CConstaterende datAmsterdam
Koppel je AI →
Document · PDF

20201217 Notulen raadsvergadering middag - beraadslagend

RAAD 20 januari 2021, gemeente AmsterdamBij agendapunt: Vaststellen van de notulen van de beraadslagende raadsvergadering op 16 en 17 december 2020 en de besluitvormende raadsvergadering op 17 december 2020.50.822 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 6

39

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

‘d. de ruimte die aan toeristen wordt verhuurd is een deel van een zelfstandige woonruimte; Een B&B mag alleen worden gehouden in een deel van de zelfstandige woning. Anders gezegd: een B&B mag niet op zichzelf een zelfstandige woonruimte zijn. Een woonruimte is zelfstandig als deze beschikt over (cumulatief) een eigen keuken, en een toilet, en een wasgelegenheid en een eigen opgang. Deze voorwaarde beschermt de samenstelling van de woonruimtevoorraad. Dit is zowel een voorwaarde die voor vergunningverlening wordt getoetst alsmede een gedraging (voorschrift) die gedurende de vergunningstermijn getoetst wordt.’ 5. In II. Artikelsgewijze toelichting, onder Huisvestingsverordening 2020, in onderdeel II, artikel 3.9.6, tweede lid, de passage: ‘d. de toeristen slapen in het deel van de zelfstandige woonruimte zoals in de vergunning vermeld, inhoudende dat de verhuurde ruimte bouwkundig is verbonden met de rest van de woonruimte zonder dat hier een verdieping, buitenplaats of andersoortige ruimte tussen zit; en, Een B&B mag alleen worden gehouden in een deel van de zelfstandige woning. De ruimte waar de toeristen slapen mag zodoende niet op zichzelf een zelfstandige woonruimte zijn en de ruimte dient direct verbonden te zijn met de woonruimte. Een woonruimte is zelfstandig als deze beschikt over (cumulatief) een eigen keuken, toilet, wasgelegenheid en opgang.

Dit voorschrift beschermt de samenstelling van de woonruimtevoorraad. Bergingen of zolders die alleen via een gemeenschappelijke ruimte bereikt kunnen worden mogen op grond van deze voorwaarde ook niet gebruikt worden als slaapverblijf voor de toeristen. Dit voorschrift beschermt de leefbaarheid van de woningvoorraad. De verhuurde ruimte is dus bouwkundig verbonden met de rest van de woonruimte zonder dat hier een verdieping, buitenplaats of andersoortige ruimte tussen. Dit onderdeel is zowel een voorwaarde die voor vergunningverlening wordt getoetst alsmede een gedraging (voorschrift) die gedurende de vergunningstermijn getoetst wordt.’ te wijzigen in: ‘d. de toeristen slapen in het deel van de zelfstandige woonruimte zoals in de vergunning vermeld; Een B&B mag alleen worden gehouden in een deel van de zelfstandige woning. Anders gezegd: een B&B mag niet op zichzelf een zelfstandige woonruimte zijn. Een woonruimte is zelfstandig als deze beschikt over (cumulatief) een eigen keuken, en een toilet, en een wasgelegenheid en een eigen opgang. Dit voorschrift beschermt de samenstelling van de woonruimtevoorraad. Dit is zowel een voorwaarde die voor vergunningverlening wordt getoetst alsmede een gedraging (voorschrift) die gedurende de vergunningstermijn getoetst wordt.’ Het amendement maakt deel uit van de beraadslaging.

De VOORZITTER: Om te spreken, hebben zich aangemeld Veldhuyzen, maar ik geloof dat hij geen spreektijd meer heeft; mevrouw Naoum Néhmé en mevrouw De Jong. Dan begin ik met mevrouw Naoum Néhmé. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Naoum Néhmé.

40

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Uitgebreide commissiebehandelingen gehad. Daarom hier kort en bondig onze drie hoofdbezwaren tegen de Huisvestigingsverordening. Het betreft weer een aanscherping van het Bed and Breakfast-beleid, bovenop de aanscherpingen die er natuurlijk vorig jaar zijn gekomen. Het lijkt er helaas op dat het college deze ondernemers vogelvrij heeft verklaard. Dat is onterecht en dubieus. Daarom mijn vraag aan de wethouder: heeft artikel 3.9.6 lid 1 ook in de inspraak gelegen? Ik dien ook een motie, samen met het CDA en de ChristenUnie, in om dat artikel eruit te halen. Ten tweede, voorzitter, het college handhaaft het vergunningsstelsel vakantieverhuur. Dat lijkt ons nu overbodig gezien het feit dat op 1 januari natuurlijk die landelijke wet intreedt. En ook gezien de recente Raad van State-uitspraak waarin wordt gezegd dat individuele vakantieverhuur geen woningonttrekking is en ook niet leidt tot negatieve leefbaarheidseffecten. Dus waarom handhaaft het college het vergunningsstelsel? En ten derde, voorzitter. De wachttijd voor medisch urgenten wordt opgerekt van twee tot vier jaar. Dit om de achterstanden voor de huisvesting van statushouders in te lopen. Wij zijn voor de huisvesting van statushouders, maar we vinden dat het college haar tijd, aandacht en middelen verkeerd inzet.

Want illegalen krijgen dus wel huisvesting, maar statushouders niet, waardoor nu medisch urgenten op een achterstand worden gezet. En dat is onrechtvaardig. Tot zover, voorzitter. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw De Jong. Mevrouw DE JONG: De druk op de Amsterdamse woningmarkt is enorm. Beleggers hebben onze stad ontdekt. En elke woning, hoe klein ook, levert veel geld op. Maar het leidt tot prijzen die niet te betalen zijn voor de meeste Amsterdammers. Daarom is het goed dat we met deze Huisvestingsverordening de mogelijkheden voor zogenaamde woningvorming – in de volksmond vaak ‘splitsing’ genoemd – inperken en maatregelen nemen om ook grote woningen te behouden. Daarnaast zijn er goede maatregelen zoals een eerlijke vorm bij de verdeling van rolstoelwoningen en de instandhouding van de vergunning voor vakantieverhuur, waardoor bijvoorbeeld handhaving veel makkelijker is. Dat steunen wij gewoon. Mevrouw Naoum Néhmé maakte een opmerking over de statushouders. Die discussie hebben we al een paar keer gevoerd. De huisvesting, zoals zij dat noemt, van ongedocumenteerden is gewoon echt niet hetzelfde als de huisvesting voor statushouders. Voor ongedocumenteerden is er opvang. Maar goed, daar gaan we niet weer over spreken. Om het kort te houden, even over de motie. Ik heb een motie ingediend om de huidige wijkindeling nog eens goed onder de loep te nemen.

We zien dat de quota voor woningdelen op zich werkt tot nu toe, maar dat sommige wijken zo enorm groot zijn – zoals in Zuidoost en Nieuw-West – dat er alsnog concentratie van verkamering optreedt. Dan is de vraag, werkt die wijkindeling wel goed? Daarom doe ik met deze motie het voorstel om eens even een meer diepgravend onderzoek te doen naar of we naar een wat eenduidiger indeling van de wijken in onze stad moeten, zodat de regels die we stellen en de quota die we instellen echt goed werken. Dank u wel. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Hammelburg.

41

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De heer HAMMELBURG: Ik hou het kort. Nogmaals, complimenten aan dit college voor het mogelijk maken van een proef voor de opvang van economisch daklozen. Dat is in deze stad hard nodig. Dat wordt nu, met deze verordening, mogelijk gemaakt. Dan de Bed and Breakfast-houders. Ook D66 ziet daar een onnodige aanscherping. We hebben vorig jaar ingestemd met een volumebeleid. Dat was nodig. Daar hebben we ook al een aantal woorden over gewisseld vorig jaar. Maar goed, we kijken niet terug, we kijken vooruit. We willen dan consistent blijven en niet de regels verder aanscherpen. Daarom heb ik ook een amendement ingediend om artikel 3.9.6 lid 1d te houden zoals het is. Dank u wel, voorzitter. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Ja, wij vonden het ook jammer dat Bed and Breakfasthouders, toch geconfronteerd worden met een nieuwe onzekerheid hiermee. Er kwamen toch in een laat stadium nog conceptteksten voor wijzigingen in die regels. Nu is dat naar een beleidsneutrale wijziging. Kan de wethouder garanderen dat alle onder de HVG 2020 verleende vergunningen ook gewoon 2021-proof zijn? Als dat niet zo is, dan is het toch niet beleidsneutraal? Dan had het toch ook gewoon ter inspraak moeten worden gelegd? Dus mij lijkt het dat het wel degelijk onderdeel had moeten zijn voor die inspraak.

