CConstaterende datamstelveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Perspectiefnota 2023

Raadsvergadering 13 juli 2022, gemeente amstelveenBij agendapunt: Behandeling Perspectiefnota 202334.902 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

In samenhang met de hiervoor genoemde ambities kent de meerjarenbegroting ook substantiële bedragen voor ingeboekte opbrengsten uit locatie-ontwikkelingen. Het niet, lager en/of later realiseren van deze opbrengsten is een risico. Paragraaf 3.5. behandelt de stand en ontwikkeling van de algemene reserve. In totaal is in de jaren 2022-2026 een opbrengst van € 47,4 miljoen ingeboekt, waarvan € 25,6 miljoen vastgestelde grondexploitaties betreft en € 21,8 miljoen overige locatieontwikkelingen; 10. Het project A9 is volop in uitvoering. Na 2026 komt beheer en inrichting aan de orde komt. Paragraaf 3.2. gaat hier uitvoeriger op in en noemt een alsdan benodigd investeringsbedrag van € 6 à 8 miljoen voor de inrichting. Na de inrichting moet de structurele instandhouding in de begroting worden ingepast; 11. De “leeftijdsopbouw van de Amstelveense wijken” betekent dat de lasten van beheer en instandhouding van de bestaande fysieke leefomgeving gaandeweg zullen toenemen. 12. De sterk toegenomen en toenemende (regel)druk om een veilige, open en controleerbare overheid te waarborgen in combinatie met een uiterste krappe arbeidsmarkt en inhuurproblematiek hebben grote impact op de uitvoeringskracht van de organisatie en vergen extra investeringen om de dienstverlening op peil te houden; 13. De openstaande agenda reikt verder dan de hier op hoofdlijnen aangestipte zaken.

Andere onderwerpen zijn, zonder volledig te willen zijn de onderwijshuisvesting, de doorwerking van de vluchtelingencrisis, het woondossier, de instandhouding van de openbare ruimte bij ouder worden wijken.

Perspectiefnota 2023

pagina 23 Gezonde vertrekpositie, goede weerstandscapaciteit Tegenover grote risico’s staat een gezonde vertrekpositie, zeker vergeleken met andere gemeenten7:  Ook na de instelling van het Lokaal Coronafonds en het Oekraïnefonds beschikt Amstelveen nog over een acceptabele reservepositie;  Het bestaande Amstelveense beleid is niet in beton gegoten: de begroting bevat flexibiliteit, c.q. mogelijkheden om door andere keuzes te kunnen bijsturen op dreigende tekorten;  Amstelveen kent volgens de geldende kengetallen een grote onbenutte belastingcapaciteit.

7

https://www.amstelveen.nl/bestuur-organisatie/persbericht/amstelveen-scoort-het-cijfer-10-als-financieel-gezondegemeente

Perspectiefnota 2023

pagina 24 2.6. Technische actualisering (nominaal/areaal, rente, WOZ) 2.6.0. Algemeen Deze paragraaf behandelt de begrotingsgrondslagen voor areaal/nominaal inclusief de hiermee samenhangende tariefindexatie (inflatiecorrectie). De stelposten nominaal en areaal zijn belangrijke stabilisatoren om schommelingen in en tussen jaren in de technische begrotingsgrondslagen en autonome ontwikkelingen op te vangen, c.q. te dempen. De mei- en septembercirculaire gemeentefonds zijn de reguliere ijkmomenten om de grondslagen voor nominaal en areaal opnieuw te bezien in samenhang met de ontwikkeling van (de nominale grondslagen in) het gemeentefonds. Verder vallen onder de noemer technische begrotingsgrondslagen de ontwikkeling van de WOZ-waarde en de herberekening van de kapitaallasten/rekenrente. Specifiek onderdeel is dit jaar de stelpost reservering onzekerheid/tekorten als sluitstuk van het dekkingsplan. 2.6.1. Belastingcapaciteit De jaarlijkse hertaxatie WOZ is van belang voor de berekening van de OZB-tarieven én voor de hoogte van de algemene uitkering. De doorwerking van de gemiddelde landelijke WOZ-ontwikkeling in de algemene uitkering maakt onderdeel uit van de meicirculaire gemeentefonds. In samenhang hiermee wordt de actualisering van de Amstelveense WOZ-ontwikkeling meegenomen in de doorrekening van de effecten van de meicirculaire voor Amstelveen.

Ook in Hoofdstuk 4 Tarievenbeleid komt dit onderwerp aan de orde. 2.6.2. Areaal De actuele stand van de stelpost areaal tot en met de septembercirculaire 2021 bedraagt € 0,8 miljoen. De stelpost areaal heeft een tweeledig doel:  In de eerste plaats worden via deze stelpost schommelingen in volumemutaties op de maatstafgegevens van verdeelmaatstaven verevend. Enerzijds plussen en minnen tussen verschillende maatstaven, anderzijds verschillen in de tijd tussen de verwerking in het gemeentefonds van mutaties op macroniveau en op gemeenteniveau;  In de tweede plaats is er geen directe 1-op-1-relatie in tijd en omvang tussen areaaleffecten, c.q. autonome ontwikkelingen aan de uitgavenkant en aan de inkomstenkant. Deze stelpost biedt de mogelijkheid hier flexibel mee om te gaan. Een positief areaaleffect aan de inkomstenkant wordt via deze stelpost gereserveerd en de inzet verloopt als regel via integrale afweging bij de Perspectiefnota. In deze Perspectiefnota is de stelpost areaal ingezet via het dekkingsplan (par. 2.1.3, sub.c3). 2.6.3. Nominaal De conform staand beleid gehanteerde systematiek voor de nominale compensatie houdt het volgende in: 1. Voor een duurzaam reëel begrotingsbeeld is het van belang dat zowel de uitgavenbudgetten als de inkomstenbudgetten worden aangepast voor nominale ontwikkelingen (inflatie, c.q. loon- en prijsontwikkelingen).

Het stelselmatig achterwege laten van indexering komt neer op sluipende, impliciete uitholling van de begroting. 2. Uitgangspunt is een onderscheid tussen loongevoelige en prijsgevoelige budgetten in de begroting. De loonontwikkeling wordt verwerkt conform de CAO-maatregelen en de mutatie van de sociale lasten. De prijsontwikkeling wordt verwerkt op basis van de door het CPB periodiek gepubliceerde prijsindex voor de materiële overheidsconsumptie (IMOC), een hiervoor gangbare index. Ook de (output)subsidies vallen onder de prijsgevoelige budgetten. 3. De loon- en prijsontwikkeling wordt jaarlijks voortschrijdend geraamd en bijgesteld, voorcalculatorisch en nacalculatorisch. Dit betekent, dat de toegepaste compensatie rekening houdt met een nacalculatie over het achterliggende jaar, een eventuele bijstelling van het lopende jaar en een nieuwe prognose voor het komende jaar. 4. Aan de inkomstenkant geldt een algemene tariefindex, die het gewogen gemiddelde is van de loon- en prijsstijgingen. De weging vindt plaats op basis van de loon- en prijsgevoeligheid van de begroting. Op basis van de begrotingsvolumes bedraagt deze verhouding 1:1,45.

Perspectiefnota 2023

pagina 25

Dit is de algemene systematiek die als regel wordt toegepast. Ook de indexeringsafspraak voor de dienstverleningsbijdrage van Aalsmeer sluit aan op deze systematiek. Een beperkt aantal begrotingsonderdelen kent een eigen, afwijkend regime. Dit betreft met name de verhuur van gebouwen/accommodaties door de gemeente. Dit is een eigenstandige, bedrijfsmatige activiteit. De jaarlijkse huuraanpassing is, conform de bepalingen in de huurcontracten, gekoppeld aan de ontwikkeling van het C.B.S.-prijsindexcijfer uit het voorafgaande jaar. Vanwege de verzelfstandigde, bedrijfsmatige positie kent ook AmstelveenSport een eigen hierop aangepaste indexeringsafspraak. Met betrekking tot de geraamde loon- en prijsontwikkeling spelen verschillende ontwikkelingen: 1. De actuele situatie met betrekking tot inflatie is hoogst onzeker. Het bestaande begrotingskader is gebaseerd op een meerjarig trendmatige loonontwikkeling van 2,5% en prijsontwikkeling van 1,5%. Dit zijn de vorig jaar vastgestelde grondslagen ten tijde van de Macro Economische Verkenningen (MEV, september 2022) die in pas lopen met het loon/prijspeil dat is gehanteerd in de Rijksbegroting 2022, het Regeerakkoord en de gemeentefondsaccressen. Er is geen 1-op-1 relatie tussen de gemeentelijke loon/prijs-ontwikkeling en de accressen gemeentefonds, maar beide moeten wel altijd in samenhang worden beoordeeld en geactualiseerd.

