Omgevingsprogramma Werklocaties Amersfoort
Tekst van het document
19
3. Trasformatiekader en afwegingskader Ruimtelijke initiatieven die passen binnen het vigerend bestemming/omgevingsplan worden binnen de reguliere vergunningsprocedure getoetst. Indien ruimtelijke initiatieven hier niet binnen passen toetst de gemeente of het wenselijk/mogelijk is om hiervan af te wijken. Vanuit het oogpunt ruimte voor economie toetst de gemeente dit aan de hand van het omgevingsprogramma Werklocaties. Een van de afwegingen hierbij is het effect op de (potentiële) ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid. Het omgevingsprogramma Werklocaties bevat een transformatie- en afwegingskader waarin staat weergegeven welke type bedrijvigheid onder welke voorwaarden waar in Amersfoort kan landen. In de tabel met algemene uitgangspunten per categorie bedrijvigheid staan de uitgangspunten beschreven die overal of voor een groot gedeelte in Amersfoort van toepassing zijn. Vervolgens wordt in de gebiedsgerichte transformatiekaders aangegeven wat de kaders zijn voor specifieke werklocaties. Tot slot gelden per locatie aanvullende voorwaarden. Naast de kaders en mogelijkheden voor de locatie kijkt de gemeente ook naar de transformatie zelf. Als het initiatief past binnen de mogelijkheden van het transformatiekader of wanneer het een transformatie betreft van een werkfunctie, beoordeelt de gemeente het initiatief op basis van het afwegingskader op pagina’s 20 tot en met 22.
De beschreven procedure is schematisch weergegeven in figuur 6.
Figuur 6: Schema beoordelen ruimtelijke initiatieven.
3.1. Algemeen afwegingskader transformatie Nieuwe initiatieven die niet uitgevoerd kunnen worden op basis van het omgevingsplan worden door de gemeente vanuit verschillende disciplines beoordeelt. De uitgangspunten omtrent het thema ruimte voor economie staan beschreven in het omgevingsprogramma Werklocaties. Vanuit dit oogpunt maakt de gemeente een afweging op basis van onderstaande afwegingscriteria (figuur 7). Het belangrijkste uitgangspunt voor transformatie is dat de ruimte voor werkfuncties minimaal gehandhaafd blijft. Hiernaast kijkt de gemeente vanuit het oogpunt ruimte voor economie ook naar het aantal arbeidsplaatsen en in mindere mate naar de overige maatschappelijke meerwaarde.
20
Figuur 7: Algemeen afwegingskader transformatie.
1. Toevoeging of behoud van het aantal m2 aan ruimte voor werkfuncties. Bij de transformatie van een werkfunctie zoals bedrijfs- of kantoorruimte naar voorzieningen of (deels) naar wonen kijkt de gemeente in eerste instantie naar het aantal vierkante meter ten behoeve van werkfuncties. Het uitgangspunt van de gemeente is dat de ruimte voor bedrijven minimaal gehandhaafd blijft. Een voorbeeld hiervan is het optoppen van kantoor of winkelpanden. Transformatie van ruimte ten behoeve van werkfuncties naar wonen, is in de praktijk definitief verloren voor bedrijven. De gemeente is daarom terughoudend in het ‘inleveren’ van ruimte voor bedrijven in Amersfoort. Indien het aantal vierkante meter bruto vloeroppervlak (b.v.o.) als gevolg van de ontwikkeling afneemt, dient de initiatiefnemer een onderbouwing aan te leveren waarin beargumenteerd wordt waarom van dit uitgangspunt wordt afgeweken. De kwaliteit van de ruimte voor werkfuncties is ook een uitgangspunt. Het is belangrijk dat het beoogde initiatief haalbaar is, er behoefte is aan de beoogde activiteit(en) en niet leidt tot leegstand. Veel initiatieven brengen een noodgedwongen verhuizing van zittende bedrijvigheid met zich mee. In alle gevallen waarin een dergelijke situatie zich voordoet, dient de initiatiefnemer een onderbouwing aan te leveren waarin beschreven wordt hoe met de zittende bedrijven wordt omgegaan.
In samenspraak met de zittende bedrijvigheid en de initiatiefnemer, kan de gemeente een voorwaarde opleggen aan de initiatiefnemer om een vervangende (bedrijfs)ruimte aan te bieden. Een voorbeeld hiervan is (bedrijfs)ruimte in de beoogde ontwikkeling. Op deze manier blijft meer werkgelegenheid behouden in Amersfoort. Indien elders in Amersfoort een geschikte locatie wordt gevonden, dient rekening te worden gehouden met het transformatiekader en de overige afwegingscriteria. 2. Toevoeging of behoud van werkgelegenheid. Een argument om medewerking te verlenen aan een initiatief waarbij minder ruimte voor bedrijven terugkomt, is het toevoegen van meer werkgelegenheid. Hierdoor bevinden zich na de ontwikkeling meer arbeidsplaatsen per vierkante meter dan ervoor. Een voorbeelden hiervan zijn transformatie van een showroom naar nijverheid en het intensiever gebruiken van bedrijfsruimte. Bestaande werkruimte kan ook beter benut worden door bijvoorbeeld dubbelgebruik. De initiatiefnemer dient een onderbouwing aan te leveren waarin wordt toegelicht hoe werkgelegenheid wordt toegevoegd of behouden blijft.
21
3. Maatschappelijke meerwaarde (anders dan ruimte voor economie). Naast ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid wil de gemeente economie inzetten om Amersfoort als duurzame, gezonde, leefbare en inclusieve stad verder te versterken. Bij het toevoegen of transformeren van werkfuncties, kijkt de gemeente daarom ook naar de maatschappelijke meerwaarde die door middel van de ontwikkeling gerealiseerd kan worden. Dit kan zich uiten door de juiste werkfuncties toe te voegen op locaties waar behoefte aan is, zoals bepaalde voorzieningen. Een ander voorbeeld is transformatie ten behoeve van circulaire economie of de verduurzaming van bedrijventerreinen. Dit uitgangspunt kan in bepaalde gevallen resulteren in het reduceren van ruimte voor werkfuncties om bijvoorbeeld ruimte te maken voor (energie)opslag of collectieve (energie)voorzieningen. De gemeente neemt in deze afweging ook de mogelijke invulling van werkfuncties met een lager opbrengstpotentieel mee, zoals broedplaatsen. Er kunnen zich ook situaties voordoen waarin het handhaven van een werkfunctie niet haalbaar is. Niet alle bedrijfs- of kantoorruimte is namelijk levensvatbaar. De gemeente kan in deze gevallen besluiten medewerking te verlenen aan initiatieven waarbij ruimte voor bedrijven of werkgelegenheid gereduceerd wordt of verloren gaat. Zoals eerder benoemd is de gemeente hierin terughoudend en betreft het maatwerk.
3.2. Transformatiekader In de tabel op pagina 23 en 24 staan de algemene uitgangspunten per categorie bedrijvigheid beschreven. Deze algemene uitgangspunten zijn leidend. Initiatieven en ontwikkelingen dienen ten alle tijden te voldoen aan deze voorwaarden vanuit het oogpunt ruimte voor economie. De gemeente maakt onderscheid tussen typen bedrijvigheid op basis van kenmerken. Deze worden in de tabel toegelicht. De tabel biedt geen uitputtende lijst van typen bedrijvigheid. Indien een bedrijf niet eenduidig geschaard kan worden onder een categorie, maakt de gemeente een afweging op basis van de beschreven kenmerken. Op deze manier kan het bedrijf alsnog worden onderverdeeld in onderstaande tabel en in de transformatiekaders in deze paragraaf. De transformatiekaders van de verschillende typen werkgebieden bieden een schematische weergave van de algemene uitgangspunten. Als de beoogde (werk)functie niet mogelijk is op basis van de transformatiekaders van de verschillende type werkgebieden, maar het initiatief wel aansluit op, of een bijdrage levert aan, de algemene uitgangspunten uit het omgevingsprogramma Werklocaties, kan alsnog medewerking worden verleend aan het initiatief.
22
3.2.1. Algemene uitgangspunten per categorie bedrijvigheid Categorie Bedrijfsruimte
Kantoren
Subcategorie Regulier
Toelichting Dit betreft over het algemeen kleinschalige productie en/of handel en productie en/of handel behorend tot midden- en kleinbedrijf.
