Agendabundel
Tekst van het document
Voor het toenemend aantal inwoners willen wij het hoge voorzieningenniveau op peil houden. Daarom investeren wij in het Stadshart en de overkapping van de A9. Ook zetten we fors extra in op onderwijshuisvesting, waaronder Orion en Integraal Kindcentrum De Scheg. We maken uitbreiding van het zwemwater in zwembad De Meerkamp mogelijk en investeren in de Cultuurstrip. De bouwomstandigheden zijn fors verslechterd. Er is sprake van stijgende prijzen van bouwmaterialen en schaarste aan personeel. Samen met de hoge rente en afwachtende houding bij huizenkopers staat er forse druk op de mogelijkheden om ruimtelijke projecten te realiseren. Ontwikkelaars dreigen zich terug te trekken uit lopende projecten omdat ze die niet meer rendabel kunnen realiseren. De nieuwbouw van woningen dreigt daardoor te stagneren, terwijl de woningnood onverminderd hoog is. Het is belangrijk met realisme te kijken naar onze ambities voor de ruimtelijke ontwikkeling van de stad en daarin keuzes te maken. Daarnaast zullen we met lef en creativiteit samen met grondeigenaren moeten zoeken naar passende oplossingen.
Pagina 3
Amstelveen heeft een hart voor iedereen Het bevorderen van gelijke kansen voor iedereen is een belangrijke pijler in ons sociaal beleid. Dat vindt zijn weerslag in de vernieuwing van de onderwijsagenda. We willen bijvoorbeeld de verbinding tussen kinderopvang en onderwijs versterken, zetten in op een verrijkte schooldag en organisatie van zomerscholen. In 2023 actualiseren wij het minimabeleid, waarbij het bevorderen van gelijke kansen voor iedereen belangrijk is. Zo willen we ons richten op vermindering van sociaaleconomische gezondheidsverschillen. In het lokaal gezondheidsbeleid krijgen lagere inkomensgroepen prioriteit in activiteiten gericht op bevordering van gezond gedrag. Het aantal thuiswonende ouderen met zwaardere dementie neemt toe. Dat vergt intensivering van onze ondersteuning van deze kwetsbare doelgroep. In onze aanpak van dementie ‘De mens zien’ richten wij onze ondersteuning niet alleen op de dementerende, maar ook op de sociale omgeving van deze personen. Na jaren van oplopende kosten lijken onze investeringen in de jeugdhulp vruchten af te werpen. Voor het eerst is in 2022 sprake van een daling van de kosten ten opzichte van het jaar daarvoor. Daar zijn verschillende redenen voor aan te wijzen. Zo is het inkoopstelsel vernieuwd en zijn bekostigingsregels gewijzigd.
Ook zetten we meer in op vroeg signalering en lichte hulpverlening om zo zware zorg te voorkomen. Wij zetten deze aanpak voort en streven naar een blijvende vermindering van het aantal jeugdigen dat een beroep op jeugdhulp doet. Veiligheid Randvoorwaarde voor een goed leefklimaat is veiligheid voor inwoners en ondernemers. In 2023 is het Integraal Veiligheidsplan voor de komende vier jaar vastgesteld. Belangrijke aandachtspunten daarin zijn tegengaan van cybercriminaliteit en ondermijning. Voor de aanpak van ondermijning zijn in deze Perspectiefnota extra middelen opgenomen. Behoud gezonde financiële basis voor de toekomst Met incidentele middelen kunnen we een groot deel van bovenstaande investeringen en activiteiten bekostigen. Om de begroting structureel in evenwicht te houden zijn maatregelen noodzakelijk. We kiezen daarbij voor een mix van verhoging van lokale lasten (OZB en toeristenbelasting) en een structurele besparing op organisatiekosten en bedrijfsvoering. We behouden voldoende financiële armslag om ook naar de toekomst toe financieel gezond te blijven.
Pagina 4
1. Financiële beschouwing Vertrekpunt is het Uitvoeringsprogramma 2023 welke uw raad in november 2022 heeft vastgesteld. Hiermee is het besluit genomen het huidige voorzieningen niveau zoveel mogelijk in stand te houden. Voor 2023 zijn incidentele middelen hiervoor vrij gemaakt en is besluitvorming over 2024 en verder naar de deze Perspectiefnota 2024 verschoven. De structurele tekorten op Jeugd hebben we de afgelopen jaren incidenteel afgedekt. In afwachting van een structureel perspectief vanuit het Rijk willen we voorkomen dat we onnodige besparingsmaatregelen nemen. Op de hervormingsagenda lijken stappen te worden gezet al is de impact op de begroting nog niet helder. We zien dat de investeringen van afgelopen jaren vruchten afwerpen. Vanaf 2022 is in onze gemeente voor het eerst een daling van de kosten te zien ten opzichte van het voorgaande jaar. Dit komt door een daling van het aantal jeugdigen ten opzichte van de coronapiek in 2020 en 2021 en door effecten van de nieuwe inkoop. Omdat we nog steeds in afwachting zijn van een structureel perspectief vanuit het Rijk en we nog niet met zekerheid kunnen stellen dat de daling van kosten zich doorzet zullen we het tekort op Jeugd van circa €5,5 miljoen ook de komende jaren (2024 en 2025) incidenteel afdekken. Dit kunnen we doen doordat we verwachten via de meicirculaire incidentele middelen te ontvangen hiervoor.
Er staan ons de komende jaren forse investeringen te wachten op Onderwijshuisvesting (waaronder Orion en IKC De Scheg) en Maatschappelijk Vastgoed (waaronder Zwembad de Meerkamp en de Cultuurstrip). Het gaat hier ook om investeringen die pas over een paar jaar in gebruik genomen gaan worden. Dit maakt dat de extra kapitaallasten van circa €1,7 miljoen pas zichtbaar worden vanaf 2028/2029. Dit is buiten de horizon van deze perspectiefnota maar met de investeringsbesluiten van nu committeren we ons wel aan deze extra lasten in de toekomst. Daarnaast speelt er de onvoorspelbaarheid van de inflatie. We gaan uit van een prijscorrectie van 8% op basis van het Centraal Economisch Plan (CEP, maart 2023) van het CPB. Dit geeft een structurele extra last van €7,1 miljoen. Voor de loonstijging houden we rekening met 8,5% op basis van de nieuw afgesloten CAO en geeft een extra last van €5,3 miljoen. Dekking hiervoor biedt onze stelpost nominaal waar we de extra gemeentefonds accressen die we in achterliggende jaren ontvangen hebben voor prijs- en looncompensatie op apart hebben gezet. Hiermee blijft de koopkracht van onze begroting op peil. Naast de effecten van inflatie op onze eigen budgetten heeft de raad een noodfonds stijgende lasten ingesteld voor inwoners en ondernemers. Via een bestedingsplan en aanvullende besluitvorming is dit fonds nagenoeg volledig bestemd.
Zo is er een subsidieregeling voor maatschappelijke instellingen en het MKB en wordt de energietoeslag voor 2023 verhoogd. Het noodfonds diende om acute problemen op te vangen en als overbrugging naar deze perspectiefnota. Het noodfonds als zodanig zal worden opgeheven waarbij uiteraard de bestemde budgetten beschikbaar blijven. Er is inzicht in de actualisatie van de grote projecten A9 en het Stadshart. Voor de A9 is de uitkomst dat er grote incidentele middelen (€15,5 miljoen) worden gevraagd in de meerjarenbegroting t/m 2029. Dit is in principe buiten de horizon van deze perspectiefnota, die loopt t/m 2027. Toch is met de wetenschap dat de uitgaven op ons afkomen van belang om de totale kosten in beeld te brengen in relatie tot de beschikbare middelen. Programma Nieuw Legmeer leidt niet bij deze perspectiefnota tot een financiële claim maar is wel een van de belangrijkste ontwikkelingen naar de toekomst toe. Niet alleen financieel maar ook binnen ons risicoprofiel zal hiermee rekening gehouden moeten worden. Dit kan bijvoorbeeld door voldoende financiële ruimte te houden. Voor Duurzaamheid zien we naast onze bestaande reserve extra financiële middelen beschikbaar komen. Via de tijdelijke regeling ‘capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid’ (CDOKE) krijgt Amstelveen voor de komende jaren circa €5 miljoen extra middelen die we gaan inzetten.
