CConstaterende datAltena
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Kaderbrieven 2026 bij RV zienswijzen ontwerpbegrotingen 2026 GR

Raadsvergadering 18 juni 2025, gemeente AltenaBij agendapunt: Zienswijzen ontwerpbegrotingen 2026 gemeenschappelijke regelingen32.364 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

Vanaf 2026 is dit geld niet meer beschikbaar en hebben we nog geen zicht op de vaststelling van het landelijk beleid. Het Veiligheidsberaad verzoekt de minister om € 35 miljoen toe te voegen aan het beschikbaar te stellen budget (brief VB aan minister ikv verplichtend karakter) Ad. C Uitvoeren besluit 2e loopbaanbeleid Sinds 2006 is het Functioneel Leeftijdsontslag (FLO) voor brandweermensen afgeschaft. Vanaf 1-12006 mogen nieuwe medewerkers de bezwarende brandweerfunctie niet langer dan 20 jaar vervullen. Het is een gezamenlijke inspanning van werkgever en werknemer een 2e loopbaan te verwezenlijken die de werknemer na maximaal 20 jaar kan gaan vervullen binnen of buiten de veiligheidsregio. Doelstelling is dat brandweermensen gezond hun pensioenleeftijd halen en daarna nog een goed kwalitatief leven kunnen leiden. In de DB notitie van 28-09-2022 is aangegeven dat voor de implementatie rekening moet worden gehouden met ca € 387k extra kosten. De collega’s die voor 1-1-2006 in dienst zijn getreden, hebben nog wel recht op FLO. De kosten voor FLO worden doorberekend aan de gemeenten Bergen op Zoom, Breda, Roosendaal en Tilburg. Ad. D Preventie en mentaal fysiek verzuim Vanaf 2025 is het noodzakelijk dat er meer wordt geïnvesteerd in zowel het mentale- als fysieke aspect van het werk van de medewerkers in onze organisatie.

Dit is gebaseerd op uitkomsten van onder andere interne RI&E's en landelijke signalen (en discussie) over mentale impact, PTSS en beroepsziekten bij de brandweer of veiligheidsregio. Dit vraagt om meer aandacht voor preventie en (na)zorg voor ons personeel en vergt verdere investeringen in aanvullende "check-up's" (mentaal en fysiek) van de PPMO (Periodiek Preventief Medisch Onderzoek). Een eerste inschatting van de kosten betreft € 350k structureel. Een formeel besluit hierover dient nog plaats te vinden. Dit staat los van het ontwikkelen van een landelijke regeling voor beroepsziekten bij de brandweer en veiligheidsregio. Het Veiligheidsberaad schrijft in een brief aan de minister dat het verbeteren van de psychosociale zorg aan (brandweer)personeel structurele kosten met zich meebrengt voor de veiligheidsregio’s. Het Veiligheidsberaad wil graag op termijn graag in gesprek met de minister over het realiseren van deze middelen (brief d.d. 27-03-2024 VB aan minister). Ad. E Capaciteit inspecteurs Brzo onder druk Binnen onze regio hebben we te maken met een forse groei van het aantal risicovolle bedrijven. Deze bedrijven vallen onder het zgn. Besluit activiteiten leefomgeving en zijn aangewezen op basis van de hoeveelheid en soort gevaarlijke stoffen die worden gebruikt. Door de groei van het aantal bedrijven staat de capaciteit van de inspecteurs onder druk.

De verwachting is dat er de komende vier jaar zich

VRMWB | Kaderbrief 2026

26

VRMWB | Titel

2

nog zeventien bedrijven vestigen in de provincie Noord-Brabant, waarvan tien in de regio Midden- en West-Brabant. Daarnaast is er sprake van wijzigende regelgeving rondom Arie-plichtige inrichtingen (Arie: regeling voor Aanvullende voorschriften risico-inventarisatie en -evaluatie) waardoor het aantal bedrijven dat in aanmerking komt voor het doorlopen van een Aanwijstraject voor een bedrijfsbrandweer (art. 31 Wet VR) vanaf 2023 aanzienlijk is toegenomen. Deze toename ontstaat op het moment dat er al een veertigtal Arie-bedrijven zich binnen het samenwerkingsverband Noord-Brabant bevinden waar nog geen Aanwijstraject is gestart, vanwege de druk op de capaciteit. Mogelijk komen daar met de wijziging in regelgeving nog tien Arie-plichtige inrichtingen bij. Vooralsnog vangen we het eerste deel van deze groei intern op door keuzes te maken om niet meer bij alle gezamenlijke Seveso controles aanwezig te zijn (zie ook mededeling 3.1.7 AB 4-07-02024). Ad. F Informatieveiligheid Vanuit het landelijke versnellingsplan Informatieveiligheid wordt in opdracht van het Veiligheidsberaad gewerkt aan het versterken van de cyberweerbaarheid van de Veiligheidsregio’s en het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV). We versterken onze informatieveiligheid op basis van de BIO (Baseline Informatiebeveiliging Overheid), die standaard verplicht is voor overheidsorganisaties.

De eisen aan overheidsorganisaties qua informatieveiligheid en transparantie worden groter en dat is nog exclusief de acties die nodig zijn als onderdelen van de veiligheidsregio's moeten voldoen aan eisen behorende bij vitale sector. De kosten om te voldoen aan de zwaardere BIO- en veiligheidsnormen zijn afgelopen jaren opgevangen vanuit de reguliere exploitatiebudgetten. Deze kostenstijgingen ca € 100k zijn niet langer op te vangen binnen de reguliere begroting. Er zijn een aantal ontwikkelingen zoals opleidingscapaciteit Safety Village en Parkring die nog niet financieel vertaald zijn, deze zijn toegelicht in de kaderbrief 2025. 3.2. Internationale geopolitieke spanningen Sinds de Russische invasie van Oekraïne zijn de wereldverhoudingen verscherpt. Europa voelt de dreiging vanuit Rusland, wat de nationale veiligheid van Nederland onder druk zet. Er zijn cyberaanvallen op Nederlandse zorginstellingen geweest en Rusland bereidt mogelijk sabotage van Nederlandse infrastructuur voor. De AIVD en MIVD zien dat Rusland internetkabels, gasleidingen en windmolenparken in de Noordzee in kaart brengt. Hoewel deze acties nog geen ernstig effect hebben gehad, kan sabotage in de toekomst onze samenleving hard raken, zoals langdurige verstoringen van energievoorziening, internet of betalingsverkeer.

Verschillende landen, waaronder Duitsland, België en Zweden, waarschuwen voor een mogelijke oorlog met Rusland. Ook in Nederland klinkt deze waarschuwing steeds luider. Hoewel er momenteel geen acute dreiging is, groeit het belang om ons voor te bereiden op een potentieel conflict. De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) heeft bij het Veiligheidsberaad aandacht gevraagd voor deze internationale ontwikkelingen en doet in het najaar mogelijk een verzoek voor de inzet van de veiligheidsregio’s bij de voorbereidingen op een inzet van art. 5 situatie binnen de NAVO binnen- of buiten het grondgebied van de Europese Unie. Bij (hybride) conflicten moet de samenleving zich voorbereiden op langdurige uitval (> weken) van de vitale infrastructuur en schaarste, wat maatschappelijke onrust tot gevolg heeft. Defensie heeft zeer waarschijnlijk onvoldoende capaciteit voor civiel-militaire bijstand. Daarom wordt hier een rol voorzien voor de veiligheidsregio’s. Onze regio werkt, namens alle veiligheidsregio’s, samen met Defensie en de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTV), VR Friesland en VR Gelderland Zuid aan de totstandkoming van het VRMWB | Kaderbrief 2026

27

VRMWB | Titel

2

Landelijk Crisisplan Militaire Dreigingen en de bijbehorende koepelnotitie. Dit plan geeft inzicht in de bestaande landelijke en regionale opschaling van crisisstructuren omdat er sprake is van toenemende hybride en militaire dreigingen, die we de komende jaren naar alle waarschijnlijkheid het hoofd moeten kunnen bieden. In dit plan wordt aandacht besteed aan de glijdende schaal van oplopende spanningen en de cascade effecten van impact op de samenleving. Daar moeten we op voorbereid zijn en naar handelen. We voorzien dat de maatschappelijke taak en inzet van de veiligheidsregio’s hiermee verder wordt verbreed. Een eerste verkenning geeft aan dat dit zal liggen in de voorbereiding op langdurige crisis, inzet van brandweerkazernes als zogenaamde ‘Resilience centers’ (weerbaarheidsposten: centraal punt in de lokale gemeenschap voor o.a. distributie van voedsel, stroomvoorziening en coördinatiepunt incl. communicatievoorzieningen), uitvoeren van Crisiscommunicatie, het zorgdragen voor het beperken van maatschappelijke onrust en versterken van de maatschappelijke weerbaarheid, en het verhogen van informatieveiligheid en cyberweerbaarheid. 4. Opdracht & Uitgangspunten 4.1. Samenvattend Bij financiële tegenwind bij gemeenten is het logisch dat ook wij mogelijke besparingen onderzoeken.

