tot slot een onderzoeksmotie. Polo op het Museumplein. De Partij voor de Dieren is niet voor evenementen met dieren. Dieren zijn geen evenement. Het gebruik van dieren bij evenementen keuren wij af. Ik wil graag van de burgemeester weten en ook daarvoor hebben we een motie, of zij in kaart kan brengen hoe wij juridisch dan wel financieel polo op het Museumplein kunnen stoppen. En als allerlaatste: Amsterdammers die naar de rechter gaan, halen bakzeil omdat het evenementenbeleid en de locatieprofielen uitzonderingen toelaat. Dat staat in het evenementenbeleid. Het vervelende voor deze Amsterdammers is, dat het evenementenbeleid in tegenstelling tot het beleid in andere steden bij de burgemeester ligt. Het is tijd dat de Amsterdamse gemeenteraad de macht terugpakt en het evenementenbeleid onderbrengt bij een wethouder. Wethouders zijn democratisch, controleerbaar en burgemeesters worden nog niet gekozen. Ik stel de Amsterdamse gemeenteraad voor het evenementenbeleid bij een wethouder neer te leggen. Die is democratisch te controleren door de gemeenteraad. Waarom zet de gemeenteraad zichzelf buiten spel? Ik denk dat wij dat moeten doen net zoals Rotterdam.
De burgemeester blijft verantwoordelijk voor de Openbare Orde en Veiligheid, maar het evenementenbeleid hoort bij een wethouder. Mocht D66 heel groot worden, dan kan ze een wethouder van feesten installeren. (De heer BOUTKAN: Dit is natuurlijk een oude discussie die we al veel eerder hebben gevoerd. De vraag is dan toch waarom de Partij voor de Dieren van mening is dat we het evenementenbeleid niet democratisch kunnen controleren. Volgens mij doen we niet anders dan het democratisch controleren van het evenementenbeleid en de voortgang en de evaluatie. We doen niet anders. Dus wat is daarop het antwoord van de heer Van Lammeren?) Ja, ik wil, ja, ik wil democratisch kunnen controleren. Op dit moment laat het evenementenbeleid gewoon uitzonderingen over aan de burgemeester. Wij kunnen de burgemeester ter verantwoording roepen, maar we kunnen nooit een ultieme consequentie stellen. Ik denk, als het evenementenbeleid gewoon bij een wethouder ligt zoals in Rotterdam, dan kan er veel meer draagvlak worden gecreëerd omdat ook de positie van zo’n wethouder nu eenmaal kwetsbaarder is. Nog een laatste opmerking. De burgemeester zei de vorige keer, evenementen zijn een hele goedkope manier om in aanraking te komen met kunst en cultuur. Ik heb even naar wat prijzen gekeken. Een museumjaarkaart kost 32,50 euro; een gemiddeld kaartje 50 euro.
Dus burgemeester, hoe kijkt u daar tegenaan? Al die prachtige musea vormen toch ook een prachtige manier om in aanraking te komen met kunst en cultuur? De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Poot. Mevrouw POOT: Eigenlijk kunnen wij ons in grote lijnen vinden in de voordracht van de burgemeester die voorligt. We stellen nu een aantal zaken bij en een aantal zaken vast, maar we gaan met name de discussie in het najaar voeren. Dat is wat ons betreft ook goed want wij zien graag dat de sector die waanzinnig zwaar onder druk staat, laten we dat niet vergeten, daar werken heel veel mensen wier baan op dit moment niet zeker is, zich dit jaar hopelijk een stukje kan herstellen. Voor de discussie in het najaar en dat hebben we ook in de raadscommissie gezegd, is het voor ons van ontzettend groot belang om steeds maar weer goed te kijken naar dat evenwicht tussen enerzijds bewoners die overlast ervaren en anderzijds festivalorganisatoren en mensen die daaraan ongelooflijk veel plezier
42
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
beleven. Laten we eerlijk zijn, ja, er is overlast maar er wordt ook ongelooflijk veel plezier aan festivals en evenementen beleefd. Maar goed, wij zullen wel degelijk ook bij de komende evenementen scherp zijn op die overlast. We vinden het van belang dat die eenduidige normen er zijn zodat iedereen weet waar hij aan toe is en wat hij kan verwachten. Daarover hebben we het ook in de raadscommissie gehad. Je moet weten wat je kunt verwachten bij een festival. Dan is het in een stad als Amsterdam ook gewoon een kwestie van ruimte maken voor elkaar. We hebben heel veel groepen in de stad en iedereen moet van die stad kunnen genieten. Gelukkig hoor ik hier in deze raad niet dat mensen pleiten voor geen festivals. Om heel eerlijk te zijn vind ik ook dat het debat dat we hier voeren een stuk minder gepolariseerd is dan het debat dat eerder in de raadscommissie werd gevoerd. Dit onderwerp is niet gebaat bij een gepolariseerd debat. Het gaat erom hoe je elkaar kunt vinden en hoe je die ruimte waarvan we weten dat die schaars is in Amsterdam, op een zo goed mogelijke manier met elkaar kunt verdelen. Dan als laatste punt. Er is op dit moment een enorme hoeveelheid moties ingediend. Als u het de Amsterdamse VVD heel eerlijk vraagt, dan vinden we dat eigenlijk op dit moment niet opportuun. Zoals ik al zei, er is geen evenement geweest dit jaar of vorig jaar.
Het is doodstil wat dat betreft. We zien veel liever dat we deze discussie in het najaar voeren en dan ook de moties die er liggen in zijn totaliteit en integraal met elkaar bekijken en afwegen. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Festivals horen bij een bruisende stad. Ze hebben ook een bijzondere plek in de sociale ecologie van Amsterdam. Zeker nu heeft de sector het extreem zwaar maar uiteindelijk gaat dit beleid ook over de langere termijn en dan staat voor het CDA voorop dat het niet zo mag zijn dat bewoners te vaak worden blootgesteld aan hinderlijk lawaai waaraan je je niet kunt onttrekken omdat het binnen je eigen huis komt. Het is natuurlijk zoeken naar een balans. Een van de dingen die die balans verstoort, is de geluidsoverlast. Dus ik herhaal nog maar eens dat het wat betreft het CDA tijd is om het volume wat zachter te zetten. Minder gehoorschade. Minder overlast. Als je dat niet wilt en als je echt helemaal wil doordreunen – ik weet dat dat ook een wens is bij veel mensen – dan moet je dat wat mij betreft echt ergens anders gaan doen waar er minder mensen omheen wonen. Als bewoners aangeven dat het echt te veel is en dat men daarom minder dance wil omdat juist daarbij die hinderlijke bassen klinken, dan moet je daaraan echt prioriteit geven wat het CDA betreft. Dit is een tussenstap en in het najaar komen we terug op de discussie.
Ik hoop dat er dan ook recht wordt gedaan aan de adviezen van de stadsdelen en van de bewoners in de meest besproken locatieprofielen. In de raadscommissie en ook in de brief bevestigde de burgemeester dat ontheffingen voor geluid op grond van de APV in de meeste gevallen een geluidsnorm in dB(a) stellen in plaats van in dB(c). Maar juist ’s nachts zijn die bastonen extra hinderlijk en extra hoorbaar. Als mensen een ontheffing krijgen voor geluid ’s nachts, dan zou het wat het CDA betreft juist zinnig zijn om ook een aanvullende basnorm te laten gelden. Daartoe heb ik een motie opgesteld om dat te onderzoeken en te betrekken bij de verdere uitwerking in het najaar. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Bosman. Mevrouw BOSMAN: Ik zal in mijn bijdrage met name ingaan op de stukken, de handhavingsstrategie en de aanpassing in de APV en daarna afsluiten met een vooruitblik.