Pagina 5
Gezonde financiële positie, nu en in de toekomst Om onze ambities te kunnen realiseren is aanvullende financiering nodig. Door het gezonde financieel beleid van de afgelopen jaren beschikt Amstelveen over ruime incidentele middelen (algemene reserve). Er worden diverse eenmalige voordelen verwacht (compensatie voogdij 18+, rente inkomsten). Ook ontvangen we de voorgefinancierde middelen voor de opvang van vluchtelingen terug vanuit het Rijk. Tezamen met het laten vrijvallen van het Lokaal Coronafonds en de actualisatie van de grexen is er de komende jaren €66 miljoen incidenteel beschikbaar. Dit is voldoende om de huidige ambities te financieren en behouden we voldoende financiële slagkracht voor toekomstige ontwikkelingen. Structureel ontkomen we echter niet aan ingrepen om de begroting financieel gezond te houden. Met een mix aan besparing op de organisatiekosten en lastenverzwaring zijn we in staat het huidige voorzieningen niveau op orde te houden. Al lange tijd is de OZB in Amstelveen alleen met de inflatie meegestegen. Een van de maatstaven bij het verdelen van het gemeentefonds is dat gemeenten met relatief dure woningen meer eigen belastingen kunnen heffen. Amstelveen kent veel dure woningen en krijgt hierdoor een lagere uitkering uit het gemeentefonds. Dit nadeel hebben wij de achterliggende jaren steeds weten op te vangen uit eigen middelen.
In de huidige tijd waarin we het voorzieningenniveau op orde willen houden kunnen we er niet omheen de OZB inkomsten te verhogen met €3,2 miljoen. De mogelijkheid om indien noodzakelijk de OZB te verhogen maakt onderdeel uit van het coalitieakkoord waarbij maximaal 30% van de nieuwe structurele lasten gedekt mogen worden uit de OZB. Met het uitvoeringsprogramma 2023 en deze perspectiefnota voegen we circa €17 miljoen extra structurele lasten toe (exclusief loon- en prijsontwikkeling). Een OZB stijging van €3,2 miljoen blijft binnen het maximum en hiermee dekken we circa 19% van de extra lasten af. We willen echter niet alleen de inwoners extra belasten maar ook onze bezoekers. Zij maken immers ook gebruik van onze voorzieningen. De inkomsten uit toeristenbelasting verhogen we met €0,8 miljoen en brengen deze meer in lijn met de om ons heen liggende gemeenten. Ook de gemeentelijke uitgaven worden tegen het licht gehouden en krijgt de organisatie een taakstelling van bijna €2 miljoen.
Pagina 6
2. Financieel beeld en technische uitgangspunten
2.1. Totaal overzicht structurele in incidentele middelen Vertrekpunt voor deze Perspectiefnota is de besluitvorming in de begrotingsraad van 9 november 2022 aan de hand van de Programmabegroting 2023 en het Uitvoeringsprogramma 2023. Het structureel begrotingssaldo sluit op nul. Dit met inachtneming van een incidenteel in de begroting opgenomen tekort sociaal domein om het bestaande Amstelveense beleid te handhaven in afwachting van een structureel perspectief vanuit het Rijk. Een eerstvolgend belangrijk moment is de besluitvorming van het Kabinet over de Voorjaarsnota. De gevolgen voor gemeenten worden inzichtelijk via de meicirculaire gemeentefonds. Deze meicirculaire komt te laat om nog in de Perspectiefnota te verwerken. Wel doen we in deze Perspectiefnota enkele aannames. Zo gaan we ervan uit dat voor de jeugdhulp er incidentele middelen beschikbaar komen (voor 2024/2025) net als voorgaande jaren. Ook is de verwachting dat er aanvullende uitkeringen komen voor de loon- en prijsstijgingen. Over de uitkomsten volgt een aparte rapportage, zodat u bij de behandeling van de Perspectiefnota beschikt over de meest recente informatie. Ook de budgetontwikkeling BUIG (bijstandsgelden) maakt onderdeel uit van deze notitie.
2023
bedrag x €1.000 Positief bedrag is een tekort, een negatief bedrag is tekortverlagend/overschot INCIDENTEEL STRUCTUREEL 2024 2025 2026 2027 2023 2024 2025 2026 2027
Autonoom/nominaal (par 3.1) Inzet stelpost Nominaal
2.365 -2.365
2.527 -2.527
500 -500
1.470 -1.470
-
2.962 -1.338
14.757 -14.757
14.760 -14.760
14.760 -14.760
14.848 -14.848
Jeugdhulp (par 3.2) Verwachte incidentele uitkering Meicirculaire
-3.100
5.456 -4.800
5.561 -4.000
-
-
-
-
-
263
263
254 -140 -114
2.669 -1.425 -1.244
2.419 -975 -1.444
2.489 -1.377 -1.112
214 -100 -114
-5
758
1.628
2.218
6.008
-
-
-
-
-
-576
-686
-515
-142
328
94
6.699
7.202
8.391
8.370
PM
PM
PM
PM
PM
1.141
6.013
6.687
8.512
8.961
-2.000
-3.200 -800
-3.200 -800
-3.200 -800
-1.710
-1.710
-1.710
TOTAAL OVERZICHT PERSPECTIEFNOTA 2024
Duurzaamheid (par 3.3) Inzet via reserve Duurzaamheid Inzet via middelen het Rijk (CDOKE) Grote Projecten w.o. A9 en Stadshart (par 3.4) Kapitaallasten Maatschappelijk Vastgoed (par 3.5) Overige voorstellen (par 3.6)
2.021
8.508
5.247
6.156
917
BUIG en effecten Meicirculaire TOTAAL NOG TE DEKKEN LASTEN
-1.084
9.922
8.436
8.374
6.925
DEKKINGSPLAN Lastenverzwaring (par 4.1.1 en 4.1.2) OZB Toeristenbelasting Taakstelling organisatiekosten en dekkendheid leges (par 4.1.3) Stelpost Areaal verwacht via Meicirculaire (par 4.1.4)
-2.000
-2.000
-2.000
-2.000
Vrijval restant stelpost Nominaal (par 4.1.4)
-1.543
1.023
-802
-1.251
Algemene reserve (par 4.1.5)
1.084
-9.922
-8.436
-8.374
-6.925
-1.141
-470
TOTAAL BESCHIKBARE DEKKING
1.084
-9.922
-8.436
-8.374
-6.925
-1.141
-6.013
-6.687
-8.512
-8.961
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
TOTAAL NOG TE DEKKEN LASTEN - BESCHIKBARE DEKKING
Pagina 7
2.1.1. Structurele middelen Voor de structurele middelen gevraagd als gevolg van autonome ontwikkelingen en de compensatie voor de loon- en prijsstijgingen is de stelpost Nominaal grotendeels toereikend. Alleen jaarschijf 2023 kan niet volledig afgedekt worden. De nog op te lossen structurele opgave beloopt vervolgens €1,1 miljoen in 2023 en loopt op tot €8,9 miljoen vanaf 2027. Ter dekking hiervoor wordt een lastenverzwaring van maximaal €4 miljoen voorgesteld waarbij niet alleen naar de inwoners (OZB) wordt gekeken maar ook naar de bezoekers van Amstelveen (toeristenbelasting). Ook wordt er een besparing op de gemeentelijke organisatie van €2 miljoen voorgesteld. In afwachting van de meicirculaire is een reële inschatting gemaakt van de extra inkomsten uit het gemeentefonds als gevolg van areaal uitbreidingen (€2 miljoen) en de aangekondigde extra uitkering voor nominale ontwikkelingen (€2 miljoen). Deze inschatting tezamen met het incidenteel afdekken van jaarschijf 2023 en 2024 vanuit de algemene middelen geeft een sluitende meerjarenbegroting waarbij we ons voorzieningen niveau structureel op orde kunnen houden.
2.1.2. Incidentele middelen De incidenteel gevraagde middelen voor de periode 2023-2027 bedragen in totaal €56 miljoen. Naar verwachting is er voor €24 miljoen dekking binnen de Reserve Duurzaamheid, financiering van het Rijk (CDOKE en incidentele middelen Meicirculaire) en de stelpost Nominaal. Het restant ad €32 miljoen moet gedekt worden vanuit de algemene middelen. Voor de periode 2023-2027 is circa €69 miljoen beschikbaar. Hierbij is rekening gehouden met de afspraak dat de algemene reserve een minimale omvang moet behouden van €15 miljoen. Verder is rekening gehouden met het vrijvallen van het Lokaal Coronafonds (€6,5 miljoen), ontvangst voorgefinancierd Lokaal Werkbudget Oekraïne (per saldo €11,5 miljoen, waarbij €2 miljoen wordt toegevoegd aan het budget en €13,5 mln ontvangen), compensatie Voogdij 18+ (€3,5 miljoen) en door de oplopende rente een rentevergoeding op ons liquiditeitsoverschot (€1,5 miljoen). De algemene middelen zijn hiermee van voldoende omvang om de uitgaven tot en met 2027 te dekken. bedrag x €1.000
2023
2024
2025
2026
2027
Algemene reserve (stand per 1-jan)
-50.531
-44.221
-54.727
-54.303
-52.886
Bestaand verloop algemene reserve (besluitvorming t/m JR 2022)
28.195
-20.023
-17.694
435
Actualisatie grexen (par 8.1) Vrijval Coronafonds (par 8.1) Ontvangst vooruitbetaalde Oekraïne gelden (par 8.1) Tegemoetkoming Voogdij 18+ (par 8.1) Rentevergoeding, onderuitputting kapitaallasten en overige mutaties (par 8.1)
2.187 -6.661 -11.645 -3.300 -2.523
-875
9.682
-7.392
-4.045
Voorstel dekking incidentele middelen (dekkingsplan hoofdstuk 4) Voorstel incidenteel dekken structurele middelen (dekkingsplan hoofdstuk 4)
-1.084 1.141
9.922 470
8.436
8.374
6.925
Algemene reserve (stand per 31-dec)
-44.221
-54.727
-54.303
-52.886
-50.006
Minimale buffer
15.000
15.000
15.000
15.000
15.000
Algemene reserve (stand per 31-dec, minus buffer)
-29.221
-39.727
-39.303
-37.886
-35.006
Naast de afgesproken buffer blijft er ruimte beschikbaar voor project A9 met grote uitgaven in 2028 en 2029, alsmede met het oog op mogelijke implicaties van het project Nieuw Legmeer.