En vandaar dus de steun vanuit ons en medeondertekening van de moties en amendementen. De VOORZITTER: Ik moet u even melden dat de via de chat verzoeken tot interruptie te laat binnenkomen elke keer. Er zit een forse vertraging op op het moment, waardoor ik het verzoek van mevrouw Naoum Néhmé pas halverwege het betoog van de heer Boomsma zie; en het was een reactie op de heer Hammelburg. Misschien moet u ook even uw hand opsteken op het moment dat u wilt interrumperen. Zijn er nog andere sprekers? Ja, de heer Flentge heeft zich gemeld. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Flentge. De heer FLENTGE: Allereerst, het kan zijn dat mijn laptop, iPad uitgaat straks. Dus daarvoor in ieder geval excuses. Dat is al een paar keer eerder gebeurd vandaag. Desalniettemin, ik denk dat de Huisvestingsverordening, de aanpassing daarvan, een goede stap vooruit is. Ik ben blij te zien dat ook op dit moment in Amsterdam nog de vergunningsplicht overeind gehouden wordt. In tegenstelling tot wat mevrouw Naoum Néhmé van de VVD denk ik dat het juist belangrijk is, omdat je daarbij vooraf namelijk kan kijken in hoeverre de regels worden nageleefd. En in hoeverre dat consequenties heeft voor de registratieplicht en de meldplicht. Hoewel ik het als prachtige stappen vooruit zie – en zeker de registratieplicht – is dit met de ...plicht erbij nog steeds noodzakelijk.

Maar dan ben je vooraf aan het toetsen. Dat lijkt me essentieel. Mevrouw De Jong heeft een motie ingediend met betrekking tot de nieuwe wijkenindeling. Ik heb daar sympathie voor, omdat ik denk dat dat wel een probleem is. Ik vraag me wel af in hoeverre dat ook kan op de wijze waarop de mevrouw De Jong het hier voorstaat. Dat is weliswaar aan de wethouder. Daar hoor ik graag zijn reactie op. En met betrekking tot de Bed and Breakfast. Ja, ik geloof dat er veel mails binnen zijn gekomen, maar ik zie niet per se een grote wijziging ten opzichte van wat het was. Dus ik hoor dat graag bevestigd. Dat is mijn bijdrage tot zover, voorzitter.

42

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER: Mevrouw Van Soest, u heeft een handje opgestoken. Was dat nog een interruptie bij de heer Flentge of wilt u zelf het woord voeren? Dan geef ik u nu het woord. U heeft nu uw microfoon uitgezet. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Van Soest. Mevrouw VAN SOEST: Voorzitter, ik sluit me aan bij de heer Boomsma wat betreft de Bed and Breakfast. Ik vind dat we die mensen toch zo langzamerhand moeten blijven ontzien, want ze zijn al een paar maal de dupe geweest. Wij zouden ervoor willen pleiten dat het blijft bij het oude. Ik steun de motie van de heer Hammelburg daarop. De VOORZITTER: Zijn er nog andere sprekers? Dat is niet het geval. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Ivens. Wethouder IVENS: Dank voor deze gemaakte opmerkingen. Eigenlijk centreren alle opmerkingen zich op de verschillende dingen waarop moties of amendementen zijn ingediend. Dus daar ga ik het ook gelijk over hebben. Als eerste zijn er twee amendementen ingediend over de Bed and Breakfast. Ik heb het in de commissie ook al gezegd. Kijk, er is vorig jaar, dus een jaar geleden, toen we de Huisvestingsverordening aanpasten, aangegeven, duidelijk gemaakt en een passage toegevoegd, dat er binnen een zelfstandige woning een Bed and Breakfast gevormd moet worden. Daar kan je over twisten, wat daar precies mee bedoeld worden: binnen een zelfstandige woning.

Zoals die bedoeld is door degenen die het opgesteld hebben, waar we ook weinig discussie in de raad over hebben, is dus dat je verbonden bent aan de woning zelf. dat is hoe die interpretatie is. Daar is nu heel veel onzekerheid bij Bed and Breakfasthouders, want die definitie, hoe moeten we dat interpreteren, daar zijn verschillende lezingen mogelijk. Soms moet je Bed and Breakfast-houders gewoon wat meer duidelijkheid ook geven wat er is, maar ook de buren die het betreft. Dat is deze verduidelijking, die hier een rol speelt. Daar zijn ook een aantal redenen voor om deze verduidelijking te doen. De redenen zijn namelijk niet alleen omdat wij vorig jaar die verordening hebben aangepast en dit hebben toegegeven. Maar ook omdat er gewoon wel degelijk bewoners zijn, die zich daar wat geremd in voelen. Ik heb hier een voorbeeld. Een voorbeeld van een situatie in Zuid waarin de exploitanten op de begane en de eerste verdieping wonen en ze hebben een zolder op de vierde verdieping. De bewoners van de derde, die zeggen, ja, maar wacht even, dat wil ik niet hebben. Want, ik bedoel, stel je voor wat voor toeristen er dan ook komen, het idee van een Bed and Breakfast, dat je 365 dagen er gebruik van kan maken, is omdat de eventuele overlast bij de exploitanten komt.

En hier zeggen degenen op de derde verdieping, ja, de exploitanten zitten veilig op de begane grond en de eerste verdieping. Dat is natuurlijk niet het idee ervan. En ik zit op de derde verdieping en zit wel tegen die zolder aan. Dat is zo’n voorbeeld. Ik heb er ook eentje in West, zo’n voorbeeld, waarin mensen- Dus het gaat niet om versoepelen of verstrengen. Ja, het is maar voor wie wordt het strenger, voor wie wordt het soepeler. Daar kan je ook- Het gaat om het verduidelijken van die passage die u vorig jaar ook in de verordening heeft gezet. En binnen een zelfstandige woning. Dus geef de Bed and Breakfast-houders daar gewoon duidelijkheid in, in hoe interpreteren we die passage. Daar zijn twee amendementen op ingediend. Het ene amendement-

43

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER: Er is een interruptie van de heer Hammelburg. Mevrouw Van Soest, u heeft nog steeds het handje staan. Ik krijg de chat binnen. Dus betekent dit dat u wilt interrumperen deze keer? Mevrouw VAN SOEST: Ja. De VOORZITTER: Oké. Eerst de heer Hammelburg, daarna mevrouw Van Soest. (De heer HAMMELBURG: Ik vrees dat we toch een beetje een herhaling van het debat van vorige week in de commissie WAARBIJ weer over gaan doen. Maar toen ook hebben ik, maar niet alleen ik, ook het CDA, ook de VVD, ook mevrouw Van Soest, aangegeven dat wij het wel zien als een aanscherping van het beleid. We hebben de Huisvestingsverordening, zoals die nu geldig is, erbij gepakt. En daar staat gewoon, zelfstandige woningen als een juridisch concept. Daar kan een zolderkamer bij horen. En door deze regel nu zo aan te scherpen betekent dat toch dat het een aanscherping is. En dat is niet beleidsneutraal. En dat is het punt dat deze partijen en D66 hebben willen maken. daar verschillen we met de wethouder gewoon over van mening. Vandaar ook mijn amendement.) Wethouder IVENS: Dat heeft u, denk ik, heel goed aangegeven. Die discussie hoeven we, wat mij betreft, ook niet te herhalen. Alleen, u stelt er weer vragen over. Dus ik herhaal wat ik daar de vorige keer over gezegd heb.