Tijdens de takendiscussie van 2022 is bestuurlijk vastgesteld dat “de keukenkastjes zorgvuldig zijn uitgestoft”, de tijd van kaasschaven voorbij is en de voordelen van “laaghangend fruit” zijn uitgeput. Een nieuwe bezuinigingsopdracht heeft direct invloed op de paraatheid en het veiligheidsniveau in onze regio, wat in contrast staat met de geopolitieke spanningen en de stevige (financiële) uitdagingen die we voor de toekomst voorzien. Het is onder deze omstandigheden niet eenvoudig om tot een concrete bezuinigingsopdracht te komen. In deze notitie is een overzicht gegeven van bedrijfsmatige ontwikkelingen die op korte termijn financieel moeten worden gedekt. Ook zijn ontwikkelingen geschetst waar nog besluitvorming over moet plaatsvinden, maar die zeker leiden tot een taakverzwaring en hogere kosten. Daarnaast is sprake van een financiële korting op de algemene uitkering (6%) en een Rijkskorting op de BDuR (10%), waarop de bestuurders het verzoek gedaan hebben mee te denken in het sluitend krijgen van de meerjarenbegroting. Hieronder is een eerste ruwe berekening uitgewerkt zodat op hoofdlijnen inzicht ontstaat in de uitkomsten van deze bewegingen: Financieel perspectief Korting gemeentefonds 6%* Korting Rijksbijdrage 10% Nog structureel te dekken kostenstijgingen ca ** Toekomstige ontwikkelingen

Bedrag € 4,4 mln € 1,5 mln € 1,1 mln € 2,1 mln

Totaal

€ 9,1 mln

* Opmerkelijk is echter dat het “subcluster brandweer”, als onderdeel van de algemene uitkering, voor 2025 juist een stijging van ongeveer 9% laat zien. Het is belangrijk om te onderzoeken wat deze ontwikkeling op de lange termijn betekent. ** Uitgegaan van begrotingstekort 700k + 300k kosten fte uitbreiding + 100k NIPV

Vraag 1: Met bestuurders voeren we overleg over de vraag hoe om te gaan met bovenstaand financieel perspectief. 4.2. Uitgangspunten In de takendiscussie van 2022 heeft de bestuurlijke commissie, in het kader van mogelijke besparingen, de onderstaande uitgangspunten vastgesteld.

VRMWB | Kaderbrief 2026

28

VRMWB | Titel

2

Vraag 2: Met bestuurders bespreken we welke uitgangspunten meegenomen moeten worden bij een nieuwe bezuinigingsopdracht. Uit de takendiscussie van 2022 zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: • De maatschappelijke opgave staat centraal. • Voldoen aan de wettelijke kaders met betrekking tot incidentbestrijding, risico- en crisisbeheersing. • Regionaal perspectief gaat boven lokaal perspectief. • Een toekomstbestendige, innovatieve en toonaangevende VR blijven die inspeelt op nieuwe ontwikkelingen. • Oog voor de verhouding tussen diverse kolommen. • Het huidige kostenverdeelmodel blijft intact. De bestuurlijke commissie stelt voor om bij een nieuwe opdracht de volgende uitgangspunten toe te voegen: • We hanteren als basis het onderzoek ‘Tijd voor Reflectie’, zoals vastgesteld door AB op 24-052022, met een beschrijving van de maatschappelijke gevolgen en gevolgen voor de (fysieke) veiligheid. • Betrouwbaarheid: op korte termijn geld besparen mag niet leiden tot hogere kosten op de lange termijn. • We wentelen geen kosten af op andere overheidsorganisaties vanwege het broekzak/vestzakprincipe. • Het handhaven van profiel 4 is geen eis, maar wel het vertrekpunt. • Temporiseren van het huidige Beleidsplan met minimaal twee jaar tot en met 2029.

De directie van de VRMWB heeft een extra uitgangspunt toegevoegd, namelijk dat de veiligheid van het optreden van onze medewerkers te allen tijde voorop staat. Dit betekent concreet dat aan een aantal zaken niet getornd kan worden, waaronder: • De kwaliteit van de bluskleding/ persoonlijke beschermingsmiddelen en ademluchtapparatuur. • Het budget voor realistisch oefenen. • Het minimaal aantal opleidings- en trainingsuren. • Voor de gehele regio zijn minimaal 3 schuimblusvoertuigen noodzakelijk. • Voor de gehele regio zijn minimaal 7 hoogwerkers noodzakelijk 4.3. Onderzoeksrichtingen Er zijn al enkele onderzoeken gestart of staan op het punt van beginnen. Momenteel zijn hier geen financiële kaders aan gekoppeld; we maken gebruik van de bestaande middelen en capaciteit. Zodra bestuurders nieuwe uitgangspunten en criteria aangeven, verwerken we deze in de opdrachten en onderzoeken. Voor de uitwerking van een eventuele bezuinigingsopdracht gebruiken we het rapport ‘Tijd voor Reflectie’ als basis. Dit rapport bevat per domein mogelijke besparingen en de realisatie daarvan door het afschalen van taken. Een eventuele bezuiniging kan niet per 2026 worden gerealiseerd, maar moet over meerdere jaren worden verspreid. Onze begroting bestaat grotendeels uit personeels- en materiaalkosten. Het verminderen van deze kosten is complex en vergt tijd.

In bijlage 1 zijn, op basis van het onderzoek ‘Tijd voor Reflectie’, de kosten opgenomen van een aantal producten en diensten die door de VRMWB worden geleverd. Deze bijlage biedt inzicht in de omvang van de af te schalen producten en diensten. Het overzicht is nu op hoofdlijnen en gebaseerd op cijfers en de situatie van 2021. Zodra er meer inzicht is in de gewenste taakstelling, worden deze gegevens geactualiseerd en aangevuld. VRMWB | Kaderbrief 2026

29

VRMWB | Titel

2

4.3.1. Masterplan Brandweer In onze regio hanteren we een fijnmazig netwerk van 70 brandweerposten, van waaruit snel en adequaat gereageerd kan worden op lokale incidenten en die tevens in gezamenlijkheid zorgdragen voor voldoende collectieve slagkracht, gekoppeld aan een afdoende mate van restdekking. De omvang van de repressieve organisatie wordt bepaald door de combinatie van opkomsttijden en benodigde slagkracht. Deze slagkracht is gerelateerd aan de risico’s in het verzorgingsgebied. De huidige omvang van de repressieve organisatie is bestuurlijk vastgesteld middels het Dekkingsplan 2023-2027. We ervaren al een aantal jaren dat het steeds lastiger is om overdag onze paraatheid voor alle brandweerposten te garanderen. Een aantal posten heeft moeite om de bezetting van vrijwilligers op sterkte te houden. Gelet op de leeftijdsverdeling van ons vrijwilligersbestand voorzien we de komende jaren een forse uitstroom van vrijwilligers. Daarnaast zien we dat nieuwe vrijwilligers zich minder lang binden aan de brandweerorganisatie. We onderzoeken hoe we de brandweerzorg toekomstbestendig kunnen blijven organiseren. Dat vraagt om innovatief te kijken naar andere manieren van het organiseren van brandweerzorg en daarin vooruitstrevende keuzes te maken om de dekking en collectieve slagkracht anders te realiseren. Hiervoor stellen we een masterplan brandweerzorg op.

Dit heeft (op termijn) consequenties voor: brandweerposten, beroepsbezetting, vrijwilligers, voertuigen en specialismen. Aanpassingen in aantallen posten, medewerkers en materieel en materiaal hebben impact op de snelheid en kwaliteit van brandweerzorg daarmee het veiligheidsniveau in onze regio. We hebben tijd nodig om deze voorstellen uit te werken en de impact te onderzoeken. Keuzes mogen niet leiden tot het niet veilig kunnen werken van onze mensen. 4.3.2. Dienstenpalet Risicobeheersing In september 2023 heeft het Dagelijks Bestuur opdracht gegeven om een onderzoek te doen naar de Risicobeheersingstaken. Het doel van het onderzoek is de doorontwikkeling naar een toekomstbestendig en flexibel takenpakket Risicobeheersing dat maximaal rendeert voor de fysieke veiligheid in onze regio. Het Dienstenpalet Risicobeheersing leidt tot een fundamenteel andere werkwijze. Bij een bezuinigingsopdracht moeten door het bestuur keuzes gemaakt worden voor wat betreft taken en te leveren kwaliteit. Besparingen door het afschalen van taken, betekent vooral het verminderen van het aantal fte en dus het verminderen van de loonkosten. Het risico op o.a. escalatie van incidenten en calamiteiten, meer schade, onveilige situaties in de fysieke leefomgeving en onveilige situaties bij brandweeroptreden neemt daarmee toe.