Pagina 8
2.2. Technische actualisering (nominaal/areaal, rente, WOZ) Deze paragraaf behandelt de begrotingsgrondslagen voor areaal/nominaal inclusief de hiermee samenhangende tariefindexatie (inflatiecorrectie). De stelposten nominaal en areaal zijn belangrijke stabilisatoren om schommelingen in en tussen jaren in de technische begrotingsgrondslagen en autonome ontwikkelingen op te vangen. De mei- en septembercirculaire gemeentefonds zijn de reguliere momenten om de grondslagen opnieuw te bezien. Onder de noemer technische begrotingsgrondslagen vallen verder de ontwikkeling van de WOZ-waarde en de herberekening van de kapitaallasten/rekenrente.
2.2.1. Belastingcapaciteit De jaarlijkse hertaxatie WOZ is van belang voor de berekening van de OZB-tarieven én voor de hoogte van de algemene uitkering. De doorwerking van de gemiddelde landelijke WOZontwikkeling in de algemene uitkering maakt onderdeel uit van de meicirculaire gemeentefonds. In samenhang hiermee wordt de actualisering van de Amstelveense WOZ-ontwikkeling meegenomen in de doorrekening van de effecten van de meicirculaire voor Amstelveen. Ook in Hoofdstuk 8 Tarievenbeleid komt dit onderwerp aan de orde.
2.2.2. Areaal De stelpost areaal heeft een tweeledig doel: In de eerste plaats worden via deze stelpost schommelingen in volumemutaties op de maatstafgegevens van verdeelmaatstaven verevend. Enerzijds plussen en minnen tussen verschillende maatstaven, anderzijds verschillen in de tijd tussen de verwerking in het gemeentefonds van mutaties op macroniveau en op gemeenteniveau; In de tweede plaats is er geen directe 1-op-1-relatie in tijd en omvang tussen areaaleffecten, c.q. autonome ontwikkelingen aan de uitgavenkant en aan de inkomstenkant. Deze stelpost biedt de mogelijkheid hier flexibel mee om te gaan. Een positief areaaleffect aan de inkomstenkant wordt via deze stelpost gereserveerd en de inzet verloopt als regel via integrale afweging bij de Perspectiefnota. In deze Perspectiefnota is rekening gehouden met een beschikbare ruimte via de stelpost areaal van €2 miljoen structureel. Dit is inclusief een inschatting van een verwacht positief areaaleffect in de meicirculaire, onder meer als gevolg van een hoger inwoneraantal per 1jan23
2.2.3. Nominaal De conform staand beleid gehanteerde systematiek voor de nominale compensatie houdt het volgende in: 1. Voor een duurzaam reëel begrotingsbeeld is het van belang dat zowel de uitgavenbudgetten als de inkomstenbudgetten worden aangepast voor nominale ontwikkelingen (inflatie, c.q. loon- en prijsontwikkelingen). Het stelselmatig achterwege laten van indexering komt neer op sluipende uitholling van de begroting. 2. Uitgangspunt is een onderscheid tussen loongevoelige en prijsgevoelige budgetten in de begroting. De loonontwikkeling wordt verwerkt conform de CAO-maatregelen en de mutatie van de sociale lasten. De prijsontwikkeling wordt verwerkt op basis van de door het CPB periodiek gepubliceerde prijsindex voor de materiële overheidsconsumptie (IMOC), een hiervoor gangbare index. Ook de (output)subsidies vallen onder de prijsgevoelige budgetten. 3. De loon- en prijsontwikkeling wordt jaarlijks voortschrijdend geraamd en bijgesteld, voorcalculatorisch en nacalculatorisch. Dit betekent, dat de toegepaste compensatie rekening houdt met een nacalculatie over het achterliggende jaar, een eventuele bijstelling van het lopende jaar en een nieuwe prognose voor het komende jaar. 4. Aan de inkomstenkant geldt een algemene tariefindex, die het gewogen gemiddelde is van de loon- en prijsstijgingen.
De weging vindt plaats op basis van de loon- en prijsgevoeligheid van de begroting. Op basis van de begrotingsvolumes bedraagt deze verhouding 1:1,45.
Pagina 9
Dit is de algemene systematiek die als regel wordt toegepast. Ook de indexeringsafspraak voor de dienstverleningsbijdrage van Aalsmeer sluit aan op deze systematiek. Een beperkt aantal begrotingsonderdelen kent een eigen, afwijkend regime. Dit betreft met name de verhuur van gebouwen/accommodaties door de gemeente. Dit is een eigenstandige, bedrijfsmatige activiteit. De jaarlijkse huuraanpassing is, conform de bepalingen in de huurcontracten, gekoppeld aan de ontwikkeling van het C.B.S.-prijsindexcijfer uit het voorafgaande jaar. Vanwege de verzelfstandigde, bedrijfsmatige positie kent ook AmstelveenSport een eigen hierop aangepaste indexeringsafspraak. Prijsontwikkeling Voor de prijsontwikkeling volgen we de Index Materiële Overheidsconsumptie (IMOC). Op basis van de recente cijfers CEP komen we uit op een prijscompensatie van 8% voor 2024. Belangrijk is wel om bij volgende perspectiefnota te bezien in hoeverre deze prijsstijgingen zich werkelijk hebben voorgedaan. Indien de prijsstijging lager uitvalt dan de hier geraamde 8% ontstaat er onbedoeld ‘lucht’ in de budgetten. Loonontwikkeling Met een CAO akkoord is de loonontwikkeling bekend. Deze komt uit op 7,5% voor 2023. Voor 2024 gaan we op basis van de Centraal Economisch Plan cijfers (CEP, maart 2023) uit van een loonontwikkeling van 5% (inclusief stijging 0,5% trendmatige stijging sociale lasten).
Algemene Tariefindex Op basis van de loon- en prijsontwikkeling komt de algemene tariefindex voor 2024 uit op 8%.
2.2.4. Rekenrente (incl. stelpost onderuitputting) De rekenrente blijft voor 2024 ongewijzigd op 2% staan. Onderdeel in deze Perspectiefnota is de stelpost onderuitputting. Bij de uitvoering van investeringen zien we faseringseffecten optreden waarmee eerder geraamde kapitaallasten later starten. De begroting kent een stelpost onderuitputting voor dit effect. Op basis van de jaarstukken 2022 wordt uitgegaan van een vrijval van de stelpost voor 2023 van €1,6 miljoen.
2.2.5. Rentepercentage grondexploitaties De berekening van het rentepercentage voor grondexploitaties is gebaseerd op specifieke richtlijnen vanuit het BBV. Op basis van de jaarstukken 2022 wordt het definitieve gehanteerde rentepercentage voor 2023 1,64%.
Pagina 10
3. Toelichting op de incidentele en structurele bestedingsvoorstellen
3.1. De autonome en nominale ontwikkelingen Belangrijk onderdeel voor de Perspectiefnota zijn de zogenaamde autonome ontwikkelingen. Het betreft hier de meldingen die in zekere mate onuitstelbaar en onvermijdelijk zijn. Als autonome ontwikkeling kunnen bijvoorbeeld worden aangemerkt kostenstijgingen als gevolg van inflatie of gevolgen van veranderende wet- of regelgeving. Deze worden aangevuld met de effecten van de loon- en prijsontwikkelingen zoals aangegeven in paragraaf 2.1.3. Incidenteel gaat het om een bedrag van €6,8 miljoen voor 2023-2027 en structureel om €14,5 miljoen. Ter dekking van de loon- en prijscompensatie kent Amstelveen een stelpost nominaal. Deze wordt gevuld door de bijstellingen op het accres gemeentefondsuitkering voor nominaal en de indexering op de OZB inkomsten. Incidenteel is nog €8,2 miljoen aan ruimte (stelpost 2023) en voor 2024 en verder is er structureel €16,3 miljoen beschikbaar. Hierbij is een reële inschatting gemaakt van een, bij de meicirculaire, te verwachte extra gemeentefondsuitkering van €2 miljoen structureel. De stelpost nominaal bevat na het verwerken van de loon- en prijscompensatie ruimte om de autonome ontwikkelingen grotendeels te dekken. Voor 2023 is er nog een ongedekt tekort van €1,6 miljoen. Voor 2024 en verder is er juist een overschot welke ingezet wordt voor de overige ambities.
