CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Gemeenteraad 12.12.2023

Raadsvergadering 12 december 2023, gemeente AltenaBij agendapunt: Opening en vaststellen agenda37.410 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

En die Omgevingsvisie is bewust globaal gehouden, om eigenlijk later in de programma's en in het Omgevingsplan meer naar concreetheid toe te werken, waar we als raad best wel zoekende naar waren, de afgelopen vergaderingen, naar die concreetheid. En om als raad ook goed aan de bal te blijven tijdens dat concreter worden van die Omgevingsvisie naar plan en programma's, hebben we een amendement voorbereid. En dat amendement zegt eigenlijk drie dingen. Als we die programmastructuur gaan vaststellen, dat we dat als raad ook gaan vaststellen. En de programma's worden uiteindelijk door het college vastgesteld, maar de structuur kunnen we als raad vaststellen. Het bestaand beleid kunnen we daaraan toevoegen. En als er nieuw beleid wordt opgesteld, dat we daar als raad ook een beslissing over kunnen nemen, in plaats van dat dat zomaar toegevoegd zou kunnen worden, zonder dat we daar als raad ons zegje over hebben kunnen doen. En dat zegje moet dan wat meer zijn, en dat was namelijk het eerste voorstel vanuit het college, dan aan de voorkant wensen en bedenkingen mee te geven. En wij vonden dat we daar ook echt wel een kader mee moeten kunnen geven of een beslissing over moeten kunnen nemen, over zo’n visie. En dat hebben we besproken. De griffie heeft een voorzet gemaakt, waarvoor dank, voor dit amendement. En dat is bijna

raadsbreed. Niet dat de ChristenUnie er misschien heel anders over denkt, maar die had ook nog een eigen inbreng die hij ook graag wilde ingeven. Hij zal het vast en zeker doen, ga ik vanuit. Tot zover de toelichting. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we eerst nog even naar de moties van de heer Duizer. De heer Duizer: Dank u, voorzitter. Amendement kom ik straks op terug. Ik zal eerst de moties, die wij hebben voorgelegd of ingediend, toelichten. Wij waren al voor 2019 betrokken bij dit traject. En ik moet zeggen zeker in de fusieperiode dat we nog vanuit de drie verschillende gemeentes werkten, waren wij best positief over de ontwikkelingen hoe de visie voor Altena, maar ook de Omgevingsvisie eigenlijk daar in die slipstream meegenomen werd. En we zagen daar hele goede kansen om tot een hele mooie visie te komen. Alleen helaas hebben wij de afgelopen jaren dit toch wel een beetje zien afglijden naar een product waar wij iets minder blij mee zijn. Als ik heel eerlijk ben, ergens zouden we het gewoon een onvoldoende willen geven. Wij zien niet alles terug wat er in de concept Omgevingsvisie stond. Daar stonden gewoon betere uitgangspunten in dan dat er nu uiteindelijk zijn overgebleven. Er is veel weggepoetst onder het mom van, we willen veel mogelijk maken. Waardoor ook heel veel beleidskeuzes gewoon weggelaten en niet gemaakt. Terwijl die in de raad gemaakt moeten worden.

We hebben het ook heel vaak niet teruggezien in de raad, de afgelopen jaren. We hebben er nauwelijks over gesproken. En dat is wat ons zorgen baart. Kunnen we twee dingen doen. Hebben we het ook in de fractie over gehad. We gaan uitleggen waarom dat we een onvoldoende geven en we stemmen er niet mee in. Aan de andere kant snappen we ook, het is een compleet nieuwe wet. Het is best complex om dat vorm te geven. Het is ook lastig in een fusiegemeente. Een gemeente die nog net geen vijf jaar bestaat. Wat wij zeggen is, het is een onvoldoende, maar u krijgt de kans om het te herstellen. En daarom dienen wij twee moties in. De eerste is, en dan draai ik me even om ten opzichte van de, even kijken hoor... Mag ik eerst de andere? De verbeelding. In de concept Omgevingsvisie of de voorlopige Omgevingsvisie zat best goede verbeelding. Die is allemaal verdwenen. En die had gewoon mee kunnen worden genomen in de definitieve Omgevingsvisie. En we hebben ook gevraagd van, is dat lastig om dat toe te voegen? De wethouder dacht van, dan moet je het hele circus opnieuw doen. We hebben daar nog eens navraag gedaan. Als dat geen beleidswijzigingen zijn, kan het op vrij korte termijn worden toegevoegd. En daarom onze oproep om dat ook op zo'n kort mogelijke termijn te doen.

En waarom? Dat maakt hem leesbaarder, maar dat maakt hem ook vooral voor de mensen die ermee gaan werken, buiten het gemeentehuis, maar ook binnen het gemeentehuis, veel aantrekkelijker en veel leesbaarder. En daarmee vergroten we ook de kans dat de acceptatie van de Omgevingsvisie en het levend worden van dit beleidsdocument veel groter wordt. Onze eerste oproep in de eerste motie is, laten we de kaarten en het verduidelijkingsmateriaal zo snel mogelijk toevoegen, zodat die voor iedereen beter leesbaar wordt en duidelijker wordt. Het tweede, de herijking van de Omgevingsvisie. Hij is al enigszins toegezegd door de wethouder, maar ook deze willen we toch echt wel gewoon heel concreet maken. Ik moest even denken aan mijn dochter. Die had een werkstuk gemaakt. De meester zei van, het is eigenlijk nog niet goed. Als je hem nu zo inlevert, krijg je een onvoldoende. Dan zeg je niet van, volgend jaar heb je nog een kans, want dan staat er gewoon een onvoldoende op je rapport. Laten we deze periode, waarin we met elkaar werken aan deze Omgevingsvisie, hem alsnog een keer vaststellen, maar dan met de verbeterpunten die er zijn. Dan kunnen we kijken hoe het in de praktijk werkt. Dan kunnen we ook dat meenemen en echt de eerste verbeterslag al in deze periode maken. Vandaar onze oproep om hem zo snel mogelijk, medio 2025, weer te herijken. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Duizer.

Wilt u ook nog reageren op het amendement meteen? Want alle anderen hadden hem mede-ingediend en ondertekend. En u had een aanvullend verhaal, zei de heer Bouman.

De heer Duizer: Dat is waar. Dat kan dan gelijk mee worden genomen. De reden dat wij hem niet hebben mee ingediend. We snappen wat hier staat. We zijn het er op zich ook wel mee eens. Maar ik wil er wel bij benadrukken dat dit voor ons dan een noodreparatie is. En het gaat vooral om punt C, dat we straks toch in allerlei losse beleidsvisies dingen blijven vaststellen, terwijl de Omgevingsvisie en de intentie van de Omgevingsvisie is, breng al je beleid samen in één document. Zodat we ook als raad het beleid kunnen vaststellen in zijn integraliteit. En dat zie je ook terug in, het spreekt uit dat, dat we nu de integraliteit in de programma's gaan zoeken. En daar hoort het niet. Het primaat ligt bij de raad. En die hoort het integrale beleid vast te stellen. En daarom zijn wij meer voorstander van een totaal integrale Omgevingsvisie, waarin we alles bij elkaar brengen en dat ook met elkaar afwegen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Duizer. Ik kijk even rond of er nog behoefte vanuit andere fracties is in eerste termijn om op dit amendement en deze twee moties in te gaan. Mijnheer Alderliesten. De heer Alderliesten: Dank, voorzitter. Misschien meteen reagerend op de moties. Bij de toelichting van de heer Duizer over de eerste motie of over zijn eerste motie inderdaad geeft hij aan van, beleidskeuzes zijn of worden weggepoetst, terwijl ze door de raad zouden moeten gemaakt.

