01b Algemeen deel - 20210707 Notulen raadsvergadering middag
Tekst van het document
Veel leraren vanwege de situatie en misschien vanwege verleidingen misschien wel van uitzendbureaus die vervolgens verhuizen of te werk gaan bij randgemeenten, is het mogelijk afspraken te maken met andere gemeenten omtrent dit punt? Het gaat gewoon om solidair zijn met elkaar en om niet te concurreren. Ons Nederlands onderwijs is daarbij niet gebaat. Er zijn ook afspraken gemaakt met Amsterdamse schoolbesturen om scholen te ondersteunen bijvoorbeeld bij het begeleiden van nieuwe leraren. Vindt u ook dat dat goed genoeg gaat, die solidariteit? Eigenlijk op het gevaar af dat ik iets ga zeggen wat misschien niet kan, omdat ik zelf geen woordvoerder Wonen ben, maar aangezien u toch met een brief komt om een update te geven, daar hoop ik echt dat u dat kunt meenemen. We hebben in Nederland een hele vreemde situatie waarbij je als gemiddeld persoon veel meer huur betaalt binnen de vrije sector, met name mensen die een vergelijkbaar salaris hebben als leraren. Je betaalt veel meer aan de huur voor een vrije sector woningen dan wanneer je een hypotheek zou
43
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
aflossen vanwege allerlei regels dat je minimaal 35.000 euro spaargeld moet inleggen. Is er een manier van de gemeente om daarin iets te doen of te bespreken richting het rijk of richting de bancaire wereld? Ik weet het niet maar ik zou wel graag willen dat u daar uw visie op laat schijnen zodat we dat kunnen bespreken. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Boomsma. De heer BOOMSMA: Met die toezegging, dus dat is eigenlijk wat ik voorstel in deze motie dat onderzocht wordt in het kader van de uitwerking van die eerdere motie en dat dat nog voor het einde van dit jaar aan ons wordt voorgelegd, kan ik mijn motie intrekken. Dan hoop ik wel dat het een kwestie is van vroege herfst en niet de late herfst of winter. De motie-Boomsma (nr. 2021.589) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan wethouder Moorman. Wethouder MOORMAN: Ik hou ook meer van een vroege herfst want dan gloort het licht nog zo mooi. Ik ga mijn best doen en dank voor uw medewerking hier op. We strijden uiteindelijk voor hetzelfde. Dan wat betreft de vraag van de heer Blom over de detachering. Er wordt ongelooflijk goed samengewerkt tussen de schoolbesturen in Amsterdam juist ook omdat ze zien dat het een probleem is van hun allen.
Ik vind de solidariteit die daarin wordt betracht bijvoorbeeld niet altijd meteen een vacature vervullen omdat je ziet dat de problemen elders groter zijn en dat je daar geen leraar wilt wegtrekken, dat is echt heel bewonderenswaardig. Tegelijkertijd zet dit solidariteit natuurlijk wel onder druk. Daarmee is het soms ook een duivels dilemma. Ik hoop vooral dat het heel erg lukt om die solidariteit onderling heel erg vast te houden. Daar doen we ontzettend ons best voor. Maar je ziet inderdaad in de randgemeenten dat die ook een probleem op te lossen hebben. Dus ja, solidariteit is niet afdwingbaar; het vergt vooral heel veel met elkaar spreken. De discussie wordt gesloten.
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.
3. Kennisnemen van de Voorjaarsnota begrotingswijzigingen, VN2021-017684
2021
en
vaststellen
enkele
gevoegd met 61. Vaststellen van de financiële verordening 2022, VN2021-016738
44
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De VOORZITTER: Vanmiddag beginnen we met de tweede zijde van de raad. De stemmingen zullen morgenavond plaats vinden. En even om het geheugen op te frissen, het gaat over agendapunt 3, kennisnemen van de Voorjaarsnota 2021 en het vaststellen van enkele begrotingswijzigingen. De moties die zijn ingediend bij de Algemene beschouwingen en de behandeling van de Voorjaarsnota in de raadscommissies maken deel uit van de beraadslagingen. Gisteren heeft u een actualisatie ontvangen van de ingediende, gewijzigde en ingetrokken moties en amendementen. Daarnaast zijn nog de volgende moties en amendementen bij dit agendapunt ingediend:
44° Motie van het lid Marttin inzake de Voorjaarsnota 2021 (Géén versmalling rijbanen Weesperstraat bij Namenmonument, nr. 2021.544 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de tijdelijke versmalling van de Weesperstraat ter hoogte van het Namenmonument deze zomer niet definitief te maken en in plaats daarvan te wachten totdat dit plan uitvoerig is besproken in de commissie MLW en in de gemeenteraad.
45° Motie van de leden A.L. Bakker, Boomsma, Veldhuyzen, Kiliç, Kuiper en Nadif inzake de Voorjaarsnota 2021, Start met tien hangende tuinen aan ons vastgoed, nr. 2021.545 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
voortvarend van start te gaan met het vergroenen van de eerste tien gevels van het gemeentelijk vastgoed en dit te bekostigen uit de duurzaamheidsmiddelen voor gemeentelijk vastgoed.
46° Motie van de leden Van Renssen, Mbarki, Rooderkerk en Flentge inzake snel invoeren woonplicht, nr. 2021.433’ Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de opkoopbescherming voor Amsterdamse woningen zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval voor juli 2022, in te voeren en dit te laten gelden voor zoveel mogelijk woningen in alle gebieden van de stad.
47° Motie van de leden Veldhuyzen, Kiliç, Taimounti en Van Lammeren inzake Voorjaarsnota 2021, Maatwerk in plaats van maximale verblijfsduur LVV, nr. 2021.571 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de algemene maximale verblijfsduur van anderhalf jaar in de LVV af te schaffen en in plaats daarvan maatwerk te hanteren.
45
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
48° Motie van de leden Veldhuyzen, Kiliç, Taimounti, de Fockert, Van Lammeren en Kuiper inzake de Voorjaarsnota 2021, Mondzorg voor alle Amsterdammers, nr. 2021.572 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de mogelijkheid te onderzoeken, eventueel in samenwerking met partijen als ACTA en Dokters van de Wereld, om een fonds op te zetten om mondzorg toegankelijk te maken voor Amsterdammers zonder papieren en hierover te rapporteren naar de raad.
49° Motie van het lid Veldhuyzen inzake de Voorjaarsnota 2021, Rechtvaardig klimaatbeleid, nr. 2021.573 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
Een onderzoek uit te voeren naar de impact van het klimaatbeleid op de minder vermogenden en minst vermogende Amsterdammers, hierbij te berekenen hoe de lasten en lusten worden gedragen door verschillende inkomensgroepen, indien nodig met voorstellen tot aanpassingen te komen om een rechtvaardige kosten en baten verdeling van het klimaatbeleid te verzekeren en hierover te rapporteren naar de raad.
50° Motie van het lid Veldhuyzen inzake de Voorjaarsnota 2021, Red Urban Myth, nr. 2021.574 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
zich in te spannen om een passend bedrag vrij te maken voor Urban Myth omdat deze instelling een pionier en een schoolvoorbeeld is op het gebied van meerstemmigheid in de culturele sector en de instelling zonder steun van de gemeente wordt bedreigt in haar voortbestaan en daarvoor in het vierde kwartaal van 2022 een voorstel voor te leggen aan de raad.
51° Motie van de leden Veldhuyzen, Taimounti en Yilmaz inzake de Voorjaarsnota 2021, Verbod op Zwarte Piet, nr. 2021.575 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
een voorstel uit te werken om Zwarte Piet in de openbare ruimte te verbieden middels de Algemene Plaatselijke Verordening en dit uiterlijk in de raad van september 2021 voor te leggen aan de raad.
52° Motie van het lid Veldhuyzen inzake de Voorjaarsnota 2021, Zeggenschap bewoners over camera’s, nr. 2021.576 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders:
46
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
-
R
de mogelijkheid te onderzoeken om bewoners zeggenschap te geven dan wel te betrekken in besluitvormingsprocessen omtrent de plaatsing van camera’s in hun wijk en hierover te rapporteren naar de raad.