43
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
We zitten nu al een jaar zonder evenementen en nu ze weg zijn, weet je pas echt wat je mist. Afgelopen zondag was ik bij het Field Lab en daar zie je nog eens wat een enorm professionele organisatie we hebben met name in Amsterdam en hoe blij mensen worden als je met z’n allen kunt dansen. Ik was bij André Hazes junior, misschien niet mijn primaire muziek, maar het was echt ontzettend leuk. Maar dan over de aanpassingen in de APV. De burgemeester heeft het al in de raadscommissie bevestigd maar ik herhaal het nu maar even voor het woordelijk verslag dat deze aanpassing alleen geldt voor wat er in de locatieprofielen staat en niet voor andere wensen van de burgemeester, van de raad of van wie dan ook. Met betrekking tot de handhavingsstrategie wil de burgemeester zich inzetten om de gepolariseerde discussie wat tot rust te brengen en de basis daarvoor lijkt mij ons baseren op feiten en te proberen ons daaraan gezamenlijk te compromitteren vanuit de raad en ook vanuit de stad. Daarbij horen we ouderen maar ook jongeren die minder automatisch naar de Stopera komen. En in het kader van polarisatie hebben we ook de handhavingsstrategie. Handhaving in Amsterdam heeft de geschiedenis dat het niet alleen maar is, u doet het fout, u krijgt straf. De Amsterdamse cultuur is ook preventie en het gezamenlijk doen met allerlei spelers in de stad.
Ik wil toch ook nog even een pleidooi houden en ik heb dat al vaker gedaan, voor de klachtenafhandeling. Ik begrijp van organisatoren dat ze maanden later een lijst krijgen met een gekwantificeerd aantal klachten. Zij zitten niet te wachten op klachten en de buurt zit ook niet te wachten op klachten. Dus niemand is erbij gebaat. Als ze op basis van realtime direct horen dat er wordt geklaagd over bijvoorbeeld afval in de straat aan de oostkant, dat ze daar direct iemand heen kunnen sturen om dat op te ruimen. Dat is volgens mij prettig voor de bewoners, prettig voor de gemeente, prettig voor de handhaving. De organisatoren kunnen zo snel problemen oplossen. Dus mocht dat geen onderdeel worden van de handhavingsstrategie, oké, maar maak het dan in ieder geval onderdeel van de deppolarisatiestrategie. Dan de vooruitblik en dat is vooral een pleidooi voor het belang van dance. Dance heeft een hele lange geschiedenis in Amsterdam. We doen nu de hele tijd of er cultuur is en dance, maar Amsterdam staat echt bekend als de bakermat van de elektronische muziek. Legendarische clubavonden gaven de kunstenaarsscene in de jaren ’90 in Amsterdam flair en creatieve inspiratie en ook de ruimte om jezelf te zijn. Nog steeds vervult Amsterdam een hele belangrijke rol in de wereld als het gaat om de ontwikkeling van de dance- en clubcultuur.
Het is niet meer voorbehouden aan een select groepje van avant garde-kunstenaars of aan underground subcultuur maar het is nu ook mainstream. Dat het mainstream is, mag niet verhullen dat de ruimte voor experimentele elektronische muziek en nachtcultuur ook nog steeds nodig is zowel binnen als buiten. Dus ik pleit ervoor dat dat alsnog een groot onderdeel blijft van ons festivalaanbod. Ik maak me wel een beetje zorgen als ik naar de toekomst kijk. Die culturele commissie, dat was een voorstel waar D66 achter stond en ik sta er ook nog steeds achter, maar het moet natuurlijk geen middel worden om schaarste te creëren. Volgens mij hebben we al schaarste en er is inderdaad druk op de openbare ruimte, maar feit is ook dat een aantal festivalbezoekers die ruimte graag willen inzetten voor festivals en dat gebeurt op de meeste plekken überhaupt niet en op een aantal plekken maximaal drie keer per jaar. Dus ik vind niet dat die culturele commissie moet zorgen voor extra schaarste, maar die moet binnen de schaarste die er nu al is, kijken wat het best geschikt aanbod is. Dat is wat ik erover wilde zeggen. (De heer ERNSTING: Ik deel met D66 dat pleidooi voor die dance als een belangrijke cultuuruiting. Ik heb bij de commissiebehandeling expliciet gevraagd om de nachtvisie erbij te betrekken en dat heeft de burgemeester ook toegezegd.
Mijn vraag aan D66 is of ze het eens is met mijn analyse dat er een soort verplaatsing van binnen naar buiten heeft plaatsgevonden
44
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
in die expressievorm van de dance? Vroeger was dat inderdaad in clubs zoals mevrouw Bosman terecht zei, maar er heeft een soort schaalvergroting plaatsgevonden in die mainstreaming waardoor het alleen nog maar buiten kan met de aantallen die moeten worden behaald om de grootste deejay’s te betalen. Vindt u dat nu niet een ongewenste ontwikkeling?) Om eerlijk te zijn is het niet zo dat de Amsterdamse festivals allemaal de grootste namen hebben. Het is ook juist dat er heel veel diversiteit is. Die eis wordt ook gesteld. Voorheen op de Polderheuvel in het Amsterdamse Bos. Volgens mij is het niet zo dat die schaalvergroting nodig is voor het commerciële model. Dat wordt met name wel gedaan door een aantal festivals die gewoon groeien als organisatie en die daar dan nog podia bij willen zetten om een diverser aanbod te genereren. Dat is volgens mij het idee. Het probleem in de clubs is, dat daar veel meer dat probleem van commercialisering speelt omdat kleine bandjes, kleine artiesten niet meer graag naar Amsterdam komen omdat de hotelprijzen enorm hoog zijn en omdat de huurprijzen enorm hoog zijn. Club Claire is onlangs gesloten. Dat zit allemaal erg in de vaste lasten die enorm hoog zijn en dat je dus heel commercieel moet draaien waardoor je niet meer een hele vaste klantenkring hebt. Mijn analyse is dus enigszins anders dan de uwe.
Maar het belang dat we eraan hechten, is wellicht gelijk. (De heer ERNSTING: Laten we daarover dan inderdaad doorspreken als we richting die nachtnota gaan waarbij we het in een breder cultuurverband kunnen bespreken. Ik denk dat er wel degelijk risico’s zijn. Dat heb ik ook gezegd. Onder invloed van grote festivals buiten zijn er ook gewoon minder klanten die de clubs in de zomermaanden opzoeken en daar wordt dus commerciëler geprogrammeerd waarbij er minder ruimte is voor experimenten en voor de kleinere kunstenaars. Ik ben benieuwd naar de voortgang van die discussie.) De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Ceder. De heer CEDER: In plaats van deze bijzondere tijd die wordt gekenmerkt door corona deze tijd echt aan te grijpen voor groene keuzes en veranderingen met name voor de stadsdelen en de omwonenden, durft dit college kennelijk nog niet door te pakken op het gebied van het evenementenbeleid. Dat vinden wij jammer. Ook wij waarderen de culturele sector en uiteraard moet daarvoor ruimte zijn. De druk op het Amsterdamse groen is hoog en dan zou dit het moment kunnen zijn als het gaat om het aantal festivals en festivaldagen, dat we echt wat anders gaan doen. Helaas moet op sommige plekken in de stad zelfs groen sneuvelen om meer evenementen mogelijk te maken. Denk bijvoorbeeld aan de bomen in het Noorderpark.
