2. HERIJKING-RES-2024-NHZ.pdf
Tekst van het document
203,9
176 ha.
8,6
4 ha.
Herijking RES 2024
4,7
5 ha.
Noord-Holland Zuid
-
-
49,6
49 ha.
62,8
7 tur.
-
-
Totaal potentiële opwekking (GWh)
330
Geplande Totaal potentiële opwekking (TWh)
0,33
windturbines
Bestaande duurzame opwekking (TWh) 01 02 03 04 05 06 07 08 09 10
Amstelland 01
GWh 2030
hectares of turbines
Zon op grote daken
203,9
176 ha
Zon boven parkeerplaatsen
8,6
4 ha
Zon op geluidschermen e.d.
4,7
5 ha
Opwek op Rijksvastgoed (OER)
-
-
Zon*
49,6
49 ha
Wind
62,8
7 turbines
Zon + wind
-
-
Totaal potentiële opwekking (GWh)
330
Totaal potentiële opwekking (TWh)
0,33
Bestaande duurzame opwekking (TWh)
0,11
Zoekgebieden 09
0,11
01
Gebouwde
Diemerscheg - Diemen omgeving A2/A9 Ouderkerkerplas A9/Krijgsman Water Oosteinderpoel N201 - Burgemeester Brouwerweg Zon op te realiseren bedrijventerrein N196 - Poelweg Zuiderlegmeerpolder-Oost Gooiseweg Kernglastuinbouw-gebied
09
03 02 04
05
06
07
08 10 LEGENDA Bestaande windt Gebouwde omge
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid Water
35
Z
4.2 Ambities en accenten Amstelland Alle gemeenten in de deelregio Amstelland hebben in juli 2021 de RES 1.0 vastgesteld. In de afgelopen 2,5 jaar zijn de zoekgebieden verder verkend op haalbaarheid, wenselijkheid en invulling. In de RES 1.0 is voor Amstelland een aantal uitgangspunten en beperkingen genoemd die nog steeds actueel zijn en waarvan de deelregio het van belang acht om ze te herhalen: Amstelland kenmerkt zich als een stedelijke regio met daartussen waardevolle natuurlandschappen. De regio kent een grote druk op de ruimte. Dit vraagt om een goede ruimtelijke afstemming en afweging
van verschillende functies. Het gebrek aan vrije ruimte gecombineerd met de grote woningbouwopgave, maakt het realiseren van hernieuwbare energie in Amstelland een uitdaging. Dit geldt temeer door de ruimtelijke (hoogte)beperkingen die voor een groot deel van de regio gelden door de aanwezigheid van Schiphol, waardoor de mogelijkheden voor windenergie beperkt zijn. Duurzaamheidsambities en -doelstellingen zijn lokaal bepaald in Amstelland. Wel wordt er vanuit de regio incidenteel en op specifieke onderwerpen samengewerkt op het gebied van duurzaamheid en energie. Tevens wil de regio kijken hoe gebieden die gereserveerd zijn voor bedrijven en transformatie- en/of maatwerkgebieden glastuinbouw, tijdelijk gebruikt kunnen worden voor de opwek van zonne-energie tussen bedrijven. Er zijn geen mogelijkheden voor grondgebonden opwek van zonne-energie in het kernglastuinbouwgebied in Kudelstaart (in alle gevallen rekening houdend met
Herijking RES 2024
‘Kaders Zonne-Energie Aalsmeer). Ook in het kernglastuinbouwgebied in de Kwakel zijn de mogelijkheden gelimiteerd (zie ook de toelichting bij zoekgebied 10 in de toelichting op de zoekgebieden hiervoor).
Behouden concurrentiekracht Om de concurrentiepositie sterk te houden, werken de Greenportgemeenten Aalsmeer, Amstelveen en Uithoorn samen met de gemeente Haarlemmermeer en andere partijen aan de opgave om het gebied te transformeren naar een modern en duurzaam tuinbouwcluster. Het gebrek aan vrije ruimte, de grote woningbouwopgave en de landschappelijke kwaliteiten maken het realiseren van hernieuwbare energie in Amstelland een uitdaging. De natuur- en cultuurwaarden brengen ook landschappelijke beperkingen met zich mee, zowel vanuit Europees, nationaal en/of provinciaal beleid. Ook wordt het landschap doorsneden door zware infrastructuur, zoals snelwegen, spoorlijnen en het Amsterdam-Rijnkanaal.
Noord-Holland Zuid
36
Z
Mogelijkheden en beperkingen Wind Mede door eerdergenoemde beperkingen zijn de mogelijkheden voor windenergie beperkt in Amstelland. De mogelijkheden die er zijn, liggen met name in het noorden van de regio (Diemerscheg), het zuidoosten (wegenknooppunt Holendrecht (A2/A9) en in de zuidwestelijke punt van de deelregio. Momenteel is er één windturbine in de regio waarmee 4,1 GWh aan windenergie wordt opgewekt. Zon Met name zon op grote daken biedt mogelijkheden. Grote daken liggen voornamelijk op de bedrijventerreinen en, gezien het innovatieve karakter ervan, op termijn (na 2030) ook op de kassen. Ook voor zon langs infrastructuur (op geluidsschermen en in de berm) worden mogelijkheden gezien. In het project van de Energieroute NH is begin 2024 de Verkenningsfase afgerond. Het belangrijkste resultaat is een Voorkeursalternatief waarin de mogelijkheden nader uitgewerkt zijn.
De gemeente Diemen is een langjarige samenwerking aangegaan met de plaatselijke zonne-energie-coöperatie DiemenEcostroom. Het doel van de samenwerking is om de grote daken vol te leggen. Waar mogelijk ontwikkelt de coöperatie samen met dakeigenaren zonnedaken waaraan mensen uit de omgeving financieel kunnen participeren.
Kudelstaart) zal duidelijkheid geven over de wenselijkheid van grondgebonden energie-opwek in relatie tot andere functies en belangen. Naar verwachting wordt het Masterplan Energie voor besluitvorming aangeboden in het derde kwartaal van 2024, de Omgevingsvisie Aalsmeer in het vierde kwartaal van 2024 en deelgebiedsvisie Kudelstaart in het tweede kwartaal van 2024.
Nadere toelichting gemeentelijke ambities en inspanningen
Ambities en kaders Amstelveen
Voor elk van de zoekgebieden in Aalsmeer
de gemeente Amstelveen de prioriteit bij
geldt dat deze worden meegenomen in het
het stimuleren van zon op daken via het
proces om te komen tot een Gemeentelijke
Servicepunt Energieadvies. Dit komt overeen
Omgevingsvisie (GOVI) Aalsmeer, de
met de uitkomsten van het participatietraject
deelgebiedsvisie Kudelstaart en het
voor de RES 1.0. Hieruit kwam duidelijk
Masterplan Energie (MPE) Aalsmeer. In deze
naar voren dat ‘Zon op dak’ op het grootste
trajecten wordt een integrale afweging
draagvlak kan rekenen en dat zuinig
gemaakt of de zoekgebieden gehandhaafd
omgegaan moet worden met schaarse
blijven of dat deze een andere functie
groene ruimte. Met name zon op grote daken
krijgen. Het Masterplan Energie beslaat
biedt mogelijkheden. Ook is de gemeente
de periode 2024 - 2050 en gaat in op de
Amstelveen bezig met het uitwerken van de
energetische aspecten van zon en wind op
mogelijkheden rondom multifunctioneel
land en hoe deze invloed hebben op het
ruimtegebruik, waaronder zonnepanelen op
integraal energiesysteem in Aalsmeer. De
parkeerterreinen en gevels.
In lijn met de visie zonne-energie legt
omgevingsvisie Aalsmeer (en deelgebiedsvisie
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
37
Z
Ambities en kaders Diemen
Ambities en kaders Ouder-Amstel
In de belangenafweging rond wind- en
De gemeente Ouder-Amstel wil in 2040
zonne-energie worden de Diemense
energieneutraal zijn. Voor de opwek van
ambities voor duurzame energie (zoveel
duurzame energie ligt de prioriteit bij het
mogelijk duurzame energie opwekken)
stimuleren van zon op daken. Verder worden
gewogen met de impact op de leefomgeving.
de mogelijkheden onderzocht voor de opwek
De gemeentelijke ambities voor duurzame
van zonne-energie op geluidschermen langs
energie zijn vastgelegd in de RES 1.0 en de
de A9 en ook de opwek van windenergie
Omgevingsvisie Diemen 2040. In 2040 wil
bij de A9/A2 is nog in onderzoek. Ambities
Diemen niet meer afhankelijk zijn van fossiele
en kaders zijn vastgelegd in de (nog vast
brandstoffen. Diemen wil dan een gemeente
te stellen) Omgevingsvisie en Beleidsplan
zijn met duurzame energie en hiervoor ook
Duurzaamheid.
een flinke eigen bijdrage leveren. Ambities en kaders Uithoorn Uitgangspunt bij de zoekgebieden is dat alle economische activiteiten een maatschappelijke meerwaarde creëren en een bijdrage leveren aan de ruimtelijke kwaliteit en andere gebiedsopgaven zoals biodiversiteit en klimaatadaptatie. Bij ontwikkelingen moeten de voorwaarden behorend bij het UNESCO Werelderfgoed de Stelling van Amsterdam in acht genomen te worden, evenals de uitgangspunten die zijn geformuleerd in de gebiedsvisie Groene en Recreatieve Verbindingszone (GRZ).