53° Motie van het lid van Soest inzake de Voorjaarsnota, Asfalt op de Koninginneweg, nr. 2021.582 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
het fietspad op de Koninginneweg in asfalt uit te voeren en niet in klinkers.
54° Motie van het lid van Soest inzake de Voorjaarsnota, Behoud de scheepswerf in Noord, nr. 2021.583 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
-
om in gesprek te gaan met de directie van de scheepswerf om te bezien hoe de werf voor Amsterdam behouden kan blijven en de raad over de uitkomsten te informeren; zuinig om te gaan met de weinige werk- en maakindustrie die onze stad nog heeft.
55° Motie van de leden Van Soest en Boomsma inzake de Voorjaarsnota, Ligplaatsregeling voor woonboten, nr. 2021.584 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
met de Woonboten Coalitie in gesprek te gaan om te komen tot een voorstel voor een betaalbare ligplaatsregeling.
56° Motie van het lid van Soest inzake de Voorjaarsnota, Onafhankelijk onderzoek verdwijnen tramlijn 14, nr. 2021.585 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
het toegezegde onafhankelijke onderzoek naar het verdwijnen van tramlijn 14 en de gevolgen daarvan, binnen vijf maanden, alsnog uit te voeren en de uitkomsten daarvan voor de gemeenteraadsverkiezingen met de raad te delen.
57° Motie van het lid van Soest inzake de Voorjaarsnota, Draai bezuinigingen PGB’s terug, nr. 2021.586 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de besparing op PGB’s van 2,8 miljoen euro voor 2022 in te zetten voor de hogere vraag naar PGB’s, hulpmiddelen en aanvullend openbaar vervoer; de netto schuldquote te verhogen om deze investeringen te financieren.
47
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
58° Motie van het lid Van Lammeren inzake pas op de plaats met de verkoop van het Afval Energie Bedrijf, nr. 2021.588 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
-
voorlopig pas op de plaats te houden met het verkoopproces totdat de enquêtecommissie haar definitieve onderzoeksverslag heeft gepresenteerd aan de raad (en deze uitkomsten besproken zijn in de raad); mogelijkheden te onderzoeken om het AEB in publieke handen te houden en dit onderzoek te delen met de raad.
59° Motie van het lid Nadif inzake versterken kwetsbare wijken in de regio in samenwerking met de ROM, nr. 2021.453’ Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
bij de eerste voorgangsrapportage van de ROM MRA-NHN inzichtelijk te maken in hoeverre investeringsbijdragen ook terecht zijn gekomen bij ondernemers die gevestigd zijn in ontwikkelbuurten.
60° Motie van de leden Boomsma, Kuiper, Nanninga, Van Lammeren, Van Soest en Grooten inzake de Voorjaarsnota 2021, Werken aan het Participatieprotocol, nr. 2021.507’ Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
het participatiebeleid dat nu ter inspraak voorligt, in lijn te brengen met de doelstellingen van het Participatieprotocol; de inhoud van het Participatieprotocol in de uitwerking en de uitvoering van het participatiebeleid een plek te geven; de opstellers van het Participatieprotocol te betrekken bij de verwerking van het protocol in het gemeentelijk beleid.
61° Motie van de leden Nadif, De Jager, Biemond, N.T. Bakker, Taimounti, Kiliç, Kuiper, Veldhuyzen en Martens inzake organiseer rondetafelgesprekken met de Amsterdamse markten, nr. 2021.511’ Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
rondetafelgesprekken te organiseren voor marktondernemers om de behoeften aan en ideeën rondom beleid rondom markten te inventariseren; hierbij zoveel mogelijk vertegenwoordigers van de ondernemers, het marktbureau en de raad uit te nodigen; de uitkomsten van deze gesprekken mee te nemen in het beleid over markten in Amsterdam.
62° Motie van de leden Ernsting en Vroege inzake Voorjaarsnota: parkeerdruk en bezoekersregeling harmoniseren, nr. 2021.591
48
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
bij de aangekondigde harmonisatie parkeertarieven de overweging mee te nemen ‘kortingen’ van 100 procent af te schaffen; tijdig de gebiedsgrootte en parkeerdruk te evalueren rond gebieden met fiscale parkeerregulering en de gebieden met fiscaal parkeren zo nodig aan te passen.
63° Amendement van de leden Boomsma en Van Soest inzake de Voorjaarsnota 2021, Draai de enorme woonlastenverzwaring via de precariobelasting voor woonboten terug, nr. 2021.592 Besluit: -
op bladzijde 97 onder 3.A.2. Belastingen de volgende tekst op te nemen: “Om de woonlasten van woonbootbewoners niet onevenredig te verhogen maar bewoners in deze zware tijd tegemoet te komen, draaien we de verhoging van de precariobelasting terug, en handhaven we de tarieven van 2020.”
-
64° 2021.593
de benodigde 650.000 euro te dekken uit de door het Rijk toegezegde compensatie voor gederfde toeristenbelasting voor 2021. Motie van de leden Roosma en Mbarki inzake de Voorjaarsnota, nr.
Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
het samenwerkingsverband tussen Amsterdam en Tel Aviv exclusief in te richten op het gebied van het ondersteunen van mensenrechten(organisaties) en vluchtelingenopvang, en daarbij zoveel mogelijk met non-gouvernementele organisaties samen te werken.
65° Motie van Boomsma (CDA) en Naoum Néhmé inzake de Voorjaarsnota, Volledige informatie bij overstapaanbieding erfpacht aan mensen met AB 1994, nr. 2021.598 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
-
bij overstapaanbiedingen aan erfpachters die onder de AB 1994 vallen en nog recht hebben op een extra verlenging in het voortdurende systeem, naast de voor overstap naar eeuwigdurende erfpacht ook de bedragen te noemen voor extra verlenging en de overstapaanbieding na de extra verlenging, zodat de erfpachter volledig geïnformeerd een beslissing kan nemen; de procedure als één geheel te beschouwen waarbij geen rechten worden opgegeven of deadlines verlopen als in tweede instantie toch gekozen wordt voor de optie om eerst te verlengen en daarna pas over te stappen.
49
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
66° Motie van de leden Boomsma, Naoum Néhmé, Van Lammeren, Van Soest, Kuiper, Kiliç en Van Schijndel inzake de Voorjaarsnota 2021, Meer tijd voor erfpachters, nr. 2021.599 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
de druk waaronder erfpachters moeten beslissen over een overstap naar eeuwigdurende erfpacht te verlichten door de termijnen die erfpachters krijgen voor het accepteren van overstapaanbiedingen te verlengen tot standaard zes maanden.
67° Amendement van het lid Boomsma inzake de Voorjaarsnota 2021, Subsidieregeling voor wijkcentra, nr. 2021.600 Besluit: -
in de Voorjaarsnota 2021 op te nemen: “We stellen een subsidieregeling voor wijkcentra op zodat die in 2022 blijven voortbestaan. Het hiervoor benodigde bedrag van 351.000 euro halen we uit de door het Rijk toegezegde compensatie voor gederfde toeristenbelasting voor 2021.”
68° Motie van het lid Boomsma inzake de Voorjaarsnota 2021, Toezichthoudende functie Jeugdzorg, nr. 2021.601 Verzoekt het college van burgemeester en wethouders: -
-
de toezichthoudende rol van de Raad en de begrenzing daarvan samen met leden van de commissie Zorg, Jeugdzorg en Sport nader te beschrijven; daarvoor samen een structuur te ontwerpen met bijvoorbeeld periodieke rapportages, en/of structureel overleg met de gecontracteerde grote Specialistische Jeugdzorginstellingen, zodat informatie over de kwaliteit van de Zorg op efficiënte wijze bij de Raad komt; in tweede instantie voor de WMO een vergelijkbare structuur te ontwerpen.
69° 2021.602
Amendement van het lid Boomsma inzake de Voorjaarsnota 2021, nr.
Besluit: -
op pagina 9 van de Voorjaarsnota onder “Bestuurlijke Hoofdlijnen” de volgende passage toe te voegen: “Om de stad beter schoon te houden geven we in 2022 incidenteel 10 miljoen extra uit. Dit betalen we uit de toegezegde compensatie voor de gederfde toeristenbelasting.”