De uitwerking van de meicirculaire gemeentefonds is een belangrijk nieuw ijkmoment in relatie tot de op dat moment door het Rijk gehanteerde nominale grondslagen in de Voorjaarsnota en de doorwerking daarvan in bijgestelde accressen. Input voor de Voorjaarsnota is het Centraal Economisch Plan (CEP, maart 2022). In afwachting van de meicirculaire bevat deze Perspectiefnota een beperkte technische actualisering; 2. Actualisering loon/prijs 2022: Eind 2021 is een akkoord bereikt over een nieuwe CAO 2021/2022, die begin 2022 formeel is bekrachtigd. De sociale lasten zijn per 1jan22 gelijk gebleven. Per saldo komt de werkelijke loonontwikkeling 2022 daardoor iets lager uit dan de begrotingsraming. Tegelijkertijd komt de bijstelling van de prijsontwikkeling door nacalculatie 2021/2022 iets hoger uit. Per saldo betekent dit dat de actualisering van de loon/prijs-ontwikkeling 2022 geen effect heeft op de nominale ontwikkeling 2023 en verder; 3. Loon/prijs 2023 en verder: De loonontwikkeling 2023 in deze Perspectiefnota is 2,5%, de prijsontwikkeling bedraagt 2,2% (MEV, september 2022); 4. Algemene tariefindex 2023: De algemene tariefindex (inflatiecorrectie) voor 2023 is afgerond op 2,5%. 2.6.4. Rekenrente (incl. stelpost onderuitputting) In de afgelopen begrotingsraad van 10 november 2021 is de Nota risicobeleid, reservebeleid en activabeleid Amstelveen 2021 vastgesteld.

Onderdeel van de besluitvorming over deze nota was een verlaging van de rekenrente van 3% naar 2% als gevolg van twee ontwikkelingen:  Het laten vervallen van de tot dan toe in de begroting opgenomen structurele rentebaat over het eigen vermogen van € 0,8 miljoen per 1 januari 2022.  Ook de uitbreiding van het gemeentelijk investeringsprogramma met nieuwe investering werkt door in een lagere rekenrente. Amstelveen kent op dit moment een liquiditeitsoverschot (o.a. door de verkoop van Eneco). Dat betekent dat nieuwe investeringen geen extra rentelasten tot gevolg hebben. De bestaande rentelasten worden via de rekenrente “uitgesmeerd” over alle investeringen. Meer investeringen bij gelijkblijvende rentelasten leiden tot een lagere rekenrente. De verlaging van de rekenrente is een financieel-technische, verwerking, Er ontstaat een budgettair effect door het zogeheten “weglekverlies” op de kostendekkende exploitatie riolering. Op het onderdeel riolen is sprake van een hoge boekwaarde aan investeringen waarvan de kapitaallasten worden gedekt via het rioolrecht. Lagere kapitaallasten leiden hier tot een lagere aanslag rioolrecht. Daardoor ontstaat een budgettair nadeel voor de gemeente (en een voordeel voor de burger). Dit weglekeffect bedraagt € 0,7 miljoen.

De twee genoemde ontwikkelingen (uitbreiding investeringsprogramma en vervallen rentebaat) zijn ieder goed voor grofweg de helft van dit weglekeffect.

Perspectiefnota 2023

pagina 26

Dit effect is bij de genoemde besluitvorming over de Nota risicobeleid, reservebeleid en activabeleid onderkend. Aangegeven is, dat vanuit de optiek van de gemeentelijke woonlasten het optredende weglekeffect zou kunnen worden opgevangen via een navenante, compenserende Onroerende zaakbelastingen (OZB)-verhoging (rioolrecht en OZB betreft beide woningeigenaren). Daarbij is besloten de verdere besluitvorming over de budgettaire inkadering te betrekken bij de Perspectiefnota 2023. Het nu voorliggende voorstel voor de uitwerking van de Perspectiefnota neemt het weglekeffect (nadeel van € 0,7 miljoen) mee in het beleidsarme dekkingsvoorstel via de nog in de begroting beschikbare stelposten. Dat creëert de ruimte om de afwegingen rond de lokale lasten integraal te kunnen maken via het traject CUP 22-26. Onderdeel van het dekkingsplan in deze Perspectiefnota is de stelpost onderuitputting. Bij de hiervoor genoemde toename van het investeringsvolume zien we dat de faseringseffecten in de uitvoering van investeringen en de optredende kapitaallasten eveneens toenemen. De begroting kent een stelpost onderuitputting voor dit effect. In samenhang met de toename van de geraamde kapitaallasten is een verhoging van de stelpost onderuitputting opgenomen van € 0,25mln. als bijdrage aan het dekkingsplan; 2.6.5.

Stelpost reservering onzekerheid/tekorten In de begrotingsraad van 10 november 2021 is besloten het per saldo positieve effect van de septembercirculaire gemeentefonds de nieuwe BUIG-budgetten voor de bijstandsgelden te reserveren op een stelpost onzekerheid/tekorten. Deze stelpost bedraagt € 1,4 miljoen. Hiervan wordt in deze Perspectiefnota meerjarig oplopend afgerond € 0,9 miljoen ingezet als sluitstuk van het dekkingsplan. Voorstel 3 Ten aanzien van de nominale compensatie in de begroting 2023 in afwachting van de meicirculaire gemeentefonds vooralsnog rekening te houden met een prijscompensatie van 2,2%, een looncompensatie van 2,5% en een tariefindex van 2,5% (prijspeil Miljoenennota september 2021). Voorstel 4 Ter dekking van de extra structurele lasten in deze Perspectiefnota, cf. het overzicht in paragraaf 2.1.3. sub. c3): (a) de (uitgaven)stelpost areaal structureel te verlagen met € 659.000 in 2022 en structureel € 800.000 in 2023 en verder; (b) de (inkomsten)stelpost onderuitputting structureel te verhogen met € 250.000 met ingang van 2022; (c) de stelpost reservering onzekerheid/tekorten te verlagen met € 430.000 in 2023, € 458.000 in 2024, € 606.000 in 2025 en € 870.000 in 2026 en verder.

Perspectiefnota 2023

pagina 27 3. Projecten en vermogenspositie 3.0. Omgevingswet De invoering van de Omgevingswet (Ow) is een omvangrijke en complexe stelselwijziging die grote impact heeft op de rol, verantwoordelijkheden, beleids- en regelruimte van lokale overheden, en daarmee ook op de lokale gemeentefinanciën. De verwachte inwerkingtredingsdatum van de Ow is 1 januari 2023. Tegelijk met de invoering van de Ow hebben we te maken met de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). Ook deze stelselwijziging betekent een verandering van onze rol en verantwoordelijkheid in toetsing en handhaving. Dat komt doordat de kwaliteitsborging (o.a. toetsing op bouwbesluit) niet meer door de gemeente wordt uitgevoerd, maar door een externe kwaliteitsborger. De gemeente houdt wel een verantwoordelijkheid voor de kwaliteit. De (overigens stapsgewijze) invoering van deze wet heeft ook impact op de financiën van Amstelveen. De Omgevingswet is een volledig nieuw wettelijke kader dat het gros van alle regels en wetten rond de inrichting van de fysieke leefomgeving vereenvoudigt, beter op elkaar afstemt en integreert. De Omgevingswet reduceert het aantal regels voor de leefomgeving: van 26 wetten gaan we terug naar één wet. De Omgevingswet kent twee maatschappelijke doelen: 1. een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit bereiken en in stand houden; 2.

de fysieke leefomgeving doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen om er maatschappelijke behoeften mee te vervullen. Uitgangspunten van de Omgevingswet zijn o.a. de regels inzichtelijker maken, voorspelbaarder maken en toegankelijker maken, maar vooral ook sneller beslissen. De Omgevingswet biedt meer ruimte voor maatschappelijk initiatief. De samenleving verandert. Inwoners en ondernemers zijn mondiger. Dat vraagt van ons een meer faciliterende houding, sneller werken en vooral meer in samenhang werken, Dat sluit naadloos aan op onze organisatiefocus van Snelheid, Samenhang en Bereikbaarheid. Het was de verwachting vanuit het Rijk dat de stelselherzieningen zouden leiden tot financiële besparingen voor de maatschappij als geheel. De eerste macro economische berekeningen geven echter aan, dat de gevolgen van deze wetswijzigingen financieel gezien niet positief uitvallen voor de gemeente. Het is aan lokale overheden om een eigen afweging te maken op basis van politiek bestuurlijke verantwoordelijkheid in de lokale context. Het effect daarvan kan dan zowel financieel gunstig als financieel minder gunstig zijn. Voor elke gemeente is het dan ook van belang individueel te bekijken of de invoering van de Omgevingswet, afgezet tegen de keuzes die gemaakt worden, alles bij elkaar genomen, financieel positief of negatief zal uitwerken.