VRMWB | Kaderbrief 2026

30

VRMWB | Titel

2

5. Vervolgproces Het vervolg ziet er als volgt uit: Tijd Wat Augustus 2024 Bespreken notitie in de bestuurlijke commissie September 2024 29-08 Bespreken aanpak in bestuurlijke commissie 05-09 Bespreken aanpak in CM 12-09 Bespreken aanpak in DB 26-09 Bespreken aanpak in AB Oktober November December Vaststellen mogelijk bezuinigingsscenario en verwerken in de kaderbrief 2026

6. Bijlagen In deze bijlage zijn op basis van het uitgevoerde onderzoek Tijd voor Reflectie de kosten opgenomen van een aantal producten & diensten die vanuit de VRMWB worden geleverd. Met deze bijlage ontstaat inzicht in de omvang van de af te schalen producten en diensten.

Brandweer

Product & dienst

Aantal

Min

Max

Vrijwilligersposten (€160.000 per post)

9

€ 160.000

€ 1.440.000

Afschalen bezetting Vrijwilligers van 275% naar 250% (huidig 300%) Tankautospuit (TS)

25%-50%

€ 600.000

€ 1.210.000

7 TS

€ 40.000

€ 280.000

Kosten vrijwilligers TS

12-58

€ 66.000

€ 319.000

Redvoertuig

1

€ 80.000

€ 80.000

Hulpverleningsvoertuig

1

€ 67.000

€ 67.000

Schuimblusvoertuig

1

€ 100.000

€ 100.000

Grootwatertransport

1

€ 100.000

€ 100.000

Duiken

1

€ 150.000

€ 150.000

Verkenningseenheden

1

€ 7.000

€ 7.000

Ondersteuningspeloton

1

€ 25.000

€ 25.000

Bestuurlijke & Ambtelijk oefenen

1

€ 230.000

€ 230.000

Minder oefenen per post

25%-50%

€ 268.000

€ 536.000

Realsitisch trainen

1*2jr, stop

€ 100.000

€ 400.000

Stoppen vakmansdagen

1

€ 28.000

€ 28.000

Praktijktrainingen operationeel leidinggevenden

1

€ 40.000

€ 40.000

Vaardigheidstoetsen

1

€ 75.000

€ 75.000

Jeugdbrandweer

€ 17.000

?

Opleiden& bijscholen ikv risicobeheersing

€ 10.000

€ 150.000

We reduceren de formatie en stoppen de 2-3 fte ontwikkeling van risicomonitoring en het beheer van onze netwerken Het team bevolkingszorg gedeeltelijk of geheel (1-4 fte) opheffen

€ 180.000

€ 270.000

€ 90.000

€ 360.000

Dekking- en spreidingsplan

Vakbekwaamheid

Crisisbeheersing

VRMWB | Kaderbrief 2026

31

VRMWB | Titel

Risicobeheersing

GHOR

2

Product & dienst

Aantal

Min

Max

Bouwen en brandveiligheid

1-10 fte

€ 90.000

€ 700.000

Toezicht en brandveiligheid gebouwen

1-10 fte

€ 90.000

€ 700.000

Evenementen

1-4 fte

€ 90.000

€ 320.000

Bewustwording en brandveilig leven

1-7 fte

€ 90.000

€ 490.000

Riskfactory (kosten + 1 fte) (m.i.v. 2026)

1

€ 240.000

€ 240.000

Geen gezondheidskundig advies evenementen A+B Geen gezondheidskundig advies evenementen C

€ 75.000

€ 75.000

€ 90.000

€ 90.000

Afschaffen huidige plustaken

€ 20.000

€ 20.000

Minder training van crisis sleutelfunctionarissen

€ 13.000

Openbreken van contracten verbonden partijen

VRMWB | Kaderbrief 2026

€ 13.000 € 110.000

32

VRMWB | Titel

2.

2

Wijziging Gemeentefonds verdeelsleutel subcluster Brandweer

Oude verdeelmaatstaven Rijk

Nieuwe verdeelmaatstaven Rijk

Kernen met 500 of meer adressen

Grote woonkernen

Ozb-waarde van de niet-woningen gedeeld door 1.000.000

Klantenpotentieel lokaal

Lokale centrumfunctie

Klantenpotentieel regionaal Land Buitenwater Oppervlakte bebouwing Woonruimten

Woonruimten

Omgevingsadressendichtheid (oad)

Omgevingsadressendichtheid

Meerkernigheid Bedrijven

VRMWB | Kaderbrief 2026

Bedrijven

33

3.

VRMWB | Titel

2

Begrippenlijst

Afkorting

Betekenis

DSO

Digitaal Stelsel Omgevingswet

FLO

Functioneel leeftijdsontslag

FTE

Full Time Equivalent

GGD

Gemeentelijke Gezondheidsdienst

GHOR

Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio

GMK

Gemeenschappelijke Meldkamer

GMS

Geïntegreerd Meldkamer Systeem

GRIP

Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdingsprocedure

Afkorting

Betekenis

AB

Algemeen Bestuur

ABS

Adaptief Basis Systeem

Arbo

Arbeidsomstandigheden

Arie

Regeling voor Aanvullende voorschriften risicoinventarisatie en -evaluatie

AVG

Algemene verordening gegevensbescherming

Bal

Besluit Activiteiten Leefomgeving

BDuR

Brede Doeluitkering Rampenbestrijding

BIO

Baseline Informatiebeveiliging Overheid

HRM

Human Resource Management

BTW

Belasting over de toegevoegde waarde

IGV

Informatie Gestuurde Veiligheid

CaCo

Calamiteitencoördinator

IPO

Interprovinciaal Overleg

CAO

Collectieve arbeidsovereenkomst

J&V

Justitie & Veiligheid

CAR (UWO)

Collectieve arbeidsvoorwaardenregeling (Uitwerkingsovereenkomst)

LMS

Landelijke Meldkamer Samenwerking

LPO

Loon- en Prijsontwikkeling

MEV

Macro-economische verkenning

CPB

Centraal Planbureau

DB

Dagelijks Bestuur

VRMWB | Kaderbrief 2026

34

VRMWB | Titel

2

Afkorting

Betekenis

Afkorting

Betekenis

MWB

Midden- en West-Brabant

VR

Veiligheidsregio

NCTV

Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid

VEt

Veilige Energietransitie

Woo

Wet open overheid

NIPV

Nederlands Instituut Publieke Veiligheid

OMWB

Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant

OOV

Openbare orde en veiligheid

PMH

Post Moerdijk Haven

PTSS

Posttraumatische stressstoornis

RAV

Regionale Ambulancezorgvoorziening

RCDV

Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio's

SBM

Stichting Brandweerzorg Moerdijk

TAS/TS

Tankautospuit

VB

Veiligheidsberaad

VIK

Veiligheid Informatie Knooppunt

VMX

(programma) Vernieuwing Missiekritische Communicatie

VNG

Vereniging Nederlandse Gemeenten

VRMWB | Kaderbrief 2026

35

Vergadering Algemeen Bestuur Datum 6 februari 2025 Onderwerp

Kaderbrief 2026

Portefeuillehouder DB Portefeuillehouder VD Stuknummer

De heer J.F.M. Janssen Mevrouw A.C. Trijselaar AB2025.02.06/4.2

Voorstel

1

Besluitvormend

Informatief

Oordeelsvormend

Beslispunten

Het Algemeen Bestuur wordt gevraagd om: 1. De kaderbrief 2026 vast te stellen en daarmee in te stemmen met: a. het temporiseren van onze opgaven in het Beleidsplan 2023-2027, inclusief onderliggende plannen met minimaal 2 jaar tot en met 2029. Vanwege de gelijktijdigheid van financiële uitdagingen en urgente veiligheidsrisico’s wordt voorgesteld om langer de tijd te nemen voor de opgaven uit ons beleidsplan en de looptijd met twee jaar te verlengen tot 2029. b. het in afwachting van landelijke uitspraken over de Europese wet- en regelgeving over de kazernering van vrijwilligers, de tijdelijke extra financiering € 465.000 voor de formatie van de repressieve brandweerorganisatie in 2026 te continueren en incidenteel te dekken uit een mogelijk positief rekeningresultaat 2024 of door een onttrekking uit de algemene reserve. c. de dekking van de hogere energielasten door structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage met € 326.000 vanaf 2026. d. de dekking van de kosten voor het versterken van informatieveiligheid door structurele verhoging van de gemeentelijke bijdrage met € 100.000 vanaf 2026. 2. De kaderbrief 2026 ter kennisgeving aan te bieden aan de colleges en gemeenteraden. 3. Kennis te nemen van de op handen zijnde korting op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) van 10% (ca.