In ons midden hier zouden moeten worden gemaakt. En dat klopt. En dat is precies waar ook het gemeenschappelijke amendement op ziet. We hebben nu heel veel vastgesteld beleid, wat inderdaad door de raad is vastgesteld en wat onderdeel uitmaakt van het beleidshuis wat onder de Omgevingsvisie hangt. Maar er wordt nog het een en ander aan toegevoegd. En juist dat ongemak adresseert ons amendement, dat wanneer er nieuw beleid toegevoegd wordt dat de raad weer in positie gebracht wordt, eigenlijk zoals dat in het verleden te doen gebruikelijk was, zodat we zeker, en daar hebben het we natuurlijk in de Altenaronde en -tafel genoegzaam over gehad... Zolang die jurisprudentiestapel die nog opgebouwd gaat worden... Want heel Nederland gaat ermee werken en gaat tegen muren oplopen en dingen ontdekken die misschien niet de bedoeling waren. Dat we aangehaakt blijven. Dat de raad in positie blijft daar waar het eigenlijk conform de wet strakjes het college is die koek bakt. Ik zou de heer Duizer eigenlijk willen vragen, met betrekking tot de eerste motie, nog eens te heroverwegen of dat het aansluiten bij onze amendement daar niet al voldoende borging in geeft. De tweede, een amendement over de verbeelding, daar voelen we heel erg in mee.

Daar hebben we ook in tafel en ronde de nadruk op gelegd van, hoe communicatief is het op het moment dat je heel veel tekst levert en eigenlijk maar heel weinig verbeelding. De wethouder heeft daar keurig op geantwoord dat daaraan gewerkt zal gaan worden. En uiteraard hebben we daar ook een groot vertrouwen in. Dat zal toegevoegd gaan worden. Maar een groot deel van wat u nu vraagt, vindt ook weer plaats in die programma's. Laten die programma's weer precies zijn waar ons amendement op ziet, dat we daar als raad ook weer die vinger in de pap houden. Wederom verwijs ik naar ons gemeenschappelijk amendement. En als laatste, en dan gaat het over de herijking, en dan kijk ik eigenlijk even naar de wethouder in eerste termijn. Want volgens mij, maar dat staat mij niet helemaal helder voor de geest, ook wij zien het als een ingroeimodel. En daar hebben we het ook in Altenaronde en -tafel over gehad van, wanneer is het opportuun om er eigenlijk een soort tweede versie van te maken? Want er mist nog wel iets. Dat gevoel hadden we eigenlijk allemaal wel een beetje. Toen hebben we ook gevraagd van, welke herijkingscycli zijn er nu denkbaar? En toen is volgens mij ook deze termijn voorzien van commentaar vanuit de ambtelijke organisatie en de wethouder, dat dit wat vroeg kwam, ook met de juridische borging die erbij hoort en de onderzoeken die erbij horen.

Dat is eigenlijk de vraag die ik aan de wethouder heb, in hoeverre dat de wethouder met die laatste, het verzoek tot herijking, mee kan gaan? Tot zover even, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Mijnheer Hoegee.

De heer Hoegee: Dank u, voorzitter. Het amendement van het CDA hebben wij mee ingediend. Ons standpunt is duidelijk, denk ik. Wel met de opmerking dat het fijn zou zijn als een en ander zo wordt ingericht dat dat werkbaar blijft en dat vertraging zoveel mogelijk wordt voorkomen. Motie van CU voor het kaartmateriaal. Wij zijn het er zeker mee eens dat kaartmateriaal de leesbaarheid van de visie zal verbeteren. Wij vragen ons wel af of 1 juli als termijn haalbaar is, omdat het best nog weer even werk is. Maar we horen ook graag het standpunt van de wethouder hierover. Dan de motie herijking. Er is natuurlijk, alles bij elkaar, vijf jaar gewerkt aan het opstellen van de visie. En als je over anderhalf jaar een herijking zou willen, betekent dit volgens ons dat men met de voorbereiding al over een half jaar of een jaar zou moeten beginnen. Dat lijkt ons snel. Als we ze vragen om een herijking aan het begin van de volgende bestuursperiode, lijkt ons dat verstandiger. Maar we horen ook graag de mening van de wethouder hierover. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hoegee. Mijnheer Van Gammeren van de SGP. De heer Van Gammeren: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, we zouden het bijna vergeten, maar de invoering van de Omgevingswet is een van de grootste stelselwijzigingen sinds de invoering van de Grondwet.

En op een avond als deze staan we hier voor de gemeente Altena, in ieder geval, aan de lat. In de Altenatafel en -rondes hebben we in ieder geval onze positieve duiding al kunnen geven aan de visie, zoals hij er nu ligt. En wij voelen wel mee met de ChristenUnie. We hebben een heel lang traject gehad. En daar zie je ook wel een bepaalde verschraling in. Maar om de kwalificatie van onvoldoende te geven, zover gaat de SGP niet. Zeker niet. Er is gewoon heel erg hard gewerkt. En mijn voorganger noemde het ook als een ingroeimodel. Zo zien wij het ook. Vandaar ook dat wij het amendement ruimhartig ondersteunen, wat we bijna dan raadsbreed hebben opgesteld en willen indienen. De verbeelding. De motie van de ChristenUnie over de verbeelding van de Omgevingsvisie met het kaartmateriaal. Ook in de Altenatafel hebben wij daar ons positief over uitgelaten. En wij missen het inderdaad ook wel in de definitieve versie. Maar in uw bijdrage noemt u het zo snel mogelijk. En vervolgens zie ik in de motie dat u een datum van 1 juli hanteert. Ik wil graag ook even van het college horen of dat 1 juli haalbaar is of dat het niet te veel een beslag legt op de ambtelijke capaciteiten. Zo ook voor de herijking Omgevingsvisie. We vinden het op dit moment als SGP nog wat prematuur om nu al een moment vast te leggen. We hebben met elkaar afgesproken dat we gaan herijken.

En dat het misschien over twee jaar is, prima. Alleen wat ons betreft gaan we eerst van start. We hebben ook met elkaar afgesproken om het proces heel nauwkeurig te volgen, zodat we zien, wat gaat er goed, wat gaat er niet goed, welke hiaten zitten er in de Omgevingsvisie? En daarop te acteren. En een resultante zou kunnen zijn inderdaad dat we hem 2025 herijken. Maar als het goed gaat, dan zijn wij ook niet de beroerdste om dat één of twee jaar uit te stellen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Gammeren. Mijnheer Kolff van de VVD. De heer Kolff: Dank u wel, voorzitter. Er is al heel wat gezegd. Het amendement van het CDA hebben we gezamenlijk ingediend. Daar kunnen ons prima mee vinden. Met de kaart van de motie van ChristenUnie. Er is heel wat gezegd over het tijdstraject. Daar kunnen wij ons eigenlijk ook in vinden. Als je een tijdstraject afspreek van 1 juli, is 1 juli wel bindend. Maar omdat het nu zo nieuw is, willen we toch iets meer ruimte naar het college geven, dat er iets meer ruimte is. Met de herijking eigenlijk net zo. U noemt 2025. Ik begrijp best dat we niet te ver naar achteren moeten met onze termijn dat we hier zitten, daar we er al een keer over gesproken hebben. Over een jaar zitten we al in januari ’25. Maar we kunnen ook naar eind ‘25. Dan hebben nog twee jaar de tijd.

Ik zou even wat ruimte opschuiven, dat we zeker goed eerst in kunnen werken voordat we ons vastzetten aan een bepaalde datum.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kolff. Volgens mij heeft iedereen de kans gehad, eerste termijn. Mijnheer Bouman reageren op de inbreng van de andere fracties? Of mijnheer Timmermans, wilt u nog? Dan mag mijnheer Timmermans eerst. De heer Timmermans: Dank u wel, voorzitter. Voorzitter, het is een beetje een moeilijke dingetje eigenlijk. Wij hebben inderdaad het amendement mee ingediend, maar het voorstel zelf kunnen we onszelf niet in vinden. En dat met name eigenlijk om het volgende punt, het klimaatbestendig CO2-neutraal. Wij zullen dan ook tegen het voorstel zelf stemmen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Timmermans. Dat was is een vroegtijdige stemverklaring, maar dat mag. Geen probleem. Wilt u nog reageren op de moties? Niet. Mijnheer Bouman, dan mag u dat doen. En daarna ook nog reageren op de inbreng. De heer A. Bouman: Ik begin even bij de inbreng van de heer Duizer. Die kwalificeert inderdaad hetgeen wat nu voorstaat als onvoldoende. Hij gaat het zelfs vergelijken met een werkstuk van zijn dochter. Maar het gaat met name om het stukje onvoldoende. En dat vinden wij toch een iets te negatief beeld op de zaak. We waarderen uw bezorgdheid. Dat zijn we ook met u eens. Dat hebben we ook de afgelopen maanden, zal ik maar zeggen, gedeeld met elkaar. Maar ik zou veel liever willen zeggen, het is een Omgevingsvisie in ontwikkeling.