De komende maanden wordt hard gewerkt om op basis van gemaakte keuzes het Amstelveense scenario te berekenen. Ons uitgangspunt is, dat de dienstverlening op orde moet blijven. De financiële consequenties die voortkomen uit de uitwerking van de gevolgen van invoering worden meegenomen in het CUP 22-26. Vooruitlopend op dit laatste is voor een goede voortgang van de noodzakelijke werkzaamheden, een aanvullend werkbudget € 250.000 vanuit de gemeentebrede bedrijfsvoering beschikbaar gesteld.

Perspectiefnota 2023

pagina 28 3.1. Grote gebiedsontwikkelingen: Legmeer, Kronenburg, De Scheg 3.1.0. Algemeen De achterliggende jaren hebben we een bijstelling van het financieel beleid ingezet, waarmee we anticiperen op het opdrogen van de stroom van winstgevende grondexploitaties door uitleggebieden, en het gaandeweg ouder worden van de bestaande wijken en voorzieningen. De oplopende beheeropgave vanwege de veroudering van de bestaande bebouwing betekent echter geen omslag van ontwikkelgemeente naar beheergemeente. Mede door ligging in een dynamische regio zijn en blijven er vele ontwikkelingen in de stad gaande. Die nieuwe ontwikkelingen zijn in veel gevallen “van grijs naar grijs” en niet langer “weiland naar bouwgrond”. Vanuit financiële optiek een geheel andere werkelijkheid: complexer en risicovoller en niet budgetneutraal, laat staan winstgevend, zeker met inachtneming van de dekking van bovenwijkse voorzieningen. Ook afwegingen om bij grondexploitaties de inhoudelijke invulling zwaarder te laten wegen en opbrengstmaximalisatie minder leidend te laten zijn beperken de (potentiële) inkomstenstroom. Concreet spelen in Amstelveen op dit moment drie langjarige programma’s die qua omvang en complexiteit een grote impact hebben: Legmeer/BTAZ, Kronenburg en De Scheg. Deze paragraaf geeft een korte schets van deze projecten. 3.1.1.

Legmeer/BTAZ Op 27 mei 2020 stelde de gemeente de ontwikkelvisie Legmeer vast. Dit betreft de transformatie van een (gedateerd, door woonwijken ingeklemd) bedrijventerrein in een hoogwaardig, stedelijke woon- werk en verblijfsomgeving. Onderdeel van de business case Legmeer was een aanvraag voor een subsidie van de Woningbouwpimpuls vanuit het Ministerie van BZK. Nadat de eerste aanvraag was afgewezen heeft de gemeente Amstelveen haar aanvraag in de tweede tranche toegekend zien worden voor een bedrag van € 9,2 miljoen. De gemeente houdt rekening met een eigen bijdrage van ongeveer € 17,5 miljoen voor kosten projectorganisatie, nieuwbouw school en onrendabele top woningbouwprogramma. Met deze middelen stuurt de gemeente op de haalbare businesscase in de uitwerking naar het bestemmingsplan en exploitatieplan voor deze gebiedsontwikkeling. Het totale project is 30 ha groot en kent een woning- en voorzieningenprogramma (van circa 3.000 woningen en circa 80.000 m² bvo aan werk, commerciële en maatschappelijke voorzieningen). Om het ontwikkeltempo voor de woningbouwimpuls van start bouw van 2.157 woningen in 10 jaar te kunnen halen, wordt een pragmatische ontwikkelstrategie uitgewerkt met daarin duidelijke ruimtelijke kaders voor de eigenaren in het gebied.

Zodra het ontwerp bestemmingsplan/omgevingsplan en de proefverkaveling voor het gebied uitgewerkt zijn kan de grondexploitatie voor fase 1 (2157 woningen) aan de gemeenteraad worden aangeboden ter vaststelling. Naar verwachting medio 2023. Legmeer is een groot project, wat zich ook vertaalt in het risicoprofiel. Voor fase 1 zijn € 6 miljoen aan risico’s meegenomen in de paragraaf weerstandsvermogen bij de jaarrekening 2021. Voor de fase daarna (na 10 jaar) zijn de risico’s bepaald op € 3,5 miljoen, tot einde project. Het risicobeheer wordt gedurende de voorbereiding en uitwerking van het project op regelmatige basis geactualiseerd. 3.1.2. Kronenburg Op 8 mei 2019 stelde de gemeenteraad de gebiedsvisie Kronenburg-Uilenstede vast. Op Kronenburg is sprake van (gedeeltelijke) structurele leegstand van kantoren. Om het gebied leefbaar te houden en de leefbaarheid te vergroten is het wenselijk om te transformeren van monofunctioneel kantorengebied naar een multifunctioneel en dynamisch woon-werkgebied met innovatief klimaat. De manier waarop staat verwoord in de gebiedsvisie Kronenburg-Uilenstede. De gebiedstransformatie is aangewezen als sleutelproject binnen de MRA in het kader van de versnellingsopgave woningbouw. De transformatie draagt bij aan het terugdringen van het tekort aan studentenhuisvesting in de regio.

Herontwikkeling in het perspectief van “Nederland kennis- en innovatieland” – tot een veelzijdig stedelijk milieu met (tijdelijk) wonen en werken- draagt bij aan de concurrentiepositie van Amstelveen als kantorenlocatie en is daarmee een stimulans voor de werkgelegenheid.

Perspectiefnota 2023

pagina 29 Om bovenstaande ambitie te bereiken is voor het gebied Uilenstede-Kronenburg een bestemmingsplan (en beeldkwaliteitsplan) opgesteld. Het totale bestemmingsplangebied is ca. 25 ha. groot. Het bestemmingsplan maakt - naast een conserverend gedeelte -2.500 studentenappartementen (onder tijdelijke bewoning middels campuscontracten) in de sociale huur, 1.580 extended stay appartementen, ca. 11.000 m2 aan extra kantoorruimte, ca. 3.200 m2 aan commerciële voorzieningen, 1600 m2 aan maatschappelijke voorzieningen en 2.730 m2 aan sportvoorzieningen mogelijk. Het bestemmingsplan is op 7 juli 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. Vanwege bovenstaand maatschappelijk belang en de genoemde versnellingsopgave woningbouw, is er sprake van pro-actief faciliterend grondbeleid. Voor de ontwikkelingen zijn facilitaire en actieve grondexploitaties opgesteld, op basis van de gemaakte kostenverhaalafspraken met de betrokken exploitanten/eigenaren in het gebied, met een voor de gemeente sluitende business case. Omdat de gemeente een maatschappelijk belang heeft bij de gebiedstransformatie Kronenburg zijn gemeente en marktpartijen een risicoverdeling overeengekomen in het kostenverhaal, inhoudende dat 2/3 van de kosten wordt afgedekt door bankgaranties.

Rekening houdend met risico beperkende maatregelen bedraagt het netto risico voor de gemeente van de gedeeltelijke bankgarantie afgerond € 1 miljoen. Op het vastgestelde bestemmingsplan zijn meerdere beroepschriften ingediend bij de Raad van State. Kort voor de afronding van deze Perspectiefnota kwam de uitspraak van de Raad van State om het beroep van het ministerie gegrond te verklaren. We beraden ons op de gevolgen van deze uitspraak en hoe hiermee om te gaan 3.1.3. De Scheg Op 30 september 2015 heeft de gemeenteraad de Ontwikkelvisie Scheg Noorder Legmeerpolder vastgesteld met ruimtelijke kaders voor de ontwikkeling van dit woongebied. Naar aanleiding van het Luchthavenindelingsbesluit in 2017 is de 20Ke-contour in zuidelijke richting opgeschoven. Het woonprogramma is gericht op aansluiting bij de woningbehoefte in Amstelveen ter stimulering van de doorstroming op de woningmarkt. Dit heeft geleid tot vaststelling van het Ruimtelijk Raamwerk De Scheg door de gemeenteraad op 12 februari 2020. Het totale project is ca. 60 ha groot en kent een programma van totaal ca. 1.300 woningen en een basisschool met aanvullende voorzieningen. De Scheg valt onder het Besluit Crisis- en herstelwet. Voor De Scheg Oost heeft het college eind 2019 een Afsprakenkader met de initiatiefnemer van dit deelgebied gesloten. Het programma voorziet in 172 woningen, grondgebonden en appartementen.