Hinder
Bedrijvigheid die vanwege de hinder van activiteiten niet kan landen in woongebieden en gemengde gebieden. Hierdoor zijn bedrijven met dergelijke activiteiten aangewezen op bedrijvenen industrieterreinen. Dit betreft bijvoorbeeld afvalinzameling, rioolwaterzuivering, betoncentrale, chemie etc. Enkel kantoorruimte (zonder bedrijfsruimte).
Zelfstandig
Bedrijfsgebonden
Voorzieningen
Persoonlijke dienstverlening
Leisure
Kantoorruimte behorend bij bedrijf met bedrijfsruimte. De werkzaamheden en activiteiten in bedrijfsgebonden kantoren worden uitsluitend verricht ten dienste van en ondergeschikt aan de hoofdfunctie op hetzelfde bouwperceel. Onder persoonlijke dienstverlening vallen onder andere kappers, schoonheidsspecialisten, trimsalons, massagetherapeuten enz. Het leveren van een dienst aan consumenten staat bij deze werkfuncties centraal.
Vrijetijdsfuncties zoals een bowlingbaan, kartbaan, indoor speelparadijs, klimhal enz. Commerciële sportfuncties als sportscholen en padelbanen vallen ook onder leisure.
Uitgangspunten Deze bedrijvigheid is vaak goed in te passen in gemengde gebieden en woongebieden. Dit zijn bedrijven die nauwelijks hinder opleveren en waarvan de doelgroep binnen de wijk gevestigd is. Bedrijven met wijkoverstijgende functies of die passen binnen het ‘business-to-business’ concept, kunnen landen op bedrijventerreinen. Dit zijn bedrijven die producten of diensten rechtstreeks aan andere bedrijven leveren. Voorwaarde is dat deze nieuwe bedrijven de gevestigde bedrijven niet mogen hinderen in hun bedrijfsvoering. Vestigingsmogelijkheden zijn er op (delen van) Isselt-West, De Wieken en Vinkenhoef, waarbij functies die geen of weinig hinder mogen ontvangen (wonen, bepaalde voorzieningen en dergelijke) zich daar niet mogen vestigen. De huidige werkfuncties op delen van Isselt-Midden met activiteiten die hinder opleveren blijven gehandhaafd. Vanuit provinciaal beleid is het toevoegen van nieuwe zelfstandige kantoren niet toegestaan, behalve in werklocaties gelegen nabij ovknooppunten. In Amersfoort betekent dit dat nieuwe zelfstandige kantoren kunnen worden toegevoegd in het Stationsgebied, De Nieuwe Stad, Podium en Trapezium. Er liggen kansen om ook zelfstandige kantoren toe te voegen in de Wagenwerkplaats en op de Kop van Isselt.
In samenwerking met de provincie worden de mogelijkheden onderzocht om dit in de toekomst toe te kunnen staan op basis van nieuw provinciaal beleid. Voor bedrijfsgebonden kantoren zijn mogelijkheden binnen alle vier typen werklocaties.
Werkfuncties die vallen onder persoonlijke dienstverlening zijn goed mengbaar met woningen en worden dan ook gekenmerkt dat zij weinig overlast voor de omgeving veroorzaken. Deze werkfuncties kunnen daarom landen in gemengde gebieden, voorzieningengebieden en wijken. Op bedrijventerreinen staat de gemeente open voor initiatieven waarbij ‘slecht mengbare’ persoonlijke dienstverlening landt aan de rand van bedrijventerreinen uit het transformatiekader waar zich al publieksgerichte functies bevinden. Over het algemeen geldt dat commerciële sportfuncties niet op bedrijventerreinen landen, maar wel in gemengde gebieden, wijken en voorzieningengebieden. Een uitzondering kan worden gemaakt voor
23
Wonen
(Perifere) Detailhandel
Bedrijven die fysieke goederen voor persoonlijk gebruik aan consumenten leveren. Voorbeelden hiervan zijn kledingwinkels, bakkerijen en supermarkten. Onder perifere detailhandel vallen winkels die volumineuze goederen verkopen. Voorbeelden zijn bouwmarkten, tuincentra, woninginrichtingszaken en keukenwinkels.
Horeca en terrassen
Dit betreft horeca en mogelijk bijbehorende terrassen.
Andere economische functies en maatschappelijke functies Transformatie van werkfunctie naar wonen onder voorwaarden
Werkfuncties die niet vallen onder persoonlijke dienstverlening, leisure, (perifere) detailhandel of horeca en terrassen vallen onder ‘andere economische functies en maatschappelijke functies’. Dit zijn bijvoorbeeld onderwijs- en zorgfuncties. Dit zijn initiatieven waarvan een werkfunctie (gedeeltelijk) getransformeerd wordt naar wonen.
commerciële sportfuncties die slecht mengbaar zijn met wonen door bijvoorbeeld (geluids)hinder. De gemeente staat open voor initiatieven waarbij dergelijke sportfuncties worden gemengd met perifere detailhandel aan de randen van bedrijventerreinen. Hiernaast zijn er mogelijkheden voor bijvoorbeeld een bedrijfsfitness ten dienste van de werknemers van het betreffende bedrijventerrein. Dit is maatwerk en per initiatief zal bekeken worden of de gemeente dit wenselijk acht. Het uitgangspunt is dat geen beschikbare of potentiële bedrijfsruimte verloren mag gaan als gevolg van de ontwikkeling. Op basis van provinciaal beleid mag geen nieuwe ruimte voor perifere detailhandel worden toegevoegd. De gemeente staat open voor initiatieven met ondergeschikte detailhandel op bedrijventerreinen in de vorm van productiegebonden verkoop. Voor zelfstandige (perifere) detailhandel dat voldoet aan de voorwaarden uit de Nota Detailhandel zijn op bedrijventerreinen alleen mogelijkheden aan de rand waar zich al publieksgerichte functies bevinden. Voor de ontwikkeling van (perifere) detailhandel wordt verder verwezen naar de Nota Detailhandel. Over het algemeen zijn wij terughoudend met horeca op bedrijventerreinen vanwege veiligheid en de impact op het functioneren van omringende bedrijven.
Echter, wij staan open voor initiatieven die gericht zijn op de afzetmarkt binnen de grenzen van het bedrijventerrein. Deze horeca mag geen publieksaantrekkende functie hebben op bezoekers buiten het bedrijventerrein vanwege (verkeers)hinder voor gevestigde bedrijven en geen potentiële ruimte voor bedrijven innemen. De initiatiefnemer dient hiervoor de behoefte naar de horecafunctie aan te tonen. Voor aanvullende kaders voor het vestigen van horeca wordt verwezen naar het omgevingsprogramma Horeca en Terras. Over het algemeen geldt dat deze bedrijven in kleinschalige vorm goed mengbaar zijn met wonen. Dergelijke functies die een gebiedsoverstijgende doelgroep aantrekken kunnen vaak ook landen aan de randen van bedrijventerreinen, mits geen (potentiële) bedrijfsruimte verloren gaat. Op bedrijventerreinen en in voorzieningengebieden wordt transformatie van werkfuncties naar wonen niet toegestaan. Ditzelfde geldt voor Bergkwartier-Noord en een aantal gemengde gebieden. Bij de aangegeven gebieden en wijken waar dit wel mogelijk is, wordt een afweging gemaakt op basis van het afwegingskader. Over het algemeen geldt dat de gemeente hierin terughoudend is vanuit het oogpunt ruimte voor economie.
24
3.2.2. Transformatiekader bedrijventerreinen X= Transformatie van (werk)functies naar categorie bedrijvigheid binnen werklocatie is mogelijk, mits passend binnen het afwegingskader en voldoet aan de algemene uitgangspunten op pagina 23 en 24. Hiernaast gelden aanvullende voorwaarden zoals beschreven onder ‘aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per bedrijventerrein’ op pagina 26 en 27.