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
38
Z
4.3 Warmte in Amstelland De deelregio’s Amstelland, Amsterdam en Haarlemmermeer werken samen aan het warmtevraagstuk. Reden hiervoor zijn de bestaande bovengemeentelijke warmtenetten en potentiële bovengemeentelijke warmtebronnen. Amstelland kenmerkt zich door een aantal grote glastuinbouwarealen met een hoge energievraag. Amsterdam heeft een hoogstedelijk karakter en havens met industrie. Haarlemmermeer vormt een belangrijke vestigingsplaats voor datacenters. Het datacentercluster aan de oostkant van Haarlemmermeer gebruikt veel elektriciteit. De restwarmte uit de datacentra vormt een potentiële energiebron voor Haarlemmermeer, Aalsmeer en Uithoorn. Het datacentercluster
in Amsterdam is een potentiële warmtebron voor Amsterdam, Diemen en OuderAmstel. Ook de Diemercentrale is een bovengemeentelijke warmtebron voor Almere, Amsterdam, Amstelveen, Diemen en Ouder-Amstel. De WRK-leidingen zijn een potentiële warmtebron én kunnen dienen als warmtetransportleidingen voor Aalsmeer, Amstelveen, Haarlemmermeer, Uithoorn en Ouder-Amstel. Binnen de algemene werkagenda die voor de gehele regio Noord-Holland Zuid is opgesteld is er voor deze deelregio’s een aantal specifieke aandachtspunten: • In de regio bevinden zich meerdere glastuinbouwclusters die een hoge energievraag hebben. De komende periode wordt besproken hoe de glastuinbouw overstapt op duurzame warmte, hoe dit in verhouding staat met de duurzame verwarming van de gebouwde omgeving en wat dit betekent voor de samenwerking tussen betrokken gemeenten.
Herijking RES 2024
Duurzame warmte voor de tuinbouw is essentieel omdat bij elektrificatie van de warmtevoorziening de benodigde netuitbreidingen het tempo niet kunnen bieden dat de tuinbouwsector nodig heeft bij deze elektrificatie. • De aansluiting van gemeenten op de Diemercentrale of het warmtenet van Amsterdam. • Het benutten van de WRK-leidingen voor het onttrekken van zowel warmte als koude. • De resultaten van het lopende SCAN-traject naar de potentie van geothermie. Het SCAN-traject loopt en er wordt momenteel een proefboring uitgevoerd langs de A2 bij de afslag Ouderkerk a/d Amstel. is.
Noord-Holland Zuid
39
Z
Herijkin Heri Herijking jking g RES RE E S 2024 20 24
Noord-Holland Noord-Ho Noor d-Holla d-Ho lland llan d Zuid Zu d
40
F
Z
4.4 Energieinfrastructuur in Amstelland De groei in elektriciteitsvraag is groot in de regio Amstelland en die vraag wordt alleen nog maar groter: de komende jaren moeten veel (gasloze)woningen worden bijgebouwd, de industrie en glastuinbouw verduurzamen, het vervoer en logistiek wordt steeds meer elektrisch en bestaande huizen gaan van het aardgas af. Ook de opwekking van duurzame energie, vooral via zonnepanelen op daken, neemt sterk toe.
Wat is de huidige situatie op het elektriciteitsnet? Ondanks de stijgende vraag naar elektriciteit is er op het regionale elektriciteitsnet op
het moment vrijwel geen congestie; de congestie is beperkt gebleven tot een aantal middenspanningskabels. Wel is er ook in Amstelland sinds 18 oktober 2023 sprake van netcongestie voor energielevering op het hoogspanningsnet van TenneT. Voor teruglevering van elektriciteit is er doorgaans op de elektriciteitsstations nog voldoende terugleververmogen. Zoekgebieden met windturbines en grote zonneweides worden rechtstreeks op zo’n elektriciteitsstation aangesloten.
niet altijd mogelijk om grote projecten (>2MW) aan te sluiten. Zie daarvoor de kaart Netsituatiekaart Amstelland op pagina 42. waarin wordt weergegeven op welk termijn er weer vermogen en/of velden beschikbaar zijn om terugleververmogen op te kunnen nemen. Daarom is het van groot belang dat (1) bij het realiseren van grootschalige opwekprojecten wordt ingespeeld op de planning van de energie-infrastructuuruitbreidingen en (2) getracht wordt de opwek zo slim mogelijk in het net in te passen waardoor er minder velden nodig zijn.
Door het gebrek aan “stopcontacten” (vrije velden) op de elektriciteitsstations is het
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
41
Z
De inpassing van grootschalige opwek
Amstelland Netsituatiekaart van Amstelland (>2MW)
(>2MW) van duurzame energie is afhankelijk van twee factoren: 1. Transportcapaciteit Transport van opgewekte energie zorgt voor een hogere belasting op alle delen van ons elektriciteitsnet. De verschillende kabels en transformatoren die nodig zijn om opgewekte energie van opweklocatie naar verbruikslocatie te brengen, moeten voldoende capaciteit hebben. Meerdere delen in het elektriciteits-netwerk kunnen zorgen voor een beperking in de transportcapaciteit. 2. Beschikbare velden Om een grootschalige opwekinstallatie op een station aan te sluiten is een veld (stopcontact) nodig om opaan te sluiten. Meerdere ontwikkelingen, buurten of
Dat betekent dat zowel (niet-)beschikbare
bedrijven kunnen op één veld aangesloten
transportcapaciteit als (niet-)beschikbare
worden. Maar bij een aansluiting groter
velden ervoor zorgen dat een grootschalig
dan 2MW is een eigen veld en kabel nodig.
opwekproject niet gerealiseerd kan worden.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
42
Z
Omdat grote opwekprojecten veel tijd in beslag nemen voordat ze in gebruik worden genomen, is het van belang om ruim van tevoren te starten met de voorbereiding van het project en een aanvraag in te dienen bij Liander. Daarnaast blijkt dat de ruimte voor teruglevering op de kabels in de regio krapper wordt. Dit komt door de groei van zonnepanelen op daken, zowel bij inwoners, bedrijven als maatschappelijke instellingen. Deze zonnepanelen leveren terug op het laag- en middenspanningsnet. Dit zijn de kabels en elektriciteitshuisjes in buurten en op bedrijventerreinen.
Impact van de Herijking RES 2024 Zoals beschreven in paragraaf 3.3 brengt de versnippering van zon op dak grote uitdagingen met zich mee. Slim inpassen van zon op dak is dan ook essentieel om zoveel mogelijk zonne-energie in te kunnen passen. De zoekgebieden voor wind in de regio, zoals de Diemerscheg, kunnen naar verwachting op korte termijn (2024) worden aangesloten als station Venserweg is verzwaard. Het
windzoekgebied bij de Ouderkerkerplas kan ook naar verwachting op korte termijn worden aangesloten. Voor de andere zoekgebieden geldt dat voornamelijk vrije velden (stopcontacten) op de elektriciteitsstations de beperkende factor zijn en dat er uitbreidingen op stations of nieuwe stations nodig zijn.
Naast de genoemde handelingsperspectieven in de netimpactrapportage RES 1.0 wordt verwezen naar de slimme oplossingen-pagina van de Taskforce Energie-infrastructuur en naar de brochure van Liander, waarin de netbeheerder een aantal principes meegeeft. In paragraaf 3.3 zijn deze principes opgenomen.