TOTAAL AUTONOME ONTWIKKELINGEN en NOMINAAL a. N.a.v gestegen (energie)prijzen b. Gemeenschappelijke regelingen en samenwerking c. Bijdrage verbetering Waterkering A'dijk-Zuid d. OZB Keizer Karel College, Elegast 5 e. Parkeerexploitatie 2023-2027 review f. Minimabeleid g. Ontwikkeling reisdocumenten (budgettair neutraal) Dekking door hogere inkomsten h. Overige autonome ontwikkelingen Algemene prijsontwikkeling (zie par. 2.1.6) Loonontwikkeling (zie par. 2.1.6)
Stelpost Nominaal Incidenteel beschikbaar Structureel beschikbaar
2023 1.476 435 454
INCIDENTEEL 2024 2025 2026 2.361 500 500 970 166 -
2027
2023 -
339 188 200 135
STRUCTUREEL 2024 2025 2026 200 200 200 1.284 1.287 1.287 213 213 213 121 121 121 100 100 100 260 260 260 -260 -260 -260 389 389 389
2027 200 1.374 213 121 100 260 -260 389
-
-
-
-
-
2.100
7.100 5.350
7.100 5.350
7.100 5.350
7.100 5.350
2.365
2.527
500
1.470
-
2.962
14.757
14.760
14.760
14.848
-2.365
-2.527
-500
-1.470
-16.300
-16.300
-16.300
-16.300
-1.543
-1.540
-1.540
-1.452
-
-
-
-
-1.338
-
1.624
Toelichting: a. Diverse posten n.a.v. gestegen (energie)prijzen (incidenteel en structureel) Voor de prijsgevoelige budgetten wordt conform paragraaf 2.1.6 rekening gehouden met 8% prijsontwikkeling. Echter zien we op bepaalde onderdelen dat de prijsstijging hoger uitpakt en de compensatie niet toereikend zal zijn. Dit heeft voornamelijk te maken met de gestegen energiekosten voor de eigen huisvesting, openbare verlichting en de verkeerregelinstallaties. We zien ook een sterke prijsstijging bij het asfaltonderhoud aan de wegen en de vastgoedobjecten. b. Gemeenschappelijke regelingen (GR) en samenwerkingsverbanden (structureel) Diverse gemeenschappelijke regelingen hebben hun begroting voor komende jaren ingediend met daarin een toename aan kosten. Hierbij spelen de sterk toegenomen loon- en prijsontwikkelingen de belangrijkste rol. Het gaat onder andere om de veiligheidsregio (€300.000), belastingen (€227.000), openbare gezondheidszorg Amstelland €322.000), GGD Amsterdam-Amstelland (€233.000).
Pagina 11
c. Bijdrage verbetering Waterkering Amsteldijk-Zuid (incidenteel) Het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht is onder meer verantwoordelijk voor bescherming tegen overstromingen. Om de gevolgen van klimaatveranderingen en bodemdaling het hoofd te bieden, moeten de dijken regelmatig op de vereiste hoogte worden gebracht. De gemeente betaalt conform wet- en regelgeving en in het verleden gemaakte afspraken de kosten verbonden aan het opbreken en opnieuw aanbrengen van verhardingen op de Amsteldijk. Het betreft circa 3,7 km aan weglengte met een verwachte gemeentelijke bijdrage van €970.000. d. OZB Keizer Karel College (structureel) Volgens de onderwijswetgeving kan een schoolbestuur de OZB bij de gemeente declareren. In augustus 2022 is het schoolgebouw van Keizer Karel College in gebruik genomen. Het schoolgebouw is gerenoveerd en verduurzaamd en de aanslag OZB aanslag wordt daardoor €146.000 hoger. Het verzekeren van de schoolgebouwen ligt direct bij de gemeente, de verzekeringspremie is gestegen met €67.500. e. Parkeerexploitatie 2023-2027 (incidenteel en structureel) De parkeerexploitatie is geactualiseerd en daaruit komt naar voren dat de inkomsten achterblijven bij de begroting terwijl de kosten zijn gestegen. De oorzaak van de achterblijvende inkomsten ligt onder andere in lagere opbrengsten uit naheffingsaanslagen, vergunningen als ook uit parkeerautomaten.
Er is een toename aan kosten i.v.m. telefonische aanmeldingen, hogere kosten voor betaalautomaten, uitbreiding parkeeronderzoeken en uitbreiding van taken. f. Minimabeleid (structureel) Vanwege een structurele toename in het aantal aanvragen voor bijzondere bijstand en minimaregelingen als gevolg van een betere bekendheid met de regelingen en de stijgende kosten van het levensonderhoud en vanwege de verhoging van vergoeding van de sport en cultuurregeling voor kinderen, verwachten we in 2023 €200.000 extra nodig te hebben en voor 2024 en verder verwachten wij €100.000 extra nodig te hebben. g. Ontwikkeling reisdocumenten; budgettair neutraal (structureel) Vanaf 2024 neemt het aantal te verstrekken reisdocumenten toe. Dit wordt veroorzaakt doordat de maximale geldigheidsduur van reisdocumenten met ingang van 2014 van vijf naar tien jaar is gegaan. Hierdoor was in de periode van 2019 t/m 2023 sprake van de zogenoemde ‘reisdocumentendip’. Vanaf 2024 wordt er weer een toename van het aantal te verstrekken reisdocumenten verwacht. De hogere lasten worden gedekt door hogere legesopbrengsten. h. Overige autonome ontwikkelingen Naast bovenstaande autonome ontwikkelingen zijn er nog enkele kleinere posten die niet apart worden toegelicht. In bijlage 1 vindt u een overzicht van alle autonome ontwikkelingen.
Pagina 12
3.2. Jeugdhulp Vanaf 2018 is het aantal jeugdigen in zorg, de lengte en zwaarte van de trajecten jaarlijks gestegen. Dit heeft diverse maatschappelijke oorzaken. Naast specifieke problematiek in gezinnen (bijv. echtscheiding, prestatiedruk, grotere hulpvraag kinderen in leeftijd VO) gaat het om algemene problemen waaronder wachtlijsten bij (vooral) hoog complexe zorg, tekorten aan arbeidskrachten bij partijen in de jeugdbeschermingsketen en andere hardnekkige problemen als wachtlijsten bij volwassenen GGZ en krapte woningmarkt. Doordat het relatief om grote aantallen jeugdigen gaat en soms hoge kosten per jeugdige kunnen (kleine) stijgingen in aantallen, lengte en zwaarte leiden tot grote kostenstijgingen. De coronacrisis in 2020 en 2021 heeft deze ontwikkelingen flink versterkt. Vanaf 2022 is in onze gemeente voor het eerst een daling van de kosten te zien ten opzichte van het voorgaande jaar. Dit komt door een daling van het aantal jeugdigen ten opzichte van de coronapiek in 2020 en 2021 en door effecten van de nieuwe inkoop. We verwachten voor 2023 wederom een daling te zien en stellen de begroting daarom neerwaarts bij. We doen dit op het niveau van 2022 waarbij er wel een overschrijdingsrisico bestaat als de daling zich beperkter voordoet. In hoeverre de daling een structureel karakter krijgt voor 2024 en verder is nog niet te zeggen.