Categorie
Bedrijventerreinen Calveen De Hoef Oost
Subcategorie
De Brand
Regulier Hinder Kantoren Zelfstandig Bedrijfsgebonden Voorzieningen Persoonlijke dienstverlening Leisure (Perifere) Detailhandel* Horeca en terrassen Andere economische functies en maatschappelijke functies * Hier gelden voorwaarden uit de Nota Detailhandel
X
X
X X X
X
Bedrijfsruimte
De Wieken
Isselt-West
X
X X
X X
X
X X X
X
X
X X X
X X X
X
X
X
X
X
X
X
IsseltMidden
Vathorst (zonder Podium) X
Vinkenhoef
X X X
X
25
Aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per bedrijventerrein De Brand Op De Brand is de kantorenvoorraad relatief beperkt en het absolute aanbod aan kantoormeters is verhoudingsgewijs laag. Een deel van het aanbod staat echter drie jaar of langer leeg. De aanwezige kantoren zijn in een analyse van Cushman & Wakefield als kansarm bestempeld. Advies van onderzoeksbureau STEC is om de ontwikkeling op De Brand te stimuleren richting een gemengd gebied. Daarbij wordt naast kantoren ook aan woningbouw gedacht, mogelijk in combinatie met de nabijgelegen perifere detailhandel. Dit zou bij voorkeur moeten gebeuren d.m.v. een integrale gebiedsaanpak. Solitaire transformaties naar wonen staan we in de tussentijd niet toe. Transformatie van kantoorpanden naar andere werkfuncties is mogelijk. Calveen Calveen is een bedrijventerrein met een mix van functies. Omdat dit een relatief jong, goed ontsloten en representatief bedrijventerrein is wordt hier niet meegewerkt aan de transformatie van kantoorpanden naar wonen. De gemeente staat open voor initiatieven waarbij commerciële sportfuncties worden toegevoegd op perifere detailhandellocaties aan de rand van Calveen. Dit geldt alleen voor sportfuncties die vanwege (geluids)hinder niet kunnen landen in wijken en gemengde gebieden. Dit betreft maatwerk en de gemeente beoordeelt per initiatief of dit wenselijk wordt geacht.
Een belangrijke voorwaarde is dat het initiatief niet ten koste gaat van potentiële gebruiksruimte voor bedrijven. De gemeente staat open voor initiatieven voor het toevoegen of transformeren naar voorzieningen aan de rand van Calveen. De Hoef Oost Voor De Hoef Oost geldt dat we dit als een bedrijventerrein blijven zien en dat hier niet wordt meegewerkt aan transformatie van werkfuncties naar wonen. Op De Hoef Oost is plaats voor bedrijven binnen het ‘business-to-business’ concept. Transformatie van bedrijfsruimte naar andere werkfuncties is mogelijk op basis van het afwegingskader en transformatiekader. De Wieken Op De Wieken zijn mogelijkheden voor het vestigen van bedrijven met activiteiten die niet mengbaar zijn met wonen. Dit zijn activiteiten die hinder opleveren en passen binnen het ‘business-to-business’ concept. De gemeente wil deze ruimte borgen voor deze bedrijven en daarom wordt geen medewerking verleend aan het transformeren naar wonen. De gemeente staat wel open voor initiatieven die gericht zijn op economische of maatschappelijke functies aan de rand van De Wieken. Initiatieven voor reguliere bedrijvigheid wordt toegestaan mits het de gebruiksruimte van nietmengbare bedrijvigheid niet beperkt. Hiernaast zijn op De Wieken kansen voor circulaire bedrijvigheid. Isselt-West Bedrijven die niet mengbaar zijn met wonen kunnen landen op Isselt-West.
De gemeente wil deze ruimte op Isselt-West borgen om plaats te bieden aan bedrijven die door hun activiteiten niet elders in Amersfoort kunnen landen en met oog op de ruimtevraag voor circulaire bedrijvigheid. Initiatieven voor reguliere bedrijvigheid wordt toegestaan mits het de gebruiksruimte van niet-mengbare bedrijvigheid niet beperkt en past binnen het ‘business-to-business’ concept. Aan de rand van IsseltWest, aan de Amsterdamseweg, zijn transformaties mogelijk naar voorzieningen in combinatie met de gevestigde perifere detailhandel. Isselt-Midden Op delen van Isselt-Midden bevinden zich werkfuncties met activiteiten die hinder opleveren, deze 26
functies worden gehandhaafd. Kantoren worden alleen toegestaan als deze ondergeschikt zijn aan de bedrijfsruimte en deze ruimte niet ten koste gaat van potentiële ruimte voor niet-mengbare bedrijvigheid. Aan de rand van Isselt-Midden, aan de Amsterdamseweg, zijn transformaties mogelijk naar voorzieningen in combinatie met de gevestigde perifere detailhandel. Voorwaarde is dat deze ruimte niet ten koste mag gaan voor potentiële bedrijfsruimte. Bedrijventerrein Vathorst (zonder Podium) Op bedrijventerrein Vathorst is ruimte voor bedrijven met vraag naar een hoogwaardig aanbod van reguliere bedrijfsruimte. De gemeente staat open voor initiatieven waarbij commerciële sportfuncties worden toegevoegd op perifere detailhandellocaties aan de rand van bedrijventerrein Vathorst. Dit geldt alleen voor sportfuncties die vanwege (geluids)hinder niet kunnen landen in wijken en gemengde gebieden. Dit betreft maatwerk en de gemeente beoordeelt per initiatief of dit wenselijk wordt geacht. Een belangrijke voorwaarde is dat het initiatief niet ten koste gaat van potentiële gebruiksruimte voor bedrijven. Vinkenhoef Op Vinkenhoef zijn mogelijkheden voor het vestigen van bedrijven met activiteiten die niet mengbaar zijn met wonen. Dit zijn activiteiten die hinder opleveren en passen binnen het ‘businessto-business’ concept.
De gemeente wil deze ruimte borgen voor deze bedrijven en met oog op de ruimtevraag van circulaire bedrijvigheid. Er wordt daarom geen medewerking verleend aan het toevoegen of transformeren naar wonen. Initiatieven voor reguliere bedrijvigheid wordt toegestaan mits het de gebruiksruimte van niet-mengbare bedrijvigheid niet beperkt.
27
3.2.3. Transformatiekader gemengde gebieden X= Transformatie van (werk)functies naar categorie bedrijvigheid binnen werklocatie is mogelijk, mits passend binnen afwegingskader en voldoet aan de algemene en aanvullende voorwaarden zoals beschreven onder ‘aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per gemengd gebied’. Gemengde gebieden Categorie Subcategorie Eemplein De Nieuwe Hoefkwartier Kop van Stadsring Stadsring Stationsgebied Station WagenZonnehof en Stad Isselt Oost West Vathorst werkplaats e.o. Trapezium Podium Bedrijfsruimte Regulier X X X X X X X X X X Hinder Kantoren Zelfstandig X X X X X X Bedrijfsgebonden X X X X X X X X X X Voorzieningen Persoonlijke dienstverlening X X X X X X X X X X Leisure X X X X X X X X X X (Perifere) Detailhandel* X X X X X X X Horeca en terrassen** X X X X X X X X X X Andere economische X X X X X X X X X X functies en maatschappelijke functies Wonen Transformatie van X X X X X werkfunctie naar wonen onder voorwaarden*** * ** ***
Hier gelden voorwaarden uit de Nota Detailhandel Hier gelden uitgangspunten uit het omgevingsprogramma Horeca en terras Geen kruisje betekent dat de gemeente geen medewerking verleent aan de transformatie naar wonen vanuit het oogpunt ruimte voor economie.
28
Aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per gemengd gebied De Nieuwe Stad De Nieuwe stad wordt de komende jaren ontwikkeld tot een gebied met woningen, kantoorruimte en voorzieningen. Hiertoe behoren onder andere culturele-, maatschappelijke- en horecavoorzieningen. De Nieuwe Stad wordt na deze ontwikkeling een nog levendiger gebied met een sterke dynamiek tussen wonen en werken. Om deze dynamiek in de toekomst te behouden staat de gemeente geen verdere transformatie toe van werkfuncties naar wonen. Het toevoegen van wonen is onder de voorwaarden van het afwegingskader wel mogelijk. Initiatieven voor transformatie naar of het toevoegen van werkfuncties, kijkt de gemeente of het past binnen de identiteit van De Nieuwe Stad. Dit betreft maatwerk waarbij de uitgangspunten uit het afwegingskader leidend zijn. Eemplein en Trapezium Binnen het Provinciaal Inpassingsplan Kantoren zijn mogelijkheden voor nieuwbouw van zelfstandige kantoren binnen het Trapezium. De mogelijke locatie voor de nieuwbouw van zelfstandige kantoorruimte op basis van provinciaal beleid is vergeven door de komst van een woontoren op dezelfde locatie. Het nieuwe stadhuis van Amersfoort: ‘Huis voor de stad’, wordt gevestigd op de Trapeziumlocatie. Het Eemplein wordt gekenmerkt door de verschillende culturele activiteiten en werkfuncties in het gebied.