Het klopt, we verschillen daarover van mening, want ik vind dat we duidelijkheid moeten bieden aan die mensen, die naast zo’n Bed and Breakfast wonen. En wij hebben er de mond vol van, hè, dat we overlast tegen willen gaan. We hebben de mond er vol van. Maar hier gaat het serieus om overlastsituaties die kunnen ontstaan, omdat een exploitant niet direct verbonden is met de Bed and Breakfast en in de praktijk op ergens een zolder een wat afgesplitste Bed and Breakfast ontstaat. Er is onduidelijkheid over. Daar worden vergunningen nu voor geweigerd vaak, want even, het mag eigenlijk niet. Die Bed and Breakfast-exploitant moeten we duidelijkheid geven. En daarom zeg, laten we die duidelijkheid ook bieden. Maar inderdaad, u heeft gelijk, meneer Hammelburg: het is een herhaling van zetten van de commissiebehandeling. Maar u snapt alvast waar het preadvies straks op uitloopt dan. De VOORZITTER: Mevrouw Van Soest. Excuus, er is eerst- Pardon, mevrouw Van Soest, er is nog een vervolginterruptie van de heer Hammelburg. Die hem nu- Trekt u hem nou weer in? De heer HAMMELBURG: Ja, ik dacht voor de flow in het debat om u ook tegemoet te komen. De VOORZITTER: Die ga ik dan nu niet doorbreken. Mevrouw Van Soest en daarna mevrouw Naoum Néhmé. (Mevrouw VAN SOEST: Ik heb een vraag aan de wethouder. Bij de verkamering mag je wel je zolderkamer gebruiken.

En wat is dan het verschil met een B&B? Kunt u dat- Kijk, daar zit natuurlijk het verschil. Als het een niet mag, mag het andere ook niet. Dus als u zegt, ik wil eenduidigheid, ik wil de overlast tegengaan. Helemaal mee eens. Maar doe dat dan ook bij de verkamering.)

44

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Wethouder IVENS: Dank voor deze vraag. Bij de verkamering is natuurlijk wel een andere set van spelregels. Want verkamering, iedereen die in een kamer woont, die woont er. Bij de Bed and Breakfast hebben we de regel natuurlijk gesteld dat je- En daarom laten we het ook 365 dagen toe, omdat namelijk de exploitant de beste garantie is dat er geen overlast veroorzaakt wordt. Dat is waar we de regel hebben gesteld. Dat je dus iets moet delen met de exploitant. Die regel heeft u, volgens mij, vorig jaar vastgesteld. Door ... te maken dat een Bed and Breakfast alleen mag binnen een bestaande woning. Volgens mij, bedoelde u precies hetzelfde als wat wij nu verduidelijken. Namelijk door aan te geven dat het dus echt onderdeel van die woning is en niet in de praktijd een losse woning, een tuinhuisje of een losse zolder, maar binnen die woning. Om te voorkomen dat we straks tegen deze bewoners van de derde verdieping in Zuid moeten zeggen, ja, u heeft misschien wel overlast van deze mensen. Maar ja, eigenlijk zou de exploitant die overlast moeten hebben. Maar nee, de exploitant krijgt de baten en u krijgt de overlast. Dat vind ik een heel vervelende boodschap om te vertellen. En dat doe ik liever niet. Mevrouw VAN SOEST: Mag ik een vervolgvraag stellen? De VOORZITTER: Dat mag u. (Mevrouw VAN SOEST: Dank u wel, voorzitter. Kijk, meneer Ivens, ik begrijp best uw problemen.

Maar waarom kunnen we dan niet de verantwoordelijkheid bij de verhuurder leggen of bij de verkamering – maakt niet uit. Als wij de fout ingaan, hop, terugnemen die vergunning. Dat is hetgeen wat ik nog even aan u zou willen vragen.) Wethouder IVENS: Dan is even de vraag wat u bedoelt met de fout in gaan. Dat kan. Als we in de vergunningsvoorwaarden stellen dat het onderdeel van de woning moet zijn, dus aangesloten moet zijn. Als we dat in de vergunningsvoorwaarden stellen, kan je die vergunning intrekken als namelijk de vergunningsvoorwaarden geschonden zijn. Als we er geen voorwaarden in zetten, ja, dan kan het niet. Want vergeet niet, iets als overlast is heel erg moeilijk te meten. Is heel erg moeilijk te meten. Dus daarom stellen we vergunningsvoorwaarden, die voorkomen dat er overlast komt. Ik zou heel graag die voorwaarden dus expliciet willen maken. En daar eigenlijk precies doen wat u vraagt door middel van dit te verduidelijken. Er zijn hier twee amendementen op ingediend. De ene is van mevrouw Naoum Néhmé, de heer Boomsma en de heer Ceder. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik had gevraagd of het artikel 3.9.6 lid 1, dus waar de aanscherping om draait, ook in de inspraak heeft gelegen.) Nee, we leggen beleidswijzigingen in de inspraak. En duiddingen, dus verduidelijkingen van het beleid, leggen we niet in de inspraak.

(Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Is deze verduidelijking door Amsterdam Gastvrij gevraagd of met Amsterdam Gastvrij besproken?) Nee, deze verduidelijking is een verduidelijking die me pas heel erg duidelijk werd dat er een verduidelijking in staat toen u er allemaal over begon dat dit een probleem is. Maar het punt is dat dit gewoon onze mensen helpt in de uitvoering. Dit is vanuit de uitvoering in gang gezet om in te zetten. En volgens mij, mevrouw Naoum Néhmé, wilt u ook garanties geven en duidelijkheid geven aan Bed and Breakfast-houders. Dus laten we dingen verduidelijken. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Dus een belangrijk artikel ligt niet ter inspraak. De belangenorganisatie vraagt er niet om. Het wordt niet besproken met de belangenorganisatie. En het komt als een duveltje uit een doosje van de

45

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

wethouder. Dan is die verbaasd dat we er allemaal verbaasd over zijn. Voorzitter, dit college met een grote mond over inspraak en participatie doet via de achterdeur een vrij belangrijke aanscherping. En we hebben twee lezingen nodig om dit uit de mond van de wethouder te horen. Wethouder, waar bent u mee bezig?) De VOORZITTER: De wethouder. En ik waarschuw mevrouw Naoum Néhmé. We zijn het even aan het checken, maar volgens ons bent u eigenlijk zo goed als door uw tijd heen. En dat geldt zeker ook voor de heer Boomsma. De wethouder. Wethouder IVENS: Ik weet niet zo goed wat ik met deze grote woorden nou weer moet. Want ik geef een paar keer antwoord. En dan heeft u het toch weer over een aanscherping. Ik heb nu een paar keer gezegd ‘verduidelijking’. Als we verduidelijkingen ook in de inspraak moeten leggen, dat lijkt me gek. Ik heb geen berichten gekregen van Gastvrij dat ze hier moeite mee hebben, omdat ik denk dat zij ook gewoon beseffen dat dit een verduidelijking is. Ze hebben me niet gemaild. Ze hebben me niet gebeld. Hé, wat is hier aan de hand met deze verduidelijking. Dit is een verduidelijking. Wat juist voor Bed and Breakfast-houders ook fijn, want hij staat nu binnen de bestaande woning. Dan komen we bij uw amendement. U stelt een versoepeling voor in het amendement, zeg ik er gelijk maar even bij. Want u haalt ook de berichten binnen de eigen woning weg.

Dus u stelt nu een versoepeling voor zonder het in de inspraak te leggen of wat dan ook. Zonder de betrokken- U stelt nu echt een versoepeling voor. Een andere regel dan die het is. Dus over 1638, die begint echt wankel te worden. Het amendement is moeilijk uitvoerbaar, omdat het namelijk echt een versoepeling is in de regels. Als ik kijk naar amendement 1671 van de heer Hammelburg. Dat is het exact terugzetten zoals het nu in de regels staat. Dus ik kijk maar even richting Boomsma en Naoum Néhmé en Ceder. Als u het pleidooi wat u net had, als u het wilt neerzetten exact zoals het stond, dus geen versoepeling, geen aanscherping, niks, maar ook geen verduidelijking, als u dat allemaal niet wilt, dan is 1671, het amendement Hammelburg, exact terugzetten hoe het stond. Dan is er dus ook geen verduidelijking gegeven. Dus u snapt ook hier, hij kan, 1671. Zet iets terug. Is wat dat betreft daar neutraal in. Maar krijgt een negatief oordeel, want ik denk dat het goed is om het wel te verduidelijken. (De heer HAMMELBURG: Het is een semantische discussie: verduidelijking of een aanscherping. Mijn oordeel is dat het toch echt een aanscherping is. En dat ik dat nu, omdat het niet beleidsneutraal is, wil voorkomen met dit amendement. En ik hoop dan ook dat zoveel mogelijk partijen in de raad hiermee instemmen. Ik wil ook iets rechtzetten, ook voor de orde van het debat.