De vele ingediende zienswijzen en ook de inbreng van stadsdelen vragen om andere maatregelen en het beleid dat nu wordt voorgesteld. Het biedt ons handvaten om de wijken leefbaarder te maken en meer naar burgers te luisteren als het gaat om hoe we de belasting en overlast van festivals op de stad tot een minimum kunnen beperken. Afwegend betekent dat voor de ChristenUnie een aantal belangrijke uitgangspunten namelijk geen dancefestivals in de Tuinen van West, geen evenementen op het N1-terrein, dat we commerciële festivals niet gaan subsidiëren met belastinggeld maar de leges kostendekkend maken, minder festivals in het Gaasperpark zoals de bewoners en stadsdelen dat willen. Helaas, de coalitiepartijen en ook de burgemeester willen het aantal festivals niet verminderen en ze willen de druk op het groen niet aanpakken. Het wordt doorgeschoven naar volgend jaar en daarmee naar de volgende
45
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
verkiezingen met al argument dat we in een bijzondere tijd leven en veel jongeren uitzien naar festivals. Die behoefte en die wens van jongeren worden hiermee overigens onnodig gesimplificeerd alsof dat het enige zou zijn waarnaar ze uitkijken. Wij willen samen met onder andere de Partij voor de Dieren zo veel mogelijk proberen te doen wat kan en daarom zullen wij de ingediende moties uiteraard steunen. We hebben zelfs nog een extra voorstel. Grote evenementen kunnen in de omliggende wijken namelijk veel indirecte overlast veroorzaken waarbij wij graag zien dat die kosten worden doorberekend aan de organisatoren. In dit geval spitsen we dat toe op zwerfafval. Nog een vraag aan de burgemeester als het gaat om handhaving. Als er iets is wat burgers vertrouwen kan geven in een acterende overheid, dan is het wel handhavend optreden wanneer er overlast wordt ervaren. Nu is het zo dat de gemeente verantwoordelijk is voor handhaving in het omliggende gebied van een evenementen- of festivalterrein. Stel nu dat de burgers in het omliggende gebied overlast ervaren, dus niet op het terrein zelf maar daarbuiten, dan kunnen ze, zo geven ze aan, vrijwel nooit de gemeente direct bereiken aangezien overlast van festivals veelal in avonden en weekenden worden ervaren en de gemeente dan niet optimaal bereikbaar is.
Mijn vraag is dus waar burgers terecht kunnen op zo’n moment tijdens een festival dat er overlast wordt ervaren. Het kan in zo’n geval gaan om geluidsoverlast van de bezoekers van en naar een evenement. Het kan gaan om dealen in de omgeving. Het kan gaan om beschonken bezoekers die na afloop voor overlast zorgen door bijvoorbeeld wildplassen, vandalisme, schreeuwen etc. Hoe kan de burgemeester garanderen dat burgers weten dat er voldoende handhaving is voor deze vormen van overlast wanneer er festivals en evenementen in hun omgeving plaatsvinden. De impact van de ChristenUnie en de oproep richting andere raadsleden is duidelijk: kies voor groen, kies voor de burgers en neem in dit geval ook de stadsdelen serieus. De VOORZITTER: Dan zijn we nu aan het einde gekomen van de eerste termijn van de raad. We gaan zo de spreektijden met u delen. Voordat ik het woord geef aan de burgemeester voor de eerste termijn, zou ik de vergadering vijf minuten willen schorsen.
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.
De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de moties. Burgemeester HALSEMA: Ik zou mijn inbreng willen beginnen met een paar feiten. Zoals u weet, ben ik in de zomer van 2018 geïnstalleerd als burgemeester. In 2019 was er een afname van het aantal evenementen met 35%. Daarvan was 10% muziekevenementen, 30% de grotere evenementen en dat betekent dus dat er in 2019 een exponentiële afname was. Het klopt dat er in 2019 sprake was van een toename van het aantal klachten. Die klachten waren rechtstreeks terug te voeren op twee rampzalige weekenden: Pasen en Hemelvaart waar er op het NDSM-terrein grote dance events waren. Die klachten kwamen met name uit de Spaarndammerbuurt. Dat heeft geleid tot aanpassing van het locatieprofiel onmiddellijk in reactie daarop. We kennen inderdaad van oudsher een groot aantal dance events. Het lijkt me toch goed u dat even in verhouding te geven. In het jaar hebben we 40 tot 50 dagen dance events. Die zijn verdeeld over tien locaties en dat is inclusief op- en afbouw. Daarvan gaan tien dagen naar het Kwakoefestival. Dat geeft u toch inzicht. Vanaf mijn aantreden ben ik mij bewust geweest van de druk die er op de stad ligt.
46
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Ik heb dat onderwerp ook zelf geagendeerd bij de aankondiging het evenementenbeleid te willen wijzigen en te willen aanscherpen. De druk op de stad wordt groter nu de stad dichter bebouwd is en daarmee is ook de overlast voor veel inwoners groter. Tegelijkertijd is het verlangen om elkaar bij festivals te kunnen ontmoeten en daar te kunnen genieten van cultuur, muziek, kunst onveranderd groot voor veel stadsbewoners en het is onze taak daarin een goed compromis te vinden dat voor de stadsinwoners maar ook voor de bezoekers acceptabel is. Dat is de reden geweest waarom ik de evaluatie van het evenementenbeleid naar voren heb gehaald. Ik heb aangekondigd met nieuw evenementenbeleid te komen en dat zou ongeveer nu besproken zijn. De reden dat dat vertraagt, is die coronapandemie. Zoals u weet, heeft er het afgelopen jaar geen enkel evenement plaatsgevonden en ook voor dit jaar zal gelden dat er heel weinig evenementen plaatsvinden. Mijn verzoek aan u is geweest de discussie over de toekomst van het evenementenbeleid naar het najaar te verschuiven omdat het in de eerste plaats onduidelijk is hoe de evenementenorganisatoren uit de crisis zullen komen en wat er resteert aan evenementen. Dat is op dit moment eenvoudigweg slecht te overzien.
Dus als we de toekomst van het evenementenbeleid bepalen, dan is het wel goed om wat beter zicht te hebben op hoe het er kan gaan uitzien na de coronapandemie. De tweede reden om het te willen uitstellen, is dat ik ook merk hoe sterk het beleid tot polarisatie leidt. Dat betreur ik. Dat heb ik de vorige keer ook gezegd. Het is zo dat inwoners die vlak bij evenementenlocaties wonen, klachten hebben en die klachten zijn dikwijls terecht en daarvoor moet ook aandacht zijn. Tegelijkertijd liggen er ook belangen in deze stad besloten, die eveneens een afweging verdienen. Dat zijn bijvoorbeeld de afweging van de toegang van jongeren tot evenementen, de mogelijkheden voor de LHBTIgemeenschap om zich op festivals te kunnen uiten en zo zijn er andere. Dat zijn evenementen die zich onttrekken aan het directe probleem dat inwoners ermee hebben, maar die wel moeten worden gewogen. Daarmee zou ik meteen antwoord willen geven op de vraag die de heer Boutkan stelde over de adviezen van de stadsdeelcommissies. Ja, die worden zeer zwaar gewogen. En toch kan er ook een goede reden zijn om er gemotiveerd vanaf te wijken en dat wordt dan gemotiveerd en gepubliceerd. Ik kan me voorstellen dat u het daarmee eens kunt zijn als er een groot, cultureel of publiek belang in het geding is. Dat misschien even als algemene opmerkingen. De heer Boutkan heeft mij nog een aantal vragen gesteld.
Hij vond dat de opmerkingen die ik had gemaakt ten aanzien van de dance events ontoereikend waren. Ik heb namelijk aangegeven dat het onmogelijk is onderscheid te maken naar dance events en die op die manier te classificeren en apart te plaatsen en dat dat juridisch niet houdbaar is. Ik begrijp niet heel precies wat de heer Boutkan dan verder van mij wil. Ik zou best willen nagaan wat er mogelijk is maar ik waarschuw u wel dat we dan nat gaan bij de rechter. U stelde ook een vraag ten aanzien van de stand van zaken bij het beprijzen van de openbare ruimte. Zoals u weet, valt dat onder de verantwoordelijkheid van wethouder Ivens. Hij is bezig met de uitwerking en die zal volgen bij de voorjaarsnota. Dan was er een vraag van de heer Bakker over het N1-terrein. Over het N1-terrein en daarover sprak ook de heer Van Lammeren in nogal scherpe bewoordingen is het zo dat het college in 2019 inderdaad heeft besloten de voorgenomen ontwikkeling van het N1terrein als permanente festivallocatie niet door te zetten omdat er en dat was de reden, in de nabije toekomst toch ontwikkelplannen voor het kavel waren en omdat het niet de gedroomde locatie was vanwege de aanwezigheid van een aantal woonwagens en de geluidsbelasting daar.