De gemeente zet in op het behoud van werken en ontmoeting op deze locatie. Hoefkwartier Voor het Hoefkwartier streven we naar een transformatie tot gemengd woon- werk- en leergebied. Dit is verder uitgewerkt in het Ontwikkelkader voor het Hoefkwartier. Om tot een goede programmamix te komen is het uitgangspunt dat het huidige aantal arbeidsplaatsen van circa 5.000 behouden blijft. Kop van Isselt Op Kop van Isselt werkt de gemeente in principe niet mee aan het toevoegen of transformeren naar grote en middelgrote zelfstandige kantoren. De gemeente staat open voor initiatieven voor het realiseren van kleinschalige kantoren, ondergeschikte kantoorruimte bij bedrijfsruimte en flexibele kantoorconcepten die goed passen bij de doelgroep uit het Ontwikkelkader Kop van Isselt (creatieve industrie en flexwerkers). Kop van Isselt is ook geschikt voor kleinschalige bedrijfsruimtegebruikers passend bij een gemengd stedelijk milieu. De gemeente werkt mee aan het toevoegen van woningen en de transformatie van werkfuncties naar wonen als uitwerking van het ontwikkelkader. Verdere transformatie van werkfuncties naar wonen staat de gemeente niet toe. De gemeente staat open voor initiatieven waarbij woningen worden toegevoegd, waardoor werkfuncties worden versterkt. Dit betreft maatwerk en hierbij gelden de uitgangspunten uit het afwegingskader.
Op basis van het ontwikkelkader worden meer voorzieningen toegevoegd aan het gebied. De gemeente is terughoudend in verdere transformatie van bestaande werkfuncties naar voorzieningen. Stadsring Oost Voor de Stadsring Oost (het gebied tussen de Hogeweg en de Blekerssingel) geldt dat transformatie naar wonen mogelijk is. De kantoorpanden in het gebied worden in de kantooranalyse van Cushman & Wakefield als kansarm aangeduid. Enkele panden zijn de afgelopen jaren al getransformeerd naar wonen. Voordat overgegaan wordt tot verdere transformatie naar wonen, is het eerste uitgangspunt van de gemeente om kansarme kantoorruimte (deels) te transformeren naar voorzieningen. De gemeente kijkt hierbij of de ontwikkeling leidt tot het versterken van ruimte voor werkfuncties. Een 29
voorbeeld hiervan is leegstaande kantoorruimte transformeren naar voorzieningen ten behoeve van inwoners of kleinere kantoorhoudende bedrijvigheid en flexwerkplekken. Stadsring West Voor de Stadsring West (het gebied tussen de Blekerssingel en het Smallepad) wordt de keuze gemaakt voor behoud van de resterende kantoorpanden als werklocaties. We werken hier niet mee aan de verdere transformatie van kantoorpanden naar wonen, met uitzondering van de transformaties waar de gemeente reeds medewerking aan heeft toegezegd. Transformatie van kantoren naar andere werkfuncties is wel mogelijk. Stationsgebied Het Stationsgebied (Stationsplein, Stationsstraat, Piet Mondriaanplein de Asch van Wijckstraat en het Smallepad) is de beste kantoorlocatie van de stad met het meeste moderne vastgoed. Het gebied is multimodaal goed ontsloten (trein, bus en auto), ligt dicht bij de belangrijkste voorzieningen van de stad en het grootste deel van de panden sluit aan bij de huidige kwaliteitsvraag. Het gebied kent een bijzondere kwaliteit als werkmilieu. We blijven het Stationsgebied dan ook zien als een kantorenlocatie en werken hier niet mee aan de verdere transformatie van kantoorpanden naar wonen. Met het oog op de levendigheid in het gebied en de invulling van de plinten is transformatie naar andere werkfuncties incidenteel mogelijk. Dat betreft in dit unieke werkmilieu echter maatwerk.
Van geval tot geval zal worden beoordeeld of transformatie van kantoren vanuit het oogpunt van de economische doelstellingen en goede ruimtelijke ordening wenselijk is. Station Vathorst Podium Op kantorenpark Podium wordt niet meegewerkt aan een transformatie van de bestaande kantoren naar wonen. Alleen als er sprake is van structurele leegstand (en een kantoorpand dus drie jaar of langer op de markt tegen marktconforme tarieven is aangeboden zonder dat het metrage in gebruik is geweest) is transformatie naar andere werkfuncties een optie. Wagenwerkplaats De Wagenwerkplaats wordt ontwikkeld tot een gemengd gebied. In deelgebied West wordt met name woningbouw gerealiseerd, in deelgebied Midden komen (maatschappelijke) voorzieningen en in deelgebied Oost is ruimte voor woningen, verschillende voorzieningen en kantoren. Na de ontwikkelingen op basis van het Masterplan Wagenwerkplaats is het van belang dat deze nieuwe werkfuncties behouden blijven en waar mogelijk versterkt worden. De gemeente staat in de toekomst daarom geen transformatie toe van werkfuncties naar wonen. Aangezien de Wagenwerkplaats een toplocatie is voor kantoren door de ligging naast het Centraal Station, wordt geen medewerking verleend aan de transformatie van kantoren naar voorzieningen. Het toevoegen van voorzieningen dat niet ten koste gaat van kantoorruimte is mogelijk.
Dit betreft maatwerk waarbij de uitgangspunten uit het afwegingskader leidend zijn. Zonnehof e.o. Voor Zonnehof e.o. (Zonnehof en de beide zijden van de Utrechtseweg tot en met nummer 29 (Nefkenspand) geldt dat het een gemengd woon-werkgebied blijft. Door gemeente Amersfoort is, onder voorwaarden, al medewerking toegezegd aan de transformatie van een aantal locaties in dit deelgebied waardoor een fors kantoormetrage zal worden getransformeerd naar wonen. Daarnaast bestaan er bij marktpartijen plannen om nog enkele andere kantoorpanden uit te breiden en grotendeels te transformeren naar wonen. Zonnehof e.o. moet echter een levendig, gemengd woonwerkgebied blijven. Ook scoort dit deelgebied in de Kantorenanalyse van Cushman & Wakefield uit 2023 hoog als toekomstbestendige kantorenlocatie. Daarom zetten we voor het hele deelgebied op 30
behoud van het resterende metrage aan kantoor- en andere werkfuncties, zoals benoemd in de kaders voor het gebied ‘Rondom de Zonnehof’.
3.2.4. Transformatiekader wijkeconomieën X= Transformatie van (werk)functies naar categorie bedrijvigheid binnen werklocatie is mogelijk, mits passend binnen afwegingskader en voldoet aan de algemene en aanvullende voorwaarden zoals beschreven onder ‘aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per wijkeconomie’. Wijkeconomieën Categorie Subcategorie Bergkwartier Noord Overige woonwijken Bedrijfsruimte Regulier X X Hinder Kantoren Zelfstandig Bedrijfsgebonden X X Voorzieningen Persoonlijke dienstverlening X X Leisure X X (Perifere) Detailhandel* X X Horeca en terrassen** X X Andere economische functies en X X maatschappelijke functies Wonen Transformatie van werkfunctie naar X wonen: nee, tenzij*** * Hier gelden voorwaarden uit de Nota Detailhandel ** Hier gelden uitgangspunten uit het omgevingsprogramma Horeca en terras *** Geen kruisje betekent dat de gemeente geen medewerking verleent aan de transformatie naar wonen vanuit het oogpunt ruimte voor economie.
Aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per wijkeconomie Bergkwartier Noord Het kantorengebied van het Bergkwartier omvat een groot en versnipperd gebied. Er wordt in het noordelijk deel geen medewerking verleend aan transformatie van kantoren naar wonen aan de Johan van Oldebarneveltlaan, Regentesselaan, Berkenweg, Utrechtseweg (tot aan kruising met Prins Frederiklaan), Paulus Buyslaan, de Prinses Marielaan en de Koningin Wilhelminalaan (tot aan de Koningin Sophialaan). Slechts als er sprake is van structurele leegstand en een kantoorpand, dus drie jaar of langer op de markt wordt aangeboden (zonder dat het metrage in gebruik is geweest), is transformatie naar andere werkfuncties een optie. Dit is echter maatwerk. Van geval tot geval zal worden beoordeeld of transformatie van kantoren vanuit het oogpunt van de economische doelstellingen en goede ruimtelijke ordening wenselijk is. Voor de overige delen van het Bergkwartier geldt dat transformatie naar wonen of andere werkfuncties mogelijk is waarbij de gemeente een afweging maakt op basis van het afwegingskader. Overige woonwijken Voor werkfuncties in Amersfoort die zich bevinden in woonwijken of woongebieden, geldt dat de afweging om al dan niet mee te werken aan transformatie maatwerk is.
Van geval tot geval zal op basis van het afwegingskader worden beoordeeld of transformatie van kantoren of bedrijfsruimte vanuit het oogpunt van de economische doelstellingen wenselijk is.
31
3.2.5. Transformatiekader voorzieningengebieden X= Transformatie van (werk)functies naar categorie bedrijvigheid binnen werklocatie is mogelijk, mits passend binnen afwegingskader en voldoet aan de algemene aanvullende voorwaarden zoals beschreven onder ‘aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per voorzieningengebied’. Voorzieningengebieden Subcategorie Binnenstad Regulier X Hinder Kantoren Zelfstandig X Bedrijfsgebonden X Voorzieningen Persoonlijke dienstverlening X Leisure X (Perifere) Detailhandel* X Horeca en terrassen** X Andere economische functies en X maatschappelijke functies * Hier gelden voorwaarden uit de Nota Detailhandel ** Hier gelden uitgangspunten uit het omgevingsprogramma Horeca en terras Categorie Bedrijfsruimte
Stadsdeelcentra X X X X X X X X
Aanvullende voorwaarden en uitzonderingen per voorzieningengebied Binnenstad In de Binnenstad wordt in principe niet meegewerkt aan de verdere transformatie van werkfuncties naar wonen. De Binnenstad is een gemengd gebied van wonen en werken, waarbij de bestaande werkfuncties van belang zijn voor de levendigheid. Alleen als er sprake is van structurele leegstand (en ruimte voor werk dus drie jaar of langer op de markt wordt aangeboden zonder dat het metrage in gebruik is geweest), is transformatie naar andere functies mogelijk. Mede gezien het unieke karakter van de Binnenstad geldt ook hier dat van geval tot geval beoordeeld zal worden of transformatie van werkfuncties vanuit het oogpunt van de economische doelstellingen wenselijk is op basis van het afwegingskader. Voor wat betreft de Stadhuislocatie geldt dat het huidige volume aan werken (16.370 m2 v.v.o., circa 19.260 m2 b.v.o.) bij herontwikkeling behouden blijft op de huidige locatie óf gecompenseerd wordt elders binnen het Stadshart in Amersfoort. Stadsdeelcentra Emiclaer, Vathorst en Leusderweg bevatten een stadsdeelcentrum. Dit zijn winkelcentra die wijkoverstijgend publiek aantrekken. Net als in de binnenstad wordt in stadsdeelcentra in principe niet meegewerkt aan transformatie van werkfuncties naar wonen en beoordeelt de gemeente het initiatief op basis van het afwegingskader.
De gemeente wil de stadsdeelcentra aantrekkelijk houden als winkelgebied. Het toevoegen van of transformeren naar andere werkfuncties moet resulteren in het versterken van de branchemix in het gebied. In de afweging om al dan niet medewerking te verlenen aan een initiatief, kijkt de gemeente hoe de nieuwe werkfunctie zich verhoudt tot de reeds aanwezige functies. Hierbij gelden aanvullende kaders uit de Nota Detailhandel en het omgevingsprogramma Horeca en Terras.
32
4. Uitvoering Het doel van het omgevingsprogramma Werklocaties is het faciliteren van ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid. De gemeente doet dit door met name een regulerende rol in te nemen. Het omgevingsprogramma bevat kaders waarbinnen ruimtelijke initiatieven uitgevoerd kunnen worden die niet plaats kunnen vinden onder het vigerende omgevingsplan. Hiernaast biedt het omgevingsprogramma kaders voor de ‘omzetting’ van bestemmingsplan naar omgevingsplan. In dit hoofdstuk wordt dit nader toegelicht. Hiernaast werken we als gemeente op lokaal en regionaal niveau samen om meer ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid te creëren. Deze samenwerkingsverbanden worden samen met de onderzoeksinitiatieven later in dit hoofdstuk uitgelicht. Tot slot komen de planning en de financiële paragraaf aan bod.
4.1. Beoordelen ruimtelijke plannen Zoals benoemd neemt de gemeente vooral een regulerende rol aan als het gaat om ruimte voor economie. De uitgangspunten uit hoofdstuk 2 en 3 dienen hiervoor als basis. Dit zijn de uitgangspunten voor het afgeven van een omgevingsvergunning of het wijzigen van het omgevingsplan als de activiteit in strijd is met het vigerende omgevingsplan. Deze uitgangspunten dragen bij aan het realiseren van doelstellingen in Amersfoort voor ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid. Aan de andere kant helpt het initiatiefnemers door het creëren van een bepaalde mate van ‘voorzienbaarheid’. Initiatiefnemers kunnen namelijk uit het omgevingsprogramma Werklocaties opmaken of de gemeente wel of geen medewerking zal verlenen aan een initiatief dat niet mogelijk is onder het vigerende omgevingsplan. Hierbij is het belangrijk voor initiatiefnemers te weten dat dit alleen de kaders betreffen voor het thema ruimte voor economie. Hiernaast dienen initiatiefnemers ook rekening te houden met de overige (deel)omgevingsprogramma’s en beleid, bijvoorbeeld omtrent mobiliteit, circulariteit, milieu etc. Bij de intaketafel en omgevingstafels worden ruimtelijke initiatieven die niet op basis van het vigerende omgevingsplan kunnen worden toegestaan beoordeeld. Bij de grootschalige gebiedsontwikkelingen en projecten wordt dit binnen het project beoordeeld.
De uitgangspunten uit het omgevingsprogramma Werklocaties worden hier vertegenwoordigd om ervoor te zorgen dat deze belangen geborgd worden in nieuwe ruimtelijke plannen. De uitvoering van het omgevingsprogramma landt voor een groot deel in het adviseren en leveren van input op (ruimtelijke) initiatieven omtrent economie.
4.2. Inzet instrumenten De gemeente zet met name drie instrumenten in voor het borgen van ruimte voor economie: Vergunningen, toezicht en handhaving, dienstverlening en Stichting Citymarketing Amersfoort.
4.2.1. Vergunningen, toezicht en handhaving Uit het omgevingsprogramma Werklocaties kan worden opgemaakt of de gemeente wel of geen medewerking zal verlenen aan een nieuw initiatief dat in strijd is met het vigerende omgevingsplan. Medewerking kan worden verleend door het wijzigen van het omgevingsplan (conform de uniforme openbare voorbereidingsprocedure) of door het verlenen van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingplansactiviteit (bopa). In het laatste geval dient te worden voldaan aan de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Voor de bopa geldt specifiek dat alleen medewerking kan worden verleend indien daarmee kan worden voldaan aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. In dit proces is, naast een juiste ruimtelijke afweging, een goede samenwerking met de afdeling Vergunningen, toezicht en handhaving (VTH) van belang. Indien een bopa wordt aangevraagd, stemt VTH deze aanvraag af met betrokken afdelingen van de gemeente, waaronder het programma 33
Werken. Mede op basis van dit omgevingsprogramma (en op basis van de toepasselijke wet- en regelgeving en andere belangen) wordt vervolgens een integrale afweging gemaakt om al dan niet medewerking te verlenen aan het initiatief. Het is van belang dat regels uit het omgevingsrecht en specifiek het omgevingsplan worden nageleefd. Om dit te borgen, houdt de gemeente toezicht en heeft zij de mogelijkheid om te handhaven. Dit betekent dat de gemeente kan optreden tegen (onder meer) ondernemers die nieuwe activiteiten ontplooien die strijdig zijn met het vigerende omgevingsplan.