De netbeheerder werkt samen met de regio hard aan de versterking van de stations. Liander gaat uit van vier nieuwe en twee uit te breiden stations die voor 2033 in bedrijf moeten gaan. Met deze uitbreidingen kunnen huidige knelpunten worden opgelost én bouwt Liander een toekomstvast elektriciteitsnet dat de ontwikkelingen in de regio, zoals duurzame opwek, kan faciliteren. Voor de bouw en uitbreiding van stations geldt een gemiddelde realisatietijd van vijf tot zeven jaar. Maar in veel gevallen duurt het langer door de zoektocht naar geschikte locaties en de te doorlopen vergunningprocedures. In de Taskforce energie-infrastructuur Noord-Holland werken de provincie Noord-Holland, gemeenten en netbeheerders samen om de opgave op het hoogspanningsnet te versnellen.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
43
Z
Netsituatie Amstelland voor grootverbruikklanten voor teruglevering - (> 3x80A tot < 2MW)
Rode gebieden:
Er is geen extra capaciteit op het elektriciteitsnet beschikbaar. Liander heeft hier de mogelijkheden voor congestiemanagement onderzocht, maar dit biedt geen uitkomst.
Oranje gebieden:
Er is geen capaciteit op het net beschikbaar. We onderzoeken of congestiemanagement een oplossing biedt voor de capaciteitsproblemen.
Gele gebieden:
Ook bekijken we of hier andere slimme netoplossingen mogelijk zijn. Er is nog wel capaciteit beschikbaar, maar we zien op basis van onze voorspellingen en uitstaande aanvragen dat er binnen afzienbare tijd transportschaarste kan ontstaan.
Transparante
Op dit moment zijn er geen knelpunten in het gebied en is er
gebieden:
capaciteit op het elektriciteitsnet beschikbaar.
Deze afbeelding toont de netsituatie voor het terugleveren van elektriciteit. De kleuren geven de situatie aan per gebied. Alleen in de gele en transparante delen is (beperkte) teruglevering mogelijk. Om het net efficiënt te benutten en hoge pieken te voorkomen is het van belang de door zonnepanelen opgewekte elektriciteit direct gedurende de dag ook te verbruiken (zogeheten ‘opwek achter de meter’). Het opknippen van grote zonneweiden (die op dit moment niet meteen aangesloten kunnen worden) in kleine delen om daarmee wel een aansluiting te realiseren is geen haalbaar scenario. Elektriciteitsstations hebben hiervoor geen ruimte op de velden (stopcontacten in het station), en het is bij wet verboden.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
44
Z
4.5 Participatie en proces In het proces naar de RES 1.0 (2021) zijn zoekgebieden vastgesteld die de uitkomst waren van een gezamenlijk zoekproces door gemeenten en stakeholders. De regio onderschrijft het belang van participatie en draagvlak. Om het mogelijk te maken dat participatie optimaal aansluit bij de lokale situatie en de behoefte van de betrokken partijen, is ervoor gekozen om de participatie rond de specifieke zoekgebieden te organiseren. Amstelveen, Ouder-Amstel en Diemen werken mee aan de Energieroute NH waarvan de ambitie is om zoveel mogelijk zonne-energie langs de snelwegen (A1
en A9) te realiseren. Voor de Energieroute NH was er in de verkenningsfase een participatietraject. Er zijn zorgen, wensen en ideeën opgehaald. De uitkomsten zijn verwerkt in een voorkeursvariant, een eerste ontwerp met opstellingen van zonnepanelen langs de snelwegen. Vanaf 2024 start de planvormingsfase. Dan worden omwonenden en andere geïnteresseerden opnieuw bij het project betrokken. Diemen doorloopt voor haar windzoekgebieden een m.e.r.-traject waarvan twee verplichte zienswijzenprocedures deel uitmaken. Verder worden er drie participatierondes georganiseerd. In elke ronde is er een rondetafelgesprek met stakeholders en een informatieavond voor inwoners en andere geïnteresseerden.
financiële bijdrage aan een gebiedsfonds, waarbij de opbrengsten geïnvesteerd worden in kwalitatieve gebiedsontwikkeling en verdere verduurzaming. Per zoekgebied wordt bekeken welke vorm het beste aansluit. Aalsmeer ontwikkelt de deelgebiedsvisie Kudelstaart. Via dit proces wordt de mogelijkheid van grondgebonden energieopwek (zon en wind) in zoekgebied Zuiderlegmeerpolder Oost in beeld gebracht in relatie tot andere belangen. Afhankelijk van de uitkomsten kunnen de mogelijkheden voor opwek daarna nader onderzocht worden. Voor alle zoekgebieden geldt het uitgangspunt dat wordt gestreefd naar 50 procent lokaal eigenaarschap om de lokale samenleving mee te laten profiteren.
Uithoorn heeft in de GOVI 2040 vastgesteld dat een belangrijk uitgangspunt is voor de RES-zoekgebieden om maatschappelijke meerwaarde te creëren. Een vorm hiervan is het laten meeprofiteren van omwonenden door middel van mede-eigenaarschap of aandeelhouderschap. Ook kan dit door een
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
45
Z
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
46
Z
5
Amsterdam Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
47
Z
5.1 Opwekcijfers en zoekgebieden
Stadsgebied Weesp Per 24 maart 2022 is Weesp onderdeel van de gemeente Amsterdam. Daar vormt Weesp samen met de kern Driemond een bestuurscommissiegebied met een ‘status
Het Amsterdamse bod uit de RES 1.0 blijft gehandhaafd om 0,7 TWh hernieuwbare elektriciteit op te wekken in 2030. Dit bod bestaat uit tenminste 127 megawatt (MW) opgesteld vermogen windenergie in de windzoekgebieden en 400 MW opgesteld vermogen zonne-energie op grote daken en door dubbelgebruik van stedelijke ruimtes. Totdat het plan-MER naar de windenergieplannen is afgerond wordt gewerkt met de cijfers uit de RES 1.0. Bij de zonopwek moet de potentie van Weesp worden opgeteld (17,4 MW) dat sinds maart 2022 bij de deelregio Amsterdam hoort.
aparte’. De opwekpotentie voor Weesp uit de RES 1.0 is in deze herijking opgeteld bij die van Amsterdam. Het gaat om 16,5 GWh zonne-energie.
In de RES wordt alleen de voortgang van zon op grote daken en zoekgebieden meegenomen in de herijking. Amsterdam stimuleert echter ook de realisatie van zon op kleinere daken om dat hiervoor ook een groot potentieel is dat de stad wil benutten. Amsterdam monitort zelf de voorgang van de realisatie van de gehele ambitie op zon.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
48
Z
Veranderingen in de cijfers De ‘theoretische potentie’ voor de opwekking van duurzame energie in de zoekgebieden in Amsterdam is 738 GWh (0,74 TWh). Deze potentie bestaat uit huidige opwek van 310 GWh (0,31TWh) en een theoretische potentie uit zoekgebieden van 428 GWh (0,43 TWh). Potentie voor opwek uit zoekgebieden is onder te verdelen in zon op grote daken en in zoekgebieden (285 GWh) en wind op land in zoekgebieden (143 GWh).
Sinds de RES 1.0 is in Amsterdam meer opwek gerealiseerd en de huidige opwek toegenomen van 296 GWh naar 310 GWh. De theoretische potentie voor de zoekgebieden is in diezelfde periode toegenomen van 411 GWh naar 428 GWh. Deze stijging komt voort uit het feit dat sinds 2022 Weesp bij de gemeente Amsterdam hoort, de potentie van zon op grote daken van Weesp wordt daarom bij de Amsterdamse cijfers opgeteld.
In de RES 1.0 was de theoretische potentie voor de deelregio nagenoeg gelijk aan de herijking (707 GWh). Toen was er sprake van 296 GWh huidige opwek en een theoretische potentie van 411 GWh voor de zoekgebieden.
Op de volgende pagina staat de kaart met de zoekgebieden in de deelregio Amsterdam.