Voor De Scheg West is eveneens een stedenbouwkundig plan door initiatiefnemers en in samenspraak met de gemeente opgesteld. Eén en ander heeft de basis gevormd voor het opstellen en in procedure brengen van een voorontwerpbestemmingsplan. De eerstvolgende stap is het ter inzage leggen van het ontwerpbestemmingsplan. Voor De Scheg Midden ligt het initiatief bij de gemeente. Ook hiervoor wil de gemeente op korte termijn een voorontwerpbestemmingsplan opstellen en in procedure brengen.

Perspectiefnota 2023

pagina 30 3.2. Grote projecten mobiliteit en centrumontwikkeling 3.2.0. Algemeen: Financiële recapitulatie en voorgestelde besluitvorming De grote projecten Amstelveenlijn, A9 en Stadshart leggen tijdelijk een extra beslag op onze organisatie. Jaarlijks melden wij u de voortgang van de voorbereiding en realisatie en de stand van de diverse budgetten en kredieten. Waar nodig, c.q. wenselijk voor de directe voortgang van de werkzaamheden in 2022-2024 leggen wij nieuwe voorstellen aan u voor. Verlenging van de projectorganisatie en communicatie en overige ontwikkelingen na 2024 worden betrokken bij het CUP 22-26. Concreet bevat deze paragraaf de volgende (hierna toegelichte) mutaties:  Toevoeging hogere kosten vergunningenmanagement Omgevingsdienst en aanvullende compensatie Rijk voor kosten vergunningverlening (€ 304.000), alsmede Rijksbijdrage prijsvraag kunsttoepassing A9 (€ 25.000);  Een bedrag van afgerond € 0,45 miljoen voor gebiedsregie A9 in ‘22/’23 waarvan het grootste deel (€ 0,35 miljoen) binnen de bestaande budgetten wordt gedekt;  Een krediet van € 1,9 miljoen voor project hellingbaan/bioscoop Stadshart onder gelijktijdige vrijval van een reeds hiervoor gereserveerd eenmalig bedrag van € 1,4 miljoen;  Een bedrag van € 275.000 voor fiets-voetpad The Mayor;  Groencompensatie Meander/Operabuurt via ontvangen Rijkcompensatie (€ 1.050.000).

Toekomstige opgave structureel beheer en instandhouding (areaalvergroting) Aannemer VEENIX is in januari 2020 gestart met de uitvoering van het project A9 Badhoevedorp Holendrecht. Het project loopt door tot eind 2026. Na afloop van het project heeft de gemeente tot taak de aan de gemeente over te dragen overkappingen in te richten en alle gerealiseerde gemeentelijke objecten in beheer te nemen. De inrichtingskosten worden ingeschat op € 6 à € 8 miljoen. Anticiperend op de oplevering van de grote projecten zal de structurele inbedding van beheer en onderhoud na 2026 in de komende (meerjaren)begrotingen ter hand worden genomen. 3.2.1. Projectorganisatie en communicatie (inclusief Engineering en Amstelveen InZicht) Projectorganisatie & Gebiedsregie A9 zone De kosten van de aansturing van de grote projecten binnen de gemeente, het programmamanagement, is structureel gedekt in de begroting. Verdere kosten van planbegeleiding worden waar mogelijk bij de externe opdrachtgevers belegd, maar vragen ook gemeentelijke middelen om de gemeentelijke belangen te waarborgen. Dit betreft strategie, kaderstelling, toetsing, advies, onderzoek, inpassing en communicatie. Het gaat daarbij om de functies technisch management, bereikbaarheidsregie, vergunningenmanagement, toetsen van BLVC-plannen8, omgevingsmanagement en communicatieadvies.

Daarnaast is gemeentelijke inzet (engineering) nodig op de door derden te realiseren civieltechnische objecten van het A9-project die uiteindelijk in eigendom, beheer en onderhoud komen bij de gemeente. Voor het project A9 kunnen de ambtelijke kosten niet worden verhaald op Rijkswaterstaat omdat met de Staat der Nederlanden in 2014 een vaststellingsovereenkomst is gesloten waarbij de Staat de legeskosten en ambtelijke begeleidingskosten heeft afgekocht. In 2022 stelt de Staat voor deze kosten nog een aanvullend bedrag van € 304.000 ter beschikking. Anderzijds is ook sprake van hogere kosten vergunningenmanagement door de Omgevingsdienst. Verder bekostigt het Rijk een prijsvraag voor een kunstzinnige verfraaiing van de landhoofden onder de A9 bij de Beneluxbaan (€ 25.000). Rondom de A9, in samenhang met de lopende projecten verdieping/verbreding van de A9 en Stadshart, is er een reeks aan gebieden die de komende jaren allemaal tot ontwikkeling kunnen komen. Het gebied strekt zich uit van de KLM campus in het Westen tot de Krijgsman locatie in het Oosten en alles daar tussenin inclusief Stadshart en het Oude Dorp. Het gaat totaal om ruim 20 deelgebieden/locaties. Samenhang en afstemming tussen al deze gebieden/locaties is noodzakelijk om de ruimtelijke/kwalitatieve en financiële belangen van de gemeente te borgen.

Bij onvoldoende regie kan dit tot onverwachte extra kosten leiden. Daarnaast zijn er kansen op opbrengsten uit ontwikkeling van gemeentelijke eigendommen in het gebied. 8

Bereikbaarheid, leefbaarheid, veiligheid en communicatie tijdens wegwerkzaamheden.

Perspectiefnota 2023

pagina 31

Ook regie op het te realiseren programma – en de financiële dekking (publiek en privaat) daarvan - is noodzakelijk. Door de groei van het aantal woningen in Amstelveen, neemt de behoefte aan sociaal maatschappelijke en culturele voorzieningen toe. De ruimte daarvoor is zeer beperkt. Door de ligging en de ruimte langs de A9 zijn er mogelijkheden om (deels) aan die vraag tegemoet te komen en daarmee Amstelveen aantrekkelijker en completer te maken. Om de benodigde samenhang en afstemming te waarborgen bevat het voorstel eenmalige middelen bedragen voor het organiseren van gebiedsregie door een klein team van specialisten voor 2022 en 2023. In totaal gaat dit om € 0,45 miljoen, waarvan het grootste deel (€ 0,35 miljoen) binnen de beschikbare middelen voor de projectorganisatie kan worden gedekt. De gebiedsregie heeft tot doel de ruimtelijke, programmatische en financiële afstemming tussen alle locaties en eventuele nieuwe initiatieven en/of ontwikkelingen te borgen en leidt tot een ruimtelijke en programmatische strategie voor de ontwikkeling van de A9 met bijbehorende businesscase. Naar aanleiding daarvan kan besloten worden over het vervolg van de gebiedsgerichte aanpak van de zone A9.

Hierdoor voorkomen we onnodige extra kosten (efficiency), worden gemeentelijke investeringen optimaal ingezet, kunnen mogelijk samenhangend extra opbrengsten worden gegenereerd en kunnen ruimtelijke, project overstijgende keuzes beter worden afgewogen/gemaakt en kansen beter worden benut. Tot en met 2024 zijn de kosten van de projectorganisatie en communicatie in de meerjarenbegroting opgenomen. Verlenging van de projectorganisatie en communicatie na 2024 wordt betrokken bij het CUP 22-26. 3.2.2. Investeringen: Stand van zaken planvorming en uitvoering Ombouw Amstelveenlijn Op 13 december 2020 is de tramlijn 25 in gebruik genomen. In 2021 zijn nagenoeg alle restwerkzaamheden uitgevoerd door het project van de Vervoerregio. Voor het project Amstelveenlijn is medio 2021 decharge verleend en de restwerkzaamheden zijn ondergebracht bij het project Uithoornlijn. Een aantal werkzaamheden zijn in 2021 in opdracht van de Vervoerregio Amsterdam uitgevoerd door onze Gemeente. De kosten van deze activiteiten worden grotendeels vergoed door de Vervoerregio. In aansluiting op het project zijn in 2021 verschillende maatregelen gerealiseerd ten behoeve van een goede inpassing van de Amstelveenlijn in de omgeving.