En dat in ontwikkeling wil zeggen, dat gaan we volgens mij nu met die programmastructuur en dat beleid toevoegen aan die programmastructuur. Daar moet de komende tijd hard aan gewerkt worden. Er moet een Omgevingsplan gemaakt worden. Daar moet ook hard aan gewerkt worden door de organisatie. En daar geven wij in elk geval als CDA-fractie nu voorrang aan. En we zijn blij dat hij nu in ontwikkeling is. En we vinden het daarom ook te vroeg om nu inderdaad al te zeggen, in 2025 moet hij per se herijkt worden. Het zou inderdaad best kunnen. Misschien komen we wel tot de conclusie zelfs dat hij in 2024 al herijkt moet worden op bepaalde onderdelen, als we tegen een muur oplopen. Dat zou kunnen. Ik hoop het niet, maar het zou natuurlijk wel kunnen. Wij gaan die motie ook niet steunen. En met betrekking tot het beeldmateriaal vinden wij een beetje lastig. U refereert aan het beeldmateriaal in de concept Omgevingsvisie uit 2019, als ik het goed heb. Dat was natuurlijk heel veel beeldmateriaal. Is het de bedoeling dat alles erin komt of alleen... Wat zegt het helemaal precies? We hebben in elk geval wel gehoord van het college dat er meer beeldmateriaal in zou komen en dat dat ook op redelijke termijn zou zijn. Dan hoor ik ook graag misschien daar wat meer concreetheid in. En dan kunnen we altijd nog bepalen wat we daarmee doen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman.

Mijnheer Duizer nog? En ik hoop dat het wel goed gaat met uw dochter met de voldoendes die ze had, overigens. De heer Duizer: Ik geloof dat ik hier iets moet rechtzetten, want anders kan ik niet meer thuiskomen. De voorzitter: Dat lijkt mij verstandig. De heer Duizer: Het ging over één onvoldoende inderdaad. En voor de rest doet ze het hartstikke goed. Maar toch, je zit op een voorgezet onderwijs. Soms heb je trajecten wat je niet precies weet hoe het loopt en wat je moet doen. En dat is best begrijpelijk. Alleen wat ik zie, is dat we als raad kaders hebben meegegeven aan het college. En ik zie daar toch wat meer verschuiving dan dat wij hebben meegegeven aan het college aan de voorkant. En dat wil ik weer terugdraaien naar de kaders die we hier met zijn allen eigenlijk ook gesteld hebben. En daar merk ik nu wat twijfel van, kunnen we dat het college wel op... Maar als het college niet precies doet wat wij willen, dan kunnen we toch gewoon zeggen van, misschien moet je er toch nog eens eventjes naar kijken dat het net iets beter gaat en klopt met wat wij als raad vinden. Want volgens mij gaan

we er uiteindelijk als raad over. En nog eventjes ter verduidelijking over het kaartmateriaal. Er stonden inderdaad heel veel kaarten in. De discussie in 2019 ging vooral over de kaarten die de dorpen betrof. Daarvan zeg ik van, dat kan inderdaad prima in de programma's. Heb ik in 2019 ook al gezegd dat dat in programma's kan. Maar als je nu naar de Omgevingsvisie kijkt en je leest... Er wordt iets gezegd over de Nieuwe Hollandse Waterlinie, dan kun je in heel de Omgevingsvisie niet zien wat nu wel of niet in die Nieuwe Hollandse Waterlinie valt. En dat is toch wel een ernstig gebrek. En dat geldt op verschillende terreinen. Je kunt gewoon niet zien waar wat wel en niet exact van toepassing is. En die verduidelijking kan toch echt heel veel toevoegen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Duizer. Gaan we naar de beantwoording in de eerste termijn. Wethouder Sheikkariem. De heer Sheikkariem: Dank u wel, voorzitter. En dank voor uw reactie. De Omgevingsvisie is een lang traject geweest, een intensief traject geweest. De eerste keer dat wij over het ontwerp spraken, was oktober 2021. Toen hebben we ook als college bij u opgehaald, hoe ziet u de toekomst, hoe ziet u het proces, hoe gaan we het samen invullen? We hebben toen ook gekozen om te praten over de Omgevingsvisie 2040.

De stip op die horizon waarvan u zegt van, hoe gaan we dat met elkaar invullen? We wisten dat het abstract zou zijn. En we hebben ook gemerkt dat dat de worsteling is, dat niet alleen u, maar wij ook binnen het college en ook de ambtelijke organisatie continu mee te maken heeft. Aan de ene kant zijn we op zoek naar helderheid en duidelijkheid. Aan de andere kant willen we ook de kans en de ruimte hebben om keuzes te kunnen maken. En dat was precies één van de vier doelstellingen van de Omgevingswet. Voorzitter, ik ben ook heel blij dat we als raad zo een exercitie hebben gedaan. Want u heeft, maar dat is even vanuit optiek van het college, een prachtig ontwerp klaarliggen. En daar bent u zelf ook verantwoordelijk voor. U heeft de botsproeven gedaan. We hebben bij u de dingen geproefd, wat vindt u belangrijker? Hoe weegt u energie ten opzichte van woningbouw, bedrijventerreinen, water, groen en alles daaromheen? U heeft dat kunnen uiten. Dat hebben wij plek gegeven in de visie. Maar we hebben ook ervoor gekozen dat we nog de ruimte houden om af te kunnen wijken, die mogelijkheid, als de landelijke wetgeving het zou beperken en er goede initiatieven zijn binnen onze kernen, dat die ruimte aanwezig moet kunnen zijn. En daarom hebben we gezegd, laten we kiezen voor een abstracte Omgevingsvisie. Dan even naar het amendement.

Amendement dat ingediend is door meerdere partijen en verwoord door mijnheer Bouman van het CDA. Tijdens de Altenaronde en -tafel heb ik ook al meegegeven dat we als college merken dat u terecht aangeeft, wij hebben onvoldoende grip op de keuzes. En heeft het college ook gemeend van, dat kan niet de bedoeling zijn. Het is de Omgevingsvisie van ons allen. En snap ik ook de keuze die u maakt. Wij zullen als college dit dan ook adviseren van, hartstikke goed. Als we daarmee in ieder geval die start ook zij aan zij kunnen doen in de zoektocht van ons allen, dan denk ik dat dit een hele goede kans is. Dan zijn er nog twee andere punten door de ChristenUnie ingebracht. Allereerst had u het over dat beeldmateriaal. Dat het college bij monde van mij tijdens de Altenatafel heeft gezegd, dat is een enorme klus. Dat heb ik niet gezegd. Ik heb juist aangegeven dat we dat heel graag gaan toevoegen. Alleen is het niet zo dat het de eerste prioriteit heeft. Ik heb in de Altenatafel en Altenaronde met klem meegegeven aan de raad van, let op, de focus ligt echt bij de implementatie op 1 januari. De komende maanden hebben we alle energie nodig om alle aanvragen, die overigens al op stapels liggen, die voorrang te geven in plaats van de tekeningen nu voorrang te gaan geven. Dat Omgevingsplan moet vorm gegeven worden.

En wij moeten gaan werken met beleid wat in die programma’s een plek moet krijgen. Daar ligt echt onze eerste prioriteit. En als u als raad zegt van, maar we zouden het wel vrij vinden dat u het tempo hoog houdt, kan ik u in ieder geval meegeven dat ik alles in het werk zou kunnen stellen. Dat gaan we natuurlijk intern wel exact een datum geven, maar dat het in de tweede helft van 2024 moet lukken om het beeldmateriaal al stuk verder te hebben. Dat wil niet zeggen, dat geef ik u nu alvast mee, mijnheer Duizer, dat

we in die tussenliggende periode niets gaan doen. De kansen, als ze er zijn, om al beeldmateriaal toe te voegen, moet u het ook zo zien dat we dat niet na zullen laten. Uw andere motie gaat even over de herijking van die visie, waarin u een datum noemt. Waarvan ik u het ontraad als raad om het college daarmee op te schepen. In de Altenaronde en-tafel heb ik u meegegeven, we gaan experimenteren. We weten niet exact hoe het uitpakt. En we zullen ook echt monitoren en u op de hoogte houden door, zoals mijnheer Van Gammeren zeg, nadrukkelijk u mee te nemen in de plussen en de minnen die wij ervaren. Op het moment als wij denken van, dit loopt de spuigaten uit, heb ik u al toegezegd in de Altenatafel, bent u de eerste waarvan we zeggen van, we moeten hier wat mee. Dat zal dan vragen om met spoed een aanpassing. Maar als wij de Omgevingsvisie willen gaan herijken, dan moet ik wel de hele roadshow gaan doen. Als het impact heeft op de Omgevingsvisie, dan zal ik alle partijen moeten doorlopen. Vandaar dat ons advies was, doe dat één keer per bestuursperiode.