Opwekcijfers Amsterdam Herijking RES 2024 en RES 1.0 (2021)
Potentie 428 GWh
Potentie 411 GWh
+14 GWh Bestaand 296 GWh
Bestaand 310 GWh
RES 1.0 707 GWh
Herijking 738 GWh
Belangrijkste mutaties Toename duurzame opwekking met 14 GWh. Potentie neemt licht toe door de toevoeging van zon op dak in Weesp.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
49
Z
ZOEKGE
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid Amsterdam GWh 2030
Zoekgebieden 2A
1A
Zon op grote daken
2B
Zon boven parkeerplaatsen 03
1B B
284,5
Zon op geluidschermen e.d. Zon Zon Zon
4C 4D 4B
Opwek op Rijksvastgoed (OER)
-
Wind voorkeursgebied Wind reservegebied Wind extra reservegebied
4E 4A
Zon + wind
7 5A
143,0
-
Totaal potentiële T opwekking (GWh)
428
Totaal potentiële T opwekking (TWh)
0,43
Bestaande duurzame opwekking (TWh)
0,31
Legenda
Bestaande windturbines
5C 6B
Geplande windturbines Gebouwde omgeving
5B * Reservegebieden zijn vooralsnog niet meegenomen in de 25-50-100-200 berekende potentiële duurzame opwekking. ha
6A
N
0 1 2 3 4 km
Water Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
50
Z
5.2 Aanbod Amsterdam wind, zon en warmte Windenergie Doel van Amsterdam is om in totaal tenminste 127 MW (283 GWh) opgesteld vermogen windenergie te realiseren in 2030. Totdat het programma Windenergie Amsterdam is vastgesteld - er loopt nu een plan-MER - werkt de gemeente Amsterdam met de zoekgebieden uit de RES 1.0. Zonne-energie • De ambitie is om in 2030 de helft van de totale potentie op Amsterdamse daken te benutten voor het opwekken van zonneenergie, oftewel 550 MW (520 GWh) geïnstalleerd vermogen, waarvan 400 MW
(380 GWh) op grote daken . Daar komt de opwek in Weesp bij (16,5 GWh/17,4 MW). • Inzet op zon op daken, dubbel ruimtegebruik en tijdelijk gebruik braakliggend terrein en parkeerlocaties. • Waterland/ IJmeer (extra zoekgebied) en andere natuurgebieden en wateroppervlaktes dienen als aanvullend zoekgebied onder de voorwaarde ‘nee, tenzij’ wanneer de andere zoekgebieden niet voldoende zijn om de ambitie te realiseren. • De Noorder IJplas (zoekgebied 2a) (ten westen van de A10/A8) vormt hierop een uitzondering en is door de gemeenteraad wel aangewezen als zoekgebied voor zonne-energie.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
51
Z
5.3 Ambities en beleidscontext Amsterdam Ambitie Amsterdam heeft de ambitie om de stad klimaatneutraal te maken. In het voorjaar van 2020 heeft de gemeenteraad de conceptRegionale Energiestrategie Amsterdam (concept-RES) vastgesteld met daarin de ambitie om voor 2030 minstens 127 MW (283 GWh) vermogen windenergie en 550 MW zon op de daken te realiseren, waarvan 400 MW op grote daken. Hier moeten de zonopwekcijfers van Weesp bij worden geteld (17,4 MW zon op grote en kleine daken). Op het gebied van warmte heeft het gemeentebestuur de ambitie om Amsterdam in 2040 aardgasvrij te laten zijn en nieuwbouw altijd aardgasvrij te realiseren.
Besluitvorming Omgevingsvisie Amsterdam 2050 De in 2021 door de gemeenteraad vastgestelde Omgevingsvisie Amsterdam 2050 vormt het integrale kader voor alle beleid en alle projecten die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving. De windzoekgebieden en de ambitie om in 2030 127 MW vermogen aan windenergie te hebben gerealiseerd uit de RES 1.0 Noord-Holland Zuid zijn in de Omgevingsvisie overgenomen en in samenhang gebracht met andere waarden en ruimtelijke ontwikkelingen. In de aangewezen zoekgebieden zal de gemeente onder voorwaarden medewerking verlenen aan initiatiefnemers van windprojecten. Hierbij zal een integrale afweging gemaakt worden ten opzichte van andere functies en elke plaatsing vraagt om een zorgvuldige
Herijking RES 2024
inpassing. De veiligheid en gezondheid van mens en natuur mogen niet in het gedrang komen. De Omgevingsvisie beschrijft ook dat gemeente, initiatiefnemer(s), bewoners en belanghebbenden samen een participatieplan maken voor een beoogd gebied voor windenergie. In elke fase van het lokale participatieproces kunnen bewoners vragen stellen, adviseren, en soms ook meebeslissen. Coalitieakkoord Amsterdam 2022-2026 In het Amsterdamse Coalitieakkoord staat de ambitie om het potentieel aan windenergie in Amsterdam te benutten zonder dat hierdoor onaanvaardbare gezondheidsrisico’s ontstaan of de natuur te veel wordt belast. De inzet is om lokaal eigenaarschap te stimuleren, zodat Amsterdammers mee kunnen profiteren. Er wordt uitgegaan van coöperatieve vormen van duurzame energieopwekking.
Noord-Holland Zuid
52
Z
Proces rond plannen opwek windenergie Het realiseren van windturbines roept veel reacties op van voor- en tegenstanders. De gemeente is daarom al geruime tijd met betrokken en ongeruste Amsterdammers in gesprek. Zo waren diverse groepen Amsterdammers betrokken bij de totstandkoming van de RES 1.0. Hieronder wordt de periode beschreven vanaf de vaststelling van de RES en wordt ingegaan op de reflectiefase, de stedelijke adviesgroep RES Amsterdam en inspraak en advies. Reflectiefase Bij de vaststelling van de RES 1.0 is op verzoek van de raad een reflectiefase ingesteld. Tijdens deze fase is veel aandacht besteed aan de zorgen en behoeften van Amsterdammers rond windenergie. Diverse (lokale) experts en klankbordgroepen hebben geadviseerd hoe de zorgen over gezondheid en natuur in het proces richting dit programma en de realisatie van concrete windprojecten zorgvuldig kunnen worden meegenomen.
De uitkomsten, zorgen en conclusies van de reflectiefase zijn beschreven in het document Signalen uit de stad. Naar aanleiding van de reflectiefase heeft het college van B&W onder andere besloten om een plan-MER te laten opstellen, waarin de zoeklocaties op milieueffecten worden beoordeeld. Alle adviezen en signalen uit de reflectiefase zijn betrokken bij de totstandkoming van het plan-MER en het Programma Windenergie Amsterdam (PWA). Stedelijke Adviesgroep RES Amsterdam (SARA) Na de reflectiefase is de Stedelijke Adviesgroep RES Amsterdam (SARA) in het leven geroepen. SARA bestaat uit lokale vertegenwoordigers van verschillende belangengroepen binnen de stadsgrenzen van Amsterdam, zoals Natuur en Milieu, Windalarm, jong RES en leden van de klankbordgroepen Gezondheid en Natuur. In lijn met de gemaakte werkafspraken heeft de SARA vanuit verschillende perspectieven advies uitgebracht op specifieke producten die de gemeente Amsterdam in het kader van het plan-MER en het PWA oplevert. De SARA heeft ook ongevraagde adviezen opgeleverd, die
Herijking RES 2024
tevens betrokken zijn bij de totstandkoming van het PWA. NRD en plan-MER De Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) heeft van 22 februari 2023 t/m 4 april 2023 ter inzage gelegen. De zienswijzen over de NRD zijn van een reactie voorzien in een Nota van Beantwoording (NvB). Naar aanleiding van de zienswijzen is de aanpak verder aangescherpt (zie ook de paragraaf 'participatieproces'). De adviezen van de Commissie m.e.r. en overige (wettelijke) adviseurs zijn tevens meegenomen in de NvB. De NvB is op 18 juli 2023 door het college van B&W vastgesteld. Plan-MER Daarmee is de eerste fase van het plan-MER afgerond en is het opstellen van het plan-MER gestart. Conform de beschreven aanpak in de NRD en aanvullingen daarop naar aanleiding van zienswijzen en adviezen, worden diverse alternatieven onderzocht op de milieueffecten. Het gaat om het basisalternatief en vier optimalisatiealternatieven, namelijk voor Natuur, Gezondheid, Landschap en Energie.
Noord-Holland Zuid
53
Z
Deze alternatieven geven inzicht in de milieugevolgen en hoe op een bepaald thema de nadelige gevolgen verminderd of weggenomen kunnen worden. Op die manier ontstaat een beeld van ‘de hoeken van het speelveld'. Vervolgens zal een voorkeursalternatief samengesteld worden, dat wordt opgenomen in het PWA. Over het plan-MER wordt advies gevraagd aan de Commissie m.e.r., uiterlijk op het moment dat het ontwerp-PWA (Programma Windenergie Amsterdam) ter inzage gaat. Programma Windenergie Amsterdam (PWA) Parallel aan het plan-MER is het opstellen van het PWA gestart. Aanvullend op het planMER, wordt bijvoorbeeld verder gekeken naar sociale effecten en mogelijkheden en eventuele randvoorwaarden voor lokale financiële deelname. Hierover meer in de paragraaf ‘Financiële participatie'. In de paragraaf ‘participatieproces’ wordt uitgelegd hoe eenieder en de raad betrokken wordt bij het ontwerp-PWA.