Nu de ontwikkelplannen voor de N1 zich niet op de korte termijn lijken te materialiseren en gezien de toegenomen schaarste aan geschikte evenementenlocaties in de stad is besloten de N1-locatie ook dit jaar weer in te zetten voor evenementen. In relatieve zin is de locatie namelijk wel degelijk geschikt. Dan ten aanzien van de veiligheid.
47
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Ik ben blij dat de heer Bakker het woord levensgevaarlijk niet herhaalde, dat stel ik zeer op prijs. Natuurlijk zijn er altijd zaken waarmee rekening moet worden gehouden. Dat geldt ook voor het N1-terrein en daarom is het N1-terrein ook onderzocht door de brandweer en de Omgevingsdienst. Er is verzocht extra maatregelen te nemen en dat is gedaan. Die zijn altijd in werking en daarmee is het N1-terrein veilig. Dan de heer Van Lammeren. De meeste opmerkingen en vragen van de heer Van Lammeren verwijzen ook naar zijn moties en het lijkt mij dus het handigst als ik de moties van de heer Van Lammeren meteen behandel. Misschien zou ik er in algemene zin in ieder geval dit over kunnen zeggen. Ik ben wel enigszins verbaasd over de toon die de heer Van Lammeren kiest in het debat. Toen ik de evaluatie van het evenementenbeleid naar voren haalde en nieuw beleid aankondigde vanwege de schaarse ruimte, de druk op het groen en de overlast die evenementen mogelijk veroorzaken voor inwoners, hebben we gezamenlijk geconcludeerd dat we ons in dezelfde richting ontwikkelden. Weliswaar wilde u sneller handelen, maar u was het met mij eens dat er vanuit het college oog is voor de druk die evenementen op de stad legden.
Ik neem aan dat u er begrip voor kunt hebben dat vanwege corona de uitwerking van het evenementenbeleid enige vertraging oploopt omdat we op dit moment simpelweg geen evenementenbeleid hebben. Het grote aantal moties dat u nu indient, wijst eigenlijk vooruit naar het debat dat we dit najaar kunnen hebben. Ik zou de onderwerpen die u aanroert, dan ook willen bespreken in het najaar. Dat is ook de reden dat ik vrijwel alle moties ontraad maar ik loop ze even voor u langs. Motie nr. 122.21, de bevoegdheid van het vergunnen van evenementen van de burgemeester naar de wethouder te verleggen. Zoals u weet, is het verlenen van vergunningen een bevoegdheid van de burgemeester die voortvloeit uit mijn verantwoordelijkheid voor de openbare orde. Dan is het ook de burgemeester die om die reden nadere regels kan stellen voor de evenementen. Dit is overigens een jaar geleden uitgebreid besproken in de raadscommissie naar aanleiding van het raadsinitiatief dat u claimt en toen is negatief geadviseerd over een vergelijkbare motie. Dat negatieve advies herhaal ik dus. Motie nr. 123.21 over de commerciële festivals niet op kosten van de belastingbetaler. Deze wordt ook ontraden. Er kan geen onderscheid worden gemaakt in de leges die commerciële en niet-commerciële evenementen moeten betalen. Om die reden ontraad ik de motie. Motie nr. 124.21, Maak beloften over stoppen met het N1-terrein waar.
Daarop heb ik zojuist een toelichting gegeven en daarom wordt deze motie ook ontraden. Motie nr. 125.21, Stop de radicale ontgroening in het Noorderpark. Ik geloof dat u er al op bent gewezen door een van de andere leden, maar het gaat om het omhakken van één boom en dat vindt plaats omdat op de huidige locatie de schade aan het milieu groter is. Daarom wordt ook deze motie ontraden. Motie nr. 126.21, Adviezen bewoners, ondernemers en stadsdeelcommissie overnemen voor Westerpark. Het college is voor het Westerpark meegegaan in het advies van het DB van stadsdeel West en daarom ontraad ik de motie. Motie nr. 127.21, Schrap de meteocorrectie. Wind is van invloed op hoe hard en hoe ver het geluid in de omgeving draagt bij muziekevenementen. Bij de ontwikkeling van het geluidsbeleid in 2018 is een beperkte maximale meteocorrectie van 3 dB een zwaar bevocht compromis geweest tussen belanghebbenden. Bij veel windkracht krijgt de organisator iets meer ruimte maar hij zal ook moeten inbinden omdat 3 dB niet veel is. De meteocorrectie mag niet op alle locaties worden toegepast, alleen locaties die veel wind kunnen vangen. De praktijk in 2018 en 2019 wees uit dat meteocorrecties slechts in enkele gevallen toegepast is geweest. Het college heeft bij de evaluatie van het beleid eind 2019
48
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
dan ook geen reden gezien deze te wijzigen of te schrappen. Het oordeel is sindsdien niet veranderd. Ik ontraad de motie. Motie nr. 128.21. Laat schade ecologie door festivals onafhankelijk onderzoeken. De schouw voor aanvang van een evenement heeft niet als doel te bepalen of een evenement doorgang kan vinden maar om vast te stellen in welke technische staat het terrein zich op dat moment bevindt. Dit omdat de organisatie van het evenement na afloop van het evenement verantwoordelijk is voor herstel van de schade. Gemeente en organisatie van het evenemententerrein hebben hier dus een tegengesteld financieel belang. Daarom wordt deze schouw gezamenlijk uitgevoerd en wordt de situatie zowel vooraf als achteraf vastgelegd. Daarom ontraad ik de motie. Motie nr. 129.21, Pomp de beschermde rugstreeppad niet uit de vijver. Ik breng even in herinnering dat we hierover al meerder keren hebben gesproken, mijnheer Van Lammeren. De betreffende vijver bij het evenemententerrein is destijds aangelegd om in het geval een evenement dit nodig heeft, te kunnen worden gebruikt en dus te kunnen worden leeggepompt. De vijver is dus ook niet bedoeld als een natuurlijke habitat van de rugstreeppad dit in tegenstelling tot andere waterpartijen in de buurt. Navraag bij het stadsdeel leert overigens dat het maar zeer de vraag is of de rugstreeppad nog in de vijver leeft. Daarom ontraad ik de motie.
Motie nr. 130.21, Geen dancefestival in de Tuinen van West. Als op de Tuinen van West geen muziekevenementen en dancefestivals mogen plaatsvinden, waarom dan op andere plekken wel, is de vraag. De locatie is namelijk in veel opzichten bijzonder geschikt. Zo is de geluidsbelasting van muziekevenementen op deze plek beperkt in vergelijking met andere evenementenlocaties. Voor het uitsluiten van dancefestivals is bovendien geen juridische grondslag. Dan zou eerst de beleidsregel geluid voor evenementen zoals die nu geldt, moeten worden aangepast. Het is wel zo dat in de uitvoering in de Tuinen van West dingen beter moeten worden georganiseerd dan in het verleden zodat de overlast afneemt bijvoorbeeld als het gaat om de in- en uitstroom van publiek. Daarvoor is een nieuw verkeersplan ontwikkeld en dat is nadrukkelijk ook de intentie bij de beheerder van het terrein en ook bij de organisatoren. De plannen die hiervoor klaarliggen, moeten dit jaar of volgend jaar een kans krijgen. Er zal ook een dialoog moeten worden georganiseerd met als doel tot een duurzame programmering te komen op deze op zichzelf prachtige evenementenlocatie. Daarom ontraad ik deze motie. Motie nr. 131.21, Evenementen waar muziek wordt gedraaid meetellen als muziekevenement.