€ 1,47 miljoen per jaar voor de VRMWB) met ingang van 2026 en dit nadrukkelijk op te nemen in de brief aan de gemeenten alsook de mogelijke uitdagingen in het dossier maatschappelijke weerbaarheid waarvan de kosten nog niet inzichtelijk zijn.

Toelichting

Turbulente tijd (p. 3)1 Verschillende ontwikkelingen wereldwijd en in ons land leiden tot toenemende veiligheidsrisico’s. Denk aan geopolitieke onrust, cyberdreigingen, politieke instabiliteit en de gevolgen van klimaatveranderingen. Er wordt een beroep gedaan op veiligheidsregio’s om zich voor te bereiden op langdurige crises, het vergroten van de maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht en het ondersteunen van defensie. Als hieruit volgt dat er een verbreding van onze taken nodig is,

T.b.v. de leesbaarheid is per onderwerp aangegeven op welke pagina u hierover meer kunt terug lezen in de Kaderbrief.

VRMWB | Kaderbrief 2026

1

leggen we dat vanzelfsprekend voor aan ons bestuur inclusief mogelijke financiële consequenties. Uiteraard zetten zowel de leden van ons bestuur als de directie zich maximaal in voor landelijke financiering van deze nieuwe uitdagingen. Echter, vooralsnog lijkt het Rijk geen extra middelen ter beschikking te willen stellen voor het dossier maatschappelijke weerbaarheid en de aanwijzing als vitale sector. Financiële uitdagingen (p. 3) Gelijktijdig met deze omvangrijke opgaven zien we ons geconfronteerd met financiële uitdagingen. Gemeenten worden vanaf 2026 gekort op de algemene financiële uitkering uit het gemeentefonds, waarbij zij kijken naar gemeenschappelijke regelingen om voorstellen te doen om de gevolgen van deze korting op te vangen. Het Rijk kort bovendien de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) en de extra BDuR voor versterking van crisisbeheersing en informatievoorziening met 10%. Tijdens de takendiscussie van 2022 is bestuurlijk vastgesteld dat ‘de keukenkastjes zorgvuldig zijn uitgestoft’, de tijd van kaasschaven voorbij is en de voordelen van ‘laaghangend fruit’ zijn uitgeput. Eventuele bezuinigingen hebben direct invloed op de paraatheid en het veiligheidsniveau in onze regio en vraagt om een gedegen bestuurlijke afweging.

In opdracht van de bestuurlijke commissie die ook eerder de takendiscussie heeft geleid, zijn wij eind 2024 gestart met het verkennen van manieren om deze financiële uitdagingen aan te pakken. Dat doen we met twee formele onderzoeken naar een masterplan brandweer en naar onze risicobeheersingstaken. Deze onderzoeken worden eind 2025 aan het bestuur voorgelegd ter besluitvorming en vervolgens verwerkt in de kaderbrief 2027. Vooralsnog leiden de onderzoeken niet tot besparingen in 2026. Daarnaast moet in 2025 ook worden bezien hoe we omgaan met de 10% structurele korting op de rijksbijdrage (de zgn. BDuR gelden). Temporiseren beleidsplan (p. 12) In reactie op de begroting 2025 hebben diverse gemeenteraden voorgesteld om onze beleidsambities te temporiseren. Vanwege de gelijktijdigheid van financiële uitdagingen en urgente veiligheidsrisico’s, heeft de bestuurlijke commissie, in september ‘24 aan het Algemeen Bestuur voorgesteld om langer de tijd te nemen voor de opgaven uit ons beleidsplan en de looptijd met twee jaar te verlengen tot 2029. Op grond van artikel 14 van de Wet veiligheidsregio’s en de Gemeenschappelijke Regeling wordt hiervoor het beleidsplan aan het einde van de huidige beleidsperiode in ongewijzigde vorm aangeboden aan ons bestuur. Het Regionaal risicoprofiel (één van de onderliggende plannen) wordt wel geactualiseerd voor een periode van twee jaar.

De eventuele gevolgen van het masterplan brandweer voor het Dekkings- en Spreidingsplan worden separaat aangeboden. Beleidsmatige ontwikkelingen en risico’s In de kaderbrief hebben we naast geopolitieke spanning en klimaatverandering een aantal autonome en beleidsmatige ontwikkelingen beschreven die een impact hebben op onze begroting. Voor een drietal grote ontwikkelingen (2e loopbaan, specialisme duiken en capaciteit inspecties Besluit activiteiten Leefomgeving) hebben we dekking

VRMWB | Kaderbrief 2026

2

gevonden binnen onze eigen begroting door ombuigingen en een verschuiving van prioriteiten. Voor twee autonome ontwikkelingen (energiekosten en informatieveiligheid) zijn de financiële effecten inzichtelijk en deze kosten hebben een structureel karakter. Wij vragen in 2026 om een verhoging van de gemeentelijke bijdrage voor deze twee ontwikkelingen. Daarnaast stellen we voor om de extra kosten voor de formatie van de repressieve brandweerorganisatie in 2026 te continueren en incidenteel te dekken uit een mogelijk positief rekeningresultaat 2024 of een onttrekking uit de algemene reserve. Bij de behandeling van de jaarrekening 2024 en begroting 2026 komen we met een concreet voorstel. 1. Financiering beroepsposten a.g.v. Europese wet- en regelgeving (p. 13) In afwachting van landelijk beleid als gevolg van Europese wet- en regelgeving is eind 2022 bestuurlijk voor de tijdelijke oplossing gekozen om de repressieve sterkte van de brandweer op orde te krijgen. De verhoging van de beroepsformatie van 48 naar 52 plekken per dag, wordt sinds die tijd ingevuld door vrijwilligers structureel te kazerneren, naast de inzet van dagdienstmedewerkers met een repressieve achtergrond. Het kazerneren van vrijwilligers is met € 465.000 financieel de meest aantrekkelijke oplossing.

Voor 2026 is er nog geen zicht op de vaststelling van een landelijk beleid, waardoor een incidentele verhoging van de gemeentelijke bijdrage in 2026, en mogelijk nog langer, nodig is. Dit betreft dus geen nieuwe ambitie maar een continuering van een afspraak uit 2022 omdat er nog geen duidelijkheid is over een financiële bijdrage vanuit het Rijk. Voorgesteld wordt om deze kosten incidenteel te dekken uit een mogelijk positief rekeningresultaat 2024 of een onttrekking uit de algemene reserve. Bij de bespreking van het masterplan Brandweerzorg eind 2025 wordt duidelijk of deze repressieve capaciteit in de toekomst nodig blijft en hiervoor in de meerjarenbegroting budget gereserveerd dient te worden. Ook kan het zo zijn dat de minister van J&V besluit de kosten hiervoor vanuit het Rijk te vergoeden. 2. Energiekosten (p. 14) De afgelopen jaren zijn wereldwijd de energiekosten gestegen. Door het aflopen van het energiecontract eind 2022 zijn de kosten voor gas en elektra fors toegenomen en structureel gestegen van € 948.000 naar € 1.820.000. Om de energiekosten te beperken hebben we afgelopen jaren gestuurd op diverse energiebesparende maatregelen. Ondanks deze maatregelen hebben we te maken met een structurele jaarlijkse toename van de energiekosten. Van deze extra kosten hebben we een deel kunnen opvangen, maar blijft er een bedrag over van ca.

€ 326.000 waarvoor we geen mogelijkheden zien tot structurele dekking binnen de begroting. Om deze structurele energiekosten te dekken vragen wij een verhoging van de gemeentelijke bijdrage.

VRMWB | Kaderbrief 2026

3

3. Informatieveiligheid (p. 16) Door aangescherpte wettelijke regelgeving worden steeds hogere eisen gesteld aan het beveiligingsniveau van onze informatievoorziening. Naast bewustwording (awareness) vraagt dit ook om de modernisering van (netwerk)beveiliging. Hiervoor zijn structureel aanvullende investeringen nodig. Afgelopen jaren zijn door ombuigingen de extra kosten voor informatiebeveiliging en het verhogen van de awareness opgevangen vanuit eigen middelen. De wettelijke verzwaring vraagt nu echter extra inzet die niet langer met eigen middelen is op te vangen. Vanaf 2026 krijgen we te maken met een jaarlijkse kostenstijging van € 100.000 voor inzet capaciteit voor borging van de zwaardere eisen. We stellen voor om deze extra jaarlijkse kosten structureel in de begroting op te nemen door middel van een verhoging van de gemeentelijke bijdrage. Voor de andere ontwikkelingen, waaronder het dossier maatschappelijke weerbaarheid en aanwijzing vitale sector, zoals beschreven in hoofdstuk 3 van de kaderbrief is er nog geen zicht op de financiële impact en de financiering daarvan. Zienswijzen Met het vaststellen van de kaderbrief bepaalt het bestuur de kaders van het beleid en de financiën voor de komende jaren. Deze wordt ter informatie naar de deelnemende gemeenten gestuurd.