In het PWA zal het voorkeursalternatief worden vastgelegd op basis van het plan-MER en de aanvullende onderzoeken en adviezen. Dan wordt duidelijk in welke zoekgebieden en onder welke randvoorwaarden gestart kan worden met de ontwikkeling van windenergie in Amsterdam. De provincie Noord-Holland is daarbij betrokken. Financiële participatie Er wordt verkend hoe de doelstelling van lokaal eigendom en het meeprofiteren door de omgeving (financiële participatie) het beste ingevuld kan worden. Aan een gespecialiseerd bureau is gevraagd advies te geven over financiële deelname en mogelijke randvoorwaarden in gemeentelijk beleid. Voor dat advies zijn verschillende interne en externe kennisdragers en belanghebbenden geïnterviewd. Op 7 juli 2023 vond een bijeenkomst plaats met alle betrokkenen bij het onderzoek, waar de eerste inzichten werden gedeeld en besproken.
Herijking RES 2024
Zon Amsterdam zet in op duurzaam gebruik van daken, waaronder het benutten van het potentieel voor zonne-energie. Het gebruik van daken voor het opwekken van zonneenergie kan veel bijdragen aan de groei van opgewekte duurzame elektriciteit. Op daken kan elektriciteit worden opgewekt voor 400.000 à 500.000 huishoudens. Voor daken hanteert Amsterdam een doelgroepgerichte aanpak om het plaatsen van zonnepanelen te stimuleren. Daarnaast kijkt Amsterdam naar alternatieve locaties waar dubbel ruimtegebruik mogelijk is. De aanpak voor zonne-energie staat uitvoerig beschreven in de Routekaart Amsterdam Klimaatneutraal 2050. Hieronder volgt een beknopte omschrijving van de ambities en voortgang van de realisatie van zonprojecten in Amsterdam.
Noord-Holland Zuid
54
Z
Stand van zaken In Amsterdam is inmiddels 250 MW opgesteld vermogen zon gerealiseerd • In 2025 wil Amsterdam 350 MW aan opgesteld vermogen zonne-energie in de gemeente. • In 2030 moet op 50 procent van alle geschikte daken zonne-energie worden opgewekt (550 MW). • Voor 2040 is de ambitie dat op 100 procent van alle geschikte daken zonne-energie wordt opgewekt (1.100 MW). • Naast de daken zet Amsterdam in op het benutten van de mogelijkheden voor dubbelgebruik van stedelijke ruimtes, zoals (tijdelijk) braakliggende gronden, parkeerlocaties en ruimte langs rijkswegen. Hiervoor zijn verschillende projecten in de voorbereidende fase. Voorbeelden zijn • Twee tijdelijke (drijvende) zonneweides in voorbereidende fase (opgeteld ca. 5 MW); uitvoering gepland voor 2024 en 2025.
• Energieroute Noord-Holland (OER-project) in planologische fase. Verwachte realisatie in 2027 (20 à 30 MW). • Enkele gemeentelijk zonne-carportlocaties in voorbereiding in samenwerking met Amsterdamse coöperaties. • Naast de kwantitatieve doelstellingen voor zonne-energie werkt Amsterdam aan een aanpak op kwalitatieve aspecten van zonne-energie. • Inzet op het verlengen van de levensduur van zonnepanelen (voorkomen dat panelen vroegtijdig worden afgedankt) en hergebruik. • Stimuleren van duurzame circulaire zonnepanelen zonder gifstoffen en met lage CO2-footprint. • Eerlijke energietransitie waarbij iedereen kan profiteren. Bij zonprojecten zet Amsterdam zich in voor coöperatieve vormen voor het opwekken van energie en lokaal eigendom.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
55
Z
Naast een aardgasvrije stad zet Amsterdam via een isolatie offensief in op het reduceren van het energieverbruik, door middel van maatregelen op het gebied van energiebesparing en woningisolatie.
5.4 Warmte in Amsterdam Ambitie De gemeente Amsterdam heeft als doel om in 2040 aardgasvrij te zijn. Daarbij vindt de gemeente het belangrijk dat het alternatief duurzaam is, de overstap betaalbaar en dat er toekomstbestendige en duurzame warmtebronnen worden ingezet. De Transitievisie Warmte (TVW, vastgesteld op 30 september 2020 door de gemeenteraad Amsterdam) geeft richting aan de warmtetransitie in Amsterdam. Zie de link Volg het beleid: van het aardgas af. Rond 2025 wordt een omgevingsprogramma warmte opgesteld waarin de fasering en aanpak van de warmtetransitie verder wordt gedetailleerd en vormgegeven.
Voorbereiding op WCW De aanstaande Wet collectieve warmte (Wcw) voorziet in warmtenetten waarbij op den duur het meerderheidsaandeel in publieke handen is. De geplande inwerkingtreding van deze wet is ondertussen verschoven naar 1 januari 2025. Als er duidelijkheid is over de definitieve wetteksten start Amsterdam gesprekken over het opbouwen van publieke realisatiekracht, waarbij nu al wordt onderkend dat er ook middelen vanuit het rijk nodig zullen zijn om de benodigde investeringen mogelijk te maken.
de bronnenmix verder verduurzamen om de Amsterdamse duurzaamheidsdoelstellingen te behalen. Om te voorzien in de toekomstige warmtevraag en om de opwek hiervan te verduurzamen werkt Amsterdam aan de ontwikkeling van alternatieve bronnen, zoals aardwarmte (geothermie, zie kader), warmte uit aquathermie en restwarmte uit datacenters. Geothermie Geothermie is een belangrijke potentiele bron voor de verdere verduurzaming van warmtenetten. Als mede-vergunninghouder van een opsporingsvergunning kan Amsterdam haar regierol in de warmtetransitie maximaal uitoefenen in het belang van een duurzame en betaalbare warmtevoorziening. Vanuit het programma SCAN heeft EBN (Energiebeheer Nederland) een onderzoeksboring in
Warmtebronnen/aanbod
de regio Amsterdam uitgevoerd. Als
Momenteel worden de grotere stadswarmtenetten gevoed door aftapwarmte van het Afval Energie Bedrijf (AEB) en de Diemercentrale. In gebiedsontwikkeling wordt ook gebruik gemaakt van datacenter restwarmte, aquathermie en warmte/koudeopslag in de bodem. In de toekomst moet
vergunninghouder van de Toewijzing
Herijking RES 2024
Zoekgebied aardwarmte stelt Amsterdam samen met de overige vergunninghouders een onderzoeksplan voor nader seismisch onderzoek. In 2024 worden de eerste inzichten in de potentie van aardwarmte verwacht.
Noord-Holland Zuid
56
Z
Datacenters Amsterdam heeft de grootste concentratie van datacenters in Europa. Dat betekent veel locaties, veel vermogen aan servers en dus veel restwarmte. Deze restwarmte kan in de toekomst een belangrijke rol spelen voor de Amsterdamse warmtevoorziening. Er zijn meerdere initiatieven ontplooid in de afgelopen jaren: • Amstelkwartier 3de fase; Kauwgomballen Kwartier, Weespertrekvaart-Midden en Oost). Hierbij wordt de restwarmte van een datacenter in Weespertrekvaart-Oost gebruikt. Eneco maakt momenteel het technisch ontwerp voor dit systeem. • In Amsterdam-Zuidoost werkt een bouwteam van de gemeente en Eteck uit hoe restwarmte van datacenters kan worden ingezet in het betreffende gebied. • Westpoortwarmte (50 procent aandeel Amsterdam) onderzoekt de haalbaarheid van het grootschalig inkoppelen van restwarmte uit een nieuw te bouwen datacenter in het westelijk havengebied.
In het vestigingsbeleid voor datacenters van Amsterdam is opgenomen dat datacenterrestwarmte moet worden gebruikt; dit beleid wordt komende tijd verder aangescherpt. Regionaal samenwerken in zoektocht naar alternatieven voor biomassa De vergunning van Vattenfall voor de biomassacentrale bij Diemen is vernietigd door de Raad van State. Amsterdam is met Diemen, Ouder-Amstel en Almere, de provincies Noord-Holland en Flevoland en Vattenfall een gezamenlijk traject gestart om mogelijke alternatieve warmtebronnen in kaart te brengen. Er wordt ingezet op een toekomst zonder biomassa. In 2024 wordt duidelijk hoe de vraag naar warmte kan worden ingevuld.
Ondersteunen coöperatieve projecten Amsterdam ondersteunt bewoners die zelf warmte-initiatieven en -coöperaties starten. Initiatieven in Middenmeer (in totaal 5.000 woningen), bij KetelhuisWG (in totaal 2.500 woningen) en circa zes andere plekken in de stad worden ondersteund door de gemeente.
Nieuw programma CWA (collectieve warmte Amsterdam) Amsterdam heeft een programma opgezet om de ontwikkeling van nieuwe warmtesystemen te begeleiden, bijvoorbeeld in de gebiedsontwikkeling. Het programma Collectieve Warmte Amsterdam is in 2022 gestart met als doel de kennis en belangen op het gebied van collectieve warmtesystemen te bundelen.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
57
Z
transportruimte meer beschikbaar. Hierdoor komen onder andere bedrijven en stedelijke voorzieningen in de wachtrij terecht.
mogelijkheden congestiemanagement (Q2 2024) moet blijken welk handelingsperspectief er hiervoor is.