4.2.2. Dienstverlening Het Amersfoort Business Team en Markt en Haven hebben een dienstverlenende rol ten opzichte van ondernemers, initiatiefnemers en inwoners. Amersfoort Business Team (ABT) Het Amersfoort Business Team is het aanspreekpunt van de gemeente voor bedrijven en ondernemers. Het ABT speelt een belangrijke rol in het verbinden van ondernemers en geeft advies over onder andere vestigingsvraagstukken. Hier ligt een belangrijke rol in het uitdragen van de uitgangspunten van het omgevingsprogramma Werklocaties. Het ABT adviseert namelijk bedrijven en ondernemers over wat de gemeente wenselijk vindt op basis van vestigingsklimaat. De uitwerking van het omgevingsprogramma uit hoofdstuk 2 en 3, vertegenwoordigt het ABT op deze manier richting bedrijven en ondernemers. Hierdoor draagt het ABT bij een het faciliteren van het juiste bedrijf op de juiste plek. Markt en Haven Markt en Haven verzorgt als onderdeel van de gemeente de complete organisatie van alle (thema)markten, standplaatsen en camperplaatsen in Amersfoort, alsmede het nautisch beheer van een deel van de Eem, de beroeps- en recreatiehaven. Het doel van Markt en Haven is om zoveel mogelijk levendigheid te creëren in de openbare ruimte, onder meer op pleinen en in winkelcentra. Markt en Haven houdt zich onder meer bezig met organisatie, vergunningverlening, financiën, correspondentie, toezicht en handhaving.
Hiernaast onderhoudt Markt en Haven contacten met bijna alle afdelingen van de gemeente, ondernemers, bezoekers, bewoners, hulpdiensten, vele externe partners en staat letterlijk zeven dagen in de week midden in de samenleving. Hierdoor fungeert Markt en Haven als de oren en ogen van de gemeente richting haar stakeholders.
4.2.3. Stichting Citymarketing Amersfoort In opdracht van gemeente Amersfoort werkt Stichting Citymarketing Amersfoort aan de profilering van de stad. Hierin wordt samengewerkt met lokale ondernemers met als doel om meer bezoekers te trekken. Op deze manier vergroot Citymarketing ook de bekendheid van Amersfoortse bedrijven en ondernemers. De nadruk ligt op bedrijven die een maatschappelijke meerwaarde hebben voor Amersfoort. Dit zijn bedrijven en ondernemers die zich inzetten of een bijdrage leveren aan duurzaamheid, circulariteit of sociale vraagstukken. Stichting Citymarketing Amersfoort bevordert op deze manier het ondernemersklimaat in Amersfoort en biedt kansen voor meer werkgelegenheid.
4.2.4. Leegstandsverordening De gemeente is bezig met het opstellen van een leegstandsverordening voor woningen als uitwerking van het coalitieakkoord. In de uitwerking van wordt onderzocht of er kansen liggen om ook kantooren bedrijfsruimten op te nemen in de leegstandsverordening. Eigenaren van kantoor- en bedrijfsruimte worden op basis van een meldingsplicht, als mogelijk onderdeel van de leegstandsverordening, verplicht gesteld om hun leegstaande panden te melden bij de gemeente. De gemeente verwijst vervolgens naar dit omgevingsprogramma Werklocaties om de mogelijkheden voor de invulling van het pand of van de ruimte kenbaar te maken. Op deze manier kan de gemeente 34
leegstand monitoren en wordt de kans om het pand in te vullen met een (andere) werkfunctie groter.
4.3. Samenwerkingsverbanden Lokaal en regionaal werkt de gemeente samen met partijen om ruimte te creëren en borgen voor bedrijven en werkgelegenheid.
4.3.1. Regionale samenwerking De Provincie Utrecht, Regio Amersfoort, Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht (OMU), Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht Region (ROM), Economic Board Utrecht (EBU) en Federatie Bedrijvenkringen regio Amersfoort (FBK) zijn regionale samenwerkingen die direct en indirect een bijdrage leveren aan de ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid in Amersfoort. Provincie Utrecht Het Provinciaal Programma Wonen en Werken (PPWW) en het Provinciaal Inpassingsplan Kantoren bieden kaders voor de gemeente omtrent bedrijventerreinen en kantoorlocaties. Gemeente Amersfoort trekt hierin samen met de provincie, regio’s en gemeenten in Utrecht op. In de uitvoering van het PPWW wordt bijvoorbeeld in gezamenlijk overleg besproken waar en op welke termijn ruimte voor bedrijven mogelijk gemaakt kunnen worden. Regio Amersfoort Amersfoort, Baarn, Barneveld, Bunschoten, Eemnes, Leusden, Nijkerk, Soest en Woudenberg werken samen aan de versterking van Regio Amersfoort als unieke plek om te wonen, werken en leven. Gezamenlijk werken deze gemeenten aan oplossingen voor regionale vraagstukken voor de thema’s mens, omgeving, energietransitie en economie. In het Ontwikkelbeeld Regio Amersfoort staat beschreven hoe de toekomst van de regio eruit ziet en waar opgaven liggen.
Voor het thema werken betekent dit een opgave van de toevoeging van ongeveer 32.000 arbeidsplaatsen in de regio. In de uitwerking van deze opgave trekt de regio gezamenlijk op. Een voorbeeld hiervan is het opstellen van de regionale bedrijventerreinenstrategie. Ontwikkelmaatschappij Utrecht (OMU) De Ontwikkelmaatschappij Utrecht (OMU) heeft als doel om bestaande werklocaties te herstructureren en te transformeren. Dit doet de OMU vanuit drie invalshoeken: investeren, financieren en faciliteren. De OMU kan zelf in overleg met gemeente Amersfoort kantoor- en bedrijfsruimte verwerven om waarde toe te voegen. Dit kan bijvoorbeeld om het bedrijfsmatig vastgoed te renoveren en te verduurzamen. De OMU verstrekt ook financieringen voor herstructurerings- en transformatieprojecten. Hierin kan de OMU optrekken met private partijen in Amersfoort en uit de regio. Tot slot speelt OMU ook een rol in het verbinden van marktinitiatieven met mogelijke herstructurerings- en transformatieplannen in Amersfoort. De OMU kan het proces faciliteren tussen private investeringen en initiatieven en de belangen van gemeente Amersfoort. Hierdoor levert de OMU niet alleen een bijdrage aan de werkgelegenheid in Amersfoort, maar ook aan de toekomstbestendigheid van werklocaties door verduurzaming en het toevoegen van ruimtelijke kwaliteit.
Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht Region (ROM) De Regionale Ontwikkelingsmaatschappij Utrecht Region (ROM) investeert in innovatieve bedrijven die zich richten op maatschappelijke opgaven. Dit zijn met name start- en scale-ups. Een voorbeeld van een ecosysteem waar de ROM in investeert is Earth Valley. Hier werken bedrijven, kennisinstellingen, gemeente Amersfoort en andere overheden samen aan innovatieve oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken op het gebied van duurzame leefomgeving, woningbouw, mobiliteit, klimaatadaptatie en energietransitie. Naast de mogelijke werkgelegenheid als gevolg van 35
de investeringen van de ROM, kunnen dergelijke innovatieve oplossingen ook een bijdrage leveren aan andere opgaven in Amersfoort. Economic Board Utrecht (EBU) Grote bedrijven, kennisinstellingen en overheden uit de Metropoolregio Utrecht zijn onderdeel van het netwerk Economic Board Utrecht (EBU). De ambitie van de EBU is om als economisch ecosysteem een maximale bijdrage te leveren aan brede welvaart in de regio en een gezonde wereld. Binnen en buiten de regio stelt de EBU zich op als een onafhankelijke verbindende speler tussen alle partijen. De EBU richt zich met name op oplossingen voor de grote maatschappelijke transities die vestigings-, kennis- en innovatieklimaat en infrastructuur versterken. Hierin worden kansen benut voor (boven)regionale samenwerking en investeringsfondsen in Brussel en Den Haag. Federatie Bedrijvenkringen regio Amersfoort (FBK) Ondernemersverenigingen uit de regio, waaronder de Vereniging van Amersfoortse Bedrijven (VAB) en de Vereniging van Amersfoortse Ondernemers (VAO), zijn onderdeel van de Federatie bedrijvenkringen regio Amersfoort. Zij richten zich op de collectieve belangen van leden in de regio. Vraagstukken die het lokale niveau overstijgen kunnen via de FBK gezamenlijk worden aangepakt. Een voorbeelden hiervan zijn vraagstukken omtrent ruimtelijke ordening en regionale netwerken tussen onderwijs, ondernemers en overheden.