Tijdens de Altenatafel heb ik gezegd, ik snap dat bij zo'n nieuw document het handig is om na twee jaar te kijken van, waar staan we? Ik kan u hier in ieder geval meegeven, als we na 18 maanden onze monitor en evaluatie hebben, want dan hebben we een goed jaar gedraaid, en we onze evaluatie met u delen, en in plaats van als u de datum zegt van, goed dat we dan die herijking hebben, kan ik wel alles in het werk stellen om op die datum te gaan starten met de herijking. Maar dan heeft u in ieder geval kennis genomen van de evaluatie en de monitor. Dan ziet u ook waar het zwaartepunt en de hiaten zijn. Aan de hand daarvan zouden we een traject van herijking kunnen starten. Voorzitter, wat mij betreft, is dit de beantwoording. De voorzitter: Volgens mij een uitgebreide beantwoording. Dank u wel. Gaan we naar de tweede termijn. Wie mag ik uitnodigen voor de tweede termijn? In ieder geval mijnheer Bouman. De heer A. Bouman: Wij danken in elk geval de wethouder voor zijn beantwoording en ook constructieve reactie op het bijna raadsbrede amendement wat is ingediend. Daar zij aan zij. Het was ooit een naam van een beleidsstuk binnen het CDA. Dat sprak me heel erg aan, zal ik maar zeggen, die woorden die u daar sprak. Met betrekking tot het stukje over het beeldmateriaal en de herijking.

Eigenlijk met de herijking heeft u ons nog gesterkt, zal ik maar zeggen, in het standpunt dat we eigenlijk al een beetje aankondigen, dat we dat dan niet gaan steunen. Wellicht dat de heer Duizer ook met uw beantwoording uit de voeten kan. Maar daar kan hij zelf dadelijk op reageren. Ben ik wel benieuwd naar, in elk geval, hoe hij daar tegenaan kijkt. En eigenlijk ook met het beeldmateriaal. Hij zegt, we doen het allemaal zo snel mogelijk. Alleen het zal niet allemaal binnen een half jaar lukken. Maar we gaan er wel mee aan de slag. En dat is wat ons betreft eigenlijk ook wel voldoende dat u dat op die manier heeft gezegd. En we zullen dan eind van het jaar u daar wel aan houden, zal ik maar zeggen, dat dat er dan ook is. De voorzitter: Dank wel, mijnheer Bouman. Ik kijk even naar mijnheer Duizer, want misschien is het handig dat mijnheer Duizer eerste reageert op de reactie van het college. Mijnheer Duizer. De heer Duizer: Dan in eerste instantie op de heer Bouman toch. Die had het net eventjes over dat kaartmateriaal. De wethouder gaf aan, 1 juli is toch erg krap. En ik hoor meerdere partijen, als het niet haalbaar is, dan moeten we de motie niet steunen. Ik heb hem wel horen zeggen dat eind van volgend jaar wel haalbaar is. Als ik van 1 juli 31 december, eind volgend jaar maak, zou ik dan wel op uw steun kunnen rekenen? De heer A.

Bouman: Om te voorkomen dat ik straks als een lid uit een schaapskudde wordt bejegend, zal ik maar zeggen, kunnen wij dat op zich wel steunen. De voorzitter: Die heeft u binnen. Mijnheer Duizer.

De heer Duizer: Met dank. Ik snap wat de wethouder zegt. Het kost vrij veel tijd. En je hebt eventjes tijd nodig om te kijken wat nu wel en niet werkt. Maar waar ik een beetje mee zit, is als wij nu eerst een jaar proef gaan draaien en dan een besluit moeten nemen dat we het traject opnieuw gaan starten, dan zijn we dat hele jaar of anderhalf jaar ook niet met onze burgers bezig om het iteratieve proces... Want dat herkennen we eigenlijk allemaal. We weten niet waar we mee bezig zijn. We weten niet of deze Omgevingsvisie goed werkt. Of het wel of niet in de programma's... Maar als we nu al de volgende stap ook opstarten, kunnen we iedereen meenemen in de volgende stappen en het leerproces. Dan kun je de visie aanpassen op de programma's. En daarna de programma’s weer. Als je dat met elkaar goed opzet in een goed traject, zorgen we met zijn allen, en dan blijft ook iedereen aangehaakt. En daar gaat het met name over, dat we met zijn allen aangehaakt blijven, dat het ons onze visie wordt met zijn allen. En dat het niet eerst één, twee jaar intern gaat plaatsvinden. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Duizer. Ik kijk gewoon naar de andere fracties. Mijnheer Alderliesten stond al langer klaar. Dan ga ik eerst met hem verder. Mijnheer Alderliesten. De heer Alderliesten: Ter interruptie op de heer Duizer. U heeft het over aan de ene kant een iteratief proces. En daar volg ik hem in.

En volgens mij is dat ook wat de wethouder zegt. Laten we gaan werken en laten we elkaar vasthouden, zodat als er iets aan de hand is we snel kunnen ingrijpen. Tegelijkertijd hoor ik zeggen, maar we kunnen beter nu het hele proces opstarten alsof we weer met een blanco blad beginnen en we gaan de versie 2.0 opbouwen, noem ik het maar even. Welk van de twee sporen stelt u voor? De heer Duizer: Als ik mag, voorzitter? De voorzitter: Zeker. De heer Duizer: Een 2.0 wil zeggen dat je voortbouwt op 1.0. Het is niet met een blanco blad. Het is wat je nu hebt gemaakt en waar we, naar mijn mening, onze inwoners ook zijn kwijtgeraakt in de afgelopen jaren, aangehaakt houden en samenwerken aan dat volgende, de 2.0 versie. Daar gaat het mij met name om. De voorzitter: Mijnheer Alderliesten, het is gewoon uw termijn. De heer Duizer: En dat traject moet je zo snel mogelijk opstarten. De heer Alderliesten: Als dit mijn termijn is voorzitter, dan maak ik hem af. Want ik denk dat ik alles kan samenvatten. Ik hoorde de wethouder net zeggen, gezamenlijk koers bepalen. Ik denk dat dat een hele mooie is. De inkleuring behoort aan het college, voeg ik dan maar even toe. Maar dat is goed. De raad is van de watvraag. Het colleges van de hoe-vraag.

En de hoe-vraag zien wij vervolgens ingevuld in het eerste Omgevingsplan wat we gaan maken, want daar komt de raad vervolgens weer als een soort omarming terug en daar gaan we het vaststellen. In de tussentijd, hebben we net hier afgesproken met een amendement en ook omarmd door het college, dat we nauwgezet gezamenlijk daarin optrekken. Ik denk, waar dit proces nog verkeerd moet gaan? Volgens mij, zolang we elkaar goed vasthouden en dat iteratieve proces, wat u voorstelt past daar keurig binnen, dan gaan we dat helemaal goed doen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Mijnheer Van Gammeren. De heer Van Gammeren: Dank u wel, voorzitter. Ik ga even beginnen met de verbeelding. Verbeelding van de Omgevingsvisie en met het kaartmateriaal. Dat was juist de motie waar we nog het meest over twijfelden. En

als die datum verandert naar, wat is het, 31-12, dan is het wat ons betreft prima. En dan heeft u ook de steun van de SGP binnen. De steun van de SGP gaat u niet krijgen op de herijking Omgevingsvisie. Nogmaals, wij willen eerst van start met de 1.0. En we zullen gaandeweg het proces kijken wanneer 2.0 gestalte gaat krijgen of misschien 1.1. We weten het nog niet. We gaan eerst van start. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Gammeren? Mijnheer Bouman. De heer A. Bouman: De interruptie was bedoeld op de heer Duizer. Met betrekking tot wat hij net zei van, we moeten eigenlijk al gelijk beginnen met die 2.0. Ik zie het eigenlijk een beetje zo. We zijn het huis aan het inrichten en u wil de muren alweer gaan verzetten. En dat is niet handig. Want ik denk dat we ook hier moeten kijken van, hoe gaat het in de organisatie ingebed worden? En als we nu eerst eens aan de gang gaan om dat in een goede structuur... Dat we ook echt met die inwoners daarmee aan de slag kunnen gaan. Dat we duidelijkheid kunnen bieden aan de ondernemer, wat betekent dit uiteindelijk, of aan een inwoner. In plaats van dat we gelijk gaan zeggen, we hebben nu iets, maar we gaan het ook gelijk weer veranderen. Daar zijn wij geen voorstander van. Laten we eerst eens even ermee aan de slag gaan.