-
alle andere getallen en formules conform aan te passen.
50
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De moties en amendementen maken deel uit van de beraadslaging. De VOORZITTER: Mocht u van plan zijn moties of amendementen te wijzigen of in te trekken, dan verzoek ik u duidelijk aan te geven welke motie of amendement het betreft door vermelding van het nummer. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Torn. De heer TORN: Zoals u ziet, heb ik vandaag uitgebreide spreekaantekeningen meegenomen en dat gaat over motie nr. 2021.455 en die motie zou mijn fractie graag willen intrekken. Dat is op dit moment een van de belangrijkste dingen die ik niet mocht vergeten. We hebben de Voorjaarsnota natuurlijk al uitgebreid besproken. Het is nu inmiddels als de zoveelste termijn en het is wel goed gebruik niet onnodig in herhaling te vallen. Dat ga ik dus ook niet doen. Wat wel belangrijk is, is dat we de financiële verordening vanmiddag nog een keer bespreken. Vorige week hebben we daarover in de raadscommissie Financiën een goede discussie over gevoerd. Ik denk dat u toen kon merken dat mijn fractie moeite heeft met de nieuwe systematiek, althans, de voorgestelde systematiek. Ik moet het wel zo zeggen. Mijn voorstel was toen ook om dit nu als raad toch nog even in de ijskast zetten en extern advies inwinnen en dat zou ik nog steeds het liefst willen.
Ik merkte ook wel dat daarvoor misschien net niet helemaal een meerderheid was, dus ik ben een beetje in dubio, zal ik maar heel eerlijk zeggen. Ik heb de afgelopen dagen nog wat contact gehad met collega’s en dat heeft er onder andere toe geleid dat ik samen met collega Boomsma van het CDA een amendement zou willen indienen om het bedrag waarover het hier gaat, te verlagen van 20 miljoen euro naar 5 miljoen euro. Ik ben ook wel benieuwd naar de bestuurlijke reactie van de wethouder daarop en naar de reactie van andere fracties. We zullen uiteindelijk de balans moeten opmaken. Nogmaals, ik had liever gezien dat we het hadden uitgesteld zodat we er nog eens een keer wat rustiger naar zouden kunnen kijken, maar het lijkt erop dat dat er niet helemaal in zit en dan weet ik ook wel dat uiteindelijk de meerderheid beslist. Dus ik zit een beetje in dubio. (Mevrouw ROOSMA: Dank aan de heer Torn dat hij bereid is geweest te kijken naar op wat voor manier we kunnen komen tot wellicht een compromis en dat de heer Torn dan misschien ook voor deze financiële verordening kan stemmen. Dat is denk ik belangrijk dat de VVD het nieuwe stelsel ook steunt. Ik heb uw amendement gezien en u stelt voor om van 20 miljoen euro, de grens voor het automatisch agenderen van bestuursbesluiten naar 5 miljoen euro te brengen. Dat is wel een hele grote stap.
Ik heb het gevoel dat we dan misschien alle voorstellen nog een keer langs krijgen en dat we alles dubbel gaan doen. Bent u bereid te kijken of er iets van een soort middenweg is tussen 5 en 20 miljoen euro?) Ik vind het ingewikkeld. Het hele idee waarom de kritiek op voorstel of in ieder geval het gevoel bij dit voorstel is dat ik er huiverig voor ben om er voor te stemmen, heeft ermee te maken dat het budgetrecht bij de raad ligt en dat dat nu toch voor een deel richting het college gaat. Ik vind dat ten principale ingewikkeld. Het voorstel luidt: 5 miljoen euro. Ik denk dat dat ook goed is en dat dat een bedrag is waarin je toch de belangrijkste punten hier nog langs de raad krijgt. En uiteindelijk is het ook wel zo dat bij dit soort investeringen er sowieso een besluit moet worden genomen door het college en dan is het toch ook niet zo heel ingewikkeld om dat ook nog naar de raad te doen. Sowieso vind ik het belangrijk om het goed te evalueren. Is 5 miljoen euro het juiste bedrag of zou het misschien 6 miljoen euro
51
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
kunnen zijn of zou het 4 miljoen euro kunnen zijn. Ja, weet je, daarover kun je misschien nog een hele middag met elkaar vergaderen met elkaar en is wat mij betreft best wel bespreekbaar. Wij hebben het voorstel gedaan om die 5 miljoen euro in te dienen en ik zou eigenlijk willen zeggen, laten we daarop inzetten, dan kijken hoe het gaat en laten we het stelsel sowieso evalueren. Dat zou een ander voorstel zijn. Ik hoop dat de wethouder daarin zou willen meewerken en dan kunnen we ook als raad misschien nog eens even kijken en ons als raad bij die evaluatie van een extern advies laten voorzien of dit nu goed gaat, of we hiermee tevreden zijn ja of nee en dan kan wat mij betreft dat amendement met die 5 miljoen euro ook worden geëvalueerd. En als dat dan 6 of 7 miljoen euro moet worden, als dat meer werkbaar zou zijn, dan staat de VVD daar natuurlijk altijd voor open want de VVD is een pragmatische partij. (Mevrouw ROOSMA: Ik herken de behoefte bij de heer Torn om nog wat grip te houden op dat budgetrecht. Ik heb daar zelf zo meteen met andere indieners ook een motie voor. Alleen, ik weet niet of dit amendement de oplossing is. Nu hebben we vandaag in deze raad bijvoorbeeld enorm veel investeringsbesluiten weg gehamerd zonder er maar een discussie over te voeren.
Dus wat voegt nu uws inziens dit voorstel toe om automatisch meer langs de raad te laten gaan ten opzichte van het voorstel dat ik zo meteen zal gaan doen en waarin we eigenlijk zeggen, dit investeringsbesluit en dat investeringsbesluit, daarover wil ik het nog een keer met het college hebben in plaats van het automatisme van het agenderen van zo’n enorme batch aan investeringsbesluiten?) Nou ja, het uitgangspunt is natuurlijk dat het budgetrecht bij de raad ligt of de raad dat nu prettig vindt of niet. En ik denk ook wel dat het goed is om dat uitgangspunt toch in stand te houden en dat dan een drempel van 20 miljoen euro wel heel erg hoog is. 20 miljoen euro vind ik toch wel heel erg veel geld te meer omdat het ook om projecten kan gaan waar Amsterdam maar voor 20 miljoen euro in meedoet. Stel Amsterdam doet voor 19 miljoen euro mee maar het is een nog veel groter project, dan vind ik wel dat de raad daar iets over zou moeten zeggen. Ik zal uw motie zo dadelijk ook goed bestuderen, dat spreekt voor zich. Nogmaals, onze absolute voorkeur had het gehad niet om te zeggen, we doen het helemaal niet, maar om het even in de ijskast te zetten tot na het reces en om er dan met een misschien een extern advies in een iets rustiger tempo samen naar te kijken. Ik had het prettig gevonden als dat was gebeurd. Dat zit er gewoon helaas niet in, zo bleek wel in de raadscommissie.