Het herstel en de inrichting van de groenvoorzieningen zijn uitgevoerd in 2021, maar in 2022 zullen nog enkele civieltechnisch voorzieningen worden gerealiseerd, zoals enkele eenvoudige parkbruggen bij de Eleanor Rooseveltlaan. Over de inrichting van de middeneilanden van de rotondes bij de ongelijkvloerse kruisingen bij de haltes Kronenburg, Zonnestein en Sportlaan zijn nieuwe inzichten ontstaan. De middeneilanden hebben een afwerking met geel beton. De omgeving ervaart deze inrichting als stenig en stedelijk en er is een nadrukkelijke wens om de middeneilanden van de rotondes een groene inrichting te geven, die aansluit bij het herstel van de groenvoorzieningen langs de Beneluxbaan. Ook vanuit het perspectief van de verkeersveiligheid op de rotondes is geadviseerd om de middeneilanden van een groene inrichting te voorzien, omdat door het beperken van overzicht op de rotonde er minder snel gereden zal worden door gemotoriseerd verkeer. De meeste werkzaamheden rond de inpassing van de Amstelveenlijn zijn in 2021 uitgevoerd, maar een aantal schuiven door naar 2022. In totaal is nog een budget van € 372.000 beschikbaar voor de uitvoering van deze werkzaamheden.

Perspectiefnota 2023

pagina 32

Meent In 2016 is bij het vaststellen van de realisatieovereenkomst over de Ombouw van Amstelveenlijn een motie aangenomen om bij de halte Meent een noordelijk toegang te realiseren om loopafstanden naar de halte Meent vanuit de wijken en werkbestemmingen te beperken. In opdracht van de Vervoerregio Amsterdam zal de gemeente Amstelveen de noordelijke toegang van halte Meent realiseren. Een deel van de infrastructuur is in 2021 uitgevoerd, maar de toegang op de halte wordt pas in 2022 gerealiseerd. Uithoornlijn In 2020 is de realisatie van de Uithoornlijn aanbesteed. De uitvoering is in 2021 gestart met het aanbrengen van de voorbelasting voor het viaduct over de N201 . Er zijn in 2019 afspraken met de VRA gemaakt over een bijdrage aan het viaduct over de N201. De bijdrage is begroot in 2023. A9 Aannemer VEENIX is in januari 2020 gestart met de uitvoering van het project A9 Badhoevedorp Holendrecht. Het project loopt door tot eind 2026. Na afloop van het project heeft de gemeente tot taak de aan de gemeente over te dragen overkappingen in te richten en alle gerealiseerde gemeentelijke objecten in beheer te nemen. Dit betreft met name de inrichting van de drie overkappingen Oude Dorp, Stadshart en Meander; de Bomenbrug, de Meanderbrug, de Colijnbrug en het rioolgemaal Keizer Karelweg.

De overkappingen zelf worden aangelegd en gefinancierd door Rijkswaterstaat; de inrichting van de overkappingen komt ten laste van de Gemeente, waarbij zij aangetekend dat RWS groencompensatie financiert tot een maximum van € 1,1 miljoen (ex BTW). De inrichtingskosten ramen wij – zoals eerder gemeld - voorlopig op € 6 a € 8 miljoen, waarvan de inpassing kan worden betrokken bij het CUP 22-26 en later, waarna te gelegener tijd kredietaanvragen kunnen volgen. De inrichting van de overkappingen kan pas plaatsvinden na afronding van het project van Rijkswaterstaat. De uitvoering zal naar verwachting pas in 2027 starten. Alleen de groencompensatie aan de noordzijde van A9 bij Meander en Operabuurt kan al in 2024 worden uitgevoerd nadat de noordelijke rijbaan van de A9 in de verdiepte ligging is opgeleverd en in gebruik is genomen. De groencompensatie vindt plaats door de gemeente ten laste van het budget van € 1,1 miljoen dat Rijkswaterstaat voor dit doel heeft gereserveerd. De aanleg zal in 2023 worden voorbereid, zodat de uitvoering in 2024 daadwerkelijk kan starten Het voorlopig ontwerp voor de inrichting van de overkapping Meander is gereed. De inrichtingskosten zijn begroot op € 0,7 miljoen. (ex BTW). De eigenaar van het complex The Mayor heeft aan de gemeente een bijdrage verstrekt van 50% in de inrichtingskosten.

Het inrichtingsplan voor de overkapping Oude Dorp wordt opgesteld als onderdeel van het project gebiedsvisie Oude Dorp. De gemeenteraad heeft bij de Perspectiefnota 2020 ingestemd om een budget van € 903.000 te reserveren binnen de reserve grote projecten voor beoogde verbetering van het ontwerp van de Bomenbrug. Circa de helft van dit bedrag (€ 432.000) is aangewend voor de financiering van een trap met lift aan de noordzijde van de Bomenbrug (toegevoegd aan het project bij raadsbesluit van december 2018). Het resterend bedrag ad € 471.000 willen wij ter beschikking stellen aan Rijkswaterstaat ter bekostiging van een aanpassing in het ontwerp van de verdiepte ligging die ten gunste komt van de helling van de Bomenbrug. Er zijn namelijk meerkosten ontstaan bij Rijkswaterstaat/aannemer VEENIX om te kunnen voldoen aan de door de gemeente gewenste ontwerpuitgangspunten voor wat betreft het hellingspercentage en de doorrijhoogte. De eis voor wat betreft de doorrijhoogte is vergroot van 3.65 naar 3.90 m omdat de elektrische bussen die tegenwoordig worden ingezet hoger zijn dan standaard bussen. Het ontwerpproces zal naar verwachting in 2022 worden afgerond. Ter bekostiging van de meerkosten zullen wij aanspraak maken op een voor de Bomenbrug gereserveerd budget in de Investeringsagenda mobiliteit van de Vervoerregio.

Wij ramen de bijdrage vanuit de VRA op € 432.000, maar verwachten dat de uitvoering van de bomenbrug pas in 2025 zal plaatsvinden en dat de VRA dan de middelen ter beschikking kan stellen.

Perspectiefnota 2023

pagina 33

In 2021 hebben Rijkswaterstaat en VEENIX het initiatief genomen om te onderzoeken of het zand dat vrijkomt bij de aanleg van de verdiepte ligging van de A9 in Amstelveen kan worden benut voor het verbeteren van de bodem en de waterkwaliteit van de Amstelveense Poel. De mogelijkheid om dit toe te passen bij de realisatie van de verdiepte ligging aan de noordzijde van A9 bleek niet te passen in de besluitvorming bij de verschillende betrokken partijen. We willen gaan onderzoeken of het zand dat vrijkomt bij de zuidelijke verdiepte ligging wel kan worden toegepast. Met Rijkswaterstaat wordt gewerkt aan een in 2022 te effectueren grondruil, waarbij een stuk grond van de Staat der Nederlanden nabij de Krijgsman wordt verworven ten behoeve van een structurele parkeeroplossing voor de daar gevestigde bedrijven en een stuk grond (sportveld) van het Keizer Karelcollege wordt afgestoten ten behoeve van door RWS te realiseren watercompensatie. Het KKC wordt hiervoor gecompenseerd via een grondruil met een stuk grond tussen het sportveld en de school. Uit praktische overwegingen is overeen gekomen dat RWS (VEENIX) het bouwrijpmaken van dit perceel zal uitvoeren. De kosten en opbrengsten van al deze transacties worden verwerkt in een grondexploitatie met als taakstelling om te komen tot een sluitende begroting.

Stadshart Op 2 juni 2021 heeft u als Raad de Gebiedsvisie Traverse A9-Stadshart vastgesteld. Vanuit deze visie worden in de komende jaren de verschillende speerpunten uitgewerkt in het gebied van de A9 tot aan het Stadshart. De bioscoopontwikkeling is een van de pijlers van deze Gebiedsvisie, net als het verplaatsen van de oprit van de Schouwburggarage. Inmiddels is er met de exploitant van de bioscoop een Koop- en anterieure overeenkomst gesloten, op basis waarvan gewerkt kan worden aan de bestemmingsplanwijziging, het bouwrijp maken en de noodzakelijke ingrepen aan de Cultuurstrip. Hiermee krijgt de gemeente een volwaardige bioscoop middenin het Stadshart. De locatie achter de Schouwburg Amstelveen is echter een complexe locatie om te bouwen met alle raakvlakken met de omgeving. Om deze reden is ook de verbouwing van de Cultuurstrip als geheel opgepakt, parallel aan de inpassing van de bioscoop. In goed overleg met de cultuurinstellingen worden beide ontwikkelingen goed op elkaar afgestemd. In het bouwplan van de nieuwe bioscoopontwikkeling wordt ook de nieuwe hellingbaan voor de Schouwburggarage opgenomen, omdat deze geïntegreerd in de constructie moet worden opgenomen. Voor dit onderdeel is reeds een gemeentelijke bijdrage gereserveerd van € 1,4 miljoen gereserveerd via de begrotingsbehandeling 2021 (raadsvergadering 11nov20).