De extra uitgaven boven de primitieve begroting jeugdhulp zijn in onze gemeente t/m 2023 incidenteel gedekt. Voor 2025 zijn grote landelijke wijzigingen, ook wettelijk, voorzien (de zgn. Hervormingsagenda) die een aanzienlijke invloed kunnen hebben op zowel de inkomsten vanuit het Rijk als het volume (o.a. door mogelijke inperking reikwijdte jeugdhulp). Tegelijk is nog veel onduidelijk en onzeker over de invulling, het tempo en de gevolgen van de hervormingsagenda. We kiezen er voor om de kosten voor 2024 en 2025, op een enkele post na, incidenteel te dekken. Dit geeft voor de komende twee jaar rust in de begroting en geeft de gelegenheid de gevolgen van alle veranderingen uit te werken. 2023 a. Maatwerk dienstverlening 18b. Geëscaleerde zorg 18c. Inzet van jeugdhulpverleners d. Continueren extra impuls zorg- onderwijs (Av) e. Jongerenwerk f. Jeugdbescherming (neutrale verschuiving taakveld naar product) Jeugdbescherming (neutrale verschuiving taakveld naar product) g. Sturing op jeugdhulp (kwaliteitsadvies) h. Verbetering registratie en dossiervorming i. Diverse inzet jeugdhulpverlening
-3.100
TOTAAL JEUGD
-3.100
4.100 313 264 102 158
2027
STRUCTUREEL 2024 2025 2026
2023
172 348
-3.100
2027
4.100 313 264 102 129 -129
Verwachte middelen meicirculaire TOTAAL JEUGD
INCIDENTEEL 2024 2025 2026
129 -129
129 -129
172 348 263
5.456
5.561
-4.800
-4.000
656
1.561
129 -129
129 -129
263
263
-
-
-
-
-
263
263
-
-
-
-
-
263
263
Toelichting: Van belang is dat Amstelveen nu kiest in hoeverre ze wil dat het gehele systeem goed kan blijven functioneren, er ruimte blijft voor ontwikkeling (waaronder die uit het uitvoeringsprogramma) en voor sturing op de kosten (incl. realiseren van bezuinigingen). Stijging in volume en complexiteit heeft gevolgen voor interne teams De aanhoudende en forse stijging in de kosten, aantallen en complexiteit heeft gevolgen voor alle betrokken teams en partners. Met het project Zicht en Grip op jeugdhulp in 2021 en 2022 zijn belangrijke stappen gezet op het gebied van de nieuwe inkoop van aanbieders waardoor de kosten worden geremd en meer sturing op kosten en kwaliteit mogelijk is. Ook de informatievoorziening is sterk verbeterd met de invoering van dashboards (Bestuurlijke Verantwoordingrapportage, dashboard contractmanagement en dashboard uitvoering). Verder is binnen dit project de werkwijze van jeugdhulpverleners met name ten aanzien van monitoring en zicht op prestatielevering verbeterd en is bijv. voortvarend uitvoering gegeven aan de landelijke verandering van het Woonplaatsbeginsel.
Pagina 13
Centraal in de samenwerking binnen de gemeente en met vele aanbieders, verwijzers en samenwerkingspartners staan teams jeugd en gezin en jeugdhulpverlening van de gemeente. Om de toegenomen complexiteit het hoofd te bieden is het van belang te investeren in deze teams. Dit is tevens rand voorwaardelijk voor het meer kunnen sturen op kosten en (minimale) kwaliteit. Eind 2022 is als vervolg op Grip en Zicht op jeugdhulp het project Toegerust en op Orde gestart. Oogmerk: de organisatie verstevigen, standaardiseren en automatiseren waar dat kan, de ontkoppeling van Amsterdam-DUO opvangen, inhoudelijke beleidsdoelen vertalen in werkwijzen en deze kunnen monitoren, betere sturing op caseload en doorlooptijden. In 2022 is besloten de personele inzet bij beleid, contractmanagement en functioneel beheer structureel te dekken. Dit stelt de organisatie in staat om ons beleid te blijven vernieuwen en ontwikkelen binnen de zorg en de preventie, om projectmatig wettelijk gevraagde veranderingen en lokaal gewenste verbeteringen aan te brengen in de uitvoering, grip te houden op aanbieders zowel t.b.v. kostenreductie, continuïteit en beschikbaarheid van hulp. Of dat nog zo is wanneer daadwerkelijk de landelijke Hervormingsagenda moet worden uitgevoerd, is de vraag en thans niet te overzien.
Uitvoeringsorganisatie Team jeugd en gezin en team jeugdhulpverlening Team jeugd en gezin en team jeugdhulpverlening vormen het hart van de uitvoering jeugdhulp. Zij zijn vormgegeven om zo optimaal en zoveel mogelijk kinderen en hun ouders te ondersteunen. Voor deze uitvoering is een bepaalde hoeveelheid aan personeel nodig, verdeeld over 4 onderdelen: • Jeugdhulpverlening + gedragswetenschappers vormen de inhoudelijke basis. • Kwaliteitsadvies en functioneel beheer ondersteunen deze basis kwalitatief en procesmatig. • Frontoffice en Backoffice ondersteunen de JHV administratief en verzorgen het verplichte landelijke berichtenverkeer tussen gemeente en meer dan 150 jeugdhulpaanbieders, voor zowel gemeentelijke als niet gemeentelijke verwijzers. • Het aanmeldteam doet alle lichte en kortdurende JHV-taken waarmee de inhoudelijke basis wordt ontlast. Deze 4 onderdelen werken als raderen in een systeem: het minder goed functioneren van een deel heeft effect op het geheel. Het is daarmee van belang alle onderdelen te bemensen ('naar noodzaak'). Amstelveen heeft de afgelopen jaren een aantal delen van deze vier onderdelen incidenteel bekostigd. Daarnaast is de casuïstiek jeugdhulp zwaarder/complexer geworden, waardoor er meer capaciteit nodig is. Ook speelt mee dat de doorstroom stagneert, meer overbruggingszorg nodig is, wegens wachtlijsten bij aanbieders/Jeugdbescherming.
Verder is voldoende flexibele schil in de uitvoeringsonderdelen nodig om binnen de uitvoering zelf te kunnen verbeteren, leren en innoveren.
Pagina 14
3.3. Duurzaamheid 3.3.1. Reserve Duurzaamheid De gemeenteraad van Amstelveen heeft tijdens de raadsvergadering van 26 september 2018 besloten haar aandelen in Eneco af te stoten en van de verkoopopbrengst €15 miljoen te benutten voor investeringen in energietransitie en duurzaamheid. Hiervoor is de reserve duurzaamheid gevormd. Daarnaast lopen ook de gelden van het Klimaatakkoord via deze reserve. Besluitvorming over de inzet van de reserve duurzaamheid vindt zoveel mogelijk plaats via integrale afweging bij de Perspectiefnota, in het kader van een meerjarig bestedingskader in samenhang met een actueel beleidsinhoudelijk kader (PLECK-rapportage). Dit vigerende beleidskader is aldus besloten in de raadsvergadering van 10 november 2021 via de vaststelling van de ‘Nota risicobeleid, reservebeleid en activabeleid Amstelveen 2021’. Belangrijk voor de duurzaamheidsagenda is duidelijkheid van het Rijk over de bekostiging van het Klimaatakkoord. Het Regeerakkoord bevat de instelling van een Klimaatfonds, dat ook moet voorzien in een vergoeding aan gemeente voor uitvoeringskosten in het kader van het Klimaatakkoord (looptijd t/m 2030). Vooruitlopend hierop heeft Amstelveen al ingezet op (vaste) formatie waarvan de kosten vooralsnog incidenteel ten laste van de reserve Duurzaamheid komen. Reserve duurzaamheid / Enecogelden en gelden klimaatakkoord 2023 2024 Geraamde stand per 1jan
bedrag x € 1.000 2026 2027
2025
10.039
8.007
6.552
5.647
4.390
Dotaties (voeding reserve duurzaamheid): # terugverdieneffect zonnepanelen op daken (PN22)
120
120
120
120
120
Onttrekkingen (inzet reserve duurzaamheid): # besluitvorming t/m JR'21 # Uitvoeringsprogramma 2023 (november 2022) # PLECK 4.0 (december 2022)
-1.377 -485 -150
-50 -100
-50
0
0
-140
-325 -1.100
-325 -650
-325 -1.052
0 -100
8.007
6.552
5.647
4.390
4.410
# Perspectiefnota 2024 Doorloop vanuit Uitvoeringsprogramma 2023 Nieuw opgenomen Geraamde stand per 31dec
Toelichting op aanmeldingen Perspectiefnota 2024:
INCIDENTEEL 2024 2025 2026
Te dekken vanuit reserve Duurzaamheid 2023 Doorloop vanuit het Uitvoeringsprogramma 2023 a) vervolg actieplan klimaatadaptatie a) vervolg subsidieregeling "Groen op Gebouwen" Nieuw in deze Perspectiefnota b) Subsidie regeling verduurzamen woning 2024 e.v. c) Ontwikkelen duurzame warmtebronnen etc d) realisatie solar carport e) Vervolg motie watervriendelijke tuinen f) Gebiedsaanpak energietransitie; buurtuitvoeringsteam g) Overige aanvragen duurzaamheid
TOTAAL DUURZAAMHEID
40
2027
175 150 325
175 150 325
175 150 325
250 100 500
250 100
250 100
100
100
100
100 140
250 1.100
200 650
100 432 170 1.052
140
1.425
975
1.377 Pagina 15
-
100
a) Doorlopende posten vanuit het Uitvoeringsprogramma 2023 In het uitvoeringsprogramma 2023 waren al enkele posten opgenomen voor 2023. Voor deze posten was aangegeven ze ook meerjarig tot en met 2026 nodig te hebben. Via deze perspectiefnota worden deze budgetten nu meerjarig in de begroting verwerkt. b) Subsidieregeling verduurzaming woning In lijn met de afspraken in het klimaat akkoord wil de Gemeente Amstelveen per 2040 onafhankelijk van fossiele brandstoffen zijn. Om dit te realiseren moeten de woningen en de bedrijven in de stad verduurzaamd worden. Zoals ook beschreven in PLECK worden hier, verschillende elkaar aanvullende aanpakken voor ingezet (verduurzamen van de slechte label woningen, VvE’s, de moeilijke te isoleren woningen en de gebiedsaanpak). c) Ontwikkeling duurzame warmtebronnen Het collectieve buurtwarmtenet moet een duurzame en aardgasvrije oplossing voor een integraal warmtesysteem zijn. Duurzaam beslaat hier niet alleen uit de technologische kant van het systeem maar ook de vorming van een maatschappelijk verantwoorde vereniging, coöperatie of een andere organisatievorm waarin het net is ondergebracht. Amstelveen kent op dit moment nog geen actieve bewoners initiatieven rond een collectieve warmte voorziening. d) Realisatie Solar Carport De Gemeente Amstelveen wil in 2040 onafhankelijk van fossiele brandstoffen zijn.