Dus dan is dit voor mij ook mijn second best. Dus is dit nu mijn lievelingsamendement, nee, helemaal niet. Dat merkt u. (De heer VAN DANTZIG: Ook wel fijn dat de VVD een beetje durft te twijfelen en zich pragmatisch opstelt. Dat is een partijlijn die ik heel erg waardeer. Weet u wat het is, ik ben een beetje zoekende wat dit amendement dan ten goede zou veranderen, want u weet, ik als pragmatische twijfelaar, dat we elkaar dan misschien gaan vinden. Kunt u dat nog een keer toelichten en dan ook vooral, u bent ook plaatsvervangend voorzitter van de gemeenteraad, hoeder van de procedure, wordt dit niet een enorme optocht om het maar even in mijn woorden te zeggen?) Een leuke optocht kan best wel verfrissend zijn. Maar ik snap wat u zegt. Wordt het niet te veel van het goede, komt er niet te veel naar de raad toe. Een terechte vraag. Ik denk dat we daar zeker bij een evaluatie naar zouden moeten kijken. Waar ik anderzijds bang voor ben, is dat er te weinig naar de raad gaat. Weet u, daar zit natuurlijk de discussie. Dan hebben de heer Boomsma en ik gedacht, 5 miljoen euro, dat is nog steeds een
52
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
behoorlijk forse investering, dus wij dachten 5 miljoen euro maar als u zegt, 6 miljoen euro is beter, daar kunnen we wat mij betreft wel over praten. Maar mijn voorstel is dit amendement. Ik wil u het amendement van harte aanbevelen en laten we het ook bij de evaluatie vervolgens wel bekijken en mocht het dan een ander bedrag moeten zijn, weet u, dan kunnen we het alsnog herzien. Het hoeft nu niet voor de komende 10 jaar zo te worden vastgelegd wat mij betreft. Liever niet want nogmaals, ik zou het ’t liefst tot na het reces in de ijskast willen zetten. Ik had liever dat besluit later genomen en ons goed willen laten adviseren. Maar goed, dat is nu eenmaal niet zo. (De heer VAN DANTZIG: Weet u wat ik het fijne vind aan deze nieuw voorgestelde systematiek? Dat je veel meer naar de portefeuille kunt kijken van de wethouders. Ik zou u eigenlijk willen voorleggen ... Kijk, elke grens is arbitrair want die trek je politiek.
Zouden we elkaar nu kunnen vinden in een zo laag mogelijke grens waarbij je nog wel goed als college op die portefeuille kunt sturen? Daar hebben we ongetwijfeld de guidance van de wethouder der Financiën nodig maar is dat iets waar we elkaar zouden kunnen vinden?) Ik zeg daar niet per definitie nee op maar daar hangt dan wel direct bij dat we ook dan moeten afspreken dat het goed wordt geëvalueerd om te kijken of we het op een goede manier doen en dat die evaluatie natuurlijk niet te vroeg plaatsvindt, maar ook zeker niet te laat. Dus dat we die niet op de al te lange baan schuiven. Dus het antwoord is daarop een heel voorzichtig ja maar dat hangt ook wel af van wat de wethouder daar zo dadelijk op zegt. (De heer BIEMOND: Ik ben dan wat minder een pragmaticus maar wat meer principieel en ik dacht dat de bezwaren van de heer Torn vooral in dat budgetrecht zaten. Begreep ik hem nu goed dat hij zei, het probleem is dat we dan zicht houden op het investeringsportfolio maar als uiteindelijk een individuele investering niet doorgaat, die wordt niet gecontinueerd, dan is het aan het college en dan ziet de raad dat niet meer en dat is nu juist mijn probleem?) Wat mijn probleem daarmee is dat je het budgetrecht toch ook wel wat weghaalt bij de raad. Dus het verstrekken van kredieten doet de raad nu nog maar dat gaat dan naar het college. Dat is denk ik de kern van het voorstel.
Sowieso was mijn vraag in de raadscommissie of dit het nu oplost. Je moet niet alleen maar zo’n verordening wijzigen, maar het gaat er ook om dat je dat hele portfoliomanagement gaat invoeren. Daar is gisteren nog een brief over gestuurd. Nou, op zich gaf die wel wat verduidelijking, maar anderzijds moet het ook allemaal maar weer gebeuren. Dus er ligt een hele ambtelijke organisatiewijziging aan ten grondslag. Ik zit even na te denken. Uw vraag was, ja ... Ik denk wel dat je de bevoegdheden eigenlijk wel moet laten waar ze door de wetgever zijn neergelegd en dat vind ik lastig aan dit onderwerp. Het is best wel een ingewikkeld onderwerp en daarom is mijn voorstel geweest, we zijn er niet te allen tijde op tegen en al gaat het maar om een euro, dan mag het college van mij best wel besluiten nemen, maar wat is nu een goede balans. Daar hadden we toch het liefst als raad extern advies over ingewonnen. Maar goed, dat was de raadscommissie niet met ons eens. (De heer BIEMOND: Toch nog even over dat vinden van die goede balans. Dan raad ik u toch aan nog even goed de motie-Roosma daarover te bekijken want die stelt nu juist voor als een individuele investering niet doorgaat dus wordt gediscontinueerd, dat het uiteindelijk alsnog naar de
53
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
raad gaat. Dat lost uw probleem over het budgetrecht op zou ik denken. Dus ik wil u van harte aanbevelen die motie nog eens goed te bekijken.) Het aardige is dat ik nog zo gewend ben aan het oude reglement van orde, terwijl ik wel degelijk voorstander was van het nieuwe reglement van orde, dat ik dan altijd dacht, mevrouw Roosma is na mij aan het woord dus die moet de motie nog indienen, maar ik denk dat de motie formeel gezien al is ingediend. Dus met dat antwoord kom ik niet weg. Ik zal daar inderdaad nog eens even goed naar kijken of we die motie al dan niet kunnen steunen. Dat was eigenlijk wel mijn bijdrage in tweede termijn. De motie-Torn (nr. 2021.455) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan mevrouw Roosma. Mevrouw ROOSMA: Ik heb iets meer tekst want het is natuurlijk wel een bijzondere Voorjaarsnota waar we het over hebben. Het is namelijk de laatste Voorjaarsnota van dit college en die beschouwt eigenlijk voor op een begrotingsjaar 2022 waarvan we hopen dat we het een post-coronajaar kunnen noemen maar het is ook het laatste jaar van deze coalitie.
Deze Voorjaarsnota heeft wel een duidelijke signatuur want de investeringen die in het afgelopen coronajaar zijn gedaan door de landelijke overheid maar ook door de gemeentelijke overheid laten zien hoe succesvol het anticyclisch investeren in tijden van economische crisis is. Het economisch herstel lijkt zich sneller en beter door te zetten dan verwacht. Tegelijkertijd hopen we natuurlijk ook dat dit herstel ertoe zal leiden dat we niet meer hetzelfde gaan doen, niet eenzelfde soort economie maar een economie die opereert binnen de grenzen van de planeet, die is gebouwd op een basis van sociale rechtvaardigheid omdat we juist in coronatijd hebben gezien hoe kwetsbaar die planeet is. We willen eigenlijk een economie die minder afhankelijk is van snel geld en van massatoerisme. Als coalitie hebben we vorig jaar een duidelijke keuze gemaakt. We willen dus investeren om uit die crisis te komen, investeren om niet hetzelfde te doen maar investeren in een andere economie, investeren in verduurzaming, in stadsherstel in het sociaal domein. Dat is ook wat deze Voorjaarsnota doet en uitstraalt. Als het gaat om investeren, presenteert het college in deze Voorjaarsnota ook een dilemma.
Aan de ene kant de noodzaak van investeren in de groei van de stad en anderzijds ook de druk die dat geeft op de externe financieringsmiddelen maar ook op de budgetten voor beheer, onderhoud en exploitatie en de houdbaarheid en betaalbaarheid daarvan. Ze stelt dus een nieuwe investeringssystematiek voor die we hier parallel aan deze Voorjaarsnota bespreken. Kortweg stelt het nieuwe stelsel voor in plaats van individuele losstaande investeringsbesluiten we nu als raad zo meteen bepaalde budgetplafonds voor investeringen kunnen vaststellen en dat het college in samenhang met de investeringen die nog lopen en die het in de toekomst wil gaan doen, aan de raad presenteert. Ik denk dat het goed is dat de raad op deze manier meer grip en inzicht krijgt op niet alleen de ontwikkeling van die externe financieringsmiddelen maar ook op de budgetten die dat behelst in de begroting voor beheer, onderhoud en exploitatie maar ook de realiseerbaarheid van die investeringen. We weten maar al te goed dat we hier vaak besluiten met elkaar vaststellen over investeringen maar dat het soms erg lang kan duren voordat die worden geëffectueerd en dat we een zogenaamde boeggolf hebben van investeringen die we voor ons uit duwen.