Door een langere looptijd van het project, het invoegen van bijkomende kosten voor de hellingbaan en indexerings- en rentekosten zijn deze kosten opgelopen tot € 1,9 miljoen. Er is daarom € 0,5 miljoen extra benodigd. De hellingbaan kan alleen gelijktijdig met de bioscoop worden gerealiseerd, achteraf is inpassing van de hellingbaan niet meer mogelijk. Deze Perspectiefnota bevat het voorstel om een krediet van € 1,9 miljoen beschikbaar te stellen (onderdeel investeringsplan maatschappelijk vastgoed). De eerder gereserveerde bijdrage van € 1,4 miljoen valt daarmee vrij (onderdeel voorstel eenmalige middelen). Op 23 februari 2019 is de Overeenkomst Rembrandtpassage getekend tussen Unibail Rodamco Westfield (URW) en de gemeente Amstelveen. Partijen hebben geconstateerd dat het niet haalbaar is gebleken om het Nieuw Loopveld te overkappen en de winkels aan beide zijden van de Rembrandtweg uit te breiden waardoor de integrale nakoming van de afspraken in de Overeenkomst niet meer haalbaar is. Aangezien we nog immer de ambitie hebben om het Winkelcentrum Stadshart aantrekkelijk te houden en een kwalitatieve impuls te geven willen we vastleggen wat wel zou kunnen doorgaan. Door het aangaan van een Allonge op de Overeenkomst kan de leegstand tegen worden gegaan in de gebouwen Rembrandthof en in het voormalig pand van ABN-AMRO.

Ook kan op het Nieuw Loopveld een kwaliteitsslag worden gemaakt door uitbreiding en herinrichten van de bestaande terrassen en kan de bestaande entreehellingbaan van de Schouwburggarage, waarvan URW eigenaar is, aan de Thomas Cookstraat worden omgelegd.

Perspectiefnota 2023

pagina 34 Voor de herontwikkeling van het Binnenhof, het Buitenplein, het voormalig warenhuis Hudson’s Bay en het leegstaande deel van het kantoorpand aan het Handelsplein zijn plannen in voorbereiding. Wij volgen de insteek dat de plannen van de commerciële partijen voor de gemeente ten minste budgettair neutraal zijn. Voor het niet commerciële deel gaat dit niet op, zoals o.a. het verplaatsen van de markt richting de Rembrandtweg en herinrichting van het Stadsplein. De plannen voor de inrichting van de openbare ruimten worden inmiddels uitgewerkt, daarna kunnen de benodigde gemeentelijke investeringskredieten worden aangevraagd. Dit vervolg zal worden betrokken bij de opstelling van het CUP 22-26 en/of de Perspectiefnota 2024. The Mayor De transformatie van het gebouw naar woningbouw loopt voorspoedig. De eerste woningen worden rondom de zomer van 2022 opgeleverd. In deze eerste fase wordt 1 woonblok extra opgeleverd. Een voor rekening van de gemeente aan te leggen fiets-voetpad (Bovenlandpad) verschuift hierdoor naar fase 1 in plaats van fase 2. De uitvoering kan dan worden gecombineerd met de overige werkzaamheden zodat dit deel van het gebied geheel kan worden opgeleverd. In het voorstel eenmalige middelen in deze Perspectiefnota is hiervoor een bedrag opgenomen van € 275.000.

De oplevering van fase 2 is medio 2023 en fase 3 zal afhankelijk van de verkoop van de woningen in 2024 worden opgeleverd. 3.2.3. Financiële totaaloverzicht 2020-2025 en voorgestelde besluitvorming Onderstaande overzichten zetten de cijfers op een rij behorend bij de hiervoor geschetste ontwikkelingen. Dit als basis voor het kunnen vaststellen van de actuele budgetten met dekking voor de verschillende uitvoeringskosten. eenmalig Projectorganisatie grote projecten

Totaal

2022

2023

2024

Projectorganisatie en projectbegeleiding

1.870

784

658

428

- Projectorganisatie A9

150

50

50

50

- Gebiedsmanager A9

455

215

240

- Projectorganisatie gebiedsgericht werken Stadshart

129

43

43

43

- Engineeringskosten

650

250

200

200

- Vergunningenmanagement en toezicht A9

670

490

85

95

- Ontwerp inrichting overkapping A9

0

- Kaderstelling Stadshart

75

25

25

25

- Onvoorzien, zoals (juridische) advieskosten

45

15

15

15

- Bijdrage RWS Vergunningenmanagement

-304

-304

Communicatie:

750

250

250

250

- Exploitatiekosten Amstelveen InZicht

600

200

200

200

- Overige communicatiekosten

450

150

150

150

- Inkomsten

-300

-100

-100

-100

Totaal uitgaven

3.224

1.438

1.008

778

Totaal inkomsten

-604

-404

-100

-100

Benodigd budget

2.620

1.034

908

678

Beschikbaar budget Restant budget per 1 jan 2022 (in reserves grote projecten)

347

271

98

-22

Reeds toegekend 2022-2026

2.163

763

700

700

Totaal reeds toegekend

2.510 0

110

0

Nog toe te kennen budget (neutrale fasering)

110

Perspectiefnota 2023

pagina 35

eenmalig Uitvoering A9

Totaal

2022

2023

2024

via exploitatie - Groencompensatie A9

950

50

100

800 (*)

- Inkomsten groencompensatie van RWS

-950

-50

-100

-800 (*)

- Prijsvraag

25

25

- Bijdrage RWS Prijsvraag

-25

-25

- Grondruil KKC Krijgsman

481

481

- Bijdrage RWS grondruil

-481

-481

0

0

via kredietvotering

Nog toe te kennen budget

0

0

in 2025/2026 nog € 50.000/jr; totaal 2022-2026 € 1.050.000 (*)

eenmalig Uitvoering Uithoornlijn

Totaal

2022

2023

2024

via exploitatie Bijdrage verbreding viaduct N201

315

315

Bijdrage derden

-158

-158

Verrekening met reserves BTAZ

-158

-158

Nog toe te kennen budget

0

0

Uitvoering Amstelveenlijn

Totaal

2022

Inpassing Amstelveenlijn

372

372

Halte Meent

99

99

0

0

eenmalig 2023

2024

via kredietvotering

Inkomsten - bijdrage Meent

-99

-99

- bijdrage reserve Amstelveenlijn

-372

-372

Subtotaal

0

0

0

0

Nog toe te kennen budget

0

0

0

0

Totaal

2022

eenmalig Stadshart

2023

2024

0

0

via exploitatie - kwaliteitsverbetering Stadshart

62

62

- verrekening met reserve Stadshart

-62

-62

0

0

Nog toe te kennen budget

Voorstel 5 Ten aanzien van het onderdeel grote projecten mobiliteit en centrumontwikkeling: de actuele budgetten met bijbehorende dekking voor de uitvoeringskosten van de projecten A9, Uithoornlijn, Amstelveenlijn en Stadshart vast te stellen conform de overzichten in paragraaf 3.2.3;

Perspectiefnota 2023

pagina 36 3.3. Meerjarenprojectplan Buitenruimte 2022-2025 3.3.1. Algemeen In 2014 is het Uitvoeringsprogramma infrawerken ingevoerd als instrument voor programmering van projecten en verantwoording van budgetten op de onderdelen wegen, verkeer en riolen. Met ingang van 2018 zijn ook de vervanging van lichtmasten en renovaties op de onderdelen groen, water en spelrecreatie aan het uitvoeringsprogramma toegevoegd. Daarbij is de naam gewijzigd in Uitvoeringsprogramma werken Buitenruimte en is aandacht gegeven aan een consistente inbedding ervan in de reguliere planning & control-cyclus. Dit betekent concreet dat op basis van de rekeningcijfers jaarlijks een geactualiseerd meerjarenprogramma wordt voorgelegd bij de daaropvolgende Perspectiefnota. In 2019 is de naam van het programma gewijzigd in Meerjarenprojectenplan (MPP) Buitenruimte. Het programma geeft een doorkijk voor de komende vier jaar met de bril van nu op, is indicatief en wordt regelmatig bijgesteld; in elk geval enkele keren per jaar, gelijk opgaand met de planning & control-cyclus. Het MPP geeft een doorkijkje naar de projecten die onderzocht en voorbereid worden, biedt de mogelijkheid om combinaties van werken te zoeken en geeft een beeld of de noodzakelijke en gewenste maatregelen passen binnen de financiële mogelijkheden die er zijn.