4.3.2. Lokale samenwerking In Amersfoort bevinden zich verschillende netwerken met als doel om het ondernemersklimaat in de gemeente te versterken. De gemeente werkt met deze verenigingen samen om gezamenlijke doelen te verwezenlijken. Voor het omgevingsprogramma Werklocaties betekent dit het verschaffen van duidelijkheid aan bedrijven, ondernemers en ontwikkelaars. De gemeente doet dit door makelaars en de netwerken van bedrijven en ondernemers goed te informeren over de mogelijkheden binnen dit omgevingsprogramma voor uitbreiden, verhuizen, transformeren of het nieuw vestigen van bedrijven. Parkmanagement Bedrijventerrein Vathorst en De Wieken-Vinkenhoef beschikken over een parkmanagement. Het parkmanagement gaat over het ‘grijs en groen’ op het bedrijventerrein. Terreinbeveiliging, bewegwijzering, groen en onderhoud zijn hier voorbeelden van. Thema’s als duurzaamheid, energietransitie en mobiliteit komen hier steeds nadrukkelijker naar voren. Eigenaren van de bedrijfskavels zijn automatisch lid van de vereniging. Op deze manier wordt gezamenlijk verantwoordelijkheid genomen voor de aantrekkelijkheid en veiligheid van het bedrijventerrein. Hierdoor behouden deze bedrijventerreinen een sterk vestigingsklimaat.
Bedrijvenverenigingen Naast de parkmanagements op bedrijventerrein Vathorst en De Wieken-Vinkenhoef zijn er in Amersfoort ook bedrijvenverenigingen van specifieke gebieden. Dit zijn De Hoef 3.0, A-West en Ondernemers Binnenstad Amersfoort (OBA). De verenigingen hebben als doel om de aantrekkelijkheid van de werkgebieden te behouden en vergroten. Als belangenbehartiger van bedrijven en ondernemers zijn de bedrijvenverenigingen belangrijke sparringpartners voor de gemeente in de uitvoering, monitoring en evaluatie van het omgevingsprogramma. Vereniging van Amersfoortse Bedrijven (VAB) Van oudsher is de Vereniging van Amersfoortse Bedrijven de belangenbehartiger van de grotere Amersfoortse bedrijven. De VAB is een veelzijdig netwerk waar ongeveer 150 Amersfoortse bedrijven bij zijn aangesloten. Periodiek vindt overleg plaats tussen de gemeente en de VAB. Hierin worden actualiteiten besproken. Door middel van het netwerk van de VAB komen zorgen, belangen en 36
ervaringen van Amersfoortse bedrijven aan het licht bij de gemeente. Andersom kan de gemeente bij de VAB input ophalen over bijvoorbeeld de efficiëntie van beleid. Vereniging van Amersfoortse Ondernemers (VAO) Kleinere Amersfoortse bedrijven en ondernemers zijn veelal verenigd in de Vereniging van Amersfoortse Ondernemers. Een onderdeel van de VAO is het platform Jonge Amersfoortse Ondernemers (JAO). Net als met de VAB, voert de gemeente periodieke overleggen met de VAO. Hierin komen ervaringen van ondernemers ter sprake en haalt de gemeente input op. Makelaars De gemeente voert periodieke overleggen met Amersfoortse makelaars. Makelaars hebben een belangrijke functie in het verhuizen en vestigen van bedrijven in Amersfoort. Het is daarom belangrijk dat de gemeente en makelaars elkaar op de hoogte houden van trends en ontwikkelingen. Als makelaars goed geïnformeerd worden over de uitgangspunten van de gemeente, kan er een bijdrage geleverd worden aan ‘het juiste bedrijf op de juiste plek’. Makelaars verwijzen bedrijven op deze manier naar een locatie waar dat maatschappelijke meerwaarde heeft in plaats van een locatie waar dit niet wenselijk is en niet mogelijk wordt geacht op basis van het vigerende omgevingsplan. Hiernaast kunnen makelaars ook een bijdrage leveren aan de evaluatie en mogelijk bijsturing van de uitgangspunten van dit omgevingsprogramma.
Makelaars hebben namelijk een belangrijke positie in de vastgoedmarkt en zijn snel op de hoogte van (nieuwe) ontwikkelingen.
4.4. Onderzoek Als onderdeel van het omgevingsprogramma Werklocaties is aanvullend onderzoek nodig om meer duidelijkheid te scheppen over kansen en knelpunten omtrent ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid. De resultaten van deze onderzoeken kunnen nieuwe inzichten bieden en geven mogelijk aanleidingen om het omgevingsprogramma te actualiseren of te herzien. Onderzoek naar werkfuncties in de binnenstad en verkenning wijkeconomie zijn onderzoeken waar de gemeente op korte termijn uitvoering aan geeft. Het onderzoek naar de mogelijkheid van een regionaal bedrijventerrein wordt niet uitgevoerd door de gemeente, maar door Regio Amersfoort. Gezien de samenhang met de opgave ‘ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid’, is deze wel opgenomen in onderstaande lijst. Voor de overige onderzoeken prioriteert de gemeente welke onderzoeken de komende twee jaar worden uitgevoerd en welke op de lange(re) termijn. • • • • • • • • • •
Onderzoek van Regio Amersfoort naar mogelijkheid regionaal bedrijventerrein Verkenning wijkeconomie Broedplaatsenonderzoek Experimenteerzones en innovatiedistricten Uitgiftekaders voor aanvullende duurzaamheidsambities Onderzoek betaalbaarheid vitale wijkfuncties en stadsgerichte voorzieningen Koppelkansen duurzaamheid Onderzoek naar werkfuncties in de binnenstad Verkennen intensiveringsmogelijkheden op bedrijventerreinen Marktverkenning Isselt en Hoefkwartier
4.5. Uitvoeringscapaciteit In onderstaande tabel staat de capaciteit van de uitvoering van het omgevingsprogramma Werklocaties weergegeven. De taken worden uitgevoerd op basis van bestaande capaciteit. Indien prioriteit wordt gegeven voor extra handhaving van omgevingsvergunningen en de regels uit het omgevingsplan met betrekking tot ruimte voor economie, kost dit twee aanvullende FTE’s in de vorm van een jurist (1 FTE) en een bouwinspecteur (1 FTE). 37
Omschrijving
Functie
Takenpakket
Aansturing en afstemming
FTE 2
Opgavetrekker
Senior programmamanager
Aansturing uitvoering, terugkoppeling/verantwoording bestuurlijk en ambtelijk opdrachtgever en afstemming/coördinatie met andere opgaven/programma’s
1
Ondersteuning
Projectondersteuner
Ondersteunende organisatorische werkzaamheden ten behoeve van uitvoering
0,2
Assistent opgavetrekker
Junior projectmedewerker
Ondersteunende inhoudelijke werkzaamheden ten behoeve van uitvoering
0,8
Ruimtelijke ontwikkeling
3
Intensivering/ontwikkeling bedrijventerreinen
Beleidsadviseur
Uitwerking gebiedsprofielen bedrijventerreinen, inzet op intensivering en verbetering bedrijventerreinen
1
Inzet projectmanagers bedrijventerreinen
Projectleider
Afstemming over de economische ontwikkeling binnen projecten
1
Projectmanagers gemengde gebieden
Projectleider
Afstemming over de economische ontwikkeling binnen projecten
1
Totaal
5
4.6. Financiële paragraaf De uitvoering van het omgevingsprogramma Werklocaties wordt bekostigd op basis van bestaande middelen en het betreffen structurele kosten. De aansturing en afstemming van het omgevingsprogramma wordt grotendeels bekostigd door het opgavebudget van het programma Werken. De grootste kostenposten voor ruimtelijke ontwikkeling als uitvoering van de uitgangspunten van het omgevingsprogramma worden gefinancierd door programma’s en projecten plus GREX. Binnen de bestaande capaciteit is er geen mogelijkheid voor extra handhaving van omgevingsvergunningen en de regels uit het omgevingsplan met betrekking tot ruimte voor economie. De raad heeft hiervoor geen prioriteit gegeven bij het vaststellen van de prioriteitsstelling Uitvoering- en Handhavingstrategie in 2024. Bij het vaststellen van de nieuwe prioriteitsstelling in heeft de raad de mogelijkheid om prioriteit te geven aan het handhaven van omgevingsvergunningen en de regels uit het omgevingsplan met betrekking tot ruimte voor economie. Wanneer de raad prioriteit geeft, is extra capaciteit benodigd voor handhaving. De kosten die hiermee gepaard gaan, zijn aanvullend op de bestaande middelen en bedragen circa 175.000 euro.
