Bijlage Kaderbrieven bij RV Zienswijzen ontwerpbegrotingen 2025 gemeenschappelijke regelingen
Tekst van het document
organisatie waarin zeggenschap vanuit alle medische beroepsgroepen is georganiseerd. Modern werkgeverschap - GGD Next Level Om (nieuwe) collega’s te blijven boeien en binden professionaliseren we onze organisatie verder. We vergroten ons aanpassingsvermogen en bewegen mee met en
<< Vorige
Volgende >>
Kadernota 2025 / GGD West-Brabant
19
inhoud
5. Financiële kaders en ontwikkelingen
<< Vorige
Volgende >>
Kadernota 2025 / GGD West-Brabant
20
inhoud
We gaan voor de financiële kaders 2025 uit van hetzelfde
gen aan ons bestuur. Maar omdat dit voor onze gemeenten
niveau als 2024, waarbij in lijn met de bestaande werkwijze
per saldo budgetneutraal is, leggen wij deze wijziging niet
wel de loon- en prijscompensatie wordt opgenomen. Een groot
voor zienswijze voor aan onze gemeenten.
deel van de beschreven ontwikkelingen en extra werkzaamheden vangt de GGD zelf op. Dit doen we door continu onze
SPUK-regelingen
werkzaamheden te optimaliseren. Verder zien we in 2025 een
De uitdagingen die vanuit de samenleving op ons af komen,
aantal (financiële) trends en ontwikkelingen op ons af komen,
vragen meer regionale samenwerking. Het ministerie van
die we hierbij meenemen.
VWS laat deze oproep steeds luider klinken en ook de ketenpartners in onze regio werken steeds vaker bovenlokaal. Met
Aanpassingen contactschema Rijksvaccinatieprogramma
de uitvoering van de IZA-regioplannen heeft deze samenwer-
In 2025 worden verschillende wijzigingen doorgevoerd in het
king in 2024 een versnelling en verdieping gekregen. In 2023
schema van het Rijksvaccinatieprogramma. Hiervoor moeten
en 2024 hebben de gemeenten middelen vanuit het Rijk aan-
wij extra kosten maken. Gemeenten krijgen een
gevraagd voor de uitvoering van het IZA en GALA door mid-
doeluitkering in het gemeentefonds, die we vertalen naar een
del van verschillende SPUK-regelingen. In deze regelingen
incidentele verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Daar-
zijn de middelen voor ketenaanpakken en sport- en preven-
door is dit voor de (gezamenlijke) gemeenten budgetneu-
tieakkoorden meer gebundeld. Onze verwachting is dat deze
traal. Op het moment dat de bijdrage van het Rijk bekend is,
werkzaamheden, en ook daarbij behorende extra werkzaam-
verwerken we die in een begrotingswijziging die we voorleg-
heden voor de organisatie, in 2025 zullen doorlopen.
<< Vorige
Volgende >>
Kadernota 2025 / GGD West-Brabant
21
inhoud
Actualisatie van de bestemmingsreserves In de vergadering van het algemeen bestuur van juli 2023 hebben we toegezegd dat, als onderdeel van de beleidsbegroting 2025, een herijking plaatsvindt van de bestemmingsreserves. Als onderdeel van deze actualisatie herzien wij daarom onze bestaande nota reserves en voorzieningen waar nodig. Ontwikkelingen 0-4 jaar bij de gemeente Breda De gemeente Breda heeft besloten om per 1 januari 2024 alle jeugdigen (0-4 jaar), in plaats van alleen de jeugdigen in de dorpen van Breda, bij GGD West-Brabant onder te brengen. Als onderdeel van de Kadernota 2025 is het effect van het aantal jeugdigen daarom reeds meegenomen in de opstelling van de gemeentelijke bijdrage. Eventuele andere structurele effecten worden in 2024 voorgelegd als begrotingswijziging voor de beleidsbegroting 2024, waarbij er ook aandacht is voor de structurele effecten. Bij het opstellen van de beleidsbegroting 2025 nemen we de benodigde bedragen op.
<< Vorige
Volgende >>
Kadernota 2025 / GGD West-Brabant
22
inhoud
6. Budgettaire paragraaf
<< Vorige
Volgende >>
Kadernota 2025 / GGD West-Brabant
23
inhoud
Voor het financieel kader van de algemene bijdrage komt de indexering uit op 4,65%. Dit percentage is
Gemeentelijke bijdrage
Ontwikkeling in gemeentelijke bijdrage
Totaal GGD
Gemeentelijke bijdrage (beleidsbegroting) 2024
23.745.700
Indexering - Reguliere indexeringen - Correctie a.g.v. nieuwe CAO (lonen)
1.090.899 (PM)
conform de afgesproken systematiek berekend. Ten tijde van het opstellen van de Kadernota 2025 was er nog geen besluitvorming over een nieuwe CAO. Naar aanleiding van een nieuwe CAO en de pensioenontwikkelingen zal nog een begrotingswijziging voor 2025 volgen. De indexatiemethode is conform onderstaande tabel tot stand gekomen. Jaar
2025
Loon voet 5,8
loonkosten% van begroting
Prijs index
65%
2,5
overige kosten % van begroting
Index
35%
4,65
Bron Wijziging a.g.v. aanpassing tarief September circulaire 2023
De gehanteerde indexeringsmethodiek resulteert erin dat bij de beleidsbegroting 2025 de salariskosten worden geïndexeerd met 5,8% en de overige kosten met 2,5%. Door de gehanteerde verhouding van 65%/35% leidt dit tot een gemiddelde stijging van 4,65%.
<< Vorige
Volgende >>
Wijziging a.g.v. inwoner aantallen
Basistaken JGZ 0-4 jaar JGZ 4-18 jaar
97.421 1.816.731 10.008
Basistaken JGZ 0-4 jaar JGZ 4-18 jaar
19.162 65.402 361
108.025 -50.000 70.000 (PM) (PM)
Verwerking maternale kinkhoestvaccinatie (RVP) Afname informatiebeveiliging Versterking van de medische lijn Effecten Green Deal Duurzame Zorg Uitbreiding taken 0-4 jaar t.b.v. gemeente Breda
-
Impact huisvestingskosten CB locaties
Totaal gemeentelijke bijdrage basistaken 2025
26.973.709
Kadernota 2025 / GGD West-Brabant
24
inhoud
Bijdrage gemeenten 2025
De huisvestingslasten 0-4 jarigen zijn opgenomen conform de beleidsbegroting 2024. Als onderdeel van het opstellen van de beleidsbegroting 2025 en de eventuele financiële ontwikkelingen zullen we, waar nodig, de lasten in lijn brengen met deze ontwikkelingen.
<< Vorige
Volgende >>
Kadernota 2025 / GGD West-Brabant
25
inhoud
Beoordeling Kaderbrief 2025 GR RAV Gemeenschappelijke regeling: Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord
1
Kaders voor 1 februari ontvangen?
X Ja □ □ 2
Nee (indien nee, dan motiveren) Geen kaders ontvangen (vraag 2 en 3 zijn dan niet meer relevant)
Wijken de kaders af van de richtlijnen? X Ja (indien ja, dan rapporteren over afwijking(en) bij vraag 3) □
3
4
Nee (indien nee, dan is vraag 3 niet relevant)
Afwijkingen kaders: Financieel De financiële richtlijnen zijn niet van toepassing op de RAV. Dit heeft met de specifieke wijze van financieren van de RAV te maken. De zorgverzekeraars betalen de RAV. De RAV ontvangt geen gemeentelijke financiële bijdrage Beleidsmatig Geen Oordeel over afwijking(en) Akkoord
5
Overig Dé uitdaging voor de toekomst is om kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van (acute) zorg voor iedereen te garanderen, bij een toenemende vraag naar spoedzorg en een groter wordend tekort aan zorgmedewerkers. Het Integraal Zorg Akkoord (IZA) en de landelijke Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg zijn belangrijk voor de toekomstige ambulancezorg. Het RAV Meerjarenplan 2022-2025 sluit nog steeds aan bij de landelijke ontwikkelingen. De RAV is begin 2024 het proces gestart om te komen tot een nieuw meerjarenplan. Samenwerking met ketenpartners en zorgcoördinatie zijn belangrijke uitgangspunten. In 2024 is landelijk ook de verbeterde urgentie-indeling voor spoedvervoer geïmplementeerd. De RAV volgt hoe de nieuwe urgenties uitpakken in de praktijk. De ambulancesector heeft zelf het Kwaliteitskader ambulancezorg 1.0 ontwikkeld. Het kader is opgebouwd uit 26 indicatoren om de kwaliteit van de ambulancezorg breed te meten. De RAV zal verschillende aspecten uit dit kwaliteitskader in haar begroting 2025 belichten. De RAV vraagt voor 2025 geen gemeentelijke bijdrage.