In het geluidsbeleid voor evenementen in Amsterdam is juist heel bewust een onderscheid gemaakt tussen muziekevenementen en nietmuziekevenementen. Die laatste mogen maximaal 75 dB(c) op de dichtstbijzijnde gevel produceren. Op sommige plekken is dit net iets meer dan het achtergrondgeluid van het verkeer. Overlastmeldingen van dit type evenementen of het muzieklawaai dat ze veroorzaken, zijn niet bekend. Het lijkt juist van belang dit onderscheid strikt te hanteren en daarmee overbodige geluidsoverlast te voorkomen en daarom ontraad ik de motie. Motie nr. 132.21, Voorkom geluidsstapeling. Stapeling van geluid van diverse muziekevenementen tegelijkertijd is overlastgevend en zou inderdaad zo veel mogelijk moeten worden voorkomen. Bij de planning van de evenementenkalender wordt hiermee dan ook rekening gehouden. Zelfs wordt geprobeerd te voorkomen dat sommige plekken weekenden achter elkaar worden belast vanuit verschillende terreinen. Hoe groot het probleem is, wordt dit jaar of volgend jaar in geval er niet of nauwelijks evenementen plaatsvinden, onderzocht door op een paar plekken waar geluid van verschillende terreinen kan samenkomen, geluidssensoren op te hangen die herleidbaar zijn tot de muziekbronnen. Het is van belang eerst dit feitelijke beeld te krijgen voordat we overbodige, nieuwe regels invoeren en daarom ontraad ik de motie.
49
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Motie nr. 133.21, Onderzoek naar alle kosten van de gemeente met betrekking tot evenementen. Organisatoren van evenementen zijn zelf verantwoordelijk voor een veilig en ordelijk verloop van het evenement en voor het goed opleveren van het terrein dat ze daarvoor gebruiken. Ze betalen in vrijwel alle gevallen ook al een huurprijs aan de gemeente voor het gebruik van de locaties. Leges voor de vergunning en binnenkort daarnaast ook een afdracht van de VMR. Daarnaast moeten schoonmaak en eventuele herstelwerkzaamheden aan een terrein conform de afspraken daarover en de constateringen bij een schouw worden betaald door de organisator en de organisator betaalt zelf de kosten voor beveiliging, crowd management en verkeersafwikkeling. Het in beeld brengen van al deze kosten is een zeer omvangrijke en tijdrovende opdracht die naar inschatting van het college bovendien niet zal leiden tot een andere werkwijze of noemenswaardige andere of extra inkomsten voor de gemeente en daarom ontraad ik de motie. Motie nr. 134.21, Geen toename festivals in het Flevopark. Het college is voornemens dit te onderzoeken en te kijken of en zo ja onder welke condities dit eventueel zou kunnen. Daarvoor zal met de belanghebbenden worden gesproken. Het college ziet geen reden hier nu vanaf te zien.
Besluitvorming hierover vindt logischerwijs plaats in het najaar als ook over evenementen en locatiebeleid wordt besloten en daarom ontraad ik de motie. Motie nr. 135.21, Volg het advies van de stadsdeelcommissie Zuidoost met betrekking tot evenementen in het Gaasperpark. Hiermee wordt een voorschot genomen op het gewenste algemene debat over het belang van evenementen en festivals zoals dat in de brief van 10 februari is aangekondigd en daarom ontraad ik de motie. Motie nr. 137.21, Geen grote evenementen meer toestaan in het Sloterpark. Op het evenemententerrein van het Sloterpark is in 2020 groot onderhoud gerealiseerd naar aanleiding van het onderzoek van de groene evenementenlocaties. Uit de bodemonderzoeken in 2019 is niet geconstateerd dat het terrein ongeschikt is voor evenementen wel dat herstelmaatregelen moesten worden uitgevoerd. Recent zijn de laatste nabewerkingen nog uitgevoerd en met deze werkzaamheden is de bodem weer hersteld. Vanaf de zomer 2021 is die weer geschikt voor evenementen. Er is voor het Sloterpark een monitoringsprogramma om de kwaliteit van de bodem te meten. Voor behoud van de bodemkwaliteit is het noodzakelijk om de looptijd van de afdekking en belasting te beperken om de afgesproken rustperiode tussen de evenementen aan te houden en de juiste beschermingsmaatregelen te nemen.
Dit is dus procedureel helemaal afgedekt en daarom ontraad ik de motie. Motie nr. 138.21, Onderzoek naar het staken van de paardenpolo op het Museumplein. Nu moet u opletten. Onderzoek naar de mogelijkheid om het polo-evenement op het Museumplein eventueel te staken, kan ik toezeggen. Ik wil daaraan wel toevoegen dat het op dit moment niet mogelijk is het evenement de vergunning te weigeren op grond van de inhoud van het evenementen en ik wil ook toevoegen dat voor dit evenement geen subsidie is uitgekeerd vanuit het evenementenfonds maar door het stadsdeel. Dan keer ik even terug naar de behandeling van de inbrengers. We hadden de inbreng van mevrouw Poot. Laat ik u op dit moment vooral dankzeggen dat ook u benadrukt hoe belangrijk het is dat we enige nuance gaan aanbrengen in het debat. We hebben hier te maken met een schaarste en een verdelingsvraagstuk. Ik heb namelijk niemand horen bepleiten dat er in Amsterdam geen evenementen meer moeten plaatsvinden. Dat gezegd hebbende moeten we dus zoeken naar optimale en soms suboptimale oplossingen. Dat doen we door de belangen van omwonenden, van jongeren, van gemeenschappen zo veel mogelijk en zo redelijk mogelijk te wegen. Daarover hoop ik dit najaar met u uitgebreid in gesprek te gaan. Ik ben blij dat u dat gesprek met mij wilt aangaan.
50
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De heer Ceder. Die zegt dat ik het aantal festivals wil laten toenemen. Niet alleen is dat ronduit in strijd met de feiten over de afgelopen jaren en het is ook niet in overeenstemming met de intentie van het beleid. Ik ben dus wel verbaasd over die opmerking. Verder heeft de heer Ceder mij geen vragen gesteld. Dan ligt er nog een aantal andere moties. De motie nr. 158.21 van het lid Boomsma om bij de verdere uitwerking van het beleid de optie te betrekken om bij het verstrekken van de geluidsontheffingen op grond van artikel 5.6 APV voor de nacht daarbij niet alleen waarden op te leggen in dB(a) maar ook in dB(c). Tijdens het overleg in de raadscommissie heb ik ook al gezegd dat ik geen bezwaar heb tegen deze motie. Ik stel voor dat we na de zomer hiernaar grondiger kijken waarbij ik u dus wel waarschuw dat niet direct de geluidsknop volledig dicht is gedraaid. Tegelijkertijd is de verwachting dat er grote evenementen nog voor de zomer zullen zijn waarbij het geluid voluit wordt gedraaid, heel erg klein. (De heer CEDER: De burgemeester gaf aan dat er geen vraag was, maar ik stelde wel een vraag namelijk wat omwonenden kunnen doen op het moment dat er overlast plaatsvindt buiten het evenementengebied. Dan denk ik aan wildplassen, vandalisme, schreeuwen, mensen die dronken zijn, dealen.