38
Omschrijving
Functie
Aansturing en afstemming
Opgavebudget
FTE
Inzet vanuit overige (reguliere) begrotingsgelden
250.000
2,0
20.000
Dekkingsbronnen
Opgavetrekker
Senior programmamanager
150.000
1,0
Ondersteuning
Projectondersteuner
20.000
0,2
Assistent opgavetrekker
Junior projectmedewerker
80.000
0,8
65.000
3
335.000
65.000
1
65.000
Opgavebudget + Economie
Ruimtelijke ontwikkeling
Opgavebudget 20.000
Opgavebudget + Programma’s en projecten Opgavebudget
Intensivering/ontwikkeling bedrijventerreinen
Beleidsadviseur
Inzet projectmanagers bedrijventerreinen
Projectleider
1
150.000
Programma’s en projecten + GREX
Projectmanagers gemengde gebieden
Projectleider
1
120.000
Programma’s en projecten + GREX
Organisatiekosten Organisatie, onderzoek en communicatie
Subtotaal
40.000 Out of pocket
40.000
Opgavebudget + Economie
Opgave budget
FTE
Inzet vanuit overige (reguliere) begrotingsgelden
355.000
5
355.000
Totaal: 710.000
39
5. Monitoring en evaluatie De gemeente monitort verschillende indicatoren die een beeld geven over de Amersfoortse economie. Hieronder vallen ook economisch-ruimtelijke indicatoren zoals de oppervlakte aan bedrijfsruimte. Al deze indicatoren geven samen een beeld van ontwikkelingen in Amersfoort omtrent ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid. Op basis van deze cijfers krijgt de gemeente ook zicht op de doelmatigheid van het omgevingsprogramma. Dit helpt de gemeente in het evalueren en eventueel bijsturen van het omgevingsprogramma Werklocaties.
5.1. Monitoring Om inzicht te krijgen in de voortgang van de realisatie van de ambities en doelstellingen uit het omgevingsprogramma Werklocaties, wordt gebruikgemaakt van verschillende instrumenten: • • • • • • •
Vastgoedmonitor gemeente Amersfoort Vastgoedmonitor provincie Utrecht Behoefteraming bedrijventerreinen provincie Utrecht Behoefteraming kantoren provincie Utrecht Provinciaal Arbeidsplaatsen Register (PAR) Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) Economische Thermometer Werken
De vastgoedmonitoren geven inzichten in de economisch-ruimtelijke dynamiek van de kantoren- en bedrijfsruimtemarkt op provinciaal en lokaal niveau. Het biedt inzicht in onder andere de voorraad van het vastgoed en de opname daarvan. De trends en ontwikkelingen die hier in kaart worden gebracht, kunnen de effecten weergeven van vigerend beleid en strategische keuzes. De vastgoedmonitoren worden jaarlijks geüpdatet. De behoefteramingen geven inzichten in de ruimtevraag naar bedrijventerreinen en kantoren. Op basis van deze gegevens kan de gemeente een inschatting maken hoe groot de behoefte is aan het faciliteren van (nieuwe) werklocaties. Het PAR geeft inzichten in de beroepsbevolking van Amersfoort. Uit deze cijfers valt op te maken hoeveel arbeidsplaatsen de gemeente telt en hoeveel werknemers werkzaam zijn per sector. De BAG geeft onder andere de gebruiksfunctie van gebouwen weer. Voorbeelden hiervan zijn industriefuncties, kantoorfuncties en winkelfuncties. Het PAR en de BAG zijn databases. Om belanghebbenden inzicht te geven in deze cijfers stelt de gemeente jaarlijks een Economische Thermometer Werken op. Hierin worden relevante cijfers opgenomen omtrent werken, waaronder het PAR en de BAG. In tabel op de volgende pagina zijn de doelen uit het omgevingsprogramma Werklocaties verbonden aan de monitoringsinstrumenten. Monitoring vindt minimaal één keer per jaar plaats.
40
Subdoel Amersfoort biedt voldoende arbeidsplaatsen voor haar inwoners
Amersfoort heeft voldoende ruimte voor bedrijven
Ruimte voor bedrijven en werkgelegenheid SMART-doel KPI Monitoringsinstrument Het aantal Aantal PAR arbeidsplaatsen in arbeidsplaatsen ten Amersfoort in 2040 opzichte van het CBS- Beroepsbevolking blijft minimaal 850 aantal inwoners Amersfoort per 1000 inwoners behorend tot de behorend tot de beroepsbevolking beroepsbevolking Uitgaande en CBS-Forenzenmonitor inkomende pendel Het Leegstandspercentage Vastgoedmonitor leegstandspercentage gemeente Amersfoort in Amersfoort is op frictieniveau (5-7%) in Vastgoedmonitor 2040 provincie Utrecht Het aanbod aan kantoor- en bedrijfsruimte in Amersfoort sluit in 2040 aan op de behoefte van bedrijven
Het aantal vierkante meter aan kantooren bedrijfsruimte en de behoefte aan oppervlakte van bedrijven
Behoefteraming bedrijventerreinen provincie Utrecht Behoefteraming kantoren provincie Utrecht BAG
5.2. Evaluatie Om de twee jaar wordt het omgevingsprogramma Werklocaties geëvalueerd. Bij deze evaluatie kijkt de gemeente of de uitgangspunten, het afwegingskader en het transformatiekader (nog) aansluiten op de praktijk. Dit doet de gemeente door de monitoringsresultaten, trends en ontwikkelingen te analyseren. De monitoring is beschreven in paragraaf 4.1. Indien de doelen van de gemeente richting 2040 verder uitzicht raken op basis van de monitoringsresultaten, kan het wenselijk zijn om het omgevingsprogramma te herzien. Hierbij is het van belang om dit in de juiste context te plaatsen. Het is daarom belangrijk om scherp te zijn op trends en ontwikkelingen. Bij het opstellen van dit omgevingsprogramma Werklocaties is rekening gehouden met de trends en ontwikkelingen zoals beschreven in paragraaf 1.2: • • • •
Amersfoort groeit de komende jaren flink De druk op de ruimte neemt toe Krapte op de kantoren- en bedrijfsruimtemarkt De ‘oude’ Visie Werklocaties was gedateerd (focus op leegstand)
Als de bovenstaande trends en ontwikkelingen niet meer van toepassing zijn op de bestaande situatie, geeft het aanleiding om het omgevingsprogramma Werklocaties te actualiseren. Dit kan ook het geval zijn als zich aanvullende trends of ontwikkelingen voordoen. In het nog vast te stellen omgevingsprogramma Circulaire Stad beschrijft de gemeente hoe wordt omgegaan met ruimte voor circulaire economie. Door in beeld te brengen welke ruimte de transitie naar circulaire economie vraagt in Amersfoort, kunnen we concreet maken hoe dit doorwerkt in het 41
transformaties- en afwegingskader van het omgevingsprogramma Werklocaties. De gemeente neemt deze bevindingen mee in de actualisatie van het omgevingsprogramma Werklocaties. Actualisatie Omgevingsvisie De Omgevingsvisie wordt iedere vier jaar geactualiseerd. De gemeente heeft dit besloten, zodat de termijn van actualisatie aansluit op de nieuwe bestuursperiode. De bestuursperiode is namelijk een logisch moment om (nieuwe) prioriteiten te stellen voor de komende vier jaar. De actualisatie van de Omgevingsvisie kan gevolgen hebben voor het omgevingsprogramma Werklocaties. Indien de vijfde opgave uit de Omgevingsvisie: ‘Een stad met een veelzijdige en veerkrachtige economie’ herzien wordt, kan dit aanleiding geven om het omgevingsprogramma Werklocaties ook te herzien. De gemeente analyseert in dit geval de actualisatie of herziening van de Omgevingsvisie en onderzoekt of een herziening van het omgevingsprogramma Werklocaties wenselijk is.