KADERBRIEF BEGROTING 2025
Bovengenoemde publicaties bevatten een aantal zaken die van direct belang zijn voor de ambulancesector zoals: acute zorg aan huis, ontwikkeling van zorgcoördinatie, bestrijden van personeelstekort, verbetering van (digitale) informatieoverdracht tussen ketenpartners en onderzoek naar innovatieve technologische en digitale oplossingen. Dit vereist de bereidheid van alle ketenpartners om intensief samen te werken, buiten de eigen kaders te denken en over drempels te stappen. Dit is voor de RAV BMWN en haar ketenpartners in de acute zorg samengekomen in 2023 in het ROAZ-beeld en het ROAZ-plan. In 2024 wordt dit verder uitgewerkt in onderandere de opzet van Zorgcoördinatie in de ROAZ regio Brabant. Onze toekomstvisie Een positieve constatering is dat de toekomstvisie van onze RAV, zoals vastgelegd in ons Meerjarenplan 2022-2025, nog steeds aansluit bij de huidige landelijke ontwikkelingen rondom o.a. zorgdifferentiatie en zorgcoördinatie. Wij leveren naast reguliere spoedzorg ook zorg op maat, door de inzet van onze verpleegkundig specialisten in het primaire proces, en door onze divisie Middencomplexe ambulancezorg (MC). Wij verkenden de mogelijkheden van zorgcoördinatie tijdens de pilot ‘Zorgcoördinatie in de Bossche regio’ en voerden een pilot uit op de meldkamer in Bergen op Zoom met verpleegkundig specialisten op de meldkamer.
Daarnaast zoeken wij actief de verbinding met onze ketenpartners voor het optimaliseren van de zorg en het oplossen van knelpunten, bijvoorbeeld met nieuwe zorgpaden en met de ziekenhuizen op het gebied van werving en opleiding van verpleegkundigen en de mogelijkheden van inzet in duobanen. Het huidige meerjarenplan loopt tot en met 2025. Begin 2024 is het proces gestart om te komen tot een nieuw meerjarenplan. De wens is om bij de totstandkoming van het nieuwe plan, in meer of mindere mate, interne en externe stakeholders te betrekken. Uiteraard zal het nieuwe plan afwijken van het huidige plan, maar er zullen ook veel overeenkomsten zijn, omdat er wordt voortgeborduurd op hetgeen in de huidige periode is gestart. In 2025 werken wij vanuit de volgende drie thema’s: Organisatieontwikkeling, A Great Place to Work en Ketensamenwerking. Deze drie thema’s geven richting, focus en prioriteit aan de veelheid van projecten en acties die uitgevoerd moeten worden. Organisatieontwikkeling is een belangrijk onderwerp voor de RAV. Zowel de eigen interne organisatie (sterke groei en managementwisselingen), als de buitenwereld (veranderende zorgvraag/sector, invloed van technologie, krappe arbeidsmarkt) is sterk veranderd en deze verandering zet zich voort. De RAV past haar organisatie en haar processen hierop aan, met als doel de interne en externe samenwerking te verbeteren.
Dit is nodig om de patiënt duurzaam de
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
Inleiding De samenleving en het zorglandschap in Nederland veranderen in snel tempo. Dé uitdaging voor de toekomst is om kwaliteit, toegankelijkheid en betaalbaarheid van (acute) zorg voor iedereen te garanderen, bij een toenemende vraag naar spoedzorg en een groter wordend tekort aan zorgmedewerkers. In september 2022 verscheen het Integraal Zorgakkoord (IZA), een samenwerkingsplan van VWS en een groot aantal zorgpartners, waarin zij afspraken vastlegden over het realiseren van meer passende, preventiegerichte, duurzame en gedigitaliseerde zorg in ons land. In vervolg daarop verscheen de Kamerbrief Beleidsagenda Toekomstbestendige Acute Zorg, waarin de minister van VWS een aantal acties presenteerde die voortbouwen op de afspraken in het IZA (Integraal Zorgakkoord), rondom de volgende drie kernpunten: Kwaliteit en toegankelijkheid van de zorg, Zorgcoördinatie en Samenwerking in de regio.
1
beste zorg te kunnen bieden. Het stelt de RAV ook in staat om effectief te reageren op veranderingen in de gezondheidszorgsector, zoals nieuwe technologieën, veranderende patiëntbehoeften en beleidswijzigingen. Kortom, organisatieontwikkeling is niet alleen belangrijk voor de groei en het succes van de RAV Brabant Midden-West-Noord, maar ook voor het waarborgen van de kwaliteit en effectiviteit van de zorg die zij levert.
Ketensamenwerking is van essentieel belang voor de RAV. In de acute zorg zijn veel verschillende partijen betrokken bij de zorg voor patiënten, waaronder ziekenhuizen, huisartsen, specialisten, en andere zorgverleners. Een effectieve samenwerking tussen deze partijen kan de kwaliteit en efficiëntie van de zorg verbeteren. Door samen te werken in een keten, kunnen deze partijen informatie en middelen delen, wat kan leiden tot betere coördinatie van de zorg. Bovendien kan ketensamenwerking bijdragen aan innovatie en continue verbetering in de zorg. Door samen te werken, kunnen partijen van elkaar leren, best practices delen, en gezamenlijk oplossingen ontwikkelen voor gemeenschappelijke uitdagingen. Kortom, ketensamenwerking is niet alleen belangrijk voor de efficiëntie en effectiviteit van de zorg die RAV Brabant Midden-West-Noord levert, maar ook voor de tevredenheid van de patiënten en de continue verbetering en innovatie in de zorg. Het is een cruciaal onderdeel van het streven naar kwaliteit in de acute zorg. Wat mag er van de RAV Brabant Midden-West-Noord in 2025 worden verwacht? De belangrijkste onderwerpen van het huidige meerjarenplan, welke onder de drie hierboven beschreven thema’s worden aangevlogen, volgen hieronder.
Wat mag de patiënt van ons verwachten? De RAV Brabant Midden-West-Noord stelt de patiënt centraal: optimale waardecreatie voor de patiënt is ons streven. We leveren mobiele zorg: de juiste ambulancezorg, op het juiste moment, op de juiste plaats en door de juiste hulpverlener. Dit betekent dat we de patiënt naar de zorg brengen, óf de zorg naar de patiënt. Door zorg- en functiedifferentiatie is deze zorg steeds beter afgestemd op de vraag van de patiënt. Daarbij werken we ook steeds nauwer en beter samen met onze ketenpartners: samen kunnen we ervoor zorgen dat de patiënt precies die zorg krijgt die hij nodig heeft. Zorgcoördinatie is daarbij onze stip op de horizon. Deze stip komt steeds dichterbij. Eind 2023 is er een werkgroep gestart vanuit het ROAZ om in 2024 samen met de ketenpartners in de acute zorg zorgcoördinatie op te zetten.
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
‘A Great Place to Work’: is wat elke organisatie wil zijn in een steeds krappere arbeidsmarkt. Dit geldt zeker ook voor de zorgorganisaties waartoe de RAV BMWN zich rekent. Dat dit belangrijk is, blijkt eigenlijk al uit de beschrijving van het vorige thema. Een positieve werkomgeving draagt bij aan de tevredenheid en het welzijn van medewerkers, wat op zijn beurt de kwaliteit van de zorg die zij leveren kan verbeteren. Een organisatie die wordt gezien als ‘a great place to work’ kan talent aantrekken en behouden. Voor de (acute) zorg is dat extra van belang, omdat zorg mensenwerk is. Een positieve werkomgeving draagt bij aan motivatie en productiviteit, en daarmee uiteindelijk aan betere patiëntenzorg. Kortom, het streven naar ‘a great place to work’ is niet alleen gunstig voor de medewerkers van RAV Brabant Midden-West-Noord, maar ook voor de patiënten die zij bedienen. Het is een investering in de mensen die de zorg verlenen, wat uiteindelijk leidt tot een betere zorgverlening.