En daarna gaan kijken, moet er überhaupt iets verbouwd gaan worden? Eerst inrichten, aan de slag en niet gelijk weer muren gaan slopen. De voorzitter: Dan geef ik de heer Duizer de kans om te interrumperen. Beschouw ik dit gewoon als uw termijn. Mijnheer Duizer. De heer Duizer: Op zich, zoals u het zegt, heeft u gelijk. Alleen wat de wethouder zegt, we hebben niet alle muren neergezet. Want we willen alles zo open mogelijk houden. Er staan zo min mogelijk muren, zodat we nergens tegenaan kunnen botsen. En dan kunnen we nog alle kanten uit. En daar zit net de angel voor ons. Er zijn nog niet genoeg muren, nog niet genoeg kaders binnen de Omgevingsvisie. We weten straks ook helemaal nog niet hoe de Omgevingsplan eruit gaan zien. Ik kan heel eerlijk gezegd op basis van deze Omgevingsvisie niet voorspellen hoe we de Omgevingsplannen gaan inrichten. Er zit te weinig richting vanuit onze raad om dat goed in te gaan richten. En daarom zeg ik, laten we met zijn allen verder bouwen, zodat die muren die duidelijkheid, wat we belangrijk vinden, dat dat goed gewaarborgd wordt. En ik snap dat je ruimte moet houden, maar nu is er te veel ruimte en moeten we die met elkaar toch nog beter inkleuren. De voorzitter: Mijnheer Bouman nog. De heer A. Bouman: Als laatste even. We zijn het aan het ontwikkelen. Dat delen we volgens mij allemaal met elkaar. Daar gaan we ook mee aan de slag.

En laten we daar nu eerst mee aan de slag gaan, voordat we al gaan zeggen, we gaan het helemaal opnieuw doen weer een keertje. En daar willen wij een kleine pas op de plaats maken. En dat vind ik een prima voorstel om te zeggen, over anderhalf jaar, die achttien maanden, gaan we eens kijken, waar staan we nu? Moeten we inderdaad dat hele proces met alle stakeholders die er dan zijn weer helemaal opnieuw gaan doen? Wat een heel intensief proces is, ook voor hier de organisatie. Terwijl er ook een hele hoop andere vraagstukken liggen, die ook opgepakt moet worden. Wij gaan dat echt niet steunen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman. Mijnheer Hoegee. De heer Hoegee: Dank, voorzitter. De vraag is, of laat ik het anders zeggen, de wethouder geef gemotiveerd aan waarom dat hij eigenlijk de moties te strak vindt. Hij noemt ook termijnen waarop of dat het eventueel wel zou kunnen. En de hamvraag is dan ook of dat u die moties daarop aan gaat passen. Voor zover.

De voorzitter: Mijnheer Duizer. De heer Duizer: De motie over het kaartmateriaal heb ik al aangegeven, die wil ik met alle liefde verlengen tot eind van volgend jaar. En dan ben ik benieuwd of u hem dan ook mee gaat steunen. Over de herijking heb ik geprobeerd uit te leggen dat wat we nu hebben zo dun is, dat we met zijn allen juist moeten zorgen dat we het ook gezamenlijk verder gaan opbouwen. En niet nu eerst anderhalf, twee jaar in de organisatie zetten en dan maar afwachten hoe ze daarmee omgaan in de tussentijd. En daarna pas weer het nieuwe traject opstarten, zodat we pas over vier, vijf jaar de echte herijking kunnen laten plaatsvinden. De voorzitter: Mijnheer Hoegee, want het was een interruptie op u termijn, maar er was ook nog een vraag uw kant op. Of in ieder geval over het kaartmateriaal, of u die wilt steunen. De heer Hoegee: Het kaartmateriaal was dat. De motie wordt aangepast naar de wensen van de wethouder. Is dan geen probleem om die te steunen. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Alderliesten nog bij interruptie? De heer Alderliesten: Ja, bij interruptie, voorzitter. Want ik hoor de heer Duizer meermaals zeggen van, we moeten nog zo heel veel bouwen. Maar juist dat inkleuren gebeurt bij het opzetten van het beleidshuis en het inrichten van de programma's.

En juist daarvan hebben we met ons amendement vastgelegd, en dat kan het college ook prima mee werken, dat we elkaar daar juist vasthouden. Het eerste Omgevingsplan is een Omgevingsplan van rechtswege. Dat zijn gewoon de bestemmingsplannen aan elkaar gekit. Het eerste Omgevingsplan wat gaan vaststellen, wordt gevuld door het beleid wat we gezamenlijk gaan vaststellen of al vastgesteld hebben onder de koepel van de Omgevingsvisie. Daar zijn we met zijn allen... Dat is juist het amendement. Daar houden we elkaar in vast en dat gaan we gezamenlijk inkleuren. De voorzitter: Mijnheer Duizer, tot slot, want ik denk dat het debat wel voldoende gevoerd is. De heer Duizer: Ik denk dat inderdaad. Alleen ben ik dan toch wel benieuwd. Want we hebben best wel een aantal beleidspunten, noem het verkeer, hier vastgesteld, het wonen. Maar daarin ook continu lopen we ertegenaan dat er gezegd wordt van, we hebben het nu alleen maar over verkeer en hoe dat ruimtelijk wordt ingepast. Daar hebben we het nu niet over. Is dat niet juist al die verschillende beleidspunten een goed punt om het bij de Omgevingsvisie, waar het wel over de ruimtelijke invulling gaat, bij elkaar en integraal af te wegen door de raad? De voorzitter: Mijnheer Alderliesten nog. De heer Alderliesten: Tot slot, voorzitter. Bij de Omgevingsvisie gaat het over de verre horizon.

Hoe gaan we om, in de basis, met al dat beleid wat uiteindelijk daaronder komt te hangen? Dan gaat het over de wat-vraag. Wat willen we bereiken? Wat voor gemeente willen we zijn? Uiteindelijk de hoe-vraag in het beleid slaat neer in het Omgevingsplan, wat we gezamenlijk gaan maken. De voorzitter: Het laatste woord op dit punt aan u, mijnheer Duizer. En dan gaan we het debat... De heer Duizer: Volgens mij hebben we het debat al wel gevoerd. De voorzitter: Dat denk ik ook. Volgens mij over deze onderwerpen is het debat gevoerd. Ik stel voor dat de motie van u over het kaartmateriaal, dat die door uw mondeling is geamendeerd naar 31-12. Dat wordt door

de griffie aangepast voor de stemming zo direct. Gaan we naar het tweede deel over de inhoudelijke onderwerpen. Dan wil ik als eerste de heer Alderliesten over het amendement, over de uitbreidingsmogelijkheden glastuinbouw, vragen dat in te leiden. De heer Alderliesten: Laat ik het voor de verandering kort doen, voorzitter. We zijn allemaal trots op het landschap van Altena. Het open landschap wordt geroemd in onze voormalige Structuurvisie, ook in onze huidige bestemmingsplannen en bij het opzetten van het Omgevingsplan is dat... Of de Omgevingsvisie, excuus. Nou maak ik zelf de fout. Hebben we dat ook leidend gemaakt aan hoe wij Altena in de toekomst voor ons zien. Daar waren wij het prima mee eens. In de zienswijze echter... Er is een zienswijzeronde geweest. Daar hebben allerlei instanties ook ingesproken of ingeschreven. En daar is door het ZLTO gevraagd om ook buiten de daartoe aangewezen concentratiegebieden voor glastuinbouw direct nieuwe glastuinbouw mogelijk te maken. Dat stond er eerst niet in. Dat wil ook niet zeggen dat er geen enkele glastuinbouw vervolgens mogelijk is buiten die aangewezen concentratiegebieden. Maar het zorgt er wel voor dat er een ruimtelijke, integrale afweging aan ten grondslag moet liggen.