Hoe kan de gemeente op dat moment bereikbaar zijn, dus niet alleen achteraf maar ook op het moment zelf.) Vanzelfsprekend kan er dan worden gebeld voor overlastmeldingen met de politie en handhaving en die zullen daarbij dan moeten optreden. Tegelijkertijd is er rond evenemententerreinen altijd politie aanwezig, althans, afhankelijk van de risico’s die het evenement in zich draagt voor de openbare orde. Laat ik u verder toezeggen ook vanwege de schaarste bij de politie dat de politiecapaciteit en de mogelijkheden daartoe ook worden betrokken bij de opstelling van het evenementenbeleid in het najaar en dan zal ik ook aandacht besteden aan uw vraag. Dan is er nog een amendement nr. 157.21 van de heer N.T. Bakker inzake het vaststellen van gewijzigde locatieprofielen en het verzoek is in de voordracht over de evenementen en locatieprofielen beslispunt 5 zo te wijzigen dat de wijzigingen in de locatieprofielen in beginsel voor twee jaar gelden in plaats voor drie jaar en de tekst in de voordracht op bovenstaande aan te passen. Dat lijkt mij in deze omstandigheden een redelijk verzoek en ik heb dan ook geen bezwaar tegen dit amendement. Dan is er nog de motie nr. 153.21 van de heer Ceder. Het is goed te onderzoeken wat er nog meer kan worden gedaan om zwerfafval rond evenementen te verminderen. Binnen het bestaande vergunningenbeleid moeten organisatoren een afvalplan indienen.
Schoonmaken en afvalbakken buiten het terrein zijn hiervan onderdeel. Met het oog op duurzaamheid kan het geen kwaad om meer aandacht te besteden aan zwerfafval en wellicht kunnen de organisatoren hierover meedenken. Ik heb geen bezwaar tegen de motie. Wel wil ik u de winstwaarschuwing geven dat het niet altijd gemakkelijk zal zijn om zwerfafval bij een evenement te onderscheiden van zwerfafval dat op andere manieren in dezelfde omgeving terecht is gekomen. Daarmee heb ik volgens mij ook de moties en amendementen behandeld. De VOORZITTER: Dan zijn we klaar met de eerste termijn van dit onderwerp. Is er behoefte aan een tweede termijn? Een veegronde voor de heer Boutkan. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boutkan. De heer BOUTKAN: Het kan heel kort. Niet al mijn vragen zijn beantwoord. Ik had nog een vraag gesteld over de handhaving of we die straks voldoende op orde hebben. En
51
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
de tweede vraag was of alles wat te maken heeft met de zogenaamde programmaraad straks voldoende op tijd klaar is. Ik wil toch nog een opmerking maken over de dance evenementen. Ik ben eigenlijk op zoek naar een creatieve oplossing voor het geval we ergens die muziekstijl niet willen hebben om dat dan ook niet toe te staan. Dus die oproep heb ik gedaan aan de burgemeester en als dat moet bestaan uit het aanpassen van de beleidsregels voor geluid bij evenementen, dan is dat misschien een van de oplossingen. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Bosman. Mevrouw BOSMAN: Ik miste ook het antwoord op mijn vragen. Ik licht er dan even het belang uit van dance in de toekomst en de handhavingsstrategie in het licht van het preadvies dat de heer Ceder net krijgt voor iets wat volgens mij al bestaat maar het samenwerken van evenementenorganisatoren op het gebied van zwerfafval en handhaving nog niet. De VOORZITTER geeft het woord aan burgemeester Halsema. Burgemeester HALSEMA: Als eerste de vraag van de heer Boutkan over dance. Voor het weren van dance events ontbreekt nu een juridische grondslag zoals u wellicht ook weet. Die zou er wel kunnen komen als we schaarse-vergunningenbeleid gaan invoeren voor evenementen en daartoe kunnen we besluiten in het debat over nieuw beleid. Ik zou daar in het najaar met u op willen terugkomen. Dan de opmerking van mevrouw Bosman.
Die leek mij meer gericht aan het adres van de heer Ceder. Ik beluisterde daarin geen vraag aan mij. De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een stemverklaring? Dat is niet het geval. Dan is hiermee dit agendapunt afgerond.
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. Voorzitter: burgemeester Halsema De VOORZITTER heropent de vergadering.
9 Vaststellen van de Wijzigingsverordening subsidieverordening sloop en schoon alternatief vervoer Amsterdam, Verlaging subsidieplafond Nr. VN2021-000404 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 64° Motie van het lid Yilmaz inzake de subsidieverordening schoon en alternatief vervoer verlengen (nr. 148.21) Verzoekt het college van burgemeester en wethouders:
52
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
-
R
de subsidieverordening sloop en schoon alternatief vervoer Amsterdam te verlengen met een jaar of tot het aanvankelijk gereserveerd bedrag hiervoor volledig is benut.
De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw Van Soest, bent u er? Dan geef ik eerst het woord aan de heer Yilmaz. De heer YILMAZ: Toen ik in eerste instantie las dat er minder geld beschikbaar was, schrok ik daar wel van. Maar toen ik zag dat er ruimte werd gecreëerd voor twee andere moties waarvan wij ook een motie hebben meegetekend, was ik wel blij dat er in ieder geval ruimte werd vrijgemaakt. Ik hoop dat we de subsidieverordening nog een jaar kunnen verlengen zodat de mensen die nu buiten de boot vallen omdat er minder subsidie beschikbaar is, toch nog een jaartje extra hebben om hun voertuig te veranderen. Daarom heb ik de motie ingediend. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Dat lukt niet. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder De Vries voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de motie. Wethouder DE VRIES: Even voor de helderheid want misschien veronderstelt de heer Yilmaz dit. Het is dus niet zo dat er meer geld komt als we dit een jaar zouden verlengen. Het is een eenmalig budget dat ervoor is vrijgemaakt. Dit is het budget en dat is het dan ook. Vervolgens hebben we het hier over een maatregel die al best lang loopt. De maatregel is nu vanaf 1 maart zo ver dat we die ook handhaven. Dus vanaf nu wordt er daadwerkelijk op gehandhaafd.
Toch hebben we bewust voor een aantal maanden uitloop gekozen zodat mensen die er nu feitelijk mee worden geconfronteerd, alsnog de gelegenheid hebben om gebruik te maken van de subsidieregeling om van auto te wisselen. Dus het college denkt dat de raad in het verleden goede besluiten heeft genomen zowel over het budget als over de looptijd. Het is op zich niet nodig met behulp van de motie dit nog te verlengen. Om die reden ontraden we het amendement. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Ik heb geen behoefte om het woord te voeren. Dat schiet lekker op. De VOORZITTER: Ik zie dat de heer Yilmaz nog een interruptie had willen plegen. Dat doen we dan in de vorm van een korte tweede termijn. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Yilmaz. De heer YILMAZ: Ik wil nog even reageren op de wethouder maar uiteindelijk heb ik mijn antwoord gekregen. Ik weet dat de verordening loopt tot 31 december 2021 en die periode wilde ik verlengen om meer mensen de kans te geven alsnog die overstap te maken. Maar ik ga niet verder in discussie nu de wethouder negatief preadviseert.
53
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De discussie wordt gesloten. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een stemverklaring? Dat is niet het geval.
10 Vaststellen van de tiende verordening tot wijziging van de Verordening op het binnenwater 2010 Nr. VN2021-003992 De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 65° Motie van de leden Kreuger en Ceder inzake Wijziging Verordening op het Binnenwater, Uitgeven extra vergunningen bij wijzigingen VOB (nr. 160.21) Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
indien de VOB wordt gewijzigd zes extra vergunningen uit te geven; deze extra vergunning(en) te plussen in het betreffende segment.