2
In Brabant zijn er specifieke ontwikkelingen rondom zorgcoördinatie. Er is een werkgroep opgericht vanuit het ROAZ onder begeleiding van het NAZB om een plan te maken voor de implementatie van zorgcoördinatie in de regio en daarna de implementatie te begeleiden. Deze werkgroep bestaat uit vertegenwoordigers van de betrokken ketenpartners in de acute zorg, waaronder de RAV BMWN. Het Netwerk Acute Zorg Brabant heeft ook het adviesbureau SiRM gevraagd om input. SiRM heeft het NAZB eerder geholpen met het ROAZ-plan en ROAZ beeld door belangrijke ontwikkelingen in de spoedzorgketen in kaart te brengen. Dit betrof onder andere de impact van trends zoals vergrijzing en organisatorische ontwikkelingen in de regio op de vraag naar en het aanbod van spoedzorg. Het doel is om in 2025 in elke ROAZ-regio, inclusief Brabant, regiodekkende zorgcoördinatie te hebben. De focus ligt op het realiseren van passende (acute) zorg door het versterken van domeinoverstijgende regionale ketensamenwerking. Naast de actieve participatie in werkgroepen om zorgcoördinatie vorm te geven, werkt de RAV BMWN ook intern al jaren aan de voorwaarden die zorgcoördinatie mogelijk moeten maken.
Denk hierbij aan functiedifferentiatie, het verkennen van nieuwe zorgpaden, het intensiveren van de contacten met ketenpartners, de implementatie van de richtlijn gegevensuitwisseling acute zorg (voorheen ‘MetSpoedBeschikbaar’) en de implementatie van de verbeterde urgentie-indeling. Daarnaast pakt de RAV haar rol in de totstandkoming en uitvoering van het ROAZ-beeld en het ROAZ-plan. ROAZ-beeld en ROAZ-plan ROAZ-regio’s, waaronder het ROAZ Brabant, hadden vanuit het IZA de opdracht, om in 2023 tot een ROAZ-beeld en -plan te komen op basis van landelijke criteria. Het ROAZ-beeld, gebaseerd op actuele data, behandelt vraag en aanbod van acute zorg, ontwikkelingen voor de komende 10 jaar, kwaliteit, en regionale samenwerking. Het ROAZ-plan is aan het einde van het tweede kwartaal van 2023 uitgebracht. Vervolgens is dezelfde groep aan de slag gegaan met het ROAZ-plan. Het ROAZ-plan formuleert de acties voor de ketenpartners in de acute zorg om waar mogelijk vraag te dempen en aanbod aan te passen. Het ROAZ-plan is op abstract niveau vormgegeven. Dit betekent dat bepaalde doelstellingen en plannen nog verder moeten worden uitgewerkt. Het ROAZplan is eind december 2023 opgeleverd. De RAV BMWN is actief betrokken geweest bij de totstandkoming van zowel het ROAZ-beeld als het ROAZ-plan.
De RAV BMWN wil bij het uitvoeren van de afgesproken acties actief participeren vanuit haar opdracht, om ambulancezorg vorm te geven in een veranderende wereld, zodat er vanuit de bestaande vraagstukken met behulp van innovaties (zowel proces- als technologie-innovaties) nieuwe zorgpaden ontstaan. Ook zorgcoördinatie is onderdeel van het ROAZ-plan.
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
Zorgcoördinatie Er zijn veel discussies en ontwikkelingen geweest rondom zorgcoördinatie, op zowel nationaal als regionaal niveau. De term “zorgcoördinatie” heeft in de loop der tijd verschillende benamingen gekregen, zoals “zorgcoördinatiecentrum” en “zorgcoördinatievoorziening”. Minister Kuipers heeft in mei 2022 een brief geschreven waarin hij de doelstellingen, activiteiten, reikwijdte en schaalgrootte van zorgcoördinatie uiteenzet. Hij vroeg landelijke koepelorganisaties om een landelijk advies over zorgcoördinatie te ontwikkelen. In mei 2023 informeerde hij de Tweede Kamer over het ontvangen advies en zette zijn visie op zorgcoördinatie uiteen. In de zomer van 2023 verzamelde VWS input over de regionale implementatie van zorgcoördinatie. Op basis hiervan werd in oktober 2023 een brief gepubliceerd over het vervolgproces van de implementatie.
3
Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0 In de Kamerbrief wordt aandacht besteed aan het Kwaliteitskader Ambulancezorg 1.0, een model dat door de ambulancesector zelf ontwikkeld is en dat is opgebouwd uit 26 indicatoren om de kwaliteit van de geboden ambulancezorg breed te kunnen meten. Tijdigheid is hiervan slechts een onderdeel en niet langer de enige gehanteerde prestatienorm. Een aantal van de 26 indicatoren wordt inmiddels landelijk gemeten, uitgevraagd en gebenchmarkt. In de loop van de komende jaren zullen stapsgewijs meerdere indicatoren worden geoperationaliseerd. Eind 2023 heeft er een evaluatie plaatsgevonden en naar verwachting komt er in 2024 een nieuwe versie van het kwaliteitskader uit. Op deze manier verbetert de sector gezamenlijk de kwaliteit en komen onderdelen als de kwaliteit van de geleverde zorg en tijdigheid (bv. binnen 15 minuten ter plaatse zijn) meer in balans. De verbeterde urgentie-indeling zal daarnaast ook weer zorgen voor nieuwe en gewijzigde indicatoren. In de begroting 2025 zullen verschillende aspecten van het kwaliteitskader Ambulancezorg worden belicht. Rapportage zal zoveel mogelijk conform dit model plaatsvinden. Daar waar het kwaliteitskader tekort schiet voor de ambities van de RAV, wordt er gewerkt aan eigen aanvullende indicatoren.
Zorgdifferentiatie Om ambulancezorg optimaal aan te laten sluiten bij de zorgvraag van de patiënt, heeft de RAV de afgelopen jaren haar zorgaanbod gedifferentieerd. Ook in 2025 biedt de RAV Brabant Midden-West-Noord een breed scala aan ambulancezorg, waarbij de patiënt wordt vervoerd of ter plaatse geholpen wordt. In het vervoersegment verzorgen wij middencomplex planbaar vervoer en (hoogcomplex) spoedvervoer. In de ambulancezorg ter plaatse zijn, naast de standaardzorg door reguliere ambulanceteams, inmiddels meer mogelijkheden in behandeling en diagnosestelling door de inzet van verpleegkundig
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
Verbeterde urgentie-indeling spoedvervoer Wij vinden het een positieve ontwikkeling dat de eenzijdige focus op de niet-medisch relevante aanrijtijden langzaamaan verdwijnt en wordt vervangen door een bredere manier van kwaliteitsmeting. Een ontwikkeling die hierop aansluit is de verbeterde urgentie-indeling die medio januari 2024 is geïmplementeerd. De nieuwe indeling kent zeven in plaats van drie urgentieniveaus en onderscheidt niet alleen spoedeisende en niet-spoedeisende ambulancezorg, maar ook meldkamerzorg. Het doel van de nieuwe urgentie-indeling is om in geval van echte spoed, in levensbedreigende situaties waarin tijd er echt toe doet, sneller bij de patiënt te zijn en in gevallen waarin dat mogelijk is, iets meer tijd te nemen voor de triage, zodat de patiënt direct op de juiste plek terecht komt en de best passende zorg krijgt. Met behulp van de nieuwe urgentie-indeling is de RAV Brabant MWN beter in staat de juiste zorg op de juiste plaats te realiseren. Na de implementatie van de verbeterde urgentie-indeling volgt de RAV nauwgezet hoe de nieuwe urgenties uitpakken in de praktijk en stuurt bij waar nodig. Parrallel aan het nauwgezet volgen, wordt er een onderzoek uitgevoerd naar de beste manier om de verlengde triage – de extra triagetijd die mogelijk is wanneer A0 en A1 zijn uitgesloten – vorm te geven.
De uitkomsten zullen mogelijk leiden tot aanpassing van processen en zijn zeer relevant voor een toekomst met zorgcoördinatie.