Om dit klimaatdoel voor 2040 te halen, moeten we gestaag het tempo van de verduurzaming opvoeren. Het opwekken van duurzame energie is een belangrijk onderdeel van de aanpak. Om de realisatie van de eerste ‘solar carport’ mogelijk te maken wordt voorgesteld om hiervoor € 500.000 te reserveren. e) Vervolg Motie Watervriendelijke tuinen Naar aanleiding van de motie watervriendelijke tuinen is in 2021 een uitvoeringsplan vastgesteld door de raad. Dit betreft een plan met concrete actiepunten van de motie waarbij per jaar €100.000 benodigd is. In 2022 is gestart met de uitvoering. De programmering van de acties lopen door tot en met 2026. f) Gebiedsaanpak energietransitie De kosten voor de energietransitie kunnen de komende jaren gedekt worden vanuit de rijksmiddelen CDOKE (zie paragraaf 3.2.3) maar is niet toereikend voor alle geplande uitgaven. De kosten die niet gedekt kunnen worden vanuit de CDOKE komen ten laste van de reserve Duurzaamheid. g) Overige aanmeldingen De overige aanvragen worden niet afzonderlijk toegelicht. In bijlage 1 vindt u een totaaloverzicht van alle duurzaamheidsaanvragen.
3.3.2. Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat-en energiebeleid (CDOKE). Bij het vaststellen van het klimaat akkoord in 2019 heeft de VNG met het rijk afgesproken dat de uitvoeringskosten van de gemeente gedekt zouden worden. Onlangs is bekend gemaakt dat Amstelveen voor het uitvoeren van klimaat- en energiebeleid gebruik kan maken van een uitkering vanuit de Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat-en energiebeleid (CDOKE). Dit kan voor de jaren 2023, 2024 en 2025. Het gaat om een bedrag van circa €1,6 miljoen per jaar. Deze subsidie is inmiddels aangevraagd en toegekend. De uitkering dient voor minimaal 90% ingezet te worden voor apparaatskosten. Zoals salarissen, inhuurkosten en sociale lasten voor ambtelijk personeel (inclusief ondersteunende taken zoals HR, financiën en ICT).
Pagina 16
Te dekken vanuit de regeling CDOKE 2023 Geraamde stand per 1 jan
1.653
1.667
-604 -126
-604 -126
-604 -126
-114
-114 -400
-114 -600
-114 -268
-114
594
1.003
1.226
114
-
Uitvoeringsprogramma 2023 (november 2022)
-930
Perspectiefnota 2024 Doorloop vanuit het Uitvoeringsprogramma 2023 Duurzaamheid en energietransitie Warmteregisseur en projectleider warmtekavel
1.226
2027
1.003
1.638
Geraamde stand per 31 dec
INCIDENTEEL 2025 2026
594
Inkomsten CDOKE (het Rijk)
Nieuw opgenomen Uitbreiding formatie energieteam Gebiedsaanpak energietransitie; buurtuitvoeringsteam
2024
Toelichting: Om uitvoering te geven aan de energietransitie is verdere personele versterking nodig waarvoor dekking is gevonden binnen de regeling CDOKE. Het Buurtuitvoeringsplan (BUP) geeft invulling aan de gebiedsaanpak voor de energietransitie. Het BUP dat samen met de inwoners is ontwikkeld geeft een beschrijving van de buurt en van de werkzaamheden die nodig zijn om de woningen te verduurzamen. Dit vraagt om maatwerk. Het buurtuitvoeringsteam ontwikkelt samen met de buurtbewoners verduurzamingsoplossingen die passen bij deze buurt. Met de herziene ‘transitievisie warmte’ wordt aangesloten op de kaders van de Omgevingswet en wordt het mogelijk om gebruik te maken van de bevoegdheid die de gemeenteraad krijgt om wijken/buurten aardgasvrij te maken (Wet gemeentelijk instrumentarium warmtetransitie).
Pagina 17
114
3.4. Grote projecten (incidentele middelen) In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op enkele ‘grote’ projecten. De Amstelveenlijn is afgerond en de Uithoornlijn zit in de afrondende fase waar de Uitvoering A9 volop in uitvoering is. De perspectiefnota heeft als horizon 2027 maar projecten kunnen langer doorlopen. Daar waar van toepassing worden de kosten ook voor de jaren buiten de horizon gegeven. Hiermee ontstaat een totaal beeld voor de projecten.
3.4.1. Projectorganisatie en communicatie Projectorganisatie De kosten van de aansturing van de grote projecten binnen de gemeente, het programmamanagement, is structureel gedekt in de begroting. Verdere kosten van planbegeleiding worden waar mogelijk bij de externe opdrachtgevers belegd, maar vragen ook gemeentelijke middelen om de gemeentelijke belangen te waarborgen. Dit betreft strategie, kaderstelling, toetsing, advies, onderzoek, inpassing en communicatie. Het gaat daarbij om de functies technisch management, bereikbaarheidsregie, vergunningenmanagement, toetsen van BLVC-plannen, omgevingsmanagement en communicatieadvies. Daarnaast is gemeentelijke inzet (engineering) nodig op de door derden te realiseren civieltechnische objecten van het A9-project die uiteindelijk in eigendom, beheer en onderhoud komen bij de gemeente. Voor het project A9 kunnen de ambtelijke kosten niet worden verhaald op Rijkswaterstaat omdat met de Staat der Nederlanden in 2014 een vaststellingsovereenkomst is gesloten waarbij de Staat de legeskosten en ambtelijke begeleidingskosten heeft afgekocht. Deze afkoopsom was ultimo 2020 uitgeput, maar in 2022 is voor deze kosten een aanvullend bedrag van € 304.000 ter beschikking gesteld door de Staat.
Daarnaast is er een aanvullende bijdrage van de Staat voor een prijsvraag voor een kunstzinnige verfraaiing van de landhoofden onder de A9 bij de Beneluxbaan. Een gedeelte is in 2022 afgewikkeld, het restant volgt als het kunstwerk wordt geplaatst. De kosten tot en met 2027 zijn in de bestaande begroting opgenomen. De verlenging van de projectorganisatie en communicatie na 2024 is hierin betrokken. Gebiedsregie A9 Zone In de A9 zone liggen veel projecten die door de uitvoering van het A9 project met RWS urgent zijn geworden. Daarbij is de gelegenheid om de stad ‘aan elkaar te verbinden’ uniek. En daarmee zowel bijzonder belangrijk als ook complex. Daarom is besloten om integrale, opgave overstijgende en gebiedsgerichte samenwerking en afstemming samen te brengen in ‘Gebiedsregie A9 zone’. Doel van de gebiedsregie is om de kwaliteit van de stad voor haar inwoners, ondernemers en bezoekers te verhogen, door het bewerkstelligen van samenhang en afstemming tussen projecten, initiatieven en beleidsvoornemens. Daardoor worden ook de maatschappelijke, ruimtelijke, programmatische en financiële belangen van de gemeente geborgd. In de verschillende deelgebieden ligt een groot aantal kansen voor, die we nu al kunnen identificeren.
Het voeren van regie over de zone biedt daarnaast nieuwe kansen voor het verbeteren van de leefkwaliteit door de verbinding van Amstelveen Noord met Amstelveen Zuid. De gebiedsregie leidt tot een integrale maar ook versnelde aanpak van de urgente projecten.