Want het kan de wethouder niet zijn ontgaan dat Amsterdam Gastvrij hier wel degelijk een punt van heeft gemaakt. Getuige ook de vele mailtjes en ook hun eigen communicatie hierover. Volgens mij, staat deze wethouder echt vol in de maatschappij en kan dit geen nieuws voor hem zijn. Dat moest ik toch even gezegd hebben.) Wethouder IVENS: Gastvrij heeft hier richting mij niet op gereageerd, zeg ik. Ik heb gezien dat ze u heel veel bestookt hebben. Maar richting mij hebben ze hier niet op gereageerd. Dus ik ben niet verbaasd dat er discussie ontstaat. Maar ik vind het wel opvallend dat ze het richting mij niet hebben laten weten. Maar kijk, u zegt, het is een aanscherping of niet. Maar vergeet niet, het gaat hier juist ook om diegenen in dat voorbeeld in Zuid wat ik aanhaalde, die op de derde verdieping wonen. Voor hen voelt dit allesbehalve dan een aanscherping. Voor hen voelt het als een manier waarop ze gewoon wat meer

46

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

gerustgesteld kunnen zijn, dat hen ook een goede nachtrust gegund wordt door deze gemeenteraad. Dus wat dat betreft, misschien voelt het voor hen als een versoepeling. Ze kunnen wat soepeler omgaan. Dus als u zegt, we moeten het gaan duiden als aanscherping, versoepeling of wat dan ook, dan zou ik u zeggen, neem dan wel in ogenschouw allebei de kanten: mensen die overlast kunnen hebben en Bed and Breakfasthouders. En daarom zeg ik, verduidelijk het nou in plaats van dat je die discussie in elk pand opnieuw gaat voeren. (De heer HAMMELBURG: Kijk, mevrouw Van Soest maakte net een heel valide punt. We hebben volumebeleid om de overlast te beperken. Om de groei van Bed and Breakfasts door de stad wat in te dammen, omdat er helemaal geen capaciteit op zat. Dat hebben we nu gedaan. Dat was ook onze missie om de overlast en de druk op de stad te verlichten. Maar we gaan er wel vanuit met Bed and Breakfast-houders – en daarom zijn Bed and Breakfast-houders ook zo geweldig – dat zij zelf zorgen dat er geen overlast is. En of dat nou op de tweede verdieping of op de vierde verdieping is, dat is hun verantwoordelijkheid. En of je er nou boven woont of eronder woont, daar zit geen enkel verschil tussen. Dus dit is een aanscherping van de regels, die echt onnodig is en een aantal B&Bhouders, nu of in de toekomst als ze nieuwe vergunningen gaan aanvragen, gaat raken.

Dat is wat wij willen voorkomen met dit amendement.) Wethouder IVENS: Vergunde situaties worden niet gewijzigd. Als je een vergunning hebt, dan hou je je vergunning. Die vraag werd net ook gesteld. Dus dat verandert niet. Ik zou het graag met u eens willen zijn dat we ervanuit mogen gaan dat ze dat doen. Ik vind ook dat we ervanuit moeten gaan dat ze dat doen. Alleen het voorbeeld wat ik u aanhaalde, degene op de derde verdieping, die wil toch wat meer geruststelling hebben dat dit op een goede manier gaat. En die gaat daar dus niet automatisch vanuit. Dus daarom zeg ik, geef mensen nou gewoon de zekerheid. Zowel de Bed and Breakfast-houder voordat hij een vergunning wil aanvragen. Als hij hem heeft, heeft hij de zekerheid van een vergunning. Maar de Bed and Breakfast-houder die hem nog moet aanvragen, geef die de zekerheid. Maar geef ook de zekerheid aan de buren, die bang zijn voor overlast. Verder ben ik het met uw pleidooi eens, meneer Hammelburg, want inderdaad, die Bed and Breakfast-houders hebben er zelf ook een verantwoordelijkheid in om te voorkomen dat er overlast ontstaat. Dan zijn er nog twee moties ingediend. Motie 1662 van mevrouw De Jong van GroenLinks. We hebben het er in de commissie een paar keer over gehad: over de grootte van de gebieden; de verschillen tussen de gebieden, en dergelijke.

Het vraagt echt een enorme wijziging als je gebiedsindelingen opeens gaat veranderen. Dus het is echt niet een heel makkelijke, zeg ik er gewoon gelijk maar even bij. U vraagt om iets te onderzoeken, in kaart te brengen. Nu heb ik begrepen dat vanuit ons bureau OIS, die de gebieden en dergelijke bijhoudt ondertussen toch de gebiedsindeling tegen het licht aan gaan houden, omdat we Weesp erbij gaan krijgen. In die exercitie kunnen zij ook prima meenemen de vraag die u in deze motie heeft. Dus ik heb geen bezwaar tegen de motie, maar u begrijpt wel dat ik wat gereserveerd reageer of dit onmiddellijk tot wijzigingen straks ook gaat leiden, omdat het best wel een ingrijpend iets is als het tot een gewijzigde indeling leidt. Maar geen bezwaar om dit nu te onderzoeken, om dat verder in kaart te brengen en in die opgave mee te nemen. Dan tot slot de motie van mevrouw Naoum Néhmé en de heer Boomsma. Dan praten we over motie 1638 als ik het goed lees. 1639. 1639, de motie. Die motie zegt te stoppen met de vergunning verhuur, voor vakantieverhuur. De vergunning zelfs voor

47

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

vakantieverhuur. Ik wil deze motie ontraden. Kijk, we hebben het nu opgetuigd, het vergunningsstelsel van vakantieverhuur. Het heeft ook een preventieve werking, want een vergunningaanvraag geeft ook de mogelijkheid op controle vooraf. Daarnaast is ook een vergunning in te trekken. Dus dat biedt ook, als iemand er echt een zootje van maakt, dan kan je die vergunning ook echt intrekken. Het is voor de handhaving daarbij ook beter in het samenspel tussen de vergunning, de registratie en de meldplicht om daar met al die bouwstenen bij elkaar, en zolang die platforms en data delen, een mooie manier om ook echt in kaart te brengen en op een betere manier te kunnen handhaven. Mijn pleidooi voor deze wijziging van de Huisvestingsverordening is, laten we nu een stap vooruit zetten in de aanpak van overlast van vakantieverhuur. In plaats van dat we aan de ene kant een stap vooruit zetten met de introductie van de registratieplicht en aan de andere kant gelijk alweer een stap naar achteren zetten vanwege het schrappen van het vergunningsstelsel. Dus ik ben over 1639 negatief. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Ik ben best wel verbaasd over het preadvies, want het was nota bene deze wethouder die bij het rijk op de registratieplicht heeft aangedrongen, die nu komt. Hij wordt op zijn wenken bediend.

Vervolgens hebben we een desastreus rekenkamerrapport, dat zegt dat de handhaving op vakantieverhuur slecht is. Dan zou je denken, alle ambtenaren, die je nu hebt gezet op een systeem wat overbodig is, namelijk het vergunningsstel, kan je beter inzetten. Namelijk handhaving op illegaal vakantieverhuur in plaats van vergunningen te geven die overbodig zijn. Dan zegt deze wethouder, nee, want ik wil het houden voor preventieve werking. Dit is toch niet meer een te volgen verhaal, wethouder?) Wethouder IVENS: Ik zou u toch even willen vragen om het rekenkamerrapport er nog even bij te pakken. Dat was niet zo negatief zoals u dat nu schetst, zeg ik er gelijk maar even bij. Als u het goed bekijkt, was dat nog relatief positief. Hoe zij het verwoordden‘Redelijk op orde’, geloof ik, dat ze het benoemden. Dus wat dat betreft, laten we niet een karikatuur maken en negatiever gaan worden dan we zijn. Kijk, als ik hoor van handhaving dat dit helpt en dat dit alleen maar meer inzichtelijk maakt en we willen allebei dat die handhaving goed op orde is, dan zou ik zeggen, laten we die handhavers hun zin geven. En wat dat betreft ook het vergunningsstelsel gewoon laten staan. Volgens mij, verschillen u en ik niet van mening over dat we willen dat er goed op gehandhaafd kan worden. De handhavers vragen hier ook om. Dus laten we geen stap terug zetten, maar een stap vooruit.

(Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Dan heb ik een simpele vraag aan de wethouder. Stel, je wil vakantieverhuur doen op 5 januari 2021, moet je dan nog steeds een vergunning aanvragen: ja of nee? Als je je hebt gemeld op de site van BZK.) Als je een vergunning hebt, hoeft dat niet meer. Want de vergunningen die gegeven zijn, zijn volgens mij tot 1 april geldig. Maar als je nog geen vergunning hebt, dan zal je een vergunning moeten aanvragen. Ja. Tenminste, als deze Huisvestingsverordening aangenomen wordt. (Mevrouw NAOUM NÉHMÉ: Heeft de wethouder de juristen van de gemeente laten kijken naar dit feit? Want het lijkt me buitengewoon dubieus dat wanneer een Amsterdammer zich houdt aan de landelijke wetgeving hij dan strafbaar is, omdat de lokale wetgeving iets vraagt wat hij vanuit de landelijke wetgeving niet hoeft te doen. Dus is dit juridisch getoetst?)

48

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

Ja, zeker. Deze hele verordening is door juristen opgesteld. Dus weest u daar gerust op. Maar wat het is, de landelijke wetgeving, het is nog steeds een delegatiebevoegdheid. Het is volgens de Huisvestingswet in de Huisvestingsverordeningen op te nemen. Zoals die registratieplicht, die nemen wij erin op. Die zullen wij dus ookDaarom ligt deze verordening voor. Dus het is niet dat de landelijke wet nu gaat bepalenHet landelijke, wettelijke kader is uitgebreid. En zoals u weet heeft de minister eerder ook aangegeven in brieven: je hebt verschillende trappen waar een gemeente wat in kan doen. Je hebt verschillende instrumenten die je kan doen. De meest vergaande trap, als je vakantieverhuur op een bepaalde manier wil reguleren, is een vergunningsstelsel samen met registratieplicht en dan ook nog onze lokale meldplicht, die we erbij hebben, dat is volgens de minister de meest vergaande. Dus de minister zegt zelf ook, dit kan bij elkaar. Dus daarover kan ik u enigszins geruststellen. De VOORZITTER: Gaat u door. Of bent u aan het eind van uw betoog? Wethouder IVENS: Ik heb alles geadviseerd. Dus ik wens nu de raad heel veel wijsheid met het stemmen. De VOORZITTER: Goed, dank u wel. Is er behoefte aan een tweede termijn? Dat is niet het geval. De discussie wordt gesloten.

36. Vaststellen van de Groenvisie 2020-2050 Een leefbare stad voor mens en dier. (Gemeenteblad afd. 1, nr. 1536) De VOORZITTER: Dan kunnen we doorgaan naar het volgende onderwerp. Dat is het vaststellen van de Groenvisie 2020-2050 Een leefbare stad voor mens en dier. Moment. Excuus, we moesten even de papieren op orde maken. Agendapunt 36, daar zijn de volgende moties en amendementen bij ingediend. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 224° Motie van het lid Rooderkerk inzake vergroening van Amsterdamse pleinen (Gemeenteblad afd. 1, nr. 1630). Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: Te onderzoeken of de 40 pleinen en versteende plekken op de groenkaart van de Universiteit Wageningen geschikt zijn voor vergroening en dit te betrekken bij de uitvoering van de Groenvisie 2020-2050. De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen:

49

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

225° Motie van het lid N.T. Bakker inzake de Groenvisie 2020-2050 (Verticaal groen) (Gemeenteblad afd. 1, nr. 1647). Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: – De mogelijkheden om op meerdere plekken in de stad samen met betrokken partijen verticaal groen aan te brengen te onderzoeken; – Een concreet voorstel te doen om in meerdere geschikte wijken/buurten in de stad aan de slag te gaan met verticaal groen; – En hierover te rapporteren aan de raad. De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 226° Motie van het lid A.L. Bakker inzake de Groenvisie 2020-2050 (Inzicht in verdichtingsscenario’s voorleggen aan de raad) (Gemeenteblad afd. 1, nr. 1651). Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: De raad zo spoedig mogelijk te informeren over mogelijke verdichtingsscenario’s waarbij als uitgangspunten wordt gehanteerd dat: – de bestaande groengebieden niet heringericht hoeven te worden ten behoeve van – intensiever gebruik en meer voorzieningen; – nieuwe woon- en transformatiegebieden kunnen worden ingericht volgens de referentienormen voor maatschappelijke voorziening, groen en spelen. De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat het volgende amendement is ingekomen: 227° Amendement van het lid Van Pijpen inzake stiltezones in parken (Gemeenteblad afd. 1, nr.

1663) besluit: De tekst op pagina 52, na het derde bolletje een nieuw punt in te voegen: – In parken komen stiltezones. Het amendement maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende motie is ingekomen: 228° Motie van de leden N.T. Bakker, Van Pijpen, Rooderkerk inzake de Groenvisie (Red de bij!) (Gemeenteblad afd. 1, nr. 1669). Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: – Ruimte te bieden aan initiatieven die binnen de stad plek bieden aan de wilde bij, en tegelijkertijd als instrumenten kunnen dienen om hierbij bewoners te betrekken zoals bijenhotels en dergelijke, en dit mogelijk te maken binnen gemeentelijke richtlijnen voor de inrichting van de openbare ruimte;

50

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

–

R

Binnen de uitwerkingsplannen voor de Groenvisie ook aandacht te besteden aan het verbeteren van de leefsituatie van de wilde bij;

De motie maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat het volgende amendement is ingekomen: 229° Amendement van de leden A.L. Bakker, Van Soest, Veldhuyzen, Boomsma, Ceder, Naoum Néhmé, Kiliç̧ en Köhler inzake de Groenvisie 2020-2050 (eerst luisteren naar de tuinders en niet nu al invulling geven aan de toekomst van volkstuinen) (Gemeenteblad afd. 1, nr. 1678) besluit: Op pagina 36 de volgende zin te schrappen: – Op de volkstuinparken zetten we in op meer collectieve en kleinere tuinen en een grotere diversiteit aan tuinen. Het amendement maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat het volgende amendement is ingekomen: 230° Amendement van de leden A.L. Bakker, Veldhuyzen, Van Soest, Ceder, Boomsma, Kiliç̧ en Köhler inzake de Groenvisie 2020-2050 (laat begraafplaatsen met rust en maak ze alleen toegankelijker voor mensen met een beperking) (Gemeenteblad afd. 1, nr. 1679) besluit: Op pagina 56 van de Groenvisie 2020-2050 de volgende schuingedrukte teksten te schrappen: – We onderzoeken hoe ze iets toegankelijker kunnen worden om te bezoeken. Daarbij ligt de nadruk op het groene en stille karakter. Een periode van beperkte avondopenstelling gedurende de zomermaanden heeft goede resultaten opgeleverd op De Nieuwe Ooster.

– We verlagen de drempel om een begraafplaats te bezoeken door het organiseren van rondleidingen (onder andere voor scholen), lezingen en informatiebijeenkomsten. Ook onderzoeken we waar begraafplaatsen aan kunnen sluiten bij bestaande fiets- en wandelroutes. – Als de begraafplaatsen iets toegankelijker worden, kunnen buurtbewoners er een wandeling maken. En de volgende schuingedrukte tekst toe te voegen: – We onderzoeken of het nodig is om de toegankelijkheid voor mensen met een beperking te verbeteren. Daarbij zal in de uitwerking worden uitgegaan van de principes voor een groene stad. Het amendement maakt deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER: Zich hebben gemeld als sprekers, de leden Rooderkerk, A.L. Bakker, N.T. Bakker en Van Pijpen. En de heer Yilmaz, excuus.