4
Evaluatie van zorg De RAV BMWN heeft naast tijdigheid, de kwaliteit van zorg hoog in het vaandel. De eerder beschreven ontwikkelingen dragen daar aan bij. Wat ook essentieel is voor de kwaliteit van zorg is het evalueren van de geleverde zorg. Dat doet de RAV BMWN op verschillende manieren. Ten eerste vindt er sinds 2015 intercollegiale zorgevaluatiebegeleiding (ZEB) plaats. Via ZEB wordt het handelen van onze ambulanceverpleegkundigen en medisch hulpverleners geëvalueerd door middel van een methodiek, die afkomstig is uit de luchtvaart en inmiddels zeer effectief is gebleken. In 2019 is de methodiek uitgebreid naar het handelen van ambulancechauffeurs. Het is de ambitie om in 2024 en 2025 ZEB ook voor centralisten, verpleegkundig specialisten/physician assists en de ambulanceverpleegkundigen middencomplex vervoer te ontwikkelen en op te starten. Op deze manier beschikken we over een systeem voor meten, evalueren en verbeteren van de kwaliteit van zorg, in een veilige omgeving voor de zorgverlener, dat uniek is in Nederland. Ten tweede evalueren we de zorg met patiënten. De RAV BMWN heeft hiervoor de standaardinstrumenten zoals het brede landelijke klantonderzoek, dat elke 4 jaar door NIVEL wordt uitgevoerd, en de klankbordfunctie van onze cliëntenraad, tot haar beschikking. Daarnaast evalueert de RAV BMWN de zorg ook rechtstreeks met patiënten.
In 2023 was dit een pilot waarin patiënten rechtstreeks om hun mening over de geleverde zorg werd gevraagd. Door dit continue meten, naast het 4 jaarlijkse onderzoek, verwachten we beter te kunnen sturen op de ervaren kwaliteit van zorg en geboden verbeterkansen. Vanaf 2024 is de ambitie dat zorgevaluatie met patiënten “business as usual” wordt. Prestaties en paraatheid Zoals al eerder genoemd is er binnen de ambulancesector een toenemend besef waarneembaar dat de wijze waarop geleverde ambulancezorg beoordeeld wordt niet past bij de huidige en toekomstige ontwikkelingen binnen de sector. De focus op tijdigheid van zorg in de vorm van de prestatie-indicator ‘responstijd’ was lange tijd een obstakel in de wenselijke transitie naar meer patiëntgerichte zorg binnen de ambulancesector. Slechts voor een heel klein aantal zorgvragers is tijd de belangrijkste prestatie-indicator en dan is 15 minuten responstijd veel te lang. Met de invoering van het Kwaliteitsmodel Ambulancezorg 1.0 is de focus op meerdere aspecten dan alleen tijdigheid komen te liggen. De RAV Brabant MWN neemt deze aspecten mee in haar begroting 2025, zodat een breed beeld ontstaat van de kwaliteit van geleverde zorg.
Daar waar het kwaliteitsmodel niet afdoende dekkend is voor het meten van het realiseren van het eerder genoemde meerjarenbeleid van de RAV zullen aanvullende indicatoren worden meegenomen in de begroting. De verwachting is dat begin 2024 de nieuwe urgentie-indeling is ingevoerd. Momenteel vormt de 15-minutennorm A1-urgentie nog wel de basis voor het landelijk referentiekader voor spreiding en beschikbaarheid, dat elk jaar opnieuw bekeken en bijgesteld wordt als basis voor het budget voor de paraatheid. In de wet en regelgeving rondom ambulancezorgvoorzieningen staat dit als volgt beschreven: 1. De Regionale Ambulancevoorziening zorgt ervoor dat de spreiding van de standplaatsen zodanig is dat in de veiligheidsregio minstens 97% van de bevolking binnen 12 minuten aanrijtijd kan worden bereikt door een ambulance.
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
specialisten en physician assistents in ons primaire proces. Daarnaast zal zorgadvies door de verpleegkundigen vanuit de meldkamer ambulancezorg een prominentere plaats krijgen.
5
2. De Regionale Ambulancevoorziening streeft ernaar dat in de veiligheidsregio binnen 15 minuten responstijd 95% van de inzetten met A1-urgentie ter plaatse is.
Wat mag de maatschappij van ons verwachten? Naast de zorg voor de patiënt die bij ons op de eerste plaats staat, voelen wij ook een grote verantwoordelijkheid ten opzichte van de maatschappij. Wij zijn een publieke organisatie en gaan efficiënt en verantwoord om met de middelen die aan ons zijn toevertrouwd. Daarnaast dragen wij graag bij om samen met onze partners in de acute zorgketen te onderzoeken hoe de bereikbaarheid, betaalbaarheid en kwaliteit van de acute zorg in de toekomst voor iedereen behouden blijft. Dit is een grote maatschappelijke uitdaging, die alleen in samenwerking met alle betrokkenen het hoofd geboden kan worden. Financieel Sinds de oprichting van onze GR in 2005 werken wij met een begroting die volledig is gedekt door het aan ons toegekende budget vanuit de zorgverzekeraars en hebben wij geen financiële bijdrage van de deelnemende gemeenten nodig gehad. De RAV Brabant Midden-West-Noord is een financieel gezonde organisatie, die efficiënt en verantwoord omgaat met publieke middelen. Ook in 2025 wordt geen gemeentelijke bijdrage gevraagd. Duurzaamheid Duurzaamheid is verweven binnen ons bedrijf. Bij inkoopprocessen wordt duurzaamheid standaard meegenomen. Bij het realiseren en beheren van onze huisvesting wordt rekening gehouden met de EED (Europese Energie-Efficiency) richtlijnen.
Panden in eigendom zijn voorzien van zonnepanelen en waar mogelijk van WKO (warmte-koude opslag). Facilitaire processen zijn gericht op het terugbrengen van vervoersbewegingen. We onderzoeken de mogelijkheden van elektrificatie van vervoer en sluiten hiervoor aan bij de landelijke roadmap Zero Emission Ambulancezorg.
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
De krapte op de arbeidsmarkt voor acute zorg is de laatste jaren een enorm probleem. Wij ondernemen actie door in een eigen opleiding HBO-Vafgestudeerden in circa 18 maanden op te leiden tot ambulanceverpleegkundige. Daarnaast creëren wij doorstroommogelijkheden voor ambulancechauffeurs om ambulanceverpleegkundige te worden en participeren wij met een aantal andere RAV-en in een landelijke pilot om te werken met anders opgeleide zorgprofessionals op onze meldkamer ambulancezorg. We richten daarnaast ons primair proces efficiënter in door differentiatie in vervoer. In 2025 streven wij ernaar over genoeg personeelscapaciteit te beschikken om de paraatheid conform het dan geldende referentiekader in te vullen.
6
Wat mogen onze medewerkers van ons verwachten? Ons personeel is ons belangrijkste kapitaal. Naast het werven van voldoende geschikt personeel, besteden wij de komende jaren veel aandacht aan de duurzame inzetbaarheid van ons zittende personeel. Betrokkenheid, motivatie, ontwikkelingsmogelijkheden en vitaliteit worden gestimuleerd en er wordt doorlopend nagedacht over de meest efficiënte capaciteitsplanning en eerlijke verdeling van de lasten binnen de dienstroosters. In een tijd waarin zorgpersoneel steeds schaarser wordt is ‘Binden en Boeien’ het devies. Ook in 2025 besteden wij daarom veel aandacht aan het creëren van een optimale werkomgeving voor onze mensen. Klankbord Wij vinden het belangrijk om onze medewerkers te betrekken bij verschillende organisatorische zaken, zoals de aanschaf van nieuw materiaal, de interne communicatie of het samenstellen van het vakantierooster. Door middel van werkoverleggen, webinars, of deelname aan commissies bieden wij hen de mogelijkheid om hun stem te laten horen en vanuit hun expertise een inbreng te hebben op het beleid van de RAV. In 2024 wordt gestart met het inrichten van een Professionele Adviesraad (PAR).
Hiermee willen we de stem van de professionals meer ruimte geven binnen de organisatie: zij weten immers vanuit hun perspectief het beste wat nodig is binnen de zorg op de ambulance, binnen de meldkamer en als zelfstandig bevoegde. Functiedifferentiatie Het realiseren van zorgdifferentiatie binnen onze RAV heeft zijn oorsprong in ons standpunt dat de patiënt en zijn zorgvraag centraal staat. Maar deze ontwikkeling heeft ook andere positieve effecten. De hieruit voortvloeiende functiedifferentiatie biedt namelijk veel ontwikkelingsmogelijkheden voor onze medewerkers. Zij krijgen de kans om, na het volgen van een opleiding, door te groeien naar een andere functie. Zij worden hierbij vergaand gefaciliteerd door de RAV.