Op basis hiervan volgt in april de beleidsbegroting 2026 die we voor zienswijzen voorleggen aan de gemeenten. Voor de kaderbrief is er geen zienswijzenprocedure. Van een aantal gemeenten hebben we al wel richtlijnen ontvangen voor de kaderbrief en de begroting. We hebben daar kennis van genomen en waar mogelijk in de kaderbrief verwerkt. Financiële uitgangspunten Deze editie van de kaderbrief heeft meer specificaties die tot stand zijn gekomen op basis van eerder door gemeente gestelde vragen. 1. Herijking van het subcluster Crisisbeheersing en Brandweer door het Rijk (p. 5) In 2023 heeft het Rijk de verdeelsleutels voor het sub-cluster Crisisbeheersing en Brandweer herijkt. Dit veroorzaakte in de begroting 2025 een forse mutatie in de onderlinge verhoudingen tussen gemeenten op dit gebied. Hierover bereikten ons veel vragen. In deze kaderbrief lichten we dit uitgebreider toe. 2. Zichtbaar maken van de bedragen van het subcluster Crisisbeheersing en Brandweer per gemeente (p. 6) Hierdoor kunnen gemeenten zelf zien waar de sleutel voor VRMWB op is berekend. Ook wordt inzichtelijk dat het subcluster Crisisbeheersing en Brandweer veel groter is dan het cumulatieve bedrag dat gemeenten gezamenlijk betalen aan VRWMB. 3. Betere toelichting berekend loon- en prijsontwikkeling (LPO) (p. 7) Onze LPO systematiek en berekening is complex.

Dit wordt nu beter toegelicht en zichtbaar gemaakt (meer in lijn met de beleidsbegroting).

VRMWB | Kaderbrief 2026

4

4. Concept verloopstaat kostenverdeelmodel 2026-2029 (p. 7) Voorheen lieten wij in de kaderbrief geen verloop/mutaties zien van de gemeentelijke bijdrage als geheel. Hierdoor konden gemeenten ten tijde van de kaderbrief zich niet concreet voorbereiden op de bijdrage aan ons in hun eigen gemeentelijke begroting. Met deze toevoeging kunnen we gemeenten dat wel bieden, met de opmerking dat sommige cijfers nog concept zijn (dit wordt in de verloopstaat zelf aangegeven). Consequenties

De consequenties voor de gemeenten in de gemeentelijke bijdrage zijn mutaties ten gevolge van indexatie en mutaties ten gevolge van (beleids)ontwikkelingen. De indexaties voor de gemeentelijke bijdrage zijn berekend op basis van onze LPO-systematiek, gebaseerd op de CPB brondata Macro Economische Verkenning 2025. De mutatie van de gemeentelijke bijdrage ten opzichte van het oude kader is relatief klein, met 0,7% voor 2026, 0,76% voor 2027, 0,06% voor 2028 en de nieuwe jaarschijf 2029 krijgt 3,54%. Voor twee autonome ontwikkelingen wordt verhoging van de gemeentelijke bijdrage gevraagd. Voor de energielasten wordt vanaf 2026 structureel € 326.000 gevraagd en voor informatieveiligheid vanaf 2026 structureel € 100.000. Voor de tijdelijke financiering (€ 465k) van de formatie van de repressieve brandweerorganisatie in 2026 wordt gevraagd deze kosten incidenteel te dekken uit een mogelijk positief rekeningresultaat 2024 of door een onttrekking uit de algemene reserve. Landelijke taakstelling Conform de BDuR december 2024 circulaire is er 10% structurele korting ingeboekt in de meerjarenraming vanaf 2026. Dit betreft een bedrag van € 1.468.000 op de Rijksbijdrage. Dit effect is aan de batenkant verwerkt, maar nog niet aan de lastenkant. Dit vereist, in aanloop naar de beleidsbegroting, dat moet worden bezien welke opties er zijn om de begroting 2026 sluitend te krijgen.

Gezien de omvang van het bedrag zullen keuzes gemaakt moeten worden welke taken wij vanaf 2026 niet meer uitvoeren.

Eerdere besluiten

AB2024.02.01/4.1 Kaderbrief 2025 AB2024.04.04/4.5 Beleidsbegroting 2025 AB2024.09.26/4.3 Financiële uitdagingen

Vervolgstappen

Met het vaststellen van de kaderbrief bepaalt het bestuur de kaders van het beleid en de financiën voor de komende jaren. Op basis hiervan volgt in april ‘25 de beleidsbegroting 2026 met een financieel perspectief tot en met 2029, die we na behandeling in het AB van 10 april ’25 voor zienswijzen voorleggen aan de gemeenten.

Bijlagen

Bijlage 1 - Kaderbrief 2026 Bijlage 2 - Aanbiedingsbrief gemeenteraden

VRMWB | Kaderbrief 2026

5

Streekarchief Langstraat Heusden Attena I

I

1

11 11

1

I

I

Bij het Streekarchiefziin aangesloten de gemeenten

Altena, Heusden en Waalwijk

Aan de raad van de gemeente Altena Postbus 5 4286 ZG Almkerk

Betreft: beleidsmatige en financiele kaders Streekarchief Langstraat Heusden Altena Heusden, 16 januari 2025 Geachte leden van de raad, Door middel van deze kaderbrief informeert het dagelijks bestuur van Streekarchief Langstraat Heusden Altena (SALHA) u over de beleidsmatige en financiele kaders die relevant zijn voor de begroting 2026 en de meerjarenbegroting 2027-2029. 1. Beleidskader 1.1 Nieuw beleid De beleidsperiode 2022-2025 met het beleidsplan getiteld Dichtbij loopt ten einde. In de loop van 2025 wordt een evaluatie van het plan gepland vooraf aan het schrijven van een nieuw beleidsplan 2026-2029. Vooralsnog is er voortzetting van het huidig beleid voorzien, wellicht met verschuivende accenten. 1.2 Nieuwe archiefwet Zoals het er nu voorstaat zal de nieuwe Archiefwet ingaan op 1 juli 2026. Deze geactualiseerde Archiefwet stelt eisen aan de duurzaam toegankelijke informatiehuishouding bij de gemeenten en heeft invloed op de taakuitoefening door het SALHA. De belangrijkste wijzigingen die de nieuwe Archiefwet met zich meebrengt zijn: • een verkorting van de overbrengingstermijn (van twintig naar tien jaar); • een verandering van de open baarheidsregels; en • een toetsing van de kwaliteit van het beheer van de overgebrachte archieven aan de wettelijke eisen.

Hoewel de wetgever heeft bepaald dat overheden niet per direct aan de verkorting van de overbrengingstermijn hoeven to voldoen, is de verwachting dat de meeste gemeenten dit ook niet lang willen uitstellen. We rekenen dan ook op een periode van sterkere groei van de collectie. Daarbij weten we dat op recent materiaal meer open baarheidsbeperkingen van toepassing zullen zijn, onder andere vanwege privacyregels. Voor het SALHA betekent dit incidenteel bij het overbrengen van de overheidsarchieven en structureel in de dienstverlening extra werk. Enerzijds omdat het behandelen van verzoeken om inzage van beperkt openbaar materiaal maatwerk is en uiterste zorgvuldigheid vereist. Anderzijds omdat de nieuwe wet de mogelijkheid geeft om aan burgers 'informatie in andere vorm' to verstrekken uit beperkt openbaar archief. De invoering van de nieuwe Archiefwet zal zowel incidenteel als structureel ook extra werkzaamheden met zich meebrengen aan de kant van de gemeenten. Ter voorbereiding op de nieuwe Archiefwet werkt SALHA er samen met de gemeenten aan om een beter beeld to krijgen van de to bewaren informatie die op dit moment bij de gemeenten wordt gecreeerd en in hoeverre die informatie al voldoet voor overbrenging. Hiertoe is in 2024 de monitor digitate informatie uitgezet.