51

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Rooderkerk. Mevrouw ROODERKERK: We spreken vandaag over de Groenvisie. Als we het hier over hebben, wordt vaak de tegensteling gemaakt tussen bouwen en groen. Maar wat D66 betreft moeten die hand in hand gaan. Een leefbare stad is een groene stad. Dus een park binnen tien minuten van ieder huis, meer kleine stadsbossen, groene stegen en verticaal groen waar dat maar kan. Het groen-tenzij-principe, wat het college noemt in de Groenvisie klinkt mooi, maar hoe werkt dit in de praktijk? In hoeverre worden nieuwe groene projecten opgenomen in de Groenvisie? Namens D66 heb ik hiervoor verschillende voorstellen ingediend, zoals mijn eerder aangenomen motie voor kleine stadsbossen of tiny forests, waar nu ook geld voor vrijgemaakt is in de begroting. Ik weet dat de wethouder op zoek is naar locaties om dit in te vullen. Ik wil hem daar graag bij helpen. Daarom heb ik in de commissievergadering wat locaties aangedragen, zoals het Boelebos, ontwikkeling van de Boelelaan midden en zuid en twee locaties op de integrale landschapskaart in Noord. De wethouder gaf aan deze te betrekken bij de uitvoering van de Groenvisie. Daarnaast dien ik twee moties in. Het eerste voorstel is het vergroenen van de stegen van Amsterdam, dat ik indien bij de begroting.

Omdat het daarbij ook gaat om het versterken van het historische en educatieve karakter van de soms wel duizend jaar oude stegen. En daarnaast dien ik een motie in voor het vergroenen van pleinen bij de Groenvisie, samen met collega Van Renssen. Er zijn volgens onderzoek van de Universiteit Wageningen wel veertig pleinen in Amsterdam die het potentieel hebben om goed vergroend te worden. Volgens de groenkaart die de onderzoekers hebben gemaakt, zou er maar liefst zes voetbalvelden aan groen bij kunnen. Dat is natuurlijk ontzettend interessant. Dat moeten we benutten. De motie vraagt dan ook om deze plekken en pleinen te onderzoeken en, indien mogelijk, te betrekken bij de uitvoering van de Groenvisie. Een leefbare stad is een groene stad. Mensen zijn gelukkiger en gezonder in een groene omgeving. En er zijn wel veertig pleinen en tweehonderd stegen in Amsterdam waar aan groenvoorziening nog een hoop te winnen valt. Laten we daar met deze Groenvisie verandering in brengen. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw A.L. Bakker. Mevrouw A.L. BAKKER: Ja, voorzitter, het zal u niet verbazen dat de fractie van Partij voor de Dieren een groot belang hecht aan groen. Onze parken, volkstuinen, groene schoolpleinen, geveltuinen en groene scheggen zorgen voor natuur en biodiversiteit. Voor de leefwereld van dieren, voor verkoeling en waterberging voor de stad.

En voor de broodnodige ontspanning voor Amsterdammers in deze hectische stad. Maar het Amsterdamse groen staat helaas onder de druk. De coronapandemie maakte dit nog eens extra duidelijk zichtbaar. De parken puilden deze zomer uit en het water lag vol. De burgemeester vergelijkt dit voorjaar onze stad met Rotterdam. Ze zei, ik citeer: ‘Rotterdam heeft bijna tweehonderdduizend minder inwoners, maar wel honderd vierkante kilometer meer oppervlakte, terwijl onze oppervlakte voor een kwart uit water bestaat. Bovendien hebben zij drieduizend horecabedrijven en wij achtduizend. We hebben een onwaarschijnlijk tekort aan openbare ruimte.’ Einde citaat. Amsterdam zal ook steeds minder openbare ruimte krijgen, want in de race naar een miljoen inwoners is een paar jaar geleden de ambitie opgeschreven om honderdduizend extra woningen te realiseren. Om aan het benodigde groen voor de huidige en toekomstige Amsterdammers te komen, heeft

52

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

het college een rekenkundige goocheltruc op papier bedacht. Bestaand groen – denk aan de scheggen, de begraafplaatsen of volkstuinen – wordt beschikbaar gemaakt voor meer Amsterdammers. Wat simpelweg neerkomt op meer drukte. Dat Amsterdammers dat niet pikken, bleek vorige week wel tijdens de massale inspreekavond met meer dan honderd volkstuinders. Voorzitter, we pompen hier geld in. De beheerkosten gaan daarna ook omhoog door intensiever gebruik. Kortom, we werken onszelf almaar verder in de nesten. De voorgestelde groenvisie biedt in heel mooie woorden sombere vergezichten. De stadsparken worden geïntensiveerd met sporttoestellen en een miljoenen kostende inrichting die de belasting van massale evenementen kan dragen. Voorzitter, is het niet vreemd dat het college met een tekort aan groene ruimte onze stadsparken verpatst aan grootschalige evenementen voor bezoekers die van heinde en verre komen? En dat het college de parken daarmee letterlijk afsluit voor Amsterdammers, die in de buurt wonen en de zomer moeten doorbrengen op hun balkonnetje, als ze dat al hebben. De Groenvisie zwijgt hierover, maar in de meegestuurde lijst met mogelijke investeringsprojecten worden weer die misleidende kwaliteitsimpulsen voor de parken genoemd. Zulke impulsen hebben we vaker besproken. Daar valt ook onder, de inrichting van evenemententerreinen, kluisjes en horecavoorzieningen.

En dat allemaal onder het mom van een kwaliteitsimpuls groen. In het Stedelijk Huisvestingsplan Bovenwijks Groen staat als een historisch feit over de tijd waarin we ons nu bevinden de zin, ik citeer weer: ‘Parken ontwikkelen zich als een soort groene pleinen in de stad. De druk van evenementen neemt toe. Het hernieuwde Westerpark is hiervan een goed voorbeeld.’ Einde citaat. Parken als groene pleinen. En het Westerpark als goed voorbeeld, terwijl buurtbewoners al jaren protesteren. Wat ik al zei, een somber vergezicht. Naast de stadsparken ontkomen ook de waardevolle groene scheggen voor biodiversiteit, die verkoeling de stad in brengen, niet aan de veranderdrang van de groeiobsessie van dit college. De koppen van de scheggen moeten namelijk stadsparken worden, waarbij sportvelden met bijbehorende parkeerplekken en kleedkamers aangelegd worden. In een zogenaamd ontwikkelboek voor de Bretten zag ik al funvervoer in het groen voorbijkomen. Malle karretjes om door de scheggen te sjezen. Voorzitter, ik roep de wethouder op de kwaliteiten van de scheggen te bewaken. En mij hier stevig van te gaan overtuigen dat hij van de scheggen geen pretparken gaat maken. En ook de windmolens, daar maken wij ons zorgen over. Amstelland en Landelijk Noord zijn genoemd als zoeklocaties.

Maar hoe verhouden de windmolens in de scheggen zich tot de Groenvisie? Mijn fractie wil niet dat de vogels de dupe worden van een energieprobleem dat de mens veroorzaakt heeft. Komt dit ook nog terug in de uitwerking? Tot slot over de scheggen werden wij er nog op gewezen dat ze op kaarten, die de gemeente gebruikt in documenten en op de site, op verschillende manieren worden weergegeven. En dat de grenzen hierdoor niet duidelijk zijn. Het is natuurlijk belangrijk dat hier geen misverstanden over bestaan. Dus kan de wethouder bij de uitwerking van de Groenvisie extra aandacht besteden aan de grenzen van de scheggen? Dan kom ik op de begraafplaatsen. Zelfs onze rustplaatsen worden niet met rust gelaten. Begraafplaatsen moeten plekken worden voor fietsers, wandelaars en rondleiders. Het college wil dat de drempel wordt verlaagd om daarheen te gaan. GroenLinks raadslid Van Renssen verdedigt in de commissievergadering het plan om ze te ontsluiten. Maar, voorzitter, hopelijk is de meerderheid van de raad het met me eens dat kerkhoven geen alternatief zijn voor stadsparken. En dat ze met wat wandelroutes erbij dat ook nooit zullen worden. Het smokkelen met groencijfers om de begraafplaatsen mee te tellen als nuttig, recreatief groen om de toename van het aantal Amsterdammers op te vangen. Ik heb daarom een amendement ingediend, met steun van zes andere fracties, om de