Door het direct mogelijk te maken, zoals door de ambtshalve wijziging als gevolg van de inspraak van het ZLTO is gebeurd, haal je eigenlijk die integrale afweging weg en maak je het direct tot een, het is mogelijk situatie. Dat willen we eigenlijk herstellen. En als de griffie, want ik krijg mijn apparaat niet aan... Wat we eigenlijk voorstellen, is om de ambtshalve wijziging als gevolg van de zienswijze er weer uit te halen. En dat leidt er dan toe die zinsnede, naast de uitbreidingsmogelijkheden voor glastuinbouw zijn er ook uitbreidingsmogelijkheden voor solitaire glastuinbouw in het buitengebied mogelijk, te schrappen. Dat is eigenlijk het voorstel voor dit amendement. Het amendement wordt mede ingediend ook door AltenaLokaal. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Mag ik dan vragen de heer Bouman over sterk en duurzaam ondernemen een amendement toe te lichten? De heer A. Bouman: Voorzitter, dat mag. Eigenlijk kort. Dit hebben wij ook tijdens de Altenatafel eigenlijk al aangekondigd, dat we dit amendement zouden gaan indienen. Gaat eigenlijk over een zin die in de Omgevingsvisie staat, die op meerdere manieren uitlegbaar is. Dat gaat namelijk over het feit, over die gesloten kringloop. Als je de zin, zoals die in de Omgevingsvisie nu staat, leest, dan zou je hem kunnen interpreteren dat die gesloten kringloop op het bedrijf zelf gerealiseerd zou moeten worden.

Dat is waarschijnlijk niet eens de bedoeling van de zin. Daarom zijn wij er voorstander van om de zin te verduidelijken en die te wijzigen naar, hierbij werkt het agrarisch bedrijf, eventueel in samenwerking met andere bedrijven, aan een gesloten kringloop, waarin grondstoffen zoveel mogelijk worden hergebruikt en is er sprake van een duurzaam beheer van de bodem. Dat is ons voorstel. En dit is mede ingediend door de VVA. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman. Dan de heer Duizer met een motie over de maximale omvang van bedrijfsterreinen. De heer Duizer: Dank u, voorzitter. In 2019 hebben wij 18 beleidskeuzes als raad vastgesteld, die we hebben meegegeven aan het college om uit te werken in de verdere vormgeving van de Omgevingsvisie. Eén daarvan was dat we voor Giessen en Veen een maximum van 5.000 vierkante meter per terrein zouden loslaten. Dat zien wij niet terug in de visie, zoals die nu voorligt. Sterker nog, we hebben pas de Rietdijk nog vastgesteld. En daar zie je dat gewoon weer aan die 5.000 vierkante meter, die blijft er continu instaan. Onze oproep is, en we hebben het in een motie gedaan, omdat het in een amendement best lastig is om dit stuk in de visie echt weer aan te passen, maar toch de oproep aan het college om de punten beleidskeuzes die wij als raad hebben gesteld echt uit te werken.

En te zorgen dat die 5.000 vierkante meter ook in Giessen en in Veen wordt losgelaten, zoals wij met zijn allen hebben vastgesteld.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Duizer. Ik kijk even rond of er behoefte is van andere fracties om in eerste termijn over deze amendementen en motie nog wat met u allen te delen. Mijnheer Van Gammeren van de SGP. De heer Van Gammeren: Dank u wel, voorzitter. Dan begin ik even met het amendement, sterk en duurzaam ondernemen. We hebben kennis genomen, in de weken voorafgaand aan deze vergadering, van dit amendement van het CDA. En ook de SGP heeft zich toen al achter het amendement geschaard. Wij kunnen het in ieder geval steunen, ook als we niet meer als mede-indiener erbij staan. Dan wat betreft de uitbreidingsmogelijkheid glastuinbouw. Wij delen ook niet de visie van de heer Alderliesten dat het een-opeen zomaar mogelijk is solitaire glastuinbouw. Er is vanuit de provincie wat ruimte op het beleid. En in de beantwoording staat er ook echt dat er voor solitaire glastuinbouw bij bedrijven onder voorwaarden mogelijkheden zijn voor uitbreiding. Die een-op-een mogelijkheid zien wij niet. En daarom zullen wij hem ook niet steunen, want wij willen zeker de deur niet op slot gooien. En wat betreft de maximale omvang bedrijven, ik denk dat de heer Duizer daarin gelijk heeft. Ik wacht eventjes de bevestiging van het college af of wij hem inderdaad ook mee gaan steunen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mijnheer Kolff van de VVD. De heer Kolff: Dank u wel, voorzitter.

Het zijn natuurlijk een aantal punten. We hebben eerst Progressief Altena gehad. We hebben natuurlijk in de Altenatafel, Altenaronde met die, u noemt het glastuinbouw, maar in eerste instantie kwam er in een keer de tunnelkassen en de teelt ondersteunende maatregelen naar voren toe. Vallen die er volgens PA ook onder of is het puur alleen glas? Dat is eigenlijk een vraag die ik erover wil stellen. Het CDA, positief over duurzaam ondernemen. Daar zijn we het over eens. ChristenUnie. Mijn voorganger heeft het ook gezegd, ik denk dat gaan we gewoon steunen, want dat moet opgelost worden. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Kolff. Anderen nog om te reageren op de amendementen en moties? Er staan er steeds meer op. Mijnheer Hoegee. De heer Hoegee: Dank, voorzitter. PA hebben wij ingediend. Daar hoef ik niets over te zeggen. Amendement CDA, sterk en duurzaam ondernemen. Samen kom je verder. We staan geheel achter deze motie. Motie ChristenUnie. U heeft absoluut gelijk dat dat destijds als beleid is vastgesteld. Wij vragen ons wel even af of dat dat dan nu in de visie zou moet worden opgenomen of dat dat eventueel ook in een van de programma's of het Omgevingsplan thuishoort. Maar dat horen we graag nog. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Hoegee. Mijnheer Verbaarschot. De heer Verbaarschot: Dank u wel, voorzitter.

VVA staat positief ten opzichte van de ingediende motie van de ChristenUnie over maximaal uitbreiding van het bedrijventerrein en tegenover de motie van Progressief Altena over de glastuinbouw. Bedankt. De voorzitter: Dank u wel. Dan de indieners. Mijnheer Alderliesten. De heer Alderliesten: Dank, voorzitter. Want ik heb inderdaad nog geen reactie kunnen geven op de inbreng van de heer Duizer. Op zich, we hebben het vastgesteld. Dat geeft de heer Duizer aan. En daarmee zou het onderdeel moeten zijn van het beleidshuis, wat onder de Omgevingsvisie valt. We horen graag van de wethouder of dat hij dit inderdaad nodig heeft. Ik denk het niet. Maar we steunen in ieder geval de oproep

om, dat heeft u al eerder vastgesteld overigens ook, om die maximale grote daarvan weg te halen. Dan amendement van het CDA. Ik raak er helemaal van in de war. Is bijna hetzelfde, hoor ik. Daar hebben we al van aangegeven, wij lezen hem zo niet. Maar het verheldert het wel, want je zou hem zo kunnen lezen. Die ondersteunen we ook gewoon. En in reactie op, en dat is ook de bedoeling, denk ik, voorzitter, de opmerkingen die gemaakt zijn op ons amendement. Ik weet niet waar de SGP het leest, maar het amendement ziet op het schrappen van de volgende zin. Naast uitbreidingsmogelijkheden voor glastuinbouw zijn er ook uitbreidingsmogelijkheden voor solitaire glastuinbouw in het buitengebied. Daar lees ik niet onder voorwaarde. Als wij dit op deze manier opnemen in onze Omgevingsvisie, is de eerste hobbel genomen. En dat is precies de reden waarom we deze zin eruit willen hebben. Wij maken graag bewust die hobbel en wegen het integraal af. En vandaar ons amendement. En als laatste de heer Kolff. Die stelde een vraag over, is het alleen glas of zijn het ook tunnelkassen? Waar het ons om gaat, is dat we in het verleden een hoeder van de kwaliteiten van het buitengebied hadden. Dat was de provincie. Dat krijgen we eigenlijk terug. En de provincie heeft gezamenlijk met de sector bepaald waar perspectiefrijke en ook ruimtelijk afweegbare gebieden zijn voor glastuinbouw.