54
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Tegelijkertijd vraagt het college wel wat van de raad namelijk een portemonnee met cash om te gaan shoppen en in plaats van dat het college telkens naar de raad gaat om te vragen of het die nieuwe jurk of broek mag kopen, krijgt het gewoon een portemonnee met geld en kan het college zelf zaken gaan aanschaffen. Het moet dan weliswaar een shoplijstje inleveren bij de raad en dat is heel fijn want daarmee krijgt de raad beter inzicht, maar wij vinden het wel belangrijk indachtig de discussie met de heer Torn net om wat meer grip te krijgen op wat het college dan wil gaan aanschaffen en als het dan in een keer besluit toch niet die mooie jurk te kopen maar iets anders, dan het dan eerst even naar de raad komt zodat de raad ook kan aangeven of ze dat wel of niet een goed idee vindt. We hebben een motie mede-ingediend door de heer Van Dantzig, de heer Biemond en de heer Boomsma om te kijken of dat laagdrempeliger piepen van investeringsbesluiten naar de raad om die apart vast te stellen kan maar ook als het college in een keer een wijziging in de prioritering van de aankoopwensen heeft zullen we maar zeggen, dat we die als raad met elkaar makkelijker kunnen bespreken en kunnen zeggen wat we daarvan vinden. Ik heb ook nog een tweede motie en dat is eigenlijk een motie die de zorg van de rekenkamer min of meer samenvat.
Het college stelt voor beter te gaan sturen op de externe financieringsmiddelen zogenaamde schuld met een indicator van een schuldquote van 130 procent en die is daarin vrij hard. En tegelijkertijd zegt de rekenkamer en daar ben ik het erg mee eens, dat we veel beter moeten gaan kijken naar niet alleen die schuldquote maar naar wat nu de investeringen zijn die we doen en wat die investeringen betekenen. De ene investering is de andere niet. Wat betekent nu het niet doen van investeringen. Eigenlijk een bredere visie op de ontwikkeling van de externe financieringsmiddelen en met name de focus op het reële en het structurele begrotingsevenwicht in plaats van alleen maar sturen op de hoogte van de schuldquote. Wij vinden het belangrijk als het college zo meteen komt met voorstellen voor die investeringsplafonds, dat het rekening houdt niet zo zeer met die strakke norm van de schuldquote maar meer met het type investeringen dat het college wil gaan doen. (De heer VAN SCHIJNDEL: Ik ben het met u eens dat je niet gefixeerd moet zijn op die schuldquote. Belangrijker is de inhoud van de investeringen. Daar gaat het om. En dan heb ik toch wel een beetje zorg als ik nu hoor praten over investeringen in duurzaamheid, in circulariteit en dat soort dingen die we kennen van GroenLinks.
Is het niet veel belangrijker ter toetsing van de investering om te kijken naar wat het op termijn oplevert? Dus dat het de structuur van de stad versterkt, dat het leidt tot meer veiligheid, meer woningen, dat soort criteria. Die zijn denk ik nog belangrijker in een great reset 2.0.) Ik ben het met de heer Van Schijndel eens dat dit alleen maar gaat over investeringen en duurzaamheid. Wat de rekenkamer expliciet noemt, is investeringen in bijvoorbeeld het onderhoud van de stad en dat het eigenlijk soms duurder kan zijn om niet te investeren en dat je dan dus misschien niet zo zeer met die norm rekening moet houden, maar dat je moet kijken naar de aard van de investeringen en naar de kosten, de maatschappelijke kosten of de financiële kosten van het niet investeren. Ik ben hier zeker niet alleen maar aan het pleiten voor eindeloos investeren in duurzaamheid hoewel ik wel denk, als we dat niet doen, dan komen de maatschappelijke kosten en de financiële kosten uiteindelijk ook bij de gemeente terecht. Maar dat is een andere discussie. Ik wilde eigenlijk nog twee punten noemen als het gaat over de Voorjaarsnota en los van het investeringsstelsel namelijk de rijkscompensatie die we krijgen als gevolg van de coronacrisis. We hopen eigenlijk dat dat gaat meevallen en we vragen eigenlijk aan de
55
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
wethouder of die ons op de hoogte wil houden van of het rijk daar al wat meer goed nieuws voor ons heeft. In mijn optiek heeft het college een realistische en vrij conservatieve inschatting gemaakt als ik dat zo mag zeggen, van wat die rijksbijdrage zou kunnen zijn dus wij hopen dat dat meevalt en dat inderdaad het weerstandsvermogen de komende tijd weer wat wordt opgeplust. Het is ook wel een teleurstelling dat we weer te maken krijgen met een korting op het gemeentefonds, weliswaar misschien begrijpelijk als het gaat over een correctie op de inflatie, maar we hopen wel dat ook het kabinet, het nieuwe kabinet als dat er ooit komt, zich rekenschap geeft van de beperkte financiële flexibiliteit die de gemeente heeft en de steeds grotere verantwoordelijkheden die daar wel bij komen. Dus mocht de wethouder nog eens in Den Haag komen, dan zou ik hem willen aansporen een warm pleidooi te houden om die gemeenten wat meer financiële slagkracht te geven. Het begint toch wel heel erg te knellen. Dat blijkt niet in de laatste plaats uit de budgetten voor zorg en jeugdhulp. Ik wil het college hier nog een groot compliment maken dat we hier als Amsterdam gewoon 45 miljoen euro uit de algemene middelen daar bijplussen en ik denk dat dat hartstikke hard nodig is dat er meer structurele middelen komen zodat we niet langer wachtlijsten in de zorg en in de jeugdhulp hoeven te accepteren.
Daar wilde ik het bij laten. (De heer BOOMSMA: Ik zag net een motie verschijnen over de stedenband met Tel Aviv. Mevrouw Roosma heeft die hier niet toegelicht, maar ik ben eigenlijk vrij geschrokken van deze motie, niet alleen om ik er natuurlijk anders over denk en ook anders denk over dit conflict, maar omdat dit eigenlijk het hele wezen van een samenwerkingsband onderuit haalt. Als je gaat zeggen, het mag alleen maar gaan over mensenrechten, dat is niet waar een samenwerkingsband over gaat. Dat kun je niet eenzijdig bepalen. Het gaat er juist om dat je met elkaar in gesprek blijft over allerlei onderwerpen. Snapt mevrouw Roosma wel dat dit een totale schoffering is van onze partner in dit geval Tel Aviv? Zo zie ik dat niet. Het college heeft in een preadvies gesteld dat op dit moment de samenwerking met een preadvies op een andere motie van de heer Veldhuyzen en de heer Khan als ik het goed heb, in elk geval van DENK, dat de stedenband met Tel Aviv zich op dit moment beperkt tot samenwerking op het gebied van mensenrechten. Wij hebben dat nog eens een keer willen vaststellen in een motie dus feitelijk is dat wat er op dit moment gebeurt. (De heer BOOMSMA: Er is natuurlijk een verschil in aangeven wat er op dit moment gaande is als besluiten dat dat het enige is waarover het mag gaan. maar dan heb ik wel de volgende vraag aan mevrouw Roosma.