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
Team Ambulance Wij zijn transparant over ons doen en laten en willen de inwoners van ons werkgebied graag informeren, voorlichten en uitleg bieden over de manier waarop ambulancezorg in zijn werk gaat. Een mooi voorbeeld daarvan is Team Ambulance. Jong geleerd is oud gedaan! Sinds 2015 verzorgen wij voorlichting op basisscholen over 112 en de ambulance. Hiervoor hebben wij een speciaal programma opgesteld, genaamd Team Ambulance. Alle basisscholen in ons werkgebied kunnen kosteloos een bezoek aanvragen. Er is materiaal beschikbaar voor onder- en bovenbouw. Wij bereiken hiermee gemiddeld zo’n 5000 basisschoolleerlingen per jaar. Daarnaast leveren wij een bijdrage aan de Risk Factory Geertruidenberg, met informatie over 112-bellen en de meldkamer. Ook in 2025 blijven wij ons inspannen om goede voorlichting te geven.
7
De in deze brief geschetste kaders worden verder uitgewerkt in de conceptbegroting 2025, die uiterlijk 5 april 2024 zal worden aangeboden aan de Raden van de gemeenten die deelnemen in de Gemeenschappelijke Regeling Regionale Ambulancevoorziening Brabant Midden-West-Noord.
KADERBRIEF Begroting 2025 RAV Brabant Midden-West-Noord
Ook schept functiedifferentiatie de mogelijkheid voor medewerkers om (tijdelijk) werkzaam te zijn in een andere functie, bijvoorbeeld bij (tijdelijke) fysieke of mentale overbelasting. Daarnaast draagt functiedifferentiatie bij aan het efficiënt inzetten van personeelscapaciteit: er zijn minder ALS (Advanced Life Support)verpleegkundigen nodig. Bijkomend voordeel is dat functiedifferentiatie de mogelijkheid biedt tot het ‘aanboren’ van andere en nieuwe bronnen bij het werven van steeds schaarser wordend zorgpersoneel, waardoor het personeelstekort minder nijpend wordt. Tot nu toe lag de focus van functiedifferentiatie bij de rijdienst, met de genoemde ontwikkelingen zoals de verbeterde urgentie-indeling en zorgcoördinatie verschuift deze focus steeds meer naar de meldkamer.
8
Aan de colleges en raden van de gemeenten die deelnemen in de gemeenschappelijke regeling GGD West-Brabant
Kenmerk:
26484
Datum:
2 februari 2024
Behandeld door:
B. van Iersel
E-mail:
b.iersel@ggdwestbrabant.nl
Onderwerp:
Kadernota 2025 GGD West-Brabant
Geachte raad, geacht college, Wij bieden u hierbij, conform artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Kadernota 2025 van de GGD West-Brabant aan, zoals besproken op 31 januari met het algemeen bestuur van de GGD West-Brabant. In deze Kadernota beschrijven we de inhoudelijke en financiële kaders voor het komende jaar. Inhoudelijke kaders 2025 We laten zien welke stappen we in 2025 gaan zetten om samen gezond gewoon te maken. Waar in 2024 integraliteit en het bouwen aan een stevig fundament centraal stonden, brengen we in 2025 focus aan en borgen we trajecten in ons werk en onze dagelijkse bedrijfsvoering, zodra dat kan. Dat betekent overigens geen pas op de plaats. We blijven stappen maken om onze ambitie te verwezenlijken. Er komen nieuwe thema’s en doelen bij en sommige thema’s uit 2024 zetten we voort. Voorkomen als het kan, beschermen als het moet Preventie is dé sleutel tot een gezonde toekomst. Daarom zetten we daar vol op in, vanuit het principe van positieve gezondheid. In 2025 zetten we onder andere in op: •
Een structurele versterking van de Infectieziektebestrijding / Pandemische Paraatheid;
•
De inrichting van een vaccinatie-expertisecentrum;
•
Nieuwe ontwikkelingen in het Rijksvaccinatieprogramma;
•
Het werken vanuit het Integraal Zorgakkoord & Gezond en Actief Leven Akkoord;
•
De inzet op de ketenaanpakken GALA;
•
Versterking van de (regionale) kennis en adviesfunctie.
GGD West-Brabant Postbus 3024 5003 DA Tilburg (076) 528 20 00
Bezoekadres Doornboslaan 225-227 4816 CZ Breda
www.ggdwestbrabant.nl info@ggdwestbrabant.nl
Iedereen verschillend, allemaal gelijk We zijn allemaal anders, maar willen uiteindelijk allemaal hetzelfde: gezond opgroeien en oud worden. Dat moet écht voor iedereen mogelijk zijn. Wij maken ons sterk voor iedereen in kwetsbare situaties. In 2025 zetten we onder andere in op: •
Aansluiten bij de gezondheidsvaardigheden van mensen;
•
De gezondheidssituatie van mensen met minder kansen in beeld krijgen en verbeteren;
•
De wijk-GGD’er in de hele regio, in samenspraak met de GGZ-partners;
•
De uitdagingen in de uitvoering van de Forensische Zorg.
Overal om ons heen, binnen en buiten Gezond leven start met een omgeving die daarop is ingericht. Daarom zetten we gezondheid en veiligheid altijd voorop: zowel binnen als buiten, offline en online. In 2025 zetten we onder andere in op: •
De evaluatie van ons werk vanuit de Omgevingswet;
•
Inzet op Planetary Health.
Zelf, maar niet alleen Niets is zo persoonlijk als je eigen gezondheid. Maar niemand hoeft het alleen te doen. Wie onze kennis wil gebruiken, weet ons te vinden. In 2025 zetten we onder andere in op: •
Het altijd beschikbaar hebben van informatie;
•
Een gezamenlijk aanbod voor wat betreft preventie-interventies en gezondheidsinformatie;
•
Het delen van onze kennis in heldere taal;
•
inwoners echt een stem te geven.
Financiële kaders 2025 We gaan voor de financiële kaders 2025 uit van hetzelfde niveau als 2024, waarbij wel loon- en prijscompensatie wordt opgenomen. De gemeentelijke bijdrage zal in 2024 nog aangepast worden als gevolg van een aantal aangekondigde begrotingswijzigingen in eerdere algemene bestuursvergaderingen. Deze wijzigingen hebben geen impact op de gemeenten en zijn budgetneutraal. Vervolgproces van bespreken en besluiten Na beraadslaging op 31 januari 2024 heeft het algemeen bestuur de concept kadernota voor 2025 vastgesteld. Indien wenselijk kunnen we in een (raads)webinar een toelichting geven op de uitgangspunten in deze kadernota. We zijn te allen tijde bereid om, indien gewenst, nader in gesprek te gaan met uw gemeente(raad). U kunt dit kenbaar maken via Bianca van Iersel, directiesecretaris, bereikbaar op 06-42336895 of via b.iersel@ggdwestbrabant.nl. Op basis van de Kadernota stellen wij de beleidsbegroting 2025 op. Deze beleidsbegroting wordt vóór 1 april voor zienswijzen aan de West-
Brabantse raden gestuurd. De beleidsbegroting 2025 komt ter vaststelling in de vergadering van het algemeen bestuur van de GGD West-Brabant op 11 juli 2024. Met hartelijke groet,
Sebastiaan Baan Directeur publieke gezondheid Cc: ambtenaren Volksgezondheid en Financiën
Beoordeling Kaderbrief 2025 GR RWB 1
2
Kaders voor 1 februari ontvangen? X
Ja
□ □
Nee (indien nee, dan motiveren) Geen kaders ontvangen (vraag 2, 3 en 4 zijn dan niet meer relevant)
Wijken de kaders af van de richtlijnen? □
Ja (indien ja, dan rapporteren over afwijking(en) vanaf vraag 3)
X Nee (indien nee, dan zijn vraag 3 en 4 niet relevant) 3
Afwijkingen kaders: Financiële richtlijnen:
4
Beleidsmatige richtlijnen: Oordeel over afwijking(en)
5
Overig Momenteel ligt het nieuwe meerjarenbeleidsplan, de Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028 in voor een zienswijze voor aan de raden. Het programma speelt in op de integrale maatschappelijke opgaven in het ruimtelijk-economisch domein en de daaraan verbonden transitieopgaven. Dit komt tot uitdrukking in de deelprogramma’s: plantaardige regio, circulaire regio en innovatieve regio. Het strategisch beraad en het algemeen bestuur van RWB hebben zich voorgenomen om de definitieve versie in april vast te stellen. In de ontwerpbegroting 2025 sorteert RWB voor op de Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028. Daarbij betrekt RWB de relevante zienswijzen vanuit het bovenbeschreven traject. De nieuwe agenda heeft geen gevolgen voor de programma-indeling in de begroting, wel voor de inhoud van de programma’s. De ontwerpbegroting 2025 biedt RWB begin april voor een zienswijze aan de raad aan.