Alles wat daaronder valt, moest binnen die gebieden tot ontwikkeling kunnen komen. Maar nu wordt het er ook buiten mogelijk gemaakt. Waar het ons om gaat, is eigenlijk alles wat in het verleden binnen die kaders moest blijven en nu overal zou mogen kunnen. Dan kunt u invullen wat dat betekent. Want we willen verder geen wijzigingen aanbrengen, anders dan dit. Tot zover, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Mijnheer Bouman. De heer A. Bouman: Ik wilde ook nog even reageren op het, even kijken, amendement van PA, omtrent de glastuinbouw. Die vinden wij wat ingewikkeld, ook door alle beeldmateriaal wat we in dit geval al gekregen hadden. En u zegt als hoeder van het buitengebied en de openheid. Wij vinden in elk geval dat ook in dat buitengebied teelt ondersteunende maatregelen, het staat er nu niet in, maar tussen de regels door hoor ik nu nog wel een beetje daar naar verwijzen, dat dat in elk geval nog steeds wel mogelijk zou moeten zijn. En ook de provincie heeft in de Omgevingsverordening ook een aantal dingen gezegd met betrekking tot glastuinbouw. En wij hebben nu ook het idee, als we dit er nu uit gaan halen, dat we toch eventueel zaken al direct op slot gaan zetten. En volgens ons is het zo dat in die Omgevingsvisie nog steeds een integrale afweging gemaakt moet worden door het college, mocht er een aanvraag zijn.

En wij willen die op voorhand nu niet gelijk al op slot zetten door dit zinnetje te schrappen. Wij zijn in elk geval benieuwd hoe het college naar dit verhaal kijkt. Maar op basis van de huidige informatie tot nu toe zeggen wij, staan wij kritisch ten opzichte van dit amendement. En die maximale omvang bedrijventerreinen vragen wij ons af... Ik heb van u geleerd, ik heb regelmatig college gehad van u de afgelopen maanden over de Omgevingsvisie en zo elke keer, die moet ook... En heer Alderliesten was daar ook een warm voorstander. Die moet op een aantal punten echt globaal zijn, dat we daar een afweging kunnen maken. En ik vraag me nu inderdaad af of dit direct in de visie terecht hoort of inderdaad in het Omgevingsplan of -plannen. De gedachte dat we daar afstand van moeten nemen, die hebben we al eerder uitgesproken. Daar zijn we het inderdaad wel mee eens. Maar of die technisch in de visie moet, wat hier staat, dat vragen wij ons af. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Bouman. Mijnheer Duizer. De heer Duizer: Als we afspreken als raad dat we iets in een visie opnemen, dan moet het gewoon in de visie worden opgenomen, volgens mij. Lijkt me heel simpel. Maar toch dank voor de vele toezeggingen alvast. Enigszins afhankelijk nog van wat de wethouder er precies van gaat zeggen, maar alvast dank in ieder geval. Over het amendement van Progressief Altena.

Dit is precies waarom dat je een Omgevingsvisie zelf in je gemeente vaststelt. Niet om alles mogelijk te maken en je aan de leiband van de provincie te stellen, maar

gewoon hier binnen dit huis durven stellen wat we wel en wat we niet belangrijk vinden. En wij zijn het van harte eens dat het open gebied in Altena van wezenlijk belang is en dat daar zo min mogelijk kassenbouw hoor. Onze steun heeft u voor het amendement. En het amendement van het CDA. Ik denk dat dat een goede verduidelijking is van wat de bedoeling van de visie was. Ook daar onze steun. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Duizer. Gaan we voor een reactie naar het college. Naar portefeuillehouder Sheikkariem. De heer Sheikkariem: Dank u wel, voorzitter. Een korte reactie vanuit het college. Als we kijken naar de oproep van mijnheer Alderliesten rondom de glastuinbouw, snappen we. De wijze, zoals u kijkt naar kwaliteit op ruimte, kan ik me ook voorstellen dat u zich voorstelt van, gaat dat niet leiden tot verrommeling? En ik loop wel tegen een ander knelpunt aan, die ik gewoon ook aan u voorleg. We hebben ook in het bestuursakkoord afgesproken dat we innovatie, ideeën, experimenten willen ondersteunen en het mogelijk maken. En als het college aan de voorkant daar te weinig ruimte voor zou hebben, dan zouden we dat stukje in ons bestuursakkoord ieder geval geen invulling kunnen geven.

Ik kan snappen wat u zegt en ik zou ook vanuit het college mee kunnen gaan, maar ik vraag u ook even mee te denken hoe u ons als college niet gaat beperken om initiatieven in het buitengebied wel de kans te geven, of het teelt ondersteunend is of glastuinbouw. Dan het punt vanuit het CDA, mijnheer Bouman. Ik snap dat de interpretatiemogelijkheden er zijn. Het kan twee kanten op. En vanuit het college omarmen we het als u zegt van, het zou ons veel waard zijn om dat te expliciteren en op zo'n manier op te nemen. Zullen wij in ieder geval positief daarop kunnen reageren. Daarentegen, mijnheer Duizer, ben ik het inhoudelijk met u eens dat u zeker moet gaan nadenken of het nog actueel is, als het gaat over bedrijventerrein, of je daar een maximum hectare, aantal vierkante meters moet toevoegen. En eigenlijk vind ik, voorzitter, dit een prachtig mooi voorbeeld hoe wij met elkaar gaan werken. Want in de Omgevingsvisie, als u ziet, hebben wij bewust geen maximale afmeting opgenomen. Om het juist mogelijk te maken dat er initiatieven zijn, die als die meer dan het vastgestelde beleid is, dat mogelijk te maken. En daarom is het juist krachtig om hem op hoofdlijnen globaal zo’n Omgevingsvisie. Want als u van mening bent dat er beleid zou moeten komen, dan past dat in de programma's. We hebben afgesproken dat we vijf programma's gaan maken, waarvan één economie en bedrijven is.

En dan zou daar perfect in passen om in het programma bedrijven afspraken te maken over hectares. En dat niet in de visie. Want mocht u na twee jaar een herijking willen, hoeft u niet uw hele Omgevingsvisie aan te passen, maar hoeft u alleen het beleid aan te passen. En dat is die vingeroefening die we de komende periode gaan maken. Ik adviseer u om het niet hier te behandelen. Ik zou het ook niet op willen nemen in de Omgevingsvisie, maar zeker een plek te geven bij het programma. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, wethouder. Dan wil ik voor de tweede termijn het even per onderdeel doen, want anders dan raken mensen thuis de weg echt kwijt als we over die onderwerpen door elkaar gaan spreken. Per amendement en per motie dat te doen. Als eerste in de tweede termijn over het amendement van de heer Alderliesten over de uitbreidingsmogelijkheden glastuinbouw. Mag u hem zelf aftrappen, mijnheer Alderliesten. Ga uw gang. De heer Alderliesten: Dank, voorzitter. En dank ook wethouder aan de beantwoording en de reacties van overige raadsleden in eerste termijn, noem ik het maar even. De wethouder hield een spiegel voor van, beperken we ons niet in onze creativiteit om dingen mogelijk te maken? De wethouder kent mij. Ik ben van de creatieve oplossingen en ik ben van het mogelijk maken, maar wel bewust. En juist dat moeten we met die Omgevingsvisie aan de dag leggen.

Door nu niet een zinsnede op te nemen dat we het per definitie weggeven, committeren we ons aan een integrale afweging. En zo ken ik dan de wethouder weer, dat we die integrale

afweging kunnen maken om juist dingen mogelijk te maken. Ik wil niks op slot zetten. En dat is ook de reactie op de heer Bouman die zegt van, we moeten toch niet op voorhand willen beperken dat er niks meer mogelijk is? Nee. In het verleden hebben we heel veel dingen mogelijk gemaakt, die op basis van een integrale afweging, in samenspraak met de sector, tot werkbare contouren heeft geleid. Werkbare perspectiefgebieden voor glastuinbouw. Al het overige, daar lagen kwalitatieve, noem het eens, criteria aan ten grondslag, om het daar niet mogelijk te maken. Nu openen we met de Omgevingsvisie eigenlijk een deur waarin gezegd wordt van, die contouren doen het niet meer. En we kunnen ook afwegen om toch buiten die contouren iets mogelijk te maken, maar wel na die kwalitatieve afweging. Niet per definitie, maar juist bewust. Ik voel een interruptie aankomen, maar ik wil ook iets zeggen over de laatste motie van de ChristenUnie over de bedrijventerreinen. De voorzitter: Maar dat doen we zo direct apart. Ik pak ze allemaal even apart. Alleen even over uw amendement nu. Mijnheer Bouman. De heer A. Bouman: Dank u, voorzitter. Mijnheer Alderliesten, waar zit die zienswijze van ZLTO eigenlijk? Waarom hebben ze die ingediend? Als ik dat zo lees, dan staat daar niet dat men nieuwe solitaire glastuinbedrijven wil gaan vestigen in het buitengebied. Dat dat afgesloten moet worden.