Wil zij dit ook bepalen voor de andere stedenbanden van de gemeente Amsterdam bijvoorbeeld met steden in China en Turkije?) Dat lijkt me eigenlijk helemaal geen slecht idee om nog eens een keer de aard van de stedenbanden die we als Amsterdam hebben, met elkaar te bespreken. Wat ik jammer vind, is dat deze moties worden ingediend bij een discussie rond de Voorjaarsnota want ik vind eigenlijk dat het een discussie verdient met de raad breder dan dat. Dus als de heer Boomsma dit onderwerp wil agenderen, dan juich ik dat toe. (De heer BOOMSMA: Dat lijkt me dan inderdaad een betere gedachte. Kijk, we waren de initiatiefnemers achter deze stedenband. Als mevrouw Roosma zegt dat dat misschien ook voor andere stedenbanden geldt, dan lijkt het me goed dat in een breder kader te bespreken. Het gevaar is natuurlijk als je dit nu wel doet voor specifiek alleen de stedenband met Tel
56
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
Aviv, dat de indruk zou kunnen ontstaan dat je deze staat langs een andere maatstaf beoordeelt of langs een andere maatstaf handelt dan andere landen. Dat is volgens mij meten met twee maten of in ieder geval die suggestie wekken en dat zouden we niet moeten doen. Dan zou ik in overweging willen geven dat nu in te trekken en dan op een later moment dat in een bredere context met elkaar te bespreken.) Voor GroenLinks is de maatstaf van mensenrechten altijd leidend dus ik denk dat het goed is dat we hierover binnenkort nog een keer met elkaar verder spreken en dan het debat met elkaar vervolgen. (De heer VELDHUYZEN: Dank aan collega Boomsma voor het stellen van deze vraag want ik heb eigenlijk ook nog wel een vraag hierover. In de motie waarover het nu gaat, staat dat Amsterdam op geen enkele manier betrokken mag zijn bij de systematische onderdrukking en bezetting door de Israëlische staat. Betekent dat dan ook dat GroenLinks voor de motie over het invoeren van BDS-beleid gaat stemmen?) Nee, wij zullen inderdaad niet voor die motie stemmen. (De heer VELDHUYZEN: Dat is dan wel opmerkelijk omdat Amsterdam bijvoorbeeld samenwerkt met Egis, een bedrijf dat staat op de zwarte lijst van de VN en dat bedrijf verdient dus direct geld aan de onderdrukking van de Palestijnen in de bezette gebieden door de Israëlische staat.
Dus wat is het indienen van deze motie dan waard als GroenLinks daarin niet consequent is?) Ik weet dat we het nog steeds over de Voorjaarsnota hebben en dat we wat mij betreft wel erg zijn afgedwaald van dat onderwerp. De heer Veldhuyzen raakt aan een punt als het gaat over ons inkoopbeleid. Ik heb begrepen dat er na de zomer met de wethouder Inkoop verder wordt gesproken en dat is op zijn verzoek ook en waarbij het gaat over wat voor criteria wij belangrijk vinden als het gaat om inkoop bij derde partijen waarbij de heer Veldhuyzen volgens mij heeft voorgesteld te kijken naar de rol van mensenrechten om die daar mee te nemen. Volgens mij is dat een moment waarop we dit soort discussies met elkaar moeten voeren. (De heer VELDHUYZEN: Het maakt mij niet uit wanneer we die discussie voeren maar ik voer die discussie nu hier omdat GroenLinks nu deze motie heeft ingediend. Dus dan is het toch behoorlijk jammer dat we het er nu niet inhoudelijk over kunnen hebben.) Bij mijn weten heb ik geen motie ingediend over BDS en dat is iets wat volgens mij in de discussie over inkoop speelt. Dat is waarom ik verwijs naar die discussie na de zomer. (De heer VAN SCHIJNDEL: Graag even terug naar de Voorjaarsnota. Het gaat om de uitdijende kosten van de zorg en in het bijzonder de geestelijke gezondheidszorg. Dat moet de stad opbrengen.
Ik ben wel een voorstander van de visie van Damian de Nijs, psychiater bij AMC, dat er heel veel verrichtingen zijn van zeg maar lichte gevallen en hij pleit ervoor voor de geestelijke gezondheidszorg gewoon in te zetten op mensen met hele zware, complexe problemen dus niet meer alles zo maar te vergoeden als er vraag naar is.) En uw vraag aan mij is? (De heer VAN SCHIJNDEL: Nou, die visie van De Nijs dat er erg veel geld ...)
57
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
(De VOORZITTER: Mijnheer Van Schijndel, ik had misschien iets eerder moeten ingrijpen. Het verzoek is of u er alleen een vraag aan toevoegt en niet een nieuw exposé geeft. Ga u gang.) (De heer VAN SCHIJNDEL: Deelt mevrouw Roosma de visie van De Nijs dat er te veel gaat naar hele lichte gevallen?) Dat vind ik een ingewikkelde vraag. Ik ben in z’n algemeenheid voorstander om meer te investeren in preventie en ik zie wel dat dat binnen de gemeente vaak lastig is omdat je je richt op maatwerkvoorzieningen waar in eerste instantie budgetten naartoe gaan. Preventie is altijd lastiger te bekijken wat nu de maatschappelijke impact daarvan is. Maar ik ben er wel een groot voorstander van als we bijvoorbeeld ook binnen de Wmo nog een soort omslag zouden kunnen maken naar investeren in preventie om ongelijkheid in gezondheid tegen te gaan dus dat je minder maatwerkvoorzieningen hoeft te bekostigen en dat mensen met name gezonder zijn. (De heer TORN: Ik kom nog even terug op de discussie zojuist over de stedenband. Ik hoorde mevrouw Roosma zeggen dat ze zelf zei, het zou misschien beter zijn daarover een keer een aparte discussie te voeren en dan niet en passant bij de Voorjaarsnota te doen. Die redenering volg ik wel maar dan is eigenlijk ook mijn vraag aan mevrouw Roosma, zou het dan ook niet beter zijn om motie nr.
2021.593 over die stedenband met Tel Aviv nu in te trekken en die daar weer in te brengen? Dan kunnen we er dan op een goede manier een discussie over voeren. Nu komt u er hier mee en vandaar dat er vragen over kwamen van de heer Boomsma.) De heer Torn heeft wel een goede suggestie gedaan. Ik neem dat mee naar mijn fractie. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Lammeren. De heer VAN LAMMEREN: Eerst even de administratie. De Partij voor de Dieren trekt motie nr. 2021.403, Structurele onderhoudsfinanciering hangende tuinen in en amendement nr. 2021.404, Financiering hangende tuinen. Daarvoor is namelijk een nieuwe motie nr. 2021.545 ingediend. De VOORZITTER: Waarvan akte. De motie-A.L. Bakker c.s. (nr. 2021.403) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. Het amendement-A.L. Bakker c.s. (nr. 2021.404) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Lammeren. De heer VAN LAMMEREN: Ik zit al elf jaar in deze gemeenteraad en – nee, ik ga niet mijn vertrek aankondigen; de champagne blijft nog even dicht – in die elf jaar hebben we fouten gemaakt en daar komen we achteraf achter en dan proberen we dat te repareren. Soms zijn dan kleine fouten en soms zijn dat grote fouten maar waar gewerkt wordt, vallen spaanders. Als je het beste met de stad voor hebt, dan maak je wel eens een fout.
Maar er zijn ook momenten dat de gemeenteraad willens en wetens een fout maakt en dat de gemeenteraad zegt, ja, je kunt niet meer zeggen dat je de feiten niet kent en je kunt niet
58
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
meer zeggen achteraf, over tien jaar als je terugkijkt, ja, toen zat ik er naast maar dat wist ik niet. Op sommige dossiers kan dat niet. En een dossier is het AEB. Op dit moment loopt natuurlijk de enquête. De openbare verhoren zijn volgens mij zojuist afgerond. En dat was voor mij hele spannende tv. Maar daar komt gewoon een heel duidelijk beeld naar voren en toch heeft deze raad keer op keer ingestemd met de verkoop van het AEB. Ik heb de motie weer ingeleverd – Pas op de plaats met verkoop van het AEB - want wat ik niet begrijp, is dat deze gemeenteraad toch het AEB wil verkopen. En ik begrijp het ook niet van het college dat het dat voorstelt. De hele Amsterdam klimaatneutraal in 2040 hangt af van het AEB. Als wij de controle over het AEB verliezen, kunnen we niet aan carbonstorage doen, dus dat we CO2 gaan parkeren. Dan hebben we geen invloed meer op de biomassakwaliteitseisen waarvan tot de dag van vandaag niet is aangetoond dat dat hout resthout is. Dat kan ook helemaal niet. Dat is ook niet aangetoond. Er stond vanmorgen weer een verschrikkelijk artikel, een goed artikel maar met een verschrikkelijke inhoud, over de ravage die wij op dit moment met biomassa in Estland aan het aanrichten zijn. Toch zegt deze gemeenteraad elke keer weer, we verkopen het AEB. Er loopt een raadsenquête. Die wordt uitgevoerd door uw eigen collega’s.