Pagina 18
Projectorganisatie grote projecten
Totaal
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Projectorganisatie en projectbegeleiding A9
1.004
114
-110
300
250
250
100
100
488
198
75
43
43
43
43
43
1.525
125
300
300
200
200
200
200
Communicatie
627
77
-75
125
125
125
125
125
Totaal uitgaven
468
Projectorganisatie en projectbegeleiding Stadshart Gebiedsregie A9 Zone
3.644
514
190
768
618
618
468
Totaal inkomsten
48
-193
100
0
0
0
0
0
Benodigd budget
3.692
321
290
768
618
618
468
468
Beschikbaar budget
0
0
0
0
0
0
0
0
Storting in reserve grote projecten (821034)
0
0
0
0
0
0
0
0
Beschikbaar budget
0
0
0
0
0
0
0
0
781
321
290
170
0
0
0
0
2.911
0
0
598
618
618
468
468
Onttrekking aan reserve grote projecten (821034) Nog toe te kennen budget
3.4.2. Investeringen: Stand van zaken planvorming en uitvoering Ombouw Amstelveenlijn Op 13 december 2020 is de tramlijn 25 in gebruik genomen. In 2021 zijn nagenoeg alle restwerkzaamheden uitgevoerd door het project van de Vervoerregio. Voor het project Amstelveenlijn is medio 2021 decharge verleend en de restwerkzaamheden zijn ondergebracht bij het project Uithoornlijn. Een aantal werkzaamheden is in 2021 en 2022 in opdracht van de Vervoerregio Amsterdam uitgevoerd door onze gemeente. De kosten van deze activiteiten worden grotendeels vergoed door de Vervoerregio. In aansluiting op het project zijn in 2021 verschillende maatregelen gerealiseerd ten behoeve van een goede inpassing van de Amstelveenlijn in de omgeving. Het herstel en de inrichting van de groenvoorzieningen zijn uitgevoerd in 2021/2022, maar in 2023 zullen nog enkele civieltechnische voorzieningen worden gerealiseerd, zoals enkele eenvoudige parkbruggen bij de Eleonora Rooseveltlaan. Het benodigde budget voor deze werkzaamheden bedraagt in totaal €177.000, terwijl in de reserve Amstelveenlijn nog slechts €76.800 beschikbaar is. Er is nog een aanvullende dekking van €100.000 benodigd. Uitvoering Amstelveenlijn
Totaal
2023
2024
2025
2026
2027
via kredietvotering Inpassing Amstelveenlijn - uit reserve Amstelveenlijn Nog toe te kennen budget
122
122
-22
-22
100
100
Uithoornlijn In 2020 is de realisatie van de Uithoornlijn aanbesteed. De uitvoering is in 2021 gestart met het aanbrengen van de voorbelasting voor het viaduct over de N201. Er zijn in 2019 afspraken met de Vervoerregio Amsterdam gemaakt over een bijdrage aan de verbreding van het viaduct over de N201. Uitvoering Uithoornlijn
Totaal
2023
2024
2025
2026
2027
via exploitatie Bijdrage derden
-158
-158
Nog toe te kennen budget
-158
-158
Pagina 19
Uitvoering A9 Rijkswaterstaat is in januari 2020 gestart met de uitvoering van het project A9 Badhoevedorp Holendrecht. Het project loopt door tot eind 2026. Na afloop van het project heeft de gemeente tot taak de aan de gemeente over te dragen overkappingen in te richten en alle gerealiseerde gemeentelijke objecten in beheer te nemen. Dit betreft met name de inrichting van de drie overkappingen Oude Dorp, Stadshart en Meander; de Bomenbrug, de Meanderbrug, de Colijnbrug en het rioolgemaal Keizer Karelweg. De overkappingen zelf worden aangelegd en gefinancierd door Rijkswaterstaat. De inrichting van de overkappingen komt ten laste van de gemeente, waarbij aangetekend dat RWS de groencompensatie financiert tot een maximum van €1,1 miljoen (ex. BTW). Hiervan zijn de afgelopen jaren al middelen ingezet voor het kweken van jonge bomen. De raming van de inrichtingskosten van het groen en de overkappingen zijn naar het prijspeil 2023 geïndexeerd. De inrichtingskosten van het groen worden nu geraamd op € 5,4 miljoen en de kosten van de drie overkappingen in totaal op €10 miljoen. Deze kosten zijn voor een groot deel geraamd in 2027 als de A9 in gebruik zal worden genomen. Een beperkt deel van het herstel van de groenvoorzieningen (bij Bankras en de Operabuurt) zal eind 2025 starten, wanneer de noordelijke verdiepte ligging van A9 is afgerond.
Voor de aanleg zullen wij te gelegener tijd kredietaanvragen voorleggen, waarvoor in de komende jaren voorbereidende werkzaamheden uitgevoerd worden. In 2023 worden er tijdelijke maatregelen genomen op de kruising van de Laan Nieuwer-Amstel en de Burgemeester Colijnweg met het doel de verouderde Verkeersregelinstallatie buiten werking te stellen door de aanleg van een tijdelijke rotonde. De definitieve rotonde op deze locatie wordt later aangelegd. Het project A9 heeft belang bij deze aanpassing en draagt bij in een deel van de kosten (1/3). Dat wordt ook gedaan bij enkele aanpassingen van fiets- en voetpad van het Kazernepad bij het oude Dorp aan de zuidzijde van de A9. Het voorlopig ontwerp voor de inrichting van de overkapping Meander is gereed. De inrichtingskosten zijn begroot op €700.000 (ex. BTW). De eigenaar van het complex ‘The Mayor’ heeft aan de gemeente 50% van de inrichtingskosten als bijdrage verstrekt. Het inrichtingsplan voor de overkapping Oude Dorp wordt opgesteld als onderdeel van het project gebiedsvisie Oude Dorp. De gemeenteraad heeft bij de Perspectiefnota 2020 ingestemd om een budget van € 903.000 te reserveren binnen de reserve grote projecten voor beoogde verbetering van het ontwerp van de Bomenbrug.
Circa de helft van dit bedrag (€ 432.000) is aangewend voor de financiering van een trap met lift aan de noordzijde van de Bomenbrug (toegevoegd aan het project bij raadsbesluit van december 2018). Het resterend bedrag ad € 471.000 willen wij ter beschikking stellen aan Rijkswaterstaat ter bekostiging van een aanpassing in het ontwerp van de verdiepte ligging die ten gunste komt van de helling van de Bomenbrug. Er zijn meerkosten ontstaan bij Rijkswaterstaat en de aannemer om te kunnen voldoen aan de door de gemeente gewenste ontwerpuitgangspunten voor wat betreft het hellingspercentage en de doorrijhoogte. De eis voor wat betreft de doorrijhoogte is vergroot van 3.65 naar 3.90 m omdat de elektrische bussen die tegenwoordig worden ingezet hoger zijn dan standaard bussen. Daarnaast wordt een bedrag gereserveerd voor onderzoek naar de inrichting van het voetgangersgebied bij de aanlanding van de Bomenbrug aan de noordkant. Het ontwerpproces van de Bomenbrug zal naar verwachting in 2023 worden afgerond. Ter bekostiging van de meerkosten zullen wij aanspraak maken op een voor de Bomenbrug gereserveerd budget in de Investeringsagenda mobiliteit van de Vervoerregio. Wij ramen de bijdrage vanuit de VRA op € 432.000, maar verwachten dat de uitvoering van de Bomenbrug pas in 2027 zal plaatsvinden en dat de VRA dan de middelen ter beschikking kan stellen.
In 2021 hebben Rijkswaterstaat het initiatief genomen om te onderzoeken of het zand dat vrijkomt bij de aanleg van de verdiepte ligging van de A9 in Amstelveen kan worden benut voor het verbeteren van de bodem en de waterkwaliteit van de Amstelveense Poel. De mogelijkheid om dit toe te passen bij de realisatie van de verdiepte ligging aan de noordzijde van A9 bleek niet te passen in de besluitvorming bij de verschillende betrokken partijen. In 2023 willen we onderzoeken of het zand dat vrijkomt bij de zuidelijke verdiepte ligging wel kan worden toegepast. Het budget daarvoor is reeds gereserveerd in 2022, maar is toen niet ingezet.