1.3 Project (her)huisvesting SALHA Op 14 november 2023 heeft u ingestemd met het raadsvoorstel "Krediet (her)huisvesting SALHA en financiele gevolgen". In dit raadsvoorstel worden zowel structurele en incidenteee financiele consequenties benoemd die van invloed zullen zijn op de begroting 2026 en de meerjarenbegroting 2027-2029. Inmiddels is de nieuwbouw van de archiefbewaarplaats in Heesbeen aanbesteed, evenals de inrichting van de drie daar to realiseren depots. In het eerste kwartaal 2025 zult u nader worden geinformeerd over de (financiele) stand van zaken.

bezoekadres Pelsestmat 17, 5256 AT Heusden t. (0416) 66 ig o1 e. info@salha.nl i. www.salha.nl bankrekeningnummer MAN NL68 BNGH 0285 085816 Brw-nummer NLo04103749601 KvK 53526872

Streekarchief Langstraat Heusden Altena Bij het Streekarchiefzijn oangesloten de gemeenten

Altena, Heusden en Waalwijk

2. Financieel kader Hieronder de financiele kaders en richtlijnen die toegepast worden op de programmabegroting en meerjarenraming. 2.1 Indexering Uitgangspunt voor indexering zijn de CPB index-cijfers, zoals opgenomen in de septembercirculaire van Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK). 2.1.1 Indexering salarissen Algemeen uitgangspunt is dat de personele formatie en de bijbehorende salariskosten voor de begroting 2026 worden geraamd op basis van de actuele personele formatie in januari/februari 2025. De indexatie wordt enkel op het primaire jaar toegepast. In de meerjaren doorrekening wordt een nullijn ten opzichte van het primaire jaar gehanteerd. Voor de lonen wordt als basis de laatst bekende CAO gehanteerd. De huidige CAO heeft een looptijd tot en met 31 maart 2025. Vanaf 1 april 2025 wordt daarom aansluiting gezocht bij de door het CPB geraamde stijging van de lonen (loonvoet sector overheid), die in de door BZK uitgebrachte septembercirculaire is gepubliceerd. Dit betreft een percentage van 3,8 Ten tijde van de afronding van de begroting 2026, zullen de laatste inzichten worden meegenomen inzake de CAO 2025. Mocht de CAO langer op zich laten wachten dan zal deze correctie, indien significant, worden verwerkt in de volgende begrotingscyclus.

2.1.2 Prijsindexering kostenbudgetten De prijsindexering wordt toegepast conform de door het CPB opgestelde cijfers ('prijs overheidsconsumptie, netto materieel (IMOC)') zoals opgenomen in de septembercirculaire 2024. Dit betreft een percentage van 2,2%. Alleen indien voor specifieke kostencategorieen andere indexeringspercentages gelden, wordt afgeweken van het algemene indexeringspercentage en worden de marktconforme kostenstijgingen in de begrotingscijfers verwerkt. 2.2 Overige uitgangspunten In de brief van de wethouders financien van de gemeenten Dongen en Heusden van 9 april 2024 is ons verzocht om vanwege de grote financiele onzekerheden en gegeven de financiele positie waarin veel gemeenten na 2025 terecht komen, de inwonersbijdrage in de begroting van het SALHA op het huidige niveau to houden, los van het doorberekenen van de afspraken over loon-/prijsindexatie. Binnen de beleidsmatige- en financiele kaders streeft het Streekarchief ernaar om kostenstijgingen zo veel als mogelijk binnen de eigen begroting to realiseren. 2.3 Bijdrage per gemeente Voor het bepalen van de bijdrage per gemeente wordt gebruik gemaakt van de inwonersaantallen per gemeente. Zo wordt er gerekend met het aantal inwoners per gemeente met de peildatum van 1 januari het jaar ervoor. Voor de begroting van 2026 wordt gerekend met de inwonersaantallen van het CBS per 1 januari 2025.

Voor de meerjarenramingen rekenen we met dezelfde inwonersaantallen als voor de begroting van 2026, omdat hiervoor geen betere data beschikbaar is.

Met vriendelijke groet,

M. Heijmans-van Bruggen secretaris

bezoekadres Pelsestraat 17, 5256 AT Heusden t. (0416) 6619 01 e. info@salha.nl i. www.salha.nl bankrekeningnummer I BAN NL68 BNGH 0285 085816 Brw-nummer NLo041o3749Boi KvK 53526872

Kaderbrief 2026 GGD West-Brabant Voor u ligt de kaderbrief van de GGD West-Brabant, waarin we kort en kernachtig onze ambities voor 2026 willen benoemen gekoppeld aan de vier pijlers van de toekomstvisie ‘Wij maken samen gezond gewoon’. Dit vertalen we vervolgens in de gevolgen voor de organisatie en financiën. In de kaderbrief vertalen we het laatste jaar van onze beleidsperiode 2023-2026 naar het beleid voor 2026. De kaderbrief is daarmee de volgende stap op weg naar de ambities die de GGD heeft uitgesproken in de toekomstvisie ‘wij maken samen gezond gewoon’. Het algemeen bestuur stelt in januari 2025 deze kaderbrief vast. De kaderbrief wordt verder uitgewerkt in de conceptbegroting 2026, die vanaf medio april voor een zienswijze bij de raden voorligt. Het bestuur stelt deze begin juli 2025 vast.

Belang van preventie In 2026 staat de uitvoering van de publieke gezondheid nog meer onder druk. De personele uitdagingen nemen toe en er zijn minder financiële middelen beschikbaar voor de taken van de GGD. Ook bestaat er nog onzekerheid over de continuïteit van het landelijk beleid. Tegelijkertijd wordt de noodzaak van preventie alsmaar groter en vraagt dit ook een andere maatschappelijke aanpak. Dit blijkt uit landelijke onderzoeken (Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2024) en de werkagenda 2024-2028 van de RVS (Raad Volksgezondheid & Samenleving) maar ook uit de regioplannen vanuit het Integraal Zorg Akkoord. De GGD West-Brabant speelt in het kader van publieke gezondheid hierin een rol. Gezondheid is een belangrijke basis voor een goed en fijn leven. De GGD beschermt, bewaakt en bevordert de volksgezondheid en doet dat zowel fysiek als online en individueel en collectief. We hebben daarbij te maken met uitdagingen, zoals dubbele vergrijzing, een stijgende ziektelast door ongezonde leefstijl en leefomgeving, een dalende vaccinatiebereidheid en minder zorgcapaciteit.

Sterkere samenwerking Om de vele maatschappelijke ontwikkelingen en uitdagingen het hoofd te bieden, toekomstbestendig te blijven én om uitvoering te geven aan onze gezamenlijke toekomstvisie ‘we maken samen gezond gewoon’ werken de GGD’en West-Brabant en Hart voor Brabant in 2026 sterk samen. Dit stelt ons in staat om efficiënter te werken, innovatieve oplossingen te ontwikkelen en een grotere impact te maken op de publieke gezondheid in Brabant. Hier hebben we in 2025 de kansen voor onderzocht die we in 2026 echt realiseren. De samenwerking tussen de GGD’en wordt, veelal op thema, ook versterkt op provinciaal, bovenregionaal en landelijk niveau. Bijvoorbeeld door goede voorbeelden van andere GGD’en snel en slim in onze regio in te zetten.

1

Nieuw meerjarenbeleidsplan In 2026 starten we met een nieuw meerjarenbeleidsplan, samen met GGD Hart voor Brabant. We delen vanuit de toekomstvisie immers dezelfde ambitie: ‘Wij maken samen gezond gewoon’. We maken in het nieuwe beleidsplan de ambities uit de toekomstvisie concreet; we onderzoeken welke ambities in deze beleidsperiode zijn gerealiseerd en nog niet gerealiseerde ambities zetten we voort in de nieuwe beleidsperiode. We betrekken (zorg)partners en inwoners bij de totstandkoming van het nieuwe meerjarenbeleidsplan.

Transitie naar een toekomstbestendige GGD: inhoudelijke, personele en financiële uitdagingen. Met de toenemende druk op de gezondheid neemt ook de druk op de GGD toe. De GGD West-Brabant heeft te maken met tekorten aan personeel en moeilijk vervulbare vacatures. De onder ‘belang van preventie’ genoemde onzekerheden vallen samen met de grotere financiële druk die ook onze gemeenten ervaren. Dit vormt mogelijk een risico voor de GGD West-Brabant bij de inkoop van plustaken door onze gemeenten. Daarbij is in het landelijk regeerakkoord opgenomen dat specifieke uitkeringen en subsidies worden overgeheveld naar het gemeentefonds met toepassing van een budgetkorting van 10 procent. Komende tijd gaat duidelijk worden wat dit voor de GGD betekent. Mogelijk moeten wij onze dienstverlening hierop aanpassen, bijvoorbeeld bij Seksuele Gezondheid.