Daar stoppen we geld in van de Amsterdammer. Daar wordt serieus goed onderzoek gedaan. Mijn oproep is, hou dan nu even een pas op de plaats en ik heb geen idee wat daarvan de gevolgen zijn voor waar we in het verkoopproces zitten totdat we de uitslag van die raadsenquête hier hebben bediscussieerd. Gun jezelf die tijd. Kijk naar de feiten. Ik hoorde D66 zeggen, bij mij staat het klimaat van 1 tot en met 66. Nou, heel fijn om te horen. Als je dat dan serieus meent, waarom dan het hele klimaatneutrale 2040 Amsterdam in de weegschaal leggen? Want het gekke is dat hier een progressief links college de klimaatdoelstellingen 2040 van Amsterdam aan de markt overlaat. Dat is gewoon wat er gaat gebeuren als je het AEB naar de markt brengt. Je kunt het niet simpeler zeggen dan dit. En uit het feit dat ik geen enkele interruptie heb, denk ik dat ik gelijk heb. Ik zou zeggen, steun de motie. (De VOORZITTER: Dit is nu een klassiek geval van uitlokking.) (De heer BOOMSMA: Ik kan de heer Van Lammeren natuurlijk goed volgen in zijn kritiek op biomassa. Die deel ik ook. Alleen, ik zie niet meteen de link met de hele verkoop van de AEB-centrale afgezien van de biomassacentrale die erbij hoort. Maar goed, daar hebben we het over gehad om die te sluiten en dat is gewoon afgewezen. Maar de hele verkoop op losse schroeven zetten, dat lijkt mij nu niet zo’n goed idee.
Uiteindelijk moet het afval toch gewoon worden verbrand van wie de aandelen ook zijn. Is de heer Van Lammeren dat met mij eens?) Nee, want er is geen afval meer. Dat moet allemaal grondstof worden. Dat kwam ook weer naar voren tijdens de enquête. Dat moet allemaal grondstof worden. Dus dat betekent dat we steeds meer die nascheiding gaan doen, dus dat er steeds minder afval te verbranden zou zijn. Daarnaast is het ook nog een hoogtemperatuurwarmtenet maar daar wil ik het nu allemaal niet over hebben. Ik wil het even heel simpel houden. Het verkopen van het AEB betekent de klimaatdoelstellingen 2040 aan de markt geven en het is allang duidelijk dat we de duurzaamheidseisen niet kunnen stellen. Daar hoort ook het verbranden van afval bij, want verbranden van afval is naast storten het meest domme wat je er mee kunt doen, en de ambitie om heel veel te gaan scheiden. Toen dat werd gevraagd, was het antwoord ook, ja, maar dan gaan we steeds meer afval importeren. Dat is een cirkel, als je daar even over nadenkt, op een gegeven moment ben je het vuil uit Brazilië aan het halen omdat we hier zo goed aan het scheiden zijn en omdat we ondertussen afval moeten verbranden. Dat is gewoon de consequentie.
59
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
(Mevrouw VAN SOEST: Ik ben benieuwd of we veiligheid zouden kunnen inbouwen. Als je bij de verkoop een clausule opneemt waarin we de wensen die de heer Van Lammeren zojuist aangaf, meenemen, zou dat mogelijk zijn?) Dat is niet mogelijk. (De heer VAN SCHIJNDEL: We hebben hier lang over vergaderd. De hoofdoverweging om het af te stoten is to stop de bloodletting. U wilt het publiek houden. Dat heeft grote financiële risico’s in zich want het is een moeilijk te runnen bedrijf zo is gebleken in het verleden. Wat is uw afweging daar?) Ik was tegenstander van het op afstand plaatsen van het AEB al een hele tijd geleden. Er staat nog een leuk artikel in het NRC over, ik denk een kleine 8 jaar geleden toen wethouder Ollongren daarmee kwam to stop de bleeding. Grote financiële risico’s. Mijn antwoord is, ik vraag niet in de motie niet verkopen. Dat is wel wat ik wil, maar in de motie staat dat er nog een raadsenquête aankomt waar echt heel goed en heel gestructureerd alle feiten zijn neergezet. Dat rapport is in de maak; de openbare verhoren zijn voorbij. Waarom gun je jezelf dan niet de tijd om dit te stoppen en dat dat extra geld gaat kosten omdat we ver in het proces zijn, ongetwijfeld. Maar ja, beter ten halve gekeerd ... Mevrouw ROOSMA: Van de orde, voorzitter. Ik ben vergeten de administratie te doen. Wij wilden de volgende drie moties intrekken: motie nr. 2021.336, nr.
2021.452 en nr. 2021.434. De nieuwe moties zijn genoemd en we hebben nog drie accentmoties. De motie-Ernsting c.s. (nr. 2021.336) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De motie-Roosma (nr. 2021.452) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De motie-Van Pijpen (nr. 2021.434) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De motie-Van Renssen c.s (nr. 2021.433) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De motie-IJmker (nr. 2021.440) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging De motie-Nadif (nr. 2021.453) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. De VOORZITTER deelt mee dat de volgende moties zijn ingekomen: De motie-Van Renssen c.s. inzake snel invoeren woonplicht (nr. 2021.433’) Verzoekt het college van burgemeester en wethouders De opkoopbescherming voor Amsterdamse woningen zo spoedig mogelijk, maar in ieder geval voor juli 2022, in te voeren en dit te laten gelden voor zoveel mogelijk woningen in alle gebieden van de stad.
60
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De motie-IJmker inzake boodschappen in 10 minuten thuis (nr. 2021.440’) Verzoekt het college van burgemeester en wethouders –
– –
Te onderzoeken wat de mogelijke gevolgen zijn van deze snelle online boodschappendiensten op de leefbaarheid van winkelgebieden, verkeersveiligheid en openbare ruimte; Met deze partijen in gesprek te gaan over welke incentives/targets worden gehanteerd in de bedrijfsvoering van deze organisaties en de gevolgen daarvan; De bevindingen hiervan uiterlijk naar de raad te rapporteren in Q3.
De motie-Nadif inzake verstrekken kwetsbare wijken in de regio ism Regionale Ontwikkelingsmaatschappij (ROM) in de Metropoolregio Amsterdam (MRA)-NHN (nr. 2021.453’) Verzoekt het college van burgemeester en wethouders Bij de eerste voorgangsrapportage van de ROM MRA-NHN inzichtelijk te maken in hoeverre investeringsbijdragen ook terecht zijn gekomen bij ondernemers die gevestigd zijn in ontwikkelbuurten. De moties maken deel uit van de beraadslaging.
De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Van Dantzig. De heer VAN DANTZIG: Meer dan in andere jaren lijkt de Voorjaarsnota eigenlijk vooral op de begroting. De grote knopen zijn al eerder doorgehakt en we kunnen alweer vooruit kijken. Bij de Algemene Beschouwingen ging het vooral over de wooncrisis en hebben we het eigenlijk met elkaar klaargespeeld om de coronacrisis en toch de financiële crisis waarvan we vorig jaar tegen elkaar zeiden, die zit er aan te komen, geruisloos op te lossen en dat is natuurlijk een compliment waard aan iedereen die aan de knoppen zit en vooral de ambtenaren die daaraan ontzettend hard hebben gewerkt en niet in de laatste plaats aan de gemeenteraad omdat we de moed hadden zo snel en op de bal in te grijpen. Ik denk dat we dat allemaal ook wel bij ons op de lat kunnen schrijven als een van de beste dingen die we de afgelopen periode hebben gedaan. Dan heb ik ook administratie. Een kort lijstje. Wij trekken nr. 2021.405 in. We zijn nog steeds tegen illegale boomkap maar dit kon anders. De motie-Rooderkerk c.s. (Gemeenteblad afd. 1, nr. 2021.405) ingetrokken zijnde, maakt geen deel meer uit van de beraadslaging. En dan de financiële verordening. Dat is toch, vind ik als econoom, een huzarenstukje. Ik moet heel eerlijk zeggen, ik ben er erg content over.