De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Ik heb een aantal vragen voor de wethouder. Telkens zijn er wijzigingen in de verordening waardoor mensen telkens moeten procederen om hun recht te halen bij de Raad van State. Regelmatig worden die mensen in het gelijk gesteld. Mijn vraag aan de wethouder is of deze wijziging van de verordening gevolgen heeft voor de salonboothouders. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Kreuger. De heer KREUGER: Het wijzigen van de verordening Binnenwater is noodzakelijk om ervoor te zorgen dat iedereen die wil meedoen aan de loting, daadwerkelijk kan meedoen en een vergunning kan krijgen. Ik wilde er eigenlijk nog een keertje het volgende over zeggen want op dit dossier worden aan de lopende band peperdure advocaten achter kleine ondernemers aan gestuurd. Blijkbaar is diezelfde organisatie die dus wel hele dure advocaten achter de kleine ondernemers aanstuurt, niet in staat de eigen verordening juridisch op orde te krijgen. Dat is wel iets wat ik toch even gezegd wil hebben, niet dat ik dat deze wethouder zelf aanreken want hij zit er nog niet zo lang, maar ik wil het hem wel meegeven zodat hij dat in het vervolg beter regelt. Ik moet er ook meteen bij zeggen dat ik het idee heb dat de benadering wat warmer is vanuit het college met deze wethouder.
Het gesprek vond ik wat toegankelijker dan bij de vorige wethouder die op dit dossier zat. Volgens mij worden ook de afspraken wat beter nagekomen. Dat hoor ik ook van reders uit het veld. Er wordt in ieder geval tijdig gereageerd door het college. Dat was nu ook aan de hand met de brief die was beloofd. Die was er afgelopen maandag waarvoor dank. Daarin konden we lezen dat er toch wel enkele implicaties zijn. Bij de 155 boten die vergund gaan worden, daarbij zitten zes boten die niet kunnen worden vergund op het moment dat er een wijziging wordt doorgevoerd. Nu kun je dat op twee manieren bekijken. Ik wil er eigenlijk voor zorgen als we de verordening nu gaan wijzigen, dat die zes boten die bij de eerste 155 zitten, gewoon kunnen worden vergund. Op het moment dat de situatie niet wordt gewijzigd, dan ontstaat er een situatie dat de lootjes aan de achterkant, dus net buiten de 155, eraf
54
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
vallen. Dat vind ik oneerlijk. Het lijkt mij het best dat we zes extra vergunningen uitgeven bovenop wat er in de eerste tranche wordt uitgegeven, die 155 zodat er niemand slachtoffer wordt van het wijzigen van deze verordening. Ik noem het een generaal pardon. En uiteraard worden die lootjes vergeven in het segment waarin de betreffende boot is ingeloot. (De heer VROEGE: Hoewel het een heel sympathiek voorstel is van de heer Kreuger, klopt zijn rekenmethode niet. De kans dat die zes bootjes worden ingeloot, is natuurlijk net zo groot als zes andere lootjes. U gaat ervanuit dat die zes altijd de hoofdprijs pakken, maar dat is niet het geval. Daardoor krijgt u straks extra plekken die helemaal niet noodzakelijk zijn. Graag een reactie van collega Kreuger hierop.) Ik maakte eerst dezelfde denkfout als de heer Vroege omdat ik namelijk dacht dat die zes lootjes op het totaal van 712 was. Maar het is zes lootjes op de eerste 155. Ik weet niet of de wethouder even kan schudden of ik gelijk heb- Ja, hij knikt. Dus ik heb gelijk, mijnheer Vroege. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder De Vries voor de beantwoording van de vragen en een preadvies op de motie. Wethouder DE VRIES: Ik vind het jammer dat ik mevrouw Van Soest geen precies antwoord kan geven want ik weet niet of er bij de zes lootjes waarover ook de heer Kreuger het had, ook een salonboot zit.
Dus dat kan ik niet beantwoorden. Ik acht de kans overigens niet zo heel groot eerlijk gezegd, maar ik durf er dus niet à la minute een antwoord op te geven. Ik begrijp dat mevrouw Van Soest zegt, dat is al de tiende wijziging. Dat was ook mijn eerste reactie. Het blijkt dat deze verordening op het binnenwater al heel lang bestaat. Al jaren. Dus ja, dan is het logisch dat die ook af en toe wordt gewijzigd. Kennelijk vindt men het leuk te tellen hoe vaak die dan wordt gewijzigd. Dus het is inderdaad de tiende wijziging maar wel in een hele lange tijd. Dan over de juridische procedures. Die zullen we krijgen. Dat weten we ook. En ook over de uitslag die we nu gaan meemaken. Eerlijk gezegd begrijp ik dat ook wel want het gaat om mensen hun broodwinning en om hun bedrijf. Als je dan denkt dat je niet helemaal goed behandeld bent, dan snap ik wel dat je soms besluit naar de rechter te stappen. Nou ja, we hebben volgens mij een goede rechtspraak in dit land dus dan krijgen we ook gewoon het eerlijke antwoord van de rechter. Ik ben het ook wel een beetje eens met de heer Kreuger als hij zegt, hadden we dit nu niet eerder kunnen zien. We hebben een hele tijd geleden al de spelregels bepaald en dat zou dan moeten veronderstellen dat die verordening het mogelijk maakt de ingelote boten een vergunning te geven. Door deze wijziging die we nu gaan doorvoeren, gaat dat ook gebeuren.
Maar dit hadden we natuurlijk ook eerder kunnen zien. Dat ben ik met u eens. (Mevrouw VAN SOEST: Ik wil wethouder De Vries nog even wat vragen. Als hij het niet paraat heeft, dan ontvangen we het graag schriftelijk.) Ik kan u best een bericht sturen of dit effect heeft op de categorie salonboten. Ja. Geen probleem. Dan had de heer Kreuger wel een belangrijk punt over de toegankelijkheid. Toen ik hier instapte, dacht ik, dit is gewoon een ingewikkelde situatie en zeker voor de mensen die hier hun bedrijf voeren. Maar we moeten deze stappen wel zetten. Dat hebben we laatst in de raadscommissie nog weer allemaal met elkaar besproken. Het beste wat je dan als stadsbestuur kunt doen is de contacten met de reders goed houden. We moeten wel beseffen dat het voor hen allemaal best spannend is. Wie wordt er ingeloot, wie wordt er niet ingeloot en wat gaat dat betekenen voor de toekomst van je bedrijf? Dus daarvoor zal ik proberen mijn best te doen.
55
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Dan over de motie. Ik gaf het net al via mijn geknik aan en zo staat het ook in de brief. Er zijn dus zes ingelote huurboten van de 155. Daarover gaat uw motie. Maar het college is het niet eens met de strekking van die motie en zal die dus ontraden. Wij zijn van mening zoals ik in de raadscommissie al heb gezegd, dat iedereen de spelregels kende. Iedereen wist dat huurboten zouden gaan meeloten, dus er is niemand op dit moment benadeeld. Die situatie zou wel ontstaan als we nu de verordening niet aanpassen want dan worden de huurboten benadeeld die dachten dat ze gewoon konden meedoen maar die dan aan het eind van het strookje niet mogen meedoen. Dan is er sprake van benadeling. Wij vinden dat de spelregels voor iedereen duidelijk zijn. Niemand wordt benadeeld. We maken deze technische fout, deze omissie in de verordening, nu goed en daarbij wordt niemand benadeeld. Dus die denklijn die in de motie zit, onderschrijven wij niet. En daarom ontraden we de motie.