53

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

begraafplaatsen met rust te laten. En als het gaat om toegankelijkheid alleen te verbeteren voor mensen met een beperking. (Mevrouw VAN PIJPEN: Sorry, voorzitter, ik dacht dat mevrouw Bakker al aan het eind van haar betoog was. Ik wacht even nu haar toelichting op het volgende amendement af.) Ik heb ook een amendement ingediend over de volkstuinen. Vanwege de vele reacties en beroering is de Uitvoeringsstrategie volkstuinenbeleid door de wethouder ingetrokken. Naar aanleiding van mijn bijdrage in de commissie WB zijn er vervolgens wijzigingen in de Groenvisie aangebracht in de tekst over volkstuinen. Echter, ik kwam in die nieuwe versie op pagina 36 toch nog een zin tegen waarin duidelijk inhoudelijk invulling wordt gegeven aan de toekomst van de volkstuinparken. Er staat namelijk dat er ingezet wordt op meer collectieve en kleinere tuinen en een grotere diversiteit aan tuinen. Partij voor de Dieren is van mening dat plannen gerelateerd aan de omstreden Uitvoeringsstrategie volkstuinenbeleid hier niet thuishoren in deze groene visie. Dus ik roep alle raadsleden op om dat fragment te schrappen uit de Groenvisie. En mijn amendement daartoe te steunen. En dan tot slot. Uit mijn betoog blijkt wel hoe de Groenvisie onlosmakelijk verbonden is met de woningbouwplannen van de stad.

Het volbouwen van de stad met huizen zal de problemen met onze woningmarkt nooit helemaal kunnen oplossen. Sterker nog, het creëert extra problemen. Het gaat ten koste van een leefbare stad voor mens en dier. In Amsterdam zijn we overduidelijk de grenzen aan de groei binnen handbereik aan het krijgen. We moeten de bouwaantallen heroverwegen. Mijn fractie spoort het college aan om haar bouwambitie te herzien en te kiezen voor een toekomstscenario, waarbij we leefbaarheid voor mens en dier niet langer op het spel zetten. Ik heb daarom een motie ingediend, waarin ik het college verzoek om inzicht te geven in de verdichtingsscenario’s, waarbij als uitgangspunt wordt gehanteerd dat bestaande groengebieden niet heringericht hoeven te worden ten behoeve van intensiever gebruik en meer voorzieningen. Dat was het eind, voorzitter. (Mevrouw VAN PIJPEN: Het ging mij inderdaad om het laatste punt wat mevrouw Bakker zegt. Ze heeft het er vaak over in allerlei hyperbolische termen over de groeimachine. Maar groei is natuurlijk niet een abstract begrip. Ik bedoel, het gaat hier over mensen die graag in Amsterdam willen wonen en waarvoor we woningen willen bouwen. Ik vroeg me af, al die mensen die dan nu graag in Amsterdam willen wonen, in welke straal rondom Amsterdam mogen die dan wel gaan wonen?) Ja, voorzitter, er zijn gewoon grenzen aan de groei.

Het lijkt niet tot GroenLinks te kunnen doordringen dat niet iedereen hier kan wonen. Dus ik wil haar vragen haar visie te verbreden en verder te kijken dan alleen maar de wensen van mensen die hier nu op de aarde leven en die een wil hebben dat ze ergens willen wonen. Want uiteindelijk gaat dat ten koste van de leefkwaliteit van alle mensen die hier nu wonen. (Mevrouw VAN PIJPEN: Maar die mensen verdwijnen niet. Ik bedoel, die zijn er nu en die staan op wachtlijsten voor woningen. En die willen allemaal graag in Amsterdam wonen. En als u zegt, ze mogen niet in Amsterdam wonen, waar moeten ze dan gaan wonen? Dat is mijn vraag. In welke straal rondom Amsterdam krijgen ze dan de gelegenheid van Partij voor de Dieren om te gaan wonen?) Misschien is het u ontgaan, maar onze landelijke partij heeft een prachtig partijprogramma geschreven voor de Tweede Kamerverkiezingen voor volgend jaar. Daarin wordt heel duidelijk beschreven dat onze totaaloppervlakte in Nederland heel – hoe noem

54

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

je dat – niet effectief wordt ingericht. 70 procent van het oppervlak wordt namelijk gebruikt voor landbouw, waarvan een groot deel voor het verbouwen van gewassen voor de export voor veevoer. Dus als u ons verkiezingsprogramma wilt lezen, zult u daarin zien dat wij een heel brede visie hebben op wat we met die gronden allemaal voor prachtige dingen kunnen doen. Namelijk, het herstellen van de natuur, die Nederland kwijt is geraakt, de oude glorie van ecologische hoogstructuur. En daarnaast het bouwen van mooie, groene wijken en voorzieningen waar daar de ruimte voor is. En wat in Amsterdam overduidelijk nu niet meer kan. (Mevrouw VAN PIJPEN: Dus dat betekent dat u kiest voor bouwen op het platteland. En dat dus mensen, die op de een of andere manier door hun werk gebonden zijn om naar de steden te gaan uiteindelijk in auto’s of op andere manieren alleen maar naar de stad toe moeten komen. Dus u verbreedt eigenlijk alleen maar de woningbouw, terwijl met een compacte stad, waarin je op vijftien minuten van je werk woont en dat door het groen kan doormaken, toch een veel effectievere manier hebt van ruimtegebruik. Dat zult u toch met me eens zijn?) Nee, daar ben ik het niet mee eens, want ondertussen gaat het ten koste van de leefkwaliteit in Amsterdam. Ik zie geen enkel bezwaar dat mensen niet met het openbaar vervoer naar de stad zouden kunnen komen.

Dus ik vind de aanname van GroenLinks, dat het allemaal met een auto moet, erg achterhaald. (Mevrouw ROODERKERK: Als ik deze discussie aanhoor, lijkt het dat we allemaal in de polder moeten gaan bouwen. Ik weet niet of dat nou verstandig is. Maar ik had eigenlijk een andere vraag of een interruptie voor mevrouw Bakker. Zij spreekt zich nu eigenlijk uit tegen de Groenvisie, terwijl de kwaliteitsimpuls die hier in staat, het toevoegen van meer groen, zou haar toch goed in de oren moeten klinken. Het is namelijk niet alleen zo dat er meer mensen bij komen en dat er daardoor meer druk op de parken ontstaat, maar het blijkt ook uit elk onderzoek dat mensen gewoon graag meer recreëren in groen en vaker naar de parken toegaan. Dus wat dat betreft verbaast het me dat mevrouw Bakker zo negatief is over die Groenvisie. Want ik neem aan dat zij toch graag wil dat mensen van het groen kunnen genieten.) Ja, in de commissie heb ik al mijn waardering geuit over de eerste hoofdstukken van de Groenvisie. Die spreken ons natuurlijk enorm aan. Maar de uitvoering, daar gaat het vervolgens mis. Want ook mevrouw Rooderkerk noemt kwaliteitsimpulsen, maar daar worden gewoon evenemententerreinen van aangelegd. (Mevrouw ROODERKERK: Ja, sorry, ik kan niet zo snel in de chat, maar ik zou graag reageren.

Want opnieuw schildert nu- U geeft het toe inderdaad, oké, er zijn zeker delen van de Groenvisie die echt heel goed zijn voor de stad en voor meer groen. Maar nu schildert u alles weer af alsof er alleen maar evenemententerreinen komen. Dat is natuurlijk niet zo. De entrees van parken worden mooier gemaakt, er wordt meer groen toegevoegd. Het gaat ook gewoon om onderhoud wat hard nodig is. Bijvoorbeeld onderhoud in het Amsterdamse Bos wat gedaan moet worden, waarvoor deze coalitie ook veel meer groen geld vrij heeft gemaakt. Dus ik hoop dat mevrouw Bakker ook dat wel ziet.) Ja, nogmaals ik zie zeker dat er ook goede plannen in deze Groenvisie. Daar heb ik me in de commissie ook over uitgesproken. Maar het feit blijft dat wij onze eigen problemen hebben gecreëerd door zoveel mensen naar de parken te gaan trekken, door

55

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

de evenementen te faciliteren. En door nu zoveel Amsterdamse groei, door zoveel mensen naar Amsterdam te trekken, dat we wel moeten. We moeten de wegen gaan verbreden. We moeten grote, duidelijke entrees gaan neerzetten. Ja, wat ons betreft moet dat helemaal niet. Als we niet zo ontzettend veel willen groeien, kunnen we het houden zoals het is. En alleen investeren in het groen, alleen investeren in het onderhoud. En kappen met die groeiobsessie. De VOORZITTER: Goed, ik begrijp dat er een aanhoudende behoefte is om te reageren. Mevrouw Rooderkerk, u kunt nog een keer kort, maar ongemerkt worden de interrupties en de antwoorden weer veel langer. Het is inmiddels 15.55 uur en er zijn nog een hoop onderwerpen te gaan en er moet nog een besluitvormende vergadering plaatsvinden. Dus korte interrupties, korte antwoorden. Ga uw gang. (Mevrouw ROODERKERK: Ik wil alleen kort reageren op deze voorstelling van zaken, want het is natuurlijk een beetje een omgekeerde redenering door te zeggen dat de evenementen de mensen naar de parken trekken. De mensen komen naar de parken, omdat ze graag van dat groen genieten. Laten we daar dan vooral aan bijdragen in de Groenvisie. Ik neem aan dat mevrouw Bakker dat ondersteunt.) Ja, voorzitter, er wordt hier door de coalitiepartijen gedaan alsof het allemaal koek en ei is. Maar dat is het gewoon niet.