Het ingewikkelde is natuurlijk dat je doordat je die investeringsworst steeds in plakjes krijgt opgediend, op een gegeven moment niet meer weet of je rookworst of grillworst eet en dat is wel ingewikkeld. Je wil de worst toch eigenlijk in compleetheid beoordelen zoals je dat ook bij een begroting kunt doen. Wat ik wil zeggen, is dat je natuurlijk in portfolio wil beoordelen wat de
61
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
investeringen voor de stad doen. We hebben hier bijvoorbeeld een aantal aardige discussies gehad over zo’n OBA Zuidas of de Meervaart – ik kan niet vaak genoeg noemen wat voor briljante projecten dat zijn, goed dat we dat als stad gaan doen – maar de discussie ging natuurlijk niet over wat zou je anders kunnen doen. En dat is de integrale afweging die je moet maken. Het ging over wat doen we nu met de kapitaallasten en die werden dan vaak ingezet voor structurele programma’s maar dat is gewoon niet hoe de begroting werkt. Het betekent niet dat er geen dingen te verbeteren zijn. Dan denk ik wel al was het maar dat je als raad die financiën serieus neemt en echt goed moet beoordelen. Er zitten hier natuurlijk een paar grote kenners als mevrouw Roosma en de heer Torn waar ik nog maar net bij in de schaduw mag voetballen en die hebben volgens mij ook goede suggesties gedaan. Het eerste waarover ik erg tevreden ben en die motie heb ik dan ook meegetekend, is als die voorgestelde investeringen nu uit de investeringsportfolio gaan, dat die niet meer worden geëffectueerd zo gezegd, dat dat dan wel even aan de raad wordt voorgelegd. Dat is echt onderdeel van dat budgetrecht. Het moet natuurlijk niet de zwarte doos zijn waar je wel dingen in stopt maar niet weet wat er uiteindelijk uit komt.
Dat is ook wel een zorgpunt van mij en een oproep aan dit college en misschien iedereen die investeren in de stad liefheeft. Ik denk dat het noodzakelijk is en we zullen ook echt meer moeten realiseren. De realisatiecijfers die nu steeds terugkomen, die zijn gewoon echt niet goed. Ik denk dat waar je dit ook in het bedrijfsleven zou zeggen, dan had je echt een stevig gesprek gehad. Dat moet beter en dat betekent ook dat er veel meer moet worden gestuurd op realisatie. Ik denk dat het portfoliobeleid daar ook echt een verschil in kan maken. Dat is essentieel. We hebben natuurlijk pas een investering waar de stad wat aan heeft op het moment dat die er ook echt staat. Dus we moeten ze iets minder vaak proberen in de boeken te zetten en iets vaker gewoon in de stad – zou mijn stevige oproep zijn. Verder hebben we natuurlijk zelf een motie ingediend waarin we zeggen, laten we nu in ieder geval ook kijken en ik snap dat dat een lastige weg is, dus ik wil niet overvragen, er komt een nieuw systeem en dat moeten we nog evalueren want de heer Torn wil dat graag en ik zou dat verstandig vinden zeker als we de VVD aan onze zijde vinden, dat vind ik belangrijk, maar dan wil je die reservelijst hebben, je wilt weten waar je het tegen af kunt wegen. Dat zal nog niet in alle portefeuilles goed kunnen. Ik weet dat het bijvoorbeeld bij sport redelijk op orde is.
Dat vind ik een voorbeeldportefeuille en bij andere moeten we daar echt nog aan beginnen. Maar het is wel essentieel om juist die integrale sturing te hebben. En de laatste motie die ik van harte steun is de motie die de goede brief van de rekenkamer omzet in een politieke uitspraak. Neem die 130 procent nu niet als harde grens maar ga daar goed onderbouwd mee om. Het is natuurlijk zo en dat zeg ik dan even als econoom dat bijna al die grenzen en kengetallen die je neemt, op een bepaalde manier onderdeel zijn van een politiek compromis. Ik vertel zelf ook altijd graag het verhaal over de drieprocentsnorm en hoe dat ooit is ontstaan. Dat is ooit bedacht in Frankrijk rond 1981 door meneer Guy Abel omdat de heer Mitterrand zijn begrotingstekort opliep. Toen zei hij, kunnen we nu niet beter in plaats van absoluut, dus in miljarden neerzetten, in een percentage van het BBP. Dat kon. Dat was precies drie procent en tot op de dag van vandaag sturen we daar op. Een politieke deal. Wat zei die heer Abel? Wat moet je dan doen? Je moet het uit elkaar trekken. Kijk, je moet geen begrotingstekort nemen om je kosten te dekken. Dat moet je niet doen. Het moet een sluitende begroting zijn.
Als je kunt investeren en er is een onderpand tegenover, dan is het logisch om die schuld te laten oplopen, zeker wetende dat wij in Amsterdam erfpacht hebben die natuurlijk een deel van de investeringsruimte opeet. Of je nu voor of tegen erfpacht bent, het moet er niet voor zorgen dat we niet meer kunnen investeren in de stad.
62
Jaar
2021
Vergaderdatum 7 juli 2021
Gemeente Amsterdam Gemeenteraad Raadsnotulen
R
De VOORZITTER schorst de vergadering voor enkele minuten. De VOORZITTER heropent de vergadering.
De VOORZITTER geeft het woord aan de heer Yilmaz. De heer YILMAZ: Ik wil mijn spreektijd beperken tot een tweetal moties waarover wij nog vragen hebben. Eerst motie nr. 2021.443. Die gaat over aparte registratie van moslimdiscriminatie. In het preadvies staat dat aparte registratie van moslimdiscriminatie al plaatsvindt. De politie is echter in 2019 gestopt met het kwantitatief registreren van moslimdiscriminatie als een aparte subcategorie. Dat staat in de jaarrapportages. Het college heeft dit eerder uitgezocht maar daaruit kwam geen eenduidig antwoord. Het zou liggen aan een nieuw systeem waardoor het de politie meer tijd kost om het te registreren. Hoe dan ook, het is belangrijk die kwantitatieve inzichten te verschaffen omdat het iets kan zeggen over hoe vaak moslimdiscriminatie plaatsvindt. Die cijfers ontbreken nu. Wij willen met een gewijzigde motie nr. 2021.443 het college verzoeken er bij de politie op aan te dringen moslimdiscriminatie weer apart te registreren. In 2015 heeft de raad al een initiatiefvoorstel hierover aangenomen van de VVD en D66. Toen werd besloten moslimdiscriminatie als een aparte subcategorie te registreren. Dus het standpunt van de raad is bekend. We hopen daarom op een positief preadvies en dat het college gaat lobbyen om moslimdiscriminatie weer kwantitatief inzichtelijk te maken. Ten tweede motie nr.
2021.444 over het betrekken van andere gemeenschappen van kleur bij de antidiscriminatie-aanpak zoals hindoes en sikhs. Deze motie heeft een negatief preadvies gekregen omdat het college binnenkort al een conferentie organiseert waarbij deze twee groepen in het bijzonder ook zijn uitgenodigd. Dat ondersteunen we maar met deze motie vragen we om meer dan alleen in contact gaan. We willen ook dat onderzocht wordt hoe zij kunnen worden opgenomen in de antidiscriminatie-aanpak. Om het concreet te maken: sikhs worden vaak verward met moslim zijn omdat ze ook een baard dragen en de vrouwen dragen een hoofddoek. Dat betekent dat ze niet alleen te maken kunnen hebben met intolerantie jegens hun eigen geloof, het sikhsisme, maar ook met islamofobie. Hindoes hebben daarnaast ook te maken met intolerantie tegen hun levensbeschouwing maar omdat het relatief kleine groepen betreft en redelijk buiten zicht van het publiek blijft, betekent dat nog niet dat ze naar alle waarschijnlijkheid met dezelfde intolerantie te maken hebben als bijvoorbeeld de islamitische of joodse gemeenschap. Omdat het preadvies niet ingaan om het betrekken maar zich alleen richt op het onderhouden van contact, willen wij de wethouder verzoeken hier nogmaals naar te kijken en te onderzoeken of en hoe het betrekken van deze kleinere gemeenschappen van kleur een plek kunnen krijgen in de antidiscriminatie-aanpak.