Pagina 20
Met Rijkswaterstaat is in 2022 gewerkt aan een grondruil, waarbij een stuk grond van de Staat der Nederlanden nabij de Krijgsman wordt verworven ten behoeve van een structurele parkeeroplossing voor de daar gevestigde bedrijven en een stuk grond (sportveld) van het Keizer Karelcollege wordt afgestoten ten behoeve van de door RWS te realiseren watercompensatie. Het KKC wordt hiervoor gecompenseerd via een grondruil met een stuk grond tussen het sportveld en de school. Uit praktische overwegingen is overeengekomen dat RWS het bouwrijp maken van dit perceel zal uitvoeren. De kosten en opbrengsten van al deze transacties worden verwerkt in een grondexploitatie met als taakstelling om te komen tot een sluitende begroting. De grondruil wordt in 2023 geeffectueerd. Uitvoering A9
Totaal
2023
2024
2025
2026
2027
2028
2029
via exploitatie - Bijdrage aan RWS Meerkosten Bomenbrug
432
432
- Inkomsten VRA meerkosten Bomenbrug
-432
- Groencompensatie A9
4.380
50
-185
865
350
-432
- Inkomsten groencompensatie van RWS
50
-50
185
-135
50
- tijdelijke rotonde Colijnweg
23
23
- aanpassing fietspad Kazernepad
30
30
1.100
1.100
1.100
500
500
400
via kredietvotering Inrichting overkappingen Inrichting overkapping Meander (700k)
1.600
Bijdrage de Nijs 50%
-350
200
-350
Inrichting overkapping Oude Dorp (in gebiedsvisie Oude 6.700Dorp) Inrichting overkapping Stadshart (incl. aansluiting Meanderplein) 2.900 0
700
2.000
2.000
2.000
300
300
300
900
600
500
300
1.030
1.600
4.150
4.200
4.000
- Aankoop woning Oude Dorp - verrekening met reserve grote projecten Nog toe te kennen budget
15.333
53
Stadshart Op 28 februari heeft u als raad het Gebiedsplan Amstelveen vastgesteld en wordt er gewerkt aan het versneld aanpakken van het woningbouwtekort, het optimaliseren van de bereikbaarheid, het stimuleren van de werkgelegenheid, het verduurzamen, het vergroenen en klimaatbestendig maken en het blijvend investeren in de leefbaarheid, ontmoetingsfunctie en inclusiviteit. Het Gebiedsplan Amstelveen is in samenwerking met de Metropoolregio Amsterdam (MRA) opgesteld. In de aanpak MRA Bereikbare Steden hebben we samen met de negen andere steden: Alkmaar, Almere, Haarlem, Hilversum, Hoorn, Hoofddorp, Lelystad, Purmerend en Zaanstad, het Rijk en de provincies de krachten gebundeld. Het programma biedt de mogelijkheid om aanspraak te maken op aanvullende capaciteit, die benodigd is voor de uitvoering van het Gebiedsplan. Daarnaast kunnen financiële middelen worden aangevraagd en kan er beroep worden gedaan op de expertise van de andere Bereikbare Steden (kennisdeling). Om een vervolgstap te kunnen maken voor het centrumgebied is een verdere kaderstelling voor het Stadshart benodigd. Hierin worden de randvoorwaarden verder uitgewerkt om aan het Stadshart meer levendigheid, groen, leefbaarheid en inclusiviteit toe te voegen en het gebied meer te verduurzamen en toekomstbestendig te maken. Belangrijk is om met deze activiteiten te versnellen.
Vanuit het programma ‘Bereikbare Steden’ van de MRA wordt een bijdrage verwacht. Of deze daadwerkelijk wordt toegekend, en hoe groot deze bijdrage in geval van toekenning zou zijn, is momenteel echter niet met volledige zekerheid te stellen. Een belangrijke toevoeging op het programma van het Stadshart is de bioscoopontwikkeling. Deze ontwikkeling is eind 2022 tot een jaar uitstel gekomen aangezien de initiatiefnemer gezien de economische situatie de investering in ontwikkelingen in Nederland tijdelijk on hold heeft gezet. Er zijn hierover nadere afspraken gemaakt met de initiatiefnemer, gericht op een voortgang van de ontwikkeling vanaf januari 2024. Het bestemmingsplan voor de bioscoopontwikkeling is sinds januari 2023 onherroepelijk.
Pagina 21
In februari 2022 is de allonge op de overeenkomst Rembrandtpassage getekend. Aangezien we nog immer de ambitie hebben om het winkelcentrum Stadshart aantrekkelijker te maken en zo de oplopende leegstand tegen te gaan in de gebouwen Rembrandthof en het voormalige pand van ABN-AMRO. De herinrichting van Albert Heijn is inmiddels gereed, de uitbreiding van H&M is in uitvoering en aanpassingen van de passage en uitbreiding aan de Rembrandtweg (10 m zone) zijn in voorbereiding. In 2023 is gestart met het bouwrijp maken voor het pand van Townhouse, in de hoek van het Stadsplein in het verlengde van de Cultuurstrip. Na een lange voorbereiding met de netbeheerders worden de kabels en leidingen aldaar verlegd, zodat daarna de panduitbreiding en verfraaiing van de gevel kan starten. Voor de herontwikkeling van het Binnenhof, Buitenplein, C&A-gebouw, het busstation, het voormalige Hudson’s Bay-pand en het leegstaande deel van het kantoorpand aan het Handelsplein zijn plannen in voorbereiding. We volgen de insteek dat de plannen van de commerciële partijen voor de gemeente ten minste budgettair neutraal zijn. Voor het niet-commerciële deel gaat dit niet op, zoals onder andere het verplaatsen van de markt richting de Rembrandtweg en de herinrichting van de pleinen waaronder het Stadsplein.
Om de plannen voor de inrichting van de openbare ruimten te kunnen starten en straks uit te voeren zijn de benodigde kosten voor de buitenruimten per jaar ingeschat en weergegeven. De definitieve inrichting van de openbare ruimten zal met de daarbij behorende investeringskredieten per deel worden aangevraagd. Het krediet voor de inrichting van de Rembrandtweg zal als eerste in 2023 worden aangevraagd, samen met de kosten voor de voorbereiding van de verdere werkzaamheden in de daaropvolgende jaren. Om een kwaliteitsslag te maken voor de belangrijke OV knooppunten bus- en tramstation in het Stadshart, zijn in 2023 aanvullende onderzoeken nodig. Ook voor toekomstige (overdekte) fietsstallingen, een vaak gestelde vraag vanuit het gebied, moeten in 2023 nader worden onderzocht. Na het onderzoek kan er een politieke keuze kan worden gemaakt over de locaties en de daarbij behorende investeringen en exploitatiekosten. Stadshart
Totaal
2023
2024
2025
2026
2027
via exploitatie - kwaliteitsverbetering Stadshart
37
37
- verrekening met reserve Stadshart (830013)
-37
-37
0
0
SubTotaal via kredietvotering - buitenruimte Stadshart
5.348
500
1.118
1.220
1.220
1.290
- verrekening met reserve Stadshart (830013)
-3.440
-500
-600
-1.170
-1.170
0
- verrekening met groenfonds
-250
0
-100
-50
-50
-50
SubTotaal
1.658
0
418
0
0
1.240
Nog toe te kennen budget
1.658
0
418
0
0
1.240
The Mayor Momenteel is de transformatie van het oude KPMG-kantoorgebouw naar woningbouw aan de Burgemeester Rijnderslaan in volle gang. In totaal worden hier 315 woningen ontwikkeld. De eerste fase van de ontwikkeling is gereed en inmiddels bewoond. De tweede fase zal dit jaar worden opgeleverd inclusief het aanleggen van een fiets-voetpad (Bovenlandpad). In 2018 is in een akte vastgelegd dat de realisatie van het fiets-voetpad voor rekening van de gemeente Amstelveen komt, inclusief de bijbehorende verlichting. In de begroting 2023 is hiervoor een bedrag opgenomen van € 275.000. De derde fase van The Mayor zal medio 2024 worden opgeleverd inclusief de villa’s. Voor aansluiting fase 3 op de openbare ruimte en aanpassingen aan de verlichting is een bedrag van € 40.000 benodigd. The Mayor
Totaal
2023
2024
2025
2026
2027
via kredietvotering Fiets-voetpad Bovenlandenpad
40
40
Nog toe te kennen budget
40
40
Pagina 22
3.5. Investeringsplan Maatschappelijk Vastgoed (kapitaallasten) Het beleidskader voor het investeringsplan is vastgelegd in paragraaf 1.2.3 van de nota risicobeleid, reservebeleid en activabeleid Amstelveen 2021, vastgesteld in de raadsvergadering van 10 november 2021.
3.5.1. Investeringen ten laste van de algemene middelen (onrendabel) In deze Perspectiefnota 2024 is de volgende actualisering van het investeringsplan Maatschappelijk Vastgoed verwerkt: a) Verschuiving van € 2,4 miljoen van het investeringsbedrag voor Wijkcentrum Alleman van 2022 naar 2023-2025. Daarnaast wordt €624.000 extra investering voorzien in 2025. Middels de realisatie van het wijkcentrum realiseren we een toekomstbestendige aantrekkelijke ontmoetingsruimte in de wijk, die ruimte biedt aan maatschappelijke initiatieven en maatschappelijke ondersteuning; b) Voor uitbreiding zwembad De Meerkamp (uitbreiding zwemwater) is een businesscase opgesteld waarbij alle noodzakelijke investeringen in beeld zijn gebracht. Er was reeds rekening gehouden met een benodigd budget van €12 miljoen. Mede door toegenomen prijsontwikkelingen komt het benodigde bedrag uit op €18,9 miljoen. Hiervoor hebben wij vooruitlopende op deze perspectiefnota reeds separaat een uitgewerkt voorstel voor kredietvotering aan u voorgelegd. c) De wijzigingen voor de Nieuwbouw Landtong en Uitbreiding Amstelveen College (AC) zijn apart aan uw raad voorgelegd (januari 2023). d) Voor de Nieuwbouw Kindcentrum de Scheg en de verwerving van grond zijn de benodigde bedragen geactualiseerd. Vertraging van de woningbouwontwikkeling heeft direct gevolgen voor de realisatie van het IKC De Scheg.