Aan de raads- en collegeleden van de 16 RWB-gemeenten
Uw kenmerk: Ons kenmerk: Onderwerp: Bijlage:
RWB/SB/2023-225 Kadernota 2025 Vastgestelde Kadernota en reactie op ingebrachte richtlijnen
Datum: Contactpersoon: Telefoon E-mail
21 december 2023 E. Kiers 06 31 97 38 94 erik.kiers@west-brabant.eu
Beste leden van de West-Brabantse raden en colleges, Dank u wel voor de richtlijnen die u ons meegaf voor de begroting 2025. Deze kwamen voor een groot deel overeen, ook met hetgeen hierover in de concept Nota Verbonden Partijen is opgenomen. Het algemeen bestuur heeft deze op 6 december onverkort overgenomen. Gevolgen van de Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028 Een paar gemeenten gaven aanvullende richtlijnen mee. Deze hebben vooral betrekking op de financiële impact van het nieuwe meerjarenbeleidsplan Strategische agenda met Actieprogramma RWB 2024-2028, dat u inmiddels in concept voor zienswijzen hebt ontvangen. Met dit programma spelen we meer dan voorheen in op de integrale maatschappelijke opgaven in het ruimtelijk-economisch domein en de daaraan verbonden transitieopgaven. Dit komt tot uitdrukking in de deelprogramma’s: plantaardige regio, circulaire regio en innovatieve regio. Feitelijk is geen sprake van nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken en we ramen hetzelfde kostenniveau. De focus die we met het nieuwe actieprogramma aanbrengen betekent wel dat RWB een aantal activiteiten beëindigt. Waar gemeenten deze graag gecontinueerd zien, bereiden we in 2024 de overdracht aan de twee stedelijke regio’s in West-Brabant voor. De wijze van dekking van deze activiteiten bezien we in 2024.
Voor een enkele taak geldt waarschijnlijk dat RWB die voor langere tijd uit zal voeren. In 2024 worden hier financiële afspraken over gemaakt. Samenloop processen We vragen gemeenten voor 15 maart hun zienswijzen op de Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028 in te dienen. Het strategisch beraad en het algemeen bestuur van RWB hebben zich voorgenomen om de definitieve versie in april vast te stellen.
Regio West-Brabant I Postbus 503 I 4870 AM Etten-Leur Tel: (076) 502 72 00 e-mail: info@west-brabant.eu I www.west-brabant.eu Inschrijvingsnr. KvK: 51448122 I IBAN NL31BNGH0285150308
In de ontwerpbegroting 2025 sorteren we voor op het nieuwe meerjarenbeleidsprogramma. Uiteraard betrekken we daarbij de relevante zienswijzen vanuit het bovenbeschreven traject. De ontwerpbegroting 2025 stellen we begin april vast en bieden we daarna voor zienswijzen aan. In het voorjaar organiseren we een bijeenkomst voor raadsleden waarin we terug- en vooruitblikken, zowel op de inhoud van de RWB-samenwerking als op de financiën. Informatie De vastgestelde kaders voor de RWB-begroting 2025 staan in bijlage 1 van deze brief. De reactie op de richtlijnen per gemeente is in bijlage 2 te vinden. Heeft u na het lezen van deze brief nog vragen? Neem dan gerust contact op met Marijke Riksen, manager organisatie en bestuurszaken, marijke.riksen@west-brabant.eu, 06 129 630 29.
Met vriendelijke groet, namens het strategisch beraad
Erik Kiers directeur-secretaris
Bijlage 1 bij 2023-125
Het algemeen bestuur van Regio West-Brabant, gezien het voorstel van het strategisch beraad van 27 november 2023, Gelet op de Gemeenschappelijke Regeling Regio West-Brabant,
BESLUIT:
1. In te stemmen met de conceptreactie op de ingediende richtlijnen (bijlage 1): 2. In te stemmen met de volgende financiële richtlijnen: 1. Het strategisch beraad biedt uiterlijk 15 april 2024, maar zo mogelijk vóór 1 april 2024, een structureel sluitende meerjarenbegroting voor komende vier jaar aan aan de deelnemers. Daarin vermeldt het duidelijk de inhoudelijke en financiële uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting voor het komende jaar. In de begroting neemt het strategisch beraad ook een overzicht op met de bijdragen voor de komende vier jaar per deelnemer. 2. Het strategisch beraad stelt de begroting op, op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken opgenomen, behalve als dit eerder door het algemeen bestuur is besloten. 3. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt het strategisch beraad de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor. Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt.
Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft het strategisch beraad in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen. 4. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting voor het komende jaar stijgt maximaal met de geldende CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de prijsontwikkeling uit de meest recente circulaire. Voor het opstellen van zowel de kaderbrief als de begroting gebruikt de gemeenschappelijke regeling de dan meest recente Rijkscirculaire voor zowel de loon- als de prijsindex. 5. Voor het opvangen van afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de werkelijke prijsontwikkeling houdt de verbonden partij een beperkte algemene reserve aan om de bedrijfsvoering in het lopende boekjaar te kunnen continueren zonder dat hiervoor een beroep moet worden gedaan op de deelnemers en een zienswijzenprocedure moet worden gevolgd. 6. Uiteraard wijzigt de deelnemersbijdrage ook wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen. 7. Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers.
De gemeenschappelijke regeling kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het algemeen bestuur. 1
Ro b
REGIO WEST-BRABANT
Over een dergelijk voorstel besluit het algemeen bestuur. In 8. de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft het strategisch beraad de risico's met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. Ook geeft het strategisch beraad inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit. 9. Het strategisch beraad geeft in de kaderbrief aan welke richtlijn(en) zij van welke deelnemer heeft ontvangen en in hoeverre hiermee rekening gehouden wordt. 10. Bij de uitvoeringsgerichte taak Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie. 3. In te stemmen met de volgende beleidsmatige richtlijnen: In de begroting 2025 geeft het strategisch beraad in heldere taal aan: 1. Welke doelen uit het actieprogramma 2024 - 2028 in 2025 worden gerealiseerd en welke doelen in de periode 2026-2028 worden beoogd; 2. Wat de financiële en personele inzet van de RWB hierbij is en welke aanvullende middelen (capaciteit en financiën) van de gemeenten worden gevraagd; 3.
Of, en zo ja op welke wijze er voorde uitvoering van het actieprogramma samenwerking nodig is met de Stedelijke Regio's en REWIN en hoe deze samenwerking wordt vormgegeven; 4. Op welke wijze de verbinding met onderwijs en bedrijfsleven wordt gelegd bij de uitvoering van het actieprogramma.
Aldus besloten in de openbare vergadering van 6 december 2023
Het algemeen bestuur van de Gemeenschappelijke regeling Regio West-Brabant,
directeur-secretaris
Bijlage 2 bij brief 2023-125
OVERZICHT RICHTLIJNEN BEGROTING 2025 Gemeente
Inhoud richtlijn
Alphen-Chaam Altena Baarle-Nassau Bergen op Zoom Breda Drimmelen Etten-Leur Geertruidenberg Halderberge Oosterhout Moerdijk Roosendaal Rucphen Steenbergen Woensdrecht Zundert
Financiële richtlijnen 1. We verwachten van het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling dat zij uiterlijk 15 april 2024, maar bij voorkeur vóór 1 april 2024, een structureel sluitende meerjarenbegroting voor komende vier jaar aanbiedt aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling vermeldt duidelijk de inhoudelijke en financiële uitgangspunten die gebruikt zijn voor de begroting voor het komende jaar. In de begroting neemt de gemeenschappelijke regeling ook een overzicht op met de bijdragen voor de komende vier jaar per deelnemer. 2. De begroting wordt opgesteld op basis van ongewijzigd beleid. Er worden dus geen nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken opgenomen, behalve als dit eerder door het Algemeen Bestuur is besloten.