2

1. Ambities 2026

1.1 Voorkomen als het kan, beschermen als het moet Voorkomen als het kan: Transitie van Ziekte en Zorg naar Gezondheid en Gedrag We zetten de transitie van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag voort. Dit doen we ook na het eventueel aflopen van het Integraal Zorg Akkoord en het Gezond en Actief Leven Akkoord. Waar nodig sluiten we aan bij een nieuwe zorg- en welzijnsakkoord. We borgen de, vanuit het IZA ontwikkelde, samenwerking tussen het sociale en medische domein en bedden dit zoveel mogelijk in de bestaande overlegstructuren in. Ook in de jeugdsector zien we deze beweging via de versterking van de lokale basis en teams én de Hervormingsagenda Jeugd. De GGD maakt hiermee in alle gemeenten de verbinding om onze ervaring en expertise in preventie in te zetten. Samenwerken met werkgevers Brabantse werkgevers spelen een grote rol in de gezondheid van hun medewerkers. Door de krapte op de arbeidsmarkt is dit extra belangrijk. Via de werkgevers willen we veel inwoners bereiken. In 2026 gaan we in gesprek met 10 belangrijke werkgevers in ons gebied. Die selectie maken we samen met onze gemeenten. Vanuit een breed netwerk met gemeenten, werkgeversorganisaties en arbodiensten kijken we samen hoe we gezond gewoon kunnen maken.

Seksuele gezondheid In 2026 zetten we in op en werken we steeds meer outreachend voor doelgroepen met een verhoogd risico op een SOA, om de huidige trend (toename SOA's) te kunnen keren.

Beschermen als het moet: Borging versterking infectieziektebestrijding en infectiepreventie In intensieve samenwerking tussen de GGD’en in Zuid-Nederland zoeken we het antwoord op krimpende budgetten en krapte op de arbeidsmarkt. Dit om de opbrengst van het versterkingsprogramma infectieziektebestrijding zoveel mogelijk in stand te houden, ondanks de geplande bezuinigingen vanuit het Rijk. Bundeling van krachten is voorwaarde om bijvoorbeeld specialismen als Tuberculosezorg op het vereiste niveau te garanderen. In 2026 is het Vaccinatie Expertise Centrum (VEC) geïntegreerd binnen de GGD, met een kernteam en aandachtsfunctionarissen van alle teams die betrokken zijn bij vaccineren. Het VEC is de centrale plek voor burgers, professionals en partners in de regio op het gebied van informatie, advies en uitvoering van vaccinaties, waarbij de samenwerking met partners proactief wordt opgezocht. Op het gebied van pandemische paraatheid speelt het VEC, samen met IZB, crisisadviseurs en LFI, een centrale rol met

3

betrekking tot testen en vaccineren, met een focus op het vergroten van de vaccinatiegraad voor alle doelgroepen en de optimalisatie van de integrale samenwerking op het gebied van vaccineren.

1.2 Zelf, maar niet alleen Zelf: Eigen regie op gezondheid We gaan actief in gesprek met groepen inwoners om te ontdekken hoe zij meer regie kunnen nemen over hun gezondheid. Dat kan bijvoorbeeld door digitale middelen in te zetten, zoals persoonlijke advisering met AI en te adviseren over zelfhulpapps. Samen verkennen we hoe dit de dienstverlening op de GGDlocaties beïnvloedt.

Maar niet alleen… Inzet ervaringsdeskundigheid We praten met ervaringsdeskundigen van groepen die onze hulp nodig hebben om gezond gewoon te maken. Samen met hen bespreken we hoe die hulp eruit moet zien. Waar nodig, passen we met nieuwe inzichten onze dienstverlening aan en creëren we nieuwe vangnetoplossingen. Klantarena JGZ Vanuit het project ‘Iedere professional op zijn Best’ en de lijn van 'Generatie Gezond’ gaan we via klantenarena’s in gesprek met ouders van kinderen van in eerste instantie 0 tot 4 jaar. Dit is een unieke kans om te horen hoe klanten onze zorg ervaren en waar zij kansen voor verbetering zien.

1.3 Iedereen verschillend, allemaal gelijk Iedereen verschillend: Risicogericht en taakgedifferentieerd werken We zetten het risicotaxatie-instrument breed in bij de JGZ-contactmomenten. Zo kunnen we ouders en jeugdigen een aanbod op maat geven. Daarnaast zetten we in op bewezen effectieve instrumenten die de professional helpt om samen met de ouder of jongere de ondersteuningsbehoefte en de momenten van contact te bepalen.

4

De inrichting van de seksuele gezondheidszorg is in 2026 zo geregeld dat ondersteuning op dit gebied door een sluitend netwerk wordt uitgevoerd en dat het centrum seksuele gezondheidszorg aanvullend is op de algemene basiszorg en zich vooral kan richten op specifieke doelgroepen met outreachend werken en collectieve preventie. Dat vraagt een flinke aanpassing in en van ons netwerk.

Allemaal gelijk: Gezonde Generatie voor iedereen We analyseren of we de lijn van “Generatie Gezond” kunnen uitbreiden naar alle inwoners. Zodat het voor de basisdienstverlening niet uitmaakt waar je wieg staat of waar in Brabant je woont, werkt of verblijft. We blijven extra aandacht hebben voor mensen in kwetsbare situaties en stemmen met onze gemeenten en betrokken lokale en regionale partners af hoe we dit vorm en inhoud geven. Focus op effectieve dienstverlening We richten ons op effectieve interventies en diensten en stoppen met wat niet werkt of wat een ander beter kan. Op basis van analyse verkrijgen we inzicht in de effectiviteit van onze dienstverlening en samen met onze gemeenten en partners bezien we of er interventies kunnen worden afgebouwd zonder negatieve effecten voor onze inwoners.

1.4 Overal om ons heen, binnen en buiten Binnen… Toezicht op Voorschoolse Educatie We breiden onze toezichthoudende rol uit met het toezicht op de Voorschoolse Educatie. In 2025 wordt een beslissing genomen over uitbreiding van bestaande inspectietaken van het Toezicht kinderopvang. Het gaat om het overhevelen van taken vanuit de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Gezonde schoolaanpak In 2026 is het onze ambitie dat het aantal scholen, dat door middel van de gezonde schoolaanpak werkt aan hun gezondheidsbeleid, toeneemt. Met de Gezonde School-aanpak wordt collectief gewerkt aan gezondheidsthema’s als voeding, welbevinden, mediawijsheid en milieu & natuur. Het is zaak voldoende tijd en aandacht te hebben voor collectieve en doelgroepgerichte preventie.

… en buiten Onderzoek klimaatverandering In 2026 doet de GGD onderzoek naar de gezondheidseffecten van klimaatverandering in onze regio. Dit gaat over hitte, droogte, drinkwater, risico op infectieziekten en wateroverlast. We werken hierbij samen

5

met partners zoals waterschappen en de omgevingsdienst. We adviseren hoe we samen deze risico’s kunnen verminderen.

6

2. De toekomstbestendige organisatie De toekomstbestendige organisatie vraagt om het versterken van onze positie als aantrekkelijk werkgever. Onder het thema Binden, Boeien en Bloeien zetten we in op het duurzaam borgen van medewerkerbetrokkenheid en -ontwikkeling, ondanks de uitdagingen op de arbeidsmarkt. Strategische personeelsplanning helpt ons om goed voorbereid te zijn op arbeidsmarktkrapte en om een effectieve personeelsbezetting te behouden.

Eerlijk geluid: Datagedreven organisatie Datagedreven werken vormt een essentieel onderdeel van onze toekomstvisie. In 2026 gaan we actief werken om op basis van data onze processen te optimaliseren en onze besluiten te nemen. In lijn met onze digitale transformatie zetten we in op inclusiviteit, zodat onze dienstverlening aansluit bij de individuele behoeften van inwoners. Na de aanbestedingsprocedure van een nieuw digitaal kinddossier in 2025, implementeren we dit in 2026 en gebruiken we flexibele en mobiele diensten om iedereen optimaal te bedienen en niemand uit te sluiten. Welke uitkomst er ook is (een nieuw systeem of doorontwikkeling van het huidige), dit proces vereist een aanzienlijke personele en financiële inspanning.

Gedurfd geluid: Passende dienstverlening We doen waar we goed in zijn en wat bijdraagt aan een gezond, veilig en gelukkig West-Brabant. Dit kan dus betekenen dat we stoppen met interventies, waarvan de impact op de positieve gezondheid niet bewezen is. Daarnaast zoeken we krachtige samenwerking met private partners om de publieke gezondheid in onze regio te versterken.