Naarmate een project dichter bij komt in de tijd kunnen de benodigde maatregelen, kosten en planning beter worden ingeschat. Een andere reden om met een meerjarenprojectenplanning te werken, is dat veel projecten over meerdere jaarschijven verdeeld worden. Het projectbudget wordt dan ook over meerdere jaren gespreid. Het MPP bestaat uit de volgende onderdelen: 1. wegen en kunstwerken 2. openbare verlichting 3. groen, water, spelen 4. verkeer 5. verkeersregelinstallaties 6. riolering 3.3.2. Inhoudelijk De hoofdlijn van het programma voor de komende jaren is als volgt samen te vatten: onderhoud aan asfalt- en elementenverhardingen, kunstwerken en straatmeubilair reconstructie van woonwijken waarbij riolering en verharding wordt vervangen en direct functionele verbeteringen worden doorgevoerd op het gebied van klimaatbestendigheid, verkeer en groen vervanging van openbare verlichting en verkeersregelinstallaties vervanging van beschoeiing en kunstwerken renovatie van gazons, oevers, beplantingsvakken, bomen en speelvoorzieningen projecten op het gebied van verkeersveiligheid en verkeersafwikkeling verbeteren van fietsroutes onderzoeken, inspecties en voorlichting Het programma wordt inhoudelijk gevoed vanuit vastgesteld landelijk, regionaal en lokaal beleid, vanuit technische noodzaak tot onderhoud en vervanging en vanuit maatschappelijke wensen en eisen voor functionele

aanpassingen aan en uitbreiding en vernieuwing van het areaal. Een uitgebreid overzicht van maatregelen inclusief een korte samenvatting van het inhoudelijke beleid en van actuele zaken per vakdiscipline is opgenomen in een tekstuele versie van het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte (Bijlage A). Bijlage C bevat een projectenlijst met indicatieve planning. Deze projecten worden in Bijlage A ook omschreven. Voor het herstel van kabelsleuven is sinds 2022 een nieuwe systematiek van kosten-doorbelasting van kracht. Nutsbedrijven gaan zelf hun sleuven in elementenverhardingen dichtstraten, waar de gemeente dit voorheen zelf deed. Dat leidt tot een andere verdeling voor de budgetten voor inkomsten en herstel van kabelsleuven.

Perspectiefnota 2023

pagina 37 In ieder geval is door deze nieuwe werkwijze een extra toezichthouder nodig om het herstraatwerk van de nutsbedrijven te controleren. Het gaat om veel werkzaamheden. Daar staat tegenover dat de gemeente zelf minder uitgaven hoeft te doen voor het herstraten. Daardoor worden de structurele kosten voor de toezichthouder (€ 78.000) in mindering gebracht op de dotatie aan de reserve wegen en toegevoegd aan het formatiebudget van de afdeling. Het budget voor herstraten van elementenverhardingen wordt navenant verlaagd. Het uiteindelijke effect van de nieuwe werkwijze voor de prognose van inkomsten en herstraatkosten op het MPP is nu nog niet geheel duidelijk, maar zal te zijner tijd in de projectbudgetten verwerkt worden. 3.3.3. Financieel Financieel omvat het nu voorgelegde programma in totaliteit een omzetvolume van afgerond € 56 miljoen in de periode 2022-2025, waarvan € 10,5 miljoen in 2022. Meerjarig is in 2023 en 2024 een piek te zien in de geraamde omzet. Dat jaar staan enkele grote reconstructies gepland en moeten diverse verkeersregelinstallaties worden vervangen. Een samenvattende specificatie met toelichting treft u aan in bijlage 4 in deze Perspectiefnota.

De gedetailleerde projectenlijst met budgetten is als geheime bijlage B beschikbaar om de financiële belangen van de gemeente niet te schaden Op basis van instemming met het geactualiseerde meerjarenprojectenplan voorziet de voorgestelde besluitvorming tevens in de formeel/administratieve aspecten die nodig zijn om dit conform de geldende regelgeving te verwerken. Om niet vooruit te lopen op het nieuwe College Uitvoeringsprogramma 2022-2026 is het MPP nu 'beleidsarm' geactualiseerd. Dat wil zeggen dat beleidsmatig geen wijzigingen zijn doorgevoerd en dat er geen aanvragen voor structureel aanvullend budget zijn ingediend. Ook is slechts één relatief klein incidenteel budget aangevraagd voor het opvangen van de gevolgen van de stormschades voor de Amstelveense bomen. Voor groot onderhoud aan en vervanging van civieltechnische kunstwerken is nu geen structureel budget beschikbaar. Zoals eerder gesignaleerd neemt het belang hiervan toe door de oplopende leeftijd van bestaande kunstwerken en door de groei van het aantal en de omvang van de kunstwerken. Een Nota Civieltechnische Kunstwerken brengt dit in beeld, waarna de financiële vertaling kan worden betrokken bij de integrale afweging voor een nieuw College Uitvoeringsprogramma 2022-2026, dan wel de Perspectiefnota 2024. In afwachting hiervan zijn maatregelen aan kunstwerken in dit MPP terughoudend gepland.

Uit recente weginspecties is gebleken dat er voor vrijwel alle verhardingstypen een inhaalslag in het onderhoud gemaakt dient te worden. Ook is bekend dat enkele grote wegen richting einde levensduur gaan. Daar komt bij dat de kosten voor grondstoffen en energie extreem zijn gestegen in de afgelopen periode. Dat vertaalt zich direct in veel hogere kosten voor asfalt, andere materialen en inschrijfsommen van aannemers bij projecten. De verdere uitwerking van de maatregelen moet nog plaatsvinden bij actualisatie van de Nota Wegen, waarna de financiële vertaling kan worden betrokken bij de integrale afweging voor een nieuw College Uitvoeringsprogramma 2022-2026, dan wel de Perspectiefnota 2024.De verwachting is dat deze ontwikkelingen zullen leiden tot een behoefte aan structureel aanvullend budget. In het huidige MPP gaan we nog uit van financiering via de huidige middelen. Voor 2022 ligt een realistisch programma voor met netto € 10,5 miljoen aan projecten. Het jaarprogramma voor 2023 en 2024 is met de huidige inzichten ambitieus ingestoken met netto 18-20 miljoen. Op basis van voortschrijdend inzicht zal het programma voor 2023 en 2024 bij iedere actualisatie worden bijgesteld en mogelijk deels worden getemporiseerd.

Perspectiefnota 2023

pagina 38

Voorstel 6 Ten aanzien van het financieel kader Meerjarenprojectenplan Buitenruimte: (a) kennis te nemen van het Meerjarenprojectenplan Buitenruimte 2022-2025 conform bijlage 4 in deze Perspectiefnota, de afzonderlijke bijlagen A en C, alsmede van de budgettenlijst conform de geheime bijlage B; (b) in te stemmen met onderstaande recapitulatie als kader voor de uitvoering en verantwoording:

(c) de jaarschijf 2022 van het Meerjarenprojectenplan bedoeld onder (a) te verwerken als begrotingswijziging, inclusief het wijzigen van het programma, (aanpassing) kredietvotering, (aanpassing) mutaties (investerings)reserves en het meerjarig dekken van kapitaallasten via de reserve “dekking kapitaallasten”; (d) de jaarschijven 2023 en verder van het meerjarenprojectenplan bedoeld onder (a) op te nemen in de (meerjaren)begroting 2023-2025.

Perspectiefnota 2023

pagina 39 3.4. Voorstel eenmalige middelen Perspectiefnota 2023 3.4.1. Totaaloverzicht en voorstel In deze Perspectiefnota leggen wij een relatief beperkt en beleidsarm voorstel eenmalige middelen aan u voor. Dit voorstel beloopt afgerond een bedrag van € 3,3mln. ten laste van de algemene middelen, met name in de jaren ’22 en ’23. De grootste posten zijn:  Het incidenteel voor 2022 actualiseren van de autonome kostenontwikkeling sociaal domein, voortvloeiend uit de jaarrekening 2021 ad. ruim € 1,5 miljoen;  Het verschuiven van het voorbereidingskrediet zwembad ad. € 1,6 miljoen van het investeringsplan naar dit voorstel eenmalige middelen. Verder bevat dit voorstel vooral neutrale posten met een specifieke eigen dekking. Het navolgende overzicht zet dit voorstel op een rij. Erna volgt een postgewijze toelichting. Voor posten die elders in deze Perspectiefnota aan bod komen binnen een bepaalde samenhang verwijst het overzicht naar de desbetreffende paragraaf. Bijlage 3 geeft een specificatie van de reeds eerder besloten toekenningen van eenmalige middelen die zijn opgenomen in de huidige meerjarenbegroting 2022-2026 (totaal afgerond € 36,9 miljoen).