Er staat ook in de Groenvisie dat de stadsparken meer groene pleinen worden en dat koppen van de scheggen stadsparken worden. We gaan daar van alles in bouwen. Dat is niet de visie waar de Partij voor de Dieren zich in kan vinden. De VOORZITTER: Bent u daarmee aan het eind van uw betoog? Dat is het geval. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer N.T. Bakker. De heer N.T. BAKKER: Ja, met enorme interesse heb ik dit debat gevolgd, want, ja, wat ons betreft is die Groenvisie, eigenlijk zoals iedereen, een heel goede visie. Alleen de discussie is toch enigszins oppervlakkig, oftewel horizontaal. Dat merk ik ook aan de Partij voor de Dieren, toch een beetje een horizontale opvatting over wat groen is. Daarom wil ik aandacht vragen voor het verticale groen. Want wat is er zo interessant aan verticaal groen? Dat er namelijk heel veel voedsel wordt gegenereerd voor insecten, voor de dieren die het zo ontzettend zwaar hebben in deze tijden van pesticiden. We zien een grote insectensterfte, we zien grote bijensterfte. Vandaar dat we, denk ik, als we deze Groenvisie ook nog eens aanvullen met de verticale groenmotie we dan een manier vinden om uit deze impasse te komen van deze discussie. Ik wil dan ook, als we het dan toch over dieren hebben die het zwaar hebben in deze tijd, de aandacht vestigen op de wilde bijen. Zoals u weet is het socialisme de motor van de geschiedenis.

En wilde bijen zijn nou echt socialisten. Dat zijn degenen die ervoor zorgen dat het groen groeit. En we willen natuurlijk op allerlei manieren dat die wilde bij het redt. Want met al die insecticiden, zie je dat de bij sterft. Wij willen de bij redden in deze stad. De bij moet niet alleen de vluchteling zijn, maar die moet ook kunnen groeien en bloeien. Dat kan in de stad. Vandaar dat wij met deze wilde bijenmotie een appel op u allen doen om ervoor te zorgen dat deze wilde bij gered wordt in de stad.

56

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER: Goed, de wilde bij maakt veel reacties los. Als eerste mevrouw Van Soest, daarna mevrouw Bakker, de heer Boomsma. (Mevrouw VAN SOEST: De wilde bij komt ook voor op begraafplaatsen en in volkstuinen. Dus wat dat betreft, meneer Bakker, kletst u een beetje uit uw nek. Maar goed, ik steun in ieder geval de speech van mevrouw Bakker. En daar sta ik helemaal achter. Bouwen, niet meer met zijn allen in Amsterdam. Dat gaat nou eenmaal niet meer. Laten we kijken waar we verder kunnen gaan bouwen. De stad is vol. Dank u wel.) De heer N.T. BAKKER: Ik hoor geen vraag. (Mevrouw A.L. BAKKER: De heer Bakker maakt eigenlijk een beetje een grapje van mijn antigroei-betoog van net. Maar hij kan het toch niet goedkeuren dat wij onze groengebieden vercommercialiseren met festivals en horeca?) Dat ben ik helemaal met u eens. De VOORZITTER: De heer Boomsma heeft aangegeven te willen interrumperen, maar de heer Boomsma heeft geen tijd meer. Dan kan de heer Bakker doorgaan. Mevrouw Bakker heeft nog een interruptie. Ga uw gang. (Mevrouw A.L. BAKKER: Ja, als de heer Bakker het met me eens is, neem ik toch ook aan dat hij tegen deze Groenvisie stemt, toch?) De heer N.T. BAKKER: Nee, in tegendeel. Kijk, wij, als SP, maken al heel lang bezwaar tegen de vercommercialisering van de openbare ruimte. Dus dat is ook de vercommercialisering van de parken.

In die zin is deze Groenvisie daar een aansluiting op. Dus vinden nou juist dat dit zo goed is. Daarom zeg ik u ook, uw visie is gewoon te oppervlakkig. U bent gewoon te horizontaal, u bent een idealist. En die idealisten kunnen inderdaad een aantal idealen ver in de toekomst plaatsen. Wat wij hier doen, is inderdaad een verticale Groenvisie. Dat betekent dus dat we proberen om er iets van te maken, waardoor we ook voedsel bieden aan de insecten. Dus de situatie nu kunnen we niet op een afstand plaatsen, zoals u telkens in uw betogen doet: een planeet B schetsen. Nee, we hebben het hier nu nodig dat er verticaal groen komt voor die dieren. Vandaar dat we met deze motie komen. Daarom is uw mening zo oppervlakkig. (Mevrouw A.L. BAKKER: Ja, voorzitter, hoe verklaart de heer Bakker dan dat er in die investeringsprojecten, die kwaliteitsimpulsen groen, volop geïnvesteerd wordt in evenemententerreinen met kluisjes en horecatenten?) Die Groenvisie gaat daar helemaal niet over. Dus ik begrijp het echt niet. Ik bedoel, u probeert inderdaad een discussie te voeren over datgene wat in het verleden is gebeurd. Maar dat komt helemaal niet voor in deze discussie. Ik wil u ook nog meenemen naar bijvoorbeeld het Gaasperplasgebied, waar we juist bezig zijn om het aantal evenementen te verminderen. De VOORZITTER: U kunt uw betoog vervolgen. Of was u aan het einde? De heer N.T.

BAKKER: Ik zie nog een bericht in de chat van de heer Boomsma. Ik zou hem daar wel een antwoord op willen geven.

57

Jaar 2020 Afdeling 2 Vergaderdatum 17 dec. 2020

Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen

R

De VOORZITTER: Ja, dat begrijp ik heel goed. Ik moet ook zeggen dat ik het ongelofelijk slim van de heer Boomsma vind. Laten we zeggen dat we dat één keer doen. Maar het is niet zo dat anderen, die geen spreektijd meer hebben, dit voorbeeld mogen gaan volgen. Dus dit was een eenmalige exercitie. Kort antwoord. Daarna gaat u door. De heer N.T. BAKKER: Ja, dit is typisch de discussie die de heer Boomsma en ik hebben over verschillen .... Hij is nog blijven steken in het oude kapitalistische Darwinisme van Darwin. Wij zijn allang bij het sociaal Darwinisme. Dus de heer Boomsma is inderdaad een echte conservatief in de negentiende-eeuwse zin van het woord. En we leven nu in de eenentwintigste eeuw. Dus daarom, geef de wilde bij de plek die het nodig heeft om ons te helpen om het groen in stand te houden en naar de toekomst te helpen. Ik dank u wel, voorzitter. De VOORZITTER: Ik kan me voorstellen hoe groot de verleiding is om de vergaderchat nu te gaan gebruiken voor een discussie, maar dat staan we toch niet toe. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Yilmaz. De heer YILMAZ: Voorzitter, ik neem waar voor collega Kiliç. Even kijken. In de commissie is reeds veel gezegd. Ik wil even herhalen dat we het vreemd vinden dat het college probeert om begraafplaatsen te betrekken bij de groenvoorzieningen in de stad.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9623498/1