(De heer KREUGER: Maar de wethouder is het toch met mij eens dat in principe de regeling op het binnenwater niet leidend is maar de verordening? Dus op het moment dat een ondernemer in de verordening heeft gekeken, anders hoeven we die ook niet te wijzigen, dat is het document waar het allemaal om gaat, dus als die ervanuit gaat dat de verordening geldig is, dan heeft toch juist iemand die met een huurboot heeft ingeschreven, goed zijn werk gedaan?) Wat we met elkaar hebben betoogd en waarover we het ook eens waren, is dat de regels die je met elkaar hebt afgesproken in de regeling zijn neergeschreven. Iedereen had zich daarom moeten en kunnen verlaten. Als we onze regels hebben toegepast en als iedereen heeft geloot, dan moeten we nog via de verordening de vergunning gaan geven en dat kan dus niet als je niet wijzigt voor die huurboten. (De heer KREUGER: Is de wethouder het met mij eens op het moment dat we de verordening niet wijzigen, dat dan zes andere mensen een lootje krijgen, ja of nee?) Als we de verordening niet wijzigen, kunnen we geen vergunning geven aan die huurboten. Dat is het punt. Wat dan de vervolgconsequenties zijn, daar ga ik nu denk ik even niet op in. We kunnen er namelijk ook voor kiezen om minder dan die 155 uit te geven. (De heer KREUGER: Ik heb eigenlijk toch liever dat de wethouder er wel op ingaat. Hij geeft het antwoord eigenlijk zelf al.
Dan krijgen die mensen dus niet die vergunning. Dan gaat die vergunning naar iemand anders. Dan worden er toch mensen gedupeerd? Dan moet de gemeente toch een gelijk speelveld creëren? Dat moet u ervoor zorgen dat iedereen, los van het feit of dit nu wel of niet wordt gewijzigd, gewoon zijn vergunning krijgt. Dus waarom is het dan niet redelijk om met zes te plussen?) Je kunt namelijk ook de keuze maken als je de verordening niet hebt gewijzigd en om technische redenen aan deze huurboten geen vergunning kan worden gegeven, dat je met iets minder vergunningen deze ronde doorgaat. Dan kom je op 149 en dan neem je ze weer mee voor de volgende ronde. Dan kun je opnieuw bepalen wat de regels zijn en de verordening etc. Dus er zijn meer opties. (De heer BOOMSMA: De wethouder zegt, iedereen wist dat die huurboten konden, maar het klopt dus niet met de verordening. Dan lijkt het me toch te gemakkelijk om zo maar te veronderstellen dat iedereen dat kon weten als het juridisch op dit moment niet kan en dat daarom deze wijziging nodig is. Dus kan de wethouder dat werkelijk hard maken dat iedereen het gewoon had moeten en kunnen weten?) Nou ja, ik kan natuurlijk nooit bewijzen dat iedereen iets wist. Dat is heel erg ingewikkeld. Dat weet u ook. Maar ik heb daarvoor wel heel veel aanwijzingen. Ten eerste
56
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
hebben we het in de regeling zo opgeschreven. Ten tweede is er ook op allerlei manieren met reders gecommuniceerd over wat de regels waren bij de start van dit proces en tijdens het proces. Er zijn ook vragen over gesteld. Er is zelfs expliciet bij de Nota van inlichtingen door een of meer reders gevraagd of je ook met een huurboot mocht. Antwoord: ja, je mag ook met een huurboot. Als je alle documenten leest en ik neem aan dat mensen dat doen, en het is überhaupt ook nodig om dat te doen voordat je kon inschrijven, dan weet je dat, ja. De VOORZITTER: Is er behoefte aan een tweede termijn? De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Kreuger. De heer KREUGER: Ik vind dit toch wel een beetje teleurstellend als ik heel eerlijk ben. De wethouder weet als het goed is al dat er heel erg veel rechtszaken komen. Iedereen die geen vergunning krijgt, die gaat sowieso naar de rechter dus dat worden sowieso 559 rechtszaken. Dan zegt de wethouder vervolgens ook nog, dan geven we gewoon minder vergunningen uit. Dan gaan we van 559 naar wat is het, 563 rechtszaken. Er komen er vier bij. Dat is toch niet hoe we het moeten doen, wethouder De Vries? We moeten er gewoon voor zorgen dat iedereen gewoon op een normale manier een vergunning krijgt. Volgens mij kun je dat gewoon doen. Het gaat om zes extra vergunningen en de gemeente is zelf nalatig geweest in het wijzigen van deze verordening.
Dus volgens mij moeten we dit alsnog gewoon doen. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder De Vries. Wethouder DE VRIES: Er is al sprake van rechtszaken want er zijn bijvoorbeeld mensen die bezwaar hebben gemaakt tegen het buiten de orde stellen van hun aanvraag. De aanvraag voldeed niet en de aanvragen die niet voldeden, moesten we buiten de orde stellen. Daar zijn natuurlijk al zaken over. Dus u heeft gelijk, er komen zaken over. Ik denk niet het aantal dat u noemt, maar er zullen behoorlijk wat zaken over zijn. Ik weet in ieder geval dat we er zes zaken bij krijgen als we dit niet veranderen namelijk van de mensen met een huurboot want die zullen zich zeker gedupeerd voelen door de hele omstandigheid. Ik heb dus niet gezegd, ik ga van 155 naar 149 vergunninguitgiftes als deze zes boten het niet halen doordat de verordening niet wordt gewijzigd. Ik heb alleen gezegd dat dat ook een optie is. Dus de logica die u aandraagt, als deze afvallen gaan er automatisch zes andere met het hoogste lotnummer komen, die logica onderschrijf ik niet. Ik heb alleen gezegd dat er dan meerdere opties zijn die je kunt kiezen als dit gebeurt. De reden dat wij uw motie ontraden is vooral dat ik de redeneerlijn die erin zit, niet steun. Het college wil die redeneerlijn niet ondersteunen dat de spelregels zouden worden gewijzigd. Dat ziet het college echt anders.
(Mevrouw VAN SOEST: Ik ben benieuwd of de wethouder al kan inschatten hoeveel processen hij gaat winnen. Er wordt natuurlijk al weer het een en ander aangekondigd, maar hoeveel denkt u er nu te kunnen gaan winnen? Voorlopig heeft de gemeente Amsterdam nog steeds alle processen verloren. Dus hoe denkt u daarmee nu om te gaan? Het wordt alleen maar een juridisch steekspel. Kan het nu niet op een andere manier worden geregeld dat u met die mensen in gesprek gaat om te kijken of jullie tot elkaar kunnen komen? Dit is toch geen doen?) Mijn inschatting, mevrouw Van Soest, is dat ik die processen ga winnen. Het zou wel heel erg raar zijn als we van te voren al wisten dat we beleid afkondigen waarvan we
57
Jaar
2021
Vergaderdatum 10 maart 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
dachten dat we het bij de rechter niet zouden halen. Dat zou niet van goed bestuur getuigen. Maar die zekerheid heb ik natuurlijk niet. We hebben alles zo goed mogelijk afgewogen en zo goed mogelijk georganiseerd zoals wij denken dat het zou moeten. We gaan dus met vertrouwen die kwesties aan. Maar die zekerheden kun je nooit hebben want de rechter beoordeelt het weer onafhankelijk, gelukkig. Zoals ik net in mijn inleiding al zei, ik heb er het volle begrip voor dat sommige zaken tot juridische procedures leiden en zeker als het om je eigen bedrijf gaat en je broodwinning. En ten derde zou ik willen zeggen dat ik het met u eens ben: het goede gesprek kan ook heel veel helpen. Dat probeer ik ook te doen. Dat heb ik net al aangegeven. Maar ik vind het heel begrijpelijk en prima dat mensen ondanks dat we een goed gesprek met elkaar voeren, toch gewoon hun juridische zaak willen uitvechten als ze denken dat het voor hen echt nodig is. (De heer KREUGER: Ik heb nog even zitten nadenken over iets wat wethouder De Vries net zei. Hij zei namelijk net, ik weet niet of hij dat hypothetisch bedoelde, dat hij zes vergunningen minder zou kunnen uitgeven. Volgens mij kan dat niet want er is al een plafond gesteld. Je kunt dus niet iemand een vergunning onthouden onder het plafond. Als iemand aan alle eisen voldoet, moet je tot het plafond vergunnen.