7

Vernieuwend geluid: Slim werken We willen toonaangevend zijn en blijven, maar werken wel met 'beproefde' methoden en technieken. We borgen vernieuwingen en verbeteringen in onze processen en producten. We veranderen onze interne digitale werkwijzen om efficiënter en effectiever te werken, door het gebruik van nieuwe softwaretools, data-analyse en door processen te automatiseren. We richten daarnaast onze dienstverlening zo in dat deze toekomstbestendig is. Dit houdt in dat we flexibel zijn in ons aanbod, mobiele diensten aanbieden en een combinatie van zelfhulp en digitale middelen gebruiken om onze klanten beter te bedienen.

8

3. Financiën en ontwikkelingen Aanpassingen contactschema Rijksvaccinatieprogramma In 2025 worden verschillende wijzigingen doorgevoerd in het schema van het Rijksvaccinatieprogramma waarvoor wij extra kosten moeten maken. In het gemeentefonds wordt eenmalig extra gestort in 2025 ter overbrugging van schommelingen in de implementatiejaren van deze schemawijzigingen. Het ministerie van VWS geeft aan dat er landelijk een bedrag van € 2,3 miljoen (eenmalig) wordt toegevoegd aan het Gemeentefonds voor de periode 2025 t/m 2029. Voor de jaren vanaf 2030 wordt landelijk jaarlijks € 300.000 toegevoegd, als gevolg van schommelingen in het aantal vaccinaties per jaar. Afhankelijk van de afspraken die het bestuur hierover maakt leidt dit nog tot een aanpassing van de inwonerbijdrage in 2025 en/of 2026. Daarom noemen we het hier, voorlopig, als PM-post.

Overheveling SPUK-regeling naar gemeenten In het landelijk regeerakkoord is opgenomen dat specifieke uitkeringen worden overgeheveld naar het gemeentefonds met toepassing van een budgetkorting van 10 procent. Als GGD hebben wij een aantal van dergelijke regelingen: structurele middelen voor seksuele gezondheid (de ASG/prep subsidie) en middelen met een zekere looptijd te weten Versterking Infectieziektebestrijding en Pandemische Paraatheid en Covid vaccineren. Mochten deze uitkeringen in 2026 daadwerkelijk worden overgeheveld naar het gemeentefonds dan vertalen we dit naar de gemeentelijke bijdrage in lijn met wet gemeenschappelijke regelingen. Dit soort aanpassingen is voor de (gezamenlijke) gemeenten budgetneutraal.

Indexering 2026 Voor het financieel kader van de algemene bijdrage komt de indexering uit op 3,31%. Dit percentage is volgens de afgesproken systematiek berekend. Ten tijde van het opstellen van de Kadernota 2025 was er nog geen besluitvorming over een nieuwe CAO. Naar aanleiding van een nieuwe CAO en de pensioenontwikkelingen zal nog een begrotingswijziging voor 2025 volgen. De indexatiemethode is conform onderstaande tabel tot stand gekomen.

Jaar

Loon voet

Loonkosten% van begroting

Prijs index

2026

3,8

65%

2,4

Overige kosten Index Bron % van begroting 35%

3,31

September circulaire 2024

De gehanteerde indexeringsmethodiek resulteert erin dat bij de beleidsbegroting 2026 de salariskosten worden geïndexeerd met 3,8% en de overige kosten met 2,4%. Door de gehanteerde verhouding van 65%-35% leidt dit tot een gemiddelde stijging van 3,31%.

Bezuinigingsopgave ‘Trapje op, trapje af’ Naast de landelijke bezuinigingen van 300 miljoen op Publieke Gezondheid en de korting als gevolg van het daljaar, heeft de GGD te maken met kostenstijgingen die buiten de eigen invloedsfeer liggen. De omvang van deze kosten bedraagt € 525.000 (2,2%) en is voor een groot deel te wijten aan personele kosten en organisatorische kosten zoals verlofsparen, HR21, hogere energielasten, hogere ICT-kosten en de dekking van onze structurele kapitaallasten voor huisvesting. Het algemeen bestuur heeft zich

9

uitgesproken tegen een opeenstapeling van bezuinigingen en heeft de GGD gevraagd om deze kostenstijgingen te absorberen binnen de bezuinigingsopdracht van -4%. Dit betekent dat de GGD zelf € 525.000 van de totale besparingsopgave van € 950.000 zal opvangen. De GGD zal zich maximaal inspannen om deze kosten binnen de eigen begroting op te vangen zonder hiervoor bij voorbaat een verhoging van de gemeentelijke bijdrage te vragen. Tegelijkertijd heeft de GGD de afgelopen periode vanuit de systematiek ‘Trapje op Trapje af’ een aantal inhoudelijke bezuinigingsopdrachten voorbereid, waaruit het bestuur een keuze heeft gemaakt om de bezuinigingsopgave te realiseren. Op basis hiervan is onderstaand een samenvattende weergave van de invulling van de taakstelling van -4% opgenomen. In de beleidsbegroting 2026 wordt dit verder uitgewerkt.

Weergave bezuinigingen GGD WB Trapje op Trapje af 2026 e.v. 1 Kos tens ti jgi ng bui ten i nvl oeds feer GGD - Huisvesting

€

225.000

- Personele kosten

€

225.000

- IT en automatisering

€

75.000

2 Stoppen met rol DUUP 3 Wet ki nderopva ng i ns pecti es (WKO) 4 Infecti epreventi e 5 Toezi cht WMO 6 Oudercha t 7 8 ma a nden cons ul t 8 Hui s ves ti ng en di ens tverl eni ng

Eindtotaal

€

525.000

2,2%

€ € € € € €

115.000 110.000 50.000 50.000 50.000 50.000 PM

0,5% 0,5% 0,2% 0,2% 0,2% 0,2%

€

950.000

4,0%

10

Gemeentelijke bijdrage 2026 Ontwikkeling in gemeentelijke bijdrage

Totaal GGD

Gemeentelijke bijdrage (beleidsbegroting) 2025

27.825.471

Indexering 873.443 (PM)

- Reguliere indexeringen (incl. RVP) - Correctie a.g.v. nieuw e CAO (lonen)

Wijziging a.g.v. inw oner aantallen Basistaken

77.264

JGZ 0-4 jaar

4.811-

JGZ 4-18 jaar

7.293-

Basistaken

4.561

JGZ 0-4 jaar

349-

JGZ 4-18 jaar

396-

Wijziging a.g.v. aanpassing tarief

Taakstelling Efficiency a.g.v. overheveling inspecties WKO van plustaken naar basispakket

110.000-

Infectiepreventie

50.000-

Toezicht WMO

50.000-

Stoppen met rol DUUP (aandeel gemeenten)

115.000-

Ouderchat

50.000-

8 maanden consult

50.000-

Overig Overheveling inspecties Wet Kinderopvang (WKO) van plustaken naar basistaken

1.400.000

Afname informatiebeveiliging

50.000-

Stoppen met rol DUUP (aandeel Rijksbijdrage via gemeente Breda)

241.877-

Impact huisvestingskosten CB-locaties

81.803

Uitbreiding w ettelijke taken gemeentelijke lijkschouw er

130.593

Effecten Green Deal Duurzame Zorg

Totaal gemeentelijke bijdrage basistaken 2026

PM

29.663.409

11

Bijlage 1: GGD in één oogopslag 2024

12

Bijlage 2: indicatie gemeentelijke bijdrage 2026 Bijdrage per inwoner/kind

Basistaken

Indexeringsbedragen

Bijdrage per kind 0 tm 3 jaar

Bijdrage per kind 4 tm 18 jaar

Basistaken

Bijdrage basispakket JGZ 0 tm 3 jarigen

Basistaken (4-18)

Huisvesting 0-4 jarigen

Indexatie Bijdrage per inwoner basispakket

indexatie bijdrage per kind 0-3 jaar

Indexatie bijdrage per kind 4-18 jaar

Informatiebeveiliging

Inspecties Wet Kinderopvang (WKO)

Uitbreiding taken lijkschouwer

structurele correctie ingroeipad (S)

TOTAAL BIJDRAGE DEELNEMENDE GEMEENTEN BASISTAKEN 2026

10.221

16,59

338,87

63,04

966.815

831.587

644.332

153.850

154.184

32.002

27.526

21.327

-3.965

107.586

10.234

822

2.946.300

367

1.576

16,59

338,87

63,04

173.448

124.365

99.351

24.526

32.340

5.741

4.116

3.289

-730

21.672

1.878

-28.169

461.827

Baarle-Nassau

7.076

215

989

16,59

338,87

63,04

117.391

72.857

62.347

14.307

18.429

3.886

2.412

2.064

-485

7.611

1.328

-9.443

292.704

Bergen op Zoom

69.694

-

10.691

16,59

338,87

63,04

1.156.223

-

673.961

51.537

-

38.271

-

22.308

-4.750

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15537918/1