De 16 gemeenten hebben uniforme richtlijnen 1 tot en met 8 vastgesteld.
Reactie algemeen bestuur 6 december 2022
Akkoord.
Eind 2023 brengen we ons nieuwe meerjarenbeleidsplan, de Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028 in procedure. Deze ligt inhoudelijk in het verlengde van het Actieprogramma 2018-2023, maar speelt meer in op de integrale maatschappelijke opgaven in het ruimtelijk-economisch domein en de daaraan verbonden transitieopgaven. Dit komt tot uitdrukking in de deelprogramma’s: plantaardige regio, circulaire regio en innovatieve regio. Feitelijk is geen sprake van nieuwe taken of uitbreiding van bestaande taken. Voor de uitvoering van deze Strategische agenda met Actieprogramma 2024 – 2028 ramen we hetzelfde kostenniveau als voor het vorige programma (excl. indexering). De focus die we met het nieuwe actieprogramma aanbrengen betekent dat RWB een aantal activiteiten beëindigt. Waar gemeenten deze graag gecontinueerd zien, bereiden we in 2024 de 1
Gemeente
Inhoud richtlijn
Reactie algemeen bestuur 6 december 2022 overdracht aan de twee stedelijke regio’s in West-Brabant voor. De wijze van dekking van deze activiteiten bezien we in 2024. Voor een enkele taak geldt waarschijnlijk dat RWB die voor langere tijd uit zal voeren. In 2024 worden hier financiële afspraken over gemaakt. We vragen gemeenten voor 15 maart hun zienswijzen op de Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028 in te dienen. Het strategisch beraad en het algemeen bestuur van RWB hebben zich voorgenomen om de definitieve versie in april vast te stellen. In de ontwerpbegroting 2025 sorteren we voor op de Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028. Uiteraard betrekken we daarbij de relevante zienswijzen vanuit het bovenbeschreven traject. De nieuwe agenda heeft geen gevolgen voor de programma-indeling in de begroting, wel voor de inhoud van de programma’s. De ontwerpbegroting 2025 stellen we begin april vast en bieden we daarna voor zienswijzen aan.
3. De begroting bevat een overzicht met het verloop van aanwezige reserves. In dit overzicht is te zien wanneer de reserve wordt ingezet en voor welk bedrag per jaar. Hierin wordt ook het doel van de reserve omschreven. Wanneer een reserve 2 jaar of langer niet wordt ingezet, dan legt de gemeenschappelijke regeling de instandhouding of vrijval van deze reserve in de besluitvorming bij de ontwerpbegroting voor.
Akkoord.
2
Gemeente
Inhoud richtlijn
Reactie algemeen bestuur 6 december 2022
Het uitgangspunt is dat deze reserve op dat moment vrijvalt. Wordt er niet besloten tot vrijval dan geeft de gemeenschappelijke regeling in de ontwerpbegroting de planning en het doel van de uitgaven voor deze reserve opnieuw aan. Via de ontwerpbegroting worden de gemeenteraden in de gelegenheid gesteld hierop een zienswijze in te dienen. 4. De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting voor het komende jaar stijgt maximaal met de geldende CAOindexering, overige CAO afspraken en de prijsontwikkeling uit de meest recente circulaire. Voor het opstellen van zowel de kaderbrief als de begroting gebruikt de gemeenschappelijke regeling de dan meest recente Rijkscirculaire voor zowel de loonals de prijsindex.
Akkoord. Dit betekent vooralsnog:
5. Voor het opvangen van afwijkingen tussen de indexeringen die in de begroting zijn opgenomen en de werkelijke CAO-indexering, overige CAO-afspraken en de werkelijke prijsontwikkeling houdt de verbonden partij een beperkte algemene reserve aan om de bedrijfsvoering in het lopende boekjaar te kunnen continueren zonder dat hiervoor een beroep moet worden gedaan op de deelnemers en een zienswijzenprocedure moet worden gevolgd. 6. Uiteraard wijzigt de deelnemersbijdrage ook wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen.
Indexering Loonkosten Overige kosten
2024* 6,7% 3,5%
2025 5,3% 2,0%
*uitgangspunt zijn de reële kosten 2023, geïndexeerd met de prognoses voor 2024 en 2025 uit de septembercirculaire 2023. We waarderen de mogelijkheid om hiervoor een beperkte algemene reserve aan te leggen. Met een wijziging van de begroting 2024 leggen we een voorstel voor over de omvang en voeding.
Dit spreek vanzelf. Dit heeft in het geval van RWB vooral betrekking op de afname van de producten van Regioarcheologie, Mobiliteitscentrum en op de omvang van het deeltaxivervoer per gemeente. 3
Gemeente
Alphen-Chaam
Geertruidenberg
Inhoud richtlijn
Reactie algemeen bestuur 6 december 2022
7. Een positief jaarrekeningresultaat wordt uitgekeerd aan de deelnemers. De gemeenschappelijke regeling kan hier alleen van afwijken door een duidelijk en gemotiveerd voorstel voor resultaatbestemming voor te leggen aan het Algemeen Bestuur. Over een dergelijk voorstel besluit het Algemeen Bestuur. 8. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing beschrijft de gemeenschappelijke regeling de risico’s met de meeste impact en de getroffen beheersingsmaatregelen. Ook geeft de gemeenschappelijke regeling inzicht in de benodigde weerstandscapaciteit.
Akkoord. Bij de uitkering is sprake van maatwerk, afhankelijk van de vraag of gemeenten betrokken zijn geweest bij de activiteit. Zo participeren bijvoorbeeld niet alle gemeenten in West-Brabant in Regioarcheologie. Dit gaat ook op in het geval van een negatief rekeningresultaat.
Extra richtlijn: 9. In de ontwerpbegroting worden de mogelijkheden beschreven om de bijdrage van de deelnemende gemeenten te verminderen, bijvoorbeeld door besparingen voor te stellen of beleidsinhoudelijke keuzes aan te geven.
Extra richtlijn: 9. De gemeenschappelijke regeling geeft in de kaderbrief aan welke richtlijn(en) zij van welke deelnemer heeft ontvangen en in hoeverre hiermee rekening gehouden wordt.
Akkoord.
In de hierboven aangehaalde Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028 zetten we de koers uit voor de komende jaren. Daarbij zijn benodigde inzet en andere middelen aangegeven. Via de zienswijzeprocedure kunnen gemeenten hun mening kenbaar maken over het voorgestelde pakket. Verder kunnen gemeenten zelf sturen op de afname van producten van de uitvoeringsgerichte taken.
Dit is al praktijk en zetten we door.
4
Gemeente
Inhoud richtlijn
Alphen-Chaam Altena Baarle-Nassau Bergen op Zoom Breda Drimmelen (voorstel aan raad) Etten-Leur Geertruidenberg Halderberge Oosterhout Moerdijk Roosendaal Rucphen Steenbergen Woensdrecht Zundert Alphen-Chaam Baarle-Nassau Bergen op Zoom Breda Altena Drimmelen (voorstel aan raad) Etten-Leur Geertruidenberg Halderberge
Aanvullende financiële richtlijn Bij de uitvoeringsgerichte taak Kleinschalig Collectief Vervoer geldt voor de vervoersprijs per eenheid een aanpassing aan de hand van de branchegerichte NEA-index. Verder worden de vervoerslasten begroot aan de hand van het geprognosticeerde gebruik van de vervoersvoorziening. Doorbelasting van kosten aan gemeenten en provincie vindt plaats op basis van realisatie.
Beleidsmatige richtlijnen In de begroting 2025 wordt (in heldere taal) aangegeven: 1. Welke doelen uit het actieprogramma 2024 – 2028 in 2025 worden gerealiseerd en welke doelen in de periode 2026-2028 worden beoogd; 2. Wat de financiële en personele inzet van de RWB hierbij is en welke aanvullende middelen (capaciteit en financiën) van de gemeenten worden gevraagd;
Reactie algemeen bestuur 6 december 2022
De uitkomst van het aanbestedingstraject is nog niet definitief. Zodra deze definitief is verwerken we die in de begroting 2024, 2025 en verder. Verder houden we rekening met de branchegerichte index en actuele ramingen van de omvang van het deeltaxivervoer.