5.5 Elektriciteitsinfrastructuur
Taskforce Congestie Amsterdam (TFCA)
Thematische studie elektriciteit Amsterdam 2.0 (TSA 2.0)
Elektriciteitsinfrastructuur
1. Planning, besluitvorming en ruimtelijke inpassing van de benodigde netuitbreidingen. 2. Het toepassen van maatregelen om de vraag naar elektriciteit te verlagen tijdens piekmomenten en het aanbod (tijdelijk) te vergoten 3. Het creëren van de juiste randvoorwaarden (wet- en regelgeving) voor bovenstaande
Om de gevolgen van klimaatverandering tegen te gaan én om de stad duurzaam te laten groeien, moet het elektriciteitsnetwerk in Amsterdam de komende jaren drastisch veranderen. Amsterdam gaat van het gas af, bouwt nieuwe woonwijken met stedelijke voorzieningen, en de mobiliteit wordt uitstootvrij. Hierdoor zal de vraag naar elektriciteit in 2050 3,5 tot 5 keer zo groot zijn als nu. Netuitbreidingen zijn hard nodig om de toenemende vraag naar elektriciteit te faciliteren. Op sommige delen van het elektriciteitsnetwerk van zowel TenneT als Liander is op dit moment al geen
Om de congestie op het elektriciteitsnetwerk in Amsterdam op te lossen en de impact ervan zo klein mogelijk te houden werken de gemeente Amsterdam, TenneT, Liander en de Port of Amsterdam samen in de TFCA aan:
De gemeente Amsterdam en de netbeheerder monitoren periodiek de impact van plannen en ontwikkelingen in Amsterdam op het elektriciteitsnetwerk. In deze ‘TSA 2.0’ is niet alleen gekeken naar de effecten van de groei van de stad, maar ook naar de ambities en ontwikkelingen op het gebied van de energietransitie, datacenters en de veranderende mobiliteit. De TSA wordt tweejaarlijks geactualiseerd op basis van nieuwe inzichten. Zo wordt er samengewerkt aan een duurzaam, betrouwbaar en effectief netwerk. De volgende update (TSA 3.0) is voorzien in het voorjaar 2024. De ambitie van de RES is hierin verwerkt.
De mogelijke congestie op het elektriciteitsnetwerk van TenneT heeft grote gevolgen voor de verduurzamings- en ontwikkelmogelijkheden binnen Amsterdam. Na afronding van het onderzoek naar
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
58
Z
5.6 Participatie en proces Om tot het Programma Windenergie Amsterdam en het plan-MER te komen waren er diverse participatiemomenten met Amsterdammers, stadsdelen en andere betrokkenen. Voorafgaand aan het opstellen van het plan-MER heeft de Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD) van het plan-MER van 22 februari 2023 tot en met 4 april 2023 ter inzage gelegen. De zienswijzen over de NRD zijn van een reactie voorzien in een Nota van Beantwoording (NvB). De adviezen van de Commissie m.e.r. en overige (wettelijke) adviseurs zijn opgenomen in de NvB. De NvB is vastgesteld door B&W op 18 juli 2023.
In het tweede kwartaal van 2024 zal er een tervisieleggingperiode zijn voor het Programma Windenergie Amsterdam (PWA) en plan-MER. Het participatietraject is in lijn met het participatiebeleid en de inspraakverordening (straks ‘participatieverordening’) van de gemeente Amsterdam. Eenieder kan via een zienswijze reageren. Ook zullen er bijeenkomsten in de stadsdelen georganiseerd worden.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
59
Z
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
60
Z
6
Gooi en Vechtstreek Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
61
Z
6.1 Opwekcijfers en zoekgebieden Theoretische potentie Gooi en Vechtstreek De theoretische potentie voor de opwekking van duurzame energie in de zoekgebieden in Gooi en Vechtstreek is 227 GWh (0,23 TWh). Deze potentie bestaat uit de huidige (gerealiseerde) opwek en de potentie uit van zoekgebieden. De huidige opwek in de Gooi en Vechtstreek is 93 GWh (0,093 TWh). De theoretische potentie van de zoekgebieden is 134 GWh (0,13 TWh). Potentie voor opwek uit zoekgebieden is onder te verdelen in zon op grote daken en parkeerplaatsen (127 GWh) en zon op veld in zoekgebieden (7 GWh).
deze herijking (224 GWh). Toen was er sprake van 25 GWh huidige opwek en een theoretische potentie van 199 GWh voor de zoekgebieden. Sinds de RES 1.0 is in Gooi en Vechtstreek meer opwek gerealiseerd en de huidige opwek toegenomen van 25 GWh naar 93 GWh. De theoretische potentie voor de zoekgebieden is in diezelfde periode afgenomen, van 199 GWh naar 134 GWh. Dit is naast de verschuiving van potentie naar realisatie mede te verklaren door het feit dat de gemeenten Weesp en Amsterdam zijn gefuseerd, hierdoor maakt Weesp geen onderdeel meer uit van deelregio Gooi en Vechtstreek. De potentie voor zon op (grote) daken in Weesp wordt nu bij meegeteld bij de deelregio Amsterdam. Ook rekende in de RES 1.0 de gemeente Hilversum met een relatief hoog percentage zon op grote daken dat al in 2030 zou zijn gerealiseerd. In deze herijking is dat gelijkgetrokken met de rest van de regio (40 procent van onbenutte grote daken).
Ontwikkelingen sinds de RES 1.0 In de RES 1.0 was de theoretische potentie voor Gooi en Vechtstreek vrijwel gelijk aan
In de deelregio worden geen zoekgebieden toegevoegd of geschrapt. Zoekgebied 10
Herijking RES 2024
(Crailo) is vanwege een technische correctie niet langer zichtbaar op de kaart. Zoekgebied 10 is daarmee geen ‘specifiek’ zoekgebied zon op veld dat op de kaart aangeduid wordt maar een ‘generiek’ zoekgebied zon op daken dat geen specifieke aanduiding op de kaart heeft. Opwekcijfers Gooi en Vechtstreek Herijking RES 2024 en RES 1.0 (2021)
Potentie 134 GWh
Potentie 199 GWh
Bestaand 25 GWh
RES 1.0 224 GWh
+68 GWh
Bestaand 93 GWh
Herijking 227 GWh
Belangrijkste mutaties Toename duurzame opwekking met 68 GWh, voornamelijk zon op daken. Rekenmethode zon op grote daken is voor de gemeente Hilversum naar beneden bijgesteld. zodat deze gelijk is met alle andere deelregio's. 16,5 GWh aan zonne-energie in Weesp wordt nu meegeteld in de potentie van Amsterdam.
Noord-Holland Zuid
62
Z
Uitgangspunten Gooi en Vechtstreek RES 1.0 nog steeds actueel De regio Gooi en Vechtstreek heeft een aantal uitgangspunten opgesteld voor duurzame energieopwekking in de regio: •
De gemeenten in Gooi en Vechtstreek willen de kwaliteiten die de regio biedt zo veel mogelijk behouden.
Zoekgebieden Het aanbod van de regio Gooi en Vechtstreek is opgebouwd uit de volgende zoekgebieden: • Generieke zoekgebieden: zon op grote daken (inclusief Crailo), langs infrastructuur en op parkeerplaatsen • Vliegveld Hilversum • Zonnegeluidswal Naarderwoonbos
Ze gaan daarom zorgvuldig om met de cultuurlandschappen en de natuurgebieden in de regio. Daarbij houden ze rekening met bestaande regimes zoals de Natura 2000, het Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) en UNESCO Werelderfgoed. •
De regio Gooi en Vechtstreek wil de potentie voor zon op grote daken, langs
In de specifieke en generieke zoekgebieden wordt actief gekeken wat er binnen de regio mogelijk is, waarbij zorgvuldig aandacht is voor alle beschermingsregimes die gelden voor het landschap en de historische kernen. Dit geldt bijvoorbeeld voor UNESCO Werelderfgoed en Natura 2000. Dit maakt het uitdagend, maar niet onmogelijk.