Daar bent u bang voor. Er wordt gevraagd, zet niet op slot dat eventueel bestaande solitaire glastuinbouwbedrijven, als ze bijvoorbeeld willen verduurzamen of willen innoveren, dat ze ook een stukje kunnen uitbreiden. Daar wordt om gevraagd, dat dat in elk geval niet uitgesloten wordt. En dat willen wij niet op slot zetten. En ik denk dat een aantal partijen, waaronder u, het toch net even iets anders lezen. En zegt, we gaan overal nieuwe kassenbedrijven realiseren. Dat is volgens mij helemaal niet wat hier gevraagd wordt. Er wordt alleen maar gevraagd, maak het nu niet onmogelijk dat op een bestaande locatie ook een uitbreiding kan zijn van solitaire glastuinbouw, ook buiten eventueel die concentratiegebieden, want daar kunnen helemaal geen nieuwe glastuinbedrijven komen. En daar zijn wij het ook mee eens. Maar die uitbreiding op slot zetten, daar zijn wij het op voorhand niet mee eens. En ik hoop eigenlijk ook met dit betoog nog een aantal andere partijen aan het twijfelen te hebben gebracht. De heer Alderliesten: In reactie daarop voorzitter, dat hoop ik uiteraard niet. Maar laat ik ook daar antwoord op geven. Want solitaire bestaande glastuinbouwbedrijven, daar gaat het niet over. En die worden ook niet op slot gezet op het moment dat we deze zinsnede schrappen.

Die worden aan dezelfde kwalitatieve lat gelegd als, en dan geef je eigenlijk nog steeds meer ruimte, als een startende glastuinbouwer die iets wil gaan ontwikkelen buiten de oorspronkelijke kaders. Dan gaan we ook die kwalitatieve toets doen. En dat is precies waar de Omgevingsvisie op toeziet, een integrale, kwalitatieve afweging over de fysieke leefomgeving, van Altena in dit geval. Als er een bestaand glastuinbouwcomplex is wat uitbreiding behoeft, dan is er per definitie ook geen sprake van waardevol open landschap. Wat één van die belangrijke criteria is. De voorzitter: Mijnheer Bouman nog een keer. De heer A. Bouman: Maar ik ga er ook niet... Anders is het praten tegen een muur. Waar het uiteindelijk om gaat, wij geven hier dan door het te schrappen misschien ook het politieke signaal af richting die solitaire glastuinbouwbedrijven, uitbreiden is hier eigenlijk helemaal niet meer mogelijk. Ook niet als je een stukje wil verduurzamen. En daar zijn wij gewoon op tegen. De heer Alderliesten: Maar toch, per interruptie, voorzitter. Waar leest u dat?

De heer A. Bouman: In de laatste zin. Dat u zegt, wij willen graag dat die uitbreidingsmogelijkheden voor de solitaire glastuinbouw in het buitengebied te schrappen. Dat is wat u vraagt. Dan lees ik, en ik denk dat heel veel mensen dat op dezelfde manier interpreteren, dat maken we niet meer mogelijk. De heer Alderliesten: Het moment dat je iets niet opneemt, maakt het vrij. Dat is eigenlijk het antwoord op wat... De heer A. Bouman: Maar u begint uw betoog met, we vinden het buitengebied en het open buitengebied heel belangrijk. Daarom begin ik hierover. Dat is waar u mee begon. De heer Alderliesten: Precies. De heer A. Bouman: U wil het liefst dat ook zo open mogelijk houden. En zegt, deze regel gaan we schrappen. Dat betekent dat we die solitaire glastuinbouw ook op een bedrijf wat eventueel een stukje wil uitbreiden, dat dat niet meer mogelijk is. Dat je het liever niet hebt. De heer Alderliesten: Dan hoort u wederom verkeerd. Want het gaat erom dat je een kwalitatieve toets doet. En wat ik net al aangaf, het moment dat er een bestaand glastuinbouwbedrijf zit, dan... Ik weet niet, misschien kunt u er dwars doorheen kijken. Maar van openheid is daar geen sprake meer. Die kwalificatie is sowieso verlaten.

En dan gaat het over andere kwaliteiten die we ook in onze Omgevingsvisie opgenomen hebben, waaronder verduurzaming, die juist kunnen leiden tot verruiming van de mogelijkheden van het bestaande glastuinbouw. Wat tot op heden op slot zou zitten. We verruimen het juist op goede gronden. De voorzitter: Als laatste mijnheer Bouman. En dan moet u zelf maar onderling uitmaken hoe u het leest en hoe u het bedoeld heeft. De heer A. Bouman: Ik denk dat wij een andere leesbril hebben. De voorzitter: Dat denk ik ook. Mijnheer Van Gammeren. De heer Van Gammeren: Dank u wel, voorzitter. Gaandeweg de discussie zit ik echt te kijken van, welke leesbril heeft dan de SGP? Maar ik denk dat hij nog het dichtst bij die van het CDA zit. Wij lezen gewoon letterlijk, en dan citeer ik maar uw eigen amendement: “Uitbreiding voor solitaire glastuinbouwbedrijven is niet wenselijk.” Daarmee gooi je wat ons betreft ook het nodige op slot. En ik weet het wel, het is in de beantwoording van de ZLTO. Maar je gaat een signaal afgeven, mijnheer Alderliesten. En ik denk uiteindelijk dat u andere kwaliteiten aan het buitengebied wil afgeven als de SGP. Wij zien zeker en we hebben het daarnet over gehad, teelt ondersteunende maatregelen, innovatieve ondersteuningen. Die moeten allemaal kunnen. En zoals wij hem door ons leesbril zien, is dat niet meer mogelijk. Gaan wij hem ook niet steunen. Dank u wel.

De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Gammeren. Zullen we eerst nog kijken of er nog anderen zijn, mijnheer Alderliesten, want u blijft natuurlijk vasthoudend over uw amendement. En dat mag echt wel, maar anders vallen we in herhaling. Anderen nog over dit amendement in tweede termijn. Mijnheer Alderliesten, dan mag u hem wel beëindigen, want handhaaft u hem voor zo direct? Wilt u nog een laatste reactie geven? Dat mag ook.

De heer Alderliesten: Uiteraard handhaaf ik hem. En als laatste reactie, het gaat er niet om wat de overwegingen zijn. Het gaat erom wat we uiteindelijk met het amendement doen. En dat is feitelijk een zin schrappen die direct het een het ander mogelijk maakt. Al het overige wordt ondergeschikt aan een integrale kwalitatieve toets. En daar wil ik het bij laten, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Alderliesten. Gaan we naar het amendement van mijnheer Bouman over sterk en duurzaam ondernemen. Is daar nog behoefte om in tweede termijn een debat over te voeren met elkaar. Zo niet, ik zie niemand staan, dan gaan we naar de motie van de heer Duizer over de maximale omvang van de bedrijfsterreinen. En ook een suggestie vanuit het college om die misschien ergens anders bij te betrekken. Mijnheer Duizer, gaat u gang. De heer Duizer: Dank u, voorzitter. Nog even in reactie op wat de wethouder zei. We hebben bewust het niet opgenomen, zodat we alle kanten op kunnen. Daar vind ik wat van. Maar volgens mij is daar in het eerste debat al wel het een en ander over duidelijk geworden. Maar die 5.000 vierkante meter wordt nog steeds gewoon genoemd als bestaand beleid. En er wordt gezegd van, dit is het bestaande beleid. En vervolgens wordt er helemaal niks gezegd of het wel of niet verruimd wordt in het toekomstige beleid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13686029/2