Zoals hiervoor aangegeven gaat eind november 2023 de nieuwe Strategische agenda met Actieprogramma 2024-2028 in procedure. Daarin komen alle vragen die u stelt aan bod. In de ontwerpbegroting vindt een verdere concretisering plaats voor de jaarschijf 2025.
5
Gemeente
Inhoud richtlijn
Oosterhout Moerdijk Roosendaal Rucphen Steenbergen Woensdrecht Zundert Moerdijk
3. Of, en zo ja op welke wijze er voor de uitvoering van de actieagenda samenwerking nodig is met de Stedelijke Regio’s en Rewin en hoe deze samenwerking wordt vormgegeven; 4. Op welke wijze de verbinding met onderwijs en bedrijfsleven wordt gelegd bij de uitvoering van het actieprogramma.
Steenbergen
5. De extra capaciteit in 2025 niet zomaar gewenst is tenzij er een 5. RWB voorziet geen extra benodigde capaciteit voor de deugdelijk voorstel komt met de stedelijke regio’s over de trannieuwe agenda, buiten eventuele structurele servicearrangesitie van taken, geld, capaciteit; menten. Voorstellen hierover worden in 2024 gedaan. 6. In het geval er nieuwe capaciteit en financiën nodig zijn dat dit 6. Dit spreekt voor zich. via een begrotingswijziging gaat.
Tussen punt 3 en 4. te voegen: De financiële consequenties van de samenwerking zoals die voorzien wordt conform punt 3 met als uitgangspunt: verstrekte middelen hangen samen met opgedragen taken.
Reactie algemeen bestuur 6 december 2022
De primaire taak van de regio, versterking van het economisch vestigingsklimaat, wijzigt niet. Veel van de huidige activiteiten komen ook weer terug in het nieuwe actieprogramma. Wel wordt een aantal activiteiten op mobiliteit en werklocaties elders belegd. In 2024 wordt nader uitgewerkt om welke activiteiten dit gaat en op welke wijze dit wordt vormgegeven binnen de verstedelijkingsregio's. Het is daarom niet mogelijk om in de ontwerpbegroting 2025 hierop voor te sorteren. Zodra de uitkomsten van dit gesprek bekend zijn, zullen we die uiteraard in de RWB-begroting verwerken.
6
Bezoekadres: Claudius Prinsenlaan 10 4811 DJ Breda Postadres: Postbus 90156 4800 RH Breda Tel. (076) 529 81 10 info@rblwest-brabant.nl www.rblwest-brabant.nl
Uw brief
Datum
-
24 januari 2022
Onderwerp
Informatie
Bijlagen
Kaderbrief 2025
info@RBLWest-Brabant.nl Telefoon: 076-5298110
-
Aan:
Ons kenmerk
De colleges en de raden van de gemeenten die deelnemen in de Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten,
Geachte mevrouw, mijnheer, Uw gemeente neemt deel aan de Gemeenschappelijke Regeling Programma Schoolverzuim en Voortijdig Schoolverlaten, beter bekend onder de naam Regionaal Bureau Leren (RBL) West-Brabant. Graag informeren wij u omtrent de Kaderbrief 2025 van RBL West Brabant. De kaderbrief is, zoals bepaald in de Nota Verbonden Partijen, richtinggevend voor de opstelling van de begroting voor het aankomend begrotingsjaar 2025. Zoals bij u bekend is het RBL West Brabant aan het door ontwikkelen. De deelnemende gemeenten van West-Brabant zijn met elkaar de richting aan het bepalen voor het RBL West Brabant. In het proces is gekozen door het bestuur van het RBL West Brabant om in plaats van een kaderbrief op te stellen de colleges en raden de ruimte te geven om in plaats van een zienswijze in te dienen het inhoudelijk gesprek te kunnen voeren over de doorontwikkeling en de daarmee samenhangende keuzes door middel van een raadsvoorstel. Met het oog op de positionering van het RBL West Brabant in de diverse transformaties en ontwikkelingen als bijvoorbeeld de Hervormingsagenda Jeugd, Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming en de nieuwe wet ‘Van school naar duurzaam werk’ is het van belang de doorontwikkeling te bespreken in de volledige context en samenhang van het werkveld.
In het raadsvoorstel worden zowel de inhoudelijke als financiële kaders opgenomen, wat maakt dat het raadsvoorstel in plaats komt van de Kaderbrief 2025 die op dit moment aan u aangeboden zou worden. Het bestuur van het RBL West Brabant heeft ervoor gekozen om voor de agendering van het raadsvoorstel de planning van de begroting 2025 te volgen. Het concept raadsvoorstel zal in april 2024 door het bestuur worden vastgesteld. Vervolgens ontvangen de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten in de loop van het tweede kwartaal 2024 het raadsvoorstel om de plannen van het RBL aan u voor te leggen. Het streven is dat alle gemeenten uiterlijk 1 juli 2024 een besluit hebben kunnen nemen op de voorgelegde keuzes.
Het raadsvoorstel wordt tezamen met de begrotingswijziging 2024 en de begroting 2025 aangeboden. Hiermee komt de kaderbrief voor 2025 te vervallen.
Met vriendelijke groet,
C.S.C. Christiani Ketenmanager jeugd
GEERTRUIDENBERG/STEENBERGEN/BAARLE-NASSAU/ROOSENDAAL/RUCPHEN/ALTENA/DRIMMELEN/MOERDIJK/ ALPENCHAAM/ZUNDERT/OOSTERHOUT/BERGEN OP ZOOM/ETTEN-LEUR/WOENSDRECHT/BREDA/HALDERBERGE
A.B. 24/25 AB Besluit: Kadernota 2025 Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Samenwerking Vastgoedinformatie, Heffing
en Waardebepaling (SVHW);
Gelezen het voorstel van het Dagelijks Bestuur van 7 februari 2024 (A.B. 24/23)
Besluit:
1. 2. 3.
In te stemmen met de Kadernota 2025; In te stemmen met de daarin opgenomen kaders en uitgangspunten;
Het Dagelijks Bestuur opdracht te verstrekken om de Begroting 2025 en meerjarenbegroting 2026-2029 op te stellen binnen de kaders van deze nota.
Aldus vastgesteld op 7 februari 2024 in het Algemeen Bestuur SVHW.
Directeur,
Voorzitter,
M.W. Heemskerk
C.L.K. Rijsdijk
Beoordeling Kadernota 2025 GR SVHW Gemeenschappelijke regeling: SVHW 1 2 3
4
Kaders voor 1 februari ontvangen? Ja Wijken de kaders af van de richtlijnen? Ja (zie toelichting onder 3)
Afwijkingen kaders: Financiële richtlijnen: In de kadernota 2025 van SVHW wordt een 1e wijziging van de begroting 2024 van SVHW aangekondigd. Ten opzichte van de begroting 2024 van SVHW stijgt de deelnemersbijdrage van Altena in de 1 e begrotingswijziging 2024 van SVHW met 9,48%. Ten opzichte van de 1e begrotingswijziging 2024 van SVHW stijgt de deelnemersbijdrage van Altena voor 2025 met 0,93%. De kadernota voor de begroting 2025 van de GR SVHW voldoet niet aan financiële richtlijn 4 “De bijdrage van de deelnemende gemeenten in de begroting 2024 stijgt maximaal met de geldende CAO indexering en de prijsontwikkeling uit de septembercirculaire 2023 (of een actuelere circulaire). Ook wijzigt de bijdrage wanneer er wijzigingen zijn in de kwantiteit van de dienstverlening die de deelnemers afnemen.” Beleidsmatige richtlijnen: Niet van toepassing voor GR SVHW Oordeel over afwijking(en) De afwijking is verklaarbaar en goed gemotiveerd op pagina 4 en 5 van de kadernota 2025. Onderstaand overzicht geeft de effecten weer uit de 1e wijziging van de begroting 2024 en de effecten van de Kadernota 2025 op die 1e wijziging. De deelnemersbijdrage van Altena is ongeveer 5,82% van de totale deelnemersbijdrage.