(spoor)wegen en op parkeerplaatsen zo veel mogelijk benutten. Zo zijn
Generieke zoekgebieden
gemeenten inmiddels gestart met de
De regio wil de potentie voor zon op grote daken, zon langs (spoor)wegen en zon op parkeerplaatsen (zoekgebieden) zoveel mogelijk benutten. Hiervoor worden momenteel voorbereiding getroffen om dit mogelijk te maken vóór 2030.
verkenningsfase van het OER-traject. •
De regio heeft als ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. Om dit te bereiken zet de regio onder meer in op energiebesparing en vermindering van CO2-uitstoot door extra inzet op de verduurzaming van bebouwing en de aanpak van bodemdaling in het veenweidegebied.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
63
Z
Zon op grote daken Om meer zonnepanelen op daken te realiseren, zijn er in de regio verschillende projecten opgestart. Het project Zonwinst heeft een intensivering opgeleverd voor zon op grote daken en is inmiddels als regionaal project afgerond. In Huizen loopt de uitvoering van Zonwinst nog enkele maanden door. De gemeente beraadt zich op een vervolgaanpak. In Laren wordt bezien of er een verlenging van het project Zonwinst mogelijk is voor de aanpak zon op grote daken. Daarnaast wordt er in Laren door de provincie een plan van aanpak opgesteld, waarbij de focus ligt op klein maatschappelijk vastgoed. In Gooise Meren en Wijdemeren zijn lokale meerjarige projecten opgestart om het aanbrengen van zonnepanelen op daken te stimuleren. In de Blaricummermeent worden de mogelijkheden verkend voor zon op dak bij ‘business park A27’. In 2024 wordt onderzocht wat de meest geschikte aanpak is om gebouweigenaren hierin mee te krijgen. Crailo Bij zoekgebied Crailo (gelegen in de gemeenten Gooise Meren,Hilversum en Laren)
worden daken van woningen en bedrijven en boven collectieve parkeerplaatsen voorzien van zo veel mogelijk zonnepanelen. In de RES 1.0 is het zoekgebied aangemerkt als zon op veld. Concretisering van het zoekgebied maakt duidelijk dat het hier feitelijk gaat om zon op dak. Daarom vindt in de Herijking RES 2024 een correctie plaats, waardoor Crailo onder de generieke zoekgebieden valt. Het betreft een technische correctie die geen effect heeft op de ambitie, de potentie of het bod. Zon langs (spoor) wegen Op dit moment is een deel van de regio betrokken bij het landelijk Opwek van Energie op Rijksvastgoed (OER)-programma. Rijkswaterstaat is samen met de provincie, Prorail en de gemeenten Gooise Meren, Hilversum, Laren, Blaricum en Huizen gestart met een OER-project waarbij de opweklocaties langs de A1, de A6 en het spoor worden verkend en ontwikkeld. Op 22 juni 2023 heeft het Bestuurlijk Overleg OER de scope en het plan van aanpak voor de verkenning vastgesteld. Deze verkenningsfase loopt tot en met de zomer van 2024 en resulteert in een plan van aanpak voor de planfase.
Herijking RES 2024
In de gemeente Blaricum wordt in 2024 de businesscase verder uitgewerkt van zonnepanelen op het geluidsscherm bij de Blaricummermeent. Zon op parkeerplaatsen Vanuit de gemeenten in de regio wordt gezocht naar geschikte locaties voor zonnepanelen op parkeerplaatsen. Op dit moment is het een uitdaging om de businesscases voor zonnepanelen boven parkeerplaatsen rendabel te krijgen. De uitdagingen zijn de bezettingsgraad en de hoge investeringskosten van de draagconstructies. Voor zon op parkeerplaats lopen in Gooise Meren ook meerdere verkenningen. Op dit moment is Solar Carport De Kuil vergevorderd. Daar loopt nu de verwerking van zienswijze op de omgevingsvergunningen. Op het moment van schrijven is nog niet duidelijk of de subsidie van de provincie Noord-Holland voor Solar Carports verlengd wordt. Deze is essentieel om een businesscase rond te krijgen.
Noord-Holland Zuid
64
Z
Overige zoekgebieden Vliegveld Hilversum Het zoekgebied ‘Vliegveld Hilversum’ is wat betreft omvang en potentie ongewijzigd ten opzichte van de RES 1.0. Sinds de RES 1.0 zijn de mogelijkheden voor de opwek van zonneenergie op het vliegveldterrein Hilversum op verschillende manieren verkend. De gemeente Hilversum maakt een eerste inventarisatie om te onderzoeken of het mogelijk en wenselijk is zonnepanelen te plaatsen op Vliegveld Hilversum. Samen met bewoners, ondernemers en organisaties is de gemeente Hilversum in gesprek om te horen wat zij belangrijk vinden. Er zijn twee werksessies geweest met de belangrijkste stakeholders, waaronder stichting vliegveld Hilversum, lokale natuur- en milieuorganisaties, gemeente Hilversum en defensie. Daarnaast heeft er in december 2023 een eerste consultatie met bewoners en bedrijven uit de buurt plaatsgevonden. Momenteel wordt er een plan gemaakt om de businesscase voor dit relatief kleine veld rond te krijgen.
Zonnegeluidswal Naarderwoonbos In het zoekgebied Naarderwoonbos worden de mogelijkheden onderzocht voor opwek van zonne-energie langs de A1 ter hoogte van het Naarderbos. Dit zoekgebied staat los van het OER-project A1, A6 en spoor NoordHolland. Ten opzichte van de RES 1.0 zijn er geen wijzigingen in het zoekgebied. Wel zijn er de nodige stappen ondernomen. Zo heeft de gemeenteraad Gooise Meren in januari 2023 ingestemd om het project Zonnegeluidswal verder voor te bereiden en uit te voeren. De omgevingsvergunningen voor de aanleg van de grondwal worden aangevraagd. Voor het aanbrengen van zonnepanelen op de grondwal op vindt nog overleg plaats met de Provincie Noord-Holland en Rijkswaterstaat.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
65
p p Zon op geluidschermen e.d. Opwek op Rijksvastgoed (OER)
Z
Zon
Herijking RES 2024 Wind
Noord-Holland Zuid Zon plus wind
Totaal potentiële opwekking (GWh)
Legenda
Totaal potentiële opwekking (TWh) Gooi en Vechtstreek
Bestaande duurzame opwekking (TWh)
Bestaande windturbines Zoekgebieden
Geplande windturbines
11
Gebouwde omgeving Water
10
10 Vliegveld Hilversum GWh hectares of 11 Naarderbos turbines 2030
Zon op grote daken
109
94 ha
Zon boven parkeerplaatsen
18,4
9 ha
Zon op geluidschermen e.d.
3,7
4 ha
Opwek op Rijksvastgoed (OER)
-
-
Zon*
2,9
3 ha
Wind
-
-
Zon + wind
-
-
Totaal potentiële T opwekking (GWh)
134
Totaal potentiële T opwekking (TWh)
0,13
Bestaande duurzame opwekking (TWh)
0,09
LEGENDA Bestaande windturbines
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid Gebouwde omgeving
66
Water
Z
Erfmolens
6.2 Ambities en ontwikkelingen Gooi en Vechtststreek Ambitie: klimaatneutraliteit in 2050 De regio Gooi en Vechtstreek heeft de ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn. De regio richt zich op het verduurzamen van de gebouwde omgeving (besparing) en hernieuwbare energie (opwek). De gezamenlijke regionale opgaven waarop gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek willen samenwerken zijn geconcretiseerd in de Regionale Samenwerkingsagenda 2023-2026, deze is in juli 2023 door alle gemeenteraden vastgesteld.
Sinds 2017 werken gemeenten, energiecoöperaties, de netbeheerder, waterschap Amstel Gooi en Vecht, provincie Noord-Holland, bedrijfsleven en woningcorporaties al samen om deze ambitie waar te maken.
De provinciale omgevingsverordening maakt inmiddels vergunningverlening voor erfmolens mogelijk. Er zijn onderzoeken uitgevoerd naar zonnepanelen in het landschap en erfmolens (Wijdemeren en Laren). Deze onderzoeken wil de regio nader uitwerken in lokale ruimtelijke planvorming op regionaal niveau.
Energiebesparing Gooi en Vechtstreek In de RES 1.0 was in de Gooi en Vechtstreek al veel aandacht voor energiebesparing. Energiebesparing is een belangrijke eerste stap richting de ambitie om klimaatneutraal te zijn. Om die reden zet de regio extra in op vermindering van CO2-uitstoot door middel van de verduurzaming van bebouwing en de aanpak van bodemdaling in veenweidegebied. Voor dit laatste is medio 2022 de Regionale Veenweide Strategie vastgesteld, wat vervolgens onderdeel is geworden van het Provinciaal Programma Landelijk Gebied (PPLG). Ondanks dat het PPLG uiteindelijk is uitgesteld, zijn er verschillende gebiedsprocessen gestart in de Noordelijke Vechtstreek. Het doel hiervan is het tegengaan van bodemdaling en daarmee CO2-uitstoot te beperken.