Voorstel 7 In te stemmen met het voorstel eenmalige middelen conform het overzicht in paragraaf 3.4.1 met een totaalbedrag van € 3.226.000, waarvan € 1.320.000 in 2022, € 1.272.000 in 2023, € 378.000 in 2024 en € 128.000 in 2025 en 2026;

Perspectiefnota 2023

pagina 40 VOORSTEL EENMALIGE MIDDELEN PERSPECTIEFNOTA 2023 Omschrijving port.houder 2022 SOCIAAL DOMEIN Div. ontwikkelingen cf. uitwerking par. 2.2. 995 ONDERWIJS & ONTPLOOIING Voorbereidingskrediet zwembad Uilenstede 106 (voorm. Griffioen, huur gebouw)

805 210

ECONOMIE & DUURZAAMHEID Duurzaamheid (progr.3) Duurzame fietsmobiliteit * tlv bestaand budget duurz.mobiliteit Energie armoede (Rijksregeling-spec.uitk.) * tlv Rijksregeling (spec.uitkering) Eindafwikkeling subs.regeling verduurz. Won.'21 * tlv reserve duurzaamheid

25 -25 300 -300 122 -122

OPENBARE RUIMTE Instandhoudingsplannen buitenruimte * bijdrage Aalsmeer * tlv productbudgetten Aveen Leidraad inrichting openb.ruimte (LIOR) * bijdrage Aalsmeer * tlv productbudgetten Aveen Stormschade Eunice & Franklin kostendekkende exploitaties Dotatie aan spaarvoorziening riolen Verhogen inzamelfrequentie papier/GRT * struct. kaplast en beheerlasten t.l.v. tarief C ultureel erfgoed: parkonderhoud Zorgvlied * Rijksubsidie '22-'26 Stormschade Zorgvlied Renovatie park en graven Zorgvlied * t.l.v. reserve renovaties Zorgvlied dekking via egalisatievoorzieningen RUIMTELIJKE ONTWIKKELING Bioscoop en hellingbaan Stadshart Fiets- en voetpaden The Mayor Gebiedsregie A9 (incl. Stadshart) * bestaand budget projectorganisatie A9 Uitvoering A9 actualisering '22-'24 # hogere kosten vergunningverlening # groencompensatie * inzet hiervoor toegekende Rijkscompensatie BESTUUR, BEVOLKING EN VEILIGHEID Openingstijden Burgerzaken-2 (documentendip) * egalisatiefonds AA Uitbreiding betaald parkeren OVERHEAD Uitvoering WOO, deels/juridische capaciteit * bijdrage Aalsmeer * via taakmutatie alg.uitkering gemeentefonds Versneld realiseren parallelzaal raad Fasering wagenpark ALGEMENE DEKKINGSMIDDELEN Dividend Stedin & BNG Decembercirculaire 2021 gemeentefonds # uitgaven '22 op taakmutaties '21 (ism JR'21) # ov. mutatie algemene uitkering # samenh. posten (taakmut.

& stelp.areaal) TOTAAL VOORSTEL EENMALIGE MIDDELEN

205 -74 -131 40 -10 -30 300

bedragen x 1.000 euro eenmalig 2023 2024 2025 2026 202

128

800 160

250

128

-1.400 275 215 -215

128

2.2.2

2.4.1-a) 3.4.2

136 -136

150 -15 -135

} neutraal } } neutraal } } neutraal }

3.4.3

} neutraal } } } neutraal } }

3.4.5

3.4.4 3.5.3

3.4.5

3.4.6

1.000

30 -30 160 106 -106 -1.160

toelichting zie sub

650 -650 30 -30

0

30 -30

0

30 -30

0

} neutraal } } 30 } -30 } } } } 0 }

4.2.5 4.2.4 4.2.6 4.2.6 4.2.6

3.2. 3.2. 3.2.

240 -130

3.2. 304 -304

87 -87 -27

185 -185

} neutraal } }

895 -895

87 -87

} neutraal }

3.4.7 2.3.6

126 -32 -94

126 -32 -94

126 -32 -94

} neutraal } }

150 -475

2.3.7

3.4.8 2.3.4 2.3.9

-222 709 -519 519

-386 386

-372 372

-372 372

-372 } neutraal 372 }

1.320

1.272

378

128

128

Perspectiefnota 2023

pagina 41 3.4.2. Uilenstede 106 (voormalige Griffioen, huur gebouw) De gemeente heeft de mogelijkheid om het complex aan Uilenstede 106/108 van DUWO te huren met een optie tot koop en voor de lange termijn in te zetten voor de versterking van de culturele en maatschappelijke infrastructuur in Kronenburg-Uilenstede. Dit sluit aan op de gebiedsvisie KronenburgUilenstede waarin wordt benoemd dat het van belang is voor het hele gebied een goede functiemix aan te brengen tussen wonen, werken, verblijven en ontspannen. Op de korte termijn is het complex nodig voor de tijdelijke huisvesting van de Schouwburg gedurende de aanpassing van de cultuurstrip i.v.m. de komst van Pathé. Het voorstel eenmalige middelen in deze Perspectiefnota bevat eenmalige bedragen voor huur en overige kosten (placemaking) voor 2022 en een deel van 2023. Besluitvorming over aankoop, c.a. komt aan de orde in het kader van de brede integrale afweging via het CUP 22-26. 3.4.3. Duurzame fietsmobiliteit In 2021 is gestart met een traject duurzame mobiliteit gemeentelijke organisatie. Dit traject sluit aan bij gemeentelijk beleid rond mobiliteit, duurzaamheid en gezondheid. Naast regelingen in het woon-werk verkeer worden ook veel kilometers gemaakt binnen Amstelveen/de regio in het zogenaamde werkwerkverkeer. Hiervoor zijn dienstauto’s en dienstfietsen beschikbaar.

Het overgrote deel van de dienstfietsen is sterk verouderd. Het bieden van een duurzame mobiliteit voor de werk-werk bewegingen binnen Amstelveen is aan de orde. Voorgesteld wordt om te starten met een pilot van een jaar met een leaseconcept voor 10 elektrische dienstfietsen en 10 reguliere dienstfietsen vanaf het Raadhuis. Waarbij voldoende en veilige oplaadpunten, service en onderhoud en een geautomatiseerd reserveringssysteem (voor zowel dienstauto’s en dienstfietsen) horen. Voor deze pilot is een eenmalig bedrag benodigd van € 25.000 dat binnen het beschikbare budget ‘plan duurzame mobiliteit’ kan worden gedekt. Vervolgvoorstellen vragen afzonderlijke uitwerking en besluitvorming over middelen en dekking, bijvoorbeeld via het CUP 22-26. 3.4.4. Energie-armoede (Rijksregeling specifieke uitkering) Recent onderzoek van TNO2 laat zien dat ongeveer 550.000 huishoudens in Nederland te maken hebben met energiearmoede. Zij hebben een laag inkomen en hoge energiekosten en/of wonen in een huis van lagere energetische kwaliteiten. Daardoor kunnen zij hun energierekening niet of nauwelijks betalen. Het kabinet heeft 150 miljoen euro gereserveerd voor gemeenten om deze huishoudens -die in het bijzonder hard worden getroffen door de huidige problematiek- op korte termijn gerichter te ondersteunen bij het verlagen van hun energierekening.

Amstelveen heeft vanuit deze regeling een bijdrage van € 436.000 ontvangen. Deze middelen dienen voor 1 mei 2023 besteed te worden. 3.4.5. Openbare ruimte: Instandhoudingsplannen en Leidraad Inrichting (LIOR) In afstemming met Aalsmeer wordt voor beide gemeenten een kwaliteitsslag gemaakt in het instrumentarium ten dienste van het beheer van de openbare ruimte. Het gaat om het vervangen van verouderde beheersystemen waarbij tegelijkertijd met het vullen van het nieuwe systeem actuele beheerplannen worden gemaakt. Ook de Leidraad Inrichting Openbare Ruimte (LIOR) wordt aangepast. De LIOR regelt hoe de openbare ruimte moet worden ingericht. Het gaat dan bijvoorbeeld over eisen aan verhardingen, riolering, inrichting van wegen en materiaalkeuzes. De LIOR wordt belangrijker omdat steeds vaker wordt gekozen voor zelfrealisatie (door ontwikkelaars) bij locatieontwikkeling. De LIOR moet worden aangepast op de komst van de omgevingswet en nieuw klimaatadaptatiebeleid en is op sommige punten verouderd. De eenmalige kosten voor rekening van Amstelveen bedragen in totaal afgerond € 0,3 miljoen, verspreid over 2022 en 2023. Dit kan binnen de bestaande productbudgetten worden ingepast en komt de sturing op deze budgetten naar de toekomst ten goede. 3.4.6. Stormschade Eunice en Franklin De schade als gevolg van de stormen Franklin en Eunice is aanzienlijk.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=amstelveen&id=6433b544-2fa8-450e-a3fb-a85e2a9e04c2