Herijking RES 2024
Ontwikkelingen windenergie Gooise Meren start een verkenning naar de kansen en bedreigingen bij het scenario van plaatsing van één van de windmolens op haar grondgebied aansluitend op de zoekgebieden van Diemen en Amsterdam.
Bedrijventerreinen Ten opzichte van de RES 1.0 zet de regio Gooi en Vechtstreek sterker in op verduurzaming van bedrijventerreinen. De regio heeft een top 10 geformuleerd (in het uitvoeringsprogramma lokale nadere uitwerking van de RES 1.0) waarbij besparing van energie, duurzaam opwekken van energie en aardgasvrije verwarming integraal worden opgepakt. Daarbij is ook aandacht voor slimme oplossingen zoals netcongestiemanagement.
Noord-Holland Zuid
67
Z
6.3 Warmte Warmtevraag is een voorname bepalende factor voor het energieverbruik in Nederland. In de verschillende gemeenten lopen projecten om uitvoering te geven aan de Transitievisie Warmte (TVW) die in de gemeenten is vastgesteld. Gezamenlijk is in de deelregio Gooi en Vechtstreek onderzoek gedaan naar geothermie. Dat bleek minder kansrijk dan gehoopt. Er loopt wel nog een onderzoek bij SCAN en CE Delft. Dit wordt op dit moment niet actief opgepakt. De conclusies uit dit onderzoek kunnen leiden tot een heroverweging van de mogelijkheden van geothermie.
De energieregio Noord-Holland Zuid faciliteert in de kennisdeling met de uitbreiding van het Servicepunt Duurzame Energie. In de deelregio Gooi en Vechtstreek zijn geen formele samenwerkingsafspraken over warmte. Er zijn wel verkennende gesprekken om te kijken of er eventueel regionaal kan worden samengewerkt.
Aquathermie wordt met het IJmeer en Gooimeer actief ingezet bij de warmtetransitie. De beperkte mogelijkheden om restwarmte van bedrijven in te zetten, worden niet onbenut gelaten. Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
68
Z
6.4 Energieinfrastructuur
dit te kunnen blijven faciliteren. Slim inpassen van zon op dak is te allen tijde van belang om zoveel mogelijk zonne-energie in te kunnen passen.
vermogen aanwezig op de stations in Gooi en Vechtstreek om terug te kunnen leveren. De knelpunten die Liander in de toekomst ziet, worden alleen veroorzaakt door de toename in vraag naar elektriciteit.
Huidige situatie op het elektriciteitsnet De vraag naar elektriciteit gaat de komende jaren aanzienlijk stijgen. Dit komt vooral door de verduurzaming van de bestaande woningvoorraad en bedrijfsgebouwen. Aangezien Gooi en Vechtstreek naar verwachting - weinig duurzame warmtebronnen heeft, is de kans groot dat de warmtevraag vooral ingevuld gaat worden met warmtepompen. Daarnaast gaat ook het wagenpark in de Gooi en Vechtstreek de komende jaren verduurzamen. Er zijn niet veel grote logistieke bedrijven in Gooi en Vechtstreek waardoor de impact vooral in de particuliere sector zichtbaar gaat zijn. Het grootste deel van de RES-ambitie gaat ingevuld worden door zon op (bedrijfs) daken. Ook gaan steeds meer bewoners zonnepanelen op hun daken leggen. Deze ontwikkelingen gaan vooral impact hebben op het laagspannings- en middenspanningsnet in de wijken. Kabels moeten daarvoor verzwaard worden en er zullen meer elektriciteitshuisjes in de wijken geplaatst moeten worden om
In de Gooi en Vechtstreek is op dit moment geen sprake van netcongestie op stations op het regionale elektriciteitsnet. Geen van de elektriciteitsstations is op dit moment overbelast vanuit het perspectief van Liander. Wel is er ook in Gooi en Vechtstreek sinds 18 oktober 2023 sprake van netcongestie op het hoogspanningsnet van TenneT voor levering van elektriciteit. Rond de zomer van 2024 geeft TenneT na uitvoeren van het congestiemanagement-onderzoek meer duidelijkheid hierover.
Zoals hiervoor al aangegeven is er voor opwek van elektriciteit in Gooi en Vechtstreek voldoende vermogen beschikbaar om terug te kunnen leveren. De zoekgebieden voor ‘zon op veld’ in de regio verwacht Liander aan te kunnen sluiten voor 2030. Vanuit de RES zijn er geen zoekgebieden met grote windturbines en grote zonneweides die rechtstreeks aangesloten moeten worden op zo’n verdeelstation. Dit heeft vooral te maken met het feit dat er veel beschermd natuurgebied is in Gooi en Vechtstreek waardoor grootschalige duurzame opwek veelal niet mogelijk is.
Liander heeft voor haar verdeelstations wel investeringsplannen om uit te breiden, maar dit gaat zoals nu voorzien pas vanaf 2030 noodzakelijk zijn. Ook is er na 2030 behoefte aan een nieuw elektriciteitsstation om aan de groeiende vraag naar elektriciteit te kunnen blijven voldoen. De uitbreidingen en het bouwen van een nieuw station zijn noodzakelijk door de toename in de toekomst voor vraag naar elektriciteit. Voor opwek van elektriciteit is er meer dan voldoende
Daarnaast blijkt wel dat de ruimte voor levering en teruglevering op de kabels in de regio krapper wordt. Resultaat hiervan is dat voor zon op dak en zon boven parkeerplaatsen de uitdaging mogelijk groter is gezien de grote opgave die dit kan veroorzaken in het laagspannings- en middenspanningsnet. Slim inpassen van zonneenergie is essentieel. De huidige situatie voor teruglevering voor duurzame opwekprojecten van >3x80A tot <2MW wordt in de kaart op de volgende pagina verder verduidelijkt.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
69
Z
Netsituatie regio Gooi en Vechtstreek voor grootverbruikklanten - (> 3x80A tot < 2MW)
Rode gebieden:
Er is geen extra capaciteit op het elektriciteitsnet beschikbaar. Liander heeft hier de mogelijkheden voor congestiemanagement onderzocht, maar dit biedt geen uitkomst.
Oranje gebieden:
Er is geen capaciteit op het net beschikbaar. We onderzoeken of congestiemanagement een oplossing biedt voor de capaciteitsproblemen.
Gele gebieden:
Ook bekijken we of hier andere slimme netoplossingen mogelijk zijn. Er is nog wel capaciteit beschikbaar, maar we zien op basis van onze voorspellingen en uitstaande aanvragen dat er binnen afzienbare tijd transportschaarste kan ontstaan.
Transparante
Op dit moment zijn er geen knelpunten in het gebied en is er
gebieden:
capaciteit op het elektriciteitsnet beschikbaar.
Deze afbeelding toont de netsituatie voor het terugleveren van elektriciteit. De kleuren geven de situatie aan per gebied. Alleen in de gele en transparante delen is (beperkte) teruglevering mogelijk. Om het net efficiënt te benutten en hoge pieken te voorkomen is het van belang de door zonnepanelen opgewekte elektriciteit direct gedurende de dag ook te verbruiken (zogeheten ‘opwek achter de meter’). Het opknippen van grote zonneweiden (die op dit moment niet meteen aangesloten kunnen worden) in kleine delen om daarmee wel een aansluiting te realiseren is geen haalbaar scenario. Elektriciteitsstations hebben hiervoor geen ruimte op de velden (stopcontacten in het station), en het is bij wet verboden.
Herijking RES 2024
Noord-Holland Zuid
70
Z
Zoals uit de afbeelding blijkt wordt de vrije ruimte (capaciteit) voor teruglevering op de kabels in de regio kleiner door de groei van zonnepanelen op daken, zowel bij inwoners en bedrijven als maatschappelijke instellingen. En voor de levering van elektriciteit komt dit door de elektrificatie, zoals de toename van elektrische auto’s en warmtepompen om woningen en bedrijven te verwarmen. Deze ontwikkelingen maken gebruik van het laag- en middenspanningsnet. Dit zijn de kabels en elektriciteitshuisjes in buurten en op bedrijventerreinen. De verwachting is dat in de Gooi en Vechtstreek netcongestie vooral op dit deel van het net zal gaan voorkomen. In dit gebied is er vaak sprake van een relatief oud elektriciteitsnet dat niet voldoet aan de toekomstige vermogensvraag van gebruikers. Liander verwacht dat in een groot deel van de wijken in deze regio het laagspannings- en middenspanningsnet verzwaard moet worden. Consequentie van deze uitbreidingen en verzwaringen is dat in veel wijken de straten open moeten en dat er een aanvullende ruimteclaim ontstaat, doordat er meer elektriciteitshuisjes in de wijken moeten komen.